naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B7-0210/2009
ingediend overeenkomstig artikel 115, lid 5, van het Reglement
over schadevergoeding voor passagiers bij faillissement van luchtvaartmaatschappijen
Roberts Zīle, Jacqueline Foster
namens de ECRFractie
Resolutie van het Europees Parlement over schadevergoeding voor passagiers bij faillissement van luchtvaartmaatschappijen
B7‑0154/2009
Het Europees Parlement,
– gezien de mondelinge vraag van 15 oktober 2009 aan de Commissie over schadevergoeding voor passagiers bij faillissement van luchtvaartmaatschappijen (O‑0089/09 – B7-0210/2009),
– gezien Richtlijn 90/314/EEG van de Raad van 13 juni 1990 betreffende pakketreizen, met inbegrip van vakantiepakketten en rondreispakketten,
– gezien Verordening (EG) nr. 2027/97 van de Raad van 9 oktober 1997 betreffende de aansprakelijkheid van luchtvervoerders bij ongevallen,
– gezien Verordening (EG) nr. 785/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende de verzekeringseisen voor luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen,
– gezien Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 295/91,
– gezien Verordening (EG) nr. 1008/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 24 september 2008 inzake gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap,
– gelet op artikel 115, lid 5, van zijn Reglement,
A. overwegende dat Richtlijn 90/314/EEG van de Raad aspecten van pakketreizen regelt en voorziet in passende schadeloosstelling en repatriëring van consumenten bij faillissement van bedrijven die pakketreizen organiseren,
B. overwegende dat Verordening (EG) nr. 2027/97 de aard van de aansprakelijkheid van luchtvervoerders bij ongevallen vaststelt en voorziet in schadevergoedingsregelingen voor passagiers,
C. overwegende dat Verordening (EG) nr. 785/2004 vaststelt aan welke verzekeringseisen luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen moeten voldoen,
D. overwegende dat Verordening (EG) nr. 261/2004 voorziet in compensatie voor en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten,
E. overwegende dat Verordening (EG) nr. 1008/2008 strenge financiële normen voor exploitanten van luchtdiensten vaststelt,
F. overwegende dat er het laatste decennium een aanzienlijke groei was van het aantal vrij kleine lagekostenluchtvaartmaatschappijen die op populaire vakantiebestemmingen vliegen en van het aantal passagiers dat zij vervoeren,
G. overwegende dat er de afgelopen jaren een aantal faillissementen in de luchtvaartsector was, wat in sommige gevallen tot gevolg had dat veel passagiers op hun bestemming vastzaten en geen terugvlucht hadden,
1. herinnert eraan dat de Commissie een grote studie heeft verricht naar de problemen met betrekking tot het faillissement van luchtvaartmaatschappijen en de gevolgen ervan voor passagiers;
2. wijst op de bevindingen van deze studie en op de reeks opties die deze onderzoekt;
3. merkt op dat commissaris Tajani het Parlement tijdens de plenaire vergadering van 7 oktober 2009 heeft beloofd een effectbeoordeling te laten verrichten;
4. vraagt de Commissie erop toe te zien dat de nationale luchtvaartautoriteiten of toezichthouders hun verplichtingen nakomen door regelmatig de financiële situatie van hun geregistreerde luchtvaartmaatschappijen te beoordelen en dat zij hun bevoegdheid uitoefenen om de exploitatievergunning van een luchtvaartmaatschappij op te schorten of in te trekken voordat deze failliet gaat;
5. herinnert er in dit verband aan dat er, naast controles van de nationale toezichthouders, een aantal opties zijn die de Commissie moet uitwerken om passagiers te beschermen bij faillissement van luchtvaartmaatschappijen, en dat deze opties verplichte informatieverstrekking aan de passagiers over risico's, verzekeringsmogelijkheden en andere beschermingsmechanismen moeten omvatten;
6. verzoekt de Commissie – indien de nationale toezichthouders niet vóór 1 juli 2010 gevolg geven aan deze verzoeken – de mogelijkheid te onderzoeken van een wetgevingsvoorstel dat voorziet in schadevergoeding voor passagiers van luchtvaartmaatschappijen die failliet gaan en in financiële en administratieve regelingen voor de repatriëring van gestrande passagiers indien een luchtvaartmaatschappij failliet gaat;
7. verklaart dat dergelijke wetgevingsmaatregelen redelijk en evenwichtig moeten zijn en noch in extra, onevenredige administratieve en institutionele lasten mogen resulteren voor de luchtvaartmaatschappijen, het desbetreffende land of de desbetreffende communautaire instanties, noch de concurrentie mogen verstoren, hetgeen tot hogere ticketprijzen voor de passagiers zou leiden;
8. verzoekt de Commissie te onderzoeken of het mogelijk is vliegtuigen die door de nationale luchtvaartautoriteiten of toezichthouders in beslag zijn genomen, snel vrij te geven zodat zij kunnen worden gebruikt om gestrande reizigers naar huis te brengen;
9. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de parlementen en de regeringen van de lidstaten.