Procedure : 2007/0148(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0382/2007

Ingediende teksten :

A6-0382/2007

Debatten :

Stemmingen :

PV 24/10/2007 - 8.10

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0455

VERSLAG     *
PDF 152kDOC 80k
12 oktober 2007
PE 394.122v02-00 A6-0382/2007

over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Albanië inzake de versoepeling van de afgifte van visa voor kort verblijf

(COM(2007)0413 – C6-0293/2007 – 2007/0148(CNS))

Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

Rapporteur: Adina-Ioana Vălean

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie buitenlandse zaken
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Albanië inzake de versoepeling van de afgifte van visa voor kort verblijf

(COM(2007)0413 – C6-0293/2007 – 2007/0148(CNS))

(Raadplegingsprocedure)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel voor een besluit van de Raad (COM(2007)0413)(1),

–   gezien de artikelen 62, lid 2, punt b), onder (i) en (ii) en artikel 300, lid 2, eerste alinea, eerste zin, van het EG-Verdrag,

–   gelet op artikel 300, lid 3, eerste alinea, van het EG­Verdrag, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C6-0293/2007),

–   gelet op de artikelen 51 en 83, lid 7, van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken en het advies van de Commissie buitenlandse zaken (A6-0382/2007),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de sluiting van de overeenkomst;

2.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten en de Republiek Albanië.

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


TOELICHTING

Het Europees Parlement wordt geraadpleegd in verband met goedkeuring voor het sluiten van twee wederzijds verplichtende en parallelle overeenkomsten met landen van de westelijke Balkan: overnameovereenkomsten met de Voormalige Republiek Macedonië en met Montenegro, en overeenkomsten over versoepeling van de afgifte van visa voor kort verblijf met de Voormalige Republiek Macedonië, de Republiek Montenegro en de Republiek Albanië (met Albanië is reeds in 2005 een overnameovereenkomst gesloten).

Het belang van het sluiten van overnameovereenkomsten en overeenkomsten voor de versoepeling van afgifte van visa voor de landen van de westelijke Balkan, in het bijzonder met het oog op de aanpak van illegale migratie, werd tijdens de op 21 juni 2003 in Thessaloniki gehouden Top EU-westelijke Balkan nogmaals bevestigd.

Uw rapporteur is ingenomen met de overeenkomsten en onderstreept het belang ervan voor de betrokken landen. De overeenkomsten moeten worden gezien als een pakket dat gunstig is voor beide partijen: de EU en deze voor de EU strategisch belangrijke regio, die bovendien landen omvat die uitzicht hebben op lidmaatschap van de EU (Kroatië en de Voormalige Republiek Macedonië zijn kandidaat-lidstaten).

De sluiting van overeenkomsten over visumafgifteversoepeling moet worden gezien als een belangrijke stap, die de landen van de westelijke Balken ertoe kan aanmoedigen belangrijke hervormingen op dit gebied door te voeren en hun samenwerking op regionaal niveau en met de EU op terreinen zoals versterking van de rechtsstaat, bestrijding van georganiseerde criminaliteit en corruptie, te intensiveren, hun administratieve capaciteit ten behoeve van grenscontroles te verbeteren en de betrouwbaarheid van documenten te verhogen door het invoeren van biometrische kenmerken.

Een goed functionerend immigratiesysteem vereist effectieve overnameovereenkomsten en er zou geen enkele visumversoepelingsovereenkomst moeten worden afgesloten als er geen overnameovereenkomst is. De EU zou echter ook moeten overwegen gebruik te maken van andere instrumenten om de sluiting en tenuitvoerlegging van een overnameovereenkomst te bewerkstelligen, bijvoorbeeld politieke, economische of handels- en ontwikkelingsinstrumenten.

Uw rapporteur is ingenomen met het feit dat de Commissie bij haar besluit om onderhandelingen over visumafgifteversoepeling met derde landen te openen rekening houdt met factoren op het gebied van Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ), zoals grensbeheer, de betrouwbaarheid van documenten, migratie en asiel, terrorismebestrijding, georganiseerde misdaad en corruptie. Albanië, Montenegro, de Voormalige Republiek Macedonië, Servië en Bosnië-Herzegovina kennen alle hun eigen specifieke problemen op deze terreinen en dienen dan ook verschillend te worden benaderd.

Uw rapporteur blijft echter zeer kritisch over de zeer beperkte rol van het Europees Parlement bij het sluiten van dit soort overeenkomsten, hetgeen betreurenswaardig is en het democratisch tekort tussen de Europese instellingen en de Europese burgers vergroot. Deze kwesties hebben directe gevolgen voor EU-burgers en het Europees Parlement is helaas op geen enkel moment tijdens de opening van de onderhandelingen, of in de loop van de onderhandelingen, geïnformeerd over de gevolgen van overname- en visumovereenkomsten en de consequenties ervan voor de mensenrechten en het asielrecht.

De doelstellingen en het formele kader van deze communautaire overnameovereenkomsten rechtvaardigen dat het Parlement op de hoogte wordt gesteld van de gevolgen van de tenuitvoerlegging ervan in de lidstaten. Informatie over het aantal overgedragen migranten, nationaliteiten, status, gemiddelde wachttijd tussen arrestatie, overnameverzoek en overdracht, enz., is noodzakelijk om een jaarverslag te kunnen opstellen dat aan het Parlement kan worden voorgelegd en daar kan worden besproken.

In de visumversoepelingsovereenkomsten zouden een monitoring-mechanisme en een opschortingsclausule moeten worden opgenomen, zodat de EU de toepassing van de overeenkomst op elk moment kan opschorten in het geval van problemen bij de tenuitvoerlegging of bij onverwachte politieke ontwikkelingen.


ADVIES van de Commissie buitenlandse zaken (4.10.2007)

aan de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

inzake het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Albanië inzake de versoepeling van de afgifte van visa voor kort verblijf

(COM(2007)0413 – C6-0293/2007 – 2007/0148(CNS))

Rapporteur voor advies: Libor Rouček

app

BEKNOPTE MOTIVERING

Het Europees Parlement heeft consequent opgeroepen tot een versoepeling van de draconische visumregeling die van toepassing is op de landen van de westelijke Balkan. Deze regeling is vooral funest geweest voor de sociale en economische ontwikkeling van de landen in Zuidoost-Europa.

In tegenstelling tot de oorspronkelijke doelstelling - ervoor zorgen dat de activiteiten van plaatselijke criminele netwerken beperkt blijven tot de regio - verhinderde de regeling dat eerlijke studenten, academici, onderzoekers en zakenlieden nauwe contacten legden met partners in de EU-landen. Vooral bij de jongeren overheerste een gevoel van isolement, onverdiende discriminatie en gettovorming, wat hun Europese identiteit heeft ondermijnd. Europa is een welvarende samenleving waartoe ze graag willen behoren, maar ze voelen zich buitengesloten.

Ondertussen hebben misdadigers hun netwerken uitgebreid, nauwe banden gesmeed met andere organisaties in de lidstaten van de EU en hun activiteiten uitgebreid en verplaatst naar onze gebieden. Dit alles gebeurde ondanks de visabeperkingen die momenteel van kracht zijn.

Daarom is het gerechtvaardigd vraagtekens te plaatsen bij de grondbeginselen van het visumbeleid dat de EU tot dusver heeft gevoerd in relatie tot de landen van Zuidoost-Europa. In de strijd tegen de georganiseerde misdaad en de mensenhandel moet veel meer nadruk worden gelegd op regionale samenwerking, met meer subsidies en programma's die gericht zijn op het verbeteren van de faciliteiten, het opleiden en beter vergoeden van het personeel en het bevorderen van geavanceerde technologieën. Dit alles kost geld, en op dit vlak moet de Unie zich solidair opstellen. Net als voor deze landen is het voor de Unie voordelig doeltreffende, betrouwbare en corruptievrije grensbewakingseenheden, politiediensten en ambtenarenapparaten te ontwikkelen. De steun in het kader van het pretoetredingsinstrument moet worden opgeschroefd en bijkomende middelen moeten ter beschikking worden gesteld. In deze context is het van bijzonder belang de Albanese autoriteiten te assisteren bij het bespoedigen van de langverwachte totstandbrenging van een register van de burgerlijke stand, en bij de invoering van identiteitskaarten en biometrische paspoorten. Deze maatregelen zouden de rechtszekerheid met betrekking tot verkiezingsprocedures verhogen en reizen voor de Albanese burgers vergemakkelijken.

Door dergelijke (financiële en technische) steun te verlenen, biedt de Unie deze landen de mogelijkheid te voldoen aan de voorwaarden voor de volgende stap: een versoepeling van het visumbeleid. Het Europees Parlement (en de Commissie buitenlandse zaken in het bijzonder) is er voorstander van dat de visumvereisten voor burgers van deze regio zo spoedig als technisch mogelijk is worden opgeheven. We zijn van oordeel dat dit een duidelijk signaal zou zijn dat hun landen tot Europa behoren. Dit kan hen aanmoedigen het nodige te doen om de hervormingen door te voeren die uiteindelijk zullen leiden tot een volwaardig lidmaatschap van de Europese Unie.

******

De Commissie buitenlandse zaken verzoekt de ten principale bevoegde Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken voor te stellen het voorstel van de Commissie goed te keuren.

PROCEDURE

Titel

Overeenkomst over visa voor kort verblijf tussen de EG en Albanië

Document- en procedurenummers

COM(2007)0413 - C6-0293/2007 - 2007/0148(CNS)

Commissie ten principale

LIBE

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

AFET

24.9.2007

 

 

 

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Libor Rouček

12.9.2007

 

 

Behandeling in de commissie

3.10.2007

 

 

 

Datum goedkeuring

3.10.2007

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

23

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Vittorio Agnoletto, Christopher Beazley, Monika Beňová, Michael Gahler, Jas Gawronski, Alfred Gomolka, Richard Howitt, Anna Ibrisagic, Vytautas Landsbergis, Willy Meyer Pleite, Samuli Pohjamo, Libor Rouček, Katrin Saks, Jacek Saryusz-Wolski, Gitte Seeberg, Ari Vatanen, Josef Zieleniec

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Árpád Duka-Zólyomi, Gisela Kallenbach, Erik Meijer, Rihards Pīks, Csaba Sándor Tabajdi, Marcello Vernola


PROCEDURE

Titel

Overeenkomst over visa voor kort verblijf tussen de EG en Albanië

Document- en procedurenummers

COM(2007)0413 - C6-0293/2007 - 2007/0148(CNS)

Datum raadpleging EP

18.9.2007

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

LIBE

24.9.2007

Medeadviserende commissie(s)

       Datum bekendmaking

AFET

24.9.2007

 

 

 

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

Adina-Ioana Vălean

10.9.2007

 

 

Behandeling in de commissie

10.9.2007

2.10.2007

9.10.2007

 

Datum goedkeuring

9.10.2007

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

24

3

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Alexander Alvaro, Philip Bradbourn, Mihael Brejc, Kathalijne Maria Buitenweg, Michael Cashman, Giuseppe Castiglione, Giusto Catania, Jean-Marie Cavada, Elly de Groen-Kouwenhoven, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Kinga Gál, Patrick Gaubert, Roland Gewalt, Lívia Járóka, Ewa Klamt, Claude Moraes, Inger Segelström, Károly Ferenc Szabó, Adina-Ioana Vălean, Manfred Weber, Tatjana Ždanoka

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Simon Busuttil, Charlotte Cederschiöld, Evelyne Gebhardt, Ona Juknevičienė, Sylvia-Yvonne Kaufmann, Eva-Britt Svensson

Laatst bijgewerkt op: 15 oktober 2007Juridische mededeling