Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2005/0127(COD)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

A6-0073/2007

Debatten :

PV 23/04/2007 - 18
CRE 23/04/2007 - 18

Stemmingen :

PV 25/04/2007 - 11.2
CRE 25/04/2007 - 11.2
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0145

Debatten
Woensdag 25 april 2007 - Straatsburg Uitgave PB

12. Stemverklaringen
PV
  

- Verslag-Lichtenberger (A6-0060/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Deze overeenkomst houdt verband met het reeds in gang gezette initiatief voor een Gemeenschappelijk Europees Luchtruim. Eén van de centrale aspecten van deze overeenkomst is - net als bij andere overeenkomsten van deze aard het geval is - de geleidelijke liberalisering van het vervoer tussen de partijen, wat eufemistisch het "aanpassen" van de overheidsmonopolies wordt genoemd.

Wij herhalen daarom onze gehechtheid aan het beginsel dat iedere staat zelf behoort te kunnen beslissen hoe het luchtvervoer wordt geregeld en welke regels er bij het verlenen van deze diensten dienen te worden gerespecteerd. Dat betekent ook dat de staat zichzelf kan aanwijzen als de belangrijkste verlener van dit type diensten.

We wijzen er opnieuw op dat acties die binnen het kader van dit soort overeenkomsten worden ontwikkeld, op het samenwerkingsbeginsel moeten zijn gebaseerd, met respect voor de soevereiniteit van de staten, ook als het gaat om het beheer van het eigen luchtruim.

De liberalisering van het luchtverkeer heeft geleid tot kwaliteitsvermindering bij de dienstverlening en ondermijning van de rechten van de werknemers in deze strategische sector. Die liberalisering heeft intussen wel de belangen van de grote internationale ondernemingen gediend. In deze sector heeft namelijk concentratie plaatsgevonden, ten koste van de kleinere ondernemingen.

Tot slot wijzen we erop dat wij het onbegrijpelijk vinden dat de Missie van de Verenigde Naties voor interim-bestuur in Kosovo als partij aan deze overeenkomst deelneemt.

 
  
  

- Aanbeveling-Costa (A6-0134/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Daniel Hannan (PPE-DE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, hoe vaak horen we niet het argument dat, omdat een bepaald beleidsterrein een internationale dimensie heeft, we Europese wetgeving nodig hebben? Dat argument klinkt op het eerste gezicht plausibel, maar is bij nadere beschouwing misleidend, en nergens blijkt dit duidelijker dan in het luchtvaartbeleid.

Dit is zonder meer een onderwerp met grensoverschrijdende aspecten, maar zoals we in dit verslag hebben kunnen lezen, hebben we eerder een internationale dan supranationale aanpak nodig, waarbij niet alleen EU-landen, maar ook landen van buiten de EU zijn betrokken.

Dit is ongetwijfeld een beter model voor de organisatie van ons continent dan een model waarbij alles wat grensoverschrijdend is, vanuit Brussel wordt geregeld. Laten we dit ook op andere gebieden dan de luchtvaart toepassen.

 
  
MPphoto
 
 

  Jörg Leichtfried (PSE), schriftelijk. - (DE) Ik heb voor de verordening betreffende de veiligheid in de burgerluchtvaart gestemd.

Verder wil ik er voor pleiten dat de gedetailleerde maatregelen, bijvoorbeeld het verbod op drank en vloeistoffen aan boord, na zes maanden opgeheven worden. De huidige toestand, waarbij de luchthavens deze regeling op een uiteenlopende en onprofessionele manier toepassen, waardoor veel reizigers niet weten welke voorwerpen ze wel mogen meenemen en welke regels echt van toepassing zijn, is niet houdbaar en zorgt voor begrijpelijke wrevel bij de bevolking. Het is absoluut noodzakelijk om de reizigers precieze informatie te geven over de rechten en plichten van het veiligheidspersoneel op de luchthaven, zodat een rustige en efficiënte werking van de luchthaven gegarandeerd kan worden.

Wanneer een lidstaat hier niet mee instemt, moeten wij van tevoren een grondige beoordeling van het veiligheidsrisico en een grondige toetsing van de kosten en gevolgen van deze maatregel voor de luchtvaart krijgen.

 
  
MPphoto
 
 

  Bogusław Liberadzki (PSE), schriftelijk. - (PL) Ik stem voor de aanbeveling voor een gemeenschappelijk standpunt van het Europees Parlement en de Raad betreffende gemeenschappelijke regels op het gebied van de beveiliging van de burgerluchtvaart en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2320/2002.

De heer Paolo Costa heeft er terecht op gewezen dat de extra veiligheidsmaatregelen die de Commissie voorstelt, niet inhouden dat er gewapende beveiligingsagenten aan boord van vliegtuigen moeten zijn. Volgens de rapporteur is een besluit daarover een zaak van de bevoegde autoriteiten in de lidstaat.

Het probleem van de financiering van de extra veiligheidsmaatregelen wordt ook op een goede manier aangepakt. De kosten van de beveiliging moeten gedeeltelijk worden betaald door de lidstaten en niet alleen door de luchtvaartmaatschappijen, zoals de Europese Commissie had voorgesteld. Alle kosten in verband met de beveiliging aan boord, die in de prijs van een vliegticket zijn inbegrepen, moeten afzonderlijk worden vermeld op het ticket of op een begrijpelijke wijze aan de passagier kenbaar worden gemaakt.

Ik ben het ook eens met het voorstel in het verslag op grond waarvan de speciale instrumenten voor de toepassing van de gemeenschappelijke basisnormen, zoals het besluit van de Europese Commissie om het meenemen van vloeistoffen aan boord te beperken, zes maanden na de inwerkingtreding ervan moeten aflopen. Als ze worden verlengd, zal eerst een gedegen, nieuwe evaluatie van de veiligheidsrisico’s en de kosten van deze maatregelen moeten worden gemaakt.

 
  
MPphoto
 
 

  David Martin (PSE), schriftelijk. - (EN) Ik heb tegen alle amendementen gestemd waarmee beoogd werd om het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart een rol te geven in de beveiliging van de luchtvaart. Dat is een afzonderlijke kwestie en die twee kwesties mogen niet met elkaar worden verward.

 
  
MPphoto
 
 

  Luís Queiró (PPE-DE), schriftelijk. - (PT) Het versterken van de gemeenschappelijk regels voor de veiligheid in de lucht is één van de belangrijkste doelstellingen van het vervoersbeleid.

We moeten op basis van duidelijke doelstellingen een heel nauwkeurig antwoord formuleren op terroristische bedreigingen. De veiligheid van reizigers dient op de best denkbare wijze te worden gegarandeerd en we moeten terroristische misdaden onvermoeibaar blijven bestrijden.

Onze belangrijkste doelstelling dient daarom te bestaan in het formuleren van doeltreffende, duidelijke en samenhangende Europese bepalingen.

Er moet nog steeds een aantal belangrijke zaken worden opgelost, zoals de verdeling van de kosten voor de veiligheid van het luchtverkeer, het feit dat één of meer staten strengere regels opleggen dan andere, of het meenemen van vloeistoffen aan boord. We moeten bij het oplossen van deze problemen echter steeds blijven vasthouden aan onze belangrijkste doelstelling: het verzekeren van de veiligheid van onze burgers (ook als dat negatieve gevolgen heeft voor het comfort en de stiptheid van de luchtvervoerdiensten). We moeten dus een evenwicht zien te vinden tussen deze twee factoren - de veiligheid en de kwaliteit van het luchtverkeer. Wat hebben we aan vervoer van goede kwaliteit als dat vervoer niet voldoet aan strenge veiligheidseisen?

 
  
  

- Verslag-Seeber (A6-0064/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Met deze richtlijn wordt beoogd een wetgevend kader te scheppen voor de beoordeling en het beheer van overstromingsrisico's, en daarbij de bescherming van de menselijke gezondheid, het milieu, het cultureel erfgoed en de economische bedrijvigheid te garanderen. Voor de verwezenlijking van dit doel wordt gekozen voor een drieledige aanpak: als eerste stap wordt een overstromingsrisicobeoordeling gemaakt om gebieden die gevaar lopen aan te wijzen, vervolgens worden zogeheten overstromingsrisicokaarten opgesteld en daarna worden er plannen opgesteld voor het beheer van de overstromingsrisico's in de betrokken stroomgebieden.

We hebben geen kritiek op de beginselen en de doelstellingen van dit voorstel voor een richtlijn. We vragen ons echter af waarom er geen gelijkaardig instrument wordt gecreëerd voor met droogte verband houdende problemen. Droogte treft jaarlijks miljoenen EU-burgers, met vaak ernstige gevolgen voor de landbouw en de watervoorziening aan de burgers.

Dit verzuim is des te laakbaarder als je bedenkt dat het Europees Parlement in zijn resolutie van 18 mei 2006 over natuurrampen de Commissie - onder andere - de aanbeveling heeft gedaan om een strategie voor droogte te ontwikkelen en zo een Europees beleid mogelijk te maken voor het voorkomen en beheren van droogterisico's, waaronder inbegrepen maatregelen om de gevolgen van droogte zoveel mogelijk te beperken.

We hebben vóór dit verslag gestemd. We betreuren het echter dat gemeld verzuim is begaan, en dringen daarom aan op een strategie voor droogte.

 
  
MPphoto
 
 

  Christa Klaß (PPE-DE), schriftelijk. - (DE) Water is een natuurkracht, wanneer we met hoogwater te maken krijgen. Dan zijn onze gezondheid, het milieu, de infrastructuur en onze eigendommen in gevaar. Water kent geen grenzen. Het is belangrijk dat de EU met het voorstel dat nu op tafel ligt voor een “richtlijn betreffende beoordeling en beheer van overstromingsrisico’s” over de grenzen heen oproept tot meer samenwerking. Die samenwerking moet tot stand komen op basis van de beschikbare plannen en informatie van de lidstaten. Deze kaarten en plannen moeten gebaseerd zijn op de best beschikbare gegevens, procedures en technologieën die op het vlak van overstromingsrisicobeheer bestaan.

Ik ben blij dat er over de laatste openstaande vragen overeenstemming is bereikt. Op die manier kan de nieuwe richtlijn snel worden toegepast.

Hoogwater is een steeds aanwezig risico voor de mensen die in een rivierdal wonen. Tot op een bepaalde hoogte kan men zijn eigendom tegen hoogwater beschermen. In een dorp in de buurt van mijn dorp aan de Moezel werd een dijk gebouwd om het dorp te beschermen. Preventieve maatregelen waarbij alle burgers betrokken worden, zijn veel beter en efficiënter.

Het Parlement maakt in het verslag gewag van het solidariteitsbeginsel. Deze solidariteit bestaat in de dorpen als hoogwater op til is. Iedereen helpt elkaar, en de vrijwillige brandweer treedt op met indrukwekkend engagement. Dit solidariteitsbeginsel moet uitgebouwd en ondersteund worden, over de grenzen van de betrokken dorpen heen.

 
  
MPphoto
 
 

  Luís Queiró (PPE-DE), schriftelijk. - (PT) Gemeenschappelijk optreden op het gebied van klimaatverandering zijn voor de toekomst van het grootste belang. Daarom geloof ik dat de maatregelen van de communautaire instellingen en de lidstaten geen specifieke maatregelen mogen zijn, die uitsluitend op bepaalde verschijnselen zijn gericht, zonder aandacht voor de al de andere.

Ik moet dus aandringen op geïntegreerde maatregelen voor klimatologische verschijnselen. Als we stemmen over het beoordelen en beheren van overstromingsrisico's verliezen we uit het oog - en dat zou toch eigenlijk duidelijk moeten zijn - dat overstromingen vaak worden gevolgd of voorafgegaan door andere verschijnselen, zoals droogte of branden.

 
  
MPphoto
 
 

  Frédérique Ries (ALDE), schriftelijk. - (FR) Een knipoog van de natuur: terwijl Noord-Europa in april 2007 getroffen wordt door een ongekende hittegolf, zegt op dit middaguur het Europees Parlement JA tegen een betere coördinatie van de lidstaten bij de bestrijding van overstromingen.

Dat is een concreet antwoord op de steeds frequenter en dramatischer wordende natuurrampen op ons grondgebied. Mijn Belgische landgenoten zullen zich nog de overstromingen van december 2002 herinneren, waarbij ik natuurlijk ook de overstromingen in Midden- en Oost-Europa gedurende de zomer van 2002 en die van 2005 niet onvermeld mag laten. Die twee drama’s rechtvaardigden de activering van het Europees mechanisme voor civiele bescherming.

Daarom ben ik ingenomen met de coördinatietaken waarvan de Commissie zich bij het beheer van grote natuurrampen kwijt via het Informatie- en Controlecentrum in Brussel.

Een suggestie: met het oog op de efficiëntie zou het Europees Centrum gecoördineerd moeten worden met de meteorologische instituten en de diensten van waterstaat van de zevenentwintig lidstaten.

Om te voorkomen dat Europa te vaak met de voeten in het water staat, en om te doen waar het verslag-Seeber om vraagt, is het mijns inziens hoogstnoodzakelijk dat in de risicobeheersplannen rekening wordt gehouden met bouwvergunningen in overstromingsgebieden, ontbossing of landbouw.

 
  
  

- Verslag-Mikolášik (A6-0031/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Miroslav Mikolášik (PPE-DE). - (SK) We hebben zojuist gestemd over een verslag, waarin ik opriep tot aanneming van een tekst en van amendementen die, zowel nu als in de toekomst, uitsluiten dat alle EU-lidstaten gedwongen kunnen worden in te stemmen met het gebruik van menselijke embryo’s voor onderzoek en mogelijk voor behandeling, met het creëren van menselijk-dierlijke hybrides die voor hun weefsels worden verhandeld en met ingrepen in de menselijke kiembaan.

Uit het stemgedrag van de meerderheid van dit Parlement wordt duidelijk dat er een tekst is aangenomen die vooralsnog ethisch neutraal is, maar dat slechts zal blijven zolang er geen op stamcelonderzoek gebaseerde producten op de markt komen. Als mens, vader en arts zal ik altijd aandringen op het recht van naties om af te zien van bovengenoemde praktijken. Ik wijs elke toekomstige mogelijkheid van de handel in menselijke weefsels, het kopen en verkopen van embryo’s, de toepassing van eugenetica of het eugenetisch wijzigen van het menselijk genoom met kracht van de hand.

Op 23 april verzekerde de Europese Commissie ons in het Parlement dat de commercialisering van het menselijk lichaam uit den boze is, omdat deze materie onder de Europese wetgeving valt. Ik kan u verzekeren dat het Europees Parlement en ik er nauwlettend op toe zullen zien dat dit beginsel wordt nageleefd.

 
  
MPphoto
 
 

  Zuzana Roithová (PPE-DE). - (CS) Het Parlement heeft besloten tot de harmonisatie van producten, gentherapie en celtherapie, alsook van weefselmanipulatie Dankzij gecentraliseerde registratie wordt de markt gestandaardiseerd, de kosten verlaagd, het Europese concurrentievermogen versterkt en de hoop op de genezing van ernstige ziektes aanzienlijk vergroot. Tot zover de voordelen.

Waar ik het echter diametraal mee oneens ben, is het feit dat een aantal collega’s vandaag geweigerd heeft te bepalen wat nu wel en wat nu geen veilige experimenten met het menselijk genoom zijn. De Europese liberalen, socialisten en extreem links hebben met hun weigering om goedkeuring te verlenen aan onze amendementen, die tot doel hadden de productie van chimaera’s, oftewel de transplantatie van menselijk DNA in dierenembryo’s te verbieden, het advies van wel drie deskundige commissies in de wind geslagen. Ook is er nu ruimte ontstaan voor de manipulatie van menselijke embryo’s en de handel in delen van het menselijke lichaam. Ik vraag u, volgens welke criteria vindt straks de registratie in Londen plaats?

Hoe kunnen we nu ons doel van een gemeenschappelijke markt bereiken, wanneer in een aantal oude lidstaten het klonen van mensen met dieren en andere experimenten die een bedreiging vormen voor de mensheid, geen strafbaar feit vormen? Helaas heeft een aantal landen totnogtoe niet eens het Verdrag inzake de rechten van de mens en de diergeneeskunde geratificeerd. Mijn “nee” bij de eindstemming is een kwestie van puur gezond verstand, dat mij zegt dat dit een buitengewoon onverantwoordelijk en overhaast besluit is.

 
  
MPphoto
 
 

  Jim Allister (NI), schriftelijk. - (EN) Ik heb vandaag voor het pakket amendementen gestemd dat is bedoeld om belangrijke ethische waarborgen in te bouwen in de wetgeving inzake geneesmiddelen voor geavanceerde therapie. De amendementen zijn bedoeld om het beginsel van non-commercialisatie van het menselijk lichaam of delen daarvan te beschermen door de donatie van weefsel en cellen te laten plaatsvinden op vrijwillige en onbetaalde basis, om alle ingrepen in de menselijke kiembaan te verbieden die kunnen worden doorgegeven aan toekomstige generaties en om te waarborgen dat geen enkel materiaal dat is afgeleid van menselijk-dierlijke hybride embryo’s of chimaera’s kan worden gebruikt voor onderzoek. Tot slot verwelkom ik het amendement over het subsidiariteitsbeginsel, dat in dit geval aan de lidstaten de rechtszekerheid geeft om het gebruik van bepaalde, ethisch controversiële cellen te verbieden of te beperken.

 
  
MPphoto
 
 

  Hiltrud Breyer (Verts/ALE), schriftelijk. - (DE) De meerderheid van het Europese Parlement heeft zich door een alliantie van sociaal-democraten, Europese Commissie en Duitse Bondsregering laten verblinden en het licht op groen gezet voor de juridisch vage regeling inzake geavanceerde therapieën. Dit is een uitverkoop van waarden. Het is een schande dat de afgevaardigden het duidelijke verbod op het in de handel brengen van het menselijk lichaam, op ingrepen in de kiembaan en het creëren van menselijk-dierlijke hybriden gewoon van tafel vegen.

De Bondsregering heeft door intensief lobbywerk onze stemming zeer sterk beïnvloed. Als huidig voorzitter van de Raad draagt de Bondsregering eraan bij dat de Europese waarden, die nog zoveel betekenis kregen in de Verklaring van Berlijn, vernield worden en dode letter worden.

Enkel het voorstel van de Commissie juridische zaken van het Europese Parlement (waarvoor is rapporteur was) om menselijke stamcellen uit embryo’s uit het toepassingsgebied van de verordening te halen, had voor juridische duidelijkheid en zekerheid kunnen zorgen. Het vermoeden is bevestigd dat vertegenwoordigers van de Bondsregering via de Europese Unie de Duitse wetgeving op stamcellen teniet willen doen. De uitzonderingsregeling van de Europese Commissie, die het Parlement nu in beginsel steunt, is juridisch gezien niet hard te maken.

Het Europese Parlement heeft nu een stap achteruit gezet ten opzichte van de bestaande Europese consensus over het Handvest van de grondrechten van de EU en de jurisprudentie inzake de bio-octrooirichtlijn. Het Europese Parlement heeft de deur open gezet voor de commercialisering van de mens. Laten we hopen dat andere EU-landen in de Raad de moed zullen hebben de vandaag ingeluide bioethische glijbaan te doen stoppen en het tij te doen keren.

 
  
MPphoto
 
 

  Niels Busk, Anne E. Jensen en Karin Riis-Jørgensen (ALDE), schriftelijk. - (DA) Stemverklaring namens Karin Riis-Jørgensen, Anne E. Jensen en Niels Busk, ALDE-Fractie.

Er zijn enige ethische amendementen ingediend, die geheel overbodig zijn, en die er hooguit toe leiden dat ze verknoeien waar het in deze zaak nu net om gaat.

Het beginsel van de donatie van weefsel en cellen zonder betaling is reeds neergelegd in de richtlijn inzake weefsel en stamcellen. Wij steunen dit beginsel, dat zowel vóór als tijdens en na deze stemming van kracht is.

De lidstaten hebben beslissingsbevoegdheid in ethische kwesties, en die bevoegdheid moeten ze behouden.

 
  
MPphoto
 
 

  Marco Cappato (ALDE), schriftelijk. - (IT) Wij hebben samen met de Sociaal-democratische Fractie in het Europees Parlement en de Confederale Fractie Europees Unitair Links/Noords Groen Links voor de compromisamendementen van de Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa gestemd, omdat wij geloven dat alleen een snelle uitvaardiging van een Europese regeling inzake geavanceerde therapieën borg kan staan voor de vrijheid van het wetenschappelijk onderzoek en garanties kan bieden aan miljoenen burgers die wachten op doeltreffende behandelingen. Artsen en onderzoekers moeten kunnen opereren in de context van een duidelijke wetgeving, van een wetgeving die hun werk op Europese grondslag erkent en toegang tot behandeling verleent aan alle zieken die dat nodig hebben.

Het Parlement heeft met grote meerderheid de zogeheten “ethische amendementen” verworpen. Deze amendementen waren in feite tegen de wetenschap gericht, en waren alleen maar bedoeld om aan de rem te trekken en te voorkomen dat er een regeling werd aangenomen die de zieken meer hoop geeft en het Europees wetenschappelijk onderzoek functioneler en concurrerender maakt.

De zogenaamd ethische bezwaren zijn ruimschoots achterhaald door het feit dat de onafhankelijkheid van de lidstaten de mogelijkheid openlaat om het wetenschappelijk onderzoek beperkingen op te leggen, zoals in Italië nog steeds gebeurt met het gebruik van embryonale stamcellen. De stemming van vandaag is dus alleen maar een noodzakelijke stap om de Europese burgers gelijke toegang tot behandeling te garanderen. Dit opent perspectieven voor de velen die momenteel gedwongen worden dure reizen te ondernemen om een geschikte behandeling te vinden, en tegelijkertijd wordt daarmee de vrijheid van wetenschap versterkt.

 
  
MPphoto
 
 

  Bairbre de Brún (GUE/NGL), schriftelijk. - (EN) Ons stemgedrag van vandaag, met name met betrekking tot bloc 3, is gebaseerd op een aantal factoren, waaronder de opvatting dat dit soort kwesties op nationaal niveau moet worden geregeld en het feit dat onze partij nog geen officieel standpunt heeft ingenomen ten aanzien van een aantal vraagstukken die naar aanleiding van de stemming van vandaag aan de orde zijn gekomen.

 
  
MPphoto
 
 

  Robert Goebbels (PSE), schriftelijk. - (FR) Ik heb steun gegeven aan alle amendementen waarin een lans wordt gebroken voor geavanceerde therapieën en met name voor producten van celtherapie. Ik heb tegen de amendementen van de eeuwig reactionaire mensen gestemd die de verdediging van wordend leven, van het embryo, als voorwendsel gebruiken om een verbod uit te vaardigen op elk gebruik van cellen die - zelfs indirect - van embryo’s afkomstig zijn. De verdedigers van wordend leven willen dat elke embryonale cel als heilig wordt vereerd. Daarbij verliezen zij echter het reeds gevormde leven, de genetische ziekten en al het menselijk lijden uit het oog, die vermeden of verlicht kunnen worden dankzij geavanceerde therapieën.

 
  
MPphoto
 
 

  Marianne Thyssen (PPE-DE), schriftelijk. - Voorzitter, ik heb vóór, wat ik gemakshalve het pakket van de triloog zal noemen, gestemd. Wij willen met deze wetgeving en deze aanpak zieke of lijdende mensen zo snel mogelijk de kans geven om gebruik te maken van nieuwe geavanceerde therapieën. Ik heb het voorstel voor een verordening en de amendementen goed bekeken en kom tot de conclusie dat wij, zonder in te grijpen in de autonomie van de lidstaten, met een goed geweten deze wetgeving konden goedkeuren.

Ik ben dan ook blij, en met ons vele patiënten, dat de stemming goed is afgelopen.

 
  
MPphoto
 
 

  Thomas Ulmer (PPE-DE), schriftelijk. - (DE) Ik stem voor het verslag, ook al zullen niet alle amendementen van de Commissie Juridische Zaken overgenomen en positief beoordeeld worden. De ethische kwestie is subsidiair voldoende geregeld. De regeling, die bijna enkel producten betreft die ethisch omstreden zijn, moet van kracht worden om patiëntenbescherming en patiëntenveiligheid in Europa te garanderen.

Ik spreek me uit tegen de commercialisering van het menselijk lichaam of delen hiervan.

 
  
MPphoto
 
 

  Anna Záborská (PPE-DE), schriftelijk. - (DE) Met het zogenaamde “compromispakket” van communisten, socialisten en liberalen worden belangrijke eisen op basis van gemeenschappelijke ethische normen afgewezen. Bovendien wordt de verantwoordelijkheid die de lidstaten hebben op het gebied van de nationale gezondheidszorg ondermijnd.

Het aangenomen compromis is helemaal niet doeltreffend. Kleine en middelgrote ondernemingen, die op nationaal niveau samenwerken met ziekenhuizen, worden uitgesloten van de vereiste inzake een Europese vergunning. Andere bedrijven worden echter gedwongen om naar het Bureau in Londen te gaan. Het compromis is gedicteerd door de grote industrie en de ziekenhuislobby en druist in tegen de belangen van de middenstand.

Bovendien verliezen de lidstaten hun zelfstandigheid op het vlak van de volksgezondheid, want een Bureau in het Verenigd Koninkrijk beslist nu of geneesmiddelen al dan niet worden toegelaten. Dit is in tegenspraak met de subsidiariteit en met de nationale verantwoordelijkheid op essentiële vlakken zoals volksgezondheid en consumentenbescherming.

We hebben de kans voorbij laten gaan om de ethische basisbeginselen voor heel Europa vast te leggen. Tot hiertoe was het zo dat ingrepen in de menselijke kiembaan in Europa niet ondersteund werden en dat de commercialisering van het menselijk lichaam en van lichaamsdelen dus uitgesloten was. Het bereikte compromis wijst deze beginselen van eerbiediging van het menselijk leven van de hand. Er zijn echter essentiële aspecten die een onzuiver politiek compromis niet dulden. De manipulatie van het menselijk leven is er daar één van. Daarom stem ik tegen dit verslag.

 
  
  

- Verslag-Zingaretti (A6-0073/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Andreas Mölzer (ITS). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, ik heb tegen het verslag-Zingaretti gestemd, hoewel bescherming van intellectuele eigendom natuurlijk belangrijk en voor bedrijven een essentiële factor voor succes is. Als de Europese Unie de bescherming van intellectuele eigendom - die is verankerd in het Handvest van de grondrechten - ernstig wil aanpakken, moet zij krachtiger optreden tegen de schending hiervan, bijvoorbeeld in China. In plaats van het probleem eindelijk op grote schaal aan te pakken, wil men blijkbaar nieuwe uitvindingen tegenhouden en schendingen door particulieren zonder duidelijk winstoogmerk bestraffen als misdrijf. Dat is immers precies het gevolg van de richtlijn in deze vorm. De huidige vage formuleringen kunnen volgens mij schadelijk zijn voor de concurrentiekracht, de economische groei inperken en de deur openzetten voor censuur.

 
  
MPphoto
 
 

  Zuzana Roithová (PPE-DE). - (CS) Graag zou ik willen toelichten waarom ik tegen de richtlijn inzake strafrechtelijke maatregelen om de handhaving van intellectuele eigendomsrechten te handhaven, heb gestemd. De oorspronkelijke intentie was goed, en ook ben ik een zeer warm voorstander van sancties tegen namaak en merkenpiraterij.

Helaas echter maakt de uiteindelijk vorm waarin de richtlijn is gegoten, deze zo goed als tandeloos tegenover namaak uit Azië. Erger nog, de paragrafen in kwestie bieden de mogelijkheid tot misbruik in de concurrentiestrijd, in plaats van dat innovatieve ondernemers bescherming wordt geboden. Het gaat zelfs zo ver dat Europese bedrijven in de toekomst flinke klrachten aan hun broek kunnen krijgen, bijvoorbeeld van Aziatische vervalsers. De Unie zou zich juist moeten inzetten voor naleving van intellectuele eigendomsrechten buiten haar grenzen, en niet haar eigen burgers en ondernemers moeten criminaliseren.

Wat ik ook helemaal niet zie zitten is het feit dat de Unie voor het eerst in haar bestaan door middel van een richtlijn ingrijpt in het strafrecht van de lidstaten. Ik ben ertegen dat de Unie in landen zoals de Tsjechische Republiek, waar het rechtssysteem niet in deze mogelijkheid voorziet, rechtspersonen strafrechtelijk verantwoordelijk maakt. Ik ben er fel tegen gekant dat op basis van de zogeheten “afgeleide strafrechtelijke aansprakelijkheid” normale burgers, journalisten, wetenschappers, gewone consumenten en dergelijke een straf kunnen oplopen.

Tot slot wil ik verzoeken om mijn eerste stemming over artikel 43 en 44 te corrigeren. Ik was voor, dus het rode lichtje brandde ten onrechte.

 
  
MPphoto
 
 

  Jan Andersson, Göran Färm, Anna Hedh, Inger Segelström en Åsa Westlund (PSE), schriftelijk. - (SV) Wij hebben bij de eindstemming voor de amendementen 43 en 44 gestemd en tegen het verslag, omdat wij vinden dat onvoldoende bewezen is dat er in het kader van de eerste pijler een rechtsgrondslag is voor gemeenschappelijke strafrechtelijke bepalingen op het gebied van intellectuele-eigendomsrechten. Er zijn vraagtekens geplaatst bij de ruime interpretatie door de Commissie van het arrest van het Hof van Justitie in zaak C-176/03, en dit arrest kan niet zomaar zonder nader onderzoek mede van toepassing worden geacht op het gebied van het recht inzake intellectuele-eigendom.

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Pierre Audy (PPE-DE), schriftelijk. - (FR) Ik heb mijn stem gegeven aan het uitstekende verslag van collega Zingaretti over het gewijzigd voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake strafrechterlijke maatregelen om de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten te waarborgen. Natuurlijk heeft de Europese Commissie, afgezien van het voeren van onderhandelingen met de lidstaten, geen strafrechtelijke bevoegdheid, en mag deze ook niet hebben. De strafrechtspraak is een zaak voor de volkeren en niet voor de Europese Unie. Dat betekent niet dat er geen richtlijnen uitgevaardigd mogen worden met aanwijzingen aan het adres van de lidstaten met betrekking tot het waarborgen van een effectieve toepassing van het communautair recht. Dit geldt bijvoorbeeld voor octrooien en meer algemeen voor intellectuele eigendom, waar een betrouwbaar en nageleefd Europees rechtskader broodnodig is. Namaak, piraterij, kopiëren, diefstal, enzovoort, zijn te ernstig om ongestraft te laten.

 
  
MPphoto
 
 

  Marco Cappato (ALDE), schriftelijk. - (IT) Als radicale leden van de Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa Fractie hebben wij samen met onze fractie tegen het verslag van de heer Zingaretti gestemd. Volgens ons moet er namelijk voorzichtig en evenwichtig worden opgetreden, nu voor de eerste keer strafmaatregelen worden toegepast op de schendingen van auteursrechten, maar in de aangenomen amendementen is daar niets van terechtgekomen.

De strijd tegen internationale misdaadorganisaties die zich bezondigen aan namaak, is uiteraard een prioriteit, maar het risico dat tientallen miljoenen burgers worden gecriminaliseerd, doordat bijvoorbeeld mensen die gewoon wat muziek downloaden van internet op peer-to-peer-netwerken strafrechtelijk vervolgd kunnen worden, toont dat dit beleid ver van de realiteit staat en een averechts effect sorteert, ook op de bestrijding van misdaadorganisaties.

Als ALDE-fractie hadden wij een aantal praktische amendementen ingediend om het verslag evenwichtiger te maken, door de werkingssfeer van de richtlijn te beperken tot copyright en handelsmerken en door duidelijk te verwijzen naar verzwarende omstandigheden, zoals georganiseerde misdaad of aanslagen tegen de volksgezondheid en de veiligheid, die aanleiding geven tot strafvervolging. Wij hadden ook geprobeerd het mandaat te omschrijven van de “gemeenschappelijke onderzoeksteams”, die de bedrijven de bevoegdheid geven om actief mee te doen aan het onderzoek en de vorming van bewijsmateriaal.

 
  
MPphoto
 
 

  Charlotte Cederschiöld, Lena Ek, Christofer Fjellner, Gunnar Hökmark, Anna Ibrisagic, Olle Schmidt, Anders Wijkman en Lars Wohlin (PPE-DE), schriftelijk. - (SV) De PPE-DE-Fractie heeft gestemd tegen het verslag-Zingaretti, omdat het strafrecht volgens de EU-Verdragen een nationale bevoegdheid is. In de gevallen waarin de lidstaten toch willen samenwerken op dit gebied (bijvoorbeeld bij bepaalde grensoverschrijdende misdaad) moeten de desbetreffende besluiten worden genomen in de Raad, en de rechtsgrondslag moet derhalve terug te vinden zijn in de derde, intergouvernementele pijler (justitie en binnenlandse zaken) en niet in de eerste pijler, die wordt gevormd door het supranationale EG-recht

Zolang we geen Grondwettelijk Verdrag met grondrechten op EU-niveau hebben, kunnen we ook geen gemeenschappelijk Europees strafrecht hebben.

 
  
MPphoto
 
 

  Ole Christensen, Dan Jørgensen, Poul Nyrup Rasmussen, Christel Schaldemose en Britta Thomsen (PSE), schriftelijk. - (DA) De Deense sociaal-democratische leden van het Europees Parlement hebben gestemd voor amendement 43, dat is ingediend door Umberto Guidoni, Jens Holm, Athanasios Pafilis, Vladimir Remek en Ilda Figueiredo namens de GUE/NGL-Fractie.

Onze delegatie is van mening dat de richtlijn onvoldoende kwaliteit heeft. Enerzijds kan men er de georganiseerde misdaad op dit gebied niet afdoende mee bestrijden, wat de bedoeling van het voorstel is, en anderzijds biedt de richtlijn onvoldoende bescherming voor de burgers die de intellectuele-eigendomsrechten onopzettelijk hebben geschonden.

De Deense sociaal-democratische leden van het Europees Parlement hebben zich bij de eindstemming over het voorstel onthouden, omdat de delegatie vindt dat het voorstel in strijd is met de geldende regels. De delegatie wil echter wel benadrukken dat zij de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten steunt.

 
  
MPphoto
 
 

  Brian Crowley (UEN), schriftelijk. - (EN) Ik ben het niet eens met het vandaag genomen besluit op grond waarvan de Europese Unie de bevoegdheid krijgt om strafrechtelijke sancties op te leggen aan mensen die intellectuele-eigendomsrechten schenden.

Ik hoop dat de Raad van de EU een standpunt zal innemen dat tegengesteld is aan het standpunt dat het Europees Parlement vandaag heeft ingenomen. De reden hiervoor is dat we in Ierland een rechtsstelsel hebben dat is gebaseerd op wat wel gewoonterecht wordt genoemd, terwijl veel andere EU-lidstaten een rechtsstelsel hebben dat is gebaseerd op wetboeken. In het Ierse rechtsstelsel geldt dat iemand onschuldig is totdat het tegendeel is bewezen, terwijl in veel andere EU-lidstaten het tegenovergestelde geldt.

We mogen niet toestaan dat er een stelsel wordt ingevoerd waarin de Europese Unie de vrije hand krijgt om strafrechtelijke sancties op te leggen in Europa.

Het Europees Hof van Justitie heeft gezegd dat de EU strafrechtelijke sancties mag opleggen voor ernstige inbreuken op de milieuwetgeving van de EU. De interpretatie van dit arrest mag echter niet betekenen dat de Europese Unie nu naar eigen inzicht strafrechtelijke sancties kan opleggen bij inbreuken op welke maatregel dan ook.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Wij wijzen de rechtsgrondslag die de Commissie heeft gebruikt voor dit voorstel inzake strafrechtelijke maatregelen om de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten te waarborgen, geheel van de hand. We zijn ernstig teleurgesteld over het feit dat ons voorstel tot verwerping niet is aangenomen.

Op basis van een arrest van het Hof van Justitie in een milieuzaak (een arrest dat overigens enige vragen oproept) doet de Europese Commissie een voorstel voor een richtlijn waarin strafrechtelijke maatregelen zijn opgenomen die de lidstaten moeten overnemen indien inbreuk wordt gemaakt op intellectuele-eigendomsrechten. Het strafrecht behoort echter tot de exclusieve bevoegdheid van de lidstaten. We menen daarom dat de Commissie niet bevoegd is om wetgevingsteksten op dit gebied voor te stellen.

We betreuren het dat het merendeel van onze voorstellen is verworpen. Deze waren bedoeld om de kwalijkste aspecten van het voorstel van de Commissie te elimineren, al zijn we bereid toe te geven dat het door de meerderheid aangenomen verslag wel één of twee positieve punten bevat. De algehele balans valt echter negatief uit. Wij vinden het ook onaanvaardbaar dat particulieren deelnemen aan strafrechtelijk onderzoek (zoals de Commissie voorstelt).

Vandaar onze stem tegen.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. - (SV) De Zweedse partij Junilistan heeft er bij diverse gelegenheden op gewezen dat het strafrecht niet tot de bevoegdheid van de EU dient te behoren. Dat is in grote lijnen bevestigd in het arrest van het Hof van Justitie van 13 september 2005, in de zaak C-176/03 Europese Commissie tegen de Raad. De rapporteur vindt daarentegen dat initiatieven op strafrechtelijk gebied op EU-niveau volledig sporen “met de brede interpretatie die de Commissie aan het arrest van het Hof heeft willen geven.”

Het verslag is vanuit juridisch perspectief niet verdedigbaar. Wij hechten grote waarde aan de vrijheid van meningsuiting en aan het recht op de uitwisseling van informatie. Het is duidelijk dat de Commissie en vele leden van het Europees Parlement buigen voor de bijzondere belangen van de machtige muziek- en filmsector. Dat doen ze zonder inachtneming van de duidelijke interpretatie door het Hof van de bevoegdheden van de EU, en tevens zonder inachtneming van de rechtszekerheid van de burgers. Afgezien van een aantal amendementen waar Junilistan zich achter schaart, is het moeilijk om iets te vinden wat in het voordeel van de burgers is, waar het gaat om vrijheid van meningsuiting of de vrijheid van informatie-uitwisseling. Daarom hebben wij besloten om ons te onthouden van stemming over de amendementen waar we de keus hadden tussen twee kwaden.

Junilistan verdedigt de bescherming van het auteursrecht, maar wij vinden het voorstel van de Commissie een bedreiging van de democratie.

Junilistan stemt daarom tegen het verslag in zijn geheel.

 
  
MPphoto
 
 

  David Martin (PSE), schriftelijk. - (EN) Ik heb tegen dit verslag gestemd omdat hiermee beoogd wordt om strafrechtelijke sancties op te leggen aan de eindgebruikers van nagemaakte producten, dat wil zeggen aan de consumenten. Ik ben van mening dat het de producenten van deze goederen zijn die gestraft dienen te worden, niet de consumenten.

 
  
MPphoto
 
 

  Arlene McCarthy (PSE), schriftelijk. - (EN) Ofschoon de Labour-delegatie in het Europees Parlement is ingenomen met het werk van de rapporteur, de heer Zingaretti, met betrekking tot het voorstel voor strafrechtelijke maatregelen om de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten te waarborgen, blijven we grote bedenkingen houden bij het voorstel van de Commissie om het opleggen van strafrechtelijke sancties overhaast uit te breiden naar wetgeving van de eerste pijler, nog voordat de terechtzittingen die momenteel bij het Europees Hof van Justitie plaatsvinden, zijn afgerond.

Bovendien dreigen enkele van de voorstellen die vandaag zijn aangenomen aangaande de definities van opzettelijke inbreuk en commerciële schaal, een streep te halen door de discretionaire macht van goed opgeleide en gekwalificeerde nationale rechters om rekening te houden met de omstandigheden van elk individueel geval. Dit soort beslissingen kunnen het best worden overgelaten aan nationale rechtbanken en nationale rechters die een schat aan ervaring hebben in dit soort zaken. De tekst waarover het Parlement heeft gestemd, leidt ertoe dat onschuldige consumenten het risico lopen om in de gevangenis te belanden, terwijl er tegelijkertijd mazen in de wet worden gecreëerd voor individuele criminelen die zich bezighouden met georganiseerde en zware criminaliteit.

Het compromis dat de rapporteur heeft bereikt, zal tot rechtsonzekerheid leiden en rechters en nationale rechtbanken een essentiële, discretionaire macht afnemen. Daarom heeft de Labour-delegatie in het Europees Parlement tegen dit verslag gestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Athanasios Pafilis (GUE/NGL), schriftelijk. - (EL) De richtlijn komt neer op een poging om cruciale, reactionaire bepalingen van de door de volkeren verworpen Europese Grondwet via de achterdeur weer binnen te brengen. Op slinkse wijze proberen de Europese Commissie en het Europees Parlement het beginsel van unanimiteit tussen de lidstaten af te schaffen, om zo strafrechtelijke maatregelen op Europees niveau te kunnen nemen, waardoor een van de elementaire beginselen van de nationale soevereiniteit van de lidstaten wordt tenietgedaan.

Anderzijds is de inhoud van de richtlijn zelf - die is goedgekeurd door de intussen welbekende “heilige alliantie” van de Europese Volkspartij, socialisten en liberalen in het Europees Parlement - niets anders dan een knieval voor de provocerende eisen van de monopolisten, die het volledig voor het zeggen willen hebben op het gebied van intellectuele creativiteit. Met opzettelijk vage definities van “inbreuken” op intellectuele eigendomsrechten, met het opleggen van vernietigende sancties (minimaal vier jaar gevangenisstraf en een geldboete van minstens 300 000 euro) en de nooit geziene privatisering van strafprocedures in de vorm van deelname van grote bedrijven aan gerechtelijk en politieonderzoek naar de schending van hun rechten, willen de monopolisten hun verstikkende controle opleggen aan alle sectoren van intellectuele creativiteit. De EU gaat zelfs zover om de vrije toegang van werknemers tot geestesproducten te bestraffen, zodat ook dat domein van menselijke creativiteit wordt verstikt, in het belang van de winsten van het Europese kapitaal.

 
  
MPphoto
 
 

  Bart Staes (Verts/ALE), schriftelijk. - Volgens het voorstel voor een richtlijn inzake strafrechtelijke maatregelen om de handhaving van intellectuele eigendomsrechten te waarborgen zijn lidstaten verplicht elke opzettelijke schending van intellectuele eigendomsrechten te bestraffen, als deze handelingen op commerciële schaal worden verricht. Vervalsingen en piraterij zijn duidelijke misdrijven. Tot zover geen probleem.

Ik kan me echter niet scharen achter het verslag-Zingaretti en wel om diverse redenen. De limitatieve lijst van eigendomsrechten vergroot de rechtsonzekerheid. Het kan niet dat innovatie, creativiteit en investeringen van bedrijven worden ontmoedigd, als blijkt dat ze ongewild deze rechten schenden en hiervoor meteen strafrechtelijk worden vervolgd.

Ook het begrip 'commerciële schaal' is niet duidelijk genoeg geformuleerd. Valt hier ook de straatmuzikant onder? Is persoonlijk gebruik uitgesloten?

Ik stel me verder ernstige vragen bij de subsidiariteit én de proportionaliteit. Het is niet aan de EU om de aard en de hoogte van de straffen vast te leggen, zeker niet als het persoonlijke vrijheden betreft. Het kan ook niet dat strafrechtelijke vervolging wordt geprivatiseerd, zoals het verslag laat vermoeden in artikel 7 (onderzoeksteams in hoofde van de collectieve rechtenbeheerders).

Mensen hebben recht op duidelijke wetgeving, en dit verslag is daar niet in geslaagd.

 
  
  

- Verslag-Sterckx (A6-0086/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Duarte Freitas (PPE-DE), schriftelijk. - (PT) Het Europees beleid voor veiligheid op zee staat sinds 1999 bovenaan de Europese politieke agenda. Elkaar opvolgende rampen (de Erika in 1999 en de Prestige in 2002) hebben op dramatische wijze aangetoond in welke mate het Europees beleid en de strategieën van de lidstaten tekort schieten als er zich een scheepsramp voordoet.

Ik geloof dat dit verslag zal bijdragen tot meer veiligheid en efficiëntie in het vervoer over zee.

Wat de gevolgen voor de visserijsector betreft: ik geloof dat dit een evenwichtig verslag is dat rekening houdt met kleinere schepen (deze zouden niet verplicht worden het AIS te installeren).

Dit verslag verdient daarom mijn steun.

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Wij zijn het in grote lijnen eens met dit voorstel voor de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart, met het oog op de verbetering van de veiligheid op zee en het voorkomen van ongevallen.

We zijn het evenwel niet eens met een aantal van de voorgestelde amendementen. Het gaat met name om de amendementen waarin wordt voorgesteld om het besluit tot bijstand aan schepen die in gevaar verkeren over te laten aan een "onafhankelijke autoriteit". Zo'n autoriteit zal nooit onafhankelijk zijn, gezien de belangenconflicten, zoals het geval was met de ramp met de Prestige, toen ook een conflict bestond over de naam van de vluchthaven.

Wij houden vast aan het principe dat communautaire initiatieven op het gebied van maritieme veiligheid - en daar hebben we dringend behoefte aan - altijd in samenwerking met de lidstaten moeten worden gerealiseerd. We geloven verder dat zulke initiatieven nooit inbreuk mogen maken op de soevereine bevoegdheden van de lidstaten.

 
  
  

- Verslag-Costa (A6-0063/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Glyn Ford (PSE), schriftelijk. - (EN) Ondanks pogingen van veel collega’s van de eurosceptische UK Independence Party om dit verslag te demoniseren, zal ik voor het verslag stemmen op grond van het feit dat de poging van de Commissie en de rapporteur om ook de binnenlandse waterwegen erin op te nemen, is verijdeld. Wat betreft het binnenlandse zeevervoer, zijn de nieuwe regels al grotendeels van toepassing in het Verenigd Koninkrijk, waardoor er geen gevaar bestaat voor de veerdiensten in mijn regio, of dat nu de Scilly-eilanden of Lundy betreft, en ook zal de internationale dimensie geen invloed hebben op diensten vanuit Gibraltar. Ik zie geen reden waarom reizigers aan boord van schepen uiteindelijk niet dezelfde bescherming zouden mogen genieten als reizigers die met de trein of het vliegtuig reizen.

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Ons oordeel over dit voorstel betreffende de aansprakelijkheid van vervoerders van passagiers over zee is in het algemeen positief.

Dit voorstel is eerst en vooral gericht op het verbeteren van de rechtspositie van reizigers die van dit type vervoer gebruik maken, op een wijze die vergelijkbaar is met het systeem dat in het luchtvervoer reeds is ingevoerd. Er wordt bijvoorbeeld voorgesteld de reders te verplichten een verzekering te nemen; op die verzekering kan dan bij ongevallen een beroep worden gedaan. Bovendien zullen de plafonds voor de aansprakelijkheid van reders wordt verhoogd, en dat geldt in het bijzonder voor de maximumbedragen die in geval van een ongeluk als schadeloosstelling kunnen worden uitgekeerd.

Minder positief is volgens ons dat bij de stemming van vandaag het vervoer via de binnenwateren buiten het toepassingsbereik van deze verordening is komen te vallen.

Wij geloven dat er voor dit type vervoer ook een instrument moet worden geschapen, aangezien ook hier sprake is van een geleidelijke verslechtering van de veiligheid, wat dan weer het gevolg is van het feit dat overheidsbedrijven zijn verdwenen -of nog maar een deel van de diensten waarnemen - en particuliere ondernemers de dienstverlening hebben overgenomen. Deze particuliere ondernemingen houden zich vaak niet aan de kwaliteitsnormen of de voorschriften betreffende de arbeidsomstandigheden van het personeel. Er wordt steeds vaker gebruik gemaakt van tijdelijke contracten. Als we de naleving van de veiligheidsnormen voor de passagiers willen garanderen is respect voor de rechten van de werknemers evenwel een eerste vereiste.

 
  
MPphoto
 
 

  David Martin (PSE), schriftelijk. - (EN) Ik heb voor dit verslag over bescherming bij ongelukken op zee gestemd. Ik heb echter tegen de amendementen gestemd waarin beoogd werd om binnenlandse waterwegen van de wetgeving uit te sluiten, omdat ik de indruk heb dat er een verschil bestaat tussen de dekking van de aansprakelijkheid bij ongelukken op zee en de dekking bij ongelukken die gebeuren op binnenwateren als rivieren.

 
  
MPphoto
 
 

  Brian Simpson (PSE), schriftelijk. - (EN) Ik heb gestemd voor het buiten de werkingssfeer van deze richtlijn houden van de binnenlandse waterwegen, en wel om een aantal redenen.

Ten eerste is dit verslag bedoeld om een adequate aansprakelijkheidsregeling voor zeevarende schepen te bevorderen, en niet voor schepen die binnenlandse waterwegen als rivieren en estuaria bevaren.

Ten tweede zou iedere uitbreiding van de werkingssfeer van dit voorstel naar de binnenlandse waterwegen niet alleen ernstige problemen hebben veroorzaakt voor de pleziervaart op de binnenwateren van het Verenigd Koninkrijk, maar ook voor de veerdiensten over rivieren, die een essentieel onderdeel vormen van ons openbaarvervoersnetwerk.

Ten derde zou het opnemen van het bevaren van estuaria in deze wetgeving een aanzienlijke lastenstijging voor de dienstverleners met zich meegebracht hebben, waardoor niet minder dan de levensvatbaarheid van sommige diensten op de tocht zou komen te staan.

Het heeft mij verbaasd dat de Britse Liberal Democrats de poging om de binnenlandse waterwegen in de richtlijn op te nemen hebben gesteund, omdat dit negatieve effecten had kunnen hebben voor de veerdiensten over de rivier de Mersey, die zij beweren te steunen.

Gelukkig heeft de plenaire vergadering in haar wijsheid de visie van onze liberale rapporteur verworpen en voorkomen dat de problemen die ik heb genoemd zouden ontstaan.

Dat betekent dat ik met genoegen voor het door de plenaire vergadering geamendeerde verslag kon stemmen.

 
  
MPphoto
 
 

  Peter Skinner (PSE), schriftelijk. - (EN) Samen met mijn collega’s van de Labour-delegatie in het Europees Parlement heb ik gestemd voor het buiten deze maatregelen houden van de binnenlandse waterwegen. Dat is gelukt ondanks het verzet van de Britse Liberal Democrats, die deze kleine vaartuigen onder het toepassingsgebied van de richtlijn wilden brengen, wat tot disproportioneel hoge kosten, een verminderde economische levensvatbaarheid en een verlies van diensten zou hebben geleid.

Ik veroordeel vooral de schandelijke persberichten die voorafgaand aan deze stemmingen door bepaalde politieke partijen zijn ingefluisterd en die mensen onnodig bezorgd hebben gemaakt. Natuurlijk is het zo dat veerdiensten zoals die van het Isle of Wright door deze opportunistische persberichten naar hun economische aansprakelijkheid hebben moeten kijken. Daarom is het goed dat, zoals ik al eerder heb gezegd, deze maatregelen niet van kracht zullen worden voor de binnenlandse waterwegen.

 
  
  

- Verslag-Vlasto (A6-0081/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Pierre Audy (PPE-DE), schriftelijk. - (FR) Ik heb mijn stem gegeven aan het uitstekende verslag van mijn dierbare collega Dominique Vlasto over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende havenstaatcontrole. Ik ben geen deskundige op dit gebied maar ik juich het belangrijke werk toe dat Dominique Vlasto heeft verricht om ervoor te zorgen dat er in de regelgeving met betrekking tot de inspectie van schepen die een haven van de Europese Unie binnenvaren een evenwichtig standpunt werd opgenomen. Gezien helaas de ernstige rampen die hebben plaatsgevonden begrijpt iedereen dat vlaggenstaatcontrole moet worden aangevuld met havenstaatcontrole. Dankzij de door mevrouw Vlasto geleide werkzaamheden is er uiteindelijk een veel ambitieuzere herschikking van de richtlijn uit de bus gekomen dan de Europese Commissie had voorgesteld. Deze maakt het mogelijk steeds meer vorderingen te maken op het gebied van de veiligheid in de scheepvaart, hetgeen in het belang is van de Europese kusten, het milieu, het bedrijfsleven en de burgers.

 
  
  

- Verslag-Sánchez Presedo (A6-0133/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Françoise Grossetête (PPE-DE), schriftelijk. - (FR) Ik heb voor dit verslag gestemd.

Met dit verslag wordt de discussie geopend over de verbeteringen die aangebracht kunnen worden aan het mededingingsklimaat in de EU,met name met betrekking tot schade- en rentevorderingen door particulieren voor civiele rechtbanken wegens schending van het mededingingsrecht. Ik ben het ermee eens dat dergelijke schade- en rentevorderingen vergemakkelijkt moeten worden. Het doel is om “de mededinging te bevorderen en niet de geschillen”. Het zou goed zijn indien werd gestreefd naar snelle oplossingen in de vorm van buitengerechtelijke, minnelijke schikkingen. 90 procent van de geschillen tussen beroepsbeoefenaars en consumenten worden opgelost met een minnelijke schikking. Bedrijven neigen tot inschikkelijkheid, zelfs indien zijn geen verantwoordelijkheid hebben, omdat ze een lang proces willen vermijden. Het zou ongewenst zijn indien Europa het Amerikaanse proceduremodel rechtstreeks overnam. Voorkeur moet worden gegeven aan alternatieve geschillenregeling. Iedereen denkt natuurlijk aan de grote groepen, die op deze manier aangevallen kunnen worden, maar het MKB staat zeker niet buiten schot. Daarom moet men goed oppassen dat het overleven van de kleine en middelgrote bedrijven niet in gevaar wordt gebracht.

 
  
  

- Verslag-Liotard (A6-0054/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Jean-Pierre Audy (PPE-DE), schriftelijk. - (FR) Ik heb voor het verslag over een thematische strategie voor het duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen gestemd. Niemand betwist nog dat onze natuurlijke hulpbronnen bedreigd worden. De bevolking op de planeet, die momenteel 6,5 miljard bedraagt, groeit met een miljard in twaalf jaar. Alleen dit gegeven is al een rechtvaardiging voor de aandacht die wij schenken aan onze natuurlijke hulpbronnen. Het verslag had weliswaar ambitieuzer, beter gestructureerd en beter gedocumenteerd kunnen zijn, maar het is niettemin een goed document dat deel moet gaan uitmaken van het moeilijke dossier inzake duurzame ontwikkeling.

 
  
MPphoto
 
 

  Charlotte Cederschiöld, Christofer Fjellner, Gunnar Hökmark en Anna Ibrisagic (PPE-DE), schriftelijk. - (SV) We hebben vandaag tegen dit verslag gestemd. De hoofdboodschap daarvan is dat we ons gebruik van natuurlijke hulpbronnen drastisch moeten verminderen en dat de beste manier om dat te verwezenlijken een omvangrijke politieke regelgeving is. Daar hebben wij Zweedse conservatieven onze twijfels over.

Wij vinden daarentegen dat een duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen geen politieke besluiten vooronderstelt, maar duidelijke eigendomsrechten, die een door marktmechanismen gestuurd gebruik van natuurlijke hulpbronnen mogelijk maken. Gebruik van natuurlijke hulpbronnen in een markteconomisch systeem stimuleert de economie en de technologische ontwikkeling veel meer dan politieke regelingen.

Het leven en de activiteit van de mens zijn erop gericht sporen achter te laten. De triomf van de mensheid is dat we ideeën en technieken hebben ontwikkeld die de productiviteit hebben vergroot en de armoede op de wereld in vijftig jaar met twee derde hebben verminderd. Wij Zweedse conservatieven geloven dat we door productie en handel niet alleen een eind kunnen maken aan de armoede, maar ook ons milieu kunnen verbeteren. Het zijn juist de welvaart en de technologie die ons de wil en de methoden geven om dat te doen.

 
  
MPphoto
 
 

  Ilda Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Het voorstel van de Commissie over de strategie voor het duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen is volgens Kartika Liotard, lid van de Confederale Fractie Europees Unitair Links/Noords Groen Links, te beperkt. Daarom heeft ze met een aantal voorstellen geprobeerd de reikwijdte van dit voorstel te vergroten. Het gaat hier immers om essentiële goederen, zoals bomen, water, grond en olie. Dat zijn niet alleen vitale onderdelen van onze economie maar ze zijn ook van elementair belang voor ons bestaan zelf.

Daarom is het volgens ons belangrijk dat haar verslag over duurzame ontwikkeling wordt goedgekeurd. Van belang is ook dat de verdeling van de opbrengsten van natuurlijke hulpbronnen, de toegang tot deze hulpmiddelen en de toegang tot de markten op een eerlijke en rechtvaardige wijze worden geregeld, om de armoede te verminderen en het welzijn van de mensen te bevorderen. We betreuren het daarom dat niet alle voorstellen die de rapporteur heeft gedaan - en die wij hebben gesteund - in de uiteindelijke resolutie zijn opgenomen.

Positief is dat er behalve aan recyclage ook aan hergebruik aandacht is besteed, en dat de Commissie wordt verzocht technologieën voor duurzame, herstelbare, herbruikbare en recycleerbare producten te bevorderen. Daaronder valt ook de oproep om het nabijheidsbeginsel in alle wetgeving te verwerken.

 
  
MPphoto
 
 

  Carl Schlyter (Verts/ALE), schriftelijk. - (SV) Ik stem voor verschuiving van de belastingdruk als beginsel, ook al is die ongelukkig geformuleerd in de tekst. Volgens mijn is belasting op kapitaal en verbruik gunstig voor de welvaart en gerechtigheid, en de EU moet de lidstaten toestaan om de belastingdruk te verschuiven.

 
  
MPphoto
 
 

  Lars Wohlin (PPE-DE), schriftelijk. - (SV) Ik heb vandaag besloten om te stemmen voor amendement 3 van de Fractie De Groenen/Vrije Europese Alliantie op het verslag-Liotard over het duurzame gebruik van natuurlijke hulpbronnen. Ik steun het beginsel van verplaatsing van groeibelemmerende belasting op arbeid, kapitaal en verbruik naar belasting op activiteiten met een negatief effect op het milieu. Bovendien moet er belastingverschuiving plaatsvinden, van belasting op arbeid naar belasting op alcohol en tabak.

Ik kon het verslag-Liotard echter niet in zijn geheel steunen, en wel vanwege een aantal ongelukkige formuleringen. Onder andere wordt er gewezen op de onwenselijkheid van transport over lange afstand van landbouwproducten en verbruiksgoederen. De handel waarvan deze transporten het resultaat zijn, heeft miljoenen mensen uit de armoede geholpen. Wat daarentegen moet worden beperkt, is de uitstoot waartoe deze transporten leiden.

 
  
  

- Transatlantische betrekkingen (RC-B6-0149/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Glyn Ford (PSE), schriftelijk. - (EN) Ik zal dit verslag steunen. Een kwestie waar Europa met spoed op moet reageren is het verzoek van de Verenigde Staten om Theatre Ballistic Missile Defence-faciliteiten te plaatsen aan onze oostgrens. Dit voorstel dreigt de stabiliteit van onze betrekkingen met Rusland in gevaar te brengen, moedigt Rusland aan om zijn eigen raketsystemen en kernwapens te moderniseren en te actualiseren, en vormt tegelijkertijd eerder een aanmoediging dan een ontmoediging om een islamitische kernbom te maken. De reactie van Europa zal een belangrijke test worden voor ons vermogen om onze eigen belangen na te streven in een eigen buitenlands beleid, in plaats van ons neer te leggen bij de Amerikaanse neoconservatieve agenda, die een bedreiging voor ons allemaal vormt.

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) Deze resolutie over de transatlantische betrekkingen - ondertekend door rechts en de sociaal-democraten en nu door de meerderheid van het EP aangenomen - verschaft ons een goede manier om vast te stellen wat er op dit moment bij de betrekkingen tussen de EU en de VS aan de orde is. De meerderheid van het EP stelt vast wat er op de agenda staat en wat de prioriteiten zijn. Ik noem hier:

- De tevredenheid over “het verbeterde klimaat in de betrekkingen tussen de EU en de VS op basis van gelijkheid” en de wens om de verantwoordelijkheid voor het zogenaamde "wereldbestuur" te delen;

- De “versterking van de transatlantische markt”, waarbij de liberalisering van de financiële diensten van “fundamenteel belang” wordt genoemd en wordt opgeroepen tot het “naar elkaar toegroeien van de regelgeving en gelijke voorwaarden”, met een verwijzing naar de “multilaterale investeringsovereenkomst”;

- De bevestiging dat er “serieuze mogelijkheden voor nauwe samenwerking” bestaan met betrekking tot de “Westelijke Balkan, het zuidelijk Kaukasus-gebied, Centraal-Azië, het Midden-Oosten, Afghanistan, het Middellandse-Zeegebied, Latijns Amerika en Afrika”;

- De versterking van de samenwerking in het kader van de zogenaamde “strijd tegen het terrorisme en de proliferatie van massavernietigingswapens”, twee zaken die “voor beide partners de grootste uitdagingen zijn op het gebied van de veiligheid”, met de NAVO als het “transatlantisch forum voor politiek debat in een echt partnerschap van gelijken”.

Dat is een agenda waarin de ambities van de grote kapitalistische mogendheden van Europa - Duitsland voorop - ten aanzien van de VS tot uitdrukking komen.

 
  
MPphoto
 
 

  Willy Meyer Pleite (GUE/NGL), schriftelijk. - (ES) Ik heb tegen de resolutie over de transatlantische betrekkingen gestemd, vanuit de overtuiging dat deze betrekkingen gebaseerd moeten zijn op gemeenschappelijke waarden, terwijl de Verenigde Staten keer op keer hebben laten zien dat ze deze waarden niet respecteren, zoals blijkt uit het mislukte militaristische buitenlands beleid van president Bush, waarvan de plannen om raketten te plaatsen in enkele landen van de Unie een voorbeeld zijn. De Amerikaanse regering is verantwoordelijk voor ernstige schendingen van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden in Afghanistan, Irak en Guantanamo en voor de illegale aanhoudingen en overdrachten in het geval van de CIA-vluchten.

Volledig respect voor het internationale recht zou een absolute voorwaarde moeten zijn voor de betrekkingen tussen de EU en de VS. In het geval van Irak moet worden gepleit voor terugtrekking van de troepen en respect voor de natuurlijke hulpbronnen. De EU zou van de VS moeten eisen dat ze verschillende internationale verdragen ratificeren, zoals het Verdrag inzake een algeheel verbod op kernproeven, het Verdrag van Ottawa inzake antipersoonsmijnen en het Protocol van Kyoto. Ook moet de EU het onwettige karakter van de Helms-Burton-wet en het handelsembargo dat de Verenigde Staten tegen Cuba hebben ingesteld, aan de kaak stellen.

 
  
MPphoto
 
 

  Luís Queiró (PPE-DE), schriftelijk. - (PT) Zoals de resolutie terecht stelt, zijn de transatlantische betrekkingen de afgelopen jaren aanzienlijk verbeterd en weer uitgekomen op het niveau dat we het liefst zien, al zullen deze betrekkingen natuurlijk nooit geheel probleemvrij kunnen zijn. Men kan dat ook niet verlangen. Van belang is dat we in een goede verhouding investeren. Als we om ons heen kijken, of dat nu de oude wereld van de jaren zeventig, tachtig en negentig is, of de nieuwe wereld zoals die ontstaan is na de val van de Muur van Berlijn en de mondialisering, dan begrijpen we dat de Verenigde Staten nog steeds onze belangrijkste bondgenoten zijn, onze beste partners en onze medestanders bij onze pogingen de wereld vrijer te maken en verder te ontwikkelen. Het belang van ons bondgenootschap met de Verenigde Staten is iets waar je niet omheen kunt - er is niets vergelijkbaars. Het bestaansrecht van dit bondgenootschap mag niet in twijfel worden getrokken door politieke overtuigingen die nu - net als vroeger - de VS eigenlijk als het probleem zien, en niet als een essentieel onderdeel van de vergelijking waarvan vrede, welvaart, democratie en vrijheid de elementen vormen.

In een wat ruimere context wil ik hier graag tot uitdrukking brengen dat ik het eens men met het pleidooi van de leider van de Fractie van de Europese Volkspartij (Christen-democraten) en Europese Democraten voor het opzetten van een transatlantische merkt vóór 2015. Hij heeft er terecht op gewezen dat de parlementen aan beide zijden van de Atlantische Oceaan zich een grotere inspanning moeten getroosten om deze doelstelling via wetgeving invulling te geven.

 
  
MPphoto
 
 

  Peter Skinner (PSE), schriftelijk. - (EN) De betrekkingen tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten van Amerika zijn de afgelopen tien jaar zeer vruchtbaar gebleken. Vooral de financiële diensten vormen een zeer positief punt, waarbij regeringen en politici aan beide zijden van de Atlantische Oceaan wezenlijke vooruitgang hebben gezien.

Als de doelstellingen van het OESO-werkdocument van 29 mei 2005, dat door beide zijden is aangenomen, kunnen worden verwezenlijkt, zou dat grote voordelen met zich meebrengen. Als de obstakels die daarin worden genoemd zouden worden weggenomen, zou dat elk jaar, jaar in jaar uit, tot een groei van meer dan 3 procent van het BNP leiden. De transatlantische markt is iets waar beide zijden hard aan moeten werken. Als het ons echter niet lukt om die tot stand te brengen, zal dat betekenen dat we onze bedrijven en onze volken in de steek laten en aan grote economische risico’s blootstellen in een geglobaliseerde omgeving.

 
  
MPphoto
 
 

  Geoffrey Van Orden (PPE-DE), schriftelijk. - (EN) Door mijn ontmoeting met de president van India heb ik niet over deze resolutie kunnen stemmen. Als overtuigd voorvechter van de transatlantische betrekkingen zou ik vóór hebben gestemd. Ik heb echter grote bezwaren tegen een gevaarlijke goocheltruc, die steeds vaker wordt gebruikt in beleidsdocumenten van de EU en waarbij onze nationale regeringen worden verdrongen door de EU, in dit geval bij haar pogingen om de enige ‘partner’ van de VS te worden in de transatlantische relatie. Dit is in het bijzonder van belang voor het Verenigd Koninkrijk. Dit soort taal wordt ook gebruikt als het over de NAVO gaat. Bovendien moet in herinnering worden gebracht dat het idee van één enkele transatlantische markt al jaren geleden is gelanceerd door de Britse conservatieven en dat het in meer recente verslagen is opgenomen dankzij door mijzelf ingediende amendementen. Omdat ik geen enkele rechtvaardiging zie voor het openen van kantoren van het Europees Parlement in andere landen, ben ik zeker tegen het dure voorstel, in paragraaf 40, om een permanente officiële vertegenwoordiging van het Europees Parlement in Washington DC te installeren.

 
  
  

- Verslag-Swoboda (A6-0092/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Andreas Mölzer (ITS). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag enkele korte opmerkingen maken over het voortgangsverslag betreffende Kroatië. Met het openstellen van de onroerendgoedmarkt voor Slovenië is Kroatië een van de verplichtingen nagekomen uit de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst, waarmee dit twistpunt dus is opgelost. Ook op het gebied van het omgaan met oorlogsmisdaden zijn toch enkele zaken in beweging gebracht. Tot slot heeft zelfs het Comité van de regio’s in het gisteren aangenomen verslag gesteld dat de toetreding van Kroatië slechts beperkte financiële gevolgen zou hebben.

Daarom vind ik het een schande dat men Kroatië, een land dat duidelijk bij de familie van Europese volken hoort, zo lang in het ongewisse heeft gelaten. In plaats van tijd te verspillen met Turkije, een land dat niet in staat is en niet bereid is om aan de EU-voorwaarden te voldoen maar toch brutaal een datum voor toetreding eist, moeten we volgens mij alle energie gebruiken voor het snel afsluiten van de onderhandelingen met Kroatië.

 
  
MPphoto
 
 

  Czesław Adam Siekierski (PPE-DE). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, we hebben zojuist een zeer belangrijk verslag aangenomen over de stappen die Kroatië heeft gezet om zich bij de zevenentwintig EU-lidstaten aan te kunnen sluiten. Er kan bij niemand twijfel bestaan over het feit dat Kroatië bij Europa hoort en volledig lid van de Gemeenschap moet worden.

Hoewel sommige landen negatief zijn over een verdere uitbreiding met Turkije en Oekraïne, en ondanks de noodzaak om de instellingen van de EU te hervormen, zodat deze soepel kunnen functioneren, kan het integratieproces dat vijftig jaar geleden is begonnen, niet worden stopgezet.

Ik ben ervan overtuigd dat Kroatië zal doorgaan met de begonnen hervormingen, ook met de hervorming van de rechtspraak en de overheid en het bestrijden van de corruptie, waardoor het aan alle politieke en economische voorwaarden voor het lidmaatschap van de EU zal kunnen voldoen, met name aan de Kopenhagen-criteria en de voorwaarden die zijn neergelegd in het stabilisatie- en associatieproces. Ik hoop dat Kroatië het achtentwintigste lid van de EU zal worden, en dat wens ik voor Kroatië en voor ons allemaal.

 
  
MPphoto
 
 

  Hélène Goudin en Nils Lundgren (IND/DEM), schriftelijk. - (SV) Wij vinden uitbreiding van de Europese Unie een goede zaak. Deze uitbreiding kan echter niet plaatsvinden voordat de kandidaat-landen de facto voldoen aan alle eisen die aan het lidmaatschap worden gesteld. De laatste uitbreiding, waarbij Roemenië en Bulgarije lid werden, heeft veel te vroeg plaatsgevonden, want deze landen en hun systeem waren er niet rijp voor


Ook Kroatië heeft nog een lange weg te gaan, onder andere bij de hervorming van het openbaar bestuur en de rechterlijke macht, voordat er sprake kan zijn van lidmaatschap. Het is positief om te zien dat er vorderingen worden gemaakt, maar het gaat erom dat we dit belangrijke en onherroepelijke proces niet overhaasten, zowel omwille van Kroatië als omwille van de EU.

Verder is het beangstigend dat het Europees Parlement zoiets belangrijks als de uitbreiding gebruikt om op ondemocratische wijze propaganda te maken voor de Europese Grondwet. In overweging G staat dat het huidige ontwerp voor een Grondwettelijk Verdrag van kracht moet worden, hoewel de Franse en de Nederlandse bevolking daar duidelijk tegen zijn. Bovendien wordt in paragraaf 7 gewezen op “de verflauwende steun voor toetreding onder de Kroatische bevolking”. Als daarvan sprake is en de meerderheid in Kroatië tegen het lidmaatschap van de EU is, moet een aansluiting bij de EU om democratische redenen niet doorgaan.

Wij hebben daarom tegen dit verslag gestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Pedro Guerreiro (GUE/NGL), schriftelijk. - (PT) De EU heeft de aanzet gegeven tot het uiteenvallen van Joegoslavië. Men denke aan de rol die Duitsland heeft gespeeld bij de erkenning van Kroatië. Daarna heeft de NAVO op brute wijze ingegrepen en er zo voor gezorgd dat er op het Europese continent voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog weer oorlog werd gevoerd. Vervolgens hebben de EU en de NAVO de Balkan jarenlang militair bezet gehouden. En nu wil de EU - of liever: de groep grote mogendheden binnen de EU - de overheersing op een andere wijze voortzetten, en wel door de politieke en economische absorptie van de landen in deze strategisch belangrijke regio, met andere woorden: door ze te "integreren".

Van de in het verslag opgenomen doelstellingen zijn vooral de volgende van belang:

- de poging om nieuwe uitbreidingen van de EU te koppelen aan de zogenaamde noodzaak de Verdragen te herzien (wat uiteindelijk zou leiden tot het wederom opleggen van het zogenaamde "Grondwettelijk Verdrag");

- het blijven aandringen op de overname van het communautair "acquis", ofwel het neoliberale handboekje met z'n "open en competitieve markt". Zo wordt de autonome, nationale ontwikkeling ondergeschikt gemaakt aan de belangen van de grote mogendheden en hun grote financiële en economische concerns. Kroatië moet dus "hervormingen" uitvoeren en zich bijvoorbeeld openstellen voor "sterke particuliere investeringen". Er wordt verder aangedrongen op de "verkoop van minderheids- en meerderheidsbelangen van de staat in ondernemingen".

Dit toont eens te meer aan dat de EU er niet zozeer op uit is de belangen van de werkers en de volkeren te dienen.

 
  
MPphoto
 
 

  David Martin (PSE), schriftelijk. - (EN) Ik heb voor dit verslag gestemd waarin Kroatië gefeliciteerd wordt met een aantal van de veranderingen die het land heeft doorgevoerd om te voldoen aan de toetredingscriteria.

 
  
MPphoto
 
 

  Erik Meijer (GUE/NGL), schriftelijk. - Mijn fractie had vanmorgen voor Kroatië helaas geen spreektijd beschikbaar. Wij betreuren dat de onderhandelingen met dit land ernstig zijn vertraagd als gevolg van de oorlog in de jaren negentig en dat het niet tegelijk met Slovenië in de EU kon worden toegelaten. Inmiddels wordt dit land niet meer gedomineerd door extreme nationalisten en aanvaardt het bescherming en terugkeer van minderheden. Kroatië is thans beter voorbereid op het EU-lidmaatschap dan sommige reeds toegetreden staten. Kroatië wordt vooral benadeeld, doordat sommigen binnen de EU geen nieuwe lidstaten willen toelaten, zolang de door de Nederlandse en de Franse kiezers afgewezen EU-grondwet niet wordt ingevoerd. Verontwaardigd over dit uitstel keert de Kroatische publieke opinie zich nu van de EU af.

Mijn fractie vindt dat het verslag-Swoboda extreme eisen stelt aan verkoop van staatsbedrijven en sluiting van scheepswerven. Tot nu toe is altijd beweerd dat de EU geen voorkeur uitspreekt over het eigendom in de economie, en dat overheidsbedrijven en private bedrijven vrij naast elkaar kunnen voortbestaan. Aan nieuwkomers dreigen we nu scherpe eisen te stellen. Mijn fractie wijst ook alle amendementen af die berusten op Italiaanse aanspraken op Kroatisch grondgebied en op het ontkennen van de oorlogsmisdaden tijdens de bezetting onder Mussolini.

 
  
MPphoto
 
 

  Andrzej Jan Szejna (PSE), schriftelijk. - (PL) Ik stem voor het verslag van Hannes Swoboda over de vooruitgang die Kroatië heeft geboekt in 2006.

De rapporteur heeft een inzichtelijke analyse gemaakt van de huidige politieke, economische en sociale situatie in Kroatië. Het verslag is objectief omdat er aan de ene kant wordt gewezen op de inspanningen van de Kroatische regering om te voldoen aan de eisen van de EU, bijvoorbeeld met betrekking tot de politieke toetredingscriteria, maar aan de andere kant ook de problemen worden opgesomd die nog moeten worden opgelost.

Een belangrijk element hierbij is de implementatie van het communautair acquis op alle gebieden van het nationale rechtsstelsel, gelet op het feit dat het gezamenlijke raadplegingsproces in oktober 2006 met succes is afgerond en de onderhandelingen over specifieke aspecten van het acquis nu aan de gang zijn.

De rapporteur heeft terecht ook gewezen op de positieve voortrekkersrol die Kroatië in Zuidoost-Europa speelt.

 
  
MPphoto
 
 

  Charles Tannock (PPE-DE), schriftelijk. - (EN) De Britse conservatieven hebben het verslag-Swoboda gesteund, maar hebben tegen de amendementen gestemd die betrekking hebben op overweging G. De Britse conservatieven zijn een uitgesproken voorstander van de uitbreiding van de EU, en in het bijzonder met Kroatië, waarvan het toetredingsproces relatief soepel zal kunnen verlopen, maar zijn uitgesproken tegenstander van het idee dat een Grondwet een noodzakelijke voorwaarde is voor toekomstige uitbreidingen, zoals in overweging G wordt gezegd.

 
  
  

- Verslagen-Sterckx (A6-0086/2007), Kohlìček (A6-0079/2007), Costa (A6-0063/2007), Vlasto (A6-0081/2007), Luis de Grandes Pascual (A6-0070/2007)

 
  
MPphoto
 
 

  Marie-Arlette Carlotti (PSE), schriftelijk. - (FR) Onmiddellijk na de schipbreuken van de olietankers Erika en Prestige zijn de Europese socialisten gaan vechten voor een Europese wetgeving ter verbetering van de maritieme veiligheid en ter voorkoming van verontreiniging van haar territoriale wateren door ongelukken.

Deze strijd werpt nu vruchten af, maar de totstandbrenging van een echte ruimte van Europese maritieme veiligheid is nog niet voltooid.

Het derde pakket maatregelen voor maritieme veiligheid is een beslissende etappe in de verwezenlijking van dit doel. De vijf verslagen die aan het Europees Parlement zijn voorgelegd bevatten enkele belangrijke stappen vooruit, zoals :

- een duidelijk en nauwkeurig rechtskader voor vluchthavens voor schepen in moeilijkheden, onder toezicht van een onafhankelijke autoriteit;

- een permanente onderzoekinstantie om onderzoek te vergemakkelijken;

- een hoog niveau van bescherming van passagiers, overeenkomstig hetgeen van kracht is voor andere vervoersmiddelen;

- kwalitatief betere en efficiëntere controle in de Europese havens, met bijzondere aandacht voor hoogrisicoschepen.

Ik heb dus voor dit verslag gestemd. Ik hoop echter dat de EU nu ook zal zorgen voor een verbetering van haar wetgeving om de ‘zeeschurken’ aan te pakken die in de Middellandse Zee dagelijks aardolieverontreiniging veroorzaken. Elk jaar komen 650 000 ton ruwe-olieresten in zee terecht ten gevolge van illegale lozingen door tankspoeling, oftewel 75 Erika’s.

 
Laatst bijgewerkt op: 6 juli 2007Juridische mededeling