Procedure : 2011/2828(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B7-0528/2011

Ingediende teksten :

B7-0528/2011

Debatten :

PV 27/09/2011 - 13
CRE 27/09/2011 - 13

Stemmingen :

PV 29/09/2011 - 10.2

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0429

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 109kWORD 62k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B7-0525/2011
27.9.2011
PE472.711v01-00
 
B7-0528/2011

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement


over de situatie in Palestina


Annemie Neyts-Uyttebroeck, Alexandra Thein namens de ALDE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Palestina  
B7‑0528/2011

Het Europees Parlement,

–   gezien alle eerdere VN-resoluties over de situatie in het Midden-Oosten,

–   gezien de conclusies van de Raad Buitenlandse Zaken van de EU van 8 december 2009,

–   gezien de verklaring van het Midden-Oosten Kwartet van 23 september 2011,

–   gezien het IMF-rapport ter voorbereiding van de bijeenkomst op 18 september 2011 van het ad-hocverbindingscomité over de recente ervaringen en de vooruitzichten van de economie van de westelijke Jordaanoever en de Gazastrook,

–   gezien het "Economic Monitoring Report" van 13 april 2011 van de Wereldbank aan het ad-hocverbindingscomité over de vorming van de Palestijnse staat: duurzame groei, instellingen en dienstverlening;

–   gezien artikel 110, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat de Algemene Vergadering van de VN in haar Resolutie 181 van 29 november 1947 besloot twee staten te creëren op het grondgebied van het voormalige Mandaat voor Palestina;

B.  overwegende dat President Mahmoud Abbas op 23 september 2011 aan VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon het verzoek van Palestina heeft overhandigd om lid te worden van de Verenigde Naties;

C. overwegende dat Jeruzalem een van de meest gevoelige en complexe kwesties van het Israëlisch-Palestijnse conflict is;

D. overwegende dat het onvervreemdbare recht van de Palestijnen op zelfbeschikking en een eigen staat onbetwistbaar is, net als het recht van Israël op een bestaan binnen veilige grenzen;

1.  dringt bij de EU en haar lidstaten aan op een eensgezind standpunt en op een actieve rol, onder meer in het Kwartet, bij de inspanningen om tot een rechtvaardige en duurzame vrede te komen tussen Israëli's en Palestijnen;

2.  benadrukt de centrale rol van het Kwartet en staat volledig achter de hoge vertegenwoordiger in haar niet-aflatende inspanningen om het Kwartet een geloofwaardig perspectief voor de hervatting van het vredesproces te laten scheppen;

3.  dringt erop aan dat door middel van rechtstreekse onderhandelingen een op het tweestatenprincipe gebaseerde oplossing voor het conflict wordt uitgewerkt, die Israël veilige grenzen waarborgt;

4.  zegt zijn steun toe aan en roept de lidstaten ertoe op eensgezind hun steun toe te zeggen aan de verzuchtingen van het Palestijnse volk om, na afsluiting van de onderhandelingen tijdens de huidige 66ste zitting van de Algemene Vergadering, als staat in de Verenigde Naties vertegenwoordigd te zijn;

5.  verlangt dat in het vredesakkoord wordt vastgelegd dat Jeruzalem de hoofdstad is zowel van Israël als van de toekomstige Palestijnse staat;

6.  hamert erop dat de niet aflatende bouw en uitbreiding van nederzettingen, scheidingsmuren die op bezet grondgebied zijn opgetrokken en de vernieling van woningen indruisen tegen het internationale recht, een belemmering voor de vrede en een ernstige bedreiging voor een tweestatenoplossing vormen;

7.  dringt aan op stopzetting van de raketaanvallen tegen Israël vanaf de Gazastrook en onderstreept de noodzaak van een blijvend staakt-het-vuren;

8.  dringt er bij de Palestijnse autoriteiten op aan dat zij de staat Israël volledig erkennen;

9.  dringt aan op de onmiddellijke hervatting van rechtstreekse en inhoudelijke vredesgesprekken op basis van de internationaal erkende parameters, aangezien alleen een via onderhandelingen tot stand gekomen akkoord tussen beide partijen voor blijvende vrede en veiligheid voor Israëli's en Palestijnen kan zorgen; benadrukt eens te meer het feit dat geen andere wijzigingen van de grenzen van vóór 1967 mogen worden aanvaard, inclusief met betrekking tot Jeruzalem, dan degene die door de partijen zijn overeengekomen;

10. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de Palestijnse autoriteiten, de regering en het parlement van Israël alsook de leden van het Kwartet.

Laatst bijgewerkt op: 28 september 2011Juridische mededeling