DA    DE    EL    EN    ES    FI    FR    IT    NL    PT    SV   
 
Voorzitter van het Europees Parlement
EN  FR Toespraak
Strasbourg, 14 december 1999
 
Toespraak van mevrouw Nicole FONTAINE, Voorzitster van het Europees Parlement

INWIJDING VAN DE NIEUWE PLENAIRE VERGADERZAAL
 
Geachte President van de Republiek,

Met groot genoegen heet ik u hartelijk welkom in het Europees Parlement. U hebt ermee ingestemd om ons nieuwe gebouw in Straatsburg in te wijden en hiermee bent u het eerste staatshoofd van de Europese Unie dat wij in deze nieuwe vergaderzaal ontvangen. Dat spreekt vanzelf, omdat het Parlement hier de gast van Frankrijk is.

Het Parlement is vereerd met uw aanwezigheid, evenals twee jaar geleden in Brussel, toen koning Albert II van België het Espace Léopold heeft ingewijd.

Veertig jaar na de oprichting heeft het Europees Parlement eindelijk een eigen onderkomen in dit architectonisch bouwwerk dat een harmonieus geheel vormt op een plaats waar twee armen van een vredig stromende rivier samenkomen, als symbool van de vastberadenheid van Europa om via een dialoog in vrede tot eenwording te komen.

Evenals Europa een collectief bouwwerk is, is dit gebouw het resultaat van de werkzaamheden van een groot aantal bedrijven die hebben meegewerkt aan de bouw ervan, het grootste project dat ooit door de Franse overheid is uitgevoerd.

Sta mij toe in de eerste plaats te wijzen op de enorme inzet van de Franse staat, de president van de Republiek en de regering die financiële garanties heeft gegeven, alsook de inzet van de prefecten van de regio en het departement die de staat vertegenwoordigden, en ook te wijzen op de aandacht waarmee u, mijnheer de president, persoonlijk het verloop van de bouw en de voltooiing van de werkzaamheden heeft gevolgd.

Verder wil ik hulde brengen aan de autoriteiten van de stad Straatsburg, met name de burgemeester, de heer Roland Ries, en aan zijn opvolger, mevrouw Catherine Trautmann, minister van Cultuur en onze vroegere collega.

Uw doortastend optreden werd slechts geëvenaard door de liefde voor uw mooie stad en uw streven om de internationale uitstraling ervan te helpen vergroten.

Bij deze hulde betrek ik uiteraard ook de heer Pierre Pflimlin, voormalig voorzitter van de Raad van Frankrijk, die gedurende 24 jaar burgemeester van Straatsburg is geweest en van 1984 tot 1987 voorzitter van het Europees Parlement. Hij is voor mij een van de drijvende krachten achter de opbouw van Europa en hij kan verzekerd zijn van ons diep gevoelde respect en van mijn genegenheid.

Hier in Straatsburg is een Europees bouwwerk gevoelsmatig een zaak van de hele Elzas en ik onderstreep de morele en financiële inzet van de Regionale Raad van de Elzas en van de Algemene Raad van het departement Bas-Rhin onder de impulsen van hun voorzitters, Marcel Rudloff die niet meer onder ons is, Daniel Hoeffel, Adrien Zeller, eveneens onze voormalige collega in het Parlement, en Philippe Richter.

Uiteraard gaat onze dank voor dit bouwwerk ook uit naar al degenen die het hebben ontworpen en tot stand gebracht, de opdrachtgever, de architecten en de duizenden ingenieurs, technici, arbeiders en onderaannemers die enthousiast aan het project hebben meegewerkt.

Beste collega's,

vandaag heb ik het gevoel dat de tekortkomingen en problemen voor wat betreft het functioneren van het gebouw die wij in juli jl. terecht hebben betreurd, maar die snel verholpen zijn, nu al voor het grootste gedeelte vergeten zijn.

Met Brussel en Luxemburg heeft het Europees Parlement drie vergaderplaatsen. Dat is een bijzonderheid die wij echter aanvaarden als erfenis van de geschiedenis.

Ik zou alleen willen zeggen dat men bij de naam Straatsburg denkt aan geesteskracht en herinnering en dat dit in het Verdrag van Amsterdam wordt bevestigd.

Lord Ernest BEVIN, minister van Buitenlandse Zaken van het Verenigd Koninkrijk, heeft Straatsburg al in 1949, nu net 50 jaar geleden, voorgesteld als plaats die in sterke mate symbolisch is voor het nieuwe Europa van de hervonden vrede.

Hij drong erop aan dat deze grote stad, die getuige was geweest van de stupiditeit van de mensheid, een symbool zou worden van de Europese eenheid, de juiste plaats om dit grote streven tot ontplooiing te brengen in een sfeer van goede wil, en niet van overheersing.

Dit gebouw, waarin de nieuwe vergaderzaal is gevestigd, draagt voortaan de naam van Louise Weiss. Niet zonder ontroering herinner ik aan deze onverschrokken politieke journaliste die in 1893 is geboren en meteen na het einde van de Eerste Wereldoorlog de strijd aanbond voor de vrede, de opbouw van Europa en kiesrecht voor vrouwen.

Louise Weiss is het symbool gebleven van een visionaire inzet ten behoeve van de vrouw en van Europa, zaken die nog steeds hoogst actueel zijn. Bij de eerste rechtstreekse algemene verkiezingen voor het Europees Parlement in 1979 was zij het oudste lid in jaren van het Parlement. Na afloop van de openingszitting, waarbij zij uit dien hoofde als Voorzitter optrad, werd tot haar grote genoegen mevrouw Simone VEIL, wier aanwezigheid ik hier met ontroering en vriendschap begroet, tot eerste Voorzitter van het Europees Parlement gekozen.

De inwijding vandaag geschiedt op een moment waarop de Europese Raad onlangs in Helsinki op stoutmoedige wijze de weg heeft geëffend voor de hereniging op termijn van geheel Europa binnen de Unie, voor aanpassing van de instellingen aan deze uitbreiding en voor een zelfstandige Europese defensie.

Gemakkelijk zal dit niet zijn. Maar deze halve eeuw geschiedenis van de Europese opbouw werd voortdurend gekenmerkt door de inspanningen die een ieder zich moest getroosten om de aanvankelijke belangenconflicten en meningsverschillen tussen onze landen te overwinnen waarbij uiteindelijk solidariteit tot stand kwam en het gemeenschappelijk belang zegevierde. De ernstige problemen die zich de afgelopen dagen tussen twee lidstaten hebben voorgedaan en waarvan ik het menselijke en het economische aspect zoals u weet, inzie, ontkomen niet aan deze regel, ik bedoel aan deze dynamiek om tot overeenstemming te komen en ik wens ten zeerste dat dit gebeurt en ik ben er ook van overtuigd.

Deze inwijding vindt ook plaats op een moment dat het Parlement zijn politieke rijpheid bereikt, dankzij de vooruitgang die door de Verdragen van Maastricht en Amsterdam is geboekt. Het Parlement wordt voortaan binnen en buiten de grenzen van de Unie volledig erkend. Ik verheug mij over de aanwezigheid hier vandaag van de belangrijkste hoogwaardigheidsbekleders van alle Europese instellingen, met name de Raad, waarvan Finland momenteel voorzitter is, - ik begroet de heer Lipponen - en de Europese Commissie onder leiding van de heer Romano Prodi, alsook de talrijke ministers en vertegenwoordigers van de parlementen van de lidstaten, uiteraard nog afgezien van de Raad van Europa met het Europese Hof voor de rechten van de mens die na zo lange tijd onze gastheer te zijn geweest, onze buur blijven.

Het is nu zaak de democratische verantwoording van het Parlement in overeenstemming te brengen met de nieuwe bevoegdheden die de Europese landen en volkeren het Parlement hebben toevertrouwd. U allen die hier door uw aanwezigheid aan deze inwijding haar volledige Europese dimensie verlenen, kunt ervan verzekerd zijn dat onze instelling zich hier terdege van bewust is.

Moge de plechtigheid van vandaag, die u, mijnheer de president, met uw aanwezigheid opluistert, op de drempel van het jaar 2000 een teken van eenheid zijn voor alle burgers van de Europese Unie. Mijnheer de president, het woord is aan u .
 
© European ParliamentResponsible Website : Hélène Lanvert