Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : O-0024/2010

Ingediende teksten :

O-0024/2010 (B7-0205/2010)

Debatten :

PV 19/04/2010 - 17
CRE 19/04/2010 - 17

Stemmingen :

Aangenomen teksten :


Debatten
Waarschuwing
Maandag 19 april 2010 - Straatsburg Uitgave PB

17. Veiligheid van de luchtvaart: Europese zwarte lijst van luchtvaartmaatschappijen (debat)
Video van de redevoeringen
PV
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. - Aan de orde is de mondelinge vraag (O-0024/2010) van Brian Simpson, namens de Commissie TRAN, aan de Commissie: Veiligheid van de luchtvaart. toepassing van de verordening inzake een zwarte lijst van de EU (EG nr. 2111/2005) (B7-0205/2010).

 
  
MPphoto
 

  Silvia-Adriana Ţicău, namens de auteur. – (EN) Mevrouw de Voorzitter, de vraag is namens de Commissie vervoer en toerisme van het Parlement ingediend door Brian Simpson naar aanleiding van het verslag van de Commissie over de doelmatigheid van de zwarte lijst van de EU. De zwarte lijst van de EU is in 2006 ingesteld om de luchtvaartmaatschappijen die niet voldoen aan de internationale veiligheidsregels, aan de kaak te stellen en een exploitatieverbod op te leggen. De lijst is opgezet in antwoord op de zorgen die er leven over het niveau van de handhaving van de internationale veiligheidsnormen en na een aantal fatale vliegtuigongelukken in korte tijd in 2004 en 2005.

Vier jaar later weten we dat de zwarte lijst heeft bewezen een effectief en waardevol instrument te zijn in de bevordering van de handhaving van de veiligheidsnormen van de ICAO en in de bescherming van de burgers van de EU. De vraag waar we vandaag voor staan, is hoe we nu hierop kunnen voortbouwen. Met andere woorden, hoe kunnen we de bescherming uitbreiden tot buiten onze eigen grenzen en hoe kunnen we verder werken aan het doel van verbetering van de veiligheid in de mondiale luchtvaart? De zwarte lijst heeft niet alleen de verantwoordelijkheid om te identificeren waar de veiligheidsrisico's liggen, maar ook om ervoor te zorgen dat deze informatie doelmatig wordt doorgegeven aan de burgers van de EU. Hoe kunnen we, in het verlengde daarvan, ervoor zorgen dat de Europese burgers die een vlucht naar een bestemming buiten Europa nemen, weten welke luchtvaartmaatschappijen die een exploitatieverbod opgelegd hebben gekregen, actief blijven in andere delen van de wereld?

Hoe kunnen we, indien de vergunning van een luchtvaartmaatschappij is ingetrokken en de luchtvaartmaatschappij daardoor niet op de zwarte lijst staat, ervoor zorgen dat passagiers op de hoogte zijn van deze situatie? We hebben gezien hoe effectief het samenbrengen van verschillende nationale zwarte lijsten in één uitgebreide Europese lijst is. De zwarte lijst is echter zo goed als onze toegang tot informatie over de veiligheid van luchtvaartmaatschappijen is. Hoe kunnen we bouwen op de informatie die de basis vormt van de zwarte lijst, door de toegang tot verifieerbare en betrouwbare informatie te verbeteren? Dit betekent dat we niet alleen moeten kijken naar versterking van de controles die in de lidstaten van de EU worden uitgevoerd, maar dat we ook de gegevens moeten beoordelen die worden ontvangen uit landen buiten de Europese Unie.

Zou de Commissie willen nadenken over de vaststelling en rapportage van geharmoniseerde en gestandaardiseerde platforminspecties? Is de Commissie, op het punt van de verbetering van de gegevens die uit derde landen worden ontvangen, bereid om een effectief systeem op te zetten voor de internationale uitwisseling van betrouwbare gegevens, waardoor we een stap dichter bij een soort van wereldwijde zwarte lijst komen, die, naar ik weet, in het verleden al aan de orde is geweest? Het is voorts de moeite waard erop te wijzen dat de zwarte lijst heeft bewezen een effectief instrument te zijn om luchtvaartmaatschappijen aan te moedigen om aan de internationale veiligheidsnormen te voldoen. Maar hoe kunnen we proactiever werken aan het uiteindelijke doel van verbetering van de veiligheid in de mondiale luchtvaart? Hiermee bedoel ik: hoe is de Commissie van plan om nationale burgerluchtvaartautoriteiten te steunen bij het aanpakken van de veiligheidstekortkomingen op basis van ICAO-controles en bij het verbeteren van hun toezichtscapaciteit?

Het is cruciaal dat we zorgen voor doelmatige communicatiekanalen met het publiek, maar het is ook van essentieel belang dat we op de lange termijn in de hele wereld blijven werken aan de bevordering van de handhaving van de internationale veiligheidsnormen in de luchtvaart. Dit zal uiteindelijk de doelmatigste manier zijn om de veiligheid voor alle passagiers te verbeteren. De Commissie vervoer en toerisme van het Europees Parlement kijkt ernaar uit om met de Commissie samen te werken om de successen van de Europese zwarte lijst te helpen uitbouwen.

 
  
MPphoto
 

  Andris Piebalgs, lid van de Commissie.(EN) Mevrouw de Voorzitter, ik bedank mevrouw Ţicău voor haar zeer positieve evaluatie van de aanpak van de zwarte lijst. De Commissie is ervan overtuigd dat de bestaande maatregelen het publiek al een zeer hoog niveau van informatieverstrekking en rechten bieden voor vluchten binnen en buiten de Europese Unie.

De lijst van luchtvaartmaatschappijen die een exploitatieverbod opgelegd hebben gekregen binnen de Europese Unie, wordt op het internet en door gerichte informatiecampagnes breed beschikbaar gesteld aan het publiek. De Commissie onderhoudt nauwe contacten met Europese en internationale verenigingen van reisagenten, iedere keer wanneer de lijst wordt bijgewerkt. Dit stelt hen in staat om passagiers zo goed mogelijk te helpen.

Nationale burgerluchtvaartautoriteiten en luchthavens op het grondgebied van de lidstaten zijn verplicht om de Europese lijst onder de aandacht van passagiers te brengen, zowel via hun websites als, voor zover van toepassing, op hun terreinen.

De lijst verstrekt mensen die naar bestemmingen buiten de Europese Unie willen reizen, nuttige informatie op basis waarvan zij kunnen voorkomen dat ze met een van deze luchtvaartmaatschappijen reizen. De lijst heeft geen extraterritoriale werking – hij is niet van toepassing buiten de Europese Unie. De verordening stelt daarom het recht van passagiers vast om de identiteit te kennen van iedere luchtvaartmaatschappij waarmee ze gedurende hun reis vliegen. De contracterende vervoerder – of de reisagent of touroperator – is verplicht om passagiers bij de reservering te informeren over de identiteit van de luchtvaartmaatschappij of luchtvaartmaatschappijen waarmee de vlucht daadwerkelijk wordt uitgevoerd. De passagier moet tevens op de hoogte worden gehouden van alle wijzigingen van de uitvoerende luchtvaartmaatschappij, bij het inchecken of uiterlijk bij het aan boord gaan. De verordening geeft passagiers ook het recht op een vergoeding of op omboeking als een luchtvaartmaatschappij waarbij is geboekt, na de boeking op de zwarte lijst wordt geplaatst, waardoor de vlucht in kwestie wordt geannuleerd.

Er worden verschillende informatiebronnen gebruikt om toe te zien op de naleving van de internationale veiligheidsnormen door luchtvaartexploitanten en om deze naleving te beoordelen, namelijk de veiligheidscontroles die worden uitgevoerd door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie, de informatie die wordt verstrekt door bevoegde autoriteiten van derde landen, de informatie die wordt verstrekt door het Europees Agentschap voor de Veiligheid van de Luchtvaart in het kader van zijn inspecties en onderzoeken binnen de Europese Unie of technische missies buiten de Europese Unie, de resultaten van de platforminspecties die worden uitgevoerd voor vliegtuigen of luchtvaartmaatschappijen op Europese luchthavens in het kader van het Programma voor de veiligheidsbeoordeling van buitenlandse luchtvaartuigen, volgens de eisen van de toepasselijke EU-voorschriften, en tot slot, bevestigde informatie over ongelukken die afkomstig is uit onderzoeksrapporten over ongelukken of ernstige incidenten.

Ik moet ook zeggen dat de Europese Commissie in dit stadium geen volledige lijst heeft van landen die vergelijkbare wetgeving hebben, maar diverse staten – de Republiek Korea, Bahrein en het Koninkrijk Saoedi-Arabië – passen dezelfde beperkingen toe als die in de Europese lijst staan gepreciseerd.

Ik kan bevestigen dat de Commissie bereid is om met het Parlement samen te werken, teneinde de wetgeving inzake de zwarte lijst werkelijk te verbeteren, maar zij voorziet al in broodnodige veiligheid in de lucht.

 
  
MPphoto
 

  Christine De Veyrac, namens de PPE-Fractie. (FR) Mevrouw de Voorzitter, ik was de rapporteur over deze verordening, nu bijna vijf jaar geleden, en ik constateer tot mijn genoegen dat we een goed functionerend systeem in gang gezet hebben, dat in de loop van de jaren zelfs nog verder is uitgebreid. Het verslag van de Commissie over de toepassing van de verordening inzake een "zwarte lijst" lijkt mij volledig, en er staan interessante ideeën in. Ik sta in het bijzonder achter het idee van een internationale zwarte lijst, omdat dat de enige manier is om het veiligheidsniveau van vliegtuigen wereldwijd te harmoniseren.

Ik heb wel nog enkele vragen aan de Commissie. Ten eerste zou ik willen weten hoe het recht op verdediging geregeld is indien niet één bepaalde luchtvaartmaatschappij een verbod krijgt opgelegd, maar alle luchtvaartmaatschappijen van een land. Worden al deze luchtvaartmaatschappijen dan gehoord, of uitsluitend de burgerluchtvaartinstantie van het betreffende land? En hoe kunnen de luchtvaartmaatschappijen die wél veilig zijn, zorgen dat ze niet op die zwarte lijst terechtkomen?

Een ander belangrijk punt vind ik de vraag hoe de vliegtuigen worden gecontroleerd. Gaat de Commissie alle vliegtuigen controleren van een maatschappij die op de zwarte lijst geplaatst is of waarvan de vergunning is ingetrokken, om er toezicht op te houden dat deze vliegtuigen niet onder een andere naam weer vluchten gaan uitvoeren? Heeft de Commissie er in dit verband zicht op, welke landen als goedkope vlag functioneren en onderdak bieden aan verboden luchtvaartmaatschappijen, die zich op die manier onder een andere naam in een ander land kunnen vestigen? Weet de Commissie daarnaast, wat betreft maatschappijen die op de zwarte lijst geplaatst zijn, op welke manier reisbureaus en andere aanbieders van vliegtuigtickets de passagiers op de hoogte hebben gesteld en hen schadeloos hebben gesteld of andere oplossingen hebben aangeboden?

Tot slot, voordat ik ga afronden, nog een vraag over een concreet geval: verschillende Parlementsleden, waaronder ikzelf, hebben van verschillende kanten een - kan men gerust stellen - nogal dringend verzoek gekregen over het geval van Indonesië - een land waarvan van alle maatschappijen de vergunning is ingetrokken - om er bij de Commissie op aan te dringen Indonesië van de zwarte lijst af te halen. Ik vind deze druk misplaatst, omdat commerciële motieven nooit een reden mogen zijn om het leven van passagiers in de waagschaal te stellen. Ik zou graag weten hoe de toestand in Indonesië momenteel is en of het land, dat al jaren op de zwarte lijst staat, stappen genomen heeft om iets te doen aan de gebrekkige veiligheid waarvan het beschuldigd werd.

 
  
MPphoto
 

  Saïd El Khadraoui, namens de S&D-Fractie. Voorzitter, commissaris, collega's, het is uiteraard een beetje surrealistisch om een debat te hebben over de zwarte lijst op een moment dat hele luchtvaart in Europa in een chaos verwikkeld zit, maar ik heb begrepen dat we morgen de kans krijgen om een actualiteitendebat te houden en dat zullen we dan ook doen.

De zwarte lijst op zichzelf is een belangrijk thema en we mogen zeggen dat het een succes is geworden, onder meer ook dankzij de impuls van mevrouw de Veyrac, die daar inderdaad een aantal jaren geleden hard aan heeft gewerkt. We moeten verder bouwen en lering trekken uit de ervaringen die we hebben opgedaan. Op een aantal vlakken zijn er nog wat extra inspanningen nodig.

Ten eerste op vlak van communicatie met de passagiers. Het klopt dat passagiers moeten geïnformeerd worden als zij ergens, via een reisbureau of zo, een vliegtuig zouden nemen dat op een zwarte lijst staat, maar vaak is het zo dat passagiers pas ter plekke beslissen of zij een binnenlandse vlucht nemen. Mijn voorstel zou dus zijn om te onderzoeken of het niet mogelijk is dat reisbureaus en luchtvaartmaatschappijen die reizen boeken naar landen waar er onveilige maatschappijen zijn, of onveilige toestellen zijn, de passagiers automatisch informeren, ook al staan zij zelf natuurlijk niet op die zwarte lijst. Daarover moeten we eens nadenken.

Een tweede element is helpen vermijden dat er toestellen, luchtvaartmaatschappijen en landen aan die zwarte lijst worden toegevoegd. Op vlak van bijstand van capaciteitsopbouw in derde landen en zeker en vast in de armste landen zou de Europese Unie veel meer hulp kunnen bieden, knowhow aanleveren en ervoor zorgen dat de luchtvaartautoriteiten ook beschikken over de nodige capaciteit om dat op te lossen. Een punt dat aangehaald werd door mevrouw de Veyrac is natuurlijk de misleiding. Hebben we met zekerheid een waterdicht systeem? Zijn er geen gaten hier en daar waardoor luchtvaartmaatschappijen uit een land dat op de zwarte lijst staat toch via andere landen, eilandjes gaan opereren? Daar zijn voorbeelden van gekend.

Ten laatste vind ik ook dat we zouden moeten evolueren naar een wereldwijde zwarte lijst. Ik zou van u willen vernemen welke inspanningen u ondernomen heeft om bijvoorbeeld op vlak van de ICAO met collega's uit andere landen te komen tot een dergelijke lijst.

 
  
MPphoto
 

  Gesine Meissner, namens de ALDE-Fractie. – (DE) Mevrouw de Voorzitter, op dit moment staat in de luchtvaart alles stil, dat is net al gezegd. Binnenkort moeten we bespreken hoe we daar hulp kunnen bieden. Wanneer we de financiële kant van de zaak bekijken is zelfs te vrezen dat luchtvaartmaatschappijen binnenkort nog grotere problemen krijgen. Dat mag natuurlijk geen gevolgen hebben voor de veiligheid.

Hier gaat het over de veiligheid van de passagiers in de Europese luchtvaart. Voor ons in Europa is het een groot goed dat we van het vrije verkeer kunnen profiteren, en dat we als consument vrij kunnen beslissen hoe we ons willen voortbewegen, bij welke luchtvaartmaatschappijen we willen boeken, en bij welke niet. Om vrij te kunnen beslissen moet de consument de nodige informatie natuurlijk wel kunnen krijgen.

We hebben net gehoord dat deze zwarte lijst al sinds 2006 bestaat, en dat de passagier in principe zou kunnen weten of hij wel of niet veilig zal landen. Voor mij is de vraag werkelijk – en dat hebben mevrouw De Veyrac en de heer El Khadraoui net al min of meer gezegd – of er misschien lacunes in het systeem bestaan, of we alle informatie over de veiligheid die we nodig hebben, werkelijk krijgen. We willen gewoon dat alle passagiers in Europa veilig vliegen en heelhuids landen.

Voor de veiligheid is uiteindelijk ook relevant of een luchtvaartmaatschappij financieel draagkrachtig is. De luchtvaartmaatschappijen moeten regelmatig bij hun nationale instanties een vergunning aanvragen om in het Europese luchtruim te mogen vliegen, en daarbij wordt niet alleen maar vastgesteld of ze werkelijk voldoen aan hun verplichtingen in verband met de veiligheid, of ze alle nodige checks verrichten en de passagiers veilig kunnen vervoeren, maar ook of ze financieel draagkrachtig genoeg zijn om gedurende een langere periode in de vervoerssector overeind te blijven. Voor zover ik weet heeft er tot nu toe nog nooit een Europese luchtvaartmaatschappij op een zwarte lijst gestaan. Vorig jaar hebben we echter wel het incident met SkyEurope gehad. Europese burgers hadden bij een Europese luchtvaartmaatschappij geboekt, maar ze wisten niet dat die maatschappij kort voor het faillissement stond. Ze zijn vertrokken, maar zijn toen blijven steken, en hadden dus geen informatie die ze had kunnen beschermen.

De Commissie heeft gezegd dat ze over de informatie beschikte en die gepubliceerd heeft, wat ook verplicht was, maar de vraag is volgens mij waarom dit de facto niet bekend was. Hebben we echt de nodige garanties dat alles wat de passagiers moeten weten daadwerkelijk altijd wordt doorgegeven? Ik zou nog tijdens dit debat graag een antwoord op die vraag willen krijgen.

 
  
MPphoto
 

  Eva Lichtenberger, namens de Verts/ALE-Fractie. – (DE) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer de commissaris, het Parlement heeft heel wat initiatief aan de dag gelegd toen we die zwarte lijst indertijd wilden invoeren. We zijn verantwoord te werk gegaan, en hebben vooral gelet op maximale veiligheid voor de passagiers. We moeten ons echter afvragen of we daarin met de huidige regels wel echt in geslaagd zijn, en ook dat moeten we nu bespreken.

Allereerst zou ik de volgende vraag willen stellen: de informatie is via internet toegankelijk, maar niet bij alle luchtvaartmaatschappijen is dat even makkelijk. Ik heb dat zelf uitgeprobeerd, die informatie vind je niet zo snel, bijvoorbeeld wanneer het vluchten zijn die een verdere bestemming in een derde land hebben, dan wordt het moeilijk.

Mijn tweede vraag luidt: hoe zijn de ervaringen met de wet leasing? Dat zou mij interesseren. Indertijd bestond de vrees dat dit de deur zou openzetten voor niet al te betrouwbare ondernemingen. Is dat gebeurd?

Een derde punt, dat heel belangrijk is: heeft deze zwarte lijst een preventief effect op de luchtvaartmaatschappijen, met name op niet-Europese luchtvaartmaatschappijen? Houden ze zich beter aan de veiligheidsvoorschriften? En hoe werkt de selectieve vergunning wanneer een luchtvaartmaatschappij met slechts een paar vliegtuigen op Europa mag vliegen?

 
  
MPphoto
 

  Ryszard Czarnecki, namens de ECR-Fractie. (PL) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer Piebalgs, ik hoop – maar ik ben er lang niet zeker van – dat de gevolgen van de vulkaanuitbarsting in IJsland niet zomaar op de Europese passagiers zullen worden afgeschoven. Ik doel in dit verband op de prijzen van vliegtickets. Zoals u terecht opmerkt, zullen deze onderbrekingen in het luchtvervoer waarschijnlijk door hogere ticketprijzen worden gecompenseerd. Het is van groot belang dat we dit aspect benadrukken om de belangen van de Europese consumenten te verdedigen. Het Europees Parlement buigt zich voor de zoveelste keer over deze kwestie. Dit maakt duidelijk hoeveel belang wij aan dit probleem hechten. Ik heb hier enkele maanden geleden ook al over gesproken. Velen van u hebben toen het woord gevoerd. Ik herinner me ook nog goed dat we tijdens de vorige zittingsperiode heel open over deze kwestie hebben gepraat. Na alles wat reeds is gezegd, zou ik een persoonlijke opmerking willen maken. Een journalist van de meest invloedrijke Poolse krant stelde mij onlangs de volgende vraag: "Wat doen jullie daar eigenlijk in het Europees Parlement? Dit is toch een totaal onbelangrijke kwestie." Nu pas worden de media zich er geleidelijk van bewust dat dit een erg belangrijk vraagstuk is, dat het om een veiligheidsprobleem gaat, om een kwestie die essentieel is met het oog op de belangen van de Europese burgers, belastingbetalers, kiezers en consumenten.

Het is niet normaal dat we weten hoe de zwarte lijst van de Europese Unie er uitziet, maar dat we niet weten hoe de situatie buiten de Europese Unie is. Dit is een volkomen schizofrene situatie.

Ik zou nog een laatste en zeer belangrijk punt willen aanstippen. Het mag niet zo zijn dat de Europese passagiers extra moeten betalen voor veiligheid. Dat is per slot van rekening de taak van staten en regeringen.

 
  
MPphoto
 

  Mathieu Grosch (PPE).(DE) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer de commissaris, het Parlement heeft tijdens de vorige zittingsperiode dankzij mevrouw De Veyrac en haar collega’s met de zwarte lijst eigenlijk een fraai resultaat geboekt.

Op de zwarte lijst kunnen luchtvaartmaatschappijen, landen of vliegtuigen staan, en ik denk dat de Commissie de vragen hierover nauwkeuriger moet beantwoorden, vooral de vraag hoe de inspraak van de luchtvaartmaatschappijen in de verschillende landen geregeld is, en hoe de procedure voor individuele vliegtuigen er precies uitziet.

Ook de verdere ontwikkeling is voor ons belangrijk. We hebben een aantal jaren geleden tijdens een debat duidelijk gemaakt dat het voor ons belangrijk blijft dat de Commissie de follow-up van deze wetsteksten en maatregelen blijft verbeteren door middel van mededelingen, althans aan het adres van het Parlement. Voor ons zijn een aantal vragen namelijk nog niet beantwoord, bijvoorbeeld hoe de controle op luchtvaartmaatschappijen en vliegtuigen eruitziet die plotseling misschien een andere naam hebben gekregen. Juist nu worden er vaak op het laatste moment besluiten genomen, en dat moet transparant verlopen.

Dat brengt mij tot het punt dat voor mij het belangrijkst is: de informatie. Alle leden uit waarschijnlijk alle fracties zijn het erover eens dat de burgers en de passagiers er recht op hebben dat de luchtvaartmaatschappijen de zwarte lijsten systematisch publiceren, dat zou verplicht moeten zijn. Die informatie moet op de luchthavens zonder meer beschikbaar zijn, en natuurlijk ook in de reisbureaus, met name als het gaat om “bepaalde landen”, waarvan we nu al weten dat ze problemen veroorzaken. Wanneer de reisbureaus een passagier omboeken moeten ze erop wijzen welke luchtvaartmaatschappijen problematisch zijn.

Wij willen bereiken dat deze maatregel, die de veiligheid eigenlijk nu al heeft verhoogd, niet alleen geldt voor Europese passagiers en voor Europa, maar voor de hele wereld.

 
  
MPphoto
 

  Fiona Hall (ALDE).(EN) Mevrouw de Voorzitter, ik wil graag een onderwerp ter sprake brengen dat nauw samenhangt met de veiligheid in de luchtvaart en dat de noodzaak onderstreept de Europese zwarte lijst zo doelmatig mogelijk te doen functioneren.

In december 2008 heeft de Raad definitief de Gedragscode van de Europese Unie betreffende wapenuitvoer vastgesteld. Deze code beheerst de uitvoer vanuit de EU van militaire goederen en technologie. De zorg blijft echter bestaan dat niet alle wapenexporterende landen van de EU zich aan de code houden en dat er toch nog Europese wapens worden geleverd aan conflictgebieden.

Slechts één maatregel is gebleken zeer effectief te zijn in het beperken van de illegale wapenleveranties, en dat is de Europese zwarte lijst in de luchtvaart. Uit een Zweeds onderzoek uit 2008 is gebleken dat de vrachtluchtvaartexploitanten die betrokken zijn bij het overbrengen van wapens naar conflictgebieden, dezelfde exploitanten zijn die zich gewoonlijk ook niet houden aan de veiligheidsnormen in de luchtvaart.

Het is wellicht niet verrassend dat onbetrouwbare exploitanten met een lakse houding op het gebied van de veiligheid ook onbetrouwbare exploitanten blijken te zijn voor wat betreft de vracht die zij vervoeren. Het gelukkige gevolg van dit verband is echter dat de maatregelen om de strikte controle van luchtvaartuigen te waarborgen, maatregelen die zijn bedoeld om de Europese burgers te beschermen, ook helpen om de burgers van andere continenten, in het bijzonder Afrika, te beschermen tegen de vernietiging die plaatsvindt wanneer conflicten worden aangewakkerd door een ruime beschikbaarheid van handvuurwapens en lichte wapens.

Ik vraag commissaris Piebalgs als commissaris voor Ontwikkeling daarom of hij persoonlijk zijn steentje kan bijdragen aan de inspanningen van de Commissie om ervoor te zorgen dat de zwarte lijsten doelmatig en systematisch ten uitvoer worden gelegd.

 
  
MPphoto
 

  Marian-Jean Marinescu (PPE).(RO) De zwarte lijst van onveilige luchtvaartmaatschappijen is een beschermingsmaatregel voor Europese passagiers, die ik van harte begroet. De Europese Commissie, de lidstaten en vooral reisbureaus moeten veel bekendheid geven aan de lijst. Het gaat in feite om het goede vertrouwen en de goede wil van onze reisorganisaties en reisbureaus.

Er moet echter wel een oplossing worden gevonden voor de mogelijkheid, waarin een bepaalde bestemming alleen wordt bediend door onveilige luchtvaartmaatschappijen. Een groot aantal van de maatschappijen op de zwarte lijst vliegen op bestemmingen in ontwikkelingslanden in Afrika, Zuidoost-Azië en Centraal-Azië. Dit roept de vraag op: tot op welke hoogte kan er nog een eerlijke concurrentie worden gegarandeerd tussen grote Europese, Amerikaanse en Oost-Aziatische luchtvaartmaatschappijen, en kleine maatschappijen uit deze ontwikkelingslanden?

Wat dit betreft ben ik van mening dat we moeten bekijken hoe de Europese Unie de ontwikkeling van deze maatschappijen kan steunen door de veiligheid van hun vluchten te verbeteren in plaats van ze door middel van een verbod van de markt te halen. Hierdoor kan de Europese Unie een ereplicht vervullen door de duurzame ontwikkeling van de luchtvaartsector te steunen, ook in deze minder bevoordeelde staten.

 
  
MPphoto
 

  Jörg Leichtfried (S&D).(DE) Mevrouw de Voorzitter, ik heb een algemene opmerking en twee of drie vragen, dat hangt ervan af hoeveel tijd u me geeft. De algemene opmerking is dat ik het bijna lachwekkend vind dat wij als sociaaldemocratische fractie in dit debat over drie verslagen over de veiligheid in de luchtvaart al met al negen minuten spreektijd hebben gekregen. Ik weet wel dat er morgen een buitengewoon debat plaatsvindt, maar ik denk dat het langzaam tijd wordt dat wij meer aandacht besteden aan onderwerpen die voor de burgers werkelijk relevant zijn, en dat we misschien wat minder tijd besteden aan kunstmatig opgeblazen debatten.

Dan komen nu mijn vragen, mijnheer de commissaris. De belangrijkste vraag is voor mij hoe het zit met die code-share flights, die vluchten die onder de vlag van een Europese luchtvaartmaatschappij plaatsvinden, maar die dan toch door een andere luchtvaartmaatschappij worden doorgevoerd, misschien zelfs door een maatschappij die op een zwarte lijst staat. Wat wordt er gedaan om de passagiers te informeren voor ze instappen? Die vraag brandt me op de lippen, en ik verwacht dat u die zult beantwoorden. Ik laat het bij die ene vraag.

 
  
MPphoto
 

  Franz Obermayr (NI).(DE) Mevrouw de Voorzitter, vandaag spreken we over de veiligheid in de luchtvaart, en overmorgen spreken en stemmen we over het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart. Daarom zou ik nog een andere kwestie aan de orde willen stellen.

Hobbypiloten in Oostenrijk en in andere lidstaten hebben het probleem dat voorgestelde regelingen voor deze sport die van essentieel belang zijn, vaak uitsluitend in het Engels beschikbaar zijn. Deze piloten spreken vaak uitstekend Engels, maar het is vaak niet zo makkelijk om een onderwerp met al het jargon dat toch al ingewikkeld is in een vreemde taal, te bestuderen. De lidstaten proberen vervolgens via de EU adviezen van deskundigen in te winnen. Dat is veel werk, en dat zou niet nodig zijn wanneer de regelingen ook in de andere talen beschikbaar zouden zijn. Daarom verzoek ik u de ontwerpverordeningen voor onderwerpen die voor hobbypiloten essentieel zijn, ook in het Duits en in het Frans ter beschikking te stellen, dat zijn de twee andere werktalen.

 
  
MPphoto
 

  Silvia-Adriana Ţicău (S&D).(RO) De zwarte lijst, die op 30 maart van dit jaar is geactualiseerd, bevat 278 maatschappijen uit zeventien landen. De EU moet haar technische en bestuurlijke capaciteiten verbeteren om te kunnen voldoen aan de noodzakelijke normen voor de burgerluchtvaart, zodat alleen luchtvaartmaatschappijen die voldoen aan de internationale veiligheidsregels in de Europese Unie kunnen opereren. Tegelijkertijd moeten we echter derde landen helpen om hun veiligheidsnormen voor de burgerluchtvaart te verbeteren.

De bevoegde autoriteiten in derde landen moeten hun capaciteit versterken om luchtvaartmaatschappijen waaraan ze vergunningen verlenen, te controleren. De veiligheidsanalyse die in de Europese Unie voor maatschappijen uit derde landen wordt uitgevoerd zal ook controles aan de grond inhouden van de vliegtuigen van deze maatschappijen, met in het achterhoofd het bewijs van ernstige incidenten en ongelukken van maatschappijen in het afgelopen jaar. De informatie moet voor de gehele reis aan de passagiers worden verstrekt, over alle maatschappijen waarvan ze gebruik maken voor de reis. De informatie moet uiterlijk worden verstrekt op het moment van aankoop van het ticket.

 
  
MPphoto
 

  Andris Piebalgs, lid van de Commissie. – (EN) Mevrouw de Voorzitter, ik dank u voor de vragen. Ze hebben zeker laten zien dat dit Huis helemaal achter de aanpak van de zwarte lijst staat. Ik kan namens vicevoorzitter Kallas beloven dat we de communicatie met het Parlement op deze punten zullen verbeteren.

Ik kan ook beloven dat alle vragen die zijn gesteld, zullen worden doorgestuurd om schriftelijk te worden beantwoord, want het zal me zeker niet lukken om in de resterende anderhalve minuut op alle vragen antwoord te geven. Ik zal daarom nu slechts op enkele vragen ingaan, maar dat is niet omdat ik de overige gestelde vragen niet zou kunnen beantwoorden.

Op de eerste plaats de internationale aspecten: de Commissie levert onder meer maximale inspanningen om de internationale samenwerking met derde landen te versterken door staten aan te moedigen om zich aan te sluiten bij het programma van veiligheidsbeoordelingen van buitenlandse luchtvaartuigen, dat alle veertig staten in Europa omvat, maar ook door technische bijstandprojecten om de wereldwijde normen te halen.

We werken ook veel samen met de ICAO. We nemen deel aan de veiligheidsconferentie op hoog niveau van de ICAO eind maart in Montreal en we onderhandelen momenteel ook over een memorandum van samenwerking dat verdere samenwerking met de ICAO mogelijk maakt. U hebt gelijk dat we een mondiale aanpak van deze kwestie nodig hebben, maar we mogen de effecten van een zwarte lijst op andere landen niet onderschatten.

Ik noem een voorbeeld uit Indonesië, wat van me werd gevraagd. Indonesië heeft veel moeite gestoken in het moderniseren van zijn luchtvaartsysteem, met inbegrip van zijn wetgeving, de organisatie van de autoriteit, en daarmee de procedures voor de certificering, en het toezicht op de luchtvaartmaatschappijen die in dit land zijn gevestigd. Tot nu toe heeft het land laten zien dat het voor vier luchtvaartmaatschappijen aanzienlijke verbeteringen heeft gerealiseerd: Garuda, Airfast, Mandala en Premier. Dit is bereikt met de hulp van de Commissie en ook met die van de lidstaten en de sector. Voor dit proces zijn voldoende middelen nodig, maar de Commissie werkt heel nauw samen met de autoriteiten en de vervoerders in dit land om verdere positieve ontwikkelingen mogelijk te maken. Onze aanpak moedigt landen zeker aan om hun aanpak van de veiligheid in de luchtvaart te wijzigen, en dit is slechts één voorbeeld.

Ik sluit af met een bijzonder belangrijk punt dat ter sprake is gebracht, namelijk dat van de consumentenvoorlichting. We verplichten reisagenten om passagiers op het moment van reservering mondeling en/of schriftelijk te informeren. Reisagenten eisen ook vaak dat passagiers die ermee instemmen om met een luchtvaartmaatschappij te reizen die een exploitatieverbod opgelegd heeft gekregen, afzien van alle rechten om later een schadevergoeding te eisen. Maar ik zal op alle vragen ook graag een schriftelijk antwoord geven, want ik zie dat ik door mijn tijd heen ben, mevrouw de Voorzitter.

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. – Het debat is gesloten.

 
  
MPphoto
 

  Franz Obermayr (NI).(DE) Mevrouw de Voorzitter, ik doe een beroep op artikel 173 van het Reglement. Een paar minuten geleden is hier iets gebeurd tijdens de behandeling van het punt opmerkingen van één minuut. Op het moment dat u Hans-Peter Martin het woord gaf was hij inderdaad hier, en liep hij langs onze rij. Toen wij schertsend vroegen of hij was vergeten dat hij mocht spreken, ging de heer Martin in de houding staan, sloeg de hakken tegen elkaar en presenteerde de Hitlergroet.

Mevrouw de Voorzitter, dat is onaanvaardbaar, dat is een ernstige inbreuk op de regels van het Parlement in artikel 9, en daarom verzoek ik u de heer Martin vanwege zijn onbetamelijke en onaanvaardbare gedrag tot de orde te roepen. Ik zou u ook willen vragen om vast te stellen of dit incident is opgenomen. Dit is onaanvaardbaar. Al heeft de heer Martin zijn provocatie misschien geestig bedoeld, zulke grappen horen hier niet thuis!

 
  
MPphoto
 

  De Voorzitter. - Hartelijk bedankt dat u ons hierop gewezen hebt. We zullen dit naar behoren onderzoeken en nagaan wat er is gebeurd.

Schriftelijke verklaringen (artikel 149)

 
  
MPphoto
 
 

  Bogdan Kazimierz Marcinkiewicz (PPE), schriftelijk. (PL) Mevrouw de Voorzitter, in het licht van de door de heer Simpson gestelde vragen zou ik de Commissie willen verzoeken toe te lichten welke nieuwe beginselen en plannen ze heeft om de veiligheid te waarborgen van passagiers uit EU-lidstaten die met luchtvaartmaatschappijen reizen die binnenlandse vluchten uitvoeren in een luchtruim dat niet onder de jurisdictie van de Europese Unie valt, die geregeld voorschriften overtreden en bijgevolg hun passagiers in gevaar brengen. Ik ben van mening dat de Commissie, met de hulp van de hoge vertegenwoordiger, een internationale overeenkomst over dit onderwerp zou moeten uitwerken die garant zou staan voor onze gemeenschappelijke veiligheid. Daarenboven zou ik willen dat op de zwarte lijst nauwkeurige informatie over de desbetreffende luchtvaartmaatschappijen wordt vermeld, onder meer gedetailleerde gegevens en statistieken, waaruit ook blijkt aan welke risico's reizigers worden blootgesteld, zowel op het gebied van veiligheid als van comfort.

 
  
MPphoto
 
 

  Artur Zasada (PPE), schriftelijk. (PL) Het lijdt geen twijfel dat het debat van vandaag van cruciaal belang is voor de veiligheid van passagiers die in de Europese Unie met het vliegtuig reizen. Het verheugt me dat de ICAO-normen op het gebied van de beginselen en technieken van het internationale luchtverkeer in acht worden genomen door de lidstaten van de Europese Unie. Het ligt evenwel voor de hand dat het luchtvervoer zich niet uitsluitend beperkt tot het luchtruim van de Europese Unie. In dit verband rijst de volgende vraag: hoe kan de veiligheid van de EU-burgers buiten het grondgebied van de Unie worden verzekerd? Ik ben van oordeel dat de Europese Commissie landen die geen deel uitmaken van de Gemeenschap zou moeten aanmoedigen om samen een op EU-normen gebaseerde zwarte lijst op te stellen. Daarnaast zou de Commissie een leidende rol moeten vervullen bij de totstandbrenging van een wereldwijde zwarte lijst. Voorts zou ik de aandacht willen vestigen op een mogelijk probleem: wanneer de Commissie toezicht houdt op een luchtvaartmaatschappij die op de zwarte lijst staat, ziet ze dan ook nauwlettend toe op de volledige vloot die eigendom is van deze maatschappij? Het is immers mogelijk dat een vliegtuig niet wordt gebruikt door een luchtvaartmaatschappij die op de zwarte lijst staat, maar bijvoorbeeld door een andere firma die onder een andere naam afzonderlijke toestellen chartert.

 
Laatst bijgewerkt op: 20 juli 2010Juridische mededeling