Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2006/2678(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

B6-0657/2006

Debatten :

PV 14/12/2006 - 11.3
CRE 14/12/2006 - 11.3

Stemmingen :

PV 14/12/2006 - 12.3

Aangenomen teksten :

P6_TA(2006)0607

Debatten
Donderdag 14 december 2006 - Straatsburg Uitgave PB

11.3. Myanmar (Birma)
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is het debat over zes ontwerpresoluties over Birma(1).

 
  
MPphoto
 
 

  Thomas Mann (PPE-DE), auteur. (DE) Mijnheer de Voorzitter, 10 december 2006 was de internationale dag van de mensenrechten. In vele landen was dit geen feestdag, maar een rouwdag. Dit geldt bijvoorbeeld voor Birma, waar gewelddadige overvallen, moordpartijen en dwangarbeid aan de orde van de dag zijn. Honderdduizenden mensen zijn verdreven of zijn gevlucht voor ongeregeldheden. Voor de eerste keer sinds achttien jaar is de regering gewijzigd, waarbij personeel bij de strijdkrachten is vervangen. Maar de leider van de junta, generaal Than She, is gebleven, evenals zijn plaatsvervanger, Maung Aye. De EU heeft geconstateerd dat de mensenrechten nog steeds op grote schaal worden geschonden. Kort geleden nog werden Birmezen gedwongen politiebureaus en gebouwen voor het leger te bouwen. Arbeiders moesten als menselijke speurhonden door mijnenvelden lopen. Wij mogen deze perfide slavenarbeid niet tolereren. Ook het Internationale Rode Kruis werd geconfronteerd met de verslechterende situatie. Deze organisatie werd verboden nog langer actief te zijn. Zij moest zich terugtrekken uit de regionale kantoren en de bevolking zonder medische voorzieningen aan haar lot overlaten.

De hulp voor het Birmeese volk moet hoofdzakelijk van buiten komen, maar die hulp moet de mensen rechtstreeks bereiken en mag niet in de handen vallen van de machthebbers. In Birma is ongeveer 30 procent van de kinderen ondervoed, terwijl dit land de op een na grootste producent van opium is. Er zijn duizenden politieke gevangenen en de Sacharovprijswinnaar Aung San Suu Kyi staat sinds zestien jaar onder huisarrest. Grote etnische groepen worden onderdrukt en elke oppositie wordt in de kiem gesmoord.

Wij roepen China en andere staten op de hulp aan de militaire junta eindelijk te staken en deel te nemen aan internationale maatregelen, die positieve veranderingen in Birma teweeg moeten brengen. Acties van de ASEAN-staten tegen de machthebbers zijn een belangrijke en noodzakelijke stap. Birma heeft een routekaart naar democratie nodig om de mensenrechten te institutionaliseren en een conventie aan te nemen die voorbereidingen treft voor de invoering van de democratie. Commissaris, de EU moet veel en veel actiever worden en misschien zelfs sancties afkondigen opdat er een einde komt aan het geweld.

 
  
MPphoto
 
 

  Erik Meijer (GUE/NGL), auteur. – (NL) Mijnheer de Voorzitter, landen die worden geregeerd door machthebbers die hun macht niet ontlenen aan hun kiezers, maar aan hun geweldsmachine, kunnen uiterst aantrekkelijk zijn voor buitenlandse investeerders. Die profiteren daar van lage lonen, slechte arbeidsomstandigheden en een bevolking die geen mogelijkheid heeft om te protesteren. Bovendien kunnen daar ook geen vrije bewegingen functioneren die natuur en milieu verdedigen tegen kortzichtige beslissingen die op korte termijn de bedrijfswinst kunnen verhogen. Als hun hoofddoel is om de kosten van hun bedrijf laag te houden en op de internationale markt aan die lage kosten een voordeel te ontlenen, zijn ze in Birma al vele jaren aan het goede adres. Dankzij zulke internationale steun heeft het militaire regime in zijn beginjaren de binnenlandse protesten kunnen trotseren.

Sinds een aantal grote bedrijven zich onder druk van protesten in hun thuisland uit Birma hebben teruggetrokken, is het stil gebleven. Het regime accepteert de lage levensstandaard en de kritiek van buiten als onvermijdelijk, zónder te veranderen. De uitslag van de verkiezingen blijft genegeerd worden, de oppositieleidster wordt gevangengehouden en de minderheidsvolkeren worden als vanouds onderdrukt en verjaagd.

Internationale hulporganisaties worden tegengewerkt. Dit regime slaagt er zelfs niet in om een eigen politieke aanhang op te bouwen en dient inmiddels geen ander doel dan de eigen instandhouding. Zonder isolement van Birma door de buurlanden, zonder stopzetting van de wapenleveranties en zonder krachtige naleving van economische sancties in de Europese Unie, zal dit regime onnodig lang kunnen blijven overleven. De resolutie ondersteunt de maatregelen waartoe vanuit mijn fractie reeds jarenlang wordt opgeroepen en we ondersteunen die resolutie dus graag.

 
  
MPphoto
 
 

  Marc Tarabella (PSE), auteur.(FR) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, iets minder dan een jaar geleden heb ik hier het woord gevoerd over de situatie in Birma. Ook toen al was mijn betoog doorspekt met termen als onderdrukking, junta en mensenrechtenschendingen.

Helaas is de situatie niet veranderd. Birma maakt nog altijd geen enkele aanstalten om te zorgen voor een democratischer uitoefening van de macht. Daarbij komt dat de Raad voor vrede en ontwikkeling (SPDC) meerdere bureaus van het Internationale Rode Kruis heeft gesloten, waardoor deze organisatie het werk onmogelijk gemaakt wordt. Het zittende regime belet NGO's om fatsoenlijk hun werk te doen, waardoor een groot aantal daarvan het land heeft verlaten.

Bovendien vinden wij het onbegrijpelijk dat India militaire steun verleent. Is dat niet het land dat zichzelf de grootste democratie ter wereld noemt? Het is volslagen absurd en we veroordelen het. India kan onmogelijk niet in de gaten hebben dat deze militaire steun wordt gebruikt voor het onderdrukken van etnische minderheden en politieke tegenstanders.

Mijns inziens moet de VN-Veiligheidsraad strenge maatregelen nemen tegen Birma, dit onrechtmatige bewind veroordelen en oproepen tot herstel van de democratie.

Daarnaast zou ik de nadruk willen leggen op mijn vertrouwen in de positieve invloed die de andere ASEAN-staten kunnen hebben: door hun streven naar verdere integratie spelen ze naar mijn mening een niet te verwaarlozen rol op het vlak van de mensenrechten.

Ik hoop dat China en India in de toekomst een soortgelijke rol zullen spelen, opdat het Birmaanse regime voor een democratischer koers zal kiezen.

 
  
MPphoto
 
 

  Marios Matsakis (ALDE), auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, commissaris, in de afgelopen jaren heeft Birma regelmatig op de mensenrechtenagenda gestaan, en terecht. De Birmaanse autoriteiten gaan immers gewoon door met de grove schendingen van de mensenrechten van hun burgers. Daaronder vallen ook dwangarbeid, vervolging van politieke tegenstanders en gedwongen verhuizing.

Een in het oog springend voorbeeld van de anachronistische, kromme houding van het totaal irrationele Birmaanse militaire regime is het feit dat de leider van de Nationale Liga voor Democratie (NLD), Aung San Suu Kyi, die is onderscheiden met de Nobelprijs voor vrede en de Sacharovprijs, nu al tien jaar lang onder huisarrest staat, ondanks enorme protesten uit de gehele wereld. De Birmaanse bevolking lijdt op grote schaal aan ondervoeding en ziekten, maar de Birmaanse regering nam het wijze besluit om in het gehele land de jacht in te zetten op vertegenwoordigers van het Rode Kruis.

Als wordt nagedacht over de manier waarop wij een dergelijke totalitaire regering aan het verstand kunnen brengen dat wij vastbesloten zijn om de mensenrechten van het Birmaanse volk te beschermen, moeten ons inziens gerichte sancties in ogenschouw worden genomen, sancties die de junta in haar eigen portemonnee treffen. Verder vragen wij de landen die Birma nog steeds wapens verkopen, dringend om daar een eind aan te maken. Ook verwachten wij dat de Veiligheidsraad van de VN een strikte, bindende resolutie zal uitvaardigen met betrekking tot Birma. Wij hopen dat de blinde militaire dictators van Birma eindelijk het licht van het verstand en de democratie zullen zien en de macht overdragen aan een gekozen burgerregering.

 
  
MPphoto
 
 

  Alyn Smith (Verts/ALE), auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, degenen onder ons die actief betrokken zijn bij de mensenrechtendebatten, zullen dit onderwerp met een deprimerend gevoel van vertrouwdheid herkennen. De situatie in Birma wordt er alleen maar erger op, zoals mijn collega’s reeds hebben gezegd, en ik schaar mij achter al hetgeen tot nu toe is gezegd.

Ons inziens had deze resolutie beter kunnen zijn. Er staat echter een paragraaf in die ik wilde onderstrepen, namelijk de paragraaf waarin wordt erkend dat de tegen het regime gerichte sancties hun doel niet bereiken en soms in het geheel niet worden nageleefd. De Raad moet ervoor zorgen dat alle lidstaten de afgesproken sancties naleven en dat, als dat niet gebeurt, de overtreders met naam en toenaam worden genoemd. Wij moeten druk uitoefenen op onze internationale partners, opdat zij druk uitoefenen op de Birmaanse regering zelf.

Wij zeggen in paragraaf 9 dat de sancties moeten worden uitgebreid, maar wij moeten er wel voor zorgen dat ze gericht blijven tegen specifieke personen in het regime en voorkomen dat de mensen in Birma daarvan schade ondervinden. Het lijden van de mensen in Birma moet onze hoofdzorg zijn, en niet onze afkeer van het democratische gehalte van het regime zelf. Op dat punt had de resolutie veel beter kunnen zijn.

Wij hadden ook graag een specifieke verwijzing gezien naar de briefing van 8 december jongstleden door de Internationale Crisisgroep. Ik wijs op de inleidende zin, waarin wordt verwoord dat er steeds meer tekenen zijn dat er in Myanmar een humanitaire crisis aan het ontstaan is, en dat de internationale gemeenschap verder moet gaan dan het enkel bespreken van het uitermate repressieve politiek bestel van het land.

Samen met de mensen in Birma zitten ook de NGO’s die daar actief zijn en proberen de situatie voor burgers van dat ongelukkige land te verbeteren, gevangen in het web van de grote geopolitiek. Wij mogen bij al hetgeen wij doen, nooit hun onafhankelijkheid, hun inspanningen en hun vermogen tot hulpverlening aan de mensen ondermijnen. De recente sluiting van vijf centra van het Rode Kruis, een organisatie die prat gaat op haar onpartijdigheid en integriteit, is een wanhoopsdaad van de Birmaanse regering, maar de regering deed dit omdat ze de NGO’s verdacht van een te grote affiniteit met de westerse politiek. Wij moeten in al hetgeen wij doen goed oppassen dat wij hun actieterrein niet beperken.

Daarom juicht mijn fractie deze resolutie toe en geeft daar steun aan. Zij wil echter tevens tot voorzichtigheid manen. Wij mogen met ons optreden de mensen die daar ter plekke proberen hulp te bieden aan degenen die het meest onder de situatie te lijden hebben, niet in hun bewegingsvrijheid beperken.

 
  
MPphoto
 
 

  Bernd Posselt, namens de PPE-DE-Fractie. (DE) Mijnheer de Voorzitter, een gewelddadige, totalitaire militaire dictatuur, corrupte leiders, opiumhandel, verdrijvingen (momenteel zijn er meer dan een miljoen binnenlandse vluchtelingen) en onderdrukking van vele volkeren, niet in de laatste plaats van de Karen. Dit is al meer dan veertig jaar kenmerkend voor de trieste situatie in Birma. Er zijn echter twee nieuwe ontwikkelingen die onze aandacht verdienen.

In de eerste plaats hebben de ASEAN-staten eindelijk besloten een hardere koers te varen, wat wij alleen maar kunnen stimuleren en steunen. Eindelijk kwijten de ASEAN-staten zich van hun plicht en beginnen ze druk uit te oefenen op Birma. Ten tweede is het betreurenswaardig dat India steeds meer in het slechte gezelschap raakt van deze militaire leiders. Wij doen een beroep op India, de grootste democratie ter wereld, om haar democratische verantwoordelijkheid serieus te nemen en samen met de ASEAN en de Europese Unie de democratie en de rechtstaat in Birma te steunen en niet maatjes te worden met één van de wreedste regimes ter wereld.

 
  
MPphoto
 
 

  Lidia Joanna Geringer de Oedenberg, namens de PSE-Fractie.(PL) Mijnheer de Voorzitter, er is anderhalf jaar voorbijgegaan sinds de laatste resolutie van het Europees Parlement waarin gevallen van schending van de mensenrechten in Birma werden veroordeeld. Helaas is de situatie tot op heden niet veranderd. Het militaire regime dat het land sinds veertig jaar regeert, legt aanbevelingen van de internationale gemeenschap naast zich neer. Politieke tegenstanders zitten in de gevangenis en worden gefolterd. Dwangarbeid is er aan de orde van de dag, net als het oproepen van kinderen voor militaire dienst.

Verontrustend is de totale ineenstorting van onderwijs en gezondheidszorg. De sterftecijfers voor malaria, tuberculose en aids stijgen razendsnel. Het regime blokkeert NGO-instellingen. De vestiging van het Internationale Nationale Rode Kruis is gesloten.

Wat we zeker ook moeten veroordelen is het agressieve optreden tegen en de verdrijving van etnische minderheden, waar alleen al in dit jaar meer dan tachtigduizend mensen mee te maken kregen. Zonder concrete financiële steun van onze kant zijn acties van organisaties die streven naar democratie en mensenrechten in Birma gedoemd te mislukken. Het lijkt erop dat op dit moment alleen economische sancties ondersteund met een resolutie van de VN-Veiligheidsraad het regime in Birma zullen kunnen dwingen tot democratische veranderingen.

 
  
MPphoto
 
 

  Jacques Barrot, vicevoorzitter van de Commissie. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren afgevaardigden, de Commissie maakt zich, net als de andere Europese instellingen en net als uw Parlement, grote zorgen over de situatie in Birma. Het is nu precies vijftien jaar geleden dat het Europees Parlement de Sacharovprijs toekende aan mevrouw Aung San Suu Kyi. We betreuren dat het politieke proces in dat land sindsdien volstrekt verlamd is. Natuurlijk staan de autoriteiten in Birma, net als in andere ontwikkelingslanden, voor aanzienlijke uitdagingen – het waarborgen van de nationale eenheid, de politieke stabiliteit, het versnellen van de economische en sociale ontwikkeling van het land –, maar deze staan de vestiging van een rechtmatige burgerlijke regering allerminst in de weg.

De huidige regering heeft meermaals verklaard dat het militaire bewind zou worden vervangen door een wettig gekozen regime, en wel op basis van een routekaart voor Birma. Tot op heden zijn we echter nog niet verder gekomen dan het stadium van beloften. Voor ons als waarnemers en internationale donoren kan er geen sprake van zijn dat de overgang naar een rechtmatig, democratisch gekozen regime plaatsvindt zonder dialoog. In een dergelijke dialoog moeten regering en politieke actoren samenkomen en moeten etnische minderheden, waarvan er in Birma zeer vele zijn, een stem krijgen. Dit moet ertoe leiden dat er een einde komt aan de gevechten in de gebieden die door deze minderheden worden bevolkt.

Evenzo is een politieke omwenteling ondenkbaar zolang politieke tegenstanders van het regime gevangenzitten of van hun vrijheid worden beroofd, zoals nog altijd het geval is met mevrouw Aung San Suu Kyi en meer dan duizend opposanten. Het beeld van een democratisch en welvarend Birma veronderstelt bovendien dat de mensenrechten worden geëerbiedigd, en daar schort het ernstig aan. Er is weliswaar een maatschappelijk middenveld, maar de uitoefening van grondrechten is verre van gewaarborgd: intimidatie, willekeurige arrestaties, gevangenneming van burgers wegens de uitoefening van hun burgerrechten en belemmeringen van de burgerlijke vrijheden blijven aan de orde van de dag. Leden van politieke partijen worden continu in de gaten gehouden door de veiligheidsdiensten. Een deel van de bevolking wordt uitgebuit door het leger, dat mensen dwangarbeid oplegt. Het spreekt vanzelf dat de beperkingen die aan het Internationaal Comité van het Rode Kruis worden opgelegd, onaanvaardbaar zijn, zoals u al heel terecht zei. Er zijn weinig aanwijzingen dat de regering aanstalten maakt deze situatie recht te zetten.

En, dames en heren, wat is het standpunt van de Europese Unie over dit alles? De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en het handvest van de Internationale Arbeidsorganisatie zijn onze ijkpunten. In het gemeenschappelijk standpunt van de EU worden beperkingen opgelegd op het gebied van visa en investeringen. Op het handelsvlak kan Birma niet langer profiteren van de preferentiële handelsregelingen op basis van het algemeen preferentiestelsel. Het karakter van het Birmaanse regime maakt de bevolking van Birma echter zeer kwetsbaar voor armoede en ziekten. Daarom heeft de Commissie besloten om met ingang van 2007 haar bijstand aanzienlijk op te voeren, met name op de gebieden van gezondheid en onderwijs. Dankzij het Wereldfonds voor de bestrijding van HIV/AIDS, tuberculose en malaria, dat onder bescherming staat van de Verenigde Naties en dat medegefinancierd wordt door de Commissie, zouden deze drie ziekten doeltreffender moeten kunnen worden bestreden.

In de specifieke context van dit land is bij ieder programma waakzaamheid en inzet geboden. De door de Gemeenschap gefinancierde programma's, voor een bedrag van zo'n 24 miljoen euro, worden ten uitvoer gelegd door VN-agentschappen en internationale NGO's. Bovendien heeft de Commissie een programma opgezet voor gedecentraliseerde samenwerking, ter ondersteuning van het maatschappelijk middenveld. Daarnaast is de Commissie veruit de belangrijkste donor ten behoeve van de Birmaanse vluchtelingen in Thailand.

In het kader van een kritische dialoog met de regering zal de Commissie de Birmaanse autoriteiten onophoudelijk op hun verantwoordelijkheden wijzen. Bij de overgang in Birma moeten de mensenrechten worden geëerbiedigd. De bewonderenswaardige strijd van mevrouw Aung San Suu Kyi, aan wie het Europees Parlement de Sacharovprijs heeft toegekend, herinnert ons daar dagelijks aan.

Mijnheer de Voorzitter, met uw welnemen wil ik op persoonlijke titel zeggen dat ik deze debatten over de mensenrechten buitengewoon heb gewaardeerd, in het bijzonder het debat over Birma. Ik wil het Parlement echt verzekeren dat de Commissie de grootst mogelijke waakzaamheid en de grootst mogelijke vastberadenheid zal betrachten om, voor zover mogelijk, een einde te maken aan de huidige situatie waarin dat land verkeert.

(Applaus)

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

De stemming vindt zo dadelijk na de debatten plaats.

 
  

(1) Zie notulen.

Laatst bijgewerkt op: 28 februari 2007Juridische mededeling