De Voorzitter. – Aan de orde is het verslag (A7-0171/2010) van Jean-Paul Gauzès, namens de Commissie economische en monetaire zaken, over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen en tot wijziging van de Richtlijnen 2004/39/EG en 2009/…/EG [COM(2009)0207 - C7-0040/2009- 2009/0064(COD)].
Jean-Paul Gauzès, rapporteur. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer Reynders, commissaris, de tekst waarover we vanavond debatteren en waarover het Parlement morgen zal stemmen is het resultaat van een langdurig proces. De Europese Commissie heeft haar voorstel voor een richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen op 30 april 2009 gepresenteerd. Met dit voorstel wordt beoogd om een veilig en samenhangend Europees kader te scheppen om de risico's die beheerders vormen voor hun investeerders, hun tegenpartijen, andere spelers in de financiële markten en de financiële stabiliteit, te beheersen en te controleren. Tevens wordt beoogd om beheerders door middel van strenge vereisten in staat te stellen om in de hele interne markt diensten te verlenen en hun fondsen te verhandelen.
Mijnheer de Voorzitter, neemt u me niet kwalijk dat ik mijn toespraak even onderbreek. Ik wil, gezien de omvang van ons werk, even weten of mijn spreektijd onbeperkt is, omdat ik zie dat de klok niet loopt. Dat stoort me niet, maar ik wilde het u eerlijkheidshalve wel laten weten.
Het Parlement heeft de tekst bijna veertien maanden geleden ontvangen. De tekst heeft duidelijk de interesse van de Europese afgevaardigden gewekt, want er is een recordaantal van 1 690 amendementen ingediend. De beroepsgroep is er intensief bij betrokken, en de rapporteur heeft zo'n tweehonderd gesprekken gevoerd over deze tekst, nog afgezien van de gesprekken met de nationale autoriteiten.
Het opstellen van de compromistekst waarover vandaag wordt gedebatteerd was bijzonder tijdrovend. In de eerste helft van 2010 hebben een zestal informele trialogen plaatsgevonden onder het Spaanse voorzitterschap, teneinde de informatie-uitwisseling over de voortgang van de werkzaamheden te bevorderen. Gedurende die periode is er geen overeenstemming bereikt in de Raad.
Op 17 mei 2010 heeft de Commissie economische en monetaire zaken met een ruime meerderheid ingestemd met het verslag, dat was voortgekomen uit collectieve beraadslagingen van afgevaardigden van het Europees Parlement. Het Parlement introduceerde het proportionaliteitsbeginsel, gedifferentieerde regels voor de verschillende soorten fondsen, regulering ter bescherming van risicokapitaal en werkgelegenheid van doelondernemingen, en een paspoortsysteem voor fondsen en beheerders van alternatieve fondsen die buiten de Europese Unie zijn gevestigd.
Vervolgens vond een twaalftal trialogen plaats. Er is ook een speciale werkgroep ingesteld door de drie instellingen, die de technische onderdelen van het voorstel heeft behandeld in een aantal vergaderingen met het Belgische voorzitterschap en de Commissie.
Op 26 oktober 2010 is er tijdens de feitelijk afsluitende trialoog, met actieve deelname van de voorzitter van de Raad Economische en Financiële Zaken, de heer Reynders, en commissaris Barnier, een akkoord bereikt over de compromistekst, waarvan de rapporteur vond dat hij ter stemming kon worden voorgelegd aan het Parlement.
Zonder in detail op deze lange technische tekst in te gaan, wil ik de essentiële punten benadrukken. In de richtlijn wordt vastgesteld dat beheerders van in de Europese Unie gevestigde alternatieve beleggingsfondsen een vergunning moeten hebben of geregistreerd moeten zijn, en dat zij zich moeten houden aan operationele en organisatorische vereisten, gedragsregels en regels op het gebied van transparantie. Tevens worden zij onderworpen aan de bevoegdheid tot het uitoefenen van toezicht en het opleggen van sancties van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten en de Europese Autoriteit voor effecten en markten (EAEM).
Door de richtlijn zullen zij toegang krijgen tot de interne markt van de Unie door middel van een intra-Europees paspoort om hun producten te beheren en te verhandelen. Op termijn zullen beheerders die buiten de Europese Unie zijn gevestigd in aanmerking kunnen komen voor een dergelijk paspoort, mits zij aan dezelfde vereisten voldoen als de beheerders die in de Europese Unie zijn gevestigd. Door het aantal ontmoetingen en de intensiteit van de uitwisselingen en onderhandelingen tussen de rapporteur, de schaduwrapporteurs, het fungerend voorzitterschap en de Commissie, is het oorspronkelijke voorstel op tal van punten aanzienlijk verbeterd.
In dit opzicht wil ik duidelijk maken dat de door het Parlement gewenste verbeteringen geleidelijk zijn gerealiseerd tijdens de onderhandelingen en uiteraard niet alleen tijdens de laatste trialoog, toen aanpassingen zijn aangebracht, hoewel deze trialoog in politiek opzicht beslissend was.
Ik wil hier benadrukken op welke terreinen de inmenging van het Parlement doorslaggevend is geweest. Ik denk hierbij in de eerste plaats aan twee zeer politieke zaken op het gebied van betrekkingen met derde landen. De invoering van een paspoort – nu begrijp ik het niet meer, omdat ik normaliter vier minuten heb – voor beheerders die buiten de Europese Unie zijn gevestigd is goedgekeurd. Er zijn specifieke voorwaarden vastgesteld voor het verstrekken van een paspoort. Op het gebied van risicokapitaal heeft het Parlement bereikt dat er in de richtlijn bepalingen zijn opgenomen om eventuele verzilvering van waardevolle activa ("asset stripping") van een doelonderneming te voorkomen, evenals duidelijke regels ten aanzien van de informatieplicht ten opzichte van doelondernemingen, de medewerkers en de vertegenwoordigers.
Gezien de problemen met de klok zal ik niet ingaan op een aantal bepalingen dat is opgenomen overeenkomstig de wensen van het Parlement. Ik zal alleen zeggen dat het Parlement verder had willen gaan, maar het heeft in de onderhandelingen toch bereikt dat de rol van de EAEM versterkt werd. De gekozen oplossingen vormen niettemin een belangrijke stap voorwaarts voor de verbetering van het toezicht op Europees niveau. Het Parlement heeft toegezien op de versterking van de bevoegdheden van de Raad en het Parlement bij de aanneming van gedelegeerde handelingen van de Commissie.
Een meerderheid van het Parlement zou een zeer strenge regulering van passieve marketing hebben gewild, of zelfs een verbod hierop. Het is een belangrijke stap voorwaarts dat er een overweging is gewijd aan het beginsel dat professionele beleggers zorgvuldig moeten handelen wanneer zij investeren in fondsen die buiten de Europese Unie zijn gevestigd.
Mijnheer de Voorzitter, mijnheer Reynders, commissaris, dat wilde ik aan het begin van dit debat meedelen. Ik maak tot slot van deze twee minuten gebruik om iedereen die heeft bijgedragen aan dit succes te bedanken.
(Applaus)
De Voorzitter. – Mijnheer Gauzès, als u de belangen van de City of London verdedigt, krijgt u alle spreektijd die u hebben wilt.
Didier Reynders, fungerend voorzitter van de Raad. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer Gauzès, dames en heren, het is me nogmaals een genoegen om hier te spreken ter gelegenheid van een debat over een aanvullend deel van het hervormingspakket dat wij willen invoeren voor de financiële sector. Het verslag dat aan u is voorgelegd maakt deel uit van het toezichtpakket, dat zoals u weet al unaniem door de Raad is aangenomen.
Met betrekking tot de beleggingsfondsen zijn we opnieuw en met dezelfde unanimiteit aan het werk gegaan binnen de Raad, en u hebt het toezichtpakket met een ruime meerderheid aangenomen. Ik hoop dat er een even grote meerderheid zal zijn voor het onderdeel over de beleggingsfondsen.
Met deze richtlijn wordt er voor het eerst Europese regelgeving geïntroduceerd met betrekking tot beheerders van alternatieve beleggingsfondsen, zoals in de eerste plaats – we hebben er al herhaaldelijk over gesproken – de hedgefondsen en de private-equityfondsen. Er was tot op heden geen toezicht of specifieke regelgeving op Europees niveau ten aanzien van deze ondernemingen, die een gunstige invloed hebben op de Europese economie. Het onderhavige voorstel is geheel in overeenstemming met de wens van commissaris Barnier en mijzelf om een doeltreffende en toepasselijke vorm van regelgeving en toezicht in te voeren voor alle betrokkenen en alle financiële activiteiten die aanzienlijke risico's inhouden.
Met deze richtlijn zet Europa weer een stap verder in de richting van volledige tenuitvoerlegging van de besluiten die in het kader van de G20 zijn genomen. Aan de vooravond van die top is dat een krachtig signaal van Europa aan de rest van de wereld. Zoals ik al zei past het verslag volledig in het nieuwe Europese toezichtkader en versterkt het de rol van de Europese Autoriteit voor effecten en markten (EAEM) bij de regulering van beheerders van alternatieve beleggingsfondsen.
Dankzij uw instemming, dat hoop ik althans, zullen beheerders van deze fondsen onderworpen worden aan consistente en voor een groot deel nieuwe regels, teneinde de transparantie te verhogen voor toezichthouders, beleggers, ondernemingen en werknemers van ondernemingen die door sommige van die fondsen worden overgenomen. Private-equityfondsen moeten hun aanwezigheid in overgenomen bedrijven bekendmaken en informatie verschaffen aan de medewerkers, in het bijzonder ten aanzien van hun toekomststrategie voor de onderneming en de eventuele gevolgen voor de werkgelegenheid. Met de richtlijn wordt ook beoogd om de bescherming van beleggers te vergroten. De functie van bewaarder zal bijvoorbeeld aanzienlijk versterkt worden, evenals het risicobeheer. De hefboomfinanciering, het beloningsbeleid en ook de delegatie zullen voortaan aan regels gebonden zijn.
Doelstelling van de richtlijn is ook om de interne markt voor de sector te versterken, met name door de invoering van een intra-Europees paspoort, waarmee grensoverschrijdende transacties worden bevorderd, wat in het belang is van de gehele economie. Er zal ook een paspoort voor derde landen worden ingevoerd om internationaal een gelijk speelveld te handhaven, volgens het beginsel van dezelfde rechten en dezelfde verplichtingen. Ik verheug me over het echt Europese karakter van deze richtlijn, die een hoog niveau van bescherming en transparantie waarborgt en toch beleggingen in Europa blijft stimuleren. Het paspoortsysteem, dat gebaseerd is op strenge controles en een centrale rol voor de Europese toezichtautoriteiten, vormt een betrouwbare en doeltreffende wettelijke basis voor de sector, waarvan de verwachte rol bij het herstel van de groei niet onderschat mag worden.
Evenals de andere onderdelen van het hervormingsprogramma in de financiële sector is de richtlijn ook, meer in het algemeen, gericht op het voorkomen of op zijn minst beperken van de omvang van een nieuwe financiële crisis. Ik wil graag vermelden dat het akkoord tussen het Parlement en de Raad, dat hopelijk zo breed mogelijk zal zijn, te danken is aan de vastberadenheid van het Europees Parlement en in het bijzonder van de rapporteur, de heer Gauzès, en aan het grondige werk dat zij hebben verricht.
Mijnheer Gauzès, ik wil u bedanken voor uw voortvarendheid, uw inzet en uw vastberadenheid. Zonder die eigenschappen was het waarschijnlijk niet mogelijk geweest om deze richtlijn in het Europees Parlement te laten aannemen.
(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik wil ook Sharon Bowles bedanken, voorzitter van de Commissie economische en monetaire zaken. We hebben over deze richtlijn, en ook over andere teksten, heel wat discussies gevoerd in trialoogbijeenkomsten en andere fora. Dat was nuttig, want het liet zien dat het mogelijk is om een medebeslissingsprocedure te hebben, op één voorwaarde, namelijk dat het mogelijk is om tegelijkertijd onderhandelingen te beginnen met enerzijds de Raad en anderzijds het Parlement. Heel erg bedankt dat u dat in het Parlement zo hebt kunnen organiseren. Het is niet gemakkelijk in de Raad, en ik ben er zeker van dat het met alle leden van het Parlement ook niet altijd gemakkelijk is.
fungerend voorzitter van de Raad. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, ik wil tot slot het Zweedse en het Spaanse voorzitterschap bedanken, evenals commissaris Barnier, die zich zojuist bij ons heeft gevoegd, en alle schaduwrapporteurs, de heren Goebbels, Klinz, Canfin, Kamall en Lehne, voor de vruchtbare en duidelijk constructieve gesprekken, die hebben geleid tot de geamendeerde tekst die ter stemming zal worden voorgelegd.
Mijnheer de Voorzitter, voortaan zal er sprake zijn van een veilig en samenhangend kader op Europees niveau om de risico's die beheerders van alternatieve beleggingsfondsen vormen voor hun investeerders en de financiële stabiliteit, te beheersen en te controleren Ik ben ervan overtuigd dat onze wil om dit tot een goed einde te brengen ook bij de onderhandelingen over de volgende teksten zal blijven bestaan. Telkens als ik hier bij het Parlement kom, mijnheer de Voorzitter, dank ik u voor het werk dat we voltooid hebben, maar nu dank ik u vast op voorhand voor het werk dat we in de komende weken nog zullen voltooien.
Mijnheer Gauzès, ik hoop dat we in ditzelfde tempo kunnen blijven samenwerken, op weg naar een akkoord over het dossier van de ratingbureaus. Namens mijn opvolgers bij het voorzitterschap van de Raad en in het licht van de recente onderhandelingen, heb ik er overigens vertrouwen in dat we vooruitgang zullen boeken met dit dossier, en wellicht nog met andere dossiers in de toekomst. De afspraak is reeds gemaakt. In ieder geval mijn dank voor het werk aan dit verslag.
(Applaus)
Michel Barnier, lid van de Commissie. − (FR) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, allereerst mijn verontschuldigingen voor mijn vertraging van enkele minuten.
Het Belgische voorzitterschap is zo voortvarend te werk gegaan dat de Raad Concurrentievermogen tegelijkertijd met deze belangrijke discussie over de richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen een ander belangrijk onderwerp bespreekt, namelijk het Europees octrooi. Ik heb de Raadsvergadering dus verlaten en moet daar dadelijk weer naar terugkeren, en ik weet nog niet in welke omstandigheden, maar ik doe wat ik kan. Ik kan me niet in tweeën splitsen.
De heer Gauzès, wiens overtuigingen mij bekend zijn maar wiens interventies ik heb moeten missen, zal het me zeker vergeven. Ik richt graag een woord van dank en complimenten aan hem en aan alle coördinatoren en schaduwrapporteurs, en natuurlijk aan het Belgische voorzitterschap en al zijn medewerkers zoals de heer Reynders zojuist heeft gezegd, voor het zeer belangrijke en onverzettelijke werk dat de afgelopen weken en in de periode daarvoor door de andere voorzitterschappen is verricht.
We debatteren nu al bijna vijftien of achttien maanden over dit thema, en met de stemming van het Parlement is er een redelijk akkoord binnen handbereik. Vandaag wordt er in het Parlement over gedebatteerd en morgen zal er een besluit vallen. Dames en heren, deze stemming vindt plaats aan de vooravond van de top van de G20 in Seoul, en dat is een mooie gelegenheid om te laten zien dat wij de handen ineen kunnen slaan, gemeenschappelijke doelstellingen kunnen verwezenlijken, en ook de besluiten ten uitvoer kunnen leggen die na de crisis zijn genomen, besluiten die op het hoogste mondiale niveau, door de G20 zijn genomen. En deze crisis is in financieel, economisch, menselijk en maatschappelijk opzicht nog niet voorbij.
Na het akkoord over de toezichtmaatregelen, dat wij ook te danken hebben aan de betrokkenheid van het Parlement en de vasthoudendheid van het Belgische voorzitterschap, moet met het akkoord over deze richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen worden aangetoond dat wij in staat zijn lering te trekken uit de crisis, intelligente regulering kunnen invoeren en waar nodig doeltreffend toezicht kunnen instellen, zodat alle financiële actoren zich binnen dit strikte en doeltreffende regelgevingskader en toezicht moeten bewegen.
Zoals de heer Reynders reeds heeft verteld hebben de lidstaten unaniem groen licht gegeven voor dit laatste voorstel. Dames en heren, ik zal er eerlijk voor uitkomen dat deze overeenkomst niet mogelijk zou zijn geweest zonder de bijdrage van het Parlement, waarmee de voorstellen die nu op tafel liggen aanzienlijk zijn verbeterd.
Dankzij de vastberadenheid van de heer Gauzès en de schaduwrapporteurs zijn er veel nieuwe elementen toegevoegd aan het voorstel dat aanvankelijk in mei door de Raad Ecofin is aangenomen, en met de bijdragen die wij aan het Parlement te danken hebben is de kwaliteit van dit voorstel voor een richtlijn echt verbeterd. Ik wil kort ingaan op een aantal positieve en kwaliteitsverhogende elementen.
Ten eerste zijn de regels voor private-equityfondsen verscherpt. Hiermee wordt de transparantie van deze activiteiten versterkt voor werknemers van de doelondernemingen waarvoor de richtlijn bedoeld is. Ook worden zo stevige beschermingsmechanismen ingevoerd tegen de verzilvering van waardevolle activa ("asset stripping"). Velen van u hebben hierop aangedrongen, en ik weet dat sommigen zelfs vinden dat deze regels niet ver genoeg gaan.
Ten tweede wordt er een echt Europese oplossing geboden voor derde landen. Deze oplossing heeft als uitgangspunt “dezelfde regels, dezelfde rechten”, waar de Commissie altijd achter heeft gestaan en op termijn wordt daarmee gewaarborgd dat alle actieve beheerders in Europa zich aan de Europese regels moeten houden.
Ten derde is er in dit instrument een doorslaggevende rol weggelegd voor de EAEM, die leidt tot een coherenter toezicht op beheerders en een beter functioneren van Europese paspoorten en paspoorten uit derde landen.
Ten vierde zijn er strikte aanvullende regels waarmee beleggers en de markten worden beschermd. In dit verband noem ik de beperking van het hefboomeffect, aanvullende eigen middelen, de aansprakelijkheidsverzekering voor beheerders en regels inzake de rol en de verantwoordelijkheid van bewaarders.
Dames en heren, de Commissie deelt uw bezorgdheid over het gebrek aan regelgeving op het gebied van passieve marketing. Door deze lacune kunnen onze regels worden omzeild, en dat is precies ook onze zorg.
Niettemin hebben de lidstaten zich vrijwel unaniem gekeerd tegen elke vorm van regelgeving op dit gebied. Wij zijn als compromis bereid de huidige tekst te aanvaarden, mits deze kwestie op termijn wordt herzien in het kader van de richtlijn, en wij zullen daarop toezien.
Namens de Commissie spreek ik nogmaals mijn dank uit aan het Parlement voor zijn doorslaggevende samenwerking en de bijdrage die het heeft geleverd aan dit dossier. Net als de heer Reynders hoop ik dat we tot een zo breed mogelijk akkoord zullen komen over dit compromis, dat voor ons een dynamisch compromis blijft waarmee we een van de afspraken van de G20 kunnen nakomen: lering trekken uit de financiële crisis.
Evelyn Regner, rapporteur voor advies van de Commissie juridische zaken. − (DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer Reynders, commissaris Barnier, we hebben al heel veel werk verricht, zoals de heer Gauzès heeft gezegd: 21 trialogen en ontelbare vergaderingen van de rapporteurs en schaduwrapporteurs van de Commissie economische en monetaire zaken en de Commissie juridische zaken. Bovenal echter hebben we jarenlang gewerkt om anderen te overtuigen. Als een Tibetaanse gebedsmolen heeft de Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten in het Europees Parlement jarenlang heel hard geprobeerd om hedgefondsen, private-equityfondsen en alle andere financiële vehikels te onderwerpen aan Europese regelgeving. Op 26 oktober, nota bene de nationale feestdag van Oostenrijk, hebben we eindelijk een compromis kunnen vinden met de lidstaten. We leven niet in een ideale wereld en het compromis is dan ook niet perfect. Dit stuk Europese wetgeving is echter de belangrijkste bouwsteen tot nog toe als het gaat om de regulering van de financiële markt. Er is nu een alternatief voor de oude, neoliberale dooddoener van voor de crisis dat er "geen alternatief" is als het gaat om het rechttrekken en herstructureren van de financiële markt.
Wat mij betreft zijn de volgende twee punten van bijzonder belang. Ten eerste zijn er regels om de verzilvering van waardevolle activa (“asset stripping”) te voorkomen, wat erop neerkomt dat de reserves van bedrijven die overgenomen zijn twee jaar lang niet aangeraakt mogen worden. Er zijn ook regels voor de aansprakelijkheid van bewaarders die het ontstaan van lange, onoverzichtelijke aansprakelijkheidsketens verhinderen. Deze bepalingen zijn minimumstandaarden, wat betekent dat iedereen die het wil, ze kan en moet verbeteren. De regulering van beheerders van alternatieve beleggingsfondsen biedt echter ook een nieuwe mogelijkheid om een nieuwe hedgefondscultuur te creëren. Vooral fondsen met een klein volume hebben tot dusverre zeer risicovolle transacties uitgevoerd, maar moeten nu de manier waarop ze zakendoen, veranderen. Ze hebben nu de kans om zich te vestigen met een duurzaam businessmodel.
Om ervoor te zorgen dat deze richtlijn werkt – begrijp me goed, ik zeg dit zonder illusies – moet de Commissie streng en waakzaam blijven toezien op de tenuitvoerlegging en het functioneren van de richtlijn en, zo nodig, de herziening eerder dan gepland presenteren.
Ik wil mijn grote dank uitspreken aan de heer Gauzès. Wij hebben echt zeer constructief samengewerkt. Ik wil ook de heer Bullmann en de heer Goebbels bedanken. Ik wil in het bijzonder de sterke geest, ja de wil noemen die heerste, uiteindelijk ook bij de Commissie en de Raad, om echt een constructieve oplossing te bereiken.
Burkhard Balz, namens de PPE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, met de richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen leggen we wederom een belangrijk fundament op de weg naar een nieuwe, stabiele architectuur van de financiële markt in Europa. Onze roep om een uitvoerige en effectievere crisispreventie zal namelijk pas volledig effect hebben wanneer we hem uitbreiden naar de hele financiële sector en dus ook naar de alternatieve beleggingsfondsen die tot dusverre alleen op nationaal niveau gereguleerd zijn. Dit is een zeer heterogene sector met verschillende fondstypen, risicoprofielen en ook investeringsstrategieën.
Het voorstel van de Commissie voor een richtlijn was niet gemakkelijk om mee te werken, maar we hebben nu een gezamenlijk compromis gevonden dat niet alle fondsen en alle fondsbeheerders over één kam scheert en dat, in ieder geval qua aanpak, een gedifferentieerde bril opzet afhankelijk van het systeemrisico. We hanteren nu in heel Europa uniforme standaarden voor de toelating van fondsbeheerders. Hierbij zullen we ook professionele beleggers en bewaarnemers een deel van de verantwoordelijkheid geven. Met de aanvullende regelgeving over private equity voorkomen we dat waardevolle activa van portefeuilleondernemingen worden verzilverd. Toegegeven, er is geen rechtvaardiging voor om de private-equitysector an sich aan de schandpaal te nagelen, aangezien deze een belangrijke en ook constructieve rol speelt – bijvoorbeeld bij de financiering van kleine en middelgrote ondernemingen. We zullen nu echter negatieve zaken kunnen voorkomen, doordat het vermogen van een bedrijf juist in de kritische eerste jaren na de overname behouden moet blijven.
Het grootste succes van het Parlement is zeker de introductie van het gemeenschappelijke Europese paspoort, niet alleen voor Europese fondsbeheerders, maar ook voor fondsbeheerders van buiten de EU. Deze laatsten krijgen alleen toegang tot de Europese markt als er een samenwerkingsovereenkomst is die de uitwisseling van informatie garandeert tussen de toezichthoudende autoriteiten. Voortaan zal de Europese Autoriteit voor effecten en markten in ernstige gevallen kunnen ingrijpen en dat betekent dat de nieuwe wetgeving een soort van première is voor ons. We kunnen niet teruggrijpen op eerdere ervaringen, met name wat betreft de regelingen met derde landen, maar ik denk dat we een goede start hebben gemaakt in de richting van een effectief toezichthoudend kader.
Robert Goebbels, namens de S&D-Fractie. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, na het uitbreken van de crisis is er tijdens de Europese top en vervolgens door de G20 aangedrongen op regulering van alle segmenten van de financiële markt van hedgefondsen. De Commissie is snel daarna met voorstellen gekomen, maar er is zo uitzonderlijk intensief gelobbyd dat een aantal politieke besluitvormers schoorvoetend meewerkte aan regulering. Groot-Brittannië heeft zich opgeworpen als beschermer van hedgefondsen op nabije of vergelegen eilanden. Frankrijk, dat zichzelf heeft uitgeroepen tot kampioen van de internationale regulering, verviel in zijn gebruikelijke protectionisme.
In het Parlement hebben met name de liberalen getracht zich tegen deze wetgeving te verzetten. De fractie van de heer Verhofstadt, die doorgaans zo pro-Europees is, kwam met het voorstel om het volledige Commissievoorstel af te wijzen. Dankzij rapporteur Gauzès en een coalitie in de Commissie economische en monetaire zaken van de Europese Volkspartij (Christen-Democraten), de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten en De Groenen/Vrije Europese Alliantie, die zelfs is gevolgd door Europees Unitair Links, werd er een substantieel meerderheidsstandpunt in elkaar geschroefd. Eenentwintig trialogen later en dankzij de persoonlijke betrokkenheid van minister Reynders en commissaris Barnier zijn de onderhandelaars van het Parlement tot een voorstel voor een richtlijn gekomen dat een aanzienlijke stap vooruit biedt, vooral op middellange termijn.
Er ontstaat immers pas in 2018 een interne markt waarin voor alle fondsen dezelfde plichten en rechten gelden. De Europese regelgeving moet in 2013 in werking treden. De Europese regelgevende instantie, de EAEM, zal meer bevoegdheden krijgen: in de richtlijn zijn maar liefst 72 bevoegdheden voor interventie en toezicht vastgelegd. Er zij benadrukt dat de richtlijn de eerste Europese wetgeving is die van toepassing is op hedgefondsen en private-equityfondsen. Zij biedt beleggers een hoge mate van bescherming. Daarbij gaat het niet alleen om professionele beleggers, maar ook om burgers die hun spaargeld in financiële producten willen investeren.
Er zullen zeer nauwkeurige regels gelden voor risicobeheer en liquiditeitsbeheer. Beleggers krijgen meer en transparantere informatie over de strategieën van beheerders. Er worden strikte regels ingevoerd voor het hefboomeffect en beheerders moeten op voorhand hun eigen drempels aangeven voordat zij schulden aangaan met een hefboomeffect. Wanneer er een strategie wordt gevolgd die te veel risico's met zich meebrengt, kunnen regelgevende instanties maatregelen treffen. De salarissen en hoge bonussen van beheerders worden aan maxima gebonden en kunnen niet onmiddellijk volledig worden verzilverd. De richtlijn verplicht private-equityfondsen tot meer transparantie. Deze fondsen zijn welkom voor de financiering van de reële economie. Maar de richtlijn stelt serieuze grenzen aan de opsplitsing van bedrijven door aasgierfondsen. Gedurende een periode van twee jaar mogen het kapitaal en bepaalde reserves van de overgenomen onderneming niet worden uitgekeerd aan nieuwe eigenaren.
Daarnaast moet het personeel van de onderneming worden geraadpleegd en moet het land waar het fonds is geregistreerd op de hoogte worden gesteld van de ondernemingsstrategie van de kopers. Mijnheer de Voorzitter, de richtlijn is nog wel voor verbetering vatbaar, maar de socialisten en de democraten zullen hem steunen omdat zij veel licht brengt in het zwarte gat van de internationale financiële markt dat alternatieve fondsen tot dusver vormden.
(Applaus)
Wolf Klinz, namens de ALDE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, na langdurige onderhandelingsrondes hebben het Parlement, de Raad en de Commissie eindelijk overeenstemming bereikt over een gemeenschappelijke tekst voor de regulering van beheerders van alternatieve beleggingsfondsen. Ik juich dit toe, en ik moet de heer Goebbels corrigeren: we wilden het originele voorstel terugsturen omdat wij van mening waren dat de alternatieve beleggingsfondsen – hedgefondsen, private-equityfondsen en vastgoedfondsen – zo van elkaar verschillen dat ze ieder een eigen regulering nodig hebben. Niettemin hebben we nu een tekst die wij volledig kunnen accepteren en steunen. De allesomvattende benadering die wij aanvankelijk storend vonden, is op belangrijke punten gewijzigd. Het gevolg is dat wij er niet langer een probleem mee hebben.
Het doel van de richtlijn was om meer transparantie te creëren voor de toezichthoudende organen, maar bovenal voor beleggers zodat zij in staat zijn om systeemrisico's op tijd te herkennen en in een vroeg stadium, en er zo adequaat op kunnen reageren. Persoonlijk ben ik voorstander van regels waaraan alle fondsbeheerders die in de EU werkzaam zijn, zich moeten houden. Tegelijkertijd sta ik echter afwijzend tegenover het idee dat wij Europa in een fort of zelfs een gevangenis veranderen of dat Europese instellingen die willen investeren, dit niet buiten Europa kunnen doen. Wij konden het voorstel dat in de commissie gepresenteerd werd, daarom aanvankelijk niet steunen. Het compromis dat nu gevonden is, lost dit probleem op. Het belooft de markten open te houden.
Een andere reden voor onze aanvankelijke afwijzing waren de voorschriften op het gebied van private equity die in feite zouden hebben geleid tot concurrentievervalsing op dit terrein. De vereisten voor private equity, zoals ze aanvankelijk waren geformuleerd, zouden zelfs beursgenoteerde bedrijven aanzienlijk benadeeld hebben. Het compromis dat nu voor ons ligt, helpt deze tekortkoming uit de wereld en voorkomt de mogelijke verzilvering van waardevolle activa (“asset stripping”), iets dat wij zeer toejuichen.
In het algemeen zijn wij dus heel tevreden met het voorstel. Het schept heldere randvoorwaarden en regels voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen. Het zorgt voor meer transparantie voor het identificeren van systeemrisico's. Het zorgt hierdoor voor meer stabiliteit. Het versterkt de interne markt, omdat het een EU-paspoort introduceert dat na een overgangsperiode ook geïntroduceerd zal worden voor beheerders van buiten Europa. Het zorgt voor heldere, onvervalste concurrentie. Tot slot creëert het een heldere, nieuwe taak voor de Europese Autoriteit voor effecten en markten (EAEM).
Tot slot wil ik niet alleen mijn collega's bedanken maar vooral ook het Belgisch voorzitterschap van de Raad, dat deze kwestie onvermoeibaar tot een succesvol einde heeft gebracht.
Sven Giegold, namens de Verts/ALE-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, deze regeling voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen zorgt voor het eerst voor iets meer transparantie en regels in deze ondoorzichtige jungle van hedgefondsen en alternatieve beleggingsfondsen. Helaas zijn deze regels onvolledig gebleven. Het is nog steeds mogelijk om ongereguleerde producten op de interne markt te brengen door gebruik te maken van passieve distributie. Feitelijk is de markttoegang voor deze producten niet effectief beperkt. Europa heeft dus een kans laten lopen om zijn regels wereldwijd uit te breiden en een uniforme regeling tot stand te brengen.
Ten tweede was er, anders dan het Parlement wilde, helaas geen effectieve "schuldenrem" op Europees niveau voor de fondsen. Het wordt nog steeds overgelaten aan de nationale regels om aan te geven hoeveel schulden de fondsen mogen maken, en dat betekent ook dat we niets leren van de crisis. Een gevolg hiervan is dat er een nationale afdalingswedstrijd zal plaatsvinden met betrekking tot deze regulering.
Wat voor ons wederom cruciaal is, is het feit dat de verzilvering van waardevolle activa (“asset stripping”) van bedrijven door private-equityfondsen niet effectief voorkomen wordt. Natuurlijk zijn er private equity-investeringen die zin hebben voor bedrijven. De regels die nu neergelegd zijn, zijn echter helaas bij lange na niet voldoende. De rechten van werknemers op informatie, die ze terecht verwachten, zijn ook niet effectief, evenmin als de bescherming van kleine en middelgrote bedrijven tegen deze vorm van asset stripping. In dit geval is dit daarom heel moeilijk te rechtvaardigen naar de kiezers toe. Helaas ligt de verantwoordelijkheid hiervoor niet bij het Parlement.
Deze ligt met name bij de intensieve lobby door de betreffende sector, die vooral succes had bij de Britse regering, de Franse regering en, helaas moet ik zeggen, tot op zekere hoogte ook bij de Duitse regering. Deze lobby was hier in het Parlement vertegenwoordigd door de Fractie Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa.
Wij kunnen dit voorstel niet steunen, omdat het een precedent zou scheppen voor het falen van het Parlement om effectieve regels te implementeren. Wij kunnen niet met opgeheven hoofd naar onze kiezers gaan en zeggen dat wij erin geslaagd zijn om dit schaduwrijk te reguleren. We hopen dat we wat vooruitgang zullen boeken bij de herziening van de richtlijn. Ik wil nogmaals mijn dank uitspreken, met name voor de samenwerking met mijn collega's in het Parlement.
Syed Kamall, namens de ECR-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, mag ik beginnen met de grote inspanningen van commissaris Michel Barnier te loven? Dank u wel dat u naar Londen bent gekomen voor een ontmoeting met beheerders van hedgefondsen en private-equityfondsen, om naar hun zorgen te luisteren. Ik wil ook het Belgische voorzitterschap bedanken voor zijn werk, zoals enkele van mijn collega's eerder hebben gezegd, en ook de heer Gauzès en de andere schaduwrapporteurs. Ik zal verder niemand meer bedanken, want anders kom ik tijd tekort, aangezien ik maar één minuut heb.
Ik denk dat het heel belangrijk is dat we naar de problemen kijken en kijken hoever we in achttien maanden zijn gekomen. Ik was een van de degenen die het meest kritisch was over het oorspronkelijke ontwerp. Vooral over aangelegenheden zoals het toepassingsgebied, want het leek een one size fits all-richtlijn te zijn, met dezelfde regels voor alle soorten fondsen – niet alleen hedgefondsen en private equity, maar ook beleggingsfondsen in het Verenigd Koninkrijk, die al 150 jaar bestaan zonder systeemrisico. De situatie is daar beter.
Ik ben heel blij met wat we hebben bereikt op het punt van de toegang voor derde landen: we zijn erin geslaagd om markten open te houden en beleggers uit de EU toe te staan te blijven investeren in buiten de EU beheerde fondsen. We hebben een mate van transparantie die private-equityfondsen niet sterk benadeelt in vergelijking tot staatsinvesteringsfondsen, en we hebben een betere situatie bereikt op het punt van de aansprakelijkheid van bewaarders, waar we geen systeemrisico's concentreren.
Alles bij elkaar zal niemand zeggen dat het een perfecte richtlijn is, maar ik denk dat we wel een werkbaar compromis hebben bereikt. Ik hoop dat de meerderheid van het Parlement de heer Gauzès, de rapporteur, en de overige schaduwrapporteurs zal steunen in het werk dat we hebben verricht.
Jürgen Klute, namens de GUE/NGL-Fractie. – (DE) Mijnheer de Voorzitter, ik zou twee opmerkingen willen maken. De eerste is aan het adres van de heer Gauzès. Ik wil hem uitdrukkelijk bedanken voor zijn uitstekende werk en samenwerking. De samenwerking met de andere schaduwrapporteurs vond ik echter ook uitgesproken goed en constructief. Dat wil ik nu alvast even kwijt, voordat ik bij mijn kritische opmerkingen kom.
Ik kan in principe accepteren en onderstrepen wat de heer Giegold zojuist heeft gezegd. Ik had het eerste compromis kunnen steunen dat we waren overeengekomen in de Commissie economische en monetaire zaken in mei van dit jaar. Sterker nog, ik heb het besluit gesteund. Wat echter nu als resultaat uit de verdere onderhandelingen is gerold, is ook in de ogen van mijn fractie niet langer acceptabel en we kunnen het niet langer steunen. Zoals ik het zie, heeft iedereen recht op zijn eigen mening over deze zaak, maar naar mijn mening heeft de Raad hier een ongelukkige rol gespeeld. Ik zal dit iets duidelijker uitdrukken dan één of twee anderen al hebben gedaan. Naar mijn mening heeft de Raad hier een kans laten lopen. Hij heeft in zeer grote mate een knieval gemaakt voor de lobby van de financiële markt, en alles wat in zijn macht ligt aangewend om een effectieve regulering op Europees niveau te verhinderen.
Op een morgen kreeg ik een telefoontje van een lobbyist die zei dat als wij echt van plan waren om de private-equityfondsen op deze manier te reguleren, we dan de ontwikkelingshulp in Afrika kapot zouden maken. Een absurder en obscuurder argument bestaat er hier toch niet. Deze zaken hebben niets met elkaar te maken. Iemand die met dit soort argumenten komt, laat toch alleen maar zien dat hij niet geïnteresseerd is in een zinvolle en effectieve regulering.
Dit is echter geen zaak voor het Parlement. Namens het Parlement – en ik wil dit graag nogmaals onderstrepen – hebben de heer Gauzès en andere collega's gestreden voor een effectieve regulering. Dat is ondermijnd door de Raad. Ik wil dit nogmaals zeggen; dit is passieve marketing. Dit is een punt dat de heer Giegold al heeft genoemd. Het is alsof het iemand verboden wordt om rotte eieren te verkopen op de wekelijkse markt als hij er reclame voor maakt, maar als hij geen reclame maakt voor de rotte eieren en er gewoon gaat staan en ze verkoopt, dan is het kennelijk legitiem. Iets anders is het toch niet wat hier is geregeld in het deel over passieve marketing. Het voorziet in een opening. We hebben een Europese regeling – dat is al gezegd en ik denk dat het een goede zaak is. Wanneer de deur echter wijd openstaat om haar te ontduiken via allerlei mazen, rijst de vraag in hoeverre deze Europese regeling echt effectief is.
Private-equityfondsen waren oorspronkelijk beter gereguleerd. Ze zijn nu relatief slecht gereguleerd. Een heel belangrijk punt – en ook hier kan ik alleen maar onderstrepen wat de heer Giegold heeft gezegd – speelt de kwestie van de informatie die aan het personeel wordt verstrekt. In het oorspronkelijke compromis stond dat beheerders verplicht waren om hun personeel te informeren over wat ze van plan waren te doen met de bedrijven waarin ze hadden geïnvesteerd. Wat hiervan is overgebleven, is de geforceerde eis aan eigenaren om hun personeel en de ondernemingsraden te informeren. U kunt zich voorstellen wat daarvan zal komen – niet veel. De Raad heeft hier een kans laten lopen, en ik hoop dat we er op een later moment misschien nog steeds iets aan kunnen verbeteren.
Marta Andreasen, namens de EFD-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, ik ben minder dankbaar dan de vorige sprekers. De BAB-richtlijn heeft zich vanaf het eerste begin gericht op de City of London, terwijl die al voldoende was gereguleerd door de Britse autoriteiten.
Zoals gebruikelijk slaat de EU de plank mis: het is het roekeloos uitlenen van geld door banken dat een gigantische kredietzeepbel en de financiële crisis heeft veroorzaakt, niet de alternatieve beleggingsfondsen. Voorkomt deze regelgeving een verdere crisis? Absoluut niet. De richtlijn zal er echter wel in slagen om beheerders uit Londen te verdrijven. Helaas zullen ze niet naar Parijs of Frankfurt gaan, maar verder weg: naar New York en Singapore.
Verkeren we in een positie dat we ons een dergelijk verlies van bedrijvigheid kunnen veroorloven? Natuurlijk niet, maar dat kan de EU niet schelen. Deze richtlijn zal de kosten van deze fondsen aanzienlijk verhogen en hun rendementen verlagen, waardoor kleinere fondsen failliet zullen gaan. De kapitaaleisen van de ontwerprichtlijn zullen het voor private-equityfondsen moeilijk maken, en het zijn de met risicokapitaal gefinancierde startende ondernemingen die hiervan de gevolgen zullen ondervinden.
Vreemd genoeg beweert de Commissie dat zij onderzoek, ontwikkeling en ondernemerschap wil aanmoedigen, teneinde de groei van de Europese economie te herstellen. In plaats van risicokapitaal aan te moedigen, stelt zij haar vertrouwen in overheidsmiddelen, die voor dit doel te omslachtig en nutteloos zijn.
Het is ook ongelooflijk te zien hoe de EU deze richtlijn heeft ontworpen vanuit haar ivoren toren, zich doof houdend voor de ontwikkelingen in de regelgeving in de rest van de wereld en kiezend voor een protectionistische en arrogante methode, waarbij de Europese Autoriteit voor effecten en markten het laatste woord zal hebben over wie zaken doet in Europa en waar Europese fondsen investeren.
Maar waar is de heer Cameron in dit alles? Hij heeft de City of London – de belangrijkste Britse bedrijfstak – verraden. Hij heeft toegestaan dat opnieuw macht wordt overgedragen aan Brussel, zonder dat de Britse bevolking zich in een referendum heeft kunnen uitspreken. Namens de Britse beheerders van alternatieve fondsen kan ik slechts zeggen: u wordt bedankt, mijnheer Cameron. Kom niet bij ons om hulp vragen om de Britse economie te reactiveren!
Hans-Peter Martin (NI). – (DE) Mijnheer de Voorzitter, hoe graag zou ik niet voor mijn kiezers gaan staan en zeggen “Ja, we hebben iets groots bereikt. Ja, we hebben eindelijk een doorbraak tot stand gebracht waar – geheel in tegenstelling met wat de vorige spreker zei – we volgens de mening van de overgrote meerderheid van de Europeanen, duidelijke regels nodig hebben”.
Helaas is hier echter weer een grote kans blijven liggen. Als u, mijnheer de commissaris, al bij de presentatie zegt dat de richtlijn eerder dan gepland herzien moet worden, en als verschillende sprekers nu zeggen “Het komt allemaal door de Raad, maar wij, het Europees Parlement, staan aan de goede kant”, vraag ik u: Waarom zeggen we morgen niet gewoon “nee”? Waarom staan we toe dat de Europese regeling voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen een grote gatenkaas blijft, juist vanwege deze passieve commercialisering? Waarom houden we ons niet aan de zoveel bejubelde uitspraak van de Duitse bondskanselier: “Geen product, geen speler, geen instelling mag ongereguleerd blijven”? Hoe is het mogelijk dat juist als reactie op datgene waaraan wij morgen als stemvee onze goedkeuring gaan geven, we er hier in dit Parlement getuige van moesten zijn dat voor de eerste keer vanuit veel verschillende hoeken werd gezegd – door veel leden van veel verschillende fracties – dat we onafhankelijke expertise nodig hebben, dat we "financewatch.org" nodig hebben? We zijn hulpeloos uitgeleverd aan de lobbyisten. Waarom hebben we morgen het lef niet om aan te geven wat we geloven dat we tot stand kunnen brengen door “nee” te zeggen? Waarom laten we wederom precies diegenen in de steek die we zouden moeten vertegenwoordigen – met andere woorden private equity en de uitholling van bedrijven? Ik vind dat uiterst beschamend, en het zal Europa en de Europese gedachte meer kwaad dan goed doen.
Gunnar Hökmark (PPE). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, laat ik eerst de heer Gauzès feliciteren met de verantwoorde en luisterende leiding die hij aan dit moeilijke proces heeft gegeven. Ik wil herhalen, niet het minst ten behoeve van de collega's die zeggen dat zij morgen tegen dit verslag zullen stemmen – en dit klinkt misschien zo voor de hand liggend dat het niet gezegd zou moeten hoeven worden, maar soms moeten open deuren toch worden ingetrapt – dat private equity en dynamische financiële markten niet alleen belangrijk zijn voor een concurrerende economie, maar echt onmisbaar zijn.
We hebben ze nodig en ze zijn goed voor een sterke economie. Daarom denk ik dat het verslag waarover we morgen zullen stemmen, onze steun waard is. Wanneer we over private equity debatteren, hebben we het over de mogelijkheden voor kleine en middelgrote ondernemingen om te groeien en zich te ontwikkelen. We zijn voor private equity tot een oplossing gekomen die private-equityfondsen niet benadeelt. Deze oplossing geeft ons openheid voor derde landen en voor beleggingen in andere delen van de wereld; zo was het niet altijd. We hebben de wetgeving in dat opzicht verbeterd.
Ik denk dat het belangrijk is dat we het toepassingsgebied hebben beperkt, zodat we ons niet meer bezighouden met wat industriële ondernemingen waren, nu we een uitzondering hebben gemaakt voor holdings. Als we het oorspronkelijke voorstel hadden geaccepteerd, zouden normale industriële ondernemingen en structuren in een aantal van onze landen zijn beschouwd als financiële instellingen. Dat zou nieuwe problemen hebben gecreëerd, niet alleen voor beleggingen, maar ook voor de industriële ontwikkeling. Al met al had het, zoals altijd, beter gekund, maar het belangrijke is dat we nu de eerste vereisten hebben voor dynamische, financiële markten die goed zijn voor de Europese economie.
Udo Bullmann (S&D). – (DE) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, terwijl ik naar dit debat luister, moet ik toegeven dat het mij heel erg doet denken aan het debat over de dienstenrichtlijn. Ik zal u zeggen waarom. Ook toen hebben mijn collega's van de Fractie De Groenen/Vrije Europese Alliantie en de Confederale Fractie Europees Unitair Links/Noords Groen Links verklaard dat er in dit Parlement een regeling op tafel lag die niet perfect was, niet volledig, en toch zijn ze nu al jarenlang dankbaar voor het feit dat de Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten in het Europees Parlement deze regeling toen hier heeft doorgezet. Dat is de waarheid over deze regeling waarover wij morgen zullen stemmen. In feite hebben we de verbeteringen van de voorstellen van de Raad en de Commissie in hoofdzaak te danken aan de heer Goebbels en mevrouw Regner, die hier voor verbeteringen hebben gestreden tegen al het verzet, met de steun en uitstekende samenwerking van de heer Gauzès, waarvoor ik hem wil bedanken.
In mijn land, Duitsland, zal dat wat wij hier over de private-equityfondsen zijn overeengekomen, voor echte verbeteringen zorgen voor werknemers en voor kleine en middelgrote ondernemingen, die niet langer bang hoeven te zijn dat zij gewoonweg opgegeten zullen worden door de zwarte schapen onder de private-equityfondsen, die zich aan geen enkele standaard houden. Wanneer we deze dagen lezen en horen wat de pers ons vertelt, namelijk dat de fondsenindustrie zich niet meer op het Caraïbisch gebied maar op Europa richt, omdat langetermijnbeleggers het belangrijk vinden dat het goede producten zijn waarin ze investeren, spreekt dat voor het werk van dit Parlement en niet ertegen.
Voordat we hier echter teveel praten over dynamiek, moet ik zeggen dat mijn fractie al sinds 2002 om een regeling vraagt. Misschien is er dynamiek geweest, maar pas in de afgelopen weken. Ik wil graag de fungerend voorzitter van de Raad en de commissaris bedanken, want u hebt persoonlijk voor deze dynamiek gezorgd. Vertelt u alstublieft aan uw collega's in de Raad dat we met deze slappe methode, van “ja, maar” en de weigering om betere regelingen door te zetten in Europa, er niet in zullen slagen om de volgende stukken wetgeving over derivaten of ongedekte baissetransacties "short selling" door te zetten. Daar moet verandering in komen. Dat is de oproep van dit Parlement.
Sharon Bowles (ALDE). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, er hebben in de commissie, in trialogen en verder in de lidstaten, met de media, met verschaffers van risicokapitaal en met beheerders van allerlei soorten fondsen lange en moeilijk besprekingen plaatsgevonden over deze richtlijn. Het is interessant dat de lidstaten die zich de meeste zorgen maakten over de activiteiten van hedgefondsen, ook de lidstaten waren die geen enkele regelgeving hadden voor beheerders van hedgefondsen, noch gedragscodes om een einde te maken aan de verkoop aan kleine beleggers van sommige producten die alleen geschikt zijn voor professionele beleggers. Evenzo waren de lidstaten die zich de meeste zorgen maakten over de verzilvering van waardevolle activa ("asset stripping") en verborgen overnames, landen zonder benedendrempel voor de kennisgeving van aandelenbezit en zonder kennisgeving van zogenoemde "contracts for difference".
Maar nu zal er bescherming zijn, waar men zich ook bevindt in de EU – en dat is goed. In de toezichtstructuur hebben we een grote stap gezet in de richting van gemeenschappelijke spelregels. De les van de BAB's is dat we ook stappen moeten zetten naar het vroegtijdig delen van beste praktijken.
Ik zeg dus tegen de City, tegen mijn eigen lidstaat, het Verenigd Koninkrijk: let op wanneer u de export naar Europa bevordert van een compleet pakket marktvoorschriften waaraan u al voldoet. Het eindproduct zal misschien niet precies hetzelfde zijn, en u zult zich daarom mogelijk moeten aanpassen, en ik vrees dat daar kosten aan verbonden zullen zijn. Maar het delen van deze beste praktijk, ideeën vroegtijdig exporteren, is de manier om het trauma van wetgeving in een later stadium te voorkomen.
Dit gezegd hebbende, is het eindresultaat dat we nu hebben, open en redelijk evenwichtig. Het wijkt niet af van de normen van het vennootschapsrecht. Het is niet perfect, en het is zeker niet zo beknopt als ik zou willen, maar gezien alle omstandigheden, noem ik het een goed resultaat. Ik wil minister Reynders en commissaris Barnier persoonlijk willen bedanken voor hun zeer belangrijke en actieve betrokkenheid bij de trialogen.
Kay Swinburne (ECR). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, de BAB-richtlijn was het allereerste stuk wetgeving dat ik op mijn bureau kreeg, toen ik achttien maanden geleden voor het eerst werd gekozen, dus het is echt een opluchting om het deze week eindelijk in de plenaire vergadering behandeld te zien, nu we eindelijk overeenstemming hebben bereikt. De invoering van een paspoortregime voor alternatieve beleggingsfondsen, om in de hele EU actief te mogen zijn, tezamen met dat van een universele set spelregels voor hun activiteiten, zou de volgende waardevolle stap moeten zijn in het creëren van een werkelijk eengemaakte markt voor financiële diensten voor Europa en zou in zijn huidige aangepaste vorm door de bedrijfstak moeten worden verwelkomd.
Als voormalig beheerder van een in het Verenigd Koninkrijk gereguleerd fonds hoop ik nu dat dit wereldwijd snel de standaard voor hoge kwaliteit zal worden in de regelgeving voor beleggers, zoals instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe's) dat in het verleden zijn geweest en nog steeds in de hele wereld zijn.
Ik hoop echter dat iedereen die bij dit proces betrokken is geweest, onderweg een paar lessen heeft geleerd met betrekking tot de beginselen van betere regelgeving. Het is duidelijk dat dit niet moet worden gezien als een voorbeeld van betere regelgeving, en ik hoop dat we, gezien de uitgebreide agenda van financiële wetgeving in de komende paar maanden, een herhaling van dit inefficiënte proces kunnen voorkomen.
Astrid Lulling (PPE). - (FR) Mijnheer de Voorzitter, gedurende de gehele moeilijke bevalling van de richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen heb ik onophoudelijk gepleit voor het beginsel van gelijke behandeling van fondsbeheerders, of zij nu binnen of buiten de Unie zijn gevestigd. Dit klinkt logisch, maar deze logica is op heel wat weerstand en problemen gestuit.
Het resultaat waarover wij ons vandaag buigen, is bevredigend. Ik dank de onderhandelaars en vooral onze rapporteur, de heer Gauzès, die na deze uiterst pijnlijke bevalling een lang kraamverlof verdient.
Ik wil graag benadrukken dat de behandeling van derde landen van twee kanten moet worden bekeken, afhankelijk van de vraag of we ons binnen of buiten de Europese Unie bevinden. Met name dankzij het Europees Parlement is op alle fondsen die in de Europese Unie worden aangeboden, vergelijkbare regelgeving van toepassing. Daarbij is dus min of meer sprake van een gelijk speelveld.
Niettemin hoeven entiteiten die buiten de Europese Unie zijn gevestigd, zich tijdens de overgangsperiode alleen te houden aan nationale regelgeving inzake beleggingen, terwijl fondsen en beheerders in de Europese Unie de richtlijn in acht moeten nemen, die doorgaans strenger is. De situatie is anders op markten buiten de Europese Unie: daar blijft de richtlijn gelden voor Europese fondsen en hun beheerders, wat niet het geval is voor fondsen uit derde landen. Europese producten zullen dan ook veel moeilijker in de rest van de wereld worden verkocht doordat deze minder flexibel zijn en er hogere kosten aan zijn verbonden. Wij moeten ons bewust zijn van deze nadelige uitwerking, ook al viel hieraan niet te ontkomen.
Voor bewaarders wordt ook striktere regelgeving ingevoerd, met name voor wat betreft de nieuwe verantwoordelijkheden die zij krijgen. De hogere kosten zullen dan ook tot aanzienlijke wijzigingen in de sector leiden, mijnheer de Voorzitter. Ik zeg dat niet om te laten zien dat ik ertegen ben, maar om te benadrukken dat deze nieuwe regelgeving geen panacee vormt. Deze wetgeving moet worden ingevoerd, maar zal ook problemen met zich meebrengen, en dat moeten we beseffen.
Ivo Strejček (ECR). - (CS) De opkomst en de activiteiten van de hedgefondsen en de private-equityfondsen waren het gevolg van de verregaande regulering van de financiële markten reeds vóór het uitbreken van de financiële crisis. Financiële instellingen kozen namelijk voor deze instrumenten om de regulering van de kapitaalmarkt te kunnen omzeilen. Dus niet de alternatieve beleggingsfondsen, maar de hele wirwar aan regelgeving is de oorzaak van datgene dat we nu proberen op te lossen met nóg strengere regelgeving. Een basiskenmerk van kapitaal is dat het heel flexibel reageert en erg mobiel is. Staatsingrepen vermogen dus niets. Erger nog, indien de regelgeving te streng wordt, wordt dit segment van de financiëledienstenmarkt weggejaagd uit de Europese Unie. Of anders vindt het wel nieuwe, nog niet gereguleerde vormen. Een ding is in ieder geval zeker: onderhavig document is een reactie op het verleden, maar biedt geen enkel uitzicht op vermindering van het risico op toekomstige crises. Dat neemt echter niet weg dat de heer Gauzès cum suis naar mijn mening toch gedegen werk geleverd hebben.
Alfredo Pallone (PPE). – (IT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, vanzelfsprekend wil ik allereerst de onderhandelaars bedanken, en met name mijn collega Gauzès, alsmede de schaduwrapporteurs, voor het uitstekende werk dat is verricht voor de richtlijn over beheerders van alternatieve beleggingsfondsen, waardoor die fondsen eindelijk een uniforme set regels hebben binnen de hele Europese Unie.
Deze fondsen zijn verantwoordelijk voor het beheer van een beduidende hoeveelheid vermogen dat is geïnvesteerd in Europa en kunnen de markten aanzienlijk beïnvloeden. Hun invloed is grotendeels voordelig, maar hun activiteiten kunnen er ook toe bijdragen dat risico's worden verspreid in het hele financiële stelsel.
De nieuwe gemeenschappelijke bepalingen zullen de huidige 27 onderling verschillende nationale systemen vervangen en vergroten de capaciteiten van de interne markt. Alternatieve fondsen, onafhankelijk van waar ze gevestigd zijn, krijgen dus een Europees paspoort. Bovendien zal met de gemeenschappelijke regeling op Europees niveau worden voorkomen dat de fondsen profiteren van wetgevingen van lidstaten die gunstigere regels bieden. In het verleden heeft deze praktijk voor de hele Europese Unie tot een groot risico op speculaties geleid. Ik sta ook achter de invoering van de regels met betrekking tot de verzilvering van waardevolle activa ("asset stripping") en het verbod op ongedekte baissetransacties ("short selling"), twee punten die niet voorkwamen in het aanvankelijke voorstel van de Europese Commissie.
Tot slot is het om concurrentieverstoringen te voorkomen van fundamenteel belang dat een fonds uit een derde land over het paspoort kan beschikken om zijn activiteiten uit te voeren binnen de Europese Unie en aan dezelfde voorwaarden moet voldoen als fondsen uit de Europese Unie.
Theodor Dumitru Stolojan (PPE). – (RO) Ik zou om te beginnen de rapporteur, de heer Gauzès, willen bedanken. Wij zouden deze ontwerpresolutie vandaag niet op de agenda voor debat hebben staan als deze geachte afgevaardigde en degenen die met hem hebben samengewerkt niet zo vakkundig en vasthoudend waren geweest, en als de Commissie en de Raad niet zo'n betrokkenheid hadden getoond. Ik zal voor dit verslag stemmen vanwege de voordelen die het zal bieden door de activiteiten van deze fondsen transparant te maken ten aanzien van de kosten, het investeringsbeleid en ook de risico's die ze lopen. We zijn ons er maar al te goed van bewust dat we zonder transparantie niet kunnen praten over de verantwoordelijkheid die de beheerders van deze fondsen dragen.
Daarnaast kunnen we er zeker van zijn, door toezicht en controle op deze fondsen in te voeren, dat hiermee een van de lacunes wordt gedicht die nog steeds bestaan in het financiële toezicht in Europa, waarmee rechtstreeks wordt gereageerd op de terechte eisen van de Europese burgers die heel hard door deze wereldwijde financiële crisis zijn getroffen.
Diogo Feio (PPE). - (PT) Om te beginnen wil ik de commissaris, de vertegenwoordigers van de Raad, de schaduwrapporteurs en vooral de rapporteur van het Europees Parlement bedanken. Ik weet heel goed hoeveel tijd en energie hij in dit onderwerp gestoken heeft, en hoeveel problemen hij daarbij is tegengekomen, om een consensus te kunnen bereiken op dit onderwerp. Daarom feliciteer ik de heer Gauzès.
En dan nu de inhoud. Daarbij wil ik graag ingaan op drie belangrijke punten uit de gepresenteerde oplossing. Op de eerste plaats de zorg om de relatie met de realiteit, die naar voren komt uit de neiging toe te staan dat dat wat anders is, ook anders behandeld wordt. De fondsen verschillen qua omvang, kenmerken en de risico's die eraan verbonden zijn. In de tweede plaats, de zorg over de financiële stabiliteit, die goed naar voren komt uit de definitie van kapitaalniveaus. En in de derde plaats de zorg ten aanzien van het tegengaan van protectionisme, waarvan de overeenkomst met betrekking tot derde landen duidelijk getuigt. Al met al is dit een oplossing die meer transparantie garandeert, meer zekerheid voor de markt en meer bescherming voor de consument. Het is een meer Europese oplossing, die beter is voor de interne markt. Met meer regulering krijgen we echt een betere markt.
Miroslav Mikolášik (PPE). - (SK) Ik ben ervan overtuigd dat het belangrijk is een systematisch kader te scheppen voor het toezicht op alternatieve beleggingsfondsen. De regulering van deze fondsen maakt deel uit van de regulering van de financiële sector in bredere zin, die herhaling van de financiële crisis moet voorkomen.
Ik sta achter het voorliggende verslag en wil benadrukken dat we daarmee de toegang van alternatieve beleggingsfondsen uit derde landen tot landen van de Europese Unie geenszins willen beperken, maar universele voorwaarden willen vastleggen, waaraan niet alleen het alternatieve beleggingsfonds moet voldoen, maar ook het derde land waar het is gevestigd.
Aangezien openbaarmaking van informatie en toezicht sleutelbegrippen zijn voor het voldoen aan de voorwaarden van de richtlijn, is het belangrijk om absolute transparantie ten opzichte van de toezichtsorganen in te voeren. Tot slot wil ik de heer Gauzès bedanken voor zijn voortreffelijke werk.
Zigmantas Balčytis (S&D). – (LT) Dank u, mijnheer de Voorzitter. Om te beginnen zou ik de vertegenwoordigers van de Europese Commissie en de rapporteurs willen bedanken voor een zeer belangrijk document. De financiële en economische crisis heeft tekortkomingen in de werking van en controle op ons financiële systeem blootgelegd. Momenteel wordt in Europa reeds wetgeving aangenomen waarmee op EU-niveau een streng systeem tot stand wordt gebracht waardoor de activiteiten van de financiële instellingen gemonitord en geëvalueerd kunnen worden, en er zo nodig passende aanbevelingen kunnen worden gedaan en stappen kunnen worden ondernomen. Deze toezichtstructuur zou ook van toepassing moeten zijn op alternatieve fondsen. Als we willen dat het financiële systeem stabieler wordt en dat beleggers, dat wil zeggen onze burgers, beter beschermd worden, dan moeten ook de activiteiten van dergelijke fondsen gecontroleerd en gemonitord worden op EU-niveau. De regels moeten voor eenieder die op dit terrein opereert identiek zijn en we moeten geen lacunes overlaten waarbinnen ongecontroleerde activiteiten kunnen plaatsvinden. We moeten van eerdere fouten leren en ze niet herhalen. Ik ben van mening dat niet slechts Europa van die fouten leert, maar alle landen van de wereld.
Ilda Figueiredo (GUE/NGL). - (PT) We hebben het hier over een heel belangrijk onderwerp, vooral gezien de problemen die zich in de financiële sector hebben voorgedaan met dit soort alternatieve beleggingsfondsen. Feit is echter dat met de gevonden oplossingen de echte problemen niet worden aangepakt. De regelgeving is volstrekt ontoereikend, en er blijven enorme speculatieve risicofactoren bestaan, zoals in de toekomst zal blijken. Het is niet genoeg om over toezicht en regulering te praten. We hebben een duidelijk standpunt nodig, om een einde te maken aan financiële derivaten en hedgefondsen, en om te waarborgen dat er effectieve openbare en politieke controle kan worden uitgeoefend op de hele financiële sector, en in het bijzonder op de financiële transacties, en ook dat er wereldwijd een einde wordt gemaakt aan de belastingparadijzen. De Europese Unie moet het goede voorbeeld geven.
Seán Kelly (PPE). – (GA) Mevrouw de Voorzitter, net als de andere sprekers wil ik commissaris Barnier, het Belgische voorzitterschap en Jean-Paul Gauzès feliciteren met hun goede werk. Jean-Paul heeft voorbeelden gegeven van dat goede werk.
(EN) Hij zei dat er 1 170 amendementen zijn geweest, tweehonderd gesprekken en een half dozijn trialoogbijeenkomsten. Dat is zeker hard werken, en hopelijk levert het iets op.
Na de Tweede Wereldoorlog zeiden de leiders – Schuman en anderen – dat dit nooit meer mocht gebeuren. Nu, zestig jaar, later zeggen we hetzelfde over deze economische crisis en het falen van het toezicht en de regelgeving. Wat dat aangaat zullen we met de nieuwe toezichtstructuur gelukkig een heel eind komen, en vandaag zullen we het plaatje hopelijk compleet maken via de BAB-richtlijn.
Ik heb echter één vraag, en die luidt: zijn zij ervan overtuigd dat de wederkerigheid van de markttoegang waarover is gesproken, gelijke mededingingsvoorwaarden zal scheppen voor de Europese Unie?
Elena Băsescu (PPE). – (RO) Ik zou om te beginnen de heer Barnier en de heer Gauzès willen bedanken voor de uitstekende resultaten die zij tijdens de recente onderhandelingen hebben geboekt. Een van de voordelen van de aanneming van deze richtlijn is dat systeemrisico's nauwlettend in de gaten worden gehouden. Dit zal specifiek worden gedaan op basis van samenwerking tussen de nationale autoriteiten en het Europees Comité voor systeemrisico's. Nog een belangrijke vorm van samenwerking zal plaatsvinden tussen de nationale instanties en de Europese Autoriteit voor effecten en markten. Laatstgenoemde mag aanbevelingen doen en kan betrokken worden bij het toezicht op nationale systemen.
Ook denk ik dat het belangrijk is om extra bepalingen op te nemen met betrekking tot de transparantie van de werkzaamheden die door de fondsenbeheerders worden uitgevoerd. Tegelijkertijd verwelkom ik de invoering van een eenvoudigere regeling voor beheerders van kleine en middelgrote ondernemingen, om zo de toegang tot alternatieve investeringsbronnen een impuls te geven.
Othmar Karas (PPE). – (DE) Mevrouw de Voorzitter, de hedgefondsregeling is geen gevolg van de crisis. Ze vult een gat in de regelgeving. Ze zal ons een stap verder brengen in de richting van europeanisering van de interne markt voor financiële producten. Waar draait het allemaal om? We gaan alle fondsen registreren en autoriseren. We zullen een minimale kapitaalvereiste instellen van 125 000 euro. De Europese Autoriteit voor effecten en markten zal de toezichthouder zijn. Ons principe van transparantie zal worden toegepast op de investeringsstrategie, het investeringsbeleid, de betalingsmethoden en de delegaties. Het concept van de interne markt zal in de praktijk worden omgezet door middel van het paspoort. Er zal geen EU-paspoort zijn voor fondsen die meer dan dertig procent van hun investeringen buiten de EU doen. De bonusregeling die we voor bankbeheerders hebben geïntroduceerd, zal ook worden uitgebreid naar de beheerders van hedgefondsen om hier voor duurzaamheid te zorgen en het risico te minimaliseren. Dit is een goed resultaat.
Michel Barnier, lid van de Commissie. − (FR) Mevrouw de Voorzitter, ik dank u. Ik denk dat de heer Reynders u op zijn beurt ook zal danken. Ik wil het Parlement graag danken voor de uiterst constructieve houding die het tijdens deze lange onderhandelingen aan de dag heeft gelegd. Het debat dat wij zojuist hebben gevoerd, is daarvan een bevestiging.
De heer Klinz sprak zojuist over “meer transparantie”. Ik ben altijd van mening geweest dat transparantie een essentieel aspect is van de verantwoordelijkheid in de gehele financiëledienstensector. Daarom zorgen wij in deze sector samen voor transparantie en richten wij onze schijnwerpers op mensen die dat waarschijnlijk niet echt gewend zijn.
Ik ben het oneens met mevrouw Andreasen dat deze transparantie een handicap vormt voor het concurrentievermogen van de financiële dienstverlening. Ik denk zelfs dat het tegendeel waar is. Op 13 januari heb ik hier uitgelegd dat Europa aantrekkelijk is voor de financiële sector: alle elementen van de financiële sector in Europa worden geleidelijk op een steeds gezondere, steeds transparantere, steeds betrouwbaardere, en, in mijn optiek, vaak ook ethisch meer hoogstaande basis gestoeld. Dat biedt een concurrentievoordeel ten opzichte van andere regio's in de wereld. En daar zijn we nog niet mee klaar, dames en heren.
Het is de eerste keer dat er Europese regels in deze zeer belangrijke sector worden ingevoerd, zoals de heer Balz ook heeft aangestipt. Zo zullen er diverse ambitieuze doelstellingen worden bereikt met echte vooruitgang. Zo heeft de heer Bullmann het werk van het Parlement in samenwerking met de Raad en de Commissie zojuist genoemd.
De vooruitgang bestaat in de verbetering van het toezicht op systeemrisico's. Zo worden beleggers beter beschermd, zoals mevrouw Bowles ook heeft aangegeven. De transparantie in de particuliere beleggingssector neemt aanzienlijk toe. De heer Hökmark heeft gewezen op het belang van deze sector. Tot slot ontstaat er voor institutionele beleggers een echte interne markt voor alternatieve beleggingsfondsen. De heer Kamall heeft zijn zorg geuit over het feit dat er geen onderscheid wordt gemaakt, en ik deel deze zorg. Er wordt inderdaad geen onderscheid gemaakt; we hebben alleen een aantal eenvoudige eisen, en ik denk dat dat een goede zaak is.
Tot slot wijs ik iedereen die had gehoopt verder te kunnen gaan erop dat dit een compromis is, en wel een dynamisch compromis. We leven niet in een ideale wereld, zoals mevrouw Regner vandaag al zei. Dat is waar. Het zou gewenst of wenselijk zijn geweest als we veel verder waren gegaan dan het compromis waarover u zich gaat uitspreken, maar het is een dynamisch compromis en de herzieningsclausules houden in dat deze wetgeving de komende jaren nog kan worden gewijzigd. Mijnheer Giegold, mijnheer Klute, er zullen verdere discussies plaatsvinden, en we zullen ook terugkomen op passieve marketing en de rol van de EAEM. De heer Karas heeft dit punt zojuist aangestipt, en de heer Goebbels heeft eerder terecht gewezen op het belang van de EAEM. Mijnheer Goebbels, u had het over 72 specifieke bevoegdheden in elf verschillende categorieën. Dat betekent dat de EAEM echte bevoegdheden krijgt, en dat hebben wij grotendeels aan het Parlement te danken.
Ik richt dan ook een woord van dank aan u allen. Ik heb vrijwel alle sprekers namens alle fracties, ook degenen die waarschijnlijk tegen deze tekst zullen stemmen, complimenten horen uiten aan de rapporteur, de heer Gauzès, voor zijn ontvankelijkheid, zijn deskundigheid en de goede betrekkingen die hij heeft weten aan te knopen. Ik denk niet dat hij de tijd krijgt om kraamverlof op te nemen, want de komende weken staan er veel andere zaken op de agenda. Maar ik zou het hele team van de Commissie dat met mij heeft samengewerkt en hier vanavond aanwezig is willen danken, en ik wil me graag persoonlijk en namens de Europese Commissie aansluiten bij de woorden van dankbaarheid aan uw rapporteur, de heer Gauzès, voor het uitstekende werk dat hij heeft geleverd.
(Applaus)
Didier Reynders fungerend voorzitter van de Raad. − (FR) Mevrouw de Voorzitter, ik ga niet herhalen wat de heer Barnier net heeft gezegd, ik heb hiertoe al eerder de gelegenheid gehad. Wel wil ik iedereen danken die het woord heeft gevoerd, zowel om de voorgestelde tekst te steunen als om een aantal opmerkingen te formuleren waaruit toch blijkt dat wij met deze tekst op Europees niveau vooruitgang boeken in de regulering van al deze alternatieve beleggingsfondsen.
Ik heb eerder al gezegd dat dit de eerste echte Europese regelgeving terzake is. Ik denk dat we ons ervan bewust moeten zijn dat we met de versterking van de rol van de EAEM de goede weg inslaan, maar ik heb verschillende sprekers passieve marketing horen noemen. We nemen een aantal concrete maatregelen op dit gebied, en hetzelfde geldt voor private-equityfondsen, gestoeld op de noodzaak van betere informatie en steeds meer transparantie, ook jegens de werknemers van bedrijven die soms het doelwit zijn van acties van deze fondsen.
Ter afsluiting wil ik op twee zaken wijzen. Ten eerste zijn er mensen die van oordeel zijn dat we niet ver genoeg gaan en vinden anderen dat we helemaal geen regelgeving hadden moeten opstellen. Ik heb een zeer Belgische overtuiging dat we waarschijnlijk tot een goed compromis zijn gekomen. Als er van beide kanten pijlen worden gericht op het compromis, dan zit er blijkbaar dus een redelijk doeltreffende logica achter onze werkzaamheden.
Ik zou de heer Bullmann willen zeggen dat we een aantal stappen voorwaarts hebben gezet met de toezichtsstructuur. We zijn nu bezig met financiële beleggingen en gaan ons ook buigen over beleggingsfondsen en financiële conglomeraten.
Ik complimenteer de heer Gauzès nogmaals. Eerder heb ik tegen hem gezegd dat wij ons ook gaan toeleggen op ratingbureaus, en ik kan hem vertellen dat zowel het Belgische voorzitterschap als de Commissie bereid zijn om de discussies over derivaten in een hogere versnelling te brengen. Ik heb navraag gedaan en kan u vertellen dat het verslag in principe in maart volgend jaar door de desbetreffende Parlementscommissie kan worden aangenomen.
Mocht het mogelijk blijken om deze datum te vervroegen, dan zijn wij bereid om te proberen het proces te versnellen. Laat u het ons vooral weten als dat u een haalbare kaart lijkt. Het doet me echt deugd dat we een akkoord hebben weten te bereiken over een dergelijke tekst. Wij zullen trachten de komende weken nog meer teksten aan te nemen. Nogmaals bedankt. Mijnheer Gauzès, mijn dank is oprecht, want in de komende dagen zullen wij opnieuw samenwerken.
(Applaus)
Jean-Paul Gauzès, rapporteur. − (FR) Mevrouw de Voorzitter, eerder ben ik vooral op de technische kant ingegaan. Mijn laatste twee minuten zou ik graag willen gebruiken voor enkele woorden van dank, die op hun plaats zijn: allereerst dank ik alle collega's die vandaag het woord hebben gevoerd, met name degenen die hebben gezegd de tekst te zullen steunen. Voor degenen die er niet voor zullen stemmen: het is geloof ik niet echt een belediging om in dezelfde categorie als de heer Cameron te worden geschaard.
Ik wil de schaduwrapporteurs van de fracties danken: de heer Goebbels, de heer Bullmann, de heer Canfin, de heer Klute en mevrouw Regner, die rapporteur voor advies was van de Commissie juridische zaken. Ik noem hen omdat zij mij in het eerste gedeelte van de procedure uitstekend hebben bijgestaan. Wij hebben zeer productief samengewerkt, waarbij eenieder zijn eigen standpunten heeft uiteengezet, en daarvoor wil ik hen danken. Ik ben blij dat de Fractie Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa en de Fractie Europese Conservatieven en Hervormers zich bij ons hebben gevoegd nu er een compromis is gevonden. Ik ben dan ook ingenomen met het feit dat de heren Klinz en Kamall samen met mij het amendement hebben ondertekend dat het oorspronkelijke verslag vervangt.
Ik wil een speciaal woord van dank richten tot de heer Barnier, die zich zeer betrokken heeft getoond bij dit dossier. Hij weet hoezeer ik hem waardeer. Ik weet dat hij weet dat het Parlement op hem rekent en hem zal steunen om de bouwstenen te leggen waaraan zowel hij als wij grote waarde hechten. Het is enigszins ongebruikelijk, maar ik wil ook de heer Bassi danken, met wie ik de afgelopen tijd zeer productief heb samengewerkt, en de tekst is dan ook het resultaat van werk binnen de Commissie.
Mijnheer de minister, ik heb de indruk dat u een steentje hebt bijgedragen toen u in uw complimenten vroeg of er op de werkzaamheden zal worden voortgeborduurd. Allereerst dank ik u daarvoor, want zonder u zouden we wat de lidstaten betreft geen stap verder zijn gekomen. En dat zeg ik in alle eerlijkheid, niet uit beleefdheid of aardigheid. Ik denk dat uw persoonlijke betrokkenheid van doorslaggevende betekenis is geweest voor de vooruitgang die in de Raad is geboekt en het akkoord dat tot stand is gekomen. U hebt alle belangrijke fracties aan de tekst weten te binden, en gezorgd voor de meerderheid die wij beiden voor deze richtlijn willen behalen.
Zonder de medewerking van onze collega's aan de linkervleugel, die ik dankbaar ben, zou deze richtlijn niet de geloofwaardigheid hebben die zij naar mijn overtuiging morgen na een brede stemming zal hebben. U hebt gezegd dat het cruciaal was voor toezicht, en voor deze richtlijn gold dat ook. Ook uw medewerkers ben ik dankbaar, mijnheer de minister. Ik verzoek u hen namens de rapporteur te danken voor hun inzet. De debatten waren af en toe nogal verhit, maar hoewel ik nu in Normandië woon, ben en blijf ik een zuidelijk type en wint mijn zuidelijke temperament het soms van de Normandische inslag.
Mijnheer de minister, mijnheer de voorzitter van de Raad Ecofin, ik hoop echt dat we vóór het einde van dit jaar de werkzaamheden met betrekking tot ratingbureaus kunnen afronden. Op 22 november wordt hierover gestemd in de commissie, in december in Straatsburg en als de Raad er klaar voor is, dan zijn wij het ook.
(Applaus)
De Voorzitter. – Het debat is gesloten.
De stemming vindt morgen plaats.
Schriftelijke verklaringen (artikel 149)
Dominique Baudis (PPE), schriftelijk. – (FR) De wereldwijde financiële crisis heeft aangetoond dat er een minimale regulering moet worden ingevoerd voor de internationale financiële handel. Het Europees Parlement heeft in september aangegeven dat er toezicht op de markten geboden is en op 11 november opnieuw een sterk signaal aan de rest van de wereld afgegeven. Alternatieve fondsen (hedgefondsen) die Europa binnenkomen, zijn voortaan aan striktere Europese regels geboden. Bovendien moeten zij worden geregistreerd bij de autoriteiten en binnen de Europese Unie worden beheerd. Veel faillietverklaringen, beurscrashes en maatschappelijke crises zijn te wijten aan het gebrek aan regulering van deze activa. Frankrijk gaat een lang jaar het voorzitterschap van de G20 bekleden. De eerste prioriteit is de hervorming van het internationale financiële stelsel. Met deze stemming plaatst Europa zich in de voorhoede.
Sebastian Valentin Bodu (PPE), schriftelijk. – (RO) Dit verslag over beheerders van beleggingsfondsen heeft heel veel discussie doen ontbranden tussen de verschillende fracties in het Europees Parlement en tussen het Parlement en de Raad. Ik blijf bij de opvatting, die ik ook kenbaar heb gemaakt tijdens de discussies voorafgaand aan de stemming in de Commissie juridische zaken, dat het voorstel van de Commissie een grote vergissing is en er een opvallend gebrek aan inzicht uit spreekt over de rol van beleggingsfondsen (private-equityfondsen en hedgefondsen), en ook dat ze worden verward met banken, als de instellingen die schuldig zijn aan het teweegbrengen van de financiële crisis, deze gesloten beleggingsfondsen en de open beleggingsfondsen (collectieve beleggingsfondsen).
Achter de goedbedoelde uitgangspunten, die helaas zijn aangenomen door collega-Parlementsleden die niet begrijpen wat financieel beheer en macro-economie inhouden, ligt regelgeving verborgen die niet alleen niets te maken heeft met het voorkomen van een nieuwe crisis, maar in feite niets meer zal doen dan de kosten van het beheer van een alternatief beleggingsfonds ten onrechte en op absurde wijze te laten stijgen, hetgeen zal resulteren in minder kapitaal, een lager rendement en minder investeringen. Ik geef eerlijk toe dat ik zeer geschokt ben dat deze stoomwalsmentaliteit de overheersende is in de EU, hetgeen doet denken aan de jaren vijftig van de vorige eeuw toen instituties in Oost-Europa op basis van hoogdravende leuzen werden vernietigd.
George Sabin Cutaş (S&D), schriftelijk. – (RO) De economische en financiële crisis heeft ons duidelijk gemaakt dat wij strengere controle moeten uitoefenen op marktdeelnemers. Zij hebben zich aan buitengewoon grote risico's blootgesteld die tot grote beroering in het wereldwijde financiële systeem hebben geleid. Volgens de analyse van de Europese Centrale Bank gaat er in de Europese Unie in de wereld van de beheerders van alternatieve beleggingsfondsen ongeveer zevenhonderd miljard euro aan activa om, wat een belangrijke rol speelt bij de financiering van de economie van de Unie.
Daarom juich ik het voorstel van de Commissie over de vergunningverlening aan, en het toezicht op deze fondsen, en de invoering van een Europees paspoort op dit gebied toe. Het ontwikkelen van een Europese interne markt voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen zal een bijdrage leveren aan het beperken van systeemrisico's en investeerders betere bescherming bieden, doordat zij zich aan de regels van de nieuwe Europese toezichtstructuur voor de economie moeten houden. Tegelijkertijd zal de Commissie binnen een redelijke termijn een beoordeling van de resultaten van het harmonisatieproces moeten presenteren om te kunnen garanderen dat dit geen verstoring van de markt heeft veroorzaakt.
Proinsias De Rossa (S&D), schriftelijk. – (EN) Ik steun dit stuk wetgeving dat hedgefondsen en private equity reguleert. Er moet op dit gebied nog veel meer gebeuren, maar dit is een belangrijke stap naar een betere regulering van de activiteiten van beheerders van alternatieve beleggingsfondsen, waartegen weerstand bestond, zelfs nog nadat de financiële crisis in 2008 hard had toegeslagen. Ik denk hierbij met name aan Charlie McCreevy, de commissaris voor de Interne Markt die indertijd was belast met dit dossier. Wanneer de nieuwe Europese toezichtstructuur eenmaal volledig functioneert, zullen fondsbeheerders hun producten niet meer in de Europese Unie op de markt kunnen brengen, tenzij zij beschikken over een Europees paspoort dat bevestigt dat zij volledig voldoen aan de voorschriften van deze richtlijn. Strikte aansprakelijkheid van de bewaarders zal ervoor zorgen dat beleggers altijd een schadevergoeding kunnen eisen en worden ingelicht over de redenen voor een mogelijke delegering van de aansprakelijkheid. Essentiële nieuwe clausules, waarop wij hebben gestaan en waartegen weerstand bestond in de Raad, zijn de bepalingen die het verzilveren van waardevolle activa bestrijden. Werknemers zullen worden beschermd tegen marktondermijnende fondsen die uit zijn op het maken van snelle winsten door het opzettelijk vernietigen van levensvatbare ondernemingen. Uitkeringen aan beleggers en kapitaalsverminderingen zullen in de eerste twee jaar na een overname worden beperkt, en werknemers zullen toegang hebben tot informatie over de beoogde plannen voor hun onderneming.
Jiří Havel (S&D), schriftelijk. – (CS) Alternatieve beleggingsfondsen, zoals hedgefondsen en private-equityfondsen, hebben ontegenzeggelijk hun steentje bijgedragen aan het ontstaan van de huidige wereldwijde crisis. Er wordt nu niet alleen hier in de EU, maar ook in de VS gekeken naar de mogelijkheden om ze te reguleren. Onderhavig verslag sluit aan op het verslag-Rasmussen en het verslag-Lehne (beide van 2008) en behandelt het voorstel voor een richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen (AFIM). Het verslag omvat een overzichtelijke analyse van het probleem van de alternatieve beleggingsfondsen, evenals een beschrijving van de belangrijkste punten: de regulering van de activiteiten van beheerders van alternatieve beleggingsfondsen, met inbegrip van de introductie van een gemeenschappelijk Europees paspoort; de verplichting voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen om voor elk door hen beheerd alternatief fonds een onafhankelijke taxateur aan te trekken om de activa te waarderen; de vereiste de transparantie van alternatieve beleggingsfondsen en marktregels te vergroten, en tot slot de regulering van baissetransacties. Met de richtlijn kunnen lidstaten tevens beheerders toestemming geven om alternatieve fondsen aan te bieden aan niet-professionele beleggers. Er zijn echter ook bezwaren gemaakt tegen de voorgestelde regelgeving (denk aan het verslag-Larosière, de Turner Review en de reactie van de Alternative Investment Management Association). Indien de richtlijn in kwestie wordt aangenomen, leidt dat naar waarschijnlijkheid niet tot grote veranderingen voor alternatieve beleggingsfondsen in de Tsjechische Republiek, gezien de reeds verregaande Tsjechische regelgeving op dit vlak. Het verslag van de heer Jean-Paul Gauzès bevat mijns inziens een nauwkeurige analyse van de problematiek, alsook zinnige voorstellen ten aanzien van alternatieve beleggingsfondsen, en daarom zou ik willen aanbevelen het in zijn huidige gedaante goed te keuren.
Sirpa Pietikäinen (PPE), schriftelijk. − (FI) Dames en heren, ik wil allereerst de rapporteur, de heer Gauzès, complimenteren met zijn uitstekende werk voor dit complexe, technische en controversiële verslag. Toen het voorstel van de Commissie inzake beheerders van alternatieve beleggingsfondsen verscheen, zorgde het voor emoties, kritiek en lof van verschillende kanten. Het voorstel werd bekritiseerd, omdat het slecht en in het geheim was voorbereid. Zelf vond ik de grootste zwakte van het voorstel dat het in de richtlijn twee productgroepen samenbrengt die verschillend van aard zijn en daardoor een verschillend risico met zich meebrengen: de private-equityfondsen en de hedgefondsen. De ene groep richt zich op snelle winst, terwijl in de andere de investering een langere tijd rijpt. De risico's zijn vooral verbonden aan de eerste. Het debat in het Parlement en de Raad over de richtlijn resulteerde in een imperfect maar desondanks aanvaardbaar compromis. De richtlijn betreffende beheerders van alternatieve beleggingsfondsen is een belangrijk onderdeel van het nieuwe systeem voor financiële regulering en controle. Wij moeten echter beseffen dat de financiële controle ook na aanneming van deze richtlijn verbeterd moet blijven worden.
Marianne Thyssen (PPE), schriftelijk. – Voorzitter, collega's, met de stemming van morgen zet de EU in daden om wat afgesproken werd op de G20 in Londen. In navolging van het akkoord over financiële supervisie, toonden het Europees Parlement en het Belgische voorzitterschap dat het hen menens is om het financieel stelsel te hervormen. Het akkoord dat gevonden werd, is evenwichtig, omdat het een antwoord biedt aan drie bekommernissen: systeemrisico's beheersen, beleggers beschermen en een level playing field garanderen. Belangrijk is ook dat de EU zijn markt niet afsluit voor niet-EU kapitaal, wat een absolute vereiste is om onze Europese economie de nodige zuurstof te geven. De nieuwe geharmoniseerde regels zullen voor transparantie, rechtszekerheid en een versterkte interne markt zorgen.
Met name het Europees paspoort zal beheerders de toelating verstrekken om in de hele Europese Unie actief te zijn zonder zich in elke lidstaat afzonderlijk te moeten registeren. Ik wil ook benadrukken dat ik tevreden ben met de oplossing die werd gevonden voor private equity. Het lichter regime dat van toepassing is op de beheerders van kleine fondsen bevordert de creatie en de financiering van nieuwe ondernemingen in innoverende sectoren, vaak KMO's. Daarom moeten wij het politieke akkoord dat na 14 maanden onderhandelen tot stand kwam, met overtuiging steunen.