Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/2192(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0129/2019

Ingediende teksten :

A8-0129/2019

Debatten :

PV 26/03/2019 - 12
CRE 26/03/2019 - 12

Stemmingen :

PV 26/03/2019 - 13.33

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0274

Aangenomen teksten
PDF 154kWORD 53k
Dinsdag 26 maart 2019 - Straatsburg Voorlopige uitgave
Kwijting 2017: Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa)
P8_TA-PROV(2019)0274A8-0129/2019
Besluit
 Besluit
 Resolutie

1. Besluit van het Europees Parlement van 26 maart 2019 over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa) voor het begrotingsjaar 2017 (2018/2192(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017, vergezeld van het antwoord van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2017 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 12 februari 2019 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2017 (05825/2019 – C8-0082/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 70,

–  gezien Verordening (EU) nr. 526/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 inzake het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 460/2004(5), en met name artikel 21,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A8-0129/2019),

1.  verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2017;

2.  formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

(1) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 79.
(2) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 79.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.
(5) PB L 165 van 18.6.2013, blz. 41.
(6) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


2. Besluit van het Europees Parlement van 26 maart 2019 over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017 (2018/2192(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017, vergezeld van het antwoord van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2017 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 12 februari 2019 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2017 (05825/2019 – C8-0082/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 70,

–  gezien Verordening (EU) nr. 526/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 inzake het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 460/2004(5), en met name artikel 21,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A8-0129/2019),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

(1) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 79.
(2) PB C 434 van 30.11.2018, blz. 79.
(3) PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
(4) PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.
(5) PB L 165 van 18.6.2013, blz. 41.
(6) PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.


3. Resolutie van het Europees Parlement van 26 maart 2019 met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017 (2018/2192(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A8-0129/2019),

A.  overwegende dat de definitieve begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (het "Agentschap") voor het begrotingsjaar 2017 volgens zijn staat van ontvangsten en uitgaven(1) 11 175 224,40 EUR bedroeg, hetgeen een verhoging van 1,28 % ten opzichte van 2016 betekent; overwegende dat de begroting van het Agentschap voornamelijk wordt gefinancierd met middelen van de begroting van de Unie;

B.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Agentschap betreffende het begrotingsjaar 2017 (hierna: "het verslag van de Rekenkamer") heeft verklaard redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van de het Agentschap betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Financieel en begrotingsbeheer

1.  merkt met tevredenheid op dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2017 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 99,99 %, hetgeen neerkomt op een stijging met 1,52 % ten opzichte van 2016; stelt voorts vast dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 88,19 % bedroeg, een lichte daling van 0,99 % ten opzichte van 2016;

Annulering van overdrachten

2.  merkt met bezorgdheid op dat de annuleringen van overdrachten van 2016 naar 2017 90 916 EUR bedroegen, 9,39 % van het totale overgedragen bedrag, wat een stijging van 3,67 % ten opzichte van 2016 betekent;

Prestaties

3.  stelt met tevredenheid vast dat het Agentschap bepaalde kernprestatie-indicatoren (KPI's) hanteert om de toegevoegde waarde van zijn activiteiten te beoordelen en zijn begrotingsbeheer te verbeteren, met meer kwalitatieve indicatoren voor de beoordeling van de verwezenlijking van zijn operationele doelstellingen en meer kwantitatieve indicatoren voor zijn administratieve doelstellingen; wijst er voorts op dat uit impactindicatoren blijkt dat de resultaten van het Agentschap de doelen die in het werkprogramma voor 2017 zijn vastgesteld binnen het kader van de strategie van het Enisa voor de periode 2016-2020, hebben overtroffen; verzoekt het Agentschap de KPI's verder te ontwikkelen om het resultaat en de impact van zijn activiteiten te beoordelen en zo advies in te winnen over hoe er meerwaarde kan worden gegenereerd voor de resultaten van het Agentschap;

4.  waardeert het dat het Agentschap in 2017 is begonnen met het proces om lidstaten te helpen Richtlijn (EU) 2016/1148(2) ten uitvoer te leggen, en dat het samen met de autoriteiten van diverse lidstaten een instrument heeft ontwikkeld om de ernst van de inbreuk op persoonsgegevens te beoordelen, teneinde een coherent kader op te zetten op het niveau van de Unie;

5.  wijst er voorts op dat het Enisa in 2017 de prijs van de EU-Ombudsman voor goed bestuur en voor excellentie in innovatie en transformatie toegekend kreeg;

6.  stelt met waardering vast dat het Agentschap en het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding een overeenkomst op dienstniveau hebben gesloten die hen in staat stelt conferentiefaciliteiten en opslagruimte te delen, naast andere synergieën;

7.  merkt op dat er in 2017 namens de Commissie een externe evaluatie van de prestaties van het Agentschap voor de periode 2013-2016 is verricht; verzoekt het Agentschap bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over het resultaat van deze studie en over de maatregelen die zijn genomen om eventuele aanbevelingen op te volgen;

Personeelsbeleid

8.  stelt met bezorgdheid vast dat de personeelsformatie op 31 december 2017 slechts voor 87,5 % ingevuld was, aangezien 42 tijdelijke functionarissen waren aangesteld van de 48 tijdelijke functionarissen die in het kader van de begroting van de Unie waren toegestaan (tegenover 48 toegestane posten in 2016); stelt vast dat er in 2017 bovendien 29 contractanten en drie gedetacheerde nationale deskundigen voor het Agentschap werkten;

9.  merkt op dat het Agentschap beleidsmaatregelen heeft vastgesteld ter bescherming van de persoonlijke waardigheid en ter voorkoming van intimidatie; neemt kennis van het feit dat het Agentschap opleidingssessies heeft georganiseerd en vertrouwelijke begeleiding mogelijk heeft gemaakt;

10.  leidt uit het verslag van de Rekenkamer af dat het Agentschap in 2016 nog eens acht personeelsleden naar Athene heeft overgeplaatst, waardoor het aantal personeelsleden in Heraklion werd teruggebracht tot veertien; merkt op dat dit aantal volgens het Agentschap aan het eind van 2017 verder is teruggebracht tot elf personeelsleden; benadrukt dat volgens het verslag van de Rekenkamer van 2013 de kosten waarschijnlijk verder kunnen worden verlaagd als alle personeelsleden zich op één locatie bevinden; verzoekt het Agentschap aan de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de mogelijke maatregelen om deze situatie aan te pakken;

11.  stelt met bezorgdheid vast dat het Agentschap moeilijkheden heeft om goed opgeleid personeel aan te werven, aan te trekken en vast te houden, hoofdzakelijk als gevolg van het soort functies dat wordt aangeboden (arbeidscontractanten) en de lage correctiecoëfficiënt die van toepassing is op de salarissen van de werknemers van het Agentschap in Griekenland;

12.  is ingenomen met de suggestie van de Rekenkamer om vacatures ook te publiceren op de website van het Europees Bureau voor personeelsselectie om er meer de aandacht op te vestigen; begrijpt de bezorgdheid van het Agentschap over de vertaalkosten;

13.  betreurt het dat, zoals ook is aangegeven door de Rekenkamer, de overdrachtsprocedure voor de nieuwe rekenplichtige van het Agentschap niet correct is uitgevoerd, waarbij het grootste probleem was dat er geen overdrachtsrapport is overhandigd aan de nieuwe boekhouder; maakt uit het antwoord van het Agentschap op dat er wel informele bijeenkomsten hebben plaatsgevonden om kennis over te dragen, en dat het Agentschap corrigerende maatregelen zal nemen om in de toekomst een correcte overdracht aan nieuwe personeelsleden te waarborgen; verzoekt het Agentschap aan de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de uitvoering van de corrigerende maatregelen;

Preventie van en omgang met belangenconflicten en transparantie

14.  wijst op de bestaande maatregelen en de niet-aflatende inspanningen van het Agentschap om te zorgen voor transparantie, preventie en beheer van belangenconflicten en bescherming van klokkenluiders; stelt echter met bezorgdheid vast dat alleen de cv's van de uitvoerend directeur en de voorzitter van de raad van bestuur op zijn website zijn geplaatst, en verder dat het Agentschap alleen de verklaring over belangenconflicten van de uitvoerend directeur op zijn website heeft gezet, maar niet die van de andere leden van het hoger management; verzoekt het Agentschap de cv's van alle leden van de raad van bestuur en de belangenverklaringen van zijn hogere leidinggevenden te publiceren, en aan de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de in dit verband genomen maatregelen;

Overige opmerkingen

15.  stelt met bezorgdheid vast dat, in tegenstelling tot de meeste andere agentschappen, het Agentschap geen uitgebreide analyse heeft uitgevoerd van de impact die het besluit van het Verenigd Koninkrijk om zich terug te trekken uit de Europese Unie waarschijnlijk op zijn organisatie, activiteiten en boekhouding zal hebben; maakt uit het antwoord van het Agentschap op dat het een aantal van zijn relevante interne procedures in dit opzicht heeft herzien; verzoekt het Agentschap bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de maatregelen die zijn genomen om eventuele risico's te beperken;

16.  wijst op de gematigde inspanningen van het Agentschap om een kostenefficiënte en milieuvriendelijke werkplek te garanderen; wijst erop dat het Agentschap geen aanvullende maatregelen heeft genomen om CO2-emissies terug te dringen of te compenseren;

o
o   o

17.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van 26 maart 2019(3) over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

(1) PB C 116/05 van 28.3.2018, blz. 20.
(2) Richtlijn (EU) 2016/1148 van het Europees Parlement en de Raad van 6 juli 2016 houdende maatregelen voor een hoog gemeenschappelijk niveau van beveiliging van netwerk- en informatiesystemen in de Unie. PB L 194 van 19.7.2016, blz. 1.
(3) Aangenomen teksten, P8_TA-PROV(2019)0254.

Laatst bijgewerkt op: 28 maart 2019Juridische mededeling