Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2011/2515(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

B7-0110/2011

Debatten :

PV 15/02/2011 - 5
CRE 15/02/2011 - 5

Stemmingen :

PV 17/02/2011 - 6.6

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0066

Aangenomen teksten
PDF 83kDOC 42k
Donderdag 17 februari 2011 - Straatsburg Definitieve uitgave
Rechtsstaat in Rusland
P7_TA(2011)0066B7-0101, 0108, 0110, 0113 en 0151/2011

Resolutie van het Europees Parlement van 17 februari 2011 over de rechtsstaat in Rusland

Het Europees Parlement ,

–  onder verwijzing naar zijn eerdere resoluties over Rusland en de betrekkingen tussen de EU en Rusland, in het bijzonder zijn resoluties van 17 september 2009 over de moord op mensenrechtenactivisten in Rusland(1) , 17 juni 2010 over de conclusies van de topontmoeting EU-Rusland (31 mei – 1 juni 2010)(2) en 21 oktober 2010 over de situatie van de mensenrechten in de noordelijke Kaukasus (Russische Federatie) en de strafrechtelijke vervolging van Oleg Orlov(3) ,

–  gezien de bestaande partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Russische Federatie, anderzijds, en de in 2008 begonnen onderhandelingen over een nieuwe overeenkomst tussen de EU en Rusland,

–  gezien zijn jaarverslag over de mensenrechten in de wereld in 2009, dat in december 2010 is goedgekeurd, in het bijzonder wat de zaak-Magnitski betreft,

–  gezien het mensenrechtenoverleg tussen de EU en Rusland,

–  gezien het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, de verklaring van de VN over mensenrechtenactivisten en de verklaring van de VN inzake het recht en de verantwoordelijkheid van individuele personen, groepen en organen van de samenleving om algemeen erkende mensenrechten en fundamentele vrijheden te bevorderen en te beschermen,

–  gezien het moderniseringspartnerschap waartoe het startsein werd gegeven op de EU-Ruslandtop in Rostov aan de Don in mei 2010, en de belofte van de Russische autoriteiten dat zij zich sterk willen maken voor de rechtsstaat als fundament voor de modernisering van Rusland,

–  gelet op artikel 110, lid 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de Europese Unie zeer nauw betrokken blijft bij de verdere verdieping en ontwikkeling van de betrekkingen tussen de EU en Rusland overeenkomstig de in het moderniseringspartnerschap vastgelegde beginselen, op basis van een verregaande inzet voor democratische beginselen, eerbiediging van de grondrechten, mensenrechten en de rechtsstaat,

B.  overwegende dat Rusland zich als lid van de Raad van Europa en van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en als ondertekenaar van de VN-verklaringen heeft verplicht tot bescherming en bevordering van de mensenrechten, de fundamentele vrijheden en de rechtsstaat,

C.  overwegende dat verschillende processen en gerechtelijke procedures in de afgelopen jaren aanleiding zijn geweest om een vraagteken te zetten achter de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de gerechtelijke instellingen van de Russische Federatie,

D.  overwegende dat de internationale gemeenschap, en met name de EU, vraagtekens heeft geplaatst bij de tweede veroordeling van Michail Chodorkovski en Platon Lebedev op 30 december 2010 tijdens het tweede proces over de activa van Yukos,

E.  overwegende dat Boris Nemtsov en circa 70 andere personen op 31 december 2010 in Moskou na een oppositiedemonstratie zijn gearresteerd,

F.  overwegende dat onafhankelijke journalisten, activisten uit het maatschappelijk middenveld, advocaten en mensenrechtenactivisten vaak het slachtoffer zijn geweest van bedreigingen en gewelddaden, overwegende dat de anti-extremistische wetgeving en de nieuwe bepalingen van de wet op de Federale Veiligheidsdienst aan duidelijkheid te wensen overlaten en daarom vaak worden gebruikt om NGO's, religieuze minderheden en media te intimideren,

G.  overwegende dat de Russische autoriteiten de zaken omtrent de dood van de journalisten Anna Politkovskaja, Natalja Estemirova en Anastasia Baburova, en van de advocaat Sergej Magnitski nog niet hebben opgehelderd,

H.  overwegende dat de Russische president Medvedev bij vele gelegenheden plechtig heeft beloofd de rechtstaat te zullen versterken, en verklaard heeft dat het zijn taak is te zorgen voor een moderne, totaal onafhankelijke rechtspraak, die overeenstemt met het economische ontwikkelingspeil van het land,

1.  herbevestigt zijn overtuiging dat Rusland een van de belangrijkste partners van de Europese Unie is bij de totstandkoming van duurzame samenwerking die berust op democratie en de rechtsstaat;

2.  veroordeelt krachtig de terroristische aanslag op de luchthaven Domodedovo in Moskou en betuigt zijn medeleven met de families van de overledenen en zijn solidariteit met diegenen die bij de aanval gewond zijn geraakt; onderstreept dat de Russische autoriteiten een legaal en doordacht antwoord op deze aanslag moeten geven en de Russische justitie ongestoord en onafhankelijk haar werk moeten laten doen, zodat de verantwoordelijken voor de aanslag worden vervolgd en veroordeeld;

3.  uit zijn bezorgdheid over berichten over politiek gemotiveerde rechtszaken, oneerlijke processen en verzuim om ernstige misdaden zoals moord, intimidatie en andere gewelddaden te onderzoeken; dringt er bij de Russische gerechtelijke en rechtshandhavingautoriteiten op aan dat zij hun taken effectief, onpartijdig en onafhankelijk uitvoeren om plegers van misdaden voor het gerecht te brengen;

4.  spreekt zijn bezorgdheid uit over het vonnis in het recente tweede proces tegen Michail Chodorkovski en Platon Lebedev, en hun veroordeling; wijst nadrukkelijk op de serieuze juridische kanttekeningen die bij dit proces en bij de vorige processen tegen de twee zijn geplaatst en roept op tot een onafhankelijke rechterlijke toetsing bij het aanhangige hoger beroep tegen het vonnis; verzoekt de Russische autoriteiten alles te doen wat in hun macht ligt om het rechtsstelsel te verbeteren, overeenkomstig de toezeggingen van president Dmitri Medvedev om meer rechtvaardigheid en transparantie tot stand te brengen;

5.  dringt er bij de Ombudsman van de Russische Federatie op aan een onderzoek te gelasten naar de aanklacht en de lopende procedures tegen de winnaar van de Sacharov-prijs 2009 voor de vrijheid van meningsuiting, Oleg Orlov; herinnert eraan dat er geen daadwerkelijk onderzoek heeft plaatsgevonden naar de moord op Natalia Estemirova, een vooraanstaand lid van Memorial in Tsjetsjenië;

6.  betreurt het uiteendrijven van de vreedzame bijeenkomsten die tweemaandelijks op de laatste dag van de maand worden gehouden in verband met artikel 31 van de Russische grondwet, alsook de herhaalde arrestaties van oppositieleden zoals Boris Nemtsov;

7.  spoort de voorzitters van de Raad en de Commissie, evenals de hoge vertegenwoordiger ertoe aan om deze zaken nauwlettend te blijven volgen en om de kwestie in verschillende vormen en op verschillende vergaderingen met Rusland aan te kaarten, met name tijdens de volgende topontmoeting EU-Rusland;

8.  wijst de Raad en de hoge vertegenwoordiger erop dat hun een omvattend pakket adequate maatregelen ter beschikking staat wanneer zij vaststellen dat de mensenrechten systematisch met voeten worden getreden en de rechtsstaat wankelt;

9.  verzoekt de EU en Rusland om de onderhandelingen over een nieuwe bindende en omvattende partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst te intensiveren en bekrachtigt zijn nadrukkelijke steun voor een ruime overeenkomst die ook betrekking heeft op democratie, de rechtsstaat, eerbiediging van de mensenrechten en de grondrechten; onderstreept dat het van belang is het doeltreffend functioneren van de rechterlijke macht te waarborgen en de corruptiebestrijding te intensiveren;

10.  spreekt zijn bezorgdheid uit over het grote aantal schendingen van de mensenrechten in Rusland, inclusief het recht van vreedzame vergadering, en onderstreept het belang van een permanente dialoog over de mensenrechten in het kader van het mensenrechtenoverleg tussen de EU en Rusland, met focus op de stappen die de Russische autoriteiten hebben ondernomen om de veiligheid van mensenrechtenactivisten te garanderen;

11.  benadrukt dat volledige eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat het imago en de geloofwaardigheid van Rusland in de wereld ten goede zullen komen, wat in het bijzonder geldt voor de betrekkingen van het land met de Europese Unie, die belangrijk zijn en zich moeten ontwikkelen tot een strategisch partnerschap, gelet op de wederzijdse afhankelijkheid en de diverse gemeenschappelijke belangen van beide partijen, met name bij de samenwerking op het gebied van politiek, veiligheid, economie en energie, maar ook bij de eerbiediging van democratische beginselen en procedures, de rechtsstaat en de fundamentele mensenrechten;

12.  verzoekt de Commissie het Parlement zo spoedig mogelijk een analyse te verstrekken met betrekking tot de vraag of de juridische maatregelen tegen Yukos en hun leidinggevenden verenigbaar zijn met de eisen waaraan Rusland moet voldoen voor een volledig lidmaatschap van de WTO;

13.  wijst erop dat Rusland als lid van de Raad van Europa zich heeft vastgelegd op volledige eerbiediging van de Europese normen voor democratie, grond- en mensenrechten en de rechtsstaat; verzoekt in dat opzicht de Russische autoriteiten alle uitspraken van het Europees Hof voor de rechten van de mens na te leven en maatregelen uit te voeren om schendingen in individuele gevallen te corrigeren, met name door ervoor te zorgen dat effectieve onderzoeken worden gevoerd en door de daders aansprakelijk te stellen, en algemene maatregelen vast te stellen om de uitspraken na te leven, inclusief veranderingen in het beleid en de wetgeving, om te voorkomen dat soortgelijke schendingen zich nog in de toekomst voordoen;

14.  herhaalt zijn verzoek om het mensenrechtenoverleg te intensiveren, en het doeltreffender en meer resultaatgericht te maken, waarbij de Russische ministeries van Justitie, Binnenlandse Zaken en Buitenlandse Zaken deelnemen aan de bijeenkomsten in Brussel en in Moskou, terwijl het Europees Parlement er op alle niveaus ten volle bij moet worden betrokken; herinnert de hoge vertegenwoordiger aan het begrotingsbesluit van het Parlement om een forum voor het maatschappelijk middenveld op te richten;

15.  verzoekt de Raad en de Commissie Rusland praktische bijstand en expertise te bieden opdat de rechterlijke macht en de rechtshandhavingorganen onafhankelijker kunnen gaan opereren, en het rechtsstelsel meer mogelijkheden krijgt om weerstand te bieden aan politieke en economische druk; onderstreept dat de Europese Unie een bijdrage wil leveren aan de ontwikkeling van zo'n ondersteunend programma voor de rechterlijke macht, en aan scholing en training, in het bijzonder op het vlak van mensenrechtenvraagstukken, van rechtshandhavingpersoneel, openbare aanklagers en rechters;

16.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de regering en het parlement van de Russische Federatie, de Raad van Europa en de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa.

(1) PB C 224 E van 17.9.2009, blz. 27.
(2) Aangenomen teksten P7_TA(2010)0234.
(3) Aangenomen teksten P7_TA(2010)0390.

Laatst bijgewerkt op: 4 juni 2012Juridische mededeling