over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer
over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer
– gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2009)0423 – C7-0113/2009),
– gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (IIA)(1), en met name punt 28,
– gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG-verordening)(2),
– gezien het verslag van de Begrotingscommissie en het advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A7-0022/2009),
A. overwegende dat de Europese Unie de nodige wetgeving- en begrotingsinstrumenten heeft ingesteld om bijkomende steun te verlenen aan werknemers die te lijden hebben onder de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen en om deze werknemers bij hun herintreding op de arbeidsmarkt te begeleiden,
B. overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel zou moeten zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking zou moeten worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is aangenomen op de bemiddelingsvergadering van 17 juli 2008, en met eerbiediging van het IIA van 17 mei 2006 wat betreft het nemen van besluiten om gebruik te maken van het Fonds,
C. overwegende dat Duitsland om steun heeft verzocht voor ontslagen in de sector telecommunicatie met betrekking tot werknemers die op 6 februari 2009 zijn ontslagen door Nokia GmbH in de regio Bochum(3), en dat Duitsland voldoet aan de criteria die zijn vastgelegd in de EFG-verordening,
1. verzoekt de betrokken instellingen zich de nodige inspanningen te getroosten om de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) te bespoedigen;
2. onderstreept dat de Europese Unie alles in het werk moet stellen om de gevolgen van de wereldwijde economische en financiële crisis op te vangen; stelt in dit verband vast dat het EFG een essentiële rol kan vervullen bij de wederopneming van ontslagen werknemers in de arbeidsmarkt;
3. herinnert eraan dat de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG voor betalingskredieten de financiering van het Europees Sociaal Fonds niet in gevaar mag brengen; heeft enige twijfel of de complementariteit met andere bestaande instrumenten, zoals het Europees Sociaal Fonds, wel gewaarborgd is;
4 neemt zich voor de werking en de toegevoegde waarde van het EFG in de context van de algemene evaluatie van de op basis van het IIA van 17 mei 2006 ingevoerde programma's en andere instrumenten te beoordelen, in het kader van de begrotingsherziening van het meerjarig financieel kader 2007-2013;
5. hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;
6. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;
7. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.
BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van xxx september 2009
betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer
HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1), met name punt 28,
gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering(2), met name op artikel 12, lid 3,
gezien het voorstel van de Commissie,
overwegende hetgeen volgt:
(1) Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden, teneinde hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt.
(2) Het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 staat uitgaven uit het EFG toe binnen het jaarlijkse maximum van 500 miljoen euro.
(3) Op 6 februari 2009 diende Duitsland een aanvraag in om middelen uit het EFG beschikbaar te stellen in verband met ontslagen bij Nokia GmbH. Deze aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften voor de bepaling van de financiële steun van artikel 10 van Verordening (EG) nr. 1927/2006. De Commissie stelt derhalve voor een bedrag van 5 553 850 EUR ter beschikking te stellen.
(4) Er moeten derhalve middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om te voorzien in een financiële bijdrage voor de door Duitsland ingediende aanvraag.
BESLUITEN
Artikel 1
Voor de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2009 wordt uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering 5 553 850 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld.
Artikel 2
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering is opgericht om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.
Overeenkomstig de bepalingen van artikel 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1) en van artikel 12 van Verordening (EG) nr.1927/2006(2), mag het fonds niet groter zijn dan een jaarlijks maximumbedrag van 500 miljoen EUR, dat afkomstig kan zijn uit marges onder het totale uitgavenmaximum van het voorgaande jaar en/of uit geannuleerde vastleggingskredieten van de voorgaande twee jaren, met uitzondering van de kredieten voor rubriek 1B van het financiële kader. De passende bedragen worden als een voorziening in de begroting opgenomen zodra er voldoende begrotingsruimte en/of geannuleerde vastleggingen zijn vastgesteld.
De procedure om het Fonds te activeren verloopt als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een dienovereenkomstig overschrijvingsverzoek. Parallel vindt een trialoog plaats om tot overeenstemming te komen over het gebruik van het fonds en de vereiste bedragen. Een trialoog in vereenvoudigde vorm is mogelijk.
II. Stand van zaken: het voorstel van de Commissie
Dit voorstel heeft betrekking op de beschikbaarstelling van middelen voor een totaalbedrag van 5 553 850 EUR uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) ten behoeve van Duitsland (Bochum), ten einde steun te financieren aan ontslagen werknemers in de sector mobiele telefonie.
De Duitse aanvraag is gebaseerd op de criteria die worden genoemd in artikel 2, lid b van Verordening (EG) nr. 1927/2006 betreffende de algemene criteria voor interventie (ten minste 1 000 gedwongen ontslagen binnen een periode van vier maanden in een onderneming in een lidstaat, met inbegrip van werknemers die zijn ontslagen door leveranciers of afnemers.
De Duitse aanvraag, EGF/2009/002/DE/Nokia, bij de Commissie ingediend op 6 februari 2009 en aangevuld met additionele informatie tot aan 20 mei 2009, heeft betrekking op 1 337 ontslagen bij Nokia GmbH, waarvan voor 1 316 steun wordt gevraagd. De Duitse autoriteiten hebben om een bedrag van 5 553 850 EUR uit het fonds gevraagd.
Om middelen uit het fonds te kunnen inzetten heeft de Commissie de begrotingsautoriteit een overschrijvingsverzoek (DEC25/2009) doen toekomen voor een totaalbedrag van 5 553 850 EUR uit de EFG-reserve (40 02 43) aan vastleggingskredieten en uit ESF-begrotingslijnen (04 02 17 - ESF convergentie) aan betalingskredieten, over te schrijven naar de EFG-begrotingslijnen (04 05 01) voor vastleggingen en betalingen.
Het Interinstitutioneel Akkoord staat uitgaven uit het fonds toe tot een jaarlijks maximum van 500 miljoen EUR.
Dit is het derde voorstel betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds van 2009. Tot nu toe is een totaalbedrag van 7 523 850 EUR beschikbaar gesteld voor eerdere aanvragen in 2009. Na aftrek van de in 2009 reeds toegewezen bedragen blijft er een bedrag van 492 476 150 EUR beschikbaar.
Overeenkomstig artikel 12, lid 6, van de rechtsgrondslag dient op 1 september van ieder jaar ten minste 125 miljoen EUR (25%) beschikbaar te zijn om de behoeften die zich tot het einde van het jaar voordoen te kunnen dekken.
Overzicht van de uitgaven - begroting 2009
Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG):
Referentie
Lidstaat
Geval
EFG-bijdrage (€)
Ontslagen
EGF/2008/004
Spanje
Automobielindustrie /Castilla y León en Aragón
2 694 300
1 082
SEC(2008)2986
Commissie
Technische bijstand
690 000
---
EGF/2008/005
Spanje
Textiel / Catalonië
3 306 750
1 720
EGF/2009/001
Portugal
Textiel / Norte-Centro
832 800
1 588
EGF/2009/002
Duitsland
Telecommunicatie/Nokia (Bochum)
5 553 850
1 316
TOTAAL
Marges
13 077 700
486 922 300
N.B. De betalingen uit het fonds mogen niet meer bedragen dan EUR 500 miljoen per jaar.
III. Procedure
De Commissie heeft een verzoek om overschrijving ingediend(3) om overeenkomstig de voorschriften van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 specifieke vastleggings- en betalingskredieten in de begroting 2009 op te nemen.
De trialoog over het voorstel van de Commissie voor een besluit over de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG zou via een vereenvoudigde procedure kunnen plaatsvinden (briefwisseling), zoals voorzien in artikel 13, lid 5, van de rechtsgrondslag, tenzij het Parlement en de Raad niet tot overeenstemming komen.
Overeenkomstig een interne afspraak met de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) dient deze commissie bij het proces te worden betrokken, ten einde constructieve steun te kunnen bieden en bij te dragen tot de uitvoering van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.
Na beoordeling van de aanvragen heeft de Commissie EMPL van het Europees Parlement haar standpunt over de beschikbaarstelling van middelen uit het Fonds te kennen gegeven, zoals blijkt uit het bij dit verslag gevoegde advies.
Met de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die tijdens het overleg van 17 juli 2008 werd goedgekeurd, werd het belang bekrachtigd van een snelle procedure voor de goedkeuring van besluiten tot beschikbaarstelling van de middelen van het fonds, met inachtneming van het Interinstitutioneel Akkoord.
ADVIES VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
ES/sg De heer Alain Lamassoure
Voorzitter van de Begrotingscommissie
ASP 13 E 158
Betreft: Advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken inzake het voorstel van de Commissie voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) van 10 augustus 2009 (COM(2009)0423)
Mijnheer de Voorzitter,
De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep inzake het EFG hebben zich op 1, 2, 14 en 29 september 2009 gebogen over de aanvraag van Duitsland EGF/2009/002 DE/Nokia en hebben het volgende advies aangenomen.
De werkgroep die is gespecialiseerd in het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering en de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken zijn ervoor dat middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld voor de aanvraag EGF/2009/002 DE/Nokia. De Commissie EMPL heeft de volgende opmerkingen, zonder hiermee de overmaking van de middelen in het geding te willen brengen.
Deze opmerkingen zijn niet alleen gebaseerd op document SEC(2009)1094, maar ook op de aanvullende informatie die Duitsland op verzoek van het Parlement aan de Commissie heeft verstrekt. Bovendien heeft de Commissie opheldering gegeven over een aantal punten dat tijdens de vergadering van de werkgroep op 1 september 2009 aan de orde zijn gesteld en die in dit advies mede in aanmerking zijn genomen.
A) Samenvatting en opmerkingen
Aanvraag (artikel 5 van Verordening1927/2006)
De steunaanvraag is ingediend binnen tien weken vanaf de datum waarop was voldaan aan de voorwaarden voor bijstand uit het EFG.
Criteria voor steunverlening (artikel 2 van Verordening 1927/2006)
Volgens de documenten die de Commissie ter hand zijn gesteld, voldoet de aanvraag aan een fundamentele voorwaarde voor steunverlening uit het EFG, namelijk het ontslag binnen een periode van vier maanden van ten minste duizend werknemers van een onderneming van een lidstaat, met inbegrip van ontslagen bij leveranciers of afnemers van deze onderneming, zoals vermeld in artikel 2, letter a), van Verordening 1927/2006.
Duitsland maakt bekend dat in de referentieperiode van 30 juli t/m 29 november 2008 1 337 personen zijn ontslagen.
Zoals in artikel 2 van Verordening 1927/2006 is voorzien, is de Commissie van mening dat Duitsland het bewijs heeft geleverd dat het verlies aan arbeidsplaatsen wel degelijk is veroorzaakt door grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen die in de sector mobiele telefoons tot verplaatsing van onderzoek en ontwikkeling (O&O) en de productie naar derde landen leiden. Hoewel een deel van de productie is overgebracht naar Roemenië, is de productie van mobiele telefoons grotendeels verplaatst naar China, maar ook naar Zuid-Korea, India, Mexico en Brazilië. Deze lagelonenlanden zijn ook een aantrekkelijke vestigingsplaats voor O&O-activiteiten geworden.
Daarom komt de Commissie tot de conclusie dat de 1 337 ontslagen bij Nokia GmbH, zoals artikel 2 van Verordening (EG) nr. 1927/2006 vereist, in verband kunnen worden gebracht met grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen.
In aanmerking komende acties (artikel 3 van de verordening)
Volgens het SEC-document is met de uit het EFG gefinancierde maatregelen op 1 juli 2008 een begin gemaakt voor 1 316 van de ontslagen werknemers.
Het gecoördineerd pakket van subsidiabele gepersonaliseerde diensten omvat het volgende type maatregelen:
-Tijdelijke toelage (in 1 316 gevallen) zodat werknemers die instemmen met opneming in een outplacementbedrijf in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Voor het EFG kan een tijdelijke toelage alleen worden toegekend voor perioden waarin de ontslagen werknemers deelnemen aan actieve arbeidsmarktbeleidsmaatregelen die in het kader van het outplacementbedrijf worden aangeboden.
-Basiskwalificatie (in 170 gevallen) om het vermogen van weinig geschoolde werknemers om een baan te vinden in stand te houden en te verbeteren.
-Specifieke individuele opleiding (in 40 gevallen) voor werknemers voor wie een groepsopleiding geen goede resultaten lijkt op te leveren.
-Opleiding in een groep (in 490 gevallen) voor werknemers die elementaire beroepskennis bezitten, maar actuele technische kennis ontberen.
-Groepen van gelijken (in 240 gevallen) om het vermogen om zelfstandig te werken van vier categorieën achtergestelde werknemers te verbeteren: laaggeschoolde vrouwen, werknemers boven de 50 jaar, werknemers met een handicap of ziekte en gemigreerde werknemers.
-Omvattende hulp bij het starten van nieuwe bedrijven (in 40 gevallen).
-Steun bij kandidaatstelling voor een baan in het buitenland (in 55 gevallen) voor een beperkt aantal werknemers die interesse hebben voor de mogelijkheid zich voor te bereiden op een sollicitatie in het buitenland.
-Steun bij de aanvang in een nieuwe baan (in 250 gevallen) gedurende de proefperiode om ervoor te zorgen dat zij hun nieuwe baan behouden.
-Advies- en steunverlening, met inbegrip van overname van de lasten (in 1 316 gevallen) voor werknemers die geen nieuwe baan vinden na sluiting van het outplacementbedrijf.
Administratiekosten overeenkomstig artikel 3 van de verordening
Duitsland wijst erop dat de administratiekosten in verband met voorbereiding, beheer, voorlichting en publiciteit en controle op grond van artikel 3 van Verordening 1027/2006 door het EFG gefinancierd kunnen worden.
Om te verzekeren dat het EFG alleen een financiële bijdrage geeft voor perioden waarin werknemers daadwerkelijk deelnemen aan maatregelen met het oog op een actief arbeidsmarktbeleid, heeft de Commissie Duitsland verzocht de desbetreffende terdege onderbouwde data mede te delen.
Uitleg van het onvoorziene karakter van deze ontslagen (artikel 5, lid 2,letter a),van Verordening 1927/2006)
Volgens de Duitse autoriteiten bestond de indruk dat de productie in Bochum gehandhaafd zou blijven gezien de door het Nokia-concern verstrekte informatie en de grote winsten die er gemaakt werden. De aankondiging op 15 januari 2008 dat Nokia de fabriek zou sluiten kwam dan ook onverwachts.
Verwachte impact van de gedwongen ontslagen op de plaatselijke regionale of nationale werkgelegenheid(artikelen 1 en 5, lid 2, letter c), van de verordening)
De werkloosheid in de regio's die onder de bevoegdheid vallen van de vier arbeidsbureaus die zich met de ontslagen bezighouden, is van oudsher hoger dan in de rest van Noordrijn-Westfalen (8,1%) en Duitsland (7,4%), namelijk tussen 10,2 en 12,3%.
De gebieden worden gekenmerkt door industriesectoren (auto- en staalindustrie) die in de huidige economische en financiële crisis zeer kwetsbaar zijn en ontslagen werken dan ook zeer negatief uit voor de plaatselijke economie.
Complementariteit, naleving en coördinatie (artikel 6 van Verordening 1927/2006)
Duitsland bevestigt dat de beschreven maatregelen wel degelijk een aanvulling zijn op de acties die worden gefinancierd door de structuurfondsen.
a) Pakket oorspronkelijke maatregelen gefinancierd door het Europees Sociaal Fonds (ESF)
Volgens de mededeling van de Commissie onderscheidt de aanvraag een oorspronkelijk pakket maatregelen voor een actief arbeidsmarktbeleid, dat steun uit het Europees Sociaal Fonds (ESF) heeft ontvangen en is medegefinancierd met openbare en particuliere middelen. De verschillende marktdeelnemers zijn het in april 2008 eens geworden over dit oorspronkelijke pakket, dat voorzag in de oprichting van een outplacementbedrijf en maatregelen met het oog op de vaststelling van een profiel, beroepsvoorlichting, individuele adviesverlening, hulp bij het vinden van werk en het verwerven van vaardigheden op korte termijn, overeenkomstig de richtsnoeren van het "ESF-programma" van het federale arbeidsbureau (paragrafen 17 en 19 van het SEC-document).
b) Pakket maatregelen gefinancierd door het EFG
Volgens de stukken van de Commissie is op basis van de onderhavige aanvraag een aanvullend pakket door het EFG gefinancierde maatregelen opgesteld, en wel in december 2008 en in januari 2009. Om ervoor te zorgen dat deze maatregelen aansluiten bij de andere maatregelen op het nationale, regionale en lokale vlak, is het pakket maatregelen van het EFG voor een actief arbeidsmarktbeleid volledig ontworpen als aanvulling op het bovenbeschreven oorspronkelijke pakket. Met uitzondering van de tijdelijke toelage is met de door het EFG gefinancierde maatregelen een begin gemaakt op 1 juli 2009 en zullen deze maatregelen worden voortgezet tot de dag waarop de steun van het EFG zal aflopen (eind januari 2010).
c) Aanvullend karakter van de tijdelijke toelage
Tussen 1 augustus 2008 en begin 2010 moet het EFG de eerste maatregel (tijdelijke toelage) financieren die vanaf 1 augustus 2008 wordt verstrekt aan werknemers die deelnemen aan de maatregelen die worden gefinancierd door het EFG.
B)Opmerkingen en nadere informatie
Duitsland vraagt een bijdrage van het EFG voor maatregelen ter aanvulling van degene die al door het ESF gefinancierd worden. De Commissie EMPL deelt de mening van de Commissie dat artikel 6, lid 2, van Verordening 1927/2006 wederzijds aanvullende maatregelen mogelijk maakt, maar heeft wel een bedenking, gezien artikel 6, lid 4, van dezelfde verordening, dat financiering van een maatregel door meerdere financiële instrumenten van de Gemeenschap verbiedt. Wel wordt de bezorgdheid van de werkgroep en de Commissie EMPL over het principe van goed financieel beheer met de volgende verduidelijkingen weggenomen:
Aanvullende inlichtingen op aanvraag van het secretariaat EMPL:
Volgens aanvullende informatie van de Commissie na verdere ruggenspraak met de Duitse regering:
- in tegenstelling met de aanvankelijke gegevens van het SEC-document heeft het EFG in de periode van 1 juli t/m 1 augustus 2008 geen enkele maatregel gefinancierd;
- in de periode van 1 augustus 2008 t/m eind juni 2009 heeft het EFG alleen maar de eerste maatregel gefinancierd (kortlopende toelage), die alle werknemers vanaf 1 augustus 2008 individueel voor maximaal 12 maanden aangeboden is; alle maatregelen van het overbruggingsbedrijf ("outplacement"-bedrijf) in dezelfde periode, ook de bijscholingsmaatregelen, zijn met andere middelen gefinancierd (ESF en privé-middelen);
- het overbruggingsbedrijf heeft vanaf 1 juli 2008 van het ESF de nodige middelen voor bijscholingsmaatregelen voor de werknemers gekregen (in ongeveer 240 gevallen);
- sinds 1 juli van dit jaar en tot het einde van de bijstand uit het EFG (eind januari 2010) worden de bijscholingsmaatregelen alleen uit het EFG betaald.
Er zijn wel een paar uitzonderingen op het principe van in de tijd gescheiden financiering van ESF- en EFG-maatregelen:
voor 7 deelnemers is de financiering van maatregelen uit het ESF pas na juni 2009 begonnen, m.a.w. op het ogenblik dat de financiering door het EFG een aanvang genomen heeft, terwijl andere deelnemers een inleidende maatregel met financiering door het EFG verkregen hebben, die al vóór 1 juli van dit jaar van kracht geworden is.
Volgens de Commissie ziet de federale arbeidsdienst erop toe dat de ESF- en EFG-maatregelen strikt gescheiden verlopen.
Gegevens van de Commissie, verstrekt op de vergadering van de werkgroep van de Commissie EMPL over het EFG (1 september 2009):
- Volgens artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1927/2006 kan het EFG een kortlopende toelage uitkeren wanneer de werknemers zich met activerende werkgelegenheidsmaatregelen laten begeleiden die door het ESF gefinancierd worden.
- Het "aanvullende" karakter van de werkzaamheden van het EFG, zoals aangegeven in artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1927/2006, maakt dat één en dezelfde werknemer van maatregelen gebruik kan maken die door meerdere structuurfondsen en het EFG gefinancierd worden.
- Omdat gebleken is dat het EFG zijn werkzaamheden op 1 augustus en niet 1 juli 2008 aangevat heeft, eist het Europees Parlement dat de Commissie Duitsland vraagt om de begindatum van de periode die voor steun uit het EFG in aanmerking komt (art. 11 van de verordening), recht te zetten.
Gelijkheid van man en vrouw en vermijding van discriminatie (art. 7 van de verordening)
Volgens de inlichtingen van de Commissie is Duitsland in dit stadium niet verplicht om het bewijs te leveren dat gelijkheid van man en vrouw en vermijding van discriminatie in de opeenvolgende fasen van gebruikmaking van het EFG in acht genomen zijn, zoals de verordening voorschrijft. Het is pas bij de evaluatie van de EFG-bijdrage ex-post dat Duitsland moet aantonen dat het criterium in acht genomen is.
Opmerking:
De Commissie EMPL betreurt die gang van zaken en wenst dat de lidstaten bij maatregelen met EFG-financiering uitvoeriger gegevens over de inachtneming van de gelijkheid van man en vrouw en vermijding van discriminatie verstrekken.
Bovendien vragen ze de Commissie om de bewuste inlichtingen in het vervolg in hun jaarverslag over de werking van het fonds op te nemen.
C) CONCLUSIE
De Commissie EMPL keurt de aanvraag van Duitsland goed, maar voelt zich verplicht om een aantal opmerkingen bij de indieningswijze van de aanvraag te maken:
Ten eerste wijst ze erop dat de gegevens over de zaak-Nokia in het basisdocument (SEC(2009)1094) onvolledig zijn, en klaarblijkelijk zelfs verkeerd voor wat de aanvangsdatum van de maatregelen met EFG-financiering betreft. Er zijn heel wat nadere verduidelijkingen nodig geweest om zich ervan te vergewissen dat de maatregelen met EFG-financiering een aanvulling van de ESF-maatregelen vormen. Het aanvullend karakter is een onontbeerlijke voorwaarde om de begrotingsprocedure van artikel 12 van Verordening (EG) 1927/2006 op het EFG te kunnen aanvatten.
De Commissie EMPL vraagt de Commissie om Duitsland te vragen om de aanvangsdatum van de maatregelen met financiering door het EFG recht te zetten. Bovendien moet de Commissie er in de toekomst voor zorgen dat de inlichtingen aan het Europees Parlement niet alleen juist en volledig zijn, maar ook, in het belang van een doeltreffend verloop van de procedure, dat alle feitelijke gegevens bij de aanvraag gemakkelijk en vlug te begrijpen zijn.
Het algemeen overzicht moet ook de bijdrage van de andere instanties omvatten die zich met bijstand voor de ontslagen werknemers bezighouden, meer in het bijzonder het bedrijf, de andere Europese structuurfondsen en de plaatselijke instanties.
Daarnaast wenst de Commissie EMPL dat er volledig klaarheid over de inachtneming van de wettelijke verplichtingen door de firma Nokia geschapen wordt, meer in het bijzonder voor wat betreft raadpleging en informatie van de werknemers, zowel op nationaal als Europees niveau, over de verplaatsing van het bedrijf naar Roemenië en de bijstandsverlening aan de ontslagen werknemers, en de concrete financiële bijdrage tot her- en bijscholing van het personeel.
De Commissie EMPL zou ook de juiste inhoud van de maatregelen willen vernemen die door het ESF gefinancierd worden, om een beter algemeen overzicht van de bijstandsverlening aan de werknemers van Nokia te krijgen.
Voor wat betreft de gelijkheid van man en vrouw en vermijding van discriminatie meent de Commissie EMPL dat de lidstaten uitvoeriger gegevens over de inachtneming van die twee belangrijke doelstellingen in de maatregelen moeten verstrekken die door het EFG gefinancierd worden. De werkgroep vraagt de Commissie dan ook om de bewuste gegevens in het vervolg in haar jaarverslag over de werking van het EFG op te nemen.
Ten laatste verwondert het de Commissie EMPL dat het bijstandsplan geen gegevens over de werknemers bevat die door de toeleveringsbedrijven of afnemers van Nokia ontslagen worden.
In de hoop dat uw commissie onze opmerkingen onderschrijft,
en met alle hoogachting,
(w.g.) Pervenche Berès
Ref.: D(2009)46247
PROCEDURE
Titel
Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer
Damien Abad, Marta Andreasen, Francesca Balzani, Reimer Böge, Lajos Bokros, Jean-Luc Dehaene, James Elles, Göran Färm, José Manuel Fernandes, Salvador Garriga Polledo, Jens Geier, Ivars Godmanis, Estelle Grelier, Carl Haglund, Jutta Haug, Jiří Havel, Monika Hohlmeier, Sidonia Elżbieta Jędrzejewska, Anne E. Jensen, Sergej Kozlík, Alain Lamassoure, Janusz Lewandowski, Vladimír Maňka, Barbara Matera, Nadezhda Mihaylova, László Surján, Angelika Werthmann
Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 178, lid 2)