Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2008/2177(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0434/2008

Ingediende teksten :

A6-0434/2008

Debatten :

Stemmingen :

PV 04/12/2008 - 7.12
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0583

Aangenomen teksten
WORD 51k
Donderdag 4 december 2008 - Brussel Definitieve uitgave
Europees Beheersplan voor aalscholvers
P6_TA(2008)0583A6-0434/2008

Resolutie van het Europees Parlement van 4 december 2008 over het opstellen van een Europees Beheersplan voor aalscholvers om de toenemende door aalscholvers veroorzaakte schade aan visbestanden, visserij en aquacultuur te verminderen (2008/2177(INI))

Het Europees Parlement ,

–   gelet op Verordening (EG) nr. 2371/2002 van de Raad van 20 december 2002 inzake de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid(1) ,

–   gezien de mededeling van de Commissie van 11 april 2008 getiteld "De rol van het GVB bij de implementatie van een ecosysteembenadering van het beheer van de zeeën" (COM(2008)0187),

–   gelet op Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand(2) ("Vogelrichtlijn"),

–   gezien de mededeling van de Commissie van 28 mei 2002 betreffende de hervorming van het gemeenschappelijk visserijbeleid (COM(2002)0181),

–   gezien de mededeling van de Commissie van 19 september 2002 getiteld "Een strategie voor de duurzame ontwikkeling van de Europese aquacultuur" (COM(2002)0511),

–   gezien de conclusies van de zitting van de Raad Landbouw en visserij van 27 en 28 januari 2003 in Brussel,

–   onder verwijzing naar zijn resolutie van 15 februari 1996 over het aalscholverprobleem in de Europese visserij(3) ,

–   gezien Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna(4) ,

–   gelet op artikel 45 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie visserij (A6-0434/2008),

A.   gezien de snel groeiende populaties aalscholvers (Phalacrocorax carbo) in de Europese Unie − de totale populatie aalscholvers is in de voorbije 25 jaar in Europa vertwintigvoudigd en telt volgens de voorzichtigste schattingen vandaag 1,7 tot 1,8 miljoen vogels,

B.   overwegende de duurzame en aantoonbare schade in aquacultuurbedrijven en in de bestanden van talrijke in het wild levende vissoorten in binnenwateren en in kustgebieden in vele lidstaten,

C.   overwegende dat voor de implementatie van een ecosysteembenadering van het beheer van de zee- en kustgebieden, alsmede van de binnenwateren een evenwichtig beleid vereist is dat ervoor kan zorgen dat de verschillende maar volstrekt legitieme doelstellingen van een duurzaam gebruik van de visbestanden met elkaar in overeenstemming worden gebracht: aan de ene kant de bescherming en instandhouding van een diverse vogel- en visfauna en aan de andere kant het gerechtvaardigde belang van vissers en viskwekers om visbestanden economisch te exploiteren; verder overwegende dat Verordening (EG) nr. 1100/2007 van de Raad van 18 september 2007 tot vaststelling van maatregelen voor het herstel van het bestand van Europese aal(5) een voorbeeld is van een dergelijk evenwichtig beleid,

D.   overwegende dat vele lidstaten bovendien gebieden kennen waar deze vogels aantoonbaar permanente schade hebben aangericht aan de vegetatie,

E.   overwegende dat er momenteel binnen de EU en met betrokken derde landen onvoldoende samenwerking en multilaterale coördinatie bestaat op wetenschappelijk en bestuurlijk niveau om dit fenomeen in kaart te brengen en zijn ontwikkeling te bestrijden, vooral met betrekking tot de inventarisatie van algemeen erkende gegevens over de totale aalscholverpopulatie in de EU,

F.   overwegende dat de ondersoort Phalacrocorax carbo sinensis (continentale aalscholver) al in 1997 werd geschrapt van de lijst met bedreigde vogelsoorten waarvoor speciale beschermingsmaatregelen met betrekking tot de habitat gelden (bijlage I van de Vogelrichtlijn), omdat deze ondersoort in ieder geval sinds 1995 een "goede staat van instandhouding" (Favourable Conservation Status) had bereikt, terwijl de nooit bedreigde ondersoort Phalacrocorax carbo carbo (Atlantische aalscholver) nooit op deze lijst heeft gestaan,

G.   overwegende dat artikel 9, lid 1, punt a), derde streepje, van de Vogelrichtlijn de lidstaten de mogelijkheid biedt om ter voorkoming van "belangrijke schade" tijdelijke verdedigingsmaatregelen te nemen, indien de beschermingsdoelstellingen van de vogelrichtlijn (in concreto: de goede instandhouding van de vogelsoort) niet in het gedrang komen,

H.   overwegende dat het risico van belangrijke schade buitenproportioneel toeneemt hoe dichter het aantal aalscholvers in een regio "draagkrachtgrens" van de zeeën (carrying capacity) komt te liggen, waarbij gelijktijdig de effectiviteit van lokale verdedigingsmaatregelen sterk afneemt,

I.   overwegende dat het in artikel 9, lid 1, punt a), derde streepje, van de Vogelrichtlijn niet duidelijk gedefinieerde begrip "belangrijke schade", op basis waarvan lidstaten direct mogen ingrijpen om een vogelpopulatie te reguleren, in de nationale administraties tot aanzienlijke rechtsonzekerheid heeft geleid en een belangrijke bron van sociale conflicten vormt,

J.   overwegende dat de conclusies van de internationale deskundigencommissies aangaande de aalscholverproblematiek in Europa elkaar fundamenteel tegenspreken, zoals blijkt uit de eindverslagen van REDCAFE(6) , FRAP(7) en EIFAC(8) ,

K.   overwegende dat de toelating en financiering van maatregelen ter beperking van door aalscholvers veroorzaakte schade weliswaar onder de bevoegdheid van de lidstaten of regio's vallen, maar dat, alleen al omdat de aalscholver een trekvogel is, een duurzaam beheer van de populaties slechts door een gecoördineerd optreden van alle betrokken lidstaten en regio's met de hulp van de Europese Unie verzekerd kan worden,

L.   overwegende dat in de mededeling van de Commissie getiteld "Een strategie voor de duurzame ontwikkeling van de Europese aquacultuur" onder "predatie door beschermde diersoorten" staat: "Aquacultuurinstallaties kunnen te maken krijgen met predatie door wilde vogels en zoogdieren van beschermde soorten. Dit kan de winstgevendheid van een aquacultuurbedrijf aanzienlijk schaden en het bestrijden van predatoren is moeilijk, met name in vijvers en lagunes met een grote oppervlakte. De doeltreffendheid van verschrikkers is twijfelachtig, aangezien dieren daar snel aan wennen. Tegen aalscholvers bijvoorbeeld kunnen de visserij en de aquacultuur waarschijnlijk alleen worden beschermd door een beter beheer van de alsmaar groeiende wilde populaties.",

M.   overwegende dat de Raad op zijn zitting van 27 en 28 januari 2003 met betrekking tot de strategie voor de duurzame ontwikkeling van de Europese aquacultuur erop heeft aangedrongen dat een gemeenschappelijke strategie moet worden ontwikkeld ten aanzien van visetende dieren (bijvoorbeeld aalscholvers),

N.   overwegende de onlangs door de Commissie gepubliceerde "Guidelines for Population Level Management Plans for Large Carnivores"(9) , in het bijzonder ten aanzien van de verduidelijking van de begrippen "Favourable Conservation Status" en "Minimum Viable Population", alsmede ten aanzien van de vaststelling dat de beschermingsdoelstellingen gemakkelijker gehaald kunnen worden als het aantal exemplaren van een soort onder de theoretisch maximale draagkracht van een gebied wordt gehouden,

O.   overwegende dat de tot nog toe uitgeprobeerde en meest uiteenlopende nationale, regionale en lokale maatregelen aantoonbaar slechts een zeer beperkt effect hebben gesorteerd wat betreft de beperking van de door de aalscholverpopulaties veroorzaakte schade,

P.   overwegende dat de in de voorbije jaren beschikbare middelen voor het verzamelen van gegevens in de visserijsector niet volledig werden gebruikt (bijvoorbeeld begrotingsonderdeel 11 07 02: Ondersteuning van het beheer van de visbestanden (verbetering van het wetenschappelijk advies)),

Q.   overwegende dat de momenteel in bijna alle lidstaten overeenkomstig artikel 9 van de Vogelrichtlijn afgekondigde afwijkende regelingen om de schade lokaal te beperken ondanks hoge administratieve en sociale kosten niet tot een duurzame verlichting van het probleem hebben geleid,

R.   overwegende dat de Commissie ondanks herhaalde verzoeken van de betrokkenen (visserij- en hengelaarsverenigingen, aquacultuurbedrijven, enz.), de wetenschappelijke wereld, commissies en vertegenwoordigingen van de lidstaten en regio's geen nieuwe voorstellen heeft willen doen om een Europese problematiek op te lossen,

1.   roept de Commissie en de lidstaten op de regelmatige wetenschappelijke inventarisatie te bevorderen om betrouwbare en algemeen erkende gegevens over de totale populatie en de structuur, alsmede de fertiliteits- en mortaliteitsparameters van de aalscholverpopulatie in Europa beschikbaar te maken;

2.   stelt voor om via een systematische en door de EU en de lidstaten gesteunde monitoring van de aalscholverpopulaties een betrouwbare, geloofwaardige, algemeen erkende en jaarlijks bijgewerkte gegevensbasis voor de ontwikkeling, het aantal en de geografische verspreiding van de aalscholverpopulaties te laten opstellen, waarbij onderzoekscentra voor visserij en het visserijbeheer meer moeten worden betrokken;

3.   roept de Commissie op een offerteaanvraag te doen voor een door haar te financieren wetenschappelijk project dat op basis van momenteel bekende gegevens over broedpopulatie, fertiliteit en mortaliteit een ramingsmodel moet opstellen om de grootte en de structuur van de totale aalscholverpopulatie te ramen;

4.   roept de Commissie en de lidstaten op om op passende manier geschikte voorwaarden te scheppen voor de bilaterale en multilaterale uitwisseling op wetenschappelijk en bestuurlijk niveau, zowel binnen de EU als met derde landen en de herkomst van enquêtes, mededelingen, bijdragen of publicaties, en echter vooral cijfers, zodanig aan te duiden dat een wetenschappelijk, bestuurlijk of georganiseerd karakter, met name van natuur- en vogelbeschermingsverenigingen, duidelijk te herkennen is;

5.   roept de Commissie op de elkaar tegensprekende conclusies met betrekking tot een beheersplan voor aalscholvers van REDCAFE aan de ene kant en FRAP en EIFAC aan de andere kant aan een vergelijkend onderzoek te onderwerpen;

6.   roept de Commissie op een op basis van de betrokkenheid, evenwichtig samengestelde werkgroep op te richten met het bindende mandaat om binnen een jaar een systematische kosten-batenanalyse uit te voeren van mogelijke maatregelen op lidstatenniveau voor het beheer van aalscholvers, hun aannemelijkheid aan de hand van logische en wetenschappelijke criteria te beoordelen en een aanbeveling te doen;

7.   roept de Commissie op een meerlagig en op Europees niveau gecoördineerd beheersplan voor de aalscholverpopulaties voor te leggen, dat de aalscholverpopulaties op lange termijn in het cultuurlandschap integreert, zonder de doelstellingen van de Vogelrichtlijn en Natura 2000 ten aanzien van de vissoorten en de aquatische ecosystemen in gevaar te brengen;

8.   dringt er bij de Commissie op aan om, voor een betere rechtszekerheid, het begrip "belangrijke schade" zoals opgenomen in artikel 9, lid 1, letter a), derde streepje van de Vogelrichtlijn, ten behoeve van een uniforme interpretatie onverwijld duidelijk te definiëren;

9.   roept de Commissie tevens op om algemenere richtsnoeren inzake de aard van de uitzonderingen die zijn toegestaan onder artikel 9, lid 1, van de Vogelrichtlijn op te stellen, waaronder een verduidelijking van de terminologie, wanneer men vindt dat er sprake is van dubbelzinnigheid;

10.   dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan om door intensievere coördinatie, samenwerking en communicatie op wetenschappelijk en bestuurlijk niveau een duurzaam beheer van de aalscholverpopulaties te bevorderen, alsmede geschikte voorwaarden te scheppen voor het opstellen van een Europees bestandbeheersplan voor aalscholvers;

11.   roept de Commissie op alle beschikbare wettelijke instrumenten te evalueren om de negatieve gevolgen van de aalscholverpopulatie op de visbestanden en de aquacultuur te beperken en in haar verdere initiatieven ter bevordering van de aquacultuur in Europa de positieve effecten van een Europees bestandbeheersplan voor de aalscholverpopulatie in aanmerking te nemen en eventueel in deze context voorstellen te doen voor het oplossen van de aalscholverproblematiek;

12.   roept de Commissie en de lidstaten op om in de EU-begroting ter beschikking staande middelen voor het verzamelen van gegevens in de visserijsector, in het bijzonder de middelen van begrotingsonderdeel 11 07 02: Ondersteuning van het beheer van de visbestanden (verbetering van het wetenschappelijk advies), ook ter beschikking te stellen voor onderzoeken, analyses en prognoses van de aalscholverpopulatie in de Europese Unie als voorbereiding op een toekomstige en regelmatige monitoring van deze vogelsoorten;

13.   verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede de regeringen en parlementen van de lidstaten.

(1) PB L 358 van 31.12.2002, blz. 59.
(2) PB L 103 van 25.4.1979, blz. 1.
(3) PB C 65 van 4.3.1996, blz. 158.
(4) PB L 206 van 22.7.1992, blz. 7.
(5) PB L 248 van 22.9.2007, blz. 17.
(6) REDCAFE (Reducing the Conflict between Cormorants and Fisheries on a Pan-European Scale) is een door de Commissie in het kader van het vijfde kaderprogramma voor onderzoek en ontwikkeling gefinancierd project dat in 2005 werd afgesloten.
(7) FRAP (Framework for Biodiversity Reconciliation Action Plans)) is een door de Commissie in het kader van het vijfde kaderprogramma voor onderzoek en ontwikkeling gefinancierd project dat in 2006 werd afgesloten.
(8) EIFAC (European Inland Fisheries Advisory Commission) is een raadgevende regionale visserijcommissie van de FAO voor binnenvisserij en aquacultuur.
(9) Zie: http://ec.europa.eu/environment/nature/conservation/species/carnivores/index_en.htm.

Laatst bijgewerkt op: 29 juli 2009Juridische mededeling