Procedure : 2012/0184(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0210/2013

Ingediende teksten :

A7-0210/2013

Debatten :

PV 01/07/2013 - 16
CRE 01/07/2013 - 16

Stemmingen :

PV 02/07/2013 - 9.10
CRE 02/07/2013 - 9.10
PV 11/03/2014 - 9.15
CRE 11/03/2014 - 9.15

Aangenomen teksten :

P7_TA(2013)0297
P7_TA(2014)0194

VERSLAG     ***I
PDF 757kWORD 1056k
10 juni 2013
PE 504.196v02-00 A7-0210/2013

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG

(COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD))

Commissie vervoer en toerisme

Rapporteur: Werner Kuhn

PR_COD_1amCom

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie industrie, onderzoek en energie
 ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG

(COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2012)0380),

–   gezien artikel 294, lid 2, en artikel artikel 91 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7-0186/2012),

–   gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien de gemotiveerde adviezen die in het kader van protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid zijn uitgebracht door de Franse Senaat, de Nederlandse Tweede Kamer, de Nederlandse Eerste Kamer, de Zweedse Rijksdag en het Cypriotische parlement, en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–   gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 12 december 2012(1),

–   na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–   gezien artikel 55 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme en de adviezen van de Commissie industrie, onderzoek en energie en de Commissie interne markt en consumentenbescherming (A7-0210/2013),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) Technische controles maken deel uit van een breder stelsel van regelgeving dat ervoor zorgt dat voertuigen tijdens het gebruik ervan in een veilige en in milieutechnisch opzicht aanvaardbare toestand worden gehouden. Deze regelgeving omvat periodieke technische controles voor alle voertuigen en controles langs de weg van voertuigen die worden gebruikt voor commerciële vervoersactiviteiten over de weg, alsmede bepalingen inzake een voertuiginschrijvingsprocedure om ervoor te zorgen dat voertuigen die een onmiddellijk gevaar voor de verkeersveiligheid vormen niet in het verkeer worden gebruikt.

(3) Technische controles maken deel uit van een breder stelsel van regelgeving dat ervoor zorgt dat voertuigen tijdens het gebruik ervan in een veilige en in milieutechnisch opzicht aanvaardbare toestand worden gehouden. Deze regelgeving omvat periodieke technische controles voor alle voertuigen en controles langs de weg van voertuigen die worden gebruikt voor commerciële vervoersactiviteiten over de weg, alsmede bepalingen inzake een voertuiginschrijvingsprocedure. Periodieke controles moeten het voornaamste technische controle-instrument zijn. Controles langs de weg van bedrijfsvoertuigen mogen enkel een aanvulling vormen op periodieke controles en moeten gericht zijn op voertuigen die een onmiddellijk gevaar voor de verkeersveiligheid vormen.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) Alle voertuigen die gebruikt worden op de openbare weg moeten, onverminderd de eisen inzake de periodieke technische controle, wanneer ze worden gebruikt te allen tijde verkeersgeschikt zijn.

Motivering

Periodieke technische controles maken deel uit van een breder regime van technische controles waarbij in de eerste plaats voertuigeigenaren ervoor moeten zorgen dat hun voertuig wanneer het wordt gebruikt te allen tijde verkeersgeschikt is.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 ter) De versterking van de maatregelen inzake technische controles dient gepaard te gaan met op voertuigeigenaren gerichte bewustmakingscampagnes met als doel goede praktijken te ontwikkelen en basisvoertuigcontroles tot een gewoonte te maken.

Motivering

Voorlichting aan voertuigeigenaren op het gebied van basiscontroles, zoals bandencontroles, moet worden onderstreept als een belangrijk onderdeel van het regime van technische controles.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) In de Unie is een aantal technische normen en eisen met betrekking tot de veiligheid van voertuigen aangenomen. Er moet echter voor worden gezorgd, door middel van een regime van periodieke technische controles, dat voertuigen, nadat zij op de markt zijn gekomen, gedurende hun hele levensduur aan de veiligheidsnormen blijven voldoen. Dit regime moet van toepassing zijn op de categorieën van voertuigen als omschreven in Richtlijn 2002/24/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 maart 2002 betreffende de goedkeuring van twee- of driewielige motorvoertuigen en de intrekking van Richtlijn 92/61/EEG van de Raad, Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd en Richtlijn 2003/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- of bosbouwtrekkers en aanhangwagens, verwisselbare getrokken machines, systemen, onderdelen en technische eenheden daarvan en tot intrekking van Richtlijn 74/150/EEG van de Raad.

(4) In de Unie is een aantal technische normen en eisen met betrekking tot de veiligheid van voertuigen aangenomen. Er moet echter voor worden gezorgd, door middel van een regime van periodieke technische controles, dat voertuigen, nadat zij op de markt zijn gekomen, gedurende hun hele levensduur aan de veiligheidsnormen blijven voldoen. De lidstaten kunnen nationale eisen invoeren met betrekking tot de technische controle van de categorieën van voertuigen als omschreven in Richtlijn 2002/24/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 maart 2002 betreffende de goedkeuring van twee- of driewielige motorvoertuigen en de intrekking van Richtlijn 92/61/EEG van de Raad; dit regime van nationale technische controles moet van toepassing zijn op de categorieën van voertuigen als omschreven in Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd en Richtlijn 2003/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- of bosbouwtrekkers en aanhangwagens, verwisselbare getrokken machines, systemen, onderdelen en technische eenheden daarvan en tot intrekking van Richtlijn 74/150/EEG van de Raad.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 bis) Vroegtijdige vaststelling van voor de verkeersveiligheid relevante gebreken van een motorvoertuig zorgt ervoor dat dergelijke gebreken verholpen worden en draagt daarmee bij aan het voorkomen van ongevallen; de aldus vermeden ongevallenkosten moeten worden benut voor de opbouw van een bonussysteem.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) Een groot deel van de totale emissies in het wegvervoer, met name van CO2, is afkomstig van een minderheid van de voertuigen, namelijk voertuigen met een slecht werkend emissiebeheersingssysteem. Geschat wordt dat 5 % van alle voertuigen verantwoordelijk is voor 25 % van alle verontreinigende emissies. Een regime van periodieke technische controles zal daarom ook bijdragen tot een beter milieu door het terugdringen van de gemiddelde emissies van voertuigen.

(6) Een groot deel van de totale emissies in het wegvervoer, met name van CO2, is afkomstig van een minderheid van de voertuigen, namelijk voertuigen met een slecht werkend emissiebeheersingssysteem. Geschat wordt dat 5 % van alle voertuigen verantwoordelijk is voor 25 % van alle verontreinigende emissies. Dit geldt tevens voor een stijging van de deeltjes- en NOx-emissies door moderne motoren die aan een uitgebreidere emissiecontrole onderworpen moeten worden, waaronder een controle met elektronische controleapparatuur, waarbij gekeken wordt naar de integriteit en werking van het boorddiagnosesysteem (OBD) van het voertuig, geverifieerd aan de hand van een bestaande uitlaattest om het emissiesysteem volledig te controleren, omdat tests aan de hand van het OBD alleen niet betrouwbaar zijn. Een regime van periodieke technische controles zal daarom ook bijdragen tot een beter milieu door het terugdringen van de gemiddelde emissies van voertuigen.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Uit betrouwbare onderzoeksresultaten blijkt dat 8% van de ongevallen waarbij motorfietsen zijn betrokken, wordt veroorzaakt door of verband houdt met technische gebreken. Motorrijders vormen de groep weggebruikers met het hoogste veiligheidsrisico, waarbij een stijgende trend in het aantal dodelijke slachtoffers waarneembaar is. Bromfietsbestuurders zijn oververtegenwoordigd in de statistieken van dodelijke verkeersslachtoffers: in 2008 vonden op de Europese wegen 1 400 bromfietsbestuurders de dood. De categorie van voertuigen die technische controles moeten ondergaan, wordt daarom uitgebreid tot de groep weggebruikers met het hoogste risico, de gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen.

Schrappen

Motivering

Overeenkomstig de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid moet het aan de lidstaten worden overgelaten te beoordelen of de technische controle moet worden uitgebreid naar twee- en driewielige motorvoertuigen.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Landbouwvoertuigen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/h worden in lokale transportactiviteiten steeds vaker gebruikt ter vervanging van vrachtwagens. Hun potentiële risico is vergelijkbaar met dat van vrachtwagens, reden waarom deze categorie voertuigen wat betreft technische controles op dezelfde wijze moet worden behandeld als vrachtwagens.

(8) Landbouwvoertuigen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/h worden soms gebruikt ter vervanging van vrachtwagens voor commercieel goederenvervoer over de weg. Het is van belang ervoor te zorgen dat landbouwvoertuigen die voor dit doel worden gebruikt wat betreft technische controles op dezelfde wijze worden behandeld als vrachtwagens.

Motivering

De door de Commissie voorgestelde tekst zou van toepassing zijn op de overgrote meerderheid van de trekkers, zelfs op trekkers die nauwelijks op de openbare weg worden gebruikt, wat aanzienlijke gevolgen zou hebben voor de Europese landbouw en plattelandsgemeenschappen.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) Motorvoertuigen van historisch belang worden verondersteld industrieel erfgoed uit de tijd dat ze zijn gebouwd in stand te houden en worden geacht nauwelijks op de openbare weg te worden gebruikt, en het moet aan de lidstaten worden overgelaten om de termijn voor periodieke technische controles voor dergelijke voertuigen te verlengen. Ook moet het aan de lidstaten worden overgelaten om de technische controle van andere typen gespecialiseerde voertuigen te reguleren.

(9) Motorvoertuigen van historisch belang houden industrieel erfgoed uit de tijd dat ze zijn gebouwd in stand, worden onderhouden in historisch correcte staat en worden zelden gebruikt als dagelijkse voertuigen. Het moet aan de lidstaten worden overgelaten om de termijn voor periodieke technische controles voor dergelijke voertuigen te verlengen of hun regime van periodieke technische controles op een andere manier te reguleren. Ook moet het aan de lidstaten worden overgelaten om de technische controle van andere typen gespecialiseerde voertuigen te reguleren.

Motivering

Deze tekst heeft ook betrekking op amendementen 15, 16 en 17.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) Technische controles zijn een soevereine activiteit en moeten derhalve worden verricht door de lidstaten of door lichamen onder hun toezicht waaraan deze taak is toevertrouwd. De lidstaten moeten in alle gevallen verantwoordelijk blijven voor de technische controles, ook als het nationale systeem het verlenen van een vergunning aan particuliere lichamen toestaat, met inbegrip van lichamen die reparaties verrichten.

(10) Technische controles zijn een soevereine activiteit en moeten als zodanig worden verricht door de desbetreffende lidstaat, door met deze taak belaste publieke organisaties of door organen of instellingen die door de staat zijn aangewezen en die onder rechtstreeks toezicht van de staat staan, met inbegrip van naar behoren geautoriseerde particuliere organen. Wanneer als controlecentra aangewezen instellingen ook fungeren als voertuigreparatiewerkplaatsen, zien de lidstaten met name toe op de objectiviteit en de hoge kwaliteit van de technische controle.

Motivering

Deze formulering stemt overeen met artikel 2 van de huidige Richtlijn 2009/40/EG en heeft tot doel verschillende, goed werkende vormen van technische controle te blijven waarborgen.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis) In het kader van een betere toepassing van het beginsel van vrij verkeer binnen de Unie, moeten in de oorspronkelijke lidstaat van inschrijving afgegeven technische certificaten ook worden erkend in andere lidstaten, met het oog op herinschrijving.

Motivering

Als eerste stap op weg naar een interne markt voor periodieke technische controles wordt voorgesteld dat lidstaten elkaars technische certificaten moeten erkennen bij grensoverschrijdende herinschrijving. Dit amendement houdt verband met amendement 26.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 ter) Als bewezen kan worden dat de technische controles in toereikende mate geharmoniseerd zijn, moeten er bepalingen worden opgesteld voor de volledige wederzijdse erkenning van technische certificaten in de gehele Unie.

Motivering

De mogelijkheden voor een verdere ontwikkeling van de interne markt voor periodieke technische controles, waarbij eigenaren van voertuigen die ingeschreven zijn in een lidstaat een technische controle kunnen laten uitvoeren in een andere lidstaat, moeten worden onderzocht. Hiermee zou namelijk kunnen worden voorkomen dat in het internationaal vervoer gebruikte bedrijfsvoertuigen terug moeten naar de lidstaat van inschrijving.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Voor de controle van voertuigen, en in het bijzonder van hun elektronische veiligheidsonderdelen, is het van cruciaal belang om toegang te hebben tot de technische specificaties van elk afzonderlijk voertuig. Daarom moeten fabrikanten van voertuigen niet alleen alle gegevens verstrekken die onder de conformiteitsverklaring vallen, maar ook toegang bieden tot de gegevens die nodig zijn om de functionaliteit van veiligheids- en milieugerelateerde onderdelen te controleren. De bepalingen inzake de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie moeten ook voor dit doel worden toegepast, door controlecentra toegang te geven tot alle informatie-elementen die nodig zijn voor de technische controles. Dit is van essentieel belang, met name op het gebied van elektronische systemen, en moet alle door de fabrikant geïnstalleerde elementen omvatten.

(11) Voor de controle van voertuigen, en in het bijzonder van hun elektronische veiligheidsonderdelen, is het van cruciaal belang om toegang te hebben tot de technische specificaties van elk afzonderlijk voertuig. Daarom moeten fabrikanten van voertuigen niet alleen alle gegevens verstrekken die onder de conformiteitsverklaring vallen, maar ook toegang bieden tot de gegevens die nodig zijn om de functionaliteit van veiligheids- en milieugerelateerde systemen te controleren. Deze gegevens moeten de details omvatten waarmee de functionaliteit van de veiligheidssystemen van voertuigen zodanig kan worden gecontroleerd dat ze kunnen worden getest in het kader van een periodieke technische keuring, zodat kan worden voorspeld hoe groot de kans is dat het voertuig wordt goedgekeurd.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Om een hoog niveau van controle in de hele Unie te verwezenlijken, moeten de voor de controles te gebruiken controleapparatuur en het onderhoud en de ijking daarvan op het niveau van de Unie worden gespecificeerd.

(12) Om een hoog niveau van controle in de hele Unie te verwezenlijken, moeten de voor de controles te gebruiken controleapparatuur en het onderhoud en de ijking daarvan op het niveau van de Unie worden gespecificeerd. Er moeten stimulansen worden gecreëerd voor innovaties op het gebied van controlesystemen, -procedures en -apparatuur om zo verdere kostenreducties en een beter gebruik mogelijk te maken.

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13) Controleurs moeten onafhankelijk kunnen opereren bij het verrichten van technische controles en belangenconflicten moeten worden vermeden. Het resultaat van de technische controles mag derhalve niet worden gekoppeld aan de beloning van de controleur of enig economisch of persoonlijk voordeel.

(13) Controleurs moeten onafhankelijk kunnen opereren bij het verrichten van technische controles en belangenconflicten moeten worden vermeden. De lidstaten moeten erop toezien op dat de controles volgens de voorschriften worden uitgevoerd en daarbij met name de objectiviteit van de controles in het hoog houden.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Overweging 13 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(13 bis) De kwaliteit en onpartijdigheid van de technische controlecentra is van cruciaal belang voor het bereiken van de doelstelling van grotere verkeersveiligheid. Daarom moeten controlecentra die technische controles uitvoeren bijvoorbeeld voldoen aan de minimumeisen van ISO 17020 betreffende algemene criteria voor het functioneren van verschillende soorten instellingen die keuringen uitvoeren.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) De resultaten van de technische controles mogen niet worden gewijzigd voor commerciële doeleinden. Alleen indien de bevindingen van de door een controleur verrichte technische controle duidelijk niet correct zijn, moet het toezichthoudende orgaan bevoegd zijn om de resultaten van een technische controle te wijzigen.

(14) De resultaten van de technische controles mogen niet worden gewijzigd voor commerciële doeleinden. Alleen indien de bevindingen van de door een controleur verrichte technische controle duidelijk niet correct zijn, moet het toezichthoudende orgaan bevoegd zijn om de resultaten van een technische controle te wijzigen en de passende sancties op te leggen aan het orgaan dat het certificaat heeft afgegeven.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15) Hoge normen voor technische controles vereisen een hoog niveau aan vaardigheden en competenties bij het controlerende personeel. Hiertoe moet een opleidingssysteem worden ingevoerd dat een initiële opleiding en periodieke opfriscursussen omvat. Met het oog op een soepele overgang naar het regime van periodieke opleidingen voor het bestaande controlepersoneel moet een overgangsperiode worden vastgesteld.

(15) Hoge normen voor technische controles vereisen een hoog niveau aan vaardigheden en competenties bij het controlerende personeel. Hiertoe moet een opleidingssysteem worden ingevoerd dat een initiële opleiding en periodieke opfriscursussen omvat. Met het oog op een soepele overgang naar het regime van periodieke opleidingen voor het bestaande controlepersoneel moet een overgangsperiode worden vastgesteld. Lidstaten die nu al hogere eisen inzake opleiding, competentie en controles stellen dan de minimumvereisten, moeten dit niveau kunnen handhaven.

Motivering

De lidstaten moeten de mogelijkheid hebben hogere eisen dan de minimumvereisten te stellen aan op hun grondgebied werkzame controleurs.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17) De frequentie van de controles moet worden aangepast aan het type voertuig en het aantal afgelegde kilometers. Voertuigen vertonen eerder technische gebreken wanneer ze een bepaalde leeftijd hebben bereikt, en vooral wanneer ze bijzonder intensief worden gebruikt nadat ze een bepaald aantal kilometers hebben afgelegd. Daarom is het passend om de frequentie van de controles te verhogen voor oudere voertuigen en voertuigen met een hoge kilometerstand.

(17) De frequentie van de controles moet worden aangepast aan het type voertuig. Voertuigen vertonen eerder technische gebreken wanneer ze een bepaalde leeftijd hebben bereikt. Daarom is het passend om oudere voertuigen vaker controleren.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Overweging 19

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19) Technische controles moeten betrekking hebben op alle punten die relevant zijn voor het specifieke ontwerp, de constructie en de uitrusting van het gecontroleerde voertuig. Binnen deze punten en gezien de huidige stand van de voertuigtechnologie moeten moderne elektronische systemen in de lijst met controlepunten worden opgenomen. Om de technische controles te harmoniseren, moeten voor elk van de controlepunten controlemethodes worden ingevoerd.

(19) Technische controles moeten betrekking hebben op alle punten die relevant zijn voor het specifieke ontwerp, de constructie en de uitrusting van het gecontroleerde voertuig. Deze punten moeten worden bijgewerkt op basis van voortschrijdend onderzoek en technische vooruitgang op het gebied van voertuig veiligheid. Ondermaatse wielen, die zijn bevestigd op assen die van de standaard afwijken, moeten als een kritiek veiligheidspunt worden behandeld en moeten derhalve deel uitmaken van de technische controles. Binnen deze punten en gezien de huidige stand van de voertuigtechnologie moeten moderne elektronische systemen in de lijst met controlepunten worden opgenomen. Om de technische controles te harmoniseren, moeten voor elk van de controlepunten controlemethodes worden ingevoerd.

Motivering

Beschadigde wielen of wielen van mindere kwaliteit, die niet op een standaardas zijn bevestigd, zijn aanzienlijk minder betrouwbaar en veilig. Het controleren van wielen die niet overeenstemmen met de wielnaaf moet als cruciaal voor de veiligheid worden beschouwd en daarom worden opgenomen in de technische controle.

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Overweging 20 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(20 bis) De normen voor technische controles moeten op een hoog minimumniveau worden vastgelegd dat geldt voor de hele Unie, zodat de lidstaten die al normen hanteren voor technische controles van een hoger dan het in deze richtlijn vereiste niveau deze hogere normen kunnen handhaven en indien nodig kunnen aanpassen aan de technische vooruitgang.

Motivering

In de verordening wordt een minimumniveau voor technische normen vastgelegd. Lidstaten hebben de mogelijkheid eventuele hogere normen te handhaven of in te voeren.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Overweging 21

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21) De houder van het kentekenbewijs van een voertuig dat aan een technische controle wordt onderworpen waarbij gebreken worden geconstateerd, in het bijzonder gebreken die een risico voor de verkeersveiligheid vormen, moet deze gebreken onverwijld verhelpen. In geval van gevaarlijke gebreken moet het kentekenbewijs van het voertuig worden ingetrokken totdat deze gebreken volledig zijn verholpen.

(21) De houder van het kentekenbewijs van een voertuig dat aan een technische controle wordt onderworpen waarbij gebreken worden geconstateerd, in het bijzonder een voertuig dat een risico voor de verkeersveiligheid vormt, moet deze gebreken onverwijld verhelpen. In geval van gevaarlijke gebreken mag het voertuig niet meer op openbare wegen rijden totdat deze gebreken volledig zijn verholpen.

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Overweging 22

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(22) Na elke controle moet een technisch certificaat worden afgegeven dat onder meer informatie over de identiteit van het voertuig en de resultaten van de controle moet bevatten. Met het oog op een behoorlijke follow-up van technische controles moeten de lidstaten deze informatie in een gegevensbank verzamelen en bewaren.

(22) Teneinde een goede follow-up van de resultaten van de controle te garanderen, moet na elke controle een technisch certificaat worden afgegeven dat ook in elektronische vorm moet worden opgesteld en dat net zo gedetailleerd als het originele technische certificaat moet zijn ten aanzien van de identiteit van het voertuig en de resultaten van de controle. Bovendien moeten de lidstaten deze informatie in een centrale gegevensbank verzamelen en bewaren om ervoor te zorgen dat de echtheid van de resultaten van de periodieke technische controles gemakkelijk kan worden geverifieerd.

Motivering

Technische certificaten moeten nu zowel gedrukt als elektronisch worden geleverd om vervalsing en geknoei te vermijden. Daarnaast maakt dit de gegevensuitwisseling gemakkelijker, wat de ontwikkeling van het elektronisch voertuiginformatieplatform mogelijk maakt.

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Overweging 22 bis

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(22 bis) Aangezien in sommige lidstaten de inschrijving van bepaalde categorieën van voertuigen, zoals lichte aanhangwagens, niet verplicht is, moet de informatie dat het voertuig is gecontroleerd en goedgekeurd worden verstrekt door middel van een bewijs van controle dat op zichtbare wijze op het voertuig is aangebracht.

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23) Geschat wordt dat bij 5% tot 12% van de verkochte tweedehandsauto's fraude met de kilometerstand wordt gepleegd, wat leidt tot hoge kosten voor de samenleving, ter waarde van meerdere miljarden euro per jaar, en een onjuiste beoordeling van de technische toestand van voertuigen. In het kader van de bestrijding van fraude met de kilometerstand zal het vastleggen van de kilometerstand in het technisch certificaat, in combinatie met de verplichting om het certificaat van eerdere controles te tonen, het gemakkelijker maken om geknoei met of manipulatie van de kilometerteller te ontdekken. Fraude met de kilometerstand moet ook systematischer als een strafbaar feit worden beschouwd.

(23) Geschat wordt dat bij 5% tot 12% van de in een land verkochte tweedehandsauto's fraude met de kilometerstand wordt gepleegd, terwijl dit percentage nog veel hoger is voor grensoverschrijdende verkoop, wat leidt tot hoge kosten voor de samenleving, ter waarde van meerdere miljarden euro per jaar, en een onjuiste beoordeling van de technische toestand van voertuigen. In het kader van de bestrijding van fraude met de kilometerstand zal het vastleggen van de kilometerstand in het technisch certificaat, in combinatie met de verplichting om het certificaat van eerdere controles te tonen, het gemakkelijker maken om geknoei met of manipulatie van de kilometerteller te ontdekken. Het opzetten van een elektronisch platform voor informatie over voertuigen waarin, met waarborging van gegevensbescherming, de kilometerstand van en ernstige ongevallen met voertuigen in de loop van hun levensduur worden geregistreerd, zal ook bijdragen aan de bestrijding van manipulatie en het toegankelijk maken van belangrijke informatie. Fraude met de kilometerstand moet bovendien ook systematischer als een strafbaar feit worden beschouwd.

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Overweging 25

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25) Technische controles maken deel uit van een breder stelsel van regelgeving dat op voertuigen van toepassing is tijdens hun hele levensduur, vanaf de goedkeuring, via inschrijvingen en controles, tot de afdanking. De ontwikkeling en onderlinge koppeling van nationale elektronische gegevensbanken en die van voertuigfabrikanten moet in beginsel bijdragen tot een grotere efficiëntie van de gehele voertuigadministratieketen en moet de kosten en de administratieve lasten verminderen. De Commissie zou daarom een studie moeten uitvoeren naar de haalbaarheid en de kosten en baten van het opzetten van een Europees elektronisch voertuiginformatieplatform voor dit doel.

(25) Technische controles maken deel uit van een breder stelsel van regelgeving dat op voertuigen van toepassing is tijdens hun hele levensduur, vanaf de goedkeuring, via inschrijvingen en controles, tot de afdanking. De ontwikkeling en onderlinge koppeling van nationale elektronische gegevensbanken en die van voertuigfabrikanten zal bijdragen tot een grotere efficiëntie van de gehele voertuigadministratieketen en moet de kosten en de administratieve lasten verminderen.

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Overweging 25 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(25 bis) De doelstelling van deze verordening is om de verdere harmonisering en standaardisering van de periodieke technische controles van voertuigen te bevorderen, met als uiteindelijke doel de oprichting van een interne markt voor periodieke technische controles in de Europese Unie, met een systeem van wederzijdse erkenning van technische certificaten, zodat de voertuigen in alle lidstaten kunnen worden gecontroleerd. Derhalve moet de Commissie een verslag opstellen over de voortgang van de harmonisering om te bepalen of dit systeem van wederzijdse erkenning kan worden ingevoerd.

Motivering

Er is een routekaart nodig op weg naar volledige wederzijdse erkenning van technische certificaten, zodat er een interne markt voor technische controles kan worden opgericht.

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Overweging 26

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(26) Met het oog op de aanvulling van deze verordening met nadere technische details moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan de Commissie worden gedelegeerd om rekening te houden met de ontwikkeling van de EU-wetgeving inzake typegoedkeuring van voertuigcategorieën en de noodzaak om de bijlagen bij te werken in het licht van de technische vooruitgang. Het is van bijzonder belang dat de Commissie tijdens de voorbereiding passend overleg pleegt, onder meer met deskundigen. De Commissie dient er bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen voor te zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en de Raad.

(26) Met het oog op de actualisering van deze verordening moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan de Commissie worden gedelegeerd om rekening te houden met de ontwikkeling van de EU-wetgeving inzake typegoedkeuring van voertuigcategorieën en de noodzaak om de bijlagen bij te werken in het licht van de technische vooruitgang. Het is van bijzonder belang dat de Commissie tijdens de voorbereiding passend overleg pleegt, onder meer met deskundigen. De Commissie dient er bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen voor te zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en de Raad.

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Overweging 29

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(29) Aangezien de doelstelling van deze verordening, namelijk de vaststelling van gemeenschappelijke minimumvoorschriften voor de uitvoering van de technische controles van voertuigen binnen de Unie, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en derhalve beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie maatregelen vaststellen overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie bedoelde subsidiariteitsbeginsel. Overeenkomstig het evenredigheidsbeginsel als bedoeld in genoemd artikel gaat deze verordening niet verder dan hetgeen noodzakelijk is om deze doelstellingen te bereiken.

(29) Aangezien de doelstelling van deze verordening, namelijk de vaststelling van gemeenschappelijke minimumvoorschriften voor de uitvoering van de technische controles van voertuigen binnen de Unie, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en derhalve beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie maatregelen vaststellen overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie bedoelde subsidiariteitsbeginsel. Overeenkomstig het evenredigheidsbeginsel als bedoeld in genoemd artikel gaat deze verordening niet verder dan hetgeen noodzakelijk is om deze doelstellingen te bereiken. De lidstaten kunnen besluiten strengere voorschriften dan de minimumnormen in te voeren.

Amendement  30

Voorstel voor een verordening

Artikel 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze verordening stelt een regime van periodieke technische controles van voertuigen vast.

Deze verordening stelt een regime van periodieke technische controles van voertuigen vast, die worden uitgevoerd op basis van technische minimumnormen en -voorschriften om een hoog niveau van veiligheid op de weg en milieubescherming te waarborgen.

Amendement  31

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– motorvoertuigen op ten minste vier wielen die dienen voor personenvervoer waarvan het aantal zitplaatsen – die van de bestuurder niet meegerekend – niet meer dan acht bedraagt – voertuigcategorie M1;

– motorvoertuigen die in eerste instantie voor het vervoer van personen en hun bagage zijn ontworpen en gebouwd, met maximaal acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend – voertuigcategorie M1;

Motivering

Terminologie aangepast aan de herziening van Richtlijn 2007/46/EG.

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– motorvoertuigen voor personenvervoer waarvan het aantal zitplaatsen – die van de bestuurder niet meegerekend – meer dan acht bedraagt – voertuigcategorieën M2 en M3;

– motorvoertuigen die in eerste instantie voor het vervoer van personen en hun bagage zijn ontworpen en gebouwd, met meer dan acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend – voertuigcategorieën M2 en M3;

Motivering

Terminologie aangepast aan de herziening van Richtlijn 2007/46/EG.

Amendement  33

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– motorvoertuigen op ten minste vier wielen die normaal dienen voor het vervoer van voorwerpen over de weg en waarvan de toegestane maximummassa niet meer dan 3 500 kg bedraagt – voertuigcategorie N1;

– motorvoertuigen die in eerste instantie voor het vervoer van goederen zijn ontworpen en gebouwd, met een maximummassa van ten hoogste 3,5 ton – voertuigcategorie N1;

Motivering

Terminologie aangepast aan de herziening van Richtlijn 2007/46/EG.

Amendement  34

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– motorvoertuigen voor goederenvervoer met een toegestane maximummassa van meer dan 3 500 kg – voertuigcategorieën N2 en N3;

– motorvoertuigen die in eerste instantie voor het vervoer van goederen zijn ontworpen en gebouwd, met een maximummassa van meer dan 3,5 ton – voertuigcategorieën N2 en N3;

Motivering

Terminologie aangepast aan de herziening van Richtlijn 2007/46/EG.

Amendement  35

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– aanhangwagens en opleggers waarvan de toegestane maximummassa niet meer dan 3 500 kg bedraagt – voertuigcategorieën O1 en O2;

– aanhangwagens die ontworpen en gebouwd zijn voor het vervoer van goederen of personen, alsook om woongelegenheid te bieden aan personen, met een maximummassa van ten hoogste 3,5 tonvoertuigcategorie O2;

Motivering

Terminologie aangepast aan de herziening van Richtlijn 2007/46/EG.

Amendement  36

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– aanhangwagens en opleggers met een toegestane maximummassa van meer dan 3 500 kg – voertuigcategorieën O3 en O4;

– aanhangwagens die ontworpen en gebouwd zijn voor het vervoer van goederen of personen, alsook om woongelegenheid te bieden aan personen, met een maximummassa van meer dan 3,5 ton – voertuigcategorieën O3 en O4;

Motivering

Terminologie aangepast aan de herziening van Richtlijn 2007/46/EG.

Amendement  37

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– twee- en driewielige motorvoertuigen – voertuigcategorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e;

Schrappen

Amendement  38

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– trekkers op wielen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/h – voertuigcategorie T5.

– trekkers op wielen van categorie T5 die voornamelijk op de openbare weg worden gebruikt, met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/h.

Motivering

Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen trekkers die alleen voor landbouwdoeleinden worden gebruikt en trekkers die ook voor goederenvervoer over de weg kunnen worden gebruikt.

Amendement  39

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De lidstaten kunnen de verplichte periodieke technische controles tot andere voertuigcategorieën uitbreiden. De lidstaten stellen de Commissie op de hoogte van besluiten tot uitbreiding en motiveren deze.

Motivering

Indien het nodig blijkt voertuigcategorieën die nog niet onder het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen, periodiek te controleren, moeten de lidstaten de mogelijkheid hebben subsidiair op te treden.

Amendement  40

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van strijdkrachten, brandweerdiensten, civielebeschermingsdiensten of nood- en reddingsdiensten;

– voertuigen gebruikt door strijdkrachten, brandweerdiensten, civielebeschermingsdiensten of nood- en reddingsdiensten;

Motivering

De voertuigen die de strijdkrachten gebruiken, worden soms geleased of op een andere wijze gehuurd.

Amendement  41

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – streepje 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– aanhangwagens van categorie O2 met een maximummassa van ten hoogste 2,0 ton, met uitzondering van aanhangwagens van categorie O2 van het caravantype.

Amendement  42

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) "twee- of driewielig motorvoertuig": een door een motor aangedreven voertuig op wielen met of zonder zijspan, drie- en vierwielers;

Schrappen

Amendement  43

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) "voertuig van historisch belang": elk voertuig dat aan de volgende voorwaarden voldoet:

(7) "voertuig van historisch belang": elk voertuig dat door de lidstaat van inschrijving of een aangewezen vergunningsinstantie daarvan als historisch wordt beschouwd en aan de volgende voorwaarden voldoet:

– het is ten minste dertig jaar geleden vervaardigd;

– het is ten minste 30 jaar geleden vervaardigd of voor het eerst ingeschreven;

– het wordt onderhouden door middel van reserveonderdelen die het historische onderdeel van het voertuig reproduceren;

– het specifieke voertuigtype, zoals omschreven door de relevante rechtshandelingen van de Unie betreffende typegoedkeuring, is niet langer in productie;

– de technische kenmerken van de belangrijkste onderdelen, zoals de motor, het remsysteem, de stuurinrichting of de ophanging, hebben geen veranderingen ondergaan; en

het wordt bewaard en onderhouden in historisch correcte staat, en heeft derhalve geen belangrijke veranderingen ondergaan wat de technische kenmerken betreft;

het uiterlijk is niet veranderd;

 

Motivering

Lidstaten moeten meer vrijheid krijgen bij het definiëren van "voertuig van historisch belang".

Amendement  44

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) "technische controle": een controle om vast te stellen of de onderdelen van een voertuig nog voldoen aan de toepasselijke veiligheids- en milieukenmerken die van kracht waren ten tijde van de goedkeuring, de eerste inschrijving of de ingebruikneming, evenals ten tijde van de installatie van onderdelen op bestaande voertuigen;

(9) "technische controle": een inspectie om te waarborgen dat een voertuig veilig kan worden gebruikt op de openbare weg en aan de vereiste veiligheids- en milieueisen voldoet op het moment van goedkeuring, eerste inschrijving of ingebruikneming, of op het moment van renovatie;

Motivering

De definitie moet worden verduidelijkt en worden aangepast aan het doel van periodieke technische inspecties: een beoordeling van het naar behoren functioneren van de veiligheids- en milieusystemen. De typegoedkeuring mag slechts als referentieperiode dienen om te begrijpen welke veiligheids- en milieueisen voor het voertuig gelden. Deze voorschriften mogen niet verwijzen naar de delen of onderdelen zelf.

Amendement  45

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13) "controleur": een persoon die door de lidstaat is gemachtigd om technische controles uit te voeren in een controlecentrum of namens een bevoegde instantie;

(13) "controleur": een persoon die door de lidstaat of de bevoegde instantie van die lidstaat is gemachtigd om technische controles uit te voeren in een controlecentrum of namens een bevoegde instantie;

Motivering

In sommige lidstaten liggen de bevoegdheden wat betreft technische controles bij de regionale autoriteiten.

Amendement  46

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Technische controles worden alleen verricht door de bevoegde instantie van een lidstaat of door een door de lidstaat gemachtigd controlecentrum.

2. Technische controles worden in beginsel alleen verricht in de lidstaat waar het voertuig is ingeschreven door de bevoegde instantie van die lidstaat of door een publieke organisatie die met deze taak belast is door de lidstaat of door organen of instellingen die gecertificeerd zijn door en onder toezicht staan van de lidstaat, met inbegrip van gemachtigde particuliere organen.

Motivering

Hiermee wordt verduidelijkt dat de controlecentra van een lidstaat uitsluitend bevoegd zijn voertuigen te controleren die in de betreffende lidstaat zijn toegelaten.

Amendement  47

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Fabrikanten van voertuigen bieden de controlecentra, of, indien relevant, de bevoegde instantie, toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie die nodig is voor het verrichten van technische controles. De Commissie stelt nadere regels vast voor de procedures inzake de toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 16, lid 2.

3. Fabrikanten van voertuigen bieden de controlecentra en fabrikanten van controleapparatuur, of, indien relevant, de bevoegde instantie, gratis toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie die nodig is voor het verrichten van technische controles. Voor fabrikanten van controleapparatuur bevat deze informatie de vereiste gegevens waarmee de controleapparatuur kan worden gebruikt om te bepalen of de functionaliteit van de elektronische controlesystemen van het voertuig wordt goed- of afgekeurd. De Commissie stelt nadere regels vast voor de procedures inzake de toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie en onderzoekt de haalbaarheid van een centraal toegangspunt overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 16, lid 2.

Motivering

Het is van belang dat fabrikanten van controleapparatuur toegang krijgen tot de benodigde gegevens om goed werkende apparatuur te ontwikkelen.

Amendement  48

Voorstel voor een verordening

Hoofdstuk 3 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

EISEN INZAKE TECHNISCHE CONTROLES

MINIMUMVOORSCHRIFTEN INZAKE TECHNISCHE CONTROLES

Amendement  49

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, vervolgens na twee jaar en daarna elk jaar;

Schrappen

Amendement  50

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, vervolgens na twee jaar en daarna elk jaar;

– voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, daarna elke twee jaar;

Motivering

De controlefrequentie "4+2+2" voor deze categorie voertuigen komt overeen met het beoogde doel.

Amendement  51

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorie M1 die zijn ingeschreven als taxi of ambulance, voertuigen van de categorieën M2, M3, N2, N3, T5, O3 en O4: een jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en daarna jaarlijks.

– voertuigen van de categorie M1 die zijn ingeschreven als taxi of ambulance, voertuigen van de categorieën M2, M3, N2, N3, O3 en O4: een jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en daarna jaarlijks;

Amendement  52

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– vertuigen van de categorie T5 die voornamelijk op de openbare weg worden gebruikt: een jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en daarna jaarlijks;

Amendement  53

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– andere categorieën voertuigen: met tussenpozen die worden bepaald door de lidstaat van inschrijving.

Motivering

Lidstaten moeten de frequentie van controles zelf kunnen bepalen voor voertuigcategorieën die niet onder een van de andere bepalingen van artikel 5 vallen.

Amendement  54

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Iedere lidstaat kan technische controles financieel ondersteunen, indien de eigenaar van een voertuig besluit de periode tussen de controles tot een jaar terug te brengen. Financiële ondersteuning is op zijn vroegst tien jaar na de datum waarop een voertuig voor het eerst is ingeschreven mogelijk.

Motivering

Indien de eigenaar van een meer dan tien jaar oud voertuig vrijwillig besluit zijn voertuig jaarlijks te laten controleren, wordt naar alle waarschijnlijkheid het aantal ongevallen verminderd en daarmee bespaard op de kosten van ongevallen. Een deel van deze besparingen moet benut worden voor financiële ondersteuning van deze maatregelen. Dit betekent dat er een bonussysteem moet worden ingevoerd.

Amendement  55

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter. Een lidstaat mag eisen dat voertuigen uit een willekeurige categorie die in de lidstaat ingeschreven staan, vaker worden onderworpen aan een periodieke technische controle.

Motivering

Om de veiligheid op de weg te bevorderen mogen de lidstaten elk voertuig onderwerpen aan periodieke controles. Ook wordt expliciet toegestaan dat elk willekeurig voertuigtype vaker gecontroleerd mag worden.

Amendement  56

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Wanneer een voertuig van de categorie M1 of N1 een kilometerstand van 160.000 km heeft bereikt bij de eerste technische controle nadat het voertuig voor het eerst is ingeschreven, wordt het daarna jaarlijks aan een technische controle onderworpen.

Schrappen

Motivering

Het risico bestaat dat er als gevolg van de voorgestelde bepaling wordt geknoeid met kilometertellers.

Amendement  57

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De houder van het kentekenbewijs kan het controlecentrum, of, indien relevant, de bevoegde instantie, verzoeken de technische controle te verrichten in een periode die zich uitstrekt van het begin van de maand die voorafgaat aan de maand waarin de in lid 1 bedoelde verjaringsdatum valt tot het einde van de tweede maand die volgt op deze datum, zonder dat dit van invloed is op de datum van de volgende technische controle.

3. De houder van het kentekenbewijs kan het controlecentrum, of, indien relevant, de bevoegde instantie of de organen of instellingen die gecertificeerd zijn door en onder toezicht staan van de lidstaat, verzoeken de technische controle te verrichten in een periode die zich uitstrekt van het begin van de maand die voorafgaat aan de maand waarin de in lid 1 bedoelde verjaringsdatum valt tot het einde van de tweede maand die volgt op deze datum, zonder dat dit van invloed is op de datum van de volgende technische controle.

Motivering

In een voertuig moet altijd een geldig technisch certificaat aanwezig zijn. De flexibiliteit om de periodieke controle te verrichten na de verjaringsdatum van de eerste inschrijving wordt mogelijk niet door alle lidstaten wederzijds aanvaard en leidt mogelijk tot ongerechtvaardigde boeten voor commerciële goederenvervoerders over de weg.

Amendement  58

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 4 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– wanneer de houder van het kentekenbewijs van het voertuig het kentekenbewijs overdoet aan een andere houder.

Schrappen

Motivering

Bezitters van voertuigen moeten kunnen vertrouwen op de geldige technische controle in geval van herinschrijving. Het grensoverschrijdende aspect van herinschrijving wordt behandeld in amendement 26.

Amendement  59

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 4 – streepje 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– wanneer het voertuig een kilometerstand van 160 000 km heeft bereikt.

Amendement  60

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De technische controle bestrijkt de in bijlage II, punt 2 bedoelde gebieden.

1. De technische controle bestrijkt ten minste de in bijlage II, punt 2 bedoelde gebieden.

Motivering

Hiermee wordt verduidelijkt dat het om minimumvoorschriften gaat.

Amendement  61

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Voor elk gebied als bedoeld in lid 1 verricht de bevoegde instantie van een lidstaat of het controlecentrum een technische controle die ten minste de in bijlage II, punt 3 bedoelde punten bestrijkt, waarbij de op de controle van deze punten van toepassing zijnde methode wordt gebruikt.

2. Voor elk gebied als bedoeld in lid 1 verricht de bevoegde instantie van een lidstaat of het controlecentrum een technische controle die ten minste de in bijlage II, punt 3 bedoelde punten bestrijkt, waarbij de op de controle van deze punten van toepassing zijnde methode, dan wel een gelijkwaardige door een bevoegde autoriteit goedgekeurde methode wordt gebruikt.

Motivering

De genoemde methoden zijn minimumvoorschriften in de vorm van aanbevelingen. In plaats daarvan of aanvullend mogen ook andere, gelijkwaardige of betere methoden worden toegepast om in te spelen op mogelijke verdere ontwikkelingen, zowel op het gebied van controles als op dat van de voertuigen en hun elektronische systemen.

Amendement  62

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het controlecentrum dat, of, indien relevant, de bevoegde instantie die, een technische controle van een voertuig heeft verricht, geeft een technisch certificaat voor dat voertuig af dat ten minste de elementen van bijlage IV omvat.

1. Het controlecentrum dat, of, indien relevant, de bevoegde instantie die, een technische controle van een voertuig heeft verricht, geeft een technisch certificaat voor dat voertuig af dat ook in elektronische vorm beschikbaar is en dat ten minste de elementen van bijlage IV omvat. Hiertoe stelt de Commissie een uniform Europees model op voor technische controles.

Amendement  63

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het controlecentrum of, indien relevant, de bevoegde instantie verstrekt de persoon die het voertuig voor een controle heeft gebracht het technisch certificaat of, in geval van een elektronisch technisch certificaat, een naar behoren gecertificeerde gedrukte versie van het certificaat.

2. Het controlecentrum of, indien relevant, de bevoegde instantie verstrekt, zodra de test naar tevredenheid is afgerond, de persoon die het voertuig voor een controle heeft gebracht een technisch certificaat of stelt, in geval van een technisch certificaat in elektronische vorm, een gedrukte versie van de controleresultaten beschikbaar.

Amendement  64

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Wanneer de inschrijvingsinstantie een aanvraag voor de herinschrijving van een voertuig ontvangt en het voertuig afkomstig is uit een andere lidstaat, dan moet zij het technisch certificaat van het voertuig erkennen als de geldigheid ervan is bevestigd op het tijdstip van de herinschrijving. De erkenning wordt verleend voor dezelfde periode als de oorspronkelijke geldigheidsduur van het certificaat, behalve wanneer de oorspronkelijke geldigheidsduur langer is dan de maximale wettelijke duur in de lidstaat waar het voertuig opnieuw wordt ingeschreven. In dat geval wordt de geldigheidsduur naar beneden aangepast en berekend vanaf de datum waarop het oorspronkelijke technische certificaat voor het voertuig is afgegeven. Vóór de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, delen de lidstaten aan elkaar mede welke vorm van het technisch certificaat hun respectieve bevoegde instanties erkennen en geven zij instructies voor het controleren van de echtheid ervan.

Motivering

Teneinde de herinschrijving van motorvoertuigen door de gehele Unie gemakkelijker te maken, wordt middels dit amendement een systeem ingevoerd voor de wederzijdse erkenning van technische certificaten tussen de lidstaten, ingaande op de datum waarop deze verordening van toepassing wordt.

Amendement  65

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Ten behoeve van de controle van de kilometerstand, en indien deze informatie niet langs elektronische weg is meegedeeld na de vorige technische controle, vraagt de controleur de persoon die het voertuig voor de controle brengt het na de vorige technische controle afgegeven certificaat te tonen.

4. Ten behoeve van de controle van de kilometerstand, indien er een kilometerteller aanwezig is, en indien deze informatie niet langs elektronische weg is meegedeeld na de vorige technische controle, vraagt de controleur de persoon die het voertuig voor de controle brengt het na de vorige technische controle afgegeven certificaat te tonen, indien het certificaat niet elektronisch is afgegeven.

Amendement  66

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. De resultaten van de technische controle worden meegedeeld aan de inschrijvingsautoriteit van het voertuig. Deze kennisgeving dient de in het technisch certificaat vermelde informatie te bevatten.

5. De resultaten van de technische controle worden langs elektronische weg onverwijld meegedeeld aan de inschrijvingsautoriteit van het voertuig. Deze kennisgeving dient de in het technisch certificaat vermelde informatie te bevatten.

Motivering

Met het oog op de documentveiligheid en -efficiëntie moet het controlerapport altijd elektronisch zijn en moet het niet worden opgevraagd bij de persoon die het voertuig ter controle aanbiedt, aangezien hij vaak niet de voertuigeigenaar is. Dit moet ook gelden voor de toegang van de handhavingsautoriteiten tijdens controles langs de weg.

Amendement  67

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. In geval van grote gebreken neemt de bevoegde instantie een besluit over de voorwaarden waaronder het voertuig verder mag worden gebruikt alvorens opnieuw te worden gecontroleerd. Deze nieuwe controle vindt plaats binnen zes weken na de eerste controle.

2. In geval van grote gebreken kan de bevoegde nationale instantie een besluit nemen over de voorwaarden waaronder het voertuig verder mag worden gebruikt alvorens opnieuw te worden gecontroleerd. Deze nieuwe controle vindt plaats binnen zes weken na de eerste controle.

Motivering

Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel valt de gedwongen stilstand van voertuigen onder de bevoegdheid van de lidstaten. Daarom moet het aan de bevoegde nationale autoriteiten worden overgelaten dit te beoordelen.

Amendement  68

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. In geval van gevaarlijke gebreken mag het voertuig niet worden gebruikt op openbare wegen en wordt de inschrijving ingetrokken overeenkomstig artikel 3 bis van Richtlijn XXX van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 1999/37/EG inzake kentekenbewijzen van motorvoertuigen totdat de gebreken zijn verholpen en een nieuw technisch certificaat is afgeven ten bewijze van het feit dat het voertuig verkeersgeschikt is.

3. In geval van gevaarlijke gebreken kan de lidstaat of de bevoegde instantie het gebruik van het voertuig op openbare wegen verbieden of beperken totdat de gevaarlijke gebreken zijn verholpen.

Motivering

Intrekking van de inschrijving is geen passend middel, omdat inschrijving een ingewikkeld en op zich staand proces is dat niet altijd gericht is op de beperking van het voertuiggebruik. In bepaalde lidstaten kan intrekking van de inschrijving passend zijn, terwijl in andere lidstaten vergelijkbare positieve resultaten voor de verkeersveiligheid beter kunnen worden gehaald aan de hand van een verbodsprocedure. De lidstaten moeten zelf de meest doeltreffende methode kunnen kiezen, zonder enorme hoeveelheden geld te moeten verspillen om dezelfde resultaten te boeken.

Amendement  69

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het controlecentrum dat, of, indien relevant, de bevoegde instantie van de lidstaat die, de technische controle van een op zijn grondgebied ingeschreven voertuig heeft verricht, geeft een bewijs af voor elk voertuig dat met goed gevolg een dergelijke controle heeft doorstaan. Op het bewijs wordt de datum van de volgende technische controle vermeld.

Het controlecentrum dat, of, indien relevant, de bevoegde instantie van de lidstaat die, de technische controle van een op zijn grondgebied ingeschreven voertuig heeft verricht, geeft een bewijs af voor elk voertuig dat met goed gevolg een dergelijke controle heeft doorstaan. Op het bewijs wordt de datum van de volgende technische controle vermeld. Er hoeft geen bewijs van de controle te worden afgegeven als in het kentekenbewijs kan worden aangegeven dat de technische controle is uitgevoerd en wanneer de volgende controle moet worden uitgevoerd.

Motivering

Overeenkomstig de amendementen op Richtlijn 1999/37/EU (inzake de kentekenbewijzen van motorvoertuigen), die momenteel in overweging wordt genomen door het Europees Parlement, is het niet nodig om een apart document af te geven als bewijs dat de technische controle is uitgevoerd als het kentekenbewijs een geschikte tabel bevat waarin kan worden aangegeven hoe lang de controle geldig is en wanneer de volgende controle moet worden uitgevoerd. Dat houdt in dat controlecentra en de bevoegde autoriteiten geen apart document hoeven af te geven als bewijs dat het voertuig gecontroleerd is en die voertuigeigenaren bij zich moeten hebben.

Amendement  70

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Indien het gecontroleerde voertuig tot een categorie voertuigen behoort waarvoor geen inschrijving vereist is in de lidstaat van ingebruikneming, wordt het bewijs van controle op zichtbare wijze op het voertuig aangebracht.

Amendement  71

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Elke lidstaat erkent het bewijs dat overeenkomstig lid 1 is afgegeven.

Elke lidstaat erkent het bewijs dat overeenkomstig lid 1 door een andere lidstaat is afgegeven of een overeenkomende aantekening in het kentekenbewijs van het voertuig, mits het bewijs is afgegeven voor een in deze lidstaat toegelaten voertuig.

Amendement  72

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Voor de technische controles gebruikte controlefaciliteiten en -apparatuur voldoen aan de in bijlage V vastgestelde minimale technische voorschriften.

1. Voor de technische controles gebruikte controlefaciliteiten en -apparatuur voldoen ten minste aan de in bijlage V vastgestelde minimale technische voorschriften.

Amendement  73

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Aan de controlecentra waarin controleurs technische controles uitvoeren, wordt een vergunning verleend door een lidstaat of de bevoegde instantie van die lidstaat.

Motivering

Aan de controlecentra moet een vergunning worden verleend door een lidstaat of de bevoegde instantie van die lidstaat.

Amendement  74

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter. Controlecentra die bij de inwerkingtreding van deze verordening reeds door de lidstaten waren erkend, moeten na ten minste vijf jaar na de inwerkingtreding van deze verordening opnieuw worden gecontroleerd op naleving van de minimumnormen.

Amendement  75

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Teneinde te voldoen aan de minimumvereisten wat betreft kwaliteitszorg dienen de controlecentra te voldoen aan de vereisten van de lidstaat die de vergunning verleent. De controlecentra waarborgen de objectiviteit en de hoge kwaliteit van de voertuigcontroles.

Motivering

Particuliere of publieke controlecentra moeten voldoen aan minimumvereisten om goede kwaliteitszorg te waarborgen. Deze moeten objectief zijn en leiden tot voertuigcontroles van hoog niveau.

Amendement  76

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Technische controles worden uitgevoerd door controleurs die voldoen aan de in bijlage VI neergelegde minimumvereisten inzake competentie en opleiding.

1. Technische controles worden uitgevoerd door controleurs die voldoen aan de in bijlage VI neergelegde minimumvereisten inzake competentie en opleiding. De lidstaten kunnen bijkomende eisen stellen op het vlak van competentie en opleiding.

Motivering

De eisen voor competentie en training die zijn vastgelegd in bijlage VI zijn de minimumvereisten; de lidstaten mogen daarnaast aanvullende eisen stellen.

Amendement  77

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. De lidstaten bepalen dat de controleurs een toereikende opleiding dienen te krijgen die beantwoordt aan de kwalificatie-eisen.

Motivering

De lidstaten moeten erop toezien dat de opleiding aan de kwalificatie-eisen beantwoordt.

Amendement  78

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De lidstaten geven een certificaat af aan de controleurs die voldoen aan de minimumvereisten inzake competentie en opleiding. Dit certificaat bevat ten minste de in bijlage VI, punt 3, genoemde informatie.

2. De bevoegde instanties of, in voorkomend geval, de erkende opleidingscentra geven een certificaat af aan de controleurs die voldoen aan de minimumvereisten inzake competentie en opleiding. Dit certificaat bevat ten minste de in bijlage VI, punt 3, genoemde informatie.

Motivering

De voorgestelde bepaling dat de lidstaten een certificaat afgeven aan controleurs die voldoen aan de minimumvereisten, zou de lidstaten te zeer beperken. Erkende opleidingscentra kunnen dit certificaat ook afgeven.

Amendement  79

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Controleurs die op de datum waarop deze verordening van toepassing wordt in dienst zijn bij bevoegde instanties van de lidstaat of een controlecentrum worden vrijgesteld van de in bijlage VI, punt 1, neergelegde vereisten. De lidstaten geven aan deze controleurs een gelijkwaardig certificaat af.

3. Controleurs die op de datum waarop deze verordening van toepassing wordt in dienst zijn bij of gemachtigd zijn door bevoegde instanties van de lidstaat of een controlecentrum worden vrijgesteld van de in bijlage VI, punt 1, neergelegde vereisten. De lidstaten geven aan deze controleurs een gelijkwaardig certificaat af.

Amendement  80

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis. Een persoon die een reparatie of onderhoud heeft uitgevoerd aan een voertuig mag niet als inspecteur betrokken zijn bij de periodieke technische controle die vervolgens aan datzelfde voertuig wordt uitgevoerd, tenzij het toezichthoudende orgaan naar tevredenheid heeft vastgesteld dat een hoge mate van objectiviteit kan worden gewaarborgd. De lidstaten kunnen strengere eisen stellen inzake de scheiding van activiteiten.

Motivering

Om een grotere onafhankelijkheid van inspecteurs te bewerkstelligen, moet worden gegarandeerd dat dezelfde persoon niet betrokken is bij de reparatie en het onderhoud van het voertuig voorafgaand aan de controle, en de controle zelf.

Amendement  81

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Het controlecentrum stelt de persoon die het voertuig voor controle brengt in kennis van de noodzakelijk te verrichten reparaties en verandert de resultaten van de controle niet om commerciële redenen.

5. Het controlecentrum stelt de persoon die, dan wel het reparatiebedrijf dat het voertuig voor controle brengt in kennis van de gebreken die aan het voertuig geconstateerd zijn en verandert de resultaten van de controle niet om commerciële redenen.

Motivering

Hiermee wordt verduidelijkt wat de verschillende taken zijn van controleurs (het vaststellen van gebreken) en van reparatiebedrijven (het uitvoeren van reparaties om gebreken te verhelpen).

Amendement  82

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Elke lidstaat zorgt ervoor dat toezicht op de controlecentra op zijn grondgebied wordt uitgeoefend.

Motivering

Om voertuigcontroles van goede kwaliteit te waarborgen, moet toezicht op de controlecentra worden uitgeoefend.

Amendement  83

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Controlecentra die rechtstreeks worden geëxploiteerd door een bevoegde instantie worden vrijgesteld van de eisen inzake vergunningen en toezicht.

2. Controlecentra die rechtstreeks worden geëxploiteerd door een bevoegde instantie van een lidstaat worden vrijgesteld van de eisen inzake vergunningen en toezicht.

Motivering

Ter verduidelijking dat de vrijstelling van vergunningen en toezicht alleen geldt voor controlecentra die rechtstreeks worden beheerd door de lidstaten.

Amendement  84

Voorstel voor een verordening

Artikel 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie onderzoekt de haalbaarheid, de kosten en de baten van de inrichting van een elektronisch voertuiginformatieplatform voor de uitwisseling van informatie met betrekking tot technische controles tussen de bevoegde instanties van lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de controles, de inschrijving en de goedkeuring van het voertuig, de controlecentra en de voertuigfabrikanten.

De Commissie onderzoekt hoe het meest doelmatig en doeltreffend een elektronisch voertuiginformatieplatform kan worden ingericht, door gebruik te maken van bestaande en reeds geïmplementeerde IT-oplossingen met betrekking tot de internationale uitwisseling van gegevens, teneinde de kosten zo beperkt mogelijk te houden en doublures te vermijden. Bij dit onderzoek zal worden gekeken naar de meest geschikte manier om bestaande nationale systemen te koppelen met het oog op de uitwisseling van informatie met betrekking tot technische controles en kilometerstanden tussen de bevoegde instanties van lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de controles, de inschrijving en de goedkeuring van het voertuig, de controlecentra, de fabrikanten van testapparatuur en de voertuigfabrikanten.

 

De Commissie controleert eveneens de registratie en opslag van reeds beschikbare en veiligheidsgerelateerde gegevens met betrekking tot voertuigen die bij ernstige ongevallen betrokken zijn geweest. Daarbij moet in ieder geval informatie over vervangen en gerepareerde veiligheidsgerelateerde onderdelen beschikbaar zijn.

 

Deze informatie over het verleden van een voertuig moet beschikbaar worden gesteld aan controleurs die het voertuig controleren en, in anonieme vorm, aan lidstaten, met het oog op het ontwikkelen en uitvoeren van maatregelen ter verbetering van de verkeersveiligheid, alsmede aan de houder van het kentekenbewijs of de eigenaar van het voertuig.

Op basis van dat onderzoek evalueert en presenteert de Commissie verschillende beleidsopties, waaronder de mogelijkheid om de vereiste van artikel 10 om bewijs af te geven te schrappen. Binnen een termijn van twee jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, brengt de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement verslag uit van het onderzoek en doet zij, indien passend, dit onderzoek vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.

Op basis van dat onderzoek evalueert en presenteert de Commissie verschillende beleidsopties, waaronder de mogelijkheid om de vereiste van artikel 10 om bewijs af te geven te schrappen en het opzetten van een systeem om bij grensoverschrijdende verkopen informatie tussen de lidstaten uit te wisselen over de kilometerstanden van, en ernstige ongevallen met de voertuigen in de loop van hun levensduur. Binnen een termijn van twee jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, brengt de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement verslag uit van het onderzoek en doet zij, indien passend, dit onderzoek vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.

Amendement  85

Voorstel voor een verordening

Artikel 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie krijgt de bevoegdheid om gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 19 vast te stellen om:

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen met het oog op het bijwerken van:

– in voorkomend geval, artikel 2, lid 1, en artikel 5, leden 1 en 2, bij te werken om rekening te houden met wijzigingen van de voertuigcategorieën die voortvloeien uit de in artikel 3, lid 1, bedoelde wijzigingen van de wetgeving;

(a) de benamingen van voertuigcategorieën in artikel 2, lid 1, en artikel 5, leden 1 en 2, in geval van wijzigingen van de voertuigcategorieën die voortvloeien uit de in artikel 2, lid 1, bedoelde wijzigingen van de wetgeving inzake typegoedkeuring, zonder wijziging van het bereik en de frequentie van de controles;

de bijlagen bij te werken in het licht van de technische vooruitgang of om rekening te houden met wijzigingen van het internationaal recht of het recht van de Unie.

 

 

(b) bijlage II, punt 3, inzake de controlemethoden en de oorzaken van gebreken en bijlage V, indien er efficiëntere en doeltreffendere methoden beschikbaar zijn voor het verrichten van technische controles, en bijlage I, indien er aanvullende informatie nodig is om technische controles te verrichten;

 

(c) bijlage II, punt 3, inzake de lijst van controlepunten, de controlemethoden, de oorzaken van gebreken, bijlage III inzake de beoordeling van gebreken, en bijlage V, met het oog op de aanpassing aan de ontwikkeling van de veiligheids- en milieuvoorschriften van de Unie, en bijlage I, indien er aanvullende informatie nodig is om technische controles te verrichten.

Amendement  86

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 17 bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze verordening].

2. De in artikel 17 bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vijf jaar met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze verordening]. Uiterlijk negen maanden vóór het verstrijken van de periode van vijf jaar stelt de Commissie een verslag op over de gedelegeerde bevoegdheid. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

Amendement  87

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 ter

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 18 ter

 

Verslaglegging inzake twee- of driewielige voertuigen

 

Uiterlijk [drie jaar na de datum van publicatie van deze verordening] dient de Commissie een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad over de uitbreiding van het bereik van deze verordening tot twee- of driewielige voertuigen. In het verslag wordt de situatie met betrekking tot de verkeersveiligheid in de Unie voor die categorie voertuigen geëvalueerd. In het bijzonder vergelijkt de Commissie de verkeersveiligheid van die categorie voertuigen in lidstaten die technische controles van die categorie voertuigen uitvoeren met de verkeersveiligheid in lidstaten die dat niet doen, teneinde te beoordelen of technische controles van twee- of driewielige voertuigen evenredig zijn voor het bereiken van de doelstellingen op het gebied van verkeersveiligheid. Het verslag gaat, in voorkomend geval, vergezeld van wetgevingsvoorstellen.

Amendement  88

Voorstel voor een verordening

Artikel 19 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat manipulatie van of knoeien met de kilometerteller wordt beschouwd als een strafbaar feit en wordt bestraft met doeltreffende, evenredige, afschrikkende en niet-discriminerende sancties.

2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat manipulatie van of knoeien met onderdelen en systemen van het voertuig die van belang zijn voor de naleving van veiligheids- en milieueisen of met de kilometerteller wordt beschouwd als een strafbaar feit en wordt bestraft met doeltreffende, evenredige, afschrikkende en niet-discriminerende sancties, en om ervoor te zorgen dat de kilometerstand tijdens de hele levensduur van het voertuig accuraat is.

Motivering

Het is essentieel dat de lidstaten alle nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de kilometerstand tijdens de gehele levenscyclus van het voertuig betrouwbaar en accuraat gecontroleerd wordt, waarbij onderkend wordt dat fraude met de kilometerstand het vaakst voorkomt in de periode tussen de datum van inschrijving en de eerste technische controle.

Amendement  89

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel 5 – punt 5.3 – streepje 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– Aanbevolen bandenspanning

Motivering

Deze informatie staat vermeld op het etiket van het voertuig, evenals in de handleiding van het voertuig. Dit is het referentiepunt aan de hand waarvan de controleurs bepalen of de banden voldoende zijn opgepompt.

Amendement  90

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 1 – punt 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Indien het niet mogelijk is een voertuig te controleren aan de hand van een aanbevolen controlemethode zoals genoemd in deze bijlage, kan het controlecentrum de test uitvoeren op basis van een alternatieve methode waarvoor de bevoegde instantie in kwestie schriftelijk toestemming heeft verleend. De bevoegde instantie moet ervan overtuigd zijn dat de veiligheids- en milieueisen worden nageleefd.

Motivering

Voor de controle van bepaalde voertuigen, zoals mobiele kranen, zijn mogelijk alternatieve controlemethoden nodig, die moeten worden toegestaan indien de bevoegde instantie ze goedkeurt.

Amendement  91

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 1.8 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

1.8 Remvloeistof

Meting van de kooktemperatuur of waterinhoud

(a) Kooktemperatuur van de remvloeistof te laag of waterinhoud te hoog

Amendement van het Parlement

1.8 Remvloeistof

Meting van de kooktemperatuur of waterinhoud

(a) Kooktemperatuur van de remvloeistof te laag

Motivering

Het is belangrijk ervoor te zorgen dat de remvloeistof nauwkeurig gecontroleerd wordt om misleidende of zelfs gevaarlijke resultaten te vermijden.

Amendement  92

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 3.3 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.3. Achteruitkijkspiegels of -toestellen

Visuele controle.

(a) Spiegel of toestel ontbreekt of is niet bevestigd volgens de vereisten(1)

Amendement van het Parlement

3.3. Achteruitkijkspiegels of -toestellen

Visuele controle.

(a) Spiegel of toestel ontbreekt of is niet bevestigd volgens de vereisten(1) waaronder de vereisten vastgelegd in Richtlijn 2007/38/EG betreffende de uitrusting met spiegels van in de Gemeenschap ingeschreven vrachtwagens.

Motivering

In haar verslag aan het Europees Parlement en de Raad over de uitvoering van Richtlijn 2007/38/EG betreffende de uitrusting met spiegels van in de Gemeenschap ingeschreven vrachtwagens, stelde de Commissie dat de meeste lidstaten geen gedetailleerde informatie konden verstrekken over het aantal voertuigen dat was afgekeurd omdat zij niet aan de retrofitvoorschriften voldeden. Deze retrofitvoorschriften zijn echter cruciaal voor de veiligheid op de weg en zouden deel moeten uitmaken van de controle.

Amendement  93

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 4.1.2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.1.2. Afstelling

Bepaal het horizontale eindpunt van elke koplamp bij gedimd licht met behulp van een speciaal hiervoor bestemd toestel of een scherm.

Het eindpunt van de koplamp ligt niet binnen de grenzen die in de vereisten zijn bepaald.

Amendement van het Parlement

4.1.2. Afstelling

Bepaal het horizontale en verticale eindpunt van elke koplamp bij gedimd licht met behulp van een speciaal hiervoor bestemd toestel en elektronische controleapparatuur om indien nodig de werking bij beweging te controleren.

Het eindpunt van de koplamp ligt niet binnen de grenzen die in de vereisten zijn bepaald.

Amendement  94

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 4.1.3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.1.3. Schakelaars

Visuele controle en controle door bediening.

(a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten(1) (aantal oplichtende koplampen op hetzelfde moment)

 

 

(b) Verminderde functie van schakelaar.

Amendement van het Parlement

4.1.3. Schakelaars

Visuele controle en controle door bediening en indien nodig met behulp van elektronische controleapparatuur.

(a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten(1) (aantal oplichtende koplampen op hetzelfde moment)

 

 

(b) Verminderde functie van schakelaar.

Amendement  95

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 4.1.5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.1.5. Verstelinrichting (indien verplicht)

Visuele controle en indien mogelijk controle door bediening.

(a) Inrichting werkt niet.

 

 

(b) Manuele inrichting kan niet vanaf de bestuurderszitplaats worden bediend.

Amendement van het Parlement

4.1.5. Verstelinrichting (indien verplicht)

Visuele controle en controle door bediening en indien nodig met behulp van elektronische controleapparatuur.

(a) Inrichting werkt niet.

 

 

(b) Manuele inrichting kan niet vanaf de bestuurderszitplaats worden bediend.

Amendement  96

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 4.3.2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.3.2. Schakelaars

Visuele controle en controle door bediening

(a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten

 

 

(b) Verminderde functie van schakelaar.

Amendement van het Parlement

Schakelaars voor stoplichten –noodremlichten

Visuele controle en controle door bediening met behulp van een elektronisch controleapparaat om de invoerwaarde van de bedrijfsrem te variëren en door observatie de werking van het noodremlicht controleren.

(a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten

 

 

(b) Verminderde functie van schakelaar.

 

 

(b bis) Het noodremlicht functioneert niet of niet correct.

Motivering

Er moet een elektronisch controleapparaat worden gebruikt om invoersignalen voor de rempedaalsensor te genereren om te controleren of de noodremlichten (met inbegrip van automatische activering van de waarschuwingsknipperlichten) correct werken, wat vervolgens wordt gecontroleerd door directe observatie.

Amendement  97

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 4.5.2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.5.2 Richting (X)(2)

Door bediening en met het gebruik van een toestel om het eindpunt van de koplamp te bepalen.

Mistlicht vooraan schijnt niet meer horizontaal wanneer het lichtpatroon een scheidingslijn heeft.

Amendement van het Parlement

4.5.2 Richting (X)(2)

Door bediening en met het gebruik van een toestel om het eindpunt van de koplamp te bepalen.

Mistlicht vooraan schijnt niet meer horizontaal en verticaal wanneer het lichtpatroon een scheidingslijn heeft.

Amendement  98

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 5.2.2 – letter d bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

5.2.2. Wielen

Visuele controle van beide zijden van elk wiel met het voertuig boven een smeerkuil of bevestigd aan een hijstoestel.

(a) Breuken of ondeugdelijk laswerk.

 

 

(...)

Amendement van het Parlement

5.2.2. Wielen

Visuele controle van beide zijden van elk wiel met het voertuig boven een smeerkuil of bevestigd aan een hijstoestel.

(a) Breuken of ondeugdelijk laswerk.

 

 

(...)

 

 

(d bis) Het wiel is niet compatibel met de wielnaaf

Motivering

Beschadigde wielen of wielen van mindere kwaliteit, die niet op een standaardas zijn bevestigd, zijn aanzienlijk minder betrouwbaar en veilig. Het controleren van wielen die niet overeenstemmen met de wielnaaf moet als cruciaal voor de veiligheid worden beschouwd en daarom worden opgenomen in de technische controle.

Amendement  99

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 5.2.3. – kolom 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

5.2.3. Banden

Visuele controle van de volledige band door ofwel het wiel te draaien met het voertuig van de grond boven een smeerkuil of bevestigd aan een hijstoestel of door het voertuig achteruit en vooruit boven een smeerkuil te rijden.

 

Amendement van het Parlement

5.2.3. Banden

Visuele controle van de volledige band door ofwel het wiel te draaien met het voertuig van de grond boven een smeerkuil of bevestigd aan een hijstoestel of door het voertuig achteruit en vooruit boven een smeerkuil te rijden.

 

 

Gebruik een manometer om de bandenspanning te meten en te vergelijken met de door de fabrikant opgegeven waarden.

 

Motivering

De bandenspanning kan niet worden gecontroleerd zonder een manometer te gebruiken. De controleur moet nagaan of de bandenspanning overeenstemt met wat de fabrikant van het voertuig aanbeveelt.

Amendement  100

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 8.2.1.2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

8.2.1.2 Gasemissies

Meting met een uitlaatgasanalysator in overeenstemming met de vereisten.(1) Bij voertuigen die met een geschikt eigendiagnosesysteem (OBD-systeem) zijn uitgerust, mag de correcte werking van het emissiesysteem ook worden gecontroleerd door de relevante gegevens uit het OBD-systeem uit te lezen en de correcte werking van het OBD-systeem te controleren in plaats van emissiemetingen bij stationaire motor in overeenstemming met de door de fabrikant aanbevolen warmloopperiode en andere vereisten.(1)

(a) Ofwel overschrijden de gasemissies de door de fabrikant vastgelegde niveaus,

 

 

(b) ofwel, indien deze gegevens niet beschikbaar zijn, overschrijden de CO-emissies,

 

 

i) voor voertuigen zonder geavanceerd uitlaatemissieregelsysteem,

 

 

– 4,5%, of

 

 

– 3,5%

 

 

afhankelijk van de datum van eerste inschrijving of gebruik zoals in de vereisten wordt bepaald(1)

 

 

ii) voor voertuigen met een geavanceerd uitlaatemissieregelsysteem,

 

 

– bij stationaire motor: 0,5%

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,3%

 

 

of

 

 

– bij stationaire motor: 0,3%6

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,2%

 

 

afhankelijk van de datum van eerste inschrijving of gebruik zoals in de vereisten wordt bepaald(1)

 

 

(c) Lambdawaarde buiten de waarde 1 ± 0,03 of niet overeenkomstig de specificaties van fabrikant

 

 

(d) Uitgelezen OBD wijst op ernstig defect

Amendement van het Parlement

8.2.1.2 Gasemissies

Meting met een uitlaatgasanalysator in overeenstemming met de vereisten.(1) Uitlaatmetingen zijn altijd de standaardmethode voor het beoordelen van de uitlaatgasemissies, ook in combinatie met het eigendiagnosesysteem (OBD-systeem).

(a) Ofwel overschrijden de gasemissies de door de fabrikant vastgelegde niveaus,

 

Bij voertuigen die met een geschikt OBD-systeem zijn uitgerust, mag de correcte werking van het emissiesysteem ook worden gecontroleerd door de relevante gegevens uit het OBD-systeem uit te lezen en de correcte werking van het OBD-systeem te controleren in plaats van emissiemetingen bij stationaire motor in overeenstemming met de door de fabrikant aanbevolen warmloopperiode en andere vereisten.

 

 

Meting van NOx-niveaus aan de hand van geschikte apparatuur / een daartoe uitgeruste uitlaatgasanalysator, aan de hand van bestaande uitlaatmetingsmethoden.

(b) ofwel, indien deze gegevens niet beschikbaar zijn, overschrijden de CO-emissies,

 

 

i) voor voertuigen zonder geavanceerd uitlaatemissieregelsysteem,

 

 

– 4,5%, of

 

 

– 3,5%

 

 

afhankelijk van de datum van eerste inschrijving of gebruik zoals in de vereisten wordt bepaald(1)

 

 

ii) voor voertuigen met een geavanceerd uitlaatemissieregelsysteem,

 

 

– bij stationaire motor: 0,5%

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,3%

 

 

of

 

 

– bij stationaire motor: 0,3%6

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,2%

 

 

of

 

 

– bij stationaire motor: 0,2% (6 bis)

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,1% (6 bis)

 

 

afhankelijk van de datum van eerste inschrijving of gebruik zoals in de vereisten wordt bepaald(1)

 

 

(c) Lambdawaarde buiten de waarde 1 ± 0,03 of niet overeenkomstig de specificaties van fabrikant

 

 

(d) Uitgelezen OBD wijst op ernstig defect bij stationaire motor.

 

 

Het NOx-niveau stemt niet overeen met de vereisten of overschrijdt de specifiek door de fabrikant vastgelegde niveaus.

_____________

(6 bis) Goedgekeurd overeenkomstig de grenswaarden in tabel 1 bij bijlage I bij Verordening (EG) nr. 715/2007 of eerste registratie of eerste ingebruikname na 1 juli 2007 (Euro 5).

Amendement  101

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel 3 – punt 8.2.2.2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

8.2.2.2 Opaciteit

 

 

Voertuigen die vóór 1 januari 1980 werden geregistreerd of in gebruik genomen, moeten niet aan deze vereiste voldoen.

(a) De opaciteit van de uitlaatgassen wordt gemeten tijdens een vrije acceleratie (bij niet-belaste motor wordt het toerental opgevoerd van het stationair toerental tot het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt) met de versnellingspook in de vrije stand en niet-ontkoppelde motor.

(a) Bij voertuigen die voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn ingeschreven of in gebruik genomen(1),

 

(b) Voorbereiding van het voertuig

overschrijdt de opaciteit het niveau dat op de plaat van de fabrikant op het voertuig staat genoteerd;

 

1. Voertuigen kunnen worden gecontroleerd zonder voorbereiding, maar om veiligheidsredenen moet eerst worden nagegaan of de motor warm is en in een bevredigende mechanische staat verkeert.

(b) Wanneer deze gegevens niet beschikbaar zijn of de vereisten(1) het gebruik van referentiewaarden niet toelaten,

 

2. Voorbereidingsvoorschriften:

voor motoren met natuurlijke aanzuiging: 2,5 m-1 ,

 

(i) de motor moet op temperatuur zijn, hetgeen bijvoorbeeld kan worden geconstateerd wanneer de temperatuur van de motorolie, gemeten door middel van een in de opening voor de oliepeilstok ingebrachte voeler, ten minste 80 °C bedraagt of de normale bedrijfstemperatuur wanneer deze lager is, dan wel wanneer de temperatuur van het motorblok, bepaald aan de hand van de hoeveelheid infraroodstraling, ten minste een vergelijkbare waarde bedraagt. Indien door de constructie van het voertuig deze meting in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is, kan op een andere wijze worden nagegaan of de motor zijn normale bedrijfstemperatuur heeft bereikt, bijvoorbeeld door te wachten tot de ventilator aanslaat;

voor motoren met drukvulling: 3,0 m-1,

 

(ii) het uitlaatsysteem moet worden doorgeblazen door middel van ten minste drie vrije acceleratiecycli of een daarmee vergelijkbare methode.

of, bij voertuigen die in de vereisten(1) staan of voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn geregistreerd of in gebruik genomen(1),

 

(c) Controleprocedure:

1,5 m-1 7.

 

De motor en de eventueel gemonteerde turbolader moeten stationair draaien voor het begin van elke vrije acceleratiecyclus. Bij zware dieselmotoren moet ten minste 10 seconden worden gewacht na het loslaten van het gaspedaal.

 

 

2. Bij de aanvang van elke vrije acceleratiecyclus moet het gaspedaal snel en ononderbroken (d.w.z. in minder dan 1 seconde) maar wel rustig volledig worden ingedrukt, teneinde een maximum brandstoftoevoer door de injectiepomp te verkrijgen.

 

 

3. Tijdens elke vrije acceleratiecyclus moet de motor het toerental bereiken waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt of, voor voertuigen met een automatische transmissie, het door de fabrikant voorgeschreven toerental dan wel, indien dit niet bekend is, een toerental dat twee derde bedraagt van het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt, alvorens het gaspedaal wordt losgelaten. Dit kan worden gecontroleerd door bijvoorbeeld het toerental te meten of door voldoende tijd te laten verlopen tussen het indrukken en het loslaten van het gaspedaal, namelijk, bij voertuigen van de categorie 1 en 2 van bijlage 1, ten minste 2 seconden.

 

 

4. Voertuigen dienen alleen te worden afgekeurd, indien het rekenkundig gemiddelde van ten minste de laatste drie vrije acceleratiecycli meer bedraagt dan de grenswaarde. Dit kan worden berekend, wanneer sterk van het gemeten gemiddelde afwijkende metingen of het resultaat van een andere statistische berekening die rekening houdt met de verstrooiing van de metingen buiten beschouwing worden gelaten. De lidstaten kunnen het aantal testcycli aan een maximum verbinden.

 

 

5. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten voertuigen afkeuren waarbij aanzienlijk hogere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten ook voertuigen goedkeuren waarbij na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen aanzienlijke lagere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten.

 

Amendement van het Parlement

8.2.2.2 Opacity

 

 

Voertuigen die vóór 1 januari 1980 werden geregistreerd of in gebruik genomen, moeten niet aan deze vereiste voldoen.

(a) De opaciteit van de uitlaatgassen wordt gemeten tijdens een vrije acceleratie (bij niet-belaste motor wordt het toerental opgevoerd van het stationair toerental tot het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt) met de versnellingspook in de vrije stand en niet-ontkoppelde motor. Uitlaatmetingen zijn steeds de standaardmethode voor het beoordelen van de uitlaatgasemissies, zelfs wanneer gecombineerd met OBD.

(a) Bij voertuigen die voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn ingeschreven of in gebruik genomen(1),

 

Bij voertuigen die overeenkomstig de voorschriften(1) met een OBD-systeem zijn uitgerust, aflezen van de OBD-gegevens en controle (gereedheid) van de correcte werking van het OBD-systeem bij stationaire motor in overeenstemming met de aanbevelingen van de fabrikant en andere vereisten(1).

 

 

(b) Voorbereiding van het voertuig

overschrijdt de opaciteit het niveau dat op de plaat van de fabrikant op het voertuig staat genoteerd;

 

1. Voertuigen kunnen worden gecontroleerd zonder voorbereiding, maar om veiligheidsredenen moet eerst worden nagegaan of de motor warm is en in een bevredigende mechanische staat verkeert.

(b) Wanneer deze gegevens niet beschikbaar zijn of de vereisten(1) het gebruik van referentiewaarden niet toelaten,

 

2. Voorbereidingsvoorschriften:

voor motoren met natuurlijke aanzuiging: 2,5 m-1,

 

(i) de motor moet op temperatuur zijn, hetgeen bijvoorbeeld kan worden geconstateerd wanneer de temperatuur van de motorolie, gemeten door middel van een in de opening voor de oliepeilstok ingebrachte voeler, ten minste 80 °C bedraagt of de normale bedrijfstemperatuur wanneer deze lager is, dan wel wanneer de temperatuur van het motorblok, bepaald aan de hand van de hoeveelheid infraroodstraling, ten minste een vergelijkbare waarde bedraagt. Indien door de constructie van het voertuig deze meting in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is, kan op een andere wijze worden nagegaan of de motor zijn normale bedrijfstemperatuur heeft bereikt, bijvoorbeeld door te wachten tot de ventilator aanslaat;

voor motoren met drukvulling: 3,0 m-1,

 

(ii) het uitlaatsysteem moet worden doorgeblazen door middel van ten minste drie vrije acceleratiecycli of een daarmee vergelijkbare methode.

of, bij voertuigen die in de vereisten staan(1) of voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn ingeschreven of in gebruik zijn genomen(1),

 

(c) Controleprocedure:

1,5 m-1.7

 

1. De motor en de eventueel gemonteerde turbolader moeten stationair draaien voor het begin van elke vrije acceleratiecyclus. Bij zware dieselmotoren moet ten minste 10 seconden worden gewacht na het loslaten van het gaspedaal.

of

 

2. Bij de aanvang van elke vrije acceleratiecyclus moet het gaspedaal snel en ononderbroken (d.w.z. in minder dan 1 seconde) maar wel rustig volledig worden ingedrukt, teneinde een maximum brandstoftoevoer door de injectiepomp te verkrijgen.

0,5 m-1 6 bis

 

3. Tijdens elke vrije acceleratiecyclus moet de motor het toerental bereiken waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt of, voor voertuigen met een automatische transmissie, het door de fabrikant voorgeschreven toerental dan wel, indien dit niet bekend is, een toerental dat twee derde bedraagt van het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt, alvorens het gaspedaal wordt losgelaten. Dit kan worden gecontroleerd door bijvoorbeeld het toerental te meten of door voldoende tijd te laten verlopen tussen het indrukken en het loslaten van het gaspedaal, namelijk, bij voertuigen van de categorie 1 en 2 van bijlage 1, ten minste 2 seconden.

 

 

4. Voertuigen dienen alleen te worden afgekeurd, indien het rekenkundig gemiddelde van ten minste de laatste drie vrije acceleratiecycli meer bedraagt dan de grenswaarde. Dit kan worden berekend, wanneer sterk van het gemeten gemiddelde afwijkende metingen buiten beschouwing worden gelaten. De lidstaten kunnen het aantal testcycli aan een maximum verbinden.

 

 

5. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten voertuigen afkeuren waarbij aanzienlijk hogere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten ook voertuigen goedkeuren waarbij na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen aanzienlijke lagere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten.

 

 

Meting van NOx-niveaus en -deeltjes aan de hand van geschikte apparatuur/een daartoe uitgeruste uitlaatgasanalysator, met behulp van bestaande testmethoden voor vrije acceleratie.

Het NOx-niveau of de NOx-deeltjeswaarden stemmen niet overeen met de vereisten of overschrijden de specifiek door de fabrikant vastgelegde niveaus.

______________

6 bis Goedgekeurd overeenkomstig de grenswaarden in tabel 1 bij bijlage I bij Verordening (EG) nr. 715/2007 of eerste registratie of eerste ingebruikname na 1 juli 2007 (Euro 5).

Amendement  102

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – punt 1.8 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

1.8 Remvloeistof

(a) Kooktemperatuur van de remvloeistof te laag of waterinhoud te hoog

 

Amendement van het Parlement

1.8 Remvloeistof

(a) Kooktemperatuur van de remvloeistof te laag

 

Motivering

Het is belangrijk ervoor te zorgen dat de remvloeistof nauwkeurig gecontroleerd wordt om misleidende of zelfs gevaarlijke resultaten te vermijden.

Amendement  103

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – punt 5.2.2 – letter d bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

5.2.2. Wielen

(a) Breuken of ondeugdelijk laswerk

 

 

x

 

(...)

 

Amendement van het Parlement

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

5.2.2. Wielen

(a) Breuken of ondeugdelijk laswerk

 

 

x

 

(...)

 

 

(d bis) Het wiel is niet compatibel met de wielnaaf.

 

x

 

Motivering

Beschadigde wielen of wielen van mindere kwaliteit, die niet op een standaardas zijn bevestigd, zijn aanzienlijk minder betrouwbaar en veilig. Het controleren van wielen die niet overeenstemmen met de wielnaaf moet als cruciaal voor de veiligheid worden beschouwd en daarom worden opgenomen in de technische controle.

Amendement  104

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – punt 5.2.3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

5.2.3. Banden

(a) Bandenmaat, laadvermogen, goedkeuringsmerk of snelheid is niet in overeenstemming met de vereisten(1) en is niet veilig

 

x

 

 

Onvoldoende laadvermogen of snelheid voor feitelijk gebruik, band raakt andere vaste onderdelen van het voertuig, waardoor gebruik op de weg minder veilig wordt.

 

 

x

 

(b) Banden op dezelfde as of gekoppelde wielen hebben niet dezelfde maat.

 

x

 

 

(c) Banden op dezelfde as hebben een verschillende structuur (radiaal/diagonaal).

 

x

 

 

(d) Band vertoont ernstige schade of inkepingen.

 

x

 

 

Koord zichtbaar of beschadigd

 

 

x

 

(e) Diepte van het bandprofiel niet in overeenstemming met de vereisten(1).

 

x

 

 

Minder dan 80 % van de vereiste diepte

 

 

x

 

(f) Band schuurt tegen andere onderdelen (flexibele opspatafschermingsmiddelen)

x

 

 

 

Band schuurt tegen andere onderdelen (veilig rijden niet belemmer(d)

 

x

 

 

(g) Opgesneden banden niet in overeenstemming met de vereisten(1)

 

x

 

 

Weefselbeschermingslaag aangetast

 

 

x

 

(h) Controlesysteem voor bandenspanning werkt niet goed.

x

 

 

 

Werkt duidelijk niet.

 

x

 

Amendement van het Parlement

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

5.2.3. Banden

(a) Bandenmaat, laadvermogen, goedkeuringsmerk of snelheid is niet in overeenstemming met de vereisten(1) en is niet veilig

 

x

 

 

Onvoldoende laadvermogen of snelheid voor feitelijk gebruik, band raakt andere vaste onderdelen van het voertuig, waardoor gebruik op de weg minder veilig wordt.

 

 

x

 

(b) Banden op dezelfde as of gekoppelde wielen hebben niet dezelfde maat.

 

x

 

 

(c) Banden op dezelfde as hebben een verschillende structuur (radiaal/diagonaal).

 

x

 

 

(d) Band vertoont ernstige schade of inkepingen.

 

x

 

 

Koord zichtbaar of beschadigd

 

 

x

 

(e) Bandenslijtage-indicator wordt zichtbaar

 

x

 

 

Bandprofiel gelijk aan de wettelijk vereiste diepte. Diepte van het bandprofiel kleiner dan wettelijk vereist.

 

 

x

 

(f) Band schuurt tegen andere onderdelen (flexibele opspatafschermingsmiddelen)

x

 

 

 

Band schuurt tegen andere onderdelen (veilig rijden niet belemmer(d)

 

x

 

 

(g) Opgesneden banden niet in overeenstemming met de vereisten(1)

 

x

 

 

Weefselbeschermingslaag aangetast

 

 

x

 

(h) Controlesysteem voor bandenspanning werkt niet goed of band is duidelijk te zacht.

x

 

 

 

Werkt duidelijk niet.

 

x

 

 

(i) De bedrijfsspanning in een van de banden van het voertuig is met 20% afgenomen, maar is niet lager dan 150 kPa

 

x

 

 

De bandenspanning is lager dan 150 kPa

 

 

x

Motivering

Rijden met correct opgepompte banden vergroot de efficiëntie van banden met een lage rolweerstand en vermindert de CO2-uitstoot met wel 5g per kilometer. Een band met een spanning lager dan 150 kPa is niet alleen onveilig, maar ook gevaarlijk aangezien deze dreigt te klappen. Banden met een bandprofiel dat kleiner is dan wettelijk vereist, zijn illegaal en mogen daarom niet worden toegelaten op de Europese wegen. Dit defect moet daarom als gevaarlijk aangeduid worden. Een band met een profiel dat gelijk is aan de wettelijke diepte, moet verwisseld worden voordat deze gevaarlijk wordt en moet dus als een groot worden aangemerkt.

Amendement  105

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – punt 8.2.1.2 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

8.2.1.2 Gasemissies

(b) ofwel, indien deze gegevens niet beschikbaar zijn, overschrijden de CO-emissies,

 

x

 

 

(...)

 

 

 

 

ii) voor voertuigen met een geavanceerd uitlaatemissieregelsysteem,

 

 

 

 

– bij stationaire motor: 0,5%

 

 

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,3%

 

 

 

 

of

 

 

 

 

– bij stationaire motor: 0,3%

 

 

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,2%

 

 

 

 

afhankelijk van de datum van eerste inschrijving of gebruik zoals in de vereisten wordt bepaald(1)

 

 

 

Amendement van het Parlement

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

8.2.1.2 Gasemissies

(b) ofwel, indien deze gegevens niet beschikbaar zijn, overschrijden de CO-emissies,

 

x

 

 

(...)

 

 

 

 

ii) voor voertuigen met een geavanceerd uitlaatemissieregelsysteem,

 

 

 

 

– bij stationaire motor: 0,5%

 

 

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,3%

 

 

 

 

of

 

 

 

 

– bij stationaire motor: 0,3%

 

 

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,2%

 

 

 

 

of

 

 

 

 

– bij stationaire motor: 0,2% 6 bis

 

 

 

 

– bij verhoogd toerental: 0,1% 6 bis

 

 

 

 

afhankelijk van de datum van eerste inschrijving of gebruik zoals in de vereisten wordt bepaald(1)

 

 

 

______________

6 bis Goedgekeurd overeenkomstig de grenswaarden in tabel 1 bij bijlage I bij Verordening (EG) nr. 715/2007 of eerste registratie of eerste ingebruikname na 1 juli 2007 (Euro 5).

Amendement  106

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – punt 8.2.2.2 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

8.2.2.2 Opaciteit

 

 

 

 

Voertuigen die vóór 1 januari 1980 werden geregistreerd of in gebruik genomen, moeten niet aan deze vereiste voldoen.

Wanneer deze gegevens niet beschikbaar zijn of de vereisten(1) het gebruik van referentiewaarden niet toelaten,

 

x

 

 

voor motoren met natuurlijke aanzuiging: 2,5 m-1,

 

 

 

 

voor motoren met drukvulling: 3,0 m-1,

 

 

 

 

of, bij voertuigen die in de vereisten staan(1) of voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn ingeschreven of in gebruik zijn genomen(1),

 

 

 

 

1,5 m-1.

 

 

 

Amendement van het Parlement

 

 

Klein

Groot

Gevaarlijk

8.2.2.2 Opaciteit

 

 

 

 

Voertuigen die vóór 1 januari 1980 werden geregistreerd of in gebruik genomen, moeten niet aan deze vereiste voldoen.

Wanneer deze gegevens niet beschikbaar zijn of de vereisten(1) het gebruik van referentiewaarden niet toelaten,

 

x

 

 

voor motoren met natuurlijke aanzuiging: 2,5 m-1,

 

 

 

 

voor motoren met drukvulling: 3,0 m-1,

 

 

 

 

of, bij voertuigen die in de vereisten staan(1) of voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn ingeschreven of in gebruik zijn genomen(1),

 

 

 

 

1,5 m-1.

 

 

 

 

of

 

 

 

 

0,5 m-1 6 bis

 

 

 

_____________

6 bis Goedgekeurd overeenkomstig de grenswaarden in tabel 1 bij bijlage I bij Verordening (EG) nr. 715/2007 of eerste registratie of eerste ingebruikname na 1 juli 2007 (Euro 5).

Amendement  107

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – paragraaf 1 – punt 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) details van grote reparaties naar aanleiding van een ongeluk

Amendement  108

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – deel I – paragraaf 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Er mag alternatieve apparatuur worden gebruikt die op een neutrale manier gebruikmaakt van technologische innovaties, mits hiermee een gelijkwaardig hoog niveau van controle kan worden gewaarborgd.

Amendement  109

Voorstel voor een verordening

Bijlage V– deel I – paragraaf 1 – punt 15 – streepje 15 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– een manometer om de bandenspanning te meten;

Motivering

Een manometer is nodig om de bandenspanning te meten.

(1)

PB C 44, 15.2.2013, blz. 128.


TOELICHTING

Het Commissievoorstel

I. Bestaande EU-regelgeving inzake periodieke technische controles van motorvoertuigen

In Richtlijn 2009/40/EG worden minimumnormen vastgelegd voor regelmatige voertuigcontroles. De Richtlijn is van toepassing op personenauto's, bussen en toerbussen, en vrachtwagens en de bijbehorende aanhangwagens, maar niet op scooters en motoren.

II. Nieuw voorstel voor technische controles

De Commissie heeft nieuwe regels voor technische controles ingevoerd om de wegen nog veiliger te maken en een hoog niveau van milieubescherming te waarborgen. Het voorstel is in overeenstemming met de doelstellingen voor de veiligheid op de weg als neergelegd in het Witboek "Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte".

Het voorstel is gebaseerd op het vaststellen van gemeenschappelijke minimumnormen voor voertuigcontroles die in de hele EU gelden, waarbij het de lidstaten vrijstaat verder te gaan en hogere normen in te voeren als ze dat nodig achten.

De voornaamste onderdelen van het voorstel zijn:

1. Verplichte controles voor scooters en motoren in de hele EU. De categorie van voertuigen die technische controles moeten ondergaan, kan daarom worden uitgebreid tot deze groep weggebruikers met het hoogste risico. Lichte aanhangwagens (van minder dan 3,5 ton) kunnen dan ook worden gecontroleerd. Deze categorieën voertuigen zijn momenteel uitgesloten van het EU-systeem. De controles van deze types blijft onder de bevoegdheid van de lidstaten vallen.

2. Het verhogen van de frequentie van periodieke technische controles voor bepaalde voertuigcategorieën. Momenteel worden auto's en bestelwagens (tot 3,5 ton) die ouder zijn dan zes jaar minimaal om de twee jaar gecontroleerd. Men stelt voor deze voertuigen na zes jaar ten minste jaarlijks te controleren. Dit betekent een verschuiving van 4-2-2 naar 4-2-1. De 4-2-1-formule wordt ook voorgesteld voor scooters en motoren. Daarnaast wordt voorgesteld om de frequentie van controles voor auto's en bestelwagens met een groot aantal kilometers op de teller (160 000 km) te verhogen. Deze voertuigen zouden na de eerste controle elk jaar worden gecontroleerd (4-1-1 in plaats van de huidige formule 4-2-2) als ze ten tijde van de eerste keuring (na 4 jaar) meer dan 160 000 km op hun teller hebben staan. Zodoende zouden de controles van deze voertuigen op één lijn komen met die van andere voertuigen die veel kilometers maken, zoals taxi's en ambulances.

3. Er moeten minimumeisen worden gesteld aan de vaardigheden en opleiding van inspecteurs.

4. Verbetering van de kwaliteit van voertuigcontroles door gemeenschappelijke minimumnormen vast te stellen voor gebreken en apparatuur.

5. Minder gesjoemel met kilometerstanden, door de kilometerstanden vast te leggen.

6. Elektronische veiligheidsonderdelen onderwerpen aan verplichte controles.

Nationale parlementen: de nationale parlementen van Frankrijk, Nederland, Zweden en Cyprus hebben formeel bezwaar aangetekend aangezien het voorstel indruist tegen het subsidiariteitsbeginsel van de EU.

Standpunt van de rapporteur

Tijdens het debat in het Parlement moet goed worden bekeken of de voorgestelde maatregelen in verhouding zijn met de beoogde doelstellingen. De gevolgen van het voorstel voor burgers en het bedrijfsleven moeten zorgvuldig worden afgewogen om onnodige financiële en administratieve lasten te voorkomen. We moeten tot een evenwichtig resultaat zien te komen.

Gezien het bovenstaande stelt de rapporteur het volgende voor:

1. Frequentie van controles en voertuigcategorieën: De rapporteur steunt het voorstel van de Commissie om technische controles uit te breiden naar scooters en motoren, omdat deze groep weggebruikers een hoog risico met zich meebrengt. Het lijkt echter evenrediger om de frequentie voor deze voertuigcategorieën te veranderen van 4-2-1 naar 4-2-2. De 4-2-2-formule staat ook voor een evenwichtige benadering van de controles van auto's en lichte voertuigen, aangezien diverse onderzoeken naar het verband tussen ongevallen en technische mankementen tweeslachtige resultaten opleveren als het gaat om het effect van frequentere controles van de veiligheid op de weg. Desondanks moet de Commissie deze kwestie verder onderzoeken en evalueren en hiervan verslag uitbrengen aan de medewetgevers. De lidstaten kunnen dan een verplichting voor frequentere controles invoeren. Het criterium van de kilometerstand kan problemen opleveren in verband met manipulatie van kilometertellers. Daarom wordt voorgesteld om dit element uit het voorstel te schrappen.

2. De technische eisen en controlemethoden uit de bijlagen moeten worden beschouwd als EU-minimumnormen. Lidstaten mogen eventuele hogere normen handhaven of invoeren. Dit beginsel is neergelegd in artikel 6, lid 2 van het voorstel. De rapporteur stelt amendementen voor om dat beginsel kracht bij te zetten. Hetzelfde geldt voor de minimale kwalificatie-eisen voor inspecteurs.

3. Het is cruciaal dat technische controles worden uitgevoerd door voldoende geschoolde, opgeleide en onafhankelijke inspecteurs. Er wordt een voorstel gedaan voor een grotere onafhankelijkheid van inspecteurs en een verdere uitbanning van mogelijke belangenconflicten.

4. Historische voertuigen: Men heeft onderkend dat historische auto's moeten worden uitgesloten van het toepassingsgebied van de EU-wetgeving. De lidstaten moeten meer vrijheid krijgen om hun eigen eisen te stellen voor het definiëren en controleren van deze voertuigen. Het voorstel vertegenwoordigt weliswaar een solide basis voor verdere discussies, maar toch vond de rapporteur de definitie van historische voertuigen vrij rigoureus, en stelt hij voor de definitie te verruimen.

5. Bij grensoverschrijdende herinschrijving van voertuigen, wordt aanbevolen rekening te houden met de recente jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie (C-150/11).

6. Gedelegeerde handelingen: Ofschoon een zekere mate van flexibiliteit nodig is zodat de wetgeving gelijke tred kan houden met technologische ontwikkelingen, is de tekst van de Commissie erg dubbelzinnig. Daarom stelt de rapporteur voor de bevoegdheidsdelegatie aan de Commissie duidelijker af te bakenen.


ADVIES van de Commissie industrie, onderzoek en energie (26.4.2013)

aan de Commissie vervoer en toerisme

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG

(COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD))

Rapporteur voor advies: Krišjānis Kariņš

BEKNOPTE MOTIVERING

Door de toename van het personenverkeer binnen de Europese Unie is het noodzakelijk om de wetgeving inzake technische controles verder te harmoniseren. Dit is niet alleen nodig om te zorgen voor meer verkeersveiligheid, maar ook om de burgers betrouwbare informatie te verschaffen over voertuigen die in een andere lidstaat gekocht zijn. Gezien de technologische ontwikkelingen is het noodzakelijk om wetgeving aan te nemen waarin voertuigen opgenomen zijn die voorheen niet binnen het toepassingsgebied van de regelgeving vielen.

Uw rapporteur stelt verscheidene verbeteringen van de tekst voor.

Ten eerste dienen het technisch certificaat en het verslag van de technische controle online beschikbaar te zijn voor de belanghebbenden. Hiertoe behoren ook de controleur die de controle langs de weg uitvoert, het centrum voor technische controle in de lidstaat waar de auto nu ingeschreven staat, en zelfs de koper van de auto. De beschikbaarheid van de kilometerstandgegevens is van essentieel belang om ervoor te zorgen dat er niet geknoeid is met de kilometerstand.

In de tweede plaats bestaat er reeds een mechanisme voor de uitwisseling van informatie tussen de lidstaten, namelijk Eucaris. Het is niet nodig om een nieuw mechanisme voor de uitwisseling van informatie op te zetten of een onderzoek te doen naar de haalbaarheid van een Europees elektronisch voertuiginformatieplatform. In plaats daarvan dient de Commissie onderzoek te doen naar de mogelijkheden om het Eucaris-kader uit te breiden. Uw rapporteur is van mening dat deze oplossing kostenefficiënter zal zijn en het snelst uitgevoerd zal kunnen worden.

Ten slotte is uw rapporteur van mening dat sancties voor fraude met kilometerstanden geen zin hebben indien de kilometerstandgegevens beschikbaar zijn voor de belanghebbenden. Indien deze gegevens beschikbaar zijn voor de belanghebbenden, heeft vervalsing geen zin meer.

AMENDEMENTEN

De Commissie industrie, onderzoek en energie verzoekt de ten principale bevoegde Commissie vervoer en toerisme onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Uit betrouwbare onderzoeksresultaten blijkt dat 8% van de ongevallen waarbij motorfietsen zijn betrokken, wordt veroorzaakt door of verband houdt met technische gebreken. Motorrijders vormen de groep weggebruikers met het hoogste veiligheidsrisico, waarbij een stijgende trend in het aantal dodelijke slachtoffers waarneembaar is. Bromfietsbestuurders zijn oververtegenwoordigd in de statistieken van dodelijke verkeersslachtoffers: in 2008 vonden op de Europese wegen 1 400 bromfietsbestuurders de dood. De categorie van voertuigen die technische controles moeten ondergaan, wordt daarom uitgebreid tot de groep weggebruikers met het hoogste risico, de gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen.

(7) Uit betrouwbare onderzoeksresultaten blijkt dat 8% van de ongevallen waarbij motorfietsen zijn betrokken, wordt veroorzaakt door of verband houdt met technische gebreken. Motorrijders vormen de groep weggebruikers met het hoogste veiligheidsrisico, waarbij een stijgende trend in het aantal dodelijke slachtoffers waarneembaar is. De categorie van voertuigen die technische controles moeten ondergaan, wordt daarom uitgebreid tot de groep weggebruikers met het hoogste risico, de gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen. Hoewel bromfietsen oververtegenwoordigd zijn in de statistieken van ongevallen met dodelijke slachtoffers, moet hiervoor een uitzondering worden gemaakt aangezien een dermate breed toepassingsgebied van periodieke technische controles praktisch niet uitvoerbaar is en indruist tegen het evenredigheidsbeginsel.

Motivering

Een periodieke technische controle van bromfietsen is in de praktijk niet uitvoerbaar. Zo zou een bromfietsbestuurder op het platteland grote afstanden moeten afleggen over hoofdwegen om de plaats te bereiken waar de periodieke technische controle wordt uitgevoerd. Daarbij zou de bestuurder zichzelf en anderen blootstellen aan onnodige risico's.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Landbouwvoertuigen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/h worden in lokale transportactiviteiten steeds vaker gebruikt ter vervanging van vrachtwagens. Hun potentiële risico is vergelijkbaar met dat van vrachtwagens, reden waarom deze categorie voertuigen wat betreft technische controles op dezelfde wijze moet worden behandeld als vrachtwagens.

(8) Landbouwvoertuigen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/h worden in lokale transportactiviteiten steeds vaker gebruikt ter vervanging van vrachtwagens en concurreren derhalve met de traditionele goederentransportmiddelen. Hun potentiële risico is vergelijkbaar met dat van vrachtwagens, reden waarom deze categorie voertuigen wat betreft technische controles op dezelfde wijze moet worden behandeld als vrachtwagens.

Motivering

Aangezien voertuigen uit de categorie T5 steeds meer deelnemen aan het wegverkeer, dienen zij onderworpen te worden aan een volledige technische controle.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) Motorvoertuigen van historisch belang worden verondersteld industrieel erfgoed uit de tijd dat ze zijn gebouwd in stand te houden en worden geacht nauwelijks op de openbare weg te worden gebruikt, en het moet aan de lidstaten worden overgelaten om de termijn voor periodieke technische controles voor dergelijke voertuigen te verlengen. Ook moet het aan de lidstaten worden overgelaten om de technische controle van andere typen gespecialiseerde voertuigen te reguleren.

(9) Motorvoertuigen van historisch belang worden verondersteld industrieel erfgoed uit de tijd dat ze zijn gebouwd in stand te houden. Ze vormen een cultuurgoed en worden onregelmatig gebruikt als alledaags voertuig, en het moet aan de lidstaten worden overgelaten om de termijn voor periodieke technische controles voor dergelijke voertuigen te verlengen. Dit recht mag evenwel niet leiden tot de toepassing van normen die strenger zijn dan die welke oorspronkelijk voor het voertuig zijn vastgesteld. Ook moet het aan de lidstaten worden overgelaten om de technische controle van andere typen gespecialiseerde voertuigen te reguleren.

Motivering

Voertuigen van historisch belang vormen een cultuurgoed en worden onregelmatig als alledaags voertuig gebruikt. Daarom moeten hierop andere regels van toepassing zijn.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) Technische controles zijn een soevereine activiteit en moeten derhalve worden verricht door de lidstaten of door lichamen onder hun toezicht waaraan deze taak is toevertrouwd. De lidstaten moeten in alle gevallen verantwoordelijk blijven voor de technische controles, ook als het nationale systeem het verlenen van een vergunning aan particuliere lichamen toestaat, met inbegrip van lichamen die reparaties verrichten.

(10) Technische controles zijn een soevereine activiteit en moeten derhalve worden verricht door de lidstaten of door lichamen onder hun toezicht waaraan deze taak is toevertrouwd. De lidstaten moeten in alle gevallen verantwoordelijk blijven voor het organiseren van technische controles, ook als het nationale systeem het verlenen van een vergunning aan particuliere lichamen toestaat, met inbegrip van lichamen die reparaties verrichten.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Voor de controle van voertuigen, en in het bijzonder van hun elektronische veiligheidsonderdelen, is het van cruciaal belang om toegang te hebben tot de technische specificaties van elk afzonderlijk voertuig. Daarom moeten fabrikanten van voertuigen niet alleen alle gegevens verstrekken die onder de conformiteitsverklaring vallen, maar ook toegang bieden tot de gegevens die nodig zijn om de functionaliteit van veiligheids- en milieugerelateerde onderdelen te controleren. De bepalingen inzake de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie moeten ook voor dit doel worden toegepast, door controlecentra toegang te geven tot alle informatie-elementen die nodig zijn voor de technische controles. Dit is van essentieel belang, met name op het gebied van elektronische systemen, en moet alle door de fabrikant geïnstalleerde elementen omvatten.

(11) Voor de controle van voertuigen, en in het bijzonder van hun elektronische veiligheidsonderdelen, is het van cruciaal belang om toegang te hebben tot de technische specificaties van elk afzonderlijk voertuig. Daarom moeten fabrikanten van voertuigen niet alleen alle gegevens verstrekken die onder de conformiteitsverklaring vallen, maar ook toegang bieden tot de gegevens die nodig zijn om de functionaliteit van veiligheids- en milieugerelateerde systemen te controleren. De gegevens moeten de details bevatten waarmee de functionaliteit van de beveiligingssystemen van het voertuig zodanig geïnspecteerd kunnen worden dat de controle plaats kan vinden in het kader van een periodieke technische controle en de goed- of afkeuring op voorspelbare basis tot stand komt. De bepalingen inzake de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie moeten ook voor dit doel worden toegepast, door controlecentra toegang te geven tot alle informatie-elementen die nodig zijn voor de technische controles. Dit is van essentieel belang, met name op het gebied van elektronische systemen, en moet alle door de fabrikant geïnstalleerde elementen omvatten.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17) De frequentie van de controles moet worden aangepast aan het type voertuig en het aantal afgelegde kilometers. Voertuigen vertonen eerder technische gebreken wanneer ze een bepaalde leeftijd hebben bereikt, en vooral wanneer ze bijzonder intensief worden gebruikt nadat ze een bepaald aantal kilometers hebben afgelegd. Daarom is het passend om de frequentie van de controles te verhogen voor oudere voertuigen en voertuigen met een hoge kilometerstand.

(17) De frequentie van de controles moet worden aangepast aan het type voertuig. Voertuigen vertonen eerder technische gebreken wanneer ze een bepaalde leeftijd hebben bereikt. Daarom is het passend om oudere voertuigen op gezette tijden te controleren.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 22

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(22) Na elke controle moet een technisch certificaat worden afgegeven dat onder meer informatie over de identiteit van het voertuig en de resultaten van de controle moet bevatten. Met het oog op een behoorlijke follow-up van technische controles moeten de lidstaten deze informatie in een gegevensbank verzamelen en bewaren.

(22) Na elke controle moet een technisch certificaat worden afgegeven dat onder meer informatie over de identiteit van het voertuig en de resultaten van de controle moet bevatten. Met het oog op een behoorlijke follow-up van technische controles moeten de lidstaten deze informatie in een gegevensbank verzamelen en bewaren. Zo mogelijk moet er ook een elektronische versie van een technisch certificaat ter beschikking van de belanghebbenden worden gesteld, met inachtneming van de bescherming van persoonsgegevens.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23) Geschat wordt dat bij 5 % tot 12 % van de verkochte tweedehandsauto's fraude met de kilometerstand wordt gepleegd, wat leidt tot hoge kosten voor de samenleving, ter waarde van meerdere miljarden euro per jaar, en een onjuiste beoordeling van de technische toestand van voertuigen. In het kader van de bestrijding van fraude met de kilometerstand zal het vastleggen van de kilometerstand in het technisch certificaat, in combinatie met de verplichting om het certificaat van eerdere controles te tonen, het gemakkelijker maken om geknoei met of manipulatie van de kilometerteller te ontdekken. Fraude met de kilometerstand moet ook systematischer als een strafbaar feit worden beschouwd.

(23) Geschat wordt dat bij 5% tot 12% van de in eigen land verkochte tweedehandsauto's fraude met de kilometerstand wordt gepleegd, terwijl dit percentage veel hoger is voor grensoverschrijdende verkoop, wat leidt tot hoge kosten voor de samenleving, ter waarde van meerdere miljarden euro per jaar, en een onjuiste beoordeling van de technische toestand van voertuigen. In het kader van de bestrijding van fraude met de kilometerstand zal het vastleggen van de kilometerstand en de beschikbaarheid van deze vastgelegde gegevens voor belanghebbenden in de gehele Unie het gemakkelijker maken om geknoei met of manipulatie van de kilometerteller te ontdekken. De lidstaten kunnen door middel van centrale databanken die alle kilometerstanden bijhouden die bij verschillende actoren (dealers, hersteldiensten, keuringscentra) worden geregistreerd, de juistheid van de kilometerstanden controleren voor de volledige levensduur van een voertuig. De lidstaten moeten de kilometerstanden beschikbaar maken door informatie langs elektronische weg uit te wisselen, met inachtneming van de bescherming van persoonsgegevens.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 25

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25) Technische controles maken deel uit van een breder stelsel van regelgeving dat op voertuigen van toepassing is tijdens hun hele levensduur, vanaf de goedkeuring, via inschrijvingen en controles, tot de afdanking. De ontwikkeling en onderlinge koppeling van nationale elektronische gegevensbanken en die van voertuigfabrikanten moet in beginsel bijdragen tot een grotere efficiëntie van de gehele voertuigadministratieketen en moet de kosten en de administratieve lasten verminderen. De Commissie zou daarom een studie moeten uitvoeren naar de haalbaarheid en de kosten en baten van het opzetten van een Europees elektronisch voertuiginformatieplatform voor dit doel.

(25) Technische controles maken deel uit van een breder stelsel van regelgeving dat op voertuigen van toepassing is tijdens hun hele levensduur, vanaf de goedkeuring, via inschrijvingen en controles, tot de afdanking. De ontwikkeling en onderlinge koppeling van nationale elektronische gegevensbanken en die van voertuigfabrikanten moet in beginsel bijdragen tot een grotere efficiëntie van de gehele voertuigadministratieketen en moet de kosten en de administratieve lasten verminderen. De Commissie zou daarom een studie moeten uitvoeren naar de haalbaarheid en de kosten en baten van het opzetten van een Europees elektronisch voertuiginformatieplatform alsmede de mogelijkheden voor het uitbreiden van de functionaliteit van bestaande systemen voor de uitwisseling van informatie, met als doel het delen van kilometerstanden op te nemen in het platform en te onderzoeken of het delen van informatie nog verder kan worden uitgebreid.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– twee- en driewielige motorvoertuigen – voertuigcategorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e;

– twee- en driewielige motorvoertuigen – voertuigcategorieën L3e, L4e, L5e, L6e en L7e;

Motivering

Een periodieke technische controle van bromfietsen is in de praktijk niet uitvoerbaar. Zo zou een bromfietsbestuurder op het platteland grote afstanden moeten afleggen over hoofdwegen om de plaats te bereiken waar de periodieke technische controle wordt uitgevoerd. Daarbij zou de bestuurder zichzelf en anderen blootstellen aan onnodige risico's. Bovendien zou dit nodeloze administratieve lasten veroorzaken.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 7 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– het wordt onderhouden door middel van reserveonderdelen die het historische onderdeel van het voertuig reproduceren;

– het wordt onderhouden of gerestaureerd door middel van reserveonderdelen die het historische onderdeel van het voertuig reproduceren of uit dezelfde tijd stammen;

Motivering

Voertuigen van historisch belang zijn cultuurgoed. Daarbij moet duidelijk zijn wat precies onder deze term wordt verstaan. Alleen werkelijk historische voertuigen maken een historische ontwikkeling aanschouwelijk. De definitie in deze verordening is de eerste definitie van historische voertuigen in de Europese wetgeving. Aangezien deze kan fungeren als blauwdruk voor andere wetgeving, dient men hier zeer consequent te zijn.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 7 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– de technische kenmerken van de belangrijkste onderdelen, zoals de motor, het remsysteem, de stuurinrichting of de ophanging, hebben geen veranderingen ondergaan; en

– de technische kenmerken van de belangrijkste onderdelen van het voertuig, zoals de motor, het remsysteem, de stuurinrichting, het voertuigtype of de ophanging, zijn niet veranderd of stammen uit dezelfde tijd;

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 7 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– het uiterlijk is niet veranderd;

– het uiterlijk voorkomen is niet veranderd of stamt uit dezelfde tijd;

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 7 – streepje 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– uit dezelfde tijd stammen:

 

wijzigingen die binnen tien jaar na de bouw van het voertuig juridisch en technisch mogelijk waren;

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) "technische controle": een controle om vast te stellen of de onderdelen van een voertuig nog voldoen aan de toepasselijke veiligheids- en milieukenmerken die van kracht waren ten tijde van de goedkeuring, de eerste inschrijving of de ingebruikneming, evenals ten tijde van de installatie van onderdelen op bestaande voertuigen;

(9) "technische controle": een controle om vast te stellen of een voertuig met betrekking tot zijn veiligheids- en milieukenmerken over de noodzakelijke functionaliteit beschikt voor gebruik op de openbare weg;

Motivering

De definitie moet beter aansluiten bij de controle van de correcte werking van de veiligheids- en milieusystemen van het voertuig.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 16 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 bis) "kilometerstandendatabank": een door een lidstaat opgezette databank waarin de kilometerstanden van de in die lidstaat geregistreerde voertuigen opgeslagen worden.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Fabrikanten van voertuigen bieden de controlecentra, of, indien relevant, de bevoegde instantie, toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie die nodig is voor het verrichten van technische controles. De Commissie stelt nadere regels vast voor de procedures inzake de toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 16, lid 2.

3. Fabrikanten van voertuigen bieden de controlecentra, of, indien relevant, de bevoegde instantie, alsmede de garagehouders en fabrikanten van controletoestellen en alle belanghebbenden zonder onderscheid toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie die nodig is voor het verrichten van technische controles. De Commissie stelt nadere regels vast voor de procedures inzake de toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 16, lid 2.

Motivering

De toegang tot informatie is van groot belang voor de periodieke technische controle. Overeenkomstig de OBD-wetgeving moeten alle betrokken belanghebbenden zonder onderscheid toegang hebben tot de informatie om eerlijke concurrentie te waarborgen.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, vervolgens na twee jaar en daarna elk jaar;

– voertuigen van de categorieën L3e, L4e, L5e, L6e en L7e: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en vervolgens om de twee jaar;

Motivering

De frequentie waarmee motoren worden gecontroleerd, moet ook worden afgewogen tegen de financiële en administratieve belasting van de eigenaren. Het subsidiariteitsbeginsel is van toepassing voor zover het voorstel geen gebieden bestrijkt die onder de exclusieve bevoegdheid van de EU vallen. Het is nog steeds aan de lidstaten om te bepalen of bromfietsen en scooters met een maximumsnelheid van ten hoogste 45 km/h verplicht aan regelmatige technische controles moeten worden onderworpen.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, vervolgens na twee jaar en daarna elk jaar;

– voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en vervolgens om de twee jaar;

Motivering

Krachtens het subsidiariteits- en evenredigheidsbeginsel moet de mogelijkheid om de frequentie van de technische controles van voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2 op te voeren, aan de lidstaten worden overgelaten.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Wanneer een voertuig van de categorie M1 of N1 een kilometerstand van 160 000 km heeft bereikt bij de eerste technische controle nadat het voertuig voor het eerst is ingeschreven, wordt het daarna jaarlijks aan een technische controle onderworpen.

Schrappen

Motivering

Aangezien moderne voertuigen van de categorieën M1 en N1 gemiddeld langere afstanden afleggen zonder dat dit leidt tot een significante verslechtering van de prestaties op het gebied van veiligheid en milieu, en het technisch mogelijk is te knoeien met de kilometerteller, moet de controlefrequentie niet afhankelijk worden gemaakt van de kilometerstand.

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 4 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– wanneer de houder van het kentekenbewijs van het voertuig het kentekenbewijs overdoet aan een andere houder.

Schrappen

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 4 – streepje 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

– na een controle langs de weg.

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Voor elk gebied als bedoeld in lid 1 verricht de bevoegde instantie van een lidstaat of het controlecentrum een technische controle die ten minste de in bijlage II, punt 3 bedoelde punten bestrijkt, waarbij de op de controle van deze punten van toepassing zijnde methode wordt gebruikt.

2. Voor elk gebied als bedoeld in lid 1 verricht de bevoegde instantie van een lidstaat of het controlecentrum een technische controle die ten minste de in bijlage II, punt 3 bedoelde punten bestrijkt en uitsluitend betrekking heeft op de werking. Onderdelen en reserveonderdelen zonder typegoedkeuring die de veiligheids- en/of milieukenmerken merkbaar aantasten, mogen worden afgekeurd. Daarbij wordt de op de controle van deze punten van toepassing zijnde methode, als bedoeld in bijlage II, punt 3, gebruikt.

Motivering

Tijdens de periodieke technische controle wordt de werking gecontroleerd, niet de typegoedkeuring van reserveonderdelen. In de praktijk is dit helemaal niet mogelijk omdat reserveonderdelen soms zo in het voertuig zijn aangebracht dat controle ervan is uitgesloten. Alleen wanneer er onderdelen zonder typegoedkeuring zijn gebruikt die de veiligheids- en milieukenmerken aantasten, valt dit als minpunt aan te merken. De vrije levering van reserveonderdelen mag niet indirect worden beperkt.

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Ten behoeve van de controle van de kilometerstand, en indien deze informatie niet langs elektronische weg is meegedeeld na de vorige technische controle, vraagt de controleur de persoon die het voertuig voor de controle brengt het na de vorige technische controle afgegeven certificaat te tonen.

4. Ten behoeve van de controle van de kilometerstand op een standaard ingebouwde kilometerteller wordt de informatie van de vorige technische controle langs elektronische weg ter beschikking van de controleur gesteld. Totdat de elektronische overdracht van informatie een feit is, vraagt de controleur de persoon die het voertuig voor de controle brengt het na de vorige technische controle afgegeven certificaat te tonen. De tijdens de vorige technische controle opgenomen kilometerstand wordt langs elektronische weg beschikbaar gesteld aan de belanghebbenden. Deze informatie mag geen persoonsgegevens bevatten.

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis. Een technisch certificaat wordt door alle lidstaten wederzijds erkend ten behoeve van de herinschrijving van een voertuig dat van de ene lidstaat naar een andere is overgebracht, mits het certificaat geldig is volgens de vereiste frequentie van technische controles in de nieuwe lidstaat van inschrijving.

Motivering

De erkenning van de technische certificaten van iedere lidstaat in alle andere lidstaten is een belangrijke stap op de weg naar voltooiing van de interne markt.

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 5 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 ter. Een technisch certificaat wordt door alle lidstaten wederzijds erkend ten behoeve van de herinschrijving van een voertuig dat van de ene lidstaat naar een andere is overgebracht, mits het certificaat voldoet aan de eisen ten aanzien van de frequentie van technische controles in de nieuwe lidstaat van inschrijving. Hieraan ten grondslag ligt een controle op basis van dezelfde normen in alle lidstaten.

Motivering

Wederzijdse erkenning is tevens zinvol bij registraties en grensoverschrijdende verkopen. Daarom moeten in alle EU-lidstaten vergelijkbare normen worden toegepast. Hieraan ten grondslag ligt een controle op basis van dezelfde normen in alle lidstaten.

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 5 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 quater. Het controlecentrum dat – of, indien relevant, de bevoegde instantie die – een technische controle van een voertuig heeft verricht, geeft na elke technische controle de geregistreerde kilometerstand door aan de kilometerstandendatabank indien van toepassing.

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Technische controles worden uitgevoerd door controleurs die voldoen aan de in bijlage VI neergelegde minimumvereisten inzake competentie en opleiding.

1. Technische controles worden uitgevoerd door controleurs die voldoen aan de in bijlage VI neergelegde minimumvereisten inzake competentie en opleiding. Lidstaten die hogere eisen stellen, kunnen deze handhaven.

Motivering

Voor het eerst worden er kwalificatie-eisen gesteld aan de controleurs. EU-lidstaten die strengere normen hebben vastgesteld, moeten deze kunnen behouden.

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. De lidstaten zien erop toe dat de controleurs een toereikende opleiding krijgen die beantwoordt aan de kwalificatie-eisen.

Motivering

De lidstaten moeten erop toezien dat de opleiding aan de kwalificatie-eisen beantwoordt.

Amendement  30

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Bij de uitvoering van technische controles heeft de controleur geen belangenconflicten en in het bijzonder geen economische, persoonlijke of familiebanden met de houder van het kentekenbewijs van het te controleren voertuig.

4. Bij de uitvoering van technische controles heeft de controleur geen belangenconflicten en in het bijzonder geen economische, persoonlijke of familiebanden met de houder van het kentekenbewijs van het te controleren voertuig. Daarom moeten er passende certificeringsnormen worden toegepast, bijvoorbeeld door middel van de desbetreffende ISO-norm.

Motivering

Om ervoor te zorgen dat de periodieke technische controles vergelijkbaar en onafhankelijk zijn, moeten op EU-niveau certificeringsnormen worden overeengekomen, bijvoorbeeld op basis van de desbetreffende ISO-norm.

Amendement  31

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie onderzoekt de haalbaarheid, de kosten en de baten van de inrichting van een elektronisch voertuiginformatieplatform voor de uitwisseling van informatie met betrekking tot technische controles tussen de bevoegde instanties van lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de controles, de inschrijving en de goedkeuring van het voertuig, de controlecentra en de voertuigfabrikanten.

De Commissie onderzoekt hoe het meest doelmatig en doeltreffend een elektronisch voertuiginformatieplatform kan worden ingericht, door haar voordeel te doen met bestaande en reeds geïmplementeerde IT-oplossingen met betrekking tot de internationale uitwisseling van gegevens, teneinde de kosten zo beperkt mogelijk te houden en doublures te vermijden. Bij dit onderzoek zal worden gekeken naar de meest geschikte manier om bestaande nationale systemen te verbinden met het oog op de uitwisseling van informatie met betrekking tot technische controles en kilometerstanden tussen de bevoegde instanties van lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de controles, de inschrijving en de goedkeuring van het voertuig, de controlecentra, de fabrikanten van testapparatuur en de voertuigfabrikanten. Dit platform moet alle belanghebbenden zonder onderscheid toegang bieden tot de voertuiginformatie.

Motivering

De toegang tot informatie is van groot belang voor de periodieke technische controle. Overeenkomstig de OBD-wetgeving moeten alle belanghebbenden zonder onderscheid toegang hebben tot de informatie.

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Op basis van dat onderzoek evalueert en presenteert de Commissie verschillende beleidsopties, waaronder de mogelijkheid om de vereiste van artikel 10 om bewijs af te geven te schrappen. Binnen een termijn van twee jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, brengt de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement verslag uit van het onderzoek en doet zij, indien passend, dit onderzoek vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.

Op basis van dat onderzoek dient de Commissie voorstellen in voor een grotere interoperabiliteit en normalisatie van elektronische documenten, de schrapping van de vereiste van artikel 10 om een bewijs van de controle af te geven, en de inrichting van een systeem om bij grensoverschrijdende verkopen informatie over de kilometerstanden tussen de lidstaten uit te wisselen. Binnen een termijn van twee jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, legt de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement een passend wetgevingsvoorstel voor.

Amendement  33

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 17 bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze verordening].

2. De in artikel 17 bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor een periode van vijf jaar met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze verordening]. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend verlengd met termijnen van dezelfde duur, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

Amendement  34

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis. De Commissie informeert het Europees Parlement regelmatig over de tenuitvoerlegging van de verordening en de gevolgen daarvan voor de interne markt en de industriële productie in de Unie.

Motivering

Deze bedrijfstak is van groot belang voor de Europese economie; een grotere transparantie en een intensievere controle zijn onontbeerlijk.

Amendement  35

Voorstel voor een verordening

Artikel 19 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat manipulatie van of knoeien met de kilometerteller wordt beschouwd als een strafbaar feit en wordt bestraft met doeltreffende, evenredige, afschrikkende en niet-discriminerende sancties.

Schrappen

Motivering

Straffen maken geen einde aan het vervalsen van kilometerstanden. De beschikbaarheid van informatie over de meest recente kilometerstandgegevens zou dat wellicht wel kunnen doen zonder dat er straffen of boetes worden opgelegd.

PROCEDURE

Titel

Periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens

Document- en procedurenummers

COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

TRAN

11.9.2012

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

ITRE

11.9.2012

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Krišjānis Kariņš

25.10.2012

Behandeling in de commissie

18.3.2013

 

 

 

Datum goedkeuring

25.4.2013

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

42

4

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean-Pierre Audy, Zigmantas Balčytis, Ivo Belet, Bendt Bendtsen, Fabrizio Bertot, Jan Březina, Reinhard Bütikofer, Maria Da Graça Carvalho, Giles Chichester, Jürgen Creutzmann, Pilar del Castillo Vera, Vicky Ford, Gaston Franco, Adam Gierek, Norbert Glante, Robert Goebbels, Fiona Hall, Jacky Hénin, Edit Herczog, Romana Jordan, Krišjānis Kariņš, Philippe Lamberts, Judith A. Merkies, Angelika Niebler, Jaroslav Paška, Aldo Patriciello, Vittorio Prodi, Teresa Riera Madurell, Michèle Rivasi, Jens Rohde, Paul Rübig, Amalia Sartori, Salvador Sedó i Alabart, Konrad Szymański, Britta Thomsen, Evžen Tošenovský, Catherine Trautmann, Ioannis A. Tsoukalas, Claude Turmes, Marita Ulvskog, Adina-Ioana Vălean, Kathleen Van Brempt, Alejo Vidal-Quadras

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Elisabetta Gardini, Jolanta Emilia Hibner, Bernd Lange, Vladimír Remek, Algirdas Saudargas, Silvia-Adriana Ţicău


ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming (27.5.2013)

aan de Commissie vervoer en toerisme

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG

(COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD))

Rapporteur voor advies: Malcolm Harbour

BEKNOPTE MOTIVERING

Het voorstel omvat bijgewerkte geharmoniseerde EU-voorschriften inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens die tot doel hebben de minimumnormen betreffende veiligheid en emissies voor periodieke technische controles te verbeteren. Het voorstel moet ertoe bijdragen dat het aantal dodelijke verkeersslachtoffers in de EU vóór 2020 met de helft wordt teruggedrongen, overeenkomstig de beleidsoriëntaties inzake de verkeersveiligheid van de EU. Verder beoogt het voorstel bij te dragen tot de vermindering van emissies die het gevolg zijn van slecht onderhoud van voertuigen.

Uw rapporteur steunt deze hoofddoelstellingen en steunt, gezien de verschillen tussen de praktijken van de lidstaten, eveneens een gerichte harmonisatie volgens het subsidiariteitsbeginsel. Derhalve betwijfelt hij of het instrument wel een verordening moet zijn, waardoor voor de lidstaten minder ruimte overblijft om de voorschriften nationaal aan te passen.

Voorts is uw rapporteur van mening dat de doelstelling om het aantal dodelijke verkeersslachtoffers terug te dringen moet worden verwezenlijkt met inachtneming van de evenredigheid en hij steunt dan ook aangepaste oplossingen die op degelijk feitenmateriaal zijn gebaseerd. Daarnaast wil hij de aandacht vestigen op de onzekerheden waarop de afdeling Effectbeoordeling van het Europees Parlement de nadruk heeft gelegd, namelijk dat er geen enkel bewijs lijkt te bestaan voor het uitgangspunt dat betere en frequentere technische controles zouden leiden tot minder technische gebreken bij voertuigen.

Uw rapporteur merkt tevens op dat het toepassingsgebied is uitgebreid ten opzichte van dat van Richtlijn 2009/40/EG en nu nieuwe categorieën voertuigen omvat, in het bijzonder gemotoriseerde twee- en driewielers, lichte aanhangwagens tot 3,5 ton en trekkers met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 40 km/u. In het voorstel wordt ook de frequentie verhoogd van de controles van oudere voertuigen of voertuigen die een groot aantal kilometers hebben afgelegd.

Uw rapporteur heeft geen wijzigingen voorgesteld in verband met de vorm of het toepassingsgebied van het wetgevingsvoorstel, noch aangaande de duur van de controles, omdat dit kwesties zijn waarover de bevoegde commissie zich dient te buigen. In plaats daarvan heeft hij besloten zijn wijzigingen toe te spitsen op zaken die verband houden met de interne markt. Vanuit het oogpunt van IMCO behoren tot de meest relevante kwesties:

1.  Het vaststellen van de definitie van "technische controle"

Uw rapporteur stelt een amendement voor ter wijziging van de definitie van een technische controle. De huidige definitie zou misbruikt kunnen worden om de grensoverschrijdende concurrentie in de handel in tweedehands voertuigen te beperken. Meer bepaald schept de definitie van de Commissie juridische onzekerheid omdat hierin, in een algemene definitie, de vereiste wordt herhaald om de controles volgens algemene criteria voor typegoedkeuring uit te voeren, terwijl de relevante criteria voor typegoedkeuring reeds zijn gespecificeerd in de bijlagen. Dit betekent dat alle onderdelen van een voertuig mogelijk kunnen worden gecontroleerd, aangezien voor alle voertuigonderdelen een veiligheidsaspect kan worden onderscheiden. Het dient alleen relevant te zijn om de onderdelen waarvoor typegoedkeuring is verleend, op veiligheid en emissies te controleren. De vrees bestaat dat sommige actoren deze lacune in de wet mogelijk zullen benutten om de binnenlandse markt voor gebruikte voertuigen te beschermen en voertuigen zonder goede reden af te keuren.

2.  Maatregelen om fraude met de kilometerstand op te sporen en te voorkomen

Van alle producten krijgen tweedehands auto's op het scorebord voor de consumentenmarkten voor het derde achtereenvolgende jaar de laagste marktprestatiescore en, in het bijzonder, de laagste positie wat het vertrouwen betreft. Bijgevolg stelt uw rapporteur aangescherpte maatregelen voor om fraude met de kilometerstand te bestrijden door het toepassingsgebied van het elektronisch voertuiginformatieplatform uit te breiden teneinde te garanderen dat alle kilometerstanden van voertuigen zijn opgenomen in een webplatform. Bovendien vreest uw rapporteur dat het voorstel van de Commissie elke correctie aan een kilometerteller verbiedt, met inbegrip van de aanpassingen naar boven waarmee voorkomen zou worden dat de voertuigen in kwestie een onnodig verminderde markwaarde overhouden.

3.  Toegang tot de resultaten van technische controles in nationale registers, toegang tot technische informatie en minimumvereisten voor controleapparatuur

In de verordening wordt de mogelijkheid gepresenteerd om een op het niveau van de EU geharmoniseerd systeem voor de uitwisseling van gegevens op te zetten, waardoor centra voor periodieke technische controles door de gehele EU toegang krijgen tot reparatie- en onderhoudsinformatie van voertuigen. Uw rapporteur is echter van mening dat de toegang tot deze informatie niet moet worden beperkt tot bevoegde instanties en centra voor periodieke technische controles. Teneinde een gelijk speelveld te waarborgen, stelt hij voor om ook de fabrikanten van werkplaatsapparatuur toegang te geven, aangezien dit hen in staat stelt om concurrerende en doeltreffende controleapparatuur te produceren. Daarnaast stelt uw rapporteur voor toestemming te verlenen voor het aanwenden van alternatieve controleprocedures die essentieel kunnen zijn om het op kostenbesparende wijze controleren van moeilijk te controleren voertuigen te vergemakkelijken.

4.  Vrijstellingen

Uw rapporteur is ingenomen met de vrijstelling voor "motorvoertuigen van historisch belang". Hij vindt echter dat de definitie te weinig vrijheid laat en adviseert in plaats daarvan te voorzien in een basisvereiste voor de leeftijd. Verder stelt hij voor dat de lidstaten de vrijheid behouden om voertuigen in overeenstemming met de gangbare praktijk vrij te stellen van de verordening.

5.  Wederzijdse erkenning

Technische controles hangen samen met de herinschrijving van motorvoertuigen, gegeven dat een grotere EU-harmonisatie op het gebied van periodieke technische controles de herinschrijving uit de ene lidstaat in een andere moet vereenvoudigen. Bijgevolg heeft uw rapporteur een nieuw voorstel gedaan waarin wordt bepaald dat de wederzijdse erkenning van technische certificaten door de gehele Unie verplicht wordt gesteld.

6.  Beoordeling en toezicht

Teneinde de interne markt verder te versterken, heeft uw rapporteur ook een evaluatieclausule opgenomen om vijf jaar na de goedkeuring van dit voorstel een onderzoek te doen naar de mogelijkheden om de uitwisseling van gegevens betreffende de resultaten van periodieke technische controles tussen de lidstaten gemakkelijker te maken.

AMENDEMENTEN

De Commissie interne markt en consumentenbescherming verzoekt de ten principale bevoegde Commissie vervoer en toerisme onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Titel 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voorstel voor een

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG

betreffende de periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst)

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) In de Unie is een aantal technische normen en eisen met betrekking tot de veiligheid van voertuigen aangenomen. Er moet echter voor worden gezorgd, door middel van een regime van periodieke technische controles, dat voertuigen, nadat zij op de markt zijn gekomen, gedurende hun hele levensduur aan de veiligheidsnormen blijven voldoen. Dit regime moet van toepassing zijn op de categorieën van voertuigen als omschreven in Richtlijn 2002/24/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 maart 2002 betreffende de goedkeuring van twee- of driewielige motorvoertuigen en de intrekking van Richtlijn 92/61/EEG van de Raad, Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd en Richtlijn 2003/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- of bosbouwtrekkers en aanhangwagens, verwisselbare getrokken machines, systemen, onderdelen en technische eenheden daarvan en tot intrekking van Richtlijn 74/150/EEG van de Raad.

(4) In de Unie is een aantal technische normen en eisen met betrekking tot de veiligheid van voertuigen aangenomen. Er moet echter voor worden gezorgd, door middel van een regime van periodieke technische controles, dat voertuigen, nadat zij op de markt zijn gekomen, gedurende hun hele levensduur aan de veiligheidsnormen blijven voldoen. De lidstaten zouden nationale eisen kunnen invoeren betreffende de technische controle van de categorieën van voertuigen als omschreven in Verordening 2013/168/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 betreffende de goedkeuring van en het markttoezicht op twee- of driewielige voertuigen en vierwielers. Dit regime moet van toepassing zijn op de categorieën van voertuigen als omschreven in Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd en Richtlijn 2003/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- of bosbouwtrekkers en aanhangwagens, verwisselbare getrokken machines, systemen, onderdelen en technische eenheden daarvan en tot intrekking van Richtlijn 74/150/EEG van de Raad.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) Er bestaat een duidelijke correlatie tussen de verkeersveiligheid en het aantal technische gebreken van voertuigen. In 2009 zijn op de Europese wegen 35 000 dodelijke verkeersslachtoffers gevallen. Aangenomen dat technische gebreken in even sterke mate bijdragen tot het aantal dodelijke verkeersslachtoffers als tot het aantal verkeersongevallen, kunnen meer dan 2 000 dodelijke verkeersslachtoffers in de Unie in verband worden gebracht met technische gebreken van voertuigen. Op basis van de beschikbare studies hadden tussen de 900 en 1 100 hiervan kunnen worden voorkomen indien het systeem van technische controles op adequate wijze was verbeterd.

(5) Er wordt vermoed dat er een correlatie bestaat tussen de verkeersveiligheid en technische gebreken van voertuigen. In 2009 zijn op de Europese wegen 35 000 dodelijke verkeersslachtoffers gevallen. Een passende verbetering van het systeem van technische controles kan ertoe bijdragen het aantal dodelijke verkeersslachtoffers tot een minimum te beperken.

Motivering

De wetenschappelijke stelling valt te betwijfelen. Volgens onderzoek van de politie in Duitsland wordt de invloed van technische gebreken van het voertuig op de gevolgen van het ongeval veel kleiner geschat.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) Een groot deel van de totale emissies in het wegvervoer, met name van CO2, is afkomstig van een minderheid van de voertuigen, namelijk voertuigen met een slecht werkend emissiebeheersingssysteem. Geschat wordt dat 5 % van alle voertuigen verantwoordelijk is voor 25 % van alle verontreinigende emissies. Een regime van periodieke technische controles zal daarom ook bijdragen tot een beter milieu door het terugdringen van de gemiddelde emissies van voertuigen.

(6) Een groot deel van de totale emissies in het wegvervoer, met name van CO2, is afkomstig van een minderheid van de voertuigen, namelijk voertuigen met een slecht werkend emissiebeheersingssysteem. Geschat wordt dat 5 % van alle voertuigen verantwoordelijk is voor 25 % van alle verontreinigende emissies.

 

Dit geldt ook voor een toename van het aantal fijne deeltjes en de NOx-emissies van moderne ontwerpen van motoren die een uitgebreidere emissiecontrole vereisen, met inbegrip van een elektronische controle van de integriteit en functionaliteit van het eigendiagnosesysteem (OBD-systeem), gekeurd via bestaande uitlaatpijptests, om te zorgen voor een volledige en accurate emissiesysteemtest, aangezien enkel OBD geen betrouwbare test is.

 

Een regime van periodieke technische controles zal daarom ook bijdragen tot een beter milieu door het terugdringen van de gemiddelde emissies van voertuigen.

Motivering

OBD is geen gegarandeerde emissiebeoordelingsmethode; daarom moet een controle worden verricht door de emissie uit de uitlaatpijp te meten.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Uit betrouwbare onderzoeksresultaten blijkt dat 8 % van de ongevallen waarbij motorfietsen zijn betrokken, wordt veroorzaakt door of verband houdt met technische gebreken. Motorrijders vormen de groep weggebruikers met het hoogste veiligheidsrisico, waarbij een stijgende trend in het aantal dodelijke slachtoffers waarneembaar is. Bromfietsbestuurders zijn oververtegenwoordigd in de statistieken van dodelijke verkeersslachtoffers: in 2008 vonden op de Europese wegen 1 400 bromfietsbestuurders de dood. De categorie van voertuigen die technische controles moeten ondergaan, wordt daarom uitgebreid tot de groep weggebruikers met het hoogste risico, de gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen.

Schrappen

Motivering

Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel moet de mogelijkheid om de technische controle ook toe te passen op gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen aan de beoordeling van de lidstaten worden overgelaten. Overigens stroken de gegevens van de Europese Commissie betreffende verkeersongevallen met twee- en driewielige voertuigen niet met eerder uitgevoerde onderzoeken.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) Technische controles zijn een soevereine activiteit en moeten derhalve worden verricht door de lidstaten of door lichamen onder hun toezicht waaraan deze taak is toevertrouwd. De lidstaten moeten in alle gevallen verantwoordelijk blijven voor de technische controles, ook als het nationale systeem het verlenen van een vergunning aan particuliere lichamen toestaat, met inbegrip van lichamen die reparaties verrichten.

(10) Technische controles zijn een soevereine activiteit en moeten derhalve worden verricht door de lidstaten of door lichamen onder hun toezicht waaraan deze taak is toevertrouwd. De lidstaten moeten in alle gevallen verantwoordelijk blijven voor de organisatie van de technische controles, ook als het nationale systeem het verlenen van een vergunning aan particuliere lichamen toestaat, met inbegrip van lichamen die reparaties verrichten.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Om een hoog niveau van controle in de hele Unie te verwezenlijken, moeten de voor de controles te gebruiken controleapparatuur en het onderhoud en de ijking daarvan op het niveau van de Unie worden gespecificeerd.

(12) Om een hoog niveau van controle in de hele Unie te verwezenlijken, moeten de voor de controles te gebruiken controleapparatuur en het onderhoud en de ijking daarvan op het niveau van de Unie worden gespecificeerd. Er moeten stimulansen worden gecreëerd voor innovaties op het gebied van controlesystemen, -procedures en -apparatuur om zo verdere kostenreducties en een beter gebruik te bewerkstelligen.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) De resultaten van de technische controles mogen niet worden gewijzigd voor commerciële doeleinden. Alleen indien de bevindingen van de door een controleur verrichte technische controle duidelijk niet correct zijn, moet het toezichthoudende orgaan bevoegd zijn om de resultaten van een technische controle te wijzigen.

(14) De resultaten van de technische controles mogen niet worden gewijzigd voor commerciële doeleinden. Alleen indien de bevindingen van de door een controleur verrichte technische controle duidelijk niet correct zijn, moet het toezichthoudende orgaan bevoegd zijn om de resultaten van een technische controle te wijzigen en de passende sancties op te leggen aan het orgaan dat het certificaat heeft afgegeven.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 22

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(22) Na elke controle moet een technisch certificaat worden afgegeven dat onder meer informatie over de identiteit van het voertuig en de resultaten van de controle moet bevatten. Met het oog op een behoorlijke follow-up van technische controles moeten de lidstaten deze informatie in een gegevensbank verzamelen en bewaren.

(22) Teneinde een goede follow-up van de resultaten van de controle te garanderen, moet na elke controle een technisch certificaat worden afgegeven dat ook in elektronische vorm moet worden opgesteld, met hetzelfde detailleringsniveau als het originele technische certificaat ten aanzien van de identiteit van het voertuig en de resultaten van de controle. Bovendien moeten de lidstaten deze informatie in een centrale gegevensbank verzamelen en bewaren om ervoor te zorgen dat de echtheid van de resultaten van de periodieke technische controles gemakkelijk kan worden geverifieerd.

Motivering

Technische certificaten moeten nu zowel gedrukt als elektronisch worden geleverd om vervalsing en geknoei te vermijden. Daarnaast maakt dit de gegevensuitwisseling gemakkelijker, wat de ontwikkeling van het elektronisch voertuiginformatieplatform mogelijk maakt.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23) Geschat wordt dat bij 5 % tot 12 % van de verkochte tweedehandsauto's fraude met de kilometerstand wordt gepleegd, wat leidt tot hoge kosten voor de samenleving, ter waarde van meerdere miljarden euro per jaar, en een onjuiste beoordeling van de technische toestand van voertuigen. In het kader van de bestrijding van fraude met de kilometerstand zal het vastleggen van de kilometerstand in het technisch certificaat, in combinatie met de verplichting om het certificaat van eerdere controles te tonen, het gemakkelijker maken om geknoei met of manipulatie van de kilometerteller te ontdekken. Fraude met de kilometerstand moet ook systematischer als een strafbaar feit worden beschouwd.

(23) Geschat wordt dat bij 5 % tot 12 % van de verkochte tweedehandsauto's fraude met de kilometerstand wordt gepleegd, wat leidt tot hoge kosten voor de samenleving, ter waarde van meerdere miljarden euro per jaar, en een onjuiste beoordeling van de technische toestand van voertuigen. In het kader van de bestrijding van fraude met de kilometerstand zal het vastleggen van de kilometerstand in het technisch certificaat, in combinatie met de verplichting om het certificaat van eerdere controles te tonen, het gemakkelijker maken om geknoei met of manipulatie van de kilometerteller te ontdekken en het zou bovendien de werking van de interne markt met betrekking tot de grensoverschrijdende handel in tweedehands auto's verbeteren. Sterker nog, in de achtste editie van het scorebord voor de consumentenmarkten "Markten voor de consument laten werken" van december 2012 kreeg dit marktsegment de laagste score voor de marktprestaties en in het bijzonder de laagste positie wat het vertrouwen betreft. Fraude met de kilometerstand moet ook systematischer als een strafbaar feit worden beschouwd.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Overweging 26

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(26) Met het oog op de aanvulling van deze verordening met nadere technische details moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan de Commissie worden gedelegeerd om rekening te houden met de ontwikkeling van de EU-wetgeving inzake typegoedkeuring van voertuigcategorieën en de noodzaak om de bijlagen bij te werken in het licht van de technische vooruitgang. Het is van bijzonder belang dat de Commissie tijdens de voorbereiding passend overleg pleegt, onder meer met deskundigen. De Commissie dient er bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen voor te zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en de Raad.

(26) Met het oog op de aanvulling van deze richtlijn met nadere technische details moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan de Commissie worden gedelegeerd om rekening te houden met de ontwikkeling van de EU-wetgeving inzake typegoedkeuring van voertuigcategorieën en de noodzaak om de bijlagen bij te werken in het licht van de technische vooruitgang. Het is van bijzonder belang dat de Commissie tijdens de voorbereiding passend overleg pleegt, onder meer met deskundigen. De Commissie dient er bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen voor te zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en de Raad.

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Overweging 27

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(27) Om eenvormige voorwaarden voor de tenuitvoerlegging van deze verordening te waarborgen, moeten uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie worden toegekend. Deze bevoegdheden moeten worden uitgeoefend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren.

(27) Om eenvormige voorwaarden te waarborgen voor de uitvoering van deze richtlijn, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend. Deze bevoegdheden moeten worden uitgeoefend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren.

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Overweging 29

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(29) Aangezien de doelstelling van deze verordening, namelijk de vaststelling van gemeenschappelijke minimumvoorschriften voor de uitvoering van de technische controles van voertuigen binnen de Unie, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en derhalve beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie maatregelen vaststellen overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie bedoelde subsidiariteitsbeginsel. Overeenkomstig het evenredigheidsbeginsel als bedoeld in genoemd artikel gaat deze verordening niet verder dan hetgeen noodzakelijk is om deze doelstellingen te bereiken.

(29) Aangezien de doelstelling van deze richtlijn, namelijk de vaststelling van gemeenschappelijke minimumvoorschriften voor de uitvoering van de technische controles van voertuigen binnen de Unie, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en derhalve beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie maatregelen vaststellen overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie bedoelde subsidiariteitsbeginsel. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan hetgeen nodig is om deze doelstelling te bereiken.

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Overweging 30

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(30) Deze verordening eerbiedigt de grondrechten en neemt de beginselen in acht die met name door het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie worden erkend, zoals bedoeld in artikel 6 van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

Schrappen

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Overweging 31

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(31) Deze verordening actualiseert de technische voorschriften van Richtlijn 2009/40/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 betreffende de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en breidt het toepassingsgebied daarvan uit om met name ook het opzetten van controlecentra en hun toezichthoudende organen te omvatten, evenals de aanwijzing van controleurs aan wie de uitvoering van de technische controles wordt toevertrouwd. Deze richtlijn moet derhalve worden ingetrokken. Voorts integreert deze verordening de voorschriften die zijn vervat in Aanbeveling 2010/378/EU van de Commissie van 5 juli 2010 inzake de beoordeling van gebreken die worden vastgesteld tijdens technische controles overeenkomstig Richtlijn 2009/40/EG teneinde de voor de technische controle gebruikte methoden beter te reguleren.

(31) Deze richtlijn actualiseert de technische voorschriften van Richtlijn 2009/40/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 betreffende de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en breidt het toepassingsgebied daarvan uit om met name ook het opzetten van controlecentra en hun toezichthoudende organen te omvatten, evenals de aanwijzing van controleurs aan wie de uitvoering van de technische controles wordt toevertrouwd. Deze richtlijn moet derhalve worden ingetrokken. Voorts integreert deze richtlijn de voorschriften die zijn vervat in Aanbeveling 2010/378/EU van de Commissie van 5 juli 2010 inzake de beoordeling van gebreken die worden vastgesteld tijdens technische controles overeenkomstig Richtlijn 2009/40/EG teneinde de voor de technische controle gebruikte methoden beter te reguleren.

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze verordening stelt een regime van periodieke technische controles van voertuigen vast.

Deze richtlijn stelt een regime van periodieke technische controles van voertuigen vast, die worden uitgevoerd op basis van technische minimumnormen en -voorschriften om een hoog niveau van veiligheid op de weg en milieubescherming te waarborgen.

Motivering

Een richtlijn stelt gemeenschappelijke minimumnormen voor periodieke technische controles vast, maar houdt tegelijkertijd rekening met de verschillen tussen de lidstaten. Hogere technische normen en vereisten zijn toegestaan.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Deze verordening is van toepassing op voertuigen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 25 km/h in de volgende categorieën, als bedoeld in Richtlijn 2002/24/EG, Richtlijn 2007/46/EG en Richtlijn 2003/37/EG:

1. Deze richtlijn is van toepassing op voertuigen met een door het ontwerp bepaalde maximumsnelheid van meer dan 25 km/h in de volgende categorieën, als bedoeld in Verordening 2013/168/EU, Richtlijn 2007/46/EG en Richtlijn 2003/37/EG:

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – streepje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– twee- en driewielige motorvoertuigen – voertuigcategorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e;

Schrappen

Motivering

Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel moet de mogelijkheid om de technische controle ook toe te passen op gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen aan de beoordeling van de lidstaten worden overgelaten. Overigens stroken de gegevens van de Europese Commissie betreffende verkeersongevallen met twee- en driewielige voertuigen niet met eerder uitgevoerde onderzoeken.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Deze verordening is niet van toepassing op:

2. Deze richtlijn is niet van toepassing op:

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – alinea 1 (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

twee- en driewielige motorvoertuigen – voertuigcategorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e;

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De lidstaten kunnen nationale voorschriften invoeren met betrekking tot de technische controle van de in lid 2 bedoelde en op hun grondgebied ingeschreven voertuigen.

3. De lidstaten kunnen nationale voorschriften invoeren met betrekking tot de technische controle van de in lid 1 (streepje 7) en lid 2 bedoelde en op hun grondgebied ingeschreven voertuigen.

Motivering

Dit amendement is een automatisch gevolg van de omzetting van de verordening in een richtlijn. Desalniettemin is het van belang dit in dit stadium nadrukkelijk te vermelden. Lidstaten die technische controles hebben, moeten in staat worden gesteld deze te handhaven. Lidstaten die geen technische controles hebben moeten niet worden verplicht dit soort tests in te voeren.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voor de toepassing van deze verordening gelden de volgende definities:

Voor de toepassing van deze richtlijn gelden de volgende definities:

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) "twee- of driewielig motorvoertuig": een door een motor aangedreven voertuig op wielen met of zonder zijspan, drie- en vierwielers;

Schrappen

Motivering

Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel moet de mogelijkheid om de technische controle ook toe te passen op gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen aan de beoordeling van de lidstaten worden overgelaten. Overigens stroken de gegevens van de Europese Commissie betreffende verkeersongevallen met twee- en driewielige voertuigen niet met eerder uitgevoerde onderzoeken.

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 7 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) "voertuig van historisch belang": elk voertuig dat aan de volgende voorwaarden voldoet:

(7) "voertuig van historisch belang": elk voertuig dat ten minste dertig jaar geleden werd vervaardigd of voor het eerst werd geregistreerd en dat door de bevoegde voertuiginschrijvingsinstantie van de lidstaat als historisch wordt beschouwd.

Motivering

De definitie van de Commissie van een voertuig van historisch belang is onnodig gedetailleerd en zou tot gevolg hebben dat veel voertuigen ten onrechte binnen het toepassingsgebied van de verordening zouden vallen. Een eenvoudige leeftijdseis waarbij een nadere specificatie aan de instanties van de lidstaat wordt overgelaten, biedt voldoende flexibiliteit en is in overeenstemming met de gangbare praktijk.

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 7 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– het is ten minste dertig jaar geleden vervaardigd;

Schrappen

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 7 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– het wordt onderhouden door middel van reserveonderdelen die het historische onderdeel van het voertuig reproduceren;

Schrappen

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 7 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– de technische kenmerken van de belangrijkste onderdelen, zoals de motor, het remsysteem, de stuurinrichting of de ophanging, hebben geen veranderingen ondergaan; en

Schrappen

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 7 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– het uiterlijk is niet veranderd;

Schrappen

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – punt 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) "technische controle": een controle om vast te stellen of de onderdelen van een voertuig nog voldoen aan de toepasselijke veiligheids- en milieukenmerken die van kracht waren ten tijde van de goedkeuring, de eerste inschrijving of de ingebruikneming, evenals ten tijde van de installatie van onderdelen op bestaande voertuigen;

(9) "technische controle": een inspectie overeenkomstig bijlage II en III van deze verordening om na te gaan of een voertuig veilig kan worden gebruikt op de openbare weg en aan de vereiste milieukenmerken voldoet;

Motivering

De definitie van de Commissie schept juridische onzekerheid omdat hierin, in een algemene definitie, de vereiste wordt herhaald om de controles volgens algemene criteria voor typegoedkeuring uit te voeren, terwijl de relevante criteria voor typegoedkeuring (ten behoeve van de controle op veiligheid en emissies) reeds zijn gespecificeerd in de bijlagen van deze verordening. Zonder deze wijziging zou elk voertuigonderdeel waarvoor typegoedkeuring is verleend, geselecteerd kunnen worden voor veiligheidscontroles, waardoor voertuigen mogelijk onnodig worden afgekeurd.

Amendement  30

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Motorvoertuigen en aanhangwagens worden periodiek gecontroleerd overeenkomstig deze verordening in de lidstaat waar ze zijn ingeschreven.

1. Motorvoertuigen en aanhangwagens worden periodiek gecontroleerd overeenkomstig deze richtlijn in de lidstaat waar ze zijn ingeschreven.

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  31

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Fabrikanten van voertuigen bieden de controlecentra, of, indien relevant, de bevoegde instantie, toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie die nodig is voor het verrichten van technische controles. De Commissie stelt nadere regels vast voor de procedures inzake de toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 16, lid 2.

3. Fabrikanten van voertuigen bieden de controlecentra, de fabrikanten van controleapparatuur en, indien relevant, de bevoegde instanties en de onafhankelijke marktdeelnemers die voorzien in reparatie, periodieke beurten en onderhoud van voertuigen, toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie die nodig is voor het verrichten van technische controles. De Commissie stelt nadere regels vast voor de procedures inzake de toegang tot de in bijlage I bedoelde technische informatie overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 16, lid 2.

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorieën L1e, L2e, L3e, L4e, L5e, L6e en L7e: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, vervolgens na twee jaar en daarna elk jaar;

Schrappen

Motivering

Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel moet de mogelijkheid om de technische controle ook toe te passen op gemotoriseerde twee- en driewielige voertuigen aan de beoordeling van de lidstaten worden overgelaten. Overigens stroken de gegevens van de Europese Commissie betreffende verkeersongevallen met twee- en driewielige voertuigen niet met eerder uitgevoerde onderzoeken.

Amendement  33

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, vervolgens na twee jaar en daarna elk jaar;

– voertuigen van de categorieën M1, N1 en O2: vier jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en vervolgens uiterlijk om de twee jaar;

Amendement  34

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– voertuigen van de categorie M1 die zijn ingeschreven als taxi of ambulance, voertuigen van de categorieën M2, M3, N2, N3, T5, O3 en O4: een jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en daarna jaarlijks.

– voertuigen van de categorie M1 die zijn ingeschreven als taxi of ambulance, voertuigen van de categorieën M2, M3, N2, N3, T5, O3 en O4: twee jaar na de datum waarop het voertuig voor het eerst is ingeschreven, en daarna uiterlijk om de twee jaar.

Motivering

Technische mankementen worden alleen ontdekt door uitgebreidere controles uit te voeren; indien een controle slechts oppervlakkig is, heeft de verhoging van de frequentie geen zin. Een groter aantal controles heeft geen noemenswaardig effect.

Amendement  35

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Wanneer een voertuig van de categorie M1 of N1 een kilometerstand van 160 000 km heeft bereikt bij de eerste technische controle nadat het voertuig voor het eerst is ingeschreven, wordt het daarna jaarlijks aan een technische controle onderworpen.

Schrappen

Motivering

Het valt te betwijfelen of er een verband bestaat tussen de afgelegde kilometers of de leeftijd van voertuigen en een gebrek aan verkeersveiligheid. Oudere voertuigen zijn niet vaker bij ongevallen betrokken dan nieuwe voertuigen.

Amendement  36

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. In weerwil van de datum van de laatste technische controle kan de bevoegde instantie in de volgende gevallen eisen dat een voertuig vóór de in de leden 1 en 2 bedoelde datum aan een technische controle of een aanvullende controle wordt onderworpen:

4. In weerwil van de datum van de laatste technische controle kan de bevoegde instantie in de volgende gevallen eisen dat een voertuig vóór de in de leden 1 en 2 bedoelde datum aan een technische controle of een aanvullende controle wordt onderworpen:

na een ongeval met ernstige schade aan de voornaamste veiligheidsgerelateerde onderdelen van het voertuig, zoals de wielen, de ophanging, kreukelzones, de stuurinrichting of het remsysteem;

na een ongeval met ernstige schade aan de voornaamste veiligheidsgerelateerde onderdelen van het voertuig, zoals de wielen, de ophanging, kreukelzones, de stuurinrichting of het remsysteem;

wanneer de veiligheids- en milieusystemen en -onderdelen van het voertuig zijn veranderd of gewijzigd;

wanneer de veiligheids- en milieusystemen en -onderdelen van het voertuig zijn veranderd of gewijzigd;

wanneer de houder van het kentekenbewijs van het voertuig het kentekenbewijs overdoet aan een andere houder.

 

Motivering

Dit wetsvoorstel is erop gericht technische controles te verbeteren. Er bestaat geen gegronde reden om plotseling te vermoeden dat er sprake is van een technisch mankement wanneer het voertuig van eigenaar wisselt.

Amendement  37

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 4 – alinea 1 (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

na een verkeerscontrole;

Amendement  38

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het controlecentrum dat, of, indien relevant, de bevoegde instantie die, een technische controle van een voertuig heeft verricht, geeft een elektronisch technisch certificaat voor dat voertuig af dat ten minste de elementen van bijlage IV omvat.

1. Het controlecentrum dat, of, indien relevant, de bevoegde instantie die, een technische controle van een voertuig heeft verricht, geeft een technisch certificaat voor dat voertuig af dat ook in elektronische vorm beschikbaar is en dat ten minste de elementen van bijlage IV omvat.

Amendement  39

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het controlecentrum of, indien relevant, de bevoegde instantie verstrekt de persoon die het voertuig voor een controle heeft gebracht het technisch certificaat of, in geval van een elektronisch technisch certificaat, een naar behoren gecertificeerde gedrukte versie van het certificaat.

2. Het controlecentrum of, indien relevant, de bevoegde instantie verstrekt, zodra de tekst naar behoren is opgesteld, de persoon die het voertuig voor een controle heeft gebracht een technisch certificaat of stelt, in geval van een technisch certificaat in elektronische vorm, een gedrukte versie van de controleresultaten beschikbaar.

Amendement  40

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Wanneer een inschrijvingsinstantie een aanvraag voor de herinschrijving van een voertuig ontvangt en het voertuig afkomstig is uit een andere lidstaat, dan moet zij het technisch certificaat van het voertuig erkennen als de geldigheid ervan is bevestigd op het tijdstip van de herinschrijving. De erkenning wordt verleend voor dezelfde periode als de oorspronkelijke geldigheidsduur van het certificaat, behalve wanneer de oorspronkelijke geldigheidsduur van het certificaat langer is dan de maximale wettelijke duur in de lidstaat waar het voertuig opnieuw wordt ingeschreven. In dat geval wordt de geldigheidsduur naar beneden aangepast en berekend vanaf de datum waarop het oorspronkelijke technische certificaat voor het voertuig is afgegeven. Vóór de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, delen de lidstaten aan elkaar mede welke vorm van het technisch certificaat hun respectieve bevoegde instanties erkennen en maken zij de instructies bekend voor het controleren van de echtheid ervan.

Motivering

Teneinde de herinschrijving van motorvoertuigen door de gehele Unie gemakkelijker te maken, wordt middels dit amendement een systeem ingevoerd voor de wederzijdse erkenning van technische certificaten tussen de lidstaten, ingaande op de datum waarop deze verordening van toepassing wordt.

Amendement  41

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening en uiterlijk drie jaar daarna delen de controlecentra de in de door hen afgegeven technische certificaten vermelde informatie langs elektronische weg mee aan de bevoegde instantie van de lidstaat. Deze mededeling geschiedt binnen een redelijke termijn na de afgifte van de technische certificaten. Tot deze datum kunnen de controlecentra deze informatie via andere kanalen aan de bevoegde instantie meedelen. De bevoegde instantie bewaart deze informatie gedurende 36 maanden vanaf de datum van ontvangst.

3. Met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn en uiterlijk drie jaar daarna delen de controlecentra de in de door hen afgegeven technische certificaten vermelde informatie langs elektronische weg mee aan de bevoegde instantie van de lidstaat. Deze mededeling geschiedt binnen een redelijke termijn na de afgifte van de technische certificaten. Tot deze datum kunnen de controlecentra deze informatie via andere kanalen aan de bevoegde instantie meedelen. De bevoegde instantie bewaart deze informatie gedurende 36 maanden vanaf de datum van ontvangst in een centrale gegevensbank.

Motivering

Dit amendement is bedoeld om de uitwisseling van informatie gemakkelijker te maken, waardoor de ontwikkeling van het elektronisch voertuigenplatform mogelijk wordt.

Amendement  42

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. De resultaten van de technische controle worden meegedeeld aan de inschrijvingsautoriteit van het voertuig. Deze kennisgeving dient de in het technisch certificaat vermelde informatie te bevatten.

5. De resultaten van de technische controle worden onverwijld meegedeeld aan de inschrijvingsautoriteit van het voertuig. Deze kennisgeving dient de in het technisch certificaat vermelde informatie te bevatten.

Amendement  43

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Controleurs die op de datum waarop deze verordening van toepassing wordt in dienst zijn bij bevoegde instanties van de lidstaat of een controlecentrum worden vrijgesteld van de in bijlage VI, punt 1, neergelegde vereisten. De lidstaten geven aan deze controleurs een gelijkwaardig certificaat af.

3. Controleurs die op de datum waarop deze richtlijn van toepassing wordt in dienst zijn bij bevoegde instanties van de lidstaat of een controlecentrum worden vrijgesteld van de in bijlage VI, punt 1, neergelegde vereisten. De lidstaten geven aan deze controleurs een gelijkwaardig certificaat af.

Motivering

Een verordening is in dit geval niet de juiste rechtshandeling. Het met deze wet nagestreefde doel, te weten het aantal verkeersongevallen door middel van regelmatige technische controle tot een minimum te beperken, kan ook worden bereikt met een juridisch instrument dat minder ingrijpend is voor het nationaal recht. De stelling die aan dit voorstel ten grondslag ligt, valt te betwijfelen. Aangezien deze twijfel niet kan worden weggenomen, verdient een richtlijn als evenrediger instrument de voorkeur.

Amendement  44

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De lidstaten wijzen een nationaal contactpunt aan dat verantwoordelijk is voor de uitwisseling van informatie met de andere lidstaten en de Commissie met betrekking tot de toepassing van deze verordening.

1. De lidstaten wijzen een nationaal contactpunt aan dat verantwoordelijk is voor de uitwisseling van informatie met de andere lidstaten en de Commissie met betrekking tot de toepassing van deze richtlijn.

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  45

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De lidstaten delen de Commissie uiterlijk [een jaar na de inwerkingtreding van deze verordening] de namen en contactgegevens van hun nationale contactpunt mee en stellen de Commissie onverwijld in kennis van eventuele wijzigingen daarvan. De Commissie stelt een lijst op van alle nationale contactpunten en bezorgt deze aan de lidstaten.

2. De lidstaten delen de Commissie uiterlijk [een jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] de namen en contactgegevens van hun nationale contactpunt mee en stellen de Commissie onverwijld in kennis van eventuele wijzigingen daarvan. De Commissie stelt een lijst op van alle nationale contactpunten en bezorgt deze aan de lidstaten.

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  46

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie onderzoekt de haalbaarheid, de kosten en de baten van de inrichting van een elektronisch voertuiginformatieplatform voor de uitwisseling van informatie met betrekking tot technische controles tussen de bevoegde instanties van lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de controles, de inschrijving en de goedkeuring van het voertuig, de controlecentra en de voertuigfabrikanten.

1. Na grondig onderzoek van de kosten en de baten, met inbegrip van een beoordeling van de verbeteringen op het gebied van veiligheid van voertuigen en voertuigcontroles, en uitsluitend als de kosten-batenanalyse een positief resultaat oplevert, doet de Commissie een voorstel voor een elektronisch voertuiginformatieplatform ter vergemakkelijking van de toegang tot informatie over de resultaten van technische voertuigcontroles, de kilometerstand en informatie over de inschrijving van een voertuig, voor de bevoegde instanties van lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de controles, de inschrijving en de goedkeuring van het voertuig, de controlecentra en de voertuigfabrikanten, de fabrikanten van controle- en meetapparatuur en andere onafhankelijke marktdeelnemers.

Amendement  47

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Op basis van dat onderzoek evalueert en presenteert de Commissie verschillende beleidsopties, waaronder de mogelijkheid om de vereiste van artikel 10 om bewijs af te geven te schrappen. Binnen een termijn van twee jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, brengt de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement verslag uit van het onderzoek en doet zij, indien passend, dit onderzoek vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.

2. Indien de kosten-batenanalyse geen duidelijk of een negatief resultaat oplevert, onderzoekt de Commissie niettemin de haalbaarheid en, in voorkomend geval, stelt zij een methode voor om deze toegang tot gegevens en informatie te vergemakkelijken en presenteert zij verschillende beleidsopties, waaronder de mogelijkheid om de vereiste van artikel 10 om bewijs af te geven te schrappen.

Amendement  48

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. In beide gevallen houdt de Commissie rekening met bestaande IT-oplossingen en elektronische platforms voor algemeen beschikbare gegevens en informatie.

Amendement  49

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter. Binnen een termijn van twee jaar na de datum waarop deze richtlijn van toepassing wordt, brengt de Commissie aan het Europees Parlement en aan de Raad verslag uit en doet zij, in voorkomend geval, dit verslag vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.

Amendement  50

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 18 bis

 

Verslaglegging

 

De Commissie dient uiterlijk op [vijf jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad over de uitvoering en de gevolgen van deze richtlijn, met name wat de doeltreffendheid betreft van de bepalingen inzake het toepassingsgebied, de frequentie van de controles en de uitvoering van de wederzijdse erkenning van technische certificaten. In het verslag wordt ook nagegaan of de bijlagen bij deze richtlijn moeten worden geactualiseerd, met name in het licht van technische vooruitgang en methodes. Dit verslag wordt ingediend na de raadpleging van het in artikel 16 genoemde comité en gaat, in voorkomend geval, vergezeld van wetgevingsvoorstellen.

Amendement  51

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 17 bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze verordening].

2. De bevoegdheid om de in artikel 17 bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vijf jaar met ingang van [de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn], de Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

Motivering

Het is beter de bevoegdheidsdelegatie voor een tijdelijke periode toe te kennen. De Commissie dient een verslag op te stellen betreffende de werking van de gedelegeerde handelingen.

Amendement  52

Voorstel voor een verordening

Artikel 19 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De lidstaten stellen de sancties vast die van toepassing zijn op schendingen van de bepalingen van deze verordening en treffen alle maatregelen die nodig zijn om de daadwerkelijke toepassing van die sancties te garanderen. Deze sancties moeten doeltreffend, evenredig, afschrikkend en niet-discriminerend zijn.

1. De lidstaten stellen de sancties vast die van toepassing zijn op schendingen van de bepalingen van deze richtlijn en treffen alle maatregelen die nodig zijn om de daadwerkelijke toepassing van die sancties te garanderen. Deze sancties moeten doeltreffend, evenredig, afschrikkend en niet-discriminerend zijn.

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  53

Voorstel voor een verordening

Artikel 19 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat manipulatie van of knoeien met de kilometerteller wordt beschouwd als een strafbaar feit en wordt bestraft met doeltreffende, evenredige, afschrikkende en niet-discriminerende sancties.

2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat manipulatie van of knoeien met de kilometerteller wordt beschouwd als een strafbaar feit en wordt bestraft met doeltreffende, evenredige, afschrikkende en niet-discriminerende sancties, behalve in het geval van door een controlecentrum of een bevoegde instantie goedgekeurde aanpassingen naar boven van kilometerstanden om eerdere illegale manipulaties te corrigeren.

Motivering

Dit amendement zorgt ervoor dat als er illegaal geknoeid is met de kilometerstand van een voertuig, dit door controlecentra of bevoegde instanties op legale wijze naar boven mag worden aangepast, zodat kan worden gewaarborgd dat de voertuigen in kwestie niet daadwerkelijk worden afgeschreven en in de toekomst bij de periodieke technische controles kunnen worden goedgekeurd.

Amendement  54

Voorstel voor een verordening

Artikel 19 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk [een jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt] in kennis van die bepalingen en delen haar onverwijld alle latere wijzigingen van die bepalingen mee.

3. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk [een jaar na de datum waarop deze richtlijn van toepassing wordt] in kennis van die bepalingen en delen haar onverwijld alle latere wijzigingen van die bepalingen mee.

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  55

Voorstel voor een verordening

Artikel 20 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Controlefaciliteiten en -apparatuur als bedoeld in artikel 11 die op [de datum waarop deze verordening van toepassing wordt] niet voldoen aan de in bijlage V neergelegde minimumeisen mogen niet langer dan gedurende een termijn van vijf jaar na deze datum worden gebruikt voor het verrichten van technische controles.

1. Controlefaciliteiten en -apparatuur als bedoeld in artikel 11 die op [de datum waarop deze richtlijn van toepassing wordt] niet voldoen aan de in bijlage V neergelegde minimumeisen mogen niet langer dan gedurende een termijn van vijf jaar na deze datum worden gebruikt voor het verrichten van technische controles.

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  56

Voorstel voor een verordening

Artikel 20 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De lidstaten passen de in bijlage VII neergelegde vereisten toe uiterlijk vijf jaar na de datum waarop deze verordening van toepassing wordt.

2. De lidstaten passen de in bijlage VII neergelegde vereisten toe uiterlijk vijf jaar na de datum waarop deze richtlijn van toepassing wordt.

Motivering

Terminologie in overeenstemming met een richtlijn.

Amendement  57

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Richtlijn 2009/40/EG en Aanbeveling 2010/378/EU van de Commissie worden ingetrokken met ingang van [de datum waarop deze verordening van toepassing wordt].

Richtlijn 2009/40/EG en Aanbeveling 2010/378/EU van de Commissie worden ingetrokken met ingang van [de datum waarop deze richtlijn van toepassing wordt].

Amendement  58

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Amendement  59

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Zij wordt van toepassing [12 maanden na de datum van haar inwerkingtreding].

Zij wordt van toepassing [24 maanden na de datum van haar inwerkingtreding].

Amendement  60

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Deze richtlijn is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Amendement  61

Voorstel voor een verordening

Bijlage II - deel 1 - lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

In uitzonderlijke omstandigheden, wanneer een specifiek voertuigontwerp niet verenigbaar is met de toepassing van de in deze bijlage bedoelde controlemethoden, wordt de controle uitgevoerd overeenkomstig de specifieke alternatieve controlemethoden die door de bevoegde instanties van de lidstaat worden aanbevolen. Alle gebruikte controlemethoden die niet zijn gespecificeerd in deze bijlage, moeten schriftelijk door de aangewezen bevoegde instantie worden goedgekeurd.

Motivering

Bepaalde voertuigen, zoals snelle trekkers en voertuigen met hulpstukken, kunnen vooral moeilijk te controleren zijn door de kenmerken van het ontwerp ervan of omdat de controlecentra zo ver weg zijn dat de kosten om de apparatuur af te stemmen op de controle van bepaalde zeldzame voertuigen, niet in verhouding zouden staan. Daarom moeten er alternatieve en niet gestandaardiseerde controlemethoden voorhanden zijn die evenwel duidelijk zijn goedgekeurd door de desbetreffende bevoegde instantie.

Amendement  62

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 4.1.2

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.1.2 Afstelling

Bepaal het horizontale eindpunt van elke koplamp bij gedimd licht met behulp van een speciaal hiervoor bestemd toestel of een scherm.

Het eindpunt van de koplamp ligt niet binnen de grenzen die in de vereisten zijn bepaald.

 

Amendement van het Parlement

4.1.2 Afstelling

Bepaal het horizontale en het verticale eindpunt van elke koplamp bij gedimd licht met behulp van een speciaal hiervoor bestemd toestel en een elektronisch controleapparaat om waar van toepassing de dynamische functionaliteit te controleren. Con-troleer het dynamische systeem van de koplampfunctie en de afstelling.

Het eindpunt van de koplamp ligt niet binnen de grenzen die in de vereisten zijn bepaald.

 

Motivering

Verticale metingen vormen de meest kritische criteria voor afstelling en moeten daarom inbegrepen zijn.

Om te garanderen dat de koplampen accuraat zijn afgesteld en de brandpuntafstand correct is bijgesteld, is een toestel om het eindpunt van de koplamp te bepalen noodzakelijk, met name voor hoge-intensiteitontladingslampen en dynamisch gecontroleerde systemen. Dit kan niet naar behoren worden gerealiseerd door enkel een richtscherm te gebruiken. Voor dynamisch gecontroleerde koplampsystemen met een hoge-intensiteitlichtbron, moet een elektronisch controleapparaat in combinatie met een geschikt testapparaat voor koplampafstelling worden gebruikt.

Amendement  63

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 4.1.2

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.1.3 Schakelaars

Visuele controle en controle door bediening.

(a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten (aantal oplichtende koplampen op hetzelfde moment)

(b) Verminderde functie van schakelaar.

Amendement van het Parlement

4.1.3 Schakelaars

Visuele controle en controle door bediening met behulp van een elektronisch controleapparaat waar noodzakelijk.

(a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten (aantal oplichtende koplampen op hetzelfde moment)

(b) Verminderde functie van schakelaar.

Motivering

Om de schakelaars voor automatische controle van de koplampen (bijv. High Beam Assist) adequaat te testen, moet de test worden uitgevoerd met behulp van een elektronisch controleapparaat om de correcte werking te controleren.

Amendement  64

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 4.1.5

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.1.5. Verstelinrichting (indien verplicht)

Visuele controle en indien mogelijk controle door bediening.

(a) Inrichting werkt niet.

(b) Manuele inrichting kan niet vanaf de bestuurderszitplaats worden bediend.

Amendement van het Parlement

4.1.5. Verstelinrichting (indien verplicht)

Visuele controle en controle door bediening met behulp van een elektronisch controleapparaat waar noodzakelijk.

(a) Inrichting werkt niet.

(b) Manuele inrichting kan niet vanaf de bestuurderszitplaats worden bediend.

Motivering

Om de werking van de automatische verstelinrichting voor de koplampen adequaat te testen, moet de test worden uitgevoerd met behulp van een elektronisch controleapparaat om de correcte werking van de verstelinrichting te garanderen.

Amendement  65

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 4.3.2

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.3.2. Schakelaars

Visuele controle en controle door bediening

a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten

b) Verminderde functie van schakelaar.

Amendement van het Parlement

Schakelaars voor stoplichten –noodremlichten

Visuele controle en controle door bediening met behulp van een elektronisch controleapparaat om de invoerwaarde van de bedrijfsrem te variëren en door observatie de werking van het noodremlicht te controleren.

a) Schakelaar werkt niet in overeenstemming met de vereisten

b) Verminderde functie van schakelaar.

c) Functies van het noodremlicht werken niet of niet correct

Motivering

Er moet een elektronisch controleapparaat worden gebruikt om invoersignalen voor de rempedaalsensor te genereren om te controleren of de noodremlichten (met inbegrip van automatische activering van de waarschuwingsknipperlichten) correct werken, wat vervolgens wordt gecontroleerd door directe observatie.

Amendement  66

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 4.5.2

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.5.2 Afstelling (X)(2)

Door bediening en met het gebruik van een toestel om het eindpunt van de koplamp te bepalen.

Mistlicht vooraan schijnt niet meer horizontaal wanneer het lichtpatroon een scheidingslijn heeft.

Amendement van het Parlement

4.5.2 Afstelling (X)(2)

Door bediening en met het gebruik van een toestel om het eindpunt van de koplamp te bepalen.

Mistlicht vooraan schijnt niet meer horizontaal en verticaal wanneer het lichtpatroon een scheidingslijn heeft.

Motivering

Verticale metingen vormen de meest kritische criteria voor afstelling en moeten daarom inbegrepen zijn.

Amendement  67

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 5.3.2

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

5.3.2. Schokdempers

Visuele controle met het voertuig boven een smeerkuil of bevestigd aan een hijstoestel, of, indien beschikbaar, met het gebruik van speciale apparatuur.

a) Schokdempers zijn niet goed aan het chassis of de as bevestigd.

b) Beschadigde schokdemper met sporen van lekkage of defect.

Amendement van het Parlement

5.3.2. Schokdempers

Visuele controle met het voertuig boven een smeerkuil of bevestigd aan een hijstoestel met het gebruik van speciale apparatuur.

a) Schokdempers zijn niet goed aan het chassis of de as bevestigd.

b) Beschadigde schokdemper met sporen van lekkage of defect.

Motivering

De goede werking van de demping van het ophangingsysteem van het voertuig kan alleen objectief worden beoordeeld via het gebruik van een dempingtestmachine. Voor elektronisch bestuurde ophangingsystemen moet een elektronisch controleapparaat worden gebruikt om het ophangingsysteem van het voertuig te controleren terwijl tegelijkertijd metingen worden verricht met behulp van een dempingtestmachine om te beoordelen of het systeem naar behoren werkt. Het voorstel is dat een verschil van 30% tussen de linker- en rechterzijde van dezelfde as een praktisch en realistisch criterium voor goed- of afkeuring vormt.

Amendement  68

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 5.3.2.1

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

5.3.2.1 Controle van de bedrijfszekerheid van demping

Gebruik speciale apparatuur en vergelijk de verschillen tussen links/rechts en/of vergelijk met absolute waarden die de fabrikanten hebben gegeven.

a) Er is een aanzienlijk verschil tussen links en rechts.

b) De gegeven minimumwaarden worden niet bereikt.

Amendement van het Parlement

5.3.2.1 Controle van de bedrijfszekerheid van demping

Gebruik een dempingtestmachine en vergelijk de verschillen tussen links/rechts en de dempingsverhoudingen van de voertuigfabrikanten indien deze waarden de algemene limiet voor de dempingsverhouding van 0,1 overschrijden.

a) Er is een aanzienlijk verschil tussen links en rechts.

b) Er wordt niet voldaan aan de waarden van de dempingsverhoudingen

c) De meetwaarden van de linker- en de rechterzijde van dezelfde as wijken meer dan 30% van elkaar af

Motivering

De goede werking van de demping van het ophangingsysteem van het voertuig kan alleen objectief worden beoordeeld via het gebruik van een dempingtestmachine. Voor elektronisch bestuurde ophangingsystemen moet een elektronisch controleapparaat worden gebruikt om het ophangingsysteem van het voertuig te controleren terwijl tegelijkertijd metingen worden verricht met behulp van een dempingtestmachine om te beoordelen of het systeem naar behoren werkt.

Het voorstel is dat een verschil van 30% tussen de linker- en rechterzijde van dezelfde as een praktisch en realistisch criterium voor goed- of afkeuring vormt.

Amendement  69

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 8.2.2.2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

8.2.2.2 Opaciteit Voertuigen die vóór 1 januari 1980 zijn geregistreerd of in gebruik genomen, hoeven niet aan deze vereiste voldoen.

a) De opaciteit van de uitlaatgassen wordt gemeten tijdens een vrije acceleratie (bij niet-belaste motor wordt het toerental opgevoerd van het stationair toerental tot het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt) met de versnellingspook in de vrije stand en niet-ontkoppelde motor.

a) Bij voertuigen die voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn geregistreerd of in gebruik genomen,

 

b) Voorbereiding van het voertuig

overschrijdt de opaciteit het niveau dat op de plaat van de fabrikant op het voertuig staat genoteerd;

 

1. Voertuigen kunnen worden gecontroleerd zonder voorbereiding, maar om veiligheidsredenen moet eerst worden nagegaan of de motor warm is en in een bevredigende mechanische staat verkeert.

b) Wanneer deze gegevens niet beschikbaar zijn of de vereisten het gebruik van referentiewaarden niet toelaten,

 

2. Voorbereidingsvoorschriften

voor motoren met natuurlijke aanzuiging: 2.5 m-1 ,

 

i) de motor moet op temperatuur zijn, hetgeen bijvoorbeeld kan worden geconstateerd wanneer de temperatuur van de motorolie, gemeten door middel van een in de opening voor de oliepeilstok ingebrachte voeler, ten minste 80 °C bedraagt of de normale bedrijfstemperatuur wanneer deze lager is, dan wel wanneer de temperatuur van het motorblok, bepaald aan de hand van de hoeveelheid infraroodstraling, ten minste een vergelijkbare waarde bedraagt. Indien door de constructie van het voertuig deze meting in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is, kan op een andere wijze worden nagegaan of de motor zijn normale bedrijfstemperatuur heeft bereikt, bijvoorbeeld door te wachten tot de ventilator aanslaat;

voor motoren met drukvulling: 3.0 m-1,

of, bij voertuigen die in de vereisten staan of

voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn geregistreerd of in gebruik genomen,

1.5 m-1.7

 

ii) het uitlaatsysteem moet worden doorgeblazen door middel van ten minste drie vrije acceleratiecycli of een daarmee vergelijkbare methode.

 

 

c) Controleprocedure:

 

 

1. De motor en de eventueel gemonteerde turbolader moeten stationair draaien voor het begin van elke vrije acceleratiecyclus. Bij zware dieselmotoren moet ten minste 10 seconden worden gewacht na het loslaten van het gaspedaal.

 

 

2. Bij de aanvang van elke vrije acceleratiecyclus moet het gaspedaal snel en ononderbroken (d.w.z. in minder dan 1 seconde) maar wel rustig volledig worden ingedrukt, teneinde een maximum brandstoftoevoer door de injectiepomp te verkrijgen.

 

 

3. Tijdens elke vrije acceleratiecyclus moet de motor het toerental bereiken waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt of, voor voertuigen met een automatische transmissie, het door de fabrikant voorgeschreven toerental dan wel, indien dit niet bekend is, een toerental dat twee derde bedraagt van het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt, alvorens het gaspedaal wordt losgelaten. Dit kan worden gecontroleerd door bijvoorbeeld het toerental te meten of door voldoende tijd te laten verlopen tussen het indrukken en het loslaten van het gaspedaal, namelijk, bij voertuigen van de categorie 1 en 2 van bijlage 1, ten minste 2 seconden.

 

 

4. Voertuigen dienen alleen te worden afgekeurd, indien het rekenkundig gemiddelde van ten minste de laatste drie vrije acceleratiecycli meer bedraagt dan de grenswaarde. Dit kan worden berekend, wanneer sterk van het gemeten gemiddelde afwijkende metingen of het resultaat van een andere statistische berekening die rekening houdt met de verstrooiing van de metingen buiten beschouwing worden gelaten. De lidstaten kunnen het aantal testcycli aan een maximum verbinden.

 

 

5. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten voertuigen afkeuren waarbij aanzienlijk hogere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten ook voertuigen goedkeuren waarbij na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen aanzienlijke lagere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten.

 

Amendement van het Parlement

8.2.2.2 Opaciteit Voertuigen die vóór 1 januari 1980 zijn geregistreerd of in gebruik genomen, hoeven niet aan deze vereiste voldoen.

a) De opaciteit van de uitlaatgassen wordt gemeten tijdens een vrije acceleratie (bij niet-belaste motor wordt het toerental opgevoerd van het stationair toerental tot het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt) met de versnellingspook in de vrije stand en niet-ontkoppelde motor. Deze uitlaatpijptest is altijd de standaardmethode voor de beoordeling van de uitlaatgassen, zelfs als deze gecombineerd wordt met OBD.

a) Bij voertuigen die voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn geregistreerd of in gebruik genomen,

 

b) Voorbereiding van het voertuig

overschrijdt de opaciteit het niveau dat op de plaat van de fabrikant op het voertuig staat genoteerd;

 

1. Voertuigen kunnen worden gecontroleerd zonder voorbereiding, maar om veiligheidsredenen moet eerst worden nagegaan of de motor warm is en in een bevredigende mechanische staat verkeert.

b) Wanneer deze gegevens niet beschikbaar zijn of de vereisten het gebruik van referentiewaarden niet toelaten,

 

2. Voorbereidingsvoorschriften:

voor motoren met natuurlijke aanzuiging: 2.5 m-1 ,

 

i) de motor moet op temperatuur zijn, hetgeen bijvoorbeeld kan worden geconstateerd wanneer de temperatuur van de motorolie, gemeten door middel van een in de opening voor de oliepeilstok ingebrachte voeler, ten minste 80 °C bedraagt of de normale bedrijfstemperatuur wanneer deze lager is, dan wel wanneer de temperatuur van het motorblok, bepaald aan de hand van de hoeveelheid infraroodstraling, ten minste een vergelijkbare waarde bedraagt. Indien door de constructie van het voertuig deze meting in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is, kan op een andere wijze worden nagegaan of de motor zijn normale bedrijfstemperatuur heeft bereikt, bijvoorbeeld door te wachten tot de ventilator aanslaat;

voor motoren met drukvulling: 3.0 m-1,

of, bij voertuigen die in de vereisten staan of

voor de eerste keer na de datum in de vereisten zijn geregistreerd of in gebruik genomen,

1.5 m-1.7

of

0.2m-1

 

ii) het uitlaatsysteem moet worden doorgeblazen door middel van ten minste drie vrije acceleratiecycli of een daarmee vergelijkbare methode.

 

 

c) Controleprocedure:

 

 

1. De motor en de eventueel gemonteerde turbolader moeten stationair draaien voor het begin van elke vrije acceleratiecyclus. Bij zware dieselmotoren moet ten minste 10 seconden worden gewacht na het loslaten van het gaspedaal.

 

 

2. Bij de aanvang van elke vrije acceleratiecyclus moet het gaspedaal snel en ononderbroken (d.w.z. in minder dan 1 seconde) maar wel rustig volledig worden ingedrukt, teneinde een maximum brandstoftoevoer door de injectiepomp te verkrijgen.

 

 

3. Tijdens elke vrije acceleratiecyclus moet de motor het toerental bereiken waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt of, voor voertuigen met een automatische transmissie, het door de fabrikant voorgeschreven toerental dan wel, indien dit niet bekend is, een toerental dat twee derde bedraagt van het toerental waarbij de regelaar van de brandstoftoevoer in werking treedt, alvorens het gaspedaal wordt losgelaten. Dit kan worden gecontroleerd door bijvoorbeeld het toerental te meten of door voldoende tijd te laten verlopen tussen het indrukken en het loslaten van het gaspedaal, namelijk, bij voertuigen van de categorie 1 en 2 van bijlage 1, ten minste 2 seconden.

NOx-niveau is niet in overeenstemming met de vereisten

 

4. Voertuigen dienen alleen te worden afgekeurd, indien het rekenkundig gemiddelde van ten minste de laatste drie vrije acceleratiecycli meer bedraagt dan de grenswaarde. Dit kan worden berekend, wanneer sterk van het gemeten gemiddelde afwijkende metingen of het resultaat van een andere statistische berekening die rekening houdt met de verstrooiing van de metingen buiten beschouwing worden gelaten. De lidstaten kunnen het aantal testcycli aan een maximum verbinden.

Waarden voor fijne deeltjes zijn niet in overeenstemming met de vereisten

 

5. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten voertuigen afkeuren waarbij aanzienlijk hogere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen. Om onnodige controles te vermijden kunnen de lidstaten ook voertuigen goedkeuren waarbij na minder dan drie vrije acceleratiecycli of na het doorblazen aanzienlijke lagere waarden dan de grenswaarden zijn gemeten. Meting van het NOx-niveau en het aantal fijne deeltjes door middel van geschikte apparatuur/een adequaat uitgeruste rookmeter met gebruik van een bestaande testmethode bij vrije acceleratie.

 

Motivering

OBD is geen gegarandeerde emissiebeoordelingsmethode; daarom moeten de emissies worden gecontroleerd door een meting te verrichten bij de uitlaatpijp. NOx is met name een probleem voor voertuigen met dieselmotoren, waarbij lage rookniveaus doorgaans voor hoge NOx-niveaus zorgen. Voor voertuigen die zijn uitgerust met een dieseldeeltjesfilter is het belangrijk het deeltjesniveau te meten en niet de opaciteitswaarde. Om te zorgen voor geharmoniseerde en accurate metingen moeten de motortemperatuur en de motorsnelheid beiden worden gemeten in overeenstemming met de testvoorwaarden van de voertuigfabrikant.

Amendement  70

Voorstel voor een verordening

Technisch gedeelte – Bijlage V – punt 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) een inrichting voor het controleren van de efficiëntie van de schokdemper;

(10) een dempingtestmachine om de absorptie van de energie van trillingen van de voertuigophanging te meten om de efficiëntie van de demping van de onderdelen van het ophangingsysteem van het voertuig te controleren.

Motivering

De goede werking van de demping van het ophangingsysteem van het voertuig kan alleen objectief worden beoordeeld via het gebruik van een dempingtestmachine, waarbij de dempingsverhoudingen van de voertuigfabrikanten worden gebruikt als de waarden van de voertuigfabrikant de algemene grenswaarde van de dempingsverhouding van 0,1 overschrijden.

PROCEDURE

Titel

Periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens

Document- en procedurenummers

COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

TRAN

11.9.2012

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

IMCO

11.9.2012

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Malcolm Harbour

18.9.2012

Behandeling in de commissie

24.1.2013

21.3.2013

24.4.2013

 

Datum goedkeuring

25.4.2013

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

28

7

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Adam Bielan, Preslav Borissov, Jorgo Chatzimarkakis, Lara Comi, Anna Maria Corazza Bildt, António Fernando Correia de Campos, Vicente Miguel Garcés Ramón, Evelyne Gebhardt, Małgorzata Handzlik, Malcolm Harbour, Philippe Juvin, Sandra Kalniete, Toine Manders, Franz Obermayr, Phil Prendergast, Mitro Repo, Robert Rochefort, Zuzana Roithová, Heide Rühle, Christel Schaldemose, Andreas Schwab, Catherine Stihler, Róża Gräfin von Thun und Hohenstein, Bernadette Vergnaud

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Ashley Fox, Ildikó Gáll-Pelcz, Anna Hedh, Constance Le Grip, Morten Løkkegaard, Pier Antonio Panzeri, Patricia van der Kammen, Kerstin Westphal

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Bendt Bendtsen, Seán Kelly, Paul Rübig


PROCEDURE

Titel

Periodieke technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens

Document- en procedurenummers

COM(2012)0380 – C7-0186/2012 – 2012/0184(COD)

Datum indiening bij EP

10.7.2012

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

TRAN

11.9.2012

 

 

 

Medeadviserende commissie(s)

       Datum bekendmaking

ENVI

11.9.2012

ITRE

11.9.2012

IMCO

11.9.2012

 

Geen advies

       Datum besluit

ENVI

12.9.2012

 

 

 

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

Werner Kuhn

10.10.2012

 

 

 

Behandeling in de commissie

18.12.2012

22.1.2013

19.3.2013

23.4.2013

Datum goedkeuring

30.5.2013

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

33

7

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Magdi Cristiano Allam, Inés Ayala Sender, Georges Bach, Erik Bánki, Izaskun Bilbao Barandica, Antonio Cancian, Michael Cramer, Joseph Cuschieri, Christine De Veyrac, Saïd El Khadraoui, Ismail Ertug, Carlo Fidanza, Jacqueline Foster, Franco Frigo, Mathieu Grosch, Jim Higgins, Juozas Imbrasas, Dieter-Lebrecht Koch, Georgios Koumoutsakos, Werner Kuhn, Marian-Jean Marinescu, Gesine Meissner, Hubert Pirker, Dominique Riquet, Petri Sarvamaa, Olga Sehnalová, Brian Simpson, Silvia-Adriana Ţicău, Giommaria Uggias, Peter van Dalen, Patricia van der Kammen, Dominique Vlasto, Artur Zasada, Roberts Zīle

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Isabelle Durant, Nathalie Griesbeck, Gilles Pargneaux, Sabine Wils, Janusz Władysław Zemke

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

George Sabin Cutaş

Datum indiening

10.6.2013

Laatst bijgewerkt op: 20 juni 2013Juridische mededeling