De Voorzitter. – Aan de orde is het debat over zes ontwerpresoluties over Wit-Rusland, met name de gevallen van Ales Michalevitsj en Natalia Radin(1).
Raül Romeva i Rueda, auteur. – (ES) Mijnheer de Voorzitter, ik denk dat het belangrijk is in gedachten te houden dat dit niet de eerste keer is dat we in dit Parlement praten over Wit-Rusland, en vanuit dat oogpunt is deze resolutie van belang in die zin dat zij op duidelijke wijze de arrestaties en opsluiting van leden van de oppositie veroordeelt alsook de schending van de grondrechten waaraan deze mensen zijn onderworpen.
Vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van vergadering en het recht op vrij verkeer in landen zoals Wit-Rusland zouden een prioriteit moeten zijn, en daarom moeten we oproepen tot de ogenblikkelijke en onvoorwaardelijke invrijheidstelling van deze mensen die we niet anders dan als politieke gevangenen kunnen beschouwen.
In de tweede plaats denk ik dat het ook van belang is dat we - zoals in de resolutie gedaan wordt – het gebruik van marteling in deze landen, net als in andere, op de meest stellige, onverzettelijke, duidelijke en overtuigende wijze veroordelen, ook als dat in de Europese Unie gebeurt, wat soms helaas het geval is. In een land waarmee we steeds nauwere nabuurschapsbetrekkingen onderhouden, waarmee we de banden aanhalen, is het gebruik van marteling als behandeling in gevangenissen, met name als daar politieke beweegredenen achter zitten, iets wat wij volkomen moeten verwerpen en volledig moeten veroordelen.
Ten slotte zou ik ook openlijk het vonnis willen veroordelen dat is uitgesproken tegen de jonge activist van de oppositie, alleen maar omdat hij had deelgenomen aan de demonstraties van 19 december. Ik denk dat het Europees Parlement terecht een duidelijk standpunt inneemt door tegen deze keuzes te protesteren, en ik eis dat zijn stem gehoord wordt.
Marietje Schaake , auteur. − (EN) Mijnheer de Voorzitter, een groot aantal figuren uit de oppositie, onder wie voormalig presidentskandidaten maar ook journalisten en verdedigers van de mensenrechten, zijn na de gebeurtenissen in Minsk van 19 december 2010 gearresteerd en zitten sindsdien opgesloten in detentiecentra van de KGB. Er circuleren berichten over martelingen door de KGB en afgedwongen bekentenissen. Deze ontwikkelingen passen in een breder patroon van repressie en politiek gemotiveerde processen tegen activisten van de oppositie, het maatschappelijk middenveld, de media en verdedigers van de mensenrechten dat tot op de dag van vandaag voortduurt.
Wij doen een dringend beroep op de autoriteiten van Wit-Rusland om politieke oppositie, maatschappelijke organisaties, vrije meningsuiting en pluriforme media toe te staan. Men moet zich aan de rechtsstaat houden. De autoriteiten van Wit-Rusland zouden aan geloofwaardigheid winnen als onderzoeken die overeenkomstig internationale maatstaven en met internationale deskundigen worden uitgevoerd nu meteen zouden beginnen. Wij moeten nadenken over beperkende maatregelen, waaronder economische sancties, tegen bedrijven die eigendom zijn van de regering van Wit-Rusland, maar we hopen dat dit niet nodig is. Wij zouden het toejuichen als meer landen in de internationale gemeenschap zich zouden aansluiten bij de oproep tot dergelijke maatregelen, omdat de status-quo onaanvaardbaar is.
Kristian Vigenin, auteur. − (EN) Mijnheer de Voorzitter, Wit-Rusland staat zo vaak op onze agenda omdat het ons niet koud laat, omdat we een democratisch Wit-Rusland willen zien waar de mensenrechten worden gerespecteerd. Ik heb echter de indruk dat de boodschappen die we zo vaak aan de autoriteiten van Wit-Rusland sturen, niet worden opgepikt: noch die van het Europees Parlement, noch die van de Europese Raad. De besluiten van de Raad hebben tot nu toe geen effect gehad op de situatie in Wit-Rusland.
Na een jaar van zeer bescheiden vooruitgang werd 19 december 2010 een keerpunt voor Wit-Rusland. Sinds die dag is het land tot een geïsoleerde positie vervallen: dit kan het regime enige tijd redden, maar het gaat ten koste van de toekomst van de Wit-Russische natie. Dit moet worden begrepen en we zullen Loekasjenko en zijn vrienden eraan blijven herinneren. Ik hoop dat president Loekasjenko goede nota zal nemen van de gebeurtenissen in de zuidelijke nabuurschap en begrijpt dat het enige verantwoordelijke gedrag democratisering en sociale en economische hervormingen in het land is.
Wij in het Europees Parlement zullen niet opgeven; wij eisen de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van alle gevangengezette demonstranten en dat alle politiek gemotiveerde aanklachten worden ingetrokken. Tegelijkertijd geloven wij nog steeds dat Wit-Rusland tijd heeft om te veranderen; wij werken momenteel met de andere vijf oosterburen samen om een oplossing te vinden die tot democratisering en de ontwikkeling van een situatie in Wit-Rusland leidt waarin aan het einde van dit jaar of begin volgend jaar vrije en eerlijke verkiezingen kunnen plaatsvinden.
Jacek Protasiewicz, auteur. − (PL) Mijnheer de Voorzitter, de eerlijke en ontroerende verklaring die Ales Michalevitsj bijna veertien dagen geleden heeft afgelegd, waarin hij de martelmethoden beschrijft die de Wit-Russische KGB toepast op de politieke tegenstanders van Alexander Loekasjenko, was bijzonder schokkend. Schokkend, omdat in de 21e eeuw nazistische en stalinistische methoden worden toegepast in een Europees land dat onlangs is overgegaan tot samenwerking met de Europese Unie in het kader van het Oostelijk Partnerschap.
In onze resolutie komt deze schok tot uiting, naast verontwaardiging en solidariteit met de vervolgden. Ik heb vandaag drie boodschappen. De eerste boodschap is voor Ales Michalevitsj, maar ook voor Anatoli Labiedzka en Mikhail Statkievitsj die nog in de gevangenis zitten: wij bewonderen jullie moed, wij staan naast jullie, we laten jullie niet in de steek.
De tweede boodschap is voor Alexander Loekasjenko: begin met het respecteren van de internationale verdragen die door uw land zijn geratificeerd, inclusief de gezamenlijke verklaring van de Top van het Oostelijk Partnerschap in Praag, en stop met de vervolging van uw eigen burgers.
De derde boodschap is gericht aan mevrouw Ashton: het is tijd voor economische sancties, omdat alleen op die manier de methoden om oppositieactivisten te vervolgen in Wit-Rusland kunnen worden veranderd.
Dank u wel.
Ryszard Czarnecki, auteur. − (PL) Mijnheer de Voorzitter, Wit-Rusland is een land dat grenst aan de Europese Unie, maar het lijkt alsof het duizend lichtjaren van ons is verwijderd en alsof de inwoners van dat land zich laten leiden door andere normen en waarden. Dat is echter niet waar. Ook daar wonen Europeanen, mensen die het gevoel willen hebben dat zij in een gemeenschappelijk Europa leven. De president van dit land die methoden toepast die we nog kennen uit de Sovjet-Unie van enkele decennia geleden, vormt het probleem. President Loekasjenko biedt ons een enkele reis verleden aan. In tegenstelling tot de heer Vigenin die voor mij heeft gesproken, vind ik dat we moeten geloven in onze Europese stem. Ik vind ook dat het Parlement en de Europese Unie druk mogen uitoefenen op de Wit-Russische autoriteiten om de mensenrechten te respecteren. Dat is niet zozeer een politieke, maar eerder een fundamentele morele en ethische kwestie. We moeten onze Wit-Russische broeders vandaag laten zien dat zij niet alleen staan.
Rui Tavares, auteur. – (PT) Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, we horen vaak over schendingen van mensenrechten buiten de Europese Unie. Sta mij toe dat ik het urgentiedebat dit keer begin met de stemming over de persvrijheid in Hongarije of liever in de Europese Unie, want respect voor de grondrechten in dit Parlement en respect voor de mensenrechten buiten de Europese Unie zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.
We hebben onze problemen hier in de Europese Unie kunnen bespreken, en we hebben daarover kunnen stemmen. Die stemming heeft dit Parlement duidelijk in tweeën verdeeld. Het heeft ons de afgelopen twee maanden veel werk gekost, maar nu kunnen we met opgeheven hoofd de confrontatie met president Loekasjenko van Wit-Rusland aangaan. We kunnen hem zeggen dat hij moet stoppen met het neerslaan van demonstraties. Hij moet de oppositie en de pers in zijn land niet langer vervolgen. Hij is de vertegenwoordiger van een regering die denkt dat zij alleen kan bepalen wat goed en wat fout is, wat uitgewogen en wat neutraal en objectief is. En dan gaat het niet alleen om de standpunten van de regering zelf, maar ook over die van de oppositie en de buitenlandse pers. We hebben zelf kunnen zien dat president Loekasjenko zich na het neerslaan van de demonstraties in december met een ongelofelijke arrogantie tot de internationale media heeft gewend.
Daarom hoop ik dat de stem van het Europees Parlement, de Commissie en de Raad in Wit-Rusland wordt gehoord. Ik hoop dat we genoeg morele autoriteit uitstralen – zoals we die hier ook binnen het Parlement nodig hebben.
Eduard Kukan, namens de PPE-Fractie. – (SK) Mijnheer de Voorzitter, tijdens de bijeenkomst van de Visegradgroep vorige week in Bratislava heeft de Slowaakse minister van Buitenlandse Zaken, de huidige voorzitter van de groep, een duidelijke boodschap gegeven aan president Loekasjenko van Wit-Rusland. Zolang zich in de Wit-Russische gevangenissen ook maar één politieke gevangene bevindt, moet Wit-Rusland rekenen op totale isolatie in Europa.
Helaas is de situatie in het land ook nu, drie maanden na de verkiezingen, nog steeds kritiek. Democratisch gezinde mensen worden onderzocht, opgepakt, gevangen genomen, en vastgehouden in de onmenselijke omstandigheden waarover we het vandaag hebben gehad, zonder de mogelijkheid van rechtsbijstand en zonder bezoek van familieleden.
Daarom is het belangrijk dat de Europese Unie een sterker standpunt inneemt tegen de laatste dictator in Europa. We kunnen bijvoorbeeld de omvang van de toegepaste economische sancties uitbreiden, want alles duidt erop dat woorden, hoe krachtig ook, de situatie van de mensen in Wit-Rusland niet zullen verbeteren.
Justas Vincas Paleckis, namens de S&D-Fractie. – (LT) Mijnheer de Voorzitter, deze resolutie geeft de Wit-Russische autoriteiten de duidelijke boodschap dat de Europese Unie zich niet zal neerleggen bij de beperkingen op het recht van betoging, bij de politieke gevangenen in het land en nog minder bij de folteringen in de detentiecentra. De EU vergroot haar steun aan het Wit-Russische maatschappelijke middenveld, de ngo’s, onafhankelijke media en studenten. We moeten ongetwijfeld zo snel mogelijk die dure visa afschaffen die de Wit-Russische burgers verhinderen naar de Europese Unie te reizen, de visumkosten moeten worden verlaagd en we moeten onderhandelen over een versoepeling van het visumbeleid. Mijns inziens kan het in de gegeven situatie toch nuttig zijn een delegatie van het Europees Parlement naar Wit-Rusland te laten reizen ongeacht de huidige belemmeringen. Als een hele delegatie er niet in slaagt binnen te komen, moeten leden van het Europees Parlement er individueel naartoe reizen om de situatie beter te leren kennen en invloed uit te oefenen.
Kristiina Ojuland, namens de ALDE-Fractie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, in januari hebben wij een resolutie over Wit-Rusland aangenomen. Het is helemaal geen goed teken dat wij onze zorgen over de situatie daar steeds maar weer kenbaar moeten maken, zonder een positieve reactie van de autoriteiten van Wit-Rusland.
Hoewel de Europese Unie opnieuw sancties heeft ingesteld en een harde lijn heeft ingenomen jegens het regime van Loekasjenko, worden de grondrechten als vrijheid van vergadering en van meningsuiting nog steeds geschonden en met voeten getreden. Verder geven de berichten over de voortdurende geestelijke en lichamelijke marteling van politieke gevangenen en pogingen om informanten voor de KGB te rekruteren de Europese Unie een helder signaal dat het regime-Loekasjenko onze boodschap van de vorige keer niet heeft gesnapt.
Misschien moeten we luider spreken en nog duidelijker maken dat de situatie in Wit-Rusland onaanvaardbaar is. Ik zou de Commissie willen vragen om verslag uit te brengen over verdere maatregelen die tegen het regime van Loekasjenko kunnen worden genomen.
Ik zou ook Europese ondernemingen en investeerders willen oproepen om zich uit Wit-Rusland terug te trekken als ze geen bloedgeld aan hun handen willen hebben en het misdadig regime van Loekasjenko niet direct of indirect willen steunen.
Marek Henryk Migalski, namens de ECR-Fractie. – (PL) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw Ojuland heeft gelijk wanneer ze zegt dat ze de indruk heeft dat we steeds over hetzelfde praten en dat de gewenste resultaten steeds uitblijven. Ze vergist zich echter wanneer ze beweert dat we met één stem spreken. Ik wil een beroep doen op alle aanwezigen om met één stem te spreken, net zo gedecideerd als de heer Protasiewicz, die aan alle strijders voor vrijheid en democratie in Wit-Rusland het duidelijke signaal heeft afgegeven dat wij naast hen staan, die het regime in Wit-Rusland in niet mis te verstane bewoordingen heeft gewaarschuwd dat hun handelingen onacceptabel zijn. Naast deze stem, die door iedereen gesteund zou moeten worden, zijn ook andere meningen te horen. Een van de auteurs van de resolutie heeft helaas gezegd dat martelingen niet alleen in Wit-Rusland plaatsvinden, maar ook in sommige Europese landen en in sommige lidstaten van de Europese Unie. Dat is onacceptabel. Mevrouw Ojuland heeft gelijk wanneer zij zegt dat naar ons wordt geluisterd, dat wij niet alleen naar elkaar luisteren, maar dat ook anderen ons horen. Als de meningen zo uiteen blijven lopen als nu, ben ik bang dat we nooit iets zullen bereiken. Dank u wel.
Sari Essayah (PPE). − (FI) Mijnheer de Voorzitter, de laatste dictator van Europa, Loekasjenko, regeert Wit-Rusland nu al meer dan zestien jaar met harde hand. Hij controleert soeverein de media en de rechterlijke macht en deinst er niet voor terug om die te gebruiken om de politieke oppositie neer te slaan, zoals we bij de presidentsverkiezingen van afgelopen december hebben gezien. Toen sloegen speciale troepen en de politie met geweld demonstranten uiteen en arresteerden ze honderden mensen, met inbegrip van bijna alle presidentskandidaten van de oppositie.
De verzoeken van de EU om de politieke gevangenen vrij te laten en een eind te maken aan het geweld tegen burgers, worden door het bewind van Loekasjenko volkomen genegeerd. De Europese Unie moet nu beslist hardere economische sancties instellen, want Loekasjenko heeft het Oostelijk Partnerschap-programma en alle voordelen van het nabuurschapsbeleid alleen maar uitgebuit. We mogen dergelijke brute mensenrechtenschendingen nergens ter wereld accepteren, maar helemaal niet in het hart van Europa.
Mitro Repo (S&D). − (FI) Mijnheer de Voorzitter, we hoeven de grenzen van Europa echt niet over te gaan om landen te vinden die fundamentele rechten schenden. In Wit-Rusland kun je worden aangeklaagd en gevangen worden gezet wanneer je alleen maar aan een protestdemonstratie deelneemt, je kandidaat stelt bij verkiezingen of je eigen mening uit. Politiek bewustzijn onder de burgers en burgeractivisme zijn geen last voor de maatschappij, maar zouden juist een rijkdom moeten zijn.
Het is echter moeilijk te geloven dat de democratie in Wit-Rusland alleen kan worden versterkt door sancties van de Europese Unie. Er is ook een dialoog op het niveau van de burgers nodig en deelname aan het maatschappelijk middenveld. De Europese Unie moet de democratische ontwikkeling in Wit-Rusland steunen en doorgaan met het organiseren van culturele en onderwijsprojecten met dat land. De Europese Dienst voor extern optreden moet de ontwikkelingen in Wit-Rusland actief volgen en de Wit-Russen steunen, zodat de Europese waarden uiteindelijk ook daar worden toegepast.
(Applaus)
Cristian Dan Preda (PPE). – (RO) Mijnheer de Voorzitter, twee dagen geleden, op 8 maart, Internationale Vrouwendag, kon Natalia Radin deze feestdag niet meemaken omdat ze onder huisarrest staat. Op dezelfde dag vierde Ales Michalevitsj zijn 53e verjaardag in de gevangenis. De simpele reden hiervoor is dat hij een vrij man is, een man die het waagde om zich kandidaat te stellen voor het presidentschap. In een dictatuur als Wit-Rusland is de straf voor zulke uitingen van vrijheid beperking van de bewegingsvrijheid en gevangenisstraf. Ik zou graag twee punten in de resolutie benadrukken die ik als zeer belangrijk beschouw. Ik ben van mening dat we onze steun moeten geven aan de uitbreiding van de beperkende maatregelen die zijn opgelegd door de Europese Unie, door een lijst te maken met de openbaar aanklagers, rechters en medewerkers van de geheime politie die betrokken waren bij de recente mensenrechtenschendingen in Wit-Rusland. Daarnaast vind ik dat we al het mogelijke moeten doen om het maatschappelijk middenveld in dit land te steunen, dat ons enige hoop kan bieden.
(Applaus)
Elena Băsescu (PPE). – (RO) Mijnheer de Voorzitter, ik wil mijn bijdrage beginnen met een oproep aan de Wit-Russische autoriteiten om een einde te maken aan de beperkende maatregelen tegen de democratische krachten en de onafhankelijke pers. Ik stel ook voor om het OVSE-kantoor in Wit-Rusland te heropenen.
Bij de presidentsverkiezingen van december 2010 is de mensenrechten een hevige slag toegebracht. De door de oppositie georganiseerde demonstraties tegen verkiezingsfraude zijn genadeloos neergeslagen door de veiligheidstroepen. Onder de gearresteerden was een van de presidentskandidaten, Ales Michalevitsj. Hij heeft de martelingen waar hij in de gevangenis onder geleden heeft en die door de autoriteiten worden ontkend, openbaar gemaakt. Ook journalisten met banden met de oppositie waren het doelwit. Ondanks het verbod op het afleggen van verklaringen hebben zij de uitspraken van Michalevitsj bevestigd, in de hoop de aandacht van de EU te vestigen op de kritieke situatie in Wit-Rusland. De omstandigheden waarin de arrestaties zijn verricht zijn onduidelijk, maar de behandeling waaraan betrokkenen zeggen onderworpen te zijn geweest, vormen ernstige mensenrechtenschendingen.
Krzysztof Lisek (PPE). - (PL) Mijnheer de Voorzitter, commissaris, ik wil u hartelijk bedanken voor het feit dat ik in de gelegenheid ben gesteld om hier te spreken, omdat ik een aantal dagen geleden een gesprek heb gehad met Ales Michalevitsj en hem heb beloofd dat ik alles in het werk zou stellen om vandaag het woord te voeren. Al meer dan tien jaar heb ik de gelegenheid en de eer hem te kennen en zijn wij vrienden. Ofschoon ik weet dat dit niet de plaats is om persoonlijke berichten door te geven, wil ik toch tegen hem zeggen: "Ales, zoals de heer Protasiewicz heeft gezegd, wij staan naast je".
Ik denk dat het bijzonder belangrijk is, dat we vandaag niet alleen tegen de oppositie zeggen dat we hen steunen. We moeten dit ook laten weten aan degenen die deelnemen aan de vervolgingen - openbare aanklagers die op bestelling onderzoeken uitvoeren, rechters die onrechtvaardige vonnissen uitspreken, werkgevers die hun werknemers ontslaan vanwege hun politieke activiteiten, rectoren van universiteiten die studenten verwijderen vanwege hun deelname aan manifestaties - tegen hen allen moeten we zeggen: "Wij vergeten dit niet. Wij vergeten niet wat jullie doen, hoe jullie je nu gedragen. Er komt een tijd dat jullie allemaal je verdiende loon zullen krijgen".
Corina Creţu (S&D). – (RO) Mijnheer de Voorzitter, ik wil me aansluiten bij de oproep aan de Raad, de Commissie en de internationale gemeenschap om de steun voor het maatschappelijk middenveld en de democratische oppositie in Wit-Rusland op te voeren, als antwoord op de gebeurtenissen sinds december 2010.
De arrestatie en gevangenneming van meer dan zeshonderd activisten uit het maatschappelijk middenveld, journalisten, docenten en studenten, de meeste presidentskandidaten en leiders van de democratische oppositie, gepaard gaand met een buitensporig gebruik van geweld na de protestdemonstraties tegen de verkiezing van Loekasjenko, zijn kenmerken van een dictatuur en getuigen van diepe minachting voor de mensenrechten. Het geval van Ales Michalevitsj, een van de tegenstanders van president Loekasjenko, die in voorarrest werd gemarteld, en dat van journaliste Natalia Radin zijn sprekende voorbeelden van de huidige situatie. Het is onze plicht om hiertegen in het geweer te komen door onze steun te geven aan het maatschappelijk middenveld, de onafhankelijke pers en de oppositie in Wit-Rusland, ter aanmoediging van de democratie.
Charles Tannock (ECR). – (EN) Mijnheer de Voorzitter, het feit dat in Wit-Rusland de geheime politie van president Loekasjenko nog steeds de KGB wordt genoemd, zegt ons alles wat we moeten weten over zijn mentaliteit en methoden. Twintig jaar na de ineenstorting van de Sovjet-Unie blijft hij de archetypische homo sovjeticus, een sterke man wiens verslaving aan de macht net zo sterk is als zijn instinct om afwijkende meningen te verpletteren.
Loekasjenko gebruikte of gebruikt de KGB als politiek instrument om het volksprotest, ook over de gevallen van Ales Michalevitsj en Natalia Radin, tot zwijgen te brengen dat is gevolgd op nog een helaas frauduleuze presidentsverkiezing verleden jaar december. Meer dan zevenhonderd mensen zijn gearresteerd. Er doen talloze verhalen de ronde over activisten van de oppositie die door de KGB zijn ontvoerd, buitengerechtelijk gevangen gehouden en vervolgens geestelijk en lichamelijk zijn gemarteld.
Wit-Rusland laat ons bepaald niet koud omdat het een Europees land is en pal voor onze deur een Cuba is geworden. Wil de EU enige morele kracht in de wereld hebben met betrekking tot het bevorderen van democratie, mensenrechten en de rechtsstaat, dan moet zij maar eerst eens beginnen in Europa zelf, in ons eigen werelddeel. Ik betwist de noodzaak van een dialoog met het regime-Loekasjenko niet. Een legestoelpolitiek zou contraproductief zijn voor de EU, maar we moeten de oppositie in Wit-Rusland meer steun geven en de slimme sancties van de EU tegen Loekasjenko en zijn KGB-kameraden verscherpen.
Eija-Riitta Korhola, auteur. − (FI) Mijnheer de Voorzitter, de gebeurtenissen van de afgelopen maanden in Wit-Rusland tonen duidelijk aan hoe de burger- en politieke rechten nog steeds systematisch door de regering worden geschonden. De arrestaties van aanhangers van de oppositie in december laten zien dat er wordt geprobeerd de tegenstanders van Loekasjenko met harde hand tot zwijgen te brengen.
De gevangenneming van Ales Michalevitsj en zes andere presidentskandidaten van de oppositie onder het valse voorwendsel dat ze gewelddadige protesten hadden uitgelokt, is een schending van de politieke rechten. Ook het meer dan een maand gevangen zetten van journaliste Natalia Radin maakt de mogelijkheden van vrije meningsuiting in Wit-Rusland steeds kleiner.
Wij moeten de beschuldigingen van Michalevitsj en Radin van onmenselijke behandelingen en martelingen van politieke gevangenen in KGB-gevangenissen serieus nemen en laten onderzoeken door een onpartijdig orgaan. Ik wil Wit-Rusland wijzen op de internationale verplichtingen die het is aangegaan door het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en het Anti-martelverdrag van de VN te ratificeren en de verantwoordelijkheid die het daardoor heeft ten opzichte van de internationale gemeenschap en vooral zijn eigen burgers.
Johannes Hahn, lid van de Commissie. – (EN) Mijnheer de Voorzitter, wij maken ons zorgen over de verslechterende situatie in Wit-Rusland, die helaas niet als een verrassing komt. De wijdverbreide aanhouding en vervolging van maatschappelijke activisten, met inbegrip van presidentskandidaten, gedurende de afgelopen verkiezingsperiode doen ons vermoeden dat er zware straffen zullen volgen. Op dit moment zijn reeds vier gevallen bekend van personen die tot enkele jaren gevangenisstraf zijn veroordeeld. Wij vrezen dat er de komende maanden nog veel meer veroordelingen zullen volgen met betrekking tot de veertig mensen die momenteel in staat van beschuldiging zijn gebracht. Daarnaast zijn wij ook zeer geschokt door de berichten over marteling en mishandeling van personen die op politieke gronden in hechtenis zijn genomen, waaronder voormalig presidentskandidaat Michalevitsj.
Al deze verachtelijke gebeurtenissen vragen om een aanpassing van de reactie van de EU. De situatie is momenteel als volgt: zoals u weet, heeft de EU gereageerd op de verkiezingsfraude van 19 december en de daaropvolgende onderdrukking waarbij bijna 160 mensen op een straflijst zijn geplaatst. Deze reactie van de EU vormde een duidelijke en krachtige veroordeling hiervan, gericht aan de autoriteiten. Tegelijkertijd hebben de Commissie en de Europese Dienst voor extern optreden snel een nieuw, speciaal daarvoor bestemd ondersteuningsmiddel opgezet om spoedeisende ondersteuning te bieden aan de slachtoffers van onderdrukking en hun gezinnen en aan het maatschappelijk middenveld, waarvoor een bedrag van maximaal 1,7 miljoen euro beschikbaar is. Deze steun wordt geboden met als primaire doel om juridische bijstand te leveren en slachtoffers van onderdrukking te adviseren, evenals om het maatschappelijk middenveld en burgercampagnes te ondersteunen.
Ook zitten wij in de laatste fase van een heroriëntatie op onze tussentijdse steun aan Wit-Rusland, met als doel de steun aan het maatschappelijk middenveld te vergroten. Voor de periode 2011-2013 verviervoudigt de Commissie haar steun aan het Wit-Russisch maatschappelijk middenveld voor in totaal 15,6 miljoen euro, waarbij specifieke steun wordt geboden aan versterking van onafhankelijke media en ondersteuning van studenten, met inbegrip van voortzetting van de financiering voor de Europese Universiteit voor menswetenschappen.
Nu is het moment gekomen om na te gaan of er nog een aanvullende reactie vereist is. De hoge vertegenwoordiger heeft naar aanleiding van de eerste rechterlijke uitspraak van 18 februari een directe veroordeling uit laten gaan, waarbij zij in herinnering heeft gebracht dat er in een rechtsproces geen plaats is voor politieke motieven. De EU heeft tevens in de OVSE de gruwelijke vonnissen en de beschuldigingen van marteling veroordeeld, en bespreekt de zaak momenteel in de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties.
Tot slot zal de Europese Unie nagaan of de meest recente gebeurtenissen vereisen dat onze bestaande lijst met sancties wordt uitgebreid en of er nieuwe namen aan moeten worden toegevoegd, zoals die van degenen die de recente vonnissen hebben uitgesproken en die de recente strafcampagne leiden. De EU is bereid om op alle vlakken van samenwerking, nader gerichte maatregelen te treffen.
De resolutie van het Parlement is zeker een nuttige en tijdige bijdrage aan onze beschouwingen en debatten. Ik dank de Parlementsleden voor hun aandacht.
De Voorzitter. – Er zijn zes ontwerpresoluties(2) ingediend, overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement.
Het debat is gesloten.
De stemming vindt na afloop van de debatten plaats.