Procedure : 2011/2224(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0124/2012

Ingediende teksten :

A7-0124/2012

Debatten :

PV 10/05/2012 - 9
CRE 10/05/2012 - 9

Stemmingen :

PV 10/05/2012 - 12.22
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2012)0169

VERSLAG     
PDF 204kDOC 128k
11 april 2012
PE 473.988v01-00 A7-0124/2012

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010

(C7-0285/2011 – 2011/2224(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Monica Luisa Macovei

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010

(C7-0285/2011 – 2011/2224(DEC))

Het Europees Parlement,

–   gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010,

–   gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010, tezamen met de antwoorden van het Agentschap(1),

–   gezien de aanbeveling van de Raad van 21 februari 2012 (06083/2012 – C7-0051/2012),

–   gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(2), en met name artikel 185 daarvan,

–   gezien Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad(3) tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, en met name artikel 60 daarvan,

–   gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van 19 november 2002 van de Commissie houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(4), en met name artikel 94 daarvan,

–   gezien artikel 77 en bijlage VI van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A7-0124/2012),

1.  verleent de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2010;

2.  formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010

(C7-0285/2011 – 2011/2224(DEC))

Het Europees Parlement,

–   gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010,

–   gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010, tezamen met de antwoorden van het Agentschap(5),

–   gezien de aanbeveling van de Raad van 21 februari 2012 (06083/2012 – C7-0051/2012),

–   gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(6), en met name artikel 185 daarvan,

–   gezien Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad(7) tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, en met name artikel 60 daarvan,

–   gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van 19 november 2002 van de Commissie houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(8), en met name artikel 94 daarvan,

–   gezien artikel 77 en bijlage VI van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A7-0124/2012),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de jaarrekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010

(C7-0285/2011 – 2011/2224(DEC))

Het Europees Parlement,

–    gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010,

–    gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010, tezamen met de antwoorden van het Agentschap(9),

–    gezien de aanbeveling van de Raad van 21 februari 2012 (06083/2012 – C7-0051/2012),

–    gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–    gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(10), en met name artikel 185 daarvan,

–    gezien Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad(11) tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, en met name artikel 60 daarvan,

–    gezien Verordening (EG, Euratom) nr. 2343/2002 van 19 november 2002 van de Commissie houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 185 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(12), en met name artikel 94 daarvan,

–    gezien artikel 77 en bijlage VI van zijn Reglement,

–    gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie vervoer en toerisme (A7-0124/2012),

A.    overwegende dat de Rekenkamer verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben verkregen dat de jaarrekening van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart ("het Agentschap") voor het begrotingsjaar 2010 betrouwbaar is en dat de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

B.     overwegende dat het Parlement de uitvoerend directeur van het Agentschap op 10 mei 2011 kwijting heeft verleend voor de uitvoering van zijn begroting voor het begrotingsjaar 2009(13) en dat het in zijn resolutie behorende bij het kwijtingsbesluit onder andere

-      bij het Agentschap erop aandrong een op activiteiten gebaseerde structuur van de operationele begroting in te voeren om een duidelijk verband tussen het werkprogramma en de financiële prognoses tot stand te brengen en de monitoring en rapportage van de prestaties te verbeteren;

-      de aandacht vestigde op het feit dat het Agentschap opnieuw een groot aantal kredieten voor administratieve uitgaven heeft overgedragen naar 2010,

-      wenste dat aan de begroting van elk jaar een verslag wordt gehecht over de begrotingsoverschotten van de voorgaande jaren, waarin wordt aangegeven waarom deze middelen niet zijn gebruikt, alsmede hoe en wanneer ze gebruikt zullen worden;

-      kennis nam van tekortkomingen in de procedures voor de selectie van personeel, die een risico vormen voor de transparantie van deze procedures;

C.     overwegende dat het Agentschap gefinancierd wordt met vergoedingen en rechten en een bijdrage van de Unie;

D.     overwegende dat de begroting van het Agentschap 137 200 000 EUR bedroeg voor het begrotingsjaar 2010, tegenover 122 200 000 EUR in 2009, hetgeen een toename van 12,27% betekent; overwegende dat de bijdrage van de Unie aan de begroting van het Agentschap 34 197 000 EUR(14) bedroeg voor 2010, hetgeen een toename van 0,87% betekent ten opzichte van 2009;

Budgettair en financieel beheer

1.      herinnert eraan dat twee derde van de begroting van het Agentschap afkomstig is van vergoedingen en rechten die door de industrie worden betaald, dat een derde afkomstig is uit subsidies van de Unie en dat de aanvankelijke bijdrage van de Unie aan het Agentschap 32 879 000 EUR bedroeg voor 2010; merkt echter op dat aan dat bedrag 1 318 000 EUR is toegevoegd, afkomstig uit teruggevorderde overschotten, waardoor de totale bijdrage van de Unie voor 2010 neerkomt op 34 197 000 EUR;

2.      merkt op dat de begroting van het Agentschap is toegenomen met 61% van 85 200 000 EUR in 2007 tot 137 200 000 EUR in 2010 en dat het aantal personeelsleden is gestegen van 333 naar 524;

3.      merkt op dat krachtens artikel 3 van Verordening (EG) nr. 593/2007 van de Commissie van 31 mei 2007 betreffende de door het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart geheven vergoedingen en rechten(15) de ontvangsten uit vergoedingen beschouwd worden als toegewezen ontvangsten die door het Agentschap overgedragen kunnen worden als zij niet gebruikt zijn;stelt vast dat de ontvangsten van de industrie meer dan één begrotingsjaar kunnen betreffen;constateert dat de reserve die de daaropvolgende jaren gebruikt kan worden, wordt aangepast op basis van het begrotingsoverschot van het boekjaar; merkt op dat het bedrag van de reserve de afgelopen twee jaar gedaald is van 29 000 000 EUR aan het eind van 2008 tot 21 000 000 EUR aan het eind van 2010;

4.      neemt er via de definitieve jaarrekening kennis van dat het Agentschap voor het begrotingsjaar 2010 enkel niet-gesplitste kredieten heeft gebruikt en dat de vastleggingskredieten bijgevolg gelijk waren aan de betalingskredieten; merkt bovendien op dat het algemene begrotingsuitvoeringspercentage 99,51% bedroeg voor de kredieten voor 2010;

Door het Agentschap geheven vergoedingen en rechten

5.      verzoekt het Agentschap verdere adequate maatregelen te treffen om tekortkomingen te voorkomen die de transparantie van de procedure voor het plaatsen van opdrachten en het beginsel van goed financieel beheer in gevaar brengen;

Boekhouding

6.      stelt op basis van de definitieve jaarrekening vast dat het Agentschap in 2010 zijn methode voor het erkennen van ontvangsten heeft aangepast van een op kosten gebaseerde methode naar de lineaire methode die wordt voorgesteld in boekhoudregel 4 van de EG;

7.      begrijpt uit de verklaringen van het Agentschap dat de wijziging werd doorgevoerd om de nauwkeurigheid en de transparantie betreffende de manier waarop de basis voor de verdiende ontvangsten berekend wordt, te verbeteren en om rekening te houden met de aanbeveling van de Rekenkamer van 2009 om een methode toe te passen die nauwkeuriger weergeeft hoeveel ontvangsten er voor een bepaald begrotingsjaar worden toegewezen;

8.      neemt er via het jaarlijks activiteitenverslag van het Agentschap kennis van dat het capaciteitsplanningssysteem verder verbeterd werd en systematisch gebruikt wordt voor alle soorten financiële transacties en voor het afsluiten van de rekeningen op het einde van het jaar;

Procedures voor het plaatsen van opdrachten

9.      neemt er via het jaarlijks activiteitenverslag kennis van dat er in 2010 23 inschrijvingsprocedures met een hoge waarde werden beheerd om tegemoet te komen aan zowel operationele als administratieve behoeften, dat 20 van die procedures werden afgerond en dat er 29 contracten met een hoge waarde werden gesloten ter waarde van ongeveer 14 000 000 EUR; merkt bovendien op dat er 428 contracten gesloten werden naar aanleiding van procedures voor het plaatsen van opdrachten met een lage waarde, voor een totaal van ongeveer 1 650 000 EUR;

10.    neemt in het bijzonder kennis van de verklaring van de Rekenkamer dat voor twee grote procedures voor het plaatsen van opdrachten inschrijvingen met de beste financiële offerte bij de gebruikte evaluatiemethode niet de meeste punten voor de prijs behaalden; neemt er via het Agentschap kennis van dat deze twee procedures voor het plaatsen van opdrachten betrekking hadden op:

-       de verlenging van een vierjarig contract voor schoonmaakdiensten ter waarde van 1 000 000 EUR;

-       een kadercontract voor maximum vier jaar voor studies naar de certificeringsvereisten en -normen voor vliegtuigmotoren met een maximumwaarde van 2 500 000 EUR waarvoor de gekozen contractant niet alle kostenelementen in zijn aanvraag had ingevuld;

merkt op dat het Agentschap antwoordde dat er geen negatieve weerslag op het resultaat te melden was en zal niettemin rekening houden met de overwegingen van de Rekenkamer en voortaan letten op het aangetoonde risico door nog meer aandacht aan financiële beoordelingsformules te besteden;

11.    verzoekt het Agentschap verdere adequate maatregelen te treffen om tekortkomingen te voorkomen die de transparantie van de procedure voor het plaatsen van opdrachten en het beginsel van goed financieel beheer in gevaar brengen;

Personeelszaken

12.    stelt vast dat de kwijtingsautoriteit opnieuw tekortkomingen heeft vastgesteld in de procedures voor personeelsselectie die de transparantie van zulke procedures in gevaar brengen; neemt er via de Rekenkamer kennis van dat er geen bewijs was dat de drempelvoorwaarden voor uitnodiging voor een gesprek of plaatsing op de reservelijst waren vastgesteld voordat de beoordeling van de sollicitaties begon; merkt op dat dit mogelijk zo gedaan werd om nepotisme of belangenconflicten te verhullen; dringt erop aan dat alles in het werk wordt gesteld om belangenconflicten te voorkomen; vraagt de Commissie zich ervan te vergewissen dat het agentschap de EU-voorschriften correct toepast; benadrukt het belang van transparantie bij de aanbestedings- en aanwervingsprocedures;

13.    stelt vast dat het Agentschap de kwijtingsautoriteit niet op de hoogte heeft gesteld van de maatregelen die het getroffen heeft om de selectieprocedures voor zijn deskundigen/personeelsleden transparanter te maken, zoals verzocht in 2009, maar heeft vernomen dat de kwestie in 2010 is aangepakt nadat de Rekenkamer deze kwestie in zijn verslag andermaal heeft onderstreept; onderstreept andermaal dat het effect van deze tekortkomingen des te groter is als men bedenkt dat het Agentschap de volgende doelstellingen moet nastreven: certificeringsspecificaties vaststellen, besluiten nemen over luchtwaardigheids- en milieucertificering, en normalisatie-inspecties uitvoeren bij de bevoegde autoriteiten in de lidstaten;

14.    neemt nota van het antwoord van het Agentschap aan de Rekenkamer dat het in zijn richtsnoeren voor panelleden een duidelijke minimumdrempel heeft opgenomen waaraan kandidaten moeten voldoen om uitgenodigd te worden op een gesprek (50%) of om op de reservelijst geplaatst te worden (65%), maar dat het zich het recht voorbehoudt om te bepalen wat een redelijk maximumaantal kandidaten is om uit te nodigen op basis van hun verdiensten;

15.    herinnert het Agentschap aan het belang van afdoende opleiding en kwalificatiecriteria voor inspectieteams en teamleiders; verzoekt het Agentschap om concrete stappen te ondernemen en de kwijtingsautoriteit daarvan op de hoogte te brengen;

16.    neemt nota van het feit dat aantal personeelsleden van het Agentschap is gestegen van 509 tot 578;

Belangenconflicten

17.    merkt op dat de technische personeelsleden van het Agentschap gewoonlijk aangeworven moeten worden uit nationale luchtvaartautoriteiten en uit de luchtvaartsector; begrijpt dat personeelsleden over voldoende en actuele technische werkervaring in de luchtvaart moeten beschikken om een technische controle van de documenten voor het aantonen van naleving uit te voeren ter waarborging van een adequaat niveau van veiligheid van de luchtvaart, zoals in de toepasselijke EU-wetgeving wordt geëist; is echter bezorgd dat deze situatie, indien niet ontdekt en behoorlijk aangepakt, tot belangenconflicten zou kunnen leiden als een personeelslid dat aangeworven werd bij een vliegtuigfabrikant bij het Agentschap werkt en daar beslissingen neemt inzake de certificering van het vliegtuig waaraan hij/zij werkte toen hij/zij in dienst was bij de fabrikant; neemt echter kennis van het feit dat het Agentschap een certificeringsprocedure heeft ingevoerd waarmee de onpartijdigheid van het besluitvormingsproces wordt gewaarborgd middels de collegialiteit van de technische beoordelingen en het besluitvormingsproces als zodanig; heeft tevens vernomen dat het Agentschap bezig is met het invoeren beleid in het hele Agentschap van een inzake gedragscodes met inbegrip van identificatie, preventie, monitoring en de omgang met de gevolgen van potentiële gevallen van belangenconflicten, een beleid dat het Agentschap zal helpen om het opsporen en aanpakken van situaties van belangenconflicten zodanig verder te verbeteren dat de veiligheid van de luchtvaart geen gevaar loopt;

18.    verzoekt het Agentschap om terdege rekening te houden met de beroepsachtergrond van zijn personeelsleden om belangenconflicten te vermijden; is van mening dat het beleid van het Agentschap inzake belangenconflicten zou moeten specificeren in hoeverre en onder welke voorwaarden werknemers van het Agentschap betrokken mogen zijn bij de certificering van een vliegtuig waaraan zij gewerkt hebben voor ze bij het Agentschap aan de slag gingen;

19.    doet een beroep op het Agentschap om doeltreffende processen in te voeren waarmee potentiële gevallen van meldingen van belangenconflicten binnen het Agentschap naar behoren worden aangepakt; doet tevens een beroep op het Agentschap om op zijn website de opgave van belangen en de professionele achtergrond te plaatsen van zijn deskundigen, leidinggevend personeel, leden van de raad van bestuur, en eventuele andere personen die bij het certificeringsproces betrokken zijn; verklaart dat het Agentschap de OESO-richtsnoeren op het gebied van belangconflicten moet volgen;

20.    aangezien het Agentschap betrokken is bij besluiten die voor alle burgers van fundamenteel belang zijn en rekening houdend met de kwetsbare positie van het Agentschap vanwege zijn belang voor de industrie, kijkt de begrotingsautoriteit ernaar uit de conclusies en aanbevelingen te ontvangen en te bespreken van het speciaal verslag over belangenconflicten dat de Rekenkamer vóór eind juni 2012 zal publiceren;

Prestaties

21.    doet een beroep op het Agentschap om de bestaande op activiteiten gebaseerde structuur van de operationele begroting verder in te voeren om een duidelijk verband tussen het werkprogramma en de financiële prognoses tot stand te brengen en de monitoring en rapportage van de prestaties verder te verbeteren;

22.    verzoekt het Agentschap om bij de planning van al zijn operationele activiteiten, waar relevant, gebruik te maken van een Gannt-diagram; onderstreept tevens hoe belangrijk het voor het Agentschap is om in zijn programmering SMART-doelstellingen en RACER-indicatoren vast te stellen, zoals sedert 2008 is geschied in zijn jaarlijkse werkprogramma en zijn jaarlijkse activiteitenverslag;

Interne controles

23.    neemt er via het jaarlijkse activiteitenverslag kennis van dat het Agentschap zijn geïntegreerd beheerssysteem in 2010 heeft geconsolideerd, met inbegrip van het concept "interne controle", dat ervoor moet zorgen dat risico's correct worden aangepakt om het Agentschap beter in staat te stellen om operationele, kwaliteits-, nalevings- en financiële doelstellingen te verwezenlijken;

24.    merkt op dat het geïntegreerd beheerssysteem van het Agentschap in december 2010 gecertificeerd werd volgens de internationaal erkende ISO 9001:2008-norm voor kwaliteitsbeheer;

Proces voor normalisatie-inspecties

25.    doet een beroep op het Agentschap om de documentatie van de planning en programmering van inspecties verder te verbeteren; herinnert het Agentschap aan het belang van het documenteren van de risicobeoordeling en de criteria die gebruikt worden voor het opstellen van de inspectieplanning om zijn interne besluitvormingsprocessen te rechtvaardigen in die gevallen waarin er grote tekortkomingen worden vastgesteld die de veiligheid van de EU-burgers in gevaar brengen;

26.    doet bovendien een beroep op het Agentschap om zijn doeltreffendheid in het omspringen met belangrijke veiligheidsproblemen verder te verbeteren door:

-   het monitoren van informatie;

-   het verkorten van de termijnen voor verslaglegging en tenuitvoerlegging;

-   het besluitvormingsproces tussen het Agentschap en de Commissie te documenteren;

-              de risico's van belangenconflicten adequaat in te perken;

27. verzoekt het Agentschap voorts om te zorgen voor de classificatie, monitoring en follow-up van zijn inspectiebevindingen die ingedeeld worden als "opmerkingen"; verneemt van het Agentschap dat het een werkwijze heeft ontwikkeld om die bevindingen vast te stellen en ze aan de Commissie mee te delen; verzoekt het Agentschap daarom de kwijtingsautoriteit op de hoogte te houden van de maatregelen die worden genomen;

Interne audit

28.    erkent dat verschillende "zeer belangrijke" aanbevelingen van de dienst Interne Audit (IAS) aan het Agentschap met het oog op het beperken van de bestaande risico's, nog hangende zijn en momenteel door de IAS bestudeerd worden;

29.    merkt in het bijzonder op dat de IAS in 2010 een audit heeft uitgevoerd van het normalisatie-inspectieproces om op een onafhankelijke manier de betrouwbaarheid van het interne controlesysteem voor het normalisatie-inspectieproces in het Agentschap te beoordelen en te verzekeren, om aldus de toepassing van de desbetreffende regelgeving van de Unie door de nationale luchtvaartautoriteiten te monitoren en verslag uit te brengen aan de Commissie; merkt tevens op dat het Agentschap reeds een corrigerend actieplan heeft ontwikkeld waarmee de IAS heeft ingestemd en dat reeds aan de IAS is voorgelegd ter bestudering van de bewijzen van de tenuitvoerlegging van de aanbevelingen in de paragrafen 25 tot en met 27 van dit verslag;

30.    verzoekt het Agentschap in dat verband voorts om:

-  zijn risicobeoordelingen na de jaarlijkse inspectieprogramma's en het inspectiebezoek te documenteren;

-  de monitoring van en verslaglegging over grote tekortkomingen die tot bezorgdheid strekken op het vlak van veiligheid te verbeteren;

-  te zorgen voor follow-up en monitoring van zijn opmerkingen na inspectiebezoeken;

31.    verwijst naar zijn aanbevelingen in vorige kwijtingsverslagen als opgesomd in de bijlage bij deze resolutie;

32.    verwijst voor andere, horizontale opmerkingen bij zijn kwijtingbesluit naar zijn resolutie van …2012 over de prestaties en het financiële beheer van en het toezicht op de agentschappen.

BIJLAGE

Aanbevelingen van het Europees Parlement van de afgelopen jaren

 

Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart

2006

2007

2008

2009

 

Prestaties

- het Agentschap dient de consistentie van de geraamde uitgaven nauwkeurig te controleren: het kostenanalysesysteem van het Agentschap gaf kosten aan ter waarde van ongeveer 48 miljoen EUR, tegenover ontvangsten ter waarde van ongeveer 35 miljoen EUR ontoereikende programmering;

- het Agentschap dient zorgvuldig na te gaan of de geraamde uitgaven die ter goedkeuring aan de begrotingsautoriteit worden voorgelegd, consistent zijn.

- verzoekt het agentschap om een diachronische analyse van de tijdens dit en vorig jaar uitgevoerde verrichtingen uit te werken

- verzoekt het Agentschap om SMART-doelstellingen en RACER-indicatoren op te stellen

- verzoekt het Agentschap om een Gannt-diagram uit te werken

- verzoekt het Agentschap om SMART-doelstellingen en RACER-indicatoren op te stellen

- verzoekt het Agentschap om bij de planning van al zijn operationele activiteiten gebruik te maken van een Gantt-diagram, om snel te kunnen natrekken hoeveel tijd een personeelslid aan een bepaald project heeft besteed

- dringt er bij het Agentschap op aan een op activiteiten gebaseerde structuur van de operationele begroting in te voeren om een duidelijk verband tussen het werkprogramma en de financiële prognoses tot stand te brengen en de monitoring en rapportage van de prestaties te verbeteren;

- verzoekt het Agentschap om een vergelijking op te stellen van de activiteiten die het heeft uitgevoerd tijdens het jaar waarvoor de kwijting moet worden verleend en tijdens het voorgaande begrotingsjaar

 

Verordening betreffende vergoedingen en rechten

 

 

n.v.t.

- het Agentschap dient de vorige verordening betreffende geheven vergoedingen niet te verwarren met de nieuwe.

- verzoekt het Agentschap om een monitoringsysteem uit te werken voor certificeringsprojecten

- verzoekt het Agentschap om met een gedetailleerd plan te komen om te garanderen dat het systeem van jaarlijkse forfaits geen ontvangsten zal opleveren die ver boven de reële kosten van de geleverde diensten liggen

- verzoekt het Agentschap zijn bewakingssysteem voor certificeringsprojecten te verbeteren om ervan verzekerd te zijn dat de geheven vergoedingen gedurende de gehele looptijd niet significant afwijken van de reële kosten.

- verzoekt het Agentschap om met het oog op de opstelling van het jaarverslag voor 2010 een correcte raming uit te voeren van de transitorische passiva in verband met het beheer van de aan nationale luchtvaartautoriteiten uitbestede certificeringswerkzaamheden

 

Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart

2006

2007

2008

2009

 

Overdracht van kredieten/kwesties in verband met het plaatsen van opdrachten

- het begrotingsbeginsel van jaarperiodiciteit werd niet in acht genomen: het Agentschap heeft, in strijd met zijn financieel reglement, zijn gesplitste betalingskredieten van 2005 overgedragen ondanks het feit dat het voldoende betalingskredieten had voor 2006

- problemen rond de transparantie van de gunningscriteria en de financiële evaluatiemethode

- verzoekt het Agentschap om tekortkomingen in het capaciteitsplanningssysteem, die te wijten zijn aan vertragingen bij de ondertekening van het dienstencontract, te verhelpen; (verzoekt het Agentschap om de komende jaren veel realistischere vooruitzichten voor te leggen aan de Commissie en het Parlement)

- verzoekt de Commissie om op zoek te gaan naar manieren om te verzekeren dat het beginsel van een op behoeften gebaseerd beheer van liquide middelen volledig wordt toegepast, om ervoor te zorgen dat de kasvoorraden van het Agentschap op een zo laag mogelijk niveau gehouden worden

- het Agentschap heeft een grote hoeveelheid kredieten voor beleidsuitgaven overgedragen naar 2010 (65% van titel III, beleidsuitgaven. Het percentage overgedragen vastleggingskredieten bedraagt 13%)

- verzoekt om contracten nauwkeuriger en tijdig te beheren en om het komende begrotingsjaar veel realistischere vooruitzichten voor te leggen aan het Parlement en de Commissie.

- wenst dat er aan de begroting van elk jaar een verslag wordt gehecht over de begrotingsoverschotten van de voorafgaande boekjaren, waarin wordt aangegeven waarom die middelen niet zijn gebruikt en hoe en wanneer ze zullen worden aangewend.

 

Personeelszaken

 

n.v.t.

- verzoekt het Agentschap om zijn systemen voor werving en capaciteitsplanning te verbeteren

- verzoekt het Agentschap om zijn systemen voor werving en capaciteitsplanning te verbeteren

- neemt kennis van tekortkomingen in procedures voor de selectie van personeel, die een risico vormen voor de transparantie van deze procedures. De Rekenkamer meldde dat de besluiten van de selectiecomités onvoldoende waren gemotiveerd en gedocumenteerd aangezien de drempelvoorwaarden voor uitnodiging voor een gesprek of plaatsing op de reservelijst niet vooraf waren vastgesteld en er notulen ontbraken.

- dringt er bij het Agentschap op aan de kwijtingsautoriteit mee te delen wat er wordt gedaan om deze situatie te corrigeren en de selectieprocedures voor deskundigen/personeelsleden transparanter te maken

 

Interne audit

- het Agentschap heeft nog geen doeltreffend systeem voor het beheer van vorderingen, eventueel met inbegrip van interesten op achterstallige betalingen, toegepast

 

n.v.t.

- verzoekt het Agentschap om stappen te ondernemen om aan 13 van de 28 aanbevelingen van de dienst Interne Audit te voldoen (waarvan er 2 beschouwd worden als cruciaal) → i.e. de aanbevelingen inzake begrotingsonzekerheid, het ontbreken van risicoanalyses, het ontbreken van een beoordelings- en bevorderingsbeleid, de sluitingsprocedures en een procedure voor het opnemen van uitzonderingen die gesloten werden

- erkent dat het Agentschap uitvoering heeft gegeven aan 20 van de 26 sinds 2006 door de IAS gedane aanbevelingen

7.2.2012

ADVIES van de Commissie vervoer en toerisme

aan de Commissie begrotingscontrole

inzake het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010

(C7-0285/2011 – 2011/2224(DEC))

Rapporteur voor advies: Knut Fleckenstein

SUGGESTIES

De Commissie vervoer en toerisme verzoekt de ten principale bevoegde Commissie vervoer en toerisme onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie op te nemen:

1.  is verheugd over het feit dat de Rekenkamer de rekeningen van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart voor het begrotingsjaar 2010 als betrouwbaar aanmerkt en de onderliggende verrichtingen op alle materiële punten als wettig en regelmatig beschouwt;

2.  constateert dat het agentschap uit de EU-begroting 2010 34 200 000 EUR heeft ontvangen;

3.  merkt voorts op dat de totale begroting van het agentschap met bijna 11% is toegenomen (van 122 miljoen EUR in 2009 tot 137 miljoen EUR in 2010) en dat het aantal personeelsleden van 509 naar 578 is gestegen;

4.  betreurt dat de Rekenkamer onregelmatigheden heeft vastgesteld in de wijze waarop het agentschap zijn personeel selecteert en aanbestedingen houdt; vraagt de Commissie zich ervan te vergewissen of het agentschap de EU-voorschriften correct toepast; benadrukt het belang van transparantie bij de aanbestedings- en aanwervingsprocedures;

5.  stelt voor dat het Parlement de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart kwijting verleent voor de uitvoering van de begroting van het agentschap voor het begrotingsjaar 2010.

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

6.2.2012

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

25

4

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Inés Ayala Sender, Georges Bach, Philip Bradbourn, Antonio Cancian, Michael Cramer, Christine De Veyrac, Saïd El Khadraoui, Ismail Ertug, Knut Fleckenstein, Jacqueline Foster, Mathieu Grosch, Jim Higgins, Dieter-Lebrecht Koch, Georgios Koumoutsakos, Eva Lichtenberger, Marian-Jean Marinescu, Gesine Meissner, Olga Sehnalová, Brian Simpson, Laurence J.A.J. Stassen, Keith Taylor, Silvia-Adriana Ţicău, Giommaria Uggias, Artur Zasada, Roberts Zīle

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Burkhard Balz, Spyros Danellis, Dominique Riquet, Anna Rosbach

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Ioan Enciu

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

27.3.2012

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

27

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean-Pierre Audy, Ryszard Czarnecki, Tamás Deutsch, Martin Ehrenhauser, Jens Geier, Gerben-Jan Gerbrandy, Cătălin Sorin Ivan, Iliana Ivanova, Bogusław Liberadzki, Monica Luisa Macovei, Jan Mulder, Eva Ortiz Vilella, Aldo Patriciello, Crescenzio Rivellini, Petri Sarvamaa, Theodoros Skylakakis, Bogusław Sonik, Bart Staes, Georgios Stavrakakis, Søren Bo Søndergaard, Michael Theurer

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Amelia Andersdotter, Zuzana Brzobohatá, Edit Herczog, Véronique Mathieu, Derek Vaughan

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Salvador Garriga Polledo, Louis Grech

(1)

PB C 366 van 15.12.2011, blz. 21.

(2)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(3)

PB L 79 van 19.3.2008, blz. 1.

(4)

PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.

(5)

PB C 366 van 15.12.2011, blz. 21.

(6)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(7)

PB L 79 van 19.3.2008, blz. 1.

(8)

PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.

(9)

PB C 366 van 15.12.2011, blz. 21.

(10)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(11)

PB L 79 van 19.3.2008, blz. 1.

(12)

PB L 357 van 31.12.2002, blz. 72.

(13)

PB L 250 van 27.9.2011, blz. 140.

(14)

PB L 64 van 12.3.2010, blz. 613.

(15)

PB L 140 van 1.6.2007, blz. 3.

Laatst bijgewerkt op: 26 april 2012Juridische mededeling