Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2018/0331(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0193/2019

Ingediende teksten :

A8-0193/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 17/04/2019 - 16.14
CRE 17/04/2019 - 16.14

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0421

Aangenomen teksten
PDF 308kWORD 93k
Woensdag 17 april 2019 - Straatsburg Voorlopige uitgave
Voorkoming van de verspreiding van terroristische online-inhoud ***I
P8_TA-PROV(2019)0421A8-0193/2019

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 april 2019 over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad ter voorkoming van de verspreiding van terroristische online-inhoud (COM(2018)0640 – C8-0405/2018 – 2018/0331(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2018)0640),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0405/2018),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het gemotiveerde advies dat in het kader van protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid is uitgebracht door de Tsjechische Kamer van Afgevaardigden, en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 12 december 2018(1),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de adviezen van de Commissie cultuur en onderwijs en de Commissie interne markt en consumentenbescherming (A8-0193/2019),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Door de Commissie voorgestelde tekst   Amendement
Amendement 1
Voorstel voor een verordening
Titel 1
VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
ter voorkoming van de verspreiding van terroristische online-inhoud
voor het aanpakken van de verspreiding van terroristische online-inhoud
Amendement 2
Voorstel voor een verordening
Overweging 1
(1)  Deze verordening heeft tot doel te zorgen voor de goede werking van de digitale eengemaakte markt in een open en democratische samenleving, door misbruik van hostingdiensten voor terroristische doeleinden te voorkomen. De werking van de digitale eengemaakte markt moet worden verbeterd door aanbieders van hostingdiensten meer rechtszekerheid te bieden, het vertrouwen van de gebruikers in de onlineomgeving te vergroten en de waarborgen voor de vrijheid van meningsuiting en van informatie solider te maken.
(1)  Deze verordening heeft tot doel te zorgen voor de goede werking van de digitale eengemaakte markt in een open en democratische samenleving, door misbruik van hostingdiensten voor terroristische doeleinden aan te pakken en bij te dragen tot de openbare veiligheid in Europese samenlevingen. De werking van de digitale eengemaakte markt moet worden verbeterd door aanbieders van hostingdiensten meer rechtszekerheid te bieden, het vertrouwen van de gebruikers in de onlineomgeving te vergroten en de waarborgen voor de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving, evenals de vrijheid en het pluralisme van de media solider te maken.
Amendement 3
Voorstel voor een verordening
Overweging 1 bis (nieuw)
(1 bis)  De regulering van aanbieders van hostingdiensten kan slechts een aanvulling vormen op de strategieën van de lidstaten om terrorisme aan te pakken, waarin de nadruk moet liggen op offline-maatregelen zoals investeringen in sociaal werk, deradicaliseringsinitiatieven en samenwerking met de getroffen gemeenschappen, teneinde radicalisering in de samenleving op een duurzame manier te voorkomen.
Amendement 4
Voorstel voor een verordening
Overweging 1 ter (nieuw)
(1 ter)   Terroristische online-inhoud vormt een onderdeel van het grotere probleem van illegale online-inhoud, dat andere vormen van inhoud omvat, zoals de seksuele uitbuiting van kinderen, illegale handelspraktijken en inbreuken op intellectuele-eigendomsrechten. Terroristische en andere criminele organisaties handelen vaak in illegale inhoud om geld wit te wassen en fondsen te werven om hun illegale activiteiten te financieren. Dit probleem vereist een combinatie van wetgevings-, niet-wetgevings- en vrijwillige maatregelen op basis van samenwerking tussen de autoriteiten en aanbieders, waarbij de grondrechten volledig worden geëerbiedigd. Hoewel de dreiging van illegale online-inhoud is verminderd door succesvolle initiatieven zoals de door de industrie aangestuurde gedragscode voor het bestrijden van illegale haatzaaiende uitlatingen op het internet en "WEePROTECT Global Alliance to end child sexual abuse online", is het noodzakelijk om een wetgevingskader te scheppen voor de grensoverschrijdende samenwerking tussen de nationale regelgevende instanties om illegale inhoud te verwijderen.
Amendement 5
Voorstel voor een verordening
Overweging 2
(2)  Aanbieders van hostingdiensten die op het internet actief zijn, spelen een essentiële rol in de digitale economie doordat zij ondernemingen en burgers met elkaar verbinden en het publieke debat en de verspreiding en ontvangst van informatie, meningen en ideeën faciliteren, hetgeen een aanzienlijke bijdrage levert aan innovatie, economische groei en het scheppen van banen in de Unie. Hun diensten worden echter in bepaalde gevallen door derden misbruikt om illegale activiteiten online uit te voeren. Bijzonder zorgwekkend is het misbruik van aanbieders van hostingdiensten door terroristische groeperingen en hun aanhangers om terroristische online-inhoud te verspreiden en hun boodschap uit te dragen, te radicaliseren en te werven en terroristische activiteiten te faciliteren en aan te sturen.
(2)  Aanbieders van hostingdiensten die op het internet actief zijn, spelen een essentiële rol in de digitale economie doordat zij ondernemingen en burgers met elkaar verbinden, leermogelijkheden bieden en het publieke debat en de verspreiding en ontvangst van informatie, meningen en ideeën faciliteren, hetgeen een aanzienlijke bijdrage levert aan innovatie, economische groei en het scheppen van banen in de Unie. Hun diensten worden echter in bepaalde gevallen door derden misbruikt om illegale activiteiten online uit te voeren. Bijzonder zorgwekkend is het misbruik van aanbieders van hostingdiensten door terroristische groeperingen en hun aanhangers om terroristische online-inhoud te verspreiden en hun boodschap uit te dragen, te radicaliseren en te werven en terroristische activiteiten te faciliteren en aan te sturen.
Amendement 6
Voorstel voor een verordening
Overweging 3
(3)  De aanwezigheid van terroristische online-inhoud heeft ernstige negatieve gevolgen voor de gebruikers, de burgers en de samenleving in het algemeen alsook voor de aanbieders van onlinediensten die dergelijke inhoud hosten, omdat hierdoor het vertrouwen van hun gebruikers wordt ondermijnd en hun bedrijfsmodellen worden geschaad. Aanbieders van onlinediensten hebben, gezien hun centrale rol en de technologische middelen en mogelijkheden die met de door hen verleende diensten gepaard gaan, een bijzondere maatschappelijke verantwoordelijkheid om hun diensten te beschermen tegen misbruik door terroristen en om te helpen bij de bestrijding van terroristische inhoud die via hun diensten wordt verspreid.
(3)  De aanwezigheid van terroristische online-inhoud is weliswaar niet de enige factor, maar is een katalysator gebleken voor de radicalisering van personen die terroristische daden hebben begaan, en heeft derhalve ernstige negatieve gevolgen voor de gebruikers, de burgers en de samenleving in het algemeen alsook voor de aanbieders van onlinediensten die dergelijke inhoud hosten, omdat hierdoor het vertrouwen van hun gebruikers wordt ondermijnd en hun bedrijfsmodellen worden geschaad. Aanbieders van onlinediensten hebben, gezien hun centrale rol en in verhouding tot de technologische middelen en mogelijkheden die met de door hen verleende diensten gepaard gaan, een bijzondere maatschappelijke verantwoordelijkheid om hun diensten te beschermen tegen misbruik door terroristen en om de bevoegde autoriteiten te helpen bij de bestrijding van terroristische inhoud die via hun diensten wordt verspreid, zonder het fundamentele belang van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving, uit het oog te verliezen.
Amendement 7
Voorstel voor een verordening
Overweging 4
(4)  De inspanningen op het niveau van de Unie om terroristische online-inhoud te bestrijden, die in 2015 begonnen met een kader voor vrijwillige samenwerking tussen lidstaten en aanbieders van hostingdiensten, moeten worden aangevuld met een duidelijk wetgevingskader teneinde terroristische online-inhoud nog minder toegankelijk te maken en een snel om zich heen grijpend probleem adequaat aan te pakken. Dit wetgevingskader wil voortbouwen op de vrijwillige inspanningen, die zijn versterkt door Aanbeveling (EU) 2018/334 van de Commissie7, en is een reactie op de oproep van het Europees Parlement om de maatregelen tegen illegale en schadelijke inhoud aan te scherpen, en de oproep van de Europese Raad om de automatische detectie en verwijdering van inhoud die tot terroristische daden aanzet, te verbeteren.
(4)  De inspanningen op het niveau van de Unie om terroristische online-inhoud te bestrijden, die in 2015 begonnen met een kader voor vrijwillige samenwerking tussen lidstaten en aanbieders van hostingdiensten, moeten worden aangevuld met een duidelijk wetgevingskader teneinde terroristische online-inhoud nog minder toegankelijk te maken en een snel om zich heen grijpend probleem adequaat aan te pakken. Dit wetgevingskader wil voortbouwen op de vrijwillige inspanningen, die zijn versterkt door Aanbeveling (EU) 2018/334 van de Commissie7, en is een reactie op de oproep van het Europees Parlement om de maatregelen tegen illegale en schadelijke inhoud aan te scherpen, overeenkomstig het uit Richtlijn 2000/31/EG voortvloeiende horizontale kader, en de oproep van de Europese Raad om de detectie en verwijdering van inhoud die tot terroristische daden aanzet, te verbeteren.
__________________
__________________
7 Aanbeveling (EU) 2018/334 van de Commissie van 1 maart 2018 over maatregelen om illegale online-inhoud effectief te bestrijden (PB L 63 van 6.3.2018, blz. 50).
7 Aanbeveling (EU) 2018/334 van de Commissie van 1 maart 2018 over maatregelen om illegale online-inhoud effectief te bestrijden (PB L 63 van 6.3.2018, blz. 50).
Amendement 8
Voorstel voor een verordening
Overweging 5
(5)  De toepassing van deze verordening mag geen afbreuk doen aan de toepassing van artikel 14 van Richtlijn 2000/31/EG8. Met name mogen door de aanbieder van hostingdiensten in overeenstemming met deze verordening genomen maatregelen, waaronder alle proactieve maatregelen, op zich niet ertoe leiden dat die dienstverlener de vrijstelling van aansprakelijkheid verliest waarin die bepaling voorziet. Deze verordening laat de bevoegdheden van nationale autoriteiten en rechterlijke instanties onverlet om aanbieders van hostingdiensten aansprakelijk te stellen in specifieke gevallen waarin niet is voldaan aan de in artikel 14 van Richtlijn 2000/31/EG vastgestelde voorwaarden voor vrijstelling van aansprakelijkheid.
(5)  De toepassing van deze verordening mag geen afbreuk doen aan de toepassing van Richtlijn 2000/31/EG8. Deze verordening laat de bevoegdheden van nationale autoriteiten en rechterlijke instanties onverlet om aanbieders van hostingdiensten aansprakelijk te stellen in specifieke gevallen waarin niet is voldaan aan de in Richtlijn 2000/31/EG vastgestelde voorwaarden voor vrijstelling van aansprakelijkheid.
__________________
__________________
8 Richtlijn 2000/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2000 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt ("richtlijn inzake elektronische handel") (PB L 178 van 17.7.2000, blz. 1).
8 Richtlijn 2000/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2000 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt ("richtlijn inzake elektronische handel") (PB L 178 van 17.7.2000, blz. 1).
Amendement 9
Voorstel voor een verordening
Overweging 6
(6)  De regels ter voorkoming van het misbruik van hostingdiensten voor de verspreiding van terroristische online-inhoud teneinde de goede werking van de interne markt te waarborgen, worden in deze verordening vastgesteld met volledige eerbiediging van de grondrechten die zijn beschermd in de rechtsorde van de Unie, en meer bepaald die welke zijn verankerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
(6)  De regels voor het aanpakken van misbruik van hostingdiensten voor de verspreiding van illegale terroristische online-inhoud teneinde de goede werking van de interne markt te waarborgen, worden in deze verordening vastgesteld en moeten volledig stroken met de grondrechten die zijn beschermd in de rechtsorde van de Unie, en meer bepaald die welke zijn verankerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
Amendement 10
Voorstel voor een verordening
Overweging 7
(7)  Deze verordening draagt bij aan de bescherming van de openbare veiligheid en creëert passende en solide waarborgen om de bescherming van de grondrechten in kwestie te garanderen. Dit omvat het recht op eerbiediging van het privéleven en de bescherming van persoonsgegevens, het recht op doeltreffende rechtsbescherming, het recht op vrijheid van meningsuiting, waaronder de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie, de vrijheid van ondernemerschap en het beginsel van non-discriminatie. De bevoegde autoriteiten en de aanbieders van hostingdiensten mogen alleen maatregelen vaststellen die noodzakelijk, passend en evenredig zijn in een democratische samenleving, waarbij zij rekening houden met het bijzondere belang dat wordt gehecht aan de vrijheid van meningsuiting en van informatie, die één van de essentiële fundamenten van een pluralistische, democratische samenleving is en één van de waarden waarop de Unie is gegrondvest. Maatregelen die een inmenging vormen in de vrijheid van meningsuiting en van informatie moeten strikt afgebakend zijn, in die zin dat ze moeten dienen om de verspreiding van terroristische inhoud te voorkomen, maar zonder dat dit afbreuk doet aan het recht op rechtmatige wijze kennis te nemen en te geven van informatie, rekening houdend met de centrale rol van aanbieders van hostingdiensten bij het faciliteren van het publieke debat en de verspreiding en ontvangst van feiten, meningen en ideeën overeenkomstig de wet.
(7)  Deze verordening heeft tot doel bij te dragen aan de bescherming van de openbare veiligheid en moet zorgen voor de totstandbrenging van passende en solide waarborgen om de bescherming van de grondrechten in kwestie te garanderen. Dit omvat het recht op eerbiediging van het privéleven en de bescherming van persoonsgegevens, het recht op doeltreffende rechtsbescherming, het recht op vrijheid van meningsuiting, waaronder de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie, de vrijheid van ondernemerschap en het beginsel van non-discriminatie. De bevoegde autoriteiten en de aanbieders van hostingdiensten mogen alleen maatregelen vaststellen die noodzakelijk, passend en evenredig zijn in een democratische samenleving, waarbij zij rekening houden met het bijzondere belang dat wordt gehecht aan de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën, het recht op eerbiediging van het privéleven en van het familie- en gezinsleven, en het recht op bescherming van persoonsgegevens, die behoren tot de essentiële fundamenten van een pluralistische, democratische samenleving en tot de waarden waarop de Unie is gegrondvest. Maatregelen mogen geen inmenging vormen in de vrijheid van meningsuiting en van informatie en moeten in de mate van het mogelijke dienen om de verspreiding van terroristische inhoud aan te pakken aan de hand van een strikt afgebakende aanpak, maar zonder dat dit afbreuk doet aan het recht op rechtmatige wijze kennis te nemen en te geven van informatie, rekening houdend met de centrale rol van aanbieders van hostingdiensten bij het faciliteren van het publieke debat en de verspreiding en ontvangst van feiten, meningen en ideeën overeenkomstig de wet. Doeltreffende maatregelen ter bestrijding van onlineterrorisme en het beschermen van de vrijheid van meningsuiting zijn geen tegenstrijdige doelstellingen, maar vullen elkaar juist aan en versterken elkaar.
Amendement 11
Voorstel voor een verordening
Overweging 8
(8)  Het recht op een doeltreffende voorziening in rechte is vastgelegd in artikel 19 VEU en artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Elke natuurlijke of rechtspersoon heeft recht op een doeltreffende voorziening in rechte voor de bevoegde nationale rechterlijke instantie tegen overeenkomstig deze verordening genomen maatregelen die een negatief effect kunnen hebben op de rechten van die persoon. Het recht omvat met name de mogelijkheid voor aanbieders van hostingdiensten en aanbieders van inhoud om verwijderingsbevelen daadwerkelijk te betwisten voor de rechterlijke instantie van de lidstaat waarvan de autoriteiten het verwijderingsbevel hebben uitgevaardigd.
(8)  Het recht op een doeltreffende voorziening in rechte is vastgelegd in artikel 19 VEU en artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Elke natuurlijke of rechtspersoon heeft recht op een doeltreffende voorziening in rechte voor de bevoegde nationale rechterlijke instantie tegen overeenkomstig deze verordening genomen maatregelen die een negatief effect kunnen hebben op de rechten van die persoon. Het recht omvat met name de mogelijkheid voor aanbieders van hostingdiensten en aanbieders van inhoud om verwijderingsbevelen daadwerkelijk te betwisten voor de rechterlijke instantie van de lidstaat waarvan de autoriteiten het verwijderingsbevel hebben uitgevaardigd, alsook mogelijkheden voor aanbieders van inhoud om de door de aanbieder van hostingdiensten genomen specifieke maatregelen te betwisten.
Amendement 12
Voorstel voor een verordening
Overweging 9
(9)  Om duidelijkheid te verschaffen over de maatregelen die zowel aanbieders van hostingdiensten als bevoegde autoriteiten moeten nemen om de verspreiding van terroristische online-inhoud te voorkomen, moet deze verordening een definitie van terroristische inhoud vaststellen met het oog op preventieve doeleinden, op basis van de definitie van terroristische misdrijven van Richtlijn (EU) 2017/541 van het Europees Parlement en de Raad9. Omdat de schadelijkste terroristische onlinepropaganda moet worden aangepakt, moet de definitie slaan op materiaal en informatie die aanzetten tot het plegen van terroristische misdrijven of het bijdragen aan terroristische misdrijven, of dit aanmoedigen of verdedigen, die instructies geven voor het plegen van dergelijke misdrijven of het deelnemen aan activiteiten van een terroristische groepering bevorderen. Dergelijke informatie omvat met name tekst, beelden, geluidsopnamen en videobestanden. Bij de beoordeling of inhoud terroristische inhoud is in de zin van deze verordening, moeten bevoegde autoriteiten en aanbieders van hostingdiensten rekening houden met factoren zoals de aard en de formulering van de verklaringen, de context waarin de verklaringen zijn afgelegd en hun potentieel om schadelijke gevolgen teweeg te brengen, waardoor de veiligheid van personen in gevaar komt. Het feit dat het materiaal geproduceerd is door, toe te rekenen is aan of verspreid is namens een terroristische organisatie of persoon die op de EU-terroristenlijst is geplaatst, is een belangrijke factor in de beoordeling. Inhoud die voor educatieve, journalistieke of onderzoeksdoeleinden wordt verspreid, moet adequaat worden beschermd. Voorts mag de uiting van radicale, polemische of controversiële standpunten in het publieke debat over gevoelige politieke vraagstukken niet als terroristische inhoud worden beschouwd.
(9)  Om duidelijkheid te verschaffen over de maatregelen die zowel aanbieders van hostingdiensten als bevoegde autoriteiten moeten nemen om de verspreiding van terroristische online-inhoud aan te pakken, moet deze verordening een definitie van terroristische inhoud vaststellen met het oog op preventieve doeleinden, op basis van de definitie van terroristische misdrijven van Richtlijn (EU) 2017/541 van het Europees Parlement en de Raad9. Omdat de schadelijkste terroristische online-inhoud moet worden aangepakt, moet de definitie slaan op materiaal dat aanzet tot het plegen van terroristische misdrijven of het bijdragen aan terroristische misdrijven, of daartoe aanspoort, of het deelnemen aan activiteiten van een terroristische groepering bevordert, waardoor het gevaar ontstaat dat een of meer van deze misdrijven worden gepleegd. De definitie moet ook betrekking hebben op inhoud die richtsnoeren omvat voor het vervaardigen en gebruiken van explosieven, vuurwapens of andere wapens of schadelijke of gevaarlijke stoffen, evenals chemische, biologische, radiologische en nucleaire stoffen (CBRN), of richtsnoeren op het gebied van andere methoden en technieken, met inbegrip van de selectie van doelwitten, met als doel het plegen van terroristische misdrijven. Dergelijke informatie omvat met name tekst, beelden, geluidsopnamen en videobestanden. Bij de beoordeling of inhoud terroristische inhoud is in de zin van deze verordening, moeten bevoegde autoriteiten en aanbieders van hostingdiensten rekening houden met factoren zoals de aard en de formulering van de verklaringen, de context waarin de verklaringen zijn afgelegd en hun potentieel om schadelijke gevolgen teweeg te brengen, waardoor de veiligheid van personen in gevaar komt. Het feit dat het materiaal geproduceerd is door, toe te rekenen is aan of verspreid is namens een terroristische organisatie of persoon die op de EU-terroristenlijst is geplaatst, is een belangrijke factor in de beoordeling. Inhoud die voor educatieve, journalistieke of onderzoeksdoeleinden of in het kader van voorlichtingsactiviteiten op het gebied van de bestrijding van terroristische activiteiten wordt verspreid, moet adequaat worden beschermd. Met name in gevallen waarin de aanbieder van inhoud een redactionele verantwoordelijkheid draagt, moet bij elk besluit over de verwijdering van het verspreide materiaal rekening worden gehouden met de journalistieke normen die in overeenstemming met het recht van de Unie en het Handvest van de grondrechten zijn vastgesteld in de pers- of mediawetgeving. Voorts mag de uiting van radicale, polemische of controversiële standpunten in het publieke debat over gevoelige politieke vraagstukken niet als terroristische inhoud worden beschouwd.
_________________
_________________
9 Richtlijn (EU) 2017/541 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 inzake terrorismebestrijding en ter vervanging van Kaderbesluit 2002/475/JBZ van de Raad en tot wijziging van Besluit 2005/671/JBZ van de Raad (PB L 88 van 31.3.2017, blz. 6).
9 Richtlijn (EU) 2017/541 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 inzake terrorismebestrijding en ter vervanging van Kaderbesluit 2002/475/JBZ van de Raad en tot wijziging van Besluit 2005/671/JBZ van de Raad (PB L 88 van 31.3.2017, blz. 6).
Amendement 13
Voorstel voor een verordening
Overweging 10
(10)  Om van toepassing te zijn op onlinehostingdiensten waarop terroristische inhoud wordt verspreid, moet deze verordening van toepassing zijn op diensten van de informatiemaatschappij die op verzoek van een afnemer van de dienst door hem verstrekte informatie opslaan en de opgeslagen informatie aan derden beschikbaar stellen, ongeacht of deze activiteit louter technisch, automatisch en passief is. Dergelijke aanbieders van diensten van de informatiemaatschappij omvatten bijvoorbeeld socialemediaplatforms, videostreamingdiensten, diensten voor het delen van video- en audiobestanden en beelden, bestandsdeling en andere clouddiensten in zoverre daarmee de informatie aan derden beschikbaar wordt gesteld, en websites waarop gebruikers opmerkingen of beoordelingen kunnen posten. De verordening moet ook van toepassing zijn op aanbieders van hostingdiensten die buiten de Unie zijn gevestigd maar diensten aanbieden in de Unie, aangezien een aanzienlijk deel van de aanbieders van hostingdiensten die aan terroristische inhoud op hun diensten zijn blootgesteld, in derde landen gevestigd zijn. Dit moet ervoor zorgen dat alle ondernemingen die in de digitale eengemaakte markt actief zijn, dezelfde vereisten moeten naleven, ongeacht het land van vestiging. Om te bepalen of een dienstverlener diensten aanbiedt in de Unie, moet worden nagegaan of de dienstverlener rechtspersonen of natuurlijke personen in een of meer lidstaten in staat stelt om zijn diensten te gebruiken. De loutere toegankelijkheid van de website van een dienstverlener of van een e-mailadres en van andere contactgegevens in een of meer lidstaten mag op zich echter niet volstaan als voorwaarde voor de toepassing van deze verordening.
(10)  Om van toepassing te zijn op onlinehostingdiensten waarop terroristische inhoud wordt verspreid, moet deze verordening van toepassing zijn op diensten van de informatiemaatschappij die op verzoek van een afnemer van de dienst door hem verstrekte informatie opslaan en de opgeslagen informatie aan het publiek beschikbaar stellen, ongeacht of deze activiteit louter technisch, automatisch en passief is. Dergelijke aanbieders van diensten van de informatiemaatschappij omvatten bijvoorbeeld socialemediaplatforms, videostreamingdiensten, diensten voor het delen van video- en audiobestanden en beelden, bestandsdeling en andere clouddiensten in zoverre daarmee de informatie aan het publiek beschikbaar wordt gesteld, en websites waarop gebruikers opmerkingen of beoordelingen kunnen posten. De verordening moet ook van toepassing zijn op aanbieders van hostingdiensten die buiten de Unie zijn gevestigd maar diensten aanbieden in de Unie, aangezien een aanzienlijk deel van de aanbieders van hostingdiensten die aan terroristische inhoud op hun diensten zijn blootgesteld, in derde landen gevestigd zijn. Dit moet ervoor zorgen dat alle ondernemingen die in de digitale eengemaakte markt actief zijn, dezelfde vereisten moeten naleven, ongeacht het land van vestiging. Om te bepalen of een dienstverlener diensten aanbiedt in de Unie, moet worden nagegaan of de dienstverlener rechtspersonen of natuurlijke personen in een of meer lidstaten in staat stelt om zijn diensten te gebruiken. De loutere toegankelijkheid van de website van een dienstverlener of van een e-mailadres en van andere contactgegevens in een of meer lidstaten mag op zich echter niet volstaan als voorwaarde voor de toepassing van deze verordening. De verordening mag niet van toepassing zijn op clouddiensten, met inbegrip van business-to-business clouddiensten, waarvoor de dienstverlener geen contractuele rechten heeft met betrekking tot de vraag welke inhoud wordt opgeslagen, hoe deze wordt verwerkt of hoe deze door zijn klanten of door de eindgebruikers van die klanten voor het publiek beschikbaar wordt gesteld, en waarbij de dienstverlener niet over de technische mogelijkheid beschikt om door zijn klanten of eindgebruikers van zijn diensten opgeslagen specifieke inhoud te verwijderen.
Amendement 14
Voorstel voor een verordening
Overweging 11
(11)  Een wezenlijke band met de Unie moet relevant zijn om het toepassingsgebied van deze verordening te bepalen. Deze wezenlijke band met de Unie moet worden geacht te bestaan wanneer de dienstverlener een vestiging in de Unie heeft of, als dat niet het geval is, op basis van het bestaan van een aanzienlijk aantal gebruikers in een of meer lidstaten, of het richten van activiteiten op een of meer lidstaten. Of de activiteiten op een of meer lidstaten zijn gericht, kan worden bepaald aan de hand van alle relevante omstandigheden, waaronder factoren zoals het gebruik van een taal of een munteenheid die in die lidstaat algemeen gangbaar is, of de mogelijkheid goederen of diensten te bestellen. Dat de activiteiten op een lidstaat zijn gericht, kan ook blijken uit de beschikbaarheid van een applicatie in de desbetreffende nationale applicationstore, het maken van lokale reclame of reclame in de taal die in die lidstaat gangbaar is, of het beheren van klantenrelaties, bijvoorbeeld door het aanbieden van een klantenservice in de taal die in die lidstaat algemeen gangbaar is. Een wezenlijke band moet ook worden aangenomen wanneer een dienstverlener zijn activiteiten op een of meer lidstaten richt zoals bepaald in artikel 17, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad10. Anderzijds kan het verlenen van de dienst met het oog op de loutere naleving van het discriminatieverbod dat in Verordening (EU) nr. 2018/302 van het Europees Parlement en de Raad11 is neergelegd, op die grond alleen niet worden beschouwd als het richten van activiteiten op een bepaald grondgebied in de Unie.
(11)  Een wezenlijke band met de Unie moet relevant zijn om het toepassingsgebied van deze verordening te bepalen. Deze wezenlijke band met de Unie moet worden geacht te bestaan wanneer de dienstverlener een vestiging in de Unie heeft of, als dat niet het geval is, op basis van het bestaan van een aanzienlijk aantal gebruikers in een of meer lidstaten, of het richten van activiteiten op een of meer lidstaten. Of de activiteiten op een of meer lidstaten zijn gericht, kan worden bepaald aan de hand van alle relevante omstandigheden, waaronder factoren zoals het gebruik van een taal of een munteenheid die in die lidstaat algemeen gangbaar is. Dat de activiteiten op een lidstaat zijn gericht, kan ook blijken uit de beschikbaarheid van een applicatie in de desbetreffende nationale applicationstore, het maken van lokale reclame of reclame in de taal die in die lidstaat gangbaar is, of het beheren van klantenrelaties, bijvoorbeeld door het aanbieden van een klantenservice in de taal die in die lidstaat algemeen gangbaar is. Een wezenlijke band moet ook worden aangenomen wanneer een dienstverlener zijn activiteiten op een of meer lidstaten richt zoals bepaald in artikel 17, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad10. Anderzijds kan het verlenen van de dienst met het oog op de loutere naleving van het discriminatieverbod dat in Verordening (EU) 2018/302 van het Europees Parlement en de Raad11 is neergelegd, op die grond alleen niet worden beschouwd als het richten van activiteiten op een bepaald grondgebied in de Unie.
_________________
_________________
10 Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (PB L 351 van 20.12.2012, blz. 1).
10 Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (PB L 351 van 20.12.2012, blz. 1).
11 Verordening (EU) 2018/302 van het Europees Parlement en de Raad van 28 februari 2018 inzake de aanpak van ongerechtvaardigde geoblocking en andere vormen van discriminatie van klanten op grond van nationaliteit, verblijfplaats of plaats van vestiging in de interne markt, en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 2006/2004 en (EU) 2017/2394 en Richtlijn 2009/22/EG (PB L 601 van 2.3.2018, blz. 1).
11 Verordening (EU) 2018/302 van het Europees Parlement en de Raad van 28 februari 2018 inzake de aanpak van ongerechtvaardigde geoblocking en andere vormen van discriminatie van klanten op grond van nationaliteit, verblijfplaats of plaats van vestiging in de interne markt, en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 2006/2004 en (EU) 2017/2394 en Richtlijn 2009/22/EG (PB L 601 van 2.3.2018, blz. 1).
Amendement 15
Voorstel voor een verordening
Overweging 12
(12)  Aanbieders van hostingdiensten moeten bepaalde zorgplichten nakomen om de verspreiding van terroristische inhoud op hun diensten te voorkomen. Deze zorgplichten mogen niet neerkomen op een algemene toezichtverplichting. Zorgplichten moeten inhouden dat aanbieders van hostingdiensten bij de toepassing van deze verordening op zorgvuldige, evenredige en niet-discriminerende wijze moeten handelen ten aanzien van inhoud die zij opslaan, met name wanneer zij hun eigen voorwaarden toepassen, teneinde te voorkomen dat inhoud wordt verwijderd die geen terroristische inhoud is. De verwijdering of het onmogelijk maken van de toegang moet plaatsvinden met eerbiediging van de vrijheid van meningsuiting en van informatie.
(12)  Aanbieders van hostingdiensten moeten bepaalde zorgplichten nakomen om de verspreiding van terroristische inhoud op hun diensten onder het publiek aan te pakken. Deze zorgplichten mogen niet neerkomen op een algemene verplichting voor aanbieders van hostingdiensten om toezicht te houden op de informatie die zij opslaan, noch op een algemene verplichting om actief op zoek te gaan naar feiten of zaken die wijzen op illegale activiteiten. Zorgplichten moeten inhouden dat aanbieders van hostingdiensten bij de toepassing van deze verordening op transparante, zorgvuldige, evenredige en niet-discriminerende wijze moeten handelen ten aanzien van inhoud die zij opslaan, met name wanneer zij hun eigen voorwaarden toepassen, teneinde te voorkomen dat inhoud wordt verwijderd die geen terroristische inhoud is. De verwijdering of het onmogelijk maken van de toegang moet plaatsvinden met eerbiediging van de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving, alsook van de vrijheid en het pluralisme van de media.
Amendement 16
Voorstel voor een verordening
Overweging 13
(13)  De procedure en verplichtingen die voortvloeien uit wettelijke bevelen waarin aanbieders van hostingdiensten na een beoordeling door de bevoegde autoriteiten wordt gevraagd terroristische inhoud te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken, moeten worden geharmoniseerd. De lidstaten moeten vrij blijven in de keuze van de bevoegde autoriteiten en kunnen administratieve instanties, rechtshandhavingsautoriteiten of rechterlijke instanties met deze taak belasten. Gezien de snelheid waarmee terroristische inhoud via onlinediensten wordt verspreid, legt deze bepaling aanbieders van hostingdiensten de verplichting op te garanderen dat in het verwijderingsbevel geïdentificeerde terroristische inhoud binnen één uur na ontvangst van het verwijderingsbevel wordt verwijderd of dat de toegang daartoe onmogelijk wordt gemaakt. Het zijn de aanbieders van hostingdiensten die besluiten of zij de inhoud in kwestie verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk maken voor gebruikers in de Unie.
(13)  De procedure en verplichtingen die voortvloeien uit verwijderingsbevelen waarin aanbieders van hostingdiensten na een beoordeling door de bevoegde autoriteiten wordt gevraagd terroristische inhoud te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken, moeten worden geharmoniseerd. De lidstaten moeten vrij blijven in de keuze van de bevoegde autoriteiten en kunnen een rechterlijke instantie of een functioneel onafhankelijke administratieve instantie of rechtshandhavingsautoriteit met deze taak belasten. Gezien de snelheid waarmee terroristische inhoud via onlinediensten wordt verspreid, legt deze bepaling aanbieders van hostingdiensten de verplichting op te garanderen dat in het verwijderingsbevel geïdentificeerde terroristische inhoud binnen één uur na ontvangst van het verwijderingsbevel wordt verwijderd of dat de toegang daartoe onmogelijk wordt gemaakt.
Amendement 17
Voorstel voor een verordening
Overweging 14
(14)  De bevoegde autoriteit moet het verwijderingsbevel rechtstreeks aan de geadresseerde en het contactpunt zenden met elektronische middelen die een schriftelijk bewijs kunnen genereren op zodanige wijze dat de dienstverlener de authenticiteit kan vaststellen, met vermelding van de datum en het tijdstip van verzending en ontvangst van het bevel, bijvoorbeeld via beveiligde e-mail en platformen of andere beveiligde kanalen, met inbegrip van die welke door de dienstverlener beschikbaar worden gesteld, overeenkomstig de regels inzake de bescherming van persoonsgegevens. Dit vereiste kan met name worden nageleefd door het gebruik van gekwalificeerde diensten voor elektronisch aangetekende bezorging in de zin van Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad12.
(14)  De bevoegde autoriteit moet het verwijderingsbevel rechtstreeks aan het contactpunt van de aanbieder van hostingdiensten en, indien de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten zich in een andere lidstaat bevindt, aan de bevoegde autoriteit van die lidstaat zenden met elektronische middelen die een schriftelijk bewijs kunnen genereren op zodanige wijze dat de dienstverlener de authenticiteit kan vaststellen, met vermelding van de datum en het tijdstip van verzending en ontvangst van het bevel, bijvoorbeeld via beveiligde e-mail en platformen of andere beveiligde kanalen, met inbegrip van die welke door de dienstverlener beschikbaar worden gesteld, overeenkomstig de regels inzake de bescherming van persoonsgegevens. Dit vereiste kan met name worden nageleefd door het gebruik van gekwalificeerde diensten voor elektronisch aangetekende bezorging in de zin van Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad12.
__________________
__________________
12 Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 73).
12 Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 73).
Amendement 18
Voorstel voor een verordening
Overweging 15
(15)  Doorverwijzingen door de bevoegde autoriteiten of Europol vormen een doeltreffende en snelle manier om aanbieders van hostingdiensten bewust te maken van specifieke inhoud binnen hun diensten. Dit mechanisme om aanbieders van hostingdiensten te waarschuwen voor informatie die als terroristische inhoud kan worden beschouwd, opdat de aanbieder vrijwillig nagaat of die inhoud verenigbaar is met zijn eigen voorwaarden, moet beschikbaar blijven naast de verwijderingsbevelen. Het is van belang dat aanbieders van hostingdiensten dergelijke doorverwijzingen bij voorrang beoordelen en snel feedback geven over de genomen maatregelen. Het blijft de aanbieder van hostingdiensten die uiteindelijk besluit of hij inhoud al dan niet verwijdert omdat die niet verenigbaar is met zijn voorwaarden. Bij de uitvoering van deze verordening met betrekking tot doorverwijzingen blijft het mandaat van Europol overeenkomstig Verordening (EU) 2016/79413 onverlet.
Schrappen
__________________
13 Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad (PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53).
Amendement 19
Voorstel voor een verordening
Overweging 16
(16)  Gezien de omvang en snelheid die nodig zijn om terroristische inhoud doeltreffend te identificeren en te verwijderen, zijn evenredige proactieve maatregelen, onder meer met gebruikmaking van automatische middelen in bepaalde gevallen, een essentieel onderdeel in de strijd tegen terroristische online-inhoud. Om terroristische inhoud op hun diensten minder toegankelijk te maken, moeten aanbieders van hostingdiensten beoordelen of het passend is proactieve maatregelen te nemen, afhankelijk van de risico's en de mate van blootstelling aan terroristische inhoud alsook van de gevolgen voor de rechten van derden en het publieke belang van informatie. Bijgevolg moeten aanbieders van hostingdiensten bepalen welke passende, doeltreffende en evenredige proactieve maatregelen moeten worden genomen. Dit vereiste mag niet neerkomen op een algemene toezichtverplichting. In het kader van deze beoordeling wijzen de afwezigheid van aan een aanbieder van hostingdiensten gerichte verwijderingsbevelen en doorverwijzingen op een lage mate van blootstelling aan terroristische inhoud.
(16)  Gezien de omvang en snelheid die nodig zijn om terroristische inhoud doeltreffend te identificeren en te verwijderen, zijn evenredige specifieke maatregelen een essentieel onderdeel in de strijd tegen terroristische online-inhoud. Om terroristische inhoud op hun diensten minder toegankelijk te maken, moeten aanbieders van hostingdiensten beoordelen of het passend is specifieke maatregelen te nemen, afhankelijk van de risico's en de mate van blootstelling aan terroristische inhoud alsook van de gevolgen voor de rechten van derden en het publieke belang om kennis te nemen en te geven van informatie, met name wanneer er sprake is van een aanzienlijke mate van blootstelling aan terroristische inhoud en wanneer een aanzienlijk aantal verwijderingsbevelen is ontvangen. Bijgevolg moeten aanbieders van hostingdiensten bepalen welke passende, gerichte, doeltreffende en evenredige specifieke maatregelen moeten worden genomen. Dit vereiste mag niet neerkomen op een algemene toezichtverplichting. Deze specifieke maatregelen kunnen onder meer regelmatige verslaglegging bij de bevoegde autoriteiten en verruiming van de personele middelen op het gebied van maatregelen ter bescherming van de diensten tegen de publieke verspreiding van terroristische inhoud omvatten, alsook uitwisseling van beste praktijken. In het kader van deze beoordeling wijzen de afwezigheid van aan een aanbieder van hostingdiensten gerichte verwijderingsbevelen op een lage mate van blootstelling aan terroristische inhoud.
Amendement 20
Voorstel voor een verordening
Overweging 17
(17)  Bij het invoeren van proactieve maatregelen moeten aanbieders van hostingdiensten ervoor zorgen dat het recht van gebruikers op vrijheid van meningsuiting en van informatie - waaronder het vrij kennis nemen en geven van informatie - behouden blijft. Aanbieders van hostingdiensten moeten niet alleen alle in de wet neergelegde vereisten naleven, waaronder de wetgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens, maar ook de nodige zorgvuldigheid aan de dag leggen en waarborgen instellen, onder meer met name menselijk toezicht en menselijke verificatie, waar passend, om onbedoelde en onterechte besluiten te voorkomen die leiden tot de verwijdering van inhoud die geen terroristische inhoud is. Dit is bijzonder relevant wanneer aanbieders van hostingdiensten automatische middelen gebruiken om terroristische inhoud op te sporen. Elk besluit om automatische middelen te gebruiken, ongeacht of dit wordt genomen door de aanbieder van hostingdiensten zelf of op verzoek van de bevoegde autoriteit, moet worden beoordeeld rekening houdend met de betrouwbaarheid van de onderliggende technologie en het daaruit voortvloeiende effect op de grondrechten.
(17)  Bij het invoeren van specifieke maatregelen moeten aanbieders van hostingdiensten ervoor zorgen dat het recht van gebruikers op vrijheid van meningsuiting en hun vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving behouden blijft. Aanbieders van hostingdiensten moeten niet alleen alle in de wet neergelegde vereisten naleven, waaronder de wetgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens, maar ook de nodige zorgvuldigheid aan de dag leggen en waarborgen instellen, onder meer met name menselijk toezicht en menselijke verificatie, om onbedoelde en onterechte besluiten te voorkomen die leiden tot de verwijdering van inhoud die geen terroristische inhoud is.
Amendement 21
Voorstel voor een verordening
Overweging 18
(18)  Om ervoor te zorgen dat aanbieders van hostingdiensten die aan terroristische inhoud worden blootgesteld, passende maatregelen nemen om misbruik van hun diensten te voorkomen, moeten de bevoegde autoriteiten aanbieders van hostingdiensten die een verwijderingsbevel hebben ontvangen dat definitief is geworden, verzoeken verslag uit te brengen over de genomen proactieve maatregelen. Deze kunnen bestaan uit maatregelen om te voorkomen dat terroristische inhoud die is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt als gevolg van een verwijderingsbevel dat of een doorverwijzing die de aanbieder van hostingdiensten heeft ontvangen, opnieuw wordt geüpload, door gebruik te maken van publieke of particuliere instrumenten waarmee die inhoud kan worden vergeleken met bekende terroristische inhoud. Zij kunnen ook gebruikmaken van betrouwbare technische instrumenten om nieuwe terroristische inhoud te identificeren, hetzij op de markt beschikbare instrumenten hetzij instrumenten die de aanbieder van hostingdiensten zelf heeft ontwikkeld. De dienstverlener moet verslag uitbrengen over de specifieke proactieve maatregelen zodat de bevoegde autoriteit kan beoordelen of de maatregelen doeltreffend en evenredig zijn en of, indien automatische middelen worden gebruikt, de aanbieder van hostingdiensten over de nodige capaciteiten beschikt voor menselijk toezicht en menselijke verificatie. Bij het beoordelen van de doeltreffendheid en evenredigheid van de maatregelen moeten de bevoegde autoriteiten rekening houden met relevante parameters, waaronder het aantal aan de aanbieder gerichte verwijderingsbevelen en doorverwijzingen, zijn economische draagkracht en het effect van zijn dienst in de verspreiding van terroristische inhoud (bijvoorbeeld rekening houdend met het aantal gebruikers in de Unie).
(18)  Om ervoor te zorgen dat aanbieders van hostingdiensten die aan terroristische inhoud worden blootgesteld, passende maatregelen nemen om misbruik van hun diensten te voorkomen, moet de bevoegde autoriteit aanbieders van hostingdiensten die een aanzienlijk aantal definitieve verwijderingsbevelen hebben ontvangen, verzoeken verslag uit te brengen over de genomen specifieke maatregelen. Zij kunnen ook gebruikmaken van betrouwbare technische instrumenten om nieuwe terroristische inhoud te identificeren. De dienstverlener moet verslag uitbrengen over de specifieke maatregelen zodat de bevoegde autoriteit kan beoordelen of de maatregelen nodig, doeltreffend en evenredig zijn en of, indien automatische middelen worden gebruikt, de aanbieder van hostingdiensten over de nodige capaciteiten beschikt voor menselijk toezicht en menselijke verificatie. Bij het beoordelen van de noodzakelijkheid, doeltreffendheid en evenredigheid van de maatregelen moeten de bevoegde autoriteiten rekening houden met relevante parameters, waaronder het aantal aan de aanbieder gerichte verwijderingsbevelen, zijn omvang en economische draagkracht en het effect van zijn dienst in de verspreiding van terroristische inhoud (bijvoorbeeld rekening houdend met het aantal gebruikers in de Unie), alsook met de waarborgen die zijn vastgesteld ter bescherming van de vrijheid van meningsuiting en van informatie, en het aantal incidenten met betrekking tot beperking van legale inhoud.
Amendement 22
Voorstel voor een verordening
Overweging 19
(19)  Na het verzoek moet de bevoegde autoriteit een dialoog aangaan met de aanbieder van hostingdiensten over de nodige proactieve maatregelen die moeten worden genomen. Zo nodig moet de bevoegde autoriteit het nemen van passende, doeltreffende en evenredige proactieve maatregelen opleggen wanneer zij van oordeel is dat de genomen maatregelen niet volstaan om de risico's aan te pakken. Een besluit om dergelijke specifieke proactieve maatregelen op te leggen mag in beginsel niet leiden tot het opleggen van een algemene toezichtverplichting, zoals bepaald in artikel 15, lid 1, van Richtlijn 2000/31/EG. Gezien de bijzonder ernstige risico's die met de verspreiding van terroristische inhoud gepaard gaan, kunnen de door de bevoegde autoriteiten op grond van deze verordening genomen besluiten afwijken van de aanpak die in artikel 15, lid 1, van Richtlijn 2000/31/EG is vastgesteld, wat betreft bepaalde specifieke, gerichte maatregelen die moeten worden genomen om dwingende redenen van openbare veiligheid. Alvorens dergelijke besluiten te nemen, moet de bevoegde autoriteit een billijke afweging maken tussen de doelstellingen van openbaar belang en de betrokken grondrechten, waaronder met name de vrijheid van meningsuiting en van informatie en de vrijheid van ondernemerschap, en een passende motivering verstrekken.
(19)  Na het verzoek moet de bevoegde autoriteit een dialoog aangaan met de aanbieder van hostingdiensten over de nodige specifieke maatregelen die moeten worden genomen. Zo nodig moet de bevoegde autoriteit de aanbieder van hostingdiensten verzoeken de nodige maatregelen opnieuw te evalueren of passende, doeltreffende en evenredige specifieke maatregelen te nemen wanneer zij van oordeel is dat de genomen maatregelen in strijd zijn met het beginsel van noodzakelijkheid en het beginsel van evenredigheid of niet volstaan om de risico's aan te pakken. De bevoegde autoriteit mag alleen verzoeken om specifieke maatregelen die redelijkerwijs van de aanbieder van hostingdiensten verwacht kunnen worden, waarbij onder meer rekening wordt gehouden met de financiële en andere middelen van de aanbieder. Een verzoek om tenuitvoerlegging van dergelijke specifieke maatregelen mag niet leiden tot het opleggen van een algemene toezichtverplichting, zoals bepaald in artikel 15, lid 1, van Richtlijn 2000/31/EG.
Amendement 23
Voorstel voor een verordening
Overweging 20
(20)  De verplichting voor aanbieders van hostingdiensten om verwijderde inhoud en bijbehorende gegevens te bewaren, moet worden vastgesteld voor specifieke doeleinden en beperkt zijn in de tijd tot wat nodig is. Het vereiste van bewaring moet worden uitgebreid tot de bijbehorende gegevens, in zoverre dat die gegevens anders verloren zouden gaan als gevolg van de verwijdering van de betrokken inhoud. Bijbehorende gegevens kunnen "gegevens betreffende de abonnee" zijn, waaronder met name gegevens betreffende de identiteit van de aanbieder van inhoud, alsook "gegevens betreffende toegang", waaronder bijvoorbeeld gegevens over de datum en het tijdstip van gebruik door de aanbieder van inhoud of het aanmelden bij en uitloggen uit de dienst, samen met het IP-adres dat door de aanbieder van internettoegang aan de aanbieder van inhoud wordt toegekend.
(20)  De verplichting voor aanbieders van hostingdiensten om verwijderde inhoud en bijbehorende gegevens te bewaren, moet worden vastgesteld voor specifieke doeleinden en beperkt zijn in de tijd tot wat nodig is. Het vereiste van bewaring moet worden uitgebreid tot de bijbehorende gegevens, in zoverre dat die gegevens anders verloren zouden gaan als gevolg van de verwijdering van de betrokken inhoud. Bijbehorende gegevens kunnen "gegevens betreffende de abonnee" zijn, en met name gegevens betreffende de identiteit van de aanbieder van inhoud, alsook "gegevens betreffende toegang", waaronder bijvoorbeeld gegevens over de datum en het tijdstip van gebruik door de aanbieder van inhoud of het aanmelden bij en uitloggen uit de dienst, samen met het IP-adres dat door de aanbieder van internettoegang aan de aanbieder van inhoud wordt toegekend.
Amendement 24
Voorstel voor een verordening
Overweging 21
(21)  De verplichting tot bewaring van de inhoud met het oog op procedures van administratieve of rechterlijke toetsing is noodzakelijk en gerechtvaardigd om te garanderen dat de aanbieder van inhoud wiens inhoud is verwijderd of tot wiens inhoud de toegang onmogelijk is gemaakt, over doeltreffende rechtsmiddelen beschikt, en dat die inhoud wordt hersteld in de staat van vóór de verwijdering afhankelijk van de uitkomst van de toetsingsprocedure. De verplichting tot bewaring van inhoud met het oog op onderzoek en vervolging is gerechtvaardigd en noodzakelijk in het licht van de waarde die dit materiaal kan hebben voor het verstoren of voorkomen van terroristische activiteiten. Wanneer ondernemingen materiaal verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk maken, met name door middel van hun eigen proactieve maatregelen, en de bevoegde autoriteit niet inlichten omdat zij van mening zijn dat dit niet onder artikel 13, lid 4, van deze verordening valt, kan de rechtshandhaving geen kennis hebben van het bestaan van de inhoud. Daarom is de bewaring van inhoud ook gerechtvaardigd met het oog op het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven. Voor deze doeleinden is de vereiste bewaring van gegevens beperkt tot gegevens die waarschijnlijk verband houden met terroristische misdrijven, en kan zij derhalve bijdragen tot het vervolgen van terroristische misdrijven of tot het voorkomen van ernstige risico's voor de openbare veiligheid.
(21)  De verplichting tot bewaring van de inhoud met het oog op procedures van administratieve of rechterlijke toetsing of een voorziening in rechte is noodzakelijk en gerechtvaardigd om te garanderen dat de aanbieder van inhoud wiens inhoud is verwijderd of tot wiens inhoud de toegang onmogelijk is gemaakt, over doeltreffende rechtsmiddelen beschikt, en dat die inhoud wordt hersteld in de staat van vóór de verwijdering afhankelijk van de uitkomst van de toetsingsprocedure. De verplichting tot bewaring van inhoud met het oog op onderzoek en vervolging is gerechtvaardigd en noodzakelijk in het licht van de waarde die dit materiaal kan hebben voor het verstoren of voorkomen van terroristische activiteiten. Wanneer ondernemingen materiaal verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk maken, door middel van hun eigen specifieke maatregelen, moeten zij de bevoegde rechtshandhavingsautoriteiten daar onverwijld over inlichten. Ook de bewaring van inhoud is gerechtvaardigd met het oog op het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven. Voor deze doeleinden mogen de terroristische inhoud en de daarmee samenhangende gegevens slechts voor een bepaalde periode worden opgeslagen, zodat de rechtshandhavingsautoriteiten de inhoud kunnen controleren en kunnen beslissen of de opslag voor deze specifieke doeleinden nodig is. Deze termijn mag niet meer dan zes maanden bedragen. Voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven is de vereiste bewaring van gegevens beperkt tot gegevens die waarschijnlijk verband houden met terroristische misdrijven, en kan zij derhalve bijdragen tot het vervolgen van terroristische misdrijven of tot het voorkomen van ernstige risico's voor de openbare veiligheid.
Amendement 25
Voorstel voor een verordening
Overweging 22
(22)  Met het oog op de evenredigheid moet de bewaringstermijn worden beperkt tot zes maanden om de aanbieders van inhoud voldoende tijd te geven om het toetsingsproces in te leiden, en de rechtshandhaving toegang te bieden tot relevante gegevens voor het onderzoek naar en de vervolging van terroristische misdrijven. Deze termijn kan echter worden verlengd met de termijn die nodig is ingeval de toetsingsprocedure is ingeleid doch niet binnen de termijn van zes maanden is afgerond, en dit op verzoek van de autoriteit die de toetsing verricht. Die duur moet volstaan om de rechtshandhavingsautoriteiten in staat te stellen het nodige bewijsmateriaal in verband met het onderzoek te bewaren, terwijl het evenwicht met de betrokken grondrechten wordt gegarandeerd.
(22)  Met het oog op de evenredigheid moet de bewaringstermijn worden beperkt tot zes maanden om de aanbieders van inhoud voldoende tijd te geven om het toetsingsproces in te leiden, of de rechtshandhavingsautoriteiten toegang te bieden tot relevante gegevens voor het onderzoek naar en de vervolging van terroristische misdrijven. Deze termijn kan echter worden verlengd met de termijn die nodig is ingeval de toetsingsprocedure of voorziening in rechte is ingeleid doch niet binnen de termijn van zes maanden is afgerond, en dit op verzoek van de autoriteit die de toetsing verricht. Die duur moet tevens volstaan om de rechtshandhavingsautoriteiten in staat te stellen het nodige materiaal in verband met onderzoeken en vervolgingen te bewaren, terwijl het evenwicht met de betrokken grondrechten wordt gegarandeerd.
Amendement 26
Voorstel voor een verordening
Overweging 24
(24)  Transparantie van het beleid van aanbieders van hostingdiensten met betrekking tot terroristische inhoud is essentieel om hun verantwoordingsplicht tegenover hun gebruikers en het vertrouwen van burgers in de digitale eengemaakte markt te vergroten. Aanbieders van hostingdiensten moeten jaarlijkse transparantieverslagen publiceren met nuttige informatie over de maatregelen die zijn genomen met betrekking tot de opsporing, identificatie en verwijdering van terroristische inhoud.
(24)  Transparantie van het beleid van aanbieders van hostingdiensten met betrekking tot terroristische inhoud is essentieel om hun verantwoordingsplicht tegenover hun gebruikers en het vertrouwen van burgers in de digitale eengemaakte markt te vergroten. Alleen aanbieders van hostingdiensten die voor dat jaar verwijderingsbevelen hebben ontvangen, moeten verplicht worden om jaarlijkse transparantieverslagen te publiceren met nuttige informatie over de maatregelen die zijn genomen met betrekking tot de opsporing, identificatie en verwijdering van terroristische inhoud.
Amendement 27
Voorstel voor een verordening
Overweging 24 bis (nieuw)
(24 bis)  Ook de voor de uitvaardiging van verwijderingsbevelen bevoegde autoriteiten moeten transparantieverslagen publiceren met informatie over het aantal uitgevaardigde verwijderingsbevelen, het aantal weigeringen, het aantal gevallen waarin het aanmerken van inhoud als terroristische inhoud leidde tot onderzoek naar en vervolging van terroristische misdrijven, en het aantal gevallen waarin inhoud ten onrechte als terroristische inhoud werd aangemerkt.
Amendement 28
Voorstel voor een verordening
Overweging 25
(25)  Klachtenprocedures zijn een noodzakelijke waarborg tegen onterechte verwijdering van inhoud die op grond van de vrijheid van meningsuiting en van informatie beschermd is. Aanbieders van hostingdiensten moeten dan ook gebruiksvriendelijke klachtenmechanismen instellen en ervoor zorgen dat klachten onmiddellijk en met volledige transparantie voor de aanbieder van inhoud worden behandeld. Het vereiste dat de aanbieder van hostingdiensten de inhoud moet herstellen wanneer die ten onrechte is verwijderd, laat de mogelijkheid onverlet dat aanbieders van hostingdiensten hun eigen voorwaarden op andere gronden handhaven.
(25)  Klachtenprocedures zijn een noodzakelijke waarborg tegen onterechte verwijdering van inhoud die op grond van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving beschermd is. Aanbieders van hostingdiensten moeten dan ook gebruiksvriendelijke klachtenmechanismen instellen en ervoor zorgen dat klachten onmiddellijk en met volledige transparantie voor de aanbieder van inhoud worden behandeld. Het vereiste dat de aanbieder van hostingdiensten de inhoud moet herstellen wanneer die ten onrechte is verwijderd, laat de mogelijkheid onverlet dat aanbieders van hostingdiensten hun eigen voorwaarden op andere gronden handhaven.
Amendement 29
Voorstel voor een verordening
Overweging 26
(26)  Doeltreffende rechtsbescherming in de zin van artikel 19 VEU en artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie vereist dat personen kunnen nagaan om welke redenen de door hen geüploade inhoud is verwijderd of de toegang daartoe onmogelijk is gemaakt. Daartoe moet de aanbieder van hostingdiensten aan de aanbieder van inhoud relevante informatie beschikbaar stellen die hem in staat stelt het besluit te betwisten. Dit hoeft echter niet noodzakelijkerwijs te bestaan in een kennisgeving aan de aanbieder van inhoud. Afhankelijk van de omstandigheden kunnen aanbieders van hostingdiensten inhoud die als terroristische inhoud wordt beschouwd, vervangen door een bericht dat die inhoud overeenkomstig deze verordening is verwijderd of dat de toegang daartoe onmogelijk is gemaakt. Op verzoek moet nadere informatie worden verstrekt over de redenen en over de mogelijkheden voor de aanbieder van inhoud om het besluit te betwisten. Wanneer de bevoegde autoriteiten besluiten dat het om redenen van openbare veiligheid, waaronder in het kader van een onderzoek, niet passend of contraproductief wordt geacht om de aanbieder van inhoud rechtstreeks in kennis te stellen van de verwijdering van inhoud of van het onmogelijk maken van de toegang daartoe, moeten zij de aanbieder van hostingdiensten daarvan in kennis stellen.
(26)  Doeltreffende rechtsbescherming in de zin van artikel 19 VEU en artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie vereist dat personen kunnen nagaan om welke redenen de door hen geüploade inhoud is verwijderd of de toegang daartoe onmogelijk is gemaakt. Daartoe moet de aanbieder van hostingdiensten aan de aanbieder van inhoud relevante informatie beschikbaar stellen, zoals de redenen voor de verwijdering of het onmogelijk maken van de toegang en de rechtsgrond voor de maatregel, die hem in staat stelt het besluit te betwisten. Afhankelijk van de omstandigheden kunnen aanbieders van hostingdiensten inhoud die als terroristische inhoud wordt beschouwd, vervangen door een bericht dat die inhoud overeenkomstig deze verordening is verwijderd of dat de toegang daartoe onmogelijk is gemaakt. Wanneer de bevoegde autoriteiten besluiten dat het om redenen van openbare veiligheid, waaronder in het kader van een onderzoek, niet passend of contraproductief wordt geacht om de aanbieder van inhoud rechtstreeks in kennis te stellen van de verwijdering van inhoud of van het onmogelijk maken van de toegang daartoe, moeten zij de aanbieder van hostingdiensten daarvan in kennis stellen.
Amendement 30
Voorstel voor een verordening
Overweging 27
(27)  Om dubbel werk en mogelijke inmenging in onderzoeken te vermijden, moeten de bevoegde autoriteiten elkaar inlichten en met elkaar, en zo nodig met Europol, coördineren en samenwerken bij het uitvaardigen van verwijderingsbevelen of het zenden van doorverwijzingen aan aanbieders van hostingdiensten. Bij de uitvoering van de bepalingen van deze verordening kan Europol steun verlenen in overeenstemming met zijn huidige mandaat en het bestaande rechtskader.
(27)  Om dubbel werk en mogelijke inmenging in onderzoeken te vermijden en de kosten voor de getroffen aanbieders van hostingdiensten tot een minimum te beperken, moeten de bevoegde autoriteiten elkaar inlichten en met elkaar, en zo nodig met Europol, coördineren en samenwerken bij het uitvaardigen van verwijderingsbevelen aan aanbieders van hostingdiensten. Bij de uitvoering van de bepalingen van deze verordening kan Europol steun verlenen in overeenstemming met zijn huidige mandaat en het bestaande rechtskader.
Amendement 31
Voorstel voor een verordening
Overweging 27 bis (nieuw)
(27 bis)  Doorverwijzingen door Europol vormen een doeltreffende en snelle manier om aanbieders van hostingdiensten bewust te maken van specifieke inhoud binnen hun diensten. Dit mechanisme om aanbieders van hostingdiensten te waarschuwen voor informatie die als terroristische inhoud kan worden beschouwd, opdat de aanbieder vrijwillig nagaat of die inhoud verenigbaar is met zijn eigen voorwaarden, moet beschikbaar blijven naast de verwijderingsbevelen. Het is daarom van belang dat aanbieders van hostingdiensten samenwerken met Europol en de doorverwijzingen van Europol bij voorrang beoordelen en snel feedback geven over de genomen maatregelen. Het blijft de aanbieder van hostingdiensten die uiteindelijk besluit of hij inhoud al dan niet verwijdert omdat die niet verenigbaar is met zijn voorwaarden. Bij de uitvoering van deze verordening blijft het mandaat van Europol overeenkomstig Verordening (EU) 2016/7941 bis onverlet.
__________________
1 bis Verordening (EU) 2016/794 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) en tot vervanging en intrekking van de Besluiten 2009/371/JBZ, 2009/934/JBZ, 2009/935/JBZ, 2009/936/JBZ en 2009/968/JBZ van de Raad (PB L 135 van 24.5.2016, blz. 53).
Amendement 32
Voorstel voor een verordening
Overweging 28
(28)  Om te garanderen dat proactieve maatregelen doeltreffend en voldoende coherent worden uitgevoerd, moeten de bevoegde autoriteiten in de lidstaten met elkaar contact houden in verband met de besprekingen die zij met aanbieders van hostingdiensten voeren over de identificatie, uitvoering en beoordeling van specifieke proactieve maatregelen. Deze samenwerking is ook nodig met betrekking tot de vaststelling van regels inzake sancties, alsook de uitvoering en de handhaving van sancties.
(28)  Om te garanderen dat maatregelen doeltreffend en voldoende coherent door aanbieders van hostingdiensten worden uitgevoerd, moeten de bevoegde autoriteiten in de lidstaten met elkaar contact houden in verband met de besprekingen die zij met aanbieders van hostingdiensten voeren over verwijderingsbevelen en de identificatie, uitvoering en beoordeling van specifieke maatregelen. Deze samenwerking is nodig met betrekking tot de vaststelling van regels inzake sancties, alsook de uitvoering en de handhaving van sancties.
Amendement 33
Voorstel voor een verordening
Overweging 29
(29)  Het is essentieel dat de bevoegde autoriteit binnen de lidstaat die voor het opleggen van sancties verantwoordelijk is, volledig wordt ingelicht over de uitvaardiging van verwijderingsbevelen en de zending van doorverwijzingen en de daaropvolgende uitwisselingen tussen de aanbieder van hostingdiensten en de betrokken bevoegde autoriteit. Daartoe moeten de lidstaten voorzien in passende communicatiekanalen en -mechanismen om relevante informatie tijdig te kunnen delen.
(29)  Het is essentieel dat de bevoegde autoriteit binnen de lidstaat die voor het opleggen van sancties verantwoordelijk is, volledig wordt ingelicht over de uitvaardiging van verwijderingsbevelen en de daaropvolgende uitwisselingen tussen de aanbieder van hostingdiensten en de betrokken bevoegde autoriteiten in andere lidstaten. Daartoe moeten de lidstaten voorzien in passende en beveiligde communicatiekanalen en -mechanismen om relevante informatie tijdig te kunnen delen.
Amendement 34
Voorstel voor een verordening
Overweging 33
(33)  Zowel de aanbieders van hostingdiensten als de lidstaten moeten contactpunten aanwijzen om de snelle behandeling van verwijderingsbevelen en doorverwijzingen te faciliteren. Anders dan de wettelijke vertegenwoordiger dient het contactpunt operationele doeleinden. Het contactpunt van de aanbieder van hostingdiensten moet bestaan uit alle speciale middelen waarmee verwijderingsbevelen en doorverwijzingen elektronisch kunnen worden ingediend en uit de technische en persoonlijke middelen om die snel te kunnen verwerken. Het contactpunt voor de aanbieder van hostingdiensten hoeft niet in de Unie te zijn gevestigd en de aanbieder van hostingdiensten is vrij om een bestaand contactpunt aan te wijzen, op voorwaarde dat dit contactpunt de functies uit hoofde van deze verordening kan uitoefenen. Om te garanderen dat terroristische inhoud wordt verwijderd of de toegang daartoe onmogelijk wordt gemaakt binnen één uur na ontvangst van een verwijderingsbevel, moeten aanbieders van hostingdiensten garanderen dat het contactpunt 24 uur per dag en zeven dagen per week bereikbaar is. De informatie over het contactpunt moet onder meer aangeven in welke taal het contactpunt kan worden aangesproken. Om de communicatie tussen de aanbieders van hostingdiensten en de bevoegde autoriteiten te faciliteren, worden aanbieders van hostingdiensten aangemoedigd om communicatie mogelijk te maken in een van de officiële talen van de Unie waarin hun voorwaarden beschikbaar zijn.
(33)  Zowel de aanbieders van hostingdiensten als de lidstaten moeten contactpunten aanwijzen om de vlotte behandeling van verwijderingsbevelen te faciliteren. Anders dan de wettelijke vertegenwoordiger dient het contactpunt operationele doeleinden. Het contactpunt van de aanbieder van hostingdiensten moet bestaan uit alle speciale middelen waarmee verwijderingsbevelen elektronisch kunnen worden ingediend en uit de technische en persoonlijke middelen om die vlot te kunnen verwerken. Het contactpunt voor de aanbieder van hostingdiensten hoeft niet in de Unie te zijn gevestigd en de aanbieder van hostingdiensten is vrij om een bestaand contactpunt aan te wijzen, op voorwaarde dat dit contactpunt de functies uit hoofde van deze verordening kan uitoefenen. Om te garanderen dat terroristische inhoud wordt verwijderd of de toegang daartoe onmogelijk wordt gemaakt binnen één uur na ontvangst van een verwijderingsbevel, moeten aanbieders van hostingdiensten garanderen dat het contactpunt 24 uur per dag en zeven dagen per week bereikbaar is. De informatie over het contactpunt moet onder meer aangeven in welke taal het contactpunt kan worden aangesproken. Om de communicatie tussen de aanbieders van hostingdiensten en de bevoegde autoriteiten te faciliteren, worden aanbieders van hostingdiensten aangemoedigd om communicatie mogelijk te maken in een van de officiële talen van de Unie waarin hun voorwaarden beschikbaar zijn.
Amendement 35
Voorstel voor een verordening
Overweging 34
(34)  Aangezien er geen algemene verplichting geldt voor dienstverleners om een fysieke aanwezigheid op het grondgebied van de Unie te garanderen, moet duidelijkheid worden verschaft over de vraag welke lidstaat rechtsmacht heeft voor de aanbieder van hostingdiensten die diensten in de Unie verricht. Als algemene regel geldt dat de aanbieder van hostingdiensten onder de rechtsmacht valt van de lidstaat waar zijn hoofdvestiging zich bevindt of waar hij een wettelijke vertegenwoordiger heeft aangewezen. Wanneer een andere lidstaat een verwijderingsbevel uitvaardigt, moeten zijn autoriteiten niettemin hun bevelen kunnen handhaven door middel van dwangmaatregelen van niet-bestraffende aard, zoals dwangsommen. Ten aanzien van een aanbieder van hostingdiensten die geen vestiging in de Unie heeft en geen wettelijke vertegenwoordiger aanwijst, moet elke lidstaat niettemin sancties kunnen opleggen, mits het ne bis in idem-beginsel wordt geëerbiedigd.
(34)  Aangezien er geen algemene verplichting geldt voor dienstverleners om een fysieke aanwezigheid op het grondgebied van de Unie te garanderen, moet duidelijkheid worden verschaft over de vraag welke lidstaat rechtsmacht heeft voor de aanbieder van hostingdiensten die diensten in de Unie verricht. Als algemene regel geldt dat de aanbieder van hostingdiensten onder de rechtsmacht valt van de lidstaat waar zijn hoofdvestiging zich bevindt of waar hij een wettelijke vertegenwoordiger heeft aangewezen. Ten aanzien van een aanbieder van hostingdiensten die geen vestiging in de Unie heeft en geen wettelijke vertegenwoordiger aanwijst, moet elke lidstaat niettemin sancties kunnen opleggen, mits het ne bis in idem-beginsel wordt geëerbiedigd.
Amendement 36
Voorstel voor een verordening
Overweging 35
(35)  Aanbieders van hostingdiensten die niet in de Unie zijn gevestigd, moeten schriftelijk een wettelijke vertegenwoordiger aanwijzen om de naleving en handhaving van de verplichtingen uit hoofde van deze verordening te garanderen.
(35)  Aanbieders van hostingdiensten die niet in de Unie zijn gevestigd, moeten schriftelijk een wettelijke vertegenwoordiger aanwijzen om de naleving en handhaving van de verplichtingen uit hoofde van deze verordening te garanderen. Aanbieders van hostingdiensten kunnen gebruikmaken van een bestaande wettelijke vertegenwoordiger, op voorwaarde dat deze vertegenwoordiger in staat is om de taken zoals vastgelegd in deze verordening uit te oefenen.
Amendement 37
Voorstel voor een verordening
Overweging 37
(37)  Voor de toepassing van deze verordening moeten de lidstaten bevoegde autoriteiten aanwijzen. De aanwijzing van bevoegde autoriteiten vereist niet noodzakelijkerwijs de oprichting van nieuwe autoriteiten: bestaande instanties kunnen met de in deze verordening vastgestelde functies worden belast. Deze verordening verplicht tot aanwijzing van autoriteiten die bevoegd zijn voor het uitvaardigen van verwijderingsbevelen, het zenden van doorverwijzingen, het toezicht houden op proactieve maatregelen en het opleggen van sancties. Het is aan de lidstaten om te bepalen hoeveel autoriteiten zij voor deze taken wensen aan te wijzen.
(37)  Voor de toepassing van deze verordening moeten de lidstaten één rechterlijke of functioneel onafhankelijke administratieve instantie aanwijzen. Dit betekent echter niet dat er een nieuwe autoriteit dient te worden opgericht: een bestaande instantie kan met de in deze verordening vastgestelde functies worden belast. Deze verordening verplicht tot aanwijzing van een autoriteit die bevoegd is voor het uitvaardigen van verwijderingsbevelen, het toezicht houden op specifieke maatregelen en het opleggen van sancties. De lidstaten moeten de Commissie in kennis stellen van de uit hoofde van deze verordening aangewezen bevoegde autoriteit, zodat de Commissie online een overzicht van de bevoegde autoriteiten per lidstaat kan publiceren. Het onlineregister moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat de authenticiteit van verwijderingsbevelen snel door de aanbieders van hostingdiensten kan worden nagegaan.
Amendement 38
Voorstel voor een verordening
Overweging 38
(38)  Sancties zijn noodzakelijk om te garanderen dat aanbieders van hostingdiensten de verplichtingen uit hoofde van deze verordening daadwerkelijk uitvoeren. De lidstaten moeten regels inzake sancties vaststellen, waar passend met inbegrip van richtsnoeren voor het opleggen van geldboeten. Met name moeten ernstige sancties worden vastgesteld ingeval de aanbieder van hostingdiensten systematisch verzuimt terroristische inhoud te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken binnen één uur na ontvangst van een verwijderingsbevel. Een dergelijke niet-naleving in individuele gevallen kan worden bestraft met eerbiediging van het ne bis in idem-beginsel en het evenredigheidsbeginsel, waarbij in de sancties rekening wordt gehouden met systematisch verzuim. Met het oog op de rechtszekerheid moet in de verordening worden bepaald in hoeverre aan de betrokken verplichtingen sancties kunnen worden verbonden. Sancties in geval van niet-naleving van artikel 6 mogen alleen worden toegepast met betrekking tot verplichtingen die voortvloeien uit een verzoek verslag uit te brengen krachtens artikel 6, lid 2, of een besluit tot het opleggen van aanvullende proactieve maatregelen krachtens artikel 6, lid 4. Bij het bepalen of er al dan niet financiële sancties moeten worden opgelegd, moet naar behoren rekening worden gehouden met de financiële draagkracht van de aanbieder. De lidstaten zorgen ervoor dat sancties niet aanmoedigen dat inhoud wordt verwijderd die geen terroristische inhoud is.
(38)  Sancties zijn noodzakelijk om te garanderen dat aanbieders van hostingdiensten de verplichtingen uit hoofde van deze verordening daadwerkelijk uitvoeren. De lidstaten moeten regels inzake sancties vaststellen, waar passend met inbegrip van richtsnoeren voor het opleggen van geldboeten. Er moeten sancties worden vastgesteld ingeval de aanbieders van hostingdiensten systematisch en herhaald verzuimen hun verplichtingen uit hoofde van deze verordening na te komen. Sancties in geval van niet-naleving van artikel 6 mogen alleen worden toegepast met betrekking tot verplichtingen die voortvloeien uit een verzoek tot tenuitvoerlegging van aanvullende specifieke maatregelen krachtens artikel 6, lid 4. Bij het bepalen of er al dan niet financiële sancties moeten worden opgelegd, moet naar behoren rekening worden gehouden met de financiële draagkracht van de aanbieder. Bovendien moet de bevoegde autoriteit rekening houden met de vraag of de aanbieder van hostingdiensten een startende of een kleine of middelgrote onderneming is en per geval bepalen of de aanbieder in staat was om het uitgevaardigde bevel op adequate wijze na te leven. De lidstaten moeten ervoor zorgen dat sancties niet aanmoedigen dat inhoud wordt verwijderd die geen terroristische inhoud is.
Amendement 39
Voorstel voor een verordening
Overweging 41
(41)  De lidstaten moeten informatie verzamelen over de uitvoering van de wetgeving. Er moet een gedetailleerd programma voor de monitoring van de outputs, resultaten en effecten van deze verordening worden vastgesteld, zodat die in een evaluatie van de wetgeving kunnen worden meegenomen.
(41)  De lidstaten moeten informatie verzamelen over de uitvoering van de wetgeving, met inbegrip van informatie over het aantal gevallen waarin terroristische misdrijven uit hoofde van deze verordening met succes zijn opgespoord, onderzocht en vervolgd. Er moet een gedetailleerd programma voor de monitoring van de outputs, resultaten en effecten van deze verordening worden vastgesteld, zodat die in een evaluatie van de wetgeving kunnen worden meegenomen.
Amendement 40
Voorstel voor een verordening
Overweging 42
(42)  Op basis van de bevindingen en conclusies in het uitvoeringsverslag en de uitkomst van de monitoringexercitie moet de Commissie ten vroegste drie jaar na de inwerkingtreding van deze verordening een evaluatie ervan uitvoeren. De evaluatie moet gebaseerd zijn op de volgende vijf criteria: doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de EU. De werking van de verschillende operationele en technische maatregelen waarin de verordening voorziet, waaronder de doeltreffendheid van de maatregelen om de opsporing, identificatie en verwijdering van terroristische inhoud te verbeteren, de doeltreffendheid van de waarborgmechanismen alsook de gevolgen voor mogelijk getroffen rechten en belangen van derden, moet worden beoordeeld, waarbij ook een evaluatie moet plaatsvinden van de verplichting de aanbieders van inhoud te informeren.
(42)  Op basis van de bevindingen en conclusies in het uitvoeringsverslag en de uitkomst van de monitoringexercitie moet de Commissie één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening een evaluatie ervan uitvoeren. De evaluatie moet gebaseerd zijn op de volgende zeven criteria: doelmatigheid, noodzakelijkheid, evenredigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde voor de EU. De werking van de verschillende operationele en technische maatregelen waarin de verordening voorziet, waaronder de doeltreffendheid van de maatregelen om de opsporing, identificatie en verwijdering van terroristische inhoud te verbeteren, de doeltreffendheid van de waarborgmechanismen alsook de gevolgen voor mogelijk getroffen grondrechten, met inbegrip van de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie, het recht op vrijheid en pluriformiteit van de media, de vrijheid van ondernemerschap, het recht op privacy en het recht op bescherming van persoonsgegevens, moeten worden beoordeeld. Bovendien moet de Commissie de gevolgen voor mogelijk getroffen belangen van derden beoordelen, waarbij ook een evaluatie moet plaatsvinden van de verplichting de aanbieders van inhoud te informeren.
Amendement 41
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 1 – inleidende formule
1.  Deze verordening stelt uniforme regels vast om te voorkomen dat hostingdiensten worden misbruikt voor de verspreiding van terroristische online-inhoud. Zij stelt met name het volgende vast:
1.  Deze verordening stelt gerichte uniforme regels vast om misbruik van hostingdiensten voor de publieke verspreiding van terroristische online-inhoud aan te pakken. Zij stelt met name het volgende vast:
Amendement 42
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 1 – letter a
a)  regels inzake zorgplichten die door aanbieders van hostingdiensten moeten worden nagekomen om de verspreiding van terroristische inhoud via hun diensten te voorkomen en, zo nodig, de snelle verwijdering van dergelijke inhoud te garanderen;
a)  regels inzake redelijke en evenredige zorgplichten die door aanbieders van hostingdiensten moeten worden nagekomen om de publieke verspreiding van terroristische inhoud via hun diensten aan te pakken en, zo nodig, de snelle verwijdering van dergelijke inhoud te garanderen;
Amendement 43
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 1 – letter b
b)  een reeks maatregelen die de lidstaten moeten invoeren om terroristische inhoud te identificeren, de snelle verwijdering ervan door aanbieders van hostingdiensten mogelijk te maken en de samenwerking met de bevoegde autoriteiten in andere lidstaten, aanbieders van hostingdiensten en, in voorkomend geval, betrokken organen van de Unie te faciliteren.
b)  een reeks maatregelen die de lidstaten moeten invoeren om terroristische inhoud te identificeren, de snelle verwijdering ervan door aanbieders van hostingdiensten overeenkomstig het recht van de Unie mogelijk te maken door passende waarborgen te bieden voor de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving, en de samenwerking met de bevoegde autoriteiten in andere lidstaten, aanbieders van hostingdiensten en, in voorkomend geval, betrokken organen van de Unie te faciliteren.
Amendement 44
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 2
2.  Deze verordening is van toepassing op aanbieders van hostingdiensten die diensten aanbieden in de Unie, ongeacht de plaats van hun hoofdvestiging.
2.  Deze verordening is van toepassing op aanbieders van hostingdiensten die in de Unie diensten aanbieden aan het publiek, ongeacht de plaats van hun hoofdvestiging.
Amendement 45
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 2 bis (nieuw)
2 bis.  Deze verordening is niet van toepassing op inhoud die voor educatieve, artistieke, journalistieke of onderzoeksdoeleinden of in het kader van voorlichtingsactiviteiten op het gebied van de bestrijding van terroristische activiteiten wordt verspreid, noch op inhoud die verband houdt met de uiting van polemische of controversiële standpunten in het publieke debat.
Amendement 46
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 2 ter (nieuw)
2 ter.  Deze verordening heeft niet tot gevolg dat de verplichting tot eerbiediging van de uit artikel 6 van het Verdrag betreffende de Europese Unie voortvloeiende rechten, vrijheden en beginselen wordt gewijzigd en laat de fundamentele beginselen van de Unie- en nationale wetgeving op het gebied van de vrijheid van meningsuiting, persvrijheid en de vrijheid en het pluralisme van de media onverlet.
Amendement 47
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 2 quater (nieuw)
2 quater.  Deze verordening laat Richtlijn 2000/31/EG onverlet.
Amendement 48
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt -1 (nieuw)
-1)  "diensten van de informatiemaatschappij": diensten als bedoeld in artikel 2, onder a), van Richtlijn 2000/31/EG;
Amendement 49
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 1
1)  "aanbieder van hostingdiensten": een aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij die eruit bestaan door een aanbieder van inhoud verstrekte informatie op verzoek van die aanbieder van inhoud op te slaan en de opgeslagen informatie aan derden beschikbaar te stellen;
1)  "aanbieder van hostingdiensten": een aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij die erin bestaan door een aanbieder van inhoud verstrekte informatie op verzoek van die aanbieder van inhoud op te slaan en de opgeslagen informatie aan het publiek beschikbaar te stellen. Dit geldt uitsluitend voor diensten die op toepassingsniveau aan het publiek worden aangeboden. Aanbieders van cloudinfrastructuur en -diensten worden niet als aanbieders van hostingdiensten beschouwd. Dit is tevens niet van toepassing op elektronische communicatiediensten als omschreven in Richtlijn (EU) 2018/1972;
Amendement 50
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 2
2)  "aanbieder van inhoud": een gebruiker die informatie heeft verstrekt die in zijn opdracht wordt of was opgeslagen door een aanbieder van hostingdiensten;
2)  "aanbieder van inhoud": een gebruiker die informatie heeft verstrekt die in zijn opdracht wordt of was opgeslagen door een aanbieder van hostingdiensten of door deze aanbieder van hostingdiensten aan het publiek beschikbaar is gesteld;
Amendement 51
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 4
4)  "terroristische misdrijven": strafbare feiten als omschreven in artikel 3, lid 1, van Richtlijn (EU) 2017/541;
Schrappen
Amendement 52
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 5 – inleidende formule
5)  "terroristische inhoud": informatie die aan een of meer van de volgende voorwaarden voldoet:
5)  "terroristische inhoud": materiaal dat aan een of meer van de volgende voorwaarden voldoet:
Amendement 53
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 5 – letter a
a)  het aanzetten tot of het verdedigen van het plegen van terroristische misdrijven, onder meer door ze te verheerlijken, waardoor het gevaar ontstaat dat dergelijke daden worden gepleegd;
a)  het aanzetten tot het plegen van een van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde misdrijven, wanneer dergelijk gedrag direct of indirect, bijvoorbeeld door terroristische daden te verheerlijken, het plegen van terroristische misdrijven verdedigt, waardoor het gevaar ontstaat dat opzettelijk een of meer van deze misdrijven worden gepleegd;
Amendement 54
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 5 – letter b
b)  het aanmoedigen van het bijdragen aan terroristische misdrijven;
b)  het aansporen van een andere persoon of een groep personen om een van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde misdrijven te plegen of daaraan een bijdrage te leveren, waardoor het gevaar ontstaat dat opzettelijk een of meer van deze misdrijven worden gepleegd;
Amendement 55
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 5 – letter c
c)  het bevorderen van de activiteiten van een terroristische groepering, met name door aanmoediging van het deelnemen aan of het ondersteunen van een terroristische groepering in de zin van artikel 2, lid 3, van Richtlijn (EU) 2017/541;
c)  het aansporen van een andere persoon of een groep personen om deel te nemen aan de activiteiten van een terroristische groepering, onder meer door het verstrekken van gegevens of materiële middelen aan de groepering of het in enigerlei vorm financieren van de activiteiten van de groepering in de zin van artikel 4 van Richtlijn (EU) 2017/541, waardoor het gevaar ontstaat dat opzettelijk een of meer van deze misdrijven worden gepleegd;
Amendement 56
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 5 – letter d
d)  het instrueren over methoden of technieken voor het plegen van terroristische misdrijven;
d)  het geven van instructies voor het vervaardigen of gebruiken van explosieven, vuurwapens of andere wapens of schadelijke of gevaarlijke stoffen, of voor andere specifieke methoden of technieken, met als doel het plegen van of het bijdragen aan het plegen van een van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde terroristische misdrijven;
Amendement 57
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 5 – letter d bis (nieuw)
d bis)  het tonen van het plegen van een of meer van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde misdrijven, waardoor het gevaar ontstaat dat opzettelijk een of meer van deze misdrijven worden gepleegd;
Amendement 58
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 6
6)  "verspreiding van terroristische inhoud": het aan derden beschikbaar stellen van terroristische inhoud op de diensten van aanbieders van hostingdiensten;
6)  "verspreiding van terroristische inhoud": het aan het publiek beschikbaar stellen van terroristische inhoud op de diensten van aanbieders van hostingdiensten;
Amendement 59
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 8
8)  "doorverwijzing": een melding door een bevoegde autoriteit of, in voorkomend geval, een bevoegd orgaan van de Unie aan een aanbieder van hostingdiensten van informatie die als terroristische inhoud kan worden beschouwd, opdat de aanbieder vrijwillig nagaat of die informatie verenigbaar is met zijn eigen voorwaarden ter voorkoming van de verspreiding van terroristische inhoud;
Schrappen
Amendement 60
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 9 bis (nieuw)
9 bis)  "bevoegde autoriteit": één aangewezen rechterlijke instantie of functioneel onafhankelijke administratieve instantie in de lidstaat;
Amendement 61
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 1
1.  Aanbieders van hostingdiensten treffen passende, redelijke en evenredige maatregelen in overeenstemming met deze verordening, tegen de verspreiding van terroristische inhoud en ter bescherming van gebruikers tegen terroristische inhoud. Daarbij handelen zij op zorgvuldige, evenredige en niet-discriminerende wijze en met inachtneming van de grondrechten van de gebruikers, en houden zij rekening met het fundamentele belang van de vrijheid van meningsuiting en van informatie in een open en democratische samenleving.
1.  Aanbieders van hostingdiensten handelen overeenkomstig deze verordening om gebruikers tegen terroristische inhoud te beschermen. Dit doen zij te allen tijde op zorgvuldige, evenredige en niet-discriminerende wijze en met inachtneming van de grondrechten van de gebruikers, waarbij zij rekening houden met het fundamentele belang van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving, teneinde te voorkomen dat inhoud wordt verwijderd die geen terroristische inhoud is.
Amendement 62
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 1 bis (nieuw)
1 bis.  Deze zorgplichten komen niet neer op een algemene verplichting voor aanbieders van hostingdiensten om toezicht te houden op de informatie die zij doorgeven of opslaan, noch op een algemene plicht om actief op zoek te gaan naar feiten of zaken die wijzen op illegale activiteiten.
Amendement 63
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 2
2.  Aanbieders van hostingdiensten nemen in hun voorwaarden bepalingen op ter voorkoming van de verspreiding van terroristische inhoud en passen die bepalingen toe.
Schrappen
Amendement 64
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 2 bis (nieuw)
2 bis.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten zich bewust worden of kennis krijgen van terroristische inhoud binnen hun diensten, stellen zij de bevoegde autoriteiten daarvan op de hoogte en verwijderen zij deze inhoud onverwijld.
Amendement 65
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 2 ter (nieuw)
2 ter.  De aanbieders van hostingdiensten die voldoen aan de criteria van aanbieders van videoplatforms in de zin van Richtlijn (EU) 2018/1808 nemen gepaste maatregelen om de verspreiding van terroristische inhoud aan te pakken overeenkomstig artikel 28 ter, lid 1, onder c), en lid 3, van deze richtlijn.
Amendement 66
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 1
1.  De bevoegde autoriteit heeft de bevoegdheid om een besluit uit te vaardigen op grond waarvan de aanbieder van hostingdiensten terroristische inhoud moet verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk moet maken.
1.  De bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de aanbieder van hostingdiensten zijn hoofdvestiging heeft, heeft de bevoegdheid om een verwijderingsbevel uit te vaardigen op grond waarvan de aanbieder van hostingdiensten terroristische inhoud moet verwijderen of de toegang daartoe in alle lidstaten onmogelijk moet maken.
Amendement 67
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 1 bis (nieuw)
1 bis.  De bevoegde autoriteit van een lidstaat waar de aanbieder van hostingdiensten niet zijn hoofdvestiging heeft of geen wettelijke vertegenwoordiger heeft, kan verzoeken dat de toegang tot terroristische inhoud onmogelijk wordt gemaakt en kan de inwilliging van dergelijke verzoeken op haar grondgebied afdwingen.
Amendement 68
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 1 ter (nieuw)
1 ter.  Indien de betrokken bevoegde autoriteit aan een bepaalde aanbieder van hostingdiensten nog niet eerder een verwijderingsbevel heeft uitgevaardigd, neemt zij ten minste twaalf uur voor de uitvaardiging van het bevel contact op met de desbetreffende aanbieder en verstrekt zij informatie over de procedures en toepasselijke termijnen.
Amendement 69
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2
2.  Aanbieders van hostingdiensten verwijderen terroristische inhoud of maken de toegang daartoe onmogelijk binnen één uur na ontvangst van het verwijderingsbevel.
2.  Aanbieders van hostingdiensten verwijderen terroristische inhoud of maken de toegang daartoe onmogelijk. Dit doen zij zo spoedig mogelijk, maar altijd binnen één uur na ontvangst van het verwijderingsbevel.
Amendement 70
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 3 – letter a
a)  de identificatie van de bevoegde autoriteit die het verwijderingsbevel uitvaardigt en de authenticatie van het verwijderingsbevel door de bevoegde autoriteit;
a)  de identificatie, door middel van een elektronische handtekening, van de bevoegde autoriteit die het verwijderingsbevel uitvaardigt en de authenticatie van het verwijderingsbevel door de bevoegde autoriteit;
Amendement 71
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 3 – letter b
b)  een motivering waarom de inhoud als terroristische inhoud wordt beschouwd, ten minste met verwijzing naar de in artikel 2, lid 5, vermelde categorieën van terroristische inhoud;
b)  een gedetailleerde motivering waarom de inhoud als terroristische inhoud wordt beschouwd en een specifieke verwijzing naar de in artikel 2, lid 5, vermelde categorieën van terroristische inhoud;
Amendement 72
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 3 – letter c
c)  een Uniform Resource Locator (URL-adres) en, zo nodig, aanvullende informatie om de bedoelde inhoud te kunnen identificeren;
c)  een precies URL-adres en, zo nodig, aanvullende informatie om de bedoelde inhoud te kunnen identificeren;
Amendement 73
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 3 – letter f
f)  informatie over de rechtsmiddelen waarover de aanbieder van hostingdiensten en de aanbieder van inhoud beschikken;
f)  eenvoudig te begrijpen informatie over de rechtsmiddelen waarover de aanbieder van hostingdiensten en de aanbieder van inhoud beschikken, met inbegrip van rechtsmiddelen bij de bevoegde autoriteit en een beroepsprocedure bij de rechtbank, alsook over de termijnen voor het instellen van een hogere voorziening;
Amendement 74
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 3 – letter g
g)  in voorkomend geval, het besluit om geen informatie openbaar te maken over de verwijdering van terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe, als bedoeld in artikel 11.
g)  indien noodzakelijk en evenredig, het besluit om geen informatie openbaar te maken over de verwijdering van terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe, als bedoeld in artikel 11.
Amendement 75
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 4
4.  Op verzoek van de aanbieder van hostingdiensten of de aanbieder van inhoud verstrekt de bevoegde autoriteit een gedetailleerde motivering, onverminderd de verplichting van de aanbieder van hostingdiensten om het verwijderingsbevel binnen de in lid 2 vastgestelde termijn na te leven.
Schrappen
Amendement 76
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 5
5.  De bevoegde autoriteiten zenden verwijderingsbevelen aan de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten of aan de wettelijke vertegenwoordiger die door de aanbieder van hostingdiensten krachtens artikel 16 is aangewezen, en geven ze door aan het in artikel 14, lid 1, bedoelde contactpunt. Deze bevelen worden gezonden met elektronische middelen die een schriftelijk bewijs kunnen genereren op zodanige wijze dat authenticatie van de afzender mogelijk wordt, met inbegrip van de juistheid van de datum en het tijdstip van verzending en ontvangst van het bevel.
5.  De bevoegde autoriteit zendt verwijderingsbevelen aan de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten of aan de wettelijke vertegenwoordiger die door de aanbieder van hostingdiensten krachtens artikel 16 is aangewezen, en geeft ze door aan het in artikel 14, lid 1, bedoelde contactpunt. Deze bevelen worden gezonden met elektronische middelen die een schriftelijk bewijs kunnen genereren op zodanige wijze dat authenticatie van de afzender mogelijk wordt, met inbegrip van de juistheid van de datum en het tijdstip van verzending en ontvangst van het bevel.
Amendement 77
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 6
6.  Aanbieders van hostingdiensten bevestigen de ontvangst en stellen de bevoegde autoriteit zonder onnodige vertraging in kennis van de verwijdering van de terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe, met vermelding van met name het tijdstip van actie, aan de hand van het model in bijlage II.
6.  Aanbieders van hostingdiensten stellen de bevoegde autoriteit zonder onnodige vertraging in kennis van de verwijdering van de terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe, met vermelding van met name het tijdstip van actie, aan de hand van het model in bijlage II.
Amendement 78
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 7
7.  Als de aanbieder van hostingdiensten het verwijderingsbevel niet kan naleven vanwege overmacht of feitelijke onmogelijkheid die hem niet kan worden toegerekend, stelt hij de bevoegde instantie zonder onnodige vertraging daarvan in kennis, met opgave van de redenen, aan de hand van het model in bijlage III. De in lid 2 vastgestelde termijn is van toepassing zodra de aangevoerde redenen niet langer bestaan.
7.  Als de aanbieder van hostingdiensten het verwijderingsbevel niet kan naleven vanwege overmacht of feitelijke onmogelijkheid die hem onder meer om technische of operationele redenen niet kan worden toegerekend, stelt hij de bevoegde instantie zonder onnodige vertraging daarvan in kennis, met opgave van de redenen, aan de hand van het model in bijlage III. De in lid 2 vastgestelde termijn is van toepassing zodra de aangevoerde redenen niet langer bestaan.
Amendement 79
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 8
8.  Als de aanbieder van hostingdiensten het verwijderingsbevel niet kan naleven omdat het kennelijke fouten bevat of niet voldoende informatie bevat om het uit te voeren, stelt hij de bevoegde autoriteit zonder onnodige vertraging daarvan in kennis en vraagt hij de nodige verduidelijking aan de hand van het model in bijlage III. De in lid 2 vastgestelde termijn is van toepassing zodra de verduidelijking is verstrekt.
8.  De aanbieder van hostingdiensten kan weigeren het verwijderingsbevel uit te voeren indien dit kennelijke fouten of niet voldoende informatie bevat. Hij stelt de bevoegde autoriteit daar zonder onnodige vertraging van in kennis en vraagt de nodige verduidelijking aan de hand van het model in bijlage III. De in lid 2 vastgestelde termijn is van toepassing zodra de verduidelijking is verstrekt.
Amendement 80
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 9
9.  De bevoegde autoriteit die het verwijderingsbevel heeft uitgevaardigd, stelt de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit die toeziet op de uitvoering van proactieve maatregelen, in kennis wanneer het verwijderingsbevel definitief wordt. Een verwijderingsbevel wordt definitief wanneer niet binnen de overeenkomstig het toepasselijke nationale recht vastgestelde termijn een hogere voorziening is ingesteld of wanneer het na een hogere voorziening is bevestigd.
9.  De bevoegde autoriteit die het verwijderingsbevel heeft uitgevaardigd, stelt de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit die toeziet op de uitvoering van specifieke maatregelen, in kennis wanneer het verwijderingsbevel definitief wordt. Een verwijderingsbevel wordt definitief wanneer niet binnen de overeenkomstig het toepasselijke nationale recht vastgestelde termijn een hogere voorziening is ingesteld of wanneer het na een hogere voorziening is bevestigd.
Amendement 81
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 bis (nieuw)
Artikel 4 bis
Overlegprocedure voor verwijderingsbevelen
1.  De bevoegde autoriteit die uit hoofde van artikel 4, lid 1 bis, een verwijderingsbevel uitvaardigt, zendt een kopie van het verwijderingsbevel naar de in artikel 17, lid 1, onder a), bedoelde bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten zich bevindt, op hetzelfde moment dat het verwijderingsbevel overeenkomstig artikel 5, lid 4, naar de aanbieder van hostingdiensten wordt gezonden.
2.  In gevallen waarin de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de aanbieder van hostingdiensten zijn hoofdvestiging heeft, redelijke gronden heeft om aan te nemen dat het verwijderingsbevel gevolgen kan hebben voor fundamentele belangen van die lidstaat, stelt zij de uitvaardigende bevoegde autoriteit daarvan in kennis. De uitvaardigende autoriteit neemt deze omstandigheden in aanmerking en trekt het verwijderingsbevel in of past het aan, indien noodzakelijk.
Amendement 82
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 ter (nieuw)
Artikel 4 ter
Samenwerkingsprocedure voor de uitvaardiging van een aanvullend verwijderingsbevel
1.  Wanneer een bevoegde autoriteit op grond van artikel 4, lid 1 bis, een verwijderingsbevel heeft uitgevaardigd, kan die autoriteit contact opnemen met de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de aanbieder van hostingdiensten zijn hoofdvestiging heeft, om de laatstgenoemde bevoegde autoriteit te verzoeken ook een verwijderingsbevel uit te vaardigen op grond van artikel 4, lid 1.
2.  De bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten zich bevindt, vaardigt een verwijderingsbevel uit of weigert dit zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk één uur nadat zij op grond van lid 1 is benaderd, te doen, en stelt de bevoegde autoriteit die het eerste bevel heeft uitgevaardigd in kennis van haar besluit.
3.  Indien de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de hoofdvestiging zich bevindt, meer dan één uur nodig heeft om zelf de inhoud te beoordelen, verzoekt zij de betrokken aanbieder van hostingdiensten de toegang tot de inhoud tijdelijk, maar ten hoogste voor 24 uur, onmogelijk te maken. Gedurende deze periode voert de bevoegde autoriteit haar beoordeling uit en vaardigt zij een verwijderingsbevel uit of trekt zij haar verzoek tot het onmogelijk maken van de toegang in.
Amendement 83
Voorstel voor een verordening
Artikel 5
Artikel 5
Schrappen
Doorverwijzingen
1.  De bevoegde autoriteit of het betrokken orgaan van de Unie kan een doorverwijzing zenden aan een aanbieder van hostingdiensten.
2.  Aanbieders van hostingdiensten voorzien in operationele en technische maatregelen ter facilitering van de snelle beoordeling van inhoud die door bevoegde autoriteiten en, in voorkomend geval, betrokken organen van de Unie is gezonden met het oog op vrijwillige toetsing.
3.  De doorverwijzing wordt gezonden aan de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten of aan de wettelijke vertegenwoordiger die door de aanbieder van hostingdiensten krachtens artikel 16 is aangewezen, en doorgegeven aan het in artikel 14, lid 1, bedoelde contactpunt. Deze doorverwijzingen worden gezonden met elektronische middelen.
4.  De doorverwijzing bevat voldoende gedetailleerde informatie, met inbegrip van de redenen waarom de inhoud als terroristische inhoud wordt beschouwd, een URL-adres en, zo nodig, aanvullende informatie om de bedoelde terroristische inhoud te kunnen identificeren.
5.  De aanbieder van hostingdiensten toetst bij voorrang de in de doorverwijzing geïdentificeerde inhoud aan zijn eigen voorwaarden en besluit of hij die inhoud verwijdert dan wel de toegang daartoe onmogelijk maakt.
6.  De aanbieder van hostingdiensten stelt de bevoegde autoriteit of het betrokken orgaan van de Unie snel in kennis van de uitkomst van de toetsing en van het tijdschema van de maatregelen die naar aanleiding van de doorverwijzing zijn genomen.
7.  Wanneer de aanbieder van hostingdiensten van oordeel is dat de doorverwijzing onvoldoende informatie bevat om de bedoelde inhoud te toetsen, stelt hij de bevoegde autoriteiten of het betrokken orgaan van de Unie onverwijld daarvan in kennis, met vermelding van de nadere informatie of verduidelijking die hij nodig heeft.
Amendement 84
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – titel
Proactieve maatregelen
Specifieke maatregelen
Amendement 85
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 1
1.  Aanbieders van hostingdiensten nemen, waar passend, proactieve maatregelen om hun diensten te beschermen tegen de verspreiding van terroristische inhoud. De maatregelen zijn doeltreffend en evenredig, rekening houdend met het risico en de mate van blootstelling aan terroristische inhoud, de grondrechten van de gebruikers en het fundamentele belang van de vrijheid van meningsuiting en van informatie in een open en democratische samenleving.
1.  Onverminderd Richtlijn (EU) 2018/1808 en Richtlijn 2000/31/EG kunnen aanbieders van hostingdiensten specifieke maatregelen nemen om hun diensten te beschermen tegen de verspreiding van terroristische inhoud onder het publiek. De maatregelen zijn doeltreffend, gericht en evenredig, met bijzondere inachtneming van het risico en de mate van blootstelling aan terroristische inhoud, de grondrechten van de gebruikers en het fundamentele belang van het recht op vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving.
Amendement 86
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 2 – alinea 1
In geval van een kennisgeving overeenkomstig artikel 4, lid 9, verzoekt de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit de aanbieder van hostingdiensten om binnen drie maanden na ontvangst van het verzoek en vervolgens ten minste eenmaal per jaar een verslag in te dienen over de specifieke proactieve maatregelen die hij heeft genomen, onder meer met behulp van automatische instrumenten, teneinde:
Schrappen
a)  te voorkomen dat inhoud die eerder is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt omdat hij als terroristische inhoud wordt beschouwd, opnieuw wordt geüpload;
b)  terroristische inhoud op te sporen, te identificeren en snel te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken.
Een dergelijk verzoek wordt gezonden aan de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten of aan de door hem aangewezen wettelijke vertegenwoordiger.
De verslagen bevatten alle relevante informatie aan de hand waarvan de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit kan beoordelen of de proactieve maatregelen doeltreffend en evenredig zijn, met inbegrip van een evaluatie van de werking van alle gebruikte automatische instrumenten en van de ingezette mechanismen voor menselijk toezicht en menselijke verificatie.
Amendement 87
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 3
3.  Wanneer de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit van oordeel is dat de genomen proactieve maatregelen waarover overeenkomstig lid 2 verslag is uitgebracht, niet volstaan om het risico en de mate van blootstelling te beperken en te beheersen, kan zij de aanbieder van hostingdiensten verzoeken specifieke aanvullende proactieve maatregelen te nemen. Daartoe werkt de aanbieder van hostingdiensten met de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit samen om de door hem te nemen specifieke maatregelen te bepalen en de belangrijkste doelstellingen en benchmarks alsook de termijnen voor de uitvoering daarvan vast te stellen.
Schrappen
Amendement 88
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 4
4.  Indien binnen drie maanden na de indiening van het verzoek krachtens lid 3 geen overeenstemming kan worden bereikt, kan de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit een besluit uitvaardigen waarbij specifieke aanvullende nodige en evenredige proactieve maatregelen worden opgelegd. In het besluit wordt met name rekening gehouden met de economische draagkracht van de aanbieder van hostingdiensten en met het effect van die maatregelen op de grondrechten van de gebruikers en het fundamentele belang van de vrijheid van meningsuiting en van informatie. Dit besluit wordt gezonden aan de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten of aan de door hem aangewezen wettelijke vertegenwoordiger. De aanbieder van hostingdiensten brengt regelmatig verslag uit over de uitvoering van de maatregelen zoals gespecificeerd door de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit.
4.  Nadat is vastgesteld dat een aanbieder van hostingdiensten een aanzienlijk aantal verwijderingsbevelen heeft ontvangen, kan de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit de aanbieder van hostingdiensten een verzoek toezenden om noodzakelijke, evenredige en doeltreffende aanvullende maatregelen te nemen. De bevoegde autoriteit legt geen algemene toezichtverplichting of het gebruik van automatische instrumenten op. In het verzoek wordt met name rekening gehouden met de technische haalbaarheid van de maatregelen, met de omvang en de economische draagkracht van de aanbieder van hostingdiensten en met het effect van die maatregelen op de grondrechten van de gebruikers en het fundamentele belang van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving. Dit verzoek wordt gezonden aan de hoofdvestiging van de aanbieder van hostingdiensten of aan de door hem aangewezen wettelijke vertegenwoordiger. De aanbieder van hostingdiensten brengt regelmatig verslag uit over de uitvoering van de maatregelen zoals gespecificeerd door de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit.
Amendement 89
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 5
5.  Een aanbieder van hostingdiensten kan te allen tijde de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit om herziening verzoeken en, waar passend, om intrekking van een verzoek of een besluit krachtens de leden 2, 3 respectievelijk 4. De bevoegde autoriteit neemt een met redenen omkleed besluit binnen een redelijke termijn na ontvangst van het verzoek van de aanbieder van hostingdiensten.
5.  Een aanbieder van hostingdiensten kan te allen tijde de in artikel 17, lid 1, onder c), bedoelde bevoegde autoriteit om herziening verzoeken en, waar passend, om intrekking van een verzoek krachtens lid 4. De bevoegde autoriteit neemt een met redenen omkleed besluit binnen een redelijke termijn na ontvangst van het verzoek van de aanbieder van hostingdiensten.
Amendement 90
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 1 – inleidende formule
1.  Aanbieders van hostingdiensten bewaren terroristische inhoud die is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt ten gevolge van een verwijderingsbevel, een doorverwijzing of proactieve maatregelen krachtens de artikelen 4, 5 en 6, en de bijbehorende gegevens die ten gevolge van de verwijdering van de terroristische inhoud zijn verwijderd, en die nodig zijn voor:
1.  Aanbieders van hostingdiensten bewaren terroristische inhoud die is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt ten gevolge van een verwijderingsbevel of specifieke maatregelen krachtens de artikelen 4 en 6, en de bijbehorende gegevens die ten gevolge van de verwijdering van de terroristische inhoud zijn verwijderd, en die nodig zijn voor:
Amendement 91
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 1 – letter a
a)  procedures van administratieve of rechterlijke toetsing,
a)  procedures van administratieve of rechterlijke toetsing of een voorziening in rechte;
Amendement 92
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 1 – letter b
b)  het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven.
b)  het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen door rechtshandhavingsautoriteiten van terroristische misdrijven.
Amendement 93
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 2
2.  De in lid 1 bedoelde terroristische inhoud en bijbehorende gegevens worden gedurende zes maanden bewaard. De terroristische inhoud wordt, op verzoek van de bevoegde autoriteit of rechterlijke instantie, gedurende een langere periode bewaard wanneer en zolang het nodig is voor lopende procedures van administratieve of rechterlijke toetsing als bedoeld in lid 1, onder a).
2.  De in lid 1, onder a), bedoelde terroristische inhoud en bijbehorende gegevens worden gedurende zes maanden bewaard en na deze periode gewist. De terroristische inhoud wordt, op verzoek van de bevoegde autoriteit of rechterlijke instantie, gedurende een nader bepaalde periode bewaard, alleen indien en zolang dit nodig is voor lopende procedures van administratieve of rechterlijke toetsing of een voorziening in rechte als bedoeld in lid 1, onder a). De aanbieder van hostingdiensten bewaart de terroristische inhoud en bijbehorende gegevens als bedoeld in lid 1, onder b), totdat de rechtshandhavingsautoriteit overeenkomstig artikel 13, lid 4, op de kennisgeving van de aanbieder van hostingdiensten reageert, maar niet langer dan zes maanden.
Amendement 94
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – titel
Transparantieverplichtingen
Transparantieverplichtingen voor aanbieders van hostingdiensten
Amendement 95
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 1
1.  Aanbieders van hostingdiensten stellen in hun voorwaarden hun beleid ter voorkoming van de verspreiding van terroristische inhoud vast, met inbegrip van, waar passend, een zinvolle toelichting van de werking van proactieve maatregelen, waaronder het gebruik van automatische instrumenten.
1.  In voorkomend geval stellen aanbieders van hostingdiensten in hun voorwaarden duidelijk hun beleid ter voorkoming van de verspreiding van terroristische inhoud vast, met inbegrip van, indien van toepassing, een zinvolle toelichting van de werking van specifieke maatregelen.
Amendement 96
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 2
2.  Aanbieders van hostingdiensten publiceren jaarlijkse transparantieverslagen over de maatregelen die zijn genomen tegen de verspreiding van terroristische inhoud.
2.  Aanbieders van hostingdiensten die in of voor dat jaar een verwijderingsbevel hebben ontvangen, stellen jaarlijkse transparantieverslagen aan het publiek beschikbaar over de maatregelen die zijn genomen tegen de verspreiding van terroristische inhoud.
Amendement 97
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – letter b
b)  informatie over de maatregelen van de aanbieder van hostingdiensten om te voorkomen dat inhoud die eerder is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt omdat hij als terroristische inhoud wordt beschouwd, opnieuw wordt geüpload;
b)  informatie over de maatregelen van de aanbieder van hostingdiensten om te voorkomen dat inhoud die eerder is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt omdat hij als terroristische inhoud wordt beschouwd, opnieuw wordt geüpload, met name in gevallen waarin automatische technologie is gebruikt;
Amendement 98
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – letter c
c)  aantal artikelen met terroristische inhoud die zijn verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt naar aanleiding van verwijderingsbevelen, doorverwijzingen of proactieve maatregelen;
c)  het aantal artikelen met terroristische inhoud dat is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt naar aanleiding van verwijderingsbevelen of specifieke maatregelen en het aantal bevelen waarbij de inhoud niet overeenkomstig artikel 4, leden 7 en 8, is verwijderd, alsook de redenen voor de weigering;
Amendement 99
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – letter d
d)  overzicht van de klachtenprocedures en uitkomsten daarvan.
d)  het aantal klachtenprocedures en maatregelen voor rechterlijke toetsing en de uitkomsten daarvan, met inbegrip van het aantal gevallen waarin werd vastgesteld dat inhoud ten onrechte als terroristische inhoud werd aangemerkt.
Amendement 100
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 bis (nieuw)
Artikel 8 bis
Transparantieverplichtingen van bevoegde autoriteiten
1.  De bevoegde autoriteiten publiceren jaarlijkse transparantieverslagen die ten minste de volgende informatie bevatten:
a)  het aantal uitgevaardigde verwijderingsbevelen, het aantal gevallen van verwijdering en het aantal geweigerde of genegeerde verwijderingsbevelen;
b)  het aantal gevallen waarin het aanmerken van inhoud als terroristische inhoud leidde tot onderzoek en vervolging, en het aantal gevallen waarin inhoud ten onrechte als terroristische inhoud werd aangemerkt;
c)  een beschrijving van de overeenkomstig artikel 6, lid 4, door de bevoegde autoriteiten genomen maatregelen.
Amendement 101
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – titel
Waarborgen met betrekking tot het gebruik en de uitvoering van proactieve maatregelen
Waarborgen met betrekking tot het gebruik en de uitvoering van specifieke maatregelen
Amendement 102
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 1
1.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten krachtens deze verordening automatische instrumenten gebruiken ten aanzien van inhoud die zij opslaan, voorzien zij in doeltreffende en passende waarborgen om te garanderen dat besluiten betreffende die inhoud, met name besluiten om inhoud die als terroristische inhoud wordt beschouwd, te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk maken, correct en goed onderbouwd zijn.
1.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten automatische instrumenten gebruiken ten aanzien van inhoud die zij opslaan, voorzien zij in doeltreffende en passende waarborgen om te garanderen dat besluiten betreffende die inhoud, met name besluiten om inhoud die als terroristische inhoud wordt beschouwd, te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk maken, correct en goed onderbouwd zijn.
Amendement 103
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 2
2.  Waarborgen bestaan met name uit menselijk toezicht en menselijke verificatie, waar passend, en in elk geval wanneer een gedetailleerde beoordeling van de relevante context nodig is om te bepalen of de inhoud al dan niet als terroristische inhoud moet worden beschouwd.
2.  Waarborgen bestaan met name uit menselijk toezicht en menselijke verificatie van de gepastheid van het besluit om inhoud te verwijderen of de toegang daartoe te ontzeggen, met name met betrekking tot het recht op vrijheid van meningsuiting en de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en ideeën in een open en democratische samenleving.
Amendement 104
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 bis (nieuw)
Artikel 9 bis
Doeltreffende rechtsmiddelen
1.  Aanbieders van inhoud wier inhoud is verwijderd of tot wier inhoud de toegang onmogelijk is gemaakt naar aanleiding van een verwijderingsbevel en aanbieders van hostingdiensten die een verwijderingsbevel hebben ontvangen, hebben recht op een doeltreffende voorziening in rechte. De lidstaten voorzien in doeltreffende procedures voor de uitoefening van dit recht.
Amendement 105
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 1
1.  Aanbieders van hostingdiensten stellen doeltreffende en toegankelijke mechanismen in waarmee aanbieders van inhoud wier inhoud is verwijderd of tot wier inhoud de toegang onmogelijk is gemaakt ten gevolge van een doorverwijzing krachtens artikel 5 of proactieve maatregelen krachtens artikel 6, tegen de maatregel van de aanbieder van hostingdiensten een klacht kunnen indienen en om het herstel van de inhoud kunnen verzoeken.
1.  Aanbieders van hostingdiensten stellen een doeltreffend en toegankelijk mechanisme in waarmee aanbieders van inhoud wier inhoud is verwijderd of tot wier inhoud de toegang onmogelijk is gemaakt ten gevolge van specifieke maatregelen krachtens artikel 6, tegen de maatregel van de aanbieder van hostingdiensten een klacht kunnen indienen en om het herstel van de inhoud kunnen verzoeken.
Amendement 106
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 2
2.  Aanbieders van hostingdiensten onderzoeken onmiddellijk elke door hen ontvangen klacht en herstellen de inhoud zonder onnodige vertraging indien die onterecht is verwijderd of indien de toegang daartoe onterecht onmogelijk is gemaakt. Zij stellen de klager in kennis van de uitkomst van het onderzoek.
2.  Aanbieders van hostingdiensten onderzoeken onmiddellijk elke door hen ontvangen klacht en herstellen de inhoud zonder onnodige vertraging indien die onterecht is verwijderd of indien de toegang daartoe onterecht onmogelijk is gemaakt. Zij stellen de klager binnen twee weken na ontvangst van de klacht in kennis van de uitkomst van het onderzoek en geven uitleg ingeval zij besluiten de inhoud niet te herstellen. Het herstellen van inhoud sluit niet uit dat er verdere gerechtelijke maatregelen worden getroffen tegen het besluit van de aanbieder van hostingdiensten of de bevoegde autoriteit.
Amendement 107
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 1
1.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten terroristische inhoud hebben verwijderd of de toegang daartoe onmogelijk hebben gemaakt, stellen zij aan de aanbieder van inhoud informatie beschikbaar over de verwijdering van terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe.
1.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten terroristische inhoud verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk maken, stellen zij aan de aanbieder van inhoud omvattende en beknopte informatie beschikbaar over de verwijdering van terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe, alsook over de mogelijkheden om het besluit te betwisten, en voorzien zij de aanbieder van inhoud op verzoek van een kopie van het overeenkomstig artikel 4 uitgevaardigde verwijderingsbevel.
Amendement 108
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 2
2.  De aanbieder van hostingdiensten stelt de aanbieder van inhoud op diens verzoek in kennis van de redenen voor de verwijdering of het onmogelijk maken van de toegang en van de mogelijkheden tot betwisting van het besluit.
Schrappen
Amendement 109
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 3
3.  De verplichting uit hoofde van de leden 1 en 2 is niet van toepassing wanneer de bevoegde autoriteit besluit dat er geen openbaarmaking mag zijn om redenen van openbare veiligheid, zoals het voorkomen, onderzoeken, opsporen en vervolgen van terroristische misdrijven, zolang het nodig is, maar niet langer dan [vier] weken te rekenen vanaf dat besluit. In dat geval maakt de aanbieder van hostingdiensten geen informatie openbaar over de verwijdering van terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe.
3.  De verplichting uit hoofde van lid 1 is niet van toepassing wanneer de bevoegde autoriteit, op basis van objectief bewijsmateriaal en rekening houdend met de evenredigheid en noodzakelijkheid van een dergelijk besluit, besluit dat er geen openbaarmaking mag zijn om redenen van openbare veiligheid, zoals het voorkomen, onderzoeken, opsporen en vervolgen van terroristische misdrijven, zolang het nodig is, maar niet langer dan vier weken te rekenen vanaf dat besluit. In dat geval maakt de aanbieder van hostingdiensten geen informatie openbaar over de verwijdering van terroristische inhoud of het onmogelijk maken van de toegang daartoe.
Amendement 110
Voorstel voor een verordening
Artikel 12 – alinea 1
De lidstaten zorgen ervoor dat hun bevoegde autoriteiten over de nodige capaciteit en voldoende middelen beschikken om de doelstellingen te verwezenlijken en hun verplichtingen uit hoofde van deze verordening na te komen.
De lidstaten zorgen ervoor dat hun bevoegde autoriteiten over de nodige capaciteit en voldoende middelen beschikken om de doelstellingen te verwezenlijken en hun verplichtingen uit hoofde van deze verordening na te komen, met sterke onafhankelijkheidswaarborgen.
Amendement 111
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – titel
Samenwerking tussen aanbieders van hostingdiensten, bevoegde autoriteiten en, in voorkomend geval, betrokken organen van de Unie
Samenwerking tussen aanbieders van hostingdiensten, bevoegde autoriteiten en, in voorkomend geval, bevoegde organen van de Unie
Amendement 112
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 1
1.  De bevoegde autoriteiten in de lidstaten lichten elkaar in, coördineren en werken samen met elkaar en, in voorkomend geval, met betrokken organen van de Unie, zoals Europol, met betrekking tot verwijderingsbevelen en doorverwijzingen teneinde dubbel werk te voorkomen, de coördinatie te verbeteren en inmenging in onderzoeken in verschillende lidstaten te voorkomen.
1.  De bevoegde autoriteiten in de lidstaten lichten elkaar in, coördineren en werken samen met elkaar en, in voorkomend geval, met Europol, met betrekking tot verwijderingsbevelen teneinde dubbel werk te voorkomen, de coördinatie te verbeteren en inmenging in onderzoeken in verschillende lidstaten te voorkomen.
Amendement 113
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 2
2.  De bevoegde autoriteiten in de lidstaten lichten elkaar in, coördineren en werken samen met de in artikel 17, lid 1, onder c) en d), bedoelde bevoegde autoriteit met betrekking tot krachtens artikel 6 genomen maatregelen en handhavingsmaatregelen krachtens artikel 18. De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 17, lid 1, onder c) en d), bedoelde bevoegde autoriteit in het bezit is van alle relevante informatie. Daartoe voorzien de lidstaten in passende communicatiekanalen of -mechanismen om ervoor te zorgen dat de relevante informatie tijdig wordt gedeeld.
2.  De bevoegde autoriteiten in de lidstaten lichten elkaar in, coördineren en werken samen met de in artikel 17, lid 1, onder c) en d), bedoelde bevoegde autoriteit met betrekking tot krachtens artikel 6 genomen maatregelen en handhavingsmaatregelen krachtens artikel 18. De lidstaten zorgen ervoor dat de in artikel 17, lid 1, onder c) en d), bedoelde bevoegde autoriteit in het bezit is van alle relevante informatie. Daartoe voorzien de lidstaten in passende en beveiligde communicatiekanalen of -mechanismen om ervoor te zorgen dat de relevante informatie tijdig wordt gedeeld.
Amendement 114
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – inleidende formule
3.  De lidstaten en de aanbieders van hostingdiensten kunnen ervoor kiezen gebruik te maken van speciale instrumenten, met inbegrip van, in voorkomend geval, instrumenten die zijn ingesteld door betrokken organen van de Unie, zoals Europol, om met name het volgende te faciliteren:
3.  De lidstaten kunnen gebruikmaken van speciale instrumenten, met inbegrip van instrumenten die zijn ingesteld door Europol, om met name het volgende te faciliteren:
Amendement 115
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – letter b
b)  de verwerking van, en de feedback over, doorverwijzingen krachtens artikel 5;
Schrappen
Amendement 116
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – letter c
c)  de samenwerking met het oog op het bepalen en uitvoeren van proactieve maatregelen krachtens artikel 6.
c)  de samenwerking met het oog op het bepalen en uitvoeren van specifieke maatregelen krachtens artikel 6.
Amendement 117
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4
4.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten kennis krijgen van bewijs van terroristische misdrijven, lichten zij de autoriteiten die in de betrokken lidstaat bevoegd zijn voor het onderzoek en de vervolging van strafbare feiten, of het contactpunt in de lidstaat krachtens artikel 14, lid 2, waar zij hun hoofdvestiging of een wettelijke vertegenwoordiger hebben, onmiddellijk in. In geval van twijfel kunnen aanbieders van hostingdiensten deze informatie doorgeven aan Europol met het oog op passende follow-up.
4.  Wanneer aanbieders van hostingdiensten kennis krijgen van terroristische inhoud, lichten zij de autoriteiten die in de betrokken lidstaat bevoegd zijn voor het onderzoek en de vervolging van strafbare feiten onmiddellijk in. Indien het onmogelijk is de betrokken lidstaat te identificeren, stellen de aanbieders van hostingdiensten het contactpunt in de lidstaat krachtens artikel 17, lid 2, waar zij hun hoofdvestiging of een wettelijke vertegenwoordiger hebben, in kennis en geven zij deze informatie tevens door aan Europol met het oog op passende follow-up.
Amendement 118
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 bis (nieuw)
4 bis.  Aanbieders van hostingdiensten werken samen met bevoegde autoriteiten.
Amendement 119
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 1
1.  Aanbieders van hostingdiensten wijzen een contactpunt aan waardoor verwijderingsbevelen en doorverwijzingen met elektronische middelen kunnen worden ontvangen, en garanderen een snelle behandeling krachtens de artikelen 4 en 5. Zij zorgen ervoor dat deze informatie openbaar wordt gemaakt.
1.  Aanbieders van hostingdiensten die reeds een of meerdere verwijderingsbevelen hebben ontvangen, wijzen een contactpunt aan waardoor verwijderingsbevelen met elektronische middelen kunnen worden ontvangen, en garanderen een vlotte behandeling krachtens artikel 4. Zij zorgen ervoor dat deze informatie openbaar wordt gemaakt.
Amendement 120
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 2
2.  De in lid 1 bedoelde informatie specificeert de officiële taal of talen van de Unie als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1/58, waarin het contactpunt kan worden benaderd en waarin verdere uitwisselingen met betrekking tot verwijderingsbevelen en doorverwijzingen krachtens de artikelen 4 en 5 plaatsvinden. Die informatie bevat ten minste één van de officiële talen van de lidstaat waar de aanbieder van hostingdiensten zijn hoofdvestiging heeft of waar zijn wettelijke vertegenwoordiger krachtens artikel 16 woont of gevestigd is.
2.  De in lid 1 bedoelde informatie specificeert de officiële taal of talen van de Unie als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1/58, waarin het contactpunt kan worden benaderd en waarin verdere uitwisselingen met betrekking tot verwijderingsbevelen krachtens artikel 4 plaatsvinden. Die informatie bevat ten minste één van de officiële talen van de lidstaat waar de aanbieder van hostingdiensten zijn hoofdvestiging heeft of waar zijn wettelijke vertegenwoordiger krachtens artikel 16 woont of gevestigd is.
Amendement 121
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 3
3.  De lidstaten wijzen een contactpunt aan voor de behandeling van verzoeken om verduidelijking en feedback met betrekking tot de door hen uitgevaardigde verwijderingsbevelen en doorverwijzingen. Informatie over het contactpunt wordt openbaar gemaakt.
Schrappen
Amendement 122
Voorstel voor een verordening
Artikel 15 – lid 2
2.  Wanneer een aanbieder van hostingdiensten verzuimt een wettelijke vertegenwoordiger aan te wijzen, hebben alle lidstaten rechtsmacht.
2.  Wanneer een aanbieder van hostingdiensten die zijn hoofdvestiging niet in een van de lidstaten heeft, verzuimt een wettelijke vertegenwoordiger aan te wijzen, hebben alle lidstaten rechtsmacht. Indien een lidstaat besluit deze rechtsmacht uit te oefenen, stelt hij alle andere lidstaten daarvan in kennis.
Amendement 123
Voorstel voor een verordening
Artikel 15 – lid 3
3.  Wanneer een autoriteit van een andere lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 1, een verwijderingsbevel heeft uitgevaardigd, heeft die lidstaat rechtsmacht om overeenkomstig zijn nationale recht dwangmaatregelen te nemen om het verwijderingsbevel te handhaven.
Schrappen
Amendement 124
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1
1.  Een aanbieder van hostingdiensten die geen vestiging in de Unie heeft maar diensten in de Unie aanbiedt, wijst schriftelijk een natuurlijke persoon of rechtspersoon aan als zijn wettelijke vertegenwoordiger in de Unie voor de ontvangst, naleving en handhaving van verwijderingsbevelen, doorverwijzingen, verzoeken en besluiten van de bevoegde autoriteiten op basis van deze verordening. De wettelijke vertegenwoordiger woont of is gevestigd in een van de lidstaten waar de aanbieder van hostingdiensten de diensten aanbiedt.
1.  Een aanbieder van hostingdiensten die geen vestiging in de Unie heeft maar diensten in de Unie aanbiedt, wijst schriftelijk een natuurlijke persoon of rechtspersoon aan als zijn wettelijke vertegenwoordiger in de Unie voor de ontvangst, naleving en handhaving van verwijderingsbevelen en verzoeken van de bevoegde autoriteiten op basis van deze verordening. De wettelijke vertegenwoordiger woont of is gevestigd in een van de lidstaten waar de aanbieder van hostingdiensten de diensten aanbiedt.
Amendement 125
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 2
2.  De aanbieder van hostingdiensten belast de wettelijke vertegenwoordiger met de ontvangst, naleving en handhaving van de in lid 1 bedoelde verwijderingsbevelen, doorverwijzingen, verzoeken en besluiten namens hem. Aanbieders van hostingdiensten verlenen hun wettelijke vertegenwoordiger de nodige bevoegdheden en middelen om met de bevoegde autoriteiten samen te werken en deze besluiten en bevelen na te leven.
2.  De aanbieder van hostingdiensten belast de wettelijke vertegenwoordiger met de ontvangst, naleving en handhaving van de in lid 1 bedoelde verwijderingsbevelen en besluiten namens hem. Aanbieders van hostingdiensten verlenen hun wettelijke vertegenwoordiger de nodige bevoegdheden en middelen om met de bevoegde autoriteiten samen te werken en deze besluiten en bevelen na te leven.
Amendement 126
Voorstel voor een verordening
Artikel 17 – lid 1 – inleidende formule
1.  Elke lidstaat wijst de bevoegde autoriteit of autoriteiten aan voor:
1.  Elke lidstaat wijst een bevoegde rechterlijke instantie of functioneel onafhankelijke administratieve autoriteit aan voor:
Amendement 127
Voorstel voor een verordening
Artikel 17 – lid 1 – letter b
b)  het opsporen, identificeren en doorverwijzen van terroristische inhoud naar aanbieders van hostingdiensten krachtens artikel 5;
Schrappen
Amendement 128
Voorstel voor een verordening
Artikel 17 – lid 1 – letter c
c)  het toezicht op de uitvoering van proactieve maatregelen krachtens artikel 6;
c)  het toezicht op de uitvoering van specifieke maatregelen krachtens artikel 6;
Amendement 129
Voorstel voor een verordening
Artikel 17 – lid 1 bis (nieuw)
1 bis.  De lidstaten wijzen binnen de bevoegde autoriteiten een contactpunt aan voor de behandeling van verzoeken om verduidelijking en feedback met betrekking tot de door hen uitgevaardigde verwijderingsbevelen. Er wordt informatie over het contactpunt openbaar gemaakt.
Amendement 130
Voorstel voor een verordening
Artikel 17 – lid 2
2.  Uiterlijk op [zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] stellen de lidstaten de Commissie in kennis van de in lid 1 bedoelde bevoegde autoriteiten. De Commissie maakt de kennisgeving en alle wijzigingen ervan bekend in het Publicatieblad van de Europese Unie.
2.  Uiterlijk op [zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] stellen de lidstaten de Commissie in kennis van de in lid 1 bedoelde bevoegde autoriteiten. De Commissie legt een onlineregister aan, waarin al deze bevoegde autoriteiten en de aangewezen contactpunten per bevoegde autoriteit worden opgenomen. De Commissie maakt de kennisgeving en alle wijzigingen ervan bekend in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Amendement 131
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – inleidende formule
1.  De lidstaten stellen regels vast inzake de sancties die van toepassing zijn bij inbreuken door de aanbieders van hostingdiensten op de verplichtingen uit hoofde van deze verordening, en nemen alle nodige maatregelen om te garanderen dat die worden uitgevoerd. Deze sancties worden beperkt tot inbreuken op de verplichtingen uit hoofde van:
1.  De lidstaten stellen regels vast inzake de sancties die van toepassing zijn bij systematische en herhaalde inbreuken door de aanbieders van hostingdiensten op de verplichtingen uit hoofde van deze verordening, en nemen alle nodige maatregelen om te garanderen dat die worden uitgevoerd. Deze sancties worden beperkt tot inbreuken op de verplichtingen uit hoofde van:
Amendement 132
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – letter a
a)  artikel 3, lid 2 (voorwaarden van aanbieders van hostingdiensten);
Schrappen
Amendement 133
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – letter c
c)  artikel 5, leden 5 en 6 (beoordeling van en feedback over doorverwijzingen);
Schrappen
Amendement 134
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – letter d
d)  artikel 6, leden 2 en 4 (verslagen over proactieve maatregelen en de vaststelling van maatregelen naar aanleiding van een besluit waarbij specifieke proactieve maatregelen zijn opgelegd);
d)  artikel 6, lid 4 (verslagen over specifieke maatregelen en de vaststelling van maatregelen naar aanleiding van een verzoek waarbij aanvullende specifieke maatregelen zijn opgelegd);
Amendement 135
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – letter f
f)  artikel 8 (transparantie);
f)  artikel 8 (transparantie voor aanbieders van hostingdiensten);
Amendement 136
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – letter g
g)  artikel 9 (waarborgen met betrekking tot proactieve maatregelen);
g)  artikel 9 (waarborgen met betrekking tot de uitvoering van specifieke maatregelen);
Amendement 137
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1 – letter j
j)  artikel 13, lid 4 (informatie over bewijs van terroristische misdrijven);
j)  artikel 13, lid 4 (informatie over terroristische inhoud);
Amendement 138
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 2
2.  De vastgestelde sancties zijn doeltreffend, evenredig en afschrikkend. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op [zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] in kennis van die regels en maatregelen en stellen haar onverwijld in kennis van alle latere wijzigingen daarvan.
2.  De in lid 1 bedoelde sancties zijn doeltreffend, evenredig en afschrikkend. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op [zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] in kennis van die regels en maatregelen en stellen haar onverwijld in kennis van alle latere wijzigingen daarvan.
Amendement 139
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 3 – letter e
e)  de mate waarin de aanbieder van hostingdiensten met de bevoegde autoriteiten samenwerkt.
e)  de mate waarin de aanbieder van hostingdiensten met de bevoegde autoriteiten samenwerkt;
Amendement 140
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 3 – letter e bis (nieuw)
e bis)  de aard en omvang van de aanbieders van hostingdiensten, met name in het geval van micro-ondernemingen of kleine ondernemingen in de zin van Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie.
Amendement 141
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 4
4.  De lidstaten zorgen ervoor dat bij een systematisch verzuim de verplichtingen uit hoofde van artikel 4, lid 2, na te leven, financiële sancties worden opgelegd van ten hoogste 4 % van de mondiale omzet van de aanbieder van hostingdiensten in het laatste boekjaar.
4.  De lidstaten zorgen ervoor dat bij een systematisch en herhaald verzuim de verplichtingen uit hoofde van artikel 4, lid 2, na te leven, financiële sancties worden opgelegd van ten hoogste 4 % van de mondiale omzet van de aanbieder van hostingdiensten in het laatste boekjaar.
Amendement 142
Voorstel voor een verordening
Artikel 19 – titel
Technische vereisten en wijzigingen van de modellen voor verwijderingsbevelen
Technische vereisten, criteria voor de beoordeling van de significantie en wijzigingen van de modellen voor verwijderingsbevelen
Amendement 143
Voorstel voor een verordening
Artikel 19 – lid 1
1.  De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen met technische voorschriften voor de elektronische middelen die de bevoegde autoriteiten moeten gebruiken voor de verzending van verwijderingsbevelen.
1.  De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen met de nodige technische voorschriften voor de elektronische middelen die de bevoegde autoriteiten moeten gebruiken voor de verzending van verwijderingsbevelen.
Amendement 144
Voorstel voor een verordening
Artikel 19 – lid 1 bis (nieuw)
1 bis.   De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen met criteria en cijfers die door de bevoegde autoriteiten moeten worden gebruikt om te bepalen wat als een aanzienlijk aantal niet-betwiste verwijderingsbevelen kan worden beschouwd als bedoeld in deze verordening.
Amendement 145
Voorstel voor een verordening
Artikel 21 – lid 1 – letter a
a)  informatie over het aantal uitgevaardigde verwijderingsbevelen en doorverwijzingen, het aantal artikelen met terroristische inhoud die zijn verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt, met inbegrip van de overeenkomstige termijnen krachtens de artikelen 4 en 5;
a)  informatie over het aantal uitgevaardigde verwijderingsbevelen, het aantal artikelen met terroristische inhoud dat is verwijderd of waartoe de toegang onmogelijk is gemaakt, met inbegrip van de overeenkomstige termijnen krachtens artikel 4, en informatie over het aantal bijbehorende gevallen waarin terroristische misdrijven met succes zijn opgespoord, onderzocht en vervolgd;
Amendement 146
Voorstel voor een verordening
Artikel 21 – lid 1 – letter b bis (nieuw)
b bis)  informatie over het aantal door bevoegde autoriteiten verzonden verzoeken om toegang met betrekking tot door aanbieders van hostingdiensten overeenkomstig artikel 7 bewaarde inhoud;
Amendement 147
Voorstel voor een verordening
Artikel 23 – alinea 1
Niet eerder dan [drie jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt] verricht de Commissie een evaluatie van deze verordening en dient zij bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de toepassing van deze verordening, waarin ook wordt nagegaan of de waarborgmechanismen doeltreffend werken. Waar passend, gaat het verslag vergezeld van wetgevingsvoorstellen. De lidstaten verstrekken de Commissie de informatie die nodig is om het verslag op te stellen.
Eén jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, verricht de Commissie een evaluatie van deze verordening en dient zij bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de toepassing van deze verordening, waarin ook de werking en doeltreffendheid van de waarborgmechanismen worden beoordeeld en waarin wordt nagegaan wat de gevolgen van de verordening zijn voor de grondrechten, en met name voor de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid kennis te nemen en te geven van informatie en het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. In het kader van deze evaluatie brengt de Commissie ook verslag uit over de noodzakelijkheid, de haalbaarheid en de doeltreffendheid van de oprichting van een Europees platform voor terroristische online-inhoud, dat alle lidstaten in staat moet stellen één veilig communicatiekanaal te gebruiken voor het versturen van verwijderingsbevelen met betrekking tot terroristische inhoud aan aanbieders van hostingdiensten. Waar passend, gaat het verslag vergezeld van wetgevingsvoorstellen. De lidstaten verstrekken de Commissie de informatie die nodig is om het verslag op te stellen.
Amendement 148
Voorstel voor een verordening
Artikel 24 – alinea 2
Zij wordt van toepassing vanaf [zes maanden na de datum van inwerkingtreding].
Zij wordt van toepassing vanaf [twaalf maanden na de datum van inwerkingtreding].
Amendement 162
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel B – titel
Deel B Te verwijderen inhoud of inhoud waartoe de toegang onmogelijk moet worden gemaakt binnen één uur:
Deel B Te verwijderen inhoud of inhoud waartoe de toegang onverwijld onmogelijk moet worden gemaakt:
Amendement 149
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel B – alinea 3 – vak 1
[ ] zet aan tot het plegen van terroristische misdrijven of verdedigt of verheerlijkt dit (artikel 2, lid 5, onder a))
[ ] zet aan tot het plegen van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde terroristische misdrijven (artikel 2, lid 5, onder a));
Amendement 150
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel B – alinea 3 – vak 2
[ ] moedigt het bijdragen aan terroristische misdrijven aan (artikel 2, lid 5, onder b))
[ ] spoort een andere persoon of een groep personen aan om de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde terroristische misdrijven te plegen of daaraan een bijdrage te leveren (artikel 2, lid 5, onder b));
Amendement 151
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel B – alinea 3 – vak 3
[ ] bevordert de activiteiten van een terroristische groepering, met name door het deelnemen aan of het ondersteunen van een terroristische groepering aan te moedigen (artikel 2, lid 5, onder c))
[ ] spoort een andere persoon of een groep personen aan om deel te nemen aan de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde activiteiten van een terroristische groepering (artikel 2, lid 5, onder c));
Amendement 152
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel B – alinea 3 – vak 4
[ ] instrueert over methoden of technieken voor het plegen van terroristische misdrijven (artikel 2, lid 5, onder d))
[ ] instrueert over methoden of technieken voor het vervaardigen of gebruiken van explosieven, vuurwapens of andere wapens of schadelijke of gevaarlijke stoffen, of over andere specifieke methoden of technieken bedoeld voor het plegen van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde terroristische misdrijven (artikel 2, lid 5, onder d));
Amendement 153
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel B – alinea 3 – vak 4 bis (nieuw)
[ ] toont het plegen van de in artikel 3, lid 1, onder a) tot en met i), van Richtlijn (EU) 2017/541 genoemde terroristische misdrijven (artikel 2, lid 5, onder e)).
Amendement 154
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – deel G – alinea 1
Informatie over het bevoegde orgaan of de bevoegde rechterlijke instantie, termijnen en procedures voor betwisting van het verwijderingsbevel:
Informatie over het bevoegde orgaan of de bevoegde rechterlijke instantie, termijnen en procedures alsook over formele vereisten voor betwisting van het verwijderingsbevel:
Amendement 155
Voorstel voor een verordening
Bijlage III – deel B – punt i – vak 1
[ ] overmacht of feitelijke onmogelijkheid die niet aan de geadresseerde of de dienstverlener kan worden toegerekend
[ ] overmacht of feitelijke onmogelijkheid die, onder meer om technische of operationele redenen, niet aan de geadresseerde of de dienstverlener kan worden toegerekend

(1) PB C 110 van 22.3.2019, blz. 67.

Laatst bijgewerkt op: 24 april 2019Juridische mededeling