Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Debatten
Donderdag 15 februari 2007 - StraatsburgUitgave PB
ANNEX (Schriftelijke antwoorden) - VRAGEN AAN DE RAAD (Het fungerend voorzitterschap van de Raad van de EU is verantwoordelijk voor deze antwoorden.)

Vraag nr. 33 van Rodi Kratsa-Tsagaropoulou (H-0053/07 )  
 Betreft: Duits Voorzitterschap en initiatieven voor de crisis in Libanon
H-0053/07
 

De laatste weken is de toestand in Libanon weer gevaarlijk geëscaleerd, wat heeft geleid tot een ongecontroleerde crisis in het binnenland en een bedreiging vormt voor de stabiliteit van de hele regio. De voorzitter van de Europese Commissie, José Manuel Barroso, en de voor buitenlandse zaken en Europees nabuurschapsbeleid bevoegde commissaris, Benita Ferrero-Waldner, hebben op 24 januari in het kader van de internationale donorconferentie voor Libanon uitdrukking gegeven aan hun politieke wil om de heropbouw van het land te steunen (de totale bijdrage van de EU vanaf het begin van de oorlog in juli 2006 bedraagt 522 miljoen), alsook de noodzakelijke hervormingen te bevorderen die de regering in het land moet doorvoeren (Actieplan EU-Libanon)

Wat denkt het Duitse Voorzitterschap over de politiek in Libanon zelf en in het hele gebied? Wat is de toestand in het zuiden van Libanon en wat zal de rol van het Voorzitterschap zijn in het geval van een veralgemeende oorlog in Libanon? Is het Voorzitterschap voornemens concrete initiatieven te nemen in Libanon om de crisis af te wenden?

 
  
 

Dit antwoord van het voorzitterschap, dat als dusdanig noch de Raad, noch diens leden bindt, is niet mondeling gepresenteerd tijdens het vragenuur aan de Raad van de vergaderperiode van het Europees Parlement in Straatsburg van februari 2007.

De situatie in Libanon blijft gespannen, maar er is wel een relatieve rust wedergekeerd. Wij blijven de situatie volgen in het hele land, ook in Zuid-Libanon.

De EU heeft in de meest recente conclusies van de Raad (van 22 januari 2007) benadrukt dat het voor de stabiliteit en de verdere ontwikkeling van Libanon van cruciaal belang is dat er een uitweg wordt gevonden uit de huidige politieke impasse; daar is ook de gehele Libanese bevolking mee gediend. Een oplossing is echter alleen mogelijk via de weg van de dialoog en met inachtneming van de democratische instituties, de soevereiniteit, de territoriale integriteit en de onafhankelijkheid van Libanon. Wij zijn ingenomen met het vooruitzicht van een dialoog tussen de partijen en loven de bemiddelingspogingen die de secretaris-generaal van de Arabische Liga heeft ondernomen.

De meer dan 2 miljard euro die de EU en haar lidstaten tijdens de conferentie "Parijs III" hebben toegezegd en de stationering van 8 000 man vredestroepen tonen aan dat wij ons voor Libanon blijven inzetten.

 
Laatst bijgewerkt op: 18 april 2007Juridische mededeling