Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2010/0064(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0294/2011

Ingediende teksten :

A7-0294/2011

Debatten :

PV 26/10/2011 - 15
CRE 26/10/2011 - 15

Stemmingen :

PV 27/10/2011 - 8.2
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0468

Aangenomen teksten
PDF 81kWORD 54k
Donderdag 27 oktober 2011 - Straatsburg Definitieve uitgave
Seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie ***I
P7_TA(2011)0468A7-0294/2011
Resolutie
 Geconsolideerde tekst
 Bijlage

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 27 oktober 2011 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad ter bestrijding van seksueel misbruik, seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie, en tot intrekking van Kaderbesluit 2004/68/JBZ (COM(2010)0094 – C7-0088/2010 – 2010/0064(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement ,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2010)0094),

–  gezien artikel 294, lid 2, artikel 82, lid 2, en artikel 83, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7-0088/2010),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 15 september 2010(1) ,

–  na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–  gezien de schriftelijke toezegging van de vertegenwoordiger van de Raad van 29 juni 2011 om het standpunt van het Europees Parlement goed te keuren, overeenkomstig artikel 294, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien artikel 55 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de adviezen van de Commissie cultuur en onderwijs en de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid (A7-0294/2011),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  hecht zijn goedkeuring aan de gemeenschappelijke verklaring van het Parlement en de Raad die als bijlage bij de onderhavige resolutie is gevoegd;

3.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

4.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

(1) PB C 48 van 15.2.2011, blz. 138.


Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 27 oktober 2011 met het oog op de vaststelling van Richtlijn 2011/…/EU van het Europees Parlement en de Raad ter bestrijding van seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie, en ter vervanging van Kaderbesluit 2004/68/JBZ van de Raad
P7_TC1-COD(2010)0064

(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement overeen met de definitieve rechtshandeling: Richtlijn 2011/93/EU.)


BIJLAGE

Gemeenschappelijke verklaring van het Europees Parlement en de Raad over het benaderen van kinderen voor seksuele doeleinden

Overwegende dat onder het offline benaderen van kinderen voor seksuele doeleinden („off-line grooming”) opzettelijke manipulatie wordt verstaan van een kind dat nog niet seksueel meerderjarig is door middel van mondelinge of schriftelijke communicatie, audiovisueel materiaal of vergelijkbare introducties, teneinde hem of haar te ontmoeten met het oogmerk een van de in artikel 3, lid 4, en artikel 5, lid 6, van de richtlijn ter bestrijding van seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie genoemde strafbare feiten te plegen,

overwegende dat het offline benaderen van kinderen voor seksuele doeleinden reeds in diverse vormen onder het nationaal recht van de lidstaten ressorteert, als poging tot, als voorbereidende handeling voor of als een bijzondere vorm van seksueel misbruik,

het Europees Parlement en de Raad dringen er bij de lidstaten op aan hun strafrechtelijke definities met betrekking tot het strafbaar stellen van het offline benaderen van kinderen voor seksuele doeleinden zorgvuldig na te zien en hun strafrecht, indien nodig, te verbeteren en aan te passen met betrekking tot eventuele juridische lacunes die op dit gebied nog bestaan.

Laatst bijgewerkt op: 8 april 2013Juridische mededeling