Dossier
 

De tolken van het Europees Parlement

Instellingen - 12-04-2006 - 09:01
Delen

Het Europees Parlement wordt vaak vergeleken met de toren van Babel vanwege het aantal talen dat binnen de muren van deze instelling wordt gesproken. Maar terwijl de taalbarrières in de toren van Babel niet konden worden overwonnen, heeft het het Europees Parlement geen last van communicatieproblemen. Het verschil zit hem in de tolken: zij zorgen ervoor dat de leden van het Parlement hun eigen taal kunnen spreken en toch door iedereen worden begrepen.

EP-leden worden gekozen als vertegenwoordiger voor hun politieke kiesdistrict en niet op basis van hun taalvaardigheid. Om ervoor te zorgen dat iedereen binnen het Europees Parlement gelijk is, mogen EP-leden zelf bepalen welke officiële taal zij tijdens bijeenkomsten gebruiken. Dit recht is duidelijk vastgelegd in het Reglement van Orde van het Europees Parlement.
 
Het EP is met 350 vaste tolken en 400 freelancers tijdens piekperioden 's werelds grootste werkgever voor tolken.
 
De tolken zijn 'vaste gasten' tijdens parlementaire bijeenkomsten. Zij werken in geluidsdichte cabines naast de vergaderzalen en zetten de boodschap van de spreker accuraat in tot wel 20 officiële EU-talen om. Zichtbaar voor het publiek, maar nooit in het spotlight, zijn zij de stem voor alle sprekers.
 
 
REF.: 20060403FCS06935

Feiten en cijfers

Begin paginaVolgende
 
EP-tolk - © EP Photo Service

EP-tolk aan het werk

Het begon allemaal in de jaren 50 met vier talen (Frans, Duits, Italiaans, Nederlands) toen België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal oprichtten. Vier talen betekent slechts 12 talencombinaties, dus het tolkwerk verliep toen zonder problemen. Door de geleidelijke uitbreiding tot 1995 kwamen er meer talen bij en dit zorgde voor de nodige complicaties, vooral voor bijvoorbeeld een taal als het Fins, die slechts door weinig niet-moedertaalsprekers werd gesproken. De oplossing werd het zogenoemde "retoursysteem", waarbij vanuit de moedertaal naar een andere taal wordt vertaald. Normaal gesproken werken tolken van een vreemde taal naar hun eigen moedertaal, maar de Finse tolken waren de eersten die in 1995 het "retoursysteem" gebruikten.
 
De uitbreiding in 2004 zorgde bijna voor een verdubbeling van de talen binnen het Europees Parlement. Behalve Cyprus, dat Grieks gebruikt, brachten alle nieuwe lidstaten hun eigen taal mee (Tsjechisch, Estisch, Lets, Litouws, Hongaars, Maltees, Pools, Slowaaks en Sloveens). Het was niet gemakkelijk om tolken met de vereiste talenkennis te vinden, vooral voor weinig voorkomende talen, zoals het Maltees, met slechts 400.000 sprekers.
 
Het Europees Parlement werkt nu met 20 talen, dat betekent dat er 380 talencombinaties mogelijk zijn. Het gebruik van het "retoursysteem" is toegenomen net als de "relaisvertolking", waarbij een taal in een andere taal wordt overgezet via een derde "pivottaal". Maar naarmate tolken nieuwe talen leren, zullen steeds meer talen direct worden vertolkt. In elke cabine werken 3 tolken als een team samen. Voor plenaire vergaderingen bestaat het volledige team uit 60 tolken.
 
En dat is nog niet alles. Nu Roemenië en Bulgarije in 2007 zullen toetreden tot de EU, zijn de tolken al hard aan het werk om ervoor te zorgen dat de waarnemers uit hun land de parlementaire debatten in hun moedertaal kunnen volgen. In de toekomst zullen er wellicht ook vertolkingen voor Iers nodig zijn. Kroatië en Macedonië hebben een aanvraag voor toetreding tot de EU ingediend. Er ligt een voorstel van de Spaanse regering om ook Catalaans, Galicisch en Baskisch tijdens plenaire zittingen te gebruiken. . En zo gaat het maar door.
 
Begin paginaVolgende

Je bent tolk of niet

Begin paginaVolgendeVorige
 
Een team tolken aan het werk - © EP Photo Service

Tolken luisteren en praten op hetzelfde moment

Tolken beheersen hun moedertaal perfect en spreken minimaal twee andere talen op zeer hoog niveau. "Als tolk moet je van talen houden," aldus Gertrud Dietze, een Duitse tolk, "en het leuk vinden om veel tijd aan het leren en bijhouden van een taal te besteden." De meeste tolken werken in vier of vijf talen, sommige zelfs in zeven of acht, en zij spreken alle talen erg goed. Zij moeten alles wat gezegd wordt perfect kunnen verstaan, omdat zij geen tijd hebben om woorden in een woordenboek op te zoeken of te overleggen met collega's; een tolk vertrouwt helemaal op zichzelf.
 
Taalkennis is echter slechts een hulpmiddel; tolken betekent dat de boodschap van een toespraak moet worden overgebracht. Veel mensen zijn goed in een vreemde taal, maar slechts weinigen zullen goed kunnen tolken. Het is een vaardigheid die je moet leren.
 
Aangezien de reeks onderwerpen tijdens parlementaire debatten bijna eindeloos is, dient de tolk te beschikken over een grote algemene kennis en deskundigheid op alle terreinen van de EU. Kennis van de politieke opvattingen van een EP-lid kan de tolk helpen om de intentie van de spreker achter de woorden te begrijpen.
 
Tolken zijn overbrengers. Hun mening over het gezegde doet dus niet ter zake. "Ik zorg ervoor dat mensen elkaar begrijpen, zelfs als ik het niet eens ben met de betreffende personen," aldus Dietze. "Wij zijn onpartijdig. Dit werk is eenvoudiger voor mensen die acteertalent bezitten, die zich in de spreker kunnen inleven...en op dezelfde golflengte kunnen gaan zitten".
 
Het werk van de tolk
 
Een vertolking is geen letterlijke vertaling, maar de overbrenging van een boodschap die zit besloten in een taal en nauwkeurig in een andere taal wordt omgezet. Aangezien tolken real-time werken, presteren zij onder grote druk. Zij zetten de boodschap van de oorspronkelijke toespraak immers simultaan om in een andere taal. Zij luisteren en praten tegelijkertijd, dus luisteren zij selectief en concentreren zich op de boodschap in plaats van op de woorden.
 
Omdat tolken tijdens hun werk in de cabine maar over weinig bedenktijd beschikken, bereiden zij zich vooraf uitgebreid voor. Zij lezen relevante documenten in hun werktalen en proberen zo op de hoogte te blijven van wijzigingen en nieuwe termen.  Tolken houden bovendien het nieuws in verschillende talen bij om op de hoogte te blijven van de internationale politieke situatie en de laatste ontwikkelingen. "Als je het concept begrijpt, gaat het vanzelf; anders moet je je haasten en te veel op de woorden letten," vertelt Dietze.
 
De meeste parlementaire bijeenkomsten worden in Straatsburg en Brussel gehouden, maar soms vinden deze ook in andere landen plaats. Dit betekent dat tolken erg veel reizen. Dat is vermoeiend, maar ook boeiend en leerzaam. Levenslang leren hoort bij het werk van een tolk: "Er is bijna geen dag dat ik niet thuiskom en zeg “vandaag heb ik iets nieuws geleerd," aldus Dietze.
 
Begin paginaVolgendeVorige

Meer dan woorden

Begin paginaVorige
 
Paneel in een tolkcabine - © EP Photo Service

Paneel in een tolkcabine

De baan van een tolk is niet zo gemakkelijk als hij wellicht lijkt. EP-leden houden er maar zelden rekening mee dat hun betoog simultaan in een andere taal wordt vertolkt, dus gebruiken zij vaak bloemrijke taal, grapjes en woordspelingen die alleen met de grootste moeite of soms helemaal niet kunnen worden vertaald. Cijfers, snelle sprekers en het voorlezen van notities maken het leven van een tolk er ook niet gemakkelijker op.
 
Een woordspeling is één van de grootste uitdagingen voor een tolk. "Soms kun je een woordspeling wel naar je eigen taal omzetten, maar dat is soms gevaarlijk aangezien jouw versie door de luisteraars anders kan worden geïnterpreteerd dan de oorspronkelijke tekst. De toehoorders zullen dan op jouw tekst reageren in plaats van op het originele stuk," aldus Bernard Gevaert, een Nederlandse tolk.
 
De uiterst beperkte spreektijd voor elke spreker tijdens een plenaire vergadering kan ook problematisch zijn. Omdat zij veel te zeggen hebben, spreken EP-leden erg snel en vaak lezen zij notities voor die zij vooraf hebben voorbereid. Snel spreken hoeft geen probleem te vormen als de spreker improviseert, maar het wordt een nachtmerrie als de spreker een geschreven stuk voordraagt.
 
"Het is belangrijk om de vergaderzaal te zien"
 
Een deel van de boodschap die door de tolken wordt overgebracht is non-verbaal, dus moeten zij in staat zijn om non-verbale aanwijzingen op te pikken, zoals de toon in iemands stem en de lichaamstaal. Het is voor tolken dan ook van groot belang dat zij de spreker en zijn publiek zien om de verschillende reacties te kunnen beoordelen.
 
"Ik kijk constant rond in de vergaderzaal," zegt Dietze. "Het is belangrijk om te zien wie komen en gaan, of andere zaken op te merken, zoals de voorzitter die zijn assistent iets influistert; de vergadering kan een onverwachte wending nemen en als je dat verwacht ben je goed voorbereid."
 
Begin paginaVorige