Europees parlement

Choisissez la langue de votre document :

Parlementaire vragen
6 oktober 2009
E-4692/09
SCHRIFTELIJKE VRAAG van Nirj Deva (ECR) aan de Commissie

 Betreft: Situatie van de Bhutaanse vluchtelingen
 Antwoord(en) 

De Bhutaanse vluchtelingen in Nepal en India doen al twintig jaar een beroep op het recht om terug te keren naar Bhutan. Er zijn inmiddels verschillende onderhandelingsrondes geweest tussen de regeringen van Bhutan en Nepal om voor deze kwestie een oplossing te vinden. De vluchtelingen moesten echter over Indiaas grondgebied om asiel te kunnen aanvragen in Nepal en India besloot niet deel te nemen aan de bilaterale besprekingen vanwege de speciale relatie tussen Bhutan en India.

Na tussenkomst door de internationale gemeenschap leek het voorstel van hervestiging in derde landen een aanvaardbare oplossing.

Bij permanente oplossingen zou er echter ruimte moeten zijn voor de vluchtelingen om naar hun land terug te keren, indien zij dat willen. Hiervoor zijn meerdere redenen aan te dragen, waaronder het feit dat de vluchtelingen met name zelfvoorzienende boeren zijn die zich moeilijk kunnen aanpassen aan de economieën van ontwikkelde landen. Daarnaast is hervestiging geen gepaste of moreel aanvaardbare oplossing voor oudere mensen, staat een groot deel van de ontheemde Bhutaanse vluchtelingen negatief tegenover het programma voor hervestiging in derde landen, en wordt in verscheidene internationale verdragen het beginsel van het recht van terugkeer bevestigd, waaronder het Verdrag van Genève uit 1951 betreffende de status van vluchtelingen.

Wat is de visie van de Commissie op het recht van de Bhutaanse vluchtelingen om terug te keren naar Bhutan?

Wat is voorts de rol van ECHO in dit verband, en hoe zeker is de ECHO-financiering van het vluchtelingenkamp?

Oorspronkelijke taal van de vraag: ENPB C 10 E van 14/01/2011
PB C 10 E van 14/01/2011
Laatst bijgewerkt op: 9 oktober 2009Juridische mededeling