Iedereen heeft met zorg kennis genomen van de stopzetting eerder dit jaar van gasleveranties aan de Europese Unie door Rusland.
Kan de Commissie een verklaring afleggen over de vooruitgang die zij boekt om de afhankelijkheid van de EU van gasleveranties uit Rusland te verminderen en over nieuwe, alternatieve energieverzorging waarnaar de Unie thans streeft?
Op dit moment wordt ongeveer 25 procent van het in de EU-25 verbruikte aardgas ingevoerd vanuit Rusland; de rest wordt binnenlands geproduceerd en ingevoerd vanuit andere landen, voornamelijk Noorwegen en Algerije.
In een zogenaamd "business-as-usual"-scenario(1)
wordt voorspeld dat het verbruik van aardgas in de EU aanzienlijk zal toenemen. Aangezien de binnenlandse productie naar verwachting zal dalen, zal de netto-invoer en de afhankelijkheid van de invoer toenemen. Volgens de voorspellingen zal de netto-invoer stijgen van ongeveer 250 miljoen ton olie-equivalent (Mtoe) nu tot meer dan 500 Mtoe in 2030. De afhankelijkheid van de invoer zal naar verwachting stijgen van ongeveer 50 procent nu tot 80 procent in 2030.
Op basis van dit scenario valt een toename te verwachten van het volume van de invoer uit Rusland. Het relatieve belang van Rusland voor de gasinvoer van Europa zal echter worden beperkt door het potentieel van andere aardgasbronnen en de voortschrijdende ontwikkeling van vloeibaar aardgas (LNG) als alternatief voor gas uit pijpleidingen.
Een heel scala aan zowel interne als externe maatregelen van de EU en de lidstaten kan van invloed zijn op de afhankelijkheid van de EU van de invoer van gas uit Rusland. Andere maatregelen kunnen het kader voor de betrekkingen tussen de EU en Rusland op energiegebied versterken. De Commissie heeft een overzicht van dergelijke maatregelen onder andere opgenomen in haar recente groenboek "Een Europese strategie voor duurzame, concurrerende en continu geleverde energie voor Europa".