Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2011/2828(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B7-0525/2011

Debatten :

PV 27/09/2011 - 13
CRE 27/09/2011 - 13

Stemmingen :

PV 29/09/2011 - 10.2

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0429

Aangenomen teksten
PDF 73kWORD 35k
Donderdag 29 september 2011 - Straatsburg Definitieve uitgave
De situatie in Palestina
P7_TA(2011)0429B7-0525, 0526, 0527, 0528 en 0529/2011

Resolutie van het Europees Parlement van 29 september 2011 over de situatie in Palestina

Het Europees Parlement ,

–  gezien zijn eerdere resoluties over het Midden-Oosten,

–  gezien de conclusies van de Raad van 8 december 2009, 13 december 2010 en 18 juli 2011 over het vredesproces in het Midden-Oosten,

–  gezien het Handvest van de Verenigde Naties,

–  gezien de relevante VN-resoluties, resoluties 181 (1947) en 194 (1948) van de Algemene Vergadering van de VN, en resoluties 242 (1967), 338 (1973), 1397 (2002), 1515 (2003) en 1850 (2008) van de VN-Veiligheidsraad,

–  gezien de verklaringen van het Midden-Oostenkwartet en met name die van 23 september 2011,

–  gezien artikel 110, lid 4, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat Mahmoud Abbas, president van de Palestijnse Autoriteit, tijdens de 66ste zitting van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties heeft gevraagd om erkenning van de staat Palestina en lidmaatschap van de Verenigde Naties,

B.  overwegende dat Palestina in de Algemene Vergadering van de VN de status van permanent waarnemer als entiteit (non-member permanent observer entity) heeft ,

C.  overwegende dat de Algemene Vergadering van de VN in haar resolutie 181 van 29 november 1947 heeft opgeroepen tot de creatie van twee staten op het grondgebied van het voormalige Mandaat voor Palestina,

D.  overwegende dat de EU herhaaldelijk haar steun heeft bevestigd voor de tweestatenoplossing met de staat Israël en een onafhankelijke, democratische, aangrenzende en levensvatbare staat Palestina, die zij aan zij leven in vrede en veiligheid, heeft opgeroepen tot de hervatting van directe vredesgesprekken tussen Israël en de Palestijnen en heeft verklaard dat geen andere wijzigingen van de grenzen van vóór 1967, inclusief met betrekking tot Jeruzalem, zullen worden erkend dan degene die door de partijen zijn overeengekomen,

E.  overwegende dat volgens de beoordelingen van de Wereldbank, het IMF en de VN de Palestijnse Autoriteit zich boven de drempel voor een functionerende staat bevindt in de kernsectoren die deze instanties hebben onderzocht en dat de Palestijnse instellingen gunstig afsteken bij die van gevestigde staten,

F.  overwegende dat het recht van de Palestijnen op zelfbeschikking en een eigen staat onbetwistbaar is, net als het recht van Israël op een bestaan binnen veilige grenzen,

G.  overwegende dat de „Arabische lente” het nog dringender heeft gemaakt een oplossing te vinden voor het Israëlisch-Palestijns conflict, hetgeen van wezenlijk belang is voor de betrokken partijen, voor alle volkeren in de regio en voor de internationale gemeenschap,

H.  overwegende dat de ministers van Buitenlandse Zaken van de EU-lidstaten op de informele bijeenkomst op 2 en 3 september 2011 uiteenlopende standpunten hebben ingenomen tijdens de bespreking van het vredesproces in het Midden-Oosten en van de desbetreffende diplomatieke initiatieven die werden overwogen tijdens de septemberzitting van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties,

1.  verzoekt de hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter van de Commissie en de regeringen van de lidstaten van de EU hun inspanningen voort te zetten om te komen tot een gezamenlijk EU-standpunt over het verzoek van de Palestijnse Autoriteit om lidmaatschap van de VN, en onenigheid tussen lidstaten te voorkomen;

2.  zegt zijn steun toe aan en roept de lidstaten ertoe op eensgezind te reageren op het legitieme verzoek van het Palestijnse volk om, na afsluiting van de onderhandelingen tijdens de huidige 66ste zitting van de Algemene Vergadering van de VN, als staat in de Verenigde Naties vertegenwoordigd te zijn;

3.  verzoekt tegelijkertijd de internationale gemeenschap, met inbegrip van de EU en de EU-lidstaten, zich opnieuw met klem toegewijd te verklaren aan de veiligheid van de staat Israël;

4.  herhaalt zijn krachtige steun voor de tweestatenoplossing , met als basis de grenzen van 1967 en Jeruzalem als hoofdstad van beide staten, waarbij de staat Israël en een onafhankelijke, democratische, aangrenzende en levensvatbare staat Palestina zij aan zij leven in vrede en veiligheid;

5.  erkent en is verheugd over het succes van de inspanningen voor staatsopbouw van president Mahmoud Abbas en premier Salam Fayyad, die door de EU gesteund en door diverse internationale actoren onderschreven zijn;

6.  onderstreept eens te meer dat vreedzame en geweldloze middelen de enige manier zijn om tot een duurzame oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict te komen;

7.  wijst erop dat de rechtstreekse onderhandelingen over een tweestatenoplossing tussen Israëliërs en Palestijnen onverwijld en aan de hand van de door het Kwartet voorgestelde termijnen moeten worden hervat met het oog op een oplossing voor de onaanvaardbare status quo; onderstreept eens te meer dat alle stappen die de kansen op een via onderhandelingen tot stand te brengen akkoord kunnen ondermijnen, moeten worden vermeden en dat geen andere wijzigingen van de grenzen van vóór 1967, inclusief met betrekking tot Jeruzalem, zullen worden erkend dan degene die door de partijen zijn overeengekomen; wijst erop dat eventueel hieruit voortvloeiende resoluties de waardigheid van beide partijen niet mogen aantasten; verzoekt de Israëlische regering een eind te maken aan elke bouw en uitbreiding van de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jerusalem; dringt aan op stopzetting van de raketaanvallen tegen Israël vanaf de Gazastrook en onderstreept de noodzaak van een blijvend staakt-het-vuren;

8.  dringt er bij de EU en haar lidstaten op aan in het kader van de inspanningen om tot een rechtvaardige en duurzame vrede tussen Israëli's en Palestijn te komen, een eensgezind standpunt in te nemen en een actieve rol te blijven vervullen, onder meer in het Kwartet; benadrukt de centrale rol van het Kwartet en staat volledig achter de hoge vertegenwoordiger in haar niet-aflatende inspanningen om het Kwartet een geloofwaardig perspectief voor de hervatting van het vredesproces te laten scheppen;

9.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de voorzitter van de Algemene Vergadering van de VN, de regeringen en de parlementen van de leden van de VN-Veiligheidsraad, de afgezant van het Midden-Oostenkwartet, de Knesset en de regering van Israël, de president van de Palestijnse Autoriteit en de Palestijnse Wetgevende Raad.

Laatst bijgewerkt op: 7 januari 2013Juridische mededeling