Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2009/2679(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B7-0071/2009

Debatten :

PV 17/09/2009 - 9.3
CRE 17/09/2009 - 9.3

Stemmingen :

PV 17/09/2009 - 10.3

Aangenomen teksten :

P7_TA(2009)0024

Debatten
Waarschuwing
Donderdag 17 september 2009 - Straatsburg Uitgave PB

9.3. Syrië: de zaak Muhannad Al Hassani
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. − Ik heb zes ontwerpresoluties(1) ontvangen over Syrië: de zaak Muhannad Al Hassani (artikel 122).

 
  
MPphoto
 

  Franziska Katharina Brantner, auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik zou graag de zaak willen voorleggen van de heer Muhannad Al Hassani. Hij is in hechtenis genomen omdat hij opkomt voor de mensenrechten van zijn landgenoten in Syrië.

De activiteiten van de heer Al Hassani zijn van groot belang, omdat hij alle rechtszaken voor de Syrische opperste rechtbank voor staatsveiligheid volgt en met regelmaat de omstandigheden in de Syrische gevangenissen beoordeelt. Nu is hij zelf aangehouden en in hechtenis genomen.

Ten aanzien van Syrië vragen wij dat het land zijn verplichtingen nakomt en dus het Internationale Verdrag inzake burgerlijke en politieke rechten en het VN-Verdrag tegen marteling naleeft, dat daadwerkelijk door Syrië is ondertekend; dat het zijn beleid van repressie van mensenrechtenverdedigers en hun families stopzet; en dat het de mensenrechtenverdedigers, gewetensbezwaarden en vredesactivisten uit zijn gevangenissen vrijlaat.

Verder hebben wij ook een verzoek aan de EU. Ten aanzien van de ondertekening van een associatieovereenkomst hebben wij, de Fractie De Groenen/Vrije Europese Alliantie, voorgesteld om een routekaart aan te nemen voorafgaand aan ondertekening van de associatieovereenkomst, waarin onze doelstellingen in de zin van verbeteringen op het gebied van de mensenrechten zijn verwoord.

De internationale wetgeving voorziet in een aantal verplichtingen waaraan staten moeten voldoen. Het is onze verantwoordelijkheid, en in het bijzonder die van de gehele EU, om te zorgen dat de naleving daarvan wordt opgenomen in de associatieovereenkomst als een manier om deze nog beter af te dwingen.

Wij zullen in die richting verdergaan. Ik dank u voor uw steun aan de resolutie.

 
  
MPphoto
 

  Véronique De Keyser, auteur. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, ik geef toe dat ik versteld sta en nogal bedroefd en teleurgesteld ben.

Versteld, waarom? Omdat Syrië ten aanzien van internationale betrekkingen in de afgelopen twee jaar ontegenzeggelijk de nodige vooruitgang heeft geboekt. Het land is toegetreden tot de Unie voor het Middellandse Zeegebied. Het heeft meermaals als bemiddelaar opgetreden bij netelige internationale aangelegenheden, onlangs nog bij de arrestatie van een jonge Franse vrouw in Iran. Het feit dat de associatieovereenkomst – die nog niet is getekend, mevrouw Brantner, maar mogelijk volgende zomer wel zal zijn ondertekend – het feit dat deze associatieovereenkomst nieuw leven wordt ingeblazen is eveneens zeer bemoedigend.

Ook in Syrië zelf zijn er enkele heel positieve ontwikkelingen. Syrië heeft anderhalf miljoen Iraakse vluchtelingen opgenomen, die zorg krijgen, een hoog opleidingsniveau hebben en, ook niet onbelangrijk, godsdienstvrijheid genieten. Op het gebied van de politieke vrijheid en het politieke pluralisme zijn we echter geen streep verder gekomen. Activisten en mensenrechtenverdedigers worden nog altijd onderdrukt en gevangengezet, en dat betreur ik ten zeerste, en wij hebben in de afgelopen jaren meerdere malen verzocht om de vrijlating van de politieke gevangenen in het land.

Tot twee keer toe hebben wij een aantal van hen vrij weten te krijgen. Maar in de Syrische gevangenissen zitten nog altijd mensen als Al Labwani, Al Bunni en nu Al Hassani. Ik wilde dan ook graag de volgende boodschap tot Syrië richten: wij staan klaar en wij willen Syrië graag uit het isolement halen waarin het op een gegeven moment is geplaatst.

Wij denken dat Syrië een belangrijke speler op het wereldtoneel is, met name voor de vrede in het Midden-Oosten. Maar in hemelsnaam, voor uw gevoel van eigenwaarde – en ik denk dat dat gevoel sterk genoeg is om een meerpartijenstelsel en mensenrechtenverdedigers in uw land toe te staan – laat in hemelsnaam de politieke gevangenen vrij, en eerbiedig het verdrag tegen foltering en onterende behandeling!

Dat is in het belang van Syrië en in het belang van de vrede in de wereld, en met name van de vrede in het Midden-Oosten.

 
  
MPphoto
 

  Renate Weber, auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, Muhannad Al Hassani is de zoveelste mensenrechtenverdediger die willekeurig is vastgezet door de Syrische autoriteiten. Hij is de zoveelste Syrische politieke gevangene, wiens schuld erin bestaat dat hij opkwam voor het recht van mensen om zichzelf vrij uit te drukken, voor het recht om politieke activiteiten op te zetten en voor het recht op een eerlijke rechtszaak.

De heer Al Hassani had al vijf jaar een reisverbod. Het telefoon- en e-mailverkeer op zijn kantoor stond onder voortdurend toezicht van de Syrische veiligheidsdienst. Na weken van toenemende intimidatie met betrekking tot zijn rol bij het toezicht op de praktijken van de Syrische opperste rechtbank voor staatsveiligheid is hij uiteindelijk opgepakt door de Syrische veiligheidsdienst en zijn hem vervolgens diverse strafbare feiten ten laste gelegd, allemaal met betrekking tot zijn recht op vrijheid van meningsuiting.

En nu wij dan toch spreken over willekeurige detentie, laten wij niet de heer Al Labwani vergeten, een eminent mensenrechtenverdediger die veroordeeld is tot een gevangenisstraf van twaalf jaar voor wat de VN-werkgroep inzake willekeurige detentie heeft betiteld als “de vreedzame uitdrukking van zijn politieke opvattingen”.

De Syrische regering dient de heer Al Hassani, de heer Al Labwani en overige politieke gevangenen onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten en onder alle omstandigheden hun fysieke en psychologische integriteit te garanderen. De Syrische autoriteiten moet overeenkomstig de bepalingen van de VN-Verklaring over mensenrechtenverdedigers van 1998, een einde maken aan alle vormen van intimidatie van Syrische mensenrechtenverdedigers en maatschappelijke activisten.

 
  
MPphoto
 

  Charles Tannock, auteur. (EN) Mijnheer de Voorzitter, Syrië is een vooraanstaand land in het Midden-Oosten en speelt een cruciale rol bij het indammen van de mogelijkheden van Iran om terroristische acties tegen Israël via zijn verlengstukken Hezbollah en Hamas te ondersteunen. Syrië heeft daarnaast ook de gewoonte om de onrust in Libanon aan te wakkeren, dat door Syrië nog altijd wordt beschouwd als nauwelijks soeverein en vallend onder Syriës invloedsfeer.

Syrië heeft een seculier regime. Feitelijk is dit het enige overblijfsel van de eens machtige Ba’ath-partij die ooit ook Irak regeerde. Dat betekent enerzijds dat kwesties als vrouwenrechten er redelijk goed voorstaan. Toch blijft het al met al een meedogenloze eenpartijdictatuur.

De hechtenis van de vooraanstaande mensenrechtenverdediger Muhannad Al Hassani is alarmerend. Als Syrië wil dat wij onze steun geven aan een associatieovereenkomst met de EU, zal het de heer Al Hassani per direct vrij moeten laten en de vervolging van mensenrechtenverdedigers als de heer Al Hassani moeten beëindigen.

 
  
MPphoto
 

  Eija-Riitta Korhola, auteur. - (FI) Mijnheer de Voorzitter, ik ben blij dat wij de moed hadden de mensenrechtensituatie in Syrië juist nu onder de aandacht te brengen. In het kader van samenwerking in het Middellandse Zeegebied wordt de laatste hand gelegd aan een associatieverdrag tussen de Europese Unie en Syrië, en aangezien een van de fundamentele pijlers van die samenwerking specifiek het bevorderen van de mensenrechten en de democratie inhoudt, zou de Europese Unie naar mijn mening met luidere stem verbeteringen op dit gebied moeten eisen.

Het is niet genoeg om de samenwerking alleen te richten op het verbeteren van de economische situatie. Zoals wij hebben gehoord, is de vooraanstaande Syrische mensenrechtenadvocaat Muhannad Al Hassani eind juli gevangen gezet zonder behoorlijke vorm van proces. Hij werd veroordeeld voor het aantasten van nationale sentimenten en het verspreiden van valse berichten. Deze zaak is niet de eerste in zijn soort. Wij behandelden in het Parlement voor het laatst een soortgelijke zaak in 2007. Kamal Al Labwani, voor wie wij toen pleitten, zit nog steeds gevangen, hoewel ook een onderzoeksteam van de VN in maart tot de conclusie kwam dat het om een willekeurige arrestatie ging.

Syrië heeft nog een lange weg te gaan als het om de vrijheid van meningsuiting en vergadering gaat. Het werk van NGO’s wordt daar ernstig belemmerd en vaak onmogelijk gemaakt. Het zou zeer betreurenswaardig zijn als wij in de Europese Unie niet de moed hebben duidelijke criteria op te stellen als basis voor de samenwerking met Syrië. Naar mijn mening is het gewoon onze plicht te eisen dat politieke gevangenen worden vrijgelaten en internationale mensenrechtenverdragen worden geëerbiedigd, voordat er vooruitgang kan worden geboekt met het associatieverdrag tussen de Europese Unie en Syrië.

Mensenrechten in de wereld staan niet op zichzelf, maar vormen eerder een stelsel waarin alles met elkaar verweven is. Als wij elders wantoestanden door de vingers zien, dan zullen ook onze eigen rechten hier binnen niet al te lange tijd worden geschonden. Het is onze belangrijke taak de mensenrechten te koesteren en ervoor te zorgen dat ze altijd en overal worden geëerbiedigd. Alleen op die manier kunnen wij het menselijk leven waardevol maken.

 
  
MPphoto
 

  Lidia Joanna Geringer de Oedenberg, namens de S&D-Fractie. – (PL) In juli werd Muhannad Al Hassani, een van de meest vooraanstaande Syrische mensenrechtenactivisten, gearresteerd. Tijdens een rechtszaak achter gesloten deuren, waarbij advocaten niet werden toegelaten, werd hij beschuldigd van het aantasten van de nationale gevoelens en het verspreiden van valse informatie. Hij was al een aantal malen eerder ondervraagd in verband met zijn activiteiten op het gebied van mensenrechten en zijn pogingen om mensen die om politieke redenen waren gearresteerd te verdedigen. Ook het recht om het land te verlaten was hem ontnomen. Muhannad Al Hassani was een van de mensen die toezicht hield op de rechtszaken van het hooggerechtshof, aangezien de omstandigheden waarin deze zaken worden gevoerd volgens Human Rights Watch niet aan de internationale normen voldoen.

Wij zijn bezorgd dat mensenrechtenactivisten worden onderdrukt in Syrië, vooral gezien het feit dat de Syrische autoriteiten weinig vooruitgang boeken op het gebied van de mensenrechten. We moeten erop aandringen dat Syrië het Verdrag van de Verenigde Naties tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing respecteert.

Gezien de bestaande politieke, economische en culturele banden tussen Syrië en de Europese Unie en de belangrijke rol van dit land voor het behoud van stabiliteit in het Midden-Oosten, weet ik zeker dat Syrië vooruitgang kan boeken op dit gebied en zo een bijdrage kan leveren aan de democratisering van de hele regio.

 
  
MPphoto
 

  Franz Obermayr (NI). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, in essentie is deze ontwerpresolutie volledig terecht, aangezien het natuurlijk onze plicht is om, met name gezien de voorgenomen associatieovereenkomst, duidelijke woorden te spreken in verband met de bescherming van het gezin, de familieleden en medestrijders van Muhannad Al Hassani, en om ook de naleving van de in artikel 2 van de overeenkomst geformuleerde bepalingen te eisen, niet in het minst omdat wij Europeanen door pijnlijke gebeurtenissen uit het verleden weten wat het betekent wanneer mensenrechten met voeten worden getreden. Het is nog maar twee decennia geleden dat een communistisch, terroristisch regime in Midden- en Zuidoost-Europa ineenstortte.

In dit verband wil ik er echter ook voor waarschuwen om de ogen niet te sluiten, wanneer in Turkije, dat in dezelfde regio als Syrië ligt, de mensenrechten niet worden gerespecteerd zoals zou moeten. Dit is des te meer van belang, omdat Turkije een kandidaat-lidstaat is die beduidend tekortschiet op het gebied van de rechtspraak, de tenuitvoerlegging van straffen, de bescherming van minderheden en de vrijheid van godsdienst, ook al wordt in een vooringenomen rapport van een zogenaamd onafhankelijke commissie of in het rapport-Ahtisaari een andere indruk gegeven.

 
  
MPphoto
 

  Bernd Posselt (PPE). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, ik ben van mening dat we de mensenrechtensituatie in Syrië vanzelfsprekend zeer kritisch moeten behandelen. Syrië is een dictatuur en een politiestaat. De heer Al Hassani moet worden vrijgelaten.

We moeten echter ook erkennen dat president Assad – die zich steeds opener opstelt en zijn land openstelt – en ook reeds zijn vader, als alevieten bijvoorbeeld het samenleven van moslims en christenen op zo’n manier hebben ondersteund dat een vooraanstaande Syrische christen, kardinaal Daud, mij heeft verteld dat christenen zich in Syrië veiliger voelen dan in het door westerse troepen gesteunde Irak.

Daarom moeten we op een gedifferentieerde manier met Syrië omgaan, waarbij we schendingen van de mensenrechten duidelijk aan de kaak stellen zonder concessies te doen, maar het land ook steunen op zijn weg naar toenadering en openheid, en waarbij we uiteraard kritisch zijn, maar tegelijk erkennen dat hier iets begint te ontstaan dat we moeten aanmoedigen.

 
  
MPphoto
 

  Meglena Kuneva, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, de Commissie deelt de bezorgdheid van het Europees Parlement ten aanzien van de mensenrechtensituatie in Syrië. Naar onze inschatting is de situatie de laatste maanden verslechterd: meer willekeurige detenties, meer intimidatie van mensenrechtenverdedigers en meer reisverboden.

De arrestatie op 28 augustus van de heer Muhannad Al Hassani – een bekende advocaat, president van de nationale organisatie voor de mensenrechten in Syrië en al vijftien jaar lid van de orde van advocaten van Damascus – is het meest recente voorbeeld daarvan. De heer Al Hassani is een voorvechter van de mensenrechten, en het valt te vrezen dat zijn arrestatie politieke motieven heeft.

De EU heeft reeds bij de Syrische autoriteiten uitdrukking gegeven aan haar bezorgdheid. Syrië moet zijn internationale verplichtingen naleven, met name de Universele Verklaring van de rechten van de mens en het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, dat Syrië als land heeft ondertekend. Momenteel bespreekt de Commissie aan de hand van haar delegatie in Damascus tezamen met de ambassades van de lidstaten hoe men effectiever en efficiënter kan optreden in de verdediging van de mensenrechtenverdedigers. Uiteraard zullen wij moeten blijven oproepen tot acties om mensenrechtenverdedigers te beschermen en te zorgen voor observatie van de rechtszaken van het Syrische hooggerechtshof voor staatsveiligheid. Wij moeten het maatschappelijk middenveld blijven steunen aan de hand van instrumenten als de begrotingslijnen voor niet-overheidsactoren en het Europees instrument voor democratie en mensenrechten, en morele steun blijven geven aan familieleden.

Al zijn deze acties belangrijk, ze zijn niettemin onvoldoende. Wij geloven dat de EU meer invloed op Syrië kan uitoefenen als de associatieovereenkomst is ondertekend. Daarom ben ik blij dat het voorzitterschap overweegt de komende weken zijn handtekening te zetten. Op basis van de overeenkomst zullen wij een vaste dialoog kunnen opzetten om over dergelijke kwesties te adviseren en zullen wij betere resultaten behalen.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Het debat is gesloten.

De stemming vindt na afloop van de debatten plaats.

 
  

(1)Zie notulen.

Laatst bijgewerkt op: 6 januari 2010Juridische mededeling