Procedure : 2006/0156(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0477/2006

Ingediende teksten :

A6-0477/2006

Debatten :

PV 31/01/2007 - 25
CRE 31/01/2007 - 25

Stemmingen :

PV 01/02/2007 - 7.7
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2007)0017

VERSLAG     *
PDF 186kWORD 185k
21.12.2006
PE 378.552v02-00 A6-0477/2006

over het voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

(COM(2006)0454 – C6‑0303/2006 – 2006/0156(CNS))

Commissie visserij

Rapporteur: Stavros Arnaoutakis

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Begrotingscommissie
 ADVIES van de Commissie ontwikkelingssamenwerking
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

(COM(2006)0454 – C6‑0303/2006 – 2006/0156(CNS))

(Raadplegingsprocedure)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel voor een verordening van de Raad (COM(2006)0454)(1),

–   gelet op artikel 300, lid 2, eerste alinea van het EG‑Verdrag,

–   gelet op artikel 300, lid 3, eerste alinea van het EG‑Verdrag, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C6‑0303/2006),

–   gelet op de artikelen 51 en 83, lid 7 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie visserij en de adviezen van de Begrotingscommissie en de Commissie ontwikkelingssamenwerking (A6‑0477/2006),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het voorstel voor een verordening van de Raad, als geamendeerd door het Parlement, alsmede aan de sluiting van de overeenkomst;

2.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten en de Republiek Gabon.

Door de Commissie voorgestelde tekst  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 2 bis (nieuw)

(2 bis) De financiële tegenprestatie van de EU zal worden gebruikt voor de ontwikkeling van de kustbevolking die afhankelijk is van de visserij, en voor de oprichting van kleine lokale invriezings- en verwerkingsbedrijven.

Amendement 2

Artikel 3 bis (nieuw)

Artikel 3 bis

 

In het laatste jaar van de looptijd van het protocol en voordat er een nieuwe overeenkomst wordt gesloten of de looptijd van de aan deze verordening gehechte overeenkomst wordt verlengd, legt de Commissie het Europees Parlement en de Raad een verslag voor over de toepassing van de overeenkomst en de omstandigheden waaronder deze ten uitvoer is gelegd.

Motivering

De Europese Commissie moet het Parlement en de Raad informeren over het algemeen evaluatieverslag betreffende de overeenkomst in kwestie. Pas daarna mogen onderhandelingen worden geopend over een nieuwe visserijovereenkomst of de verlenging van de bestaande.

Amendement 3

Artikel 3 ter (nieuw)

Artikel 3 ter

De Commissie brengt jaarlijks aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de resultaten van het meerjarige sectorale programma als bedoeld in artikel 7 van het protocol.

Motivering

Om te kunnen beoordelen of de financiële tegenprestatie van de EU op verantwoorde wijze wordt besteed en wel degelijk een duurzaam gebruik van de visrijkdommen in Gabon bevordert, is het zaak dat de Commissie jaarlijks aan het Europees Parlement verslag uitbrengt.

Amendement 4

Artikel 3 quater (nieuw)

Artikel 3 quater

 

Op basis van het door de Commissie ingevolge artikel 3 bis ingediende verslag en na raadpleging van het Europees Parlement, verleent de Raad de Commissie in voorkomend geval een onderhandelingsmandaat met het oog op de sluiting van een nieuw protocol.

Motivering

Het Parlement en de Raad kunnen zich alleen van hun respectieve verplichtingen kwijten aan de hand van een evaluatieverslag over de toepassing van de visserijovereenkomst.

Amendement 5

Artikel 3 quinquies (nieuw)

Artikel 3 quinquies

De Commissie gaat elk jaar na of lidstaten waarvan de vaartuigen onder dit protocol opereren, zich houden aan de aangiftevereisten.

Motivering

Vaartuigen die zich niet houden aan de basisvereiste om hun vangsten aan te geven, mogen geen financiële steun van de EU krijgen.

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


TOELICHTING

INLEIDING

Dit voorstel van de Commissie voor een meerjarige partnerschapsovereenkomst ter regeling van de visserijbetrekkingen met Gabon is gebaseerd op het beginsel van wederzijdse samenwerking, en heeft een duurzame visserij in de ruimere omgeving tot doel. De overeenkomst past in de "partnerschapsbenadering" van de externe dimensie van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid, die in het kader van de herziening van dit beleid in 2002 door de Commissie werd voorgesteld in haar mededeling over een geïntegreerd kader voor partnerschapsovereenkomsten op visserijgebied met derde landen(1).

Dit beleid, waarin het partnerschapsysteem verder is ontwikkeld, beoogt zowel de belangen van de verre visserij van de EU te beschermen als de voorwaarden voor een duurzame visserij in de wateren van het betrokken partnerland te verbeteren. Dit beleid is door het Europees Parlement in zijn resolutie van oktober 2003(2) en vervolgens door de Raad in diens conclusies van juni 2004 goedgekeurd.

De nieuwe overeenkomst gaat daarom verder dan het strikte commerciële kader van de eerdere bilaterale overeenkomsten inzake toegang tot de wateren van Gabon en zij zal naar de Commissie zelf verwacht, een nieuw hoofdstuk openen in de samenwerking tussen de EU en Gabon.

BEOORDELING VAN DE OVEREENKOMST

De rapporteur betuigt graag zijn bijval voor de beslissing van de Commissie, gebaseerd op recente wetenschappelijke gegevens omtrent de toestand van de visbestanden in de regio, om de in de overeenkomst vastgelegde vangstmogelijkheden te verkleinen. Tevens acht hij van groot belang dat thans satellietbewaking van vissersschepen in de overeenkomst is opgenomen, vooral met het oog op bestrijding van illegale, niet-aangegeven en niet-gereglementeerde visvangst.

Niettemin, bedenkend dat het Europees Parlement geen zicht heeft gehad op de voorbereiding of de onderhandelingen die tot de overeenkomst hebben geleid, vallen er wel een aantal lacunes en dubbelzinnigheden in het protocol te signaleren die zich niet verdragen met het visserijbeleid van de EU.

Ten aanzien van het Protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie in het kader van de overeenkomst:

Artikel 3 - "Samenwerking met het oog op verantwoorde visserij - wetenschappelijke vergadering" - lid 4, spreekt slechts van algemene beginselen met het oog op een duurzaam beheer van de visbestanden en van de mogelijke gevolgen van de activiteiten van de vaartuigen van de Gemeenschap. Er wordt evenwel geen enkele melding gemaakt van de natuurlijke omgeving waarin de visserij plaatsvindt, de kwaliteit van de wateren, de waarschijnlijke vervuiling door olieproducten die zich in de regio voordoet, de verstoring van het ecosysteem door andere factoren en de gevolgen van dit alles voor de visvangst.

●         Ingevolge artikel 7, "Bevordering van een verantwoorde visserij in de wateren van Gabon" - en specifiek in lid 2 - dat gebaseerd is op artikel 9 van de overeenkomst - wordt drie maanden na de inwerkingtreding van het protocol een meerjarig sectoraal programma vastgesteld met drie hoofddoelstellingen:

           1.        richtsnoeren op meerjarige en jaarlijkse basis

           2.        realisering van de doelstellingen door bevordering van duurzame visserij

           3.        evaluatiecriteria.

           Ofschoon met het algemeen kader en het achterliggend beginsel kan worden ingestemd, rijst toch de vraag waarom dit artikel niets bepaalt omtrent doorzending van deze informatie naar de bevoegde autoriteiten in de lidstaten en naar het Europees Parlement, zodat deze kan worden beoordeeld door degenen die ook de overeenkomst moeten goedkeuren.

●         Op het punt van toezicht en evaluatie van de overeenkomst valt op te merken dat het Wetgevend Financieel Memorandum een aantal risico's noemt bij de tenuitvoerlegging van de overeenkomst, zoals de mogelijkheid dat:

           -          de bedragen voor de financiering van het sectorale visserijbeleid en de door de reders te betalen visrechten niet de afgesproken bestemming krijgen (fraude);

           -          buitenlandse vloten zich niet aan de vergunningen en controles houden.

           In het protocol komen deze punten verder niet aan de orde, afgezien van enkele vage opmerkingen dat de activiteiten van maritieme controle moeten worden verbeterd, de bewaking via satellieten moet worden aangemoedigd, maatregelen ten gunste van plaatselijke vissers moeten worden gefinancierd, enz.

           Het is daarom duidelijk dat dit algemene document talloze vragen onbeantwoord laat:

           1.        kunnen de bevoegde maritieme autoriteiten controles uitvoeren? Hebben zij de nodige middelen en infrastructuur (bijvoorbeeld speedboten, helikopters enz.), personeel, opleiding en ook de bereidheid?

           2.        Is het bekend dat door de flexibele wetgeving in Gabon, buitenlandse vaartuigen - niet van de Gemeenschap - veelal onder gelegenheidsvlag, in zijn exclusieve economische zone vissen? Welke concrete maatregelen denkt de Commissie te nemen tegen een situatie waarin Europese vissers moeten concurreren met piraten en criminelen?

           3.        Kan het volgen met satellieten zorgen voor directe resultaten die niet het in bureaucratisch labyrint verloren gaan?

           4.        Volgens welke nationale en regionale criteria en prioriteiten zal de verdeling plaatsvinden van de steun die aan plaatselijke vissers wordt toegekend?

●         De mogelijkheid van demersale visserij op garnalen waarin het huidige protocol nog voorziet, wordt nergens overgenomen, ofschoon de regering van Gabon particuliere vergunningen heeft uitgegeven aan Europese schepen voor deze zelfde vangstmogelijkheden. In de nieuwe overeenkomst worden deze mogelijkheden ingetrokken en wordt er tevens een exclusiviteitsclausule ingevoerd (artikel 1, lid 3), waarin schepen onder communautaire vlag niet meer buiten het kader van de overeenkomst in de EEZ van Gabon mogen vissen. Moet hieruit worden geconcludeerd dat schepen die met een particuliere vergunning op garnalen vissen, hun activiteiten moeten staken zodra de nieuwe overeenkomst in werking treedt?

●         De exclusiviteitsclausule wordt niet opgenomen in artikel 3 van de overeenkomst waarin de fundamentele beginselen worden genoemd waarop de overeenkomst is gebaseerd - alleen in artikel 1 van de overeenkomst wordt deze clausule genoemd. Daardoor krijgt deze clausule een secundaire status, met name in aanmerking genomen dat de voorwaarden van het protocol aan herziening onderhevig zijn, terwijl de bepalingen van de overeenkomst permanente gelding hebben. Bovendien worden geen concrete sancties voorgesteld voor het geval van parallelle uitgifte van particuliere vergunningen, ondanks het verbod daarvan ingevolge het protocol.

CONCLUSIE

Ondanks de hierboven genoemde punten biedt de nieuwe overeenkomst in een aantal belangrijke opzichten belangrijke verbeteringen in vergelijking met de oude en zij verdient daarom goedkeuring.

De rapporteur wenst echter te benadrukken dat de Commissie veel had gewonnen wanneer zij het Parlement volledig had betrokken bij de eerste voorbereidingsfase en het onderhandelingsproces. Het EP zou dan ten minste tijdig zijn geïnformeerd over de parafering van de overeenkomst. Het heeft na de parafering van de overeenkomst door partijen bijna nog een jaar geduurd voordat de tekst naar het Europees Parlement werd gezonden.

●         Dit is niet aanvaardbaar en het is te hopen dat het interinstitutionele overleg dat thans geldt ten aanzien van visserijovereenkomsten met derde landen, herhaling van zulke voorvallen zal beletten en zal leiden tot een betere werkverhouding in de toekomst.

(1)

COM(2002)0637, C5-0070/2003.

(2)


ADVIES van de Begrotingscommissie (12.12.2006)

aan de Commissie visserij

inzake het voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

(COM(2006)0454 – C6‑0303/2006 – 2006/0156(CNS))

Rapporteur voor advies: Helga Trüpel

BEKNOPTE MOTIVERING

Dit voorstel van de Commissie is het jongste in de rij in haar ononderbroken inspanningen om de bestaande visserijakkoorden te vervangen door partnerschapsovereenkomsten, nu de protocollen in het kader van de bestaande akkoorden aflopen.

In dit nieuwe protocol wordt de toegang van de EU-vloot voor de tonijnvisserij tot de wateren van Gabon toegestaan voor een periode van zes jaar ingaande 3 december 2005 en wel als volgt:

 

2006-2011

2001-2005

Vaartuigen voor de visserij met de zegen

24 (Spanje, Frankrijk)

38 (Spanje, Frankrijk)

Vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug

16 (Spanje, Portugal)

26 (Spanje, Portugal)

Trawlers (garnaal, koppotigen)

--

1200 BRT (Spanje, Griekenland)

Dit betekent dat de toegang wat het aantal vaartuigen voor de tonijnvisserij betreft met ongeveer 40% wordt ingekrompen. De hoeveelheid tonijn die de vaartuigen mogen vangen, wordt echter iets verhoogd, van 10.500 tot 11.000 ton per jaar.

Voor de visserijrechten betaalt de EU de regering van Gabon in totaal € 860.000 per jaar, namelijk € 715.000 als compensatie voor de referentiehoeveelheid van 11.000 ton tonijn per jaar, en een specifiek bedrag van € 145.000 per jaar voor de ondersteuning en tenuitvoerlegging van initiatieven in het kader van het sectorale visserijbeleid van Gabon . Dit is een verlaging in vergelijking met het vorige protocol van € 1.262.500 per jaar.

Naast de financiële tegenprestatie van de EU zijn de reders visrechten verschuldigd. Volgens de berekeningen van de Commissie kunnen deze Gabon nog een € 142.000 opleveren. Overeenkomstig de toezegging om de bijdrage van de visserij-industrie in de kosten van deze overeenkomsten te verhogen zijn de rechten die de reders betalen per aangegeven ton gevangen tonijn verhoogd van € 25 tot € 35 in vergelijking met het vorige protocol.

In het kader van de nieuwe partnerschapsovereenkomsten wordt door een "gemengde commissie" een meerjarig "sectoraal programma" voor de visserij opgesteld waarin bepaald wordt hoe 60 % van de totale financiële tegenprestatie die Gabon uittrekt voor de ontwikkeling van een verantwoorde visserij, jaarlijks wordt besteed. Er worden doelstellingen voor het programma vastgesteld en procedures uitgewerkt om de in elk jaar bereikte resultaten te evalueren. Deze nieuwe benadering kan bijdragen tot een beter beheer van de overeenkomst en een grotere transparantie, mits de informatie openbaar wordt gemaakt. De Begrotingscommissie dringt erop aan dat zij in kennis wordt gesteld van deze evaluaties. Aangezien het hier om een nieuwe ontwikkeling bij de protocollen gaat, is het nog te vroeg om te zeggen of deze nuttig zal zijn en zal bijdragen tot een meer verantwoorde en duurzame visserij in Gabon, en daarom zullen wij deze nieuwe ontwikkeling op de voet moeten volgen.

Een steeds terugkerend groot probleem bij de beoordeling van een aantal visserijovereenkomsten (bij voorbeeld met Kaapverdië, Ivoorkust, São Tomé en Príncipe) is het ontbreken van deugdelijke vangstaangiften. Wanneer schepen niet handelen in overeenstemming met deze, hoogst fundamentele, verantwoordelijkheid van de visserij, valt moeilijk in te zien waarom zij zouden moeten blijven profiteren van een belangrijke EU-subsidie - steun voor visserij in een derde land. Er wordt daarom een amendement ingediend om te verhinderen dat vaartuigen die hun vangsten niet aangeven, in het kader van de overeenkomst in aanmerking blijven komen voor vergunningen.

AMENDEMENTEN

De Begrotingscommissie verzoekt de ten principale bevoegde Commissie visserij onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Artikel 3 bis (nieuw)

Artikel 3 bis

De Commissie brengt jaarlijks aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de resultaten van het meerjarige sectorale programma als bedoeld in artikel 7 van het protocol.

Motivering

Om te kunnen beoordelen of de financiële tegenprestatie van de EU op verantwoorde wijze wordt besteed en wel degelijk een duurzaam gebruik van de visrijkdommen in Gabon bevordert, is het zaak dat de Commissie jaarlijks aan het Europees Parlement verslag uitbrengt.

Amendement 2

Artikel 3 ter (nieuw)

Artikel 3 ter

De Commissie gaat elk jaar na of lidstaten waarvan de vaartuigen onder dit protocol opereren, zich houden aan de aangiftevereisten.

Motivering

Vaartuigen die zich niet houden aan de basisvereiste om hun vangsten aan te geven, mogen geen financiële steun van de EU krijgen.

Amendement 3

Artikel 3 quater (nieuw)

Artikel 3 quater

Voordat het protocol afloopt en er nieuwe onderhandelingen over een eventuele hernieuwing aangevat worden, legt de Commissie het Europees Parlement en de Raad een evaluatie ex post van het protocol voor, die ook een kosten-batenanalyse omvat.

Motivering

Voordat er nieuwe onderhandelingen aangevat worden, moet er een evaluatie van het lopende protocol komen om na te gaan welke veranderingen er eventueel moeten worden aangebracht in geval van hernieuwing ervan.

PROCEDURE

Titel

Voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

Document- en procedurenummers

COM(2006)0454 – C6‑0303/2006 – 2006/0156(CNS)

Commissie ten principale

PECH

Advies uitgebracht door
  Datum bekendmaking

BUDG
28.9.2006

Nauwere samenwerking – datum bekendmaking

 

Rapporteur voor advies
  Datum benoeming

Helga Trüpel
4.9.2006

Vervangen rapporteur voor advies

 

Behandeling in de commissie

11.12.2006

 

 

 

 

Datum goedkeuring

11.12.2006

Uitslag eindstemming

+:
-:
0:

19

Bij de eindstemming aanwezige leden

Reimer Böge, Herbert Bösch, Simon Busuttil, Gérard Deprez, Valdis Dombrovskis, Brigitte Douay, Szabolcs Fazakas, Salvador Garriga Polledo, Nathalie Griesbeck, Catherine Guy-Quint, Anne E. Jensen, Janusz Lewandowski, Vladimír Maňka, Jan Mulder, Esko Seppänen, László Surján, Kyösti Virrankoski

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Lidia Joanna Geringer de Oedenberg, Peter Šťastný

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 178, lid 2)

 

Opmerkingen (slechts in één taal beschikbaar)

...

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


ADVIES van de Commissie ontwikkelingssamenwerking (5.10.2006)

aan de Commissie visserij

inzake het voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

(COM(2006)0454 – C6‑0282/2006 – 2006/0156(CNS))

Rapporteur voor advies: Luisa Morgantini

BEKNOPTE MOTIVERING

Het beleid van de Europese Unie inzake de ontwikkelingssamenwerking moet coherent zijn met het gemeenschappelijk visserijbeleid. Beide beleidsvormen moeten elkaar aanvullen en worden gecoördineerd, zodat zij als geheel bijdragen aan de vermindering van de armoede en aan de duurzame ontwikkeling van de betrokken landen.

De EU heeft zich ertoe verbonden de duurzaamheid van de visserij in de gehele wereld te garanderen, als vastgelegd op de Top van de Verenigde Naties van 2002 in Johannesburg, hetgeen inhoudt dat de bestanden in stand gehouden en aangevuld worden met het oog op een maximale duurzame opbrengst.

De EU heeft de FAO-code "voor verantwoordelijke visserij" aanvaard.

De aanwezigheid van de EU in verafgelegen visbanken is een legitieme doelstelling, maar er dient op te worden gewezen dat de belangen van de visserij van de EU moeten worden beschermd tezamen met de belangen op ontwikkelingsgebied van de landen waarmee de visserijakkoorden worden gesloten.

Daarom zijn we verheugd over de resolutie van de Paritaire Vergadering ACS-EU van 22 juni 2006 "over visserij en de sociale en milieuaspecten in de ontwikkelingslanden", in het bijzonder waar hierin wordt verklaard dat de bescherming van de visserijbelangen van de EU en van de ACS moet worden gecoördineerd met het duurzame beheer van de visbestanden, enerzijds in economisch, sociaal en milieutechnisch opzicht, terwijl anderzijds rekening wordt gehouden met het levensonderhoud van de kustgemeenschappen die van de visserij afhankelijk zijn.

Bovendien willen wij onderstrepen dat in de Partnerschapovereenkomst ACS-EU inzake visserij wordt verwezen naar de naleving van de Overeenkomst van Cotonou. Wij benadrukken dat volledig rekening dient te worden gehouden met artikel 9 van de Overeenkomst van Cotonou over mensenrechten, democratische beginselen, verantwoordelijk bestuur en de rechtsstaat, en we verheugen ons over de garanties die de diensten van de Commissie hebben verstrekt aan de Commissie ontwikkelingssamenwerking, dat zij de inhoud van artikel 9 in acht zullen nemen wanneer met ontwikkelingslanden over overeenkomsten wordt onderhandeld, ook wanneer het ontwikkelingslanden betreft die geen ACS-landen zijn.

De voorgestelde overeenkomst zal de overeenkomst vervangen tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon die op 3 december 2001 in werking trad.

Het protocol bij de voorgestelde overeenkomst is gesloten voor een periode van zes jaar vanaf de datum waarop de passende procedures voor de aanneming zijn afgerond. Het kan stilzwijgend worden verlengd voor telkens een nieuwe periode van 6 jaar.

Het protocol bij de voorgestelde overeenkomst verleent visserijrechten voor 24 vaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen en 16 vaartuigen voor visserij met de drijvende beug uit Spanje, Portugal en Frankrijk, en in totaal betekent dat 40 vergunningen.

De financiële tegenprestatie is vastgesteld op 860.000 EUR per jaar. 715.000 EUR van dit bedrag dekt 11.000 ton vangst per jaar. Een extra bedrag van 145.000 EUR is bestemd voor de ondersteuning en uitvoering van initiatieven die worden genomen in het kader van het sectoriële visserijbeleid van Gabon.

Als de totale vangst 11.000 ton overschrijdt wordt de financiële bijdrage verhoogd met 65 EUR voor elke extra ton gevangen vis.

De -door reders betaalde vergoedingen kunnen Gabon een extra jaarinkomen bezorgen van ongeveer 142.000 EUR.

De genoemde verwijzing naar nationale initiatieven is verheugend en wij hopen dat daarin ook de financiering is besloten van lokale infrastructuurprojecten voor de verwerking en commercialisering van de vis, zodat de plaatselijke bevolking kan uitstijgen boven een zelfsvoorzieningsvisserij.

Ook zijn we verheugd over het feit dat de overeenkomst is gebaseerd op een deels ex-post en deels ex-ante evaluatie van de lokale visserij en dat wetenschappelijke en technische samenwerking wordt bevorderd met de lokale autoriteiten. In de bovengenoemde resolutie ACS-EU wordt verklaard dat wetenschappelijk onderzoek van de bestanden een voorwaarde dient te zijn voor het verkrijgen van nog meer visserijvergunningen. Wij zijn het daarmee eens en verzoeken beide partijen dit in aanmerking te nemen.

Wij zijn het niet eens met de procedure die voor deze overeenkomst wordt gevolgd omdat het Parlement een rol had moeten spelen in het onderhandelingsmandaat dat de Raad aan de Commissie heeft verstrekt, en het zou op de hoogte gehouden moeten worden van de voortgang van de onderhandelingen.

Het Parlement werd in augustus 2006 geraadpleegd over de voorgestelde overeenkomst, tien maanden nadat het initiatief was genomen voor de overeenkomst, die op 3 december 2005 in werking zou moeten treden. Het Parlement moet hiertegen bezwaar aantekenen en verklaren dat dit onacceptabel is.

Commissie en Raad moeten het eens worden over de voorwaarden waaronder het Parlement werkelijk kan worden geraadpleegd. Zolang daarover geen overeenstemming bestaat, moet de Commissie visserij het voortouw nemen bij de reactie van het Parlement op de huidige status quo, hetgeen ook kan betekenen dat tegen visserijovereenkomsten wordt gestemd die volgens de onderhavige procedure worden ingediend.

Wij zijn dan ook verheugd over het besluit van de Commissie ontwikkelingssamenwerking, als een eerste stap in de goede richting, om in 2007 een hoorzitting te organiseren over de partnerschapsovereenkomsten inzake visserij en de rol die het Parlement speelt in de procedures.

AMENDEMENTEN

De Commissie ontwikkelingssamenwerking verzoekt de ten principale bevoegde Commissie visserij onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 2 bis (nieuw)

(2 bis) De financiële tegenprestatie van de EU zal worden gebruikt voor de ontwikkeling van de kustbevolking die afhankelijk is van de visserij, en voor de oprichting van kleine lokale invriezings- en verwerkingsbedrijven.

PROCEDURE

Titel

Voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

Document- en procedurenummers

COM(2006)0454 – C6‑0282/2006 – 2006/0156(CNS)

Commissie ten principale

PECH

Advies uitgebracht door
  Datum bekendmaking

DEVE
28.9.2006

Nauwere samenwerking – datum bekendmaking

 

Rapporteur voor advies
  Datum benoeming

Luisa Morgantini
4.9.2006

Vervangen rapporteur voor advies

 

Behandeling in de commissie

3.10.2006

 

 

 

 

Datum goedkeuring

3.10.2006

Uitslag eindstemming

+:

-:

0:

26

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Margrete Auken, Alessandro Battilocchio, Margrietus van den Berg, Danutė Budreikaitė, Marie-Arlette Carlotti, Thierry Cornillet, Nirj Deva, Alexandra Dobolyi, Michael Gahler, Filip Andrzej Kaczmarek, Glenys Kinnock, Maria Martens, Miguel Angel Martínez Martínez, Gay Mitchell, Luisa Morgantini, José Javier Pomés Ruiz, Horst Posdorf, Frithjof Schmidt, Jürgen Schröder, Anna Záborská, Mauro Zani

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Milan Gaľa, Manolis Mavrommatis, Anne Van Lancker, Anders Wijkman, Gabriele Zimmer

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 178, lid 2)

 

Opmerkingen (slechts in één taal beschikbaar)

 

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


PROCEDURE

Titel

Voorstel voor een verordening van de Raad betreffende de sluiting van een partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Gabon

Document- en procedurenummers

COM(2006)0454 – C6-0303/2006 – 2006/0156(CNS)

Datum raadpleging EP

20.9.2006

Commissie ten principale
  Datum bekendmaking

PECH
28.9.2006

Medeadviserende commissie(s)
  Datum bekendmaking

BUDG
28.9.2006

DEVE
28.9.2006

 

 

 

 

Geen advies
  Datum besluit

 

 

 

 

 

Nauwere samenwerking
Datum bekendmaking

 

 

 

 

 

Rapporteur(s)
  Datum benoeming

Stavros Arnaoutakis
24.11.2005

 

Vervangen rapporteur(s)

 

 

Vereenvoudigde procedure – datum besluit

 

Betwisting rechtsgrondslag
  Datum JURI-advies

 

 

 

 

 

Wijziging financiële voorzieningen
  Datum BUDG-advies

 

 

 

 

 

Raadpleging Europees Economisch en Sociaal Comité – datum EP-besluit

 

Raadpleging Comité van de regio's – datum EP-besluit

 

Behandeling in de commissie

13.9.2006

3.10.2006

20.11.2006

21.12.2006

 

Datum goedkeuring

21.12.2006

Uitslag eindstemming

+:

-:

0:

16

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

James Hugh Allister, Stavros Arnaoutakis, Elspeth Attwooll, Iles Braghetto, Niels Busk, Luis Manuel Capoulas Santos, Paulo Casaca, Zdzisław Kazimierz Chmielewski, Ioannis Gklavakis, Alfred Gomolka, Ian Hudghton, Heinz Kindermann, Rosa Miguélez Ramos, Philippe Morillon, Dirk Sterckx, Struan Stevenson, Daniel Varela Suanzes-Carpegna

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

James Nicholson, Carl Schlyter

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 178, lid  2)

 

Datum indiening

21.12.2006

Opmerkingen (slechts in één taal beschikbaar)

...

Juridische mededeling - Privacybeleid