Hoofdnavigatie (Druk op Enter)
Direct naar de inhoud van de pagina (druk op "Enter")
Lijst van andere websites (Druk op Enter)

NOT FOUND !Pierre Moscovici

Hoorzitting

 

Pierre Moscovici

Portefeuille: Economische en Financiële Zaken, Belastingen en Douane-unie
 
Dag 4 , donderdag 2 oktober 2014 - 09:00 , Brussel  
 
Pierre Moscovici (Frankrijk)
Pierre Moscovici
 
Organisatie van de hoorzitting
 Verantwoordelijk voor de hoorzitting  Aan de hoorzitting verbonden
 
Vragen / Antwoorden
 
1. Algemene bekwaamheid, inzet voor Europa en onafhankelijkheid

Welke aspecten van uw kwalificaties en ervaring maken u bijzonder geschikt voor het vervullen van het ambt van commissaris en voor het bevorderen van het Europees algemeen belang, vooral op het gebied waarop u bevoegd zou zijn? Wat zijn uw drijfveren? Op welke wijze wilt u invulling geven aan de strategische agenda van de Commissie?


Hoe kunt u jegens het Europees Parlement uw onafhankelijkheid garanderen? Kunt u waarborgen dat uw vroegere, huidige of toekomstige activiteiten geen twijfel doen rijzen over uw functioneren als commissaris?


Het grootste deel van mijn loopbaan - meer dan twintig jaar - is gewijd aan de Europese integratie. Van 1994 tot 1997 was ik lid van het Europees Parlement en zetelde ik in de Commissie Economische en monetaire zaken en industriebeleid. In de periode 1997-2002 was ik minister van Europese Zaken van Frankrijk. Tijdens deze fascinerende periode was ik ten volle betrokken bij talrijke strategische onderhandelingen, zoals die over de uitbreiding van 2004, het begrotingskader Agenda 2000 en het Verdrag van Nice. Op de Conventie over de toekomst van Europa vertegenwoordigde ik de Franse autoriteiten. Ik had ook de eer aan het hoofd te staan van de Franse afdeling van de Europese Beweging. Van 2004 tot 2007 zetelde ik opnieuw in het Europees Parlement. Ik was een van de vicevoorzitters, onderhandelde over het langverwachte Statuut van de leden van het Europees Parlement en was rapporteur voor de uitbreiding met Roemenië. In de periode 2007 tot 2012 zetelde ik in de Franse Assemblée nationale. Ik was een actief lid van de Commissie Buitenlandse zaken en was vicevoorzitter van de Commissie Europese aangelegenheden tijdens de financiële crisis.


Van 2012 tot 2014 was ik de Franse minister van Economische Zaken en Financiën. In deze hoedanigheid heb ik samengewerkt met mijn Europese collega's en de Europese Commissie om de integriteit van de eurozone te waarborgen, de bankenunie tot stand te brengen, de belastingfraude in de EU en wereldwijd te bestrijden, waarbij ik heb gestreefd naar een convergentie van de belastingstelsels in de EU en de agenda voor economische groei en hervormingen heb bevorderd. Op nationaal niveau heb ik - in overeenstemming met onze Europese richtsnoeren - het overheidstekort teruggedrongen en essentiële structurele hervormingen geïnitieerd. Momenteel zetel ik in de Franse Assemblée nationale, waar ik lid ben van de Commissie Financiën. In die hoedanigheid heeft de eerste minister van Frankrijk mij belast met een opdracht om in een tijdspanne van zes maanden na te gaan hoe het Europees beleid de groei en werkgelegenheid beter kan bevorderen, hetgeen perfect aansluit bij de portefeuille die verkozen voorzitter Juncker aan mij wenst toe te vertrouwen. Uit al deze ervaringen blijkt steeds mijn streven om bij te dragen tot een beter Europa. Hierdoor kreeg ik ook een duidelijk en volledig beeld van de Europese instellingen en het Europese besluitvormingsproces.


Ik ben er sterk van overtuigd dat mijn ervaring een troef zou kunnen zijn op de werkterreinen economische en financiële zaken, belastingen en douane-unie. Als minister van Economie en Financiën heb ik nauw samengewerkt met Europese en internationale regeringsleiders - in het bijzonder in de ECOFIN, Eurogroep, G7 en G20-bijeenkomsten - bij het zoeken naar oplossingen voor de financiële en economische crisis, het versterken van de concurrentiekracht in Europa en het bevorderen van investeringen in de reële economie. Ik blijf er stellig van overtuigd dat Europa nood heeft aan een hechtere economische en monetaire unie en een betere convergentie van het economische en budgettaire beleid binnen de eurozone. Tegen deze achtergrond kan ik mij volledig terugvinden in de strategische richtsnoeren die door verkozen voorzitter Jean-Claude Juncker zijn voorgesteld en zal ik mijn uiterste best doen om op deze punten resultaten te boeken binnen het college van commissarissen, met het oog op werkgelegenheid, groei, concurrentiekracht, billijkheid en democratische veranderingen, zoals in mei laatstleden door een grote meerderheid van de kiezers in heel Europa is gevraagd.


Mijn optreden als commissaris moet gekenmerkt zijn door objectiviteit, transparantie, integriteit en onafhankelijkheid. Ik zal onafhankelijk handelen en onpartijdig zijn bij het uitvoeren van mijn opdrachten, waarbij ik mij zal laten leiden door ethische normen. Uit mijn belangenverklaring - die openbaar zal blijven en zal worden bijgewerkt - blijkt dat ik altijd belangenconflicten heb vermeden. Als commissaris ben ik voornemens dit te blijven doen, waarbij ik de voorzitter van de Commissie hieromtrent op gezette tijden inlichtingen zal verstrekken. Ik zal de gedragscode voor de leden van de Commissie en de richtsnoeren van de Europese Verdragen strikt naleven. Ik beloof hierbij plechtig artikel 17, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie en de artikelen 245 en 339 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie na te leven. Ik verbind mij er tevens toe te vermijden in een positie of situatie terecht te komen waardoor mijn onafhankelijkheid ter discussie zouden kunnen worden gesteld. Ik zal geen instructies aanvaarden van regeringen van de lidstaten of van elke andere entiteit.


Ik ondersteun ten volle het nieuwe streven naar transparantie dat is opgenomen in de politieke richtsnoeren van de verkozen voorzitter. Ik verbind mij ertoe al mijn contacten en bijeenkomsten met beroepsorganisaties of als zelfstandige werkzame personen die betrekking hebben op de EU-beleidsvorming en de tenuitvoerlegging daarvan openbaar te maken.


Ik ben er trots op Fransman te zijn, maar bovenal ben ik een overtuigd Europeaan, die binnen de Commissie wenst mee te werken aan de uitbouw van de toekomst van ons continent, in partnerschap met de andere Europese instellingen en de lidstaten. Mijn prioriteit is de Europese belangen te vertegenwoordigen, te dienen en te verdedigen, zoals ik heb gedaan als lid van het Europees Parlement. In mijn optreden zal ik mij laten leiden door mijn persoonlijke onafhankelijkheid, om resultaten te boeken voor alle Europeanen.

 
 
2. Beheer van de portefeuille en samenwerking met het Europees Parlement

Hoe ziet u uw rol als lid van het college van commissarissen? In hoeverre acht u zichzelf verantwoordelijk jegens het EP en bent u bereid verantwoording af te leggen aan het Parlement over uw handelen en dat van uw diensten?


Kunt u specifieke toezeggingen doen ten aanzien van meer transparantie, intensievere samenwerking en een actieve follow-up van de standpunten en verzoeken om wetgevingsinitiatieven van het Parlement? Bent u met betrekking tot de geplande initiatieven en lopende procedures bereid om het Parlement op gelijke voet met de Raad van informatie en documenten te voorzien?


Het is mijn sterke overtuiging dat de Europese Commissie een instelling van cruciaal belang blijft als hoedster van de Verdragen en dat zij essentieel is voor de communautaire methode. Als lid van het Europees Parlement gedurende zes jaar en als minister in de Raad gedurende zeven jaar heb ik kunnen vaststellen hoe belangrijk het is dat de Commissie en de commissarissen luisteren naar het Parlement, de lidstaten en de betrokken partijen en goed uitgebalanceerde maatregelen voorstellen waarmee de problemen kunnen worden aangepakt. Als toekomstig commissaris zal ik trouw blijven aan dit principe en het algemene Europese belang actief verdedigen en bevorderen. Mijn taak zal erin bestaan de resultaten die in het verleden zijn bereikt, te behouden en onze gemeenschappelijke waarden en beleidsmaatregelen verder te versterken. De grondleggers van de Europese Unie hebben ons een buitengewone erfenis nagelaten. Ik ben dan ook trots en vereerd om deze erfenis verder te kunnen ontwikkelen in de volgende Commissie, geleid door Jean-Claude Juncker, samen met mijn collega's in een sfeer van ware collegialiteit.


Als Europees en nationaal parlementslid gedurende meer dan tien jaar en lid van de Franse regering gedurende talrijke jaren, heb ik zowel in de wetgevende als in de uitvoerende macht ervaring opgedaan inzake het afleggen van democratische verantwoording. Dit heeft mij verder gesterkt in mijn overtuiging dat in ons democratisch bestel op politiek vlak niets kan worden verwezenlijkt zonder een sterk parlement. Als ik tot commissaris word benoemd, zal ik natuurlijk - in overeenstemming met mijn collega's - de Commissie vertegenwoordigen in de debatten in zowel de plenaire vergadering als de parlementaire commissies, en actief deelnemen aan de in het nieuwe governancekader geplande economische dialoog. Geheel conform de desbetreffende verdragsbepalingen, de kaderovereenkomst van 2009 en de daarmee samenhangende interinstitutionele akkoorden zal ik nauw samenwerken met het Europees Parlement en zijn leden. Ik zal deelnemen aan de besprekingen en de trialogen in het parlement. In de regel zal ik bij mijn optreden als commissaris aan het Parlement en de Raad hetzelfde belang toekennen, waarbij ik de bestaande regels en de door de Verdragen toegekende specifieke bevoegdheden volledig in acht zal nemen.


Wat betreft de follow-up van de standpunten en verzoeken van het Europees Parlement, zal ik op de terreinen waarvoor ik bevoegd ben, de bepalingen van de kaderovereenkomst toepassen en erop toezien dat de Commissie binnen een termijn van 3 maanden na hun vaststelling de op basis van artikel 225 VWEU tot stand gekomen parlementaire resoluties of verzoeken beantwoordt. In dit verband betuig ik mijn steun aan en volledige instemming met de door verkozen voorzitter Juncker gedane toezegging dat de toekomstige Commissie bijzondere aandacht zal besteden aan wetgevingsinitatiefverslagen.


In het toekomstige college moet - onder gezag van de verkozen voorzitter en voorgedragen vicevoorzitter Timmermans - overleg plaatsvinden en besluiten worden genomen over elke nieuwe verbetering van de bestaande werkmethoden.


Ik zal nauw samenwerken met voorgedragen vicevoorzitter Georgieva om ervoor te zorgen dat mijn diensten bij het uitvoeren van hun opdracht de bestaande regelgeving en normen in acht nemen, inclusief die welke in het Financieel Reglement zijn vastgesteld, opdat de jaarlijkse kwijtingsprocedure vlot kan verlopen.

 
 
Vragen van de Commissie economische en sociale zaken

3. Het functioneren van het bestaande economische bestuurskader


Het sixpack en het twopack hebben het economische bestuurskader ingrijpend veranderd door de begrotingsregels aan te scherpen en nieuwe regulering met betrekking tot macro-economische onevenwichtigheden op te leggen. Hoe denkt de Commissie uitvoering aan deze al bestaande regels te geven ten aanzien van landen met buitensporige tekorten en schulden en met macro-economische onevenwichtigheden, die hun jaarlijkse doelstellingen niet halen? Kunt u de verzekering geven dat u geen onderscheid tussen de lidstaten zult maken? Hoe is de Commissie voornemens een groeivriendelijk beleid van begrotingsconsolidatie te combineren met het rechtzetten van de macro-economische onevenwichtigheden, en tegelijk recht te doen aan de in het economisch bestuurskader ingebouwde flexibiliteit?


Ik ben blij deze vraag over de noodzaak van de juiste beleidsmix op EU-niveau te kunnen beantwoorden. Deze is van fundamenteel belang om de stabiliteit te ondersteunen, de groei te bevorderen en werkgelegenheid te creëren. Als ik tot commissaris voor Economische en financiële zaken, belastingen en douane-unie word benoemd, behoort het tot mijn opdracht om samen met mijn collega M. Thyssen en in samenwerking met voorgedragen vicevoorzitter V. Dombrovskis te zorgen voor de doeltreffende tenuitvoerlegging van de aanbevelingen, onder meer met betrekking tot het begrotingsbeleid en de macro-economische onevenwichtigheden. Het stabiliteits- en groeipact en de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden zoals vastgelegd in het zogeheten "sixpack" vormen een geschikt kader om aan de lidstaten die met economische en financiële moeilijkheden worden geconfronteerd, passende beleidsrichtsnoeren te geven. In het verleden heeft de Commissie deze instrumenten consequent en onpartijdig toegepast, waarbij zij rekening hield met de landspecifieke omstandigheden. Ik ben vastbesloten de opdracht van de Commissie te blijven vervullen, zoals door de regelgeving is vastgesteld, op een objectieve, billijke en economisch oordeelkundige manier en met de passende gestrengheid waar zulks noodzakelijk is. Ik ben ervan overtuigd dat dit cruciaal is voor de geloofwaardigheid van onze economie en voor het behoud van de krachtige governance die in de loop van de voorbije vijf jaar is opgebouwd. Dit zou vanzelfsprekend een cruciale test zijn voor de Commissie en de toekomstige commissaris die voor dit beleidsterrein is bevoegd.


Zoals Jean Claude-Juncker in zijn toespraak tot het Europees Parlement op 15 juli heeft benadrukt, zal de nieuwe Commissie het stabiliteits- en groeipact naleven en zo goed mogelijk gebruik maken van de in de bestaande regels ingebouwde flexibiliteit. Indien dit beleidsterrein mij als Europees commissaris wordt toevertrouwd, zal ik de geloofwaardigheid en de integriteit van het pact met volle overtuiging verdedigen. De Commissie treedt op in het belang van de gehele Europese economie en kan dus niet aanvaarden dat een lidstaat waartegen een buitensporigtekortprocedure loopt, zijn verplichtingen ten opzichte van de andere lidstaten niet nakomt. Indien een lidstaat nalaat de noodzakelijke "doeltreffende" maatregelen te nemen om gevolg te geven aan met de door de Raad vastgestelde aanbevelingen - ongeacht of het om een kleine of om een grote lidstaat gaat, uit het oosten of het westen, het noorden of het zuiden - dan zou de Commissie aan de Raad voorstellen om de regels toe te passen. Insgelijks zal ik er niet voor terugschrikken de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden in werking te laten treden indien wij vaststellen dat een lidstaat die in een situatie van buitensporige onevenwichtigheden verkeert geen actie heeft ondernomen om de door de Raad gezamenlijk vastgestelde aanbevelingen ten uitvoer te leggen. Het spreekt evenwel vanzelf dat - zoals velen reeds voor mij hebben opgemerkt - "het pact niet dom is": elke situatie moet afzonderlijk worden bekeken en elk land op zijn eigen merites worden beoordeeld, aangezien de aard, de omvang en de onderliggende oorzaken van de economische, financiële en sociale problemen zeer sterk verschillen van lidstaat tot lidstaat. Daarnaast zal de Commissie - zoals aangekondigd door de verkozen voorzitter - tegen het einde van het jaar een evaluatie van de tenuitvoerlegging van het sixpack en het twopack voorstellen. Deze exercitie is van cruciaal belang om onze economische governance verder te verbeteren.


De Europese economie moet op haar twee pijlers kunnen steunen: stabiliteit en groei. Om opnieuw voor duurzame groei te zorgen die tot banen en investeringen leidt, is er behoefte aan een integrale beleidsrespons waarbij de tekortkomigen op het vlak van vraag en aanbod tegelijkertijd worden aangepakt door een passende combinatie van structurele hervormingen, een gedifferentieerde en groeivriendelijke begrotingsconsolidatie en een accomoderend monetair beleid. Hierbij wil ik voorop stellen dat voor het monetair beleid weliswaar een belangrijke rol is weggelegd in de huidige situatie, maar dat het geen wondermiddel is tegen de fundamentele economische problemen waarmee we worden geconfronteerd.


Afhankelijk van hun economische uitgangssituatie worden lidstaten geconfronteerd met uiteenlopende structurele uitdagingen, waarvoor soms diepgaande en moeilijke hervormingen noodzakelijk zijn. Hoe sneller deze structurele problemen worden aangepakt, des te vlugger het effect van de hervormingen op de reële economie zichtbaar wordt, het vertrouwen wordt hersteld, de economische onzekerheid wordt weggenomen en de voorwaarden voor groei, werkgelegenheid en investeringen verbeteren. Wat het begrotingsbeleid betreft, zou ik de lidstaten met weinig of geen speelruimte ertoe aansporen hun inspanningen op te voeren om een groeivriendelijkere samenstelling van consolidatiemaatregelen tot stand te brengen, door onrendabele overheidsuitgaven terug te schroeven en de belastingstelsels efficiënter te maken. Tegelijkertijd moeten lidstaten met een meer comfortabele begrotingssituatie een deel van hun budgettaire speelruimte gebruiken om de investeringen te ondersteunen en de negatieve prikkels voor de werkgelegenheid weg te nemen, zonder hun gezonde begrotingssituatie op te geven.


Op grond van de feitelijke analyse die wordt verstrekt door de deskundige ambtenaren van DG ECFIN, DG TAXUD en andere diensten van de Commissie zal ik samen met mijn collega's de bestaande toezichtinstrumenten - met inbegrip van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden - gebruiken om de lidstaten ertoe aan te sporen passende hervormingsinspanningen te leveren. Deskundigheid in Brussel is evenwel niet toereikend. Om de juiste hervormingen in de lidstaten te kunnen bewerkstelligen, moeten we beter communiceren en onze acties en besluiten beter aan de burgers en de betrokken partijen toelichten.


4. Hoe het verder moet met de EMU


Eind 2012 presenteerden de voorzitter van de Europese Raad, in nauwe samenwerking met de voorzitter van de Commissie, de voorzitter van de Eurogroep en de president van de ECB een agenda voor een hechte EMU, die gericht was op het waarborgen van de stabiliteit en de integriteit van de EMU. Hoe dienen volgens u de noodzakelijke hervormingen voor een hechte EMU eruit te zien? Hoe bent u voornemens het Europees semester voor economische beleidscoördinatie meer inhoud te geven teneinde de effectiviteit en de kwaliteit van de landenspecifieke aanbevelingen en de toepassing daarvan door de lidstaten te waarborgen? Hoe denkt u de democratische controleerbaarheid van de in dit kader genomen besluiten te verbeteren, waarbij in ieder geval ook het Europees Parlement beter moet worden betrokken? Hoe bent u voornemens de investeringskloof in Europa te dichten?


Ik ben van mening dat de EMU nog steeds onvoltooid is, hoewel zij tijdens de crisis in aanzienlijke mate is geconsolideerd. Verdere wijzigingen aanbrengen in het coördinatiekader dat nog maar net tot stand is gekomen, is niet de eerste prioriteit op korte termijn. Essentieel is nu dat het vertrouwen wordt hersteld. Mijn opdracht binnen de Commissie, in nauwe samenwerking met vicevoorzitter Dombrovskis, is ervoor te zorgen dat de huidige EMU op gestructureerde wijze en op lange termijn functioneert overeenkomstig de vastgestelde regelgeving. In werkelijkheid zal deze algemenere kwestie van de verdieping van de EMU pas aan de orde komen wanneer de stabiliteit en het vertrouwen, zowel in de overheidsfinanciën als inzake groei en werkgelegenheid, zijn hersteld. In zijn beleidsrichtsnoeren heeft de verkozen voorzitter hiervoor een termijn vastgesteld.


De voorstellen die zijn opgenomen in het verslag van de vier voorzitters en de blauwdruk van de Commissie, vormen een stevige grondslag voor de komende jaren, waarbij het natuurlijk mogelijk blijft om nieuwe ideeën op tafel te leggen. Samen met mijn collega's, het Europese Parlement en de lidstaten zal ik actief bij dit debat betrokken zijn. Op de langere termijn denk ik bijvoorbeeld dat we moeten overwegen om een welbepaalde begrotingscapaciteit op het niveau van de eurozone tot stand te brengen, zoals verkozen voorzitter Juncker heeft voorgesteld, om meer stabiliteit tot stand te brengen door middel van grotere risicodeling en om de mogelijkheden tot stimulering van de hervormingen te vergroten. Naar mijn mening moet de uitvoering van de nationale budgettaire verbintenissen en structurele hervormingen een absolute voorwaarde zijn waaraan lidstaten moeten voldoen om een beroep te kunnen doen op deze begrotingscapaciteit. Een versterkte externe vertegenwoordiging van de EMU, die ook door Jean-Claude Juncker is bepleit, lijkt mij een logisch en wenselijk gevolg van de grotere integratie binnen de EMU.


Het niet naar behoren uitvoeren van landspecifieke aanbevelingen is momenteel een van de zwakke punten van ons kader voor het coördineren van het economisch beleid op Europees niveau. Door deze tekortkoming wordt de geloofwaardigheid van onze regels ondermijnd. Op dit vlak tellen alleen de resultaten. Samen met voorgedragen vicevoorzitter Dombrovskis is het mijn opdracht om de naleving van deze aanbevelingen te verhogen. Om deze doelstelling te bereiken, moeten we volgens mij als volgt te werk gaan: streng toezicht door de Commissie, gebaseerd op een diepgaande kennis van de situatie in de verschillende lidstaten, politieke inspanning om de betrokkenheid van de burgers en de nationale inbreng te vergroten, een debat over hoe we de hervormingen kunnen stimuleren om niet de indruk te wekken dat de benadering louter bestraffend is. Er moet nauwgezet op worden toegezien dat de lidstaten een gelijke behandeling krijgen.


Met het nieuwe kader voor coördinatie en toezicht dat sinds de crisis is tot stand gekomen, wordt de soevereiniteit binnen de EMU op een nooit geziene schaal gebundeld. Voor de doorsnee burger is dit kader complex. Bij het overdragen van de aanzienlijke bevoegdheden over nationale begrotingen aan Europa kunnen er zich problemen voordoen, aangezien deze bevoegdheden de kern vormen van de nationale democratieën. Ik ben van mening dat deze overdracht moet leiden tot een nauwere samenwerking en dialoog tussen het Europees Parlement, de nationale parlementen en de Commissie in de zin van de oorspronkelijke onderdelen van het twopack. Er zou een zinvol debat kunnen worden gehouden over de wijze waarop het Europees Parlement moet worden georganiseerd voor aangelegenheden die specifiek de eurozone aanbelangen.


De investeringen in Europa en de eurozone bevinden zich nog niet op het niveau van vóór de crisis. Dit is met name het geval voor de lidstaten in het zuidelijk deel van de eurozone, maar dit geldt ook voor de investeringen in Duitsland, of investeringen in onderzoek in Frankrijk. Dit is een cruciale aangelegenheid die wij moeten aanpakken indien het ons ernst is met het herstel van de groei en de werkgelegenheid. Het is de prioriteit van de Commissie-Juncker en haar antwoord op de bezorgdheid waarvan de Europese kiezers in mei laatstleden blijk hebben gegeven. Het door de verkozen voorzitter aangekondigde pakket van 300 miljard EUR dat in een periode van drie jaar ten uitvoer zal worden gelegd, moet ons in staat stellen om het tekort aan investeringen aan te pakken. Ik zal nauw samenwerken met voorgedragen vicevoorzitter Katainen om ervoor te zorgen dat dit pakket snel en duurzaam effect heeft op de groei en de werkgelegenheid in Europa.


Volgens mij moet actie worden ondernomen op twee elkaar aanvullende fronten: i) het vermogen van de Europese economie om nieuwe investeringen te kunnen opnemen. Daarom is het belangrijk om onverwijld de interne markt te voltooien in bepaalde sectoren die cruciaal zijn voor de toekomstige groei: energie, klimaat en de digitale economie. Een kapitaalmarktentunie - een project dat wordt geleid door kandidaat-commissaris Hill - is noodzakelijk voor alle 28 lidstaten. Om de interne kapitaalmarkt te voltooien - hetgeen behoort tot de prioriteiten van de nieuwe Commissie - is het noodzakelijk om particulier spaargeld te kunnen inzetten voor productieve investeringen binnen de EU. Indien openbare middelen noodzakelijk zijn om investeringen op gang te brengen of te intensiveren, moeten we de kredietverleningscapaciteit (EIB) en de deelname in het aandelenkapitaal (EIF) verhogen. Indien ik het vertrouwen krijg van het Parlement, zal ik mijn collega-commissarissen helpen om deze strategische taken tot een goed einde te brengen.


5. Fiscaal beleid


Welke bijkomende maatregelen denkt u als commissaris die belast is met het fiscale beleid van de EU te nemen om het actieplan voor een intensievere bestrijding van belastingfraude, belastingontduiking en het witwassen van geld kracht bij te zetten en effectief ten uitvoer te leggen, evenals de aanbevelingen betreffende agressieve fiscale planning en belastingparadijzen? Met betrekking tot de automatische uitwisseling van informatie op belastinggebied (AEOI) hebben de lidstaten nu duidelijk de wens te kennen gegeven om verder gaan dan het huidige samenwerkingsniveau teneinde de versnippering van de interne markt te voorkomen. Hoe denkt de Commissie te zorgen voor een consistente EU-brede aanpak en de beleidsmaatregelen van de lidstaten te coördineren? Wat zijn uw opvattingen omtrent de behoefte aan convergentie tussen de belastingstelsels in de EU?


Als voormalig minister van Economie en Financiën, was ik actief betrokken bij de totstandkoming van de huidige agenda voor het fiscale beleid. Op dit punt zal ik als commissaris dezelfde vastberadenheid aan de dag blijven leggen. Dit is een cruciaal beleidsterrein voor onze economieën, onze ondernemingen en onze burgers. In mijn werkzaamheden met de lidstaten en de mondiale partners zal ik mij door de volgende richtsnoeren laten leiden: efficiëntie en billijkheid. Ik hoop dat ik kan rekenen op de steun van het Europees Parlement om door te kunnen gaan op het huidige politieke elan.


Een billijkere vennootschapsbelasting blijft een brandende kwestie en staat bovenaan mijn agenda. Zoals reeds is aangegeven in de politieke beleidslijnen van de verkozen voorzitter Juncker, moet de strijd - zowel binnen de EU als in onze betrekkingen met internationale partners - tegen belastingfraude, belastingontwijking en agressieve belastingplanning met de nodige doortastendheid worden voortgezet, waarbij ook grondslaguitholling en winstverschuiving moeten worden aangepakt, ook in de digitale economie. Dit is van cruciaal belang voor het vertrouwen en de goede werking van onze economieën.


Als ik tot commissaris word benoemd, ben ik voornemens ervoor te zorgen dat de reeds in het kader van het actieplan 2012 van de Commissie geboekte vooruitgang wordt geconsolideerd. In dit verband moet de herziening van de moeder-dochterrichtlijn om hybride leningen te voorkomen, volledig worden uitgevoerd, terwijl de werkzaamheden inzake antimisbruikmaatregelen in EU-wetgeving moeten worden omgezet. Het voorstel voor een gemeenschappelijke geconsolideerde heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting (CCCTB) moet opnieuw onder de aandacht worden gebracht. Niet alleen brengt dit voorstel een belangrijke vereenvoudiging voor ondernemingen en buitenlandse investeerders tot stand, maar het zou ook een krachtig instrument kunnen zijn om belastingontwijking tegen te gaan. Belastingen heffen in een steeds meer gedigitaliseerde economie blijft een urgent probleem waaraan meer aandacht moet worden besteed. De kwestie van manipulatie van immateriële activa door ondernemingen om hun belastinggrondslag zo klein mogelijk te maken, moet de nodige aandacht krijgen. Ik ben voornemens over deze aangelegenheden een eerlijk debat te voeren met de lidstaten.


Buiten de EU zal ik mij inspannen om onze beginselen van behoorlijk bestuur op internationaal vlak ingang te doen vinden. Wanneer een op consensus gebaseerde aanpak resultaten oplevert, moeten we deze benadering krachtdadig voortzetten. Het overleg met Zwitserland om oneerlijke regelingen voor vennootschapsbelasting op te doeken, was succesvol en ik ben er voorstander van om soortgelijke dialogen met andere derde landen aan te gaan. Dit is een essentieel onderdeel van het volgende mandaat.


In 2015 ben ik voornemens te rapporteren over de vooruitgang die de lidstaten hebben geboekt bij de tenuitvoerlegging van de aanbevelingen over "belastingparadijzen" en "agressieve belastingplanning". Dat zal het uitgelezen moment zijn op een gecoördineerde wijze na te gaan welke verdere stappen moeten worden gezet om de belastinggrondslagen van de lidstaten te beschermen tegen deze schadelijke regelingen en om vast te stellen welke vooruitgang is geboekt bij de aanpak van agressieve belastingplanning.


De nieuwe wereldwijde standaard voor de automatische uitwisseling van financiële rekeninggegevens voorziet daadwerkelijk in het einde van het bankgeheim. Dit moet het begin zijn van een nieuwe periode van samenwerking en transparantie tussen belastingautoriteiten wereldwijd. Voor de lidstaten betekent dit dat deze standaard op grond van een degelijk EU-rechtskader moet worden ingevoerd, die door de herziene richtlijn betreffende administratieve samenwerking tot stand zal komen. Zodra de vaststelling heeft plaatsgevonden, zal ik vastberaden streven naar volledige en tijdige tenuitvoerlegging van deze wetgeving in alle lidstaten. Alleen met een EU-kader kan de integriteit van de interne markt, de verenigbaarheid met de vier vrijheden en de naleving van andere relevante EU-beleidsmaatregelen, bijvoorbeeld inzake gegevensbescherming, automatisch worden gegarandeerd.


Geen enkel juridisch of technisch instrument kan evenwel het wederzijdse vertrouwen tussen de lidstaten vervangen. Zij moeten een belangrijke stap voorwaarts zetten in hun strijd tegen frauduleuze activiteiten en een echt klimaat van wederzijds vertrouwen en samenwerking tot stand brengen. Zelf ben ik voornemens deze mentaliteitswijziging met alle mogelijke middelen te ondersteunen.


Meer convergentie van belastingstelsels in de EU biedt kansen die we moeten aangrijpen. Voor mij brengt een gecoördineerde fiscale benadering op EU-niveau voordelen met zich voor de economieën van de lidstaten, en is het dus geen bedreiging. Ten eerste kan met een overkoepelende EU-benadering gezorgd worden voor de juiste ondersteuning van de doelstellingen van de EU. Onze strategie voor groei en werkgelegenheid zou worden bevorderd door effectieve verlegging van belastingen, zoals aanbevolen in het kader van het Europees semester. Ten tweede zou de interne markt alleen maar voordeel halen uit initiatieven zoals het tegengaan van dubbele belasting, op de burgers gerichte maatregelen (bv. inzake erfenissen, grensarbeiders) en de vermindering van de administratieve lasten voor ondernemingen. Ten derde kunnen alleen de EU en de lidstaten samen doeltreffend optreden bij de noodzakelijke versterking van de kwaliteit van de belastingstelsels en de totstandbrenging van de eerlijke concurrentie en billijkheid waarmee ons sociaal en economisch model kan worden gehandhaafd. Ik zou werk maken van de invoering van de belasting op financiële transacties, hetgeen kan bijdragen tot beperking van het systeemrisico, waardoor de waarschijnlijkheid van toekomstige crises wordt verkleind. In dit kader is een volledige harmonisatie van de belastingregels niet noodzakelijk, maar is een grotere onderlinge afstemming van belastingstelsels via met eenparigheid van stemmen goedgekeurde EU-oplossingen onontbeerlijk.