One in five under 25 can't find a job within the EU. Parliament wants to use unspent 82 billion euros from structural funds to create new job opportunities in...(read more) Facebook
The EU's trade deficit with China tripled in just 10 years. How do we rebalance? As a first step, Members want to establish a monitoring board to find out to...(read more) Facebook
Some Parliament members are suggesting that European politicians should show Euro 2012 in Ukraine the red card in protest over the treatment of opposition...(read more) Facebook
Strong - but not invulnerable. Despite an impressive 4 metres and 600kg, the blue fin tuna is an endangered species. And why? Overfishing and illegal catches....(read more) Facebook
In 2010 wordt er verwacht dat Duitsland zo'n 19.6% aan de inkomsten van de EU bijdraagt, gevolgd door Frankrijk (18%), Italië (13,9%), het Verenigd Koninkrijk (10,4%) en Spanje (9,6%).
Debatten over de begroting richten zich veelal op hoeveel landen aan de EU geven en hoeveel zij weer terug ontvangen (hun 'netto contributies'). Hierover ontstaan vaak discussies. Sommige lidstaten zouden in nettotermen per hoofd van de bevolking veel meer bijdragen dan andere landen en deze nettobetalers zouden minder van de EU en haar beleid (landbouwbeleid, regionaal beleid) profiteren dan anderen.
Het tegenover elkaar stellen van 'contributies' en door een land terug ontvangen middelen, die een 'netto balans' opleveren, is echter een moeilijke en controversiële berekening. De redenen hiervoor zijn:
1. Een deel van de begroting wordt aan hulp besteed (de EU is de werelds grootste hulpgever) of ondersteuning aan ontwikkelingslanden en komt dus niet 'terug' bij welk EU-land dan ook. Bovendien komt ook het geld dat aan de administratie van de EU door de EU-instellingen wordt besteed, niet ten goede aan een enkel land maar dient alle EU-lidstaten. Deze uitgaven zijn gezamenlijk goed voor 13% van de totale uitgaven van de EU.
2. Een groot aantal door de EU ondersteunde projecten zijn internationale projecten. Op papier gaan de gelden naar het land waar het project wordt beheerd, wat een vertekend beeld geeft.
3. EU-fondsen kunnen worden gebruikt voor het meefinancieren van projecten, zoals bijvoorbeeld een project voor de infrastructuur in een minder ontwikkelde regio, en de EU-fondsen kunnen dan in de berekening worden meegenomen als een toekenning aan het land waar die regio zich bevindt. Om het project echter te kunnen invoeren (zoals een weg of toeristisch project) kunnen bedrijven uit andere EU-landen contracten krijgen, waardoor werkgelegenheid wordt geschapen en de economie in een ander land wordt gestimuleerd.
4. De verdeling van douaneheffingen (die deel uitmaken van de opbrengsten van de EU): deze worden op de plaats van binnenkomst geheven en bij de bijdrage van dat land gerekend maar ze worden feitelijk betaald door de consument die het product koopt. Een voorbeeld hiervan zijn goederen die vanuit de havens van Antwerpen en Rotterdam over heel Europa worden gedistribueerd.
5. Tenslotte is de EU een gemeenschap die solidariteit tussen de leden nastreeft. In de inleiding van het Oprichtingsverdrag stellen de leden zich garant om de “eenheid van hun economieën te versterken en hun harmonieuze ontwikkeling zeker te stellen door de verschillen die tussen de verschillende regio’s bestaan, te verminderen…” Een herverdeling van middelen is dus een bedoeld onderdeel van Europese project.