6. Communautair systeem van milieukeuren - Vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) (debat)
De Voorzitter. – Aan de orde is de gecombineerde behandeling van de volgende verslagen:
– het verslag (A6-0105/2009) van Salvatore Tatarella, namens de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende een communautair systeem van milieukeuren [COM(2008)0401 - C6-0279/2008 - 2008/0152(COD)], en
– het verslag (A6-0084/2009) van Linda McAvan, namens de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) [COM(2008)0402 - C6-0278/2008 - 2008/0154(COD)].
Salvatore Tatarella, rapporteur. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, allereerst wil ik iedereen die zo efficiënt heeft samengewerkt aan dit verslag bedanken voor het uitstekende werk: de schaduwrapporteurs van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, het Tsjechische voorzitterschap, de ambtenaren van de Europese Commissie en, niet in de laatste plaats, de bewonderenswaardige ambtenaren van alle politieke fracties. Dankzij hun waardevolle bijdrage kon in eerste lezing een akkoord worden bereikt.
Toen ik namens het Parlement de verantwoordelijkheid op me nam om het dossier over de milieukeur te herzien, heb ik me ervoor ingespannen om het systeem sneller te maken. Door middel van een constante actualisering van de milieueisen voor producten die niet aan de normen voldoen, zet het bedrijven ertoe aan zich voortdurend in te spannen om de milieukwaliteit van de op de markt gebrachte producten over de hele lijn te verhogen. Door de verhoging van de productie en verspreiding van producten en diensten met de milieukeur, krijgen we de komende jaren steeds meer aanzienlijke, permanente voordelen voor het milieu in de zin van energiebesparing, vermindering van de luchtvervuiling en waterbesparing. De milieukeur is een ecologisch keurmerk op vrijwillige basis waarmee wordt beoogd de verspreiding van producten en diensten te bevorderen die gedurende de gehele levenscyclus minder effect op het milieu hebben, waarbij aan de consument nauwkeurige, niet-misleidende en wetenschappelijk correcte informatie wordt verstrekt.
De herziening van de huidige verordening is onderdeel van het ruimere Europese actieplan voor duurzame productie en consumptie en hangt nauw samen met de herziening van de EMAS-verordening en de richtlijn voor ecologisch ontwerp. De herziening van de verordening was al voorzien door de Gemeenschapswetgever: het systeem moet worden herzien in het licht van de opgedane ervaring en moet worden gewijzigd om de efficiëntie te vergroten, de planning te verbeteren en de werking te vereenvoudigen. Het doel van het keurmerk is om de consument te overtuigen van producten met een kleiner milieueffect. Tot op heden is de ervaring met de milieukeur zowel negatief als positief. Enerzijds vraagt een steeds groter aantal bedrijven in meer verschillende sectoren het kwaliteitscertificaat aan, omdat zij de selectieve en stimulerende waarde ervan erkennen, aangezien het gaat om een certificaat dat zeer gewaardeerd wordt door consumenten die oog hebben voor maatschappelijk verantwoord ondernemen. Anderzijds moet er ook op een aantal problemen worden gewezen, zoals de geringe bekendheid van het keurmerk bij het grote publiek, het feit dat de criteria snel achterhaald zijn door de ontwikkeling van de markten en de bureaucratische rompslomp die de deelname van bedrijven belemmert. De milieukeur zal een nieuwe gedaante krijgen, niet alleen uiterlijk, maar ook inhoudelijk. Ze zal aantrekkelijker worden en het toepassingsgebied zal worden uitgebreid met nieuwe producten: we gaan er vanuit dat tegen 2015 het huidige aantal van 25 groepen zal zijn verdubbeld, namelijk 40 à 50 groepen. Er zijn promotiecampagnes voorzien; er is een marketingbudget van 9,5 miljoen euro uitgetrokken en er zal een website worden gemaakt waarvoor 15 000 euro is voorzien.
Het principe dat de schaduwrapporteurs het meest interesseerde en waarmee de andere instellingen het eens zijn, is het feit dat de milieukeur niet alleen een bekrachtiging van een behaald resultaat moet zijn, maar eerder een dynamisch instrument dat zich voortdurend ontwikkelt, een drijfveer die producenten en producten steeds aanzet tot hogere milieukwaliteitsnormen, doordat het de toppers op de markt continu evalueert en op basis daarvan nieuwe criteria vastlegt. Wat wij willen garanderen is een controle op de gehele levenscyclus van het product, waarbij rekening wordt gehouden met het milieueffect in alle fasen van het productieproces en die het mogelijk maakt dat alle betrokken partijen van de sector, ook de ngo’s, actief kunnen deelnemen aan het herzieningproces van de compromiscriteria.
(Spreker wordt door de Voorzitter onderbroken)
De Voorzitter. − Mijnheer Tatarella, mag ik u even onderbreken? U hebt nu vijf minuten spreektijd en aan het eind van het debat nog eens twee minuten. Als u nu uw zeven minuten opgebruikt, houdt u geen tijd over aan het eind van het debat. Het is echter aan u om te bepalen of u nu uw zeven minuten volledig gebruikt of nog een minuut wilt overhouden om antwoord te geven op vragen van uw collega-afgevaardigden.
Salvatore Tatarella, rapporteur. – (IT) Ik ga in op uw uitnodiging.
Linda McAvan, rapporteur. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, net als mijnheer Tatarella wil ik graag allereerst de mensen bedanken dankzij wie wij vandaag een akkoord in eerste lezing konden bereiken over het EMAS-verslag. Ik dank de schaduwrapporteurs, die hier vandaag aanwezig zijn, de Commissie die veel heeft gedaan voor het bereiken van het akkoord, en het Tsjechische voorzitterschap, dat nu niet aanwezig is om mijn dankwoord in ontvangst te nemen. Ook dank ik het personeel in het Parlement en de fracties, en mijn assistente, Elizabeth, die zeer veel heeft gedaan om te zorgen dat we vandaag hier kunnen zijn. Het is allemaal erg snel gegaan, vanaf de tijd dat we aan het debat zijn begonnen tot vandaag en daarom hebben we nu nog voor de verkiezingen een akkoord.
EMAS is een systeem met deelneming op vrijwillige basis, dat voorziet in een kader waarmee bedrijven en organisaties hun prestaties op milieugebied kunnen verbeteren. Het is veertien jaar geleden van start gegan en heeft tot nu toe een bescheiden succes gekend met ongeveer 4 000 deelnemers – wat welbeschouwd geen groot aantal is voor de gehele Europese Unie. De Commissie heeft zich ten doel gesteld om dat cijfer te verhogen tot 35 000 deelnemers, wat een zeer ambitieuze doelstelling is. Het is bijna tien keer zo veel.
Ik denk dat het goed is om te proberen EMAS meer ingang te doen vinden, want anders zou de invloed van dit systeem beperkt blijven. Maar als we de invloed ervan willen vergroten, moeten we ook de milieu-integriteit van het programma behouden. Ik denk dat met het akkoord van vandaag een goed evenwicht wordt bereikt, in die zin dat het hierdoor, hopelijk, aantrekkelijker wordt voor de mensen, terwijl de milieu-integriteit behouden blijft.
We zijn het met de Commissie eens geworden over enkele, naar mijn mening belangrijke veranderingen. In de eerste plaats is dat de collectieve registratie, zodat een bedrijf of organisatie met meer dan één vestiging zich maar één keer in een land hoeft te laten registreren, wat zeer belangrijk is. Dit Parlement heeft zich drie keer moeten laten registreren – in Luxemburg, Frankrijk en België – om aan EMAS te kunnen deelnemen. Naar ik van personeelsleden heb gehoord, was dat niet eenvoudig. Dergelijke veranderingen zijn dus belangrijk. Andere punten zijn de clusterregistratie voor organisaties die in dezelfde sector werkzaam zijn en lagere tarieven en minder eisen ten aanzien van rapportage voor KMO’s – ik denk dat EMAS voor kleine organisaties een te zware belasting vormt, dus dat moet veranderen – en een betere aanpassing aan ISO 14001. Van bijzonder belang is voor mij de invoering van sectorale steundocumenten. Ik denk dat de Commissie hier hard aan zal werken en hierdoor zullen organisaties zich gemakkelijker met gelijksoortige organisaties kunnen vergelijken. Er zullen ook kernindicatoren worden ingevoerd. Deze zijn zeer belangrijk voor de verbetering van het programma en helpen mensen van buiten de prestaties van organisaties te beoordelen.
Ik hoop dat dit mensen zal aanmoedigen om aan EMAS deel te nemen, niet omdat het me hier om de cijfertjes gaat en omdat ik wil dat EMAS het opneemt tegen ISO, maar omdat ik denk dat dit een goed systeem is en dat het ons kan helpen om aan de duurzaamheidscriteria te voldoen.
Vandaag zijn de ogen van de wereld gericht op Londen, waar de wereldleiders bijeen zijn om te praten over de financiële recessie en de mondiale bancaire crisis. Sommige mensen zullen zich ongetwijfeld afvragen waarom wij hier over een milieuauditsysteem zitten te praten terwijl organisaties en bedrijven onder financiële druk staan. Ze zullen een dergelijk initiatief van de Commissie als een afleidingsmanoeuvre beschouwen. Maar ik denk dat het dat niet is. Voor mij en mijn socialistische collega’s vormt de groene agenda juist een belangrijk deel van de oplossing voor de huidige financiële crisis. We moeten investeren in energie en hernieuwbare energiebronnen en we moeten onze ecologische voetafdruk verkleinen. Hoewel EMAS maar een klein schakeltje is in het grote geheel met betrekking tot klimaatverandering waar de commissaris zo hard aan heeft gewerkt, denk ik dat het de Europese Unie en de rest van de wereld toch kan helpen bij het verkleinen van onze ecologische voetafdruk.
Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik de rapporteurs, mevrouw McAvan en de heer Tatarella, van harte gelukwensen met hun uitstekende verslagen over de voorstellen tot herziening van het systeem voor toekenning van milieukeuren van de Europese Unie en van het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem.
Dit zijn twee belangrijke milieubeleidsmaatregelen die een vast onderdeel zijn van het actieplan voor duurzame consumptie en productie. Het is positief dat in eerste lezing een akkoord mogelijk is gemaakt. Wat dat betreft is de bijdrage van de leden van het Europees Parlement van doorslaggevend belang geweest. Men is erin geslaagd de milieugerichtheid van het Commissievoorstel geheel te handhaven en bij een vrij groot aantal belangrijke vraagstukken zelfs nog ambitieuzere doelstellingen te definiëren.
Het feit dat in eerste lezing een akkoord kan worden bereikt, maakt nogmaals duidelijk dat de instellingen de wil hebben om de problemen ten gevolge van niet-duurzame consumptie en productie onmiddellijk aan te pakken. De herziening van het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem, EMAS, biedt agentschappen en ondernemingen in heel de wereld de mogelijkheid om de milieugevolgen van allerlei activiteiten efficiënter te beheren. EMAS helpt agentschappen en ondernemingen om hun milieuprestaties voortdurend te verbeteren en draagt natuurlijk ook bij aan de naleving van de relevante milieuwetgeving. Het biedt agentschappen en ondernemingen echter ook andere voordelen, niet alleen omdat het onmiddellijke besparingen mogelijk maakt maar ook omdat het de bureaucratische procedures bij indiening van verslagen beperkt en de bevoegde autoriteiten van de lidstaten stimulansen biedt.
Met de herziening van het systeem kunnen wij tegemoetkomen aan de stijgende vraag van consumenten naar objectieve, onpartijdige en geloofwaardige informatie over de milieugevolgen van de producten die zij kopen. Het herzien systeem zal ons de mogelijkheid bieden om de reeks producten met milieukeuren uit te breiden en ondernemingen ertoe aan te moedigen om hun milieuprestaties te verbeteren. Het logo van de milieukeur zal hun bovendien talloze concurrentievoordelen bieden, zoals geringere heffingen, strengere milieunormen, uitsluiting van gevaarlijke stoffen, eenvoudigere criteria en koppeling van de criteria aan het beleid inzake overheidsopdrachten en aan andere beleidsvormen van de Europese Unie.
Daarnaast wordt het toepassingsgebied van de herziene verordening betreffende milieukeuren uitgebreid. De verordening zal flexibeler worden en berekend zijn op de nieuwe milieu-uitdagingen en –prioriteiten. Daar de verordening betreffende milieukeuren een kaderwetgeving is, worden daarin geen concrete productcriteria vastgesteld. Wel worden voor geselecteerde productcategorieën milieucriteria vastgesteld, zodat het logo kan worden toegekend aan de beste producten in elke categorie.
Tegenwoordig zijn er op de markt talloze milieukeuren, -plaatjes en -teksten, die verwarring zouden kunnen zaaien onder de consumenten. Zo worden er plaatjes van bossen gezet op verpakkingen waarin gevaarlijke stoffen zitten en wordt op etenswaar gezet dat die een neutrale uitstootbalans heeft, of worden auto´s als milieuvriendelijk versleten. Op die manier weet de consument niet meer wie hij wel en wie hij niet kan vertrouwen. Met het compromisvoorstel voor de verordening betreffende milieukeuren kunnen die twijfels uit de wereld worden geholpen.
Alvorens criteria en productcategorieën voor levensmiddelen en dranken vast te stellen zal worden onderzocht welke meerwaarde de milieukeuren kunnen bieden. Na afsluiting van dit onderzoek en na uitvaardiging van een besluit door de Commissie via de medebeslissingsprocedure kan het logo van de milieukeur worden toegekend aan de producten met de beste milieuprestaties.
Ik hoop dat het Parlement volledige steun zal geven aan dit positieve pakket voorstellen. De toekenning van milieukeuren is een van de weinige gevallen waarin er over milieuvraagstukken rechtstreekse communicatie ontstaat tussen de burgers en de Europese Unie. Dankzij de milieukeuren kunnen de burgers gemakkelijker besluiten wat ze moeten kopen en aldus nemen zij rechtstreeks en actief deel aan de bestrijding van niet-duurzame consumptie.
De Europese Commissie kan de compromisvoorstellen geheel aanvaarden, zodat over beide verordeningen een akkoord in eerste lezing kan worden bereikt.
Ik dank de rapporteurs nogmaals voor hun uitstekende werk.
Nikolaos Vakalis, rapporteur voor advies van de Commissie industrie, onderzoek en energie. – (EL) Mijnheer de Voorzitter, allereerst wil ik de rapporteur en al degenen die hebben deelgenomen aan de onderhandelingen met de Raad van harte gelukwensen. De tekst die na het akkoord tussen het Parlement en de Raad uit de bus is gekomen, is mijns inziens heel evenwichtig. Daarmee kunnen wij ons arsenaal in de strijd tegen klimaatverandering versterken.
Ik wil u echter niet verhelen dat ik enigszins teleurgesteld was over de tekst van het oorspronkelijke Commissievoorstel, niet alleen omdat het niet ambitieus genoeg was, maar ook omdat daarmee de zwakke punten, die naar voren waren gekomen bij de toepassing van het systeem van milieukeuren, onmogelijk hadden kunnen worden gecorrigeerd.
De tekst waarover wij nu gaan stemmen, heeft echter mijn aanvankelijke vrees geheel weggenomen. Zo ben ik voldaan over het feit dat een gevoelige productiesector als levensmiddelen en veevoer niet zal worden opgenomen zolang er geen haalbaarheidsstudie is verricht met betrekking tot de vaststelling van geloofwaardige criteria die de milieuprestaties van deze producten gedurende heel hun levenscyclus kunnen dekken.
Tot mijn groot genoegen heb ik kunnen vaststellen dat de Commissie nu verplicht is om binnen negen maanden na het begin van de besprekingen met de Raad over de toekenning van milieukeuren maatregelen uit te vaardigen voor de vaststelling van speciale criteria voor de toekenning van een milieukeur aan elke productcategorie.
Deze termijn is uitermate belangrijk, daar er tot nu toe in deze fase grote vertragingen zijn opgetreden. Ik ben het ermee eens dat kankerverwekkende, toxische of voor het milieu gevaarlijke producten van het systeem van milieukeuren worden uitgesloten. Ook sta ik achter de verwijzing naar de vermindering van het aantal dierproeven.
Positief is ook het feit dat de verificatieprocedure niet overboord wordt gegooid maar flexibeler wordt gemaakt. Het verheugt mij eveneens dat vaak wordt verwezen naar kleine en middelgrote ondernemingen die zoals wij allen weten de ruggengraat zijn van de Europese economie, zeer zeker in deze tijd, waarin wij geconfronteerd worden met de grootste economische crisis van de afgelopen jaren.
Tot slot wil ik u, mijnheer de Voorzitter, niet verhelen dat ik had gehoopt dat er ten aanzien van overheidsopdrachten blijk was gegeven van meer durf en moed. Ik vrees namelijk dat het uiteindelijke compromis ontoereikend zal zijn. Niettemin wil ik er nogmaals op wijzen dat het eindresultaat tevredenstellend is.
Anders Wijkman, namens de PPE-DE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, we hebben lang moeten wachten op het plan van de Commissie voor duurzame productie en consumptie. We hebben het voorstel een aantal maanden geleden ontvangen. Hoewel het omvangrijk is, moet ik helaas zeggen dat de inhoud in het algemeen nogal beperkt en armzalig is. Omdat ik enkele van de eerste ontwerpvoorstellen van de Commissie heb gelezen, weet ik dat er met name in het DG Milieu aanvankelijk veel ambitieuzere plannen bestonden. Het is dus duidelijk dat hier nog werk aan de winkel is en dat er in de toekomst meer diepgang nodig is.
Vandaag spreken we over het systeem van milieukeuren. We kunnen de herziening aangrijpen om dit keurmerk uit de marge van de markt te halen, om een veel groter deel van de markt te veroveren en om de vraag naar milieuvriendelijke producten te bevorderen. De nieuwe regels zijn een grote vooruitgang. Ze zijn dynamischer en gebaseerd op een levenscyclusaanpak en ze zouden aanzienlijk meer aandacht en belangstelling moeten kunnen genereren bij zowel bedrijven als consumenten. Zoals de heer Dimas heeft gezegd, zal de milieukeurregeling hierdoor kunnen worden verstevigd en zal een aantal maatregelen op vrijwillige basis, die voor de consumenten vaak verwarrend zijn, hierdoor verdwijnen.
We hebben echter nog steeds een probleem, namelijk de vraag hoe we consumenten en de markt over het keurmerk moeten voorlichten. Dit keurmerk heeft in het verleden zeer weinig marketingsteun gekregen. Vergeleken met de middelen die over het algemeen worden uitgetrokken om een merk in de markt te zetten, zijn de hiervoor beschikbaar gestelde middelen zeer gering geweest. Ik hoop dat hier verandering in zal komen, in de eerste plaats doordat bedrijven de milieukeur als een belangrijk instrument zullen gaan zien. Ik hoop ook, zoals de heer Vakalis heeft gezegd, dat in de toekomst op het groene terrein meer aanbestedingen zullen plaatsvinden en dat de milieukeur hierbij als ‘platform’ zal dienen.
Ik hoop ook dat de Commissie deze maatregel actiever zal ondersteunen. Ik dank iedereen die hieraan heeft meegewerkt. Ik vind dat we in een paar weken heel wat hebben gedaan. We zijn er uiteindelijk in geslaagd om enige opheldering te verschaffen in de verwarring rond voedingsmiddelen, vooral visserijproducten.
Ten slotte wil ik graag nog even terugkomen op de woorden van mevrouw McAvan, die een opmerking heeft gemaakt over de financiële crisis en de bijeenkomst van vandaag in Londen. Ik denk dat die opmerking zeer relevant is. We hebben momenteel met minstens drie parallelle crises te maken – de financiële crisis, de klimaatcrisis en wat ik de crisis van het ecosysteem of overdadig gebruik van natuurlijke hulpbronnen zou willen noemen. Alleen als we de diepere oorzaken – dat wil zeggen het niet-duurzame gebruik van middelen – tegelijk aanpakken door in koolstofarme en milieuvriendelijke productie en producten te investeren, zullen we aan een betere toekomst kunnen werken. Ik denk dat dit systeem van milieukeuren een van de vele instrumenten is die ons daarbij kunnen helpen.
Gyula Hegyi, namens de PSE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, er bestaan verschillende instrumenten om milieubewust gedrag in onze samenlevingen te stimuleren. Er zijn verordeningen, richtlijnen en resoluties. We kunnen bepaalde materialen en activiteiten verbieden. We kunnen een verbod instellen op gevaarlijke stoffen en groene technologie subsidiëren.
In een markteconomie bestaan er echter ook andere instrumenten. We kunnen consumenten sturen via de producten die ze kopen, wanneer we die producten aanbevelen die milieuvriendelijk zijn en die aan de eis van duurzame ontwikkeling voldoen.
Met deze richtlijn wordt een belangrijke stap in de goede richting gezet omdat hiermee het verkrijgen van de milieukeur eenvoudiger wordt. De Sociaal-democratische Fractie steunt dit verslag. Mijn fractiegenoten en ik hebben hierbij veel amendementen ingediend en deze zijn ofwel door de Commissie gehonoreerd, ofwel de strekking hiervan klinkt in het compromispakket door. Onze fractie zal daarom vandaag bij de eindstemming voor dit verslag stemmen.
Wij denken dat het milieueffect van producten in de EU een zeer belangrijk punt moet zijn, en het principe van een milieukeur kan een zeer nuttig referentiekader voor consumenten zijn.
Natuurlijk moet de milieukeur alleen aan de milieuvriendelijkste producten worden verleend en moet zij duidelijke en juiste informatie bevatten. In deze moeilijke tijden van economische crisis moeten we ook de belangen van de producenten respecteren en ik ben er zeker van dat in dit verslag een goed evenwicht tussen de belangen van de consumenten en van de industrie is bereikt.
Het is van het grootste belang dat kleine en middelgrote ondernemingen bij het proces van de milieukeur worden betrokken en daarom mogen de kosten voor de vergunning niet al te hoog zijn. Ik heb als schaduwrapporteur van de Sociaal-democratische Fractie gepleit voor nog lagere kosten en ik dank de rapporteur voor het aanvaarden van onze argumenten.
Het is duidelijk dat voor KMO’s de bureaucratische rompslomp voor de vergunning moet verdwijnen. We moeten de procedure voor verkrijging van de milieukeur eenvoudiger maken, omdat de besluitvormingsprocedure in haar huidige vorm zeer traag en bureaucratisch is.
De kleinere bedrijven hebben meestal niet genoeg geld, tijd en energie voor dit trage proces. Het is erg belangrijk dat een analyse van de hele levenscyclus van een product wordt gemaakt, vanaf de productie tot aan de verwijdering ervan. Het is niet voldoende om de milieukenmerken van het kant-en-klare product te beoordelen; de bestanddelen van het product, het productieproces, het vervoer van de goederen en de methode voor verwijdering of demontage moeten ook worden bestudeerd voordat een milieukeurmerk kan worden afgegeven.
In elk geval voor ons, als sociaaldemocraten, is het duidelijk dat producten met een milieukeur geen gevaarlijke stoffen mogen bevatten. Dit was een heel moeilijk punt in onze discussies, maar uiteindelijk zijn we erin geslaagd een zeer goed compromis over gevaarlijke stoffen te sluiten.
De belangrijkste regel is dat producten met een milieukeur geen gevaarlijke stoffen mogen bevatten, maar hierop kan sporadisch een uitzondering worden gemaakt. In het bijzonder kan een uitzondering gelden voor goederen waarvoor geen gelijkwaardig alternatief bestaat en die in het algemeen beter zijn voor het milieu dan andere goederen in dezelfde categorie. Het beste en bekendste voorbeeld hiervan is de spaarlamp, die veel voordelen heeft maar wel kwik bevat.
Er is ook uitvoerig gesproken over het onderwerp levensmiddelen. In dit geval zouden de criteria verder moeten worden ontwikkeld. De milieukeur heeft echt meerwaarde voor het milieu. Er wordt rekening gehouden met de gehele levenscyclus van een product en het gebruik van dit keurmerk mag bij consumenten geen verwarring zaaien ten opzichte van andere voedselkeurmerken. De Commissie zal maatregelen nemen om voor iedere productgroep, met inbegrip van levensmiddelen, specifieke milieukeurcriteria op te stellen. Uiterlijk drie maanden na het eindverslag en de ontwerpcriteria, zal de Commissie het Bureau voor de milieukeur van de Europese Unie raadplegen met betrekking tot een ontwerpvoorstel.
Zoals ik al zei, zal bij het afgeven van de milieukeur de milieuprestatie in de gehele levenscyclus van de beste producten van de interne markt als uitgangspunt gelden. Daarom kunnen volgens het verslag de milieukeurcriteria per geval worden vastgesteld voor 10 tot 20 procent van de beste producten op de markt, waardoor alleen de milieuvriendelijkste producten worden beloond, maar er voor de consumenten toch voldoende keuze bestaat.
Johannes Lebech, namens de ALDE-Fractie. – (DA) Mijnheer de Voorzitter, ten eerste wil ik de rapporteur en schaduwrapporteur bedanken voor de goede samenwerking. Ik ben van mening dat we een positief resultaat hebben bereikt. Vorig najaar publiceerde het Wereldnatuurfonds een rapport waaruit bleek dat we halverwege de jaren dertig van deze eeuw twee planeten nodig zullen hebben, als we doorgaan de natuurlijke hulpbronnen van de aarde te gebruiken zoals we nu doen. We verbruiken eenvoudigweg te veel natuurlijke hulpbronnen en we verbruiken ze sneller dan dat de aarde ze opnieuw kan genereren. Deze tendens moeten we keren om een milieucrisis te voorkomen. De manier waarop we natuurlijke hulpbronnen gebruiken moet veranderen en wat dat betreft hebben niet alleen politici een verantwoordelijkheid, maar ook producenten en consumenten.
Het milieukeurmerk dat we nu herzien, is een instrument om de productie en verkoop van producten te bevorderen die op een duurzame manier zijn geproduceerd. Een van de zwakke punten van het keurmerk is dat het niet erg bekend is onder consumenten (overigens ben ik het wat dat aangaat eens met de heer Wijkman) en daarom is het keurmerk ook niet bijzonder aantrekkelijk voor producenten. Als producenten het keurmerk niet kunnen gebruiken om een goed product op de markt te brengen, waarom zouden zij dan proberen het meest duurzame product binnen een bepaalde productgroep te maken? Ook aan dit probleem hebben we gepoogd iets te doen met de nieuwe ideeën. Er wordt nu duidelijk van de lidstaten en de Commissie geëist dat ze een actieplan steunen ter bevordering van het bewustzijn omtrent het milieukeurmerk door middel van diverse campagnes.
We hebben een lange discussie gehad over voedingsmiddelen en ik ben van oordeel dat we tot een verstandige oplossing zijn gekomen. Het is niet gebleven bij het voorstel van de Commissie om alleen maar te kijken naar verwerkte levensmiddelen en alleen naar het vervoer, de verpakking en de verwerking. In plaats daarvan hebben we verzocht om een uitgebreid onderzoek naar hoe we voedingsmiddelen het beste in de milieukeurenverordening kunnen opnemen, zodat we ervoor kunnen zorgen dat we vanaf het begin af aan de juiste aanpak kiezen en ook geen verwarring zaaien met betrekking tot andere milieukeuren.
Tot slot wil ik erop wijzen dat het keurmerk nu ook producten met een lange levensduur beloont en producten die kunnen worden hergebruikt. We moeten namelijk de manier veranderen waarop we producten produceren en consumeren om ervoor te zorgen dat onze economieën duurzaam worden. Dit vereist dat we kijken naar de totale levenscyclus van producten, zodat we de manier kunnen verbeteren waarop grondstoffen worden verwerkt bij de productie van een product, en zeker ook de manier waarop we ons van producten ontdoen na gebruik. Ik hoop dat het verbeterde instrument zal bijdragen aan de bevordering van een meer duurzame aarde.
Liam Aylward, namens de UEN-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ook ik feliciteer de rapporteur en de schaduwrapporteur. Klimaatverandering is een van de topprioriteiten van Europa en de rest van de wereld. Tegenover deze enorme mondiale uitdaging voelen we ons als individu soms machteloos, maar mensen moeten uiteindelijk toch worden aangemoedigd om hun steentje bij te dragen, want kleine bijdragen, zoals de ‘Power of One’-campagne, hebben wel degelijk effect. We hebben misschien niet genoeg gedaan om de ‘Power of One’ te bevorderen.
Vandaag stemmen we over een regeling op vrijwillige basis waardoor bedrijven hun producten het etiket ‘milieuvriendelijk’ kunnen geven. Hierdoor kunnen mensen direct iets doen voor het milieu en in hun leven van alledag en via hun koopgedrag bijdragen aan de emissiereductie. Etikettering is een duidelijke en eenvoudige maatregel ter bevordering van energie-efficiëntie, ethisch verantwoorde productie en de ontwikkeling van groenere technologieën. Vanuit gezondheidsoogpunt zou deze maatregel mensen bovendien beschermen tegen mogelijk kankerverwekkende, mutagene, voor de voortplanting giftige en bioaccumulatieve stoffen, die soms in textiel worden aangetroffen.
Dit systeem biedt een categorisatie van een reeks van producten, van tissuepapier via schoeisel tot kampeerterreinen. Ook verschaft het mogelijkheden om dierproeven en kinderarbeid te verminderen. Ik leg de nadruk op kinderarbeid, omdat ik onlangs betrokken ben geweest bij een verslag hierover en me daarom zeer bewust ben van dit probleem.
Ierland en Europa kunnen baat hebben bij een verdere bevordering en intensiever gebruik van dit systeem. Momenteel zijn er in Ierland dertien bedrijven met een milieukeur, voor het grootste deel in de accommodatiesector, maar we moeten verdere deelname stimuleren. Er moet ook een serieuze, door de Europese Unie gesponsorde voorlichtingscampagne worden gevoerd.
Satu Hassi, namens de Verts/ALE-Fractie – (FI) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, mijn dank aan beide rapporteurs voor hun uitstekende werk. Ik ben heel blij dat wij nu nog voor de verkiezingen een definitief wetgevingsbesluit krijgen over deze beide zaken.
Wat het milieukeurmerk betreft vind ik twee beginselen van cruciaal belang. Ten eerste moet het keurmerk dynamisch zijn, dus moeten zijn criteria strikter worden naarmate de kennis, vaardigheden en technologieën zich ontwikkelen en er meer milieuvriendelijke producten op de markt komen. Ten tweede moet het keurmerk alleen bedoeld zijn voor producten die vanuit milieuoogpunt de beste zijn. Vooral de chemische industrie promoot een beleid waarin het milieukeurmerk moet worden verleend aan producten die slechts aan de huidige wetgeving voldoen. Bijvoorbeeld enige tijd geleden probeerde zij het milieukeurmerk te promoten voor textiel met brandwerende chemicaliën die al zijn verboden in elektrische apparaten. Gelukkig werd deze poging toen afgewend en krijgen wij nu wetgeving die op dit gebied duidelijk is.
Wij krijgen wetgeving waarmee consumenten erop kunnen vertrouwen dat een product bijvoorbeeld geen kankerverwekkende chemicaliën bevat of chemicaliën die schadelijk zijn voor de voortplanting. Een uitzondering mag, onder strikte voorwaarden, slechts worden gemaakt wanneer er geen alternatief in een bepaalde productgroep is en de stof die schadelijk is voor de gezondheid, noodzakelijk is voor een product waarvan de totale milieueffecten aanzienlijk kleiner zijn dan van andere producten in dezelfde groep. Dit is belangrijk voor de geloofwaardigheid van het milieukeurmerk. Het is ook belangrijk dat de criteria voor het keurmerk dynamisch zijn, dus dat zij strikter worden wanneer wij in staat zijn milieuvriendelijkere producten te maken.
Een ander belangrijk onderwerp in het debat was de vraag of het milieukeurmerk moet worden uitgebreid naar voedsel. Ik ben blij dat nu het besluit is genomen om eerst een bruikbaarheids- en haalbaarheidsonderzoek te doen voordat het milieukeurmerk op voedsel wordt toegepast om te voorkomen dat er verwarring onder consumenten ontstaat tussen het milieukeurmerk en het keurmerk voor biologisch geproduceerde producten. Als en wanneer het milieukeurmerk ooit wordt uitgebreid naar voedsel, naar vis bijvoorbeeld, dan is het belangrijk dat de criteria niet alleen betrekking hebben op de manier waarop het voedsel wordt geproduceerd, maar ook op de andere milieueffecten, zoals het vervoer.
Dames en heren, een min of meer gelijksoortig debat over de dynamische aard van de criteria, dat wij nu met betrekking tot het milieukeurmerk voeren, heeft plaatsgevonden met betrekking tot het energiekeurmerk. Het is naar mijn mening zeer belangrijk dat zowel het milieukeurmerk als het energiekeurmerk hetzelfde beginsel aanhouden, dus dat de criteria strikter worden naarmate onze kennis, vaardigheden en technologieën verbeteren.
Roberto Musacchio, namens de GUE/NGL-Fractie. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ook ik bedank de rapporteurs. Een ecologisch, maar ook duurzaam keurmerk: dat is de uitdaging van de nieuwe kaderverordening over de milieukeur. De verordening is een eerste stap. Het Europees Parlement en de Raad hebben nuttige en constructieve onderhandelingen achter de rug, in elk geval voor wat betreft de chemische stoffen. Het is nu aan de Commissie om binnen een jaar concreet inhoud te geven aan de gestelde criteria, een werkplan te realiseren en een eerste lijst van producten op te stellen. De afzonderlijke lidstaten moeten hun bevoegde nationale instanties organiseren, de coördinatie met het Europese orgaan regelen en de duurzaamheidscriteria bindend maken.
Maar wat is duurzaamheid op milieugebied voor de milieukeur? Dit betekent dat de innovatieve productiecriteria van toepassing zijn op de hele levenscyclus van het product, van de vermindering van de emissies via de productiemethoden tot de vermindering van het energieverbruik dat samenhangt met grondstoffen zoals water en het vestigen van de productie in de nabijheid van de eindgebruiker, hetgeen een werkelijke revolutie is. Een consequente strijd tegen de klimaatverandering en een werkelijke vernieuwing van productiemethoden brengen deze uitdaging met zich mee. Voor de ontwikkeling van deze criteria worden de Commissie en het nieuwe communautaire orgaan verzocht om de actieve hoofdrolspelers met hun beste ervaringen in te schakelen door gebruik te maken van de innovaties die zij in hun eigen productieprocessen hebben beproefd, waardoor deze toegankelijk en transparant worden.
Het naleven van sociale arbeidsnormen maakt deel uit van deze criteria, ook al staat er in de verordening, onder onbegrijpelijke druk van de Raad gedurende de eindonderhandelingen, nog steeds een juridisch onaanvaardbare term in. Er staat “in voorkomend geval”: bij duurzame ontwikkeling mogen sociale clausules, legale arbeid, geen optie zijn die alleen in voorkomend geval wordt toegepast. Daarentegen is het wel duidelijk en doeltreffend dat producten die toch stoffen bevatten die chemisch, giftig, gevaarlijk voor het milieu, kankerverwekkend of schadelijk voor de vruchtbaarheid zijn, worden uitgesloten van de milieukeur. Let op: het Parlement zal dit streng controleren.
Luca Romagnoli (NI). - (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, het verslag van de heer Tatarella betreffende een communautair systeem voor de toekenning van milieukeuren is strikt noodzakelijk. Ik feliciteer dan ook de rapporteur en de commissie en ben van mening dat methoden en oorsprong van de producten duidelijk en ondubbelzinnig moeten worden aangegeven. Dit geldt natuurlijk voor consumentenproductie, maar dient ook om recht te doen aan het bedrijfsleven en om te voorkomen dat valse en oneerlijke concurrentie, die vaak wordt bedreven door degenen die de sociale en ecologische productienormen niet respecteren, de markt blijft schaden en verstoren, zoals nu het geval is.
Kortom, het is de taak van de instellingen om erop toe te zien dat dezelfde regels betreffende milieubescherming en natuurlijk ook dezelfde sociale rechten van werknemers in acht worden genomen. Ik feliciteer de rapporteur nogmaals met dit uitstekende verslag.
Martin Bursík, fungerend voorzitter van de Raad. − (CS) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, geachte afgevaardigden en gasten, ten eerste wil ik mij graag verontschuldigen voor het feit dat ik niet op tijd ben verschenen en u ervoor bedanken dat ik direct mag spreken na de eerste ronde van toespraken namens de fracties.
Ik stel deze discussie zeer op prijs, want uit de toespraken die we tot nu toe hebben gehoord blijkt waardering voor het werk van de rapporteurs, de Commissie en de Raad. Het lijkt erop dat er in principe overeenstemming bestaat over de twee voorstellen, overeenstemming die we in eerste lezing verwachten en dat doet mij genoegen. Deze voorstellen zijn onderdeel van het zesde milieuactieprogramma van de Gemeenschap en het bijbehorende pakket, dat de Commissie in juli 2008 heeft gepubliceerd. Uit het voorgestelde actieprogramma komt duidelijk naar voren dat gedragspatronen, consumptiepatronen en productiepatronen moeten worden veranderd en dat de manier waarop we produceren en consumeren niet duurzaam is. We schaden het klimaat, we schaden het milieu, we schaden de volksgezondheid en we zijn op onverantwoorde wijze onze natuurlijke hulpbronnen aan het uitputten.
Deze problematiek is één van de hoofddoelen van het Tsjechisch voorzitterschap en ik ben ervan overtuigd dat we dit hoofddoel voor een groot deel bereiken als de huidige verordeningen betreffende de milieukeur en het milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) worden herzien en goedgekeurd. Ik wil mijn dank overbrengen aan allen die aan deze verordeningen hebben meegewerkt: de Europese Commissie, de lidstaten, in grote mate ook het Europees Parlement, de rapporteurs Linda McAvan voor EMAS en Salvatore Tatarella voor de milieukeur en alle anderen die eraan hebben bijgedragen.
Wat betreft de milieukeur is er dankzij de samenwerking tussen de Raad, het Parlement en de Commissie een compromistekst opgesteld, die het vrijwillige systeem voor het toekennen van keuren van producten vereenvoudigt, voornamelijk door het systeem voor het toekennen van milieukeurmerken te vereenvoudigen. Het is heel belangrijk dat het milieukeurmerk aantrekkelijker wordt voor de consument. We maken uitbreiding van het systeem naar andere producten mogelijk en het is ons gelukt het probleem betreffende de mogelijke toekenning van keuren aan voedingsmiddelen op te lossen, zodat de consument bij zijn keuzen voor producten en diensten rekening kan houden met de gevolgen ervan voor het milieu en deze kan afwegen. Dat is heel belangrijk.
De compromistekst over EMAS stelt organisaties die vrijwillig aan dit systeem meedoen in staat zich beter te presenteren, waardoor het ook aantrekkelijker wordt. Ik vind het heel belangrijk dat de administratieve belasting voor zowel grote als middelgrote en kleine bedrijven wordt beperkt. Er is veel discussie geweest over de kosten van dit systeem en ik denk dat we een redelijk compromis hebben gevonden, waarbij tegen lage kosten de transactiekosten voor de invoering van het keurmerk toch worden gedekt.
Ik denk dat het belangrijk is om te benadrukken dat het herziene EMAS ook toegankelijk wordt voor organisaties buiten de Europese Unie. Het systeem zou daardoor meer autoriteit moeten krijgen, omdat daardoor de toepassing ervan op een grotere, mondiale schaal wordt aangemoedigd.
Ik ben er vast van overtuigd dat het aannemen van deze verordeningen daadwerkelijk voordeel zal opleveren voor Europese bedrijven, en dat er daardoor nieuwe mogelijkheden worden gecreëerd in verband met de huidige crisis en de oplossing van het grootste wereldwijde milieuprobleem, namelijk de klimaatverandering.
Ik wil het Europees Parlement, de rapporteurs en de afgevaardigden nogmaals bedanken voor de vruchtbare samenwerking die tot het compromis heeft geleid, en ik verheug me op de voortzetting van dit debat.
Amalia Sartori (PPE-DE). - (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, volgens mij is uit het debat van vanochtend tot nu toe wel gebleken dat er hard is gewerkt en grote eensgezindheid bestaat over dit onderwerp. Dit blijkt precies uit het feit dat EMAS waarschijnlijk, nadat ook de Raad is gehoord, kan worden afgesloten met een akkoord in eerste lezing en met slechts één driepartijenoverleg. Wat kunnen we verder nog zeggen en toevoegen aan wat al is gezegd? EMAS en de milieukeur zijn beslist instrumenten waarmee kan worden aangezet tot weloverwogen keuzes door enerzijds het bedrijfsleven, organisaties en instellingen en anderzijds door de consument. De communicatie moet echter nog worden verbeterd, dat hebben veel collega’s voor mij al gezegd; ik herhaal dat nog eens, want ik denk dat het de essentiële stap is.
We hebben inderdaad het internationale ISO-systeem dat bij iedereen bekend is, dat blijkt wel uit het aantal registraties. Als Europese Unie moeten we de bedrijven duidelijk maken waarom ze voor het Europese systeem moeten kiezen in plaats van voor het internationale systeem. Het milieubewustzijn van iedereen verhogen met de betrokkenheid van slechts 4 000 à 5 000 bedrijven in de Europese Unie, zoals tot nu toe gebeurde, is geen goed resultaat en wij moeten het verbeteren en daarvoor is vooral informatie, informatie en nog eens informatie nodig.
De gemeenten weten bijvoorbeeld niet dat ze een EMAS-keurmerk kunnen krijgen en zo een goed voorbeeld kunnen stellen; of misschien heeft de informatie wél de kantoren, maar nog niet de geesten en het bewustzijn van onze bestuurders bereikt. EMAS vergt dus een grotere participatie. De werknemers van een organisatie met EMAS dragen allen bij aan de verbetering van de milieuprestaties: minder waterverbruik, beter gebruik van energie, scheiding van afval. Dit doel moet worden gehaald, allereerst door hen die een voorbeeld voor anderen kunnen zijn en vervolgens door degenen die geloven dat deze methode voordeel oplevert voor henzelf, de bedrijven, de gemeenschap en onze consumenten, die zo voelen dat ze meer garanties hebben.
Richard Howitt (PSE). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, staat u mij toe mijn steun te geven aan mijn collega, Linda McAvan en de leden van de Commissie milieubeheer te feliciteren met dit verslag. Als rapporteur van het Parlement over maatschappelijk verantwoord ondernemen, wil ik aan dit debat over milieukeuren en EMAS bijdragen door het debat op het punt van verslaglegging door ondernemingen in de bredere context te plaatsen van wat wij op het gebied van verantwoord ondernemen en verantwoordingsplicht van ondernemingen proberen te doen. Ik wil het hierbij vooral hebben over de vraag of regelingen op vrijwillige basis betere resultaten geven dan wettelijk verplichte regelingen en of we behoefte hebben aan op Europa gerichte regelingen of aan een mondiale benadering.
Vanuit het oogpunt van verantwoord ondernemen is het probleem dat de uitbreiding van regelingen op vrijwillige basis duurder en minder duidelijk zou kunnen zijn en dat dit zou kunnen leiden tot een voor bedrijven, consumenten en eigenlijk alle belanghebbenden verspillende concurrentie. Sommige bedrijven zouden natuurlijk in de verleiding kunnen komen om het goedkoopste en gemakkelijkste – maar ook het minst effectieve – instrument te gebruiken.
Het probleem is ook dat met vrijwillige regelingen misschien niet genoeg wordt bereikt met het oog op de huidige klimaatverandering. Toen de klimaatveranderingswet werd behandeld in het parlement van mijn eigen lidstaat, het Verenigd Koninkrijk, viel het mij op dat de Britse werkgeversorganisatie, de CBI, nota bene zei dat ze wilden dat bedrijven wettelijk verplicht zouden worden tot verslaglegging inzake klimaatverandering. Gelet op wat we in de Europese Unie zeggen over wat er op het gebied van klimaatverandering moet gebeuren, is het de vraag of acties op vrijwillige basis voldoende zijn, zelfs met de overeengekomen veranderingen in dit verslag.
Ten slotte nog de kwestie mondiaal versus Europees. Er nemen 4 000 ondernemingen deel aan EMAS en 35 0000 aan ISO 14001. Komt dit omdat ISO minder belastend is of omdat onze bedrijven op de mondiale markt – en niet alleen maar de Europese markt – opereren en een mondiale aanpak wensen?
Ik verzoek de Commissie om niet slechts EMAS, dat ik veel succes toewens, te stimuleren en toe te passen, maar om ook de blik naar buiten te richten en mondiale initiatieven voor CO2-emissieverslaglegging door bedrijven en andere aspecten van verantwoord ondernemen te nemen en te versterken, zodat we sterke mondiale mechanismen krijgen die we op ons eigen continent kunnen toepassen en bevorderen. Laten we het langs beide wegen proberen.
Mojca Drčar Murko (ALDE). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, de Europese regelgeving is bedoeld om ondernemingen aan te moedigen hun producten te verbeteren en meer te bereiken op het gebied van energie-efficiëntie en naleving van milieuwetgeving.
De milieukeur als onderdeel van het actieplan ten behoeve van een duurzame productie en consumptie en een duurzaam industrieel beleid is zo’n instrument, net als EMAS, het milieubeheer- en milieuauditsysteem. Het gaat hier om het vinden van een goed evenwicht tussen instrumenten die op regelgeving zijn gebaseerd en marktgebaseerde instrumenten, met als doel om voor verschillende producten en diensten normen op vrijwillige basis te ontwikkelen of om de productieprocessen te helpen optimaliseren en effectiever gebruik te maken van natuurlijke hulpbronnen.
Het probleem is nu hoe moderne technologieën voor milieubescherming kunnen worden gebruikt en hoe het bedrijfsleven of dienstverleners moeten worden geholpen bij het stimuleren van een milieuvriendelijke productie. Het doel van milieucertificaten is dat ze samen met andere juridische instrumenten met betrekking tot milieuaspecten van de producten, kunnen worden gebruikt. Met behulp van EMAS kan worden bespaard op hulpbronnen, waaronder water.
In het verleden is gebleken dat de certificaten op verschillende niveaus onvoldoende op elkaar waren afgestemd. De bestaande vrijwillige en regelgevingsinstrumenten waren niet aan elkaar gekoppeld om synergie tot stand te brengen. De eerste herziening van het EMAS-systeem was niet bemoedigend. Aanvankelijk was de verwachting dat de bedrijven die deelnamen aan EMAS beter gepresteerd zouden hebben, aangezien de milieueisen van EMAS strenger zijn dan die van de bekendere certificaten zoals ISO 14001. De prestaties van EMAS-bedrijven waren echter niet beter en er waren in vergelijking met ISO 14001 minder bedrijven met een uitstekende milieuscore.
De Commissie heeft voor dit uitblijven van succes redenen kunnen vinden – het systeem is te streng, te duur en te ingewikkeld – en zij heeft aanvaardbare vereenvoudigingen voorgesteld.
De rapporteur, mevrouw McAvan, heeft hier verdere nuttige wijzigingen aan toegevoegd. Onder andere een aanpassing in de definitie van EMAS, die ik als zeer belangrijk beschouw. Hierdoor zouden organisaties gemakkelijker van ISO- naar EMAS-normen moeten kunnen overstappen.
Ik ben ervan overtuigd dat het Commissievoorstel voor de verordening door onze amendementen beter is geworden en dat wij het dichter bij de gebruikers hebben gebracht. Wij denken dat een onpartijdig certificeringssysteem ook door de consumenten op prijs zal worden gesteld.
Ik hoop dat dit organisaties helpt om de meest rationele systematische benadering te kiezen om de verschillende terreinen van milieubescherming aan elkaar te koppelen.
Roberta Angelilli (UEN). - (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, allereerst wil ik de rapporteur feliciteren met dit uitstekende werk. Ik ben ervan overtuigd dat het een extra stimulans zal geven voor de verspreiding van producten met de milieukeur in Europa. In een tijd waarin het milieu in het middelpunt van de aandacht staat en waarin de vraag naar groene producten ook buiten de Europese Unie toeneemt, zoals in de Verenigde Staten of China, zal de milieukeur een van de instrumenten zijn om het concurrentievermogen van Europese producten op de internationale markt te vergroten. Het bloemetje van de milieukeur is dan ook niet alleen een milieukeurmerk, door middel van een voortdurende verscherping van de milieucriteria van de producten zelf zal de milieukeur aansporen tot constante verbetering en innovatie.
Dankzij de huidige tekst kunnen producten met de milieukeur beter worden verspreid doordat de bekendheid ervan wordt vergroot, zonder ook maar iets af te doen aan de garanties voor de consument waar het gaat om de bescherming van zijn gezondheid. Tot besluit wil ik zeggen dat mijn land, Italië, vooroploopt in Europa wat betreft het aantal verstrekte vergunningen, waarvan een groot aantal is aangevraagd door de toeristische sector, waarvoor een Europees milieukeurmerk juist meerwaarde biedt die zowel wordt gewaardeerd als gegarandeerd door de Europese burger.
Eva-Britt Svensson (GUE/NGL). – (SV) Mijnheer de Voorzitter, EMAS, het vrijwillige milieubeheer- en milieuauditsysteem, houdt in principe in dat een onderneming of organisatie een milieuanalyse uitvoert, de milieueffecten van haar activiteiten onderzoekt, een milieubeleid opstelt, doelstellingen vastlegt en een actieprogramma uitwerkt. Jammer genoeg is EMAS tot dusver niet zo’n succes geweest, want sinds de start in 1993 hebben slechts 4 200 organisaties zich geregistreerd, wat in vergelijking met de 35 000 organisaties in de EU die het ISO 14001-certificaat hebben behaald, een mager resultaat is. Daarom is een wijziging van EMAS gerechtvaardigd, om het voor de ondernemingen en organisaties gewoonweg attractiever en minder bureaucratisch te maken.
Tijdens de onderhandelingen tussen de Raad en het Parlement werden vele aspecten van EMAS verscherpt. De Commissie moet nu bijvoorbeeld voor zoveel mogelijk sectoren en subsectoren omvattende referentiedocumenten opstellen, overeenkomstig een prioriteitenprogramma. De tekst stelt ook duidelijk dat het EMAS-logo onder geen beding verward mag worden met andere milieukeurmerken voor producten. Dat is een duidelijke verbetering.
Een tijdje geleden vroeg mijn collega Jens Holm aan de Commissie in hoeverre alle directoraten-generaal van de Commissie bij EMAS zijn geregistreerd, zoals het Europees Parlement dat is. Men zou immers denken dat de EU-instellingen de plicht hebben het goede voorbeeld geven. Het antwoord was echter dat de Commissie geen eigen interne emissiedoelen heeft en dat slechts vijf van de DG’s van de Commissie zich bij EMAS hebben geregistreerd. Dat is volgens mij te gek voor woorden en daarom wil ik van de gelegenheid gebruik maken om de vraag opnieuw aan de Commissie te stellen: wanneer is de Commissie van plan ervoor te zorgen dat alle directoraten-generaal van de Commissie zich bij EMAS aansluiten?
Roberto Fiore (NI). - (IT) Mijnheer de Voorzitter, geachte collega’s, ik begrijp volledig de goede bedoelingen van de rapporteur, maar ik meen dat deze milieukeur op gespannen voet staat met de grote problemen waar de landbouw en de productie tegenwoordig mee geconfronteerd worden. Dat geldt met name nu we een crisis doormaken. Op de allereerste plaats acht ik het hoognodig de nationale productie tegen oneerlijke concurrentie te beschermen. Daarbij denk ik aan landen als China, waar zelfs nog slavenarbeid wordt toegepast in de laogai, concentratiekampen waar zowel landbouw- als industriële productie plaatsvindt. Ik denk eveneens aan bekende en veel gedronken frisdranken in de wereld, waar we zelfs de samenstelling niet van kennen. De productie dient dus tegen oneerlijke concurrentie beschermd te worden en afgestemd te zijn op nationale behoeften. Wij weten dat Europa op dit moment weinig graan en andere landbouwproducten produceert. Ik ben in het algemeen bezorgd dat dit, met name in een tijd van crisis, kan leiden tot een stijging van de kosten voor onze producenten en dat het grote probleem van de crisis, en in feite van de Europese nationale economie, de oneerlijke concurrentie, niet wordt aangepakt.
Avril Doyle (PPE-DE). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil om te beginnen beide rapporteurs, mevrouw McAvan en de heer Tatarella, feliciteren met respectievelijk het verslag over EMAS en over de milieukeur. Deze verslagen gaan over zeer belangrijke terreinen van milieubeheer en milieukeuren, het hele gebied van afvalvermindering, vermindering van watergebruik en hopelijk de vermindering van voedselafval.
Mag ik hierbij vooral wijzen op iets wat mij mateloos irriteert, namelijk dat in de EU 30 procent van al het voedsel wordt verspild. De zogenaamde houdbaarheidsdatum is vaak veel te behoudend, wat leidt tot onverantwoorde verspilling doordat nog heel goed eetbare producten worden weggegooid. Dit is ook een kwestie van etikettering en daarom moeten we uitzoeken en bekijken hoe we daarmee doorgaan.
Ik vraag me ook steeds meer af of we in onze haast om consumenten beter voor te lichten, niet misschien juist het tegenovergestelde bereiken van wat de bedoeling was van de richtlijn over gezondheidsclaims, GM-etikettering, voedselinformatie voor consumenten – dat onderwerp is nog hangende. En dan is er nog het hele verhaal van de milieukeuren. Als iedereen een tekst wenst op de voorzijde van verpakkingen – en zelfs op de achterkant – hoe kan dan al deze informatie, die op zich allemaal waardevol is, in leesbare grootte op een etiket van een product worden vermeld en de doorsnee burger ook nog daadwerkelijk nuttige informatie bieden? Ik heb daar mijn bedenkingen bij.
Als ik nu even spreek in mijn hoedanigheid van vicevoorzitter van de Commissie visserij, zou ik melding willen maken van wat twee parallelle processen voor milieukeuren voor visserijproducten lijken te zijn. In 2005 heeft de Commissie een mededeling aangenomen om het debat over een communautaire aanpak van milieukeurprogramma’s voor visserijproducten op te starten. Vervolgens heeft het Europees Parlement in 2006 het verslag van mijn collega Carmen Fraga Estévez goedgekeurd, waarin de Commissie dringend wordt verzocht een voorstel voor een communautair systeem van milieukeuren voor visserijproducten in te dienen. In 2008 heeft het DG Maritieme zaken en visserij een voorstel aangekondigd voor een verordening voor een communautaire milieukeur voor visserijproducten, dat in maart 2009 moest worden aangenomen. We wachten nog steeds op dit voorstel, maar ik geloof dat het ons nu beloofd is voor het eind van het jaar.
Intussen heeft het DG Milieu het Europees Parlement een horizontaal voorstel over het communautair systeem van milieukeuren gestuurd, dat alle producten omvat, met inbegrip van visserij- en aquacultuurproducten, alsmede verwerkte landbouwproducten. Ondanks schriftelijk protest van de voorzitters van zowel de Commissie visserij als de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling zijn deze commissies hier niet bij betrokken.
Ik ben echter verheugd dat ik hier vandaag kan melden dat de Raad, het Parlement en de Commissie het onlangs eens zijn geworden over een verklaring over de verdere stappen, waarin wordt gesteld dat de Commissie van plan is, los van de goedkeuring van de milieukeurverordening, voor het eind van dit jaar een voorstel voor een verordening betreffende milieukeuren van visserijproducten voor te leggen. Verder wordt gesteld dat de goedkeuring van deze verordening niet zal worden beïnvloed door de studie waarvan sprake is in artikel 6, lid 5, onder a van de milieukeurverordening, die gaat over extra aspecten zoals verwerking, voorverpakkingen, verpakkingen en vervoer en zich richt op de vraag of het mogelijk is om de werkingssfeer van de milieukeurverordening uit te breiden naar voedsel, met inbegrip van visserij- en aquacultuurproducten. In deze verklaring staat ook duidelijk dat de milieukeur een aanvulling zal zijn op de speciale verordening voor visserijproducten.
Daciana Octavia Sârbu (PSE). – (RO) Voor talloze burgers en bedrijven zijn het terugdringen van energieverbruik en efficiënt beheer van hulpbronnen tegenwoordig fundamentele beginselen. Sinds de invoering van het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem in 1993 zijn ruwweg 4 200 organisaties geregistreerd binnen dit programma. Ik denk dat het noodzakelijk is dit systeem te versterken door het aantal organisaties dat het toepast uit te breiden en het te erkennen als een milieubeheersysteem met een voorbeeldfunctie.
Het Paleis van het Roemeense Parlement verbruikt evenveel stroom als een stad met 20 000 inwoners. Ik heb de directie van de instelling reeds voorgesteld zich zo snel mogelijk bij dit systeem aan te sluiten. De bijzondere aandacht die wordt geschonken aan kleine organisaties, zoals KMO’s en lokale overheden, is naar mijn idee een belangrijke stap in de richting van het op zo groot mogelijke schaal verbeteren van milieuprestaties.
Ik moedig de Commissie en de lidstaten aan om EMAS te promoten, met name door te zorgen voor prikkels om aan het systeem deel te nemen. Het volgen van de door EMAS geboekte resultaten zal draagvlak creëren voor het systeem en de voorwaarden scheppen voor een positieve ontwikkeling op dit gebied.
Ik denk dat de suggestie van de rapporteur om een gebruikershandleiding op te stellen welkom is omdat dit document de gestelde eisen beter onder de aandacht zal brengen en zich van toegankelijker taal zal bedienen. Op dit moment wordt jaarlijks gerapporteerd, wat mijns inziens toereikend is en ik zie geen reden een nieuwe, driejarige cyclus in te voeren, hetgeen uiteindelijk alleen maar verwarrend zou zijn. Ofschoon EMAS nog moet aantonen levensvatbaar en doeltreffend te zijn, vind ik dat het gebruik ervan zo lang als noodzakelijk is moet worden voortgezet, met milieubehoud als voornaamste doel. Dank u.
VOORZITTER: DIANA WALLIS Ondervoorzitter
Holger Krahmer (ALDE). - (DE) Mevrouw de Voorzitter, geachte collega’s, in principe ben ik voorstander van een Europese milieukeur. Het is een goede zaak dat wij een nieuwe aanloop nemen om deze milieukeur op grotere schaal in de Gemeenschap te verspreiden. Ik vind het ook terecht dat wij in de toekomst blijven vasthouden aan de vrijwillige deelname aan dit systeem.
De milieukeur zal in de toekomst uitsluitend toegepast worden wanneer er duidelijke criteria en normen zijn voor het gebruik ervan. In dat verband doe ik een beroep op de Europese Commissie om verstandige, duidelijke en begrijpelijke criteria te ontwikkelen. Daarbij moet centraal staan dat mensen gemotiveerd worden om de milieukeur te gebruiken. Het zou triest zijn indien de invoering van de milieukeur zou mislukken als gevolg van bureaucratische belemmeringen.
Uiteindelijk zal de consument de doorslaggevende factor zijn voor het slagen of falen van het milieukeursysteem. Die consument moet dat systeem namelijk accepteren. Ik hecht zelf veel waarde aan de “blauwe engel”-miliekeur diet wij in Duitsland hanteren, maar uiteindelijk mag het niet om persoonlijke voorkeuren draaien. Het gaat erom dat de consument in één oogopslag informatie krijgt over de speciale kenmerken van een product. Er wordt slechts meerwaarde voor de consumenten gecreëerd als de lidstaten hun afzonderlijke keurmerken terzijde schuiven en er uiteindelijk op Europees niveau gebruik wordt gemaakt van één uniform keurmerk. Een wirwar aan symbolen brengt consumenten alleen maar in verwarring in plaats van dat er informatie wordt overgebracht. Eén symbool, één oordeel – daar moeten wij ons met zijn allen voor inzetten.
Antonio De Blasio (PPE-DE). – (HU) Het vrijwillige systeem van milieukeuren is van doorslaggevend belang, aangezien dit de uitgelezen methode is om de verspreiding van producten met een beperkt milieueffect op Europees niveau te bevorderen, zowel wat de productie als de consumptie ervan betreft. Ik wil graag de aandacht vestigen op het belang van de hervorming van het milieukeursysteem en op de noodzaak het systeem te vereenvoudigen, de administratieve lasten die gepaard gaan met het gebruik van het keurmerk te verlagen, en de deelnemende productcategorieën uit te breiden. Ik ben echter van mening dat dit alles op zich geen garantie is voor het succes van de hervorming.
Als de producten met het bloemetjesembleem als gevolg van de genomen maatregelen zomaar, zoals bij biologische producten het geval is, in een hogere prijsklasse terechtkomen, zijn de pogingen om de consumptie van deze producten te stimuleren gedoemd te mislukken.
In mijn optiek moet worden voorkomen dat de meerwaarde van het gebruik van het milieukeurmerk op Europees niveau tot duurdere producten leidt. Op de lange termijn kan alleen door middel van prijsdrukkende maatregelen en belasting- en andere voordelen worden gegarandeerd dat deze producten in wijdere kring worden afgenomen.
Naast de handhaving van het huidige prijsniveau mogen we ook de uitgebreide voorlichting van consumenten en producenten niet vergeten; EU-instellingen en nationale overheden moeten daarom informatie verschaffen over de voordelen van het keurmerk en over de lijst van deelnemende producten. Om te bewerkstelligen dat consumenten hun koopgedrag bijstellen, zijn stimulerende, informatieve campagnes in brede kring cruciaal.
Verder wil ik de aandacht vestigen op het belang van een gedetailleerd actieplan voor de verwezenlijking van de nieuwe doelstellingen, en wel door alle belanghebbende partijen de mogelijkheid te bieden deel te nemen aan de uitwerking van dit actieplan. Als gevolg van de voortdurend veranderende omgeving waarin diensten worden aangeboden, moeten de doelstellingen regelmatig, dat wil zeggen jaarlijks, worden herzien.
We moeten beseffen dat het de taak is van ons allen, ongeacht nationaliteit of nationale verplichtingen, om ons milieu te beschermen en zo mogelijkheden te creëren om de doelen en waarden te verwezenlijken die de Europese Unie als eigen doelen en waarden beschouwt en die in mijn overtuiging onontbeerlijke randvoorwaarden zijn voor een volwaardig menselijk bestaan. Deze verplichting betekent ook dat we bij producten uit dezelfde prijsklasse de mogelijkheid moeten hebben het product te kiezen dat op milieuvriendelijke wijze is geproduceerd.
Ik wil de rapporteur bedanken voor de samenwerking bij de amendementen die ik heb ingediend. Ik bedank hem voor het rapport en ik bedank u voor uw aandacht.
Justas Vincas Paleckis (PSE). – (LT) Ik wil de rapporteurs feliciteren met hun uitstekende werk. Ik denk dat de verslagen die onze collega-Parlementsleden Linda McAvan en Salvatore Tatarella hebben opgesteld de Europese Unie zullen helpen een van de milieuvriendelijkste regio’s in de wereld te blijven. De mensen zeggen wel eens – al dan niet serieus – dat de strakke en duidelijke normen de belangrijkste exportproducten van de EU zijn. Bedrijven uit diverse continenten die zich hebben aangepast aan de hogere Europese eisen, passen deze ook vaak toe op andere wereldmarkten.
Momenteel worden de nationale milieukeuren op grotere schaal gebruikt en zijn ze beter bekend dan de EU-milieukeuren. Daarom ben ik het met de rapporteur eens dat er meer inspanningen nodig zijn om deze EU-milieukeur herkenbaarder te maken voor alle consumenten in Europa en daarbuiten. In dit verband moeten de instellingen van de Europese Unie, de nationale regeringen en het bedrijfsleven meer initiatief tonen. Gezien de verdergaande integratie van de markten van de EU-landen is de invoering van een Europese milieukeur en harmonisatie van eisen een onvermijdelijk proces dat voor alle marktdeelnemers gunstig is.
Ook de herziening van het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) is positief. Voorlopig ligt het qua populariteit achter op de internationale norm ISO 14001. Ik ben het eens met de opvatting dat door het harmoniseren van de EMAS- en ISO-eisen meer organisaties zullen worden gestimuleerd om te participeren, en dat de geharmoniseerde eisen elkaar zullen aanvullen in plaats van elkaar te beconcurreren.
Ik ben ervan overtuigd dat er in de toekomst meer aandacht zal worden besteed aan de bescherming van het milieu en het beperken van overconsumptie. Naar mijn mening zullen beide verslagen daaraan bijdragen.
Dorette Corbey (PSE). - Voorzitter, dank aan collega Linda McAvan en collega Tatarella voor hun uitstekende werk op het terrein van de milieukeuren en het EMAS-regime. De milieubewuste consument kan kiezen uit verschillende keurmerken en veel van deze keurmerken hebben betrekking op biologische producten. Het Europese keurmerk heeft betrekking op alle producten en is hierop een zeer waardevolle aanvulling.
Maar de Europese milieukeur leidt al jarenlang een kwijnend bestaan. Ik ken het bloemetje met sterrencirkel slechts van een merk toiletpapier. Goed dus dat er nieuwe regels komen om het keurmerk beter en bekender te maken. De lidstaten moeten ervoor zorgen dat het milieukeurmerk bekender wordt bij het grote publiek.
De Europese milieukeur moet duidelijke criteria hebben en kan een eind maken aan de wildgroei van allerlei goed bedoelde keurmerken. Een breed gedragen en goed herkenbaar keurmerk kan een stimulans zijn voor producenten om hun producten te verbeteren en minder materiaal en energie te gebruiken en veel meer te recyclen. Daarvoor zijn natuurlijk eenduidige criteria nodig. Producten zullen terecht aan nieuwe en strenge criteria moeten voldoen om aanspraak te maken op het milieukeur. De criteria zullen gebaseerd zijn op een wetenschappelijke analyse van de hele levenscyclus van producten, en dat is heel goed. Uiteindelijk kunnen slechts de beste 10 à 20% van de producten per categorie de milieukeur toegekend krijgen.
De rapporteur en de schaduwrapporteurs stellen verder voor om te onderzoeken of ook voedingsmiddelen en dranken onder het keurmerk kunnen vallen. Het lijkt mij noodzakelijk om dat snel te doen, niet alleen voor de visserijsector, maar ook voor aantal andere sectoren. Want voeding en voedselindustrie vormen een belangrijke belasting van het milieu en het milieukeur kan daar in ieder geval een oplossing in brengen.
Ik ben het ook eens met wat door de collega's McAvan en Wijkman is gezegd aan het begin van dit debat: het is belangrijk om juist nu stimulansen in te bouwen voor milieuvriendelijke productie voor energiezuinig gebruik en deze wetgeving zal daaraan een bijdrage leveren.
Martí Grau i Segú (PSE). - (ES) Mevrouw de Voorzitter, de wedloop om duurzame productie heeft als voordeel dat hij leidt tot een groter concurrentievermogen van bedrijven en dat tegelijkertijd het belang van de consument gediend wordt wat betreft de kwaliteit van leven en individuele betrokkenheid bij het milieu.
De milieukeur is in dit opzicht een goed instrument en dat wij verheugd zijn over de maatregelen ter verbetering van de milieukeur die we vandaag bespreken, is dan ook terecht. Slechts een klein aantal producten is reeds een milieukeur toegekend, maar de milieukeur is nog niet erg bekend bij de consument. Desalniettemin wordt de milieukeur regelmatig gekopieerd zonder dat de echtheid gewaarborgd is. Ik vertrouw er daarom op dat de Europese instellingen bij de aanstaande revisie van de milieukeur een rol zullen spelen in het aan banden leggen van dit probleem.
Daarnaast moeten we rekening houden met nog iets fundamenteels: de milieukeur moet geen afspiegeling zijn van de algemene norm binnen de duurzame productie, maar moet juist de excellente voorbeelden weergeven binnen de duurzame productie, die uiteindelijk de norm moeten vormen. De uitdaging waar wij voor staan, is het vergroenen van onze economie. De milieukeur moet daarom de ultieme weerspiegeling zijn van het algemeen ingang doen vinden van goede praktijken op milieugebied.
In de Commissie interne markt en consumentenbescherming hebben we deze week een eerste gedachtewisseling gehad over het verslag over de handelsbenaming van textielproducten en de bijbehorende toekenning van de milieukeur, waarvan ik rapporteur ben. De textielsector lijkt me een goed voorbeeld van het feit dat we niet alleen de procedures van goedkeuring van nieuwe producten, in dit geval gaat het om nieuwe soorten vezels, moeten versnellen. We moeten tevens streven naar de versterking van de milieukeur in samenspel met maatregelen in breder verband, zodat de gehele sector opschuift richting duurzaamheid. Alleen op deze manier kunnen we wedijveren met andere markten met een meer ongedifferentieerde productie. Alleen op deze manier kunnen we voldoen aan de vraag van de consument, die gelukkig steeds veeleisender wordt.
Czesław Adam Siekierski (PPE-DE). - (PL) Mevrouw de Voorzitter, de communautaire wetgeving moet worden vereenvoudigd, zodat voor iedere burger de wet transparanter en begrijpelijker wordt. Milieukeuren bieden consumenten informatie over milieuaangelegenheden, waaronder informatie over het product. Dit maakt het makkelijker om een besluit te nemen over de eventuele aanschaf ervan. De invoering van een dergelijk systeem draagt bij tot een beter milieu en gaat klimaatverandering tegen. Ook leidt het tot spaarzamer gebruik van water.
De kwantitatieve en overige informatie die via de milieukeur op producten wordt vermeld moet helder en leesbaar zijn. Voorts leidt een hogere consumptie van biologische, natuurlijke levensmiddelen en regionale producten tot een gezondere samenleving.
Reinhard Rack (PPE-DE). - (DE) Mevrouw de Voorzitter, aangezien er vandaag een groep bezoekers uit Steiermark op de publieke tribune zit, zal ik proberen om in de Oostenrijkse variant van de Duitse taal te beginnen.
Als iets erin zit, moet dat er ook op staan, en als het erop staat, moet het ook kloppen. Dat is een uitgangspunt dat voor ons allemaal belangrijk is en niet alleen in dit debat. Wij moeten laten zien dat Europa zich voor bepaalde belangen inzet en uitstekende resultaten boekt. Wij willen daarnaast voorkomen dat producten van talloze stickers voorzien worden en het is – niet alleen met het oog op de Europese verkiezingen – hoog tijd om de mensen thuis en daarbuiten te laten zien dat de Europese Unie zich voor zinvolle dingen inzet die voor de burgers van belang zijn. Wij moeten aantonen dat veel van de onzinnige dingen die mensen elke dag horen en lezen, gewoon niet waar zijn.
De Voorzitter. − Dank u mijnheer Rack. Uw gasten zullen weten dat ze goed worden vertegenwoordigd.
Silvia-Adriana Ţicău (PSE). – (RO) Informatie over milieukeuren op producten moet eenvoudig te begrijpen zijn, terwijl de milieukeur zelf zodanig moet zijn aangebracht dat hij duidelijk opvalt en het betreffende product markeert. Milieukeuren moeten informatie bevatten over de energieprestaties van producten, eenvoudig te begrijpen zijn en gebaseerd zijn op wetenschappelijke gegevens.
De Commissie en de lidstaten moeten ervoor zorgen dat de benodigde middelen beschikbaar worden gesteld voor de bewustmakings- en promotiecampagnes rondom de milieukeur. Ik roep de Europese Commissie op een officiële website van de Europese Unie te maken, met daarop alle informatie en praktische aspecten betreffende milieukeuren in de Europese Unie.
Het in achttien maanden herzien van de milieukeurcriteria voor verschillende producten brengt echter een heleboel bureaucreatie met zich mee. Als we willen dat dit systeem effect sorteert zet, moet het niet gepaard gaan met extra regelgeving. Ik geloof niettemin dat een communautair werkplan voor minimaal drie jaar nodig is om gezamenlijke doelstellingen te formuleren en een niet-uitputtende lijst op te stellen van productgroepen die voorrang zullen krijgen.
Bij het vaststellen van de milieukeurcriteria moeten we maatregelen vermijden waarvan de tenuitvoerlegging mogelijk onevenredige administratieve en economische voorwaarden oplegt aan KMO’s. Dank u.
Martin Bursík, fungerend voorzitter van de Raad. − (CS) Bedankt voor het buitengewoon positieve en interessante debat over dit thema. Het hoofdkenmerk van de consumptiemaatschappij is volgens mij consumptie. Ik heb de gelegenheid gehad in een maatschappij te leven die veertig jaar een totalitair regime heeft gehad en waar een tekort was aan goederen. Het consumptiepotentieel was enorm. We hebben een ontwikkeling doorgemaakt en ik denk dat deze ervaring van betekenis kan zijn in verband met de verdere uitbreiding van Europa en de modernisering van ontwikkelingslanden. We hebben een periode doorgemaakt van een enorme honger naar consumptie. Toch blijkt dat als er opeens keuzemogelijkheden ontstaan in de vorm van een breed scala aan producten en goederen, in de maatschappij het aandeel groeit van mensen die gevoelig zijn voor de kwaliteit van voedingsmiddelen, producten, water en lucht. Het is heel belangrijk dat Europa aan deze consumenten informatie verstrekt over de gevolgen van het gebruik van bepaalde producten en goederen voor het milieu, de gezondheid, het klimaat en de duurzame ontwikkeling van andere gebieden, ook buiten de Europese Unie.
Daarom ben ik ervan overtuigd dat als het Europees Parlement deze twee verordeningen goedkeurt, dat een heel mooi cadeau zal zijn voor de burgers van de EU, omdat ze veel meer keuzemogelijkheden zullen krijgen. Ik verwacht dat we er snel in zullen slagen ook de producten en voedingsmiddelen waarover veel is gediscussieerd tijdens het debat te categoriseren en ik ben ervan overtuigd dat dit de burgers van de EU in staat zal stellen door hun eigen consumentengedrag actief bij te dragen aan het behoud van het milieu. We geven de burgers daardoor de mogelijkheid zich beter te voelen en er een goed gevoel over te hebben dat ze zelf, elk voor zich, actief hun steentje kunnen bijdragen aan de milieubescherming. Ik wil allen, ik herhaal het nog eens: de rapporteurs, de Raad, het Parlement en de Commissie, graag bedanken voor dit voorstel, voor de uitstekende samenwerking met het Tsjechisch voorzitterschap en voor het feit dat het ons volgens mij gelukt is dit voorstel in eerste lezing tot een goed einde te brengen.
Stavros Dimas, lid van de Commissie. – (EL) Mevrouw de Voorzitter, allereerst zou ik alle sprekers in het debat van vandaag van harte willen bedanken voor hun zeer opbouwende en positieve opmerkingen.
Op grond van de overeengekomen tekst inzake EMAS zullen agentschappen en ondernemingen, en met name kleine en middelgrote ondernemingen in heel de wereld, toegang krijgen tot een eenvoudig en efficiënt systeem voor milieubeheer.
De deelnemende ondernemingen zullen netto baten hebben bij de herziene EMAS-verordening, daar zij met de milieuverslagen hun milieuprestaties bekend kunnen maken aan de consumenten en het publiek, maar ook aan de andere ondernemingen en de inspecteurs en controleurs.
De tekst van de verordening inzake milieukeuren is vanuit milieuperspectief bekeken dankzij de amendementen van het Parlement nog beter geworden en toegankelijk gemaakt voor ondernemingen. De amendementen van het Parlement hebben eveneens een belangrijke rol gespeeld in de pogingen om de milieukeuren geloofwaardig te maken voor consumenten en milieuorganisaties.
Het gewijzigd systeem voor milieukeuren zal flexibeler zijn en in een later stadium de mogelijkheid bieden om criteria vast te stellen voor de opneming van nog meer producten en diensten, met name uit productcategorieën die belangrijke milieugevolgen hebben en dus vatbaar zijn voor aanzienlijke verbetering.
Met de aanneming van deze tekst in eerste lezing zal het aantal producten met een milieukeur worden verhoogd en zullen de consumenten dus veel meer keuzemogelijkheden hebben bij hun aankopen. Ons doel is ervoor te zorgen dat het Europees systeem voor de toekenning van milieukeuren op brede schaal wordt erkend en het Europees systeem voor de toekenning van milieukeuren ook op internationaal vlak prestige en geloofwaardigheid geniet.
Voor het echter zover is moet deze milieukeur eerst bekender worden bij de consumenten en de ondernemingen in heel de Europese Unie.
Daarom wil ik wijzen op de zeer terechte opmerking van de heer Wijkman. Hij zei namelijk dat wij moeten zorgen voor een betere marketing, voor een betere promotie van milieukeuren. Juist daarom heeft de Commissie meer middelen en meer instrumenten dan ooit ter beschikking gesteld voor een betere marketing van milieukeuren.
Wij zijn het ook volledig eens met hetgeen de heer Howitt zei over de vooruitzichten van EMAS op internationaal vlak. In EMAS zijn reeds internationale ISO-normen opgenomen en verwerkt. EMAS zal nu aanvragen kunnen ontvangen van buiten de Europese Unie gevestigde internationale ondernemingen.
Wij willen de bureaucratie beperken en ervoor zorgen dat de diverse teksten inzake de criteria eenvoudig en gebruiksvriendelijk zullen zijn en dat de milieukeur zoveel mogelijk geharmoniseerd is met andere internationale en nationale keuren.
De tekst van ons voorstel biedt die mogelijkheid ook. Daarin wordt immers verwezen naar de opstelling van speciale verklarende teksten en naar de vaststelling van speciale regels voor het bevorderen van de harmonisatie met nationale keuren.
Ik zal het secretariaat van het Parlement drie verklaringen van de Commissie doen toekomen voor opneming in de notulen van de vergadering van vandaag.
- De eerste verklaring betreft de manier waarop misleidende claims op visserijproducten moeten worden aangepakt. De Commissie is van plan om een verordening voor te stellen waarmee het gebruik van misleidende claims die niet beantwoorden aan de vereisten inzake duurzame visserij wordt verboden.
- De tweede verklaring betreft het voornemen van de Commissie om ervoor te zorgen dat de herziene verordening inzake milieukeuren niet indruist tegen andere verordeningen inzake chemische producten, zoals bijvoorbeeld de REACH-verordening.
- De derde verklaring betreft het plan van de Commissie om zich opnieuw te buigen over de hoogte van de tarieven voor milieukeuren.
Tot slot wil ik nog zeggen dat zowel EMAS als de milieukeur uitstekende initiatieven zijn. Tot nu toe zijn de mogelijkheden van het ene noch het andere initiatief echter niet volledig benut, en ik ben het dan ook eens met mevrouw Svensson dat beide moeten worden toegepast in niet alleen de vijf directoraten-generaal en comités, maar ook de andere directoraten-generaal. Daarvoor zijn wij dan ook een besluit aan het voorbereiden. Het Europees Parlement heeft besloten om EMAS toe te passen en naar verwacht zal de Raad hetzelfde doen.
Met het huidig herzieningsvoorstel kunnen EMAS en de milieukeuren als het ware ijkpunten worden voor goed milieubeheer en goede milieuprestaties van producten.
Daarom wil ik nogmaals onderstrepen hoe belangrijk het is dat in eerste lezing een akkoord is bereikt. Er zijn talrijke nuttige wijzigingen aangebracht in de tekst en het uiteindelijke resultaat is heel evenwichtig. Daarom vraag ik u om steun te geven aan de tekst in zijn geheel en deze niet verder te wijzigen.
Voordat ik afsluit wil ik nogmaals de rapporteurs bedanken voor hun uitermate nuttige bijdrage. Dankzij hun noeste arbeid, maar ook dankzij de medewerking van het Tsjechisch voorzitterschap, kunnen wij nu in eerste lezing tot overeenstemming komen, en dat is heel belangrijk.
(EN) Verklaringen van de Commissie
1) Over het verband tussen de milieukeurverordening en nieuwe visserijwetgeving
Ongeacht de vaststelling van voornoemde verordening bevestigt de Commissie haar voornemen om voor het einde van het jaar een milieukeurverordening voor visserijproducten te presenteren die hoofdzakelijk zal berusten op criteria voor duurzame visserij.
De studie zoals voorzien in artikel 6, lid 5, onder a van de milieukeurverordening waarin aanvullende aspecten zoals verwerking, voorverpakking, verpakking en vervoer worden behandeld en wordt onderzocht of het haalbaar is om de werkingssfeer van de milieukeurverordening uit te breiden tot voedingsmiddelen, met inbegrip van visserij- en aquacultuurproducten, is niet van invloed op en doet niet af aan de goedkeuring van deze verordening.
2) Over de samenhang met chemicaliënwetgeving
De Commissie zorgt ervoor dat de tenuitvoerlegging van de milieukeurverordening in samenhang geschiedt met andere toepasselijke Gemeenschapswetgeving betreffende stoffen, preparaten en mengsels.
3) Over de evaluatie van tarieven
De Commissie bevestigt haar voornemen om binnen achttien maanden na inwerkingtreding van de verordening de hoogte van de tarieven voor milieukeuren te evalueren, met inachtneming van de kosten die lidstaten maken voor het beheer van het systeem, en waar nodig een voorstel tot herziening van het tarievenniveau te presenteren.
Salvatore Tatarella, rapporteur. − (IT) Mevrouw de Voorzitter, geachte minister, geachte commissaris, geachte collega’s, staat u mij toe op mijn beurt alle sprekers bij dit debat te danken. Er blijkt brede overeenstemming te bestaan over het werk van de Milieucommissie. Het debat heeft tevens nieuwe inzichten, prikkels en suggesties opgeleverd en ik hoop dat de Commissie en de lidstaten die bij de taken die voor hen liggen op waarde weten te schatten.
Met dit debat en de stemming van vandaag heeft het Parlement in feite zijn eigen taken in verband met deze twee belangrijke onderwerpen volbracht. Nu is het woord aan de Commissie en ik moet zeggen dat ik uiterst tevreden ben over de drie verklaringen die de commissaris heeft afgegeven voor de notulen. Van de Commissie verwachten we dat zij zich in de studie inzake levensmiddelen niet tot algemeenheden zal beperken, zodat iedere vorm van verwarring tussen deze milieukeur en biologische producten uit de weg kan worden geruimd. We rekenen ook op de verordening betreffende visproducten. Met name de Visserijcommissie rekent daarop en ik dank die commissie voor haar steun bij het overwinnen van dit zeer moeilijke moment.
Ik vestig de aandacht van de Commissie op de uitzonderingen voor vergiftige producten, waarbij zeer attent en zorgvuldig te werk moet worden gegaan. Wat betreft de promotiecampagnes hopen we dat de campagnes van de Commissie efficiënt en gericht zullen zijn, zodat een breed publiek, en met name jongeren, bereikt kan worden. Hopelijk worden zowel de precieze termijnen die we hebben pogen vast te stellen als de geplande daling van het aantal dierproeven gerespecteerd. Ik heb slechts één klein punt van twijfel en spijt: op het vlak van aanbestedingen hadden we misschien meer kunnen bereiken, maar dat bewaren we voor een volgende keer.
Linda McAvan, rapporteur. – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik wil nog even terugkomen op wat Avril Doyle zei, dat we een overvloed hebben aan initiatieven en etiketten, ethische en duurzaamheidsetiketten, waarmee ik wil zeggen dat ik vind dat de Commissie hiernaar moet kijken en ervoor moet zorgen dat mensen niet worden misleid. De commissaris heeft net gesproken over visserijetiketten en heeft gezegd dat moet worden gewaarborgd dat mensen weten wat ze kopen. In een andere functie ben ik betrokken geweest bij fair trade en de bescherming van het fair trade-label, en we hebben de laatste jaren gezien dat er alternatieve etiketten zijn ontwikkeld. Sommige daarvan zijn in orde, maar bij andere wordt gedaan alsof het om ethische etiketten gaat, alsof het om fair trade gaat, maar dat gebeurt dan op een goedkope manier, zonder de onafhankelijke controle die voor een goed etiketteringssysteem nodig is. Ik hoop daarom dat de Commissie ervoor zal zorgen dat al deze systemen van etikettering en ook van ethische etikettering iets van hun integriteit bewaren en niet alleen maar een marketinginstrument worden voor organisaties die het publiek willen laten geloven dat ze groen en ethisch verantwoord zijn, terwijl het etiket in feite niets voorstelt.
Ik hoop dus dat dit door de Commissie wordt bekeken, maar hiervoor is wel een interdepartementale aanpak nodig. Iedere keer dat ik hierover spreek, wordt mij verteld ‘O, daar gaan wij niet over, daarvoor moet je bij een andere afdeling zijn’, en iedereen lijkt de problemen naar een ander door te schuiven.
Ten slotte wil ik iedereen nog eens voor zijn of haar bijdrage bedanken. Ik kijk uit naar de stemming en ik hoop dat deze eenvoudig en snel zal verlopen.
De Voorzitter. − Het debat is gesloten.
De stemming vindt vandaag om 11.00 uur plaats.
Schriftelijke verklaringen (artikel 142)
Alin Lucian Antochi (PSE), schriftelijk. – (RO) Ik geef mijn volledige steun aan het verslag van mevrouw Vălean over de toepassing van Richtlijn 2004/38/EG, temeer daar de recente gebeurtenissen in een aantal lidstaten hebben uitgewezen dat een van de vier fundamentele vrijheden, namelijk het recht van vrij verkeer en verblijf voor EU-burgers op het grondgebied van de lidstaten, op flagrante wijze wordt geschonden.
De ondoeltreffende of volstrekt achterwege blijvende omzetting van deze richtlijn in de nationale wetgeving van de lidstaten heeft er bovendien toe geleid dat administratieve formaliteiten in een aantal gevallen zijn misbruikt en dat de wettelijke bepalingen omtrent het idee van ‘verblijven zonder vergunning’ op beperkende wijze zijn geïnterpreteerd, waardoor Europese burgers onrechtmatig zijn gedetineerd en uitgezet. De oplossing is echter niet om grenzen te sluiten, maar om te zoeken naar concrete maatregelen waarmee de integratie van burgers in de verscheidenheid aan Europese samenlevingen kan worden vereenvoudigd.
Het verslag dat op tafel ligt zal naar mijn idee een wezenlijke bijdrage leveren aan het toezicht op de omzetting van de door deze richtlijn vastgestelde voorschriften, mits de lidstaten en de Commissie op dit punt succesvol weten samen te werken.
Tegenwoordig is het de wens van elke Europese burger om te leven in een Europese Unie waar fundamentele waarden, zoals het vrije verkeer van personen, worden geëerbiedigd. We moeten echter niet vergeten dat we allemaal ons eigen steentje moeten bijdragen om dit doel te bereiken.
Rovana Plumb (PSE), schriftelijk. – (RO) Het toekennen van een milieukeur is een vrijwillige maatregel waarmee wordt beoogd op Europees niveau de verspreiding van producten te bevorderen die gedurende hun gehele levenscyclus energie-efficiënt en milieuvriendelijk zijn.
De ervaring die in de afgelopen tien jaar is opgedaan met het beheer- en auditsysteem, dat betrekking heeft op 26 productgroepen, 622 licenties en ruim 3 000 producten en diensten (reinigingsmiddelen, papier, kleding, schoeisel, stoffen, toeristische en kampeerproducten) wijst op de noodzaak van nadrukkelijker ingrijpen om een aantal belangrijke tekortkomingen van het systeem te ondervangen.
Daar vele economische actoren niet te spreken zijn over de lange duur van de goedkeuringsprocedure voor de criteria en de snelheid waarmee ze achterhaald raken zodra ze eenmaal goedgekeurd zijn, zijn amendementen ingediend betreffende de wijze waarop deze criteria worden goedgekeurd (een maximumtermijn van 180 dagen tussen de beoordeling en de goedkeuring, met een vereenvoudigde, verkorte procedure voor niet-ingrijpende wijzigingen van de criteria), evenals een nieuw systeem voor het toekennen van milieukeuren.
Om de geloofwaardigheid van het systeem voor certificering van milieukeuren te behouden, is het volgende vereist:
- toepassing van het algemene beginsel dat de gezondheid van de consument en het milieu moeten worden beschermd, ook in het geval van producten met een milieukeur,
- promotieactiviteiten: beter voorlichten van consumenten, bewustmakingscampagnes opzetten om het vertrouwen in milieukeuren te behouden, gebruik maken van Europese fondsen,
- bijzondere aandacht voor KMO’s.
Ik steun het verslag en complimenteer de rapporteur.
Esko Seppänen (GUE/NGL), schriftelijk. – (FI) Ik wil erop wijzen dat er met het communautaire milieukeurmerk een gemeenschappelijke grondslag voor het gebruik ervan wordt gecreëerd, maar het mag geen belemmering zijn voor andere soorten keurmerken. Ik vind het belangrijk dat het mogelijk moet zijn een product te voorzien van een etiket waarop staat dat het is gemaakt in het land waarin het wordt verkocht en ik ben het niet eens met het standpunt van de Commissie om dat te verbieden in campagnes die door de Gemeenschap worden gefinancierd. Bijvoorbeeld het aangeven van het land van herkomst op lokale levensmiddelen is het beste milieukeurmerk.
(De vergadering wordt om 10.35 uur onderbroken en om 11.00 uur hervat)