Procedure : 2007/2664(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B6-0505/2007

Ingediende teksten :

B6-0505/2007

Debatten :

PV 13/12/2007 - 4
CRE 13/12/2007 - 4

Stemmingen :

PV 13/12/2007 - 6.14
CRE 13/12/2007 - 6.14

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0628

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 103kDOC 49k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B6-0495/2007
5 december 2007
PE 398.183v01-00
 
B6‑0505/2007
naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6‑0383/2007
ingediend overeenkomstig artikel 108, lid 5, van het Reglement
door Kader Arif, Anne Ferreira, Glyn Ford, Erika Mann en Joan Calabuig Rull
namens de PSE-Fractie
over de toekomst van de Europese textielsector in 2008

Resolutie van het Europees Parlement over de toekomst van de Europese textielsector in 2008 
B6‑0505/2007

Het Europees Parlement,

–  onder verwijzing naar de gemeenschappelijke intentieverklaring die China en de Commissie in juni 2005 hebben ondertekend en die op 1 januari 2008 vervalt,

–  gelet op het besluit van de Commissie en het Chinese Ministerie van Buitenlandse Handel over een stelsel van gezamenlijk toezicht op de invoer voor het jaar 2008,

–  onder verwijzing naar zijn eerdere resoluties over dit onderwerp, met name zijn resolutie van 6 september 2005 over de textiel- en kledingsector na 2005(1),

–  gelet op artikel 108, lid 5 van zijn Reglement,

A.  overwegende dat China de grootste textielproducent ter wereld en de belangrijkste exporteur van textiel naar de Europese Unie is,

B.  overwegende dat de Commissie en China na het verstrijken van het Multivezelakkoord in het kader van de WTO in 2005, een gemeenschappelijke intentieverklaring hebben ondertekend, waarbij tijdelijke beperkingen zijn ingesteld voor de Chinese import van bepaalde soorten textiel, die op 1 januari 2008 afloopt,

C.  overwegende dat de Europese Unie en het Chinese Ministerie van Buitenlandse Handel een besluit hebben genomen over een stelsel van gezamenlijk toezicht op de invoer voor het jaar 2008,

D.  overwegende dat de leden van de WTO naar aanleiding van de toetreding van China tot deze organisatie toestemming kregen voor speciale vrijwaringsmaatregelen in de vorm van kwantitatieve beperkingen op Chinese exportproducten tot eind 2008 indien marktverstoringen zouden optreden,

E.  overwegende dat 70% van alle namaakproducten die op de Europese markt terechtkomen uit China afkomstig is en dat de helft van alle Europese douaneprocedures tegen namaakproducten betrekking heeft op textielproducten en kleding,

F.  overwegende dat de Europese textielindustrie veelal gevestigd is in regio's die met economische omschakeling worstelen en dat het in deze sector voornamelijk om kleine en middelgrote ondernemingen gaat,

1.  beseft dat de opheffing van het quotastelsel het resultaat is van een juridisch bindende overeenkomst die nog dateert uit de tijd dat China tot het WTO-stelsel toetrad, maar is van mening dat de Europese Unie zo nodig gebruik moet maken van de wettelijke mogelijkheid tot toepassing van vrijwaringsmaatregelen tot het einde van 2008;

Extern concurrentievermogen

2.  verzoekt de Commissie het externe concurrentievermogen van de Europese textielsector als geheel te waarborgen door in multilaterale, regionale en bilaterale handelsovereenkomsten betere en betrouwbare markttoegangsvoorwaarden te bedingen;

3.  verzoekt de Commissie de onderhandelingen over dergelijke handelsovereenkomsten te baat te nemen om derde landen ertoe te bewegen milieu- en arbeidsnormen, zoals het recht op fatsoenlijk werk, in acht te nemen teneinde milieudumping en sociale dumping te bestrijden en een eerlijke economische ontwikkeling tussen partners te verzekeren;

4.  verzoekt de Commissie en de lidstaten actief bij te dragen tot de modernisering van de Europese textielindustrie door steun te verlenen voor technologische vernieuwing, onderzoek en ontwikkeling via het zevende kaderprogramma, en scholing, met name voor het midden- en kleinbedrijf;

5.   is van oordeel dat bindende voorschriften over het aanbrengen van oorsprongmerktekens in textielimportproducten uit derde landen moeten worden toegepast en verzoekt de Raad in dit verband het in behandeling zijnde voorstel voor een verordening over dit onderwerp aan te nemen; is van oordeel dat deze verordening tot een betere bescherming van de consument zal bijdragen en steun zal geven aan een Europese industrie die gebaseerd is op onderzoek, innovatie en kwaliteit;

Oneerlijke handel en namaak

6.  beschouwt de beschermingsinstrumenten voor de handel als een fundamenteel reguleringsmechanisme en een gewettigd wapen in de strijd tegen oneerlijke handelspraktijken van derde landen, met name voor de textiel- en kledingsector; verzoekt de Commissie de transparantie en voorspelbaarheid van de beschermingsinstrumenten in de EU te verhogen met het oog op snellere en eenvoudiger procedures, en de mogelijkheid voor het MKB om van die instrumenten gebruik te maken te vergemakkelijken;

7.  vreest dat oneerlijke handelspraktijken vele ondernemingen kan dwingen hun vestigingen in Europa te sluiten en hun bedrijvigheid naar derde landen te verplaatsen, hetgeen in bepaalde oude textielregio's ernstige sociale en economische gevolgen zou hebben;

8.  doet een beroep op de Commissie om politieke en economische druk op de Chinese autoriteiten uit te oefenen om te komen tot een hogere koers voor de kunstmatig ondergewaardeerde Chinese munteenheid, die thans de grootschalige toevloed van ingevoerde textielproducten en kleding uit China in de hand werkt; verzoekt de Chinese autoriteiten de deviezenpositie tegenover euro en dollar aan een onderzoek te onderwerpen;

9.  verzoekt de Commissie zich te blijven bezighouden met schendingen van intellectuele-eigendomsrechten, met name namaak, en die op multilateraal en bilateraal niveau scherper aan te pakken;

Toezicht op de invoer

10.  geeft uiting aan zijn verontrusting over de toekomstige opzet van het gezamenlijk invoertoezichtsysteem; verzoekt de Commissie toe te zien op een goede uitvoering van deze extra controles en de doeltreffendheid van het systeem te evalueren; onderstreept dat het uitvoeren van extra controles in 2008 alleen niet voldoende is en dat een doeltreffend systeem om toezicht te houden langdurig moet worden gewaarborgd;

11.  dringt er bij de groep op hoog niveau inzake textiel op aan dat zij ervoor zorgt dat het toezicht op de textiel- en kledinginvoer in de Europese Unie naar behoren functioneert;

12.  dringt er bij de Commissie op aan een stelsel voor toezicht in te stellen en de resultaten daarvan voor het eind van het eerste kwartaal van 2008 te evalueren om ervoor te zorgen dat met de ontwrichtende gevolgen van een toevloed van ingevoerde textielproducten snel en op gepaste wijze rekening kan worden gehouden; verzoekt de Commissie van de resultaten aan het Parlement verslag te doen;

Steun voor de Europese textielindustrie en textielarbeiders

13.  verzoekt de Commissie en de lidstaten ingeval de textielsector negatieve gevolgen van de marktliberalisatie ondervindt, sociale maatregelen voor de arbeiders te treffen en praktische plannen voor met herstructurering geconfronteerde bedrijven uit te voeren; noemt het Aanpassingsfonds voor de globalisering als een van de instrumenten voor dit soort zaken;

Veiligheid en bescherming van de consument

14.  dringt er bij de Commissie op aan te waarborgen dat voor ingevoerde textielproducten die op de Europese markt worden gebracht dezelfde eisen op het gebied van veiligheid en consumentenbescherming gelden als voor in de EU vervaardigde textielproducten;

15.  verzoekt de Commissie een gedegen studie uit te voeren naar en een oordeel te vellen over de kwestie van doorberekening van prijsverlagingen aan de consument;

Ontwikkelingslanden en mediterrane EU-partners

16.  benadrukt dat de beëindiging van de invoerbeperkingen voor textiel niet alleen leidt tot ingrijpende trendwijzigingen bij de invoer op de Europese markt, maar ook gevolgen kan hebben voor de textiel- en kledingsectoren van ontwikkelingslanden, waaronder de partners in het Middellandse-Zeegebied;

17.  vraagt de Commissie om steun voor de inrichting van een euro-mediterraan productiegebied in de textielsector waarbij van de nabijheid van de mediterrane en Europese markten wordt geprofiteerd door een internationaal concurrerende zone te creëren, zodat gewaarborgd wordt dat industriële productie en werkgelegenheid gehandhaafd blijven;

Informatie aan het Europees Parlement

18.  verzoekt de Commissie het Parlement volledige informatie te verstrekken over alle ontwikkelingen die in het kader van de internationale handel in textielproducten van belang zijn;

19.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Commissie en de Raad, alsmede aan de regeringen en de parlementen van de lidstaten.

(1) Aangenomen teksten, P6_TA(2005)0321.

Laatst bijgewerkt op: 6 december 2007Juridische mededeling