AANBEVELING
28.1.2005 - betreffende het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de ondertekening en de sluiting, namens de Europese Gemeenschap, van een samenwerkingsovereenkomst met het Vorstendom Andorra
(COM(2004)0456 – C6‑0214/2004 – 2004/0136(AVC)) - ***
Commissie buitenlandse zaken
Rapporteur: Gerardo Galeote Quecedo
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de ondertekening en de sluiting, namens de Europese Gemeenschap, van een samenwerkingsovereenkomst met het Vorstendom Andorra
(COM(2004)0456 – C6‑0214/2004 – 2004/0136(AVC))
(Instemmingsprocedure)
Het Europees Parlement,
– gezien het voorstel voor een besluit van de Raad (COM(2004)0456)[1],
– gezien het ontwerp voor een samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en het Vorstendom Andorra,
– gezien het verzoek van de Raad om instemming overeenkomstig artikel 300, lid 3, tweede alinea juncto artikel 310 van het EG‑Verdrag (C6‑0214/2004),
– gelet op artikel 75 en artikel 83, lid 7 van zijn Reglement,
– gezien de aanbeveling van de Commissie buitenlandse zaken (A6‑0014/2005),
1. stemt in met de sluiting van de overeenkomst;
2. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten en van het Vorstendom Andorra.
TOELICHTING
Er is een proces van verdieping op gang gekomen in de betrekkingen tussen de Europese Unie en het Vorstendom Andorra, een land dat op zich reeds nauw verbonden is met de Europese Unie, met name door zijn politieke, sociale, economische, historische en affectieve banden met Frankrijk en Spanje. De aan het Europees Parlement ter beoordeling voorgelegde overeenkomst past heel goed in de context van intensivering van de internationale betrekkingen van de Europese Unie (uitbreiding en nieuw beleid van grotere nabuurschap, o.a.).
Zowel Andorra als de Europese Unie hebben uiting gegeven aan hun vaste voornemen hun betrekkingen te verdiepen. De op 15 november 2004 gesloten overeenkomst over belastingheffing op spaargelden is onmiskenbaar een stap in die richting. Het door de Raad verleende mandaat mag thans niet worden overschreden, maar dat belet niet dat vorderingen worden gemaakt teneinde een kader voor ambitieuzere betrekkingen te creëren.
De rapporteur pleit voor het op gang brengen van een proces van bezinning met het oog op de sluiting van een nieuwe, aanzienlijk ruimere overeenkomst, die wederzijdse toezeggingen bevat op het gebied van bijvoorbeeld het sociale en het economische beleid.
Te dien einde lijkt het wenselijk dat in Andorra eerst een maatschappelijk debat wordt gevoerd, dat ertoe zou kunnen leiden dat de politieke krachten van dit land het fundamenteel eens worden over het uiteindelijke doel van het nauwer aanhalen van de banden met de Europese Unie.
Het voorstel voor een besluit dat thans aan het Europees Parlement wordt voorgelegd betreft de sluiting van een overeenkomst voor samenwerking op specifieke terreinen van gemeenschappelijk belang, waar een gezamenlijke actie noodzakelijk is om de doelstellingen van de overeenkomst te kunnen verwezenlijken.
Op het gebied van milieubescherming en -verbetering en duurzame ontwikkeling van het milieu van de Pyreneeën wordt de medewerking van Andorra voorgesteld aan voor derde landen openstaande Europese communautaire programma's op het gebied van milieubescherming.
Het tweede samenwerkingsterrein is communicatie, informatie en cultuur, waarvoor gemeenschappelijke acties in het vooruitzicht worden gesteld, zoals culturele evenementen en uitwisselingen.
Er is ook samenwerking gepland op terreinen zoals onderwijs, beroepsopleiding en jeugd, alsmede sociale vraagstukken en gezondheid.
De overeenkomst voorziet tevens in samenwerking op het gebied van Trans-Europese vervoersnetwerken, energie en telecommunicatie.
Tot slot valt ook het regionale beleid onder de overeenkomst, met name nauwere samenwerking tussen Andorra en de EU-gebieden die aan het Vorstendom grenzen. De rapporteur is van oordeel dat deze mogelijkheid speciale aandacht van de bij de overeenkomst betrokken partijen verdient.
Er is voorzien in de mogelijkheid van uitbreiding van de overeenkomst tot andere terreinen, indien de partijen daarmee instemmen. De rapporteur vraagt uitdrukkelijk dat het Europees Parlement in dat geval tijdig wordt geraadpleegd.
Naast de vaststelling van specifieke samenwerkingsterreinen houdt de overeenkomst ook de oprichting in van een Samenwerkingscomité belast met het beheer en de correcte toepassing ervan. Er zij aan herinnerd dat conform artikel 300, lid 3, tweede alinea van het EG-Verdrag akkoorden die een specifiek institutioneel kader in het leven roepen slechts kunnen worden gesloten nadat het Europees Parlement zijn instemming heeft betuigd.
Het is nu zaak dat beide partijen zich ervoor inzetten een praktische invulling te geven aan dit samenwerkingskader, en verder gaan dan een loutere intentieverklaring.
In het licht van deze overwegingen beschouwt de rapporteur de overeenkomst als positief en beveelt hij het Parlement aan zo spoedig mogelijk in te stemmen met de sluiting ervan, zoals gevraagd door de Raad.
PROCEDURE
|
Titel |
Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de ondertekening en de sluiting, namens de Europese Gemeenschap, van een samenwerkingsovereenkomst met het Vorstendom Andorra | ||||||
|
Document- en procedurenummers |
COM(2004)0456 – C6-0214/2004 – 2004/0136(AVC) | ||||||
|
Rechtsgrondslag |
art. 300, lid 3, eerste alinea, EG | ||||||
|
Reglementsartikel(en) |
art. 75 en art. 83, lid 7 | ||||||
|
Datum verzoek om instemming EP |
23.11.2004 | ||||||
|
Commissie ten principale |
AFET | ||||||
|
Medeadviserende commissie(s) |
INTA |
|
|
|
| ||
|
Geen advies |
INTA |
|
|
|
| ||
|
Nauwere samenwerking |
|
|
|
|
| ||
|
Rapporteur(s) |
Gerardo Galeote Quecedo 13.9.2004 |
| |||||
|
Vervangen rapporteur(s) |
|
| |||||
|
Vereenvoudigde procedure |
| ||||||
|
Betwisting rechtsgrondslag |
|
/ |
|
|
| ||
|
Wijziging financiële voorzieningen Datum BUDG-advies |
|
/ |
|
|
| ||
|
Raadpleging Europees Economisch en Sociaal Comité Datum EP-besluit |
|
|
|
|
| ||
|
Raadpleging Comité van de regio's Datum EP-besluit |
|
|
|
|
| ||
|
Behandeling in de commissie |
25.1.2005 |
|
|
|
| ||
|
Datum goedkeuring |
25.1.2005 | ||||||
|
Uitslag eindstemming |
voor: tegen: onthoudingen: |
15 | |||||
|
Bij de eindstemming aanwezige leden |
Elmar Brok, Véronique De Keyser, Richard Howitt, Toomas Hendrik Ilves, Georgios Karatzaferis, Francisco José Millán Mon, Baroness Nicholson of Winterbourne, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Jacek Emil Saryusz-Wolski, István Szent-Iványi, Konrad Szymański | ||||||
|
Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers |
Jean-Luc Dehaene, Árpád Duka-Zólyomi, Gerardo Galeote Quecedo, Jaromír Kohlíček | ||||||
|
Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 178, lid 2) |
| ||||||
|
Datum indiening – A6 |
28.1.2005 |
A6-0014/2005 | |||||
|
Opmerkingen |
... | ||||||
- [1] Nog niet in het PB gepubliceerd.