VERSLAG over de voordracht van Lucian Romașcanu voor de benoeming tot lid van de Rekenkamer

24.3.2025 - (C10‑0010/2025 – 2025/0801(NLE))

Commissie begrotingscontrole
Rapporteur: Tomáš Zdechovský

Procedure : 2025/0801(NLE)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
A10-0039/2025
Ingediende teksten :
A10-0039/2025
Debatten :
Aangenomen teksten :

ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de voordracht van Lucian Romașcanu voor de benoeming tot lid van de Rekenkamer

(C10‑0010/2025 – 2025/0801(NLE))

(Raadpleging)

Het Europees Parlement,

 gezien artikel 286, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C10‑0010/2025),

 gezien artikel 133 van zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A10-0039/2025),

A. overwegende dat de Raad bij schrijven van 12 februari 2025 het Europees Parlement heeft geraadpleegd over de benoeming van Lucian Romașcanu tot lid van de Rekenkamer;

B. overwegende dat zijn Commissie begrotingscontrole de kwalificaties van Lucian Romașcanu heeft onderzocht, met name gelet op de in artikel 286, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie vermelde voorwaarden; overwegende dat de commissie in het kader van dit onderzoek een curriculum vitae van Lucian Romașcanu heeft ontvangen, alsmede de antwoorden op de hem toegezonden schriftelijke vragenlijst;

C. overwegende dat deze commissie Lucian Romașcanu vervolgens op 18 maart 2025 heeft gehoord, waarbij hij een inleidende verklaring heeft afgelegd en daarna de door de leden van de commissie gestelde vragen heeft beantwoord;

1. brengt positief advies uit over de voordracht van de Raad voor de benoeming van Lucian Romașcanu tot lid van de Rekenkamer;

2. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de Raad en, ter informatie, aan de Rekenkamer, alsook aan de overige instellingen van de Europese Unie en de controle-instanties van de lidstaten.

 


 

 

BIJLAGE 1: CURRICULUM VITAE VAN LUCIAN ROMAȘCANU

OVER MEZELF

Gehuwd, twee kinderen

Politicus met belangrijke ervaring in het parlement en de regering, voorafgegaan door talloze werkervaringen in de particuliere sector.

Vertrouwd met publieke en Europese middelen in diverse overheidsfuncties, waaronder minister, senator en prefect van een district.

ONDERWIJS EN OPLEIDING

[ 2000 – 2002 ] Executive MBA

University of Washington, Seattle / ASEBUSS Boekarest

Stad: Boekarest | Land: Roemenië |

[ 1986 – 1991 ] Bachelor of science

Academie voor Economische Studies

Stad: Boekarest | Land: Roemenië |

WERKERVARING

[ 28/10/2024 – Nu ] Prefect

Districtsraad van Buzău

Stad: Buzău | Land: Roemenië

 Verkozen via een districtenstelsel

 Bestuurlijke coördinatie van het district Buzău (404 000 inwoners, 87 gemeenten en steden)

 Jaarlijkse begroting: meer dan 100 miljoen euro

[ 21/12/2016 – 27/10/2024 ] Senator

Senaat van Roemenië

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

Diverse functies binnen het Roemeense parlement:

 Voorzitter van de commissie voor Cultuur en Media

 Voorzitter van de Roemeense parlementaire delegatie bij de Parlementaire Vergadering van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE)

 Fractievoorzitter van de Sociaaldemocratische Partij in de Senaat

[ 11/2021 – 06/2023 ] Minister van Cultuur

Regering van Roemenië

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

Jaarlijkse begroting: meer dan 300 miljoen euro

 

[ 06/2017 – 01/2018 ] Minister van Cultuur

Regering van Roemenië

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

Jaarlijkse begroting: meer dan 270 miljoen euro

[ 2015 – 2016 ] Managementadviseur van de Raad van Bestuur

Roemeense Nationale Televisie

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Staatsbedrijf

 Beheer van vijf nationale tv-zenders

 Jaarlijkse omzet: 67 miljoen euro

 2 450 medewerkers

[ 2012 – 2015 ] Algemeen directeur

Dogan Media International

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Turks kapitaal

 Jaarlijkse omzet: 20 miljoen euro

 Meer dan 400 medewerkers

 Omzetgroei op jaarbasis: 32 %

[ 2009 – 2012 ] Algemeen directeur

Cancan Media

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Jaarlijkse omzet: 8 miljoen euro

 140 medewerkers

 Omzetgroei op jaarbasis: 12 %

[ 2006 – 2009 ] Algemeen directeur

Ringier Romania

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Zwitsers kapitaal

 Jaarlijkse omzet: 30 miljoen euro

 240 medewerkers

[ 2004 – 2006 ] Algemeen directeur

Best Print Services

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Jaarlijkse omzet: 10 miljoen euro

 110 medewerkers

 Onderhandelingen over financiering en toezicht op investeringsprogramma’s

 Ontwikkeling en uitvoering van ERP-systemen

 Omzetgroei op jaarbasis: 18 %

[ 2002 – 2004 ] Algemeen directeur

HL Display Romania

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Zweeds kapitaal

 Start-upbedrijf

 Jaarlijkse omzet: 1 miljoen euro

 Vijf medewerkers

 Verantwoordelijk voor de winst- en verliesrekening

 Verantwoordelijkheid voor budgettering, inkomsten en kostenbeheersing

 

[ 1999 – 2002 ] Commercieel directeur

Ringier Romania

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Zwitsers kapitaal

 Coördinatie van het verkoopteam (14 personen)

 Ontwerp van de verkoopstrategie, planning, vaststelling van verkoopdoelstellingen

 Verkooppresentaties aan mediabureaus en belangrijke klanten; onderhandelingen over contracten

[ 1997 – 1999 ] Commercieel directeur

MediaPro Holding

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Organisatie en harmonisatie van de verkoopstructuren van de verschillende ondernemingen van de groep

 Ontwerp van de verkoopstrategie, planning, vaststelling van verkoopdoelstellingen

 Verkooppresentaties aan mediabureaus en belangrijke klanten; verantwoordelijkheid voor onderhandelingen over de verkoopbegrotingen, grondige reorganisatie van de verkoopstructuur van 16 verschillende ondernemingen

[ 1993 – 1997 ] Landvertegenwoordiger Amorim Irmãos

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Start-upbedrijf

 Jaarlijkse omzet: 4 miljoen euro

 Aanwezigheid op de Roemeense markt opbouwen en leidende positie verwerven en behouden (marktaandeel van 90 %)

[ 1991 – 1993 ] Accountmanager

Vinexport Trading Co.

Stad: Boekarest | Land: Roemenië

 Coördinatie van de uitvoer naar de Nederlandse, Canadese en Israëlische markt

 Deelnemen aan onderhandelingen, toezicht houden op leveringen, opstellen van uitvoerdocumenten

LEIDINGGEVENDE KWALITEITEN

Sterke leider en ervaren onderhandelaar

 Effectieve coördinatie van teams

 Nauwkeurige herkenning en afbakening van verantwoordelijkheden en hiërarchieën, multitasking met oog voor detail

 Analytisch denkvermogen, gecombineerd met resultaatgerichtheid

 Uitstekende communicatie- en presentatievaardigheden

 Sterke onderhandelingsvaardigheden in diverse culturele en zakelijke contexten

COMMUNICATIEVE EN SOCIALE VAARDIGHEDEN

Uitstekende communicator, flexibel en volhardend

 Uitstekende interpersoonlijke en communicatieve vaardigheden binnen verschillende omgevingen, bij het coördineren en motiveren van teams van verschillende grootte

 Gedreven, proactief, dynamisch, volhardend, flexibel en in staat snel nieuwe informatie op verschillende terreinen te assimileren

TALENKENNIS

Moedertaal (moedertalen): Roemeens

Andere talen:

Engels

LUISTEREN C2 LEZEN C2 SCHRIJVEN C2

SPREKEN C2 DEELNEMEN AAN EEN GESPREK C2

Frans

LUISTEREN B2 LEZEN B2 SCHRIJVEN B1

SPREKEN B1 DEELNEMEN AAN EEN GESPREK B1

Niveaus: A1 en A2: basisgebruiker; B1 en B2: onafhankelijke gebruiker; C1 en C2: vaardige gebruiker

DIGITALE VAARDIGHEDEN

Mijn digitale vaardigheden

Uitstekende beheersing van Microsoft Office (Word, Excel, Outlook) | Ervaren in het gebruik van computers en internet | Kennis van Enterprise Resource Planning-software (ERP) | Ervaring met verandermanagement: van organisatorische veranderingen tot de invoering van klantenrelatiebeheer

RIJBEWIJS

Motorfietsen:  A

Auto’s:  B

HOBBY’S EN INTERESSES

Gepassioneerd lezer, liefhebber van sport en muziek

BIJLAGE 2: ANTWOORDEN VAN LUCIAN ROMAȘCANU OP DE VRAGENLIJST

Vragenlijst voor kandidaat-leden van de Rekenkamer

Beroepservaring

1. Gelieve een overzicht te geven van uw beroepservaring op het gebied van overheidsfinanciën, d.w.z. op gebieden als financiële programmering, uitvoering van de begroting, begrotingsbeheer, begrotingscontrole of audits.

 A:

 Als directeur in de particuliere sector

i. Ik heb in de verschillende bedrijven die ik heb geleid begrotingen van tientallen miljoenen euro’s voorgesteld, besproken, goedgekeurd en gecontroleerd.

 

 Als senator in het Roemeense parlement:

i. Ik heb acht Roemeense jaarbegrotingen besproken, gewijzigd en goedgekeurd en heb daarbij alle werkzaamheden uitgevoerd die met dit arbeidsintensieve proces gepaard gaan.

ii. Ik was verantwoordelijk voor zowel het ontvangen en analyseren als het wijzigen, goedkeuren of verwerpen van de begrotingen van de organisaties die onder direct toezicht staan van de Roemeense Senaat. Het gaat daarbij onder meer om de Roemeense nationale televisie, de Roemeense nationale radio, het Roemeense culturele instituut en de nationale audiovisuele raad.

iii. Ik werkte mee aan beslissingen op topniveau tijdens grote crises, waaronder de COVID-19-pandemie en de energiecrisis, waarbij de gevolgen voor de begroting en de controle over besluiten een belangrijke prioriteit waren.

 

 Als minister van Cultuur

i. Ik analyseerde de begrotingen van de afgelopen jaren en trok op basis daarvan conclusies over de vorige begrotingsprestaties en nam waar nodig corrigerende maatregelen.

ii. Ik stelde de jaarlijkse begrotingen op, onderhandelde erover met het ministerie van Financiën en presenteerde ze voor het Roemeense parlement – de jaarlijkse begroting van het ministerie van Cultuur bedraagt ongeveer 300 miljoen euro.

iii. Ik hield toezicht op de uitvoering van de jaarlijkse begrotingen, zowel wat de prestaties als wat de wettigheid betreft.

iv. Ik heb nauw samengewerkt met de Roemeense rekenkamer in alle aspecten van haar werkzaamheden met betrekking tot mijn ministerie.

 

 Als prefect van het district Buzău

i. Ik analyseerde de begrotingen van voorgaande jaren om zo de financiële prestaties van het district te kunnen beoordelen en stelde vervolgens begrotingscorrecties op voor de volgende periode.

ii. Ik stelde de begroting voor 2025 op en zag toe op de goedkeuring ervan door de leden van de districtsraad – de jaarlijkse begroting bedraagt ongeveer 110 miljoen euro.

2. Wat zijn uw belangrijkste prestaties tijdens uw loopbaan?

 A: Gezien de reikwijdte van deze vragenlijst zou ik een aantal prestaties op financieel en begrotingsgebied willen noemen:

i. In mijn eerste ambtstermijn als minister heb ik de begroting van het ministerie van Cultuur met 47 % kunnen verhogen en hield ik toezicht op een uitvoeringspercentage van meer dan 98 % en dat zonder enig afkeurend advies van de Roemeense rekenkamer.

ii. Als fractieleider van de Sociaaldemocratische Partij in de Senaat speelde ik een sleutelrol in de onderhandelingen en de succesvolle stemming over de jaarlijkse begrotingen van Roemenië binnen de daarvoor gestelde termijn.

iii. Als parlementslid tijdens de COVID-19-crisis wist ik samen met mijn collega’s te zorgen voor alle middelen die de staat nodig had om het hoofd te bieden aan de pandemie door de nodige parlementaire besluiten te nemen. Ook zag ik erop toe hoe deze middelen werden toegewezen en besteed.

3. In hoeverre hebt u beroepservaring opgedaan bij internationale multiculturele en meertalige organisaties of instellingen die in andere landen dan uw thuisland zijn gevestigd?

 A:

i. In de particuliere sector werkte ik in topfuncties voor multinationale ondernemingen en kreeg ik de kans om kennis te maken met verschillende culturen binnen de organisaties waarvoor ik werkte.

ii. Als lid van het Roemeense parlement en voorzitter van een commissie was ik voortdurend betrokken bij activiteiten rond parlementaire diplomatie met vertegenwoordigers van verschillende landen en culturen. Als voorzitter van de delegatie van het Roemeense parlement bij de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) nam ik deel aan vergaderingen, besprekingen en onderhandelingen met vertegenwoordigers van meer dan 50 lidstaten.

iii. Als minister kreeg ik de kans om mijn agenda te vullen met ontmoetingen en onderhandelingen met collega’s uit verschillende landen en culturen.

4. Heeft men u kwijting verleend voor de managementtaken die u voorheen uitvoerde, indien een dergelijke procedure van toepassing was?

 A: De taken die ik in het verleden heb uitgevoerd, waren niet onderworpen aan een kwijtingsprocedure.

5. Welke van de door u vervulde functies waren het gevolg van een politieke benoeming?

 A: Gedurende de afgelopen acht jaar van mijn loopbaan bekleedde ik een overheidsfunctie na algemene of lokale verkiezingen en werd ik twee keer benoemd tot minister van Cultuur. Ik vervulde deze functies als lid van de Sociaaldemocratische Partij (PSD).

6. Kunt u de drie belangrijkste beslissingen noemen waarbij u tijdens uw loopbaan betrokken bent geweest?

 A: In mijn decennialange loopbaan heb ik een aantal belangrijke beslissingen genomen die het verschil hebben gemaakt en waar ik trots op ben. Ik zal er drie noemen die relevant zijn voor de drie belangrijkste hoofdstukken van mijn loopbaan tot dusver, namelijk in de particuliere sector, de regering en het parlement:

i. Een van de belangrijke beslissingen die ik in mijn jaren als manager in de particuliere sector heb genomen, was de grondige herstructurering van de divisie die ik binnen Ringier Romania onder mijn hoede had, met als gevolg dat de titels van kranten en tijdschriften in mijn portefeuille goed waren voor 50 % van de omzet en bijna 100 % van de winst van de groep.

ii. Als minister van Cultuur ben ik erin geslaagd de begroting te herstructureren en te stroomlijnen om aan binnenlandse culturele projecten 270 % meer geld toe te wijzen dan in het voorgaande jaar.

iii. Als senator en fractieleider steunde ik, voerde ik in de commissies onderhandelingen over en verkreeg ik voldoende stemmen voor de investeringsprogramma’s van de regering, met inbegrip van projecten in het kader van de herstel- en veerkrachtfaciliteit, die in 2024 bijna 7 % van het Roemeense bbp bedroegen.

Onafhankelijkheid

7. In het Verdrag is bepaald dat de leden van de Rekenkamer hun ambt “volkomen onafhankelijk” moeten uitoefenen. Hoe zou u bij de uitoefening van uw toekomstige functie invulling geven aan deze verplichting?

A: Als ik word benoemd tot lid van de Rekenkamer, verbind ik mij ertoe mijn taken volledig onafhankelijk en volgens de hoogste ethische normen uit te voeren, in het algemeen belang van de Europese Unie en van de Europese burgers, en met volledige inachtneming van de bepalingen van de Verdragen en het reglement van orde van de Rekenkamer. Ik zal de bepalingen van de gedragscode voor de leden van de Rekenkamer volledig naleven en de daarin verankerde ethische beginselen in acht nemen, te weten: integriteit, onafhankelijkheid, objectiviteit, bekwaamheid, professioneel gedrag, vertrouwelijkheid, transparantie, waardigheid, inzet, loyaliteit, discretie en collegialiteit.

Ik zal geen instructies van overheids- of niet-overheidsinstellingen, -organen, -bureaus of -entiteiten vragen noch aanvaarden. Tegelijkertijd zal ik mij onthouden van elke handeling die onverenigbaar is met mijn toekomstige functie, en ernaar streven het goede voorbeeld te geven door mijn persoonlijke gedrag. Ik beloof ook na beëindiging van mijn functie de vertrouwelijkheid van informatie te waarborgen en de regels inzake benoemingen en voordelen na te leven.

In deze rol zal ik ervoor zorgen dat de onafhankelijkheid van de Rekenkamer strikt wordt beschermd en dat mijn taken worden uitgevoerd met integriteit, onpartijdigheid en een sterke gehechtheid aan de hoogste normen inzake openbaredienstverlening.

8. Hebt u of hebben uw naaste familieleden (uw ouders, broers en zussen, wettelijke partner en kinderen) zakelijke of financiële belangen of andere verplichtingen waardoor een conflict met uw toekomstige taken zou kunnen optreden?

 A: Noch ik, noch mijn familieleden hebben zakelijke of financiële belangen die aanleiding kunnen geven tot een belangenconflict met de taken en verantwoordelijkheden in verband met de rol van lid van de Europese Rekenkamer.

9. Bent u bereid om al uw financiële belangen en andere verplichtingen aan de voorzitter van de Rekenkamer te onthullen en ze openbaar te maken?

 A: Ja, ik ben bereid alle gevraagde informatie openbaar te maken en een belangenverklaring in te dienen overeenkomstig de gedragscode en de ethische richtsnoeren van de Europese Rekenkamer, zodat volledige transparantie en verantwoordingsplicht wordt gewaarborgd.

10. Bent u momenteel betrokken bij een gerechtelijke procedure? Zo ja, gelieve nadere bijzonderheden te verstrekken.

 A: Nee, ik ben momenteel niet betrokken bij een gerechtelijke procedure.

11. Hebt u een actieve of uitvoerende rol in de politiek en, zo ja, op welk niveau? Hebt u de afgelopen 18 maanden een politieke functie vervuld? Zo ja, gelieve nadere bijzonderheden te verstrekken.

 A: Ja, ik ben momenteel afdelingsleider van de Sociaaldemocratische Partij voor het district Buzău en de nationale woordvoerder van de partij voor alle aangelegenheden.

12. Zou u een functie waarvoor u gekozen bent, of een actieve functie met verantwoordelijkheden in een politieke partij, opgeven als u wordt benoemd tot lid van de Rekenkamer?

 A: Ja, zonder enige twijfel. Lid worden van de Rekenkamer betekent dat ik mijn politieke carrière afsluit.

13. Hoe zou u te werk gaan bij een zaak die verband houdt met een ernstige onregelmatigheid, of zelfs fraude en/of corruptie, waarbij personen uit uw lidstaat van herkomst betrokken zijn?

 A: Als een dergelijk geval zich voordoet, zou ik het op dezelfde wijze behandelen als elk ander geval van fraude in een andere lidstaat, met de grootst mogelijke onafhankelijkheid en integriteit en met een volledig onpartijdige, objectieve, onbevooroordeelde en professionele aanpak.

 Het handhaven van onpartijdigheid en integriteit, het eerbiedigen van de rechtsstaat, het strikt volgen van gevestigde beleidslijnen, regels en procedures, en het waarborgen van billijkheid en gelijke behandeling zijn van essentieel belang voor een doeltreffende werking van elke instelling en voor het behoud van het vertrouwen van de EU-burgers.

Uitvoering van taken

14. Wat zijn volgens u de belangrijkste kenmerken van een cultuur van goed financieel beheer in eender welke openbare dienst? Hoe zou de Rekenkamer hiertoe kunnen bijdragen?

A: Binnen het door het Financieel Reglement vastgestelde kader wordt onder goed financieel beheer verstaan de uitvoering van de begroting met inachtneming van drie beginselen, namelijk:

i) zuinigheid;

ii) efficiëntie;

iii) doeltreffendheid.

Overheidsmiddelen moeten worden gebruikt voor het algemeen belang, met inachtneming van de grondbeginselen transparantie en verantwoordingsplicht, zijnde de twee belangrijkste pijlers van goed bestuur.

Ik ben er stellig van overtuigd dat transparantie, billijkheid en verantwoordingsplicht, met bijzondere aandacht voor prestaties, als kernpunten moeten worden gezien bij de toepassing van de bovenstaande beginselen en de bevordering van een cultuur van goed financieel beheer in de openbare dienst. Deze beginselen zijn in mijn loopbaan altijd een leidraad geweest, zowel in de particuliere als in de openbare sector.

Bovendien vereist de moeilijke context waarmee we worden geconfronteerd dat we alles in het werk stellen om het vertrouwen van de burgers in overheidsinstellingen en besluitvormingsprocessen op nationaal en Europees niveau te herstellen en te versterken. In dit verband zie ik toegevoegde waarde in een meerlagige aanpak die ervoor moet zorgen dat een goede begrotingsplanning gepaard gaat met ethisch bestuur en transparante verslaglegging, gevolgd door een grondig controle- en verantwoordingsproces, dat alles ondersteund door duidelijke en proactieve communicatie-inspanningen in elk van deze fasen. Niet in de laatste plaats acht ik het nuttig om vroegtijdige risicoanalyse en risicobeperking in alle hierboven beschreven fasen op te nemen om de best mogelijke resultaten te waarborgen.

 De Rekenkamer speelt een belangrijke rol bij het tot stand brengen van een cultuur van professioneel financieel beheer en het waarborgen van de duurzaamheid ervan in alle EU-instellingen. De Rekenkamer doet aanbevelingen en houdt toezicht op de uitvoering ervan, wat allebei belangrijke activiteiten zijn voor de bovengenoemde rol. Het in kaart brengen van optimale werkwijzen en het doen van auditaanbevelingen zijn essentiële manieren om een gezond financieel beheer te versterken. Bovendien kan de aanzienlijke morele autoriteit van de Rekenkamer bijdragen tot transparantere en beter controleerbare boekhoudpraktijken in de hele EU.

 De Rekenkamer speelt in voorkomend geval ook een belangrijke rol bij het vereenvoudigen van het wetgevingskader en de administratieve procedures, door bij te dragen tot een doeltreffend financieel beheer en door de nodige hervormingen te vergemakkelijken. De EU heeft eenvoudiger procedures met minder bureaucratie nodig, en de Rekenkamer kan een cruciale rol spelen in de vereenvoudigingsagenda van Europa.

15. Volgens het Verdrag moet de Rekenkamer het Parlement bijstaan in de uitoefening van zijn bevoegdheid voor controle op de uitvoering van de begroting. Hoe zou u de samenwerking tussen de Rekenkamer en het Europees Parlement (in het bijzonder de Commissie begrotingscontrole) verder verbeteren om zowel het publieke toezicht op de algemene uitgaven als het rendement ervan te bevorderen?

A: Als kandidaat-lid van de Rekenkamer verzeker ik u dat ik mij ervoor zal inzetten om tussen het Europees Parlement — met name de Commissie begrotingscontrole — en de Rekenkamer een relatie op te bouwen die gebaseerd is op openheid, transparantie, wederzijds vertrouwen en efficiëntie. Aangezien we ons nog vroeg in de huidige institutionele en wetgevingscyclus bevinden, ben ik van mening dat beide partijen moeten trachten om de banden tussen de twee instellingen verder te versterken en een cultuur van voortdurende betrokkenheid tussen de Commissie begrotingscontrole en de Rekenkamer te bevorderen. Ik wil u dan ook verzekeren dat ik, als ik word benoemd, volledig opensta voor dialoog en suggesties over de wijze waarop de bijdragen van de Rekenkamer ter ondersteuning van het besluitvormingsproces in de Commissie begrotingscontrole kunnen worden verbeterd en versterkt, zodat het Parlement zijn democratisch toezicht doeltreffend kan uitoefenen, met name bij de uitoefening van zijn bevoegdheid voor controle op de uitvoering van de begroting. Gezien de huidige moeilijke regionale en internationale context kan ik niet genoeg benadrukken hoe belangrijk het is de EU-begroting te beschermen, zowel op EU-niveau als op nationaal niveau. Ik ben mij ervan bewust dat dit een belangrijk punt van zorg is voor dit Parlement en met name voor de Commissie begrotingscontrole.

 

Door samen te werken kunnen we ervoor zorgen dat alle uitgaven van EU-middelen op wettige, verantwoordelijke en controleerbare wijze worden gedaan, waarbij de belangen van de EU en haar burgers centraal staan.

 Aangezien de leden van het Europees Parlement de belangen van de EU-burgers rechtstreeks behartigen, is het bovendien van cruciaal belang met hun zienswijze rekening te houden om ervoor te zorgen dat het werk van de Rekenkamer relevant blijft voor de uitdagingen waarmee de EU-burgers worden geconfronteerd, en tegelijkertijd de volledige onafhankelijkheid van de Rekenkamer bij haar werkzaamheden te handhaven.

 

16. Wat is volgens u de toegevoegde waarde van doelmatigheidscontroles en hoe moeten de bevindingen worden geïntegreerd in de beheersprocedures?

 

A: Nalevingscontroles, financiële controles en doelmatigheidscontroles vullen elkaar aan. Terwijl bij nalevingscontroles wordt nagegaan of de activiteiten en programma’s voldoen aan de toepasselijke wet- en regelgeving, wordt bij doelmatigheidscontroles beoordeeld of deze activiteiten en programma’s optimaal zijn uitgevoerd.

 

In het kader van de uitvoering van het huidige meerjarig financieel kader voor de periode 2021-2027 heeft de Rekenkamer al aanbevolen de EU-financiering voor aanpassing aan de klimaatverandering toekomstbestendig te maken als onderdeel van de EU-strategie voor economische groei, wat gevolgen heeft voor het concurrentievermogen van de EU, zowel intern als extern. Dit heeft bijgedragen tot het ontwikkelen van een resultaatgerichte aanpak en heeft geholpen ervoor te zorgen dat financiële beslissingen naar behoren worden omgezet in doeltreffende maatregelen en oplossingen ten behoeve van de EU-burgers.

 

Voortbouwend op dit model kunnen verdere acties worden overwogen om na te gaan of de uitgaven voor de doelstellingen van de EU op het gebied van concurrentievermogen vruchten afwerpen, op basis van doelmatigheidscontroles, waarbij ook rekening moet worden gehouden met de algemene ontwikkelingsdoelstellingen van de EU.

 In dezelfde logica zou een sterkere nadruk op prestaties nuttig kunnen zijn ter ondersteuning van de nieuwe doelstellingen van de Commissie met betrekking tot vereenvoudiging en verantwoordingsplicht, ook met betrekking tot openbare aanbestedingsprocedures. Bij evaluaties op basis van prestaties kan ook rekening worden gehouden met de administratieve kosten op het niveau van de lidstaten en op het niveau van het bedrijfsleven. Doelmatigheidscontroles bieden toekomstgerichte inzichten, waarbij wordt beoordeeld of processen doeltreffend werken om de vastgestelde doelstellingen en streefcijfers te bereiken.

Gezien de verwachte grotere complexiteit van de financiële instrumenten van de EU worden verantwoordingsplicht en traceerbaarheid van EU-middelen nog belangrijker, ook als voorwaarde voor het prestatiegerichte model. Daarmee moet rekening worden gehouden in de toekomstige inspanningen van de Rekenkamer, alsook in de betrekkingen met de andere EU-instellingen met budgettaire verantwoordelijkheden, namelijk de Europese Commissie en het Europees Parlement.

 We moeten er echter altijd naar streven aanbevelingen te doen die zowel relevant als praktisch zijn en die door de gecontroleerde entiteit duidelijk begrepen en omarmd kunnen worden, met name door het passende managementniveau dat bevoegd is om deze aanbevelingen optimaal uit te voeren op het gebied van tijd, kosten en middelen.

 

17. Hoe kan de samenwerking tussen de Rekenkamer, de nationale controle-instanties en het Europees Parlement (Commissie begrotingscontrole) worden verbeterd op het punt van de controle van de EU-begroting?

 A: In dit stadium kan ik geen definitief antwoord geven omdat ik deze kwestie nog moet beoordelen vanuit het oogpunt van enerzijds de Commissie begrotingscontrole en anderzijds de Rekenkamer. Het opdoen van praktische ervaring bij de Rekenkamer zal van essentieel belang zijn om een goed geïnformeerd beeld te krijgen.

 Wat echter duidelijk is, is dat de samenwerking tussen de Rekenkamer en de nationale controle-instanties, zoals uiteengezet in artikel 287, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, van cruciaal belang is voor een doeltreffende begrotingscontrole. In het kader van gedeeld beheer is het bijzonder belangrijk de deskundigheid van nationale auditors te benutten.  

 Het voeren van een open dialoog met de begrotings- en wetgevingsautoriteiten, de nationale hoge controle-instanties en andere belanghebbenden versterkt de relevantie van de instelling en de impact van haar werkzaamheden.


Zowel het Europees Parlement (via de Commissie begrotingscontrole) als de nationale controle-instanties die verslag uitbrengen aan de nationale parlementen zijn voor de Rekenkamer belangrijke belanghebbenden, met als gezamenlijk doel de EU-begroting te beschermen en een optimaal gebruik van het geld van de Europese belastingbetaler te waarborgen. In dit verband moet de Rekenkamer haar relevante verslagen blijven delen met de nationale controle-instanties en andere instellingen, om hen over haar werkzaamheden op de hoogte te houden en haar aanbevelingen inzake relevante beleidsterreinen bekend te maken.


Daarom ben ik van mening dat een goed georganiseerde, transparante uitwisseling van informatie, een goed begrip van de behoeften van beide partijen en doeltreffende samenwerkingsregelingen essentieel zijn voor succes. Alle genomen maatregelen moeten stroken met het rechtskader voor samenwerking, waarbij zowel de verplichting om te goeder trouw te werken als de onafhankelijkheid van de Rekenkamer en de nationale controle-instanties moeten worden gewaarborgd.

Bovendien zou ik een rechtstreekse gestructureerde dialoog tussen het contactcomité en de Commissie begrotingscontrole van het EP aanmoedigen, met regelmatige uitwisselingen over goede praktijken en geleerde lessen, doeltreffende uitvoering en controle van de begroting, governance, transparantie en verantwoordingsplicht. Daarnaast ben ik van mening dat gezamenlijke risicoanalyses ook deel kunnen uitmaken van deze meer gestructureerde dialoog, een gemeenschappelijke visie op uitdagingen en specifieke risico’s in de hele EU, en uitwisseling over manieren om deze aan te pakken.

Het Europees Parlement van zijn kant speelt ook een belangrijke rol om zijn kiezers bewust te maken van de werkzaamheden van de Rekenkamer en het systeem voor begrotingscontrole van de EU. De leden van het Europees Parlement moeten de auditautoriteiten in hun respectieve lidstaten ook helpen beter inzicht te krijgen in de uitdagingen waarmee zij bij de uitvoering van hun taken worden geconfronteerd.

18. Hoe zou u de verslaglegging van de Rekenkamer verder ontwikkelen teneinde het Europees Parlement van alle noodzakelijke informatie te voorzien met betrekking tot de juistheid van de gegevens die door de lidstaten aan de Europese Commissie worden verstrekt?

A: Hoogwaardige verslaglegging berust voornamelijk op de kwaliteit van de verstrekte gegevens. De evaluatie en verslaglegging van de Rekenkamer staat of valt met de kwaliteit van de verstrekte gegevens, met name omdat de Rekenkamer het Europees Parlement ondersteunt bij het consolideren van zijn begrotingsbesluiten.

In dit verband is het, mede gezien het feit dat Europese statistieken collectieve goederen zijn, en voortbouwend op de huidige verordening betreffende Europese statistieken, belangrijk om in overleg met de Europese Commissie en de andere instellingen te analyseren hoe het huidige systeem kan worden verbeterd om het toe te spitsen op nieuwe gegevensbronnen, nieuwe technologieën en inzichten die het digitale tijdperk met zich meebrengt. Dat moet ervoor zorgen dat de verstrekte gegevens de nieuwe uitdagingen en de economische realiteit weerspiegelen om daarmee de besluiten en beleidsdoelstellingen van de EU te onderbouwen.

De Rekenkamer zelf beschikt immers over beperkte middelen en moet deze optimaal gebruiken om verslag uit te brengen over haar werkzaamheden.

Overige vragen

19. Zou u uw kandidatuur intrekken indien het Parlement een ongunstig advies uitbrengt over uw benoeming als lid van de Rekenkamer?

A: Als voormalig lid van het Roemeense parlement en voormalig voorzitter van een parlementscommissie eerbiedig ik ten volle de besluiten van het Europees Parlement. Indien er twijfels worden geuit over mijn integriteit of onafhankelijkheid, zou ik uiteraard, na overleg met mijn lidstaat, overwegen mijn voordracht in te trekken. Ik zou ook zorgvuldig rekening houden met de standpunten en bedenkingen van de Commissie begrotingscontrole in verband met de terreinen waarop ik mij professioneel kan verbeteren, en daartoe het nodige doen.

Aangezien ik echter door de Roemeense regering ben voorgedragen en volgens de procedure van het VWEU uiteindelijk de Raad besluit, lijkt de juiste handelwijze mij de volledige procedure te volgen om alle betrokken instellingen hun zeg te geven.


BIJLAGE: ENTITEITEN WAARVAN OF PERSONEN VAN WIE DE RAPPORTEUR INPUT HEEFT ONTVANGEN

De rapporteur verklaart onder zijn exclusieve verantwoordelijkheid geen input te hebben ontvangen van een entiteit of persoon die overeenkomstig artikel 8 van bijlage I bij het Reglement in deze bijlage moet worden vermeld.

 

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

18.3.2025

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

22

2

5

Bij de eindstemming aanwezige leden

Georgios Aftias, Gilles Boyer, Caterina Chinnici, Tamás Deutsch, Dick Erixon, Daniel Freund, Gerben-Jan Gerbrandy, Niclas Herbst, Monika Hohlmeier, Virginie Joron, Kinga Kollár, Giuseppe Lupo, Marit Maij, Claudiu Manda, Csaba Molnár, Fidias Panayiotou, Jacek Protas, Julien Sanchez, Jonas Sjöstedt, Carla Tavares, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Maria Grapini, Erik Marquardt, Bert-Jan Ruissen, Vlad Vasile-Voiculescu, Annamária Vicsek

Bij de eindstemming aanwezige leden als bedoeld in art. 216, lid 7, van het Reglement

Andrzej Halicki, Valentina Palmisano, Georgiana Teodorescu

 

 

Laatst bijgewerkt op: 26 maart 2025
Juridische mededeling - Privacybeleid