Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2009/2790(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B7-0248/2009

Debatten :

PV 16/12/2009 - 10
CRE 16/12/2009 - 10

Stemmingen :

PV 17/12/2009 - 7.4
CRE 17/12/2009 - 7.4

Aangenomen teksten :

P7_TA(2009)0117

Debatten
Waarschuwing
Woensdag 16 december 2009 - Straatsburg Uitgave PB

10. Wit-Rusland (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. − Aan de orde zijn de verklaringen van de Raad en de Commissie over Wit-Rusland.

 
  
MPphoto
 

  Cecilia Malmström, fungerend voorzitter van de Raad. − (SV) Mijnheer de Voorzitter, geachte Parlementsleden, de betrekkingen van de EU met Wit-Rusland zijn niet geheel ongecompliceerd. Ik wil aan het begin van dit debat de redenen toelichten waarom de Raad in november zijn besluit nam betreffende de betrekkingen van de EU met Wit-Rusland. Ik weet dat veel Parlementsleden grote belangstelling hebben voor deze kwestie.

Toen we dit bespraken, spitsten we ons toe op twee belangrijke aspecten. Enerzijds wilde de EU een duidelijk signaal geven dat we misnoegd zijn over het uitblijven van positieve vooruitgang in de voorbije maanden. Anderzijds wilden we de volgende stappen in het kader van de dialoog met Wit-Rusland vastleggen, met als doel om Minsk aan te moedigen om op een aantal gebieden maatregelen te nemen.

Volgens mij was het resultaat een evenwichtig besluit dat met die aspecten rekening houdt. Het bestaat uit drie hoofdonderdelen.

Ten eerste verlengen we de sancties terwijl we tezelfdertijd alle reisbeperkingen schorsen voor nagenoeg alle betrokken individuen, met uitzondering van vier personen die direct betrokken zijn bij de verdwijning van de voorzitter van de centrale verkiezingscommissie van Wit-Rusland.

Ten tweede staan we open voor de mogelijkheid van visumfaciliterings- en overnameovereenkomsten tussen de EU en Wit-Rusland.

Ten derde is er het vooruitzicht van een partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de EU en Wit-Rusland. Die overeenkomst veronderstelt natuurlijk een ontwikkeling met betrekking tot democratie, mensenrechten en de beginselen van de rechtsstaat. De Commissie is verzocht om voorbereidend werk uit te voeren op basis van de actieplannen die in het kader van het Europees nabuurschapsbeleid werden ontwikkeld.

In onze discussies hebben we er rekening mee gehouden dat de situatie in Wit-Rusland beter is dan anderhalf jaar geleden, ondanks het feit dat er een aantal stappen achteruit zijn gezet. Dat een student van de universiteit werd gegooid na deel te hebben genomen aan een forum van het oostelijke partnerschap, is daar een bijzonder ernstig voorbeeld van.

De overgang van een autoritaire samenleving naar democratie gebeurt – zoals veel leden van dit Parlement maar al te goed weten – stapje voor stapje. Het zal tijd vergen in Wit-Rusland en de weg zal bezaaid zijn met hindernissen. Daarom is onze volledige steun nodig.

De mondiale financiële crisis schept in feite beïnvloedingsmogelijkheden. De Wit-Russische economie is door de knieën gegaan en Rusland is niet langer bereid borg te staan. In de energiesector zijn de lage gasprijzen voorgoed verleden tijd.

Kunnen we die situatie dan gebruiken om Wit-Rusland ertoe aan te zetten om het over een andere boeg te gooien? Wel, een andere manier dan via dialoog is er niet. We moeten bijdragen tot het versterken van de voorzichtige ontwikkeling in de richting van meer openheid. We moeten nadenken over de efficiëntie van ons sanctiebeleid. Het besluit van vorig jaar om de visumbeperkingen op te heffen nadat Minsk in augustus 2008 de laatste gevangenen vrijgelaten had, droeg bij tot een zekere vooruitgang in de dialoog.

Het gebruik van sancties is voor de Europese Unie een belangrijk drukmiddel. Tezelfdertijd heeft de Commissie meerdere stappen gezet om met Wit-Rusland samen te werken en het land maakt deel uit van het oostelijke partnerschap. Onze steun aan Wit-Rusland in het Internationaal Monetair Fonds is ook een positieve stap geweest.

We hebben de voorwaarden vastgelegd en nu moeten we op een redelijke en voorzichtige manier te werk gaan. Het besluit om de schorsing van de visumverbodslijst te verlengen was een signaal dat we het belonen van de positieve stappen die worden gezet, serieus nemen. Als de ontwikkeling verder die richting uit gaat, kunnen we nog een stap verder gaan.

Momenteel zijn de discussies toegespitst op twee mogelijke alternatieven. Het ene is de ontwikkeling van een formele overeenkomst en het andere de mogelijkheid van visumfaciliterings- en overnameovereenkomsten. Het standpunt dat de Raad heeft ingenomen, vormde de basis voor concrete overwegingen met betrekking tot deze kwesties.

Een partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst zou ertoe kunnen leiden dat we de relatie tussen de EU en Wit-Rusland op een nieuwe manier formaliseren. Dat is een manier om conditionaliteit hand in hand te laten gaan met onze verschillende drukmiddelen in het kader van een juridisch bindende overeenkomst. Een partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst zou het voor Wit-Rusland ook mogelijk maken om ten volle deel te nemen aan het bilaterale deel van het oostelijke partnerschap.

Het idee met betrekking tot de visumfacilitering is dat ze veeleer gericht moet zijn op gewone mensen, het grote publiek, dan op de politieke elite. Ze zou een belangrijke mogelijkheid creëren om contacten tussen het maatschappelijk middenveld en de burgers van Wit-Rusland en de EU te bevorderen. Dat zou een doorslaggevende factor kunnen worden voor het opener maken en beïnvloeden van de Wit-Russische samenleving. Het ligt volledig in de lijn van de doelen van het oostelijke partnerschap.

Visumfacilitering is gekoppeld aan overname. Dat zou geen onoverkomelijk probleem mogen zijn, want Wit-Rusland heeft aangetoond dat het kan samenwerken met betrekking tot grenscontrolekwesties.

Wit-Rusland heeft een belangrijke ligging aan de oostelijke grens van de EU. Daarom hebben we er belang bij dat Wit-Rusland moderner wordt, zich ontwikkelt en stappen zet in de richting van een democratisch en vrij land. Het belang van democratische buurlanden is een hoeksteen van onze veiligheidsstrategie.

We moeten ons ervoor inzetten om onze waarden als democratie, markteconomie en respect voor mensenrechten hun stempel te laten drukken op Wit-Rusland. Er is een duidelijke parallel met hoe we partnerschappen ontwikkelen met verschillende landen in het Oosten en het Zuiden.

Tot slot wil ik onderstrepen dat we in onze betrekkingen met Wit-Rusland natuurlijk duidelijke voorwaarden moeten blijven stellen. Het land moet stappen in de juiste richting blijven zetten. Het repressieve beleid van president Loekasjenko moet plaats maken voor meer democratie en meer tolerantie. De beginselen van de rechtsstaat moeten worden geëerbiedigd. Die boodschap geven we mee in alle bilaterale contacten tussen de lidstaten en Wit-Rusland.

Als we geen dialoog voeren zullen onze eisen ook geen resultaat opleveren. Daarom is de Raad ook ingenomen met het toenemende aantal contacten om een overgang naar democratie te versterken. We zullen onze steun aan de democratische beweging en het maatschappelijk middenveld, die zich in Wit-Rusland inzetten voor hervormingen en Europese integratie, blijven ontwikkelen. We zijn zeer dankbaar voor de ruime steun en het engagement waarvan het Europees Parlement met betrekking tot deze werkzaamheden blijk geeft.

 
  
MPphoto
 

  Benita Ferrero-Waldner, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, beste collega’s, voorzitter van de Raad, waarde leden van het Parlement, het is mij een genoegen om het vandaag met u te hebben over onze zeer belangrijke, maar ook zeer uitdagende relatie met Wit-Rusland. Ik denk dat dit belangrijk is, omdat Wit-Rusland centraal op ons continent ligt; en het is uitdagend omdat Wit-Ruslands eigen keuzes voor zijn eigen toekomst en voor zijn betrekkingen met de EU vooralsnog onduidelijk zijn. Wat deze zullen zijn moet nog blijken en daarom moeten we met het land blijven samenwerken.

De afgelopen twee jaar heeft de Europese Unie ernaar gestreefd zich geleidelijk meer met Wit-Rusland bezig te houden en verdere hervormingen te bevorderen, daarbij voortbouwend op de – toegegeven – bescheiden maatregelen die tot nu toe genomen zijn. Ik ben ervan overtuigd dat de meest productieve benadering van Wit-Rusland een pragmatische is. In onze contacten met Wit-Rusland moeten positieve stappen van het land zelf beloond worden, maar we moeten zelf ook enige flexibiliteit betonen.

We hebben duidelijk aangegeven dat we graag zouden zien dat Wit-Rusland zijn plaats zou innemen als volwaardig deelnemer in het Europees nabuurschapsbeleid en dat, wanneer het land door middel van volgehouden inspanningen aantoont onomkeerbare stappen richting democratische hervorming te willen zetten, het bilaterale spoor van het oostelijk partnerschap voor Wit-Rusland kan worden geopend.

In de tussentijd hebben we onze goed wil op een aantal belangrijke manieren getoond. Enkele bezoeken op hoog niveau dit jaar van de EU aan Wit-Rusland hebben gezorgd voor meer politieke uitwisseling. We hebben in juni 2009 een dialoog over de mensenrechten opgestart. De Commissie voert een toenemend aantal technische dialogen met Wit-Rusland over zaken van wederzijds belang.

Zo heeft de Raad Externe Betrekkingen vorige maand vanwege het achterwege blijven van substantiële vooruitgang op het gebied van de mensenrechten en fundamentele vrijheden, besloten tot verlenging van bestaande beperkende maatregelen tot oktober 2010, met name het visumverbod en de bevriezing van activa.

Om het democratiseringsproces te bevorderen, heeft de Raad echter ook de opschorting van de beperkende maatregelen verlengd. En de Raad heeft ook twee besluiten genomen om Wit-Rusland aan te moedigen door te gaan met hervormingen. Het verheugt mij zeer dat de Commissie nu kan gaan werken aan de visumfacilitering en aan een schaduw-ENB-actieplan, het “gezamenlijk interim-plan”. Deze stappen vormen een stimulans voor democratiseringsstappen in Wit-Rusland; ik ben ervan overtuigd dat de regering zich dit terdege zal realiseren, maar dat aan de andere kant de burgers dit misschien nog wel beter zullen begrijpen.

Het gezamenlijk interim-plan wordt ontwikkeld door zowel de autoriteiten als maatschappelijke organisaties in Wit-Rusland en zal naar ik hoop de deur openen naar een verdergaande dialoog met Wit-Rusland, ook over gevoelige politieke kwesties.

Mijn diensten zijn aanbevelingen aan het opstellen met het oog op onderhandelingsrichtsnoeren op het gebied van visumfacilitering en overname-overeenkomsten. Visumfacilitering is voor de mensen van Wit-Rusland een prioriteit en ook ik zou graag zien dat meer Wit-Russen de Europese Unie bezoeken, om vrij rond te reizen, te studeren en zaken te doen. Maar uiteraard is de uiteindelijke beslissing over onderhandelingsrichtsnoeren aan de Raad.

Verder is de Commissie bereid de aan Wit-Rusland toe te wijzen financiële steun voor de periode 2010-2013 te verhogen. We hebben een voorstel gedaan voor een pakket macrofinanciële steun ter waarde van 200 miljoen euro, en zouden graag zien dat het Parlement daarmee instemt. De Commissie steunt het idee van een EIB met een nieuw mandaat dat ook Wit-Rusland omvat. Ik hoop echt dat dit doorgezet zal worden.

Het is echter duidelijk dat als Wit-Rusland toenadering tot de EU wenst, het dit moet tonen met daden. Er moet een eind komen aan politieke gevangenen en vervolging op grond van politieke gronden. Hervormingen van de verkiezingswetgeving in overeenstemming met de aanbevelingen van OVSE/ODIHR zijn hard nodig. Persvrijheid, vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vergadering moeten worden toegekend en de norm worden. De Europese Unie moedigt Wit-Rusland bovendien aan om de doodstraf af te schaffen of op te schorten. We roepen op tot verbetering van de omstandigheden voor ngo’s, het maatschappelijk middenveld en mensenrechtenactivisten. Al deze stappen kunnen helpen de ontwikkeling van een nauwer partnerschap tussen Wit-Rusland en de Europese Unie te versnellen.

Kortom, ons aanbod aan Wit-Rusland is helder. De Europese Unie is bereid nauw samen te werken met Minsk en te helpen bij de politieke en economische ontwikkeling van Wit-Rusland. Maar we zouden graag zien dat het Wit-Russische leiderschap substantiële positieve stappen zet waardoor wij deze relatie op dezelfde wijze kunnen uitbouwen als we doen met betrekking tot andere oostelijke partners wanneer zij hun verantwoordelijkheid nemen.

 
  
MPphoto
 

  Jacek Protasiewicz, namens de PPE-Fractie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, waarom heeft mijn fractie erop aangedrongen de ontwerpresolutie na het debat in te dienen? Niet alleen om onze steun te kunnen uiten voor het door de Raad genomen besluit – want dit is een verstandig en terecht besluit en ik ben het eens met allebei uw argumenten – maar vooral vanwege de toename in repressie die tamelijk recent in Wit-Rusland heeft plaatsgevonden. De ontwerpresolutie zal naar al die gevallen verwijzen en wanneer er gevallen tijdens het opstellen ervan wegvallen, kunt u erop rekenen dat ze in de vorm van amendementen zullen terugkeren, als schriftelijke amendementen van de PPE of morgen als mondelinge amendementen van mijzelf.

Er speelt nog een ander kwestie, die pas vandaag door de media is gemeld, te weten een nieuwe ontwerpwet van Loekasjenko die erop is gericht om totale controle uit te kunnen oefenen over het internet, zoals dat het geval is in China of zelfs Noord-Korea. Ik denk dat we ook dat moeten noemen.

Waarom vindt dit allemaal plaats in Wit-Rusland? Zelf denk ik dat het ten dele het gevolg is van de ondoordachte – en laat me het maar zeggen: onverstandige – bezoeken van premier Silvio Berlusconi, die Alexander Loekasjenko heeft ontmoet en heeft geroemd als democratisch gekozen leider, maar die geen tijd had om de oppositie te spreken, en, iets eerder, van de president van Litouwen, die Loekasjenko – op, laat ik zeggen, onbezonnen wijze – heeft uitgenodigd voor een bezoek aan Litouwen.

Laat me ten slotte verwijzen naar de toespraak vanochtend van Sergei Kovalev, die Sacharov citeerde dat het Westen tegelijk moet aanbieden en eisen. Daar gaat het om. We moeten Wit-Rusland verdergaande samenwerking aanbieden, maar we moeten ook werkelijke vooruitgang op het gebied van de mensenrechten, democratie en vrijheid van de Wit-Russische autoriteiten eisen.

 
  
MPphoto
 

  Kristian Vigenin, namens de S&D-Fractie. - (BG) Mevrouw de minister, mevrouw de commissaris, ik kan niet anders dan instemmen met de constatering dat Wit-Rusland voor de Europese Unie een problematische partner is.

Toch zijn we het niet eens met de wijze waarop de Commissie en de Raad dit land het laatste jaar tegemoet treden. Het is onze indruk dat deze benadering – waarbij de deur voor Wit-Rusland stap voor stap wordt opengezet, een proces dat door overeenkomstige besluiten van de zijde van de Wit-Russische autoriteiten wordt bespoedigd – niet de beste manier is waarop het land in een democratisch land kan veranderen, dan wel zich optimaal kan ontwikkelen in de richting van wat wij als een democratisch land beschouwen.

Wel zouden wij graag zien dat de Europese Commissie en de Raad iets meer inhoud zouden geven aan de maatregelen die zij nemen en wat meer betrokkenheid zouden tonen met de Wit-Russische staatsburgers zelf, aangezien dat de manier is waarop zij kunnen worden gewonnen voor de zaak die wij in onze dialoog met de Wit-Russische autoriteiten trachten te bepleiten, namelijk democratisering, meer openheid en vrije en democratische verkiezingen. In het Europa van vandaag is het ondenkbaar dat dit proces in een Europees land niet kan plaatsvinden.

Hierin liggen ook onze problemen met het oostelijk partnerschap. U weet dat het Europees Parlement geen officiële betrekkingen met het parlement van Wit-Rusland onderhoudt aangezien we van mening zijn dat de afgevaardigden van Wit-Rusland niet via eerlijke en democratische verkiezingen zijn gekozen en het parlement van dat land derhalve niet onze officiële partner kan zijn.

In dit licht dient ook de ophanden zijnde oprichting van de Parlementaire Vergadering van het oostelijk partnerschap te worden beschouwd, die dan ook op bepaalde moeilijkheden stuit; onze benadering zal er echter in bestaan dat we samen met de Commissie en de Raad tot een gezamenlijke strategie proberen te komen, zodat wij er ook op parlementair niveau op voorbereid kunnen zijn een passend gebaar naar Wit-Rusland te maken indien men daar zelf stappen zet om tegemoet te komen aan de eisen die wij stellen.

Daarom verzoek ik het Europees Parlement, de Europese Commissie en de Raad gezamenlijk op te treden en geen zelfstandige acties te ondernemen zoals premier Berlusconi deed, omdat dit de gemeenschappelijke zaak schaadt en voor Loekasjenko een extra aanmoediging betekent. En dat dient te worden vermeden.

 
  
MPphoto
 

  Ivars Godmanis, namens de ALDE-Fractie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag nog een voorstel naar voren brengen, omdat de betrekkingen tussen het Parlement en de autoriteiten feitelijk bevroren zijn, maar we wel contacten onderhouden met de oppositie. Mijn voorstel is een conferentie te organiseren, in Letland of ergens anders, met deelnemers van zowel de autoriteiten als de oppositie. De onderwerpen van deze conferentie zouden ten eerste zijn: energie, veiligheid, economie en doorvoerproblemen, die in Wit-Rusland evenals voor de EU zeer substantieel zijn; ten tweede: visa- en nabuurschapskwesties met betrekking tot burgers; ten derde: de problemen met de democratische situatie, partijproblematiek en mensenrechten; en ten vierde: het werkelijk bestaande beeld aan Wit-Russische kant – hoe zien zij het oostelijk partnerschap in de nabije toekomst? Als het erop aankomt denk ik dat dit een van de manieren is waarop we de huidige vastgelopen situatie kunnen vlottrekken. Het moet van beide kanten komen, want een eenzijdige aanpak is gedoemd te mislukken.

 
  
MPphoto
 

  Werner Schulz, namens de Verts/ALE-Fractie. (DE) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, circa twee weken geleden heeft de Italiaanse premier als eerste westerse regeringsleider sinds jaren weer een bezoek gebracht aan Wit-Rusland. Hij prees de inspanningen en het beleid van president Loekasjenko en oordeelde dat de hoge opkomst bij de verkiezingen een teken is van de grote bewondering en liefde die het volk voor de president koestert. Hij is helaas vergeten een bezoek aan de oppositie te brengen, zoals doorgaans gebruikelijk is. Als reactie konden er geen stappen in de richting van liberalisering in Wit-Rusland worden vastgesteld; de koers ten opzichte van de oppositie is juist minder tolerant geworden. Dit resulteerde in repressie en er was sprake van opstootjes en knokpartijen en dergelijke.

Dat is mede een van de redenen waarom wij vandaag deze ontwerpresolutie hebben ingediend teneinde duidelijk te maken welke krachten en initiatieven van het maatschappelijk middenveld onze steun hebben en om aan te geven dat we pas van een partnerschap kunnen spreken - dat vooralsnog uiteraard in de ijskast staat - als we weer een volledige mensenrechtendialoog met Wit-Rusland kunnen voeren. Dat betekent vrijheid van spreken, vrijheid van meningsuiting, vrijheid van de oppositie om haar werk te doen, het toelaten van oppositiepartijen, enzovoort. Dat is volgens ons belangrijk en dat moet in de toekomst ons partnerschap bepalen. Wij hopen dat de Europese Unie in deze een gezamenlijke lijn trekt en dat de toekomstige hoge vertegenwoordiger zich hier krachtig voor inzet.

 
  
MPphoto
 

  Valdemar Tomaševski, namens de ECR-Fractie.(LT) Mijnheer de Voorzitter, Wit-Rusland, een land in Midden-Europa, is de historische bakermat van het Groothertogdom Litouwen. Het hertogdom verdedigde de waarden van de westerse beschaving aan de noordoostzijde. Het is daarom gunstig dat de conclusies van de Raad op 17 november van dit jaar nieuwe mogelijkheden bieden voor een dialoog en ook voor meer samenwerking tussen de Europese Unie en Wit-Rusland.

We moeten woorden en gebaren echter omzetten in iets concreets. Laten we beginnen met intermenselijke betrekkingen, die versterkt moeten worden door Wit-Rusland te betrekken bij processen op Europees en regionaal niveau. Ik roep de Commissie op om met gezwinde spoed aanbevelingen te doen voor richtlijnen inzake de vereenvoudiging van visumregelingen en voor de volledige afschaffing van de visumregeling binnen de grenszone van 50 kilometer. Mensen uit Midden-Europa moeten over rechten en mogelijkheden beschikken om zich vrij naar beide kanten te begeven.

 
  
MPphoto
 

  Jiří Maštálka, namens de GUE/NGL-Fractie. (CS) Ik heb de ontwerpresoluties over het onderwerp zorgvuldig doorgelezen en heb met belangstelling naar het debat geluisterd. In de ingediende resoluties zie ik grotendeels voorstellen waarmee wordt gepoogd de vooralsnog koele betrekkingen tussen de Europese Unie en Wit-Rusland een positieve wending te geven. Het project van het oostelijk partnerschap is mijns inziens een goede gelegenheid voor een verregaande verbetering van onze betrekkingen. De volgende punten zijn naar mijn mening daarbij van belang: allereerst overheerst er op economisch gebied een pragmatische benadering, maar dat betekent niet dat het een unilateraal proces mag worden; ook de Unie dient zich open te stellen voor goederen en diensten uit Wit-Rusland. Ten tweede acht ik het van groot belang dat er in het kader van het oostelijk partnerschap versneld financiële middelen beschikbaar gesteld worden voor Wit-Rusland. Ten derde zou een versoepeling van het visumbeleid van de Europese Unie een nuttige bijdrage kunnen leveren aan een goede dialoog. Ten vierde zouden we ons meer moeten richten op de milieu-aspecten van onze samenwerking. Iedereen weet dat Wit-Rusland heeft geleden onder het ongeval in Tsjernobyl, wat onze hulp meer dan welkom maakt. Ook al ben ik me bewust van de historische en politieke eigenaardigheden van Wit-Rusland, toch ben ik ervan overtuigd dat het tijdstip nu is gekomen waarop Wit-Rusland zich moet aansluiten bij de landen waar de doodstraf verboden is.

 
  
MPphoto
 

  Fiorello Provera, namens de EFD-Fractie. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, eerst wil ik in reactie op de collega die zonet het woord heeft gevoerd het recht verdedigen van willekeurig welk staatshoofd een bezoek te brengen aan regeringen binnen Europa en buiten Europa, mits in overeenstemming met de Raad, en ik vind het dan ook buitengewoon ergerlijk dat de Italiaanse premier al bij voorbaat wordt gehekeld.

Dan nu wat het onderhavige onderwerp betreft. Door zich aan te sluiten bij het oostelijk partnerschap heeft Wit-Rusland laten zien dat het samen met Europa een weg van economische ontwikkeling en hervorming wil bewandelen. De Commissie heeft erkend dat Wit-Rusland bepaalde vorderingen heeft gemaakt, zoals de vrijlating van politieke gevangenen, de hervorming van de kieswet en het feit dat enkele kranten van de oppositie kunnen worden verspreid, zij het onder toezicht van de regering. Dit betekent nog niet dat er sprake is van volledige democratie, maar het is beslist een verandering ten opzichte van het verleden.

De Europese Unie staat dus voor de keuze de hervormingen aan te moedigen door middel van de dialoog in het kader van het oostelijk partnerschap en Euronest, en tegelijkertijd vast te houden aan een beleid van nauwlettend toezicht op de behaalde resultaten en op de stappen die gezet worden. Mijns inziens is het dan ook goed dat collega Vigenin het mandaat krijgt om met Minsk overeenstemming te bereiken over een passende vertegenwoordiging in de Parlementaire Vergadering Euronest, die niet beperkt is tot alleen het maatschappelijk middenveld maar ook vertegenwoordigers van het Wit-Russische parlement omvat.

Dat zou het mogelijk maken een dialoog te voeren met politieke besluitvormers, ook over mensenrechten, en een kanaal tot stand te brengen voor communicatie met de regering om zo het hervormingsproces te ondersteunen, door elk excuus voor uitblijvende of onbevredigende antwoorden weg te nemen.

 
  
MPphoto
 

  Peter Šťastný (PPE). (SK) Wit-Rusland verdient meer aandacht, zowel van de EU als van het Europees Parlement. Ik sta zeker achter ons aanbod om een helpende hand te bieden, mits het antwoord aan de andere kant specifiek meetbaar en toereikend is. We moeten echter principieel zijn in onze eisen. Dit zal vervolgens leiden tot democratie en goede betrekkingen tussen de EU en Wit-Rusland en zeker de burgers van dat land.

Ik juich daarom de uitnodiging aan Wit-Rusland toe om de Paritaire Parlementaire Vergadering Euronest bij te wonen op de duidelijke voorwaarden van een 5 plus 5 opstelling voor afgevaardigden, die sterk wordt gesteund door het Europees Parlement. Aan de andere kant is de grove schending van het principe omtrent officiële bezoeken van vertegenwoordigers van de EU-lidstaten betreurenswaardig. Eén van die principes bij een officieel bezoek aan Wit-Rusland vereist bijvoorbeeld een ontmoeting met de oppositie. Juist dit principe werd schandelijk overtreden door het achterwege blijven van een dergelijke ontmoeting tijdens het recente bezoek van het staatshoofd van een invloedrijk lidstaat van de EU. Dergelijk gedrag brengt een slag toe aan onze inspanningen, schaadt de goede naam van de Europese Unie en haar instellingen en draagt zeker niet bij aan de versterking van de democratie in Wit-Rusland.

 
  
MPphoto
 

  Justas Vincas Paleckis (S&D).(LT) Al zes jaar lang verkondig ik binnen het Europees Parlement dat de Europese Unie de burgers van Wit-Rusland en de EU en met name die in de buurlanden het best kan helpen door de deuren zover mogelijk open te zetten voor samenwerking tussen mensen, met name jonge mensen, en voor nauwere banden binnen de zakelijke, culturele en wetenschappelijke wereld en op andere gebieden en niet door sancties of beperkingen op te leggen. Dit zal ik blijven verkondigen.

Het is zeer goed dat Brussel voor het tweede jaar pragmatisch streeft naar verandering door dichter naar Wit-Rusland en zijn mensen toe te trekken. Dat beleid moet inderdaad alle verwachte positieve resultaten nog waarmaken, maar teruggaan naar het verleden zou echt verkeerd zijn. Ik steun daarom de acties van de Raad en de Commissie, met name het vooruitzicht op een actieplan voor Wit-Rusland.

Toen de nieuwe EU-landen twee jaar geleden het Schengenakkoord tekenden, verschoven de overblijfselen van de Berlijnse muur in figuurlijke zin naar het oosten. Terwijl inwoners van Litouwen, Letland, Polen en Wit-Rusland, dikwijls verwant, voorheen de mogelijkheid hadden om belastingvrij naar elkaar toe te reizen, moeten Wit-Russen nu een half maandsalaris betalen voor een Schengenvisum. Dergelijke bureaucratische en financiële muren moeten zo snel mogelijk worden afgebroken. Aan de andere kant roepen de acties van Minsk, om de overeenkomst met Litouwen en andere landen inzake de vereenvoudigde doorgang voor inwoners in het grensgebied te vertragen, twijfel op over de welwillendheid van de overheden.

Uit onderzoeken blijkt dat ongeveer 30 procent van de inwoners van Wit-Rusland voorstander is van betere betrekkingen met de Europese Unie. Tegelijkertijd wil 28 procent van de inwoners betere betrekkingen met Rusland. Dit staat elkaar niet in de weg. De Europese Unie heeft werkelijk geen intenties om Wit-Rusland bij Rusland vandaan te halen of ze tot vijanden te maken. Niet het Westen heeft hervormingen nodig, maar de Wit-Russen zelf.

Welnu, dynamische en economische modernisatie en deelname aan het oostelijk partnerschapsbeleid kunnen eraan bijdragen dat deze taak wordt volbracht.

 
  
MPphoto
 

  Paweł Robert Kowal (ECR). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, als ik luister naar ons debat, heb ik de indruk dat we te weinig spreken over het hoofddoel dat we nastreven. En dat hoofddoel zijn vrije verkiezingen in Wit-Rusland. Onze aandacht moet hier steeds op gericht blijven. Als afgevaardigden die verkozen zijn in democratische verkiezingen in ons land, kunnen we dit hoofddoel niet negeren.

Ik ben ervan overtuigd dat er zowel bij de oppositie als bij de regerende partijen veel mensen verwachten dat we over vrije verkiezingen zullen spreken. Ook zij wachten op dit signaal. Ik weet dat uit eigen ervaring. Ze verdienen een helder en duidelijk antwoord. We vechten voor vrije verkiezingen in Wit-Rusland en voor Wit-Rusland als een vrije partner in Europa. Gisteren kregen we van mevrouw de commissaris een verklaring betreffende het plan-Sarkozy, waarvoor mijn dank.

Vandaag heb ik nog een idee. Ik zou willen dat u, mevrouw de commissaris, duidelijk verklaart dat zolang er geen vrije verkiezingen in Wit-Rusland gehouden worden, er geen politieke contacten met het land zullen komen in kwesties waarop u invloed heeft. Dit met uitzondering van contacten met de oppositie, die niet vergeten mag worden. Kunt u dit in het openbaar verklaren? We zullen u hier heel erkentelijk voor zijn. Dit wordt voor ons een echt kerstcadeau.

 
  
MPphoto
 

  Bastiaan Belder (EFD). - Mijnheer de Voorzitter, begin dit jaar, om precies te zijn op woensdag 14 januari, had ik eveneens het voorrecht deel te nemen aan een debat in dit Huis - en mevrouw Ferrero-Waldner, de commissaris, was daar ook bij - over Wit-Rusland en logisch dat je dan aan het eind van dit parlementaire jaar kijkt of er zich wezenlijke veranderingen hebben voorgedaan in de relatie Europese Unie/Wit-Rusland. Welnu, mijns inziens kenmerkt het jaar 2009 zich door de status-quo tussen Minsk en Brussel. Welke conclusies dienen de Europese instellingen hieruit te trekken? Allereerst houdt het gevaar aan dat het Wit-Russische regime van president Loekasjenko simpel blijft balanceren tussen Moskou en Brussel ofwel tussen gesimuleerde integratie met Rusland en gesimuleerde toenadering tot de Europese Unie. Tegenover de economische affectiviteit van Europa staat de wens en wil tot machtsconsolidering van de Wit-Russische politieke elite. De jongste positiewisselingen binnen de politieke top in Minsk duiden op een hardere koers.

Mijnheer de Voorzitter, met een uitgebalanceerde strategie dient de Europese Unie de kans van een geleidelijke mentaliteitsverandering op bevolkings- en eliteniveau aan te grijpen. Een kans die voortvloeit uit de inmiddels opgebouwde dialoog en samenwerkingsstructuren in combinatie met de wereldwijde economische crisis die het Loekasjenko-bewind evenzeer tot handelen noopt.

Kortom, alle Europese instellingen zullen daarbij alle Wit-Russische doelgroepen moeten aanspreken. De staatsinstanties, de oppositiekrachten, de burgermaatschappij, ja evenzeer de passieve burgerbevolking. Het ligt daarbij voor de hand dat het Europees Parlement inhoudelijk contacten nastreeft met het Wit-Russische parlement.

 
  
MPphoto
 

  Konrad Szymański (ECR). - (PL) Experimenten om de relaties tussen de Europese Unie en Wit-Rusland te doen ontdooien leveren nog steeds geen duidelijke resultaten op. Daarom is de politieke pressie van de Europese Unie onontbeerlijk om de zwak afgebakende koers voor veranderingen in Minsk aan te blijven houden. Als we communicatiekanalen met de autoriteiten willen openen, moet dit samengaan met een verwerping van het ondemocratisch parlement in Minsk. We moeten er ook zorgvuldig over waken dat de vrije Wit-Russen zich niet afgestoten voelen. Daarom zou het uiterst onverantwoordelijk zijn om ontmoetingen met de vertegenwoordigers van de oppositie lichtzinnig te negeren.

Minsk moet weten dat onze politiek slechts één doel heeft: democratie in Wit-Rusland. Politieke veranderingen zijn enkel mogelijk als we de Wit-Russen toegang tot onafhankelijke informatie verzekeren. Een van de projecten die vandaag onze steun nodig heeft, is de televisiezender Belsat. Belsat zendt het enige programma in het Wit-Russisch uit, dat toegang geeft tot ongecensureerde informatie over de situatie in het land. De zender wordt al twee jaar met stijgende interesse door de Wit-Russen gevolgd.

 
  
MPphoto
 

  Paul Rübig (PPE). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw Malmström, commissaris, ik ben bijzonder blij dat mevrouw Ferrero-Waldner als onze commissaris altijd een voorvechter van democratie en de markteconomie is geweest en in dit verband ook nieuwe maatstaven in Wit-Rusland heeft gesteld. In het licht daarvan wil ik haar bijzonder hartelijk danken voor haar werk als commissaris voor buitenlandse betrekkingen en het nabuurschapsbeleid en haar voor de toekomst alle goeds wensen.

 
  
MPphoto
 

  Marek Siwiec (S&D). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, wat de contacten met Wit-Rusland betreft, bevinden we ons in een situatie met een eerder schizofreen karakter. Onze Europese leiders praten met de president en de Wit-Russische regering, die het parlement en het systeem vertegenwoordigen. En dat is goed. We willen echter niet praten met het parlement, dat verkozen is in slecht georganiseerde, onvrije en intransparante verkiezingen, want we hebben toch onze principes. Er moet een eind gemaakt worden aan deze schizofrene aanpak en dat moet duidelijk gesteld worden.

De laatste kans om onze politiek tegenover Wit-Rusland duidelijk te maken, zijn de verkiezingen voor de lokale besturen, die volgend jaar gehouden worden. Ofwel worden ze gehouden volgens principes die wij aanvaarden, en wordt dit het signaal voor een ernstige doorbraak, ofwel vinden ze op een andere manier plaats en moeten we er gewoon niet meer op rekenen dat Wit-Rusland zich openstelt. We zien immers dat de heer Loekasjenko weet wat hij wil, terwijl wij niet zo goed weten wat we willen.

Wat meneer Berlusconi betreft: hij heeft duidelijk getoond wie hij is. Als wat Loekasjenko doet, voor hem het ideaal van leiderschap is, dan wil dat zeggen dat dit een model is dat hem imponeert. Je kan er enkel je handen bij wringen en betreuren dat er onder onze 27 Europese leiders zo'n leider te vinden is.

 
  
MPphoto
 

  Charles Tannock (ECR). - (EN) Mijnheer de Voorzitter, als iemand die zich al lange tijd met Wit-Rusland bezighoudt, wil ik zeggen dat het belangrijk is dat de EU in contact blijft met Wit-Rusland, een middelgroot Europese land dat zich in toenemende mate in een isolement werkt en zo een soort Europees Cuba dreigt te worden. President Loekasjenko, een echte homo sovieticus, is echter zeer bedreven in machtspolitiek en daarom moeten we als EU redelijke politieke en handelsbetrekkingen met Wit-Rusland onderhouden. Ik ben het er daarom mee eens dat uiteindelijk de bedoelde sancties moeten worden opgeheven en een partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst moet worden geratificeerd.

Dus nadat de EU Wit-Rusland jarenlang in een isolement heeft gehouden, ben ik nu ook van mening dat een aanpak van straffen en beloningen de juiste is. We moeten contacten met het maatschappelijk middenveld van Wit-Rusland stimuleren, zorgen voor een goedkoper visumregeling, en Wit-Rusland de status van waarnemer geven in de Parlementaire Vergadering Euronest, alsmede toegang tot de programma’s van het oostelijk partnerschap.

We hebben een royaal begin gemaakt en nu roep ik Minsk op ons tegemoet te komen door te werken aan een verbetering van de mensenrechten en de democratie in Wit-Rusland.

 
  
MPphoto
 

  Andreas Mölzer (NI). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, het beleid van de Europese Unie met betrekking tot Wit-Rusland is ongetwijfeld een voorbeeld van een verstandig nabuurschapsbeleid. We moeten de scheidende commissaris, mevrouw Ferrero-Waldner, danken voor haar succesvolle werk in dit verband.

Wit-Rusland moet bij zijn hervormings- en ook bij zijn democratiseringsproces zonder meer door de Europese Unie worden gesteund. De Europese Unie en de lidstaten van de Europese Unie mogen echter niet zo arrogant zijn te denken dat hun eigen democratische normen een voorbeeld voor de rest van de wereld moeten zijn.

Eén ding is zeker wat betreft Wit-Rusland: als wij vruchtbare betrekkingen met Rusland willen onderhouden, zijn wij verplicht om ook in enige mate rekening te houden met de historische en geopolitieke belangen van het Kremlin. Dat is wellicht het meest heikele punt ten aanzien van het Europees beleid met betrekking tot Wit-Rusland.

 
  
MPphoto
 

  Filip Kaczmarek (PPE). - (PL) Er is hier al sprake geweest van de behoefte aan jongerenuitwisseling en culturele uitwisselingen tussen de Unie en Wit-Rusland. Ik vrees dat dat heel moeilijk zal zijn. Op 3 december werd Tatjana Shaputska, de woordvoerster van de oppositieorganisatie Jong Front, van de lijst van studenten van de Rechtsfaculteit van de Wit-Russische Staatsuniversiteit geschrapt. En waarom werd ze geschorst? Voor deelname aan een forum over het oostelijk partnerschap in Brussel. Het bestuur van de universiteit stelde dat ze zonder zijn toestemming vertrokken was, en daarom werd ze uit de universiteit gezet.

Het kan zijn dat het voor vrouwen in dit land niet zo gevaarlijk is, maar voor mannen die in Wit-Rusland uit de universiteit gezet worden, kunnen de gevolgen erg pijnlijk zijn. De legerdienst wordt in Wit-Rusland als een straf beschouwd, als een vervanging voor gevangenisstraf. Er zijn jonge soldaten zoals Franek Wieczorka, de leider van de jongerenafdeling Wit-Russisch Jongerenfront, of Ivan Szyla, ook lid van het Jonge Front, die tijdens hun legerdienst vervolgd worden. Ze krijgen geen toegang tot informatie en dit wordt als straf beschouwd. We moeten dit tegengaan en diegenen die op deze manier gestraft worden, steunen.

 
  
MPphoto
 

  Cecilia Malmström, fungerend voorzitter van de Raad. − (EN) Mijnheer de Voorzitter, commissaris, waarde leden van het Parlement, ik denk dat het zeer waardevol is dat er bij alle Europese instellingen zo’n krachtige steun is voor de benadering van Wit-Rusland.

Het is inderdaad een heel moeilijke partner, maar het is een buurland, waar we grenzen mee delen. Sommige landen hier hebben nauwe historische banden met de mensen daar, en daarom moeten we ons uiterste best doen de ontwikkeling van democratie, de mensenrechten, de rechtsstaat en de markteconomie te steunen.

We maken ons zorgen om bepaalde recente negatieve ontwikkelingen, zoals de studente die van de universiteit is gestuurd. Het Zweedse voorzitterschap heeft zeer krachtdadig gereageerd in Minsk en heeft ook allerlei verklaringen uitgegeven: dit is, uiteraard, een jammerlijke gebeurtenis die niet had mogen plaatsvinden.

We hebben dit jaar veel contact gehad met het maatschappelijk middenveld. Nog maar een paar weken geleden was er in Brussel een conferentie met maatschappelijke organisaties. Ik heb zelf een paar weken geleden in Stockholm gesproken met vertegenwoordigers van de gehele oppositie, en er wordt voortdurend getracht contacten te onderhouden met het maatschappelijk middenveld en de oppositie. Ze zijn zwak, maar ze zijn er en ze hebben onze steun nodig, en die steun zal er blijven.

Ik denk dat het idee van de heer Godmanis voor een conferentie zeer interessant is. Het is zeker de moeite waard om te kijken of we hier iets mee kunnen doen.

Deze tweevoudige benadering van Wit-Rusland – de aanpak van straffen en beloningen zoals de heer Tannock het geloof ik noemde –, zal hopelijk een succesvolle zijn. Ze laat zien dat het ons ernst is, we hebben een handreiking gedaan. We kunnen de heer Loekasjenko en het Wit-Russische regime laten zien dat als je richting democratie gaat en richting eerbiediging van internationale waarden, er een andere toekomst voor je is. Er is een pad naar Europese integratie, een pad naar betrokkenheid bij de Europese Unie, naar visumfacilitering en uitbreiding van het oostelijk partnerschap.

Het is nu aan hen om te reageren. Wij hebben, met de volledige steun van alle Europese instellingen de hand gereikt: Minsk, neem deze alstublieft aan, want u en het Wit-Russische volk kunnen er veel mee winnen.

 
  
MPphoto
 

  Karel De Gucht, lid van de Commissie. (EN) Mijnheer de Voorzitter, ter afsluiting wil ik graag zeggen dat ik onze gedachtewisseling vandaag als zeer open en uiterst nuttig heb ervaren – en ik spreek daarbij uiteraard ook namens Benita Ferrero-Waldner. Ik dank u voor dit constructieve en toekomstgerichte debat.

De EU is in principe bereid om nauw met Minsk samen te werken en steun te bieden in verband met de dringend noodzakelijke politieke en economische hervormingen. Mocht de Wit-Russische regering substantiële stappen zetten op het gebied van democratisering, dan zou de EU bereid zijn Wit-Rusland te zien als volwaardig lid van het oostelijk partnerschap. Tot die tijd zal de EU er bij Wit-Rusland op blijven aandringen meer onomkeerbare stappen te zetten richting democratische normen, aangezien onze relatie anders niet tot volle wasdom kan komen. Ik hoop van harte dat we in 2010 in staat zullen zijn de banden met Wit-Rusland geleidelijk en op intelligente wijze aan te halen en het Wit-Russische volk duidelijk te maken welke materiële voordelen een goede relatie met de EU heeft.

De EU verwacht van Minsk dat het maatregelen treft die leiden tot democratische hervormingen, om zo toenadering te zoeken tot de EU en gezamenlijk de ruimte van vrede, stabiliteit en welvaart te helpen uitbreiden die alle zes landen van het oostelijk partnerschap behelst, alsmede Rusland, de strategische partner van de EU.

Er zijn vijf onomkeerbare maatregelen waarvan we verwachten dat Wit-Rusland ze zonder terughoudendheid neemt.

Ten eerste: zorgen dat er niet wordt teruggekrabbeld op het gebied van politieke gevangenen en vervolging op grond van politieke gronden. Ten tweede: doorvoering van een grondige hervorming van de verkiezingswetgeving in overeenstemming met de aanbevelingen van OVSE/ODIHR. Ten derde: beginnen aan liberalisering van de media, en de vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vergadering handhaven. Ten vierde: de werkomstandigheden voor ngo’s verbeteren door middel van nieuwe wet- en regelgeving. Ten vijfde: de doodstraf afschaffen of opschorten.

Wit-Rusland zou een duidelijk teken kunnen afgeven dat het de gedeelde waarden serieus neemt door de doodstraf met onmiddellijke ingang op te schorten en vervolgens af te schaffen – dit zou een cruciale stap zijn op weg naar lidmaatschap van de Raad van Europa. In zijn conclusies van november heeft de Raad van de EU er bij Wit-Rusland op aangedrongen de doodstraf op te schorten. Bovendien heeft de Commissie in het kader van de Tiende Internationale Dag tegen de doodstraf communicatieacties uitgevoerd.

Wat zou de EU voor Wit-Rusland kunnen doen? Wat hebben we te bieden? De Commissie gelooft dat de meest productieve benadering van Wit-Rusland een pragmatische is. Het aanhalen van de banden tussen de EU en Wit-Rusland moet het gevolg zijn van positieve stappen van Wit-Rusland zelf, maar we moeten ook de nodige flexibiliteit betonen. De conclusies van de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen (RAZEB) van november 2009 laten de EU toe Wit-Rusland te belonen voor ontwikkelingen die we wensen te zien, terwijl we wel vasthouden aan onze beginselen. Dat bedoel ik met een pragmatische benadering.

Onze boodschap aan Wit-Rusland is helder. Om te beginnen is de Europese Unie bereid nauw met Minsk samen te werken en te helpen bij de politieke en economische ontwikkeling van Wit-Rusland en, wanneer de Wit-Russische regering substantiële positieve stappen zou zetten, dan zou de EU bereid zijn Wit-Rusland te zien als volwaardig lid van het oostelijk partnerschap. Dit houdt in de ontwikkeling van onze relatie via het bilaterale spoor van het oostelijk partnerschap, het begin van een diepgaande politieke en economische dialoog, alsmede uitbreiding van de sectorale samenwerking.

In de tussentijd is Wit-Rusland in mei 2009 uitgenodigd mee te doen aan de multilaterale dimensie van het oostelijk partnerschap. Het neemt op het niveau van viceministers constructief deel aan de vier multilaterale fora: democratie en bestuur, economische integratie, energiezekerheid en contacten tussen mensen.

Ten tweede verwachten we van Wit-Rusland dat het verdere onomkeerbare stappen zet richting democratische normen, aangezien onze relatie anders niet tot volle wasdom kan komen.

Ten derde is het ontbreken van een partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst niet alleen een gemis voor Wit-Rusland, maar betekent het ook dat we een juridische basis ontberen voor zulke zaken als een formele dialoog over mensenrechten en het aan de orde stellen van handelskwesties of de doorvoer van energie. In de Commissie blijven we van mening dat de ratificatie van de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst een goede stap voorwaarts zou zijn, maar we zullen dit zeker blijven gebruiken als manier om verdere ontwikkelingen aan Wit-Russische kant te stimuleren.

Ten vierde en ten slotte is de Commissie begonnen met de tenuitvoerlegging van de conclusies van november 2009 van de RAZEB, en zullen wij zo snel mogelijk komen met voorstellen voor de Raad van ministers van de EU.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. − Het debat is gesloten.

Tot besluit van het debat zijn er zeven ontwerpresoluties(1) ingediend, overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement.

De stemming vindt morgen, donderdag 17 december 2009, plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Cristian Silviu Buşoi (ALDE), schriftelijk. (RO) Democratische waarden en eerbiediging van de mensenrechten en individuele vrijheden zijn het fundament waarop de EU is gebouwd. Aangezien het ons doel is om naburige landen te helpen democratisch te worden, en Wit-Rusland een van de laatste landen in Europa is met een autoritair regime, ben ik van mening dat we zeer duidelijke en strikte politieke voorwaarden moeten stellen aan Wit-Rusland voordat er enig politiek contact wordt gelegd. Wit-Rusland heeft een aantal hervormingen doorgevoerd, maar deze zijn onbeduidend in verhouding tot de bestaande problemen, met name in relatie tot de mensenrechten, de persvrijheid en de vrijheid van meningsuiting. De activisten die campagne voeren voor de eerbiediging van de mensenrechten en individuele vrijheden moeten worden gesteund. Ik steun het idee om contacten te leggen met de oppositie en met name ben ik voor individuele contacten tussen EU-burgers en Wit-Russen. Op die manier zullen Wit-Russen vrijuit kunnen spreken met mensen die hun democratische waarden delen. Dit zou een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een maatschappelijk middenveld en een proces van democratisering mogelijk maken, gesteund en in gang gezet door de bevolking. Dit is de enige manier waarop een gezonde democratie kan worden gecreëerd, met respect voor ieders rechten. Daarom moet het gebruik van sancties als drukmiddel worden gecombineerd met het creëren van de gelegenheid voor contacten tussen EU-burgers en die van Wit-Rusland.

 
  
MPphoto
 
 

  Kinga Göncz (S&D), schriftelijk. – (HU) Graag verwelkom ik de constructieve deelname van Wit-Rusland aan het proces van het oostelijk partnerschap, en het feit dat de dialoog over mensenrechten is geopend tussen de EU en Wit-Rusland. Het afgelopen jaar zijn er positieve processen op gang gekomen in het land met de vrijlating van politieke gevangenen, maar we zien dat dit proces sindsdien tot stilstand is gekomen: er zijn moeilijkheden in verband met de inschrijving van politieke partijen en de vergunningen voor onafhankelijke media en maatschappelijke organisaties. Daarom zag de EU zich gedwongen de reisbeperkende maatregelen te verlengen. Ik hoop van harte dat Wit-Rusland verdergaat op de vorig jaar ingeslagen weg van positieve veranderingen, waarmee het land ook de EU de mogelijkheid biedt positief te reageren. Tot die tijd vind ik het belangrijk om te onderzoeken of we een stap voorwaarts kunnen doen op het gebied van visumfacilitering, aangezien de contacten tussen mensen ook in grote mate kunnen bijdragen aan politieke openheid en democratisering.

 
  
MPphoto
 
 

  Bogusław Sonik (PPE), schriftelijk. (PL) Als we debatteren over het respecteren van de mensenrechten in Wit-Rusland en over de beslissing van de lidstaten om de sancties tegen over bepaalde vertegenwoordigers van het Wit-Russische regime tot oktober 2010 te verlengen, dan moeten we stellen dat de situatie in Wit-Rusland geleidelijk verandert.

In de conclusies van de Raad van 17 november 2009 lezen we dat er nieuwe mogelijkheden tot dialoog en verdieping van de samenwerking tussen de Europese Unie en Wit-Rusland zijn ontstaan. Om de Wit-Russische autoriteiten aan te sporen om hervormingen in te voeren gingen de lidstaten akkoord om tijdelijk de sancties op te heffen in verband met de vrijheid van verkeer van hooggeplaatste vertegenwoordigers van de Wit-Russische autoriteiten. De Europese Commissie bereidt een overnameovereenkomst voor en richtlijnen die het toekennen van Europese visa aan Wit-Russen moet vergemakkelijken.

We mogen echter niet vergeten dat de mensenrechten in Wit-Rusland nog steeds geschonden worden. De hoopvolle stappen die in oktober 2008 genomen werden, zoals de vrijlating van de meerderheid van de politieke gevangenen en de toelating tot verspreiding van twee onafhankelijke kranten, blijven onvoldoende. Een schrijnend voorbeeld van de schending van de mensenrechten is nog steeds de doodstraf: Wit-Rusland is het enige Europese land dat nog steeds de doodstraf toepast, en in de voorbije maanden werd de doodstraf verschillende malen uitgesproken.

Daarom eisen we van de Wit-Russische besluitvormers om tenminste de mensenrechten te respecteren. We verzoeken om de uitvoering van de doodstraf op te schorten, de kieswet te herzien en de vrijheid van meningsuiting en pers te garanderen.

 
  
  

VOORZITTER: PÁL SCHMITT
Ondervoorzitter

 
  

(1) Zie notulen.

Laatst bijgewerkt op: 30 april 2010Juridische mededeling