Hoofdnavigatie (Druk op Enter)
Direct naar de inhoud van de pagina (druk op "Enter")
Lijst van andere websites (Druk op Enter)

NOT FOUND !Johannes Hahn

Hoorzitting

 

Johannes Hahn

Portefeuille: Europees nabuurschapsbeleid en uitbreidingsonderhandelingen
 
Dag 2 , dinsdag 30 september 2014 - 13:30 , Brussel  
 
 
Organisatie van de hoorzitting
 Verantwoordelijk voor de hoorzitting  Aan de hoorzitting verbonden
 
Vragen / Antwoorden
 
1. Algemene bekwaamheid, inzet voor Europa en onafhankelijkheid

Welke aspecten van uw kwalificaties en ervaring maken u bijzonder geschikt voor het vervullen van het ambt van commissaris en voor het bevorderen van het Europees algemeen belang, vooral op het gebied waarop u bevoegd zou zijn? Wat zijn uw drijfveren? Op welke wijze wilt u invulling geven aan de strategische agenda van de Commissie?


Hoe kunt u jegens het Europees Parlement uw onafhankelijkheid garanderen? Kunt u waarborgen dat uw vroegere, huidige of toekomstige activiteiten geen twijfel doen rijzen over uw functioneren als commissaris?


Ik ben reeds vijf jaar commissaris geweest en heb in die periode mijn inzet voor het Europese belang en mijn onafhankelijkheid aangetoond, zowel in de besluiten die ik heb genomen als in de politieke invloed die ik heb uitgeoefend.


In het kader van mijn huidige portefeuille heb ik de aanzet gegeven tot een fundamentele hervorming van het regionaal beleid en deze opgevolgd. Ik heb de Europese regio’s geholpen het hoofd te bieden aan de crisis, in een periode waarin bijna overal in Europa de overheidsinvesteringen sterk zijn gedaald. Onder mijn leiding heeft de Commissie, samen met het Europees Parlement, op concrete wijze laten zien (bijvoorbeeld door herprogrammering, een verlaging van cofinancieringspercentages, enz.), dat de Europese instellingen flexibel en vastberaden kunnen optreden ten behoeve van de Europese burgers. In partnerschap met het Europees Parlement en de lidstaten hebben wij van dit beleid het belangrijkste Europese investeringsinstrument gemaakt, om de bredere doelstellingen van Europa 2020 te verwezenlijken. Dat was een inclusief proces waarbij het maatschappelijk middenveld, het bedrijfsleven, de sociale partners en de politieke vertegenwoordigers op elk niveau werden betrokken. Structurele hervormingen en goed bestuur, die de essentiële voorwaarden zijn voor de verwezenlijking van de gemeenschappelijke Europese doelstellingen, zijn de leidende beginselen van onze werkzaamheden geweest.


Ik zie een duidelijk verband tussen mijn huidige portefeuille en mijn toekomstige verantwoordelijkheden als Europees commissaris voor Europees nabuurschapsbeleid en uitbreidingsonderhandelingen. Het verwezenlijken van economische ontwikkeling en integratie door middel van concrete projecten en strategische investeringen is een van de belangrijkste onderdelen van de ervaring die ik in mijn nieuwe functie zal meenemen. Tijdens mijn mandaat hebben wij in onze macroregionale strategieën een geheel nieuwe vorm van regionale samenwerking tot stand gebracht, waarbij sommige landen van de Westelijke Balkan en een aantal oostelijke nabuurschapslanden reeds zijn betrokken.


Mijn motivatie ligt erin de transformerende kracht van de Europese Unie en haar verschillende instrumenten te gebruiken om het leven, de kansen en de welvaart van mensen te verbeteren. De EU werd opgericht om de vrede te bevorderen door middel van nauwere integratie. Indien mijn kandidatuur wordt aanvaard, zal dit mijn opdracht zijn met partners buiten de grenzen van de EU.


In mijn hele professionele en politieke carrière waren Europa en de Europese Unie steeds de bredere context waarbinnen mijn werkzaamheden plaatsvonden. Zodra ik politiek actief ben geworden, was ik voorstander van de gedachte van een verenigd Europa zonder grenzen.


Regionaal beleid houdt samenwerking in met bijna elk beleidsterrein binnen de Commissie (van energie tot vervoer, van sociaal beleid tot onderzoek, van milieu tot macro-economisch beleid). Deze ervaring zal me zeker van pas komen in een Commissie waarin veel belang wordt gehecht aan teamwerk en de mogelijkheid om de Europese prioriteiten gezamenlijk aan te pakken. Dat geldt in het bijzonder voor het uitbreidingsbeleid en de nabuurschapsonderhandelingen, waarbij de coördinatie van onze instrumenten en beleidsmaatregelen van cruciaal belang zijn om maximaal effect te sorteren.


Het spreekt voor zich dat ik mijn functie en werk als lid van de Europese Commissie in alle onafhankelijkheid zal uitoefenen, zoals ik heb gedaan gedurende de laatste vijf jaar, waarbij ik uitsluitend het gemeenschappelijke Europese belang voor ogen heb. Ik zal elke situatie blijven vermijden die zou kunnen afdoen aan mijn onafhankelijkheid of onpartijdigheid.


Ik ben mij terdege bewust van de in de Verdragen vastgelegde verplichtingen, en blijf vastbesloten om mij te houden aan de hoogste ethische normen die zijn vastgelegd in het Verdrag en in de gedragscode voor commissarissen. Mijn belangenverklaring is volledig en openbaar en zal worden bijgewerkt in geval van eventuele wijzigingen.

 
 
2. Beheer van de portefeuille en samenwerking met het Europees Parlement

Hoe ziet u uw rol als lid van het college van commissarissen? In hoeverre acht u zichzelf verantwoordelijk jegens het EP en bent u bereid verantwoording af te leggen aan het Parlement over uw handelen en dat van uw diensten?


Welke specifieke toezeggingen bent u bereid te doen ten aanzien van grotere transparantie, intensievere samenwerking en een doelmatige follow-up van de standpunten en verzoeken om wetgevingsinitiatieven van het Parlement? Bent u met betrekking tot geplande initiatieven en lopende procedures bereid om het Parlement op gelijke voet met de Raad van informatie en documenten te voorzien?


Zoals ik in de afgelopen vijf jaar heb laten blijken, ondersteun ik ten volle het collegialiteitsbeginsel als fundament voor het goede functioneren van de Commissie. Het ligt aan de basis van evenwichtige en weloverwogen beslissingen waarbij rekening wordt gehouden met de verschillende aspecten van het besluitvormingsproces en de verschillende standpunten en benaderingen. Het staat garant voor de samenhang van ons beleid en onze voorstellen.


In het kader van de algemene bevoegdheden van de Commissie als college ben ik verantwoordelijk voor de activiteiten van mijn DG. Goede relaties tussen het directoraat-generaal, mijn kabinet en mijzelf berusten op loyaliteit, wederzijds respect en vertrouwen, transparantie en een open informatiestroom tussen de diensten en het politieke niveau. Dat is een noodzakelijke voorwaarde voor de uitoefening van mijn bevoegdheden.


Ik ben mij terdege bewust van de in de Verdragen vastgelegde verplichtingen inzake de onafhankelijkheid van de leden van de Europese Commissie. Ik sta volledig achter ons nieuwe streven naar transparantie overeenkomstig de politieke richtsnoeren van de verkozen voorzitter. Ik verbind mij ertoe alle contacten en besprekingen die ik met beroepsorganisaties of zelfstandigen heb over gelijk welk onderwerp in verband met de besluitvorming en uitvoering van het EU-beleid, openbaar te maken.


Ik hecht groot belang aan een verbetering van ons partnerschap met de andere instellingen, met name het Europees Parlement. De kennis van onze 28 lidstaten die ik tijdens de uitoefening van mijn huidige ambt heb opgedaan, zal van onschatbare waarde zijn, niet alleen in termen van beleid, maar ook om onze bredere Europese doelstellingen aan de burgers uit te leggen.


Zoals is gebleken in mijn relaties met het Europees Parlement en de geachte Parlementsleden, streef ik naar voortzetting van een open en constructieve politieke dialoog over alle zaken die tot mijn portefeuille behoren.


Wat betreft de follow-up van de standpunten en verzoeken van het Europees Parlement zal ik de bepalingen van het kaderakkoord toepassen en, in mijn bevoegdheidsgebieden, ervoor zorgen dat de Commissie parlementaire resoluties of verzoeken op basis van artikel 225 VWEU binnen 3 maanden na de aanneming ervan behandelt. In dit verband sluit ik me volledig aan bij de toezegging van de verkozen voorzitter Juncker dat de toekomstige Commissie bijzondere aandacht zal besteden aan initiatiefverslagen van wetgevende aard.


Ik sta open om regelmatig van gedachten te wisselen met de bevoegde commissie over lopende en geplande initiatieven en zal de jaarlijkse voortgangsverslagen en strategische documenten onmiddellijk na goedkeuring door het college en vóór bekendmaking aan de pers, aan u presenteren. Ik zal u regelmatig schriftelijk op de hoogte stellen van mijn bezoeken aan onze partnerlanden, en ik ben bereid veelvuldige bijeenkomsten te houden met het AFET-bureau, de groepscoördinatoren en rapporteurs om het standpunt van het Parlement te bespreken en informatie uit te wisselen. Een sleutelelement voor mij zijn de interparlementaire vergaderingen met de parlementen van de partnerlanden. Deze vergaderingen zijn een uitstekende gelegenheid om de banden tussen de nationale parlementen en de EU aan te halen en ik zal deze zoveel mogelijk bijwonen wanneer mijn agenda dat toelaat.

 
 
Vragen van de Commissie buitenlandse zaken:

3. Interinstitutionele betrekkingen:


Kunt u zich, ter waarborging van een passende parlementaire controle, ertoe verplichten te zorgen voor een betere stroom (soort, frequentie, inhoud) van informatie die de EU-delegaties in de toetredingslanden en buurlanden doorgeven (met inbegrip van politieke rapportage)? Welke maatregelen gaat u nemen om ervoor te zorgen dat deze commissie op proactieve en systematische wijze wordt voorzien van concrete informatie over alle stadia van de onderhandelingen, de ondertekening en de tenuitvoerlegging van internationale overeenkomsten? Op welke wijze denkt u deze commissie te helpen bij het toezicht op de tenuitvoerlegging van deze overeenkomsten?


Ik ben er mij ten volle van bewust dat uw werk moet gebaseerd zijn op feiten, en op beoordelingen en verslagen van de Europese Commissie en de delegaties van de EU. Ik zal een constante dialoog met het Europees Parlement onderhouden om u te informeren over de ontwikkelingen in de buurlanden en de pretoetredingslanden en onze betrekkingen met deze landen, met inbegrip van de voorbereiding en de tenuitvoerlegging van internationale overeenkomsten.


Mijn team en ik zullen ervoor zorgen dat alle brieven, schriftelijke vragen en andere mededelingen van de leden van het Europees Parlement tijdig en uitvoerig worden behandeld. Ik zal mijn diensten opdracht geven u de verslagen van EU-delegaties in verband met het toetredingsproces te blijven toezenden en ik zal met de hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter overleggen over de beste manier om te zorgen voor een regelmatige informatieverstrekking volgens de vaste praktijken en afspraken. Wat internationale overeenkomsten en de toetredingsonderhandelingen betreft, zal ik ervoor zorgen dat het Parlement op de hoogte wordt gehouden en de kans krijgt in alle stadia zijn standpunten kenbaar te maken en aanbevelingen te formuleren, die ik uiteraard zeer ernstig zal nemen.


Ik ben vastbesloten te zorgen voor een passende parlementaire controle en u tijdig en uitvoerig op de hoogte houden van mijn werkzaamheden.


Hoe ziet u, aangezien het nabuurschapsbeleid de hoeksteen van het buitenlands beleid van de EU is, de taakverdeling met de hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter van de Commissie ten aanzien van het nabuurschapsbeleid? Welke stappen denkt u te nemen met het oog op de samenhang van de externe beleidsmaatregelen van de EU en de verbetering van de beleidsformulering?


Zoals verkozen voorzitter Juncker het verwoordde: "De nieuwe hoge vertegenwoordiger zal haar rol als vicevoorzitter van de Commissie ten volle spelen. Zij zal met name de werkzaamheden van alle commissarissen met betrekking tot externe betrekkingen sturen en coördineren met behulp van een groep van commissarissen voor het externe optreden, om een gezamenlijke aanpak te ontwikkelen". Ik sta volledig achter deze gezamenlijke inspanning en zal mijn werk nauw coördineren met dat van de hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter en de andere leden van de Commissie om de consistentie van het buitenlands beleid van de EU te garanderen. Ik zal bijzondere aandacht besteden aan de aspecten die verband houden met de aanpassing aan het EU-acquis.


Ik ben voornemens zo nauw mogelijk samen te werken met de nieuwe hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter om te zoeken naar pragmatische oplossingen voor de talrijke uitdagingen die ons te wachten staan. Ik sta ook paraat om de nieuwe hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter indien nodig te vervangen op gebieden waarvoor de Commissie bevoegd is.


Kunt u, overeenkomstig de bepalingen in de rechtsgrond van het ENI en het IPA, bevestigen dat de Commissie bij de tussentijdse herziening gedelegeerde handelingen zal vaststellen om de in de bijlagen afgebakende prioriteiten te bekrachtigen of te wijzigen? Hoe denkt u de strategische dialoog met deze commissie te voeren?


Ik verheug mij op een strategische dialoog met het Europees Parlement over deze aangelegenheden.


Ik zal de verplichtingen uit hoofde van de ENI- en IPA II-verordeningen ten volle naleven, met inbegrip van die betreffende de bevoegdheid om gedelegeerde handelingen aan te nemen. Na de publicatie van het tussentijdse evaluatieverslag en op basis van de daarin opgenomen aanbevelingen, zal ik het college voorstellen een gedelegeerde handeling vast te stellen tot wijziging van de relevante bijlagen van de ENI- en IPA II-verordeningen.


Ook heb ik nota genomen van de verbintenissen van de tweede Commissie-Barroso in het kader van het algemene compromis tussen de instellingen ten aanzien van zowel het IPA als het ENI. Ik zal een strategische dialoog aangaan met het Europees Parlement ter voorbereiding van de tussentijdse evaluatie van de uitvoering van de instrumenten, alvorens een nieuw of sterk gewijzigd programmeringsdocument van strategische aard te presenteren tijdens de looptijd van het ENI of het IPA.


Onze strategische dialoog die vóór de tussentijdse evaluatie zal worden gevoerd, zal een uitstekende gelegenheid bieden om de balans op te maken van de ontwikkelingen in de eerste drie jaar, en om eventuele aanpassingen te overwegen van de lijst van prioriteiten als vermeld in de respectieve bijlagen II.


Wat de strategische dialoog betreft, zal ik mij inzetten voor een constructieve dialoog met het Europees Parlement. Ik wil de betrokkenheid van de instellingen bij de dialoog in stand houden en waar mogelijk versterken.


In het bijzonder zou ik graag een duidelijker verband leggen tussen onze besprekingen over politieke aangelegenheden en de debatten over de tenuitvoerlegging van onze financiële bijstand.


4. Beleidskader voor het nabuurschapsbeleid:


Bent u van oordeel dat het huidige beleidskader waarbij onder één noemer 16 landen, van Marokko tot Oekraïne, zijn samengebracht, nog steeds actueel is, gezien de uiteenlopende vooruitzichten inzake politieke stabiliteit, veiligheid, capaciteit voor hervormingen en toezeggingen in verband met hervormingen? Welke concrete initiatieven gaat u voorstellen om het nabuurschapsbeleid te hervormen en hoe denkt u gevolg te geven aan de resoluties van het Europees Parlement hierover?


Sinds het Europees nabuurschapsbeleid (ENB) tien jaar geleden van start is gegaan, hebben er ingrijpende veranderingen in onze buurlanden plaatsgevonden. Hoewel het ENB in 2011 werd herzien als reactie op de Arabische lente, maakt de instabiliteit in de hele regio, maar in het bijzonder in Oekraïne, Syrië en Libië, verdere aanpassingen noodzakelijk. Verkozen voorzitter Juncker heeft mij opgedragen binnen het eerste jaar van het nieuwe mandaat een stand van zaken op te maken en een toekomstig traject voor te stellen, en ik beschouw dit als een essentiële en dringende taak.


Zonder vooruit te lopen op het resultaat van dit proces, ben ik van mening dat het ENB nog steeds een breed, overkoepelend kader biedt voor ons optreden in de naburige regio’s. Dit kader, dat gebaseerd is op Europese belangen en waarden, zorgt voor de samenhang van alle beleidsinstrumenten van het externe optreden van de EU, waarbij het belang dat de EU hecht aan de betrekkingen met haar naaste partners, wordt onderstreept.


Indien mijn kandidatuur wordt aanvaard, wil ik er prioritair voor zorgen dat het ENB beter wordt afgestemd op het beoogde doel en efficiënter bijdraagt aan de instandhouding van de veiligheid en waarden van Europa. Om dit te bereiken, is het duidelijk dat het ENB verder moet worden aangepast aan en toegespitst op de individuele situaties en behoeften van onze buren.


Het ENB moet flexibeler worden. Onze buurlanden zijn te verschillend om een uniforme aanpak toe te passen. Het ENB moet sneller en doeltreffender kunnen reageren op crises. Het moet niet alleen per land, maar ook per thema functioneren, om ervoor te zorgen dat we over de juiste instrumenten beschikken om efficiënt te zijn op alle belangrijke gebieden, zoals energie, vrije handel, migratie en vooral goed bestuur. De Unie moet er zijn voor onze partners die de Europese waarden omarmen, maar zij moet ook een duidelijke strategie hebben om druk te blijven uitoefenen op de partners die dit niet, of momenteel nog niet, doen. In het ENB moet ten slotte meer ruimte worden gecreëerd voor een sterkere gezamenlijke invulling van de bilaterale betrekkingen met elk partnerland. Ik zou meer lokale betrokkenheid willen zien, met een grotere rol voor het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld.


Ik zal nauw samenwerken met de hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter om na te gaan welke wijzigingen nodig zijn om het ENB aan de hedendaagse wereld aan te passen. Ik zal het Europees Parlement nauw betrekken bij dit proces en ik verheug me op een intensieve dialoog om ervoor te zorgen dat de deskundigheid van het Europees Parlement, die blijkt uit zijn resoluties over dit onderwerp, ten volle wordt benut. De algemene doelstelling is zo klaar als de dag: een zo nauw mogelijke politieke associatie en economische integratie tot stand brengen in het gemeenschappelijk belang van de EU en haar partners.


In welke mate zou u een verdere (politieke, financiële, enz.) differentiatie willen invoeren op basis van de behoeften, de merites en de EU-prioriteiten? Welke groepen landen zouden volgens u voor een beleidsdifferentiatie in aanmerking komen, zowel in het zuidelijke als het oostelijke nabuurschap? Op welke wijze denkt u te zorgen voor de naleving van de voorwaarden inzake de mensenrechten in het kader van het nabuurschapsbeleid?


Differentiatie is een kernelement van het ENB, en we moeten daar verder in gaan om rekening te houden met de situatie in elk land. Georgië, Moldavië en Oekraïne in het oosten, en Marokko en Tunesië in het zuiden, zijn bereid de hervormingen door te voeren en zeer nauwe banden te smeden met de EU. Ik zal ervoor zorgen dat zij de steun op maat krijgen die zij nodig hebben om de politieke en economische hervormingen voort te zetten. Het succes van het democratische proces in Tunesië vormt een belangrijk voorbeeld voor andere landen in de regio en toont aan dat het land een positieve keuze heeft gemaakt. De samenwerking met andere landen zal in sommige gevallen minder ambitieus moeten zijn, en we moeten nadenken over de manier waarop de betrekkingen van geval tot geval kunnen worden voortgezet.


In het oosten is de bijdrage tot een oplossing voor de crisis in Oekraïne een prioriteit voor mij. In het zuiden moet de EU een politieke oplossing voor de crisis in Syrië ondersteunen, waarbij zeker ook de ontwikkelingen in Libië niet mogen worden vergeten.


Democratie, rechtsstaat en de eerbiediging van de mensenrechten zijn essentiële onderdelen van alle partnerschappen en samenwerkingsovereenkomsten van de EU met derde landen. De eerbiediging van de mensenrechten moet op doordachte wijze als voorwaarde worden gesteld om meer druk te kunnen uitoefenen op hervormingsprocessen. Dit heeft ook gevolgen voor andere terreinen zoals handel, politieke dialoog en migratie. Ik zal deze instrumenten versterken, het „meer voor meer” -beginsel verruimen, en een langetermijnstrategie voor de bevordering van de Europese waarden uitstippelen, en in het bijzonder de steun richten op het maatschappelijk middenveld in de partnerlanden.


Sterke democratische beginselen en een gedegen maatschappelijk middenveld blijven voor alle nabuurschapslanden een doelstelling. Welke beleidsinstrumenten, positieve invloed en beloningen heeft u met het oog hierop in gedachte voor landen die bij hun hervormingsproces bijzonder efficiënt te werk gaan?


Maatschappelijke organisaties spelen een cruciale rol in het aanzwengelen van het publieke debat, het geven van input voor het beleid, en het starten van nieuwe initiatieven. Ik beschouw ze als belangrijke actoren om de democratie en de mensenrechten, de rechtsstaat en goed bestuur, en duurzame economische en sociale ontwikkeling te bevorderen.


Ik zal nauw samenwerken met het Europees Parlement om na te gaan hoe de positieve invloed op de democratie verder kan worden versterkt en de organisaties van het maatschappelijk middenveld kunnen worden ondersteund. In het kader van de komende herziening moet worden bekeken hoe de EU haar invloed kan optimaliseren, waarbij verder wordt gegaan dan de huidige ENB-instrumenten om goede vorderingen te belonen.


5. Beleidskader voor de uitbreiding:


Welke maatregelen denkt u te nemen om het elan van de uitbreiding vast te houden en om ervoor te zorgen dat de respectieve landen zich blijven richten op de voorbereiding van de toetreding?


Het vooruitzicht van toetreding tot de EU is een belangrijke aanjager van hervormingen, en wij moeten deze hefboomwerking verstandig gebruiken. Tezelfdertijd ben ik er vast van overtuigd dat een land pas tot de EU moet toetreden als het er helemaal klaar voor is. Kwaliteit primeert op snelheid. Bovendien moeten onze burgers de toetreding van dertien lidstaten in de afgelopen tien jaar verwerken, en bijgevolg zal er in de komende vijf jaar geen verdere uitbreiding plaatsvinden.


Binnen het uitbreidingskader zal ik blijven werken om de landen daarop voor te bereiden, met name via de toetredingsonderhandelingen en het stabilisatie- en associatieproces. Onze partners moeten begrijpen dat deze voorbereidingen tijd zullen vergen, maar dat onze verbintenissen ten aanzien van hen blijven bestaan. Ingrijpende hervormingen zijn nodig en zij kunnen slechts geleidelijk worden bereikt, met onze volledige steun.


Het onderhandelingsproces biedt een krachtig kader en duidelijke richtsnoeren. Ik zal ervoor zorgen dat alle landen duidelijk begrijpen wat er van hen verwacht wordt om vooruit te gaan, zodat zij hun inspanningen concentreren op de belangrijkste volgende stappen. Met name ten aanzien van de essentiële hoofdstukken over de rechtsstaat ben ik van plan de politieke dialoog op hoog niveau en de samenwerking met de betrokken landen te intensiveren en gebruik te maken van het volledige potentieel van het IPA II om hervormingen te stimuleren. Ik zal streven naar meer samenhang in onze benadering, om duidelijk te maken dat we ons houden aan ons deel van de afspraken. Wij moeten beschouwd worden als geloofwaardige, eerlijke en ondersteunende partners.


De leden van het Europees Parlement spelen een heel belangrijke rol. In de gemengde parlementaire commissies kunnen zij helpen de dynamiek van de hervormingen in stand te houden door samen te werken met hun collega’s in de nationale parlementen van de uitbreidingslanden.


Welke bijkomende maatregelen wilt u nemen om de sociale en economische overgang in de toetredingslanden te stimuleren, met inbegrip van economische governance, democratie, de rechtsstaat, waartoe ook de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht behoort, en de strijd tegen corruptie?


Deze kwesties zijn van fundamenteel belang om de verschillende landen voor te bereiden om te voldoen aan de criteria van Kopenhagen, en te zijner tijd te functioneren als een volwaardige lidstaat.


Wat betreft de rechtsstaat moet het land absoluut beschikken over een onafhankelijke en professionele rechterlijke macht. De bestrijding van georganiseerde criminaliteit en corruptie, en aantoonbare concrete resultaten van onderzoeken, vervolgingen, veroordelingen en passende straffen, is eveneens van essentieel belang. Grondrechten moeten in de praktijk, en niet alleen in rechte worden geëerbiedigd. Het is in het bijzonder belangrijk dat minderheidsgroepen worden geïntegreerd en discriminatie op gelijk welke grond wordt voorkomen. Deze kwesties zullen prioritair zijn in onze betrekkingen met alle landen en in onze jaarlijkse voortgangsverslagen.


Ik wil ook verbetering brengen in de manier waarop wij landen ondersteunen om te voldoen aan de economische criteria. We moeten rekening houden met de zeer ingrijpende veranderingen in de economische governance van de EU zelf, en deze gebruiken als extra hefbomen om werk te maken van de hervormingen in de uitbreidingslanden. We moeten voorrang geven aan werkgelegenheid, groei en investeringen door meer nadruk te leggen op essentiële structurele hervormingen. We zullen bijkomende IPA-middelen voor dit doel vrijmaken en samenwerken met internationale financiële instellingen om onze invloed op het hervormingsproces te vergroten.


Wat betreft de democratische hervormingen moeten de nationale parlementen in elk van de kandidaat-lidstaten aan de basis liggen van het hervormingsproces om democratische verantwoordingsplicht en inclusiviteit te waarborgen. We zullen nog nauwer samenwerken met de lokale organisaties van het maatschappelijke middenveld om de hervormingen in de hele samenleving te verankeren.


Ik wil deze fundamentele factoren centraal stellen in onze politieke dialoog en onze bijstand daarop toespitsen. Ook regionale samenwerking zal een zwaartepunt in mijn werk vormen, om de problemen uit het verleden uit de weg te ruimen.


Welke concrete stappen zou u nemen, indien een toetredingsland maatregelen neemt of beleid vaststelt die niet stroken of verenigbaar zijn met het acquis, de waarden en beginselen van de EU?


Ik zal gebruik maken van het volledige beschikbare instrumentarium, met name het kader voor de toetredingsonderhandelingen, om de landen aan te moedigen het juiste spoor te volgen. Het systeem van de benchmarks in de 35 onderhandelingshoofdstukken biedt ons hefbomen om de verdere aanpassing te stimuleren. De meest recente onderhandelingskaders voorzien in de mogelijkheid om de onderhandelingen over andere hoofdstukken af te breken indien de onderhandelingen over hoofdstukken betreffende de rechtsstaat niet voldoende vorderen. Alle onderhandelingskaders bevatten een clausule waarin staat dat de algemene onderhandelingen kunnen worden geschorst in geval van een ernstige en voortdurende schending van de EU-waarden. Voor landen waarmee nog geen toetredingsonderhandelingen worden gevoerd, voorziet het stabilisatie- en associatieproces ook in mechanismen die van toepassing zijn wanneer verplichtingen uit hoofde van de stabilisatie- en associatieovereenkomsten niet worden nagekomen.


Ik zal gebruik blijven maken van de voortgangsverslagen van de Commissie om tekortkomingen te melden; ik zal daaruit de nodige conclusies trekken en indien nodig de naleving van de politieke criteria anders beoordelen. De IPA-middelen zouden in toenemende mate moeten worden gebruikt om degenen te belonen die de meeste vooruitgang boeken.


Een preventieve dialoog is ook van essentieel belang en ik zal niet aarzelen om in mijn eigen politieke contacten indien nodig krachtige boodschappen door te geven om ervoor te zorgen dat de EU-beginselen en -waarden worden geëerbiedigd.


Welke concrete voorstellen zou u doen om ervoor te zorgen dat het uitbreidingsbeleid gecoördineerd is en samenhang vertoont met andere beleidsinstrumenten van het buitenlands beleid van de EU?


Ik zal nauw samenwerken met de hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter, en tezamen zullen wij met de belangrijke leden van het college een team vormen om ervoor te zorgen dat alle prioriteiten van het interne EU-beleid op gebieden als de rechtsstaat, energie, banen en groei, ten volle worden weerspiegeld in het Europese nabuurschaps- en uitbreidingsbeleid.


In hoeverre kunnen het uitbreidingsbeleid en het nabuurschapsbeleid met elkaar in wisselwerking staan (beginselen, beleidskaders, financiële stimulansen) en ertoe bijdragen een potentiële tussentijdse status tussen toetredingslanden en buurlanden af te bakenen?


Het is duidelijk in het strategische belang van de Europese Unie om met alle regio's in de onmiddellijke nabijheid betrekkingen aan te knopen. De kandidaat-lidstaten en andere buurlanden hebben een aantal vergelijkbare structurele problemen, waaronder de noodzaak om het bestuur te verbeteren en economische en andere hervormingen door te voeren.


Voorts bestaan er parallellen tussen wat de EU te bieden heeft aan de partners van beide groepen. Zo zijn veel verplichtingen in het kader van de vrijhandels- en associatieovereenkomsten die onlangs werden gesloten met Oekraïne, Moldavië en Georgië, gebaseerd op die waarin de stabilisatie- en associatieovereenkomsten, en in sommige gevallen het acquis, voorzien.


De aangekondigde oprichting van een directoraat-generaal voor Europees nabuurschapsbeleid en uitbreidingsonderhandelingen zal nieuwe mogelijkheden en synergieën creëren voor een strategischer en gecoördineerder aanpak ten aanzien van zowel de toetredings- als de buurlanden, waarbij tegelijk profijt kan worden getrokken uit de concentratie van structuren en politieke en sectorale expertise. Wij zullen de lessen die we geleerd hebben van onze financiële instrumenten toepassen en zowel de toetredings- als de nabuurschapslanden, technische bijstand blijven verlenen in het kader van TAIEX. De genoemde reflectie over het ENB zal een gelegenheid bieden om na te gaan of er nieuwe opties in overweging moeten worden genomen.


Zowel op het gebied van de uitbreiding als van het ENB zal ik streven naar een grotere zichtbaarheid van de EU als een belangrijke speler in onze nabije omgeving, om zowel onze burgers als partners een duidelijker beeld te geven van de bijdrage die we leveren tot welvaart en stabiliteit in ons wederzijds belang.