Procedure : 2013/0187(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0098/2014

Ingediende teksten :

A7-0098/2014

Debatten :

PV 11/03/2014 - 17
CRE 11/03/2014 - 17

Stemmingen :

PV 12/03/2014 - 8.14

Aangenomen teksten :

P7_TA(2014)0221

VERSLAG     ***I
PDF 277kWORD 239k
10 februari 2014
PE 521.780v03-00 A7-0098/2014

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchthavens, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten

(COM(2013)0409 – C7-0169/2013 – 2013/0187(COD))

Commissie vervoer en toerisme

Rapporteur: David-Maria Sassoli

PR_COD_1amCom

ERRATA/ADDENDA
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchthavens, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten

(COM(2013)0409 – C7-0169/2013 – 2013/0187(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2013)0409),

–   gezien artikel 294, lid 2, en artikel 100, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7-0169/2013),

–   gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien het gemotiveerde advies dat in het kader van protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid is uitgebracht door het Maltese Huis van Afgevaardigden, en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–   gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 11 december 2013(1),

–   gezien het advies van het Comité van de Regio's,

–   gezien artikel 55 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme (A7-0098/2014),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) De ontwikkeling en uitvoering van het ATM-masterplan vereist wetshandelingen ten aanzien van een breed scala aan luchtvaartonderwerpen. Het Agentschap moet, wanneer het de Commissie ondersteunt bij het opstellen van technische voorschriften, een evenwichtige benadering hanteren om de verschillende activiteiten te reguleren op basis van hun specifieke eigenschappen, aanvaardbare veiligheidsniveaus en een vaststaande risicohiërarchie van gebruikers om te zorgen voor een allesomvattende en gecoördineerde ontwikkeling van de luchtvaart.

(2) De ontwikkeling en uitvoering van het ATM-masterplan vereist wetshandelingen ten aanzien van een breed scala aan luchtvaartonderwerpen. Het Agentschap moet, wanneer het de Commissie ondersteunt bij het opstellen van technische voorschriften, een evenwichtige benadering hanteren, onder vermijding van belangenconflicten, om de verschillende activiteiten te reguleren op basis van hun specifieke eigenschappen, aanvaardbare veiligheidsniveaus, klimaat- en milieuduurzaamheid en een vaststaande risicohiërarchie van gebruikers om te zorgen voor een allesomvattende en gecoördineerde ontwikkeling van de luchtvaart.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) Alvorens een gedelegeerde handeling vast te stellen, moet de Commissie het Agentschap en de deskundigen van de stemgerechtigde landen die vertegenwoordigd zijn in de raad van beheer raadplegen. Zij moet rekening houden met het advies van deze overlegorganen en geen gedelegeerde handeling vaststellen wanneer een meerderheid van de deskundigen en het Agentschap bezwaar aantekenen.

Motivering

Met deze bepaling kan de bevoegdheidsdelegatie die het Europees Parlement aan de Commissie verleent, strikter worden gecontroleerd en wordt gewaarborgd dat de vastgestelde gedelegeerde handelingen technisch gezien aanvaardbaar zijn.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 ter) Om de totstandbrenging van een op risico gebaseerd, evenredig en duurzaam regelgevingskader verder te faciliteren moet de Commissie nader bestuderen of Richtlijn (EG) nr. 216/2008 aan nieuwe ontwikkelingen moet worden aangepast.

Motivering

Deze maatregel zal voor een beter wetgevingsproces zorgen in geval van herziening van de regelgeving.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 quater) Als hoeksteen van het luchtvaartstelsel van de Unie moet het Agentschap ook een leidende rol spelen in de externe luchtvaartstrategie van de Unie. Met name voor de verwezenlijking van een van de in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 216/2008 genoemde doelen moet het Agentschap in nauwe samenwerking met de Commissie bijdragen aan het exporteren van de luchtvaartnormen van de Unie en het bevorderen van de producten, beroepsbeoefenaars en diensten van de luchtvaart van de Unie in de hele wereld zodat zij makkelijker toegang krijgen tot nieuwe groeimarkten.

Motivering

De internationale rol van het Agentschap moet worden versterkt.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 quinquies) De afgifte van certificaten en goedkeuringen en de verlening van andere diensten spelen een essentiële rol bij de dienstverlening van het Agentschap aan het bedrijfsleven en moeten derhalve bijdragen aan het concurrentievermogen van de luchtvaartsector van de Unie. Het Agentschap moet in staat zijn om in te spelen op de marktvraag, die kan variëren. Het aantal personeelsleden dat gefinancierd wordt met inkomsten uit tarieven of vergoedingen moet dus aanpasbaar zijn en mag niet in het organigram worden vastgelegd.

Motivering

Het Agentschap moet werkelijk flexibel kunnen blijven met betrekking tot het beheer van het personeel dat wordt ingezet voor werkzaamheden die sterk afhankelijk zijn van de marktvraag.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 sexies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 sexies) Deze verordening heeft tot doel te voldoen aan de eis van artikel 65 bis van Verordening (EG) nr. 216/2008 door de overlappingen tussen Verordening (EG) nr. 549/2004 en Verordening (EG) nr. 216/2008 weg te werken door de eerste aan te passen aan de tweede en voor een duidelijke taakverdeling tussen de Commissie, het Agentschap en Eurocontrol te zorgen, zodat de Commissie zich vooral bezighoudt met economische en technische regelgeving, het Agentschap haar bijstaat voor het opstellen van technische regels en voor het toezicht, en Eurocontrol zich concentreert op operationele taken die met name verband houden met het netwerkbeheersconcept van Verordening (EG) nr. 550/2004, die voorziet in een gemeenschappelijke regeling voor routeheffingen voor luchtvaartdiensten, inclusief toezicht, om meer transparantie en kostenefficiëntie te verwezenlijken ten behoeve van luchtruimgebruikers. In die context is het, ook om de algemene kosten van de toezichtactiviteiten van ATM/ANS te drukken, eveneens noodzakelijk de huidige regeling voor routeheffingen zo te wijzigen dat de toezichtbevoegdheden van ATM/ANS naar behoren gedekt worden. Met die wijziging wordt ervoor gezorgd dat het Agentschap over de middelen beschikt die het nodig heeft om de taken op het gebied van veiligheidstoezicht die in de totale systeembenadering met betrekking tot de luchtvaartveiligheid aan het Agentschap zijn toegewezen te kunnen uitvoeren, om bij te dragen tot een transparantere, kostenefficiëntere en effectievere verlening van luchtvaartdiensten aan de luchtruimgebruikers die het systeem financieren, en om een geïntegreerde dienstverlening te stimuleren.

Motivering

Het beginsel van toereikende financiële middelen voor de nieuwe rol van het Agentschap in het veiligheidstoezicht in verband met ATM/ANS moet duidelijk worden vermeld.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 bis) Om te zorgen voor interoperabiliteit van de technologieën die wereldwijd worden gebruikt, zouden de Commissie en het Agentschap een gecoördineerde internationale benadering betreffende de standaardiseringinspanningen van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie moeten aanmoedigen.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) Bepaalde beginselen met betrekking tot het bestuur en de werking van het Agentschap moeten worden aangepast aan de Gemeenschappelijke benadering van de EU inzake gedecentraliseerde agentschappen, zoals bekrachtigd door het Europees Parlement, de Raad en de Commissie in juli 2012.

(6) Op basis van een analyse per geval en rekening houdend met de specifieke aard van het Agentschap moeten bepaalde beginselen in verband met het bestuur en het functioneren ervan worden aangepast aan de Gemeenschappelijke benadering van de EU inzake gedecentraliseerde agentschappen, zoals bekrachtigd door het Europees Parlement, de Raad en de Commissie in juli 2012. Met name in de samenstelling van de uitvoerende raad zou de betekenis van de luchtvaart in de verschillende lidstaten tot uitdrukking moeten komen, en er zou moeten worden gewaarborgd dat de vereiste deskundigheid adequaat vertegenwoordigd is.

Motivering

Vanwege zijn huidige omvang en taken en zijn rol als hoeksteen van het luchtvaartveiligheidssysteem in Europa is het Agentschap uniek van aard. Het beginsel van gevalsgewijze analyse maakt het mogelijk om niet altijd alle aanpassingen te volgen die in de gemeenschappelijke benadering aanbevolen zijn. In die overeenkomst tussen het Europees Parlement, de Raad van de EU en de Commissie wordt gesteld dat bij hervormingen van het bestuur en het functioneren van die organen rekening moet worden gehouden met de specifieke kenmerken van elk agentschap.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 2 – letter a

Directive (EC) No 216/2008

Artikel 2 – lid 2 – letter h

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(h) de burgerluchtvaart te reguleren op een manier die de ontwikkeling, prestaties, interoperabiliteit en veiligheid het meest bevordert en op een manier die in verhouding staat tot de aard van elke specifieke activiteit.

(h) de burgerluchtvaart te reguleren op een manier die de veiligheid, duurzame ontwikkeling, prestaties, interoperabiliteit, klimaatbescherming, milieuvriendelijkheid en energiebesparing het meest bevordert en op een manier die in verhouding staat tot de aard van elke specifieke activiteit.

Motivering

De luchtvaartveiligheid moet de voornaamste taak van het Agentschap blijven, ook al is het ook verantwoordelijk voor andere taken. Daarom moet "veiligheid" als eerste worden genoemd.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 17 – letter f

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 14 – lid 7 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(f) aan het einde van lid 7 wordt de volgende alinea toegevoegd:

(f) lid 7, tweede alinea, wordt vervangen door:

(http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=CONSLEG:2008R0216:20130129:EN:HTML)

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 18

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 15– lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

'3. De nationale luchtvaartautoriteiten nemen volgens de nationale regelgeving de nodige maatregelen om passende geheimhouding van de informatie die zij ingevolge lid 1 ontvangen te waarborgen.'

'3. De nationale luchtvaartautoriteiten nemen volgens de regelgeving van de Unie en hun nationale regelgeving de nodige maatregelen om passende geheimhouding van de informatie die zij ingevolge lid 1 ontvangen te waarborgen."

(http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=CONSLEG:2008R0216:20130129:EN:HTML)

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 20 – letter b

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 17 – lid 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

"Om de goede werking en verdere ontwikkeling van de burgerluchtvaart te waarborgen, dient het Agentschap:

"Om de goede werking en verdere ontwikkeling van de burgerluchtvaart, met name op het gebied van de veiligheid, te waarborgen, dient het Agentschap:

Motivering

Ook met alle wijzigingen en alle nieuwe taken blijft de luchtvaartveiligheid de voornaamste taak van het Agentschap. Dat moet benadrukt worden.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 20 – letter c bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 17 – lid 2 octies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c bis) Aan lid 2 wordt het volgende punt g) toegevoegd:

 

"(g) overeenkomstig artikel 2, de luchtvaartnormen en –regels van de Unie op internationaal niveau bevorderen door naar behoren te gaan samenwerken met derde landen en internationale organisaties en daarbij het verkeer van luchtvaartproducten, -personeel en –diensten van de Unie te promoten teneinde hun toegang tot nieuwe groeimarkten in de hele wereld te vergemakkelijken."

Motivering

De internationale rol van het Agentschap is essentieel en moet versterkt worden.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 21

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 19 – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze documenten zijn in overeenstemming met de stand van de techniek en de beste praktijken op de betrokken gebieden en worden geactualiseerd aan de hand van de wereldwijde ervaring op luchtvaartgebied en de vooruitgang van de wetenschap en techniek.

"Deze documenten zijn in overeenstemming met de stand van de techniek en de beste praktijken op de betrokken gebieden en worden geactualiseerd aan de hand van de wereldwijde ervaring op luchtvaartgebied en de vooruitgang van de wetenschap, de techniek en het ATM-Master Plan."

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 29 – letter b

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 33 – lid 2 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c) stelt vóór 30 november van elk jaar, en na advies van de Commissie, het jaarlijkse werkprogramma en het meerjarige werkprogramma van het Agentschap voor het komende jaar of de komende jaren vast; deze werkprogramma's worden vastgesteld onverminderd de jaarlijkse begrotingsprocedure van de Unie en het wetgevingsprogramma van de Unie op de betrokken gebieden van de luchtvaartveiligheid; het advies van de Commissie wordt bij de werkprogramma's gevoegd;

Geldt niet voor de Nederlandse versie.

Motivering

De instellingen moeten bij hun officiële naam worden genoemd.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 29 – letter e

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 33 – lid 6 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De raad van beheer kan in uitzonderlijke gevallen door middel van een besluit de delegatie van bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag aan de uitvoerend directeur en de bevoegdheden die hij op zijn beurt heeft gedelegeerd, tijdelijk opschorten en deze bevoegdheden zelf uitoefenen of delegeren aan een van zijn leden of aan een ander personeelslid dan de uitvoerend directeur.

De raad van beheer kan in uitzonderlijke gevallen met een absolute meerderheid van zijn leden door middel van een besluit de delegatie van bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag aan de uitvoerend directeur en de bevoegdheden die hij op zijn beurt heeft gedelegeerd, tijdelijk opschorten en deze bevoegdheden zelf uitoefenen of delegeren aan een van zijn leden of aan een ander personeelslid dan de uitvoerend directeur.

Motivering

Het besluit om de delegatie van bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag aan de uitvoerend directeur en de bevoegdheden die hij op zijn beurt heeft gedelegeerd, tijdelijk op te schorten, heeft ernstige gevolgen voor het functioneren van het Agentschap. Daarom is instemming van meer dan de helft van de leden van de raad van beheer vereist.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 31 – streepje 1

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 37– lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

– de woorden "meerderheid van twee derde van de leden" worden vervangen door "eenvoudige meerderheid".

de woorden "meerderheid van twee derde van de leden" worden vervangen door "absolute meerderheid".

Motivering

Overeenkomstig punt 13 van de Gemeenschappelijke aanpak.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 32

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 37 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

"Artikel 37 bis

Artikel 37 bis

Uitvoerende raad

Uitvoerende raad

1. De raad van beheer wordt bijgestaan door een uitvoerende raad.

1. De raad van beheer wordt bijgestaan door een uitvoerende raad.

2. De uitvoerende raad:

2. De uitvoerende raad:

a) bereidt door de raad van beheer te nemen besluiten voor

a) bereidt door de raad van beheer te nemen besluiten voor

(b) draagt zorg, samen met de raad van beheer, voor een passende opvolging van de resultaten en aanbevelingen in de interne en externe controleverslagen en beoordelingen, alsook van de resultaten en aanbevelingen die voortvloeien uit de onderzoeken van het Europees Bureau voor Fraudebestrijding (OLAF);

(b) draagt zorg, samen met de raad van beheer, voor een passende opvolging van de resultaten en aanbevelingen in de interne en externe controleverslagen en beoordelingen, alsook van de resultaten en aanbevelingen die voortvloeien uit de onderzoeken van het Europees Bureau voor Fraudebestrijding (OLAF);

c) ondersteunt en adviseert de uitvoerend directeur bij de tenuitvoerlegging van de besluiten van de raad van beheer, onverminderd de verantwoordelijkheden van de uitvoerend directeur als omschreven in artikel 38, teneinde het toezicht op het administratief en begrotingsbeheer te versterken.

c) ondersteunt en adviseert de uitvoerend directeur bij de tenuitvoerlegging van de besluiten van de raad van beheer, onverminderd de verantwoordelijkheden van de uitvoerend directeur als omschreven in artikel 38, teneinde het toezicht op het administratief en begrotingsbeheer te versterken.

3. In spoedgevallen kan de uitvoerende raad indien nodig bepaalde voorlopige besluiten namens de raad van beheer nemen, in het bijzonder met betrekking tot aangelegenheden van administratief beheer, met inbegrip van schorsing van de delegatie van de bevoegdheden tot aanstelling, en begrotingsaangelegenheden.

3. In spoedgevallen kan de uitvoerende raad indien nodig voorlopig besluiten nemen over de schorsing van de delegatie van de bevoegdheden tot aanstelling en over begrotingsaangelegenheden. Deze besluiten worden met een meerderheid van vijf van de zeven leden van de uitvoerende raad genomen. Zij worden onverwijld voorgelegd aan de eerstvolgende vergadering van de raad van beheer. De raad van beheer kan de besluiten met absolute meerderheid van stemmen herroepen.

4. De uitvoerende raad bestaat uit de voorzitter van de raad van beheer, één vertegenwoordiger van de Commissie in de raad van beheer en drie andere leden die door de raad van beheer onder zijn leden met stemrecht zijn aangesteld. De voorzitter van de raad van beheer is tevens de voorzitter van de uitvoerende raad. De uitvoerend directeur neemt deel aan de vergaderingen van de uitvoerende raad, maar heeft geen stemrecht.

4. De uitvoerende raad bestaat uit de voorzitter van de raad van beheer, één vertegenwoordiger van de Commissie in de raad van beheer en vijf andere leden die door de raad van beheer onder zijn leden met stemrecht zijn aangesteld voor een ambtstermijn van twee jaar. De ambtstermijn van de vijf door de raad van beheer aangestelde leden kan een onbeperkt aantal keren worden verlengd. De voorzitter van de raad van beheer is tevens de voorzitter van de uitvoerende raad. De uitvoerend directeur neemt deel aan de vergaderingen van de uitvoerende raad, maar heeft geen stemrecht.

5. De ambtstermijn van de leden van de uitvoerende raad is gelijk aan die van de leden van de raad van beheer. De ambtstermijn van de leden van de uitvoerende raad eindigt wanneer hun lidmaatschap van de raad van beheer eindigt.

5. De ambtstermijn van de voorzitter van de uitvoerende raad is gelijk aan die van de voorzitter van de raad van beheer. De ambtstermijn van de vertegenwoordiger van de Commissie is gelijk aan de ambtstermijn in de raad van beheer. De ambtstermijn van de leden van de uitvoerende raad eindigt wanneer hun lidmaatschap van de raad van bestuur eindigt.

6. De uitvoerende raad komt ten minste eenmaal per drie maanden in gewone vergadering bijeen. Daarnaast komt het bijeen op initiatief van zijn voorzitter of op verzoek van de leden.

6. De uitvoerende raad komt ten minste eenmaal per drie maanden in gewone vergadering bijeen. Daarnaast komt de raad bijeen op initiatief van de voorzitter of op verzoek van zijn leden of van de uitvoerend directeur.

7. De raad van beheer stelt het reglement van orde van de uitvoerende raad vast."

7. De raad van beheer stelt het reglement van orde van de uitvoerende raad vast."

Motivering

Het is voor alle lidstaten van belang dat openheid en transparantie wordt betracht wanneer er in de raad van beheer van het EASA besluiten worden genomen. Alle lidstaten hebben taken gedelegeerd aan het Agentschap om hun verplichtingen als aangesloten partijen bij het Verdrag van Chicago na te komen en zij moeten er zeker van kunnen zijn dat de ICAO-verplichtingen op effectieve en efficiënte wijze worden nageleefd. Dat is moeilijk als er gewerkt wordt met een verkozen uitvoerende raad.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 35

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 39 bis – lid 2 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voordat hij/zij wordt benoemd, kan de door de raad van beheer geselecteerde kandidaat worden verzocht om voor de bevoegde commissie van het Europees Parlement een verklaring af te leggen en alle vragen van de commissieleden te beantwoorden.

Voordat hij/zij wordt benoemd, legt de door de raad van beheer geselecteerde kandidaat voor de bevoegde commissie van het Europees Parlement een verklaring af en beantwoordt hij/zij alle vragen van de commissieleden.

Motivering

Gezien de rol van het Europees Parlement als medewetgever en als begrotingsautoriteit moeten een dergelijke verklaring en gedachtewisseling met de bevoegde commissie verplicht plaatsvinden.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 35

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 39 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De ambtstermijn van de uitvoerend directeur bedraagt vijf jaar. Aan het einde van deze termijn stelt de Commissie een beoordeling op waarin rekening wordt gehouden met de evaluatie van de resultaten van de uitvoerend directeur en de toekomstige taken en uitdagingen van het Agentschap.

3. De ambtstermijn van de uitvoerend directeur bedraagt vijf jaar. Halverwege deze termijn stelt de Commissie een evaluatieverslag op over de resultaten van de uitvoerend directeur en de toekomstige taken en uitdagingen van het Agentschap. De Commissie legt dit evaluatieverslag voor aan de bevoegde commissie van het Europees Parlement.

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 35

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 39 bis – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Wanneer de raad van beheer voornemens is de ambtstermijn van de uitvoerend directeur te verlengen, stelt hij het Europees Parlement daarvan in kennis. In de maand die voorafgaat aan de verlenging van zijn of haar ambtstermijn kan de uitvoerend directeur worden gevraagd een verklaring voor de bevoegde commissie van het Europees Parlement af te leggen en vragen van de commissieleden te beantwoorden.

5. Wanneer de raad van beheer voornemens is de ambtstermijn van de uitvoerend directeur te verlengen, stelt hij het Europees Parlement daarvan in kennis. In de maand die voorafgaat aan de verlenging van zijn of haar ambtstermijn legt de uitvoerend directeur een verklaring voor de bevoegde commissie van het Europees Parlement af en beantwoordt hij/zij de vragen van de commissieleden.

Motivering

Gezien de rol van het Europees Parlement als medewetgever en als begrotingsautoriteit moeten een dergelijke verklaring en gedachtewisseling met de bevoegde commissie verplicht plaatsvinden.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 35

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 39 ter – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De uitvoerend directeur kan worden bijgestaan door een of meer adjunct-uitvoerend directeuren.

1. De uitvoerend directeur wordt bijgestaan door een adjunct-uitvoerend directeur.

Motivering

De organisatie van het Agentschap rechtvaardigt geen onbeperkt aantal adjunct-uitvoerend directeuren.

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 41

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 59 – lid 1 – letter f

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(f) overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EU) nr. [SES-verordening] betaalde heffingen voor door het Agentschap verrichte taken in verband met ATM/ANS.

(f) heffingen krachtens Verordening (EU) nr. 391/2013 voor door het Agentschap verrichte toezichttaken in verband met ATM/ANS."

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 41

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 59 – lid 1 – letter f bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(f bis) "giften."

Motivering

Hiermee kan het Agentschap giften ontvangen overeenkomstig artikel 7 van de nieuwe financiële kaderregeling. Deze giften vormen een onmisbaar onderdeel van de begroting van het Agentschap, waardoor het diverse projecten in verband met luchtvaartveiligheid kan uitvoeren, hoofdzakelijk met derde landen.

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 41 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 61 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(41 bis) Het volgende artikel 61 bis wordt ingevoegd:

 

"Artikel 61 bis

 

Belangenconflicten

 

1. De uitvoerend directeur en de door de lidstaten en door de Commissie op tijdelijke basis gedetacheerde ambtenaren leggen een verbintenisverklaring af, alsmede een verklaring over hun belangen waaruit blijkt dat zij geen directe of indirecte belangen hebben die als nadelig voor hun onafhankelijkheid kunnen worden beschouwd. Deze verklaringen worden schriftelijk afgelegd bij indiensttreding en worden vernieuwd bij wijziging van hun persoonlijke situatie. De leden van de raad van beheer, de uitvoerende raad en de kamer van beroep maken deze verklaringen openbaar samen met hun curricula vitae. Het Agentschap publiceert op zijn website een lijst van de leden van de in artikel 42 genoemde organen en van externe en interne deskundigen.

 

2. De raad van beheer voert voor het beheren en vermijden van belangenconflicten een beleid dat ten minste bestaat uit:

 

(a) beginselen voor het beheer en de verificatie van de belangenverklaringen, met inbegrip van regels voor de openbaarmaking ervan, rekening houdend met artikel 77;

 

(b) verplichte trainingsvereisten inzake belangenconflicten voor het personeel van het Agentschap en gedetacheerde nationale deskundigen;

 

c) regels inzake giften en uitnodigingen;

 

(d) gedetailleerde regels voor verboden activiteiten voor personeel en leden van het Agentschap na beëindiging van hun dienstverband bij het Agentschap;

 

(e) voorschriften inzake transparantie van de besluiten van het Agentschap waaronder de notulen van de raad van bestuur en het uitvoerend comité die met inachtneming van gevoelige, geheime en commerciële informatie worden gepubliceerd; en tevens

 

(f) sancties en andere mechanismen om de autonomie en onafhankelijkheid van het Agentschap te waarborgen.

 

Het Agentschap houdt rekening met de noodzaak om een evenwicht te bewaren tussen de risico's en de voordelen, met name wat betreft de doelstelling om zo goed mogelijk technisch advies en de best mogelijke deskundigheid te verwerven, en het beheer van belangenconflicten. De uitvoerend directeur verstrekt informatie over de uitvoering van dat beleid bij het uitbrengen van verslag aan het Europees Parlement en de Raad overeenkomstig deze verordening."

Motivering

Dit amendement biedt een rechtsgrond voor het Agentschap om een compleet geheel van regels toe te passen inzake het beheren en voorkomen van belangenconflicten. De bestuursorganen van het Agentschap zijn verantwoordelijk voor de opstelling en uitvoering van dit beleid, rekening houdend met de specifieke aspecten van het Agentschap, alsmede met eventuele gevoelige, geclassificeerde en commerciële informatie.

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 43 – letter d bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 64 – lid 6 (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(d bis) Het volgende lid 6 wordt toegevoegd:

 

"6. Het aantal personeelsleden dat gefinancierd wordt met inkomsten uit tarieven en vergoedingen mag variëren naar gelang van de marktvraag naar certificaten, goedkeuringen en andere diensten."

Motivering

Het Agentschap moet werkelijk flexibel kunnen blijven met betrekking tot het beheer van het personeel dat wordt ingezet voor werkzaamheden die sterk afhankelijk zijn van de marktvraag.

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 46

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 65 ter – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 5, lid 5, artikel 6, lid 2, artikel 6, lid 3, artikel 7, lid 6, artikel 8, lid 5, artikel 8 bis, lid 5, artikel 8 ter, lid 6, artikel 8 quater, lid 10, artikel 9, lid 4, artikel 10, lid 5, artikel 14, lid 3, artikel 14, lid 7, artikel 25, lid 3, en artikel 64, lid 1, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt voor onbepaalde tijd aan de Commissie toegekend.

2. De in artikel 5, lid 5, artikel 6, lid 2, artikel 6, lid 3, artikel 7, lid 6, artikel 8, lid 5, artikel 8 bis, lid 5, artikel 8 ter, lid 6, artikel 8 quater, lid 10, artikel 9, lid 4, artikel 10, lid 5, artikel 14, lid 3, artikel 14, lid 7, artikel 25, lid 3, en artikel 64, lid 1, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vijf jaar met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

Motivering

Met deze bepaling kan strikter controle worden uitgeoefend op de door het Europees Parlement aan de Commissie verleende bevoegdheidsdelegatie.

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 46 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 216/2008

Artikel 65 quinquies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(46 bis) Het volgende artikel 65 quinquies wordt ingevoegd:

 

"Artikel 65 quinquies

 

Verslag van de Commissie

 

Overeenkomstig het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie beoordeelt de Commissie de toepassing van deze verordening en brengt zij uiterlijk op 31 december 2015 verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad met het oog op verdere ontwikkelingen in verband met de totstandbrenging van een op risico gebaseerd, evenredig en duurzaam veiligheidskader."

Motivering

Deze maatregel zorgt voor betere kwaliteit van het wetgevingsproces.

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 49

Verordening (EG) nr. 216/2008

Bijlage V – punt 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De instantie en het personeel dat met de certificerings- en toezichtstaken is belast, moeten hun taken met de grootste beroepsintegriteit en technische bekwaamheid uitvoeren; zij dienen vrij te zijn van alle druk en beïnvloeding, met name van financiële aard, die hun beoordeling of de uitkomst van hun onderzoeken kan beïnvloeden, inzonderheid door personen of groepen die bij de resultaten van de certificerings- en toezichtwerkzaamheden belang hebben.

2. De instantie en het personeel dat met de certificerings- en toezichtstaken is belast, moeten hun taken met de grootste beroepsintegriteit en technische bekwaamheid uitvoeren; zij dienen vrij te zijn van alle druk en beïnvloeding, met name van financiële aard, die hun beslissingen of de uitkomst van hun onderzoeken kan beïnvloeden, inzonderheid door personen of groepen die bij de resultaten van de certificerings- en toezichtwerkzaamheden belang hebben.

(1)

Nog niet gepubliceerd in het Publicatieblad.


TOELICHTING

Verordening (EG) nr. 216/2008 (houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008) op het gebied van luchtvaartterreinen, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten maakt deel uit van een pakket waartoe ook het gemeenschappelijke Europese luchtruim behoort en gaat in op kwesties in verband met de luchtvaartveiligheid en de bevoegdheden van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA).

Het is om twee redenen een zeer belangrijke verordening: in de eerste plaats omdat zij zorgt voor aanpassing aan de regels van het gemeenschappelijke Europese luchtruim, en anderzijds omdat zij de bestuursregelingen wijzigt met het oog op de uitvoering van het interinstitutioneel akkoord van juli 2012 over de Europese agentschappen.

Met dit akkoord hebben het Europees Parlement, de Raad en de Commissie overeenstemming bereikt over een gemeenschappelijke benadering van de Europese agentschappen. Dit akkoord is juridisch niet bindend, maar het is gebaseerd op een benadering per geval en bevat verbeteringen op talrijke punten (oprichting van agentschappen, keuze van de zetel, bestuur, werking, gebruik van de middelen of controleregels).

Het hoofddoel van deze verordening is het vaststellen en handhaven van een hoog en uniform veiligheidsniveau voor de burgerluchtvaart in Europa en het vaststellen van de bestuursstructuur van het Europese luchtvaartagentschap.

Zoals in artikel 1 wordt bepaald, is de verordening van toepassing op het ontwerpen, de productie, het onderhoud en de werking van luchtvaartproducten, alsook op personeel en organisaties die zijn betrokken bij het ontwerpen, de productie en het onderhoud, op het personeel dat betrokken is bij de vluchtuitvoering, het ontwerpen en het onderhoud van luchthavens en tot slot op het personeel dat betrokken is bij het luchtverkeersbeheer en bij de luchtnavigatiediensten ATM/ANS (luchtverkeersdiensten, meteorologische diensten voor de luchtvaart, luchtvaartinformatiediensten en communicatie-, navigatie- en toezichtdiensten).

De tekst kan in twee delen worden onderverdeeld:

- het eerste deel is technisch en bevat een reeks definities, beginselen, regels en categorieën organisaties die bevoegd zijn op het gebied van luchtvaartveiligheid en die tot doel hebben Europese standaardveiligheidscriteria vast te stellen;

- het tweede deel is gewijd aan het Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA) en bevat regels inzake het bestuur en de bevoegdheden van het Agentschap.

Met betrekking tot het eerste deel is de rapporteur van mening dat de veiligheidsaspecten versterkt kunnen worden door ervoor te zorgen dat het hoge niveau van toezicht op de certificatie van onderdelen, luchtvaartuigen en technische delen, alsook op de opleiding van piloten en bemanningen, gehandhaafd blijft.

Het is van belang dat de desbetreffende certificaten ook in de toekomst worden afgegeven door gekwalificeerde organismen en dat er steeds nauw wordt samengewerkt tussen de Europese Commissie, het Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart en de nationale luchtvaartinstanties, zodat deze aspecten zo goed mogelijk worden gecoördineerd.

Ook de lidstaten spelen hierbij een hoofdrol, doordat zij onmiddellijk kunnen ingrijpen wanneer er duidelijk sprake is van een veiligheidsprobleem dat betrekking heeft op om het eender welk van de elementen (product, persoon, organisatie) dat onder deze regelgeving valt.

Met betrekking tot het luchtverkeersbeheer en de luchtnavigatiediensten ATM/ANS is de rapporteur het met de Commissie eens dat organisaties die een rol spelen bij het ontwerpen, fabriceren en onderhouden van systemen en onderdelen van de ATM/ANS, die bepalend zijn voor de veiligheid, verplicht moeten worden om in het bezit te zijn van een certificaat

Het tweede deel van de verordening bevat regels inzake het bestuur van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart.

Het EASA is het controleorgaan van de luchtvaartsector van de Europese Unie.

De burgerluchtvaart in Europa is nog steeds zeer verbrokkeld en met de oprichting van het Agentschap (15 juli 2002) hebben de lidstaten van de EU zich tot doel gesteld een unitair Europees regelgevingsmodel te bevorderen en gemeenschappelijke regels vast te stellen voor certificaties en luchtvaartveiligheidsregels.

Het Agentschap behoort gezien zijn takenpakket en de gevolgen van zijn taken voor de lidstaten tot de grootste Europese agentschappen en tot de agentschappen met de meest delicate technische bevoegdheden.

De Europese Commissie heeft de bevoegdheden van EASA en Eurocontrol willen definiëren en onderscheiden door te bepalen dat EASA zich concentreert op het formuleren van en toezien op de technische regelgeving, terwijl de Commissie zelf de economische regelgeving voor haar rekening neemt en Eurocontrol de operationele taken.

Er moet echter voor gezorgd worden dat de uitbreiding van de bevoegdheden en werkzaamheden van het Agentschap niet ten koste gaat van de veiligheid van de luchtvaartsector. Dat moet immers de hoofdtaak van het Agentschap blijven.

In hetzelfde kader stelt de Commissie bovendien voor de naam van het Agentschap te veranderen van EASA (Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart) in Luchtvaartagentschap.

De rapporteur acht het van belang dat het veiligheidsaspect vast verankerd blijft in de rol en de naam van het Agentschap. Daarom dringt hij er bij de Commissie op aan om het woord "veiligheid", dat tot dusverre een specifiek kenmerk van het Agentschap was, niet te laten vallen.

Tot slot is het van belang te bepalen welke rol het Agentschap moet spelen op het internationale toneel. Het is immers duidelijk dat goed moet worden nagedacht over de internationale rol van het Agentschap als dat de totale bevoegdheid krijgt voor de luchtvaart.

Het Agentschap onderhoudt momenteel met diverse belangrijke landen in de wereld (Canada, Singapore, Israël) bilaterale betrekkingen die bestaan in het uitwisselen van informatie (bijvoorbeeld over de zwarte lijst van luchtvaartmaatschappijen uit de hele wereld) en goede praktijken.

De rapporteur acht het belangrijk dat op die weg wordt voortgegaan, zodat de luchtvaart steeds veiliger wordt en er doeltreffende internationale betrekkingen in de luchtvaartsector blijven bestaan.

Hij is van mening dat de versterking van de rol van EASA kan bijdragen aan de totstandkoming van een bevoegd organisme dat wereldwijd erkend wordt.

Het is echter zaak erop toe te zien dat de nieuwe bevoegdheden die aan het Agentschap worden toegekend niet tot verhoging van het budget van het Agentschap leiden, want dat zou betekenen dat een hele reeks kwesties in verband met de begroting van de Europese agentschappen opnieuw ter discussie moeten worden gesteld.

Het is dus van belang dat er naar goede externe instrumenten wordt gezocht die de begroting van het Agentschap zouden kunnen aanvullen, zodat het al zijn nieuwe taken naar behoren kan vervullen.

Na overleg met de belangrijkste spelers in de luchtvaartsector en talrijke personen en organisaties die door deze verordening betroffen zijn heeft de rapporteur besloten geen amendementen in te dienen op het onderdeel veiligheid van de verordening, aangezien hij van alle zijden voldoende waarborgen heeft gekregen dat de voorgestelde regels doeltreffend zijn.

Anders is echter zijn standpunt ten aanzien van de rol van het Agentschap.

De werkelijke uitdaging van de verordening bestaat erin de rol van het nieuwe agentschap te bepalen en zich te bezinnen op de vraag welke rol het in de toekomst moet gaan spelen.

Daarom heeft de rapporteur een paar punten benadrukt, met name met betrekking tot de rol van de uitvoerend directeur en de uitvoerende raad van het Agentschap, die moeten worden aangepast aan het nieuwe interinstitutionele akkoord over de agentschappen en ervoor moeten zorgen dat het Europees Parlement een belangrijke rol krijgt bij het toezicht op het optreden van het Agentschap.

Ook is het van belang dat de structuur van de uitvoerende raad van het Agentschap zo wordt geformuleerd dat geen enkel land bevoor- of benadeeld wordt ten opzichte van de andere landen en dat alle landen erin zijn vertegenwoordigd.

De rapporteur beseft dat dit voor het Europees Parlement een belangrijke gelegenheid is om te beslissen welke rol het Agentschap internationaal moet spelen met het oog op de herverdeling van bevoegdheden binnen de Europese en mondiale luchtvaart.

De rapporteur is het ermee eens om gebruik te maken van gedelegeerde handelingen, die in hoofdzaak betrekking hebben op niet-essentiële technische elementen die regelmatig moeten worden geactualiseerd om rekening te houden met de evolutie van de internationale technische context.


PROCEDURE

Titel

Wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchtvaartterreinen, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten

Document- en procedurenummers

COM(2013)0409 – C7-0169/2013 – 2013/0187(COD)

Datum indiening bij EP

11.6.2013

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

TRAN

1.7.2013

 

 

 

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

David-Maria Sassoli

10.7.2013

 

 

 

Behandeling in de commissie

14.11.2013

20.1.2014

 

 

Datum goedkeuring

30.1.2014

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

28

1

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Georges Bach, Izaskun Bilbao Barandica, Antonio Cancian, Saïd El Khadraoui, Knut Fleckenstein, Jacqueline Foster, Franco Frigo, Mathieu Grosch, Jim Higgins, Dieter-Lebrecht Koch, Georgios Koumoutsakos, Eva Lichtenberger, Marian-Jean Marinescu, Gesine Meissner, Hubert Pirker, Dominique Riquet, David-Maria Sassoli, Olga Sehnalová, Brian Simpson, Artur Zasada

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Phil Bennion, Spyros Danellis, Michel Dantin, Rosa Estaràs Ferragut, Michael Gahler, Bernadette Vergnaud, Janusz Władysław Zemke

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Charalampos Angourakis, Jens Geier

Datum indiening

10.2.2014

Laatst bijgewerkt op: 27 februari 2014Juridische mededeling