Procedure : 2011/2514(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B7-0046/2011

Ingediende teksten :

B7-0046/2011

Debatten :

PV 19/01/2011 - 12
CRE 19/01/2011 - 12

Stemmingen :

PV 20/01/2011 - 7.3
CRE 20/01/2011 - 7.3

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0022

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 127kDOC 72k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B7-0044/2011
17.1.2011
PE455.874v01-00
 
B7-0047/2011

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement


over de situatie in Belarus


Adrian Severin, Kristian Vigenin, Justas Vincas Paleckis, Marek Siwiec, Richard Howitt namens de S&D-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Belarus  
B7‑0047/2011

Het Europees Parlement,

–   onder verwijzing naar zijn eerdere resoluties over Belarus, met name die van 17 december 2009,

–   gelet op Besluit 2010/639/GBVB van de Raad van 25 oktober 2010 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde functionarissen van Belarus, waarbij zowel de beperkende maatregelen als de opschorting ervan verlengd werden tot en met 31 oktober 2011, en op de verklaring over de voorlopige bevindingen en conclusies inzake de presidentsverkiezingen in Belarus van het Bureau voor Democratische Instellingen en Mensenrechten van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE/ODIHR) en de parlementaire vergadering van de OVSE (OVSE-PV) van 20 december 2010,

–   gelet op artikel 110, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat de Raad op 25 oktober 2010 "de Belarussische autoriteiten ertoe heeft opgeroepen te verzekeren dat de (presidents)verkiezingen verlopen conform de internationale normen en standaarden voor democratische verkiezingen en conform de verplichtingen die Belarus in de OVSE en de VN is aangegaan",

B.  overwegende dat de Raad zich andermaal bereid heeft verklaard de betrekkingen met Belarus te intensiveren, mits het land vooruitgang boekt op weg naar democratie, de eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat,

C. overwegende dat de Raad na de ontwikkeling in Belarus te hebben geëvalueerd, besloten heeft de beperkende maatregelen tegen bepaalde Belarussische ambtenaren te verlengen, maar de toepassing ervan op te schorten tot 31 oktober 2011,

D. overwegende dat Belarus heeft toegezegd zich te zullen beraden over de aanbevelingen van de OVSE en diens Bureau voor democratische instellingen en mensenrechten (ODIHR) met betrekking tot de in zijn kiesrecht aan te brengen verbeteringen, ten einde dit in overeenstemming te brengen met de internationale normen voor democratische verkiezingen, en om met de OVSE over de voorgestelde aanpassingen overleg te zullen plegen; overwegende dat de Nationale Vergadering van Belarus een herziening van de kieswet heeft goedgekeurd zonder de OVSE vooraf te raadplegen,

E.  overwegende dat in de verklaring van de OVSE-PV en het OVSE/ODIHR over de voorlopige bevindingen en conclusies inzake de presidentsverkiezingen in Belarus te lezen staat dat in de aanloop naar de verkiezingen bepaalde verbeteringen werden aangebracht, maar dat deze werden overschaduwd door de ernstige onregelmatigheden op de dag van de verkiezingen en door het geweld dat uitgebroken is in de nacht van 19 december,

F.  overwegende dat meer dan 700 personen werden gearresteerd naar aanleiding van hun deelname aan de betoging van 19 december in Minsk; overwegende dat de meesten hiervan werden vrijgelaten na een korte administratieve straf te hebben uitgezeten, maar dat 24 activisten van de oppositie en journalisten, met inbegrip van zes presidentskandidaten, werden aangeklaagd voor "het organiseren van massale ordeverstoring", alsook voor gewelddadige aanvallen en gewapend verzet, waarop een gevangenisstraf van tot 15 jaar staat; overwegende dat 14 andere personen in de nabije toekomst kunnen worden aangeklaagd,

G. overwegende dat 15 van de gedetineerden door Amnesty International erkende gewetensgevangenen zijn en dat hen de toegang tot rechtsbijstand en medische verzorging wordt ontzegd,

H. overwegende dat de onderdrukking door de politie van de betoging van 19 december 2010 en andere maatregelen van de wetshandhavingsdiensten tegen de democratische oppositie, de vrije media en maatschappelijk activisten op ondubbelzinnige wijze zijn veroordeeld door de hoge vertegenwoordiger van de EU, de Voorzitter van het Europees Parlement en de secretaris-generaal van de Verenigde Naties,

1.  is op basis van de bevindingen in de voorlopige conclusies van de OVSE-PV en het OVSE/ODIHR van mening dat de presidentsverkiezingen van 19 december 2010 niet in overeenstemming waren met de internationale normen op het vlak van vrije, eerlijke en transparante verkiezingen; beschouwt deze verkiezingen als een nieuwe gemiste kans voor een overgang naar democratie in Belarus en roept, in het licht van de vele en ernstige onregelmatigheden die door het OVSE/ODIHR werden aangekaart, op om nieuwe verkiezingen te houden;

2.  veroordeelt het gebruik van bruut geweld door de politie en de KGB tegen demonstranten op de dag van de verkiezingen, wat een voorbeeld is van een flagrante schending van de democratische grondbeginselen, zoals vrijheid van vergadering en van meningsuiting, en van de mensenrechten;

3.  veroordeelt ten stelligste de arrestatie en vastzetting van meer dan 700 vredevolle demonstranten en zeven van de negen alternatieve presidentskandidaten; geeft uiting aan zijn ernstige bezorgdheid over de strafrechtelijke procedures die de Belarussische autoriteiten hebben aangespannen tegen verschillende presidentskandidaten, de leiders van de democratische oppositie en een groot aantal maatschappelijk activisten, journalisten, leraren en studenten;

4.  eist de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van allen die op de verkiezingsdag en daarna zijn gearresteerd en vraagt dat onmiddellijk wordt gezorgd voor onafhankelijk juridisch advies en medische zorg voor degenen die hier nood aan hebben;

5.  veroordeelt de repressie en intimidatie tegen maatschappelijk activisten die na de verkiezingen volgde, met onder meer invallen in particuliere woningen, kantoren van media en maatschappelijke organisaties en het uitsluiten van opposanten van universiteiten en werkplaatsen;

6.  veroordeelt het blokkeren van een aantal belangrijke internetwebsites, onder meer van netwerkkanalen en van de oppositie, op de dag van de verkiezingen in Belarus en onderstreept dat de huidige mediawetgeving in Belarus niet strookt met de internationale normen; roept de Belarussische autoriteiten daarom op deze wetgeving te herzien en te wijzigen;

7.  betreurt ten zeerste het besluit van de Belarussische autoriteiten om een eind te maken aan de missie van het OVSE-bureau in Belarus en roept Belarus op dit besluit in te trekken;

8.  roept de Commissie op om met alle financiële en politieke middelen de inspanningen van het maatschappelijk middenveld, de onafhankelijke media en niet-gouvernementele organisaties in Belarus te steunen om de democratie te bevorderen en zich te verzetten tegen het regime; schaart zich achter het verzoek van de Belarussische oppositie om de financiële steun voor de politieke vertegenwoordiging van de Belarussische democratische oppositie en het maatschappelijk middenveld in Brussel te verhogen; verzoekt de Commissie eveneens de bestaande samenwerking op te schorten en de bijstand die wordt verstrekt aan Belarussische media in staatshanden in te trekken;

9.  beveelt de Commissie aan een dialoog aan te gaan, raadplegingen op te starten en te zorgen voor politieke coördinatie met de buurlanden van Belarus die geen deel uitmaken van de EU, met name Rusland en Oekraïne, om te zorgen voor een zo doeltreffend mogelijk EU-beleid ten aanzien van Belarus en om samen te werken aan een zorgvuldig uitgebalanceerde reactie op het democratisch tekort en de schendingen van de mensenrechten in Belarus, terwijl ervoor wordt gezorgd dat het land niet internationaal wordt geïsoleerd;

10. dringt er bij de Commissie op aan de financiële steunverlening aan de Europese universiteit voor menswetenschappen in Vilnius (Litouwen) voort te zetten en te verhogen, het aantal beurzen voor Belarussische studenten die vanwege het voeren van actie worden vervolgd en van de universiteit zijn verbannen, te verhogen en een bijdrage te leveren aan de donorconferentie in Warschau met als thema "Solidariteit met Belarus" (op 2 februari 2011) en de volgende conferentie in Vilnius;

11. verzoekt de Raad, de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de EU de visumstop en de bevriezing van de tegoeden onmiddellijk opnieuw toe te passen voor Belarussische staatsambtenaren en leden van de rechterlijke macht en van de veiligheidsdiensten die verantwoordelijk kunnen worden geacht voor de verkiezingsfraude, de harde repressie na de verkiezingen en de arrestatie van oppositieleden; meent dat de sancties ten minste van kracht moeten blijven totdat alle politieke gevangenen en gedetineerden zijn vrijgelaten en de beschuldigingen tegen hen zijn ingetrokken;

12. roept andere democratische regeringen in Europa en in de wereld op vergelijkbare sancties op te leggen aan vertegenwoordigers van het Belarussische bewind; benadrukt dat alle mogelijke sancties tegen het Belarussische bewind gericht moeten zijn op ambtenaren en niet mogen leiden tot een verdere isolering of een verslechtering van de situatie van Belarussische burgers, door het onderbreken van hun bestaande of het voorkomen van hun mogelijke zakelijke, wetenschappelijke, culturele, toeristische of andere banden met EU-burgers; benadrukt dat de hervorming van het EU-beleid ten aanzien van Belarus moet leiden tot een groeiend besef bij de Belarussische burgers dat samenwerking met de EU nodig is;

13. verzoekt de Belarussische autoriteiten een onafhankelijk internationaal onderzoek van de gebeurtenissen van 19 en 20 december 2010 toe te laten;

14. verzoekt de EU-instellingen en de lidstaten de contacten op hoog niveau met de Belarussische autoriteiten op te schorten en te beperken tot technische overleg;

15. beveelt aan dat de lidstaten van de Europese Unie en de partnerlanden hun economische en handelsbetrekkingen met Belarus herzien;

16. verzoekt de Commissie, de Raad en de hoge vertegenwoordiger van de EU om de opstelling van onderhandelingsrichtsnoeren voor versoepeling van de visumplicht en overnameovereenkomsten te bespoedigen om persoonlijke contacten te vergemakkelijken; roept de EU-lidstaten op om, los van de vooruitgang die wordt geboekt op het vlak van de versoepeling van de visumplicht, de visumkosten te verlagen voor burgers van Belarus en ze zelfs af te schaffen voor studenten, wetenschappers en kunstenaars; benadrukt dat het proces van visumliberalisering, dat zo snel mogelijk moet worden geïmplementeerd, moet leiden tot goedkope en gemakkelijk verkrijgbare Schengenvisa voor burgers van Belarus;

17. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de hoge vertegenwoordiger van de EU, de Raad, de Commissie, de regeringen van de lidstaten, de president, de regering en het parlement van Belarus en de parlementaire vergaderingen van de Raad van Europa en de OVSE.

Laatst bijgewerkt op: 18 januari 2011Juridische mededeling