Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2006/0271(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0008/2007

Ingediende teksten :

A6-0008/2007

Debatten :

PV 14/02/2007 - 11
CRE 14/02/2007 - 11

Stemmingen :

PV 15/02/2007 - 6.7
CRE 15/02/2007 - 6.7
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0048

Debatten
Donderdag 15 februari 2007 - Straatsburg Uitgave PB

6.7. Richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten (stemming)
PV
  

Na de stemming over de ontwerpresolutie

 
  
MPphoto
 
 

  Ria Oomen-Ruijten (PPE-DE). – Voorzitter, u ging eigenlijk wat snel voor mij. Ik zou van de Commissie willen weten of ze het amendement dat is ingediend, ook aanvaardt.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Bij wijze van uitzondering krijgt de Commissie nogmaals het woord.

 
  
MPphoto
 
 

  Ján Figel’, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik denk dat de Commissie bereid is te doen wat ze kan om in de periode 2007-2008 het Parlement te raadplegen over de nieuwe richtsnoeren voor 2008 en 2010. Of hier per se minimaal vijf maanden voor nodig zullen zijn of niet, is, gegeven de interne procedures van het Parlement, geen vraag die de Commissie kan beantwoorden.

 
  
MPphoto
 
 

  Ria Oomen-Ruijten (PPE-DE). – Voorzitter, nu blijkt dat de Commissie er nog niet uit is hoeveel tijd ze aan het Parlement wil geven, zou ik, nu de eindstemming nog niet gedaan is, u willen vragen om het verslag terug te verwijzen naar de Commissie sociale zaken, zodat er nog enig overleg met de Commissie kan plaatsvinden.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Normaal gesproken is het aan de rapporteur om een dergelijk verzoek in te dienen. Wat is zijn standpunt in dezen?

 
  
MPphoto
 
 

  Jan Andersson (PSE), rapporteur. (SV) Nee, ik schaar mij niet achter het voorstel tot terugverwijzing. Mevrouw Oomen-Ruijten zou moeten weten dat de economische richtsnoeren niet door de Raad kunnen worden aangenomen voordat het Parlement zich erover heeft uitgesproken. Zo is het feitelijk geregeld. De Commissie, en vooral de Raad, moeten rekening houden met de standpunten van het Parlement. Dat geldt voor de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid. De economische richtsnoeren leveren een groter probleem op, omdat er geen soortgelijke regelgeving op dat gebied bestaat.

 
  
  

(Het Parlement verwerpt het verzoek om terugverwijzing van het verslag naar de commissie)

 
Laatst bijgewerkt op: 18 april 2007Juridische mededeling