Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2006/2622(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

B6-0489/2006

Debatten :

PV 07/09/2006 - 11.2
CRE 07/09/2006 - 11.2

Stemmingen :

PV 07/09/2006 - 12.2

Aangenomen teksten :

P6_TA(2006)0357

Aangenomen teksten
PDF 71kDOC 34k
Donderdag 7 september 2006 - Straatsburg Definitieve uitgave
Noord-Koreaanse asielzoekers, met name in Thailand
P6_TA(2006)0357B6-0489, 0494, 0496, 0498 en 0501/2006

Resolutie van het Europees Parlement over Noord-Koreaanse asielzoekers, in het bijzonder in Thailand

Het Europees Parlement,

–   onder verwijzing naar zijn vorige resoluties over Noord-Korea,

–   gelet op de bepalingen van het Verdrag van 1951 betreffende de status van vluchtelingen en het protocol daarbij van 1967,

–   gelet op artikel 115, lid 5 van zijn Reglement,

A.   overwegende dat in de afgelopen jaren tienduizenden Noord-Koreanen hun vaderland zijn ontvlucht vanwege onderdrukking en hongersnood, waarbij sommigen hun leven hebben geriskeerd bij hun reis door China naar Thailand, Vietnam, Cambodja, Zuid-Korea of andere landen in Zuid-Oost-Azië,

B.   overwegende dat de Democratische Volksrepubliek Korea (DVK) het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten heeft geratificeerd,

C.   overwegende dat Thailand een doorgangsland is geworden voor Noord-Koreanen die uit hun thuisland zijn gevlucht, wat de Thaise autoriteiten in een moeilijke situatie brengt ten opzichte van de DVK, een land waarmee zij vriendschappelijke betrekkingen onderhouden,

D.   overwegende dat het aantal vluchtelingen uit Noord-Korea, Myanmar, Laos en China die op doorreis zijn op Thais gebied sedert een jaar aanzienlijk is toegenomen,

E.   overwegende dat de Thaise autoriteiten willen dat hun wetgeving inzake illegale immigratie wordt geëerbiedigd,

F.   overwegende dat de Thaise politie op 22 augustus 2006 een groep van 175 asielzoekers heeft gearresteerd - 37 mannen, 128 vrouwen en 10 kinderen -, die zich twee maanden lang hadden schuilgehouden in een verlaten huis in de Thaise hoofdstad Bangkok,

G.   overwegende dat deze asielzoekers, de grootste groep Noord-Koreanen die ooit in Thailand is gearresteerd, is beschuldigd van illegale binnenkomst in het land en voor een rechtbank moest verschijnen, en dat zij werden veroordeeld tot een boete van 6000 bath ieder (160 USD) en 30 dagen gevangen werden gezet, omdat ze niet in staat waren te betalen,

H.   overwegende dat aan 16 leden van deze groep door de vertegenwoordiging van de VN-Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen (UNHCR) in Bangkok de status van vluchteling is verleend, en dat deze volgens plan binnen enkele dagen Thailand zullen verlaten om naar Zuid-Korea te gaan, dat staatsburgerschap verleent aan overlopers uit het Noorden,

I.   overwegende dat regeringen gebonden zijn aan hun verplichting als partijen bij het Verdrag van 1951 betreffende de status van vluchtelingen en het protocol daarbij van 1967 om de UNHRC toegang te verlenen tot Noord-Koreanen of andere staatsburgers die asiel zoeken in een ander land,

J.   overwegende dat de situatie van de overige asielzoekers precair blijft en dat een spoedige oplossing geboden is,

1.   betreurt, zoals het reeds in vorige resoluties heeft gedaan, dat duizenden Noord-Koreaanse burgers hun land ontvluchten wegens onderdrukking, honger en economische malaise;

2.   dringt er bij de Thaise autoriteiten op aan de Noord-Koreaanse vluchtelingen niet terug te sturen naar hun land, waar hen en hun families zeer nare gevolgen te wachten staan;

3.   doet een beroep op Thailand, dat bekendstaat om zijn lange traditie van gastvrijheid jegens vluchtelingen en dat een verantwoordelijk lid is van de internationale gemeenschap, om in nauwe samenwerking met de UNHCR en andere humanitaire organisaties een snelle en aanvaardbare oplossing te vinden voor deze Noord-Koreaanse vluchtelingen, door hen, wanneer hun celstraf van 30 dagen afgelopen zal zijn, naar een derde land van hun keuze te laten gaan;

4.   roept de landen die bereid zijn hen op te nemen, op dit zo spoedig mogelijk te laten weten, om te voorkomen dat de vluchtelingen nog langer in hechtenis blijven;

5.   verzoekt de Commissie de situatie van de Noord-Koreaanse vluchtelingen nauwgezet in het oog te houden, in samenwerking met de UNHCR en zo nodig passende financiële steun te verlenen;

6.   verzoekt de Raad en de Commissie de kwestie van de Noord-Koreaanse vluchtelingen en asielzoekers tijdens de aanstaande ASEM-top (Azië-Europa-bijeenkomst) van 10-11 september 2006 aan de orde te stellen;

7.   doet een beroep op de regering van de DVK de speciale procedures die zijn ingesteld door de Commissie voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties in acht te nemen;

8.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de regering van het Koninkrijk Thailand, de regering van de Republiek Korea, de regering van de Democratische Volksrepubliek Korea en de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties.

Laatst bijgewerkt op: 23 januari 2007Juridische mededeling