De Voorzitter. Aan de orde is het verslag (A6-0009/2007) van Lutz Goepel, namens de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling, over het voorstel voor een verordening van de Raad houdende voorschriften voor een vrijwillige modulatie van de rechtstreekse betalingen waarin Verordening (EG) nr. 1782/2003 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse steunverlening in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor landbouwers voorziet, en houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1290/2005 (COM(2006)0241 - C6-0235/2006 - 2006/0083(CNS)).
Mariann Fischer Boel, lid van de Commissie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, dit is de tweede keer dat we het voorstel over vrijwillige modulatie hebben kunnen bespreken, en ik wil de heer Goepel wederom bedanken voor zijn verslag.
Het komt niet als een grote verrassing dat u de standpunten die vorig voorjaar tot uiting zijn gebracht hebt herbevestigd en de Commissie nogmaals hebt opgeroepen haar voorstel in te trekken. Ik ken en begrijp de bezorgdheid van het Parlement over vrijwillige modulatie. Mijn standpunt is voor u geen geheim, en het is niet nodig dat u uw argumenten herhaalt en ik vervolgens die van mij, maar we moeten wel de realiteit onder ogen zien. Wat andere oplossingen dan vrijwillige modulatie betreft: zelf had ik er liever voor willen zorgen dat de financiering van ons beleid op het terrein van plattelandsontwikkeling toereikend was geweest, maar op de Europese Top werd anders besloten.
Eén ding staat voor mij als een paal boven water: men is niet doof voor de zorgen van het Europees Parlement. Hoewel de Raad zijn wens om zijn voorstel te handhaven heeft herbevestigd, worden er momenteel pogingen ondernomen om aan uw zorgen tegemoet te komen. Er was bezorgdheid dat het gemeenschappelijk landbouwbeleid door vrijwillige modulatie uit elkaar zou vallen, maar zoals het er nu voor staat, wijzen alle indicatoren erop dat vrijwillige modulatie slechts zal worden gebruikt in een zeer beperkt aantal lidstaten om hun eigen plattelandsontwikkelingsprogramma's een impuls te geven.
Zoals u zich zult herinneren, hebben we voorgesteld dat het geld moet worden besteed in overeenstemming met bijna alle voorschriften die gelden ten aanzien van plattelandsontwikkeling. Daarnaast ben ik van mening dat het gepast is dat lidstaten die voornemens zijn vrijwillige modulatie toe te passen vóór de tenuitvoerlegging ervan een effectbeoordeling uitvoeren, en we moeten er verder voor zorgen dat de tenuitvoerlegging van vrijwillige modulatie nauwlettend in de gaten wordt gehouden, in het bijzonder met betrekking tot de economische situatie van landbouwers. Verder vind ik dat dit instrument van tijdelijke en niet van permanente aard moet zijn. Ik ben ook van mening dat elke toekomstige stijging van het percentage verplichte modulatie moet leiden tot een overeenkomstige daling van het percentage vrijwillige modulatie. Pogingen om dergelijke bepalingen in de context van dit voorstel aangenomen te krijgen, kunnen rekenen op de volmondige steun van de Commissie.
Zoals u weet, is het mijn bedoeling vrijwillige en verplichte modulatie te bekijken in het kader van onze besprekingen over de zogenaamde health check van het gemeenschappelijk landbouwbeleid. Al met al blijft de Commissie openstaan voor de verkenning van haalbare suggesties die een compromis kunnen opleveren dat aanvaardbaar is voor het Parlement, de Raad en de Commissie.
We willen ons constructief opstellen, maar u zult dat ook moeten doen.
Ik wil tot besluit een punt aan de orde stellen waarover ik mij grote zorgen maak. We staan aan het begin van een nieuwe generatie plattelandsontwikkelingsprogramma's. De lidstaten hebben al geïnvesteerd in de opstelling van evenwichtige nationale strategische plannen en programma's ter verwezenlijking van de doelstellingen waarvoor het Europees Parlement zich inzet, namelijk een concurrerende land- en bosbouw, milieuprestaties, het scheppen van banen en een levendige sociaal netwerk in plattelandsgebieden. We zijn in een fase aanbeland die cruciaal is om een soepel begin van deze programma's mogelijk te maken.
De reserve van 20 procent van de vastleggings- en betalingskredieten voor plattelandsontwikkeling die het Europees Parlement heeft ingebouwd, dreigt dit soepele begin in gevaar te brengen. Ik maak mij grote zorgen over het gelegde verband en het fundamentele probleem dat dit oplevert voor de start van het nieuwe beleid op het terrein van plattelandsontwikkeling. Mevrouw Grybauskaitė en ik hebben onze zorgen in detail uiteengezet in een gezamenlijke brief aan de voorzitters van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling en de Begrotingscommissie. De reserve belemmert een adequate tenuitvoerlegging van het plattelandsontwikkelingsbeleid. Aangezien het Parlement dit beleid krachtig ondersteunt, hoop ik dat u begrip zult tonen voor het probleem dat de reserve zal veroorzaken. De reserve levert extra onzekerheden en problemen op voor de lidstaten in verband met de opstelling van programma's, en dit tegen de achtergrond van de bezuinigingen op de reserve binnen de begroting voor plattelandsontwikkeling waartoe op de Top van december 2005 is besloten. De goedkeuring van de plattelandsontwikkelingsprogramma's zal vertraging oplopen en de Commissie kan pas beginnen met het goedkeuren van programma's als de benodigde kredieten voor alle programma's in de Unie binnen de begroting beschikbaar zijn. Als de Commissie niet 100 procent van de bedragen kan vastleggen, zullen de lidstaten bijgevolg hun programma's of voorstellen moeten intrekken en herziene voorstellen moeten indienen waarin rekening wordt gehouden met de korting van 20 procent. Als de reserve later wordt gedeblokkeerd, moeten alle plattelandsontwikkelingsprogramma's dienovereenkomstig worden aangepast en u begrijpt wellicht dat het risico hiervan is dat de opname van de programma's in de delicate startfase wordt gehinderd.
We willen een aanvaardbare oplossing vinden voor vrijwillige modulatie, maar laten we de plattelandsprogramma's ondertussen niet in gijzeling nemen. Ik reken op u bij de oplossing van deze problemen.
Lutz Goepel (PPE-DE), rapporteur. – (DE) Mevrouw de Voorzitter, commissaris, dames en heren, ik weet niet of we er verstandig aan hebben gedaan nu, in het laatste grote hoofdstuk, gewag te maken van de reserve van 20 procent, want wij spreken hier over vrijwillige modulatie, en dat is de ware bedoeling van dit debat. We kunnen weliswaar over alle andere aspecten spreken, maar misschien niet juist nu.
De commissaris heeft volkomen gelijk dat het niet de eerste keer is dat wij in dit Parlement discussiëren over het voor en tegen van vrijwillige modulatie.
Sinds ons laatste debat is er wat het wetgevingsvoorstel betreft niet veel veranderd. De Raad en de Commissie hebben weliswaar duidelijke signalen afgegeven dat zij ons tegemoet willen komen, maar zolang dit niet definitief vaststaat, moeten wij nogmaals een duidelijk signaal afgeven dat wij dit voorstel in zijn huidige vorm afwijzen.
Uit het feit dat de Raad de politieke en budgettaire medebeslissingsrechten van het Parlement ten aanzien van het definitieve akkoord volledig heeft genegeerd, blijkt eens te meer dat de andere instellingen ons bij belangrijke principiële kwesties niet alleen niet serieus nemen, maar zelfs gewoonweg doen alsof we lucht zijn. Hierin moet verandering komen, of er nu een Grondwet is of niet.
Zolang de Raad en de Commissie ons geen overtuigend aanbod doen, moeten wij dit voorstel derhalve unaniem afwijzen. Dat is de enige manier waarop wij resultaten kunnen boeken, en ik denk dat dit onderwerp zal bijdragen aan een versterking van de rol van het EP en vooral aan ondersteuning van de Europese landbouwers wanneer wij zo te werk gaan.
Ik wil op deze plaats nog eens alle leden van mijn commissie ervoor bedanken dat zij deze weg tot nu toe samen met mij zijn gegaan. Ik wil ook de leden van de Begrotingscommissie en de vertegenwoordigers van alle fracties zeer hartelijk bedanken voor het feit dat zij de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling hebben ondersteund op haar moeizame weg. Namens velen wil ik met name de heer Mulder en de heer Bösch noemen, die een essentiële bijdrage hebben geleverd bij het bepalen van het standpunt van dit Parlement.
Ik wil een beroep doen op mijn collega-afgevaardigden om morgen en bloc tegen het voorstel van de Commissie te stemmen. Laten we samen met de Raad en de Commissie zoeken naar mogelijkheden voor een betere oplossing. Ik wil het Parlement er echter op wijzen dat wij met name de Raad, maar ook de Commissie, tot handelen aansporen wanneer wij het voorstel afwijzen. Ik hoop derhalve op uw onvoorwaardelijke steun.
Ik wil nog een opmerking van procedurele aard maken aan het adres van de Voorzitter. Het tweede verslag over de vrijwillige modulatie bevestigt het eerste verslag, waarin wij het voorstel van de Commissie eveneens hebben afgewezen; daarom werd dit onderwerp op grond van artikel 52, lid 3, van het Reglement terugverwezen naar de commissie. Wanneer wij het voorstel van de Commissie morgen opnieuw afwijzen en de Commissie haar voorstel niet intrekt – en daar ga ik van uit – moeten wij ook stemmen over de ontwerpwetgevingsresolutie.
Agnes Schierhuber, namens de PPE-DE-Fractie. – (DE) Mevrouw de Voorzitter, dames en heren, ik wil de rapporteur en de schaduwrapporteurs zeer hartelijk bedanken. Dankzij hen nemen alle instellingen het Europees Parlement en zijn leden nu serieuzer. Ik ben ervan overtuigd dat we samen een oplossing kunnen vinden. De commissaris heeft al het nodige laten doorschemeren. Maar ook de Raad moet uiteindelijk concessies doen, en ik denk dat dit ook mogelijk is in het kader van constructieve gesprekken.
Net als bij de eerste stemming geldt dat er geen sprake kan zijn van een verwatering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid – dat het enige werkelijk gecommunautariseerde beleidsterrein van de EU is en blijft – noch van renationalisatie van dit beleid.
Europa vindt zijn bestaansgrond in solidariteit en respect, inclusief respect voor elk individu. In de afgelopen vijftien jaar is geen enkel Europees beleidsterrein zo ingrijpend hervormd als de Europese landbouw. Zoals de commissaris reeds zei, onderzoeken wij de health check, waarover wij volgend jaar beginnen te discussiëren zodat we voorbereid zijn op de jaren na 2013. Het is buitengewoon belangrijk dat wij in dit Europees Parlement over de scheidslijnen binnen de commissies en de fracties heen één lijn blijven trekken, want alleen op deze wijze kunnen wij ervoor zorgen dat het Parlement en zijn vertegenwoordigers niet langer worden genegeerd.
Daarom wil ik al mijn collega-afgevaardigden vragen om, net als bij de eerste stemming, morgen de aanbeveling van onze rapporteur en van de schaduwrapporteurs te volgen.
Bernadette Bourzai, namens de PSE-Fractie. – (FR) Mevrouw de Voorzitter, afgelopen november hebben we het voorstel voor een verordening voor vrijwillige modulatie met een overweldigende meerderheid verworpen.
Aangezien de Europese Commissie haar tekst niet heeft gewijzigd, zijn alle voorwaarden voor een tweede afwijzing van deze tekst nog altijd aanwezig. Ik zal ze niet herkauwen, want ze zijn genoegzaam bekend: de bezuinigingen op de tweede pijler, het niet-cofinancieren, het feit dat deze cofinanciering tot verstoring van de concurrentie tussen de lidstaten leidt en de resulterende ongelijkheid in de structuur van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, dat – als ik daaraan mag herinneren – het enige gemeenschappelijke Europese beleid is, dat hiermee gerenationaliseerd dreigt te worden.
De financieringsbehoeften van het plattelandsontwikkelingsbeleid zijn evenwel reëel en ik ben werkelijk bang dat de ontvolking van onze landbouwgebieden zal doorzetten als er niets wordt gedaan voor de modernisering van de landbouwstructuren, voor de vervanging van de generaties boeren, voor de kwaliteit van het leven en het milieu en voor de economische diversificatie van ons platteland.
Daarom dring ik er bij u op aan, mevrouw de commissaris, om in plaats van de vrijwillige modulatie, een verhoging van het verplichte modulatiepercentage voor te stellen, dat voor alle lidstaten gelijk is. Bovendien zou ik willen benadrukken dat op dit moment de verplichte modulatie van toepassing is zodra een bedrijf meer dan 5 000 euro steun per jaar ontvangt, dat wil zeggen bij de overgrote meerderheid van de landbouwbedrijven.
Voor een echt instrument voor de herverdeling van landbouwsteun zou ook met andere criteria rekening gehouden moeten worden, zoals de grootte van het bedrijf, de mate waarin het van steun afhankelijk is, de werkgelegenheid die het biedt, de brutomarge, enzovoorts. Daarnaast valt voor een betere verdeling te overwegen om de rechtstreekse steun aan een maximum te binden.
Maar zelfs al wordt dit voorstel voor de tweede maal met een grote meerderheid door het Europees Parlement verworpen – een voorstel dat normaal gesproken een belangrijk wetgevingsbesluit is -, betreft het helaas slechts een advies, en wat dat aangaat ben ik het volstrekt eens met de heer Goepel. Ik denk dus dat we de druk op de Commissie en de Raad niet moeten laten afnemen en dat we vooralsnog moeten vasthouden aan de begrotingsreserve van 20 procent van de middelen voor plattelandsontwikkeling voor het jaar 2007.
Kyösti Virrankoski, namens de ALDE-Fractie. - (FI) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de commissaris, wij behandelen nu het tweede verslag van de heer Goepel over vrijwillige modulatie van de rechtstreekse betalingen aan de landbouw. Ik wil de rapporteur bedanken voor zijn uitstekende werk als verdediger van de landbouw en als waakhond met betrekking tot de bevoegdheid van het Europees Parlement.
Het voorstel van de Commissie is gebaseerd op het besluit van de Europese Raad, toen hij een compromis sloot over een veeljarig financieel kader. Volgens dat compromis kan een lidstaat rechtstreekse betalingen aan de landbouw met maar liefst 20 procent verminderen en het geld gebruiken voor plattelandsontwikkeling op een manier die hij zelf het beste acht. Vrijwillige modulatie zou dus een aanvullende belasting zijn die de lidstaat zijn boeren op kan leggen. Daarnaast moeten de boeren natuurlijk de wettelijk voorgeschreven belastingen van de betrokken lidstaat betalen. Dit systeem verlaagt hun inkomsten, zonder dat zij op een of andere wijze worden gecompenseerd. Een lidstaat kan in plaats van zijn eigen bijdrage het gemoduleerde bedrag gebruiken voor plattelandsontwikkeling, zodat de modulatie het daarvoor beschikbare bedrag niet eens zal verhogen.
Vrijwillige modulatie zou het kwetsbare evenwicht verstoren dat tussen de verschillende lidstaten en regio's van de Europese Unie is gecreëerd en zou hun boeren in ongelijke posities brengen. Dat zou de interne markt verstoren. Anderzijds zou vrijwillige modulatie geld binnen de Europese begroting verplaatsen. Vooral de bedragen van en de verhoudingen tussen verplichte en niet-verplichte uitgaven zouden veranderen. Het Europees Parlement zou hier bovendien niets over te zeggen hebben.
De classificatie en de bedragen van uitgaven worden nauwkeurig omschreven in een interinstitutioneel akkoord, waardoor de wijziging hiermee in strijd zal zijn en zou betekenen dat het akkoord gewijzigd zou moeten worden. Het is ondenkbaar dat de Raad ruim een maand nadat dit interinstitutioneel akkoord van kracht is geworden van plan is het te schenden.
Het doel van het gemeenschappelijk landbouwbeleid is het waarborgen van stabiele, heldere en gelijkwaardige omstandigheden voor boeren bij de uitoefening van hun beroep. Vrijwillige modulatie zou ernstig met deze beginselen in strijd zijn. Het bestaansrecht, de legitimiteit van de Europese Unie is gebaseerd op een eerlijk en evenwichtig beleid. Vrijwillige modulatie voldoet niet aan deze criteria.
De financiële middelen van de Europese Unie moeten worden gebruikt voor het doel waarvoor zij zijn begroot. Als de lidstaten communautaire middelen gaan gebruiken om hun eigen begrotingen te dichten, dan wordt het hele Europese begrotingsbeleid ondermijnd. De oplossing is nu in de handen van de Raad en de Commissie, met inbegrip van de reserve van 20 procent voor plattelandsontwikkeling. Wij zouden lang geleden al een oplossing hebben gehad als de Commissie en de Raad met het Parlement hadden onderhandeld.
Andrzej Tomasz Zapałowski, namens de UEN-Fractie. – (PL) Mevrouw de Voorzitter, voor veel leden van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling is het huidige debat over de vrijwillige modulatie, dus over het beperken van de rechtstreekse betalingen, een uitgelezen gelegenheid om luid en duidelijk “NEEN” te zeggen tegen de plannen van de Europese Commissie.
Wij verzetten ons nadrukkelijk tegen elke poging om de landbouwers te discrimineren en hen te laten opdraaien voor de kosten van het programma voor plattelandsontwikkeling. Voor dat programma zouden voldoende middelen in de begroting van de Europese Unie moeten worden voorzien.
Er is in dit debat gesproken over de mogelijke discriminatie van landbouwers die in strijd is met de Verdragen, over de renationalisering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en over concurrentievervalsing. Ik wil u er graag aan herinneren dat de landbouwers in veel nieuwe lidstaten reeds gedurende de toetredingsperiode het slachtoffer zijn geworden van discriminatie. Bovendien werd de vrije concurrentie in de landbouw daadwerkelijk aan banden gelegd. De nieuwe lidstaten hebben jarenlang lagere subsidies ontvangen. Waarschijnlijk zullen deze subsidies pas op gelijke hoogte komen met die van de oude lidstaten nadat de algemene besparingen op de uitgaven van het gemeenschappelijk landbouwbeleid zijn doorgevoerd. Het is volkomen onbegrijpelijk dat begunstigden die minder dan 5 000 euro ontvangen, uitgesloten worden van de modulatie. Deze betalingen gaan naar kleine boerderijen. Als er uiteindelijk toch besloten zou worden om een beperking op de betalingen in te voeren, zou het plafond minstens tot 50 000 euro moeten worden verhoogd. Voor grotere landbouwbedrijven is het minder moeilijk om het verlies van subsidies te boven te komen.
Friedrich-Wilhelm Graefe zu Baringdorf, namens de Verts/ALE-Fractie. – (DE) Mevrouw de Voorzitter, commissaris, het Parlement heeft vele goede voorstellen gedaan voor de financiële planning voor de middellange termijn, maar de Raad heeft deze niet overgenomen. Tegen de aanbeveling van de Commissie en het Parlement in – wij waren het hierover eens – heeft de Raad de middelen voor de plattelandsontwikkeling verlaagd met 20 miljard euro. Wij hoeven ons nu niet verantwoordelijk te voelen voor de onzin van de Raad. Wanneer het Parlement dergelijke voorstellen zou hebben gedaan, zouden wij ons onsterfelijk belachelijk hebben gemaakt.
Wij hebben toentertijd gezegd dat wij cofinanciering wilden overwegen om in geval van nood middelen ter beschikking te stellen. Wij willen een gelijke behandeling van de eerste en de tweede pijler als het gaat om de betalingen van de lidstaten. Hiervan is niets terechtgekomen. Momenteel worden bijvoorbeeld in Duitsland de middelen uit de tweede pijler verlaagd met 40 procent, en vanzelfsprekend moeten wij de Duitse regering vragen 20 procent vrijwillige modulatie toe te passen om dit te compenseren. Op Europees niveau kunnen we een dergelijke onzin echter niet accepteren, omdat er betere voorstellen zijn.
Wanneer de Commissie – in navolging van de Raad – zegt dat het platteland en de ontwikkeling worden gegijzeld wanneer wij dit toevoegen aan de reserve, is dat niet juist. Wij zijn degenen die opkomen voor de economische ontwikkeling van het platteland en een halt toeroepen aan de onzin van de Raad. Wanneer de Raad geen betere voorstellen doet of geen betere voorstellen overneemt van de Commissie, moeten wij onze toevlucht nemen tot andere maatregelen waarover het Parlement medebeslissingsrechten heeft die wij anders niet gehad zouden hebben. Niet de Raad maar het Europees Parlement geeft in deze kwestie blijk van gezond verstand. Ik zou de commissaris willen vragen zich aan onze zijde te scharen, zoals wij ons aan haar zijde hebben geschaard, en de Raad te wijzen op zijn plicht redelijk te denken en te handelen.
Kartika Tamara Liotard, namens de GUE/NGL-Fractie. – Voorzitter, van deze kant toch een ietwat ander geluid. Sinds de verwerping van de Grondwet in Nederland is er in mijn land een discussie losgebarsten over nodeloze bemoeienis van Europa met aangelegenheden die de lidstaten best zelf kunnen regelen. Vrijwel alle Nederlandse partijen hebben aangegeven dat ze vinden dat de lidstaten meer vrijheid moeten hebben in onderwerpen die niet noodzakelijkerwijs door Europa geregeld moeten worden. De Europese Commissie is nu eindelijk met een voorstel gekomen. Dat is niet perfect, maar wel een goed begin om lidstaten meer vrijheid te geven in de besteding van landbouwgelden en ook nog zonder dat de inkomenspositie van kleine boeren in gevaar komt. Tot mijn verbazing hebben de laatste keer bijna alle Nederlandse partijen tegen dit voorstel gestemd. Ik roep al mijn collega's op om deze keer vóór te stemmen en zo hun woorden in daden om te zetten.
Димитър Стоянов, от името на групата ITS. – Аз мисля, че Европейският съюз е съюз на суверенни държави, които са се събрали, за да си сътрудничат взаимно, а не да налагат една на друга какво да правят с плодовете на това сътрудничество.
Въпреки това, искам да кажа, че резервите на докладчика и на Парламента не са без основание, защото по наши данни 95% от земеделските производители в България нямат никаква представа как да кандидатстват за финансиране от Европейския съюз. Затова разрешаването на една доброволна модулация ще доведе до това, че тези 20% ще бъдат изцяло на разположение на Министерството на земеделието в България. А Министерството на земеделието от шест години вече е в лапите на турската етническа партия „Движение за права и свободи“, чийто лидер не се посрами да каже съвсем открито, че около неговата партия има обръч от фирми. И затова не храня абсолютно никакво съмнение, че именно този кръг ще се облагодетелства от доброволната модулация, която сега се предлага, а впоследствие той ще се отблагодари на своите благодетели чрез вноска в черната партийна каса.
Затова искам да кажа, че аз не мога да подкрепя този доклад, защото той орязва националните правомощия, но в същото време смятам, че трябва да има много по-големи контролни механизми относно общата политика на Съюза и, че вместо до развитие, липсата на такива механизми ще доведе до отчаяние, по-голяма корупция и социално разочарование.
Jim Allister (NI). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik blijf mij verzetten tegen deze verordening om vijf redenen die belangrijk zijn voor mijn kiezers. Ten eerste komt vrijwillige modulatie vanwege de aard ervan al neer op het plunderen van de middelen van de landbouwers door nationale regeringen. Er is helemaal niets vrijwilligs aan.
Ten tweede accentueert vrijwillige modulatie de ongelijkheid binnen Europa en raakt de markt erdoor verstoord, aangezien het erop lijkt dat het Verenigd Koninkrijk de enige lidstaat is die vastbesloten is zijn landbouwers door middel van vrijwillige modulatie het vel over de oren te trekken. Verplichte modulatie is erg genoeg, maar die wordt in ieder geval gelijk verdeeld.
Ten derde is het zo dat deze regeling, in tegenstelling tot de vorige, lidstaten er niet toe verplicht een gelijk financieringsbedrag ter beschikking te stellen, wat er in de praktijk in mijn kiesdistrict op neerkomt dat de landbouwvijandige regering van het Verenigd Koninkrijk dus ook niet met een dergelijk bedrag over de brug zal komen. Het resultaat is dat de Britse boeren dubbel gepakt worden: wel extra aftopping van hun bedrijfstoeslag, maar geen bijbehorende financiële middelen van het ministerie van Financiën ten behoeve van de plattelandseconomie.
Ten vierde belemmert deze regeling de broodnodige lokale variatie doordat regionale benaderingen verboden worden. Die zijn onder de huidige regeling wel toegestaan. In het Verenigd Koninkrijk is zowel het beleid binnen de eerste als binnen de tweede pijler grotendeels een decentrale aangelegenheid, daarom is het logisch om lokale variatie in de modulatiepercentages toe te staan.
Ten vijfde en tot slot, bevat het voorstel van de Commissie nog altijd een franchisebepaling waardoor sommigen onder betaling uitkomen, terwijl anderen daardoor meer moeten betalen. Dit zijn dus de redenen waarom ik, net als in november, wederom tegen deze smakeloze verordening zal stemmen.
Neil Parish (PPE-DE). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik denk dat de commissaris nu in een onmogelijke positie verkeert.
Mevrouw de commissaris, u weet heel goed dat het voorstel van de Raad u niet bevalt, en u weet ook dat u het, krachtens de institutionele akkoorden, toch zult moeten voorleggen. We luisteren nu wel naar wat u zegt, maar we zien helemaal niets in vrijwillige modulatie en daarom wachten we tot er een nieuw voorstel op tafel komt. Ik denk dat we dit het best kunnen oplossen door voort te maken en het voorstel opnieuw te verwerpen, waarna u heel snel een nieuw voorstel indient, want we hechten allemaal belang aan plattelandsontwikkeling, maar we hechten net zo goed belang aan gelijke concurrentievoorwaarden.
Over de opmerking van de heer Allister wil ik zeggen dat dit geen vrijwillige modulatie is voor al die landbouwers die hun betalingen kwijtraken. Misschien zouden we hun dit aanbod eens daadwerkelijk moeten voorleggen en moeten zeggen: "Bent u bereid vrijwillig 20 procent van uw betalingen op te geven?" Ik vermoed dat er niet veel zullen zijn die "ja" antwoorden. Het gaat dus zeker wel om verplichte modulatie, maar waarschijnlijk is dit slechts het geval in twee lidstaten: het Verenigd Koninkrijk en Portugal.
Niet alleen zal de modulatie niet vrijwillig zijn, zij zal zelfs binnen het Verenigd Koninkrijk niet op uniforme wijze worden toegepast, omdat onze huidige regering voorstander is van verschillende modulatieniveaus binnen het Verenigd Koninkrijk. In de regio die ik vertegenwoordig, Zuidwest-Engeland, die grenst aan Wales, is de kans groot dat er aan de ene kant van de grens sprake zal zijn van een totaal andere modulatie dan aan de andere kant. Naar verwachting zullen Engelse landbouwers ten minste 20 tot 25 procent slechter af zijn dan hun collega's in Wales. Zoals u terecht zegt, moet er een effectbeoordeling worden uitgevoerd; we willen dat die echt ter tafel komt. De Raad had dat moeten voorstellen en misschien hadden we dit voorstel dan met meer sympathie bekeken. We zijn derhalve, zoals ik zei, best bereid te onderhandelen.
Het is ook goed om Brian Simpson hier vanavond te zien, want de vorige keer dat we hierover debatteerden, was er niemand van de Labour Party aanwezig om het standpunt van de Raad te verdedigen. Wellicht luisteren ze nu in ieder geval naar ons.
Ik kijk uit naar de nieuwe voorstellen van de Commissie.
Herbert Bösch (PSE). – (DE) Mevrouw de Voorzitter, ik steun het standpunt van de rapporteur en ik denk dat de Begrotingscommissie van het Parlement dat ook doet. De Commissie zegt keer op keer dat zij een efficiënte instelling met een efficiënt bestuur wil zijn. De commissaris heeft de afgelopen drie maanden zitten slapen. Wij hebben drie maanden geleden voor de eerste keer gestemd over dit verslag-Goepel. Zij weet wat het Parlement wil. Zij kent de rechten van dit Parlement en zij negeert die gewoonweg. Ik verwachtte vandaag een acceptabel voorstel van haar. Een van de directeuren van haar directoraat-generaal, de heer Sivenas, heeft de Raad gisteren laten weten dat er op korte termijn een voorstel komt om die 20 procent uit de wereld te helpen. Dat zou ik graag vandaag van haar hebben gehoord, maar ze is met lege handen gekomen. Ik zie derhalve geen enkele reden om de koers die wij hebben gekozen, te wijzigen.
Jan Mulder (ALDE). – Voorzitter, ik zou willen beginnen met de heren Goepel en Bösch te bedanken. Ze hebben uitstekend werk geleverd, dat is al gezegd. Het gaat bij dit debat niet alleen om het onderwerp, vrijwillige modulatie, het gaat ook vooral om parlementaire democratie, namelijk wat de rechten zijn van dit Parlement op het gebied van plattelandsontwikkeling, enzovoort. Ik zou ook commissaris Fischer Boel willen bedanken. Zij is het Parlement steeds met open vizier tegemoet getreden en ook in individuele gesprekken is het altijd zo geweest dat zij openhartig heeft gesproken.
Er zijn al een heleboel dingen gezegd. Waarom ben ík tegen het systeem van vrijwillige modulatie? In de eerste plaats, het legt de bijl aan de wortel van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, dat is verkeerd. In de tweede plaats, het springt te lichtvaardig om met de begrotingsrechten van het Parlement.
De Commissie dient te manoeuvreren tussen de Raad en het Parlement. We hebben in mei van dit jaar financiële perspectieven vastgesteld. In die financiële perspectieven heeft het Parlement duidelijk gezegd wat het vond over die vrijwillige modulatie. In de voorstellen van de Commissie zijn alleen de standpunten van de Raad terug te vinden. Dat vind ik een verwerpelijke zaak. Er is nauwelijks rekening gehouden met de wensen van het Parlement. En ik vind het ook niet erg begrijpelijk. Op het ogenblik dat iedereen in Europa praat over de burger meer bij Europa te betrekken, negeert de Europese Commissie volkomen de positie van het Parlement!
Ik ben blij met de woorden van de commissaris dat ze aan het eind impliceerde dat een compromis mogelijk is. Natuurlijk is het Parlement ook te vinden voor een compromis. Wij zijn ook voor plattelandsontwikkeling, maar we zijn ook voor die gemeenschappelijke markten. Met die twee sleutelconcepten moeten wij een oplossing proberen te vinden. Is het mogelijk om, net zoals dat in het verleden ook het geval was, voor bepaalde landen een uitzondering te maken? Is het mogelijk om in de toekomst vernuftiger gebruik te maken van de verplichte modulatie en die toe te spitsen op bepaalde wensen, zoals het Parlement dat in het verleden heeft geformuleerd? Dat zou bijvoorbeeld kunnen met die health check. Als wij morgen stemmen over dit voorstel en het standpunt van het Parlement wordt nogmaals bevestigd, dan is de tijd gekomen voor de Commissie om het initiatief te nemen voor een compromis dat haalbaar is en acceptabel is voor de Raad en voor het Parlement. De rechten van het Parlement en van de Raad op het gebied van het plattelandsbeleid zijn immers precies hetzelfde en het zou de Commissie sieren als ze rekening zou houden met de standpunten van het Parlement.
Zdzisław Zbigniew Podkański (UEN). – (PL) Mevrouw de Voorzitter, dames en heren, de door de Europese Commissie voorgestelde vrijwillige modulatie, die terecht werd verworpen door de Begrotingscommissie en de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling, is het resultaat van de uiterst krappe Europese begroting die nauwelijks 1 procent van het bbp bedraagt. Bij het vaststellen van de financiële vooruitzichten voor de periode 2007-2013 waren zowel de Raad als de Commissie zich er goed van bewust dat de vermindering van de fondsen voor plattelandsgebieden van 88 naar 69 miljard euro tot een pijnlijk gebrek aan financiële middelen zou leiden.
De pogingen om de uitgaven voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid en zijn afzonderlijke segmenten te corrigeren, hebben alleen voor verwarring en grotere regionale ongelijkheden gezorgd. Het voorstel dat deze misstap probeert recht te zetten door een beperking van de rechtstreekse betalingen – met de verarming van de landbouwers tot gevolg – is de slechtst mogelijke oplossing van allemaal. De voorgestelde nationalisering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid door een aanvullende vrijwillige modulatie van 20 procent wijst opnieuw op het gebrek aan consequentie bij de vormgeving van het gemeenschappelijk landbouwbeleid. De modulatie is een nieuwe poging om het gemeenschappelijk landbouwbeleid te renationaliseren. Dames en heren, we hebben dus geen andere keus dan om het voorstel van de Commissie te verwerpen.
Alyn Smith (Verts/ALE). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, dit is de eerste keer dat ik het woord voer als vertegenwoordiger van Schotland in de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling en het verheugt me bijzonder een ruime meerderheid van dit Parlement aan mijn zijde te vinden.
Zoals anderen al opmerkten is de vrijwillige modulatie van de landbouwbetalingen helemaal niet vrijwillig voor al die landbouwers die erop achteruitgaan, maar enkel voor de lidstaten die hun het vel over de oren halen. De uitbreiding van de verplichte modulatie die in de hele EU wordt gefinancierd valt nog te verdedigen, maar dat de boeren van Schotland er 20 procent op achteruit moeten gaan ten opzichte van hun collega's op het vasteland, dat kan alleen de regering in Londen volhouden. Als we dit gebrekkige voorstel verwerpen is dat niet meer dan terecht. Doen we dat niet, dan stemmen we in met een pover voorstel dat ons vandaag is voorgelegd.
Daarbij zou ik onze commissaris er nadrukkelijk op willen wijzen dat als de Commissie met een pakket komt, zoveel mogelijk het subsidiariteitsbeginsel moet worden gehanteerd. Het Schotse parlement is nog geen volwaardig lidstaatsparlement, maar het is wel verantwoordelijk voor landbouw en voedsel in Schotland. Het Schotse parlement moet, ongeacht wie de meerderheid hebben, de bevoegde autoriteit blijven op deze beleidsterreinen, want wie ook de meerderheid hebben, zij zullen het er beter vanaf brengen dan de regering in Londen.
Gerard Batten (IND/DEM). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, daar gaan we weer! Keer op keer wijst de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling dit voorstel af en de Commissie blijft het maar terugspelen. Als dit pingpongspel één ding laat zien is het wel de zinloosheid van dit Parlement en zijn commissies.
Dit Parlement wordt geacht de democratie in de EU te vertegenwoordigen. Vanwaar dan die geringschattende houding van de Commissie? Waarschijnlijk omdat de Commissie weet dat dit Parlement een slap aftreksel van democratie is, een veredelde praatclub met weinig tot geen invloed van betekenis op welk terrein dan ook.
De UK Independence Party bevindt zich in de ongebruikelijke positie dat ze ertegen is om de Britse regering meer vrijheid te geven, in dit geval de vrijheid om GLB-middelen over te hevelen van de voedselproductie naar vage plattelandsontwikkelingsprogramma's die van alles kunnen inhouden, van het behoud van village greens tot de aanleg van themaparken of het beheer van dierenreservaten. We worden tenslotte geacht het over het gemeenschappelijk landbouwbeleid te hebben en niet over het gemeenschappelijk plattelandsontwikkelingsbeleid.
De Britse landbouwgemeenschap heeft steun nodig. Het is geen gezonde optie voor mijn land om de productie van zijn eigen voedsel los te laten. Een land moet niet afhankelijk zijn van de import om zichzelf te voeden, en dat is wel waar het Verenigd Koninkrijk heen gaat als we het geld weghalen bij het eigenlijke landbouw bedrijven en het in plaats daarvan in allerlei knusse milieuprojectjes te pompen.
De UK Independence Party is geen voorstander van de EU en haar subsidiebeleid. Zolang ons land echter lid blijft, kunnen we er maar beter voor zorgen dat het geld dat we ontvangen – dat per slot van rekening ons eigen geld is waarvan het de EU goeddunkt om het aan ons terug te geven – goed wordt besteed.
Het voeden van de Britse bevolking moet de voorkeur krijgen boven wat in sommige gevallen kan worden aangeduid als "cosmetische milieuprojectjes".
Monica Maria Iacob-Ridzi (PPE-DE). – Doresc să susţin raportul colegului nostru Lutz Goepel care ne recomandă respingerea propunerii Comisiei privind modularea facultativă a plăţilor directe din agricultură din cel puţin două motive: în primul rând propunerea pune în dificultate statele care sunt în procesul de phasing-in al subvenţiilor europene. Agricultorii români, de exemplu, beneficiază în prezent doar de un sfert din plăţile pe care le primesc fermierii din vechile state membre, urmând ca în zece ani să atingă nivelul comun al Uniunii.
Modularea obligatorie, cumulată cu cea facultativă, vor face ca acest nivel comun al Uniunii să fie destul de redus în momentul în care agricultorii români vor putea beneficia de el. Această ţintă mişcătoare poate destabiliza atât piaţa românească, cât şi pe cea europeană, deoarece agricultorii nu pot planifica nici măcar pe termen scurt, necunoscându-şi veniturile viitoare.
În plus, termenul de facultativ induce în eroare. O dată adoptată de către statele membre, modularea devine obligatorie pentru fermieri, putând duce la scăderea plăţilor directe la hectar cu până la 25%. Acest proces contribuie la renaţionalizarea politicii agricole comune, adică la o modificare a acestei politici, simbol al solidarităţii europene.
În al doilea rând, propunerea Comisiei este injustă, întrucât ignoră participarea noastră la dezbaterea viitorului financiar al Uniunii. Vocea Parlamentului trebuie să se facă auzită convingător, atât înainte, cât şi în timpul controlului de sănătate planificat pentru 2008-2009. Noi nu putem porni pe acest drum cu concluzii deja luate, iar introducerea modulării facultative duce tocmai la un rezultat cunoscut dinainte al controlului de sănătate. Mai mult, din câte ştiu, Comisia nu a efectuat studiul de impact necesar prevăzut în acordul interinstituţional cu Parlamentul European. Toate aceste elemente fac din propunerea de regulament a Comisiei un compromis nedorit de nimeni ale cărui victime vor fi însă fermierii europeni.
Luis Manuel Capoulas Santos (PSE). – (PT) Net zoals tegen het eerste verslag ben ik ook absoluut gekant tegen dit tweede verslag-Goepel. Ik kan onmogelijk akkoord gaan met de uiteengezette argumenten aangezien zij tot tegenstrijdige conclusies leiden.
Helaas heb ik niet genoeg tijd om dit uitvoerig te bewijzen. Daarom leg ik u de volgende vragen voor. Bestaat er een betere studie dan die waarin met cijfers wordt aangetoond dat de herverdeling van de eerste pijler van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) onrechtvaardig is? Hetzelfde geldt voor de cofinanciering. Als lidstaten die over minder middelen beschikken, gedwongen worden om het gemeenschappelijk beleid uit de eigen begroting te bekostigen is er dan geen sprake van renationalisering van het GLB?
Dit verslag vertolkt een conservatieve houding waarin ik mij niet kan vinden. Ik kan niet aanvaarden dat het subsidiariteitsbeginsel met voeten wordt getreden en dat alles in het werk wordt gesteld om de belangrijkste begunstigden van het GLB te beschermen. Ik teken tevens bezwaar aan tegen het voorstel van het Parlement, zoals dat geformuleerd is in de verslagen-Goepel, om 20 procent van de steun voor plattelandsontwikkeling voor 2007 te bevriezen. De boeren mogen niet de dupe worden van de meningsverschillen tussen de instellingen. Daarom roep ik alle partijen op tot redelijkheid en compromisbereidheid, zodat deze onduldbare impasse zo spoedig mogelijk kan worden doorbroken.
Marian Harkin (ALDE). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik ben het volledig met de rapporteur eens voor wat betreft het afwijzen van deze voorstellen. Deze zouden namelijk betekenen dat 20 procent van de rechtstreekse betalingen en de marktsteun van het GLB naar plattelandsontwikkeling zou worden overgesluisd.
Ik ben een warm voorstander van investeringen in plattelandsontwikkeling, ja ik denk dat deze essentieel zijn als we willen dat plattelandsgebieden een positieve bijdrage leveren aan de Lissabonagenda, maar deze investeringen mogen niet uit de zakken van de landbouwers komen.
Mevrouw de commissaris, eerder vanavond zei u dat u bang was voor de gevolgen die onze afwijzing van dit voorstel voor de plattelandsontwikkeling kan hebben. Maar wat te denken van de gevaren voor de landbouw als dit voorstel erdoor zou komen? En wat die zakken van de landbouwers betreft: dit voorstel zou een flinke aanslag betekenen op de inkomsten van sommigen van hen. Als we de oorspronkelijke hoeveelheid rechtstreekse betalingen aan boeren op 100 procent stellen en 5 procent daarvan afhalen voor verplichte modulatie, vervolgens zo'n 8 procent voor de toetreding van Roemenië en Bulgarije – die natuurlijk geenszins verantwoordelijk zijn voor het feit dat wij geen fatsoenlijke financieringsvoorzieningen hebben getroffen – en we dan nog eens 20 procent weghalen voor vrijwillige modulatie, dan zullen die landbouwers er ongeveer 33 procent – een derde – op achteruit gegaan zijn ten opzichte van het inkomen dat hen in het herziene GLB was toegezegd.
Maar het gaat niet alleen om geld: de voorgestelde vrijwillige modulatie zou de concurrentie tussen de lidstaten schaden. Een en ander zou neerkomen op een renationalisatie van het GLB en mijns inziens de veiligheid van de voedselproductie in de EU in gevaar brengen.
Mevrouw de commissaris, ik weet dat u net als ik van mening bent dat de landbouw behoefte heeft aan stabiliteit. Vorig jaar zei u in het Ierse parlement: "Ik wil de landbouwers in Ierland en de rest van de EU zoveel mogelijk stabiliteit geven". De landbouwers maken echter een moeilijke en onzekere tijd door. En als ze zouden luisteren naar de debatten in het Parlement vandaag, waarbij commissaris Mandelson het eerder op de dag over meer flexibiliteit in het kader van de WTO had, terwijl het vanavond gaat over een renationalisatie van het GLB, zou hun onzekerheid er alleen maar groter op worden.
Dit Parlement en de Europese landbouwers rekenen erop dat de Commissie laatstgenoemden op dit vlak steunt. U zei dat u onze zorgen kent en begrijpt. Die zorgen zijn vanavond heel duidelijk uiteengezet en we wachten nu op een positieve reactie.
Jan Tadeusz Masiel (UEN). – (PL) Mevrouw de Voorzitter, het late tijdstip en de technische moeilijkheden zullen ons er niet van weerhouden om het Commissievoorstel voor de tweede keer scherp te bekritiseren. Dit voorstel kan ertoe leiden dat de Europese landbouwers tot 30 procent van hun rechtstreekse betalingen verliezen. Voor veel landbouwers is dat een aanzienlijke som geld. De commissaris heeft het daarnet wel over een aantal tegemoetkomingen gehad, maar dat neemt niet weg dat zulke ingrijpende veranderingen veel vroeger bekendgemaakt moeten worden, zodat de boeren de mogelijkheid hebben om hun toekomst naar behoren te plannen. Als dat niet gebeurt, bestaat het gevaar dat de landbouwers het vertrouwen in de Europese Unie en in het gemeenschappelijk landbouwbeleid verliezen. Dat vertrouwen ligt overigens het laagst bij de Poolse boeren. Het feit dat de wijziging niet van toepassing zal zijn voor landbouwers die minder dan 5 000 euro aan inkomenssteun ontvangen, is maar een schrale troost. Ik ben de mening toegedaan dat dit plafond minstens 20 000 euro zou moeten bedragen.
James Nicholson (PPE-DE). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik heb met grote belangstelling naar de woorden van de commissaris geluisterd en met alle respect, mevrouw Fischer Boel, u wist vanavond nog minder te overtuigen dan de afgelopen keer dat we over dit onderwerp debatteerden.
Ik weet dat het een hele opgave is om slecht beleid te verdedigen. Ik weet dat het zo goed als onmogelijk is om slecht beleid te verdedigen. Wat dat betreft kunt u op mijn medeleven rekenen. Dat neemt niet weg dat slecht beleid nooit tot goed beleid gemaakt kan worden. Met dit beleid blijft er voor de komende tijd werkelijk niets over dat ook maar enigszins in de buurt komt van een gelijk speelveld in het gemeenschappelijk landbouwbeleid.
Als ik het u op de persoon af mag vragen, mevrouw de commissaris, hebt u al afspraken gemaakt met de Raad over wat er in de toekomst op stapel staat voor wat betreft modulatie?
Met grote belangstelling last ik in de regionale pers van mijn kiesdistrict dat de verantwoordelijke landbouwfunctionaris voor juni een overeenkomst tussen u en de Raad heeft aangekondigd.
Mijn eerste vraag, mevrouw de commissaris: kunt u bevestigen dat er een dergelijke overeenkomst is gesloten? Zo ja, wat houdt deze dan wel in? Zal er binnen die overeenkomst sprake zijn van regionalisatie? En welk percentage zal er worden toegepast binnen die overeenkomst? Dit zijn slechts de paar punten waar ik vanavond tijd voor heb.
Maar mag ik u oproepen de Raad de waarheid te zeggen? In wezen is dit een ronduit beroerde overeenkomst, en de landbouwers zullen er nooit mee instemmen. Ik, hun openbare vertegenwoordiger, zal er in elk geval nooit mee instemmen.
U hebt vanavond een beroep op ons gedaan opdat uw woorden niet aan dovemansoren gericht zouden zijn. U wilt dat wij constructief zijn. Heel mooi gezegd. Maar, ik moet u zeggen, hoe kunnen wij constructief zijn? Hoe kunnen we luisteren als u ons van bovenaf, tegen onze zin voorschrijft waar we mee moeten instemmen?
Dit is niet ons probleem; dit is uw probleem, mevrouw de commissaris, en u bent degene die het zal moeten oplossen.
Marc Tarabella (PSE). – (FR) Mevrouw de Voorzitter, mevrouw de commissaris, dames en heren, allereerst wil ik graag herinneren aan de overweldigende meerderheid bij de stemming in de plenaire vergadering van 14 november jongstleden: 559 stemmen tegen, 64 voor en 16 onthoudingen. Met zo'n meerderheid heeft het Europees Parlement het voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de vrijwillige modulatie van de rechtstreekse betalingen op niet mis te verstane wijze verworpen. Ik betreur het dat de Commissie daarop niet besloten heeft de tekst in te trekken.
Hoewel ik kan begrijpen en beamen dat de tweede pijler voor plattelandsontwikkeling betere financiering nodig heeft, vind ik het onaanvaardbaar dat dat zo meedogenloos ten koste van de eerste pijler gebeurt, en sowieso niet vrijwillig, want het lijdt geen twijfel dat de gevolgen van een dergelijke maatregel rampzalig zouden zijn. Zouden we namelijk instemmen met het voorstel van de Commissie, dan zouden we daarmee het bestaan van talrijke bedrijven in gevaar brengen en zouden we concurrentieverstoringen invoeren. Bovendien zou het voorstel ertoe kunnen leiden dat het GLB helemaal wordt losgelaten of wordt gerenationaliseerd. Tot slot strookt het niet met de communautaire doelstellingen voor het platteland. Deze redenen, die ten grondslag lagen aan de afwijzing van het voorstel van de Commissie in november jongstleden, gelden vandaag nog evengoed.
In het licht van deze overwegingen, die uitvoerig worden toegelicht in het verslag van de heer Goepel, heeft zijn voorstel dan ook mijn volledige steun.
Wiesław Stefan Kuc (UEN). – (PL) Mevrouw de Voorzitter, de ontwerpverordening die we vandaag behandelen, werd door de leden van het Parlement scherp op de korrel genomen, maar het voorstel moet toch ergens wel iets positiefs bevatten. Het Europees Parlement heeft zich nog nooit zo negatief over een document uitgelaten. Het was nog nooit eerder het geval dat de Parlementsleden geen enkel positief aspect uit een tekst konden halen. Om die reden ben ik zelf op zoek gegaan naar de positieve kanten van modulatie. Zonder in te gaan op details als bijvoorbeeld de vraag of 20 procent een correct percentage is en 5 000 euro een juist bedrag, ben ik erin geslaagd om een aantal positieve aspecten van de ontwerpverordening te formuleren.
Ten eerste zal de invoering van de modulatie de lidstaten meer flexibiliteit geven om hun landbouw- en plattelandsbeleid vorm te geven. Dat is van wezenlijk belang. Ten tweede zal ze de wind uit de zeilen nemen van de tegenstanders van de Europese Unie die ons onlangs nog hebben verweten dat de Europese Unie alles wil regelen, zelfs de vorm van bananen, de grootte van erwten, enzovoort. De modulatie bewijst voor minstens 20 procent dat de Unie lang niet alles tot in het kleinste detail wil regelen. Ten derde zullen we, dankzij de tenuitvoerlegging van de modulatie, gemeenschappelijke maatregelen kunnen nemen om het platteland aan te passen en te moderniseren. Wanneer we echter willen dat deze maatregelen door de landbouwers worden gesteund, moeten we er in de eerste plaats voor zorgen dat de autoriteiten op het platteland kunnen beslissen over…
(Spreker wordt door de Voorzitter onderbroken)
Brian Simpson (PSE). – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ook dit maal kan ik, gezien het belang van dit voorstel voor de Britse landbouwers en onze plattelandsgemeenschappen, niet voor de aanbevelingen van de rapporteur stemmen om dit voorstel voor vrijwillige modulatie te verwerpen.
Ik neem deze gelegenheid te baat om alle Britse afgevaardigden van alle fracties eraan te herinneren dat het steunen van de verwerping van het voorstel ernstige gevolgen zal hebben voor de Britse uitgavenplannen op het gebied van plattelandsontwikkeling en dat u in feite stemt voor een forse bezuiniging van meer dan 1,2 miljard euro op de Britse plattelandsgebieden voor de komende zes jaar.
Ik wil alle afgevaardigden er bovendien aan herinneren dat, vanwege de geringe toewijzing die het Verenigd Koninkrijk in vergelijking met andere lidstaten voor plattelandontwikkeling ontvangt, het systeem van vrijwillige modulatie niet alleen in een behoefte voorziet, maar dat het essentieel is voor het voeren van ambitieuze en doeltreffende plattelandsontwikkelingsprogramma's in mijn land.
Ik denk dat we even stil moeten staan bij wat dit allemaal betekent, gewoonweg om het belang van deze punten te doen uitkomen.
Ten eerste zal vrijwillige modulatie het Verenigd Koninkrijk in staat stellen om veel bredere resultaten op milieugebied te boeken, in overeenstemming met vastgesteld EU-beleid.
Ten tweede moeten we, zonder voorbij te gaan aan de politieke gevoeligheden te rechter zijde in dit Parlement, ons ontegenzeglijk richten op de mogelijkheden om daadwerkelijk positieve resultaten te boeken voor de ontwikkeling van plattelandsgebieden. Zo kunnen we betalingen uitkeren aan landbouwers in het kader van agromilieuprogramma's die zijn gericht op verbetering van het milieu en de biodiversiteit; we kunnen landbouwers in berggebieden en hooglanden steunen; we kunnen regelingen uitwerken waarmee we de gevolgen van de klimaatverandering kunnen beperken door ondersteuning van energiegewassen en andere duurzame-energieproducten, en we kunnen bijdragen aan de bescherming van ons platteland op het gebied van essentiële natuurlijke hulpbronnen.
Dit alles komt door de opstelling van het Parlement ten aanzien van vrijwillige modulatie op de helling te staan en daarom zullen de afgevaardigden van de Labour Party tegen de kortzichtige aanbeveling van de commissie stemmen. Zonder vrijwillige modulatie zal het Verenigd Koninkrijk alleen bestaande afspraken kunnen nakomen, terwijl we veel meer zouden willen doen.
Tot slot zou ik graag ...
(Spreker wordt door de Voorzitter onderbroken)
Thijs Berman (PSE). – Mevrouw de Voorzitter, de Nederlandse sociaaldemocraten stemmen morgen tegen het verslag-Goepel en tegen een voortgaande blokkade van nieuw landbouwbeleid. We moeten de impasse tussen Raad en Parlement doorbreken. Nieuwe projecten voor het Europese platteland mogen niet in gevaar komen. Geef de lidstaten de kans om daar meer geld voor vrij te maken binnen een Europese strategie voor het platteland, voor landschap en natuur. Afbouwen van inkomenssteun, om te beginnen met de grootste boeren, maar tegelijk meer investeren in het platteland, dát is de toekomst van het Europese landbouwbeleid. Door nu opnieuw te kiezen voor een blokkade met het drukmiddel van het blokkeren van 20 procent van het plattelandsbudget, zou het Parlement kiezen voor een herhaling van zetten, terwijl we juist nieuw beleid nodig hebben voor alle bewoners van het platteland. Door 2,48 miljard euro te blokkeren, lopen veel goede projecten gevaar. Voor Nederland gaat het om 14 miljoen, een klein beetje, maar het is veel voor de betrokkenen. Al die plannen voor een vitaal platteland mogen niet de dupe worden van een Brussels conflict. Wij moeten andere wapens zoeken en de Raad moet ook een stap zetten. Het compromis kan liggen in meer verplichte modulatie voor alle lidstaten. Meer geld afromen van de subsidies voor de grootste boeren, ten voordele van investeren in het platteland. Geen 5 procent, zoals nu, maar 15 procent, als 20 procent voor de Raad te veel is. En hoe groter de boer, hoe meer modulatie. Ook dat is redelijk. Laat de Commissie zich daarop richten. Het Europese platteland kan nu geen plannen maken en boeren weten niet waar ze aan toe zijn. Dat is onverantwoordelijk.
Gábor Harangozó (PSE). – (HU) Vorig jaar november verwierp het Europees Parlement het voorstel van de Commissie voor een vrijwillige modulatie van de rechtstreekse betalingen. Nu staan wij hier opnieuw en moeten wij ons buigen over een voorstel dat we al hebben verworpen. Wij moeten tegen dit voorstel stemmen, niet alleen omdat er niets substantieels in gewijzigd is, maar vooral omdat verschillende punten van het voorstel aanleiding geven tot ernstige bezorgdheid.
Om te beginnen leidt het voorstel tot de opheffing van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, omdat het beoogt dit beleid weer terug te brengen naar het nationaal niveau. Bovendien zouden de lidstaten in verschillende mate gebruik maken van de geboden gelegenheid, afhankelijk van hun respectieve begrotingssituaties, hetgeen zou leiden tot een ernstige concurrentieverstoring. Wij kunnen niet toestaan dat landbouwers, die het toch al niet makkelijk hebben, worden benadeeld door krappere begrotingen van bepaalde lidstaten.
Natuurlijk weten we allemaal dat de regelgeving krachtens de overeenkomst die de Raad in 2005 heeft bereikt geharmoniseerd moet worden, maar we moeten elke optie zorgvuldig in ogenschouw nemen. Het is immers zaak dat we in staat zijn de regelgeving op een consistente en passende manier te wijzigen. Het verslag in zijn huidige bewoordingen is dus onaanvaardbaar. We moeten een oplossing vinden die het bestaan van de boeren verbetert en ze niet in een nog moeilijkere situatie brengt.
Mariann Fischer Boel, lid van de Commissie. (EN) Mevrouw de Voorzitter, geachte afgevaardigden, uit het grote aantal bijdragen aan dit debat blijkt wel hoeveel belang u allen aan het onderwerp vrijwillige modulatie lijkt te hechten. Ik ben het ermee eens dat het voorstel voor vrijwillige modulatie in een breder verband moet worden beschouwd, namelijk dat van de hele financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid in het algemeen en het plattelandsontwikkelingsbeleid in het bijzonder.
Vrijwillige modulatie is zeker niet het beste instrument om een versterking van de tweede pijler te bewerkstelligen; daar ben ik het mee eens. Maar zoals ik vandaag tijdens het debat heb benadrukt, wordt er veel aan gedaan om te proberen tegemoet te komen aan de zorgen die in het Europees Parlement zijn geuit. Deze inspanningen zullen de komende dagen en weken worden voortgezet, zoals ik in mijn inleiding heb uitgelegd. De Commissie is bereid haar voorstel zodanig aan te passen dat in het verkregen resultaat zoveel mogelijk van de geuite zorgen in aanmerking worden genomen. Ik hoop dat we tot een compromis zullen kunnen komen.
De Voorzitter. Het debat is gesloten.
De stemming vindt woensdag om 12.00 uur plaats.
Schriftelijke verklaringen (artikel 142)
Kathy Sinnott (IND/DEM), schriftelijk. – (EN) Ik heb soms de indruk dat de Commissie een hekel heeft aan het GLB en er op termijn vanaf wil. Ik zou de Commissie eraan willen herinneren dat de GLB-overeenkomst loopt tot 2013. Nu al zorgt de verplichte modulatie voor moeilijkheden in de plattelandsgebieden van mijn kiesdistrict. Dit voorstel komt neer op een renationalisatie van het landbouwbeleid, waarbij er geen rekening mee gehouden wordt dat de lidstaten dan zelf over de rechtstreekse betalingen kunnen beschikken, zonder dat er een manier is om de besteding van het geld te controleren. Daarbij komt dat het voorstel geen alternatieven voor het bedrijven van landbouw aandraagt, noch een procedure bevat om te zorgen dat de concurrentiepositie van de landbouw niet onevenredig verslechtert. Het is zeker mogelijk dat het voor sommige landen een goed idee is om geld weg te halen bij de landbouw en het aan plattelandsontwikkeling te besteden, maar in grote delen van Ierland is de landbouw de basis van het plattelandsbestaan. Zonder de landbouw zouden de mannen en vrouwen op het Ierse platteland te maken krijgen met ontvolking of zich gedwongen zien vervuilende industrieën toe te laten om banen te verschaffen en te voorkomen dat mensen wegtrekken. In Ierland geldt: hoe meer geld we van de landbouw naar het platteland schuiven, hoe meer we beide in gevaar brengen. Als er een effectbeoordeling was uitgevoerd, zou dat eruit zijn gekomen.
(Verklaring ingekort overeenkomstig artikel 142, lid 7, van het Reglement)