Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2005/2546(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

B6-0253/2005

Debatten :

PV 14/04/2005 - 16.2

Stemmingen :

PV 14/04/2005 - 17.2

Aangenomen teksten :

P6_TA(2005)0137

Aangenomen teksten
PDF 81kDOC 35k
Donderdag 14 april 2005 - Straatsburg Definitieve uitgave
Humanitaire hulp aan de vluchtelingen van de Westelijke Sahara
P6_TA(2005)0137B6-0250, 0253, 0257, 0261 en 0264/2005

Resolutie van het Europees Parlement over de humanitaire hulp aan de Sahara-vluchtelingen

Het Europees Parlement ,

–   gezien zijn resolutie over de Westelijke Sahara van 16 maart 2000(1) waarin het de Commissie vraagt de humanitaire hulp aan de Saharaanse vluchtelingen uit te breiden en met name meer humanitaire hulp aan het Saharaanse volk te geven op het gebied van voedsel, gezondheidszorg en onderwijs,

–   gezien zijn resolutie van 23 oktober 2003 over het ontwerp van algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2004, Afdeling III - Commissie(2) , waarin aan de Commissie gevraagd wordt om garanties inzake omvangrijke, ononderbroken humanitaire hulp aan de Saharaanse vluchtelingen,

–   gezien de verslagen van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties van 20 oktober 2004 over de mogelijke vermindering van het MINURSO-personeel (United Nations Mission for the Referendum in Western Sahara), met inbegrip van civiel en administratief personeel (S/2004/827), en van 27 januari 2005 over de situatie in de Westelijke Sahara (S/2005/49), waarin de internationale gemeenschap wordt opgeroepen haar humanitaire hulp aan de Sahara-vluchtelingen voort te zetten totdat het conflict over de Westelijke Sahara is opgelost,

–   gezien het voorstel van 5 mei 2004 aangaande hulp aan de vluchtelingen van de Westelijke Sahara van het Wereldvoedselprogramma van de VN (UNWFP) (WFP/EB.2/2004/4-B/4), dat gewag maakt van een verslechtering van de leefomstandigheden van de Sahara-vluchtelingen (groeiachterstand bij kinderen, ondervoeding, bloedarmoede) ten gevolge van de vermindering van de hulp,

–   gelet op artikel 115, lid 5 van zijn Reglement,

A.   overwegende dat het Sahara-volk zich in vluchtelingenkampen in Algerije bevindt vanwege een onvoltooid dekolonisatieproces, en dat het overleven van dit volk volledig afhangt van internationale humanitaire hulp,

B.  B gezien de verslechtering van de humanitaire situatie die is geconstateerd door een groep leden tijdens hun bezoek van 3-6 maart 2005 aan de Sahara-vluchtelingenkampen bij Tindouf in Zuidwest-Algerije,

C.   overwegende dat het Wereldvoedselprogramma op 26 februari 2005 een oproep heeft gericht aan de donorlanden, waarin wordt gezegd dat het UNWFP vanaf mei 2005 niet meer in staat is een volledig voedselrantsoen van 2100 kcal aan de 158 000 Sahara-vluchtelingen te bieden, door gebrek aan ruime bijdragen en externe hulp, hetgeen ernstige gevolgen op voedings- en gezondheidsgebied kan hebben voor de vluchtelingen, en in de eerste plaats de kinderen en vrouwen,

D.   zijn verontrusting uitsprekend over de uitputting van de voedselvoorraden in mei 2005, waardoor de vluchtelingen die al in een precaire situatie leven, worden blootgesteld aan een ernstige humanitaire crisis indien dan nog geen noodmaatregelen zijn getroffen om een omvangrijke en snelle hulp te bieden om deze ernstige situatie het hoofd te bieden,

E.   overwegende dat de gestage vermindering van de hulp die de Commissie via het departement voor humanitaire hulp (ECHO) aan de Sahara-vluchtelingen biedt dramatische gevolgen zal hebben (verarming van het voedselpakket, verslechtering op het gebied van de gezondheidszorg en het onderwijs),

F.   overwegende dat de Commissie tot in 2002 omvangrijke, specifieke hulp heeft geboden (voedsel, medische zorg, onderwijs, huisvesting, sanitaire voorzieningen) aan de Sahara-vluchtelingen, als aanvulling op de hulp in de vorm van basisproducten die de VN-organen in het kader van hun mandaat gaven,

G.   overwegende dat de humanitaire crisis o.a. veroorzaakt wordt door het uitblijven van werkelijke vorderingen in het zoeken naar een rechtvaardige en duurzame politieke oplossing voor de politieke situatie in de Westelijke Sahara die aanvaardbaar is voor de verschillende partijen,

1.   verzoekt de Commissie onmiddellijk noodhulp te verlenen, waarmee de moeilijke situatie waarin de Sahara-vluchtelingen momenteel leven, kan worden aangepakt;

2.   verzoekt de Commissie de hulp uit te breiden en te diversifiëren, en tenminste op het peil van 2002 te brengen, zodat de Sahara-vluchtelingen een correct voedselminimum wordt gegarandeerd, waarbij tegelijk belang wordt gehecht aan de gezondheidszorg, het onderwijs, de huisvesting en het vervoer;

3.   herhaalt zijn verzoek aan de Commissie, zoals geformuleerd in paragraaf 66 van zijn bovenvermelde resolutie van 23 oktober 2003, om passende maatregelen te treffen om ervoor te zorgen dat de hulp die verleend wordt aan opvangkampen voor Saharaanse vluchtelingen gewaarborgd blijft en dat deze hulp in geen geval, zelfs niet tijdelijk, om louter administratieve redenen wordt opgeschort;

4.   verzoekt de Commissie de Europese NGO's die al praktische ervaring in het veld hebben opgedaan, te betrekken bij de uitvoering van de ECHO-programma's voor de Sahara-vluchtelingen, ten einde te zorgen voor een doeltreffende en snelle uitvoering van de hulp die door de Europese Unie wordt geboden;

5.   verzoekt de Commissie bij te dragen tot de uitbreiding van de capaciteit voor de uitvoering van de humanitaire hulp in de vluchtelingenkampen, in samenwerking met de instellingen van de Sahara die uitsluitend voor dit doel zijn opgezet;

6.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, alsmede aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de regering van Marokko, het Polisario-Front en de voorzitter van de Afrikaanse Unie.

(1) PB C 377 van 29.12.2000, blz. 354.
(2) PB C 82 van 1.4.2004, blz. 457.

Laatst bijgewerkt op: 3 november 2005Juridische mededeling