Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/2189(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0120/2019

Ingediende teksten :

A8-0120/2019

Debatten :

PV 26/03/2019 - 12
CRE 26/03/2019 - 12

Stemmingen :

PV 26/03/2019 - 13.19

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0260

Aangenomen teksten
PDF 160kWORD 56k
Dinsdag 26 maart 2019 - Straatsburg Voorlopige uitgave
Kwijting 2017: Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA)
P8_TA-PROV(2019)0260A8-0120/2019
Besluit
 Besluit
 Resolutie

1. Besluit van het Europees Parlement van 26 maart 2019 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (thans Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart) (EASA) voor het begrotingsjaar 2017 (2018/2189(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart betreffende het begrotingsjaar 2017, vergezeld van het antwoord van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2017 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 12 februari 2019 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2017 (05825/2019 – C8-0079/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 70,

–  gezien Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, houdende intrekking van Richtlijn 91/670/EEG van de Raad, Verordening (EG) nr. 1592/2002 en Richtlijn 2004/36/EG(5), en met name artikel 60,

–  gezien verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad(6), en met name artikel 121,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(7), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A8-0120/2019),

1.  verleent de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2017;

2.  formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

(1) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 46.
(2) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 46.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.
(5) PB L 79 van 19.3.2008, blz. 1.
(6) PB L 212 van 22.8.2018, blz. 1.
(7) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


2. Besluit van het Europees Parlement van 26 maart 2019 over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (thans Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart) voor het begrotingsjaar 2017 (2018/2189(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart betreffende het begrotingsjaar 2017, vergezeld van het antwoord van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2017 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 12 februari 2019 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2017 (05825/2019 – C8-0079/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 70,

–  gezien Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, houdende intrekking van Richtlijn 91/670/EEG van de Raad, Verordening (EG) nr. 1592/2002 en Richtlijn 2004/36/EG(5), en met name artikel 60,

–  gezien verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad(6), en met name artikel 121,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(7), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A8-0120/2019),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2017;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

(1) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 46.
(2) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 46.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.
(5) PB L 79 van 19.3.2008, blz. 1.
(6) PB L 212 van 22.8.2018, blz. 1.
(7) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


3. Resolutie van het Europees Parlement van 26 maart 2019 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (thans Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart) voor het begrotingsjaar 2017 (2018/2189(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A8-0120/2019),

A.  overwegende dat de definitieve begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (hierna "het Agentschap") voor het begrotingsjaar 2017 volgens zijn financiële staten(1) 191 611 843 EUR bedroeg, hetgeen een daling met 0,92 % ten opzichte van 2016 betekent; overwegende dat 34 870 000 EUR van de begroting van het Agentschap afkomstig is van de begroting van de Unie, en 101 397 000 EUR van vergoedingen en rechten;

B.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2017 ("het verslag van de Rekenkamer") verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van het Agentschap betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Financieel en begrotingsbeheer

1.  merkt met tevredenheid op dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2017 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 99 %, hetzelfde percentage als in 2016; stelt voorts vast dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 93,75 % bedroeg, een daling van 2,55 % ten opzichte van 2016;

2.  neemt bezorgd kennis van de jaar na jaar terugkerende opmerking in het verslag van de Rekenkamer dat, hoewel de door de sector gefinancierde activiteiten in 2016 resulteerden in een tekort van 7 600 000 EUR, de begrotingsresultaten over de jaren fluctueren en het Agentschap een gecumuleerd overschot uit dit soort activiteiten heeft van 52 000 000 EUR; herinnert eraan dat in de oprichtingsverordening van het Agentschap wordt bepaald dat aan de sector in rekening gebrachte vergoedingen moeten volstaan om de kosten van de certificeringsactiviteiten van het Agentschap te dekken en dat dus niet voorzien is in een gecumuleerd overschot; verzoekt het Agentschap bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de lopende corrigerende maatregelen en over de manier waarop het in de toekomst een dergelijk overschot wil voorkomen;

3.  verneemt van het Agentschap dat het voornemens is om zowel het financiële reglement als de voorschriften inzake vergoedingen en rechten(2) te wijzigen om de behandeling van gecumuleerde overschotten beter te formaliseren; verneemt van het Agentschap dat deze herziening in 2018 in gang is gezet en dat het in de bedoeling ligt de herziene voorschriften inzake vergoedingen en rechten op 1 januari 2020 in werking te laten treden; verzoekt het Agentschap bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de tenuitvoerlegging van deze herziening, onder meer over de bepalingen ter verduidelijking van de behandeling van een potentieel overschot;

Annulering van overdrachten

4.  stelt vast dat de annuleringen van overdrachten van 2016 naar 2017 239 829 EUR bedroegen, d.w.z. 2,6 % van het totale overgedragen bedrag, een daling van 1,07 % ten opzichte van 2016;

Prestaties

5.  neemt kennis van het feit dat het Agentschap verschillende kernprestatie-indicatoren gebruikt om de toegevoegde waarde van zijn activiteiten te meten en zijn begrotingsbeheer te verbeteren en dat het de relevantie van zijn regels en standaardprocedures op periodieke basis beoordeelt;

6.  merkt op dat het Agentschap in 2017 aan een audit is onderworpen door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie; stelt met tevredenheid vast dat, hoewel de officiële resultaten nog niet gepubliceerd zijn, initiële input erop wijst dat het Agentschap behoort tot de best presterende luchtvaartinstanties ter wereld;

7.  neemt kennis van het feit dat het Agentschap het Europees Strategisch Coördinatieplatform en het Europees Centrum voor cyberveiligheid in de luchtvaart heeft opgericht en dat het de eerste fase heeft gestart van het Data4Safety-initiatief, dat tot doel heeft Europese technologieën en het Europese marktleiderschap op het gebied van burgerluchtvaart te ondersteunen, om de Europese knowhow op het gebied van "big data"-technologieën te vergroten; merkt bovendien op dat het overeenkomsten heeft ondertekend met Frankrijk, Duitsland en Italië betreffende samenwerking tussen de civiele en de militaire luchtvaartveiligheid;

8.  merkt op dat Verordening (EU) nr. 2018/1139 op 11 september in werking is getreden, met een nieuwe afdeling voor drones en een nieuw mandaat voor het Agentschap waarin zijn bevoegdheden worden geherdefinieerd; merkt tevens op dat die verordening het Agentschap machtigt om de Commissie de technische expertise voor te stellen voor de regulering van drones van om het even welke omvang, met inbegrip van kleine drones;

9.  merkt op dat het Agentschap in 2017 een aanzienlijke groter aantal gereserveerde projecten heeft beheerd, die samen goed zijn voor 11 300 000 EUR (7 300 000 EUR in 2016); juicht het toe dat deze projecten zich richten op het verbeteren van de regelgevings- en toezichtscapaciteit van de nationale en regionale luchtvaartautoriteiten in de wereld, alsook op het leveren van een bijdrage aan onderzoeksprojecten voor het verbeteren van de mondiale vliegveiligheid en het bevorderen van EU-normen;

10.  verzoekt de Commissie en de lidstaten met klem de nodige middelen te verstrekken voor de nieuwe en versterkte bevoegdheden, onder andere met betrekking tot risico's voor de burgerluchtvaart die voortkomen uit conflictgebieden, milieugerelateerde thema's en de certificatie en registratie van onbemande luchtvaartuigen;

11.  is ingenomen met de actieve rol van het Agentschap met betrekking tot de uitnodiging tot het indienen van voorstellen in het kader van het Horizon 2020-programma; dringt er bij het Agentschap op aan actief te blijven op het gebied van onderzoek en ontwikkeling;

12.  stelt vast dat het Agentschap zijn jaarlijkse risicobeoordeling in overeenstemming met de voor de EU-instellingen ontwikkelde methodologie heeft verricht; stelt vast dat in het kader van de identificatie van potentiële risico's in 2017 geen grote risico's aan het licht zijn gekomen;

13.  stelt met tevredenheid vast dat het Agentschap middelen deelt voor overlappende taken met andere agentschappen, met name de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie, de Europese Stichting voor opleiding en de Europese Autoriteit voor effecten en markten, op het gebied van enquêtes, e-learning en clouddiensten;

Personeelsbeleid

14.  stelt vast dat de personeelsformatie op 31 december 2017 voor 100 % ingevuld was, aangezien 673 tijdelijke functionarissen waren aangesteld van de 678 tijdelijke functionarissen (inclusief 5 gesubsidieerde posten) die in het kader van de begroting van de Unie waren toegestaan (tegenover 676 toegestane posten in 2016); merkt op dat als gevolg van de niet-goedkeuring van de herziene basisverordening, de 5 gesubsidieerde posten in 2017 niet ingevuld waren; stelt vast dat in 2017 bovendien 80 contractanten en 18 gedetacheerde nationale deskundigen voor het Bureau werkten;

15.  betreurt het genderonevenwicht binnen het hoger management van het Agentschap, waar alle 5 personen man zijn, en binnen de raad van bestuur, waar 25 van de 29 leden man zijn, en vier vrouw; verzoekt de Commissie en de lidstaten in dit verband bij het voordragen van kandidaten voor de raad van bestuur rekening te houden met het belang van het waarborgen van genderevenwicht; verzoekt daarnaast het Agentschap voor een beter genderevenwicht te zorgen binnen zijn hoger management;

16.  merkt op dat het Agentschap beleidsmaatregelen heeft goedgekeurd ter bescherming van de persoonlijke waardigheid en ter voorkoming van intimidatie; neemt kennis van het feit dat het Agentschap informatiesessies heeft georganiseerd en vertrouwelijke counseling mogelijk heeft gemaakt;

17.  is ingenomen met de suggestie van de Rekenkamer om vacatures ook te publiceren op de website van het Europees Bureau voor personeelsselectie om er meer de aandacht op te vestigen; begrijpt dat de werktaal van het Agentschap Engels is en merkt op dat het Agentschap gebruikmaakt van de door het netwerk van agentschappen ingestelde vacaturebank om zijn kennisgevingen van vacatures te publiceren;

Aanbestedingsprocedures

18.  neemt kennis van de vaststelling in het verslag van de Rekenkamer dat het Agentschap gekozen heeft voor het gebruik van opeenvolgende kaderovereenkomsten (cascadesysteem) met drie contractanten voor de aankoop van IT-diensten ter waarde van 22 000 000 EUR; stelt vast dat de Rekenkamer van mening is dat er onder dergelijke omstandigheden voor specifieke aankopen een mededingingsprocedure moet worden gevolgd waaraan de geselecteerde contractanten kunnen deelnemen; is tevreden met het antwoord van het Agentschap dat het meer aandacht zal besteden aan nieuwe oproepen tot mededinging om de mededinging te bevorderen; verzoekt het Agentschap om bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de acties die ondernomen zijn om aan deze aanbevelingen gevolg te geven;

19.  neemt kennis van de opmerking in het verslag van de Rekenkamer dat het Agentschap eind 2017 gebruikmaakte van sommige instrumenten die de Commissie heeft ingezet voor de invoering van één oplossing voor de elektronische uitwisseling van informatie met derden die deelnemen aan openbare aanbestedingsprocedures (e-aanbesteding), maar dat het geen gebruikmaakte van e-facturering; verzoekt het Agentschap alle nodige instrumenten voor het beheer van aanbestedingsprocedures in te voeren en bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de op dit gebied geboekte vooruitgang;

Preventie van en omgang met belangenconflicten en transparantie

20.  verneemt van het Agentschap dat het in 2017 een herziening heeft uitgevoerd van het proces dat wordt gevolgd in het kader van zijn "beleid inzake onpartijdigheid en onafhankelijkheid: voorkoming en beperking van belangenconflicten" om de invulling, controle en bijwerking van belangenverklaringen uit te breiden naar alle personeelsleden; verneemt van het Agentschap dat de dienst Interne audit naar verwachting in april 2019 een controleverslag over voorkoming en beperking van belangenconflicten zal publiceren; verzoekt het Agentschap verslag uit te brengen bij de kwijtingsautoriteit over de grondige herziening van zijn huidige systeem voor de voorkoming en de beperking van belangenconflicten in 2018/2019, alsook over de implementatie van de aanbevelingen van de Commissie; verwelkomt de nieuwe richtsnoeren van het Agentschap met betrekking tot klokkenluiden;

21.  merkt op dat 70 % van de inkomsten van het Agentschap bestaat uit vergoedingen; neemt kennis van het standpunt van het Agentschap dat het feit dat aanvragers vergoedingen betalen, niet noodzakelijk een belangenconflict inhoudt; verzoekt het Agentschap bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de maatregelen die zijn genomen om ervoor te zorgen dat geen belangenconflicten ontstaan in verband met de financiering door vergoedingen;

22.  juicht de invoering van een openbaar register van vergaderingen toe, hetgeen goed is voor de transparantie ten aanzien van de activiteiten van het Agentschap, omdat het voor openheid zorgt over de vergaderingen van het personeel van het Agentschap met externe belanghebbenden, alsmede het feit dat dit register op de website van het Agentschap kan worden geraadpleegd;

23.  moedigt het Agentschap ertoe aan de onafhankelijkheid van de rekenplichtige te waarborgen; stelt vast dat de raad van bestuur van het Agentschap na het verslag van de Rekenkamer gevolg heeft gegeven aan het verzoek van de Rekenkamer door de rekenplichtige met ingang van januari 2019 op administratief gebied rechtstreeks verantwoording te laten afleggen aan de directeur en op operationeel gebied aan de raad van bestuur; verzoekt het Agentschap de kwijtingsautoriteit mee te delen welke maatregelen in dit verband zijn genomen;

Interne controles

24.  merkt op dat de interne auditdiensten in 2017 een risicobeoordeling hebben uitgevoerd ter ondersteuning van hun ontwikkeling van de volgende auditcyclus (2018-2020);

25.  merkt op dat de interne auditcapaciteit in 2017 vier betrouwbaarheidscontroles heeft uitgevoerd om te beoordelen of de toepasselijke verordeningen werden nageleefd, de procesdoelstellingen werden gehaald en de belangrijkste risico's naar behoren waren beperkt; stelt met tevredenheid vast dat deze mate van zekerheid werd verschaft in elk van de controles en dat aanbevelingen werden gedaan om de controleomgeving of de algemene efficiëntie van de processen nog te verbeteren; stelt voorts vast dat in de follow-up van audits die waren uitgevoerd in 2016, de resterende risico's in aanzienlijke mate zijn teruggebracht, en wel tot een aanvaardbaar niveau, en dat de uitvoering van alle lopende acties aan de gang is, waarbij de laatste actie volgens plan moet worden afgesloten medio 2018;

26.  stelt vast dat bij de jaarlijkse beoordeling van de beheersnormen voor het Agentschap, op basis van de laatste versie van de ISO-normen en het nieuwe kader voor interne controles, is geconstateerd dat het beheerssysteem van het Agentschap aan de beheersnormen voldoet en dat dankzij een robuust monitoringsysteem op zowel de management-, als de procesniveaus;

o
o   o

27.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van 26 maart 2019(3) over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

(1) PB C 108 van 22.3.2018, blz. 229.
(2) Verordening (EU) nr. 319/2014 van de Commissie van 27 maart 2014 inzake de vergoedingen en rechten die worden geheven door het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 593/2007 (PB L 93 van 28.3.2014, blz. 58).
(3) Aangenomen teksten, P8_TA-PROV(2019)0254.

Laatst bijgewerkt op: 28 maart 2019Juridische mededeling