Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2007/2518(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

B6-0061/2007

Debatten :

PV 15/02/2007 - 10.1
CRE 15/02/2007 - 10.1

Stemmingen :

PV 15/02/2007 - 11.1

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0055

Debatten
Donderdag 15 februari 2007 - Straatsburg Uitgave PB

10.1. Dialoog tussen de Chinese regering en de gezanten van de Dalai Lama (debat)
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Aan de orde zijn zes ontwerpresoluties over de dialoog tussen de Chinese regering en de gezanten van de Dalai Lama(1).

 
  
MPphoto
 
 

  Erik Meijer (GUE/NGL), auteur. – Voorzitter, het is geen goed idee dat China Tibet ziet als een integraal onderdeel van China en dat de buitenwereld dat sinds lang als vanzelfsprekend beschouwt. De Tibetanen vertegenwoordigen hun eigen cultuur in onherbergzaam leefgebied, geïsoleerd en hoog in de bergen. China heeft lange tijd de verleiding niet kunnen weerstaan om dit gebied te zien als een reserve die een deel van de zeer grote Chinese bevolking kan opvangen.

Dat is niet alleen een probleem voor de bevolking van Tibet, maar ook voor die van het aangrenzende en beter toegankelijke Xinjiang, waar de aan de Turkstalige volkeren, zoals de Kazakken, Kirgiezen en Oezbeken, verwante Oejgoeren leven. Zij vrezen een minderheid in eigen land te worden en alles te verliezen dat zij waardevol vonden. Overigens moeten we de traditionele leefsituatie van Tibetanen en Oejgoeren vooral niet idealiseren. Er is daar reden voor ingrijpende vernieuwingen, maar niet voor vernieuwingen die van buitenaf worden opgelegd en die vooral belangen van buitenaf dienen.

Omdat China het volksrijkste land ter wereld is en een aanstormende economische macht, is het uiterst onwaarschijnlijk dat Tibet de kans zal krijgen om zich te ontwikkelen tot een onafhankelijke staat. Dat maakt het des te meer belangrijk dat er, een halve eeuw na het grote conflict, een verzoening plaatsvindt waarbij de Tibetanen binnen China de voor hen meest waardevolle delen van hun eigenheid kunnen behouden en zij niet meer het gevaar lopen om slachtoffer te worden van staatsgeweld. De vooruitgangsideologie die China sinds bijna zestig jaar beheerst, is tegenwoordig vooral gericht op economische groei. Dat heeft nadelen, maar biedt nu wel meer ruimte voor tolerantie en erkenning van verscheidenheid dan lange tijd het geval was. Een dialoog of een culturele eigenheid en zelfbestuur binnen China moet tot resultaat kunnen leiden. Mijn fractie ondersteunt alles wat tot die dialoog en tot vreedzame oplossingen kan bijdragen.

 
  
MPphoto
 
 

  Marco Cappato (ALDE), auteur. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ik spreek namens de Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa fractie simpelweg om me aan te sluiten bij het verzoek, dat met name gericht is aan het Chinese regime, om de dialoog te hervatten, en laten we niet vergeten dat dit verzoek ook gericht is aan onze Europese instellingen.

Wij, als Europees Parlement, hebben in het verleden het voorstel ingediend om een speciale afgevaardigde voor de kwestie-Tibet aan te stellen, maar we weten dat het voorstel tot dusver nog niet is uitgevoerd. Naar mijn mening zou dit een nuttige en tastbare bijdrage kunnen zijn. Er bestaan ook andere middelen, zoals een verklaring van het Voorzitterschap van de Europese Unie.

Ik hoop dat de discussie en het debat niet beperkt blijven tot louter een uitnodiging aan het Chinese regime, aangezien dit verzoek ook direct en op het hoogste niveau betrekking heeft op de instellingen van de Europese Unie. We moeten hier niet voor vrezen.

Dit Parlement heeft laten zien dat het niet op naïeve wijze een utopie nastreeft, wanneer het het belang van politieke en commerciële betrekkingen met het Chinese regime benadrukt. Niemand in dit Parlement zal de echte betekenis van zulke betrekkingen willen ontkennen; het is echter ook niet nodig om andersom de fout in te gaan, namelijk door een gedragslijn te "verzieken" die duidelijk erg populair is, niet bij de instellingen maar wel bij het volk. De kwestie-Tibet en de ondersteuning van de dialoog zijn zaken die steun genieten van het Europese volk.

Buitensporige bedeesdheid die uit andere motivaties voortvloeit, mag daarom niet van invloed zijn op het huidige debat, de aandacht voor mensenrechten of op de hervatting van de dialoog.

 
  
MPphoto
 
 

  Eva Lichtenberger (Verts/ALE), auteur.(DE) Mijnheer de Voorzitter, geachte collega's, ik dank u allen hartelijk dat u aanwezig bent bij dit debat over Tibet, vooral omdat we nu op een punt zijn aangekomen dat de oplossing voor een al decennialang smeulend probleem binnen handbereik ligt. Althans, als ook de Chinese regering stopt met het opzettelijk opwerpen van blokkades door steeds opnieuw bepaalde kwesties naar voren te brengen. Zo is het onaanvaardbaar dat telkens de aandacht wordt gevestigd op het historische aspect, op de vraag of Tibet vroeger wel of niet deel heeft uitgemaakt van China. Dat is een volkomen verkeerde vraag. We moeten juist naar de toekomst kijken.

We moeten erop blijven hameren dat de Dalai Lama en de Tibetanen zelf streven naar autonomie, een volwaardige autonomie die culturele en religieuze vrijheid en toegang tot onderwijs garandeert. Zij stellen het één-China-beleid niet ter discussie. Dat moet stelselmatig worden benadrukt, ook al wil de Chinese ambassade anders doen geloven, zoals ongetwijfeld ook veel van mijn collega's de afgelopen dagen zullen hebben gemerkt. Wij weten maar al te goed hoe de zaken liggen. Er is een dialoog nodig, en wij streven naar die dialoog. Europa moet dat streven steunen, daarover ben ik het geheel eens met de vorige spreker. Europa moet veel meer de nadruk leggen op die dialoog en deze ook op officieel niveau aangaan.

 
  
MPphoto
 
 

  Alexander Dobolyi (PSE), auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, de dialoog tussen de regering van China en de gezanten van de Dalai Lama moet enthousiast worden verwelkomd en moet onze instemming en steun blijven krijgen. Alleen door middel van een op de toekomst gerichte dialoog zullen er pragmatische oplossingen kunnen worden gevonden die tegemoetkomen aan de aspiraties van het Tibetaanse volk en die de Chinese soevereiniteit en territoriale integriteit volledig respecteren. We mogen niet vergeten dat de Europese Unie het één-China-beleid al heel lang als uitgangspunt hanteert.

Onze steun is een feit, maar we moeten er ook voor zorgen dat deze steun in de praktijk wordt gebracht. Dat moet gebeuren in de context van de nieuwe partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en China. Persoonlijk sta ik niet achter het idee van een speciale vertegenwoordiger voor Tibet, omdat we al genoeg instrumenten in handen hebben om een dergelijke dialoog in gang te zetten.

China kan een enorm positieve rol spelen in de wereld. Eén voorbeeld: gisteren nog heeft China een cruciale bijdrage geleverd aan het succes van het zespartijenoverleg over Noord-Korea. We kunnen dit gebruiken als een voorbeeld en als een les. Als China door middel van een gestructureerde dialoog een positieve bijdrage kan leveren aan de regionale vrede en stabiliteit, dan kunnen we China ook betrekken bij een dialoog die zal helpen om een klimaat van vertrouwen te scheppen waarmee een pragmatische oplossing voor de kwestie-Tibet mogelijk wordt.

 
  
MPphoto
 
 

  Marek Aleksander Czarnecki (UEN), auteur. – (PL) Mijnheer de Voorzitter, op 26 oktober 2006 heeft het Europees Parlement een resolutie aangenomen waarin de schietpartij op ongewapende vrouwen en kinderen op de Nangpa Pass krachtig werd veroordeeld. Het Parlement drong er tevens op aan dat de verantwoordelijken voor de misdaad zouden worden gestraft. Dit verschrikkelijke incident heeft in de hele wereld grote opschudding veroorzaakt. Maar wat heeft het opgeleverd? Niets. De situatie in de regio is er niet op vooruitgegaan. We hebben de laatste tijd weliswaar geen verslagen meer ontvangen over nieuwe brute moorden, maar dat betekent niet dat de toestand in de regio is verbeterd.

Ik heb de indruk dat er sinds ons laatste debat over Tibet bijna drie maanden geleden nauwelijks iets veranderd is in dit slepende conflict. We moeten echter consequent blijven. We mogen de rechten van de 6 miljoen mensen die het slachtoffer zijn van dit conflict geen seconde uit het oog verliezen. Mensenrechtenschendingen zijn in deze regio schering en inslag, zelfs vandaag nog, in de eenentwintigste eeuw. Ik ben van mening dat dit probleem een van de prioriteiten zou moeten zijn van de nieuwe Voorzitter van het Europees Parlement en dus ook, geachte collega's, van elk van ons.

 
  
MPphoto
 
 

  Thomas Mann (PPE-DE), auteur. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, wat hebben bilaterale gesprekken voor zin als ze geen concrete resultaten opleveren? Moeten ze incompetentie verhullen of dragen ze in elk geval nog bij aan het opbouwen van wederzijds vertrouwen? Het Europees Parlement roept terecht op tot hervatting van de dialoog tussen de gezanten van de Dalai Lama en de Chinese regering, een dialoog die een jaar geleden voor het laatst plaatsvond. Op de agenda moeten onder meer staan het beëindigen van represailles, het stopzetten van de mensenrechtenschendingen en het treffen van concrete maatregelen om de Tibetaanse bevolking culturele en religieuze autonomie te garanderen.

De dialoog is van start gegaan in september 2002, maar wordt al twaalf maanden door China geblokkeerd. Als reden hiervoor wordt telkens hetzelfde rijtje opgesomd: er moet eerst aan bepaalde voorwaarden zijn voldaan, de Dalai Lama zou in het geheel niet geïnteresseerd zijn in het verbeteren van de betrekkingen, en zou onafhankelijkheid voor Tibet nastreven. Dat is gewoonweg niet waar. Zijne Heiligheid streeft niet naar een onafhankelijke staat, maar naar autonomie voor Tibet. Van een dergelijk bestuurlijk stelsel zijn zelfs in de EU goede voorbeelden te vinden. De PPE-DE-Fractie houdt, evenals bijna alle andere fracties in het Parlement, vast aan de volgende vier standpunten. Ten eerste moet een bijzondere EU-vertegenwoordiger voor Tibet worden benoemd. Het is niet voldoende als dit onderwerp slechts zijdelings deel uitmaakt van de dialoog tussen de EU en China. Ten tweede willen wij dat de Commissie de kwestie-Tibet aanmerkt als integraal onderdeel van de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de EU en China. Wij verzoeken u het Parlement op de hoogte te houden van alle stappen voor- en achteruit. Ten derde moet de Raad de berichtgeving over actuele ontwikkelingen in de dialoog tussen China en Tibet in zijn jaarverslag opnemen. Ten vierde moet de Europese Unie gezamenlijke strategieën uitwerken met haar partners elders in de wereld, met name de Verenigde Staten.

Ik spreek hierbij nadrukkelijk de hoop uit dat de vertegenwoordigers van de Volksrepubliek China zich ontvankelijk zullen tonen voor de wens van de internationale gemeenschap – zoals deze zojuist door mijn collega's onder woorden is gebracht – om de gesprekken met de Tibetanen eindelijk te hervatten. China legt tenslotte grote ijver aan den dag om zich te verzekeren van goede berichtgeving in de aanloop naar de Olympische Spelen van 2008 in Peking.

 
  
MPphoto
 
 

  Laima Liucija Andrikienė, namens de PPE-DE-Fractie. (LT) Er zijn diverse redenen waarom ik de debatten van vandaag over de dialoog tussen de Chinese regering en de gezanten van de Dalai Lama buitengewoon belangrijk vind, maar de belangrijkste is dat op 17 januari van dit jaar in Peking officieel onderhandelingen zijn begonnen over een nieuwe partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en China. Wij hebben al vaker onze steun uitgesproken voor het vaste voornemen van de regering van de Volksrepubliek China en Zijne Heiligheid de Dalai Lama om door middel van dialoog een oplossing te vinden voor de kwestie-Tibet.

Het Europees Parlement heeft in het verleden meerdere resoluties heeft aangenomen over Tibet, de mensenrechtensituatie in de Volksrepubliek China en ook over de dialoog tussen China en de gezanten van de Dalai Lama. Ik vind dat het Europees Parlement de Europese Raad, de Commissie en de EU-lidstaten nu moet oproepen om de intensivering van deze dialoog actief te steunen en erop aan te dringen dat deze niet zonder resultaat blijft. Hoewel er wat de oplossing van deze substantiële kwesties betreft nog geen tastbare resultaten zijn behaald, zou het Parlement – in samenspraak met beide partijen – moeten nagaan welke rol de EU verder nog kan vervullen om door middel van onderhandelingen een oplossing voor Tibet te vinden. Bovendien zou het een bijzondere EU-vertegenwoordiger voor Tibet moeten benoemen.

Ik steun het in de voorliggende resolutie geuite verzoek aan de Hoge Vertegenwoordiger/secretaris-generaal van de Raad om informatie over de ontwikkeling van de dialoog tussen de regering van de Volksrepubliek China en gezanten van Zijne Heiligheid de Dalai Lama in 2007 en daarna op te nemen in het jaarlijkse verslag over het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid.

Het land dat op dit moment het voorzitterschap van de Raad bekleedt, Duitsland, zou mijns inziens het initiatief kunnen nemen tot de goedkeuring van een verklaring waarin wordt aangegeven hoe de Europese Unie kan bijdragen tot het boeken van vooruitgang in de richting van een vreedzame en uitonderhandelde oplossing voor Tibet.

Tot slot zou ik de heer Thomas Mann en de overige collega's die het initiatief hebben genomen tot de nu voorliggende resolutie, willen bedanken.

(Applaus)

 
  
MPphoto
 
 

  Lidia Joanna Geringer de Oedenberg, namens de PSE-Fractie. – (PL) Mijnheer de Voorzitter, de kwestie van de status van Tibet komt in dit Europees Parlement enkele keren per jaar aan bod. Jammer genoeg hebben de door het Parlement aangenomen resoluties tot dusver geen enkel concreet resultaat opgeleverd. Voor het in 2002 gestarte overleg tussen de Tibetanen en de Chinese regering geldt helaas hetzelfde.

De kwestie-Tibet is nog steeds niet opgelost. Sinds het begin van de Chinese bezetting in 1951 zijn al meer dan 1,2 miljoen van de 6 miljoen Tibetanen om het leven gekomen. Elk jaar ontvluchten ongeveer drieduizend Tibetanen hun land, voornamelijk kinderen en jongeren die alleen in het buitenland Tibetaans onderwijs kunnen genieten. De Tibetaanse bevolking wordt op alle domeinen van het maatschappelijke leven gediscrimineerd, variërend van onderwijs tot gezondheidszorg tot werk, huisvesting en godsdienst.

Wij moeten ons solidair opstellen. We moeten de Chinese regering onder druk zetten zodat de dialoog zo snel mogelijk wordt hervat en de status van Tibet definitief kan worden geregeld. De Europese Commissie zou het heikele punt van de besprekingen met de Dalai Lama ter sprake moeten brengen tijdens de onderhandelingen over de nieuwe partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen China en de Europese Unie. De Raad zou op zijn beurt moeten bepalen welke rol de Unie in de zoektocht naar een oplossing voor de kwestie-Tibet kan spelen. Voorts zou het resultaat van de onderhandelingen tussen China en Tibet opgenomen moeten worden in het jaarlijkse verslag van de Raad aan het Parlement over de tenuitvoerlegging van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid van de Europese Unie.

 
  
MPphoto
 
 

  Marios Matsakis, namens de ALDE-Fractie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, de kwestie-Tibet bestaat nu al vele jaren en zoals al is gezegd, hebben we in het verleden al vaak over allerlei aspecten van dit probleem gesproken in dit Parlement.

De kern van het probleem tussen de volken van Tibet en China is in essentie gelegen in het verlangen naar zelfbeschikking van de Tibetanen, tegenover de angst van de Chinese regering voor een mogelijk domino-effect dat zou kunnen leiden tot het uiteenvallen van China.

In feite is dit wereldwijd altijd een van de belangrijkste oorzaken van conflicten is geweest. De geschiedenis heeft laten zien dat verreweg de beste en meest effectieve manier om dergelijke problemen op te lossen vreedzame en open onderhandelingen zijn, op voorwaarde dat alle betrokken partijen vastbesloten zijn om een permanente oplossing te vinden. Het alternatief – eindeloze confrontaties, eindeloos bloedvergieten – leidt gewoonlijk nergens toe en is in de meeste gevallen voor beide partijen schadelijk.

Met dit in gedachten zouden we het ten zeerste toejuichen als met name de regering van China, maar ook de Dalai Lama, zich ertoe zou verbinden een oplossing te vinden voor de kwestie-Tibet door middel van een dialoog, en we hopen zeer dat een dergelijke dialoog, als hij er komt, tot een succesvolle oplossing van het Tibetaanse probleem zal leiden.

 
  
MPphoto
 
 

  Raül Romeva i Rueda, namens de Verts/ALE-Fractie. (ES) Ondanks het feit dat er sinds 2002 al vijf gespreksronden tussen de regering van de Volksrepubliek China en gezanten van de Dalai Lama hebben plaatsgevonden, is het genoegzaam bekend dat er fundamentele meningsverschillen bestaan die het moeilijk maken om een definitief akkoord te bereiken dat duidelijkheid schept over de situatie van Tibet op een voor alle partijen bevredigende wijze, maar dat tegelijkertijd rechtvaardig en gepast is, vooral voor de Tibetaanse bevolking.

Ik ben echter een van degenen die vinden dat de individuele verantwoordelijkheid van elk van de partijen voor het niet bereiken van een akkoord onvergelijkbaar is.

De Dalai Lama heeft, als de spirituele leider van het Tibetaanse volk, bij verschillende gelegenheden te kennen gegeven dat hij bereid is tot een dialoog en bereid is om een akkoord te sluiten, en hij heeft er zelfs van afgezien om volledige onafhankelijkheid te eisen. In plaats daarvan vraagt hij nu een werkelijke autonomie, waarin de etnische, linguïstische, culturele en religieuze identiteit van Tibet wordt gerespecteerd.

In dit verband denk ik dat het nu de Chinese regering is die haar goede wil moet tonen en in ieder geval zou moeten instemmen met de hervatting van de dialoog, met het oog op het sluiten van een goed definitief akkoord.

Daarom dring ik er bij de Europese Commissie, de Raad en de lidstaten op aan om alle ruimte te benutten die er is om een nieuwe Chinees-Tibetaanse gespreksronde op gang te brengen, en ik denk dat het met name fundamenteel is, zoals al is gezegd, om de onderhandelingen over een kaderovereenkomst voor samenwerking tussen de Europese Unie en China, die op 17 januari van dit jaar zijn begonnen, te gebruiken om duidelijk te maken dat de Gemeenschap vasthoudt aan een dialoog en een rechtvaardige en duurzame oplossing voor Tibet.

 
  
MPphoto
 
 

  Koenraad Dillen, namens de ITS-Fractie. – Voorzitter, wanneer het over de mensenrechten in China gaat, gelden dikwijls andere normen dan wanneer het over andere landen gaat waar geen lucratieve commerciële contracten te rapen vallen. "Erst das Fressen und dann die Moral", is maar al te jammer het motto dan.

Bij het lezen van de desbetreffende resoluties, die niet alleen de standpunten van de verschillende fracties aangaande deze dialoog weergeven, maar ook verwijzen naar de houding van het officiële Europa, heb ik als Vlaming toch enkele bedenkingen.

Politici die gisteren en eergisteren inzake het verslag-Fava terecht nog hamerden op de mensenrechten en zwaaiden met het volkenrecht, hebben het nu plots over de noodzaak van respect voor de Chinese soevereiniteit. Over de illegale bezetting en daaropvolgende annexatie van Tibet geen woord. Over de massale mensenrechtenschendingen, geen woord. Over de steeds verdergaande uitsluiting van de Tibetanen van het bestuur van hun gebied, geen woord. Over het in 2005 gelanceerde Namdrang Rangdrik-programma, waarbij Tibetanen hun huizen moeten afbreken en daarna heropbouwen volgens strikt officiële richtlijnen, geen woord.

Schijnheilig luidt het dan dat er voor de toekomst van Tibet naar een oplossing dient te worden gezocht die beide partijen bevredigt. Slachtoffer en beul worden dus als gelijkwaardige gesprekspartners beschouwd. Aan welke kant de EU staat, werd in november 2005 eens te meer duidelijk toen de Chinese president Hu Jintao overal in Europa met veel plechtig vertoon werd ontvangen. Uitgerekend Jintao bezondigde zich aan zeer verregaande mensenrechtenschendingen toen hij tussen december 1988 en maart 1992 secretaris was van de Communistische Partij in Tibet.

De kwestie-Tibet toont andermaal aan dat de Europese retoriek inzake mensenrechten maar al te dikwijls moreel inpakpapier is en dat in werkelijkheid enkel en alleen economische belangen van tel zijn. Wij moeten de lafheid en schijnheiligheid van dit Europa, van dit mercantiele Europa, dat de zijde kiest van onderdrukkers tegen onschuldige volkeren, steeds aan de kaak durven blijven stellen.

 
  
MPphoto
 
 

  Ján Figel’, lid van de Commissie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil u bedanken voor uw krachtige steun voor de mensenrechten. Ik ga ervan uit dat de geachte afgevaardigden eenzelfde sterke nadruk op de fundamentele mensenrechten en universele waarden hebben opgemerkt in de recente mededeling van de Commissie en in de conclusies van de Raad over China. Hieruit blijkt dat dit een belangrijke prioriteit van de Europese Unie is en zal blijven in onze betrekkingen met dat land.

We delen de zorgen die zijn uitgesproken in de gezamenlijke resolutie over de mensenrechtensituatie in Tibet en in het bijzonder over het behoud van de culturele, religieuze en linguïstische identiteit van het Tibetaanse volk. De Europese Unie heeft deze kwestie regelmatig aan de orde gesteld in het kader van de bilaterale dialoog over de mensenrechten, evenals op het hoogste politieke niveau, zoals tijdens onze bilaterale topontmoetingen en bijeenkomsten van hoge functionarissen. Ook de vorige Voorzitter van het Europees Parlement, de heer Borrell, heeft de kwestie ter sprake gebracht toen hij vorig jaar China bezocht.

Met betrekking tot het recente schietincident dat de heer Czarnecki noemde, wil ik u meedelen dat deze zaak formeel aan de orde is gesteld tijdens de meest recente bijeenkomst in het kader van de dialoog over de mensenrechten tussen de EU en China, die in oktober 2006 in Peking is gehouden, en ook tijdens de diplomatieke vervolgbijeenkomst in december 2006. Bij beide gelegenheden heeft de EU er bij de Chinese autoriteiten op aangedrongen een grondig onderzoek naar dit incident in te stellen en heeft zij de Chinese bewering dat het om zelfverdediging ging tegengesproken. We zullen deze kwestie nauwlettend volgen. Ik ben het eens met de heer Matsakis dat bloedvergieten nergens toe leidt.

De Commissie heeft dit Parlement regelmatig op de hoogte gehouden van haar beleid inzake Tibet en zal dat ook blijven doen. Zoals commissaris Fischer Boel in oktober 2006 in dit Parlement heeft beklemtoond, heeft de EU consistent vastgehouden aan de opvatting dat een rechtstreekse dialoog tussen de Dalai Lama en de Chinese autoriteiten de enige realistische manier is om een vreedzame en permanente oplossing te vinden voor de kwestie-Tibet, die hopelijk zal leiden tot erkenning van de volledige autonomie van de Tibetaanse regio. We hebben daarom de vijf gespreksronden die hebben plaatsgevonden tussen de speciale gezanten van de Dalai Lama en de Chinese regering nauwlettend gevolgd. In verband hiermee onderhouden functionarissen van de EU regelmatig contacten met de twee speciale afgezanten, waarvan het meest recente in november 2006 heeft plaatsgevonden. Zelfs in dit Parlement lopen de meningen over de benoeming van een bijzondere EU-vertegenwoordiger uiteen. We hebben onze twijfels over het nut van een dergelijke benoeming, omdat waarschijnlijk verhinderd zal worden dat een bijzondere vertegenwoordiger in de praktijk echte invloed zal kunnen uitoefenen of een belangrijke rol zal kunnen spelen in deze dialoog. Er zijn twee partijen nodig om deze dialoog te kunnen voortzetten en verdiepen.

We zijn het met de geachte afgevaardigden eens dat deze dialoog op regelmatige basis moet plaatsvinden en een wezenlijke inhoud moet hebben, en dat de respectieve partijen zich moeten onthouden van het nemen van stappen die het scheppen van een klimaat van vertrouwen zouden kunnen schaden. We nemen er nota van dat aan Tibetaanse zijde de bereidheid bestaat om de dialoog spoedig te hervatten en we hopen dat de Chinezen die bereidheid ook hebben. De Europese Unie zal kosten nog moeite sparen om bij iedere gelegenheid te benadrukken hoe belangrijk deze dialoog voor beide partijen is.

Ik wil u ook bedanken voor uw aandacht en belangstelling voor deze zaak en voor uw steun, vooral via deze resolutie, omdat die steun zal helpen in het proces.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. Het debat is gesloten.

De stemming vindt aansluitend op de debatten plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 142)

 
  
MPphoto
 
 

  Hannu Takkula (ALDE), schriftelijk. (FI) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik mijn dank uiten voor deze gezamenlijke ontwerpresolutie, die naar mijn mening goed, onpartijdig en relevant is. Wij moeten constructieve oplossingen zien te vinden voor de al jarenlang slepende kwestie-Tibet.

De ontwerpresolutie is gericht op het vinden van een oplossing voor de kwestie-Tibet die in overeenstemming is met het zelfbeschikkingsrecht van China en die de rechten van het Tibetaanse volk eerbiedigt. Dit is naar mijn mening de juiste benadering. Wij hebben een constructief en vreedzaam proces nodig, waarin wordt erkend dat de Tibetaanse bevolking recht heeft op haar eigen cultuur en religie. Als burgers van Europa en de wereld moeten wij ervoor zorgen dat de fundamentele rechten van de mens overal ter wereld worden gerealiseerd. In dit verband is het te hopen dat de culturele en religieuze rechten van de mens ook in Tibet niet worden ingeperkt. Het is te hopen dat er tussen Tibet en China een dialoog tot stand kan komen die leidt tot een oplossing die alle partijen tevredenstelt.

Ik hoop dat wij in de toekomst praktische oplossingen vinden die de regionale onschendbaarheid van China respecteren, maar tegelijkertijd tegemoetkomen aan de wensen van het Tibetaanse volk. Ik weet niet of dit te veel gevraagd is, maar wij in de Europese Unie moeten er alles aan doen om zo'n vreedzaam samenleven tot stand te brengen.

 
  
MPphoto
 
 

  Bernd Posselt (PPE-DE) . – (DE) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag een beroep doen op het Reglement. Wij hebben ons er vaak over beklaagd dat de Raad niet aanwezig is bij onze mensenrechtendebatten op donderdagmiddag. Vandaag is het Duitse voorzitterschap hier echter wel degelijk vertegenwoordigd in de persoon van de Duitse regeringscommissaris voor de mensenrechten, de heer Nooke, in het verleden zelf een burgerrechtenactivist in de voormalige DDR. Voorwaar een kleine sensatie. Dat is zeer verheugend, en het zou me veel genoegen doen als we er in het kader van de trialoog op zouden kunnen aandringen dat de aanwezigheid van de Raad bij de mensenrechtendebatten op donderdagmiddag – de heer Nooke is hier vandaag als waarnemer – in de toekomst een vaste traditie wordt. In elk geval dank ik de heer Nooke dat hij hier vandaag naartoe is gekomen.

(Applaus)

 
  
MPphoto
 
 

  Marios Matsakis (ALDE). (EN) Mijnheer de Voorzitter, de bijdrage van de heer Posselt was geen beroep op het Reglement, maar we zijn het volledig met hem eens.

 
  

(1) Zie notulen.

Laatst bijgewerkt op: 18 april 2007Juridische mededeling