• Bart   STAES  

Bart STAES : Written explanations of vote - 8ú Téarma Parlaiminteach 

Is féidir le Feisirí míniú i scríbhinn dá vóta sa suí iomlánach a thíolacadh. Riail 194

NL  
 

Ik heb voor het dossier Horizon Europa gestemd, het zogenaamde negende kaderprogramma voor onderzoek, omdat het een goede basis legt voor de verdere ontwikkeling van wetenschap en technologie, industriële concurrentie en de realisatie van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen.
We wilden graag de schrapping van de bepaling die het voorzorgsbeginsel vervangt door het innovatieprincipe, omdat dit voor rechtsonzekerheid zorgt.
Onder impuls van de Groenen is het programma Horizon Europa zeer sterk op klimaat gericht, is het gelinkt aan de concretisering van het Parijse klimaatakkoord en moet het vooral toepassingen bevatten waar burgers beter van worden. Geldoverdracht van Horizon Europa naar het Europese defensiefonds is bijvoorbeeld niet toegestaan. Voortaan moeten strategische onderzoeks- en innovatieplannen worden gemaakt met vooraf een multi-stakeholdersbevraging. De selectiecriteria zijn strenger als het over langetermijnprojecten gaat, er wordt een Europese Innovatieraad opgericht die veelbelovende innovaties zal opschalen en kmo's en start-ups zal helpen. Er komt ook meer transparantie bij de follow-up van de besteding van de middelen. De geselecteerde domeinen zijn onder andere gezondheid (opsporen en behandelen van ziektes), de creatieve industrie, de circulaire economie, mobiliteit en energietransitie, duurzame landbouw en duurzaam gebruik van grondstoffen. Bovendien zijn het promoten van gelijke kansen en het zoeken naar genderevenwicht in de evaluatiepanels expliciet in de tekst opgenomen.

NL  
 

Ik heb voor het dossier Horizon Europa gestemd, het zogenaamde negende kaderprogramma voor onderzoek, omdat het een goede basis legt voor de verdere ontwikkeling van wetenschap en technologie, industriële concurrentie en de realisatie van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen.
We wilden graag de schrapping van de bepaling die het voorzorgsbeginsel vervangt door het innovatieprincipe, omdat dit voor rechtsonzekerheid zorgt.
Onder impuls van de Groenen is het programma Horizon Europa zeer sterk op klimaat gericht, is het gelinkt aan de concretisering van het Parijse klimaatakkoord en moet het vooral toepassingen bevatten waar burgers beter van worden. Geldoverdracht van Horizon Europa naar het Europese defensiefonds is bijvoorbeeld niet toegestaan. Voortaan moeten strategische onderzoeks- en innovatieplannen gemaakt worden met vooraf een multi-stakeholdersbevraging. De selectiecriteria zijn strenger als het over langetermijnprojecten gaat, er wordt een Europese Innovatieraad opgericht die veelbelovende innovaties zal opschalen en kmo's en start-ups zal helpen. Er komt ook meer transparantie bij de follow-up van de besteding van de middelen. De geselecteerde domeinen zijn onder andere gezondheid (opsporen en behandelen van ziektes), de creatieve industrie, de circulaire economie, mobiliteit en energietransitie, duurzame landbouw en duurzaam gebruik van grondstoffen. Bovendien zijn het promoten van gelijke kansen en het zoeken naar genderevenwicht in de evaluatiepanels expliciet in de tekst opgenomen.

NL  
 

Klokkenluiders die onregelmatigheden vaststellen of misbruik van de wet in hun baan naar buiten willen brengen, hoeven niets meer te vrezen. Een Europese richtlijn zal hen voortaan beschermen tegen mogelijke vergeldingen.
Het duurde enkele jaren voor deze richtlijn er was, maar de krijtlijnen zijn uitgeschreven door de Verts/ALE-Fractie en de ernstige onthullingen van de laatste jaren (WikiLeaks, LuxLeaks, de Panama Papers...) hebben er vaart achter gezet.
Eens de wet van kracht is, kunnen straffen opgelegd worden aan wie weerwraak wil nemen op klokkenluiders. Zij die melding maken van inbreuken op de EU-wetgeving zijn vrijgesteld van burgerlijke of strafrechtelijke aansprakelijkheid als de openbaarmaking van informatie in het algemeen belang is. De richtlijn definieert het toepassingsgebied, bakent grenzen af ten aanzien van de nationale veiligheid en legt verder duidelijke criteria vast omtrent de procedure voor openbaarmaking.
Het had heel wat voeten in de aarde en de onderhandelingen met de lidstaten en de Raad waren bij momenten hard tegen onzacht, maar de deal die is bereikt getuigt van gezond verstand en komt de democratie en de transparantie van de rechtsstaat alleen maar ten goede.

NL  
 

Dit voorstel omtrent transparantie en voorspelbare arbeidsomstandigheden had alles in zich om Europa écht socialer te maken en alle werknemers in Europa op dezelfde manier te beschermen. De nationale regeringen zijn tijdens de onderhandelingen met de Raad echter zo hard op de rem gaan staan dat ze de weg naar het voor ons zo belangrijke sociale Europa eigenlijk onmogelijk maken. De richtlijn mist strikte definities (bijvoorbeeld wat een "werknemer" is) en staat toe dat lidstaten op zowat elk onderdeel uitzonderingen kunnen maken.
De richtlijn bevat wel enkele goede punten. Oproepkrachten en gelegenheidswerkers (denk aan Deliveroo of Uber) vallen bijvoorbeeld onder deze wet, maar er mist een basis om contractwerk van zelfverklaarde (schijn)zelfstandigen tegen te gaan. Positief is dat voor de baan wettelijk verplichte opleidingen kostenvrij moeten zijn voor de werknemer en binnen de werkuren moeten worden georganiseerd. Wat ter stemming voorlag, bevat echter zo veel mogelijkheden tot uitzonderingen dat de wet op voorhand al is uitgehold en voor ons niet meer te verdedigen valt. Vooral de allerzwaksten op de arbeidsmarkt zullen niet beter beschermd worden. Er is pas een verplichting om mensen na één week te informeren over hun arbeidsomstandigheden en -voorwaarden. Toch wel essentieel. Ik heb daarom tegen gestemd.

NL  
 

17 miljoen Europeanen wonen of werken in een andere lidstaat en 1,4 miljoen Europeanen pendelen regelmatig over de grens. Er zijn zowat 2,8 miljoen tijdelijke detacheringsopdrachten. Dagelijks doorkruisen meer dan 2 miljoen werknemers verschillende lidstaten via goederen- of personenvervoer. In al die lidstaten geldt telkens andere sociale wetgeving, waardoor het gemakkelijk is die te omzeilen of zwart te werken. De op te richten Europese Arbeidsautoriteit (ELA, een soort Europol voor sociale zaken) zal niet alleen gezamenlijk afgesproken sociale inspecties kunnen uitvoeren, maar ook geschillen tussen lidstaten omtrent relevante voorzieningen kunnen aanpakken, lidstaten kunnen informeren en hen relevante analyses kunnen doorspelen. Positief is dat reeds bestaande initiatieven zoals het Eures, het Europees platform tegen zwartwerk en het Comité van deskundigen inzake detachering in de ELA worden opgenomen. De nieuwe organisatie zal er in elk geval op kunnen toezien dat arbeidswetgeving in de verschillende lidstaten correct wordt toegepast. De Verts/ALE-Fractie heeft ook geprobeerd om bemiddelingsprocedures toegankelijk te maken voor gewone burgers (zoals dat kan voor de Ombudsman), maar dat voorstel is niet behouden. Ik heb vóór de oprichting van de Europese Arbeidsautoriteit gestemd.

NL  
 

Vandaag stemden we over de oprichting van één instrument voor nabuurschap, ontwikkeling en internationale samenwerking dat twaalf bestaande instrumenten zou samenvoegen. Hoewel de Commissie hiermee de effectiviteit van het externe optreden van de EU hoopt te verbeteren, vrezen wij dat de EU door deze megafusie nog meer zal focussen op haar eigen belangen – zoals het terugdringen van migratie en het bevorderen van handelsbelangen – ten koste van zaken als armoedebestrijding, mensenrechtenbevordering, vrede en conflictpreventie en bestrijding van klimaatverandering.
De groene fractie speelde een grote rol in de onderhandelingen. Hierdoor bevat de tekst heel wat goede zaken, zoals bijvoorbeeld het gegeven dat 45 % van het budget gebruikt moet worden voor klimaatdoelstellingen, milieubescherming en biodiversiteit.
Helaas zijn een aantal zaken nog steeds erg problematisch. Zo staat de 45 %-doelstelling enkel in een overweging, en niet in een artikel, waardoor het niet bindend is. Daarnaast is er een problematische focus op het terugdringen van migratie en een te beperkt budget voor conflictpreventie, vrede en veiligheid. Tot slot gaat er ook veel te veel budget naar militaire capaciteitsopbouw. Formeel gezien kan dat niet met ontwikkelingsgeld en is dit dus illegaal. Gezien de gemengde gevoelens over de tekst, heb ik mij dus onthouden van stemming.

NL  
 

De samenvoeging van het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling leek een goede stap richting betere regelgeving. Temeer daar de Commissie in haar voorstel met duidelijk afgebakende doelstellingen en prioriteiten kwam. De vijf prioriteiten waar Groen zich helemaal in kon vinden: een slimmer Europa dat inzet op innovatie, economische transitie en kmo’s, een groener Europa, koolstofarm en gericht op energietransitie, een meer verbonden Europa, zowel qua transport als digitaal, een socialer Europa en een Europa dat dichter bij de burgers staat. Heel progressief allemaal.
Onderweg werd de inhoud echter zodanig afgezwakt, dat ik onmogelijk nog achter de tekst kan staan. Dit is geen basis voor onderhandelingen met de Raad en de Commissie. De christendemocraten willen het geld blijven gebruiken voor business as usual : investeringen in fossiele brandstoffen, in luchthavens, in verbrandingsovens en storten van afval, steun aan grote bedrijven en bijzonder weinig ambitie voor duurzame investeringen. Ik ben geschokt over het gebrek aan ‘sense of urgency’ in dit Parlement. EU-geld zou niet uitgegeven mogen worden aan milieubeschadiging en klimaatonvriendelijke projecten, nochtans is dat wat met deze tekst nu voorligt. We moeten onze ambitie echt veel hoger stellen, willen we de opwarming van de aarde een halt toeroepen!

NL  
 

Hoewel het resultaat na onderhandelingen met de Raad veel minder ambitieus is dan wat de Commissie aanvankelijk had voorgesteld, kan ik me toch vinden in het eindresultaat. Het feit alleen al dat na dertig jaar discussie eindelijk een grenswaarde is vastgelegd voor cadmium in kunstmeststoffen is een hele vooruitgang! De limiet is nu vastgesteld op 60 mg per kilo fosfaatmeststof (vanaf het moment dat de verordening van kracht wordt, ergens in 2022), er komt een evaluatie van deze norm tegen 2026, lidstaten die – bij gebrek aan Europese normen – een lagere drempelwaarde hadden vastgelegd mogen deze behouden en meststoffen die minder dan 20mg/kg cadmium bevatten krijgen een ‘laag cadmium’-label. De onderhandelingen verliepen moeizaam omdat er verschillende parlementaire commissies bij betrokken waren. Ook omdat er raakvlakken of zelfs overlap was met de nitraatrichtlijn, de definitie van bio-stimulansen, de etikettering van biologische producten en de verplichting van economische operatoren om de technische documentatie van hun product bij te houden. De lobby van de meststoffenindustrie was bijzonder hardnekkig. Marokko als grootste producent van fosfaatgesteente en handelspartner van diverse lidstaten, versterkte de weerstand tegen het opleggen van limieten in het bijzonder. Al bij al is dit eindakkoord het best mogelijke resultaat gezien de politieke situatie.

NL  
 

Kanker is een van de grootste aan arbeid gerelateerde doodsoorzaken in de Europese Unie. Als we erin slagen om de blootstelling aan kankerverwekkende stoffen op het werk te verminderen, dan kunnen we werknemers beter beschermen en zetten we een stap in de richting van een gezondere werkomgeving. De richtlijn die voorligt somt niet alleen op welke chemische stoffen vermeden moeten worden, ze stelt ook maximale blootstellingswaarden voor. Indien mogelijk moet het schadelijke proces of de schadelijke stof vervangen worden door een minder of niet-schadelijk product. Als dat niet mogelijk is moeten de kankerverwekkende stoffen zoveel mogelijk in een gesloten omgeving blijven of moet de blootstelling van de werknemers tot een minimum beperkt worden, bijvoorbeeld door het verplicht dragen van beschermende kledij. Werknemers moeten de zekerheid hebben dat de maximumwaarden niet worden overschreden. Dat is hun recht.
De richtlijn omvat vijf nieuwe stoffen (cadmium, beryllium, formaldehyde, arseenzuur en methyleen) maar laat helaas nog een uitzondering toe in de houtsector en de gezondheidszorg voor het gebruik van formaldehyde. Desondanks is het een goede richtlijn die mijn steun krijgt, temeer omdat verder onderzoek blijft plaatsvinden om het toepassingsgebied van de wet uit te breiden met een lijst van gevaarlijke medicijnen.

NL  
 

Mijn strijd voor een gezonder leefmilieu krijgt hier navolging, zeker nu enkele bevindingen uit ons verslag van de bijzondere commissie PEST in de tekst zijn overgenomen. Doel van de richtlijn duurzaam pesticidegebruik is om de impact van schadelijke stoffen voor mens en milieu te verminderen door pesticiden op een meer doordachte, geïntegreerde manier te gebruiken en door alternatieven te promoten. De Groenen zijn erin geslaagd enkele voorstellen in het verslag over de tenuitvoerlegging noemenswaardig te versterken. Zo moet het gebruik van niet-chemische alternatieven voorrang krijgen en moeten kwetsbare groepen beter beschermd worden door pesticiden niet te gebruiken in openbare ruimten (in lijn met mijn PEST-verslag). Precisielandbouw en digitalisering moeten zorgen voor minder pesticiden en mogen boeren niet afhankelijk maken of in schulden steken. Het verslag bevat ook een sterke verwijzing naar het ondersteunen van agro-ecologie, omdat deze een veel duurzamere manier van ziektebestrijding inhoudt en het gebruik van pesticiden sowieso drastisch vermindert, of zelfs overbodig maakt. Het verslag linkt het gebruik van pesticiden ook expliciet aan het verlies van biodiversiteit en aan de afhankelijke positie waarin boeren verkeren. Enig negatief punt is de mogelijkheid om geïntegreerde gewasbescherming als vergroeningsmaatregel in het GLB te erkennen. Ik stem voor dit verslag.

NL  
 

Sinds 2011 bestaat er een Europese richtlijn over grensoverschrijdende zorg. Deze wetgeving bepaalt onder welke voorwaarden een patiënt een medische behandeling kan ondergaan in een andere Europese lidstaat, en of die zorg wordt terugbetaald in eigen land. Dit kan handig zijn voor Europese burgers die kampen met een zeldzame ziekte of voor EU-burgers die in een grensgebied wonen. De richtlijn moest het voor burgers makkelijker maken om informatie te krijgen over beschikbare behandelingen in andere Europese landen via zogenaamde nationale informatiepunten.
Ondanks het bestaan van deze richtlijn, schrikken veel patiënten er nog steeds voor terug om naar het buitenland te trekken voor medische zorg, wegens gebrek aan informatie en allerlei administratieve obstakels. Vele lidstaten hebben de richtlijn erg laat of onvoldoende geïmplementeerd. Uit onderzoek blijkt dat minder dan 20 % van de Europese burgers voldoende op de hoogte is over zijn recht op grensoverschrijdende zorg, en dat de nationale informatiepunten onvoldoende bekend zijn.
De Groenen ondersteunen de oproep om specifieke centra rond zeldzame ziekten op te zetten, gelinkt aan de bestaande Europese referentienetwerken. Ook willen we samenwerking rond digitalisering van gezondheidszorg stimuleren, op voorwaarde dat dit niet leidt tot uitsluiting van bepaalde groepen patiënten. Ik stemde met overtuiging voor dit verslag.

NL  
 

De Groenen strijden voor een rechtvaardige transitie naar een ecologische, duurzame economie en maatschappij. Het begeleiden van werknemers bij veranderingen of herstructureringen is een essentieel onderdeel van dit transitieproces. Daarom ondersteunen we EU-actie om directe steun te bieden aan ontslagen werknemers om hoogwaardige, duurzame banen te vinden. Bijgevolg gaf ik een ja-stem voor het verslag over het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering en steun ik het mandaat om in onderhandeling te treden met de Raad. Ik ondersteun de verbrede reikwijdte van het fonds en de nieuwe naam “Europees Fonds voor transitie” (EFT). Zoals vermeld in het verslag dient het EFT een Europese meerwaarde te bieden. De financiële bijdragen mogen dus niet gebruikt worden ter vervanging van maatregelen die lidstaten moeten nemen volgens hun nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten. Hoewel ik het verselag steun, gaf ik een nee-stem voor het amendement van de Sociaaldemocraten om een deel van het fonds te kunnen gebruiken voor vergaderingen en capaciteitsopbouw ter ondersteuning van sociaal-economische herschikking in bepaalde getroffen regio’s of sectoren. De specifieke meerwaarde van dit fonds is de directe steun aan werklozen, en gezien het beperkte budget dient alle focus hier naartoe te gaan i.p.v. naar andere doeleinden.

NL  
 

Ik heb met overtuiging tegen dit verslag gestemd, omdat de EU hier opnieuw bewijst dat een sociaal Europa voor haar geen prioriteit is. Als we de transportmarkt openzetten, dan moeten we er ook voor zorgen dat werknemers beschermd worden. Met deze wetgeving blijft het mogelijk om dit te omzeilen door ingewikkelde constructies op te zetten en chauffeurs kansen te ontnemen, zoals een Pools bedrijf dat Bulgaarse chauffeurs tewerkstelt met vrachtwagens die gehuurd worden in Frankrijk. Door de huur van wagens te beperken tot twee maanden (eventueel met twee maanden verlengbaar) per jaar, kan oneigenlijk gebruik vermeden worden. Onze amendementen in die richting werden van tafel geveegd, omdat ze indruisen tegen de werking van de vrije markt en dus de liberalisering. Nu kunnen wagens voor minstens vier opeenvolgende maanden gehuurd worden. We hadden graag ook emissierechten gekoppeld aan het verhuur van de wagens, maar ook dat amendement heeft het niet gehaald. Deze richtlijn hoort bij het mobiliteitspakket van mei 2017, dat op zich geen deel uitmaakt van de sociale pijler, maar er wel heel dicht tegen aanleunt. Toen er in juni 2018 al een eerste stemming was, werd gezegd dat een akkoord nabij was, maar niets blijkt minder waar.

NL  
 

De EU-JEPA is niet duurzaam en niet eerlijk: de overeenkomst bevat helaas geen bindende, afdwingbare regels voor de bescherming van het milieu, het klimaat, consumenten en werknemers. Overtredingen van het duurzaamheidshoofdstuk (hoofdstuk 16) kunnen niet worden vervolgd of bestraft.
De EU-JEPA is niet democratisch: de overeenkomst besteedt op permanente basis politiek relevante discussies uit aan niet-parlementaire, weinig transparante instanties (The Joint Committee , hoofdstuk 22) en dito processen (Regulatory Cooperation ).
De verwachte economische impact van de EU-JEPA is ondanks de enorme omvang van beide economieën erg laag: volgens berekeningen in opdracht van de Europese Commissie resulteert de overeenkomst in een eenmalige groei van het bruto binnenlands product van de Europese Unie van 0,14 % in het jaar 2035.
Dat zijn dus de redenen van mijn nee-stem. Ik wil een andere soort overeenkomsten, waarin het algemene belang van mens, milieu, dier en rechtsstaat beter beschermd worden, niet alleen de belangen van enkele transnationale bedrijven.

NL  
 

Leren is het creëren van kennis, niet alleen het vergaren of verwerven ervan. Leren is een permanent proces tussen mensen en hun culturen. Scholen richten zich vandaag vooral op het verwerven van kennis en op “scoren” terwijl de digitale omgeving in de 21e eeuw zo veel meer mogelijk maakt. Het wordt tijd dat lesmethoden meer interactief, participatief en praktijkgericht zijn en worden afgestemd op de leeftijd, het ontwikkelingsniveau, de noden én interesses van leerlingen en studenten.
Naast kennis is ook sociaal en emotioneel leren (SEL) belangrijk voor het welzijn (denk aan cultureel bewustzijn, mediageletterdheid of probleemoplossend denkvermogen). Leren met de computer kan uitgebreid worden naar nieuwe vormen van sociaal-digitale participatie (SDP) om te leren werken met sociale media of zoekmachines. Het moet bovenal gaan om motiverende leermethodes, zinvolle opdrachten die tot stand komen door samenwerking en het zelf kunnen bepalen van onderdelen ervan. Meer dan om de techniek of technologische ondersteuning gaat het om noodzakelijke pedagogische vernieuwing. Losse projecten scoren vaak wel, maar onderliggende fundamenten en structuren blijven gelijk, terwijl onderwijsprogramma's nood hebben aan een systemische ontwikkeling. In de eerste versie van dit verslag werd te eenzijdig het digitale aspect beklemtoond, zonder pedagogische visie, maar de intussen aangepaste tekst verdient alle steun.

NL  
 

Het Europees Parlement wil dat de Europese Unie in de periode 2021-2027 verplicht meer investeert in de strijd tegen klimaatverandering. 30% van de uitgaven moet worden geïnvesteerd in klimaatgerelateerde zaken, waaronder biologische landbouw, wetenschappelijk onderzoek, en belastingen op uitstoot en plastic. Het Europees Parlement roept ook op een einde te maken aan alle kortings- en correctiemechanismen die sommige lidstaten hebben bedongen. Gebeurtenissen zoals de Brexit mogen niet gebruikt worden als excuus om de Europese uitgaven te ondermijnen. Daarom moet de nieuwe meerjarenbegroting een einde maken aan alle kortings- en correctiemechanismen. Het Parlement geeft hiermee een sterk signaal aan de lidstaten en de Europese Commissie.
De huidige begroting (2014-2020) bedraagt 1 082 miljard EUR, oftewel 1% van het bruto nationaal inkomen van de hele Europese Unie. De nieuwe begroting zou moeten stijgen naar 1 324 miljard EUR, oftewel 1,3%. Het voorstel van de Europese Commissie bedraagt 1,11%. De Europese ministers van Financiën hebben hun posities nog niet bepaald.
Als de uitkomst van de onderhandelingen tussen de drie Europese instellingen onvoldoende steun voorziet voor de uitdagingen van de toekomst en geen hefbomen voorstelt voor een socialer en duurzamer Europa, zal de groene fractie in het Europees Parlement haar steun voor de meerjarenbegroting intrekken.

NL  
 

Vrachtwagens en zware bedrijfsvoertuigen in de EU moeten vanaf 2025 zeker 20 procent minder CO2 uitstoten.
Vanaf 2030 moet dat verder zijn teruggebracht tot 35 procent.
Hiermee verstevigt het Parlement het voorstel van de Europese Commissie dat uitgaat van een reductie van slechts 15 procent in 2025 en 30 procent in 2030.
Ondanks gelobby vanuit de auto-industrie én zware tegenstand van de conservatieve partijen stemt een meerderheid van het Parlement in met onze ambitieuze CO2-reductiedoelstellingen voor vrachtwagens.
Fabrikanten moeten ook investeren in schonere vrachtwagens. Vanaf 2025 moet 5 procent van de nieuwe vrachtwagens uit emissie-loze of emissie-lage (waterstof- of elektrische) voertuigen bestaan.
Vanaf 2030 moet dat 20 procent zijn. Een groter aanbod van duurzamere voertuigen zal een gunstig effect op de aanschafprijs hebben. Dat maakt het voor bedrijven ook aantrekkelijker schonere vrachtwagens te kopen.
Het is tijd voor de Europese Unie om in te zetten op schone vrachtwagens. Landen als de VS, China, Canada en Japan lopen niet alleen mijlenver voor op ons met de aanpak van CO2-uitstoot. Ze zijn ook verder met de productie van schonere voertuigen.
We laten als Europa kansen liggen als we zelf geen stappen zetten richting duurzame alternatieven voor de transportsector.

NL  
 

Om de klimaatdoelstellingen te halen en de energieprijzen zo laag mogelijk te houden, is een goed functionerende Europese energiemarkt nodig. Nationale energiemarkten worden beter op elkaar afgestemd via de zogeheten energie-unie. Dat vraagt om planning en toezicht. We leggen vast hoe lidstaten garanderen dat ze samen de doelstellingen voor duurzame energie en energie-efficiëntie halen. Cruciaal is het idee van een CO2-budget. Er mag nog maar een maximale hoeveelheid CO2 als geheel worden uitgestoten. De exacte getallen worden verder uitgewerkt door de Europese Commissie.
Tot 2020 heeft de Europese Unie een doelstelling van 20% duurzame energie. De doelstelling voor 2030 werd vastgesteld op 32% en die kan in 2023 omhoog bijgesteld worden. Het geeft een duidelijk signaal aan de energiesector. Investeerders weten welke kant de EU opgaat.
Ook bestaat er niet langer een rechtstreekse Europese stimulans voor het gebruik van biobrandstoffen gemaakt uit voedselgewassen. Daarnaast komt er een uitfasering van de meest schadelijke biobrandstoffen, waaronder palmolie.
Ook zijn er nieuwe afspraken omtrent energiebesparing. Besparingen betalen zichzelf terug via een lagere energierekening. Net als de doelstelling voor duurzame energie, is de doelstelling voor energie-efficiëntie gekoppeld aan de herzieningscyclus van het Parijsakkoord. In 2023 kunnen we de doelstellingen verder verhogen.

NL  
 

Het Parlement maakt zich terecht zorgen over het nieuwe beleid van de Roemeense regering. Er worden wetswijzigingen doorgevoerd die de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht onzeker maken. Het strafrecht wordt herzien met als gevolg dat de grote corruptie in Roemenië niet meer effectief wordt bestreden. Ngo’s worden verplicht iedere zes maanden gedetailleerd uit te leggen waar ze hun middelen vandaan halen. Dat heeft een afschrikwekkende werking op het werk van ngo’s. Zo is er geen vrijheid van vereniging en respect voor privacy. Ook wordt er gepoogd de Roemeense media te veranderen in politieke propaganda-instrumenten.
Dit zijn allemaal stappen in de verkeerde richting. Ingrijpen is nodig. De Roemeense bevolking verdient onze steun. Er is daar deze zomer volop gedemonstreerd, met als hoogtepunt het mislukken van het referendum over het huwelijk voor enkel man en vrouw.
Het Europees Parlement wijst terecht op de onafhankelijke analyses en aanbevelingen van de Commissie van Venetië en de corruptiebestrijdingswerkgroep GRECO van de Raad van Europa en dringt er bij Roemenië op aan die volledig na te leven. Het Europees Parlement onderstreept nogmaals het verzoek om met een zogenoemde APK-keuring voor EU-landen te komen waarmee de staat van de democratie, rechtsstaat en fundamentele rechten in ieder EU-land wordt gemeten.

NL  
 

Als consument kijken we anders naar de veelheid aan media dan 5 jaar geleden. We consumeren vandaag media op een andere manier dan 5 jaar geleden. Daar zorgden heel wat technologische evoluties voor.
De hervorming van deze Richtlijn vindt plaats in het kader van een groter geheel van initiatieven en hervormingen die noodzakelijk zijn voor de Europese strategie van een “eengemaakte digitale markt”. Gezien de grote technologische omwenteling die heeft plaatsgevonden, met als klassiek voorbeeld de grote populariteit van video-on-demand, is het noodzakelijk de huidige wetgeving onder de loep te nemen en aan te passen aan de situatie zoals die vandaag is.
Belangrijke zaken zijn onder meer de bescherming van minderjarigen, het bestrijden van haatpredikers, het inperken van de impact van reclame en “product placement”, het verhogen van de toegankelijkheid voor mindervaliden en het promoten van Europees werk dat online verschijnt.
Ik stemde voor het bereikte akkoord tussen het Europees Parlement en de Raad van Ministers. De hervorming van de Richtlijn was zonder meer noodzakelijk en het bereikte resultaat is meer dan verdedigbaar.