Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

O-0149/2009 (B7-0342/2009)

Debatten :

PV 19/01/2010 - 10
CRE 19/01/2010 - 10

Stemmingen :

OJ 10/02/2010 - 23

Aangenomen teksten :


Debatten
Dinsdag 19 januari 2010 - Straatsburg Uitgave PB

10. Mensenhandel (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is de gecombineerde behandeling van:

– mondelinge vraag (O-148/2009) van Anna Hedh en Edit Bauer, namens de Commissie FEMM, aan de Raad: Mensenhandel (B7-0341/2009), en

– mondelinge vraag (O-149/2009) van Anna Hedh en Edit Bauer, namens de Commissie FEMM, aan de Commissie: Mensenhandel (B7-0342/2009).

 
  
MPphoto
 

  Anna Hedh, rapporteur. − (SV) Mijnheer de Voorzitter, zoals wij allemaal weten is mensenhandel een van de ergste en afschuwelijkste misdaden ter wereld. Daarom is het uiterst teleurstellend om zo laat op de avond voor een lege zaal zonder toehoorders en zonder journalisten over deze belangrijke kwestie te debatteren.

In 1850 werd de slavernij in heel Europa officieel verboden. Desondanks zijn bijna tweehonderd jaar later honderdduizenden mensen in Europa slachtoffer van mensenhandel, de moderne vorm van slavernij. Het Europees Parlement en de overige instellingen van de EU hebben een buitengewoon grote verantwoordelijkheid om de hedendaagse slavernij te bestrijden en te stoppen. Deze komt in een groot aantal verschillende vormen tot uiting, bijvoorbeeld dwangarbeid, handel in seksslaven, handel in organen, adoptie en bedelarij.

Daarom verheugt het mij dat we vandaag over dit belangrijke onderwerp debatteren. Ik wil graag van de gelegenheid gebruik maken u te bedanken voor de goede samenwerking tot dusverre en ik hoop dat wij gezamenlijk uiteindelijk tot een gemeenschappelijke resolutie kunnen komen. Ik hoop ook dat de nieuwe Commissie op zo kort mogelijke termijn een richtlijn over mensenhandel zal presenteren, een richtlijn die krachtdadiger is en verder gaat dan het voorstel van de oude Commissie, dat op zich goed was.

Om het probleem van mensenhandel aan te pakken hebben we een algeheel perspectief nodig, dat rekening houdt met alle betrokken beleidsterreinen, dat wil zeggen niet alleen met strafrecht, maar ook met migratie. We hebben ook goede sancties nodig die werkelijk de ernst van het misdrijf weerspiegelen en die degenen die geld verdienen aan mensenhandel echt pijn doen. We moeten ervoor zorgen dat de slachtoffers beter worden geholpen en beter worden beschermd en dat er speciaal aandacht wordt besteed aan minderjarige slachtoffers. En de coördinatie binnen de instellingen van de EU moet beter.

Maar om echt grip te krijgen op het probleem van mensenhandel moeten alle lidstaten hun uiterste best doen in preventief opzicht. Daarbij gaat het met name om het verminderen van de vraag die in onze landen naar de diensten van slachtoffers van mensenhandel bestaat. Als we de vraag kunnen verminderen, dan zal ook het aanbod aan diensten afnemen.

Tot slot doe ik een beroep op de Raad, de Commissie, het Europees Parlement, de lidstaten en de overige instellingen van de EU: laten we gezamenlijk een einde maken aan mensenhandel in Europa, deze moderne vorm van slavernij.

 
  
MPphoto
 

  Edit Bauer, auteur. – (HU) De ernst van het probleem van mensenhandel kan niet beter worden gekarakteriseerd dan door het feit dat ook in Europa honderdduizenden mensen daar elk jaar het slachtoffer van worden. Dit is waarschijnlijk zo ongelofelijk dat ook de tolken honderden hebben vertaald in plaats van honderdduizenden. De publieke opinie is ongeveer hetzelfde standpunt toegedaan. Men heeft het gevoel dat dit een marginaal probleem is en daardoor worden zowel de gevolgen als de ernst van het fenomeen zelf onderschat. Ik ben van mening dat Europa het verschuldigd is de strijd tegen mensenhandel te verharden. Ik wil ingaan op twee punten. Het ene is de bescherming van de slachtoffers, het andere het volledig terugdringen van de vraag. Er bestaat weliswaar een Europese communautaire rechtsregel over de bescherming van slachtoffers waarvan de Commissie de herevaluatie voor 2009 had beloofd. Helaas, ondanks dat deze Richtlijn 2004/81/EG inderdaad toe is aan vernieuwing, laat de evaluatie hiervan nog steeds op zich wachten, terwijl een groot deel van de slachtoffers als medeplichtige wordt beschouwd en daardoor nog verder tot slachtoffer wordt gemaakt. Ook weten we allemaal dat de criminele bendes niet kunnen worden opgerold zonder de hulp van de slachtoffers, zoals de leiding van Europol ook heeft bevestigd.

Daarnaast wil ik de aandacht vestigen op het wetgevingsproces over nog iets anders, namelijk het terugdringen van de vraag. Ook voor mensenhandel is er een markt. Hierop zijn net zo goed de regels van vraag en aanbod van toepassing als op andere markten. Wij houden ons in het algemeen bezig met de aanbodzijde en vergeten min of meer, of willen ons niet bezighouden met de vraagkant van de zaak, terwijl we, als het ons niet lukt de vraag volledig terug te dringen, waarschijnlijk ook niet met succes de strijd kunnen aanbinden tegen de mensenhandel. Daarnaast wil ik nog onderstrepen dat coördinatie van het beleid nodig is. Binnen de Commissie ervaren we dat bepaalde directoraten-generaal hun beleid niet echt coördineren en dat ook hun onderlinge informatiestroom onbevredigend is. Ik ben van mening dat we ook op dit vlak nog veel werk te verzetten hebben.

 
  
MPphoto
 

  Diego López Garrido, fungerend voorzitter van de Raad.(ES) Mevrouw Hedh, mevrouw Bauer, ik ben het helemaal eens met het initiatief, met de vraag en met het debat van vanavond waartoe u de aanzet hebt gegeven. Naar mijn mening is mensenhandel de grootste plaag die de mensheid kent en daarom ook een van de grootste uitdagingen waar we voor staan. En die misstand moeten we samen aanpakken. Dit laat opnieuw zien hoe belangrijk het is om onze krachten te bundelen, zowel op Europees niveau als met derde landen, om deze plaag te kunnen aanpakken.

In uw vraag stelt u eerst de vraag aan de orde of de EU-aanpak gericht moet zijn op de mensenrechten, vanuit een alomvattend perspectief, waarbij u spreekt over terugkeer- en re-integratiebeleid, sociale zaken en heropneming in de maatschappij. Het antwoord is ja. We zijn het er absoluut mee eens dat dit de juiste aanpak is. En we zijn het ook met u eens waar u stelt dat het niveau van de straffen evenredig moet zijn met de ernst van het misdrijf – een van de andere punten die u in uw vraag aanroert – en dat er verdere maatregelen moeten worden genomen op het gebied van de bescherming van de slachtoffers. U wijst er in uw vraag nadrukkelijk op – en ik ben het volkomen met u eens – dat bescherming van de slachtoffers van essentieel belang is voor de strijd tegen de mensenhandel, en ook dat het feit dat een weerloos slachtoffer of minderjarige heeft ingestemd met de uitbuiting, absoluut niet ter zake doet en absoluut niet ter zake mag doen bij het bestraffen van die uitbuiting.

Ook uw suggestie met betrekking tot de ontmoediging van de vraag is belangrijk. Dat is een belangrijk idee en ook dat moeten we ook uitvoeren. Hetzelfde geldt voor uw opmerking over de jurisdictie in strafzaken.

Met betrekking tot het tweede deel van uw vraag vinden wij de coördinatie van inlichtingen absoluut noodzakelijk. Ook op dit punt zijn we het eens met het voorstel dat u in deze vraag doet, dat een heel goed voorstel is.

U vraagt bovendien om preventiemaatregelen. In dit verband moet worden opgemerkt dat de Europese Unie al werkt aan die preventiemaatregelen. Al in 2005 heeft de Raad hiervoor een plan goedgekeurd, dat op een efficiënte wijze ten uitvoer zou moeten worden gelegd. En zoals u weet is mensenhandel ook opgenomen in veel overeenkomsten tussen de Europese Unie en derde landen of regio’s, zoals de strategische associatie tussen de EU en Afrika. Ook is mensenhandel een van de prioriteiten in de stabilisatie- en associatieovereenkomsten tussen de EU en de westelijke Balkanlanden. Daarnaast moet worden gewezen op de belangrijke rol die in de strijd tegen de mensenhandel wordt gespeeld door de ondersteuning van de opleiding en bewustmaking van mensen die in contact kunnen komen met de slachtoffers, zoals de grenspolitie en functionarissen van politiekorpsen en veiligheidsdiensten van derde landen.

Ik wil eindigen met de opmerking dat het Spaanse voorzitterschap in die richting zal werken en zich in het bijzonder zal inzetten voor kinderen die het slachtoffer van mensenhandel zijn, wat een van de prioriteiten van het Spaanse voorzitterschap is. Zo hebben we, naast andere initiatieven, de Commissie gevraagd om begin 2010 te komen met een actieplan met betrekking tot kinderen die zonder begeleiding in de Europese Unie arriveren.

Tot slot, mijnheer de Voorzitter, is het Spaanse voorzitterschap van plan om tijdens zijn mandaat, tijdens dit halfjaar, onmiddellijk een debat te starten over een richtlijn voor de strijd tegen de mensenhandel, en ik ben ervan overtuigd dat de nieuwe Commissie die onmiddellijk zal presenteren. Zodra dit voorstel van de Commissie er is, zal het Spaanse voorzitterschap een discussie initiëren in de Raad en met het Parlement. Daaruit blijkt ons vaste voornemen om de strijd aan te binden met deze moderne vorm van slavernij, zoals de eerdere sprekers het zo treffend hebben omschreven.

 
  
MPphoto
 

  Jacques Barrot, vicevoorzitter van de Commissie. - (FR) Mijnheer de Voorzitter, de minister heeft zojuist uitgelegd waarom deze mensenhandel in feite een vorm van slavernij is. Ik dank de dames Hedh en Bauer hartelijk voor het stellen van deze vraag.

We moeten inderdaad komen tot een holistische, multidisciplinaire aanpak, die niet beperkt blijft tot repressie, maar waarin ook internationale samenwerking met derde landen een rol speelt. Deze geïntegreerde aanpak komt overeen met die van de Commissie in het ontwerpkaderbesluit dat in maart 2009 is gepubliceerd. Dit kaderbesluit is gebaseerd op het Verdrag van de Raad van Europa van 2005 inzake de bestrijding van mensenhandel, maar gaat verder.

Natuurlijk gaan we, zoals de minister zojuist zei, gebruik maken van de nieuwe rechtsgrond die het Verdrag van Lissabon biedt om zo snel mogelijk een ontwerprichtlijn te presenteren, waarin rekening zal worden gehouden met de besprekingen van vóór de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon. En we hopen bij deze nieuwe ontwerprichtlijn een hoog ambitieniveau te handhaven.

Wij hebben het gevoel dat het Europees Parlement een centrale rol moet spelen en dat zijn inzet heel belangrijk is voor de verdere versterking van het Europese juridische kader van maatregelen ter bestrijding van de mensenhandel. Ik maak daarom enkele opmerkingen in antwoord op de vraag.

Allereerst voor wat betreft de sancties: mensenhandel is een zwaar misdrijf en dient dienovereenkomstig te worden bestraft. De sancties moeten streng zijn en we moeten doorgaan met de onderlinge afstemming van de maximale sancties. Deze verschillen sterk tussen de lidstaten, variërend van drie tot twintig jaar voor het misdrijf op zich en van tien jaar tot levenslange gevangenisstraf voor verzwarende omstandigheden.

Zelfs als we ervan uitgaan dat de uitvoering van opgelegde straffen kan verschillen per lidstaat, is zo'n enorm verschil tussen de sancties niet te rechtvaardigen in Europees perspectief en we zullen daarom in het nieuwe voorstel zorgen voor zeer zware straffen.

Dan kom ik op de hulp aan en de bescherming van de slachtoffers. Hulp, steun en bescherming zijn essentieel voor de slachtoffers van de mensenhandel, onder andere op het gebied van huisvesting, medische en psychologische hulp, advies, informatie, vertolking en juridische vertegenwoordiging.

Uiteraard zullen we, zoals het Spaanse voorzitterschap wil, ook specifieke en extra beschermende maatregelen overwegen voor kinderen die slachtoffer zijn van mensenhandel. Het systeem van juridische hulp en vertegenwoordiging zou met name voor kinderen gratis moeten zijn.

Ten slotte zal in de loop van 2010 het eerste rapport van de Commissie verschijnen over de toepassing van de richtlijn inzake verblijfsvergunningen, toegekend aan onderdanen van derde landen die slachtoffer zijn van mensenhandel en die meewerken met de bevoegde autoriteiten. Naar aanleiding van dat rapport zullen we bekijken of het nodig is om de richtlijn aan te passen.

Voor wat betreft maatregelen om de vraag te ontmoedigen, is de Commissie van plan om een bepaling in de toekomstige richtlijn op te nemen die de lidstaten verplicht om initiatieven op dit gebied te ontplooien en die de lidstaten stimuleert om gebruikmaking van seksuele diensten of arbeidskrachten strafbaar te stellen, als de afnemer weet dat de betreffende persoon slachtoffer van mensenhandel is of is geweest.

Voor wat betreft de rechterlijke bevoegdheid is het van belang om de competentie van de lidstaten te verruimen, zodat niet alleen de eigen onderdanen kunnen worden vervolgd, maar ook personen die regelmatig op hun grondgebied verblijven en zich schuldig maken aan mensenhandel in het buitenland. Dit is cruciaal om het verschijnsel van de zogenaamde nieuwe maffia te bestrijden, namelijk criminele organisaties met leden van verschillende nationaliteiten, die het centrum van hun criminele belangen en daarmee hun gebruikelijke verblijfplaats in een van de landen van de Europese Unie situeren.

Vervolgens kom ik op het verzamelen van gegevens. De Commissie heeft zich voortvarend bezig gehouden met de uitwerking van gemeenschappelijke indicatoren voor het verzamelen van gegevens. We moeten de Europese Unie betrouwbare en vergelijkbare cijfers verschaffen. Er zijn verscheidene belangrijke projecten gerealiseerd. De resultaten van deze initiatieven moeten op passende wijze worden gevolgd, zodat een gemeenschappelijk model voor deze indicatoren kan worden uitgewerkt met Eurostat, de agentschappen van de Europese Unie, Europol, Eurojust, Frontex en het Bureau voor de grondrechten.

Ik besluit met preventie. Vanuit ons financiële programma "Preventie en bestrijding van criminaliteit" zal in 2010 een gerichte oproep uitgaan met betrekking tot de bestrijding van mensenhandel. En het programma van Stockholm voorziet in specifieke maatregelen die, in de algemene oriëntatie die is aangenomen door de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, erop gericht zijn de samenwerking met derde landen te versterken.

Er ontstaat dus een breder beleid op het gebied van de bestrijding van mensenhandel. Zoals ik al zei, zal de Commissie zeer binnenkort een ontwerprichtlijn presenteren en ik ben blij dat het Spaanse voorzitterschap op zijn beurt een debat heeft aangekondigd waarin u het voorstel van de Commissie van aanvullingen kunt voorzien. Ik denk dat het voorstel op een goed moment komt, gezien het feit dat het verschijnsel van mensenhandel in plaats van af te nemen helaas alleen maar toeneemt in de lidstaten. Het is dus tijd om te handelen, en wel op voortvarende wijze.

 
  
MPphoto
 

  Roberta Angelilli, namens de PPE-Fractie. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, geachte collega’s, allereerst wil ik mevrouw Hedh en mevrouw Bauer bedanken voor hun initiatief.

Mensenhandel is, zoals iedereen aangaf, een ernstig misdrijf dat samenhangt met seksuele uitbuiting en illegale arbeid. Deze misdaden worden door gewetenloze personen gepleegd, die hun slachtoffers ronselen door geweld te gebruiken of door ze te misleiden, wellicht door een eerlijke en goedbetaalde baan te beloven of door ze te bedreigen, en dan niet alleen de slachtoffers zelf, maar ook hun kinderen en familieleden.

Helaas zijn het, zoals vaak het geval is, vrouwen en kinderen die de hoogste prijs moeten betalen. Naar schatting zijn er bijna drie miljoen slachtoffers ter wereld en bijna 90 procent hiervan is vrouw of kind. Het Europees Parlement heeft in 2008 met de eerste Europese strategie inzake de rechten van kinderen aan het licht gebracht dat kinderhandel vele criminele doeleinden dient: organenhandel, illegale adoptie, prostitutie, illegale arbeid, gedwongen huwelijken, uitbuiting van het bedelen op straat en sekstoerisme, om enkele voorbeelden te geven.

In dat document werd mensenhandel omschreven als een echte plaag binnen de Europese Unie en daarom werd bepaald dat de strijd tegen mensenhandel en uitbuiting prioriteit moet hebben op de toekomstige agenda van de Europese Unie, in de eerste plaats door alle dringende wetgevende maatregelen aan te nemen die nodig zijn om de slachtoffers volledig te kunnen beschermen en van hulp te kunnen voorzien. Het recente programma van Stockholm behandelt ook de handel in en de uitbuiting van minderjarigen.

Tot slot hopen wij dus, ook in het licht van het debat van vanavond, dat de Commissie en de Raad zich blijven inzetten en dat de Commissie dit nieuwe voorstel voor een richtlijn opstelt, dat wij zeer aandachtig zullen beoordelen.

 
  
MPphoto
 

  Claude Moraes, namens de S&D-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ook al debatteren we op een heel laat uur, zoals mevrouw Hedh heeft gezegd, de prestatie van mevrouw Hedh en mevrouw Bauer vandaag is dat wij vanavond hier zijn gekomen en de vertrekkende commissaris, de heer Barrot, en het nieuwe Spaanse voorzitterschap woorden als ‘vastberaden’ en ‘ambitieus’ hebben horen gebruiken voor de commissaris. Het is de moeite waard geweest tot zo laat te wachten om deze woorden te horen, want er zijn vandaag veel mensen in deze Vergadering, met inbegrip van de auteurs, die de complexiteit van dit wrede hedendaagse verschijnsel begrijpen, maar ook begrijpen dat de Europese burgers verwachten dat de EU deze hedendaagse plaag aanpakt.

De heer Barrot heeft het gehad over de noodzaak van nieuwe wetgeving. We hopen dat we het voorstel van de Commissie op zeer korte termijn tegemoet mogen zien. Vanochtend hebben we bij de hoorzitting van kandidaat-commissaris mevrouw Malmström ook een positieve reactie gekregen op ons voorstel voor een Europese coördinator voor de bestrijding van mensenhandel.

Wanneer we de verschillende stukjes van deze puzzel aan elkaar beginnen te leggen, gaan we tenminste vooruit. Het door Anna Hedh beschreven probleem is echter zo omvangrijk dat we onze woorden echt moeten omzetten in daden. Mensenhandel is zo'n complex verschijnsel, dat raakt aan zo veel verschillende gebieden, zoals dwangarbeid, georganiseerde misdaad, seksuele uitbuiting en kindermishandeling, dat ons antwoord meervoudig en holistisch moet zijn. De heer Barrot heeft veel dingen genoemd die we graag verwezenlijkt zouden willen zien, en als ze in de hele EU als een pakket worden ingevoerd, hebben we een vastberaden beleid dat de burgers van de EU zullen herkennen als een actieplan. Momenteel begrijpen Europese burgers de plaag van mensenhandel, maar zien ze geen holistische aanpak en begrijpen ze niet wat de EU als geheel doet.

Ik ben blij dat kandidaat-commissaris Malmström vandaag haar toezegging heeft onderstreept om heel binnenkort met een nieuw wetgevingsvoorstel te komen, en ik constateer ook met genoegen dat het Spaanse voorzitterschap niet alleen de strijd tegen mensenhandel onderstreept, maar ook de strijd tegen verwante zaken zoals geweld tegen vrouwen. Het is belangrijk dat deze allemaal samenkomen als we echte vastberadenheid en moed willen tonen in dit voorstel. Het is weliswaar al laat, maar we moeten onze woorden nu omzetten in daden, en de auteurs hebben vandaag goed werk verricht voor ons.

 
  
MPphoto
 

  Nadja Hirsch, namens de ALDE-Fractie. (DE) Mijnheer de Voorzitter, ten eerste wil ik de rapporteurs bedanken voor hun betrokkenheid en de goede samenwerking, aangezien het werkelijk om een belangrijk onderwerp gaat. Zoals we reeds hebben gezegd, is mensenhandel wellicht de meest ernstige vorm van misdaad. De cijfers van Europol die in de vraag werden genoemd, tonen aan dat er op dit gebied geen verbetering te bespeuren valt, juist integendeel. Met name op het gebied van dwangarbeid stijgen de cijfers, terwijl de cijfers voor vrouwenhandel gelijk blijven. Het is dus absoluut duidelijk dat er een dringende behoefte is aan een met name ook zeer consequent optreden.

Om succesvol optreden te waarborgen moet in de eerste plaats een geïntegreerde aanpak binnen de meest diverse gebieden gekozen worden. Het is van wezenlijk belang om de bewustwording te vergroten – ook onder de bevolking in Europa – omtrent het feit dat mensenhandel midden in Europa en in elk land plaatsvindt. In dit verband moeten wij ons met name inspannen voor voorlichting, zoals we bijvoorbeeld in Duitsland hebben gedaan bij het wereldkampioenschap voetbal om het probleem van gedwongen prostitutie onder de aandacht te brengen en te laten zien dat dit werkelijk overal gebeurt, en daarbij deze discussie ook onder de bevolking op gang te brengen, zodat deze zich bewust wordt van het probleem en de slachtoffers geholpen worden.

Mijn tweede punt heeft betrekking op de bescherming van slachtoffers. Juist wanneer mensen uit een dergelijke dramatische situatie worden gered, moet ook in de lidstaten geneeskundige en psychologische zorg gewaarborgd worden om deze mensen te steunen, eventueel bij de terugkeer naar hun land of via asiel of andere mogelijkheden bij het vinden van een nieuw thuis en het beginnen van een nieuw leven.

 
  
MPphoto
 

  Judith Sargentini, namens de Verts/ALE-Fractie. Vandaag stond in de Nederlandse krant het bericht van een aspergeteler die opgepakt werd, omdat zij verdacht wordt van mensenhandel en het inzetten van slavenarbeid van Roemenen, Europese burgers dus. Mensenhandel is niet alleen maar iets dat plaatsvindt met burgers van buiten de Unie, maar ook met burgers van binnen de Unie. Een goed geïntegreerd beleid om mensenhandel te bestrijden kan zich niet alleen maar beperken tot het oppakken van zo'n handelaar en tot het stevig aanpakken van daders, maar moet zich juist richten op de slachtoffers van dat misdrijf. Hun recht en hun toekomst moeten vooropstaan. Slachtoffers van mensenhandel mogen nooit het idee krijgen dat ze er alleen voor staan of dat ze in de steek gelaten worden. Wij moeten hen op allerlei manieren juridisch, medisch, sociaal, maatschappelijk en financieel bijstaan en wellicht ook compenseren. Dat zij hun recht kunnen halen en gebruik kunnen maken van de mogelijkheden in ons rechtboek is cruciaal in een nieuwe richtlijn. Ik hoorde mijnheer López Garrido en mijnheer Barrot daarover mooie dingen zeggen.

Door de commissaris werd ook gezegd dat mensen die gebruikmaken van de diensten van verhandelde mensen, zwaardere straffen zouden moeten krijgen. Ik vind zwaardere straffen voor zoiets helemaal niet verkeerd, maar ik vraag mij wel af hoe wij de slachtoffers helpen als we hun functie, hun werk - want het blijft nog steeds werk ook al is het slavenarbeid - verder criminaliseren. Hoe worden de slachtoffers geholpen, als ze bang moeten zijn dat het werk wat zij op dat moment doen, verder gecriminaliseerd wordt? Ik zou daar graag een antwoord op hebben.

Slachtoffers van mensenhandel hebben, als het aan de Groenen ligt, ook recht op een verblijfsvergunning, een permanente verblijfsvergunning. Wel onder bepaalde omstandigheden om op zo'n manier te waarborgen dat ze niet bang hoeven te zijn teruggestuurd te worden naar het land waar het allemaal begon en om ervoor te zorgen dat ze een aanklacht kunnen indienen tegen de mensenhandelaar, terwijl ze verzekerd zijn van een veilig verblijf. Want er mag zelfs geen kleine kans bestaan dat iemand teruggestuurd wordt en daar de handelaar weer tegen het lijf loopt. Uw nieuwe kaderrichtlijn, commissaris, voorzitter van de Europese Unie, moet gaan over het empoweren van de slachtoffers. Hiermee moeten zij rechten en een nieuwe toekomst krijgen. Dat is wat ik graag terug zou zien.

 
  
MPphoto
 

  Zbigniew Ziobro, namens de ECR-Fractie. (PL) Mijnheer de Voorzitter, het is uiterst beschamend dat het moderne Europa, waar vrijheid en respect voor de mensenrechten verworvenheden zijn, een plaats is geworden waar zoveel mensen worden onderdrukt en misbruikt. Dit is des te schokkender omdat het vaak gaat om vrouwen en kinderen, die extra risico lopen en bij uitstek hulpeloos zijn.

Als minister van Justitie en openbare aanklager in Polen heb ik toegezien op een groot aantal onderzoeken waaruit blijkt dat dergelijke zaken zich voordoen in Europa, dat ze grensoverschrijdend zijn en soms een zeer wreed karakter dragen. Het voornaamste doel van mensenhandel is seksuele uitbuiting of slavenarbeid. Om dit te voorkomen en deze verschijnselen effectief teniet te doen, is het cruciaal dat er vooral in EU-lidstaten professionele instanties voor rechtshandhaving bestaan, liefst gecentraliseerd, die borg staan voor besluitvaardig en effectief optreden en voor goede internationale samenwerking. De instellingen van de Europese Unie moeten een belangrijke rol spelen, zeker wat dit laatste punt betreft.

Daarnaast spelen er nog twee andere zaken. In de wetenschap dat mensenhandel vaak het werk is van criminele bendes, zouden afzonderlijke landen borg moeten staan voor voldoende strenge maatregelen tegen zulke ernstige misdaden om de daders af te schrikken en te isoleren, waaronder sancties als beslaglegging op tegoeden, die de economische motieven voor hun activiteiten ondergraven.

 
  
MPphoto
 

  Cornelia Ernst, namens de GUE/NGL-Fractie. (DE) Mijnheer de Voorzitter, mensenhandel is inderdaad een gesel van de huidige tijd en wordt door armoede en onwetendheid gevoed. De ergste vorm ervan is de handel met kinderen, zeer vaak verbonden aan seksueel misbruik. Wij als Confederale Fractie Europees Unitair Links/Noords Groen Links zijn van mening dat er dringend behoefte is aan optreden door de Commissie. Een van de belangrijkste voorwaarden voor de succesvolle bestrijding van mensenhandel is de versterking van de rechten van de slachtoffers. Alleen als we erin slagen dat te bereiken, en niet uitsluitend door sanctiemaatregelen, kan mensenhandel überhaupt bestreden worden. Dit vereist duidelijke regels die bepalen dat mensenhandel niet mag leiden tot sancties tegen slachtoffers. Wat deze slachtoffers bijvoorbeeld nodig hebben, is effectieve bescherming voor, tijdens, maar ook na strafrechtelijke procedures waarin zij als getuigen optreden. Dit moet uitdrukkelijk ook gelden voor de heroverwegingsfase vooraf en ook indien getuigenverklaringen worden ingetrokken. Er is dringend behoefte aan getuigenbeschermingsprogramma’s die werken op de lange termijn.

Voor mij is daarnaast van belang dat aan alle slachtoffers van mensenhandel kosteloos advies ter beschikking wordt gesteld, niet alleen aan kinderen. Wat betreft kinderen is het tevens nodig – om op dit punt terug te komen – om de inzet van gespecialiseerde kinderadvocaten mogelijk te maken. Er moeten dwingende bepalingen komen voor de versterking van de preventie, bijvoorbeeld door opleidingen voor advocaten, politiebeambten, rechters en consulenten. Het verheugt me dat het Spaanse voorzitterschap voornemens is dit onderwerp te behandelen.

 
  
MPphoto
 

  Mario Borghezio, namens de EFD-Fractie. – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, tijdens de hoorzitting van de kandidaat-commissaris van vandaag hoorde ik specifieke betrokkenheid voor de strijd tegen mensenhandel.

Het deed me genoegen een unaniem standpunt te horen. Deze unanimiteit was er niet toen, vele jaren geleden, sommige mensen die hier zaten – waaronder ikzelf – de gevaren uiteenzetten die illegale massa-immigratie in de hand werkt, zoals een aanzienlijke impuls voor criminele organisaties die gebruik maken van deze arbeidskrachten en voor de risico’s van mensenhandel en zelfs van organenhandel. Tegenwoordig heeft iedereen dit verschijnsel ontdekt en we kunnen alleen maar tevreden zijn over de unanieme toewijding.

Het is echter wel belangrijk dat we ons realiseren dat de oorzaak nog altijd dezelfde is. De oorzaak, de basis, de voedingsbodem van deze handel heeft slechts één naam, is onder één noemer te vangen en heeft één hoofdoorzaak: de mate van illegale immigratie en de rol die de plaatselijke, Europese en ook niet-Europese criminele organisaties hierin spelen, omdat er momenteel ook mensenhandel voorkomt die eenvoudig door organisaties buiten Europa wordt aangestuurd.

Laten we dit dus als startpunt gebruiken. We moeten er wel van doordrongen zijn dat dit zeer ernstige en beschamende verschijnsel een onderdeel of een uitvloeisel van illegale massa-immigratie is dat niet goed is beheerd. Europa zal de dingen bij hun naam moeten noemen.

 
  
MPphoto
 

  Georgios Papanikolaou (PPE). - (EL) Mijnheer de Voorzitter, ook ik wil op mijn beurt de auteurs van deze zeer belangrijke vraag gelukwensen. Je zou zeggen dat in de huidige, moderne wereld verschijnselen als mensenhandel niet meer in de samenleving kunnen voorkomen. Helaas worden wij gelogenstraft door de cijfers, en als u het goed vindt zal ik er nog een paar noemen. In de wereld worden naar schatting jaarlijks meer dan 1,8 miljoen kinderen en jongeren het slachtoffer van trafficking. Volgens gegevens van de Verenigde Naties zijn er 270 000 slachtoffers in de Europese Unie. Voor Griekenland spreken de ramingen over 40 000 vrouwen en kinderen die jaarlijks het slachtoffer worden van mensenhandel voor prostitutiedoeleinden. In deze cijfers zijn andere vormen van trafficking echter niet meegenomen.

Ofschoon ik het belang van andere parameters niet wil onderschatten, wil ik wijzen op twee fundamentele zwakke plekken. Ten eerste is de Europese wetgeving voor de aanpak van deze misdaad, die grensoverschrijdend is en die, zoals terecht werd opgemerkt, wordt verergerd door illegale immigratie, ontoereikend en daarom is het noodzakelijk meer vaart te zetten achter de totstandbrenging van een alomvattende aanpak. In dit kader is de richtlijn waarop wij wachten heel belangrijk, zoals volkomen terecht werd gezegd.

Ten tweede is er een grote leemte in de bescherming van slachtoffers, met name wat de opvangstructuren betreft. Het is dan ook noodzakelijk te zorgen voor de middelen waarmee de bestaande infrastructuur kan worden verbeterd en nieuwe infrastructuur kan worden gecreëerd, en natuurlijk moet ook het ondersteunend personeel op juiste wijze worden geschoold. Ik ben dan ook blij dat het Spaans voorzitterschap dit noemde.

Deze hedendaagse vorm van slavenhandel kan en mag geen plaats hebben in een Europese Unie die de eerbiediging van de mensenrechten en de menselijke waardigheid heeft uitgeroepen tot een fundamentele prioriteit.

 
  
MPphoto
 

  Silvia Costa (S&D). – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ik wil graag mijn grote tevredenheid uitspreken over het feit dat we vandaag een onderwerp als dit aanpakken met een belangrijke vraag, waar ik de auteurs hartelijk voor bedank. Tevens wil ik mijn dank uitspreken voor de samenwerking die we tussen alle fracties en de twee commissies hebben gezien.

Ik ben ook zeer te spreken over de beloften van serieuze inzet van de Commissie en ook van het Spaanse voorzitterschap. Ik hoop oprecht dat de nieuwe richtlijn spoedig zal worden opgesteld op basis van de punten waar in essentie grote consensus over heerst.

Volgens mij zijn we ervan op de hoogte dat de cijfers op dit gebied zeer lastig te analyseren zijn, maar kort gezegd gaat het hier bijna om 300 000 mensen, waarvan 79 procent vrouw is, waaronder veel minderjarigen, die elk jaar in ons beschaafde Europa worden verhandeld. Spijtig genoeg nemen deze aantallen de afgelopen jaren toe. Ook daarom moeten we grote vooruitgang boeken in het licht van de nieuwe aandachtsgebieden van de Europese Unie en ook met het oog op hetgeen wij reeds in het programma van Stockholm hebben goedgekeurd, namelijk de inbreng van innovatie.

Het betekende een grote stap voorwaarts toen we op communautair niveau de bepaling goedkeurden – die bijvoorbeeld in Italië als sinds 1998 van kracht is – om een humanitaire verblijfstitel aan de slachtoffers toe te kennen. We moeten echter ook de veiligheid van slachtoffers naar een hoger plan tillen met betrekking tot bescherming, sociale re-integratie en re-integratie op de arbeidsmarkt, de mogelijkheid om te voorkomen dat er klanten zijn – waar we zeer serieus over na moeten denken – en striktere en meer doeltreffende maatregelen voor straffen die, zoals u al aangaf commissaris, op communautair niveau in lijn moeten worden gebracht.

Wij vragen met name dat de toestemming van het slachtoffer voor hun uitbuiting als irrelevant wordt beschouwd, gezien de hoge mate van chantage die met deze omstandigheden samenhangt.

Ik ben bijna klaar, maar wil alleen nog toevoegen dat we niet alleen behoefte hebben aan speciale bescherming van minderjarigen, maar bovendien ook aan vormen van hulp voor personen die in Europa aankomen en die reeds eerder slachtoffer zijn geworden van vormen van handel tijdens de reizen – die steeds langer en tragischer worden – die ze doorstaan hebben alvorens ze onze kusten en grondgebieden bereiken.

 
  
MPphoto
 

  Antonyia Parvanova (ALDE).(BG) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ook ik wil de rapporteurs, de Commissie en het Spaanse voorzitterschap prijzen voor hun doortastende optreden dat ons de mogelijkheid biedt om eindelijk een serieuze oplossing voor dit probleem te vinden. Als we spreken over mensenhandel, is het uiterst belangrijk dat wij nadenken over het instellen van een permanent beleid op EU-niveau. Een dergelijk beleid zal bijdragen aan een meer gecoördineerde aanpak en zal ervoor zorgen dat de maatregelen van de lidstaten meer impact hebben in de zin van wetshandhaving en de bescherming van en hulp die wordt geboden aan de slachtoffers van deze vorm van mensenhandel.

De benoeming van een EU-coördinator voor de bestrijding van mensenhandel, die onder direct toezicht staat van de commissaris die verantwoordelijk is voor justitie, grondrechten en burgerschap, zal ervoor zorgen dat alle lidstaten gebruik maken van één gemeenschappelijke en duidelijke politieke aanpak om een einde te maken aan dit ernstige vergrijp. De taak van de coördinator zal zijn om de problemen en oorzaken van mensenhandel te identificeren, preventieve maatregelen in te stellen en strategieën op Europees niveau te ontwerpen en in gang te zetten, waaronder actieve samenwerking en overleg met maatschappelijke instanties, evenals het organiseren van informatiecampagnes en het invoeren van maatregelen om slachtoffers meer bescherming en hulp te bieden en hen tevens te ondersteunen bij hun re-integratieproces.

Voor een succesvolle aanpak van dit wereldwijde, transnationale probleem is een gecoördineerde strategie op Europees niveau vereist, die als leidraad dient voor lidstaten en hen ondersteunt in de gezamenlijke pogingen om mensenhandel effectief te bestrijden. Ik dank u zeer voor uw aandacht.

 
  
MPphoto
 

  Marina Yannakoudakis (ECR).(EN) Iemand die andermans bezit is en die een hulpeloos slachtoffer is van een overheersende invloed – je zou haast denken dat dit een definitie van mensenhandel is. Het is echter een definitie van slavernij.

Mensenhandel is de slavernij van vandaag. De handel in mensen, of het nu vrouwen, mannen of kinderen zijn, is een misdrijf en neemt in alle lidstaten toe. Extreme armoede, het uiteenvallen van gezinnen en huiselijk geweld behoren tot de diepere oorzaken van mensenhandel. We schatten dat er in het Verenigd Koninkrijk circa vijfduizend slachtoffers zijn, van wie 330 kinderen.

De ECR-Fractie verwelkomt dit debat. De nationale regeringen, rechtshandhavingsdiensten en grenscontrolediensten moeten samenwerken. De mechanismen voor slachtofferhulp moeten worden versterkt. Initiatieven moet robuust zijn, door de lidstaten worden aangestuurd en door de EU worden gesteund.

 
  
MPphoto
 

  Eva-Britt Svensson (GUE/NGL). - (SV) Mijnheer de Voorzitter, als er geen vraag zou zijn naar het exploiteren van mensen in de vorm van goedkope arbeidskrachten, als er geen vraag zou zijn naar organen, als er geen vraag zou zijn naar het kopen van seksuele diensten, dan zou er in een dergelijke wereld ook geen sprake zijn van mensenhandel.

Vraag is een sleutelwoord in de strijd tegen mensenhandel. Een andere belangrijke factor is dat mensen in grote delen van de wereld in armoede en onder onmenselijke omstandigheden leven en dat zij daarom een gemakkelijke prooi zijn voor diegenen die mensen willen kopen en verkopen.

En dus zijn er niet alleen inspanningen nodig om de vraag te verminderen, maar natuurlijk ook preventieve maatregelen ter verbetering van de levensomstandigheden van veel mensen in die delen van de wereld waar de slachtoffers worden gerekruteerd.

De Confederale Fractie Europees Unitair Links/Noords Groen Links en ik willen mevrouw Hedh en mevrouw Bauer en hun collega’s in de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid bedanken. Maar ik zou wel graag een aantal gedifferentieerde voorstellen zien voor hoe men slachtoffers van mensenhandel zou kunnen steunen. Slachtoffers van dwangarbeid hebben andere maatregelen en vormen van ondersteuning nodig dan mensen die slachtoffer zijn geworden van handel in seksslaven.

 
  
MPphoto
 

  Teresa Jiménez-Becerril Barrio (PPE).(ES) Volgens een rapport van de Verenigde Naties zijn in 2009 in de Europese Unie circa 270 000 personen slachtoffer van mensenhandel geworden. Met deze cijfers in de hand moeten de maatregelen van de Europese Unie zich in de allereerste plaats richten op de bescherming van de slachtoffers, waarbij speciale aandacht moet worden besteed aan de situatie van vrouwen en kinderen, die het meest kwetsbaar zijn.

We kunnen niet onverschillig blijven tegenover dat schouwspel dat zich voor onze ogen afspeelt, dat tafereel van seksuele uitbuiting. Daarom steun ik het verzoek van dit Parlement volledig, in de zin dat de hulp aan de slachtoffers onvoorwaardelijk moet zijn, dat er krachtigere maatregelen moeten worden genomen en dat de straffen voor mensenhandel moeten worden verzwaard, zoals de heer Barrot zojuist heeft gezegd.

Dit gezegd hebbende, wil ik het Spaanse voorzitterschap, de Commissie en de Raad vragen om alle Europese wetgeving te gebruiken die hun ter beschikking staat, zowel bestaande als toekomstige, om de slachtoffers van mensenhandel te beschermen. Ik ben van mening dat het voorstel voor een Europees beschermingssysteem, waar ik het Spaanse voorzitterschap persoonlijk om heb verzocht tijdens de debatten over het Stockholmprogramma en dat uiteindelijk het licht heeft gezien, een doelmatig instrument zal zijn om deze delicten te bestrijden. Ik verwacht dat het Spaanse voorzitterschap zich met kracht aan dit Europees beschermingssysteem committeert, zoals we inmiddels hebben gezien, zodat de slachtoffers kunnen rekenen op speciale beschermingsmaatregelen die op het hele grondgebied van de Europese Unie van toepassing zijn.

Ik hoop dat wij, die de verantwoordelijkheid hebben om de belangrijkste problemen van onze samenleving aan te pakken, een wezenlijk en concreet antwoord zullen geven op dit buitengewoon ernstige probleem van de mensenhandel, en dat het niet alleen bij mooie woorden blijft. Dat zijn we echt verplicht aan de slachtoffers.

 
  
MPphoto
 

  Monika Flašíková Beňová (S&D). (SK) Allereerst wil ik mijn waardering uitspreken voor mijn collega’s in het Parlement, mevrouw Hedh en mevrouw Bauer, omdat zij dit onderwerp, ondanks de beperkte ruimte die hun ter beschikking stond, zeer uitgebreid hebben behandeld.

Ik steun de vraag en ik wil graag een paar feitelijke op- en aanmerkingen toevoegen. Doorgaans hebben gewone mensen geen idee van de enorme grootschaligheid waarop mensenhandel plaatsvindt. Het is zelfs de op twee na meest lucratieve vorm van illegale handel ter wereld. Het feit dat hier meestal vrouwen en kinderen bij betrokken zijn, maakt deze immense handel des te onmenselijker. Onze reactie hierop moet indrukwekkend en intensief zijn. Onze strijd moet op alle punten van de driehoek van mensenhandel even doeltreffend zijn, dus zowel op de vraag- en aanbodzijde inwerken, als op de handelaren zelf. Aanbod ontstaat met name wanneer er sprake is van onmenselijke leefomstandigheden, armoede en de vervrouwelijking ervan, werkloosheid, geweld tegen vrouwen en totale onderdrukking en instabiliteit waardoor mensen tot wanhoop worden gedreven. Daarom moeten we alles doen wat binnen onze macht ligt om de mensen die slachtoffer zijn geworden van criminele handel binnen en buiten de Unie, te helpen een menswaardiger bestaan te leiden.

De vraagzijde verdient strenge sancties. Zij die profijt hebben van de uitbuiting van wanhopige of gemanipuleerde mensen binnen de grijze economie mogen hier niet ongestraft mee wegkomen. Zij die deze diensten aanbieden en zij die hier bewust gebruik van maken, moeten ook sancties opgelegd krijgen.

Tot slot verdienen de handelaren exemplarische straffen en moet de georganiseerde misdaad op dit gebied het voornaamste doel zijn van organisaties als Eurojust, Europol en Frontex.

 
  
MPphoto
 

  Cecilia Wikström (ALDE). - (SV) Mijnheer de Voorzitter, de slavernij is nog niet afgeschaft, zoals een groot aantal van mijn collega’s al heeft benadrukt. De huidige slavernij uit zich in de vorm van sekshandel en deze speelt zich hier en nu af. De lichamen van vrouwen, meisjes en jongens worden verkocht alsof het stukken vlees zijn, als elk willekeurig ander artikel, en dat gebeurt voortdurend.

Mensen worden beroofd van hun meest elementaire mensenrechten en worden overal in onze lidstaten de slaven van onze tijd. We zouden dat moeten beschouwen als de grootste tekortkoming, de grootste mislukking van Europa, die we moeten aanpakken door vraag en aanbod te beperken en te stoppen.

In mijn eigen land Zweden is tien jaar geleden een wet van kracht geworden die het kopen van seks verbiedt. Dat is een belangrijke wet, want de maatschappij geeft daarmee het signaal af dat niemand te koop is. De slavenhandel naar Amerika werd in 1807 wettelijk verboden, maar deze gaat in Europa, onder onze eigen ogen, nog altijd door. Het is tijd deze te verbannen naar de donkere hoekjes van de geschiedenis. Het is nu tijd om onze verantwoordelijkheid te nemen en alles te doen wat in onze macht ligt. Met deze woorden wil ik de rapporteurs mevrouw Hedh en mevrouw Bauer bedanken voor hun uitstekende werk waar we allemaal de vruchten van kunnen plukken.

 
  
MPphoto
 

  Ryszard Czarnecki (ECR).(PL) Mijnheer de Voorzitter, een paar minuten geleden legde een afgevaardigde van de Groene Partij er zeer terecht de nadruk op dat deze kwestie – mensenhandel, of de verkoop van levende mensen – geen extern, door de Europese Unie ingevoerd probleem is. Het is ook een intern probleem. Burgers van mijn land worden ook verkocht aan ten minste enkele lidstaten van de Europese Unie. Het is een zeer groot en ernstig probleem. Het is mijn overtuiging dat er op dit gebied krachtig en eensgezind optreden nodig is, niet alleen door EU-instellingen, maar ook door afzonderlijke lidstaten. Ik breng hier een incident in herinnering dat enkele jaren geleden plaatsvond, toen de Italiaanse politie en overheid na bepaalde informatie uit Polen te hebben ontvangen, een eind maakten aan gevallen van mensenhandel waarin Poolse werkers illegaal in dienst werden genomen in Italië. Ook dit is mensenhandel en we mogen er niet over zwijgen.

 
  
MPphoto
 

  Zuzana Roithová (PPE). - (CS) Dames en heren, jaarlijks worden er meer dan een miljoen mensen misbruikt voor slavenarbeid, waarvan 90 procent voor seksuele diensten. Slechts 3 000 slachtoffers hebben hulp gekregen en er zijn slechts 1 500 zaken voor de rechter gekomen, ondanks het feit dat het overal in de EU een strafbaar feit is. Uit onderzoek blijkt dat de winsten die behaald worden met de mensenhandel vele malen hoger zijn dan die in de drugssmokkel en -distributie. Met de uitbreiding van de EU naar het oosten wordt deze tak van georganiseerde misdaad bovendien almaar groter. Desondanks hebben we geen gemeenschappelijke strategie hiertegen en is er een gebrek aan coördinatie van de door de uiteenlopende instellingen en lidstaten getroffen maatregelen. Instellingen en lidstaten zouden moeten instemmen met harmonisering van de wetgeving, ook al is niets daarover vastgelegd in de Verdragen.

Om die reden richt ik mij tot het Spaanse voorzitterschap om de onderhandelingen met de lidstaten over de gemeenschappelijke definitie van straffen en sancties tot een goed einde te brengen en af te ronden. Ik wil er verder nog op wijzen dat de nieuwe richtlijn waar we met z'n allen op wachten, tot doel heeft de vraag naar illegale seksuele diensten op een doeltreffendere wijze tegen te gaan. Het is ronduit alarmerend dat met name het misbruik van kinderen een steeds hogere vlucht neemt. Bij kinderen gaat het om tot welhaast 20 procent. Er is een groot gebrek aan doeltreffende preventie en specifiek op kinderen en ouders gerichte voorlichting. Weet u dat slechts vier procent van de ouders van misbruikte kinderen onderkent dat hun kinderen gelokt zijn via internet? In 2008 werden er 1 500 websites ontdekt waarop kinderen seksueel misbruikt werden. We moeten de burgers van de Europese Unie onverwijld een nieuwe en gecoördineerde aanpak aanbieden alsook geharmoniseerde wetgeving ter bestrijding van zowel de vraag als uiteraard ook de mensenhandel an sich. Ik doe dan ook een beroep op de Commissie om een uitgebreid wetgevingsvoorstel in te dienen bij het Europees Parlement ten behoeve van een doeltreffendere bestrijding van de mensenhandel, en dat op zo kort mogelijke termijn.

 
  
MPphoto
 

  Britta Thomsen (S&D). - (DA) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, ik wil de auteurs graag bedanken voor dit belangrijke initiatief, aangezien de EU voor een kolossale uitdaging staat wanneer het gaat om de preventie en bestrijding van mensenhandel. Mensenhandel is een snel groeiende, lucratieve activiteit en een aantrekkelijke activiteit, aangezien de straffen laag zijn in vergelijking met andere vormen van georganiseerde criminaliteit waar geld mee wordt verdiend zoals drugs- en wapenhandel. Daarom moeten we hard optreden tegen degenen die erachter zitten.

De slachtoffers van mensenhandel zijn de meest kwetsbare en hulpeloze mensen en zij hebben onze bescherming nodig. We mogen ze niet terugsturen in de armen van de mensenhandelaars. Ze moeten een verblijfsvergunning aangeboden krijgen. We moeten ons tevens richten op de vraag naar de diensten die de verhandelde personen leveren en daartegen verschillende maatregelen invoeren, zoals bijvoorbeeld het strafbaar stellen van de aankoop van prostitutie en het instellen van zwaardere straffen voor degenen die gebruikmaken van verhandelde arbeidskrachten. Het verheugt mij daarom dat de Commissie overweegt om misbruik van verhandelde mensen strafbaar te stellen.

 
  
MPphoto
 

  Vilija Blinkevičiūtė (S&D).(LT) De recente gebeurtenissen in Litouwen, waar een georganiseerde bende werd gearresteerd die profijt trok uit mensenhandel, laten eens te meer zien dat deze misdaad een wijdverspreid verschijnsel is dat tijdens de economische en financiële crisis zelfs in omvang toeneemt. Momenteel is bijna 90 procent van de slachtoffers van mensenhandel vrouw of kind, waarvan de meerderheid slachtoffer is geworden door armoede en pogingen om overlevingsmiddelen te vinden. Mensenhandel is een schandelijke misdaad en een extreem affront voor de menselijke waardigheid; er is niets erger dan verkocht te worden voor slavernij. Het is daarom erg belangrijk dat de samenwerking tussen de lidstaten en met derde landen wordt versterkt om ervoor te zorgen dat er een dialoog tot stand komt met niet-gouvernementele organisaties en om de Commissie te verzoeken om voor deze kwesties de functie van Europese coördinator in te stellen. Het is daarnaast noodzakelijk om de veiligheid van slachtoffers van mensenhandel en hun volledige integratie te beschermen. De medeplichtigen, organisatoren en opdrachtgevers van deze verschrikkelijke misdaad mogen onder geen beding hun verantwoordelijkheid ontlopen.

 
  
MPphoto
 

  Miroslav Mikolášik (PPE). (SK) Ik wil ik mijn complimenten overbrengen aan de auteurs van deze vraag, mevrouw Hedh en mevrouw Bauer. Ik wil graag opmerken dat mensenhandel één van de meest lucratieve vormen van internationaal georganiseerde misdaad is. Uit verschillende verslagen en bronnen blijkt dat het wereldwijd naar schatting om 700 000 tot 2 miljoen mensen gaat – sommigen zeggen dat het er meer zijn – waarvan 300 000 tot 500 000 individuen alleen al binnen de Europese Unie slachtoffer zijn van mensenhandel.

Het huidige juridische kader blijkt ontoereikend te zijn. Daarom sta ik volledig achter de goedkeuring in de nabije toekomst van doeltreffende maatregelen om zowel preventie als onderdrukking van mensenhandel te versterken. Er moeten strengere sancties worden opgelegd aan de directe daders, waaronder rechtspersonen, en ook aan de gebruikers van diensten die de slachtoffers verschaffen. Anderzijds ben ik er heilig van overtuigd dat er een hoge mate van bescherming, samen met een eerlijke en passende vergoeding, aan de slachtoffers moet worden geboden, ongeacht de lidstaat waar ze zijn gevestigd of waar de misdaad werd gepleegd. De geboden bescherming, hulp en steun mogen niet leiden tot secundaire victimisatie en ik wil tevens opmerken dat de bepalingen voor minderjarigen, die makkelijk ten prooi vallen door hun kwetsbaarheid en goedgelovigheid, speciale aandacht verdienen.

Tot slot wil ik zeggen dat mensenhandel ook vaak voorkomt met als doel de levering van organen te bevorderen.

 
  
MPphoto
 

  Karin Kadenbach (S&D). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, het is van wezenlijk belang dat we vandaag in dit Parlement het onderwerp mensenhandel behandelen, aangezien het een onderwerp is waar nog steeds een taboe op rust en aangezien vrouwen in onze hoogontwikkelde maatschappij zeer vaak het slachtoffer van mensenhandel worden. Ik denk in de eerste plaats aan prostitutie, maar ook aan kinderen. Heel vaak willen we dat niet zien. Om mensenhandel succesvol te bestrijden is in het begin eerst voorlichting en bewustzijn nodig en later zullen we ook geld nodig hebben. Dit moeten we vanaf het begin meenemen in onze overwegingen, aangezien het doel niet alleen is om de daders te arresteren en een terechte straf te doen ondergaan, maar we er ook naar moeten streven om slachtofferbescherming zo in te richten dat slachtoffers niet voor de tweede keer slachtoffer worden, maar dat we ook de financiële middelen hebben om ze te re-integreren in de maatschappij. We moeten ernaar streven om de trauma’s die kinderen hebben beleefd weg te nemen en om de vrouwen eerst en vooral te integreren in onze arbeidswereld, een legale arbeidswereld.

 
  
MPphoto
 

  Catherine Bearder (ALDE).(EN) Mijnheer de Voorzitter, Europese actie op dit gebied heeft te lang op zich laten wachten, dus het deed mij genoegen de opmerkingen van de heer López Garrido over kinderen te horen, alsook de opmerkingen van de commissaris en, vanochtend, dat kandidaat-commissaris Malmström van plan is om het tot een van haar prioriteiten te maken met een voorstel voor een nieuwe richtlijn op dit gebied te komen.

Ik wil zowel de Raad als de Commissie dringend verzoeken om te kijken naar de hulpsystemen voor slachtoffers, in het bijzonder naar de specifieke behoeften van verhandelde kinderen, die heel andere behoeften hebben dan degenen die als volwassene slachtoffer zijn geworden van mensenhandel. In het Verenigd Koninkrijk zijn alleen al vorig jaar 325 kinderen geïdentificeerd waarvan wordt vermoed dat zij slachtoffer zijn van mensenhandel. Velen van hen zijn onderdanen van het Verenigd Koninkrijk die binnen het VK zijn verhandeld, en niet uit het buitenland zijn aangevoerd, als ik dat woord mag gebruiken.

Er zijn kinderen in mijn eigen regio die worden verhandeld, maar we merken dat veel verhandelde kinderen, zelfs na registratie bij de sociale diensten, gewoonweg verdwijnen, doordat hun mensenhandelaars controle over hen blijven houden. Het is voor hen maar al te gemakkelijk om deze kinderen opnieuw te verhandelen. Dit gebeurt in de hele EU en we moeten er een einde aan maken. Verhandelde mensen hebben geen stem, zijn kwetsbaar en vertrouwen erop dat de Europese Unie voor hen opkomt, een einde maakt aan deze afschuwelijke misdaad en voor hen zorgt.

 
  
MPphoto
 

  Franz Obermayr (NI). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, bedelarij, prostitutie, diefstal, inbraak – voor dergelijke en soortgelijke verwerpelijke activiteiten worden mensen, met name vrouwen en kinderen, gebruikt door mensenhandelaren en bendes mensensmokkelaars. Hierbij is sprake van moeilijk te bewaken criminaliteit met een groot aantal ongemelde gevallen. In dit verband zou ik erop willen wijzen dat mijn thuisland, Oostenrijk, als populair doorgangs- en ook bestemmingsland hierdoor bijzonder wordt getroffen. We moeten ons er derhalve van bewust zijn dat de overgrote meerderheid van de smokkelaarsbendes actief zijn vanuit Oost- of Zuidoost-Europa in de richting van Midden-Europa en dat de slachtoffers niet alleen in derde landen worden gerekruteerd, maar ook uit de lidstaten zelf komen. Het is een feit dat we een stijging van deze gevallen zien en dat de controle aan de buitengrenzen nauwelijks functioneert.

In het licht van deze ontwikkeling en het controleerbare feit dat deze reizen vaak per bus verlopen – crimineel toerisme – moet de vraag worden gesteld of het niet zinvol zou zijn om in aanvulling op het opstellen van rapporten door Europol, Frontex, enzovoorts, onder deze omstandigheden in de grensgebieden in kwestie de grenscontroles opnieuw in te voeren en, indien nodig, Schengen voor een beperkte termijn op te schorten.

 
  
MPphoto
 

  Anna Záborská (PPE). (SK) Ik complimenteer de auteurs met de gestelde vraag en u, commissaris, met uw antwoord.

Ik wil graag een van de vele onderwerpen die met dit vraagstuk samenhangen, benadrukken. De ontwerpresolutie stelt vast dat kinderen met name kwetsbaar zijn en daarom een groter risico lopen om slachtoffer te worden van mensenhandel. Tegelijkertijd komt eruit naar voren dat 79 procent van de geïdentificeerde slachtoffers van mensenhandel vrouwen en meisjes zijn. De ontwerpresolutie laat echter na te vermelden dat ouders een primaire rol moeten vervullen bij de bescherming van hun kinderen tegen mensenhandel. Ouders zijn vaak niet op de hoogte van de gevaren waar hun kinderen aan worden blootgesteld of zelfs helemaal niet geïnteresseerd in hoe ze hun vrije tijd doorbrengen. In het kader van preventie heb ik herhaaldelijk een Europese campagne voorgesteld onder de naam: “Weet u waar uw kind op dit moment is?”. Deze campagne moet ouders waarschuwen voor de gevaren waar hun kinderen aan worden blootgesteld. Ik ben er heilig van overtuigd dat we kinderen kunnen beschermen tegen mensenhandel, maar alleen als we samenwerken met de ouders. Helaas worden ouders nergens genoemd in de ontwerpresolutie.

 
  
MPphoto
 

  Artur Zasada (PPE).(PL) Mijnheer de Voorzitter, in het kader van het debat van heden, moeten er drie zaken worden uitgelicht die bijzondere aandacht vereisen. Te weinig criminelen komen voor de rechter. Ondanks de toename van strafrechtelijke procedures die mensenhandel betreffen, is dit aantal nog altijd vele malen lager dan het aantal begane misdaden.

De slachtoffers krijgen onvoldoende bijstand, huisvesting en compensatie. Gezien de geschatte omvang van mensenhandel in Europa, moet worden opgemerkt dat slechts enkele landen maatregelen hebben genomen die als werkelijke actie kunnen worden bestempeld.

Ten derde: de situatie wordt onvoldoende gevolgd. Dit probleem speelt duidelijk niet alleen in de Europese Unie. Het is daarom van cruciaal belang dat de Unie nog nauwer samenwerkt met de relevante internationale organisaties om een nieuwe norm te scheppen in de bestrijding van dit uitzonderlijk gevaarlijke verschijnsel.

 
  
MPphoto
 

  Diego López Garrido, fungerend voorzitter van de Raad.(ES) Ik denk dat dit uitgebreide debat duidelijk heeft gemaakt dat we voor een enorm probleem staan, een probleem dat een enorme uitdaging vormt. Het doet me veel genoegen dat dit debat plaatsvindt op de dag waarop ik voor het eerst voor het Europees Parlement verschijn, wat een grote eer is, en nog wel tijdens twee zulke belangrijke debatten als die welke vanavond in dit belangrijke en machtige Parlement hebben plaatsgevonden.

Ik denk dat het niet genoeg is om dit belangrijke probleem alleen te noemen of erover na te denken, maar dat we het met alle kracht die we hebben moeten aanpakken. Want dit is een ernstig probleem en de vijanden die we tegenover ons hebben zijn heel sterk. Daarom is er veel politieke wil nodig. En hier, vanavond, hebben we die politieke wil gezien, en hoe! Ik kan u zeggen dat het Spaanse voorzitterschap zal laten zien dat het dit probleem wil aanpakken, samen met de andere Europese instellingen.

Ook denk ik dat we kunnen zeggen dat dit een probleem is dat moet worden aangepakt vanuit een Europees perspectief. Er is heel duidelijk opgemerkt wat er in Europa moet gebeuren. Mevrouw Hirsch heeft dat duidelijk opgemerkt, en de heer Papanikolaou en mevrouw Parvanova hebben het grensoverschrijdende karakter van dit probleem aangestipt. Het gebeurt in Europa en het moet worden aangepakt vanuit Europa. Het is al vaak gezegd, en ik zeg het nu, dat het belangrijk is dat de Commissie zo snel mogelijk met een richtlijn komt om het probleem vanuit dat perspectief aan te pakken. Ik denk dat mevrouw Roithová het in haar interventie heel treffend heeft omschreven.

En ik denk dat drie grote aspecten in die Europese wetgeving moeten worden benadrukt. In de eerste plaats is dat de bescherming van de slachtoffers. Bescherming van de slachtoffers is een centraal element, dat hier vanavond waarschijnlijk ook het vaakst is genoemd. De auteurs van de vraag, mevrouw Sargentini, mevrouw Ernst, mevrouw Thomsen en ook andere sprekers hebben gewezen op het belang van bescherming van de slachtoffers, waarbij het over het algemeen voornamelijk om vrouwen en kinderen gaat – de meest kwetsbare personen. En zo hebben mevrouw Jiménez-Becerril Barrio, mevrouw Kadenbach en mevrouw Bearder heel terecht gezegd dat het Europees systeem voor de bescherming van de slachtoffers er moet komen. Dat is een essentieel instrument en een prioriteit voor het Spaanse voorzitterschap.

Dus in de eerste plaats bescherming van de slachtoffers. In de tweede plaats keiharde vervolging, zeer zware straffen voor de handelaren – de heer Ziobro heeft daar in zijn interventie geen onduidelijkheid over laten bestaan. En in de derde plaats moeten we iets doen aan de vraag naar dit soort diensten. Dat zal niet eenvoudig worden, maar het is een deel van het probleem en daarom denk ik dat het past in die drie grote aspecten waarop een algehele aanpak van dit belangrijke onderwerp naar mijn mening moet worden gebaseerd, een onderwerp waaraan – ik herhaal het, dames en heren – het Spaanse voorzitterschap absoluut is en blijft gecommitteerd.

 
  
MPphoto
 

  Jacques Barrot, vicevoorzitter van de Commissie. - (FR) Mijnheer de Voorzitter, ik vind dat dit debat heel verhelderend is geweest voor de voorbereiding van de toekomstige richtlijn, en ik bevestig uiteraard, minister, dat de Commissie van plan is deze richtlijn in de loop van dit voorjaar te presenteren.

Ik wil inhaken op de formulering van de heer Moraes, door te zeggen dat we dit kwaad moeten bestrijden met gebruikmaking van de modernste middelen, omdat in de mensenhandel ook de modernste methodes worden gebruikt, en dat we moeten strijden tegen alle vormen van uitbuiting.

Minister, u zei zojuist dat er drie pijlers zijn: de slachtoffers, de zwaarte van de sancties en vervolgens het probleem van de vraag. Ik ga nog wat nader in op de slachtoffers en de bescherming van de slachtoffers, want we hebben bij het kaderbesluit al onderhandeld over de onvoorwaardelijke steun voor alle slachtoffers, immuniteit voor strafrechtelijke vervolging en het recht op juridische bijstand. In de toekomstige richtlijn willen we huisvesting, medische en psychologische behandeling, advies en informatie aan de orde stellen in een taal die voor de slachtoffers begrijpelijk is, en verder alle aanvullende vormen van hulp.

In antwoord aan mevrouw Záborská voeg ik daaraan toe dat, voor wat betreft de kinderen die slachtoffer zijn van mensenhandel, de Commissie inderdaad zal ingaan op de vraagstukken met betrekking tot de preventie van dit kwaad en de bescherming, terugkeer en re-integratie van de kinderen, in een actieplan inzake de situatie van niet-begeleide minderjarigen, wat overigens een dringend verzoek van het Spaanse voorzitterschap was, minister.

We zullen dus een actieplan indienen dat in het voorjaar van 2010 door het college zal worden goedgekeurd, zodat het door de Raad en het Europees Parlement bestudeerd kan worden. Dit actieplan zal meerdere werkwijzen bevatten voor de aanpak van de voornaamste problemen van dit verschijnsel dat niet-begeleide minderjarigen treft die de Europese Unie binnenkomen onder verschillende omstandigheden, en het zal uitgaan van het hoogste belang van het kind.

Maar mevrouw Záborská heeft ook gelijk. We moeten gezinnen steeds meer betrekken bij het toezicht houden, onder andere op het gebruik van internet, dat kinderen ook weer blootstelt aan nieuwe gevaren.

Zoals u al zei, minister, is de politieke wil aanwezig in het Europees Parlement. Ik denk dat de Commissie deze ontwerprichtlijn al goed heeft voorbereid. Zij zal hem spoedig indienen en ik wil het Parlement niet alleen bedanken voor de volledige steun, maar ook voor de reeks interessante zienswijzen die tijdens dit debat naar voren zijn gekomen. Ik bedank nogmaals alle sprekers en ik ben van mening dat het Europees Parlement een essentiële rol moet spelen in de bestrijding van dit grote kwaad.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

De stemming vindt tijdens de eerste vergaderperiode van februari plaats.

Schriftelijke verklaringen (artikel 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Liam Aylward (ALDE), schriftelijk.(GA) Personen die betrokken zijn bij mensenhandel maken geen onderscheid tussen mannen, vrouwen of kinderen, zolang ze maar geld verdienen aan het verhandelen. Vaak zijn het kinderen die het grootste gevaar lopen. Volgens de IAO zijn er momenteel zo’n 218 miljoen kinderen betrokken bij kinderarbeid. Het is echter onmogelijk om een eenduidig aantal te noemen, omdat deze kinderen terechtkomen in de prostitutie, slavernij, gedwongen arbeid enzovoorts, gebieden waar geen exacte cijfers beschikbaar voor zijn. De EU moet met spoed mensenhandel op de arbeidsmarkt aanpakken. Ik vind het bemoedigend dat dit vraagstuk een prioriteit is voor het Spaanse voorzitterschap en ik hoop dat de leden van de Raad samenwerken om vraagstukken die samenhangen met mensenhandel en kinderarbeid, centraal te stellen binnen de EU-wetgeving en dat deze vraagstukken met name binnen de kaders van handelsovereenkomsten worden behandeld. Door de belangrijke rol die het inneemt binnen wereldwijde handelszaken en de betrokkenheid bij de bescherming van mensenrechten, draagt de EU de verantwoordelijkheid om mensenhandel en kinderarbeid te bestrijden.

 
  
MPphoto
 
 

  Nessa Childers (S&D), schriftelijk. – (EN) Handel in mensen is overal in de wereld betreurenswaardig, maar is extra beschamend in de Europese Unie, gezien ons hoge niveau van interne samenwerking en onze middelen. Met name de handel in jonge vrouwen voor gebruik in de sekshandel is een overblijfsel van het verdeelde verleden van Europa en moet tot de Europese geschiedenis gaan behoren. In dit verband moet de Unie zich inspannen om in de termijn van vijf jaar van de komende Commissie de grensbeveiliging te vergroten en zij moet de nationale regeringen dringend verzoeken om meer te doen aan het aanpakken van de sekshandel, vooral wanneer het gaat om jonge verhandelde vrouwen die afkomstig zijn uit een ander land. Momenteel hebben de meeste landen wel wetten, maar worden deze eenvoudigweg niet gehandhaafd.

 
  
MPphoto
 
 

  Vasilica Viorica Dăncilă (S&D), schriftelijk.(RO) De snelheid waarmee dit debat is geïnitieerd, zo snel na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon, is niet alleen nuttig vanuit wetgevend perspectief maar is ook een absoluut vereiste, gedicteerd door een vanwege de economische crisis verergerde situatie. Armoede, verlies van werkgelegenheid, gebrek aan perspectieven voor jonge mensen, de afwezigheid van nauwkeurige informatie over de betrokken risico's en het ontbreken van zelfs de meest basale seksuele voorlichting zijn een aantal factoren die significant bijdragen aan de kwetsbare situatie van mogelijke slachtoffers. Ik ben van mening dat er een indringende informatiecampagne nodig is, vooral onder minderjarigen uit achtergestelde gebieden en groepen, om de effectiviteit van preventie te vergroten. Wij kunnen niet spreken over de specifieke bestrijding van vrouwenhandel, zonder krachtige maatregelen te overwegen tegen criminele activiteiten en de netwerken die deze handel controleren, die zeer actief is in de Balkan en het Middellandse-Zeegebied. Ik wil benadrukken dat maatregelen nodig zijn om de vraag naar prostitutie te verminderen, de meest directe weg, met het aannemen van maatregelen om klanten te straffen. Ik wil vermelden dat er ook een betere financiering nodig is voor de programma´s ter bestrijding van mensenhandel. Ik roep op tot het aannemen van strenge strafwetgeving en nauwere samenwerking tussen lidstaten en de bevoegde Europese instellingen: Europol, Frontex en Eurojust.

 
  
MPphoto
 
 

  Kinga Göncz (S&D), schriftelijk. – (HU) Ofschoon twee vigerende Europese richtlijnen zich bezighouden met mensenhandel en de slachtoffers daarvan, zien de lidstaten van de Europese Unie deze personen in de praktijk vaak als illegale immigranten. Het is essentieel dat we verschil maken tussen die twee groepen. Illegale immigranten zijn vaak vanwege een financiële of maatschappelijke omstandigheid gedwongen hun eigen land te verlaten, en zij arriveren illegaal, maar wel uit eigen beweging op het grondgebied van de EU. De mensen die betrokken zijn bij mensenhandel hebben echter geen vrije, weloverwogen beslissing over hun lot kunnen nemen. Zij moeten volledig als slachtoffers worden behandeld.

Het is nodig dat de EU-lidstaten de slachtoffers adequate bescherming bieden. Niet alleen hun juridische of fysieke bescherming moet worden gewaarborgd, maar ook medische en psychologische ondersteuning en sociale rehabilitatie; bovendien moet aan de personen die samenwerken met de instanties tevens een verblijfsvergunning worden verstrekt voor de duur van het onderzoek in de mensenhandelzaak. Verder is het belangrijk dat de Commissie er met voorlichtingscampagnes toe bijdraagt dat de mensen die potentieel gevaar lopen, op de hoogte zijn van hun rechten, hun mogelijkheden en de gevaren, zowel binnen de EU als in derde landen. De Commissie moet er alles aan doen om ervoor te zorgen dat de lidstaten de relevante Europese wetgeving op de juiste wijze omzetten in nationale wetgeving en uitvoeren. Gezien het feit dat de mensenhandel onder meerdere portefeuilles valt, namelijk die van de commissarissen voor justitie, vrijheid en veiligheid, alsmede voor buitenlandse betrekkingen, werkgelegenheid, sociale zaken en gelijke kansen, is het zinvol om de benoeming te overwegen van een portefeuillecoördinator, die effectief bemiddelt met het oog op de juiste aanpak van het probleem.

 
  
MPphoto
 
 

  Zita Gurmai (S&D), schriftelijk. – (EN) Vrouwen en kinderen zijn de belangrijkste slachtoffers van mensenhandel. Wanneer een nieuw kaderbesluit van de Raad over mensenhandel wordt opgesteld, moeten vrouwen en kinderen centraal worden gesteld in de maatregelen. Ik ben het daarom eens met de standpunten dat er zo snel mogelijk in de hele Europese Unie gegevens over genderspecifiek geweld moeten worden verzameld. Slachtofferbescherming kost geld, en dit levensreddende geld moet verstandig worden besteed. We moeten beseffen dat we zonder betrouwbare en vergelijkbare gegevens niet goed middelen aan de juiste plaatsen zullen kunnen toewijzen. We moeten ook beseffen dat verschillende lidstaten en vooral verschillende culturen op verschillende manieren omgaan met het probleem. Er zijn lidstaten waar de slachtofferbescherming goed georganiseerd is en voor iedereen bereikbaar is, zoals in Spanje, en er zijn lidstaten waar er vrijwel geen aandacht voor is. Dat betekent dat we niet alleen de middelen op verstandige wijze moeten toewijzen, maar we moeten ook met praktische en statistische oplossingen komen (namelijk ten minste met een Europese minimumnorm) om het latentieprobleem aan te pakken en om de aandacht te vestigen op dit vraagstuk, waar dit nodig is.

 
  
MPphoto
 
 

  Jim Higgins (PPE), schriftelijk. – (EN) Het probleem van de mensenhandel bestaat al lange tijd, maar in plaats van het probleem op te lossen, worden lidstaten aangeklaagd wegens ons individueel en collectief verzuim om deze uitbuiting en degradatie van vrouwen aan te pakken. Het vrije verkeer vergemakkelijkt weliswaar de handel doordat grenscontroles zijn opgeheven, maar je kunt je aan de andere kant voorstellen dat de politie door de toegenomen samenwerking beter in staat zou moeten zijn om het probleem aan te pakken. Wat duidelijk is, is dat de politieke wil er niet is. Het Verdrag van de Raad van Europa inzake de bestrijding van mensenhandel van mei 2005 is pas door negen landen geratificeerd; twee derde van de vrouwen die worden verhandeld voor de prostitutie, komen uit Oost-Europa, en toch hebben landen als de Tsjechische Republiek en Estland het Verdrag niet ondertekend. Niet alleen de politieke wil ontbreekt, maar ook de politie ontbreekt. Het aantal veroordelingen is bijzonder laag in verhouding tot de omvang van het probleem; de politie ziet mensenhandel niet als misdaad.

 
  
MPphoto
 
 

  Marian-Jean Marinescu (PPE), schriftelijk.(RO) Naar schatting van de Verenigde Naties waren er in 2009 ongeveer 270 000 slachtoffers van mensenhandel in de Europese Unie. De Europese Unie moet in de zeer nabije toekomst haar inzet tonen en wettelijke instrumenten ontwikkelen met betrekking tot zowel de preventie van als de strijd tegen mensenhandel, en eveneens tot de rechten van de slachtoffers. Toekomstige Europese regelgeving moet de hoogte van straffen tegen mensenhandelaars herzien, zodat zij passen bij de ernst van de misdaad. Internationale juridische samenwerking tussen alle kinderbeschermingsinstellingen en mensenrechtenorganisaties, het opzetten van specifieke fondsen voor het bieden van compensatie en effectieve bescherming voor de slachtoffers zijn allemaal gebieden die versterkt moeten worden. Ik ben bovendien van mening dat Eurojust, Europol en Frontex nog meer betrokken moeten worden bij de strijd tegen mensenhandel en de bescherming van slachtoffers, naast het verzamelen van gegevens en het opstellen van statistieken over dit verschijnsel.

 
Laatst bijgewerkt op: 19 april 2010Juridische mededeling