Digitale agenda voor Europa

De ICT (informatie- en communicatietechnologie) zorgt sinds 1995 voor productiviteitswinst en groei in de EU[1]. De afgelopen drie decennia zijn de grenzen tussen telecommunicatie, uitzending en IT steeds vager geworden als gevolg van technologische "convergentie". In 2015 heeft de Commissie de digitale eengemaakte markt gelanceerd om de voornaamste wetgevingsvoorstellen tot stand te brengen, zoals bevordering van e-handel, auteursrecht, e-privacy, harmonisering van digitale rechten, geharmoniseerde btw-regels en cyberveiligheid.

Rechtsgrond

Hoewel in de Verdragen geen speciale bepalingen inzake ICT zijn opgenomen, kan de EU op dit gebied maatregelen treffen in het kader van sectoraal en horizontaal beleid, zoals industriebeleid (artikel 173 VWEU), mededingingsbeleid (artikelen 101 tot en met 109 VWEU), handelspolitiek (artikelen 206 en 207 VWEU), trans-Europese netwerken (TEN's) (artikelen 170 tot en met 172 VWEU), onderzoek en technologische ontwikkeling en ruimtevaart (artikelen 179 tot en met 190 VWEU), de onderlinge aanpassing van wettelijke bepalingen ter verbetering van de instelling en de werking van de interne markt (artikel 114 VWEU), het vrije verkeer van goederen (artikelen 28, 30, 34 en 35 VWEU), het vrije verkeer van personen, diensten en kapitaal (artikelen 45 tot en met 66 VWEU), onderwijs, beroepsopleiding, jeugd en sport (artikelen 165 en 166 VWEU), en cultuur (artikel 167 VWEU). Dit zijn allemaal essentiële elementen voor een digitaal Europa.

Doelen

Op grond van de strategie van Lissabon is de Digitale Agenda voor Europa[2] (DAE) opgesteld als een van de zeven vlaggenschipinitiatieven van de door de Commissie aangenomen Europa 2020-strategie. In de Agenda, uitgebracht in mei 2010, wordt uiteengezet welke essentiële faciliterende rol de ICT zal moeten spelen als Europa zijn ambitieuze doelstellingen voor 2020 wil halen. Om te zorgen voor een eerlijke, open en veilige digitale omgeving heeft de Commissie de strategie voor een digitale eengemaakte markt op drie pijlers gebouwd: het voorzien in betere toegang tot digitale goederen en diensten voor consumenten en bedrijven in heel Europa, het scheppen van de juiste voorwaarden voor de bloei van digitale netwerken en diensten, en maximalisering van het groeipotentieel van de digitale economie.

Resultaten

Op 1 januari 1998 werd de telecommunicatiemarkt opengesteld voor volledige mededinging en ging de uitvoering ervan van start. Sindsdien zijn de in de strategie voor een digitale eengemaakte markt als prioritair aangegeven wetgevingsvoorstellen tot stand gebracht.

In de eerste plaats werd gestreefd naar betere toegang van consumenten en bedrijven tot digitale goederen en diensten overal in Europa en een geavanceerd stelsel van gebruikersrechten en bescherming van consumenten en bedrijven in de EU, met onder meer:

  • lagere tarieven voor elektronische communicatie, en de afschaffing van de roamingkosten op 14 juni 2017 ("roaming tegen thuistarief")[3];
  • betere internetverbindingen voor iedereen met een alomvattende breedbandbasistechnologie, vooral dankzij ontwikkelingen in mobiele en satellietgesteunde breedband om te komen tot een gigabitconnectiviteit voor alle belangrijke sociaal-economische actoren met het geharmoniseerde gebruik van de 470-790 MHz-frequentieband in de Unie en de ontsluiting van breedband voor 5G mobiel internet per 2020; een gemeenschappelijke EU-agenda voor een gecoördineerde commerciële invoering van 5G in 2020; gratis wifi in hotspots voor burgers en bezoekers in publieke ruimten overal in Europa met behulp van WiFi4EU[4]; een hoogwaardige 700 MHz-band; een breedbandfonds voor Europese verbindingen (ter ondersteuning van de digitale netwerkinfrastructuur);
  • betere bescherming van consumenten van telecommunicatiediensten door vaststelling van wetgeving inzake privacybescherming (Richtlijn 2009/136/EG) en gegevensbescherming (Richtlijn 95/46/EG), verder verbeterd door het nieuwe regelgevingskader inzake gegevensbescherming (Verordening (EU) 2016/679 en Richtlijn (EU) 2016/680); door versterking van het mandaat van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa)[5], na de aanneming van de resolutie van het Parlement, gevolgd door het Commissievoorstel en de top van Talinn; door oprichting van een onlineplatform voor geschillenbeslechting tussen consumenten en onlinehandelaren[6]; door oprichting van een online giponet.org, een platform dat moet bijdragen aan een democratischere en gebruikersvriendelijkere invulling van het internetbeheer[7]; door wetgeving inzake geoblocking ter voorkoming van directe en indirecte discriminatie op grond van nationaliteit, verblijfplaats of plaats van vestiging van consumenten, bij grensoverschrijdende commerciële transacties met handelaren in de Unie; door geoorloofd gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken door personen met een leeshandicap; door de invoering van het unieke Europese oproepnummer voor hulpdiensten (112) (Richtlijn 2009/136/EG), het Europees telefoonnummer voor vermiste kinderen (116000), de hulplijn voor kinderen (116111) en de hulplijn voor emotionele steun (116123); en door te voorzien in het recht om binnen één werkdag te wisselen van exploitant van vaste of mobiele telefonie met behoud van het oorspronkelijke telefoonnummer, m.a.w. nummerportabiliteit (Richtlijn 2009/136/EG).

Om de juiste voorwaarden voor de bloei van digitale netwerken en diensten op EU-niveau te scheppen, voorziet het Orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie (Berec) (Verordening (EU) 2018/1971) daarnaast in samenwerking tussen nationale regelgevende instanties en de Commissie, waardoor optimale praktijken en gemeenschappelijke benaderingswijzen worden bevorderd en tegelijkertijd inconsistente regelgeving wordt voorkomen die de concurrentie in de interne communicatiemarkt dreigt te verstoren. Wat het beheer van het spectrum betreft, worden in het meerjarenprogramma voor het radiospectrumbeleid beleid en doelstellingen vastgesteld voor de strategische planning en harmonisering van het radiospectrum. Dit moet ervoor zorgen dat de interne markt goed functioneert op beleidsterreinen van de Unie waarbij spectrum wordt gebruikt, zoals elektronische communicatie, onderzoek, technologische ontwikkeling en ruimtevaart, vervoer, energie en audiovisuele aangelegenheden.

De Digitale agenda voor Europa beoogt het groeipotentieel van de digitale economie te maximaliseren door digitale vaardigheden en hoogwaardige informatica te bevorderen, de industrie en diensten te digitaliseren, kunstmatige intelligentie te ontwikkelen en de overheidsdiensten te moderniseren[8]. Er zijn nieuwe regels inzake de portabiliteit van digitale diensten vastgesteld, zodat de consument die in eigen land voor online-inhoudsdiensten heeft betaald, ook toegang heeft tot die inhoud wanneer hij een ander land binnen de EU bezoekt. Deze regels zijn sinds 1 april 2018 van kracht.

Rol van het Europees Parlement

Het Parlement maakt zich sterk voor een krachtig en geavanceerd ICT-beleid en is bijzonder actief in het vaststellen van wetgevingshandelingen op dit gebied. Daarnaast heeft het zich altijd beijverd om ICT-kwesties onder de aandacht te houden, met initiatiefverslagen, mondelinge en schriftelijke vragen, studies[9], workshops[10], adviezen en resoluties, en oproepen tot betere coördinatie van nationale inspanningen voor het ontwikkelen van pan-Europese diensten en EU-steun voor onderzoek en ontwikkeling in de ICT-sector[11].

Ook heeft het Parlement herinnerd aan de noodzaak om de frequentieband bestemd voor het "digitale dividend" in te zetten om alle EU-burgers te voorzien van breedband en het heeft onderstreept dat verdere actie nodig is om universele en snelle toegang tot breedband te garanderen, evenals digitale kennis en vaardigheid voor alle burgers en consumenten. Tegelijkertijd dringt het Parlement sterk aan op technologische neutraliteit, "netneutraliteit" en "netvrijheden" voor Europese burgers en op maatregelen met betrekking tot toegang tot of gebruik van diensten en applicaties via telecommunicatienetwerken. Hierbij moeten de grondrechten en -vrijheden van burgers worden gerespecteerd. Voorts moeten zulke maatregelen garanderen dat aanbieders van internetdiensten geen belemmeringen opwerpen voor de gebruikers om toegang te krijgen tot inhoud en om applicaties en/of diensten van hun keuze te benutten[12].

Het Parlement consolideert systematisch deze garanties via wetgeving. Het neemt het voortouw bij het wegnemen van belemmeringen binnen de digitale eengemaakte markt en bij de aanpassing van de telecommunicatieregelgeving van de EU aan de hedendaagse digitale en datagestuurde producten en diensten, teneinde de Europese dienstensectoren zoveel mogelijk te digitaliseren en aldus nieuwe banen en kansen te creëren. Het streeft ernaar grensoverschrijdende handel te bevorderen, de regels voor digitale overeenkomsten te harmoniseren, betaalbare grensoverschrijdende pakketbezorgdiensten te waarborgen, het vrije verkeer van niet-persoonsgebonden gegevens te steunen en eenvoudiger procedures voor btw-aangifte in te voeren. Het Parlement heeft dan ook de toegang tot en overdracht van gegevens voor iedereen verbeterd door normen voor netneutraliteit vast te stellen, het gebruik van de 470-790 MHz-frequentieband te harmoniseren, gratis wifiverbindingen voor iedereen in steden en dorpen te ondersteunen (WiFi4EU), in hoogwaardige informatica en de wetenschapscloud (Europese openwetenschapscloud) te investeren en de roamingkosten op het grondgebied van de EU af te schaffen. Het Parlement heeft belangrijke wetgevingswerkzaamheden geïnitieerd en afgerond voor maatregelen ter verlaging van de kosten van de aanleg van elektronischecommunicatienetwerken met hoge snelheid[13] en de verordening betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt, teneinde elektronisch zakendoen te faciliteren.

Voorts heeft het Parlement met succes de laatste hand gelegd aan het wetgevende werk ter verbetering van de gegevensbescherming door het kader van voorschriften inzake gegevensbescherming en cyberbeveiliging te hervormen, de oprichting van een Europees ICT-veiligheidskader goed te keuren, ICT-certificering in de EU te organiseren, investeringen in cruciale capaciteiten van de cyberbeveiligingssector te bevorderen, een effectieve toepassing van de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens als een grondrecht te waarborgen (Richtlijn (EU) 2016/680), en natuurlijke personen te beschermen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en het vrije verkeer van die gegevens (Verordening (EU) 2016/679). Met de laatstgenoemde verordening wordt beoogd: de gefragmenteerde uitvoering van gegevensbescherming in de hele Unie, de rechtsonzekerheid en de opvatting onder het grote publiek dat met name onlineactiviteit aanzienlijke risico's inhoudt met betrekking tot de bescherming van natuurlijke personen, weg te nemen. Onlangs heeft de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (LIBE) van het Parlement ingestemd met regels met betrekking tot de eerbiediging van het privéleven en de bescherming van persoonsgegevens in elektronische communicatie, om het zakendoen te faciliteren[14].

Het Parlement houdt nauwlettend toezicht op de uitvoering door de Commissie van het stappenplan van de strategie voor de digitale eengemaakte markt en heeft in verband daarmee een resolutie aangenomen getiteld "Naar een akte voor een digitale interne markt". Het Parlement werkt momenteel intensief aan de wetgevingsvoorstellen die zijn ingediend als vervolgstap op de strategie voor een digitale eengemaakte markt en voormelde resolutie. Daarbij worden kwesties behandeld zoals ongerechtvaardigde geoblocking[15], grensoverschrijdende pakketbezorgdiensten[16], grensoverschrijdende portabiliteit van online-inhoudsdiensten[17], een herziening van de verordening betreffende samenwerking met betrekking tot consumentenbescherming[18], audiovisuele mediadiensten[19], overeenkomsten voor de onlineverkoop en andere verkoop op afstand van goederen[20] en overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud[21].

[3]Gezamenlijke verklaring van 14 juni 2017 van het Maltees voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie, het Europees Parlement en de Europese Commissie: http://europa.eu/rapid/press-release_STATEMENT-17-1590_nl.htm
[6]Toegang tot het platform kan worden verkregen via: http://ec.europa.eu/consumers/odr/, en aanvullende informatie is te vinden op het volgende internetadres: https://ec.europa.eu/info/live-work-travel-eu/consumers/resolve-your-consumer-complaint_nl
[7]Op 22 april 2015 is het platform opgericht door de Commissie in samenwerking met het mondiaal waarnemingscentrum voor internetbeleid ("Global Internet Policy Observatory", GIPO).
[8]Jüri Ratas, premier van Estland op de digitale top in Tallinn.
[11]Ubiquitous Development of the Digital Single Market, een in opdracht van de EP-Commissie interne markt en consumentenbescherming verrichte studie, 2013: http://www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/etudes/join/2013/507481/IPOL-IMCO_ET(2013)507481_EN.pdf

Mariusz Maciejewski / Frédéric Gouardères