Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

O-0062/2006 (B6-0309/2006)

Debatten :

PV 15/06/2006 - 13
CRE 15/06/2006 - 13

Stemmingen :

Aangenomen teksten :


Debatten
Donderdag 15 juni 2006 - Straatsburg Uitgave PB

13. Gebruik van houtspaanders voor het verouderen van wijn - Gebruik van spaanders in Europese wijnen (debat)
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is de gecombineerde behandeling van de volgende mondelinge vragen:

- O-0060/2006 van Vincenzo Lavarra, Roberta Angelilli, Katerina Batzeli, Jean Marie Beaupuy, Giovanni Berlinguer, Giusto Catania, Thierry Cornillet, Giuseppe Castiglione, Donata Gottardi, Umberto Guidoni, Giovanni Claudio Fava, Janelly Fourtou, Lilli Gruber, Claire Gibault, Nathalie Griesbeck, Anne Laperrouze, Pia Elda Locatelli, Andrea Losco, Mario Mauro, Sebastiano (Nello) Musumeci, Francesco Musotto, Philippe Morillon, Pasqualina Napoletano, Pier Antonio Panzeri, Giovanni Pittella, Umberto Pirilli, Lapo Pistelli, Vittorio Prodi, Guido Sacconi, Matteo Salvini, Francesco Enrico Speroni, Luciana Sbarbati, Gianluca Susta, Marc Tarabella, Riccardo Ventre, Donato Tommaso Veraldi, Marcello Vernola, Armando Veneto, Marta Vincenzi, Sepp Kusstatscher, Mauro Zani en Nicola Zingaretti, aan de Commissie over het gebruik van houtspaanders voor het verouderen van wijn (B6-0308/2006), en

- O-0062/2006 van Giuseppe Castiglione, namens de PPE-DE-Fractie, aan de Commissie over het gebruik van spaanders in Europese wijnen (B6-0309/2006).

 
  
MPphoto
 
 

  Vincenzo Lavarra (PSE), auteur. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, commissarissen, in een vergadering van het Comité van beheer voor wijn is overeenstemming bereikt over een wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1622/2000, nr. 884/2001 en nr. 753/2002, opdat het gebruik van houtspaanders voor het verouderen van wijn wordt toegestaan.

Ik wilde een mondelinge vraag indienen, met de steun van meer dan veertig collega’s – die ik hierbij wil bedanken – over de toelaatbaarheid van dit oenologisch procédé, omdat ik vind dat het Parlement zich moet kunnen uitspreken over een kwestie die slechts ogenschijnlijk technisch is, maar die in feite belangrijke vragen opwerpt over de kwaliteit en de toekomst van Europese wijn.

Men heeft dit voorstel willen rechtvaardigen door aan te voeren dat het nodig was ons aan te passen aan landen buiten Europa waar dit procédé al is toegestaan. Ik vraag mij daarentegen af of de eigenheid van Europese wijn en de kracht ervan op de internationale markt niet juist gelegen zijn in de hoge kwaliteit en in de traditionele procédés die worden toegepast. Heeft de Commissie erover nagedacht wat de gevolgen van dit voorstel zullen zijn voor kwaliteitswijnen? Welke maatregelen is zij van plan te nemen om deze praktijk ten minste voor kwaliteitswijnen te verbieden? Wat de etikettering betreft: acht de Commissie het verenigbaar met onze richtsnoeren inzake transparantie dat dit procédé niet vermeld wordt op het etiket? Tot slot, wat zou er gebeuren in de onderhandelingen binnen de WTO als wij, in plaats van ernaar te streven de standaard van de oenologische praktijk te verhogen, deze standaard naar beneden zouden bijstellen?

Ik zou de Commissie dankbaar zijn als zij deze punten zou willen verhelderen, vooral ook met het oog op de komende hervorming van de marktordening voor wijn.

 
  
MPphoto
 
 

  Giuseppe Castiglione (PPE-DE), auteur. (IT) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, dames en heren, dit is een historisch moment voor onze Europese wijnsector. De liberalisering van de internationale landbouwmarkten en de steeds toenemende internationale concurrentie hebben de wijnproductie en marketingsystemen ter discussie gesteld en onze producenten tot meer flexibiliteit gedwongen.

Het gebruik van "moderne" oenologische procédés in veel derde landen en de minder radicale toepassing wereldwijd van de "geheel en al verkregen"-regel houden onze producten weg van onze eigen markten. Een markt die op zichzelf twee derde van de wereldwijde wijnhandel beslaat. Als het om die reden echt noodzakelijk is om de striktheid van onze regels opnieuw onder de loep te nemen en als deze mondiale uitdaging werkelijk meer flexibiliteit van ons verlangt, is het uiterst belangrijk om grenzen en voorwaarden te stellen aan het gebruik van deze oenologische procédés. Dan wordt het noodzakelijk om een evenwicht te vinden tussen deze toename in flexibiliteit en de behoeften aan traditie, kwaliteit en consumentenbescherming. Deze liberalisering moet tot behoud en aanscherping van de sterke punten van onze wijnsector leiden en deze een nieuwe impuls geven. Het mag in geen geval de productie van kwaliteitsartikelen belemmeren in het voordeel van wijnen met kunstmatige organoleptische kwaliteiten.

De Commissie wil het voorstel dat we momenteel bespreken, rechtvaardigen door aan te voeren dat het nodig is om het risico op verwarring voor de consument en concurrentievervalsing onder de producenten te voorkomen. Mijnheer de commissaris, als dit echt het gewenste doel en het beoogde plan is, dan spijt het mij u te moeten vertellen dat we hiermee een enorme misstap zullen begaan.

Wezenlijke consumentenbescherming en een oprechte wens om iedere vorm van concurrentievervalsing te voorkomen, zouden geleid hebben tot een verplichte maatregel, dat wil zeggen dat het verplicht vermelden van het gebruik van houtspaanders op het etiket. Iedere andere maatregel is en zal totaal niet doeltreffend zijn voor de consumentenbescherming en al helemaal niet voor het voorkomen van concurrentievervalsing.

Alleen een duidelijk etiket waarop de inhoud van het product vermeld staat, kan ervoor zorgen dat de informatie transparant is. Alleen op die manier weet de consument precies wat hij of zij koopt. Alleen op die manier kan zijn of haar keuzevrijheid worden bewaakt, samen met die van de wijnboer.

Wanneer we deze informatie niet op de etiketten vermelden, maken we op korte termijn een deel van de Europese wijnsector kapot, een sector die gebaseerd is op traditie, diversificatie en plaatselijke eigenschappen en op een echte wijncultuur die symbool staat voor onze landen.

Europese wijnboeren hebben geen keus in deze kwestie. Vroeg of laat zullen ze genoodzaakt zijn om hun traditionele methodes op te geven omdat hun producten, zonder aanwijsbare reden, te duur blijken te zijn in de ogen van de consument, die het ontbreekt aan juiste en duidelijke informatie.

Mijnheer de commissaris, is dit het beleid van de Gemeenschap met betrekking tot de consumentenbescherming? Is dit het beleid van de Gemeenschap met betrekking tot transparantie en etikettering? Is dit de toename in kwaliteit van landbouwproducten waarover we zo veelvuldig spreken? Ik zou het waarderen als u het Parlement zo spoedig mogelijk te woord staat.

 
  
MPphoto
 
 

  Vladimír Špidla, lid van de Commissie. (CS) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ik zal nu antwoord geven op beide vragen over het gebruik van houtspaanders bij de productie van wijn.

Het doel van het voorstel voor een verordening van de Commissie, dat nu voorligt aan het Comité van beheer voor wijn, is het vaststellen van voorwaarden voor de toepassing van eikenhouten spaanders bij de productie van wijn. De Raad heeft zich in Verordening (EG) nr. 2165/2005 van 20 december 2005 over dit nieuwe oenologische procédé uitgesproken. De Commissie is van mening dat de in het voorstel omschreven bepalingen voor de etikettering van wijnen voldoet aan de vereisten wat betreft transparantie voor de consument en wat betreft de productkwaliteit. Het voorstel omvat regels voor de etikettering van wijn, met als doel de consument te behoeden voor misleiding. Tegelijkertijd blijft het mogelijk om op wijnen die verouderd of gerijpt zijn op houten vaten en die nooit in aanraking zijn geweest met eikenhouten spaanders de omschrijving "eiken vat" of "eiken barrique" te vermelden. Op deze manier kan wijn die is verouderd door middel van contact met eikenhouten spaanders en die de smaak heeft van wijn die gerijpt is in contact met hout, niet worden verward met wijn die op traditionele wijze is gerijpt in eiken barriques, en is het in het geval van zulk soort wijn niet nodig om enige speciale aanduiding aan te brengen.

Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt, kunnen lidstaten bij wijnbereidingsprocédés voor kwaliteitswijnen afkomstig uit vastomlijnde wijngebieden en voor tafelwijnen met een geografische aanduiding strengere voorwaarden stellen, met als doel de voor deze kwaliteitswijnen specifieke kenmerken te behouden. De Commissie heeft geen zeggenschap over deze nationale bevoegdheden. De Raad heeft deze methode nu goedgekeurd voor de producenten uit de Unie. De Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding heeft de toepassing ervan reeds enkele jaren geleden goedgekeurd. De Commissie gaat ervan uit dat de klassieke methode van rijping in barriques voor de productie van wijnen van hoge kwaliteit behouden zal blijven, zoals dat ook het geval is in derde landen waar de nieuwe methode al enige jaren geleden werd toegestaan.

Uit langdurige toepassing door derde productielanden en uit vele onder toezicht van de Europese Unie uitgevoerde experimenten is gebleken dat deze methode geen negatieve gevolgen heeft voor de gezondheid van de consument. De Commissie is van mening dat een grotere flexibiliteit bij het toestaan van nieuwe wijnbereidingsprocédés de producenten van de Gemeenschap in staat zal stellen hun markt uit te breiden en meer consumenten te bereiken, vooral via de export, alsook om het concurrentievermogen ten opzichte van derde landen te verbeteren.

 
  
MPphoto
 
 

  Iles Braghetto, namens de PPE-DE-Fractie.(IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, zoals we hebben gehoord staat de huidige Europese wetgeving het gebruik van houtspaanders voor het verouderen van wijn niet toe aan Europese producenten.

De wetgeving van andere wijnproducerende landen, met name de Verenigde Staten, Chili en Zuid-Afrika, kent een soortgelijk verbod echter niet. Op basis van een recente overeenkomst met de Europese Unie kunnen deze landen hun eigen wijnen zelfs naar de interne markt van de Europese Unie exporteren zonder etiketten op de flessen aan te brengen waarop het gebruik van houtspaanders wordt vermeld.

De Italiaanse wijnindustrie is derhalve slachtoffer van oneerlijke concurrentie. Tot op heden kon deze industrie terugvallen op haar diversiteit, op haar oude wijnstokken en op de kwaliteit en gezondheid van haar product. Het beeld van een betrouwbare en geloofwaardige markt, zoals de Italiaanse markt wordt gezien, zal ondermijnd worden.

Het is onvermijdelijk dat de globalisering ook effect zal hebben op een sector waarop de wereld jaloers is. We zullen er zeker niet in slagen dit proces een halt toe te roepen, maar we hebben behoefte aan passende garanties. We zijn niet van plan deze verouderingsmethode te weren van de Europese markt, maar we eisen bescherming van het recht van consumenten om te weten wat ze eten en drinken, en om te weten wat voor kwaliteit ze mogen verwachten voor een bepaalde prijs. Italiaanse en Europese producenten hoeven geen trucjes te verzinnen of zich in allerlei bochten te wringen om hun producten, die wereldwijd bekend staan vanwege hun kwaliteit, te verkopen.

Het Comité van beheer voor wijn staat op het punt een amendement op de huidige normen voor oenologische procédés goed te keuren, met de bedoeling om het gebruik van houtspaanders voor het verouderen van wijn toe te staan, in plaats van de traditionele methode van wijnveroudering in vaten. Twintig jaar geleden diende het schandaal, dat veroorzaakt werd door het gebruik van methanol tijdens de wijnproductie, als een waarschuwing voor ons. Alleen een productieproces dat serieus en professioneel wordt uitgevoerd, kan de strijd op de markt aan. Achter de uitdrukking in vino veritas schuilt een zekere waarheid, maar we laten het nu eens aan de etiketten over om ons te voorzien van de informatie waarop we recht hebben.

 
  
MPphoto
 
 

  Katerina Batzeli, namens de PSE-Fractie. (EL) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, mijns inziens is uw mening over de oenologische praktijken en het gebruik van houtspaanders nogal algemeen, en misschien heeft de Commissie niet begrepen welk fundamenteel probleem dit gebruik oplevert. Ik zal het kort samenvatten.

U zei dat de Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding deze oenologische praktijken toestaat. Maar heeft iemand u, mijnheer de commissaris, ooit gezegd dat de Europese praktijken precies dezelfde moeten zijn als de internationale, en dat wij, Europeanen, gedwongen zijn om deze oenologische praktijken van de nieuwe landen die de Europese markt ondermijnen, over te nemen? Heeft iemand u, mijnheer de commissaris, ooit gezegd dat de Commissie naar de WTO-onderhandelingen mag gaan zonder eerst de producten met geografische aanduidingen, waaronder ook de wijn valt, te hebben verankerd? Is er iemand uit de samenleving, uit de wijnbouw, uit de wijnsector, uit het Europees Parlement die u, mijnheer de commissaris, heeft gezegd dat u oneerlijke concurrentie mag veroorzaken op de Europese markt? De boodschap die u voorlas is wel heel algemeen, en natuurlijk ben ik het met mijn collega’s eens dat het vermelden van de nieuwe praktijken op het etiket van de flessen, zodat wij de consumenten kunnen beschermen, de laatste stap is. Wie beschermt echter de Europese wijn? Niemand hier in deze zaal zegt dat de Europese wijn dezelfde moet zijn als honderd jaar geleden. Niemand hier in deze zaal zegt dat er niet gemoderniseerd moet worden en niemand in deze zaal zal, als hij weet dat er een nieuwe herziening komt van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt, weigeren innovatieve voorstellen te doen. Wat ons echter zorgen baart, is dat dit eenvoudige en vrij onschuldige gebruik van houtspaanders – dat naar uw zeggen maar één ding doet, namelijk de commerciële wijnen van lage kwaliteit liberaliseren of concurrerend maken – op de commerciële markt, mijnheer de commissaris, zal leiden tot een prijsdaling van de kwaliteitswijnen, van de wijnen met beschermde benamingen, van de wijnen met geografische aanduidingen, van de wijnen die onverslaanbaar zijn op de wereldmarkt. En u laat nu de achterdeur open! Zo kan men de Europese kwaliteitswijnen op een heel goedkope manier onderuit halen!

Mijnheer de commissaris, ik zal u niet lang bezighouden, want over een maand spreken wij hierover met de bevoegde commissaris en de volgende week in de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling. Eén ding wil ik u echter wel, namens alle collega’s hier in deze zaal, vragen: wilt u ervoor zorgen dat gefragmenteerde praktijken die de toekomst van de wijn kapot maken en de toekomst van het gemeenschappelijk landbouwbeleid in gevaar brengen, worden vermeden? Wij vragen u om hulp. Anders komt er een discussie die er niet om zal liegen.

 
  
MPphoto
 
 

  Jean Marie Beaupuy, namens de ALDE-Fractie. (FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, over zes maanden wellicht en in ieder geval over een jaar zullen we gereorganiseerde wijnmarkt hebben. Daarom wil ik ons onderwerp bestuderen in het licht van de ontwikkelingen die de laatste jaren wereldwijd hebben plaatsgevonden en die de komende jaren plaats zullen vinden.

Allereerst wil ik onderstrepen – bijna geheel in tegenstelling tot de vorige spreker – dat de consument uiteindelijk bepaalt wat er op wijngebied gebeurt. We zijn niet verplicht om wijn te drinken of voor een bepaalde soort wijn te kiezen. De consument beslist.

En wat heeft de consument de afgelopen jaren gedaan? We zien een afname van de consumptie van tafelwijnen en een toename van de consumptie van kwaliteitswijnen. We zien ook een zeer sterke groei van het aantal consumenten en als u de laatste tijd de berichtgeving in de pers over de besluiten en de wensen van China hebt gevolgd, weet u dat er de komende tien jaar wereldwijd miljoenen nieuwe wijndrinkers bij zullen komen.

Daarnaast hebben wij gezien hoe in de hele wereld nieuwe smaaktypen zijn ontstaan die aan de eisen van de consument voldoen, vooral met de opkomst van nieuwe wijngaarden in de Nieuwe Wereld. Dit is allemaal in dezelfde periode van slechts twintig jaar gebeurd, terwijl in Frankrijk de wijnconsumptie is gehalveerd.

Wij constateren dus dat zich op het gebied van wijnconsumptie talrijke en ingrijpende ontwikkelingen hebben voorgedaan. Europa moet zich goed in deze mondiale markt positioneren. Ik vind – en volgens mij is iedereen hier het daarmee eens – dat we de zeer hoge kwaliteit van onze uitstekende wijnen uit Spanje, Italië en Frankrijk – ik kom zelf uit de Champagne – moeten behouden. Het betreft wijnen waarvan de topkwaliteit wereldwijd wordt erkend. Het gaat erom zowel de kwaliteit als de naamsbekendheid in de hele wereld te beschermen. Tegelijkertijd moet onze Europese wijnproductie zich echter aanpassen aan de mondiale vraag van de consument.

Daarom, dames en heren, lijkt het mij vanzelfsprekend dat we de mogelijkheid hebben om deze houtspaanders bij de productie van onze Europese wijnen te gebruiken, aangezien de smaak van onze consumenten zich ontwikkelt en sommige consumenten verdwijnen om plaats te maken voor nieuwe. Een voorwaarde daarbij is wel dat deze mogelijkheid geen verplichting wordt en dat het gebruik van de spaanders plaatsvindt binnen het kader van onze diverse verordeningen en dat iedere lidstaat de vereiste beperkende voorwaarden kan stellen.

Laten we tot slot niet vergeten dat er op ons continent, in onze 25 lidstaten, met de wijnproductie verscheidene miljoenen, misschien wel 5 miljoen, banen gemoeid zijn en dat de omzet ervan 17 miljard euro bedraagt. Dit cijfer komt vrijwel overeen met de omzet van de graansector en ligt duidelijk hoger dan de omzet in de suikersector, die viermaal zo klein is. Om al deze redenen vind ik dat we aan de vraag van onze consumenten tegemoet moeten komen.

 
  
MPphoto
 
 

  Thomas Wise, namens de IND/DEM-Fractie.(EN) Mijnheer de Voorzitter, in de wijnhandel zou ik beschreven worden als een amateur du vin. In gewonemensentaal betekent dit dat ik een bordeaux van een rijnwijn kan onderscheiden. Ik heb zelfs examens afgelegd bij het Britse Wine and Spirit Education Trust en heb het niveau bereikt dat net onder Master of Wine ligt, dus misschien spreek ik hier met enige autoriteit.

De Britse markt is atypisch binnen de EU, omdat zij al vele jaren spectaculair aan het groeien is. Maar we laten wijnen uit de EU links liggen ten gunste van wijnen uit de hele wereld, met name Australië en Californië. Hoe dat toch komt? Zou het gewoon kunnen dat ze wijnen maken die bij de consumenten in de smaak vallen? Producenten in deze en andere landen uit de Nieuwe Wereld zijn niet gebonden aan pietluttige bureaucratie die hun voorschrijft welke druiven ze moeten telen en hoe ze hun wijn moeten maken. Zij produceren ongesubsidieerde wijnen die mensen willen kopen tegen een betaalbare prijs.

Maar er speelt nog een andere factor mee en dat is productinformatie. Stelt u zich de volgende situatie voor: je staat in een supermarkt naar honderden flessen wijn te kijken. Je neemt een fles in je hand – deze elegante Pomerol bijvoorbeeld – en probeert er iets over te weten te komen. Niet iedereen heeft Sotheby’s Wine Encyclopaedia op zak. Waarom zouden ze ook? Ze kijken gewoon op de fles voor informatie. Op de Pomerol is het gebrek aan informatie schrijnend. Deze fles wijn uit Californië vertelt je op een etiket van drie bij drie inch – dat is 10 cm – echter meer over wijn dan de meeste mensen ooit hoeven te weten, waaronder het feit dat hij twaalf maanden heeft gerijpt op Amerikaans eiken.

In de handel draait het om het aantrekken en vasthouden van klanten. Als we meer regels opstellen waaraan EU-producenten zich moeten houden, zal dat hen en de bedrijfstak verlammen en zal geen enkele subsidie hen nog kunnen redden.

 
  
MPphoto
 
 

  Charles Tannock (PPE-DE).(EN) Mijnheer de Voorzitter, volgens artikel ... – ik weet het nummer niet meer! – mag een verkoper geen commerciële producten verkopen in dit Parlement, iets wat de heer Wise volgens mij zojuist heeft gedaan.

 
  
MPphoto
 
 

  Inés Ayala Sender (PSE).(ES) Mijnheer de Voorzitter, terwijl de Commissie dezer dagen waarschijnlijk bezig is met het afronden van de hervorming van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt, gaat het in het debat hier vandaag vooral over het concurrentievermogen van de Europese wijnbouw tegenover die van derde landen, een concurrentievermogen dat de Commissie naar eigen zeggen een impuls wil geven met haar hervorming.

Het gebruik van eiken houtspaanders bij de bereiding van wijnen is toegestaan door de Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding. De omstandigheden waaronder dit gebruik mag worden toegepast, moeten echter nog worden vastgesteld door het Comité van beheer voor wijn. De wijnsector geniet tegenwoordig zo weinig bescherming dat het inmiddels nodig is om het behoud van traditionele gebruiken, zoals het rijpen op vat, te combineren met de mogelijkheid voor die Europese wijnbouwers die daartoe besluiten, om onder gelijke omstandigheden te concurreren met de producenten van derde landen, een en ander vanzelfsprekend met maximale garanties op transparantie en informatie voor de klant.

Naar ons oordeel zou dit gebruik niet moeten worden gevolgd voor wijnen die worden onderworpen aan een rijpingsproces of die worden aangegeven met traditionele benamingen als "Crianza", "Reserva" en "Gran Reserva". Het etiket is juist bedoeld om verwarring onder consumenten te voorkomen door duidelijk aan te geven of voornoemd gebruik al dan niet is gevolgd, en door bijvoorbeeld de term "eiken" voor te behouden aan de traditionele rijping op vaten.

Bovendien is het de lidstaten krachtens de basisverordening van deze gemeenschappelijke marktordening toegestaan om oenologische gebruiken en behandelingen te onderwerpen aan strengere nationale voorwaarden ter garantie van het behoud van de eigenschappen van de kwaliteitswijnen. In mijn land zijn de raden van toezicht de belangrijkste instanties voor de bewaking van de kwaliteit van de Spaanse wijnen.

Op dit moment is de Europese Commissie echter nog belast met het vaststellen van de voorwaarden waaronder dit gebruik op communautair niveau is toegestaan. Ons verzoek aan haar is derhalve om dit met de vereiste transparantie te doen, teneinde verwarring onder consumenten te voorkomen, en om te garanderen dat dezelfde maatregelen ook van toepassing zullen zijn op wijnen die uit derde landen worden ingevoerd.

Verder zouden we graag zien dat de Commissie ons uitlegt waarom zij het debat over oenologische praktijken opdeelt, terwijl die gezamenlijk behandeld zouden moeten worden. Sterker nog, in het najaar van 2005 werd ons mededeling COM(2005) 395 toegezonden. Dat document bevatte een reeks technische wijzigingen van de basisverordening: vervanging van verplichting tot distillatie van bijproducten van de wijnbereiding door verplichting tot uit de markt laten nemen van deze producten in Slovenië en Slowakije; gewijzigde indeling van de beplante wijnbouwoppervlakten in Polen of nieuwe aanduidingen op de etiketten.

De toevoeging van eiken houtsnippers kwam in die wijzigingen echter niet voor. Ik denk niet dat dit met de vertaling te maken heeft, want de wijziging kwam noch in de Spaanse versie noch in de Franse versie voor. Was dat wel het geval geweest, dan had de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling mogelijk niet gekozen voor de vereenvoudigde procedure om deze kwestie te behandelen.

Kan de Commissie ons daarom zeggen wanneer zij denkt dit nieuwe element te introduceren en waarom zij daarmee niet heeft gewacht tot de hervorming van de gemeenschappelijke marktordening?

 
  
MPphoto
 
 

  Anne Laperrouze (ALDE).(FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, dames en heren, net als een aantal van mijn collega’s heb ik de mondelinge vraag over het gebruik van houtspaanders als oenologisch procédé in Europese wijnen ondertekend. Dat heb ik gedaan, omdat ik mij afvraag of er garanties worden gegeven dat de kwaliteitswijnen die wij in Europa produceren, als kwaliteitswijn erkend worden en blijven. Het is mijn wens dat dergelijke waarborgen worden geboden.

Ik zou het geen probleem vinden als dit procédé wordt erkend en toegestaan. De wijnsector zit op deze erkenning te wachten omdat sommigen daardoor aan de verwachtingen van internationale consumenten kunnen voldoen. Bovendien is er geen sprake van een algemene verplichting. De lidstaten blijven de mogelijkheid houden om voor kwaliteitswijnen, die in bepaalde streken worden geproduceerd, beperkende wetgeving op te leggen.

Niettemin vind ik dat er garanties moeten komen wat betreft de informatie over de wijnen waarop dit procédé is toegepast. Daarnaast zijn er kwaliteitsgaranties nodig. Ik wil met nadruk stellen dat de erkenning van dit procédé, dat van buiten de Europese Unie afkomstig is, geen legitimatie mag vormen voor andere procédés die op het vlak van gezondheid en identiteit niet de benodigde kwaliteitsgaranties bieden. Wijn is een bijzonder product dat een identiteit en een wijze van leven uitdraagt. We moeten ons niet te snel laten verleiden tot het toestaan van “patchwork”-wijnen.

Tot slot wil ik graag van deze gedachtewisseling gebruik maken om nog eens nadrukkelijk de aandacht te vestigen op de komende herziening van de gemeenschappelijke marktordening, die de Europese wijnbouw een werkelijke oplossing voor de toekomst moet bieden. Het is nodig dat de Europese wijnbouwers profiteren van de mondiale groei van de wijnmarkt. Dat dient te gebeuren via een herverdeling van de financiële steun van de gemeenschappelijke marktordening. De oplossing kan wellicht worden gevonden in ontkoppeling van de steun waardoor de sector zelf voor de productie verantwoordelijk wordt, met als voordeel dat alle wijn op de consumptiemarkten kan worden afgezet. De distillatievoorwaarden – voor consumptiealcohol en crisisdistillatie – moeten opnieuw worden bestudeerd als onderdeel van een systeem dat gebaseerd is op een degressieve richtprijs die geldt in het verkoopseizoen. Ook moet voor de verrijking van de wijnen het gebruik van wijnproducten worden aangemoedigd. Zo kan most worden gebruikt in plaats van suiker.

Om ervoor te zorgen dat de Europese wijnen hun toonaangevende positie op de wereldmarkt behouden, dient de Europese Unie de gemeenschappelijke marktordening te gebruiken om een beleid te ontwikkelen dat gericht is op promotie en marketing, onderzoek en ontwikkeling en opleiding. Zij moet tevens een economisch waarnemingscentrum in het leven roepen. De regelingen voor herstructurering, aanplanten en rooien moeten beslist worden hervormd, zodat op de middellange en lange termijn in de behoeften van de markt wordt voorzien. Ook moet het wijnbouwareaal, ofwel het wijnproductiepotentieel van de Europese Unie, behouden blijven.

Het is toch onvoorstelbaar dat de wijngaarden zouden verdwijnen uit ons landschap, uit onze geschiedenis en uit ons landschappelijk en cultureel erfgoed, dat jarenlang door wijnboeren gevormd is op stukken grond die uitsluitend voor de druiventeelt geschikt zijn? Wat zou er dan gebeuren met die streken en de mensen die er wonen en die hard hebben gewerkt aan de verbetering van hun vak tot groot genoegen van de consumenten, of liever de fijnproevers?

 
  
MPphoto
 
 

  Christa Klaß (PPE-DE).(DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, geachte collega’s, wijn is een product van regionale herkomst, dat niettemin wereldwijd aangeboden en verhandeld wordt. Om die reden hebben wij een internationaal kader nodig dat de oenologische procédés beschrijft en de internationale concurrentiepositie waarborgt. We kennen allemaal het speciale rijpingsprocédé in de barriques: een oude traditie, maar een traditie die haar rechtvaardiging vindt in het feit dat de opslag in houten vaten het rijpingsproces van wijn positief beïnvloedt.

De ontwikkelingen op het gebied van wijnopslag staan echter niet stil. In het streven om met onze wijnen optimaal tegemoet te komen aan de wensen van de consument, doen we steeds meer kennis op en ontdekken we nieuwe mogelijkheden, die in landen buiten de Europese Unie hun toepassing vinden.

Op dit punt aangekomen, stel ik mezelf de vraag hoe we de waarde van enerzijds traditionele en anderzijds moderne procédés beoordelen. We willen vandaag de dag toch ook niet meer met paard en wagen reizen? Ik denk dat het een het ander niet mag uitsluiten, maar we zijn niet meer zo zeker van onze zaak. Dat collega Castiglione vragen stelt over de concrete juridische implicaties van toelating van het gebruik van houtspaanders en over de etikettering, is daarom terecht.

Ik denk dat we ervoor moeten waken dat onze wijnetiketten ontaarden in het soort bijsluiters zoals we die bij geneesmiddelen kennen. De consument wil een mooi opgemaakte fles wijn met een duidelijke weergave van de belangrijkste informatie. De etikettering is een gevoelige kwestie, die mijns inziens het beste nationaal of regionaal kan worden afgehandeld. Het kan niet de taak van de Europese Unie zijn om alles tot in de kleinste details te regelen. Anders belanden we in een soortgelijke situatie als we hebben gezien met de etikettering van allergene stoffen, waarbij een etikettering in alle denkbare talen vereist werd.

We moeten ook inzien dat we niet kunnen gaan controleren of er sprake is van rijping in het vat of met gebruik van houtspaanders. Wijn is juist op het punt van het rijpingsprocédé een regionaal product. De volksgezondheid is in deze kwestie niet in het geding: wijn rijpt al vele generaties lang op hout, waarbij de heilzame werking van wijn nog altijd onomstreden is.

 
  
MPphoto
 
 

  Ari Vatanen (PPE-DE).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik spreek namens mijnheer Daul. Ik ben zelf wijnbouwer en ben het mogelijk niet eens met alles wat hij heeft geschreven, maar in de politiek zeggen we dingen die we niet altijd menen. Zijn toespraak is geschreven in het Frans, maar gelukkig beschikken we hier over goede tolken.

(FR) Mijnheer de Voorzitter, de wijnbouw vormt voor de Europese Unie een zeer belangrijke bron van werkgelegenheid en inkomsten. Dit is grotendeels te danken aan kleine en middelgrote familiebedrijven die een fundamentele rol spelen in de ontwikkeling van plattelandsgebieden.

We zijn getuige van een crisis in de Europese wijnbouwsector die meerdere Europese regio’s teistert als gevolg van een geleidelijke afname van de vraag naar wijn. De Europese autoriteiten moeten in hun wijnbouwbeleid uitgaan van de noodzaak om de landbouwkwaliteit van de traditionele productie te verbeteren en te bevorderen en om deze te beschermen tegen de oprukkende concurrentie van derde landen.

Maar al te vaak wordt een verlies aan marktaandeel voor de traditionele producenten vooral veroorzaakt door een slecht etiketteringsbeleid. Om oneerlijke concurrentie op de wijnmarkt te voorkomen, alsmede de rampzalige gevolgen hiervan voor onze producenten, dienen we de consumenten te beschermen met behulp van etiketteringsregels die gebaseerd zijn op transparante informatie over productkenmerken, de gebruikte technieken, de oorspronkelijke eigenschappen en de gebruikte methoden voor de rijping van de wijn.

De gemiddelde consument, dat wil zeggen de man in de straat, ziet wijnbereiding als een rijpingsproces in eiken vaten. Daarom moeten we voorkomen dat de consument in verwarring raakt of wordt misleid als het gaat om de kwaliteit en de methode van rijping van de wijn. Daartoe moet er passende informatie worden verstrekt die de keuzevrijheid van de consument waarborgt. Het is dus van het grootste belang dat een eventueel gebruik van houtspaanders in het rijpingsproces van wijn verplicht op het etiket wordt vermeld.

Misschien is nu het moment gekomen om een glas rode wijn te drinken, bij voorkeur een Saint-Émilion.

 
  
MPphoto
 
 

  Astrid Lulling (PPE-DE).(FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, dames en heren, wellicht verbaast het u dat ik als voorzitter van de intergroep “wijn, kwaliteit, traditie” van dit Parlement zelf geen mondelinge vraag heb gesteld over het gebruik van houtspaanders bij de wijnbereiding.

De komende dagen zullen we hier debatteren over een mededeling van de Commissie over de hervorming van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt. Daarom wil ik het paard niet achter de wagen spannen, maar de tijd nemen voor de hervorming van regelgeving die heel delicaat is en de Europese wijnproducenten sterk verdeelt.

Sommige wijnbouwers laten ons weten dat zij al tien jaar wachten op de mogelijkheid om spaanders te gebruiken. Anderen beschouwen het als een aanslag op de Europese wijnbouwtradities en vrezen dat de consument op grote schaal zal worden misleid. Weer anderen wijzen op de verantwoordelijkheid van de lidstaten, vooral wat betreft de wetgeving voor de kwaliteitswijnen die in een bepaalde streek worden geproduceerd. En ten slotte mogen we de verantwoordelijkheden van de Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding niet vergeten, die het communautaire kader overschrijden.

Zoals altijd zit ook hier het venijn in de details en het is onmogelijk die vandaag in deze context te behandelen. Daarom wil ik de Commissie waarschuwen voor overhaaste stappen die talrijke gevaren met zich meebrengen. Het grootste gevaar is dat we voor voldongen feiten worden gesteld door via de comitologieprocedure een verordening aan te nemen met betrekking tot een oenologische praktijk die moet worden vastgesteld wanneer wij de hervorming van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt bespreken. Een ander risico is dat we een moeilijk te controleren bureaucratisch gedrocht creëren met kans op misleiding en concurrentievervalsing.

Daarom vraag ik de Commissie dringend de ontwerpverordening tot wijziging van de Verordeningen nr. 1622/2000, nr. 884/2001 en nr. 753/202 niet aan te nemen. Bij mijn weten is deze ontwerpverordening tenminste nog niet goedgekeurd. Wat betreft de etikettering wil ik waarschuwen tegen het scheppen van een precedent dat nadelig kan uitpakken voor de etiketten op alcoholische dranken. Tot op heden hebben we etiketten kunnen vermijden die het product schade berokkenen en voor de consument onleesbaar zijn. Laten we derhalve niet met vuur spelen op dit delicate terrein dat mevrouw Klaß zo voortreffelijk heeft beschreven.

 
  
MPphoto
 
 

  Werner Langen (PPE-DE).(DE) Mijnheer de Voorzitter, in tegenstelling tot de auteurs van de mondelinge vragen, heb ik geen principiële bezwaren tegen het besluit van de Commissie. Met dat besluit wordt een techniek gelegaliseerd waaraan bijvoorbeeld in het wijnhandelsakkoord tussen de EU en de VS en in afzonderlijke concessies met derde landen al sinds 1984 wordt gerefereerd. Dit amendement is op initiatief van de Italiaanse regering tot stand gekomen, reden waarom ik me erover verbaas dat het amendement is ingediend door twee Italiaanse collega's uit verschillende fracties. Het besluit van de Commissie komt ook ten goede aan de consument, want het barrique-procédé, het laten rijpen van de wijn op houten vaten, wordt traditioneel toegepast bij witte wijn, maar vooral bij rode wijn. Zo'n eikenhouten vat met een inhoud van 250 liter kost ergens tussen de zeshonderd en achthonderd euro, en kan maximaal drie keer gebruikt worden. Wanneer de wijn in het vat gerijpt is, wordt rode wijn dus minstens één euro per liter duurder dan wanneer het houtsnipperprocédé wordt toegepast, een techniek overigens waartegen vanuit het oogpunt van de consument of om gezondheidstechnische redenen geen enkel bezwaar bestaat.

Het besluit komt de consument dus ten goede: deze kan een kwalitatief goede wijn aanschaffen tegen een lagere prijs. Daar denk ik dus totaal anders over dan de auteurs van de mondelinge vragen. Aan mevrouw Batzeli, die vindt dat we niet moeten toestaan dat dergelijke kwaliteitswijnen tegen lage kosten worden geproduceerd, zou ik willen vragen waar we heen gaan als het Europees Parlement de technische vooruitgang wil gaan verbieden? Natuurlijk moeten we deze discussie voeren in samenhang met de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt. De Commissie wordt echter onder druk gezet om in te grijpen door de Italiaanse vragen. Wat dat betreft, onderschrijf ik het standpunt van de heer Špidla dus ten volle. Voor de consument ontstaan er geen problemen. We zullen erover moeten nadenken of we een positieve etikettering toestaan – let wel, toestaan, niet voorschrijven –, waarbij bijvoorbeeld als reclameslogan de term "op houten vat gerijpt" gebruikt wordt. Dat zou het concurrentieprobleem oplossen. In elk geval is het beter deze praktijk te legaliseren dan deze decennialang te gedogen. Ik vind de gekozen weg dus juist.

 
  
MPphoto
 
 

  Albert Jan Maat (PPE-DE). – Voorzitter, ik heb altijd het voorrecht wanneer ik naar Straatsburg rijd dat ik door prachtige regio's rijd, door de Pfalz en door de Elzas waar ik wijn haal. Ik ben altijd onder de indruk van de kwaliteit van de producten van de Europese wijnboeren. Ook in mijn eigen land zijn inmiddels acht wijnboeren, maar namens die zal ik niet spreken. Hij lijkt mij een belangrijk onderwerp, wanneer Europa heeft gevraagd om deze techniek toe te staan. Dat blijkt ook uit de grote importen van wijnen waarop deze techniek wordt toegepast en het lijkt me toch te zot voor woorden om Europese wijnbouwers deze mogelijkheid te onthouden.

Tegelijkertijd zou ik het betreuren wanneer de kwaliteit van Europese wijnen daarmee onder druk zou komen te staan. Ik denk ook niet dat dit zal gebeuren, want als je echte kwaliteit hebt, kun je aantonen dat er een verschil is tussen het gebruik van houtsnippers en het gebruik van houten vaten. Een mooie gerijpte wijn, een rode wijn of witte wijn op goede oude vaten, heeft immers een betere verteerbaarheid. Dat is het verschil tussen het gebruik van houtsnippers en houten vaten. Wat dat betreft, zou ik willen beklemtonen – en ook de Europese wijnbouwers willen oproepen, degenen die goede kwaliteitswijn maken en nu hun wijn goed kunnen afzetten – om in ieder geval houten vaten te blijven gebruiken.

Ik wijs ook op andere ontwikkelingen die zich in Europa hebben voorgedaan. Toen men overstapte van grote houten vaten op staal werd niet gevraagd om dat op het etiket te zetten. Dat is ook niet gebeurd. Nu wordt nadrukkelijk gevraagd om wel het gebruik van houtsnippers op het etiket te zetten en ik kan daarin zover meegaan dat men wel vrijheid aan de regio's geeft om al dan niet die verplichting gewoon in te voeren. Men mag in ieder geval niet vermelden dat wijn op hout gerijpt is, als er alleen houtsnippers gebruikt zijn. Dat lijkt mij essentieel.

Wat dat betreft wil ik mij aansluiten bij de woorden van mijn collega Werner Langen wanneer hij zegt dat we terughoudend moeten zijn met bureaucratie op het wijnetiket. Duidelijkheid is op dat punt op zich wel gewenst. Ook vanuit een land waar men meer wijn consumeert dan produceert, zou ik een oproep aan de Europese Commissie willen doen om hiermee ook in het nieuwe wijnbeleid rekening te houden.

 
  
MPphoto
 
 

  Vladimír Špidla, lid van de Commissie. – (CS) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren afgevaardigden, hartelijk dank voor uw bijdragen aan de discussie. Ik zal mijn collega, commissaris Fischer Boel inlichten over de belangstelling die u hier heeft getoond.

Zoals ik reeds in mijn inleidende verklaring aangaf, is het gebruik van eikenhouten spaanders bij de bereiding van wijn reeds vorig jaar op politiek niveau door de Raad aangenomen. Binnen het Comité van beheer voor wijn is er van gedachten gewisseld over de technische regels voor deze methode, waarbij het Commissievoorstel de steun kreeg van de meerderheid van de lidstaten. Het debat dat vandaag plaatsvindt, beschouw ik als een bijdrage van het Parlement aan de discussie. Het is een belangrijke discussie, want het gaat hier om een deel van een bredere problematiek, namelijk de verbetering van de concurrentiekracht van de Europese wijnsector. Het is overduidelijk dat er iets moet worden gedaan. De Commissie is onlangs begonnen met de crisisdistillatie van 5,6 miljoen hectoliter wijn, hetgeen voor de Europese begroting een kostenpost is van in totaal 131 miljoen euro. Er wordt regelmatig meer dan 500 miljoen euro per jaar uitgegeven aan crisisdistillatie. Op de lange termijn is dat uiteraard niet houdbaar.

De Commissie keurt binnenkort een mededeling over de hervorming van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt goed, die daarna ongetwijfeld aan een uitgebreide analyse zal worden onderworpen en in detail zal worden besproken door het Parlement. Mijn collega, commissaris Fischer Boel, heeft wat betreft de toekomst van de wijnsector al meerdere malen gesteld dat het concurrentievermogen van de wijnproducenten in de Europese Unie dient te worden vergroot, dat de reputatie van kwaliteitswijnen uit Europa als de beste wijnen ter wereld dient te worden verbeterd, dat oude markten moeten worden teruggewonnen, en dat er nieuwe markten moeten worden veroverd, zowel in de Europese Unie als in de rest van de wereld. Er moet een marktordening worden gecreëerd die werkt op basis van duidelijke, eenvoudige en doeltreffende regels, zoals het evenwicht tussen vraag en aanbod. Een marktordening die de beste wijnproductietradities in de EU koestert, de structuur van talrijke plattelandsgebieden versterkt en ervoor zorgt dat alle wijnproductie milieuvriendelijk is.

De maatregelen die we vandaag bespreken, zijn volledig in overeenstemming met de genoemde doelstellingen. De toekomst van de wijnsector hangt mede af van een symbiotische verbintenis van de beste tradities in de sector met moderne technologische ontwikkelingen.

Graag wil ik nu kort ingaan op een aantal tijdens het debat genoemde zaken. Er werd ten eerste gevraagd waarom de Commissie niet de verplichting invoert om te vermelden dat wijn is geproduceerd met gebruikmaking van houtspaanders. In de richtlijn van de Raad wordt een specifiek aantal verplicht te vermelden gegevens vastgesteld, en alleen de Raad kan het besluit nemen om de verplichting in te voeren het gebruik van houtspaanders op het etiket te vermelden. Deze vermelding kan niet verplicht worden gesteld door middel van een richtlijn van de Commissie, zoals ook al in het voorstel staat dat nu op tafel ligt bij het Comité van beheer voor wijn. De Commissie is in elk geval van mening dat het huidige etiketteringssysteem voor wijn te ingewikkeld en te rigide is, en dat het dus gewenst zou zijn de huidige procedures te vereenvoudigen en flexibeler te maken.

De toepassing van eikenhouten spaanders en stukjes eikenhout die tijdens het rijpingsproces in contact staan met de wijn is in de meeste wijnproducerende landen buiten Europa reeds tien jaar toegestaan, en de aldus geproduceerde wijn voldoet aan de wensen van de consument. De Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding, dé internationale referentieorganisatie in deze sector, heeft deze methode in 2001 goedgekeurd en beschouwt deze als een goed oenologisch procédé. Er bestaat dus geen enkele reden voor een verbod hiervan, noch op een verbod op de invoer van op deze wijze geproduceerde wijn in de Europese Unie.

Dames en heren, het vraagstuk van de wijnproductie is van buitengewoon belang, omdat wijn onderdeel is van de traditie van onze Europese landbouw. Zoals ik eerder al zei, werkt de Commissie aan documenten hierover, die vervolgens ook in het Parlement zullen worden behandeld. Als het gaat om wijn en de mogelijkheden die de Commissie heeft met betrekking tot de etikettering van wijn die door middel van of met behulp van houtspaanders is geproduceerd, denk ik dat er in mijn mededeling voldoende informatie staat over de procedurele mogelijkheden waarover de Commissie beschikt.

 
  
MPphoto
 
 

  Astrid Lulling (PPE-DE).(FR) Mijnheer de Voorzitter, ik heb een vraag naar aanleiding van de uitleg van de commissaris. Heb ik hem goed begrepen? Hij heeft gezegd dat er sinds vorig jaar op politiek niveau een akkoord ligt. Volgens mijn informatie is de beruchte ontwerpverordening tot wijziging van de Verordeningen nr. 1622/2000, nr. 884/2001 en nr. 753/2002 echter nog niet aangenomen.

Ik heb de Commissie eenvoudigweg gevraagd of zij deze verordening niet via de comitologieprocedure wil aannemen vóór de debatten die wij over de hervorming van de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt gaan houden, omdat deze kwestie onze aandacht heeft. Achter onze rug om worden zeer bureaucratische verordeningen opgesteld en daarom vraag ik om de verordening niet aan te nemen in afwachting van de debatten in dit Parlement over de praktijken…

(Spreekster wordt door de Voorzitter onderbroken)

 
  
MPphoto
 
 

  Inés Ayala Sender (PSE).(ES) Mijnheer de Voorzitter, ik sluit me aan bij de vraag van mevrouw Lulling over de gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt: waarom is er niet gewacht tot het debat?

Verder wil ik u vragen in de notulen op te laten nemen dat ik heb gesproken namens mevrouw Miguélez Ramos, op dezelfde manier als waarop de heer Vatanen heeft gesproken namens de heer Daul.

 
  
MPphoto
 
 

  Vladimír Špidla, lid van de Commissie. (CS) Het besluit op politiek niveau waarover ik heb gesproken, betreft een besluit van de Raad waarin wordt gesteld dat dit procédé wordt toegestaan. Deze zaak is dus eenvoudigweg gesloten, hetgeen mij duidelijk lijkt.

Het document waarvan u gewag maakt, is in behandeling, maar volgens de juridische informatie waarover ik beschik, is het om procedurele redenen niet mogelijk de behandeling ervan te stoppen.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – De gecombineerde behandeling is gesloten.

 
Laatst bijgewerkt op: 10 augustus 2006Juridische mededeling