De Voorzitter. − Het volgende onderwerp is het verslag (A6-0225/2008) van de heer Libicki, namens de Commissie verzoekschriften, betreffende de gevolgen voor het milieu van de geplande gasleiding in de Oostzee om Rusland en Duitsland te verbinden (Verzoekschrift 0614/2007 en 0952/2007) [2007/2118(INI)].
Marcin Libicki, rapporteur. − (PL) Mijnheer de Voorzitter, het debat van vandaag is heel bijzonder, omdat het is gebaseerd op een verzoek van gewone burgers van de Europese Unie. Ik wil graag de mensen op de tribune, de auteurs van het verzoekschrift dat de basis heeft gevormd voor het debat van vandaag, verwelkomen. De heer Krzysztof Mączkowski is aanwezig, die veel ecologische organisaties vertegenwoordigt en, naar ik meen, mevrouw Morkunaite uit Litouwen. Het verzoekschrift is door bijna 30 000 mensen ondertekend. Er blijven handtekeningen binnenkomen bij de Commissie verzoekschriften. Dit debat wordt, zonder enige twijfel, nauwlettend gevolgd door vele miljoenen en door de publieke opinie in alle landen rond de Oostzee.
De geschiedenis van dit verzoekschrift in het Europees Parlement hield in dat we, in de eerste plaats, een aantal discussies hadden over dit onderwerp binnen de Commissie verzoekschriften. Deze discussies waren gebaseerd op uiterst sterke presentaties van de auteurs van het verzoekschrift. In totaal hebben we vijf debatten over dit onderwerp gehad. We hebben ook een openbare hoorzitting georganiseerd. Tijdens de openbare hoorzitting debatteerden wereldberoemde specialisten en zij bevestigden wat de indieners van het verzoekschrift hadden gezegd: dat de bedreiging van de natuurlijke omgeving van de Oostzee enorm is en of het eigenlijk wel de moeite waard is om een dergelijke gok te nemen voor zo’n enorme investering. Terwijl deze discussies gaande waren in de Commissie verzoekschriften en toen het Europees Parlement instemde om over de kwestie een openbaar debat te houden, hetgeen vandaag gebeurt, vonden er aanvullende debatten plaats in de Commissie industrie, onderzoek en energie en de Commissie buitenlandse zaken. De teksten die werden voorgedragen ter goedkeuring verkregen negentig procent steun in de Commissie verzoekschriften en in beide andere commissies.
Pas toen ontstond er plotseling een significante activiteit onder de tegenstanders en critici van dit verslag en de argumenten die erin vervat zijn. Plotseling werden 180 amendementen ingediend bij de Commissie verzoekschriften. Bijna allemaal werden ze verworpen. De adviserende commissies werden geconfronteerd met een soortgelijke ervaring. Men kon dit immense offensief – er is geen andere manier om het te omschrijven – zien van Nord Stream. Wij hebben steminstructies ontvangen die waren voorbereid door Nord Stream; dat was in de Commissie verzoekschriften. Ik zit al vier jaar in het Europees Parlement en dit is de eerste keer in mijn ervaring dat mensen die betrokken zijn bij het lobbyen zowaar de parlementsleden vertelden hoe ze moesten stemmen en het ene na het andere amendement presenteerden: onthoudt u hierop van stemming, stem hierop “ja”, stem hierop “nee”.
Het debat van vandaag is gebaseerd op veertig verschillende meningen en deskundigenrapporten. Dames en heren, er zijn drie partijen bij deze overweging: de gewone burgers van de Unie, een enorm politiek en economisch kapitaal, en het Europees Parlement. Het Europees Parlement dient te spreken voor de gewone burgers van de Europese Unie. Laten we leren van de les over wat gebeurd is bij de referenda in Frankrijk, Nederland en Ierland. Wij willen het vertrouwen winnen van de gewone burgers in de Europese Unie en ik hoop dat dit de houding zal zijn van alle leden in dit Parlement.
Ik wil graag alle mensen bedanken die hebben geholpen om tot het punt te komen dat we werkelijk vandaag dit debat kunnen voeren. Ik wil graag mevrouw Foltyn-Kubicka bedanken, die een prachtige tentoonstelling hier in het Europees Parlement heeft voorbereid over de Oostzee, de heer Cashman, die eerste vicevoorzitter van de Commissie verzoekschriften is, en de heer Beazley, die voorzitter is van de Baltische interfractiewerkgroep in het Europees Parlement. Ik wil ook het secretariaat van de Commissie verzoekschriften bedanken, onder wie David Lowe, Karen Chioti en Silvia Cannalire, evenals alle mensen die mij advies en hulp hebben geboden en met wie ik heb samengewerkt: Szymon Szynkowski, Norbert Napierajów, Wojciech Danecki, Witold Ziobrze en Michał Krupiński. Deze mensen hebben de grootste inbreng gehad in dit werk.
Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag de voorzitter van de Commissie verzoekschriften, de heer Libicki, bedanken voor zijn verslag, dat ons mogelijk maakt om te discussiëren over de gevolgen voor het milieu van dit grote project, een aardgasleiding van 1 200 km lengte, die een ondiepe zee, zoals de Oostzee, zal doorkruisen. Het gaat hier niet alleen om het feit dat dit een belangrijk project is, dat veel vragen opwekt over de bescherming van het milieu in het Oostzeegebied, maar ook om het feit dat dit het eerste lijkt te zijn van veel soortgelijke projecten die zijn gepland voor de toekomst.
Het project heeft de afgelopen maanden al sterk de aandacht getrokken van de media en van politici in het gehele Oostzeegebied. Het is besproken bij veel forums en in veel van de betrokken landen.
Zoals de heer Libicki al zei, is het ook besproken in het Europees Parlement bij een openbare hoorzitting in januari, georganiseerd door de Commissie verzoekschriften, waarin ik zitting heb, samen met mijn collega-commissielid de heer Piebalgs, die verantwoordelijk is voor energiekwesties. Commissaris Piebalgs heeft een overzicht gegeven van de vooruitzichten van de Europese Unie met betrekking tot aardgas en benadrukte dat de behoeften van de Europese Unie aan gas snel toenemen, terwijl de productie van gas in de Europese Unie dramatisch afneemt en de voorraden worden opgebruikt.
Ons energiebeleid voor Europa benadrukt de urgente noodzaak tot een verbetering in efficiënt energiegebruik en zonne- en windenergiebronnen, en we werken naar dat doel toe.
Significante toenames van aardgasimport zullen echter nog steeds nodig zijn om de energiebehoeften van Europa in de komende decennia te dekken. Extra infrastructuur, zoals aardgaspijpleidingen en terminals voor vloeibaar aardgas, zullen een belangrijke rol spelen bij het voldoen aan de behoeften van de Europese consumenten, en bij het zorgen voor een constante toevoer. De Nord Stream pijpleiding zal het mogelijk maken om de toevoer van aardgas uit Rusland te verhogen.
Zoals u weet, is de noodzaak om nieuwe infrastructuur op te bouwen voor het transport van Russisch gas naar de Europese Unie erkend door het Europees Parlement en door de Raad door de richtsnoeren voor de trans-Europese netwerken in de energiesector, aangenomen in september 2006. Ik verwijs hier specifiek naar Beschikking nr. 1364/2006 van het Europees Parlement en van de Raad. In de richtsnoeren zijn bepaalde prioriteitsprojecten gespecificeerd en dit project is aangemerkt als een project van Europees belang en daarom als een topprioriteit. Mits het onderzoek naar de gevolgen voor het milieu tot positieve conclusies komt, zal de Nord Stream pijpleiding een project van Europees belang worden.
Mijn belangrijkste punt tijdens de hoorzitting van het Europees Parlement in januari was dat het project, net als alle andere projecten, alle relevante milieuregels van de internationale en Gemeenschapswetgeving moet volgen tijdens de bouw-, operatie- en de bewakingsfasen. Dit is ook het punt dat ik vandaag wil maken.
Volgens internationale en Gemeenschapswetgeving moet de projecteigenaar, namelijk Nord Stream AG, dan een uitvoeringsvergunning aanvragen, of een bouwvergunning, bij de landen die jurisdictie hebben over het werk dat uitgevoerd moet worden. Deze landen zijn Duitsland, Denemarken, Finland en Zweden. De toekenning van een uitvoeringsvergunning voor dergelijke projecten is echter onderworpen aan de beoordelingsprocedure van de gevolgen voor het milieu. Dit is ook vastgelegd in de richtsnoeren voor de trans-Europese energienetwerken die ik al eerder noemde. De beoordelingsprocedures van de gevolgen voor het milieu zijn vastgelegd in zowel Gemeenschapswetgeving als in internationale wetgeving. Er is een relevante EU-richtlijn, evenals het Verdrag van Espoo op grensoverschrijdend niveau.
Het Verdrag van Espoo is onderdeel van het acquis van de Gemeenschap, aangezien zowel de Gemeenschap als de lidstaten participeren in het Verdrag. In dit geval zijn de procedures van zowel de Gemeenschap als van de nationale wetgeving van toepassing. De grensoverschrijdende aard van het project betekent dat men zich moet houden aan het Verdrag van Espoo, terwijl de betreffende lidstaten op gepaste wijze de hand moeten houden aan de bepalingen van de richtlijn betreffende milieueffectrapportage voordat ze een uitvoeringsvergunning verlenen.
De milieueffectprocedure gebaseerd op het Verdrag van Espoo is eind 2006 begonnen met de onthulling van het project. Volgens de informatie die de Commissie heeft, zijn talrijke onderzoeken, verslagen en kwesties in verschillende lidstaten besproken bij verschillende forums en bijeenkomsten, zowel met het publiek als met de bevoegde autoriteiten.
Zoals is vastgelegd in het Verdrag van Espoo, moet de aannemer of eigenaar van het project de juiste documentatie verschaffen met betrekking tot de gevolgen voor het milieu. Tegelijkertijd heeft het land met de bevoegdheid om de uitvoeringsvergunning te verlenen, het land van oorsprong, de partij van oorsprong, zoals ernaar wordt verwezen in het Verdrag van Espoo, de volgende twee plichten.
Ten eerste moet het land gesprekken voeren met de milieuautoriteiten en met de mensen op wie het invloed heeft, en ten tweede moet het land besprekingen starten met de partij of partijen die worden beïnvloed, dat wil zeggen de buurlanden, die blootgesteld kunnen worden aan de grensoverschrijdende impact. In dit geval zijn de partijen voor wie het gevolgen heeft de drie Baltische staten en Polen.
Daarom betekent gepaste naleving van de milieueffectprocedure dat alle bezorgdheid, vragen en belangrijke kwesties, zoals die zijn vermeld in het verslag dat we vandaag bespreken, moeten worden geëvalueerd en besproken door zowel de bevoegde autoriteiten als door het publiek.
In het huidige stadium is elke nadruk die wordt gelegd op een potentieel negatief milieueffect dat niet kan worden afgezwakt of vermeden, zoals is vastgelegd in de milieueffectwetgeving, prematuur. In feite is de laatste milieueffectrapportage nog niet opgesteld. Daarom hebben de milieuautoriteiten nog niet de kans gehad om alle technische gegevens die noodzakelijk zijn voor het verschaffen van antwoorden op alle gegronde vragen te analyseren en te evalueren.
De landen van oorsprong hebben een wettelijk recht om alle extra informatie op te eisen die zij noodzakelijk achten om, als zij daartoe besluiten, een uitvoeringsvergunning te kunnen verlenen; Zweden heeft dat bijvoorbeeld al gedaan toen de projecteigenaar een formeel verzoek heeft ingediend, teneinde te voldoen aan de nationale wettelijke verplichtingen.
Aan de andere kant hebben de belanghebbende partijen ook een wettelijk recht om te zorgen dat zij alle informatie hebben die noodzakelijk is om aan hun behoeften te voldoen. Ik ben ingelicht dat alle betrokken partijen, dat wil zeggen zowel de partijen van oorsprong als de betrokken partijen, regelmatig vergaderingen en discussies houden over de ontwikkelingen in de milieueffectprocedure gebaseerd op het Verdrag van Espoo.
De laatste milieueffectrapportage wordt tegen het eind van het jaar verwacht. Nadat deze is ingediend, zullen de formele besprekingen plaatsvinden, en deze zullen de uiteindelijke beslissing bepalen of een uitvoeringsvergunning wordt verleend of niet.
Ik verwacht dat de bevoegde autoriteiten in alle lidstaten, die deelnemen aan het Verdrag van Espoo, hun plichten zullen nakomen en hun verantwoordelijkheid zullen nemen zoals zij horen te doen.
Rusland dat het Verdrag van Espoo heeft ondertekend, maar er niet aan deelneemt, heeft niettemin toegestemd om zich aan de regels te houden.
Tot slot wil ik benadrukken dat wij de ontwikkelingen nauwkeurig in de gaten houden en dat we in contact zijn met de verantwoordelijke partijen van het Verdrag van Espoo, met de betrokken partijen en met de aannemer. Wat betreft de aannemer hebben de autoriteiten van de Commissie duidelijk gemaakt dat alle verplichtingen betrekking hebbend op de noodzakelijke informatie en op de vereiste transparantie moeten worden nagekomen.
(Applaus)
Christopher Beazley, rapporteur voor advies van de Commissie buitenlandse zaken. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer Libicki, dames en heren, u zult begrijpen dat dit verslag niet alleen zeer belangrijk is voor dit Huis maar ook voor het gros van de mensen, zoals de heer Libicki al heeft gezegd.
(EN) 30 000 handtekeningen tonen de bezorgdheid die er is rond de kust van de Oostzee, die is beschreven als een zee die sterft door vervuiling. De zee is zeer ondiep. Op de bodem liggen nog militaire vaartuigen uit de Tweede Wereldoorlog. De vraag is: Is het werkelijk verstandig om een energiepijpleiding langs de bodem van dit speciale deel van de Europese Unie te voeren?
Ik heb de eer om de mening op te schrijven van de Commissie buitenlandse zaken en evenals de milieukwesties waar de Commissie verzoekschriften naar heeft gekeken, waren ook wij bezorgd over de aard van het milieubeoordelingsonderzoek waar de Commissie zojuist naar heeft verwezen.
Commissaris, kunt u in uw antwoord bevestigen dat u paragraaf 20 van het Parlement van het Libicki-verslag, dat op u en de Commissie een beroep doet om een onafhankelijke milieubeoordeling uit te voeren, zal accepteren? Er bestaat enige bezorgdheid dat als de voorstellers opdracht geven voor een milieubeoordeling deze niet echt objectief zal zijn.
Wij doen ook een beroep op alle kuststaten rond de Oostzee – alle negen, met inbegrip van Rusland – om zich volledig te laten inlichten en ook om volledig betrokken te zijn bij het onderhoud en de veiligheid van een dergelijke pijpleiding, mocht deze aangelegd worden. De Commissie heeft het belang van de erkenning van internationale en Europese wetgeving benadrukt en daar willen we aan toevoegen dat aansprakelijkheid van het bedrijf ook noodzakelijk is. De juiste verzekering moet worden afgesloten om ieder potentieel risico of schade, veroorzaakt door het project, door de bouw ervan of daarna, te dekken.
Ten slotte dringen wij aan op het principe van wederkerigheid. De mislukte poging gisteren van de Russische partners om de algemeen directeur van BP-TNK te ontslaan, voorspelt niet veel goeds voor het wederzijds begrip tussen EU-bedrijven en Russische bedrijven. Wij zoeken harmonie in deze taak, maar wij verwachten ook dat de Commissie dit project zeer nauwlettend volgt, en zoals de rapporteur en twee commissarissen bij de hoorzitting hebben uitgelegd, is het huidige voorstel, zoals dat is ingediend door Nord Stream, onbevredigend.
Ik wil graag eindigen met te zeggen dat mijn fractie voor het Libicki-verslag zal stemmen.
Andres Tarand, rapporteur voor advies van de Commissie industrie, onderzoek en energie. − (ET) Het enige argument van belang over de aanleg van de Oostzeegasleiding dat onopgelost blijft, is het argument dat betrekking heeft op de bescherming van het milieu. Het Zwitserse bedrijf Nord Stream heeft geen milieueffectrapportage ingediend voor de toegestane deadline, waardoor het Europees Parlement blind moet stemmen.
Ook is duidelijk geworden dat in de milieueffectrapportage waartoe opdracht is gegeven door Nord Stream alleen de nieuwe onderzoeksproblemen zijn opgenomen nadat het Parlement had gewezen op belangrijke tekortkomingen in de onderzoeksplannen. Het belangrijkste probleem met de milieueffectrapportage zijn de wrakstukken van tien oorlogsschepen die in augustus 1941 in de strijd met hun munitie tot zinken zijn gebracht in de Golf van Finland; dit is iets dat slechts tien dagen geleden is toegegeven door Doema-lid Andrei Klimov.
Vorig jaar werd echter gezegd dat de route volledig vrij was. Er moet speciale aandacht worden besteed aan fosfor dat vrijkomt als het bodemsediment in beroering wordt gebracht: hoewel in de milieueffectrapportage wordt beweerd dat het geen verband houdt met eutrofiëring, verschillen andere stromingen daar van mening over. We moeten ook voorkomen dat dioxines en zware metalen vrij zullen komen. Die laatste zijn relevant in verband met voedselbereiding met vis die giftige stoffen voor de mens bevat. We weten al dat het niveau van deze stoffen en de radioactiviteit op dit moment het hoogst zijn in de Oostzee.
Rihards Pīks, namens de PPE-DE-Fractie. – (LV) Dank u, mijnheer de Voorzitter. Wat betreft dit project en het verslag van de heer Libicki, wil ik graag zeggen dat er hier over het algemeen drie aspecten in overweging moeten worden genomen. Het eerste is het economische aspect. Het is duidelijk dat energiebronnen noodzakelijk zijn voor zowel Duitsland als voor Europa, en vanuit dit oogpunt is de gaspijpleiding uit Rusland noodzakelijk, aangezien Rusland eigenaar is van de gasbronnen. Het tweede is het politieke aspect. Dat wil zeggen de manier waarop dit project is voorbereid, en wij weten allemaal dat dit is gedaan met veel politiek touwtrekken, vóór de verkiezingen, zonder overleg met de staten die getroffen kunnen worden uit economisch of milieuoogpunt.
Ten tweede zijn er, zoals we weten, volgens de EU-strategie voorzieningen getroffen in de energiesfeer voor de compatibiliteit van energiekanalen. Hier is allemaal niet in voorzien, en daarom voldoet het niet aan de EU-strategie voor energiesolidariteit en energieveiligheid die we nu hebben aanvaard.
Ten derde is er het milieuaspect, waar het in het Libicki-verslag specifiek om gaat. Zoals we weten, bevinden zich, volgens het Global Environment Facility’s verslag, zeven van de tien meest vervuilde locaties in de zeeën van de wereld in de Oostzee. Vanuit dit oogpunt lijkt het mij dat er zeer weinig discussie is geweest – ik geef natuurlijk toe dat de bedrijven die het project ten uitvoer brengen berekeningen hebben gemaakt en debatten hebben gehouden – maar publiekelijk is er niet gediscussieerd over een ander alternatief, en dat is om de gaspijpleiding aan te leggen op een landroute. Dit zou het veel gemakkelijker maken om compatibiliteit te bereiken en zou in feite twee aspecten oplossen – het milieuaspect en het strategische en politieke aspect. Dank u wel.
Lasse Lehtinen, namens de PSE-Fractie. – (FI) Mijnheer de Voorzitter, het verzoekschrift waar het verslag op ingaat, heeft betrekking op het milieu, maar we hebben opgemerkt in de discussies die hebben plaatsgevonden, dat het gaspijpleidingproject dimensies heeft die geen verband houden met het milieu.
Door ons te houden aan het gezag van het Parlement zitten we vast aan de feiten in de resoluties. Een feit is dat de EU behoefte heeft aan Russisch gas en dat Rusland nog meer behoefte heeft aan Europese klanten.
Het tweede feit is dat het project waar nu over wordt onderhandeld, is goedgekeurd door de EU als onderdeel van het TEN programma. Dit is een groot bouwproject, waarvan de uitvoering een schadelijk effect kan hebben op het ecosysteem van de Oostzee.
Daarom is het belangrijk om onpartijdige milieurapporten te laten maken, zodat de risico’s kunnen worden vastgesteld en afgewogen tegen de voordelen. Projecten zonder risico’s bestaan niet.
De amendementen op het verslag die zijn voorgesteld door onze fractie zijn gebaseerd op het principe dat er geen concessies worden gedaan wat betreft het milieu, maar dat er ook geen kunstmatige barrières worden opgeworpen.
Het is ook een feit dat het grootste milieuprobleem, waarmee de Oostzee op het moment wordt geconfronteerd, landbouw is in de omringende landen, en dat het transport van olie per schip, iets wat steeds algemener wordt, een werkelijk risico is. Deze problemen worden echter niet besproken in dit verslag.
Het is ook een feit dat de onderhandelingen over de pijpleiding tot een dergelijke mate zijn gepolitiseerd dat het gevaar bestaat dat de kwestie zelf een bijzaak blijft. De opmerking van de voormalige president Poetin dat de Russische vloot ook de financiële belangen moet beschermen, helpt niet om een klimaat van vertrouwen te scheppen. Het gebruik van energie voor politieke druk is geen beschaafde manier om een internationale dialoog te houden.
Finland heeft de druk van Rusland ervaren in de vorm van belastingen op hout, maar de Finse regering heeft tenminste vooralsnog deze kwestie niet verbonden met het gaspijpleidingproject.
Rusland heeft het Verdrag van Espoo betreffende de Oostzee niet geratificeerd. Rusland zou verplicht moeten worden dit te doen voordat de aanleg van de pijpleiding kan beginnen.
Diana Wallis, namens de ALDE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, dit is een ongelooflijk belangrijk veelzijdig verslag, en het dekt een zeer moeilijk pakket Europese kwesties, niet alleen het milieu. Het is opmerkelijk dat het tot ons komt via de weg van de Commissie verzoekschriften, en het is de verdienste van die commissie dat het haar gelukt is de meningen van het hele spectrum van dit Huis samen te brengen door hoorzittingen en dit verslag, in een poging een samengesteld beeld te krijgen.
Het leidende principe van mijn fractie bij het behandelen van dit verslag is vooral geweest om te trachten een Europese reeks antwoorden aan te nemen op de Europese problemen. Eigenlijk onderstreept de pijpleiding de behoefte, als we dat ooit hoeven te onderstrepen, aan een Europese aanpak van de energietoevoer.
Het is niet gepast dat verschillende landen verschillende dingen doen met verschillende partners. Wij hebben een reactie van de Gemeenschap nodig die het solidariteitsbeginsel benadrukt.
Er is veel gezegd over het milieu, en de commissaris heeft een aantal goede antwoorden gegeven die te maken hebben met de Europese milieuwetgeving, internationale wettelijke verplichtingen, maar we moeten hier vertrouwen opbouwen; we moeten waarborgen, zover dat mogelijk is, dat men zich houdt aan de Europese normen en dat er een gecoördineerde, coherente Europese aanpak is voor de milieukwesties.
Dan komen we natuurlijk op het uiterst moeilijke onderwerp van de betrekkingen van de EU met Rusland. We hebben hier een gouden kans: in het Oostzeegebied, in het hoge Noorden, hebben we het NDEP milieupartnerschap voor de noordelijke dimensie. Laten wij dat middel gebruiken, dat een van de succesverhalen is geweest van de betrekkingen tussen de EU en Rusland, om ons hier te helpen.
Als laatste laat ik u achter met deze positieve gedachte. In mijn eigen kiesdistrict Yorkshire is een klein dorp dat nu is verbonden met een klein dorp in Noorwegen door de grootste onderzeese gaspijpleiding over en door de Noordzee. Dat heeft intermenselijke relaties opgebouwd die een zeer lange tijd zullen duren. Dat is positief.
David Hammerstein, namens de Verts/ALE-Fractie. – (ES) Mijnheer de Voorzitter, ik wil de rapporteur, de heer Libicki, voorzitter van de Commissie verzoekschriften bedanken. Hier hebben we zeker te maken met een verzoekschrift van Europese burgers, dat duizenden mensen vertegenwoordigt die bezorgd zijn over de aanleg van een gaspijpleiding om Rusland met Duitsland te verbinden.
In het bijzonder moet er een zekere mate van twijfel zijn ten aanzien van de bilaterale aard van de overeenkomst tussen Rusland en Duitsland, betreffende firma’s als Gazprom en E.ON, om een van de langste pijpleidingen ter wereld aan te leggen. Het plan is om de pijpleiding in het midden van de Oostzee aan te leggen, zodat deze niet door Polen en de Oostzeestaten hoeft te gaan.
Ja, dit project is een politieke omleiding, en ja het is een omleiding die niet alleen om een van de potentiële politieke problemen met betrekking tot de aanleg over land heen gaat, maar het toont buitengewone minachting voor het gemeenschappelijke energiebeleid van de EU en het verzwakt haar positie wat betreft de betrekkingen met Rusland. De bilaterale energieovereenkomsten met Rusland met nauwelijks enige EU-coördinatie zijn ook slecht nieuws voor een solide unaniem buitenlands beleid voor de EU.
De bedoeling van het project is om een kwetsbare zee te doorkruisen die al is vervuild door giftige producten, met een uiterst gelimiteerde natuurlijke wateromloopsnelheid. De gevolgen van ongelukken zullen rampzalig zijn voor alle grensstaten. Boven alles, moeten we aandringen op een vastberaden toepassing van het voorzorgsbeginsel, samen met een uitputtende milieurapportage om alle alternatieven te onderzoeken en strikte naleving van alle internationale bepalingen.
De beste manier om onze energieveiligheid te garanderen, is het hebben van een gecoördineerd Europees beleid met de strengste milieueisen.
Eva-Britt Svensson, namens de GUE/NGL-Fractie. – (SV) Mijnheer de Voorzitter, een gaspijpleiding op de bodem van de Oostzee betekent verhoogde klimaatveranderingsuitstoot en ernstige milieurisico’s voor het gevoelige ecosysteem van de Oostzee. Er bestaat een risico van verstoring van het biologische evenwicht. Wat zou er kunnen gebeuren met alle mijnen die op de zeebodem zijn gedumpt? De geplande pijpleiding – als deze wordt voltooid volgens plan – betekent een belangrijke afwijking van de verplichting waaraan zo vaak lippendienst wordt bewezen in klimaatdebatten. Maar al die besprekingen over de klimaatkwestie moeten serieus worden genomen en worden omgezet in concrete acties en maatregelen.
Elke onderneming die miljarden in aardgasinvestering belegt, vertraagt de zo noodzakelijke investering in alternatieve zonne- en windenergie en druist in tegen alle verklaarde intenties om het milieubeleid te heroverwegen en om klimaatverandering te stoppen. De Oostzee en de klimaatkwestie moeten onder de aandacht worden gebracht, daarom eisen we dat Nord Stream een alternatieve route over land onderzoekt, voordat een besluit wordt genomen over een mogelijke toekomstige gaspijpleiding – dit is geheel in overeenstemming met het besluit van de Zweedse regering in februari van dit jaar.
Sylwester Chruszcz (NI). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, wat de Russen doen is totaal geen verrassing, aangezien zij niet behoren tot de Europese Unie en ze een gevestigd economisch belang hebben in de aanleg van de pijpleiding op de bodem van de Oostzee, en deze onafhankelijk maken van tussenpersonen. Maar wat de Duitse regering in Berlijn doet, is schandalig en druist in tegen de Europese solidariteit. De Duitsers, die voor het project van de Europese Unie zijn, en recentelijk voor de Europese grondwet, blijken het woord “Unie” zeer selectief te gebruiken. Wij kunnen dit niet goedkeuren. Ook u, Voorzitter Pöttering, als de belangrijkste Duitser in de Europese Unie, u hebt hier niets aan gedaan. Kunt u misschien, in plaats van naar vergaderingen van landgenoten te reizen, nadenken over activiteiten die de naties van Europa niet tegen elkaar in het harnas jagen?
András Gyürk (PPE-DE). - (HU) Dank u, mijnheer de Voorzitter, dat u mij het woord geeft. Dames en heren, de kwestie van de gaspijpleiding in de Oostzee is een van de meest omstreden kwesties voor het gezamenlijk energiebeleid dat wordt ontwikkeld. Veel mensen zijn bezorgd over het feit dat de aanleg van de pijpleiding niet de veiligheid van toevoer naar het continent zal verbeteren, maar onze machteloosheid ten aanzien van Rusland zal verhogen.
We kunnen niet weten of de prijzen betaalbaarder zullen worden voor de consument, of dat ze omhoog zullen schieten als gevolg van de enorme investeringen. En ten slotte is er geen duidelijk antwoord op de vragen over de huidige agenda: wat zullen de gevolgen van het Nord Stream project zijn voor het milieu?
Naar mijn mening is het van cruciaal belang dat een gepaste effectrapportage voorafgaat aan het laten zinken van de geplande pijpleiding die de toevoer van energie voor Europa gedurende decennia zal bepalen, met inbegrip van Nord Stream. Natuurlijk moet alles worden gecontroleerd door de milieueffectrapportage. In ons geval is er helaas geen grondige, onpartijdige beoordeling die rekening houdt met de milieuvooruitzichten.
Maar het verslag voor ons werpt veel licht op de bezorgdheid over het milieu die is ontstaan in verband met de pijpleiding in de Oostzee. Ik denk dat het verkeerd is dat er geen gedetailleerde analyse is gemaakt van wat de exacte gevolgen kunnen zijn van het opbaggeren van 1 200 km van de zeebodem. De gevaren die verborgen worden door de onontplofte munitie van de Tweede Wereldoorlog, die kan worden gevonden in het gebied, zijn ook nog niet opgehelderd. Het feit dat gevaarlijke chemische stoffen in de zee komen tijdens het leggen van de pijpleiding draagt ook bij aan de bezorgdheid.
Dit zijn zulke belangrijke kwesties dat ik het onvoorstelbaar vind het project op verantwoorde wijze te realiseren zonder er duidelijk en geruststellend op te reageren. Ik vind dat de bescherming van het milieu en de veiligheid van de energievoorraden elkaar niet uitsluiten. Als het Europees Parlement werkelijk een instelling wil worden die dicht bij de burgers staat, moet het rekening houden met de 30 000 handtekeningen op verschillende verzoekschriften die de aandacht vestigen op de milieurisico’s van de gaspijpleiding in de Oostzee, en moet er een echt antwoord worden gegeven op de vragen die zijn gerezen. Dank u.
Proinsias De Rossa (PSE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, dit verslag is voortgekomen uit een verzoekschrift van 30 000 Europese burgers. De Commissie verzoekschriften heeft al een onschatbare rol gespeeld door de kwestie op de Europese agenda te zetten. Het is van essentieel belang voor het vertrouwen van burgers dat Europa zich in feite namens hen daarmee kan bezighouden. Daarom is het van het grootste belang dat Europa blijft inzien dat het bezig is met de gevolgen voor het milieu van dit voorstel, en daarom rust er een zware last op de schouders van commissaris Dimas.
Wij moeten aantonen dat we in staat zijn om de gezondheid van de burgers en de duurzaamheid van ons milieu te waarborgen. De absolute noodzaak om energiebronnen te ontwikkelen, en het inkopen van energiebronnen, moet zijn gebaseerd op de beginselen van duurzaamheid. De amendementen van mijn fractie op dit verslag zijn bedoeld om het verslag te richten, of liever opnieuw te richten op deze beginselen. Ik doe een beroep op het Parlement om deze te steunen.
Een milieueffectrapportage is noodzakelijk en verplicht, zoals commissaris Dimas heeft uitgelegd, indien vergunningen op wettelijke wijze worden verleend. Hoe we deze kwestie zullen behandelen, zal de toon zetten voor de toekomst, en we moeten zorgen dat het evenwicht goed is.
Henrik Lax (ALDE). - (SV) Mijnheer de Voorzitter, er zijn ten minste twee goede dingen voortgekomen uit het feit dat het Europees Parlement deze Nord Stream zaak heeft opgepakt voor een debat. Dankzij de openbare raadpleging in januari in de Commissie verzoekschriften, kunnen we verwachten dat Nord Stream zich zal verplichten tot een onpartijdige en uitgebreide milieueffectrapportage.
De tweede goede zaak is dat het debat aan de eigenaren van Nord Stream en de Russische staat ook duidelijk maakt dat een vergunning voor de aanleg van de gaspijpleiding alleen kan worden verkregen als Rusland ook het Verdrag van Espoo ratificeert. Het is een eerste vereiste dat wettelijke aansprakelijkheid in geval van schade geregeld moet zijn. Zoals we echter hebben gehoord, zullen er ook andere maatregelen nodig zijn die het vertrouwen opbouwen, wil dit project de sterke verenigende band tussen de EU en Rusland worden waar we op hopen. Gazprom moet onder andere ook in staat zijn om een publieke demonstratie te geven van het vermogen om in de praktijk zijn verplichtingen na te komen wat betreft aflevering in de toekomst.
Helmuth Markov (GUE/NGL). – (DE) Mijnheer de Voorzitter, natuurlijk heeft de bouw van pijleidingen – of het nu olie- of gaspijpleidingen zijn – een effect op het milieu, en het maakt niet uit of deze pijp door de Noordzee loopt van Ekofisk naar Emden, zoals deze momenteel bestaat, of dat deze van Rusland naar Duitsland loopt via Polen, die ook al bestaat.
Er moeten milieueffectonderzoeken worden uitgevoerd; goedkeuringsbeoordelingen van plannen moeten ter hand worden genomen. Dit alles is op internationaal niveau geregeld. Wij hebben het Verdrag van Espoo, en dat betekent dat de landen waarvan het grondgebied door de pijpleiding wordt doorkruist de verantwoordelijkheid hebben om te controleren of het constructiewerk daar uitgevoerd kan worden of niet. Ik heb vertrouwen in deze landen en ik ben ervan overtuigd dat dit Verdrag in acht genomen zal worden, en pas daarna kan men debatten voeren of er een alternatieve versie is die deze of die kant op zal gaan.
Wat we nu doen, lijkt me soms heel erg een geval van politieke vooringenomenheid. Omdat we politieke invloed hebben, moeten we absoluut de pijpleiding daar leggen. Dit betekent het omzeilen van de milieueffectrapportage. Laten we de landen en hun autoriteiten alstublieft laten besluiten of er op gepaste wijze aan de milieuverplichtingen wordt voldaan of niet. Het is onze taak als Europeanen om te zeggen dat we vertrouwen hebben in de betreffende lidstaten.
Ria Oomen-Ruijten (PPE-DE). – (NL) Voorzitter, wij houden dit debat vandaag omdat burgers en overheden ongerust zijn over de aanleg van deze pijplijn. Zij zijn ongerust, omdat het milieu in het gevoelige gebied van de Oostzee gevaar loopt.
Hier is echter sprake van een enorme politisering van het debat. Iedereen vindt dat alle internationale en milieuverdragen gerespecteerd moeten worden, zeker wanneer het gaat om het gevoelige gebied van de Oostzee. Voorzitter, de politisering die hier echter plaatsvindt, heeft daarmee niets te maken. Wij moeten erkennen dat wij de energie nodig hebben, dat de binnenlandse productie bijvoorbeeld, ook in Nederland, steeds meer daalt en dat wij dus het gas van anderen nodig hebben. Dat gas komt uit Rusland. Het zou veel beter geweest zijn dat gas over land te transporteren. Dat is echter onmogelijk gemaakt. Nu moeten wij door dat gevoelige gebied. Mijn eerste punt betreft dus het respect voor alle internationale en milieuverdragen.
Een tweede punt is – en ik hoop dat niet iedereen doof is geweest – dat bij een toereikende milieueffectrapportage vervolgens vergunningen moet worden afgegeven. Dergelijke vergunningen moeten worden afgegeven door Duitsland, door Denemarken, door Zweden en ook door Finland. Hierover moeten wij later, aan het einde van het jaar, nog eens een oordeel vellen.
Een ander punt. Wij hebben ook een zekere wederkerigheid nodig. Wij zijn afhankelijk van het Russische gas en de Russen zijn afhankelijk van onze afnamebereidheid. Ik hoop dat die wederkerigheid straks, zonder alle politieke emoties naar aanleiding van dit project, goed geregeld wordt in de partnerschapsovereenkomst. Op die manier zullen wij dan veel problemen uit de wereld helpen.
Victor Boştinaru (PSE). - (RO) Dit verslag verwijst naar de milieukwesties, maar het kan niet en zou niet alleen kunnen verwijzen naar milieukwesties.
Ten eerste wil ik graag benadrukken dat we dit project, dat de energietoevoer van Europa zou kunnen verbeteren, moeten steunen. Daarom vind ik het betreurenswaardig dat de Europese Unie nog geen gezamenlijk energiebeleid heeft ontwikkeld.
De Europese Unie heeft gezamenlijk milieunormen nodig en niet alleen wanneer het gaat over projecten van de omvang als dat van Nord Stream. Er zijn soortgelijke projecten gepland in andere delen van Europa en deze normen waarover men het eens moet worden, moeten overal worden toegepast.
Nord Stream zal een belangrijk precedent zijn en we moeten zeker stellen dat we in de goede richting gaan. Dit verslag is het antwoord van het Europees Parlement op een verzoekschrift met meer dan dertigduizend handtekeningen en we hebben niet het recht de mening van Europese burgers te negeren.
De geschiedenis van de menselijke ontwikkeling, met name in de industriële sector, heeft een nasleep van ware milieurampen. Wij, het Europees Parlement, in het Europa van 2008, mogen deze geschiedenis zich niet laten herhalen.
Johannes Lebech (ALDE). – (DA) Mijnheer de Voorzitter, de Oostzee is een zeer kwetsbare zee, en Nord Stream zal invloed hebben op de zeebodem en de biodiversiteit in het gebied. Daarom geloof ik dat alle kuststaten gezamenlijk de milieuveiligheid nauwkeurig in de gaten moeten houden, en dat Nord Stream compensatie moet betalen voor alle schade die kan optreden in verband met de aanleg van de pijpleiding. Het milieuprobleem is echter niet de enige kwestie met Nord Stream. Er bestaat ook gebrek aan vertrouwen tussen Rusland en de landen van het Oostzeegebied. Het is bekend dat Rusland het energiebeleid meer dan eens heeft gebruikt als politiek middel. Bovendien zien veel van de landen van het Oostzeegebied Nord Stream als een duidelijke poging van Rusland om aan hen voorbij te gaan en direct de West-Europese markt binnen te komen. Bovendien kan Nord Stream worden gezien als voorbeeld van een bilaterale overeenkomst tussen Rusland en een EU-lidstaat. Daarom heeft Europa een speciaal en fundamenteel belang in Nord Stream aangezien het, wanneer het gaat om energietoevoer, belangrijk is dat de EU verenigd is in een gezamenlijk energiebeleid en dat afzonderlijke lidstaten geen bilaterale overeenkomsten sluiten. Als dat het geval is, is het belangrijk dat Rusland goede wil toont en deelneemt aan alle internationale overeenkomsten.
Urszula Gacek (PPE-DE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, de pijpleiding van Nord Stream in de Oostzee is al een controversieel project sinds de dag dat de voormalige Duitse kanselier een hoge leidinggevende positie aannam bij het bedrijf dat de onderneming leidde. Het heeft gerechtvaardigde ongerustheid gewekt over energieveiligheidskwesties in verschillende landen rond de Oostzee. Het is een klassiek voorbeeld geworden van het beginsel van Europese solidariteit die misliep. Er kan bepaald geen twijfel bestaan betreffende het geopolitieke belang van het Nord Stream project voor Rusland.
We debatteren vandaag echter niet over deze kwesties. Vandaag gaat het over een ander zeer belangrijk aspect van de Nord Stream pijpleiding: de gevolgen ervan voor het milieu. Ik was daarom uiterst verbaasd dat commissaris Dimas eerst het belang van de energietoevoer en de zakelijke aspecten van het project benadrukte, en pas later refereerde aan de gevolgen voor het milieu. Ik had een ander stel prioriteiten verwacht van de commissaris van milieuzaken.
Wij zijn het er allemaal over eens dat de Oostzee een unieke en milieutechnisch kwetsbare omgeving is. Talrijke deskundigen delen de bezorgdheid van de ondertekenaars van het verzoekschrift en zijn terecht achterdochtig over een milieueffectrapportage die op papier is gezet door deskundigen van Nord Stream. Denkt u er alstublieft aan dat juist de landen rond de Oostzee die de niet-milieudreigingen van de pijpleiding het sterkst voelen, ook directe milieuschade zullen lijden. Het aannemen van amendementen die de milieudreigingen afzwakken zullen, eerlijk gezegd, de zaak nog erger maken.
Vural Öger (PSE). – (DE) Mijnheer de Voorzitter, natuurlijk is het in het belang van alle mensen van de EU, en vooral van de landen die grenzen aan de Oostzee, dat de omgeving niet wordt blootgesteld aan gevaar. Maar als alle milieubezwaren zijn afgewend, staat niets anders de Oostzeepijpleiding in de weg, want de EU vertrouwt zowel op de diversificatie van energiebronnen als ook op de diversificatie van energietransportroutes.
De EU zal vanaf 2012 elk jaar een extra 200 miljard kubieke meter gas moeten importeren. Als we onze toekomstige energievoorraden veilig willen stellen, dan is iedere pijpleiding belangrijk voor de EU: de Oostzee pijpleiding is een aanvullende energieroute en moet daarom niet beschouwd worden als concurrentie voor andere projecten. Op politiek gebaseerde argumenten moeten de economische belangen van de EU niet in de weg staan.
Verschillen tussen de oostelijke en westelijke Europese lidstaten hadden van tevoren bijgelegd moeten worden. In de toekomst zou deze taak aan een “Mister EU-Energie” overgelaten kunnen worden. Misverstanden en onenigheden zouden van tevoren voorkomen kunnen worden door middel van coördinatie, transparantie en de uitwisseling van informatie. Deze discussie benadrukt weer eens de behoefte aan een gezamenlijk en gecoördineerd buitenlandbeleid van de EU.
Grażyna Staniszewska (ALDE). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, voor mij zijn de noordelijke gaspijpleiding en de benadering van het Europees Parlement van de noordelijke gaspijpleiding een test van de werkelijke waarde van de Europese Unie, een test of de EU werkelijk handelt op basis van solidariteit. Het is ook een test van onze toegewijdheid aan milieubescherming. Indien bij veel kleinere projecten die aanzienlijk minder risico’s met zich meebrengen voor zowel de mensen als de omgeving, het een vereiste is om verschillende alternatieve voorstellen naar voren te brengen, zodat het beste kan worden gekozen, zou men bij dit enorme project, dat in potentie een serieuze bedreiging kan vormen niet alleen voor het milieu maar ook voor de mensen, moeten eisen dat de voorstanders verschillende alternatieve voorstellen indienen. Pas dan moet het meest gunstige voorstel, dat het minst schadelijk is voor de mensen en voor het milieu, worden gekozen. Het is uitermate vreemd dat deze aanpak in het geval van deze enorme onderneming, is genegeerd.
Vytautas Landsbergis (PPE-DE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik hoop dat niemand in het EU-leiderschap gelukkig was in Khanty-Mansiysk toen de nieuwe Russische president spotte met de Europese solidariteit.
Nu staan we voor de huidige uitdaging: worden de legitieme bestaande zorgen van kleinere aan de kust gelegen staten gerespecteerd of wordt er geen acht op geslagen? Als die “aangrenzende” volkeren niet worden gerespecteerd en hun lot blijft marginaal, dan worden wij allemaal in een moeras van neokolonialisme getrokken binnen het nieuwe Europa. Als het Parlement tegen een werkelijk onafhankelijke milieueffectrapportage stemt en een afkeer heeft van het voorkomen van werkelijke gevaren omdat het grote geld botweg zegt “er bestaat geen risico voor een ramp”, nadat dergelijke standpunten zijn voorgesteld als een urgente zaak door één nationaal team, riskeert de EU zelf als een Europees idee te worden gedumpt in een giftige bodem.
Collega’s die luisteren, gaan naar de grafmonumenten van Adenauer, Schuman en De Gasperi en vragen hoe ze moeten stemmen, met name over de eerste vijf Gazprom-amendementen. Wat mij betreft zal ik elke gerespecteerde Duitse parlementariër in dit Huis die tegen deze amendementen van 41 leden stemt, de hand schudden.
Degenen die op een dwaalspoor gebracht waren, kunnen de vergissing goedmaken door zich te onthouden. Laat Europa onze prioriteit blijven.
(Applaus)
Lidia Joanna Geringer de Oedenberg (PSE). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, de geplande noordelijke gaspijpleiding die Rusland en Duitsland verbindt, gaat de langste onderzeese gaspijpleiding met dubbele pijp ter wereld worden, en ook de meest ondiepe, hetgeen deze leiding bijzonder gevoelig maakt voor mogelijke schade. Het lijdt geen twijfel dat de omvang van het enorme werk op het uitgestrekte gebied van de Oostzee een ernstig gevaar vormt voor de natuurlijke omgeving, voor biodiversiteit en habitats, voor de veiligheid en beweging van de scheepvaart, en, als er een ecologische ramp gebeurt, ook de gezondheid van de bevolking van de landen die aan de Oostzee liggen.
Krachtens het Verdrag van Espoo moet, door het ernstige risico voor de natuurlijke omgeving, de eerste stap zijn het overwegen van alternatieve routes voor de installatie van de gaspijpleiding, zonder verstoring van het mariene milieu. In dit geval zou dit landroutes voor de pijpleiding betekenen. Aanleg op de zeebodem van de Oostzee is geen bilaterale kwestie tussen Duitsland en Rusland aangezien, indien er een ecologische ramp plaatsvindt, alle landen aan de Oostzee schade zouden lijden. Een dergelijk belangrijk project moet alleen worden gerealiseerd in de geest van Europese solidariteit en met de instemming van alle staten die aan de Oostzee liggen, nadat een grondige en onafhankelijke milieueffectrapportage is uitgevoerd.
Adam Bielan (UEN). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag beginnen met een woord van dank gericht aan de auteur van dit verslag, voorzitter Marcin Libicki. Hij heeft dit verslag voorbereid onder uitzonderlijk moeilijke omstandigheden, aangezien hij geconfronteerd werd met ongebruikelijk sterk lobbyen door vertegenwoordigers van het consortium dat verantwoordelijk is voor de bouw van dit controversiële project. Ik hoop dat de uiteindelijke versie van dit verslag zal tonen dat de tijden dat lobbyende groepen een significante invloed hadden op de wetten die werden aangenomen door de Europese Unie tot het verleden behoren.
Vervolgens wil ik, gezien de verdiensten van de zaak, graag de nadruk leggen op het feit dat bij het onderzoeken van projecten die directe invloed hebben op de leden, de Europese Unie objectieve milieubeschermingsnormen moet hanteren. Het verslag van vandaag is een test van die objectiviteit. Het project Nord Stream zal, zoals wij allemaal weten, een desastreus effect hebben op de natuurlijke omgeving van de Oostzee. We kunnen niet toestaan dat een dergelijke gevaarlijke investering plaatsvindt binnen de Europese Unie zonder de toestemming van een kwart van haar inwoners. Ons doel moet zijn om een consensus te bereiken, niet om een milieutechnisch gevaarlijk en economisch twijfelachtig project doorgedrukt te krijgen door een gigantisch machtig bedrijf.
De noordelijke gaspijpleiding is oneconomisch: deze is meer dan 30 keer duurder dan de aanleg over land. Volgens de laatste schattingen zal het project tussen de 10 miljard euro en 20 miljard euro kosten. Een alternatieve pijpleiding over land zou ongeveer 3 miljard euro kosten. Dit betekent dat het verzonden gas veel meer zal kosten, hetgeen een onmiddellijke stijging zal veroorzaken in de kosten van gasimporten voor de gehele Europese Unie.
Een tweede punt voor dit ongebruikelijk controversiële project is de energieveiligheid van de Europese Unie. Het bouwproject van Nord Stream zal een drastisch effect hebben op deze veiligheid. In reactie op de acties van Rusland moet de Europese Unie de toegang van de lidstaten tot gas en oliebronnen in Centraal Azië uitbreiden in plaats van ons nog afhankelijker te maken van gasvoorraden van Gazprom, zoals nu gebeurt. De activiteiten van het Kremlin zijn gericht op het voorkomen van diversificatie van gasvoorraden in Europa en Nord Stream levert de perfecte manier om dit doel te verwezenlijken. Zoals ik zojuist al zei, dit project heeft absoluut geen economische rechtvaardiging.
Het project Nord Stream toont het vermogen van het Kremlin om de markt voor gas in Europa te monopoliseren. Tegelijkertijd leveren de problemen met het Europese Nabucco-project een voorbeeld van het falen van de Unie om haar eigen energieveiligheid te garanderen. Op dit punt rijst de vraag: hoe komt het dat Duitsland, een land dat nog niet zo lang geleden een fervent voorstander was van vrijheid en veiligheid in de voormalige Oostbloklanden, nu deze landen het risico laat lopen om opnieuw soevereiniteit te verliezen? Door de plannen van het Kremlin te steunen, die gericht zijn op totale energiedominantie in West-Europa, laat Duitsland deze landen het risico lopen op politieke chantage van Rusland.
Ik doe een beroep op alle parlementaire fracties om het verslag van vandaag te steunen, teneinde zo een enorme ecologische ramp af te wenden, en het recht van alle landen die aan de Oostzee liggen te respecteren om hun toestemming te geven of in te trekken voor dit soort investering. Wat de Europese Unie op dit moment nodig heeft is solidariteit in alle aspecten, zowel wat betreft de energieveiligheid als wat betreft de milieubescherming.
VOORZITTER: MIGUEL ANGEL MARTÍNEZ MARTÍNEZ Ondervoorzitter
Tunne Kelam (PPE-DE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik denk dat dit verslag een testcase wordt of het Europees Parlement in de eerste plaats de belangen van de burgers moet dienen – en de burgers zijn echt ongerust – of zal buigen voor de druk van grote bedrijven, een druk die werkelijk gênant is geworden.
Het spijt me dat deze kwestie zo zeer is gepolitiseerd. Maar dit is een gevolg van het feit dat deze zaak is begonnen door bilaterale overeenkomsten, waarbij alle andere belanghebbende partijen werden genegeerd.
Wat we nu nodig hebben – en ik ben het volledig eens met mevrouw Wallis – is een gecoördineerde, coherente EU-benadering en strenge naleving van de EU-wetgeving. De allereerste voorwaarde voor het aanleggen van de pijpleiding moet een oprecht onafhankelijk onderzoek zijn naar de gevolgen voor het milieu onder supervisie van de Commissie, waarin de aansprakelijkheid voor mogelijke schade wordt vastgelegd, en Rusland het Verdrag van Espoo ratificeert.
(De spreker wordt door de Voorzitter onderbroken)
Danutė Budreikaitė (ALDE). – (LT) EU-landen blijven projecten uitvoeren met potentieel rampzalige gevolgen, terwijl ze tegelijkertijd discussiëren over de effecten van menselijke activiteiten op het milieu.
Gisteren was de Nord Stream pijpleiding een zakenproject tussen twee landen – Duitsland en Rusland; vandaag is het een EU-prioriteit geworden.
De Nord Stream pijpleiding zal aangelegd worden in een ondiepe zee die toevallig de meest vervuilde zee ter wereld is, waarvan de bodem is bezaaid met chemische wapens uit de Tweede Wereldoorlog samen met verontreinigende stoffen van Russische militaire bases. Het is de bedoeling om gebieden van het Natura 2000-programma te doorkruisen. Het is noodzakelijk dat we een onafhankelijk onderzoek krijgen naar de potentiële gevolgen voor het milieu.
In het geval van een ramp, zullen de mensen die rond de zee wonen direct schade lijden en er zullen ook gevolgen zijn voor de economie van de landen en het milieu in het algemeen. Wie zal er verantwoordelijk gehouden worden?
Er zijn 10 landen waarvan de burgers rond de Oostzee wonen; het zijn niet alleen Duitsland en Rusland, landen die een geschiedenis hebben in het bepalen van het lot van andere naties.
Ik doe een beroep op Europa om eensgezind te zijn bij de zoektocht naar alternatieven, zoals pijpleidingen over land en het overwegen van kernenergie, geen gas, als een milieuvriendelijk alternatief met de mogelijkheid om de EU veilige energie te verschaffen.
Zbigniew Krzysztof Kuźmiuk (UEN). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, de afgelopen maanden heb ik een aantal vragen ingediend bij de Commissie over dit onderwerp, en ik heb steeds antwoorden ontvangen die onduidelijk waren en van een algemene aard. Ik wil graag uw aandacht vestigen op drie kwesties in dit debat. In de praktijk hebben alle landen die aan de Oostzee grenzen ernstige bedenkingen over dit project en geloven dat er een negatief effect zal zijn op het milieu van de van de Oostzee. De tweede kwestie betreft de kosten van dit project die, ook volgens de investeerder, dramatisch stijgen: aanvankelijk waren ze beraamd op 4,5 miljard euro, nu bedragen ze rond de 8-12 miljard euro. Je kunt zeggen dat dit alleen invloed heeft op de opdrachtgever, maar het punt is dat de kosten uiteindelijk worden doorberekend naar de consumenten. Dit is des te verwonderlijker aangezien er alternatieve routes over land zijn voor de gaspijpleiding die twee of drie keer goedkoper zijn. Ten derde en laatste, is dit een project dat de kern aantast van het ideaal van een gezamenlijk energiebeleid voor de Europese Unie. Het is moeilijk voor te stellen dat dit ideaal in de toekomst wordt verwezenlijkt, wanneer het gaspijpleidingproject (...)
(De spreker wordt door de Voorzitter onderbroken)
Carl Schlyter (Verts/ALE). - (SV) Mijnheer de Voorzitter, het gaspijpleidingproject is gebaseerd op drie fundamentele vergissingen. Het is verkeerd voor het milieu: er worden miljarden geïnvesteerd in fossiele brandstof in plaats van in zonne- en windenergie, en het zal verwoestend zijn voor het milieu en enorme hoeveelheden slib veroorzaken. Toen de 10 km lange Öresund Brug werd gebouwd, werd er veel meer giftig slib afgevoerd dan werd verwacht. Deze pijpleiding is meer dan 1 000 km lang. Het zal een milieuramp worden, met PCBs, DDT en chemische pesticiden op de zeebodem.
Het project is gebaseerd op egoïsme in plaats van op solidariteit. Duitsland en Rusland handelen over de hoofden heen van andere landen, waaraan geen gas zal worden aangeboden, en ook dat is vreselijk. Nog erger: het is ondemocratisch. De pijpleiding wordt in zee gelegd teneinde te voorkomen dat landeigenaren deze blokkeren. De leiding wordt in de zee aangelegd omdat misschien slechts een paar regeringen “nee” kunnen zeggen waar deze door hun territoriale wateren loopt. U, commissaris, hebt volgens het Verdrag van Espoo het recht om het niet-territoriale deel van de Oostzee te verdedigen. U, alleen u, kunt opkomen voor de rechten van de landeigenaren krachtens het Verdrag van Espoo en alternatieve routes eisen.
Laima Liucija Andrikienė (PDE-PE). – (LT) Vandaag hebben we het Verdrag van Espoo bij verschillende gelegenheden horen noemen, voornamelijk met betrekking tot de noodzaak voor alle belanghebbende landen om de internationale milieubeschermingsnormen na te leven. Dames en heren, het feit is dat het Verdrag van Espoo niet is geratificeerd door Rusland. Beloftes om zich te houden aan de normen die zijn omschreven in dat document zonder het Verdrag te ratificeren, kunnen niet als geloofwaardig worden beschouwd, aangezien we enige ervaring hebben wat dit betreft met het Energiehandvest.
Een groep medeleden heeft amendementen voorgesteld op het document van vandaag. In de vier jaar dat ik in dit Parlement werkzaam ben, heb ik nooit op een dergelijke schaal het lobbyen van een bedrijf meegemaakt. Wij zijn ons volkomen bewust van de behoefte aan een onafhankelijke beoordeling van de gevolgen voor het milieu, en het standpunt dat deze beoordeling moet worden uitgevoerd door één bedrijf, dat sommigen hebben genoemd, alsof het uitgevoerd zou kunnen worden door alleen dat bedrijf, is volmaakt onacceptabel.
Ik sta achter het Libicki-verslag en doe een beroep op mijn collegaleden om zich bij mij aan te sluiten.
Marios Matsakis (ALDE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, we praten over dit project alsof het de eerste keer is dat er in de wereld een pijpleiding onder water wordt aangelegd. Er zijn tientallen pijpleidingen die onze zeeën doorkruisen, zonder enig probleem. We hebben tegenwoordig de technologie om gas, om energie, naar gebieden te brengen die dat nodig hebben en miljoenen Duitse burgers hebben dit gas nodig en wel zeer urgent.
We moeten eerlijk genoeg zijn om te beseffen dat het doel van dit verslag niet is om tegen te houden dat er gas in Duitsland komt of in de EU, maar om te voorkomen dat dit de Oostzee doorkruist en te zorgen dat het via land gaat. Er staat duidelijk in paragraaf 25 dat het mogelijk is het gas via het land te transporteren, dus kan het louter om politieke en economische redenen Polen passeren. We moeten eerlijk genoeg zijn om dit toe te geven. Het is niet ethisch om milieubelangen te gebruiken teneinde politieke doelstellingen te bereiken, en om die reden zal ik er tegen stemmen.
Konrad Szymański (UEN). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag een antwoord geven aan commissaris Dimas, die zijn aandacht richtte op politieke en economische kwesties, waarbij hij de vraag van het milieu enigszins vermeed. Wij weten allemaal dat Rusland niet van plan is het wederkerigheidsbeginsel na te leven wat betreft investering in de energiemarkt. In het beste geval zal het de toegang tot zijn markt reguleren, waarbij te allen tijden Europese investeerders worden uitgesloten. Daarom versterkt het Nord Stream project de economische positie van Rusland en is het schadelijk voor Europa. We weten allemaal dat Rusland niet van plan is om te stoppen met het gebruiken van energie als middel voor het uitoefenen van politieke druk. Op het moment treft dit voornamelijk de Oekraïne. Verwezenlijking van het Nord Stream project zal betekenen dat elk land in de Europese Unie op dezelfde wijze zal worden blootgesteld aan dit soort druk en dus kan worden gechanteerd. We zullen wachten tot de negatieve beoordelingen van de Oostzeelanden in overweging worden genomen in deze kwestie. Commissaris Dimas kan deze standpunten negeren. We kunnen dit project zelfs financieren uit Europese fondsen. Wees in dat geval alstublieft niet verbaasd als meer groepen van Europese burgers zich afkeren van het integratieproces. Sommigen zullen zeggen dat dit project niet van belang voor hen is, anderen dat het schadelijk is.
Árpád Duka-Zólyomi (PPE-DE). - (HU) Dank u, Mijnheer de Voorzitter. Het project Nord Stream is een van de plannen die erop gericht zijn om te voldoen aan de vraag van de EU naar energie. Er bestaan echter veel onzekerheden. De risico’s voor het milieu die bestaan, vereisen professionele effectstudies die uitgevoerd moeten worden met de deelneming van de acht betrokken landen, zonder welke er geen planning kan beginnen.
Het plan dat tot nu toe bilateraal is geweest, heeft ook een bredere projectie die invloed heeft op de veiligheid van Europese energie, en die de Unie niet kan negeren. Als men zich houdt aan het gezamenlijke standpunt van 2006 over het gezamenlijke energiebeleid, is de deelname van de Commissie aan het project van cruciaal belang om maatstaven te bewerkstelligen voor de energiesolidariteit binnen de Unie.
Het is niet goed dat het project is voorbereid zonder de goedkeuring vooraf van de kustlanden. Dit is een plan dat milieurisico’s met zich meebrengt die een derde van de lidstaten van de Unie treft, en er is ook een verstandigere versie over land...
(De spreker wordt door de Voorzitter onderbroken)
Olle Schmidt (ALDE). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, tegen mijn collega, de heer Matsakis, wil ik zeggen dat ik dicht bij de Oostzee woon; hij niet. In naam van de milieusolidariteit zou hij ook enige ongerustheid moeten tonen voor de Oostzeelanden.
(SV) Mijnheer de Voorzitter, soms horen wij in dit Huis bijdragen waarnaar we met speciale aandacht luisteren, en dat is het geval als het bijdragen betreft van Vytautas Landsbergis. Met de ervaring die de heer Landsbergis heeft met de politieke voorwaarden die voor een gebied moeten worden gecreëerd en gevormd in een klimaat van veiligheid, denk ik, dat wij allemaal reden hebben om te luisteren wanneer hij spreekt.
Ik wil graag tegen commissaris Dimas en de hele Commissie zeggen dat ik het onbegrijpelijk vindt dat de EU noch uzelf, commissaris, of de rest van de Commissie, hebben gereageerd op dit enorme project – in termen van veiligheidsbeleid, energiebeleid of milieubeleid. Ik heb de vraag verschillende keren gesteld en uiterst ontwijkende antwoorden gekregen. Ik begrijp niet waarom het zo lang heeft geduurd voordat u betrokken raakte in deze zaak, die betrekking heeft op heel Europa, niet alleen op Rusland en Duitsland.
Ville Itälä (PPE-DE). - (FI) Mijnheer de Voorzitter, de Oostzee is een milieusmet op de Europese Unie. De zee verkeert werkelijk in een slechte toestand. Wij vragen en hebben behoefte aan talrijke middelen om de toestand van de Oostzee te verbeteren, maar dit is niet mogelijk zonder dat Rusland zich inzet voor de zaak in kwestie.
Aangezien we weten hoe belangrijk de aanleg van deze pijpleiding voor Rusland is, hebben we nu de kans om, voordat we een vergunning verlenen voor de aanleg, te eisen dat Rusland zich inzet voor bepaalde andere milieuprojecten, om de uitstoot in de Oostzee te verminderen. Als er een vergunning wordt verleend, moeten we zeker weten dat Rusland werkelijk begaan is met de zaak in kwestie en de noodzakelijke maatregelen initieert.
Dit is zowel een kans als, tegelijkertijd, een kwestie van geloofwaardigheid voor de hele Europese Unie. We moeten als één handelen en eenstemmig zijn in onze betrekkingen met Rusland, teneinde de Oostzee te redden. Nu hebben we de kans om dat te doen, en die moeten we aangrijpen.
De Voorzitter. − Dames en heren, we hebben 10 sprekers het woord gegeven. Dit zijn uitzonderlijke omstandigheden, aangezien we normaal een maximum van vijf hebben. Er zijn nog een paar leden die ook wilden spreken. Ik wil ze eraan herinneren dat zij ook schriftelijk hun bijdragen kunnen leveren, en die zullen natuurlijk worden toegevoegd aan de notulen van de vergadering.
Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil eerst de sprekers in het debat van vandaag bedanken voor hun interessante standpunten. Het is waar dat ik heb verwezen naar de openbare hoorzitting die in januari is gevraagd door de Commissie verzoekschriften, waarin zowel ik als mijn collega, de heer Piebalgs, de commissaris die verantwoordelijk is voor energiezaken, hebben gesproken, en ik heb herhaald wat er gezegd is betreffende de behoefte aan aardgasimport, zoals mijn collega de heer Piebalgs heeft gezegd. Ik heb ook verwezen naar Beschikking nr. 1364/2006 van het Europees Parlement en van de Raad, overeenkomstig welke de richtsnoeren bepaalde prioritaire projecten hebben gespecificeerd als projecten van Europees belang met inbegrip van dit project. Dat was uw beschikking, niet de mijne! Daarom moet u geen kritiek op mij hebben dat ik te veel nadruk leg op economische kwesties! Ik heb exact naar zaken verwezen die door u beslist zijn. Afgezien daarvan lag de nadruk in mijn toespraak op milieuzaken. Dat zijn de zaken waar ik me mee bezig houd. Daarom vraag ik u vriendelijk om een beetje aandachtiger te zijn, niet alleen tijdens een zesde deel van mijn toespraak maar ook gedurende het andere vijfzesde deel.
De zorgen betreffende de milieueffecten van projecten van dergelijke grote omvang, van groot belang en met ingewikkelde technische aspecten, zijn natuurlijk volkomen gerechtvaardigd. Ze brengen met zich mee dat het grote publiek steeds meer betrokken raakt bij debatten over duurzame ontwikkeling en over milieubescherming met betrekking tot grote infrastructuurprojecten.
Zowel de gevolgen voor het milieu als de standpunten van het publiek en van de autoriteiten met verantwoordelijkheid voor milieuzaken, zijn echter opgenomen in de milieueffectrapportage, die is verschaft in de relevante wetgeving inzake milieueffectrapportage, in de EU richtlijnen en in het Verdrag van Espoo, dat Rusland, zoals ik al eerder heb gezegd, heeft ondertekend maar niet geratificeerd, hoewel het verklaard heeft dat het dit zal implementeren. Ik hoop dat Rusland het Verdrag zal ratificeren. We oefenen altijd druk uit op derde landen om overeenkomsten van milieubelang te ratificeren.
De uitkomsten van de milieueffectprocedures moeten zorgvuldig worden geëvalueerd door de autoriteiten met de macht om een uitvoeringsvergunning of bouwvergunningen te verlenen voor elk soort infrastructuurproject. Alleen dan kunnen deze autoriteiten een duidelijk begrip krijgen van de milieukwesties die zijn opgenomen in het verslag dat zo uiterst nauwkeurig is opgesteld door de heer Libicki.
Het verslag noemt bijvoorbeeld de dreiging van vervuiling op grote schaal door de uitstorting van duizenden tonnen chemicaliën in de Oostzee die nodig zijn om de pijpleiding schoon te maken voordat deze in werking wordt gesteld; “specifieke chemicaliën”, zoals het verslag stelt.
De aannemer blijkt echter in februari 2008 te hebben bevestigd dat hij niet van plan is deze chemicaliën te gebruiken bij druktesten van de pijpleiding voordat deze in werking treedt. Dit betekent niet dat het probleem er niet zal zijn. Hoogstwaarschijnlijk zullen er andere chemicaliën worden gebruikt. Niettemin betekent het dat we moeten wachten totdat de milieueffectprocedure is afgerond, zoals vereist is door de wet, om te kunnen discussiëren over de naleving van de EU-wetgeving en het beleid, de gevolgen, de risico’s, de maatregelen en ook om te beslissen over de voorwaarden die moeten worden gesteld aan de projecteigenaar.
De transparantievoorwaarden die zijn gesteld voor de milieueffectrapportageprocedure waarborgen dat alle betrokken partijen, met inbegrip van het Europees Parlement, toegang zullen hebben tot alle relevante informatie.
Het is interessant dat vandaag van verschillende kanten het standpunt is verwoord dat de Commissie een grote bevoegdheid moet hebben, ofwel om milieueffectonderzoeken uit te voeren, ofwel om verschillend beleid op te leggen. De rechtsbevoegdheid van de Commissie is specifiek; ten aanzien van onderzoeken en milieurapportageonderzoeken heeft zij de middelen noch de bevoegdheid, welke laatste ligt bij de lidstaten. De rol van de Commissie is, zoals is vastgesteld in het Verdrag, te zorgen dat de lidstaten zich naar behoren houden aan alle regels van de Gemeenschapswetgeving en die uitvoeren, met inbegrip van de internationale overeenkomsten die zijn geratificeerd door de Gemeenschap.
De Commissie kan zich er alleen in mengen als er ernstige redenen zijn aan te nemen dat er verzuimd wordt de relevante wettelijke verplichtingen uit te voeren die zijn gebaseerd op de Gemeenschapswetgeving, met inbegrip van de milieuwetten van de Europese Unie.
Tot nu toe zijn daartoe geen aanwijzingen geweest, aangezien de milieueffectonderzoeksprocedure nog gaande is. Ik verzeker u dat de Commissie niet zal aarzelen om in te grijpen als en wanneer dat nodig is.
Ten slotte kan ik op dit punt eenvoudig herhalen dat de Commissie verwacht dat de lidstaten hun verplichtingen van de Gemeenschapswetgeving volledig zullen nakomen. Dit is een fundamentele voorwaarde voor elk uiteindelijk besluit tot toestemming.
Ik wil u nogmaals bedanken en ik wil de heer Libicki bedanken voor zijn verslag en voor de gelegenheid die hij ons heeft gegeven om te debatteren over dit cruciale onderwerp van de pijpleiding en de potentiële gevolgen ervan voor het milieu.
(Applaus)
Marcin Libicki, rapporteur. − (PL) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag iedereen bedanken die heeft gesproken in dit debat. Ik moet zeggen dat ik er trots op ben dat ik lid van dit Huis ben. Vandaag heeft dit Huis gesproken met de stem van het volk, hetgeen niet altijd het geval is in het Parlement: de stem van het volk, zoals in de beste Europese tradities van de Europese Parlementen, die werden ingesteld zodat de standpunten van het volk aan de invloedrijke mensen konden worden voorgelegd.
Commissaris Dimas, vandaag bent u een van de invloedrijke mensen van deze wereld. Luistert u alstublieft naar de stem van de mensen, die vandaag door deze parlementariërs hebben gesproken. Bijna iedereen is het erover eens dat deze pijpleiding niet alleen een bedreiging is voor het milieu, maar dat deze schadelijk zal zijn voor de omgeving, ten eerste door het bouwproces en vervolgens, God verhoede het, als er een ramp gebeurt.
Er zijn veel meningen naar voren gebracht over dit onderwerp, maar de heer Dimas heeft ze niet besproken. Waarom leggen we de gaspijpleiding niet over het land aan wanneer dat drie keer goedkoper zal zijn en ook veiliger? De Europese Commissie heeft niets te zeggen toch is dit een kwestie die besproken werd. Er kwam nog een punt aan de orde: het feit dat Nord Stream een staatsbedrijf is, dat het allemaal deel van een politiek plan is. Er waren opmerkingen die erop neerkwamen dat dit allemaal politiek is. Ja, het is allemaal politiek: de politiek van Nord Stream en zijn eigenaar, het Kremlin.
Er werd ook gesproken in het Huis over het feit dat er Europese solidariteit nodig is. Ik begrijp niet waarom het amendement werd ingediend om de zin die de solidariteit bespreekt, te schrappen. Het is exact deze kwestie die een test is voor de Europese solidariteit, zoals zojuist is genoemd. Waarom hebt u niet gesproken over de kosten die zullen worden doorberekend aan de consumenten? Dit werd hier naar voren gebracht. Nu worden we geconfronteerd met deze test: zullen de invloedrijke mensen van deze wereld, de invloedrijke mensen van deze Unie, waartoe u behoort, commissaris, luisteren naar de stem van het volk, zoals de invloedrijke mensen eeuwen geleden naar de stem van het parlement luisterden? Toen ze niet luisterden, liep het slecht af. We hebben de uitkomsten gezien van de Franse, Nederlandse en Ierse referenda. Zie dit alstublieft als een waarschuwing. De invloedrijke mensen in de Europese Unie moeten niet vergeten wie zij dienen, zodat de uitkomst een positieve zal zijn.
De Voorzitter. − Het debat is gesloten. De stemming vindt om 12.00 uur plaats.
Schriftelijke verklaringen (artikel 142 van het Reglement)
Cristian Silviu Buşoi (ALDE), schriftelijk. – (EN) De impuls die is gegeven door het Nord Stream debat vertegenwoordigt een begin voor Europa om eindelijk eensgezind te spreken over energieveiligheidskwesties en om zich te richten op een effectief gezamenlijk energiebeleid.
Energieveiligheid is een essentieel element in de context van de gehele EU-veiligheid en moet daarom met de uiterste zorg worden behandeld, in het bijzonder wanneer we worden geconfronteerd met een groeiende afhankelijkheid van energie-importen, die naar men verwacht tegen 2030 65 procent zal bereiken. Afhankelijkheid van gas alleen zal, naar men verwacht, tegen 2030 stijgen tot 84 procent van de voorraad. Er moet aandacht worden besteed aan de kenmerkende relatie van de EU met Rusland: de nadruk moet worden gelegd op de schepping en naleving van gelijke toegangsvoorwaarden en eerlijke behandeling van zowel Russische investeerders in de EU als van EU-investeerders in Rusland. Helaas is dat laatste geval nog niet in orde en moet er daarom naar worden gestreefd.
Bovendien wil ik het belang erkennen van de mogelijke ratificatie van Rusland van het Energiehandvest en het Transit Protocol bij het vermijden van mogelijke met het Nord Stream project gerelateerde onenigheden.
Ik wil graag nogmaals de potentieel rampzalige gevolgen voor het milieu ter discussie brengen waar het Nord Stream project ons voor stelt, gezien de schaal en de voorgestelde route ervan, en ik wil mijn steun aanbieden voor een alternatieve route over het land.
Titus Corlăţean (PSE), schriftelijk. – (RO) Ik ben blij met het standpunt dat het Europees Parlement heeft aangenomen betreffende de aanleg van een gaspijpleiding om Rusland met Duitsland te verbinden.
De Europese Unie heeft behoefte aan een geïntegreerd, gezamenlijk en coherent energiebeleid, evenals aan een strategie voor de lange termijn om de onafhankelijkheid van energie van de lidstaten te waarborgen.
De Europese Unie moet de milieu- en geopolitieke kwesties betreffende energieveiligheid aanpakken door middel van een eensgezinde inspanning van alle lidstaten, en niet door bilaterale verdragen die worden gesloten door een of andere lidstaat met Rusland. Dat is de enige manier waarop de Europese Unie een sterke positie kan bereiken in de onderhandelingen met Rusland, waarbij wordt verhinderd dat de energiebronnen worden gebruikt als middel tot politieke pressie, en waarbij de EU een gelijke partner van Rusland kan worden.
Op deze manier kunnen we ook antwoorden verschaffen op de gerechtvaardigde frustraties van Roemeense burgers betreffende de constante prijsstijgingen van gas en elektriciteit, met belangrijke negatieve sociaal-economische gevolgen voor de Roemenen en hun levensstandaard.
Tegelijkertijd kan de oplossing van een gezamenlijk Europees energiebeleid een aanvulling zijn op het onvermogen van de rechtse bestuurders in Boekarest om de Roemeense energiebelangen met betrekking tot Rusland te bevorderen.
Mieczysław Edmund Janowski (UEN), schriftelijk. – (PL) Ik wil graag Marcin Libicki, voorzitter van de Commissie verzoekschriften van het Europees Parlement, bedanken voor zijn werk rondom een onderwerp dat veel ongerustheid teweeg heeft gebracht. Meer dan 30.000 bezorgde EU-burgers hebben om hulp gevraagd met betrekking tot het voorstel voor een pijpleiding op de bodem van de Oostzee. Het is echt een schande dat degenen die van plan zijn in deze onderneming te investeren, nog steeds geen milieueffectbeoordeling hebben laten plaatsvinden. Dit zal toch met 1200 kilometer het langste onderzeese bouwproject ter wereld zijn. De kwestie waarover we vandaag debatteren, heeft zowel een ecologische als een economische dimensie. We kunnen natuurlijk niet ontkennen dat de hele zaak een politieke achtergrond heeft. De pijpleiding zal door Natura 2000-gebieden lopen, en ook door gebieden waar ammunitie is gedumpt en gifgas uit de Tweede Wereldoorlog in zee ligt. Er moet daarom betrouwbaar onderzoek worden verricht, waarbij wordt gekeken naar de risico’s die zich in de volgende vier situaties voordoen: tijdens de constructie van de pijpleiding, bij normaal gebruik, in gevaarlijke situaties (een ramp) en als de pijpleiding na gebruik of na beëindiging van het leveringscontract wordt ontmanteld. We beschikken niet over betrouwbaar onderzoek met betrekking tot dit project, terwijl nu voor vrijwel elk bouwproject een milieueffectbeoordeling wettelijk verplicht is. Deze kwestie raakt niet slechts twee landen: Duitsland en Rusland. Deze kwestie demonstreert ook het gebrek aan Europese solidariteit op energiegebied. Laten we daarom naar onze bezorgde burgers luisteren. Zij weten dat hier iets niet in orde is.
Anneli Jäätteenmäki (ALDE), schriftelijk. – (FI) De beslissing over de aanleg van de gaspijpleiding in de Oostzee is een transactie tussen twee spelers: Rusland en Duitsland. Het hoort een zaak te zijn voor alle staten rond de Oostzee. Duitsland en Rusland zijn niet de enige staten aan de Oostzee. Een gezamenlijke beslissing over deze zaak is terecht aangezien de gaspijpleiding van de Oostzee nadelige gevolgen voor het milieu van de Oostzeestaten zal hebben.
De gevolgen voor het milieu van de gaspijpleiding van de Oostzee moeten worden onderzocht en de noodzakelijke maatregelen moeten worden getroffen. Een verplichting van Rusland om het Verdrag van Espoo na te leven, moet als voorwaarde worden gesteld voor een bouwvergunning.
De toestand van het milieu van de Oostzeelanden kan alleen worden verbeterd als Rusland er in geïnteresseerd is en zich ervoor inzet. We hebben nu de kans om Rusland te verplichten.
De economische welvaart van Rusland hangt af van energie-exporten. Aan de andere kant is de EU afhankelijk van de energie van Rusland. Eerlijke strategische samenwerking die het milieu respecteert, is noodzakelijk tussen de EU en Rusland.
Er is veel kritiek geweest op het Kremlin in dit Huis. Er zijn echter altijd twee partijen nodig voor een overeenkomst.
Het is nu tijd dat de EU naar zichzelf kijkt. Er zijn goede redenen om de EU-samenwerking en de ongerustheid over de toestand van de Oostzee om te zetten in daden!
Siiri Oviir (ALDE), schriftelijk. – (ET) Artikel 194 van het toekomstige Verdrag betreffende het functioneren van de Europese Unie (het Verdrag van Lissabon) geeft duidelijk aan dat het EU-beleid betreffende energie, in een geest van solidariteit tussen de lidstaten, aandacht moet hebben voor de noodzaak om het milieu te beschermen en te verbeteren. Ik kan op geen enkele manier goedkeuren dat het milieu in Europa ondergeschikt kan worden gemaakt aan het externe energiebeleid van de EU, wanneer Europa zich nog de afgelopen jaren krachtig heeft uitgesproken voor milieubescherming. Gezien het feit dat de Oostzee nu al een van de meest vervuilde maritieme gebieden is, is het onacceptabel dat deze wordt blootgesteld aan nog meer risicofactoren, die het gebied in de toekomst op de rand van natuurlijke en economische rampen kunnen brengen. Ik dring er bij het Europees Parlement op aan om de ideeën te ondersteunen die naar voren zijn gebracht door de Oostzeelanden, de rapporteur en de milieuorganisaties om de Oostzeepijpleiding op het land aan te leggen en daarom dring ik er bij de Europese Commissie en de Raad op aan om alle beschikbare wettige middelen te gebruiken die zij tot hun beschikking hebben om de plannen van de aannemer om de the pijpleiding door de Oostzee aan te leggen, te veranderen.
Sirpa Pietikäinen (PPE-DE), schriftelijk. – (FI) Mijnheer de Voorzitter, rapporteur, dames en heren, ik wil graag de rapporteur feliciteren met zijn zeer succesvolle werk. Het verslag richt zich op geloofwaardig wijze op de ongerustheid van de burgers van de Unie – in het bijzonder op de burgers uit de landen rond de Oostzee – over de gevolgen voor het milieu van de geplande gaspijpleiding. De aanleg van de gaspijpleiding in de Oostzee is hoofdzakelijk een milieukwestie, en het hele project en de haalbaarheid ervan moet in dit licht nauwkeurig worden bekeken.
De Oostzee is een van de meest vervuilde zeeën van de wereld. Het speciale karakter ervan maakt het een bijzonder kwetsbare zee: het is een van de meest ondiepe zeeën in de wereld en de wateromloopsnelheid ervan is laag. De Oostzee is een unieke massa van brak water, en om die reden zijn sommige planten en dieren in de zee nergens anders te vinden. Omvangrijke milieuschade zou rampzalig zijn voor de zee.
Ik ben een sterk voorstander van het verzoek in het verslag om een onafhankelijke derde partij die een milieueffectanalyse uitvoert. Deze analyse moet gebaseerd zijn op uitgebreide wetenschappelijke en milieufactoren.
Het is ook mogelijk te zorgen dat zelfs Rusland zich houdt aan de aanvaarding van de tenuitvoerlegging van negatieve beslissingen van de milieurapportages door middel van internationaal overeengekomen verdragen. Alle verdragen die zijn genoemd in het verslag zijn relevant. Het is opmerkelijk dat dit de eerste keer zou zijn dat het verdrag van Helsinki van 1974 in praktijk gebracht zou worden.
De bouwwerkzaamheden moeten niet beginnen voordat alle mogelijke milieueffecten die verbonden zijn met de levenscyclus van de pijpleiding zijn beoordeeld. Het aanleggen van de pijpleiding over land moet ook nauwkeurig worden overwogen. De energiebehoeften van de Unie zijn onbestreden. Er zijn echter vele manieren om aan de energiebehoeften te voldoen, en de zeeën binnen de Unie moeten niet onmiskenbaar in gevaar worden gebracht alleen omdat andere opties duurder zouden lijken.
Zdzisław Zbigniew Podkański (UEN), schriftelijk. – (PL) De gaspijpleiding van de Oostzee heeft veel aspecten, waaronder economische, ecologische, energie en politieke aspecten. Afgezien van het energieaspect blijft geen van de andere overeind.
Vanuit een economisch oogpunt is het veel beter en drie keer zo goedkoop om een gasleiding over land aan te leggen, in plaats van een op de zeebodem. Vanuit een ecologisch oogpunt bestaat de dreiging van een ramp door de aanleg van een gaspijpleiding op de zeebodem voor het hele Oostzeewaterbekken, en niet alleen het waterbekken. Niemand heeft de omvang van het risico volledig geanalyseerd en niemand kan de gevolgen overzien. Vanuit politiek oogpunt is het voordelig voor Rusland, brengt het onenigheid in de Europese Unie en heeft het tot gevolg dat Duitsland de EU-grondbeginselen van partnerschap en solidariteit schendt.
In deze omstandigheden moet het verslag van de heer Libicki, dat overtuigende en specifieke informatie bevat, worden aangenomen en moet er rekening mee worden gehouden wanneer een beslissing wordt genomen.
Zuzana Roithová (PPE-DE), schriftelijk. – (CS) Ook ik ben verontrust door de zorgen van tienduizenden burgers die in hun verzoekschrift de risico’s benadrukken die gepaard gaan met de aanleg van de grootste gaspijpleiding op de bodem van de ondiepe Oostzee.
Hun verzoekschrift heeft geresulteerd in een openbare hoorzitting en in een verslag van het Europees Parlement, die de noodzaak hebben benadrukt om andere landen, en in het bijzonder de EU te betrekken bij het besluitvormingsproces. De problemen zijn toe te schrijven aan de ecologische risico’s die bestaan als gevolg van uitgebreide kerkhoven van oorlogsschepen en munitie op de bodem van de zee, en een gevaarlijke chemische methode die nodig is om de pijpleiding schoon te maken voordat deze in werking treedt.
Ik zal geen mening geven over de alternatieve route over land maar ik ben er vast van overtuigd dat de Europese Commissie en de Raad hun taak moeten oppakken als verantwoordelijke coördinatoren en – in het belang van de Oostzeelanden en andere landen – consequent eisen dat de investeerders volledige verantwoordelijkheid op zich nemen voor mogelijke ecologische schade. De Commissie en de Raad moeten ook verzoeken om een onafhankelijke milieueffectrapportage en een rapportage over de alternatieve route over land.
De noordelijke route van gasvoorziening uit Rusland is belangrijk. Daarom is het noodzakelijk dat de EU een overeenkomst met Rusland ondertekent betreffende de voorwaarden voor het bewaken van de bouw van de gaspijpleiding en voor de veilige werking ervan. Tenslotte heeft Rusland, tegen alle verwachtingen in, het Verdrag van Espoo nog niet geratificeerd. Helaas hebben we nog geen gezamenlijk EU-energiebeleid of normen. We kunnen duidelijk zien dat de Europeanen in plaats van een bilaterale overeenkomst tussen Duitsland en Rusland, een EU-overeenkomst en de toestemming van de Oostzeelanden nodig hebben voor de aanleg. Het Parlement geeft wat dat betreft nu een duidelijk politiek signaal af.
Wojciech Roszkowski (UEN), schriftelijk. – (PL) Het debat over het verslag van de heer Libicki toont bijna volledige unanimiteit bij de beoordeling van het Nord Stream project. Het is economisch ongezond, dreigt afgrijselijke extra kosten mee te brengen wat betreft de toekomstige gasprijs, vormt een ecologische bedreiging voor de Oostzeelanden en verhoogt ook de afhankelijkheid van sommige lidstaten van de voorraden van Rusland. De vraag dient zich aan – wie heeft er voordeel van?
De stem van de heer Matsakis, die in deze context sprak over het tegenwerken van dit verslag en opriep tot “eerlijkheid”, kan nauwelijks serieus worden genomen. Het is moeilijk te begrijpen wat de heer Matsakis verstaat onder het concept eerlijkheid.
Het stemmen over dit verslag zal een test zijn van de mate waarin het Europees Parlement werkelijk geleid wordt door de standpunten van economen, ecologen en gewone EU-burger, en hoezeer door de druk van de Russisch-Duitse lobby, die van plan is om de energieveiligheid en de ecologische veiligheid voor sommige lidstaten te verminderen en de EU-solidariteit kapot te maken.
Esko Seppänen (GUE/NGL), schriftelijk. – (FI) Mijnheer de Voorzitter, de aanleg van de gaspijpleiding als een project begraven in de grond zal een goedkopere en veiligere optie zijn dan deze in de zee te laten zinken. De geplande Oostzeepijpleiding zal ongetwijfeld gevolgen hebben voor het milieu, en deze moeten derhalve worden onderzocht. Dat moet worden gedaan teneinde de risico’s tot een minimum te beperken.
Nord Stream valt echter niet binnen het machtsbereik van de EU, en ook het Parlement debatteert alleen maar over de kwestie op basis van een verslag van de Commissie verzoekschriften. Het is de Poolse binnenlandse politiek, die als een milieukwestie op deze omslachtige manier voor een Gemeenschapsinstelling wordt gebracht, zonder enige verwijzing naar de politieke motieven van Polen en de Oostzeelanden.
Als ik een Russische gasverkoper en een Duitse koper zou zijn, zou ik niet kunnen vertrouwen op de veiligheid van toevoer, in het bijzonder in het geval waarin de gaspijpleiding door Pools grondgebied loopt. In Europa hebben wij slechte ervaringen met bemiddeling van de Oekraïne, toen het gasvoorraden opsloeg of verzaakte ervoor te betalen, en daarna, toen het in de knel kwam, gas voor eigen gebruik hield dat van Rusland naar Centraal-Europa was gezonden. Het zelfde soort gevaar is niet uitgesloten in het geval van Polen. Dus logischerwijze werkt het de ontwikkeling van de handel en economische betrekkingen tussen Rusland en de EU tegen. En de landen om de Oostzee ondersteunen het.
Helaas is er geen alternatief over land voor het laten zinken van de pijpleiding in de zee, maar het is een vereiste dat de mariene omgeving wordt beschermd.