Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2008/0015(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0414/2008

Ingediende teksten :

A6-0414/2008

Debatten :

PV 16/12/2008 - 13
CRE 16/12/2008 - 13

Stemmingen :

PV 17/12/2008 - 5.4
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0612

Aangenomen teksten
DOC 63k
Woensdag 17 december 2008 - Straatsburg Definitieve uitgave
Geologische opslag van kooldioxide ***I
P6_TA(2008)0612A6-0414/2008
Resolutie
 Geconsolideerde tekst
 Bijlage

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 december 2008 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de geologische opslag van kooldioxide en tot wijziging van de Richtlijnen 85/337/EEG en 96/61/EG van de Raad, de Richtlijnen 2000/60/EG, 2001/80/EG, 2004/35/EG en 2006/12/EG en Verordening (EG) nr. 1013/2006 (COM(2008)0018 – C6-0040/2008 – 2008/0015(COD))

(Medebeslissingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement ,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2008)0018),

–   gelet op artikel 251, lid 2 en artikel 175, lid 1 van het EG­Verdrag, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C6-0040/2008),

–   gelet op artikel 51 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en het advies van de Commissie industrie, onderzoek en energie (A6-0414/2008),

1.   hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.   verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in dit voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.   neemt nota van de verklaringen van de Commissie, in bijlage bij deze resolutie;

4.   verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.


Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing vastgesteld op 17 december 2008 met het oog op de aanneming van Richtlijn 2009/…/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de geologische opslag van kooldioxide en tot wijziging van Richtlijn 85/337/EEG van de Raad, de Richtlijnen 2000/60/EG, 2001/80/EG, 2004/35/EG, 2006/12/EG en 2008/1/EG en Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad
P6_TC1-COD(2008)0015

(Aangezien het Parlement en de Raad tot overeenstemming zijn geraakt, komt het standpunt van het Parlement in eerste lezing overeen met het definitieve wetsbesluit: Richtlijn 2009/31/EG.)


BIJLAGE

VERKLARINGEN VAN DE COMMISSIE

Verklaring van de Commissie over de recentste ontwikkelingen bij de ontplooiing van CCS-technologieën

Vanaf 2010 zal de Commissie regelmatig verslag uitbrengen over de recentste ontwikkelingen bij de ontplooiing van CCS-technologieën in het kadervan haar beheersactiviteiten met betrekking tot het netwerk van CCS-demonstratieprojecten. Deze verslagen zullen informatie bevatten over de vooruitgang bij de ontplooiing van CCS-demonstratie-installaties, de vooruitgang van de ontwikkeling van CCS-technologieën, kostenramingen en de ontwikkeling van infrastructuur voor het vervoer en de opslag van CO2.

Verklaring van de Commissie over ontwerp-besluiten inzake vergunning en ontwerp-besluiten inzake overdracht overeenkomstig artikel 10, lid 1, en artikel 18, lid 2, van de richtlijn

De Commissie zal alle adviezen bekendmaken over ontwerp-besluiten inzake vergunningen overeenkomstig artikel 10, lid 1, van de richtlijn, en ontwerp-besluiten inzake overdracht overeenkomstig artikel 18, lid 2. De gepubliceerde versie van de adviezen zal echter geen informatie bevatten waarvan de vertrouwelijkheid is gegarandeerd in het kader van de uitzonderingen op openbare toegang tot informatie overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43) en Verordening (EG) nr. 1367/2006 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Verdrag van Aarhus betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden op de communautaire instellingen en organen (PB L 264 van 25.9.2006, blz. 13).

Verklaring van de Commissie over de vraag of koolstofdioxide een met name genoemde stof dient te zijn met geschikte drempels in het kader van de herziene Sevesorichtlijn

CO2 is een gewone stof, die momenteel niet als gevaarlijk is ingedeeld. Het vervoer van en de opslagplaatsen voor CO2 zijn momenteel dan ook niet opgenomen in Richtlijn 96/82/EG van de Raad van 9 december 1996 betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (Seveso-richtlijn). Op grond van de voorafgaande analyse van de informatie waarover de Commissie beschikt, lijken zowel empirische gegevens als gegevens op basis van modellen aan te tonen dat de risico's voor het vervoer van CO2 via pijpleidingen niet groter zijn dan bij het vervoer van aardgas via pijpleidingen. Hetzelfde lijkt te gelden voor vervoer van CO2 per schip, vergeleken met het vervoer van vloeibaar aardgas of LPG per schip. Er zijn ook aanwijzingen dat het gevaar voor ongevallen in CO2-opslagplaatsen, hetzij door een breuk bij de injectie, hetzij door een lek na de injectie, waarschijnlijk niet significant is. De overweging om van CO2 een met name genoemde stof te maken in het kader van de Seveso-richtlijn, zal in detail worden bekeken bij de geplande herziening van de richtlijn eind 2009, begin 2010. Indien de beoordeling een relevant potentieel gevaar voor ongevallen aan het licht brengt, zal de Commissie voorstellen doen om CO2 als een met name genoemde stof met geschikte drempels op te nemen in de herziene Seveso-richtlijn. In dat geval zal de Commissie ook de nodige wijzigingen voorstellen van bijlage III bij Richtlijn 2004/35/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende milieuaansprakelijkheid met betrekking tot het voorkomen en herstellen van milieuschade (milieuaansprakelijkheidsrichtlijn), om ervoor te zorgen dat alle Seveso-installaties waarin superkritisch CO2 wordt behandeld, in de milieuaansprakelijkheidsrichtlijn worden opgenomen.

Verklaring van de Commissie over de minerale sekwestratie van CO 2

De minerale sekwestratie van CO2 (de binding van CO2 in de vorm van anorganische carbonaten) is een potentiële technologie ter bestrijding van de klimaatverandering die in principe kan worden gebruikt door dezelfde categorieën industriële installaties als voor de geologische opslag van CO2. De technologie bevindt zich momenteel echter nog in het ontwikkelingsstadium. Naast het met de opslag van CO2 gepaard gaande energieverlies(1) is er ook bij het minerale carbonatieproces zelf een aanzienlijk energieverlies, dat eerst moet worden aangepakt alvorens kan worden overgegaan tot de commerciële uitvoering. Zoals bij geologische opslag moeten er ook controles worden uitgevoerd om de milieuveiligheid van de technologie te garanderen. Deze controles zullen waarschijnlijk sterk verschillen van die voor geologische opslag, gelet op de fundamentele verschillen tussen de technologieën. In het licht van deze overwegingen zal de Commissie de technische vooruitgang inzake minerale sekwestratie van nabij volgen met het oog op de totstandbrenging van een wettelijk kader voor milieuveilige minerale sekwestratie en de erkenning ervan in het kader van de regeling voor de handel in emissierechten, wanneer de technologie een geschikt stadium van ontwikkeling heeft bereikt. Gezien de interesse van de lidstaten in de technologie en het tempo van de technologische vooruitgang is een eerste beoordeling aangewezen tegen 2014, of vroeger als de omstandigheden dat rechtvaardigen.

(1) "Energieverlies" is de term die wordt gebruikt om aan te geven dat een installatie voor de opslag of mineralisering van CO2 een deel van haar energie voor die processen gebruikt en zo meer energie nodig heeft dan een installatie met een soortgelijke output zonder opslag of mineralisering.

Laatst bijgewerkt op: 22 september 2009Juridische mededeling