Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Debatten
Waarschuwing
Maandag 8 maart 2010 - Straatsburg Uitgave PB

16. Herziening van de richtlijn pakketreizen (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Aan de orde is de verklaring van de Commissie: Herziening van de richtlijn pakketreizen.

 
  
MPphoto
 

  John Dalli, lid van de Commissie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik ben dankbaar voor deze gelegenheid om u bij te praten over het werk van de Commissie aan de herziening van de richtlijn pakketreizen. Toen de richtlijn in 1990 werd vastgesteld, waren pakketreizen het meest voorkomende type vakantie. Sindsdien is de markt aanzienlijk veranderd: door de ontwikkeling van internet kunnen consumenten direct bij touroperators, luchtvaartmaatschappijen en hotels boeken. De snelle opkomst van goedkope luchtvaartmaatschappijen heeft bovendien voor een revolutie gezorgd in de levering van luchtvervoer. Zij heeft ook gezorgd voor grotere concurrentie en meer keus voor de consument in de reismarkt.

Tegenwoordig organiseert de meerderheid van de Europese burgers haar vakanties zelf, in plaats van dat ze voorgedefinieerde pakketten koopt. Deze veranderingen hebben ertoe geleid dat steeds minder consumenten bescherming genieten wanneer zij op vakantie gaan. We weten ook dat de bestaande richtlijn heeft geleid tot ongelijke concurrentieverhoudingen voor de reissector, waarbij sommige marktdeelnemers binnen de werkingssfeer van de richtlijn vallen en andere niet, ook al verkopen ze vergelijkbare producten.

De minimale harmonisatie van de richtlijn heeft bovendien geleid tot juridische fragmentatie in de lidstaten. Dit betekent dat de huidige wetgeving mogelijk niet meer bij de tijd is.

De Commissie heeft om die reden de effectbeoordelingsprocedure gestart als voorbereiding op een mogelijke herziening van de richtlijn pakketreizen volgend jaar. In het kader van de effectbeoordeling heeft de Commissie in november 2009 een studie gepubliceerd over consumentenschade op het gebied van de zogenoemde “dynamische pakketten”.

Tegelijkertijd is de Commissie een publieke raadpleging over de herziening van de richtlijn begonnen. Deze raadpleging is op 7 februari 2010 afgesloten. De Commissie bestudeert nu meer dan 170 bijdragen, die als invoer voor de effectbeoordeling zullen worden gebruikt. De omvang van de mogelijke herziening zal afhangen van de uitkomst van de effectbeoordeling.

Laat ik echter kort de leidende beginselen van dit werk toelichten. Op de eerste plaats is een hoog niveau van bescherming essentieel, als we ervoor willen zorgen dat consumenten vertrouwen hebben in hun vakantieaankopen. Op de tweede plaats moeten we het functioneren van de interne markt voor reizen verbeteren, vooral omdat grensoverschrijdende aankopen op dit gebied zo veel voorkomen. Er is daarom veel te zeggen voor meer harmonisatie van de toepasselijke wetgeving in de lidstaten. Tot slot denk ik dat het nodig is om gelijkere concurrentieverhoudingen te creëren voor de bedrijven die pakketreizen verkopen.

De Commissie is van plan om begin 2011 haar voorstel te presenteren. De belangrijkste uitdaging voor de herziening zal zijn de vaststelling van de toepassingssfeer van de richtlijn. De Commissie zal kijken naar de mogelijkheden om de toepassingssfeer van de richtlijn uit te breiden tot een breder scala van reisovereenkomsten, waaronder de “dynamische pakketten”. Dit zou kunnen helpen om de trend van het dalende aantal consumenten dat bescherming geniet wanneer ze op vakantie gaan, om te keren.

We zullen de verschillende informatievereisten moeten actualiseren en de verplichtingen en aansprakelijkheden van de professionele partijen in het contract moeten verduidelijken. Tot slot zal de Commissie, teneinde het consumentenbewustzijn te vergroten, de kosten en baten analyseren van invoering van een gestandaardiseerd label voor pakketreizen dat bij de verkoop van pakketreizen zou moeten worden weergegeven.

Tegelijk met dit werk onderzoekt de Commissie de mogelijkheden om voor consumenten die losse tickets kopen, de bescherming tegen faillissementen uit te breiden, waar onlangs door het Europees Parlement om is gevraagd.

Begin 2009 heeft de Commissie een onafhankelijk verslag gepubliceerd dat de verschillende mogelijke manieren heeft verkend om om te gaan met de gevolgen van faillissementen. We zijn op 15 december 2009 ook begonnen met een openbare raadpleging over de toekomst van de rechten van luchtvaartpassagiers. Deze elementen zullen als basis dienen voor de effectbeoordeling. We proberen het Parlement voor het einde van 2010 de meest geschikte beschermende maatregelen tegen faillissementen te presenteren.

 
  
MPphoto
 

  Andreas Schwab, namens de PPE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, allereerst zou ik commissaris Dalli namens mijn fractie willen bedanken. Hij heeft verklaard en beloofd dat hij de richtlijn pakketreizen uit 1990 in 2011 wil herzien. Dit is een gunstig moment om resultaten te bereiken, en daarvan moeten we profiteren. Op het gebied van de pakketreizen moeten we namelijk een aantal vragen beantwoorden over onjuiste informatie over de rechten van de consument. Op veel websites verschijnen tegenwoordig bijvoorbeeld links die de klant ertoe verleiden in te gaan op verdere aanbiedingen, hoewel daarvoor niet dezelfde beschermingsmechanismen gelden als voor wat er op de oorspronkelijke site wordt geboekt. Daarbij denk ik met name aan de aanbiedingen van goedkope luchtvaartmaatschappijen.

Ten tweede verhinderen deze goedkope luchtvaartmaatschappijen in de meeste lidstaten van de Europese Unie de betekening van gerechtelijke documenten, en dat gaat ten koste van de consumenten die hun rechten willen doen gelden. Dat moet absoluut worden veranderd in het nieuwe voorstel voor een richtlijn.

Ten derde vraag ik me af of de rechten van de passagiers in de luchtvaart en de rechten die gelden op basis van de bestaande richtlijn pakketreizen vroeger of later niet moeten worden samengevoegd in één enkel document. Op die manier kunnen we verhinderen dat passages in de twee wetsteksten verschillend worden geïnterpreteerd.

Ten vierde denk ik dat het feit dat de activiteiten van reisbureaus in de lidstaten verschillend worden beoordeeld er toe leidt dat het voor de reisbureaus heel moeilijk is om hun diensten grensoverschrijdend aan te bieden. In sommige landen hebben reisbureaus dezelfde aansprakelijkheid als touroperatoren, in andere landen, zoals in mijn land, zijn reisbureaus slechts bemiddelaars. Daar heeft u op gewezen, mijnheer de commissaris. Het zou goed zijn wanneer we het in heel Europa tenminste over bepaalde principes eens zouden kunnen worden, om deze reisbureaus te helpen om hun diensten grensoverschrijdend aan te bieden.

De consumenten maken steeds vaker gebruik van internet, en daarom moeten pakketreizen van nu af aan op internet als zodanig worden aangeduid, zodat misbruik uitgesloten is.

 
  
MPphoto
 

  Alan Kelly, namens de S&D-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, dit debat komt precies op het juiste moment voor de toerismesector, de luchtvaartsector en de consumentenbescherming.

We hebben een zomer gehad waarin wel de helft van Europa op vakantie gestrand leek te zijn, met aan alle kanten luchtvaartmaatschappijen en reisagenten die failliet gingen, en consumenten die ver weg van hun dierbaren strandden, in landen die niet hun eigen land waren. Het was duidelijk dat onze wetten consumenten niet goed beschermden. We hebben meerdere meldingen gehad van passagiers die geen enkele informatie kregen over het moment waarop ze naar huis konden, geen transparantie over wie technisch verantwoordelijk was voor hun situatie, geen telefoonnummer dat ze konden bellen om informatie te vragen, en geen idee hoe ze verhaal konden halen toen ze weer thuis waren.

Ik verwelkom daarom dit tijdige debat en de inspanningen van de Commissie om deze zaak aan te pakken, want we hebben dit gebied allemaal te lang laten liggen. Veel problemen met de richtlijn pakketreizen zijn al bijna tien jaar geleden in een verslag van het Parlement geïdentificeerd, maar sindsdien is er erg weinig gebeurd. Ik weet dat de voorgestelde richtlijn consumentenrechten enkele problemen zal aanpakken, maar er is voor grensoverschrijdende vliegreizen meer Europese wetgeving nodig om consumenten te beschermen.

Alleen al het feit dat de wetgeving nog steeds “de richtlijn pakketreizen” wordt genoemd, laat zien hoe verouderd zij is. De meeste consumenten maken niet langer gebruik van pakketreizen als ze goedkopere methoden hebben gevonden om op vakantie te gaan en iets van de wereld te zien. Veertig procent van de reizigers in mijn eigen land, Ierland, maakt geen gebruik van pakketreizen, en ik weet dat dit in veel andere lidstaten ook zo is. Veel mensen treden nu op als hun eigen reisagent met online boekingen op sites zoals Tripadvisor, waar zij in feite hun eigen reisagent worden. Onze wetgeving moet nu deze verandering in het consumentengedrag weerspiegelen.

Een van de belangrijkste dingen die uit een eventuele herziening moet komen, is dat de consument duidelijkheid moet krijgen over wie verantwoordelijk is in geval van vertragingen en annuleringen. Reisondernemingen moeten worden verplicht om heel duidelijke informatie te verstrekken. Consumenten moet worden verteld waar zij deze informatie kunnen krijgen, en zij moeten worden geïnformeerd over hun rechten in zulke situaties.

(Spreker wordt door de Voorzitter verzocht om langzamer te spreken ten behoeve van de tolken)

Onder de huidige wetgeving zijn er geen duidelijke lijnen van verantwoordelijkheid. Is de luchtvaartmaatschappij verantwoordelijk in geval van een incident? Of is het de reisagent? Of de luchthaven of het spoorwegstation? Bij wie kan een consument informatie vragen? Doorgaans lopen zulke situaties uit op worstelingen om informatie te krijgen van verschillende bronnen, en iedereen is de kluts kwijt.

Als we proberen de Europese economie te ontwikkelen op basis van grensoverschrijdende handel, moeten consumenten op de hoogte zijn van hun rechten en aanspraken en hoe deze worden uitgeoefend en gecommuniceerd. Ik weet bijvoorbeeld dat het bijzonder moeilijk is om de klachtenafdeling van een luchtvaartmaatschappij te vinden. Hoe kun je verhaal halen als je niet weet waar je heen moet of aan wie je iets vragen kunt?

Waar ik om zal verzoeken – en ik hoop dat de Commissie dit zal overnemen – is de basisbeginselen van de dienstverlening aan de klanten te vervatten in duidelijk gecommuniceerde wetgeving die overal op dezelfde wijze wordt uitgelegd en eenvoudig is. Het volstaat niet deze wetgeving te actualiseren. De lidstaten moeten worden verplicht om de nieuwe wetgeving aan hun burgers bekend te maken, zodra deze is overeengekomen.

Tot slot is er nog een ander idee dat de Commissie in overweging zou kunnen nemen: hoeveel kost een vlucht? We weten allemaal dat de geadverteerde prijs exclusief belastingen en heffingen is: er zijn heffingen om in te checken, heffingen voor extra stuks bagage, heffingen voor vrijwel alles. Wanneer deze richtlijn wordt herzien, is dat een geschikt moment om reis- en luchtvaartondernemingen te dwingen om meer transparantie te bieden, en we moeten deze gelegenheid aangrijpen om dat ook te doen.

 
  
MPphoto
 

  Gesine Meissner, namens de ALDE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, commissaris Dalli, allereerst zou ik u ook namens de ALDE-Fractie hier heel hartelijk welkom willen heten. U heeft al aangekondigd dat u deze richtlijn wilt herzien.

Het is werkelijk een voorrecht om in Europa te mogen wonen, want in Europa en in het Europees Parlement kan je zelfs bespreken hoe je met je fretje op reis kunt gaan. Daarover ging het vorige debat, en ik was trots Europeaan te zijn. Ook zoiets wordt bij ons geregeld, in het belang van de consument en van de dierenbescherming.

Nu gaat het echter om de mensen die op reis gaan, en dat is in Europa een belangrijk recht. We willen voor onze burgers mobiliteit en vrij verkeer, en we hebben erover nagedacht hoe we dat kunnen garanderen. Twintig jaar geleden hebben we in een richtlijn de pakketreizen geregeld. Daardoor wist iedereen: ik kan op reis naar andere landen, de bezienswaardigheden in andere Europese landen bekijken, en ik weet precies wat mijn rechten zijn. Ik hoor van tevoren wat me te wachten staat, er wordt me niets voorgespiegeld, de informatie moet kloppen, en als er iets niet klopt krijg ik een schadevergoeding. Dat was twintig jaar geleden.

Er is intussen veel veranderd, dat heeft u al gezegd, mijnheer de commissaris. Intussen wordt er inderdaad vaak individueel via internet geboekt, en dat leidt tot lacunes in het systeem. Een half jaar geleden heeft de Commissie vervoer al een vraag gesteld aan de commissaris voor vervoer, omdat we in verband met SkyEurope in Slowakije hadden vastgesteld dat passagiers een goedkope vlucht hadden geboekt, en toen niet verder vervoerd werden. Dat was weliswaar slechts een kleine lacune, waarvan alleen diegenen het slachtoffer werden die via internet en zonder kredietkaart hadden geboekt, maar we willen toch dat de burgers zich in Europa vrij kunnen bewegen, dat ze van hun vakantie kunnen genieten, en weten dat ze beschermd zijn.

Wij willen voor de Europese burgers een hoog niveau van bescherming, en bij de consumentenbescherming bestaan er lacunes in het systeem. Daarom moet er een herziening komen van deze richtlijn inzake pakketreizen, en moeten we ook overwegen of er niet ook een speciale regeling nodig is voor de reizigers in de luchtvaart, dat zei mijn collega net ook al. Daarover moeten we het nog hebben, en ik verheug me daar nu al op. Wij willen namelijk dat we niet alleen met onze dieren in Europa onbezorgd en goed beschermd op reis kunnen, maar ook alleen of met ons gezin.

 
  
MPphoto
 

  Frieda Brepoels, namens de Verts/ALE-Fractie. Voorzitter, commissaris, collega's, onze nieuwe commissaris heeft het al gezegd. Het wetgevend kader is niet meer aangepast aan de realiteit van vandaag gezien de erg gewijzigde reismarkt, met heel veel problemen en frustraties tot gevolg, niet alleen van de consument, maar ook bij de reisbemiddelaars, de bureaus en de touroperatoren. Het is duidelijk dat het aantal personen dat nog effectief door de huidige richtlijn beschermd wordt, enorm gedaald is ondanks het feit dat meer mensen reizen.

Het Europees Parlement vraagt inderdaad al jaren om een herziening van de richtlijn. U heeft het gezegd, de knelpunten en de mogelijke oplossingen zijn gekend. Er is zopas weer een consultatie afgerond. Ik denk dat het nu toch echt de hoogste tijd is om knopen door te hakken. Ik verwelkom de verklaring van de commissaris, maar ik zou toch graag even expliciet een aantal punten willen aanstippen die voor ons heel erg belangrijk zijn.

Ten eerste het toepassingsgebied van de richtlijn moet zeker verduidelijkt en zelfs uitgebreid worden. Steeds meer consumenten - we hebben het al gehoord - stellen dynamische reispakketten samen of boeken een afzonderlijke reisdienst. We hebben onlangs nog door de recente problemen met de Eurostar bijvoorbeeld gezien dat duizenden toeristen in de problemen kwamen omdat ze geen compensatie kregen voor hotels die ze geboekt hadden of voor theatertickets die ze gekocht hadden. Dit is onaanvaardbaar.

Ik denk dat ook passagiersrechten een duidelijke plaats moeten krijgen in de richtlijn. Uiteraard moeten we voldoende rekening houden met de zeer uiteenlopende reismarkten, met het verschillend vakantiegedrag van de consument in de verschillende lidstaten en met nationale rechtspraak. Maar een harmonisering dringt zich op omdat sommige begrippen danig verschillen, zoals bijvoorbeeld de touroperator, de bemiddelaar, het begrip overmacht. Ik heb gelezen in de consultatie die de Commissie heeft gehouden in 2007 dat er nochtans een heel gedetailleerde feedback gekomen was van de kant van de industrie en de stakeholders. Dus ik vraag mij af wat dan het probleem is. Waarom beslist men dan op dit ogenblik niet? Er werd ook gevraagd om een soort reisbeschermingslabel. Ik had graag van de commissaris gehoord wat zijn mening daarover is.

Een tweede punt gaat over de rol en de verantwoordelijkheid van de reisbemiddelaar. Die moet veel duidelijker gedefinieerd worden omdat de consumenten overstelpt worden met heel wat informatie via het internet, die echter lang niet altijd correct is en soms zelfs behoorlijke schade aanricht, tot het betalen van huur voor vakantiewoningen die zelfs helemaal niet bestaan! De rol van de reisbemiddelaar zou dus veel preciezer moeten worden genormeerd.

We hebben het al gehad over de faillissementen. Het Parlement heeft in een resolutie heel duidelijk gevraagd om een betere bescherming van de betrokken passagiers. Als inwoner van een grensregio tussen Vlaanderen en Nederland, zou ik ook bijzondere aandacht willen vragen voor grensoverschrijdende verkopen omdat de bescherming vaak beperkt is tot de reisovereenkomst die gesloten wordt in een bepaalde lidstaat.

En ten slotte de informatie aan de consument op het vlak van prijzen. In de meeste andere sectoren zouden de prijzen, ook van de verkochte reisdiensten, vast en all inclusive moeten zijn. Deelt u deze visie? Ik had graag uw visie daarop gehoord. Ook in geval van overmacht en bij een gewijzigd aanbod van reisdiensten moeten de rechten van de consument worden verduidelijkt en moeten strengere en meer gerichte informatieverplichtingen gelden. Misschien moeten we ook eens overwegen sancties te introduceren in de nieuwe richtlijn. Ik hoop dat de Commissie heel snel knopen zal doorhakken en dat wij een nieuw voorstel hier in het Parlement kunnen bespreken.

 
  
MPphoto
 

  Adam Bielan, namens de ECR-Fractie. (PL) Mijnheer de Voorzitter, de Europese richtlijn pakketreizen waarover we vandaag debatteren, dateert van 1990, van twintig jaar geleden. Dat wil zeggen uit tijden waarin de meest populaire vakantie een tweewekenpakket was, dat meestal bij een reisbureau geboekt werd en uitgekozen werd uit de offertes uit een brochure.

Deze richtlijn voorziet in fundamentele bescherming van de consument voor dit soort pakketten en heeft voornamelijk betrekking op doorzichtige informatie over het aanbod, het recht om van de reis af te zien, schadevergoeding voor diensten met een lagere standaard en kwesties in verband met insolvabiliteit van reisbureaus. Het probleem is echter dat in de laatste twintig jaar niet alleen het businessmodel maar ook het gedrag van de consument volledig veranderd is. Zelf reserveer ik het grootste deel van mijn vakanties via internet en dat doen ook vele van mijn landgenoten. Het aantal mensen dat in de hele Europese Unie op deze manier reizen reserveert, bedraagt al 23 procent. Er zijn zelfs landen zoals Ierland of Zweden waar dit percentage 40 procent bedraagt. En dit terwijl bijna twee derde van de mensen die op zulke manieren vakanties aankopen, er zich geen rekenschap van geeft dat hun belangen aanzienlijk slechter beschermd zijn dan die van personen die op traditionele wijze hun vakantie boeken. Dit moeten we tegengaan. Ik ben verheugd dat de Europese Commissie eindelijk deze kwestie aangekaart heeft. Ik denk dat twintig jaar duidelijk te lang is.

Ik hoop dat we vandaag van de Commissie concrete informatie krijgen over wanneer deze richtlijn gewijzigd zal worden en in welke richting deze wijzigingen zullen gaan. Het kan immers niet dat we in het Europees Parlement of een andere Europese instellingen de Europese burgers ertoe aanzetten om gebruik te maken van e-commercediensten en om grensoverschrijdende diensten aan te kopen, en dan tegelijkertijd niet dezelfde bescherming bieden aan mensen die dit doen.

 
  
MPphoto
 

  Andreas Mölzer (NI).(DE) Mijnheer de Voorzitter, pakketreizen naar andere lidstaten zijn soms een probleem, zeker niet alleen vanwege de verschillende regels voor de consumentenbescherming, maar ook vanwege de vreemde talen. De Europese Unie heeft al meer dan vijftien jaar geleden een basisniveau van bescherming vastgelegd en gezamenlijke spelregels opgesteld. Volgens mij mag de herziening van die spelregels echter niet op de spits gedreven worden, we mogen deze reizen niet onder het mom van het vrij verkeer van diensten overal standaardiseren. Juist op reis hebben de burgers van verschillende landen misschien verschillende wensen. Ik vind het in het algemeen dus gevaarlijk om iedereen over één kam te scheren en alles gelijk te willen schakelen.

Wanneer we de aansprakelijkheid van reisbureaus als reisbemiddelaars willen uitbreiden moeten we ons ervan bewust zijn dat dit ernstige financiële gevolgen kan hebben. Wanneer we willen verhinderen dat de kleine plaatselijke reisbureaus het loodje leggen, en er dan een wildgroei komt van onlinereizen, moet de aansprakelijkheid waarschijnlijk primair bij de touroperator liggen.

Voor pakketreizen geldt een vrij hoog niveau van bescherming. Hopelijk zal dat de vakantiegangers geruststellen die zich zorgen maken vanwege de negatieve krantenkoppen die we nu over Griekenland lezen. Wanneer er nog meer wordt gestaakt en gedemonstreerd zou dat ertoe kunnen leiden dat de reizigers uitwijken naar andere bestemmingen aan de Middellandse Zee, waardoor de prijzen in Griekenland nog verder zouden dalen. Door de Griekse schuldencrisis staat het Griekse toerisme ongetwijfeld een moeilijk jaar te wachten, dat weten we. Er komen waarschijnlijk nog meer stakingen en protesten. Hopelijk zullen we er nooit achter komen wat een reisverzekering betaalt wanneer een land bankroet gaat.

 
  
MPphoto
 

  Ádám Kósa (PPE). (HU) Graag vestig ik de aandacht van mijn collega’s op het uitstekende streven waarover we tijdens de hoorzitting van de nieuwe commissaris van vervoer, Siim Kallas, hebben kunnen horen. Wat ik daar hoorde, vond ik een uitstekend principe, namelijk dat het vrije verkeer van personen geldt als een van de belangrijkste vrijheden. Hiervoor is het nodig dat we de rechten van de verschillende soorten vervoer harmoniseren en in één handvest onderbrengen. We hebben overzichtelijke systemen nodig. Ik wil graag opmerken dat dit onderwerp een van de prioriteiten is van het Spaanse voorzitterschap. Waarom is dat zo belangrijk? Omdat de twintig jaar oude richtlijn op geen enkel vlak de rechten van mensen met een beperking in aanmerking neemt als zij op reis gaan, ook niet als ze in groepen reizen. Gehandicapten wordt geen enkele mogelijkheid geboden. Daarom verwijs ik terug naar mijn opmerking aan het begin. Met een geharmoniseerd handvest voor passagiersrechten kan iedereen – inclusief mensen met een beperking – gebruik maken van reisdiensten, inclusief diensten in het kader van groepsreizen. Als dit wordt verwezenlijkt, kunnen we pas echt zeggen dat iedereen binnen de Europese Unie zich vrij kan verplaatsen.

 
  
MPphoto
 

  Silvia-Adriana Ţicău (S&D).(RO) De richtlijn pakketreizen omvat transport en accommodatie, samen met een aantal gerelateerde diensten door middel van pakketreizen. Ook worden consumentenrechten en verantwoordelijkheden van dienstverleners en doorverkopers in het toerisme omschreven.

De richtlijn uit 1990 houdt geen rekening met nieuwe ontwikkelingen zoals het kopen van pakketreizen via internet. Door toename van het internetgebruik en de opkomst van goedkope reisorganisaties kopen nu 23 procent van de Europese toeristen en 20 procent van de Europese huishoudens pakketreizen op maat via gespecialiseerde websites.

De richtlijn moet daarom worden herzien, zodat ook aanbieders van “dynamische” pakketreizen in de werkingssfeer worden opgenomen. Consumenten moeten volledig op de hoogte zijn van hun rechten en hoe deze door ieder aanbod gegarandeerd worden, zowel voor de volledige pakketreis als voor iedere individuele component.

Ik vind het ook belangrijk dat websites die reisdiensten aanbieden geaccrediteerd worden. Hierdoor wordt mede gegarandeerd dat de identiteit van de toeristische dienstverlener kan worden vastgesteld en dat hij daardoor verantwoordelijk kan worden gesteld voor de geleverde informatie en diensten.

Het door de Commissie in januari 2009 gepubliceerde onderzoek naar pakketreizen op verzoek – bekend als “dynamische pakketten” – geeft aan dat het aandeel van op internet gekochte pakketreizen met twaalf procent is gestegen in 2009, hoewel hun waarde slechts 25 procent bedraagt van het totale bedrag aan verkochte toeristische diensten. 66 procent van de internettransacties zijn directe aankopen via de websites van luchtvaartmaatschappijen, reisbureaus of specialistische websites met last minute-aanbiedingen.

Toeristen geven de voorkeur aan dynamische pakketten vanwege de grotere flexibiliteit, lagere prijzen en hogere kwaliteit in vergelijking met traditionele pakketreizen, of omdat ze geen traditionele pakketreizen vinden die aan hun eisen voldoen. Bovendien kunnen de dynamische pakketreizen alleen via internet betaald worden.

Echter, ongeveer 70 procent van de klachten die het Europese Netwerk van consumentencentra afgelopen jaar heeft ontvangen had te maken met toerisme, en werden veroorzaakt door incorrecte en onvolledige informatie voorafgaand aan en tijdens de reis, diensten die onder het geadverteerde niveau lagen, geannuleerde of vertraagde vluchten en zelfs het niet leveren van de aangeschafte diensten.

Daarom acht ik het belangrijk en noodzakelijk om deze richtlijn te herzien.

Dank u wel.

 
  
MPphoto
 

  Malcolm Harbour (ECR).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil de commissaris heel erg bedanken, zowel namens onze fractie als namens de voorzitter van de Commissie interne markt en consumentenbescherming, omdat hij vanavond zo tijdig voor ons is verschenen, en ook omdat hij zo snel antwoord heeft gegeven op de mondelinge vraag van mijn commissie op 3 december, waarin een aantal punten werd genoemd waarop hij heel uitgebreid heeft geantwoord.

Ik denk dat we nu wat tijd hebben, want de Commissie is nu bezig haar ideeën te verzamelen, en daarbij zullen mijn commissie en, daar ben ik zeker van, de Commissie vervoer en toerisme, waarvan hier ook vertegenwoordigers aanwezig zijn, samen willen nadenken over veel van de zaken die u naar voren hebt gebracht, en hoe zich dit verder gaat ontwikkelen.

Gezien de aard van en de verandering in de hele reis- en vakantiesector en gezien veel zaken die vanavond door collega's naar voren zijn gebracht, denk ik dat de nieuwe richtlijn duidelijk toekomstbestendig moet worden gemaakt, maar dat betekent dat hij niet al te rigide mag zijn waar het gaat om het anticiperen op consumentenbehoeften.

Eén ding waarover de Commissie volgens mij echter wel moet nadenken, is dat er andere aspecten zijn waaraan consumenten moeten denken wanneer ze online shoppen voor een reis; kwesties met betrekking tot de veiligheid van het hotel, als ze jonge kinderen hebben, een veilig zwembad bijvoorbeeld, of de brandveiligheid van het hotel, waarvoor mijn commissie eerder al veel werk heeft verzet. We hebben op dat gebied een aantal goede indicatoren en indexen nodig. Dat kan gebeuren via vrijwillige overeenkomsten, maar ik vind dat dit een breed en ambitieus voorstel moet zijn. Ik krijg hieruit het gevoel dat dit is wat u graag zou willen doen, en ik denk dat mijn commissie u volledig zou steunen als u met zo'n voorstel zou komen.

 
  
MPphoto
 

  Philip Claeys (NI). - Voorzitter, dit is nu zo'n dossier waar de Europese Unie wel degelijk een concrete meerwaarde kan betekenen door een vorm van bescherming te bieden aan de miljoenen mensen in de Europese Unie die in Europa op vakantie gaan en reizen boeken. Grensoverschrijdende problemen vergen een grensoverschrijdende strategie en aanpak.

We zijn het er hier allemaal over eens dat de richtlijn uit 1990 hopeloos voorbijgestreefd is. Twintig jaar geleden kozen de meeste mensen een reis via de reisbrochure en gingen ze vervolgens hun reis boeken in een plaatselijk reisbureau. Vandaag is het zo dat meer en meer mensen zelf hun vakantie samenstellen en dat ze nog een reis boeken via het internet. Daarnaast zijn er ook relatief nieuwe fenomenen gekomen, zoals de opkomst van de low cost carriers in de luchtvaart en de groei van de cruise-industrie bijvoorbeeld.

Welnu, wat moet er volgens mij zeker in die nieuwe richtlijn komen? Ten eerste een bepaling van de werkingssfeer van de richtlijn. Kortom, welke soorten pakketreizen worden gedekt? Ten tweede moet er een precieze bepaling komen van de juridische aansprakelijkheid en - last but not least - moet er een doorgedreven bescherming zijn van de consumenten bij ondernemersfaillissementen. Pas als die zaken waterdicht geregeld worden, is de herziening geslaagd en zijn de miljoenen consumenten in de Europese Unie beter beschermd.

 
  
MPphoto
 

  David Casa (PPE). – (MT) Ik wil graag van de mogelijkheid gebruik maken om commissaris Dalli hier tijdens zijn eerste zitting in dit Parlement te verwelkomen. Zoals eerder is vastgesteld, is er de afgelopen jaren een aanzienlijke afname in het aantal reisboekingen via reisbureaus en een toename in het aantal pakketreizen via internet. Wat consumenten zich niet realiseren, is dat pakketreizen die online zijn geboekt beperkte bescherming bieden die veel lager is dan de bescherming die reisbureaus bieden. Aan de andere kant zitten er aan pakketreizen door reisbureaus extra kosten vast zodat ze in overeenstemming zijn met deze richtlijn, terwijl voor reizen die online zijn geboekt deze kosten niet gelden. Om die redenen denk ik dat deze richtlijn er niet in slaagt consumenten te beschermen en het brengt onevenwichtigheid teweeg tussen touroperators in de reisbranche. Om ervoor te zorgen dat dit doorgaat, roep ik de Commissie op om gelijke bescherming op alle pakketreizen te bieden ongeacht waar deze zijn geboekt, om zo consumentenrechten te beschermen die naar mijn idee uitermate belangrijk zijn voor de commissaris. In het licht van de herziening van de richtlijn moeten de definities en de terminologie daarom opgehelderd en bijgewerkt worden, waaronder de definitie van de consument, de verkoper, de reisorganisator en essentiële contractuele termen en tevens, zoals eerder is gezegd, de werkingssfeer van de richtlijn zelf. Naar mijn mening moet alleen de reisorganisator de richtlijn naleven, ongeacht de wijze waarop de pakketreis is verkocht, ofwel rechtstreeks ofwel via een bureau. De reisorganisator moet de entiteit vormen die ten minste één van de diensten van de pakketreis uit zijn naam verkoopt of te koop aanbiedt en die op ongeacht welke manier toegang verschaft tot de andere diensten van de pakketreis. Dit geeft denk ik duidelijk weer hoe commissaris John Dalli in mijn ogen de komende jaren te werk zal gaan. Dit toont duidelijk aan hoe de consument alle rechten zal krijgen die hij verdient.

 
  
MPphoto
 

  Olga Sehnalová (S&D). - (CS) Geachte commissaris, dames en heren. Met de herziening van de richtlijn pakketreizen wordt beoogd in te spelen op talrijke uitdagingen in de toerismesector, met name de opkomst van nieuwe technologieën en alle verstrekkende gevolgen van dien voor de wijze van communiceren en de verkoopmethodes in deze sector. Internetverkoop is het belangrijkste voorbeeld hiervan en bovendien een van de nieuwe ontwikkelingen die ten grondslag lagen aan de stormachtige opkomst van goedkope vliegmaatschappijen. Elke uitdaging kent haar kansen en bedreigingen. De kansen liggen in een grotere flexibiliteit en toegankelijkheid van de dienstverlening voor de klant; de bedreigingen wellicht in tekortschietende consumentenbescherming.

Een aantal maanden geleden heeft de Commissie vervoer en toerisme een vraag ingediend bij de Commissie naar aanleiding van de toen bij bosjes omvallende goedkope luchtvaartmaatschappijen. We waren toen als gevolg van al die faillissementen getuige van talloze passagiers die zonder enige middelen op vliegvelden aan hun lot overgelaten werden en voor wie het uitermate moeilijk was om linksom of rechtsom naar huis terug te keren. Dit is slechts een van de vele voorbeelden van tekortschietende consumentenbescherming, casu quo bescherming van vliegtuigpassagiers. De Commissie dient dan ook binnen afzienbare tijd met een oplossing te komen waarmee op doeltreffende wijze, ten faveure van de consument en het vertrouwen in de sector op de lange termijn, op dergelijke situaties ingespeeld kan worden. Over enkele maanden begint het vakantieseizoen weer en ik denk dat er hier niemand onder ons te vinden is die graag de problemen zoals vorig jaar met het faillissement van de vliegtuigmaatschappij SkyEurope nog weer eens dunnetjes overgedaan ziet worden.

De raadpleging door de Commissie inzake deze richtlijn heeft echter nog een ander onderwerp aan de oppervlakte gebracht. De gemeenschappelijke noemer daarvan is “noodzaak tot versterking van de consumentenbescherming”, met name verbetering van de geïnformeerdheid van klanten over de daadwerkelijke voorwaarden en de prijs van de door hen aangekochte diensten.

Tot slot zou ik graag nog een algemene opmerking willen plaatsen met betrekking tot de openbare raadplegingen door de Europese Commissie over uiteenlopende onderwerpen. Ik acht het van uitermate groot belang dat - willen we daadwerkelijk inzicht hebben in het volledige spectrum aan meningen over een bepaald onderwerp - deze openbare raadplegingen in alle talen van de lidstaten van de Europese Unie uitgevoerd worden. In die zin zijn het de EU-burgers die klanten zijn met recht op informatie en waarvoor de herziening van de richtlijn pakketreizen bedoeld is.

 
  
MPphoto
 

  Jacqueline Foster (ECR).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil alleen commentaar leveren op het derde punt van de mondelinge vraag van vanavond over faillissementen van luchtvaartmaatschappijen.

Een recente resolutie in dit Huis heeft verzocht om de instelling van een garantiefonds dat wordt gebruikt om passagiers te compenseren in geval een luchtvaartmaatschappij failliet gaat. De instelling van zo'n fonds zou echter onvermijdelijk moeten worden gefinancierd door de consument, wat betekent dat passagiers nog meer voor hun tickets zouden moeten betalen. In dit stadium is dit een onnodige stap die de lange lijst van bestaande luchthavenbelastingen, veiligheidsheffingen en andere heffingen die ze al moeten betalen, alleen nog maar langer zou maken.

De Commissie zou er bovendien voor moeten zorgen dat de nationale luchtvaartautoriteiten en de regelgevers zich houden aan de bestaande verplichtingen, zoals het regelmatig uitvoeren van controles van de financiële situatie van luchtvaartmaatschappijen en het uitoefenen van hun recht om exploitatievergunningen van luchtvaartmaatschappijen in te trekken voordat er sprake is van liquidatie. We vragen de Commissie om nu krachtdadig door te gaan op deze weg.

Tot slot verzoek ik de Commissie om andere opties na te streven die passagiers in dit opzicht zouden kunnen beschermen, met inbegrip van het verstrekken van verplichte informatie over risico's, verzekeringsopties en andere beschermingsmechanismen.

 
  
MPphoto
 

  Jim Higgins (PPE).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik denk dat we allemaal hebben geapplaudisseerd toen de voormalige commissaris voor consumentenbescherming op 29 augustus 2009 bekendmaakte dat de huidige richtlijn volstrekt verouderd is en niet meer past bij de problemen en de eisen van de moderne reizigers.

Waarom is de richtlijn verouderd? De redenen daarvoor zijn hier vanavond uiteengezet, maar het is de moeite waard om er nogmaals naar te kijken. De richtlijn was indertijd in orde, maar is nu zeker niet meer adequaat toegerust om het hoofd te bieden aan de moderne problemen van de reizigers.

De richtlijn houdt geen rekening met consumenten die hun vakantie zelf samenstellen, en dat is steeds meer de trend aan het worden. De richtlijn geldt niet voor consumenten die in een bepaald land wonen en kopen bij leveranciers die buiten de jurisdictie van de Europese Unie zijn gevestigd. De richtlijn bestrijkt evenmin lijndiensten, en steeds meer mensen regelen nu hun eigen pakketvakantie, dankzij het feit dat zij gemakkelijk toegang hebben tot internet.

In de afgelopen jaren is het aandeel van de vakanties dat wordt beschermd, zelfs gedaald van circa 90 procent naar circa 60 procent. Met andere woorden, de huidige maatregelen zijn niet van toepassing op onlinereisondernemingen die buitenlandse vakanties verkopen met vluchten en hotels als aparte componenten, een praktijk die door de sector wordt aangeduid met de term “dynamische pakketten”.

We zijn er trots op dat we binnen de EU veel voor elkaar hebben gekregen, en we prijzen onszelf – heel terecht – vanwege onze successen, maar wanneer je naar de huidige situatie met betrekking tot reisbescherming kijkt, heeft de Europese Unie de minst geïntegreerde markt voor reisdiensten van alle moderne handelsblokken.

Er is ook aanzienlijke verwarring over wie aansprakelijkheid accepteert en wanneer een klant dekking heeft. Iemand die een creditcard gebruikt, kan bijvoorbeeld aanvullende zekerheid verkrijgen, maar niet als de facturering plaatsvindt in bijvoorbeeld mijn eigen land, de Republiek Ierland.

En door de diversiteit van de producten die momenteel op de markt zijn, is de grens tussen luchtvaartmaatschappijen, touroperators, cruiseoperators, agentschappen enzovoort vervaagd, dus de nieuwe wetgeving is hard nodig.

Wat we nodig hebben is een sterk verbeterd, modern stuk technologie door middel van de tenuitvoerlegging van een nieuwe richtlijn die alle eventualiteiten bestrijkt. We hebben opheldering nodig, we hebben zekerheid nodig, en we hebben bescherming voor de consument nodig.

 
  
MPphoto
 

  Jacek Olgierd Kurski (ECR). - (PL) Ik steun de herziening van de richtlijn pakketreizen. Deze richtlijn is twintig jaar oud en voldoet niet meer aan de huidige realiteit.

Vandaag de dag organiseert meer dan de helft van de consumenten zelfstandig zijn reizen, en maakt hierbij vaak gebruik van het internet en aanbiedingen van goedkope vliegtuigmaatschappijen. De vorige sprekers hadden het hier reeds over. Zij wezen er echter niet allemaal op dat de werkingssfeer van de richtlijn duidelijk gedefinieerd moet zijn. Het mag niet zo zijn dat we niet weten wat er onder de richtlijn valt. Zo'n situatie is zowel voor de consument als voor de ondernemers nadelig.

Volgens mij is de uitbreiding van de richtlijn tot enkelvoudige producten of pakketten die bij verschillende leveranciers aangekocht worden, overbodig. Voor een uitbreiding van de voorschriften van de richtlijn tot dynamische pakketten van het type affiliate sales zal de consument uiteindelijk betalen in de vorm van een duurder ticket. Ik kan me niet voorstellen dat bijvoorbeeld een hotel dat onmiddellijk na aankoop van een vliegtuigticket bij WIZZ Air via WIZZ Hotels geboekt wordt, onder de voorschriften van de richtlijn zou vallen. De consument moet weten of de Europese wetgeving hem bij dit soort reizen beschermt en in welke mate. Al de rest is een zaak van de vrije markt.

Het zou een goed idee kunnen zijn om reizen die door de richtlijn gedekt worden, aan te duiden met een speciaal Europees logo.

 
  
MPphoto
 

  Hella Ranner (PPE).(DE) Mijnheer de Voorzitter, ik kom uit Oostenrijk, een land waar het toerisme altijd een bijzonder belangrijke economische factor is geweest. Bij ons heeft bijna iedereen wel iets met een vorm van toerisme te maken. Dat betekent dat dit onderwerp met name voor mijn land heel belangrijk is. Daarom ben ik heel blij dat de Commissie deze kwestie aan het begin van de zittingsperiode heeft opgepakt, en ik dank de commissaris daarvoor.

We kunnen veel makkelijker en veel vaker reizen dan vroeger. Daardoor is deze sector veel belangrijker geworden dan twintig of meer jaar geleden. Ook de mogelijkheden die internet ons biedt hebben ons reisgedrag sterk beïnvloed. Daarom is het des te belangrijker dat onze burgers, als ze ook in crisistijden een fijne vakantie kunnen betalen, tevreden terugkeren. En als er toch iets gebeurt, moeten ze tenminste een redelijk deel van hun zuur verdiende geld terugkrijgen.

Het is natuurlijk verleidelijk om via internet te boeken, dat weten we, het is tenslotte goedkoper. Wie via internet een hotel geboekt heeft wordt daar echter anders behandeld dan iemand die via een reisbureau geboekt heeft, en voor hem gelden vooral ook heel andere regels voor een eventuele schadevergoeding, maar het is moeilijk om dat de reizigers uit te leggen.

Tot slot wil ik nog een klein probleem noemen. Natuurlijk begrijpt niemand dat de touroperator in verband met de garanties heel anders wordt behandeld dan de luchtvaartmaatschappij. Die is namelijk alleen maar aansprakelijk in geval van grove nalatigheid. Iedereen die zoiets al eens heeft gehad weet dat dit een groot probleem is, dat meestal alleen maar kan worden opgelost wanneer de reiziger een uitstekende rechtsbijstandsverzekering heeft.

Daarom hoop ik van harte dat de Commissie ons een voorstel zal voorleggen waarin rekening wordt gehouden met deze problemen, en vooral met de belangen van de burgers, die juist in deze tijd recht op een vakantie zonder problemen hebben.

 
  
MPphoto
 

  Georgios Papanikolaou (PPE).(EL) Voorzitter, in deze moderne tijden is het inderdaad zo dat de wijdverbreidheid van internet het voor consumenten mogelijk maakt om nu van alles op een andere manier te plannen, zelfs de vakantie. Via internet wordt nu dus de mogelijkheid geboden om zelf de vakantie te organiseren in plaats van kant-en-klare pakketten te kopen, zoals wij dit tot nu toe gewend waren. Nu er meerdere partijen meespelen is het natuurlijk de vraag wie er verantwoordelijkheid draagt in het geval dat er door meerdere partijen een dienst wordt geleverd, en wie de consument uiteindelijk aansprakelijk kan stellen. Het is zeer terecht dat deze zaak ook door collega’s aan de kaak wordt gesteld, we moeten antwoorden vinden en de richtlijn zoals wij die vandaag kennen, moderniseren.

Ook voor Griekenland is dit van doorslaggevend belang, want zoals u weet is Griekenland een toeristische bestemming. Hoe duidelijker wij telkens een verantwoordelijke partij kunnen aanwijzen (de Griekse hotelier, het reisbureau, of wie er ook maar bij de hele procedure is betrokken) hoe betrouwbaarder al die partijen overkomen die in de toeristische sector actief zijn.

Tot slot zou ik willen zeggen dat de wettelijke bescherming van de Europese burgers van doorslaggevend belang is. Tegelijkertijd is het ook onze verantwoordelijkheid om al die mensen die voor een Europese vakantiebestemming kiezen, te informeren over de rechten die zij tot op heden al hadden, maar vooral ook om hun op de hoogte te stellen van de mazen die er zijn en van de verbeteringen die wij van plan zijn door te voeren. Dit is allemaal van belang, maar willen de burgers hun rechten kunnen uitoefenen, dan moeten ze natuurlijk wel hiervan op de hoogte zijn.

 
  
  

VOORZITTER: PÁL SCHMITT
Ondervoorzitter

 
  
MPphoto
 

  Sylvana Rapti (S&D).(EL) Voorzitter, het meeste is reeds gezegd. Graag zou ik aandacht willen vragen voor de volgende vier punten. Deze richtlijn is twintig jaar oud. Voor een meisje is twintig jaar een uitstekende leeftijd. Voor een richtlijn geldt echter dat het na twintig jaar tijd is voor een facelift.

De reden hiervoor is dat in ons leven vier zaken hun intrede hebben gedaan: een is internet. Met de komst van internet kunnen wij nu onze vakantie boeken naar de verste uithoek van de wereld zonder er nog eens over na te denken. Echter als wij daar eenmaal zijn aangekomen, constateren we wellicht dat we het misschien toch hadden moeten heroverwegen.

Het tweede punt is de prijzen. De consument is verplicht maar ook gerechtigd om te weten of de prijzen waar hij uit kan kiezen binnen het wettelijk toegestane kader vallen, dus of er geen sprake is van oneerlijke concurrentie.

Het derde punt is de kwaliteit. Een bepaald verblijf kan binnen een lidstaat worden beschouwd als uitzonderlijk goed, maar door een burger van een andere lidstaat slechts als middelmatig.

Tot slot is er nog het punt van de veiligheid. Omdat werkende mensen met veel moeite hun vakantiegeld bijeen sprokkelen, moeten wij hun een gevoel van veiligheid geven – sterker nog, daartoe zijn wij verplicht. Dit is wat wij van de nieuwe richtlijn verwachten.

 
  
MPphoto
 

  Seán Kelly (PPE).(EN) Mijnheer de Voorzitter, veel collega's hebben erop gewezen dat deze herziening noodzakelijk is, en hoe eerder hoe beter. Zij hebben met name de waarde voor de consument genoemd – en dat is volkomen correct. Dat de herziening de consument ten goede komt, betekent echter niet dat zij de sector zal treffen: zij kan zowel de sector als de consument ten goede komen.

Ik denk in het bijzonder aan het feit dat de komende paar jaar in de Europese Unie twee miljoen mensen de leeftijd van zestig jaar zullen bereiken. Dat biedt de sector een fantastische kans om in te spelen op wat deze mensen zouden willen doen op het gebied van reizen, in het bijzonder reizen zonder problemen. Als deze richtlijn alles omvat en volledige bescherming biedt, is het voor de sector een fantastische kans om de markt van zestigplussers in deze Europese Unie te ontsluiten, waar hij veel voordeel bij zou hebben. Ik denk daarom dat dit, net als de timesharingrichtlijn, kan worden gezien als een win-winsituatie voor zowel de consument als de sector.

 
  
MPphoto
 

  Karin Kadenbach (S&D).(DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de commissaris, ik heb een groot gezin, en heb na vele jaren geleerd hoe je een catalogus moet lezen. Dat is een hele kluif, en soms lukt dat zelfs de medewerkers van de reisbureaus niet. Daarom hoop ik dat deze nieuwe richtlijn mij als consument werkelijk vrije keuze garandeert. Vrije keuze heb ik namelijk alleen maar wanneer ik de aanbiedingen aan de hand van criteria met elkaar kan vergelijken.

Een van die criteria is voor mij de leeftijd van de kinderen. Alle touroperators hebben vaste prijzen voor kinderen, soms voor kinderen tot zes jaar, soms tot tien jaar, soms tot twaalf jaar. Bij sommige operators is het eerste kind minder waard dan het tweede, en het derde of vierde kind bestaat niet eens. Voor de bescherming van de consumenten, maar ook van de reisbureaus en de operators zelf, zou het belangrijk zijn dat ik als consument weet wat ik koop. Ik moet dus van tevoren goed geïnformeerd worden, aan de hand van vergelijkbare criteria.

 
  
MPphoto
 

  Catherine Stihler (S&D).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik schaar mij achter hetgeen collega's hebben gezegd over de rechten van gehandicapte reizigers, achter wat mevrouw Kadenbach heeft gezegd over kinderen, de kwestie van de brandveiligheid van hotels en, in het bijzonder, de kwestie van de sprinklerveiligheid in alle EU-hotels, en de noodzaak om het nieuwe voorstel toekomstbestendig te maken. Wie had het tempo kunnen voorspellen van de verandering die we de afgelopen twintig jaar hebben meegemaakt? Er zijn echter twee specifieke zaken die ik ter sprake wil brengen.

We hebben gehoord over de kwestie van het aanrekenen van creditcardkosten, en er is discussie over verborgen kosten. Luchtvaartmaatschappijen en reisondernemingen buiten echter het feit uit dat meer mensen hun creditcard gebruiken om te boeken vanwege de bescherming die zij genieten bij het gebruik van de kaart, door voor elk onderdeel van een reis apart creditcardkosten in rekening te brengen of door passagiers meerdere keren creditcardkosten in rekening te brengen voor één onlineboeking. Je kunt bijvoorbeeld één onlineboeking hebben, maar vier keer kosten voor het gebruik van je creditcard moeten betalen omdat je met vier passagiers reist. Commissaris, kunt u hier alstublieft naar kijken, zodat mensen worden beschermd.

En dan is er, tot slot, de kwestie van de faillissementen. In Schotland hebben we het ter ziele gaan van Globespan gezien. We moeten ervoor zorgen dat mensen worden gecompenseerd en niemand erbij inschiet. Dit is voor veel gezinnen tenslotte de grootste uitgave van het jaar, en zij verwachten dat wij hen beschermen. We moeten meer doen, dus dank u wel, commissaris.

 
  
MPphoto
 

  Zigmantas Balčytis (S&D). – (LT) De afgelopen twee decennia heeft de reisbranche zich op zeer dynamische wijze ontwikkeld. Steeds meer mensen boeken hun eigen arrangementen door diensten van verschillende reisorganisatoren en dienstverleners aan te schaffen. De bepalingen van de richtlijn die momenteel van kracht is, gelden echter niet voor deze nieuwe pakketreizen, wat betekent dat onze burgers zonder geschikte bescherming reizen. Tijdens de herziening van de richtlijn is het denk ik noodzakelijk om de werkingssfeer ervan nauwkeuriger vast te stellen en we mogen niet instemmen met onbuigzame regels waardoor onze burgers zonder de juiste bescherming komen te zitten. Daarnaast moet de aansprakelijkheidskwestie worden opgelost in die gevallen dat luchtvaartmaatschappijen of reisaanbieders failliet gaan. In de afgelopen tien jaar zijn meer dan zeventig luchtvaartmaatschappijen failliet gegaan en hebben ze reizigers in de kou laten staan. Ik vind daarom dat deze kwestie nadrukkelijk besproken moet worden op het moment dat we de bepalingen van de richtlijn herzien.

 
  
MPphoto
 

  John Dalli, lid van de Commissie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik heb met grote belangstelling geluisterd naar de zienswijzen van de geachte afgevaardigden. Velen van u hebben de richting bevestigd die door de Commissie is gekozen. Anderen hebben veel punten onderstreept en benadrukt waarvan we nota hebben genomen om ervoor te zorgen dat er in de overwegingen en discussies die we zullen hebben over de herziening van de richtlijn, met dit alles rekening wordt gehouden. Ik wil u graag verzekeren dat de Commissie deze kwesties heel serieus neemt en vastbesloten is om de beste oplossingen te vinden voor de weg voorwaarts.

We bevinden ons nu midden in een raadplegingsproces. We zijn bezig de feedback te analyseren die we hebben verzameld uit de recente online openbare raadpleging. Consumenten, bedrijven, organisaties en lidstaten hebben allemaal bijgedragen. Ik kan u voorts mededelen dat de Commissie op 22 april 2010 een workshop voor belanghebbenden houdt. Deze workshop zal zich concentreren op mogelijke beleidsopties voor de herziening van de richtlijn pakketreizen, met inbegrip van alle kwesties die in dit debat zijn genoemd. Ik moet benadrukken dat het nu nog te vroeg is om een besluit te nemen over de te volgen weg. Het is noodzakelijk dat de effectbeoordelingsprocedure wordt geëerbiedigd. Ik ben evenwel vastbesloten dat elke actie zich moet richten op het waarborgen van een hoog niveau van bescherming voor de burgers van de EU.

Voordat ik afsluit, wil ik nogmaals alle aanwezigen bedanken voor hun bijdragen aan dit debat. Hartelijk dank.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

 
Laatst bijgewerkt op: 4 juni 2010Juridische mededeling