Procedure : 2007/0029(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0491/2007

Ingediende teksten :

A6-0491/2007

Debatten :

PV 19/02/2008 - 5
CRE 19/02/2008 - 5

Stemmingen :

PV 21/02/2008 - 4.2
Stemverklaringen
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0061

VERSLAG     ***I
PDF 426kWORD 748k
4.12.2007
PE 390.753v03-00 A6-0491/2007

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het in de handel brengen van producten

(COM(2007)0037 – C6‑0068/2007 – 2007/0029(COD))

Commissie interne markt en consumentenbescherming

Rapporteur: André Brie

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie internationale handel
 ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid
 ADVIES van de Commissie industrie, onderzoek en energie
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het in de handel brengen van producten

(COM(2007)0037 – C6‑0068/2007 – 2007/0029(COD))

(Medebeslissingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2007)0037),

–   gelet op artikel 251, lid 2 en de artikelen 95 en 133 van het EG­Verdrag, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C6‑0068/2007),

–   gelet op artikel 51 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie interne markt en consumentenbescherming en de adviezen van de Commissie internationale handel, de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en de Commissie industrie, onderzoek en energie (A6‑0491/2007),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in dit voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

Door de Commissie voorgestelde tekst  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 1

(1) Ter versterking van het algemeen kader dat waarborgt dat producten een hoog beschermingsniveau voor algemene belangen, zoals de gezondheid en veiligheid, bieden, moeten bepaalde regels en beginselen worden vastgelegd met betrekking tot accreditatie en markttoezicht, die belangrijke aspecten van dat kader zijn.

(1) Ter vaststelling van een algemeen kader dat waarborgt dat producten een hoog beschermingsniveau voor algemene belangen, zoals de gezondheid en veiligheid of de bescherming van de consument en het milieu bieden, moeten bepaalde regels en beginselen worden vastgelegd met betrekking tot accreditatie en markttoezicht, die belangrijke aspecten van dat kader zijn. Het algemeen kader voor accreditatie en markttoezicht dat hierbij wordt vastgesteld heeft geen invloed op de substantiële voorschriften van de bestaande regelgeving die de bepalingen vastlegt die moeten worden geëerbiedigd met als doel het openbare belang te beschermen op het vlak van gezondheid, veiligheid en bescherming van de consument en het milieu, maar heeft tot doel hun werking te verbeteren.

(Dit amendement vervangt amendement 1 van het ontwerpverslag)

Amendement 2

Overweging 2

(2) Deze verordening maakt deel uit van een algemeen kader dat een hoog niveau van productveiligheid waarborgt en dat is vastgelegd in Besluit …. van het Europees Parlement en de Raad van ……..betreffende een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten.

(2) Deze verordening is een aanvulling op Besluit …. van het Europees Parlement en de Raad van ……..betreffende een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten.

Amendement 3

Overweging 3

(3) In Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden en in Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 inzake officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezondheid en dierenwelzijn is al een gemeenschappelijke en uniforme regeling vastgelegd voor aangelegenheden die onder deze verordening vallen. Aangelegenheden die door de levensmiddelen- en diervoederwetgeving worden geregeld, moeten derhalve buiten het toepassingsgebied van deze verordening blijven. De bepalingen van deze verordening moeten echter wel van toepassing zijn op de accreditatieverplichtingen in Verordening (EG) nr. 509/2006 van de Raad van 20 maart 2006 inzake gegarandeerde traditionele specialiteiten voor landbouwproducten en levensmiddelen, Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad van 20 maart 2006 inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen en [Verordening (EG) nr. […/….] van de Raad van …. inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten], gezien de specifieke aard van die verplichtingen.

(3) Het is zeer moeilijk voor elk bestaand of mogelijk te ontwikkelen product communautaire wettelijke voorschriften vast te stellen; het is nodig een breed opgezet regelgevend kader van horizontale aard vast te stellen om met dergelijke producten om te gaan en ook om lacunes weg te werken, in het bijzonder in afwachting van de herziening van de bestaande specifieke regelgeving, en om de bepalingen in bestaande of toekomstige specifieke regelgeving aan te vullen, vooral voor het waarborgen van een hoog niveau van bescherming van de gezondheid, de veiligheid, het milieu en de consument, zoals vastgelegd in artikel 95 van het Verdrag.

(Dit amendement vervangt amendement 2 van het ontwerpverslag)

Amendement 4

Overweging 3 bis (nieuw)

 

(3 bis) Het hiermee vastgestelde kader voor markttoezicht moet bestaande bepalingen voor markttoezicht in andere communautaire regelgeving aanvullen en versterken. In overeenstemming met het beginsel dat meer specifieke bepalingen prevaleren op meer algemene is deze verordening echter enkel van toepassing wanneer er geen specifieke bepalingen zijn in andere bestaande of toekomstige communautaire rechtsregels met dezelfde doelstelling als deze die hier wordt vastgesteld, zoals Richtlijn 2001/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 3 december 2001 over algemene productveiligheid1.

 

__________
1 PB L 11 van 15.1.2002, blz. 4.

(Dit compromisamendement vervangt de amendementen 115 en 116)

Amendement 5

Overweging 3 ter (nieuw)

 

(3 ter) Om te zorgen voor een hoger veiligheidsniveau voor consumentenproducten moeten de mechanismen voor markttoezicht van Richtlijn 2001/95/EG worden versterkt voor wat producten die een ernstig risico inhouden betreft, in overeenstemming met dezelfde beginselen als vastgelegd in deze verordening. Richtlijn 2001/95/EG moet bijgevolg dienovereenkomstig worden aangepast.

Amendement 6

Overweging 4

(4) Gezien hun specifieke aard moeten tabaksproducten die vallen onder Richtlijn 2001/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2001 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaksproducten, buiten het toepassingsgebied van deze verordening vallen.

schrappen

Motivering

Ellenlange lijsten met uitzonderingen die niet bijdragen aan de ontwikkeling van het inzicht in of van beginselen van een betere regelgeving en die ervoor zouden kunnen zorgen dat in de toekomst veelvuldige herzieningen van de verordening nodig zijn, moeten worden vermeden.

Amendement 7

Overweging 5

(5) Richtlijn 2002/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 2003 tot vaststelling van kwaliteits- en veiligheidsnormen voor het inzamelen, testen, bewerken, opslaan en distribueren van bloed en bloedbestanddelen van menselijke oorsprong en Richtlijn 2004/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van kwaliteits- en veiligheidsnormen voor het doneren, verkrijgen, testen, bewerken, bewaren en distribueren van menselijke weefsels en cellen leggen een gemeenschappelijke regeling voor de desbetreffende producten vast, die dus buiten het toepassingsgebied van deze verordening moeten vallen.

schrappen

Motivering

Zie motivering bij overweging 4.

Amendement 8

Overweging 6 bis (nieuw)

 

(6 bis) De oprichting van een uniforme nationale accreditatie-instantie gebeurt onverminderd de taakverdeling binnen de lidstaten.

Amendement 9

Overweging 10

(10) Verordening (EG) nr. 761/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2001 inzake de vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) heeft een systeem ingevoerd voor de erkenning van onafhankelijke milieuverificateurs en voor het toezicht op hun werkzaamheden. Aangezien de regels van dat systeem afwijken van de bepalingen van deze verordening, moeten situaties die vallen onder Verordening (EG) nr. 761/2001 buiten het toepassingsgebied van deze verordening blijven.

schrappen

Motivering

Zie motivering bij overweging 4.

Amendement 10

Overweging 14

(14) Wanneer het economisch niet zinvol of haalbaar is dat een lidstaat een nationale accreditatie-instantie opricht, moet die lidstaat een beroep kunnen doen op de nationale accreditatie-instantie van een andere lidstaat.

(14) Wanneer het economisch niet zinvol of haalbaar is dat een lidstaat een nationale accreditatie-instantie opricht, moet die lidstaat een beroep doen op de nationale accreditatie-instantie van een andere lidstaat en moet hij worden aangemoedigd hiervan zoveel mogelijk gebruik te maken.

(Dit amendement vervangt amendement 6 van het ontwerpverslag)

Motivering

Lidstaten moeten meer dan in het voorstel worden aangemoedigd om indien nodig een beroep te doen op de diensten van de accreditatie-instantie van een andere lidstaat.

Amendement 11

Overweging 15

(15) Om dubbele accrediteringen te voorkomen, de acceptatie en erkenning van accreditatiecertificaten te verbeteren en doeltreffend toezicht te houden op de geaccrediteerde conformiteitsbeoordelingsinstanties, moeten de conformiteitsbeoordelingsinstanties hun accreditatieverzoeken in principe indienen bij de nationale accreditatie-instantie van hun lidstaat van vestiging. Niettemin moet ervoor worden gezorgd dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie ook om accreditatie in een andere lidstaat moet kunnen verzoeken wanneer in haar lidstaat geen nationale accreditatie-instantie bestaat of wanneer een dergelijke instantie niet bekwaam is om de vereiste accreditatiediensten te verlenen. In die gevallen moet worden gezorgd voor een passende samenwerking en uitwisseling van informatie tussen de nationale accreditatie-instanties.

(15) Om dubbele accrediteringen te voorkomen, de acceptatie en erkenning van accreditatiecertificaten te verbeteren en doeltreffend toezicht te houden op de geaccrediteerde conformiteitsbeoordelingsinstanties, moeten de conformiteitsbeoordelingsinstanties hun accreditatieverzoeken indienen bij de nationale accreditatie-instantie van hun lidstaat van vestiging. Niettemin moet ervoor worden gezorgd dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie ook om accreditatie in een andere lidstaat moet kunnen verzoeken wanneer in haar lidstaat geen nationale accreditatie-instantie bestaat of wanneer een dergelijke instantie niet bekwaam is om de vereiste accreditatiediensten te verlenen. In die gevallen moet worden gezorgd voor een passende samenwerking en uitwisseling van informatie tussen de nationale accreditatie-instanties.

Motivering

Geschrapt als overbodig. De substantiële voorschriften (art. 6) bevatten bepaalde vrijstellingen. De voorgestelde wijziging moet duidelijk maken dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie voor niet-verplichte beoordelingsactiviteiten bij om het even welke accreditatie-instantie om accreditatie kan verzoeken.

Amendement 12

Overweging 16

(16) Om ervoor te zorgen dat de nationale accreditatie-instanties aan de eisen en verplichtingen van deze verordening voldoen, moeten de lidstaten de goede werking van het accreditatiesysteem ondersteunen, regelmatig toezicht houden op hun nationale accreditatie-instantie en zo nodig passende corrigerende maatregelen treffen.

(16) Om ervoor te zorgen dat de nationale accreditatie-instanties aan de eisen en verplichtingen van deze verordening voldoen, moeten de lidstaten de goede werking van het accreditatiesysteem ondersteunen, regelmatig toezicht houden op hun nationale accreditatie-instantie en zo nodig binnen een redelijke termijn passende corrigerende maatregelen treffen.

Motivering

Zie motivering bij artikel 5, lid 3.

Amendement 13

Overweging 18

(18) De Europese samenwerking voor accreditatie (EA) heeft als belangrijkste taak een transparant en kwaliteitsgestuurd systeem voor de beoordeling van de bekwaamheid van conformiteitsbeoordelingsinstanties in Europa te bevorderen. De EA beheert een systeem van collegiale toetsing tussen nationale accreditatie-instanties in de lidstaten en andere Europese landen. Dat systeem blijkt efficiënt te werken en onderling vertrouwen te scheppen. Daarom moeten de lidstaten ervoor zorgen dat hun nationale accreditatie-instantie lid van de EA wordt of blijft.

(18) Hoewel de verordening moet voorzien in de erkenning van een andere instantie voor de uitvoering van bepaalde functies op het gebied van accreditatie, beheert de Europese samenwerking voor accreditatie (EA), die als belangrijkste taak heeft een transparant en kwaliteitsgestuurd systeem voor de beoordeling van de bekwaamheid van conformiteitsbeoordelingsinstanties in Europa te bevorderen, een systeem van collegiale toetsing tussen nationale accreditatie-instanties in de lidstaten en andere Europese landen. Dat systeem blijkt efficiënt te werken en onderling vertrouwen te scheppen. Daarom moet de EA de oorspronkelijk hieronder erkende instantie zijn en moeten de lidstaten ervoor zorgen dat hun nationale accreditatie-instantie lid van de EA wordt en blijft zolang ze op die manier is erkend. Tegelijkertijd moet de mogelijkheid worden opengelaten voor verandering van erkenning van de desbetreffende instantie, indien hieraan in de toekomst behoefte bestaat.

(Dit amendement vervangt amendement 9 van het ontwerpverslag)

Motivering

De EA bevindt zich nu in een positie om diensten te verlenen in het kader van deze verordening, en moet de instantie zijn die oorspronkelijk wordt erkend voor dat doel, maar andere instanties kunnen zich in de toekomst ontwikkelen of de EA kan veranderen. De verordening moet worden opgesteld zodat elke geschikte instantie de mogelijkheid heeft om de vereiste functies uit te oefenen. Het voorstel om de EA expliciet te vermelden in de verordening en ze een vorm van permanente officiële status te verlenen is ook problematisch aangezien de EA een organisatie is die valt onder het privaatrecht. Deze gedachtegang trekt de competentie van de EA in generlei wijze in twijfel, een competentie die ze reeds verscheidene jaren afdoende heeft bewezen.

Amendement 14

Overweging 20

(20) De sectorale accreditatieregelingen moeten de activiteitengebieden bestrijken waar de algemene bekwaamheidseisen voor conformiteitsbeoordelingsinstanties ontoereikend zijn om bij specifieke gedetailleerde eisen op technologisch gebied of op het gebied van gezondheid en veiligheid het nodige beschermingsniveau te waarborgen. Aangezien de EA over uitgebreide technische expertise beschikt, moet haar worden verzocht dergelijke regelingen te ontwikkelen, met name voor gebieden die onder het Gemeenschapsrecht vallen.

(20) De sectorale accreditatieregelingen moeten de activiteitengebieden bestrijken waar de algemene bekwaamheidseisen voor conformiteitsbeoordelingsinstanties ontoereikend zijn om bij specifieke gedetailleerde eisen op technologisch gebied of op het gebied van gezondheid en veiligheid het nodige beschermingsniveau te waarborgen. Aangezien de EA over uitgebreide technische expertise beschikt, moet haar worden verzocht, als de instantie die hieronder oorspronkelijk wordt erkend, dergelijke regelingen te ontwikkelen, met name voor gebieden die onder het Gemeenschapsrecht vallen.

Motivering

Zie motivering bij overweging 18.

Amendement 15

Overweging 22

(22) Voor bepaalde sectoren zijn al communautaire eisen vastgesteld om te waarborgen dat het markttoezicht op basis van gemeenschappelijke regels gebeurt. Om overlappingen te voorkomen, moeten die sectoren buiten het toepassingsgebied van deze verordening blijven. Daarom moeten de bepalingen betreffende het markttoezicht niet, maar die over de controle van producten uit derde landen wel op de volgende rechtsbesluiten van toepassing zijn: Richtlijn 70/156/EEG van de Raad van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan, Richtlijn 76/768/EEG van de Raad van 27 juli 1976 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake cosmetische producten, Richtlijn 90/385/EEG van de Raad van 20 juni 1990 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake actieve implanteerbare medische hulpmiddelen, Richtlijn 93/42/EEG van de Raad van 14 juni 1993 betreffende medische hulpmiddelen, Richtlijn 97/68/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 1997 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door inwendige verbrandingsmotoren die worden gemonteerd in niet voor de weg bestemde mobiele machines, Richtlijn 98/79/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 oktober 1998 betreffende medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek, Richtlijn 2001/82/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik, Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik, Richtlijn 2002/88/EG van het Europees Parlement en de Raad van 9 december 2002 tot wijziging van Richtlijn 97/68/EG betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door inwendige verbrandingsmotoren die worden gemonteerd in niet voor de weg bestemde mobiele machines, Richtlijn 2002/24/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 maart 2002 betreffende de goedkeuring van twee- of driewielige motorvoertuigen en de intrekking van Richtlijn 92/61/EEG van de Raad, Verordening (EG) nr. 1592/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2002 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart, Richtlijn 2003/37/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de typegoedkeuring van landbouw- of bosbouwtrekkers en aanhangwagens, verwisselbare getrokken machines, systemen, onderdelen en technische eenheden daarvan en tot intrekking van Richtlijn 74/150/EEG van de Raad, Richtlijn 2004/26/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot wijziging van Richtlijn 97/68/EG betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door inwendige-verbrandingsmotoren die worden gemonteerd in niet voor de weg bestemde mobiele machines, Verordening (EG) nr. 273/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 inzake drugsprecursoren, Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van communautaire procedures voor het verlenen van vergunningen en het toezicht op geneesmiddelen voor menselijk en diergeneeskundig gebruik en tot oprichting van een Europees Geneesmiddelenbureau.

schrappen

(Dit amendement vervangt amendement 11 van het ontwerpverslag)

Motivering

Zie motivering bij overweging 4.

Amendement 16

Overweging 23

(23) Richtlijn 2001/95/EG van het Europees Parlement en de Raad inzake algemene productveiligheid legt een kader voor markttoezicht en administratieve samenwerking bij consumentenproducten vast. De in deze verordening opgenomen bepalingen over het markttoezicht moeten niet van toepassing zijn op producten zoals gedefinieerd in artikel 2, onder a), van Richtlijn 2001/95/EG wat de gezondheid en veiligheid van consumenten betreft.

schrappen

Motivering

Het toepassingsgebied van het kader voor markttoezicht dat door deze verordening wordt vastgesteld, moet zo breed mogelijk zijn en moet de richtlijn algemene productveiligheid incorporeren. Het is vaak onduidelijk of een product al dan niet een consumentenproduct is, en het niet incorporeren van de richtlijn algemene productveiligheid zou kunnen leiden tot verwarring over welke regels van toepassing zijn op een bepaald product. Het incorporeren van deze richtlijn in het kader dat hierbij wordt vastgesteld betekent een vereenvoudiging van het algemene kader voor markttoezicht; het uitsluiten ervan zou kunnen leiden tot moeilijkheden en versnippering.

Amendement 17

Overweging 23 bis (nieuw)

 

(23 bis) Het leveren van het bewijs dat voldaan is aan de relevante productveiligheidseisen, kan worden vergemakkelijkt door een erkende certificering door de bevoegde instanties.

Motivering

Deze formulering sluit aan bij overweging 17 van Richtlijn 2001/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 3 december 2001 over algemene productveiligheid.

De producenten beschikken niet altijd over de nodige kennis en doen daarom, ook in verband met de kosten, een beroep op de deskundigheid van onafhankelijke certificeerders.

Onafhankelijke certificeerders zijn op de hoogte van de laatste ontwikkelingen op het gebied van onderzoek en beschikken over de nodige kennis.

Amendement 18

Overweging 24

(24) Het is voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid en voor een soepele werking van de interne markt van essentieel belang dat de bevoegde instanties zowel op nationaal als grensoverschrijdend vlak samenwerken bij de uitwisseling van informatie, bij het onderzoek van inbreuken en bij maatregelen om inbreuken te doen staken.

(24) Het is voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid en voor een soepele werking van de interne markt van essentieel belang dat de bevoegde instanties zowel op nationaal als grensoverschrijdend vlak samenwerken bij de uitwisseling van informatie, bij het onderzoek van inbreuken en bij maatregelen om inbreuken te doen staken, en dit ook reeds vóór het op de markt brengen van gevaarlijke producten, met name door de identificatie ervan te verbeteren, voornamelijk in zeehavens, waar 90% van de geïmporteerde producten de Unie binnenkomt. Nationale consumentenbeschermingsorganisaties moeten op nationaal niveau samenwerken met nationale markttoezichtautoriteiten en met hen informatie uitwisselen over producten waarvan zij vermoeden dat ze een risico inhouden.

(Dit amendement combineert amendement 2 van ITRE en amendement 2 van ENVI.

Motivering

Aangezien de individuele consumenten zich bij kwaliteits- of veiligheidsproblemen doorgaans tot de nationale consumentenbeschermingsorganisaties richten, moet de relevante informatie met het oog op mogelijke follow-up worden overgemaakt aan de markttoezichtautoriteiten.

Amendement 19

Overweging 28

(28) Verordening (EEG) nr. 339/93 van de Raad van 8 februari 1993 betreffende controles op de overeenstemming van uit derde landen ingevoerde producten met de op het gebied van de productveiligheid toepasselijke voorschriften bevat bepalingen betreffende de opschorting van de vrijgave van producten door de douaneautoriteiten en voorziet in verdere procedures, waaronder de inschakeling van markttoezichtautoriteiten. Die bepalingen, inclusief die over de betrokkenheid van markttoezichtautoriteiten, moeten dus in deze verordening worden geïntegreerd en hetzelfde toepassingsgebied hebben.

(28) Verordening (EEG) nr. 339/93 van de Raad van 8 februari 1993 betreffende controles op de overeenstemming van uit derde landen ingevoerde producten met de op het gebied van de productveiligheid toepasselijke voorschriften bevat bepalingen betreffende de opschorting van de vrijgave van producten door de douaneautoriteiten en voorziet in verdere procedures, waaronder de inschakeling van markttoezichtautoriteiten. Die bepalingen, inclusief die over de betrokkenheid van markttoezichtautoriteiten, moeten dus in deze verordening worden geïntegreerd en een soortgelijk toepassingsgebied hebben.

(Dit amendement vervangt amendement 15 van het ontwerpverslag)

Amendement 20

Overweging 28 bis (nieuw)

 

(28 bis) Binnen een jaar na de publicatie van deze verordening in het Publicatieblad van de Europese Unie stelt de Commissie een diepgaande analyse voor inzake markeringen voor consumentenveiligheid, indien nodig gevolgd door wetgevingsvoorstellen.

Amendement 21

Overweging 29

(29) De plaatsen van binnenkomst aan de buitengrenzen zijn een goede plaats om onveilige producten op te sporen voordat zij in de handel worden gebracht. Een verplichting voor douaneautoriteiten om op toereikende schaal controles uit te voeren kan dan ook tot meer veiligheid op de markt bijdragen.

(29) De plaatsen van binnenkomst aan de buitengrenzen zijn een goede plaats om onveilige en non-conforme producten of producten waarop vervalste of misleidende EG-markeringen zijn aangebracht, op te sporen voordat zij in de handel worden gebracht. Een verplichting voor douaneautoriteiten om op toereikende schaal controles uit te voeren kan dan ook tot meer veiligheid op de markt bijdragen. Om de doeltreffendheid van deze controles te verhogen, moeten de douaneautoriteiten alle noodzakelijke informatie over gevaarlijke niet-conforme producten voldoende op voorhand krijgen van de markttoezichtautoriteiten.

Motivering

De samenwerking en de uitwisseling van gegevens tussen douaneautoriteiten en markttoezichtautoriteiten moet worden verbeterd om te zorgen voor een meer doeltreffende controle aan de communautaire grenzen. Het markttoezicht moet niet reactief maar preventief zijn, en hiervoor is betere informatie vereist. Met betrekking tot de verplichtingen van de marktdeelnemers moet het duidelijk zijn dat alle betrokken marktdeelnemers dezelfde wettelijke verplichting hebben wanneer ze een bepaalde rol spelen bij het op de Europese markt brengen van een product.

Amendement 22

Overweging 30 bis (nieuw)

 

(30 bis) De lidstaten moeten voorzien in gepaste rechtsmiddelen bij de bevoegde rechtbanken om in beroep te gaan tegen maatregelen genomen door de bevoegde instanties die het op de markt brengen van een product aan banden leggen of eisen dat een product uit de handel wordt genomen of teruggeroepen.

Motivering

Wanneer de autoriteiten van een lidstaat een marktdeelnemer verplicht hebben een product terug te roepen en deze maatregel onjuist blijkt te zijn, moet de marktdeelnemer de mogelijkheid hebben in beroep te gaan. Deze tekst is identiek aan overweging 37 van de Richtlijn algemene productveiligheid en is bijgevolg geen nieuw of onbeproefd concept.

Amendement 23

Overweging 30 ter (nieuw)

 

(30 ter) De lidstaten kunnen het nuttig achten samenwerkingsakkoorden met belanghebbenden te sluiten, met name met sectorale beroepsorganisaties, om voordeel te halen uit beschikbare marktinformatie wanneer zij programma's voor markttoezicht opstellen, uitvoeren en bijwerken.

Motivering

In sommige lidstaten wordt reeds met belanghebbenden samengewerkt; dit amendement heeft tot doel deze goede praktijk aan te moedigen en ervoor te zorgen dat hij in een lidstaat niet wordt belemmerd door onduidelijke regelgeving.

Amendement 24

Overweging 31

(31) De lidstaten moeten sancties vaststellen op overtredingen van de bepalingen van deze verordening en ervoor zorgen dat die sancties worden toegepast. De sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn

(31) De lidstaten moeten sancties vaststellen op overtredingen van de bepalingen van deze verordening en ervoor zorgen dat die sancties worden toegepast. De sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn en naar evenredigheid worden verhoogd indien de betrokken marktdeelnemer in het verleden al een dergelijke overtreding van de bepalingen van deze verordening heeft begaan.

Motivering

Bij herhaalde overtreding van de verordening dient de sanctie zwaarder te zijn zodat het afschrikkend karakter groter wordt.

Amendement 25

Overweging 32

(32) Met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening moet de Gemeenschap bijdragen in de financiering van activiteiten die nodig zijn om het beleid op het gebied van accreditatie en markttoezicht uit te voeren. Voor de financiering kan gebruik worden gemaakt van subsidies aan de EA zonder oproep tot het indienen van voorstellen, van subsidies met oproep tot het indienen van voorstellen of van opdrachten die aan de EA of aan andere organisaties worden gegund, afhankelijk van de aard van de activiteit die moet worden gefinancierd en in overeenstemming met Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen, hierna het "Financieel Reglement" genoemd.

(32) Met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening moet de Gemeenschap bijdragen in de financiering van activiteiten die nodig zijn om het beleid op het gebied van accreditatie en markttoezicht uit te voeren. Voor de financiering kan gebruik worden gemaakt van subsidies aan de instantie erkend onder artikel 12 bis zonder oproep tot het indienen van voorstellen, van subsidies met oproep tot het indienen van voorstellen of van opdrachten die aan deze instantie of aan andere organisaties worden gegund, afhankelijk van de aard van de activiteit die moet worden gefinancierd en in overeenstemming met Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen, hierna het "Financieel Reglement" genoemd.

Motivering

Zie motivering bij overweging 18. De vervanging van "EA" door "instantie erkend onder artikel 12 bis" is van toepassing op de hele tekst en is niet aangegeven in afzonderlijke amendementen, tenzij dit echt noodzakelijk bleek.

Amendement 26

Artikel 1, lid 1

1. Deze verordening stelt voorschriften vast voor de organisatie en werking van de accreditatie van conformiteitsbeoordelingsinstanties die beoordelingen uitvoeren van stoffen, preparaten of andere producten die bestemd zijn om binnen de Gemeenschap in de handel te worden gebracht, ongeacht of die stoffen, preparaten of producten een bewerking hebben ondergaan.

Zij verschaft ook een kader voor het markttoezicht en de controle van producten uit derde landen om te waarborgen dat stoffen, preparaten en bewerkte producten waarop Gemeenschapswetgeving tot harmonisatie van de voorwaarden voor het in de handel brengen van producten (hierna "communautaire harmonisatiewetgeving" genoemd) van toepassing is, een hoog beschermingsniveau bieden voor algemene belangen, zoals gezondheid en veiligheid in het algemeen, gezondheid en veiligheid op het werk, consumentenbescherming, milieubescherming en beveiliging.

1. Teneinde te waarborgen dat producten die vallen onder het vrije verkeer van goederen binnen de Gemeenschap een hoog beschermingsniveau bieden voor algemene belangen, zoals gezondheid en veiligheid in het algemeen, gezondheid en veiligheid op het werk, consumentenbescherming en milieubescherming, terwijl wordt gewaarborgd dat het vrije verkeer van producten niet méér wordt beperkt dan de communautaire harmonisatiewetgeving en andere relevante communautaire voorschriften toelaten, voorziet deze verordening in een kader ter ondersteuning van de specifieke regels van bestaande en toekomstige sectorale communautaire harmonisatiewetgeving, zonder wezenlijke veranderingen aan te brengen aan deze regelgeving, meer bepaald aan voorschriften daarin die betrekking hebben op de bescherming van de gezondheid en het milieu en alle specifieke voorschriften over accreditatie en markttoezicht die daarin vervat kunnen zijn. Met dit doel stelt de Verordening het volgende vast:

 

a) voorschriften voor de organisatie en de werking van de accreditatie van conformiteitsbeoordelingsinstanties;

 

b) een kader voor markttoezicht en voor de controle van producten uit derde landen;

 

c) bepalingen inzake het communautaire EG-symbool en de EG-markering.

(Dit amendement vervangt de amendementen 20, 21, 23 en 24 van het ontwerpverslag)

Amendement 27

Artikel 1, lid 2

2. Deze verordening is niet van toepassing in situaties die vallen onder:

schrappen

a) de levensmiddelenwetgeving zoals gedefinieerd in artikel 3 van Verordening (EG) nr. 178/2002, met uitzondering van, wat hoofdstuk II betreft, Verordening (EG) nr. 509/2006, Verordening (EG) nr. 510/2006 en […/.…] [inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten];

 

 

b) de diervoederwetgeving zoals gedefinieerd in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 882/2004;

 

 

c) Richtlijn 2001/37/EG;

 

 

d) Richtlijn 2002/98/EG;

 

 

e) Richtlijn 2004/23/EG.

 

Motivering

De voorgestelde clausule zou ervoor zorgen dat de verordening niet van toepassing is op enkele belangrijke domeinen die vallen onder specifieke Europese regelgeving. Het is zelfs zo dat accreditatie reeds vaak wordt gebruikt in de meeste domeinen in kwestie, en daarom zouden de voorgestelde uitsluitingen nefast zijn voor de gewenste verwezenlijking van de kwaliteitsdoelstellingen in deze domeinen.

Amendement 28

Artikel 2, punt -1 (nieuw)

 

(-1) "producten": alle stoffen, preparaten en andere roerende goederen, al dan niet bewerkt;

(Dit amendement vervangt amendement 25 van het ontwerpverslag)

Amendement 29

Artikel 2, punt 3

(3) "fabrikant": een natuurlijke of rechtspersoon die een product ontwerpt of vervaardigt of onder zijn naam of handelsmerk laat ontwerpen of vervaardigen;

(3) "fabrikant": een natuurlijke of rechtspersoon die een product ontwerpt of vervaardigt of onder zijn naam of handelsmerk laat ontwerpen of vervaardigen en het in de handel brengt;

Motivering

Dit amendement zorgt voor consistentie met de definities van andere marktdeelnemers.

Amendement 30

Artikel 2, punt 5

(5) "distributeur": een natuurlijke of rechtspersoon in de toeleveringsketen, die een product op de markt aanbiedt;

(5) "distributeur": een natuurlijke of rechtspersoon in de toeleveringsketen, verschillend van de fabrikant of de importeur, die een product op de markt aanbiedt;

Motivering

Het onderscheid tussen marktdeelnemers die een gelijkaardige rol spelen bij het in de handel brengen van een product en degenen die een product niet voor de eerste keer aanbieden moet worden verduidelijkt. De rechtspersoon die een product op de communautaire markt brengt moet de verantwoordelijkheid dragen dat het product aan de eisen voldoet. Dit is niet het geval voor distributeurs.

Amendement 31

Artikel 2, punt 9

(9) "geharmoniseerde norm": een norm die overeenkomstig artikel 6 van Richtlijn 98/34/EG is vastgesteld door een van de in bijlage I bij die richtlijn genoemde Europese normalisatie-instellingen;

(9) "geharmoniseerde norm": een norm die overeenkomstig artikel 6 van Richtlijn 98/34/EG, op grond van een door de Commissie uitgevaardigde beschikking is vastgesteld door een van de in bijlage I bij die richtlijn genoemde Europese normalisatie-instellingen;

Amendement 32

Artikel 2, punt 10

(10) "accreditatie": een formele verklaring van een derde betreffende een conformiteitsbeoordelingsinstantie waaruit blijkt dat deze bekwaam is om specifieke conformiteitsbeoordelingstaken te verrichten;

(10) "accreditatie": een formele verklaring van een nationale accreditatie-instantie dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie voldoet aan de eisen (onder meer wat bekwaamheid betreft) om de specifieke conformiteitsbeoordelingsactiviteiten te verrichten, die zijn bepaald door geharmoniseerde normen, en, indien van toepassing; door aanvullende eisen, zoals die welke zijn opgenomen in de relevante sectorale regelingen.

Motivering

De verwijzing naar een "derde" is onnodig omdat alleen een nationale accreditatie-instantie in het kader van de verordening accreditatie kan verlenen. Het toepassingsgebied van accreditatie wordt gedefinieerd door de normen waarmee de eisen van bekwaamheid van conformiteitsbeoordelingsinstanties worden vastgesteld. Indien niet uitdrukkelijk wordt verwezen naar de normen (geharmoniseerd of aanvullend) zou de verordening van toepassing kunnen zijn op andere regelingen, bijvoorbeeld de accreditatie van journalisten. Bekwaamheid dient breder te worden opgevat. De verwijzing naar sectorale accreditatieregelingen heeft betrekking op regelingen bedoeld in artikel 12, lid 2.

Amendement 33

Artikel 2, punt 13 bis (nieuw)

 

(13 bis) "communautaire harmonisatiewetgeving": alle communautaire wetgeving die de voorwaarden voor het op de markt brengen van producten harmoniseert;

Motivering

Deze definitie werd overgeplaatst uit artikel 1, om alle definities op dezelfde plaats te verzamelen.

Amendement 34

Artikel 2, punt 13 ter (nieuw)

 

(13 ter) "de communautaire markt binnenkomen": het aanbieden met het oog op douane-inklaring;

Motivering

Deze definitie moet de betekenis verduidelijken van de uitdrukking "producten die de communautaire markt binnenkomen", die wordt gebruikt in hoofdstuk III, afdeling 3.

Amendement 35

Artikel 2, punt 13 quater (nieuw)

 

(13 quater) "conformiteitsbeoordeling": het aantonen dat een product, proces, systeem, persoon of instantie voldoet aan de specifieke eisen vastgelegd in het wetgevingsinstrument of de wetgevingsinstrumenten die erop van toepassing zijn;

Motivering

De term "conformiteitsbeoordeling" moet worden gedefinieerd aangezien deze term in de verordening heel vaak wordt gebruikt. De definitie moet worden overgenomen uit ISO/IEC 17000:2004 'Conformiteitsbeoordeling - Verklarende woordenlijst en algemene principes'.

Amendement 36

Artikel 2, punt 13 quinquies (nieuw)

 

(13 quinquies) "conformiteitsbeoordelingsinstantie": een instantie die werkzaamheden op het gebied van conformiteitsbeoordeling verricht, onder meer ijken, testen, certificeren en inspecteren;

Amendement 37

Artikel 2, punt 13 sexies (nieuw)

 

(13 sexies) "CE-markering": een markering die gestalte geeft aan de verklaring van de fabrikant dat het product in overeenstemming is met alle toepasselijke eisen om het in de handel te brengen;

Motivering

De CE-markering geeft gestalte aan de verklaring van de fabrikant (of zijn gemachtigde) dat het product in overeenstemming is met alle toepasbare eisen. Het is geen bewijs van de eigenlijke overeenstemming van een product met de eisen die van toepassing zijn. Dit zou onjuist zijn aangezien in dat geval markttoezicht - dat ook van toepassing is op producten met CE-markering - overbodig zou zijn voor deze producten.

Amendement 38

Artikel 2, punt 13 septies (nieuw)

 

(13 septies) "markttoezicht": de activiteiten verricht door en de maatregelen genomen door overheidsinstanties om ervoor te zorgen dat producten in overeenstemming zijn met de wettelijke eisen vastgelegd in de relevante communautaire regelgeving;

Amendement 39

Artikel 2, punt 13 octies (nieuw)

 

(13 octies) "markttoezichtautoriteit": de autoriteit of autoriteiten van elke lidstaat verantwoordelijk voor het uitvoeren van markttoezicht op het eigen grondgebied;

Motivering


Deze definitie werd overgeplaatst uit artikel 15, om alle definities op dezelfde plaats te verzamelen.

Amendement 40

Artikel 2, punt 13 nonies (nieuw)

 

(13 nonies) "collegiale toetsing": een beoordelingsproces waarbij verschillende nationale accreditatie-instanties zijn betrokken om vast te stellen of voldaan wordt aan de eisen van deze verordening en eventueel aan aanvullende sectorale technische specificaties;

Amendement 41

Artikel 2, punt 13 decies (nieuw)

 

(13 decies) "vrijgeven voor het vrije verkeer": de procedure voor de toekenning van de douanestatus van communautaire goederen aan producten van buiten de Gemeenschap, zoals vastgesteld in het Communautair Douanewetboek;

Amendement 42

Artikel 3, lid 1

1. Dit hoofdstuk is van toepassing wanneer op verplichte of vrijwillige basis accreditatie wordt gebruikt om te beoordelen of conformiteitsbeoordelingsinstanties bekwaam zijn om de conformiteit te beoordelen van stoffen, preparaten of andere producten, ongeacht of die stoffen, preparaten of producten een bewerking hebben ondergaan, en ongeacht de rechtsvorm van de accrediterende instantie.

1. Dit hoofdstuk is van toepassing wanneer op verplichte of vrijwillige basis accreditatie wordt gebruikt om te beoordelen of conformiteitsbeoordelingsinstanties bekwaam zijn om de conformiteit te beoordelen, ongeacht de rechtsvorm van de accrediterende instantie.

 

Motivering

Er wordt voorgesteld de definitie van product toe te voegen aan de andere definities in artikel 2.

(Dit amendement vervangt amendement 32 uit het ontwerpverslag)

Amendement 43

Artikel 3, lid 2

2. Dit hoofdstuk is van toepassing op accreditatie zoals bedoeld in Verordening (EG) nr. 509/2006, Verordening (EG) nr. 510/2006 en [Verordening (EG) nr. […/….] inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten].

schrappen

Motivering

Verordeningen 509/2006 en 510/2006 mogen niet buiten het toepassingsgebied van deze verordening worden gelaten. Accreditatie wordt reeds veelvuldig gebruikt voor een waaier aan conformiteitsbeoordelingsactiviteiten betreffende een hele reeks voedselproducten. Het toepassingsgebied van het kader voor accreditatie moet zo ruim mogelijk zijn om te voorkomen dat verschillende parallelle systemen worden gecreëerd, maar het moet duidelijk worden gekoppeld aan het bestaande kader.

Amendement 44

Artikel 3, lid 3

3. Dit hoofdstuk is niet van toepassing in situaties die vallen onder Verordening (EG) nr. 761/2001.

schrappen

Motivering

Verordening 761/2006 mag niet buiten het toepassingsgebied van deze verordening worden gelaten. Het uitsluiten van het gebruik van accreditatie om de bevoegdheid van EMAS-verificateurs te attesteren is niet gerechtvaardigd aangezien accreditatie reeds voor dit doel wordt gebruikt in de overgrote meerderheid van de lidstaten, met duidelijke voordelen. Het toepassingsgebied van het kader voor accreditatie moet zo ruim mogelijk zijn om te voorkomen dat verschillende parallelle systemen worden gecreëerd, maar het moet duidelijk worden gekoppeld aan het bestaande kader.

Amendement 45

Artikel 4, lid 2

2. Wanneer een lidstaat meent dat de oprichting van een nationale accreditatie-instantie of de beschikbaarstelling van bepaalde accreditatieactiviteiten economisch niet zinvol of haalbaar is, kan hij een beroep doen op de nationale accreditatie-instantie van een andere lidstaat.

2. Wanneer een lidstaat meent dat de oprichting van een nationale accreditatie-instantie of de beschikbaarstelling van bepaalde accreditatieactiviteiten economisch niet zinvol of haalbaar is, moet hij een beroep doen op de nationale accreditatie-instantie van een andere lidstaat.

Motivering

Wanneer een lidstaat ervoor kiest om geen nationale accreditatie-instantie op te richten, of om haar taken te beperken, moet het de regel zijn dat deze lidstaat een beroep doet op de accreditatie-instantie van een andere lidstaat. Hoewel niet wordt voorgesteld dit verplicht te maken, moet het toch in duidelijkere bewoordingen worden aangegeven dan simpelweg als een mogelijkheid voor de lidstaat.

Amendement 46

Artikel 4, lid 3, alinea 2 bis (nieuw)

 

Op basis van de informatie waarnaar wordt verwezen in alinea's 1 en 2, stelt de Commissie een lijst op met de nationale accreditatie-instanties die in elke lidstaat actief zijn, en werkt deze bij. Deze lijst wordt door de Commissie openbaar gemaakt.

(Dit amendement vervangt amendement 36 in het ontwerpverslag)

Amendement 47

Artikel 4, lid 4

4. De nationale accreditatie-instantie wordt geacht openbaar gezag uit te oefenen.

4. De nationale accreditatie-instantie oefent openbaar gezag uit in het algemeen belang.

Motivering

Om de verwijzing naar de uitoefening van openbaar gezag te verduidelijken, aangezien dit verschillende betekenissen kan hebben in verschillende lidstaten, en om te benadrukken dat de nationale accreditatie-instanties een belangrijk algemeen belang dienen.

Amendement 48

Artikel 4, lid 6

6. De nationale accreditatie-instantie werkt zonder winstoogmerk. Zij mag geen activiteiten of diensten aanbieden of verrichten die worden uitgevoerd door conformiteitsbeoordelingsinstanties, en geen adviesdiensten verlenen.

6. De nationale accreditatie-instantie werkt zonder winstoogmerk. Zij mag geen activiteiten of diensten aanbieden of verrichten die worden uitgevoerd door conformiteitsbeoordelingsinstanties, geen commerciële adviesdiensten verlenen en geen aandelen bezitten van of op een andere manier financiële of bestuurlijke belangen hebben in een conformiteitsbeoordelingsinstantie.

Motivering

Er moeten maatregelen worden genomen om de onafhankelijkheid te waarborgen van zowel de nationale accreditatie-instantie als de conformiteitsbeoordelingsinstanties; bovendien moet de lijst van deze maatregelen worden aangevuld met een maatregel die de financiële en bestuurlijke scheiding waarborgt.

Amendement 49

Artikel 4, lid 8

8. De nationale accreditatie-instanties streven naar lidmaatschap van de Europese samenwerking voor accreditatie (EA).

8. De nationale accreditatie-instanties zijn lid van de instantie erkend onder artikel 12 bis.

Motivering

Vrijwillig lidmaatschap van de erkende instantie is niet voldoende aangezien dit het hele concept van Europese accreditatie onsamenhangend zou maken. De wijziging in artikel 4, lid 8 is conform het algemene idee dat het wenselijk is de EA als enige instantie te erkennen die een speciale status krijgt binnen de verordening zoals vermeld in het amendement bij overweging 18.

Amendement 50

Artikel 4, lid 8 bis (nieuw)

 

8 bis. De nationale accreditatie-instanties creëren en onderhouden passende structuren om te zorgen voor een doeltreffende en evenwichtige inbreng van alle belanghebbenden zowel binnen hun organisatie als binnen het Europese accreditatienetwerk.

Motivering

Om te komen tot een evenwichtige uitvoering van het voorstel dat concurrentie geen rol speelt bij de accreditatie en om de vereiste onpartijdigheid van de nationale accreditatie-instanties te waarborgen, dienen de belangen van de "stakeholders" adequaat vertegenwoordigd te zijn, zowel binnen de nationale accreditatie-instanties als binnen het Europese accreditatienetwerk.

Amendement 51

Artikel 5, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. Wanneer een aanmelding van een conformiteitsbeoordelingsinstantie niet gebaseerd is op een accreditatiecertificaat, verschaft de aanmeldende autoriteit de Commissie en de andere lidstaten alle bewijsstukken die nodig zijn om de bekwaamheid van de conformiteitsbeoordelingsinstantie te verifiëren.

Motivering

De aanmoediging van het gebruik van accreditatie is een belangrijke doelstelling van de verordening. Wanneer een lidstaat er toch voor opteert geen accreditatie te gebruiken, moet hij worden verplicht overtuigend aan de andere lidstaten en de Commissie aan te tonen dat de competentie van de conformiteitsbeoordelingsinstantie op dezelfde manier is nagegaan als bij een accreditatie-instantie. De tekst werd overgenomen uit het voorgestelde besluit, met enkele wijzigingen.

Amendement 52

Artikel 5, lid 3

3. Wanneer de nationale accreditatie-instantie vaststelt dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie waaraan zij een accreditatiecertificaat heeft verleend, niet meer bekwaam is om een specifieke conformiteitsbeoordelingsactiviteit uit te voeren of in ernstige mate in gebreke blijft, treft de nationale accreditatie-instantie alle passende maatregelen om het accreditatiecertificaat van de conformiteitsbeoordelingsinstantie te beperken, op te schorten of in te trekken.

3. Wanneer de nationale accreditatie-instantie vaststelt dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie waaraan zij een accreditatiecertificaat heeft verleend, niet meer bekwaam is om een specifieke conformiteitsbeoordelingsactiviteit uit te voeren of in ernstige mate in gebreke blijft, treft de nationale accreditatie-instantie binnen een redelijke termijn alle passende maatregelen om het accreditatiecertificaat van de conformiteitsbeoordelingsinstantie te beperken, op te schorten of in te trekken.

Motivering

Nationale accreditatie-instanties moeten binnen een redelijke termijn alle passende maatregelen nemen om het accreditatiecertificaat van een conformiteitsbeoordelingsinstantie te beperken, op te schorten of in te trekken ingeval van onbekwaamheid van deze instantie. De beoordeling of de maatregel al dan niet voldoende snel werd genomen zal uiteindelijk de verantwoordelijkheid zijn van de rechtbanken, maar moet afhankelijk zijn van de ernst van het probleem in elk afzonderlijk geval. Zelfs een korte vertraging kan als onredelijk worden beschouwd indien de omstandigheden en gevolgen voldoende ernstig zijn.

Amendement 53

Artikel 5, lid 4

4. De lidstaten stellen procedures vast voor de behandeling van beroepen en klachten die tegen accreditatiebeslissingen of het uitblijven daarvan worden ingediend.

4. De lidstaten zorgen voor de vaststelling van procedures voor de behandeling van beroepen die tegen accreditatiebeslissingen of het uitblijven daarvan worden ingediend, en voor de behandeling van klachten.

Motivering

Wanneer nationale accreditatie-instanties hun verplichtingen niet nakomen, moet gewaarborgd zijn dat doeltreffende gerechtelijke maatregelen beschikbaar zijn in de nationale regelgeving opdat de situatie kan worden opgelost.

Amendement 54

Artikel 5, lid 4 bis (nieuw)

 

4 bis. Onverminderd de bepalingen van deze verordening hebben de lidstaten op het gebied van medische hulpmiddelen het recht aan de aangemelde instanties bijkomende eisen te stellen, als zij dat nodig achten, om te zorgen voor een actief, preventief en systematisch markttoezicht, en om de actieve bescherming van patiënten, gebruikers en andere derden alsook de naleving van de in Richtlijn 93/42/EEG betreffende medische hulpmiddelen opgenomen bepalingen te waarborgen.

(Dit mondelinge amendement is gebaseerd op amendement 174)

Amendement 55

Artikel 5 bis (nieuw), titel en lid 1

 

Artikel 5 bis

Niet-concurrentiebeginsel

 

1. De nationale accreditatie-instanties mogen niet concurreren met de conformiteitsbeoordelingsinstanties.

Amendement 56

Artikel 5 bis (nieuw), lid 2

 

2. De nationale accreditatie-instanties mogen niet concurreren met andere nationale accreditatie-instanties op het grondgebied van de Europese Unie met betrekking tot de accreditatie voor verplichte conformiteitsbeoordelingsactiviteiten.

Amendement 57

Artikel 5 bis (nieuw), lid 3

 

3. De nationale accreditatie-instanties mogen evenwel op verzoek van een conformiteitsbeoordelingsinstantie met betrekking tot de accreditatie voor een verplichte conformiteitsbeoordelingsactiviteit grensoverschrijdend op het grondgebied van een andere lidstaat actief worden in de in artikel 6, lid 1 genoemde omstandigheden of als hun daarom overeenkomstig artikel 6, lid 3 door een nationale accreditatie-instantie wordt gevraagd in samenwerking met de nationale accreditatie-instantie van die lidstaat.

Amendement 58

Artikel 6, lid 1, alinea 1

1. Wanneer een conformiteitsbeoordelingsinstantie accreditatie wenst, dient zij daartoe een verzoek in bij de nationale accreditatie-instantie van haar lidstaat van vestiging of bij de nationale accreditatie-instantie waarop die lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 2, een beroep heeft gedaan.

1. Wanneer een conformiteitsbeoordelingsinstantie accreditatie wenst voor een verplichte conformiteitsbeoordelingsactiviteit, dient zij daartoe een verzoek in bij de nationale accreditatie-instantie van haar lidstaat van vestiging of bij de nationale accreditatie-instantie waarop die lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 2, een beroep heeft gedaan.

Motivering

Europese conformiteitsbeoordelingsinstanties moeten concurreren met conformiteitsbeoordelingsinstanties van buiten Europa. Het grensoverschrijdende accreditatiebeleid voor conformiteitsbeoordelingsinstanties van buiten Europa is vastgelegd in richtsnoeren van het IAF (International Accreditation Forum). De eisen voor vrijwillige grensoverschrijdende accreditatie mogen niet restrictiever zijn dan het beleid van de IAF en de ILAC (International Laboratory Accreditation Co-operation) om onnodige nadelen (kosten, bureaucratie) te vermijden voor de Europese instanties.

Amendement 59

Artikel 7, punt 9 bis (nieuw)

 

(9 bis) zij staat toe en waarborgt dat de conformiteitsbeoordelingen op passende wijze worden uitgevoerd, waarbij onnodige lasten voor de bedrijven worden vermeden en rekening wordt gehouden met de omvang, de branche, de ondernemingsstructuur, de relatieve complexiteit van de producttechnologie in kwestie, alsook met de vraag of er al dan niet sprake is van serieproductie.

Amendement 60

Artikel 8, lid 1, alinea 2

De lidstaten mogen er in geval van een positieve beoordeling bij de collegiale toetsing overeenkomstig artikel 9 van uitgaan dat aan het toezichtsvereiste van de eerste alinea is voldaan.

De lidstaten moeten er in geval van een positieve beoordeling bij de collegiale toetsing overeenkomstig artikel 9 van uitgaan dat aan het toezichtsvereiste van de eerste alinea is voldaan.

Amendement 61

Artikel 8, lid 2 bis (nieuw)

 

2 bis. De nationale accreditatie-instanties beschikken over beroepsprocedures om de marktdeelnemers een rechtsmiddel te verschaffen, wanneer zij kunnen aantonen dat een geaccrediteerde instantie niet de minimaal vereiste vaardigheden of bekwaamheid bezit of blijkt geeft van vooringenomenheid.

Motivering

Het huidige voorstel voorziet in een procedure die de lidstaten ertoe verplicht hun nationale accreditatie-instanties regelmatig te controleren. Daarmee wordt het algemene openbare belang beschermd. Maar omdat de handelingen van de nationale accreditatie-instanties en van de door hen geaccrediteerde instanties rechtstreeks van invloed zijn op de marktdeelnemers, moeten deze uitdrukkelijk over een rechtsmiddel kunnen beschikken.

Amendement 62

Artikel 9, lid 1

1. De nationale accreditatie-instanties zetten een systeem van collegiale toetsing op en nemen hieraan deel.

1. De nationale accreditatie-instanties onderwerpen zich aan de collegiale toetsing die wordt georganiseerd door de overeenkomstig artikel 12 bis erkende instantie.

Amendement 63

Artikel 9, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. Belanghebbenden hebben het recht deel te nemen aan het systeem dat werd opgezet voor het toezicht op de activiteiten van collegiale toetsing.

Motivering

Om op een geloofwaardige manier onafhankelijk te zijn mag het systeem geen gesloten cirkel zijn waarbinnen "collega's" elkaar accrediteren binnen een kleine "club". Nationale autoriteiten die deelnemen aan collegiale toetsing mogen zichzelf niet uitsluiten van de competentie van de gebruikers van het systeem: de industrie. Het internationale stelsel voor de goedkeuring van elektrische producten volgens de IEC-normen berust op collegiale toetsing en staat open voor geïnteresseerde belanghebbenden op bestuurlijk niveau: hetzelfde geldt ook in Europa binnen de vereniging van de Europese certificatie-instanties die actief zijn in het kader van de laagspanningsrichtlijn.

Amendement 64

Artikel 9, lid 2

2. De lidstaten zien erop toe dat hun nationale accreditatie-instantie regelmatig een collegiale toetsing ondergaat.

2. De lidstaten zien erop toe dat hun nationale accreditatie-instantie regelmatig een collegiale toetsing ondergaat, zoals in lid 1 bepaald.

Amendement 65

Artikel 9, lid 3

3. De collegiale toetsing vindt plaats op basis van deugdelijke en transparante evaluatiecriteria en –procedures. Er wordt voorzien in passende procedures om in beroep te gaan tegen beslissingen die naar aanleiding van het resultaat van de toetsing zijn genomen.

3. De collegiale toetsing vindt plaats op basis van deugdelijke en transparante evaluatiecriteria en –procedures, met name op het gebied van de eisen inzake structuur, personele middelen en processen, vertrouwelijkheid en klachten. Er wordt voorzien in passende procedures om in beroep te gaan tegen beslissingen die naar aanleiding van het resultaat van de toetsing zijn genomen.

Motivering


Enkele elementen worden toegevoegd als onderdeel van de verplichte basis voor collegiale toetsing. De verslagen over collegiale toetsing moeten deze domeinen dekken, alsook alle andere relevante domeinen, onder afzonderlijke hoofdstukken in een formaat dat de passende vergelijking van alle verslagen toelaat.

Amendement 66

Artikel 9, lid 4

4. Bij de collegiale toetsing wordt vastgesteld of de nationale accreditatie-instantie aan de eisen van artikel 7 voldoet.

4. Bij de collegiale toetsing wordt vastgesteld of de nationale accreditatie-instantie aan de eisen van artikel 7 voldoet. Nationale accreditatie-instanties die de collegiale toetsing met succes hebben ondergaan, erkennen de gelijkwaardigheid van elkaars accreditaties, alsook de conformiteitsbeoordelingsresultaten die worden verstrekt door de door hen geaccrediteerde instanties.

Motivering

Het lidmaatschap van de overeenkomstig artikel 12 bis erkende instantie houdt voor de nationale accreditatie-instanties niet de verplichting in tot deelname aan de collegiale toetsing, terwijl dit het centrale instrument is om gelijkwaardigheid, transparantie en consistentie in de accreditatiepraktijk te bereiken. Het systeem van collegiale toetsing dient op Europees vlak te worden georganiseerd en zou moeten functioneren volgens geharmoniseerde regels.

Amendement 67

Artikel 9, lid 5

5. Alle lidstaten en de Commissie worden van de resultaten van de collegiale toetsing in kennis gesteld.

5. De definitieve resultaten van de collegiale toetsing worden openbaar gemaakt en ter kennis gebracht van alle lidstaten en de Commissie.

Motivering

De resultaten van de collegiale toetsing moeten niet alleen worden doorgegeven aan de lidstaten en de Commissie, maar moeten ook toegankelijk zijn voor alle belangstellenden.

Amendement 68

Artikel 9, lid 6

6. De Commissie houdt toezicht op de regels en de goede werking van het systeem van collegiale toetsing.

6. De Commissie houdt in samenwerking met de lidstaten toezicht op de regels en de goede werking van het systeem van collegiale toetsing.

Amendement 69

Artikel 10, titel

Vermoeden van conformiteit

Vermoeden van conformiteit voor nationale accreditatie-instanties

Motivering

Dat aan de norm wordt voldaan, moet worden aangetoond via de collegiale toetsing die binnen de EA is opgezet. Als door middel van accreditaties de goede werking van de interne markt efficiënt moet worden ondersteund dankzij een versterking van het wederzijdse vertrouwen, dan moet van de accreditatie-instanties zelf worden verlangd dat zij aantonen dat het in hen gestelde vertrouwen gerechtvaardigd is.

Amendement 70

Artikel 10

Nationale accreditatie-instanties die voldoen aan de criteria van de desbetreffende geharmoniseerde norm, waarvan de referentie in het Publicatieblad van de Europese Unie is gepubliceerd, worden geacht aan de eisen van artikel 7 te voldoen.

Nationale accreditatie-instanties die door middel van een succesvolle deelname aan het in artikel 9 omschreven systeem van collegiale toetsing aantonen dat zij voldoen aan de criteria van de desbetreffende geharmoniseerde norm, waarvan de referentie in het Publicatieblad van de Europese Unie is gepubliceerd, worden geacht aan de eisen van artikel 7 te voldoen.

Motivering

Dat aan de norm wordt voldaan, moet worden aangetoond via de collegiale toetsing die binnen de overeenkomstig artikel 12 bis erkende instantie is opgezet. Als door middel van accreditaties de goede werking van de interne markt efficiënt moet worden ondersteund dankzij een versterking van het wederzijdse vertrouwen, dan moet van de accreditatie-instanties zelf worden verlangd dat zij aantonen dat het in hen gestelde vertrouwen gerechtvaardigd is.

Amendement 71

Artikel 11, lid 2

2. Elke nationale accreditatie-instantie stelt de bevoegde nationale autoriteiten en de Commissie in kennis van alle conformiteitsbeoordelingsactiviteiten die zij ter ondersteuning van de Gemeenschapswetgeving accrediteert en van eventuele wijzigingen van die activiteiten.

2. Elke nationale accreditatie-instantie stelt de bevoegde nationale autoriteiten, de Commissie en de instantie erkend krachtens artikel 12 bis van deze verordening in kennis van alle conformiteitsbeoordelingsactiviteiten die zij ter ondersteuning van de Gemeenschapswetgeving accrediteert en van eventuele wijzigingen van die activiteiten.

Motivering

De toevoeging van "de instantie erkend krachtens artikel 12 bis van deze verordening" aan de informatieverplichtingen van de accreditatie-instanties zal de transparantie tussen de verschillende actoren verhogen.

Amendement 72

Artikel 11, lid 3

3. Elke nationale accreditatie-instantie maakt informatie over de resultaten van de door haar ondergane collegiale toetsing, over de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten die zij accrediteert en over eventuele wijzigingen daarvan voor het publiek toegankelijk.

3. Elke nationale accreditatie-instantie maakt informatie over de resultaten van de door haar ondergane collegiale toetsing, over de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten die zij accrediteert en over eventuele wijzigingen daarvan op een regelmatige basis voor het publiek toegankelijk.

Motivering

De informatie over de resultaten van de collegiale toetsing moet op een regelmatige basis voor het publiek toegankelijk worden gemaakt.

Amendement 73

Artikel 12, alinea 2

Overeenkomstig de in de eerste alinea genoemde procedure kan de Commissie de EA ook vragen sectorale accreditatieregelingen uit te werken.

Overeenkomstig de in de eerste alinea genoemde procedure kan de Commissie ook:

 

a) alle bestaande stelsels aanvaarden die reeds evaluatiecriteria en procedures voor collegiale toetsing vaststellen;

 

b) verzoeken dat de instantie erkend krachtens artikel 12 bis evaluatiecriteria en procedures voor collegiale toetsing vaststelt en sectorale accreditatieregelingen uitwerkt.

Motivering

De verordening geeft de instantie erkend krachtens artikel 12 bis een belangrijke rol om de homogeniteit te waarborgen en de kwaliteit van accreditatie in Europa te bevorderen. Daarom moet het stelsel van collegiale toetsing, onder verantwoordelijkheid van de instantie erkend krachtens artikel 12 bis, ook onder de controle van de lidstaten en de Commissie vallen.

Amendement 74

Artikel 12, alinea 3

In die regelingen worden de voor een bepaalde sector geldende technische specificaties vastgelegd die nodig zijn om het door de communautaire harmonisatiewetgeving vereiste niveau van bekwaamheid in verband met specifieke eisen op technologisch gebied of op het gebied van gezondheid en veiligheid te waarborgen.

In die regelingen worden de voor een bepaalde sector geldende technische specificaties vastgelegd die nodig zijn om het door de communautaire harmonisatiewetgeving vereiste niveau van bekwaamheid in verband met specifieke eisen op technologisch gebied of op het gebied van gezondheid, milieu en veiligheid te waarborgen.

Motivering

Er werd reeds in vorige artikelen verwezen naar de bescherming van het milieu, niet in het minst omdat gevallen van niet-overeenstemming met de bestaande EU-regelgeving op het vlak van milieu ook moeten worden aangepakt.

Amendement 75

Artikel 12 bis (nieuw), titel en lid 1

 

Artikel 12 bis

 

Europese accreditatie-infrastructuur

 

1. De Commissie erkent na overleg met de lidstaten een instantie die voldoet aan de vereisten van de bijlage bij deze verordening.

Motivering

De doelstelling is een reeks basisvereisten op te stellen voor de aanwijzing van de erkende instantie en voor de kaderovereenkomst die ermee wordt gesloten, terwijl wordt gewaarborgd dat de overeenkomst kan worden beëindigd als gevolg van een overtreding of zonder reden, in het laatste geval bijvoorbeeld wanneer een andere instantie die dezelfde vereisten op een meer doeltreffende manier nakomt, of die hogere vereisten nakomt, zich heeft ontwikkeld en bijgevolg in de plaats zou moeten worden gebruikt, of simpelweg om opnieuw te onderhandelen.

Amendement 76

Artikel 12 bis (nieuw), lid 2

 

2. Een instantie die wil worden erkend moet een kaderovereenkomst sluiten met de Commissie. Deze overeenkomst moet onder meer de gedetailleerde taken van de instantie bevatten. Indien deze taken niet worden nagekomen, kan de Commissie de overeenkomst stopzetten. Ook bevat de overeenkomst de financieringsbepalingen, bepalingen voor het toezicht op de erkende instantie alsook andere bepalingen die gebruikelijk zijn voor een dergelijke overeenkomst. De Commissie en de betrokken instantie moeten de kaderovereenkomst openbaar maken. Zowel de Commissie als de betrokken instantie kunnen de overeenkomst zonder reden stopzetten na een redelijke opzegtermijn die in de overeenkomst wordt bepaald.

Motivering

Zie motivering bij artikel 12 bis (nieuw), lid 1.

Amendement 77

Artikel 12 bis (nieuw), lid 3

 

3. De Commissie deelt de erkenning krachtens lid 1 mee aan de lidstaten en de nationale accreditatie-instanties.

Motivering

Zie motivering bij artikel 12 bis (nieuw), lid 1.

Amendement 78

Artikel 12 bis (nieuw), lid 4

 

4. De Commissie mag op elk moment slechts één dergelijke instantie erkennen.

Motivering

Zie motivering bij artikel 12 bis (nieuw), lid 1.

Amendement 79

Artikel 12 bis (nieuw), lid 5

 

5. De eerste instantie die uit hoofde van deze verordening wordt erkend, is de Europese samenwerking voor accreditatie, op voorwaarde dat zij een kaderovereenkomst heeft gesloten, zoals hierboven vermeld.

(Dit amendement vervangt amendement 54 van het ontwerpverslag)

Amendement 80

Artikel 13, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. Elk van de bepalingen van dit hoofdstuk is van toepassing, voor zover er in de communautaire regelgeving, met inbegrip van Richtlijn 2001/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 3 december 2001 inzake algemene productveiligheid, geen specifieke bepalingen met hetzelfde doel staan.

(Dit compromisamendement vervangt de amendementen 196 en 197)

Amendement 81

Artikel 13, lid 2

2. De artikelen 14 tot en met 23 zijn niet van toepassing op producten zoals gedefinieerd in artikel 2, onder a), van Richtlijn 2001/95/EG wat de gezondheid en veiligheid van consumenten betreft.

schrappen

Motivering

Artikel 13, lid 2 moet worden geschrapt om het risico op inconsistentie zo beperkt mogelijk te houden, aangezien de scheidingslijn tussen consumentenproducten en producten voor professioneel gebruik vaag is, en de uitsluiting zou zorgen voor een onnodige complicatie, onduidelijke procedures en onduidelijke verantwoordelijkheden voor het op de markt brengen van producten. Het kader dat door de verordening wordt verschaft moet bijgevolg ook van toepassing zijn op de richtlijn algemene productveiligheid, waar deze richtlijn niet voorziet in meer specifieke regels, om op die manier een hoge graad van bescherming te waarborgen.

Amendement 82

Artikel 13, lid 3

3. De artikelen 14 tot en met 23 zijn niet van toepassing in situaties die onder de volgende communautaire harmonisatiewetgeving vallen:

schrappen

(a) Richtlijn 70/156/EEG;

 

(b) Richtlijn 76/768/EEG;

 

(c) Richtlijn 90/385/EG;

 

(d) Richtlijn 93/42/EEG;

 

(e) Richtlijn 97/68/EG;

 

(f) Richtlijn 98/79/EG;

 

(g) Richtlijn 2001/82/EG;

 

(h) Richtlijn 2001/83/EG;

 

(i) Richtlijn 2002/24/EG;

 

(j) Richtlijn 2002/88/EG;

 

(k) Verordening (EG) nr. 1592/2002;

 

(l) Richtlijn 2003/37/EG;

 

(m) Richtlijn 2004/26/EG;

 

(n) Verordening (EG) nr. 273/2004;

 

(o) Verordening (EG) nr. 726/2004.

 

Motivering

De verstrekkende en ingrijpende uitsluiting van volledige richtlijnen krachtens artikel 13, lid 3 zou op dezelfde manier als de uitsluiting van de richtlijn algemene productveiligheid de invoering van een samenhangend kader voor doeltreffend markttoezicht in gevaar brengen. Zoals dit het geval is bij de richtlijn algemene productveiligheid, zouden specifieke regels in andere regelgeving van toepassing zijn in plaats van de meer algemene regels van deze verordening, waardoor wordt gewaarborgd dat de markttoezichtmaatregelen geen leemten bevatten en geschikt zijn voor afzonderlijke producten.

Amendement 83

Artikel 13, lid 4

4. De artikelen 24 tot en met 26 zijn alleen van toepassing wanneer andere Gemeenschapswetgeving geen specifieke bepalingen over de organisatie van grenscontroles voor specifieke producten bevat.

schrappen

Motivering

Werd geherformuleerd in een nieuw artikel 13, lid 1 bis.

Amendement 84

Artikel 14

De lidstaten organiseren en verrichten controles om ervoor te zorgen dat onder de communautaire harmonisatiewetgeving vallende producten die zich in de Gemeenschap op de markt bevinden of die uit derde landen die markt binnenkomen, in overeenstemming zijn met de desbetreffende communautaire harmonisatiewetgeving en dat zij, wanneer zij op de juiste wijze wordt geïnstalleerd, onderhouden en gebruikt, geen gevaar opleveren voor de gezondheid of veiligheid of voor andere in de communautaire harmonisatiewetgeving vermelde aspecten van de bescherming van het algemeen belang.

De lidstaten organiseren en verrichten het markttoezicht, zoals in dit hoofdstuk omschreven.

Het doel van markttoezicht is ervoor te zorgen dat onder de communautaire harmonisatiewetgeving vallende producten die, wanneer zij voor het beoogde doel of onder redelijkerwijs te verwachten omstandigheden worden gebruikt en wanneer zij op de juiste wijze worden geïnstalleerd en onderhouden, gevaar kunnen opleveren voor de gezondheid of veiligheid van gebruikers of anderszins niet voldoen aan de toepasselijke eisen die in de communautaire harmonisatiewetgeving worden gesteld, uit de handel worden genomen of niet op de markt mogen worden aangeboden en dat het publiek, de Commissie en de andere lidstaten op passende wijze worden geïnformeerd.

(Dit amendement vervangt de amendementen 61 en 65 van het ontwerpverslag)

Amendement 85

Artikel 14, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. De lidstaten mogen het binnen hun grondgebied op de markt aanbieden van een product niet verbieden, beperken of belemmeren, tenzij dit verbod, deze beperking of deze belemmering gebaseerd is op en in overeenstemming is met de vereisten die zijn vastgesteld in deze verordening of in communautaire harmonisatiewetgeving.

(Dit amendement vervangt amendement 62 van het ontwerpverslag)

Amendement 86

Artikel 14, lid 1 ter (nieuw)

 

1 ter. De lidstaten zorgen ervoor dat hun markttoezicht alle producten dekt waarvoor wettelijke eisen gelden, ongeacht of zij bestemd zijn voor consumenten, waarschijnlijk zullen worden gebruikt door consumenten of bestemd zijn voor beroepsmatig gebruik.

Motivering

Ten behoeve van een maximale rechtszekerheid moet worden verduidelijkt dat markttoezicht wordt uitgeoefend op alle producten die aan wettelijke eisen moeten voldoen.

Amendement 87

Artikel 15, lid 1

Elke lidstaat deelt de Commissie en de andere lidstaten mee welke instanties voor het markttoezicht op zijn grondgebied bevoegd zijn, hierna de "markttoezichtautoriteiten" genoemd.

1. Elke lidstaat stelt de Commissie in kennis van de nationale markttoezichtautoriteiten en hun bevoegdheden. De Commissie zendt deze inlichtingen door naar de andere lidstaten.

(Dit amendement vervangt amendement 66 van het ontwerpverslag)

Amendement 88

Artikel 15, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. Elke lidstaat treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat het publiek op de hoogte is van het bestaan, de verantwoordelijkheden en de identiteit van de nationale markttoezichtautoriteit, alsook van de wijze waarop deze autoriteit kan worden gecontacteerd.

Motivering

Zie motivering bij artikel 15.

Amendement 89

Artikel 16, lid 1

1. De lidstaten zorgen voor communicatie en coördinatie tussen alle markttoezichtautoriteiten.

1. De lidstaten zorgen voor communicatie en coördinatie tussen alle markttoezichtautoriteiten die onder hun rechtsbevoegdheid vallen.

Motivering

Verduidelijking.

Amendement 90

Artikel 16, lid 2

2. De lidstaten stellen passende procedures vast voor de behandeling van klachten of meldingen in verband met risico's van producten die onder de communautaire harmonisatiewetgeving vallen, voor de monitoring van ongevallen en gezondheidsschade waarvan vermoed wordt dat zij door die producten zijn veroorzaakt, en voor de follow-up en bijwerking van wetenschappelijke en technische kennis inzake veiligheidsvraagstukken.

2. De lidstaten zorgen ervoor dat passende procedures worden vastgesteld voor de behandeling van klachten of meldingen in verband met risico's van producten die onder de communautaire harmonisatiewetgeving vallen, voor de monitoring van ongevallen en gezondheidsschade waarvan vermoed wordt dat zij door die producten zijn veroorzaakt, voor de vaststelling van gepaste procedures om na te gaan of corrigerende maatregelen wel degelijk werden uitgevoerd en voor de follow-up en bijwerking van wetenschappelijke en technische kennis inzake veiligheidsvraagstukken.

Motivering

Markttoezicht moet concrete follow-up van corrigerende maatregelen bevatten. Verschillende partijen drukten hun bezorgdheid uit over de geloofwaardigheid van de CE-markering. Een dergelijk gebrek aan geloofwaardigheid kan twee oorzaken hebben, ten eerste een ontoereikende methode voor het klissen van marktdeelnemers die met opzet de communautaire regelgeving negeren, en ten tweede een ontoereikende follow-up om ervoor te zorgen dat een product wel degelijk van de markt wordt verwijderd wanneer werd aangetoond dat het niet in overeenstemming was met de regelgeving. De lidstaten zelf moeten controleren of er daadwerkelijk corrigerende acties worden ondernomen.

Amendement 91

Artikel 16, lid 4

4. De lidstaten stellen programma's voor het markttoezicht op, voeren deze uit en werken deze periodiek bij.

4. De lidstaten zorgen ervoor dat programma's voor het markttoezicht worden opgesteld, uitgevoerd en periodiek bijgewerkt. Elke lidstaat stelt binnen een jaar na de inwerkingtreding van deze verordening een algemeen programma voor markttoezicht op en deelt dit mee aan de andere lidstaten en de Commissie en maakt het via internet openbaar. Latere bijwerkingen van dit programma worden op dezelfde manier meegedeeld en openbaar gemaakt. De lidstaten kunnen samenwerkingsovereenkomsten sluiten met belanghebbenden, in het bijzonder met sectorale beroepsorganisaties, teneinde gebruik te maken van de marktkennis waarover deze beschikken

(Dit amendement vervangt de amendementen 211 en 212)

Amendement 92

Artikel 16, lid 5

5. De lidstaten voeren periodiek een evaluatie en beoordeling uit van hun markttoezichtactiviteiten.

5. De lidstaten voeren periodiek een evaluatie en beoordeling uit van hun markttoezichtactiviteiten. Zulke evaluaties en beoordelingen vinden niet minder dan om de vier jaar plaats en de resultaten ervan worden meegedeeld aan de andere lidstaten en de Commissie en via internet openbaar gemaakt.

(Dit amendement vervangt amendement 71 van het ontwerpverslag)

Amendement 93

Artikel 17, lid 1, alinea 1

1. De markttoezichtautoriteiten controleren op toereikende schaal en op passende wijze de kenmerken van producten door middel van een verificatie van de documenten en, zo nodig, fysieke en laboratoriumcontroles op basis van representatieve steekproeven.

 

1. Rekening houdend met vastgestelde beginselen van risicobeoordeling, klachten en andere ontvangen indicaties, controleren de markttoezichtautoriteiten op toereikende schaal en op passende wijze de kenmerken van producten door middel van een verificatie van de documenten en, zo nodig, fysieke en laboratoriumcontroles op basis van representatieve steekproeven.

Motivering

Markttoezichtautoriteiten moeten, indien nodig gebaseerd op een risicobeoordeling en de aanwijzing van problemen, en rekening houdend met het proportionaliteitsbeginsel, de mogelijkheid hebben monsters te nemen, zeker wanneer het risico betrekking heeft op de verkoop van partijen vaak goedkope onderdelen of consumentenproducten, die vaak snel worden verkocht in een uitverkoop bij de distributeur.

Amendement 94

Artikel 17, lid 1, alinea's 2 en 3

De autoriteiten hebben het recht van marktdeelnemers te verlangen dat deze de documenten en informatie beschikbaar stellen die de autoriteiten noodzakelijk achten om aan de eisen van artikel 14 te voldoen.

Zij hebben tevens het recht om de bedrijfsruimten van de betrokken marktdeelnemers te betreden wanneer dat zij dat noodzakelijk achten om aan de eisen van artikel 14 te voldoen.

De markttoezichtautoriteiten hebben, rekening houdend met de evenredigheidsvereiste, het recht van marktdeelnemers te verlangen dat deze de documenten en informatie beschikbaar stellen die de autoriteiten noodzakelijk achten om hun activiteiten uit te voeren, waaronder het betreden van de bedrijfsruimten van de marktdeelnemers en het nemen van de nodige representatieve steekproeven.

(Dit amendement vervangt amendement 73 van het ontwerpverslag)

Amendement 95

Artikel 17, lid 1, alinea 3 bis (nieuw)

 

Wanneer de markttoezichtautoriteiten de in de eerste alinea bedoelde controles uitvoeren, erkennen zij de geldigheid van de door een geaccrediteerde conformiteitsbeoordelingsinstantie in de Gemeenschap opgestelde testrapporten waaruit de conformiteit blijkt.

Motivering

Ten behoeve van de rechtszekerheid moeten de door een geaccrediteerde conformiteitsbeoordelingsinstantie opgestelde testrapporten waaruit de conformiteit blijkt, worden erkend door de markttoezichtautoriteiten in alle lidstaten.

Amendement 96

Artikel 17, lid 2, alinea 1

2. De markttoezichtautoriteiten nemen passende maatregelen om de gebruikers op hun grondgebied te waarschuwen wanneer zij hebben vastgesteld dat een product een risico meebrengt.

2. De markttoezichtautoriteiten zorgen ervoor dat passende en proportionele maatregelen worden genomen om de gebruikers op hun grondgebied binnen een gepaste termijn te waarschuwen wanneer zij hebben vastgesteld dat een product een ernstig risico meebrengt.

(Dit amendement vervangt amendement 74 van het ontwerpverslag)

Amendement 97

Artikel 17, lid 2 bis (nieuw)

 

2 bis. Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat een product dat in een andere lidstaat is vervaardigd uit de handel willen nemen, nemen zij eerst contact op met de marktdeelnemer op het adres dat op het desbetreffende product is vermeld of in de documentatie die bij het product is gevoegd.

Motivering

Het is belangrijk dat de marktdeelnemer op de hoogte wordt gesteld als een andere lidstaat besluit een van zijn producten uit de handel te nemen. Er kan echter niet worden verwacht dat de autoriteiten contact opnemen met de marktdeelnemer alvorens de autoriteiten in een andere lidstaat op de hoogte te stellen omdat dit de procedure sterk zou vertragen.

Amendement 98

Artikel 17, lid 3

3. De markttoezichtautoriteiten voeren hun taken onafhankelijk uit en nemen daarbij de vertrouwelijkheid en het beroepsgeheim in acht.

3. De markttoezichtautoriteiten voeren hun taken onafhankelijk van politieke en commerciële druk uit. Ze nemen daarbij wanneer nodig vertrouwelijkheid in acht om gegevens te beschermen die door de betrokken marktdeelnemer op een adequate manier als commercieel geheim worden geïdentificeerd of om persoonlijke gegevens te beschermen, steeds rekening houdend met de vereiste dat informatie krachtens deze verordening publiek moet worden gemaakt om de belangen van de gebruikers in de Gemeenschap te beschermen.

Motivering

De markttoezichtactiviteiten moeten enkel worden toegepast voor de doeleinden die vastgelegd zijn in het nieuwe lid 5 van artikel 14 en moeten bijgevolg onafhankelijk zijn van zowel politieke als commerciële druk. In het evenwicht dat moet worden gevonden tussen het vrijwaren van vertrouwelijkheid en de noodzaak om het publiek te informeren over ernstige risico's, moet vertrouwelijkheid worden beperkt tot het minimum aan informatie dat strikt noodzakelijk vertrouwelijk moet worden gehouden, zoals informatie waarvan wordt aangetoond dat ze bestaat uit commerciële geheimen, en waarvoor het niet noodzakelijk is ze publiek te maken om degelijke informatie te verschaffen over het risico.

Amendement 99

Artikel 18

De lidstaten zien erop toe dat producten die een ernstig risico meebrengen dat snel ingrijpen noodzakelijk maakt, inclusief ernstige risico's waarvan het effect niet onmiddellijk is, worden teruggeroepen of uit de handel worden genomen of dat wordt verboden deze producten op de markt aan te bieden; zij zorgen ervoor dat de Commissie overeenkomstig artikel 20 hiervan onverwijld in kennis wordt gesteld.

De lidstaten zien erop toe dat producten die een ernstig risico meebrengen, inclusief een ernstig risico waarvan het effect niet onmiddellijk is, en waarvoor snel ingrijpen noodzakelijk is, worden teruggeroepen of uit de handel worden genomen of dat wordt verboden deze producten op hun markt aan te bieden; zij zorgen ervoor dat de Commissie overeenkomstig artikel 20 hiervan onverwijld in kennis wordt gesteld.

(Dit amendement vervangt amendement 76 van het ontwerpverslag)

Amendement 100

Artikel 18, alinea 1 bis (nieuw)

 

De beslissing of een product al dan niet een ernstig risico meebrengt, wordt genomen op basis van een passende risicobeoordeling die gebaseerd is op de aard van het risico en de kans dat het zich voordoet. De risicobeoordeling houdt rekening met alle relevante gegevens waaronder, indien beschikbaar, gegevens over risico's die zich hebben gemanifesteerd met betrekking tot het product. Er wordt ook rekening gehouden met de maatregelen die eventueel door de betrokken marktdeelnemer zijn genomen om het risico te beperken. De mogelijkheid een hoger veiligheidsniveau te bereiken, of de beschikbaarheid van andere producten met een geringere risicograad zijn geen gronden om ervan uit te gaan dat een product een ernstig risico meebrengt.

(Dit amendement vervangt amendement 77 van het ontwerpverslag)

Amendement 101

Artikel 19, lid 1

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel nauwkeurig is gemotiveerd.

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel proportioneel is en nauwkeurig is gemotiveerd.

Motivering

Om ervoor te zorgen dat de marktdeelnemers zich houden aan de maatregelen en het systeem beter functioneert, moeten de maatregelen proportioneel zijn en mogen ze niet verder gaan dan in de gegeven omstandigheden passend is.

Amendement 102

Artikel 19, lid 3

3. Voordat een maatregel als bedoeld in lid 1 wordt vastgesteld, krijgt de betrokken marktdeelnemer gelegenheid zijn standpunt kenbaar te maken, tenzij een dergelijk overleg niet mogelijk is wegens de urgentie van de maatregel op grond van in de relevante communautaire harmonisatiewetgeving opgenomen eisen inzake gezondheid, veiligheid of andere algemene belangen.

3. Voordat een maatregel als bedoeld in lid 1 wordt vastgesteld, krijgt de betrokken marktdeelnemer gelegenheid zijn standpunt kenbaar te maken, tenzij een dergelijk overleg niet mogelijk is wegens de urgentie van de maatregel op grond van in de relevante communautaire harmonisatiewetgeving opgenomen eisen inzake gezondheid, veiligheid of andere redenen ten aanzien van algemene belangen. Wanneer actie werd ondernomen zonder de marktdeelnemer te horen, wordt hem de mogelijkheid geboden zo snel mogelijk te worden gehoord, en de genomen actie wordt snel nadien herzien.

Motivering

Dit amendement is in lijn met de voorgestelde uitbreiding van het toepassingsgebied van markttoezicht. De toevoeging drukt de algemene regel uit in geval van eenzijdige tijdelijke maatregelen.

Amendement 103

Artikel 19, lid 3 bis (nieuw)

 

3 bis. Elke in lid 1 bedoelde maatregel wordt snel ingetrokken of gewijzigd om minder restrictief te worden gemaakt van zodra de marktdeelnemer aantoont dat hij doeltreffende actie heeft ondernomen om het ernstige risico te verwijderen.

Motivering

Artikel 19, lid 1 bevat een aantal mogelijke marktinterventies die door de autoriteiten kunnen worden ondernomen en de economische gevolgen van elk van deze interventies zullen verschillend zijn voor verschillende marktdeelnemers. In lijn met de algemene bepalingen van de communautaire regelgeving moet de mate van marktinterventie evenredig zijn met de grootte van het risico voor het publiek. Bepalingen met een gelijkaardig effect zijn reeds opgenomen in de richtlijn inzake algemene productveiligheid.

Amendement 104

Artikel 21, titel

Informatiebeheersysteem

Algemeen informatiebeheersysteem

(Dit amendement vervangt amendement 82 van het ontwerpverslag)

Amendement 105

Artikel 21, lid 1

1. De Commissie ontwikkelt en onderhoudt een algemeen systeem voor de archivering en uitwisseling van informatie over aangelegenheden in verband met markttoezichtactiviteiten.

1. De Commissie ontwikkelt en onderhoudt een algemeen systeem voor de archivering en uitwisseling van informatie over aangelegenheden in verband met markttoezichtactiviteiten en -programma's. Dit systeem geeft op passende wijze kennisgevingen en informatie weer die via het communautair systeem voor snelle uitwisseling van informatie zijn verzonden.

(Dit amendement vervangt amendement 83 van het ontwerpverslag)

Amendement 106

Artikel 21, lid 2, alinea 2

Wat de inhoud van de informatie betreft, worden de vertrouwelijkheid en het beroepsgeheim in acht genomen. De bescherming van het beroepsgeheim belet niet dat informatie die van belang is om de doeltreffendheid van het markttoezicht te verzekeren, aan de markttoezichtautoriteiten wordt verstrekt.

Wat de inhoud van de informatie betreft, wordt onverminderd artikel 17, lid 3, alinea 2, de vertrouwelijkheid in acht genomen. De bescherming van de vertrouwelijkheid belet niet dat informatie die van belang is om de doeltreffendheid van het markttoezicht te verzekeren, aan de markttoezichtautoriteiten wordt verstrekt.

Motivering

Zie motivering bij artikel 21, lid 2, eerste alinea.

Amendement 107

Artikel 22, lid 2 bis (nieuw)

 

2 bis. De Commissie verzamelt en organiseert de gegevens betreffende nationale markttoezichtmaatregelen die haar in staat stellen haar verplichtingen na te komen.

(Dit amendement vervangt amendement 87 van het ontwerpverslag)

Amendement 108

Artikel 22, lid 2 ter (nieuw)

 

2 ter. Alvorens een lidstaat andere lidstaten en de Commissie in kennis stelt van zijn bevindingen en maatregelen, neemt hij contact op met de marktdeelnemer op het adres dat eventueel op het product is aangegeven of daarbij gaat. Indien de marktdeelnemer binnen een periode van 28 dagen reageert, wordt de reactie opgenomen in het rapport van de lidstaat. Het voorschrift betreffende de opneming van de reactie van de marktdeelnemer geldt niet als de rapporterende lidstaat redenen heeft om aan te nemen dat een dergelijke vertraging een aanzienlijk risico zou opleveren voor de volksgezondheid en de openbare veiligheid.

Motivering

Marktdeelnemers moeten normaal gesproken de kans krijgen om op het standpunt van de autoriteiten te reageren, vooral wanneer de kwestie van naleving onder de aandacht van andere lidstaten zal worden gebracht, waardoor de gevolgen voor hun zakelijke activiteiten aanzienlijk worden vergroot.

Amendement 109

Artikel 22, lid 2 quater (nieuw)

 

2 quater. Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat een in een andere lidstaat vervaardigd product van de markt willen halen, stellen zij de betrokken marktdeelnemer op de hoogte op het adres dat is aangegeven op het product in kwestie of in de bij het product gevoegde documentatie.

Motivering

Het is belangrijk dat de marktdeelnemer wordt geïnformeerd als een andere lidstaat besluit om een van zijn producten van de markt te halen. Van de autoriteiten van de lidstaten kan echter niet worden verwacht dat zij contact opnemen met de marktdeelnemer voordat zij informatie naar de autoriteiten in een andere lidstaat sturen, aangezien dat aanzienlijke vertraging zou opleveren.

Amendement 110

Artikel 23, lid 1

1. De Commissie ontwikkelt en coördineert initiatieven op het gebied van markttoezicht die de expertise en samenwerking van twee of meer lidstaten en een gedeeld gebruik van middelen en expertise vereisen.

1. De Commissie ontwikkelt en coördineert initiatieven op het gebied van markttoezicht die de expertise en samenwerking van twee of meer lidstaten en een gedeeld gebruik van middelen en expertise vereisen, met inbegrip van initiatieven voor samenwerking met derde landen.

Motivering

Markttoezicht moet doeltreffend zijn voor alle producten die op de Europese markt worden gebracht, ongeacht waar ze vervaardigd zijn en hoe ze worden verspreid. Daarom dragen gezamenlijke initiatieven met derde landen en een verbeterde samenwerking met hun autoriteiten in de eerste plaats bij tot een beter begrip van de complexe EU-regels en bepalingen, en bovendien stimuleert dit deze autoriteiten om maatregelen te nemen om illegale export van niet-conforme producten naar de EU te voorkomen.

Amendement 111

Artikel 23, lid 2, letter b bis) (nieuw)

 

b bis) gepaste programma's ontwikkelen voor samenwerking met derde landen met betrekking tot de uitwisseling van informatie en technische ondersteuning, om de Europese systemen en acties inzake conformiteitsbeoordeling, markttoezicht en accreditatie te bevorderen en te beoordelen;

Motivering

Zie motivering bij artikel 23, lid 1.

Amendement 112

Artikel 23, lid 2, letter b ter) (nieuw)

 

b ter) het opstellen van een jaarlijks verslag over de handhaving van de communautaire harmonisatiewetgeving;

Motivering

Het is van belang de informatie over de tenuitvoerlegging van deze verordening te verbeteren, waarvan alle marktdeelnemers profiteren.

Amendement 113

Artikel 23, lid 2, letter b quater) (nieuw)

 

b quater) het opzetten van een gemeenschappelijke, openbare gegevensbank die voor de overheidsinstanties van de lidstaten en de marktdeelnemers toegankelijk is en waarin alle gevallen zijn opgeslagen waarin een product deed vermoeden een ernstig risico voor de gezondheid en de veiligheid met zich te brengen of in overtreding was met de communautaire harmonisatiewetgeving;

Motivering

De uitwisseling van informatie over de tenuitvoerlegging van de voorgestelde verordening dient aanzienlijk te worden verbeterd. In dit specifieke geval zal de gemeenschappelijke gegevensbank eerlijke marktdeelnemers de mogelijkheid bieden onbetrouwbare zakenrelaties zowel binnen als buiten de Gemeenschap te mijden.

Amendement 114

Artikel 23, lid 2, letter b quinquies) (nieuw)

 

b quinquies) het ontwikkelen, organiseren en opzetten van programma's voor de uitwisseling van ervaringen, informatie en beste werkwijzen, van programma's en acties voor gemeenschappelijke projecten, van voorlichtingscampagnes, van gezamenlijke bezoekprogramma's en van een gedeeld gebruik van middelen in samenwerking met derde landen.

Motivering

Een groot aantal niet-conforme producten die op de interne markt van de EG terechtkomen, worden gemaakt in derde landen (bijvoorbeeld China: 47%.). Dit is maar al te vaak het gevolg van ontoereikende informatie en opleiding. Derhalve dienen gemeenschappelijke programma's en uitwisselingen in samenwerking met die landen te worden ontwikkeld en opgezet, naar het voorbeeld van die in de EG.

Amendement 115

Artikel 23, lid 3

3. De lidstaten zien erop toe dat hun nationale autoriteiten zo nodig aan de in lid 2 bedoelde activiteiten deelnemen.

3. De lidstaten zien erop toe dat hun nationale autoriteiten zo nodig volledig aan de in lid 2 bedoelde activiteiten deelnemen.

Motivering

Om te waarborgen dat het systeem efficiënt is, moet er tussen de nationale autoriteiten volledig worden samengewerkt en mag de lidstaten geen discretionaire bevoegdheid worden geboden met betrekking tot hun deelname.

Amendement 116

AFDELING 2 BIS (nieuw)

 

AFDELING 2 bis

 

Conformiteit van producten - CE-markering

Motivering

Om de CE-markering op een meer doeltreffende manier aan te pakken, wordt voorgesteld enkele basisbepalingen van het voorgestelde besluit te wijzigen en op te nemen in de verordening.

Amendement 117

Artikel 23 bis (nieuw), lid 1

 

Artikel 23 bis

 

Algemene beginselen van de CE-markering

 

1. De CE-markering mag uitsluitend worden aangebracht door de fabrikant of zijn gemachtigde. De markering mag enkel worden aangebracht wanneer voldaan is aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in de toepasselijke communautaire wetgeving inzake CE-markering. Door de CE-markering aan te brengen of te laten aanbrengen, neemt de fabrikant de verantwoordelijkheid op zich voor de conformiteit van het product met de voorschriften in de toepasselijke communautaire wetgeving.

(Dit amendement vervangt amendement 95 van het ontwerpverslag)

Amendement 118

Artikel 23 bis (nieuw), lid 2

 

2. De CE-markering is het enige merkteken dat aangeeft dat het product conform is met de toepasselijke eisen van de relevante communautaire regelgeving die in het aanbrengen ervan voorziet. Met betrekking tot de conformiteit met de bepalingen in de wetgeving betreffende de CE-markering verwijzen de lidstaten in hun nationale wetgeving niet naar andere conformiteitsmerktekens dan de CE-markering.

Amendement 119

Artikel 23 bis (nieuw), lid 3

 

3. De lidstaten zorgen voor een juiste toepassing van de voorschriften voor de CE-markering en treden in rechte op tegen oneigenlijk gebruik. De lidstaten voorzien ook in straffen, waaronder mogelijk strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken. Dergelijke straffen moeten evenredig zijn met de ernst van de overtreding en voldoende afschrikkend zijn om oneigenlijk gebruik tegen te gaan.

Motivering

Zie motivering bij artikel 23 ter (nieuw), lid 1.

Amendement 120

Artikel 24, lid 1

1. De lidstaten zien erop toe dat hun douaneautoriteiten op toereikende schaal passende controles van de kenmerken van een product verrichten of hebben verricht voordat het in het vrije verkeer wordt gebracht.

1. De lidstaten zien erop toe dat hun autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de controle van producten die de communautaire markt binnenkomen over de nodige bevoegdheden en middelen beschikken om hun taken naar behoren uit te voeren. De lidstaten zorgen ook voor een doeltreffende samenwerking tussen de douaneautoriteiten en de markttoezichtautoriteiten, onder andere om op toereikende schaal passende controles van de kenmerken van een product uit te voeren, in overeenstemming met de in artikel 17, lid 1 vermelde beginselen, voordat dat product in het vrije verkeer wordt gebracht.

(Dit amendement vervangt amendement 102 van het ontwerpverslag)

Amendement 121

Artikel 24, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. Wanneer in een lidstaat meer dan één autoriteit verantwoordelijk is voor het markttoezicht en de douanecontroles, werken die autoriteiten met elkaar samen, hetgeen ook inhoudt dat zij voor hun taken relevante informatie uitwisselen.

Motivering

Met dit amendement wordt in de lidstaten waar meerdere autoriteiten bij het toezicht betrokken zijn, de informatie-uitwisseling tussen die autoriteiten toegestaan en verplicht gesteld.

Amendement 122

Artikel 24, lid 2, inleidende formule

2. De douaneautoriteiten schorten het in het vrije verkeer brengen van een product op wanneer zij bij de in lid 1 bedoelde controles een van de volgende situaties vaststellen:

2. De lidstaten zien erop toe dat de relevante autoriteiten het in het vrije verkeer brengen van een product op de markt van de Gemeenschap opschorten wanneer bij de in lid 1 bedoelde controles een van de volgende situaties wordt vastgesteld:

Motivering

Dit amendement vloeit voort uit een amendement op artikel 24, lid 1, waarin wordt uitgelegd dat het de lidstaten vrij staat te kiezen op welke wijze zij aan hun EU-verplichtingen voldoen.

Amendement 123

Artikel 24, lid 2, letter a)

a) het product vertoont kenmerken die doen vermoeden dat het product, wanneer het op de juiste wijze wordt geïnstalleerd, onderhouden en gebruikt, een ernstig risico meebrengt voor de gezondheid of veiligheid of voor een ander aspect van de bescherming van het algemeen belang zoals bedoeld in artikel 1, lid 1, tweede alinea;

a) het product vertoont kenmerken die doen vermoeden dat het product, wanneer het op de juiste wijze wordt geïnstalleerd, onderhouden en gebruikt, een ernstig risico meebrengt voor de gezondheid, veiligheid, bescherming van het milieu of voor een ander aspect van de bescherming van het algemeen belang zoals bedoeld in artikel 1;

(Dit amendement vervangt amendement 104 van het ontwerpverslag)

Amendement 124

Artikel 24, lid 2, letter b)

b) het product is niet vergezeld van de in de relevante communautaire harmonisatiewetgeving vereiste documenten of is niet overeenkomstig die wetgeving gemerkt.

b) het product is niet vergezeld van de in de relevante communautaire harmonisatiewetgeving vereiste schriftelijke of elektronische documenten of is niet overeenkomstig die wetgeving gemerkt.

Motivering

Toevoeging van "schriftelijke of elektronische" om onduidelijkheid m.b.t. "documenten" te voorkomen.

Amendement 125

Artikel 24, lid 2, letter b bis) (nieuw)

 

b bis) op het product is een valse CE-markering aangebracht of de CE-markering is misleidend.

Motivering

De nationale douaneautoriteiten moeten het in de handel brengen van een product kunnen opschorten wanneer op een product een valse CE-markering is aangebracht of wanneer de CE-markering misleidend is.

Amendement 126

Artikel 25, lid 1

1. Een product waarvan de douaneautoriteiten krachtens artikel 24 de vrijgave hebben opgeschort, wordt in het vrije verkeer gebracht wanneer de douaneautoriteiten niet binnen drie werkdagen na de opschorting van de vrijgave in kennis zijn gesteld van maatregelen van de markttoezichtautoriteiten, mits alle andere, aan het in het vrije verkeer brengen verbonden voorwaarden en formaliteiten zijn vervuld.

1. Een product waarvan de douaneautoriteiten krachtens artikel 24 de vrijgave hebben opgeschort, wordt in het vrije verkeer gebracht wanneer de douaneautoriteiten niet binnen vijf werkdagen na de opschorting van de vrijgave in kennis zijn gesteld van maatregelen van de markttoezichtautoriteiten, mits alle andere, aan het in het vrije verkeer brengen verbonden voorwaarden en formaliteiten zijn vervuld.

Motivering

Artikel 25 voorziet in drie dagen voor (interne) markttoezichtautoriteiten om actie te ondernemen; anders wordt het product in het vrije verkeer gebracht. Drie dagen volstaan nauwelijks voor de correspondentie tussen twee overheidsadministraties, maar de publieke veiligheid mag niet lijden onder administratieve vertragingen, wanneer het gaat om gevaarlijke goederen.

Amendement 127

Artikel 26, lid 2, alinea 1

2. Wanneer de markttoezichtautoriteiten constateren dat het product in kwestie niet aan de communautaire harmonisatiewetgeving voldoet, nemen zij passende maatregelen, die zo nodig in een verbod op het in de handel brengen van het product kunnen bestaan.

2. Wanneer de markttoezichtautoriteiten constateren dat het product in kwestie niet aan de communautaire harmonisatiewetgeving voldoet, nemen zij passende maatregelen, die in een verbod op het in de handel brengen van het product kunnen bestaan.

Motivering

Geschrapt als overbodig.

Amendement 128

Artikel 26, lid 2, alinea 2

Wanneer het in de handel brengen van het product wordt verboden, verzoeken zij de douaneautoriteiten op de handelsfactuur waarvan het product vergezeld gaat en op alle andere relevante begeleidende documenten de volgende vermelding aan te brengen:

"Niet-conform product — mag niet in het vrije verkeer worden gebracht — Verordening (EG) nr. …./.."

Wanneer het in de handel brengen van het product wordt verboden, verbieden zij de douaneautoriteiten dit product voor vrij verkeer vrij te geven en verplichten zij op de handelsfactuur waarvan het product vergezeld gaat en op alle andere relevante begeleidende documenten de volgende vermelding aan te brengen:

"Niet-conform product — mag niet in het vrije verkeer worden gebracht — Verordening (EG) nr. …./.."

Motivering

De verplichting goederen niet vrij te geven moet expliciet zijn.

Amendement 129

Artikel 26, lid 4

4. Wanneer zij dat nodig en evenredig achten, mogen de markttoezichtautoriteiten producten die een ernstig risico meebrengen, vernietigen.

4. Wanneer zij dat nodig en evenredig achten, mogen de autoriteiten van de lidstaten producten die een ernstig risico meebrengen, vernietigen of op een andere manier onbruikbaar maken.

(Dit amendement vervangt amendement 253 van het ontwerpverslag. In plaats van een nieuw lid in te voegen wordt lid 4 gewijzigd)

Amendement 130

Artikel 26, lid 4 bis (nieuw)

 

4 bis. De markttoezichtautoriteiten verschaffen de autoriteiten die belast zijn met de controle van de buitengrenzen informatie over de productgroepen waarbij een ernstig risico of non-conformiteit in de zin van de leden 1 en 2 is geconstateerd.

Amendement 131

Artikel 32, lid 2

2. De Commissie beoordeelt de relevantie van de door de Gemeenschap gefinancierde activiteiten op het gebied van conformiteitsbeoordeling, accreditatie en markttoezicht in het licht van de behoeften van het beleid en de wetgeving van de Gemeenschap en stelt het Europees Parlement en de Raad ten minste om de vijf jaar van de resultaten van deze activiteiten in kennis.

2. De Commissie beoordeelt de relevantie van de door de Gemeenschap gefinancierde activiteiten op het gebied van conformiteitsbeoordeling, accreditatie en markttoezicht in het licht van de behoeften van het beleid en de wetgeving van de Gemeenschap en stelt het Europees Parlement en de Raad ten minste om de drie jaar van de resultaten van deze activiteiten in kennis.

Motivering

De door de Commissie voorgestelde periode van vijf jaar is te lang en dient te worden ingekort.

Amendement 132

Artikel 34

De Commissie stelt richtsnoeren op om de tenuitvoerlegging van deze verordening te vergemakkelijken.

De Commissie stelt in overleg met de relevante betrokkenen richtsnoeren op om de tenuitvoerlegging van deze verordening te vergemakkelijken.

Motivering

De Commissie moet bij de opstelling van uitvoeringsrichtsnoeren de belanghebbenden raadplegen.

Amendement 133

Artikel 35 bis (nieuw)

 

Artikel 35 bis

Herzieningsclausule

Uiterlijk ...1 legt de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad een verslag over van de toepassing van deze verordening, van Richtlijn 2001/95/EG inzake algemene productveiligheid en van elk ander op markttoezicht gericht communautair instrument. In dit verslag wordt met name de coherentie van de regels op het gebied van markttoezicht geanalyseerd. Het verslag gaat zo nodig vergezeld van voorstellen om de betrokken instrumenten te wijzigen en/of te versterken, met het oog op een betere regelgeving en vereenvoudiging. Het verslag bevat ook een evaluatie van de uitbreiding van het toepassingsgebied van Hoofdstuk III van deze verordening tot alle producten.

 

__________
1 Vijf jaar na de inwerkingtreding van deze verordening.

Amendement 134

Artikel 36

De lidstaten stellen regels vast voor sancties op overtredingen van deze verordening, inclusief strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken, en nemen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat zij worden toegepast. De vastgestelde sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op […] in kennis van de desbetreffende regels en stellen haar onverwijld in kennis van latere wijzigingen die hierop van invloed zijn.

De lidstaten stellen regels vast voor sancties op overtredingen van deze verordening, inclusief strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken, en nemen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat zij worden toegepast. De vastgestelde sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn, en ze worden proportioneel verzwaard indien de betrokken marktdeelnemer reeds eerder een vergelijkbare inbreuk op de bepalingen van deze verordening heeft begaan. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op […] in kennis van de desbetreffende regels en stellen haar onverwijld in kennis van latere wijzigingen die hierop van invloed zijn.

Motivering

Zie de motivering bij amendement 134.

Amendement 135

Artikel 36 bis (nieuw)

 

Artikel 36 bis

Wijziging van richtlijn 2001/95/EG

 

In artikel 8 van richtlijn 2001/95/EG wordt lid 3 vervangen door:

 

"3. Wanneer producten een ernstig risico meebrengen, nemen de bevoegde autoriteiten zo snel mogelijk de nodige maatregelen zoals vermeld in lid 1, letter b) t/m f). Het al dan niet aanwezig zijn van een ernstig risico wordt bepaald door de lidstaten, die iedere zaak individueel beoordelen, rekening houdend met de richtsnoeren waarnaar wordt verwezen in punt 8 van bijlage II."

Amendement 136

Artikel 37, alinea 1

Verordening (EG) nr. 339/93 wordt twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening ingetrokken.

Verordening (EG) nr. 339/93 wordt op de datum van inwerkingtreding van deze verordening ingetrokken.

Amendement 137

Artikel 38, alinea 2

Hoofdstuk III is van toepassing vanaf twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening.

schrappen

Amendement 138

Bijlage (nieuw)

 

Bijlage

 

Vereisten voor erkenning krachtens artikel 12 bis.

 

1. De instantie erkend krachtens artikel 12 bis, hierna "de instantie", is gevestigd binnen de Europese Gemeenschap.

 

2. Krachtens de statuten van de instantie hebben nationale accreditatie-instanties van binnen de Gemeenschap het recht om lid te worden, indien ze de nodige lidgelden betalen en voldoen aan de regels en doelstellingen van de instelling, zoals hierin vastgesteld en zoals overeengekomen met de Commissie in de kaderovereenkomst.

 

3. De instantie raadpleegt alle belanghebbenden bij de voorbereiding van beslissingen die op hen een invloed zullen hebben.

 

4. De instantie zal zorgen voor diensten voor collegiale toetsing die voldoen aan de vereisten van artikel 9.

 

5. De procedures van de instantie laten multilaterale overeenkomsten toe die ervoor zorgen dat wanneer een nationale accreditatie-instantie met goed gevolg de periodieke collegiale toetsing doorstaat met betrekking tot de accreditatiediensten die ze verleent, deze diensten erkend worden door de andere nationale accreditatie-instanties.

 

6. De instantie voert de taken uit waarom de Commissie overeenkomstig artikel 12 verzoekt.


(Dit amendement vervangt amendement 110 van het ontwerpverslag)


TOELICHTING

De rapporteur is verheugd over het voorstel voor een verordening inzake de accreditatie en het markttoezicht van producten in de Gemeenschap, alsook over het bijbehorende voorstel voor een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten.

De invoering van een interne markt voor producten is een van de doelstellingen van de Europese Gemeenschap. De interne markt is een ruimte zonder binnengrenzen, waar het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal gewaarborgd is overeenkomstig de bepalingen van het EG-verdrag. Dit voorstel heeft ten doel een gemeenschappelijk kader te bieden voor de bestaande infrastructuren voor accreditatie, voor toezicht op de conformiteitsbeoordelingsinstanties en voor markttoezicht, d.w.z. toezicht op de producten en de marktdeelnemers.

Het voorstel heeft vooral ten doel het vrije verkeer van geharmoniseerde producten te waarborgen. Het toekennen van een centraal belang aan het vrije verkeer van goederen als een van de pijlers van de interne markt draagt enkel bij aan groei en concurrentievermogen indien het noodzakelijke vertrouwen van de consument aanwezig is. De verwijdering van barrières voor marktdeelnemers en de invoering van gunstige economische voorwaarden voor ondernemingen moet te allen tijde een hoog niveau van consumentenvertrouwen inhouden. Hoge normen op het gebied van gezondheid, veiligheid en milieubescherming zijn centrale doelstellingen van elk EU-beleid.

Hoewel de rapporteur verheugd is over het voorstel is hij van mening dat er ruimte is voor verdere verbeteringen. Bijgevolg stelt hij amendementen voor die op het onderstaande gebaseerd zijn:

Onderwerp en werkingssfeer

De rapporteur is bezorgd over de beperkte werkingssfeer van de verordening op het vlak van de opgenomen productsectoren. Het voorstel biedt een mogelijkheid om een breder kader te vestigen voor zowel accreditatie als markttoezicht. Deze mogelijkheid moet worden aangegrepen om versnippering van de regelgeving zoveel mogelijk te beperken, in het belang van vereenvoudiging en betere regelgeving.

De vele en ruime uitsluitingen betreffen hele wetgevingsbesluiten, en niet enkel die delen die toepasselijk kunnen zijn. De uitsluitingen zouden ervoor kunnen zorgen dat de verordening de uitzondering wordt in plaats van het beoogde kader. Wanneer de uitsluitingen worden verwijderd wordt vermeden dat de verordening herzien moet worden wanneer nieuwe regelgeving wordt goedgekeurd. Het behoud van de uitsluitingen zet de deur open voor verzoeken om meer uitsluitingen, wat zou bijdragen tot het probleem. Verzoeken om uitsluitingen kunnen mogelijk meer gemotiveerd zijn door sectorspecifieke belangen dan door de wil een samenhangend kader te vestigen.

Als voorstander van een brede werkingssfeer stelt de rapporteur voor alle uitsluitingen te verwijderen.

In de plaats daarvan wordt het algemene beginsel herhaald dat meer specifieke regels prevaleren over meer algemene regels. Dit is een algemeen en beproefd rechtsbeginsel opgenomen in veel andere communautaire wetgevingsbesluiten, waaronder in Richtlijn 2001/95/EG inzake algemene productveiligheid.

Sommige definities, zoals "producten", "communautaire harmonisatiewetgeving", "de communautaire markt binnenkomen", "conformiteitsbeoordeling" en "CE-markering" werden ingevoegd, waarbij de samenhang van de definities in de verordening en in het besluit moet worden gewaarborgd.

Accreditatie en conformiteitsbeoordeling

Accreditatie is tot nu toe niet op communautair niveau geregeld, hoewel het in alle lidstaten wordt toegepast. Hierdoor hebben lidstaten verschillende (en afwijkende) systemen en eisen op dit gebied ontwikkeld. Het voorstel voor een verordening bevat een omvattend kader voor accreditatie en legt op communautair niveau de beginselen voor de werking en organisatie ervan vast.

De rapporteur is voorstander van het idee om accreditatie een nationale bevoegdheid te laten, waarbij nationale accreditatie-instanties moeten fungeren als overheidsinstanties en dit in het algemene belang. Bijgevolg is concurrentie tussen accreditatie-instanties op de verplichte gebieden uitgesloten.

Met betrekking tot de werkingssfeer van accreditatie is de rapporteur van mening dat deze zo breed mogelijk moet zijn om de totstandkoming van verschillende systemen te voorkomen. Als gevolg daarvan neemt het vertrouwen in accreditatie toe en wordt verwarring bij marktdeelnemers vermeden.

Met betrekking tot de werking van accreditatie werden bepaalde rechten van betrokken autoriteiten versterkt om hoge accreditatienormen te bewaren.

Rol van de Europese samenwerking voor accreditatie (EA)

De rapporteur is van mening dat het opnemen van de Europese samenwerking voor accreditatie (EA) in de verordening problematisch is aangezien, ten eerste, de EA een organisatie is die valt onder het privaatrecht, ten tweede het nog niet formeel besloten is of de EA de organisatie in kwestie zal zijn en voor hoe lang, en ten derde in het licht van mogelijke wijzigingen van de bedrijfsstructuur van de EA, zoals een naamsverandering of indien ze wordt geliquideerd of overgenomen. De rapporteur trekt de competentie van de EA hoegenaamd niet in twijfel, een competentie die ze reeds vele jaren afdoende heeft bewezen, maar hij is van mening dat de verordening moet verwijzen naar een instantie die wordt erkend wanneer ze voldoet aan bepaalde criteria.

Bijgevolg moet de Commissie een instantie erkennen die voldoet aan de vereisten in Bijlage A, na raadpleging van de lidstaten, en tot een kaderovereenkomst komen die onder andere de bepalingen bevat inzake het toezicht op de instantie.

Markttoezicht en douaneautoriteiten

De algemene opmerkingen onder "onderwerp en werkingssfeer" zijn bovenal van toepassing op het markttoezicht. De rapporteur ziet geen reden om een kader voor markttoezicht te vestigen dat tal van uitsluitingen bevat. Een kader voor markttoezicht moet per definitie ruim zijn.

De richtlijn algemene productveiligheid moet bijvoorbeeld worden opgenomen in het kader, aangezien de scheidingslijn tussen producten voor consumentengebruik en voor professioneel gebruik vaag is, de uitsluiting ervan een onnodige complicatie zou betekenen, en dit zou kunnen leiden tot onduidelijke procedures en verantwoordelijkheden.

Ook de uitsluiting van 15 volledige richtlijnen en verordeningen krachtens artikel 13, lid 3 is in tegenspraak met de vestiging van een doeltreffend markttoezicht gebaseerd op in de gehele EU geldende regels.

Het moet echter gewaarborgd zijn dat de markttoezichtmaatregelen toereikend zijn voor afzonderlijke producten, en dat de betreffende specifieke regelingen en praktijken behouden blijven. Dit wordt bereikt door het algemene principe dat specifieke regels die van toepassing zijn op verschillende sectoren prevaleren over de meer algemene regels van het kader waarin deze verordening voorziet.

De rapporteur versterkt de bepalingen voor de verplichtingen van de lidstaten met betrekking tot de vestiging, uitvoering en periodieke actualisering van hun programma's voor markttoezicht. Procedures voor evaluatie en beoordeling werden versterkt. De communicatie tussen de lidstaten en de Commissie en het informeren van het publiek worden benadrukt.

De rapporteur stelt voor de inspanningen op het vlak van markttoezicht te concentreren op producten die een ernstig risico meebrengen. Bepalingen die betrekking hebben op producten die een ernstig risico meebrengen werden gewijzigd en verduidelijkt, vooral met betrekking tot de risicobeoordeling.

De rapporteur is van mening dat om de doeltreffendheid van het markttoezicht in de EU te verhogen, gemeenschappelijke initiatieven met derde landen en een verbeterde samenwerking met hun autoriteiten zouden bijdragen tot een beter begrip van de complexe EU-regels en bepalingen. Dit zou de autoriteiten van derde landen eveneens aanmoedigen maatregelen te nemen om illegale export naar de EU te voorkomen.

Met betrekking tot de controle op producten die de communautaire markt binnenkomen is de rapporteur van mening dat de coördinatie en de uitwisseling van informatie tussen douaneautoriteiten en markttoezichtautoriteiten moeten worden versterkt. De hoeveelheid producten afkomstig uit derde landen die de communautaire markt binnenkomen stijgt voortdurend, en tegelijkertijd neemt het belang van de controles van de douaneautoriteiten toe. Om de doeltreffendheid van de douaneautoriteiten te verhogen moeten ze alle noodzakelijke informatie over gevaarlijke producten voldoende op voorhand krijgen van de markttoezichtautoriteiten. De verordening zal leiden tot een verdere toename van markttoezichtactiviteiten, en in het belang van eerlijke concurrentie en ook van consumenten moet markttoezicht op een preventieve en niet op een reactieve manier worden aangepakt.

CE-markering

De rapporteur is van mening dat de CE-markering beter moet worden beschermd. Bepalingen (gebaseerd op het voorgestelde besluit) die te maken hebben met de CE-markering werden bijgevolg ingevoegd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Fabrikanten, handelaars en consumenten hebben er dus allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. De correct aangebrachte CE-markering is een zeer nuttig instrument voor de doeltreffendheid van de markttoezichtactiviteiten van de markttoezichtautoriteiten.


ADVIES van de Commissie internationale handel (14.9.2007)

aan de Commissie interne markt en consumentenbescherming

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het in de handel brengen van producten

(COM(2007)0037 – C6‑0068/2007 – 2007/0029(COD))

Rapporteur voor advies: Helmuth Markov

BEKNOPTE MOTIVERING

De Commissie internationale handel is verheugd over de Commissievoorstellen die bedoeld zijn om het in de handel brengen van producten aan een strikter en meer allesomvattend toezicht van de Gemeenschap te onderwerpen.

De rapporteur voor advies is met name van oordeel dat de voorgestelde verordening een belangrijke stap voorwaarts kan zijn naar de voltooiing van een veiligere en adequaat functionerende interne markt.

Hij heeft ter kennis genomen dat door uiteenlopende praktijken bij de aanwijzing van conformiteitsbeoordelingsinstanties door de nationale autoriteiten en een ongelijke behandeling bij het in de handel brengen van niet-conforme of gevaarlijke producten als gevolg van zeer uiteenlopende infrastructuren, voorschriften en instrumenten van de afzonderlijke lidstaten met betrekking tot het markttoezicht, er vooralsnog een zeker gevaar voor concurrentievervalsing blijft bestaan.

Hij is het ook eens met de conclusies van de Commissie dat misbruiken in het verleden tot een gebrek aan vertrouwen in de conformiteitsmarkering hebben geleid en de coherentie bij de uitvoering en de handhaving van de wetgeving zonder meer moet worden verbeterd. De ervaring heeft geleerd dat het bij misbruiken vaak gaat om geïmporteerde goederen die gemakkelijk kunnen ontsnappen aan de door de Gemeenschap en de bevoegde autoriteiten van de lidstaten verrichte controles.

De CE-markering wordt vaak gezien als het bewijs dat een product veilig is, aangezien ervan wordt uitgegaan dat hieraan strenge communautaire regelgeving ten grondslag ligt waarmee wordt ingestaan voor het grondrecht van de consument en de burger dat alleen veilige producten toegang tot de markt krijgen. Helaas is dit niet altijd het geval. Daar de CE-markering in de meeste gevallen onder de verantwoording van de fabrikant wordt aangebracht, bestaat er geen echte garantie dat deze markering een betrouwbare weergave van de conformiteit van het product met de communautaire wetgeving is. Dit geldt eens te meer, wanneer men bedenkt dat de technische normen en controles in derde landen minder streng zijn dan die in de Europese Unie.

Het is onder deze omstandigheden dan ook overduidelijk dat het op de EG-conformiteitsverklaring gebaseerd systeem (grotendeels in eigen beheer van de fabrikanten binnen en buiten de Gemeenschap) moet worden uitgebreid met een doeltreffend toezichtsysteem en geloofwaardige sancties. Het is niet verenigbaar met het communautair publiek belang dat grondrechten van de burger worden opgeofferd aan de belangen van machtige multinationals.

In dit opzicht spelen de nationale douaneautoriteiten een doorslaggevende rol, omdat zij erop moeten toezien dat geen onveilige producten op de markt worden gebracht. Betere coördinatie en uitwisseling van informatie zal de doeltreffendheid van het optreden van de nationale douaneautoriteiten vergroten en ertoe bijdragen dat frauduleuze praktijken om wettelijke verplichtingen van buitenlandse fabrikanten en importeurs te omzeilen, naar behoren worden aangepakt.

Het verdient dan ook aanbeveling dat de nationale douaneautoriteiten overeenkomstig artikel 16, lid 3 van het besluit de bevoegdheid krijgen om de vrijgave van een product om in het vrije verkeer te worden gebracht op te schorten, ingeval hierop merktekens, tekens en opschriften zijn aangebracht die vervalst zijn of derden kunnen misleiden omtrent de betekenis en/of de grafische vorm van de CE-markering.

De rapporteur voor advies is van oordeel dat vernietiging van geïmporteerde producten die een ernstig risico met zich brengen voor de volksgezondheid of niet in overeenstemming zijn met de Gemeenschapswetgeving een adequate reactie is en een doeltreffend afschrikmiddel kan zijn voor de import van producten die niet tot de markt zijn toegelaten. Met deze maatregel zal ook een einde worden gemaakt aan de onaanvaardbare praktijken volgens welke producten die gevaarlijk zijn of niet voldoen aan de conformiteitsmarkering, vaak weer worden uitgevoerd en vervolgens via andere plaatsen van binnenkomst weer op de communautaire markt worden gebracht.

Van doeltreffend toezicht kan alleen maar sprake zijn, als de voor overtredingen opgelegde sancties doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. Wetgeving op communautair niveau om dit probleem aan te pakken is weliswaar wenselijk, doch lijkt vooralsnog wat voorbarig. De rapporteur voor advies zou daarentegen willen suggereren dat een gemeenschappelijk kader wordt gecreëerd waarbinnen in de gehele Gemeenschap identieke sancties worden opgelegd. Deze regelgeving dient voorts op uniforme wijze te worden toegepast ten einde ernstige inbreuken op het communautaire toezichtsysteem te voorkomen. De rapporteur voor advies is eveneens voorstander van zwaardere sancties, wanneer wordt geconstateerd dat een marktdeelnemer zich meerdere malen schuldig heeft gemaakt aan overtredingen van de harmonisatiewetgeving van de Gemeenschap.

Ook op het punt van de communicatie is het voorstel voor verbetering vatbaar. Daartoe heeft de rapporteur voor advies de volgende wijzigingen voorgesteld:

a) jaarlijkse publicatie door de Commissie, in samenwerking met de lidstaten, van een verslag over de handhaving van de communautaire harmonisatiewetgeving van de Gemeenschap;

b) opzetten van een gemeenschappelijke en openbare gegevensbank, die voor de overheidsinstanties van de lidstaten en de marktdeelnemers toegankelijk is, en waarin alle gevallen worden opgeslagen waarin een product deed vermoeden een ernstig risico voor de gezondheid en veiligheid met zich te brengen en in overtreding was met de communautaire harmonisatiewetgeving.

AMENDEMENTEN

De Commissie internationale handel verzoekt de ten principale bevoegde Commissie interne markt en consumentenbescherming onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 29

(29) De plaatsen van binnenkomst aan de buitengrenzen zijn een goede plaats om onveilige producten op te sporen voordat zij in de handel worden gebracht. Een verplichting voor douaneautoriteiten om op toereikende schaal controles uit te voeren kan dan ook tot meer veiligheid op de markt bijdragen.

(29) De plaatsen van binnenkomst aan de buitengrenzen zijn een goede plaats om onveilige producten of producten waarop merktekens, tekens of opschriften zijn aangebracht die vervalst zijn of derden kunnen misleiden omtrent de betekenis en/ of grafische vorm van de CE-markering, op te sporen voordat zij in de handel worden gebracht. Een verplichting voor douaneautoriteiten om op toereikende schaal controles uit te voeren kan dan ook tot meer veiligheid op de markt bijdragen.

Motivering

Het is absoluut noodzakelijk dat de douaneautoriteiten ook nagaan of op producten die de Gemeenschap binnenkomen vervalste of misleidende CE-markeringen zijn aangebracht.

Amendement 2

Overweging 31

(31) De lidstaten moeten sancties vaststellen op overtredingen van de bepalingen van deze verordening en ervoor zorgen dat die sancties worden toegepast. De sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn.

(31) De lidstaten moeten sancties vaststellen op overtredingen van de bepalingen van deze verordening en ervoor zorgen dat die sancties worden toegepast. De sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. Zij dienen proportioneel te worden verhoogd, wanneer de verantwoordelijke marktdeelnemer in het verleden reeds soortgelijke overtredingen van de bepalingen van deze verordening heeft begaan;

Motivering

Marktdeelnemers die zich al eerder schuldig hebben gemaakt aan overtredingen dienen in beginsel zwaardere en meer afschrikkende sancties opgelegd te krijgen dan marktdeelnemers die slechts eenmaal het bepaalde in deze verordening hebben overtreden. Dit is een eenvoudig rechtsbeginsel dat ook in dit geval zou moeten worden toegepast.

Amendement 3

Artikel 6, lid 1, letter c bis) (nieuw)

 

c bis) wanneer de te accrediteren instantie deel uitmaakt van een dochteronderneming van een in een andere lidstaat gevestigde organisatie, mag zij zowel bij de plaatselijke als bij de nationale accreditatie-instantie van de moederorganisatie een verzoek om accreditatie indienen.

Motivering

Als conformiteitsbeoordelingsinstanties , test- en ijklaboratoria, enz. deel uitmaken van een grotere, grensoverschrijdende organisatie, moeten zij hetzij in de lidstaat waar zij gevestigd zijn, hetzij in de lidstaat waar hun moederorganisatie gevestigd is, kunnen worden geaccrediteerd.

Amendement 4

Artikel 9, lid 5

5. Alle lidstaten en de Commissie worden van de resultaten van de collegiale toetsing in kennis gesteld.

5. De definitieve resultaten van de collegiale toetsing worden openbaar gemaakt en ter kennis gebracht van alle lidstaten en de Commissie.

Motivering

De resultaten van de collegiale toetsing zijn rechtstreeks van belang niet alleen voor de lidstaten en de Commissie, maar ook voor de consument en andere belanghebbenden bij accreditatie.

Amendement 5

Artikel 17, lid 2, alinea 1

2. De markttoezichtautoriteiten nemen passende maatregelen om de gebruikers op hun grondgebied te waarschuwen wanneer zij hebben vastgesteld dat een product een risico meebrengt.

2. De markttoezichtautoriteiten nemen passende en proportionele maatregelen om de gebruikers op hun grondgebied te waarschuwen wanneer zij hebben vastgesteld dat een product een risico meebrengt.

Motivering

Uit deze wetstekst moet duidelijk blijken dat maatregelen in geval van een aangetoond gebrek aan conformiteit proportioneel moeten zijn.

Amendement 6

Artikel 19, lid 1

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel nauwkeurig is gemotiveerd.

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel proportioneel is en nauwkeurig is gemotiveerd.

Motivering

Uit deze wetstekst moet duidelijk blijken dat maatregelen in geval van een aangetoond gebrek aan conformiteit proportioneel moeten zijn.

Amendement 7

Artikel 23, lid 2, letter b bis) (nieuw)

 

b bis) het opstellen van een jaarlijks verslag over de handhaving van de communautaire harmonisatiewetgeving;

Motivering

De uitwisseling van informatie over de tenuitvoerlegging van de voorgestelde verordening dient aanzienlijk te worden verbeterd.

Amendement 8

Artikel 23, lid 2, letter b ter) (nieuw)

 

b ter) het opzetten van een gemeenschappelijke, openbare gegevensbank, die voor de overheidsinstanties van de lidstaten en de marktdeelnemers toegankelijk is en waarin alle gevallen zijn opgeslagen waarin een product deed vermoeden een ernstig risico voor de gezondheid en de veiligheid met zich te brengen of in overtreding was met de communautaire harmonisatiewetgeving;

Motivering

De uitwisseling van informatie over de tenuitvoerlegging van de voorgestelde verordening dient aanzienlijk te worden verbeterd. In dit specifieke geval zal de gemeenschappelijke gegevensbank eerlijke marktdeelnemers de mogelijkheid bieden onbetrouwbare zakenrelaties zowel binnen als buiten de Gemeenschap te mijden.

Amendement 9

Artikel 23, lid 2, letter b quater) (nieuw)

 

b quater) het ontwikkelen, organiseren en opzetten van soortgelijke programma's voor de uitwisseling van ervaringen, informatie en beste werkwijzen, van programma's en acties voor gemeenschappelijke projecten, van voorlichtingscampagnes, van gezamenlijke bezoekprogramma's en van een gedeeld gebruik van middelen in samenwerking met derde landen.

Motivering

Een groot aantal niet-conforme producten die op de interne markt van de EG terechtkomen, worden gemaakt in derde landen (bijvoorbeeld China: 47%. ). Dit is maar al te vaak het gevolg van ontoereikende informatie en opleiding. Derhalve dienen gemeenschappelijke programma's en uitwisselingen in samenwerking met die landen te worden ontwikkeld en opgezet, naar het voorbeeld van die in de EG.

Amendement 10

Artikel 23, lid 3

3. De lidstaten zien erop toe dat hun nationale autoriteiten zo nodig aan de in lid 2 bedoelde activiteiten deelnemen.

3. De lidstaten zien erop toe dat hun nationale autoriteiten volledig aan de in lid 2 bedoelde activiteiten deelnemen.

Motivering

Met het oog op een beter functioneren van het systeem dient de samenwerking tussen de nationale autoriteiten te worden geoptimaliseerd en niet aan de beoordeling van de afzonderlijke lidstaten te worden overgelaten.

Amendement 11

Artikel 24, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. De lidstaten zorgen ervoor dat hun douaneautoriteiten over de nodige bevoegdheden en middelen beschikken om hun taken naar behoren uit te voeren, met inbegrip van de vernietiging van producten die niet conform de communautaire regelgeving zijn.

Motivering

De douaneautoriteiten vervullen een essentiële rol om te verhinderen dat niet-conforme producten in de Europese Unie op de markt komen. Om optimaal te kunnen opereren moeten de nationale douaneautoriteiten meer bevoegdheden krijgen, zoals voor het vernietigen van producten die niet conform de communautaire voorschriften zijn en ook van producten met merktekens die de consument kunnen misleiden omtrent de betekenis en de vorm van de CE-markering.

Amendement 12

Artikel 24, lid 2, letter b bis) (nieuw)

 

b bis) op het product zijn merktekens, tekens of opschriften aangebracht die vervalst zijn of derden kunnen misleiden omtrent de betekenis en/of grafische vorm van de CE-markering.

(Zie art. 16 lid 3 van het Besluit)

Motivering

De nationale douaneautoriteiten moeten de bevoegdheid krijgen om de vrijgave van een product om in het vrije verkeer te worden gebracht ook op te schorten, als hierop merktekens, tekens en opschriften zijn aangebracht die vervalst zijn of derden kunnen misleiden omtrent de betekenis en/of de grafische vorm van de CE-markering.

Amendement 13

Artikel 26 bis (nieuw)

 

Artikel 26 bis

Algemene beginselen van de CE-markering

1. De CE-markering wordt uitsluitend aangebracht door de fabrikant of zijn gemachtigde. Door de CE-markering aan te brengen of te laten aanbrengen, neemt de fabrikant de verantwoordelijkheid op zich voor de conformiteit van het product met de eisen vastgesteld in Besluit nr. .../… van het Europees Parlement en de Raad van ... betreffende een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten.

2. De CE-markering is het enige merkteken dat aangeeft dat het product conform de toepasselijke eisen is. Met betrekking tot de conformiteit met de bepalingen in de communautaire regelgeving betreffende de CE-markering verwijzen de lidstaten in hun nationale wetgeving niet naar andere conformiteitsmerktekens dan de CE-markering of schrappen zij dergelijke verwijzingen.

3. Op producten mogen geen merktekens, tekens of opschriften worden aangebracht die misleidend kunnen zijn omtrent de betekenis en/of de grafische vorm van de CE-markering. Andere merktekens die de zichtbaarheid, de leesbaarheid en de betekenis van de CE-markering niet schaden, mogen wel worden aangebracht.

Motivering

Producten met CE-markering worden als veilig beschouwd, omdat zij volgens de communautaire voorschriften zijn vervaardigd. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Daarom moeten de voorschriften met betrekking tot de CE-markering onmiddellijk van toepassing zijn en ook in de verordening worden opgenomen. Opneming van dit artikel in de verordening is dan ook verenigbaar met de bestaande communautaire richtlijnen.

Amendement 14

Artikel 26 ter (nieuw)

 

Artikel 26 ter

 

Voorschriften en voorwaarden voor het aanbrengen van de CE-markering

 

1. De CE-markering bestaat uit de letters CE in de volgende grafische vorm:

 

2. Bij vergroting of verkleining van de CE-markering moeten de verhoudingen van de gegradueerde afbeelding in lid 1 in acht worden genomen.

 

3. Wanneer in de specifieke wetgeving geen bepaalde afmeting is aangegeven, bedraagt de hoogte van de CE-markering ten minste 5 mm.

 

4. De CE-markering wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar op het product of op het gegevensplaatje aangebracht. Wanneer dit gezien de aard van het product niet mogelijk of niet gerechtvaardigd is, wordt de CE-markering aangebracht op de verpakking en in de begeleidende documenten, wanneer de desbetreffende wetgeving deze documenten voorschrijft.

 

5. De CE-markering wordt aangebracht voordat het product in de handel wordt gebracht. Zij kan worden gevolgd door een pictogram of een andere aanduiding betreffende een bijzonder risico of gebruik.

 

6. De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de conformiteitsbeoordelingsinstantie en/of van elke andere instantie die bij de productiecontrolefase betrokken is. Het identificatienummer van deze instantie wordt aangebracht door die instantie zelf dan wel overeenkomstig haar instructies door de fabrikant of diens in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde.

 

7. De lidstaten zorgen voor een juiste toepassing van de voorschriften voor de CE-markering en treden in rechte op tegen oneigenlijk gebruik. De lidstaten voorzien ook in sancties, waaronder strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken, die evenredig zijn met de ernst van de overtreding en voldoende afschrikkend zijn om oneigenlijk gebruik tegen te gaan.

Motivering

Producten met CE-markering worden als veilig beschouwd, omdat zij volgens de communautaire voorschriften zijn vervaardigd. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Daarom moeten de voorschriften met betrekking tot de CE-markering onmiddellijk van toepassing zijn en ook in de verordening worden opgenomen. Opneming van dit artikel in de verordening is dan ook verenigbaar met de bestaande communautaire richtlijnen.

Amendement 15

Artikel 32, lid 2

2. De Commissie beoordeelt de relevantie van de door de Gemeenschap gefinancierde activiteiten op het gebied van conformiteitsbeoordeling, accreditatie en markttoezicht in het licht van de behoeften van het beleid en de wetgeving van de Gemeenschap en stelt het Europees Parlement en de Raad ten minste om de vijf jaar van de resultaten van deze activiteiten in kennis.

2. De Commissie beoordeelt de relevantie van de door de Gemeenschap gefinancierde activiteiten op het gebied van conformiteitsbeoordeling, accreditatie en markttoezicht in het licht van de behoeften van het beleid en de wetgeving van de Gemeenschap en stelt het Europees Parlement en de Raad ten minste om de drie jaar van de resultaten van deze activiteiten in kennis.

Motivering

De door de Commissie voorgestelde periode van vijf jaar is te lang en dient te worden ingekort.

Amendement 16

Artikel 36

De lidstaten stellen regels vast voor sancties op overtredingen van deze verordening, inclusief strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken, en nemen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat zij worden toegepast. De vastgestelde sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op […] in kennis van de desbetreffende regels en stellen haar onverwijld in kennis van latere wijzigingen die hierop van invloed zijn.

De lidstaten stellen regels vast voor sancties op overtredingen van deze verordening, inclusief strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken, en nemen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat zij worden toegepast. De vastgestelde sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. Deze sancties worden proportioneel verhoogd, wanneer de marktdeelnemer in het verleden reeds producten in overtreding met het bepaalde in deze verordening in de handel heeft gebracht. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op […] in kennis van de desbetreffende regels en stellen haar onverwijld in kennis van latere wijzigingen die hierop van invloed zijn.

Motivering

Marktdeelnemers die zich al eerder schuldig hebben gemaakt aan overtredingen dienen in beginsel zwaardere en meer afschrikkende sancties opgelegd te krijgen dan marktdeelnemers die slechts eenmaal het bepaalde in deze verordening hebben overtreden. Dit is een eenvoudig rechtsbeginsel dat ook in dit geval zou moeten worden toegepast.

PROCEDURE

Titel

Accreditering en marktbewaking in verband met het in de handel brengen van producten

Document- en procedurenummers

COM(2007)0037 - C6-0068/2007 - 2007/0029(COD)

Commissie ten principale

IMCO

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

INTA

13.3.2007

 

 

 

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Helmuth Markov

21.3.2007

 

 

Behandeling in de commissie

7.5.2007

27.6.2007

 

 

Datum goedkeuring

12.9.2007

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

29

1

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Kader Arif, Graham Booth, Daniel Caspary, Françoise Castex, Glyn Ford, Eduard Raul Hellvig, Jacky Henin, Syed Kamall, Sajjad Karim, Alain Lipietz, Marusya Ivanova Lyubcheva, Helmuth Markov, Cristiana Muscardini, Vural Öger, Georgios Papastamkos, Godelieve Quisthoudt-Rowohl, Tokia Saïfi, Peter Šťastný, Robert Sturdy, Gianluca Susta, Daniel Varela Suanzes-Carpegna, Corien Wortmann-Kool, Zbigniew Zaleski

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Harlem Désir, Vasco Graça Moura, Małgorzata Handzlik, Pia Elda Locatelli, Eugenijus Maldeikis, Javier Moreno Sánchez, Jan Marinus Wiersma

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (23.11.2007)

aan de Commissie interne markt en consumentenbescherming

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het in de handel brengen van producten

(COM(2007)0037 – C6‑0068/2007 – 2007/0029(COD))

Rapporteur voor advies: Peter Liese

BEKNOPTE MOTIVERING

De Europese Unie heeft de voorbije jaren een groot aantal regelingen vastgesteld met voorschriften voor de producenten van producten. Het betreft voornamelijk de veiligheid van consumenten, de bescherming van de gezondheid en, de afgelopen jaren, zoals in het geval van de Richtlijn betreffende de totstandbrenging van een kader voor het vaststellen van eisen inzake ecologisch ontwerp voor energieverbruikende producten, méér en méér ook de ecologische eigenschappen van producten. De regelingen worden volgens de zogenaamde "nieuwe benadering" vastgesteld, d.w.z. dat de producenten in eerste instantie zelf voor de naleving van de regels verantwoordelijk zijn en de naleving bekrachtigen door middel van het aanbrengen van het EG-merk. Dit is in beginsel niet-bureaucratisch en goedkoop voor de producenten. Problemen ontstaan evenwel wanneer individuele producenten of groepen producenten het EG-merk aanbrengen zonder zich aan de regels te houden. Dit schaadt de consument en is niet goed voor het milieu. Daarnaast worden de eerlijke producenten, die zich wel aan de regels houden, benadeeld aangezien ze de kosten van de naleving moeten dragen en tegelijkertijd met oneerlijke concurrentie worden geconfronteerd. Vandaar dat het Europees Parlement zich reeds meerdere malen, onder andere bij de goedkeuring van de Richtlijn betreffende de totstandbrenging van een kader voor het vaststellen van eisen inzake ecologisch ontwerp voor energieverbruikende producten, voor méér markttoezicht heeft uitgesproken. De Commissie haakt hier nu met haar voorstel op in. Het voorstel schiet echter te kort omdat er een overgangsperiode van twee jaar in is opgenomen. Gedurende deze periode krijgen de consumenten en het milieu onnodig met niet-gecontroleerde producten te maken. Vandaar dat de rapporteur voorstelt deze periode tot één maand terug te brengen, zodat de voordelen van markttoezicht zo snel mogelijk voelbaar worden. Daarnaast stelt de rapporteur voor in alle delen van de tekst te verwijzen naar naleving van milieuregels. Andere amendementen betreffen de controles na een verbod. Het komt vaak voor dat er een verbod op het in de handel brengen worden vastgesteld. De naleving van zo'n verbod wordt evenwel niet gecontroleerd. Een ander amendement betreft de snelheid van handelen. Met name bij seizoensproducten of bij actieproducten is het nodig binnen enkele dagen, soms zelfs een paar uur, niet-conforme producten in beslag te nemen omdat ze anders al uitverkocht zijn. Verder is het uiteraard belangrijk dat de lidstaten voldoende personeel inzetten om zich van hun taken te kunnen kwijten.

AMENDEMENTEN

De Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid verzoekt de ten principale bevoegde Commissie interne markt en consumentenbescherming onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 1

1) Ter versterking van het algemeen kader dat waarborgt dat producten een hoog beschermingsniveau voor algemene belangen, zoals de gezondheid en veiligheid, bieden, moeten bepaalde regels en beginselen worden vastgelegd met betrekking tot accreditatie en markttoezicht, die belangrijke aspecten van dat kader zijn.

1) Ter versterking van het algemeen kader dat waarborgt dat producten een hoog beschermingsniveau voor algemene belangen, zoals de gezondheid en veiligheid of het milieu, bieden, moeten bepaalde regels en beginselen worden vastgelegd met betrekking tot accreditatie en markttoezicht, die belangrijke aspecten van dat kader zijn.

Motivering

In overeenstemming met artikel 1, lid 1 (onderwerp en toepassingsgebied) stelt de rapporteur voor een duidelijke verwijzing naar het milieu op te nemen. Het is belangrijk dat alle gevallen van niet-conformiteit met de EU-wetgeving, met name met inbegrip van gevallen die het milieu betreffen, adequaat worden aangepakt.

Amendement 2

Overweging 24

24) Het is voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid en voor een soepele werking van de interne markt van essentieel belang dat de bevoegde instanties zowel op nationaal als grensoverschrijdend vlak samenwerken bij de uitwisseling van informatie, bij het onderzoek van inbreuken en bij maatregelen om inbreuken te doen staken.

24) Het is voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid en voor een soepele werking van de interne markt van essentieel belang dat de bevoegde instanties zowel op nationaal als grensoverschrijdend vlak samenwerken bij de uitwisseling van informatie, bij het onderzoek van inbreuken en bij maatregelen om inbreuken te doen staken, en dat ook reeds vóór het op de markt brengen van gevaarlijke producten, met name door de identificatie ervan te verbeteren, voornamelijk in havens, waar 90% van de geïmporteerde producten de Unie binnenkomt.

Amendement 3

Overweging 30 bis (nieuw)

30 bis) Het is nodig dat lidstaten voorzien in gepaste rechtsmiddelen bij de bevoegde rechtbanken om in beroep te gaan tegen maatregelen genomen door de bevoegde autoriteiten die het op de markt brengen van een product aan banden leggen of eisen dat het product uit de handel wordt genomen of teruggeroepen.

Motivering

Indien een lidstaat een producent (naar later blijkt onterecht) verzoekt een product terug te roepen, moet de betrokkene ten opzichte van die lidstaat over gepaste rechtsmiddelen te beschikken.

De tekst sluit aan bij die van overweging 37 van de richtlijn inzake algemene productveiligheid. Het gaat niet om een nieuw of nog niet uitgeprobeerd concept.

Amendement 4

Artikel 2, punt 5)

5) "distributeur": een natuurlijke of rechtspersoon in de toeleveringsketen, die een product op de markt aanbiedt;

5) "distributeur": een natuurlijke of rechtspersoon in de toeleveringsketen, die een product aanbiedt, maar het niet in de handel brengt;

Motivering

Het onderscheid tussen marktdeelnemers die een gelijkaardige rol spelen bij het in de handel brengen van een product en degenen die een product niet voor de eerste keer aanbieden, moet worden verduidelijkt.

De juridische entiteit die een product in de EU in de handel brengt, moet ervoor verantwoordelijk zijn dat het product (in overeenstemming met onze verordeningen) bedoeld is voor en gemaakt is overeenkomstig de eisen van de EU-markt. Dit geldt niet voor distributeurs.

Amendement 5

Artikel 2, punt 11

11) "nationale accreditatie-instantie" de enige bevoegde instantie in een lidstaat die door de overheid gemachtigd is accreditaties te verlenen;

 

11) "nationale accreditatie-instantie" de bevoegde instanties in een lidstaat die door de overheid gemachtigd zijn accreditaties te verlenen;

Motivering

Aanpassing n.a.v. het amendement op artikel 4, lid 1.

Spreken van één nationale accreditatie-instantie komt neer op niet-naleving van het subsidiariteitsbeginsel, alsook op schending van de verplichting voor de instellingen van de Unie om de fundamentele bepalingen van de grondwetten van de lidstaten niet aan te tasten en hun (in dit geval federale) structuren niet te ondermijnen. Met het oog op het in stand houden van het federalisme in de lidstaten moet het hen derhalve mogelijk zijn meer dan één accreditatie-instanties in het leven te roepen.

Amendement 6

Artikel 2, punt 13 bis) (nieuw)

13 bis) "de communautaire markt binnenkomen": het aanbieden met het oog op douane-inklaring;

Motivering

Het onderscheid tussen marktdeelnemers die een gelijkaardige rol spelen bij het in de handel brengen van een product en degenen die een product niet voor de eerste keer aanbieden, moet worden verduidelijkt.

De juridische entiteit die een product in de EU in de handel brengt, moet ervoor verantwoordelijk zijn dat het product (in overeenstemming met onze verordeningen) bedoeld is voor en gemaakt is overeenkomstig de eisen van de EU-markt. Dit geldt niet voor distributeurs.

Amendement 7

Artikel 2, punt 13 ter) (nieuw)

13 ter) "conformiteitsbeoordelingsinstantie": een instantie die werkzaamheden op het gebied van conformiteitsbeoordeling verricht (doorgaans laboratoria, inspectie-instanties en certificatie-instanties);

Motivering

Het onderscheid tussen marktdeelnemers die een gelijkaardige rol spelen bij het in de handel brengen van een product en degenen die een product niet voor de eerste keer aanbieden, moet worden verduidelijkt.

De juridische entiteit die een product in de EU in de handel brengt, moet ervoor verantwoordelijk zijn dat het product (in overeenstemming met onze verordeningen) bedoeld is voor en gemaakt is overeenkomstig de eisen van de EU-markt. Dit geldt niet voor distributeurs.

Amendement 8

Artikel 2, punt (13 quater) (nieuw)

13 quater) "conformiteitsbeoordeling": het aantonen dat voldaan is aan de vastgestelde eisen voor een product, proces, systeem, persoon of instantie;

Motivering

Het onderscheid tussen marktdeelnemers die een gelijkaardige rol spelen bij het in de handel brengen van een product en degenen die een product niet voor de eerste keer aanbieden, moet worden verduidelijkt.

De juridische entiteit die een product in de EU in de handel brengt, moet ervoor verantwoordelijk zijn dat het product (in overeenstemming met onze verordeningen) bedoeld is voor en gemaakt is overeenkomstig de eisen van de EU-markt. Dit geldt niet voor distributeurs.

Amendement 9

Artikel 4, lid 1, alinea 1 bis (nieuw)

 

In lidstaten met een federatieve structuur kan ter waarborging van de federatieve bevoegdheden nog een accreditatie-instantie in het leven worden geroepen. In dit geval worden de beide accreditatie-instanties opgeroepen in goed vertrouwen met elkaar samen te werken.

Motivering

Spreken van één nationale accreditatie-instantie komt neer op niet-naleving van het subsidiariteitsbeginsel, alsook op schending van de verplichting voor de instellingen van de Unie om de fundamentele bepalingen van de grondwetten van de lidstaten niet aan te tasten en hun (in dit geval federale) structuren niet te ondermijnen. Met het oog op het in stand houden van het federalisme in de lidstaten moet het hen derhalve mogelijk zijn meer dan één accreditatie-instanties in het leven te roepen.

Amendement 10

Artikel 4, lid 6

6. De nationale accreditatie-instantie werkt zonder winstoogmerk. Zij mag geen activiteiten of diensten aanbieden of verrichten die worden uitgevoerd door conformiteitsbeoordelingsinstanties, en geen adviesdiensten verlenen.

6. De nationale accreditatie-instantie werkt zonder winstoogmerk. Zij mag geen activiteiten of diensten aanbieden of verrichten die worden uitgevoerd door conformiteitsbeoordelingsinstanties, en geen adviesdiensten verlenen, en evenmin mag zij aandelen hebben in een conformiteitsbeoordelingsinstantie.

Motivering

Om te garanderen dat de accreditatie-instantie volledig onafhankelijk is van alle conformiteitsbeoordelingsinstanties waarvoor zij verantwoordelijk is (waarvan sommige mogelijkerwijs als aangemelde instantie optreden), moet er niet alleen voor een scheiding van de taken binnen een onderneming worden gezorgd, maar moet ook elke kans op belangenverstrengeling worden vermeden: dit houdt in dat ook de financiële belangen uit elkaar moeten worden gehouden.

Amendement 11

Artikel 5, lid 2

2. De nationale accreditatie-instantie houdt toezicht op de conformiteitsbeoordelingsinstanties waaraan zij een accreditatiecertificaat heeft verleend.

2. De nationale accreditatie-instanties houden toezicht op de conformiteitsbeoordelingsinstanties waaraan zij een accreditatiecertificaat hebben verleend.

Motivering

Aanpassing n.a.v. het amendement op artikel 4, lid 1.

Spreken van één nationale accreditatie-instantie komt neer op niet-naleving van het subsidiariteitsbeginsel, alsook op schending van de verplichting voor de instellingen van de Unie om de fundamentele bepalingen van de grondwetten van de lidstaten niet aan te tasten en hun (in dit geval federale) structuren niet te ondermijnen. Met het oog op het in stand houden van het federalisme in de lidstaten moet het hen derhalve mogelijk zijn meer dan één accreditatie-instanties in het leven te roepen.

Amendement 12

Artikel 5, lid 3

3. Wanneer de nationale accreditatie-instantie vaststelt dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie waaraan zij een accreditatiecertificaat heeft verleend, niet meer bekwaam is om een specifieke conformiteitsbeoordelingsactiviteit uit te voeren of in ernstige mate in gebreke blijft, treft de nationale accreditatie-instantie alle passende maatregelen om het accreditatiecertificaat van de conformiteitsbeoordelingsinstantie te beperken, op te schorten of in te trekken.

3. Wanneer de nationale accreditatie-instanties vaststellen dat een conformiteitsbeoordelingsinstantie waaraan zij een accreditatiecertificaat hebben verleend, niet meer bekwaam is om een specifieke conformiteitsbeoordelingsactiviteit uit te voeren of in ernstige mate in gebreke blijft, treffen de nationale accreditatie-instanties alle passende maatregelen om het accreditatiecertificaat van de conformiteitsbeoordelingsinstantie te beperken, op te schorten of in te trekken.

Motivering

Aanpassing n.a.v. het amendement op artikel 4, lid 1.

Spreken van één nationale accreditatie-instantie komt neer op niet-naleving van het subsidiariteitsbeginsel, alsook op schending van de verplichting voor de instellingen van de Unie om de fundamentele bepalingen van de grondwetten van de lidstaten niet aan te tasten en hun (in dit geval federale) structuren niet te ondermijnen. Met het oog op het in stand houden van het federalisme in de lidstaten moet het hen derhalve mogelijk zijn meer dan één accreditatie-instanties in het leven te roepen.

Amendement 13

Artikel 6, lid 1, alinea 1

1. Wanneer een conformiteitsbeoordelingsinstantie accreditatie wenst, dient zij daartoe een verzoek in bij de nationale accreditatie-instantie van haar lidstaat van vestiging of bij de nationale accreditatie-instantie waarop die lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 2, een beroep heeft gedaan.

1. Wanneer een conformiteitsbeoordelingsinstantie accreditatie wenst, dient zij daartoe een verzoek in bij de nationale accreditatie-instanties van haar lidstaat van vestiging of bij de nationale accreditatie-instanties waarop die lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 2, een beroep heeft gedaan.

Motivering

Aanpassing n.a.v. het amendement op artikel 4, lid 1.

Spreken van één nationale accreditatie-instantie komt neer op niet-naleving van het subsidiariteitsbeginsel, alsook op schending van de verplichting voor de instellingen van de Unie om de fundamentele bepalingen van de grondwetten van de lidstaten niet aan te tasten en hun (in dit geval federale) structuren niet te ondermijnen. Met het oog op het in stand houden van het federalisme in de lidstaten moet het hen derhalve mogelijk zijn meer dan één accreditatie-instanties in het leven te roepen.

Amendement 14

Artikel 6, lid 1, alinea 2, letter a

a) haar lidstaat van vestiging heeft besloten geen nationale accreditatie-instantie op te richten en geen beroep heeft gedaan op de nationale accreditatie-instantie van een andere lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 2; of

a) haar lidstaat van vestiging heeft besloten geen nationale accreditatie-instanties op te richten en geen beroep heeft gedaan op de nationale accreditatie-instanties van een andere lidstaat overeenkomstig artikel 4, lid 2; of

Motivering

Aanpassing n.a.v. het amendement op artikel 4, lid 1.

Spreken van één nationale accreditatie-instantie komt neer op niet-naleving van het subsidiariteitsbeginsel, alsook op schending van de verplichting voor de instellingen van de Unie om de fundamentele bepalingen van de grondwetten van de lidstaten niet aan te tasten en hun (in dit geval federale) structuren niet te ondermijnen. Met het oog op het in stand houden van het federalisme in de lidstaten moet het hen derhalve mogelijk zijn meer dan één accreditatie-instanties in het leven te roepen.

Amendement 15

Artikel 8, lid 2 bis (nieuw)

2 bis. De nationale accreditatie-instanties voorzien in gepaste rechtsmiddelen bij de bevoegde rechtbanken voor marktdeelnemers wanneer deze kunnen aantonen dat een accreditatie-instantie niet over de minimaal vereiste vaardigheden of kennis beschikt.

Motivering

Het bestaande voorstel voorziet in een procedure waarbij de lidstaten regelmatig toezicht moeten houden op hun nationale accreditatie-instanties, waardoor de algemene belangen beschermd zijn. De activiteiten van de nationale accreditatie-instanties, en van de instanties die zij accrediteren, hebben evenwel een directe impact op de marktdeelnemers en bijgevolg moeten ook zij een over een expliciet instrument beschikken om beroep aan te tekenen.

Amendement 16

Artikel 16, lid 1

1. De lidstaten zorgen voor communicatie en coördinatie tussen alle markttoezichtautoriteiten.

1. De lidstaten zorgen voor communicatie en coördinatie tussen alle markttoezichtautoriteiten binnen hun jurisdictie.

Motivering

Market surveillance should also ensure a concrete follow-up of corrective actions on the market. Concern has been expressed in the Parliament’s Working Document regarding the credibility of the CE marking. We do not believe that any such credibility gap stems from two points, firstly an inadequate process for catching those economic operators who deliberately flout Community legislation, and secondly an inadequate process to follow-up to ensure that, where a product has been found by a Court to be non-compliant, then it is positively removed from the market. Hence, market surveillance procedures should also ensure a concrete follow-up of corrective actions on the market place. As market surveillance is organised at Member State level in accordance with the principle of subsidiarity, this Regulation should require each Member State to verify that corrective actions have been effectively carried out.

Amendement 17

Artikel 16, lid 2, alinea 1 bis (nieuw)

De lidstaten stellen adequate procedures vast om te controleren dat er effectieve corrigerende maatregelen zijn getroffen.

Motivering

Zie motivering amendement 3.

Amendement 18

Artikel 16, lid 4

4. De lidstaten stellen programma's voor het markttoezicht op, voeren deze uit en werken deze periodiek bij.

4. De lidstaten stellen programma's voor het markttoezicht op, voeren deze uit en werken deze periodiek bij. De lidstaten kunnen samenwerkingsovereenkomsten sluiten met betrokken partijen, in het bijzonder met sectorale beroepsorganisaties, teneinde gebruik te maken van de marktkennis waarover deze beschikken.

Motivering

Zie motivering amendement 3.

Amendement 19

Artikel 16, lid 5

5. De lidstaten voeren periodiek een evaluatie en beoordeling uit van hun markttoezichtactiviteiten.

5. De lidstaten voeren periodiek een evaluatie en beoordeling uit van hun markttoezichtactiviteiten en maken de resultaten daarvan openbaar.

Motivering

Zie motivering amendement 3.

Amendement 20

Artikel 17, lid 1, alinea 1 bis (nieuw)

De autoriteiten hebben het recht monsters te nemen van een product waarvan zij verwachten dat het snel zal zijn uitverkocht.

Motivering

Market surveillance speed should be adapted to the speed of sales of batches of often inexpensive components or consumer products: these are often rapidly sold out in a distributor’s promotional sale. Experience shows that once products are placed on the market, delays between complaints and action by market surveillance authorities often lead to the situation where authorities are not in a position to carry out checks, as the products have been already sold. This is particularly the case for promotional or seasonal sales of consumer products, such as Christmas lighting. It happens also for small electrical components such as electrical controls, switchgears or small measuring instruments. Therefore, when customs authorities have a serious reason to believe that the imported product may not be in compliance with all EU requirements, they should be entitled to seize samples of the product in order to speed up the control by market surveillance authorities and ensure possible legal action against the importer or the manufacturer’s authorised representative in case of characterised default of compliance with EU legislation.

Amendement 21

Artikel 19, lid 1

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel nauwkeurig is gemotiveerd.

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving en het evenredigheidsbeginsel besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel nauwkeurig is gemotiveerd.

Motivering

Artikel 19, lid 1 bevat een aantal mogelijke marktinterventies die door de autoriteiten kunnen worden ondernomen en de economische gevolgen van elk van deze interventies zullen verschillend zijn voor verschillende marktdeelnemers. In lijn met de algemene bepalingen van de communautaire regelgeving moet de mate van marktinterventie evenredig zijn met de grootte van het risico voor het publiek. Bepalingen met een gelijkaardig effect zijn reeds opgenomen in de richtlijn inzake algemene productveiligheid.

Amendement 22

Artikel 24, lid 1, alinea 1 bis (nieuw)

De lidstaten zorgen ervoor dat hun douane-autoriteiten over de nodige bevoegdheden en middelen beschikken om hun taken naar behoren uit te voeren.

Motivering

Met het oog op de consistentie en de doeltreffendheid van het algehele kader voor het op de markt brengen van goederen stelt de rapporteur voor een bepaling op te nemen die vergelijkbaar is met die voor de markttoezichtautoriteiten in artikel 16, lid 3.

Amendement 23

Artikel 34

De Commissie stelt richtsnoeren op om de tenuitvoerlegging van deze verordening te vergemakkelijken.

De Commissie stelt in overleg met de betrokken partijen richtsnoeren op om de tenuitvoerlegging van deze verordening te vergemakkelijken.

Motivering

De betrokken partijen moeten door de Commissie worden geraadpleegd.

Amendement 24

Artikel 35, lid 2

2. Wanneer de accreditatie in een lidstaat niet door één accreditatie-instantie geschiedt en die lidstaat verder accreditatie wil blijven verlenen, neemt hij de nodige maatregelen voor een structurele aanpassing, zodat hij uiterlijk op 1 januari 2010 over één nationale accreditatie-instantie beschikt.

2. Wanneer de accreditatie in een lidstaat niet door één accreditatie-instantie geschiedt en die lidstaat verder accreditatie wil blijven verlenen, neemt hij de nodige maatregelen voor een structurele aanpassing, zodat hij uiterlijk op 1 januari 2014 over een, respectievelijk overeenkomstig artikel 4, lid 1, alinea 1 bis nog een nationale accreditatie-instantie beschikt.

 

Motivering

Aanpassing n.a.v. het amendement op artikel 4, lid 1.

Daarnaast moet de termijn voor de noodzakelijke juridische en administratieve toepassingsmaatregelen worden verlengd. Met name in landen met ingewikkelde accreditatiesystemen kunnen deze aanpassingen niet vóór 2010 worden doorgevoerd en vandaar dat de termijn tot 2014 moet worden verlengd.

Amendement 25

Artikel 38, lalinea 2

Hoofdstuk III is van toepassing vanaf twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening.

Hoofdstuk III is van toepassing vanaf een maand na de datum van inwerkingtreding van deze verordening.

Motivering

Een extra 'vertraging' van twee jaar voordat effectief markttoezicht een realiteit wordt, is onaanvaardbaar. Producenten die zich aan de Europese wetgeving en normen houden, hebben nu reeds zwaar te lijden onder oneerlijke concurrentie.

PROCEDURE

Titel

Accreditering en marktbewaking in verband met het in de handel brengen van producten

Document- en procedurenummers

COM(2007)0037 - C6-0068/2007 - 2007/0029(COD)

Commissie ten principale

IMCO

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

ENVI

13.3.2007

 

 

 

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Peter Liese

10.5.2007

 

 

Behandeling in de commissie

26.6.2007

8.10.2007

 

 

Datum goedkeuring

22.11.2007

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

31

6

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Pilar Ayuso, Johannes Blokland, Frieda Brepoels, Dorette Corbey, Chris Davies, Avril Doyle, Mojca Drčar Murko, Edite Estrela, Jill Evans, Matthias Groote, Françoise Grossetête, Cristina Gutiérrez-Cortines, Satu Hassi, Marie Anne Isler Béguin, Caroline Jackson, Dan Jørgensen, Marie-Noëlle Lienemann, Peter Liese, Alexandru-Ioan Morţun, Roberto Musacchio, Riitta Myller, Miroslav Ouzký, Frédérique Ries, Guido Sacconi, Karin Scheele, Carl Schlyter, Richard Seeber, Bogusław Sonik, Antonios Trakatellis, Thomas Ulmer, Anja Weisgerber, Glenis Willmott

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Alfonso Andria, Kathalijne Maria Buitenweg, Duarte Freitas, Milan Gaľa, Alojz Peterle

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


ADVIES van de Commissie industrie, onderzoek en energie (5.10.2007)

aan de Commissie interne markt en consumentenbescherming

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het in de handel brengen van producten

(COM(2007)0037 – C6‑0068/2007 – 2007/0029(COD))

Rapporteur voor advies: John Purvis

BEKNOPTE MOTIVERING

De rapporteur voor advies is verheugd over het voorstel voor een verordening inzake de accreditatie en het markttoezicht van producten in de Gemeenschap, alsook over het bijbehorende voorstel voor een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten. Deze hebben tot doel de werking van de interne markt van goederen te vergemakkelijken, waarbij tevens wordt gewaarborgd dat de producten die de interne markt binnenkomen en er circuleren, veilig zijn.

De verordening bouwt voort op stelsels die reeds in de lidstaten bestaan, voert strengere regels voor markttoezicht in om onveilige producten te verwijderen, ook bij de invoer, en versterkt de accreditatierol voor conformiteitsbeoordelingsinstanties waardoor het vertrouwen in de conformiteitsbeoordeling van het product toeneemt.

Hoewel, zoals hierboven vermeld, de rapporteur verheugd is over de voorstellen, is hij van oordeel dat er ruimte is voor verbetering en stelt hij bijgevolg amendementen voor die op het onderstaande gebaseerd zijn:

§ Sommige definities, zoals "op de markt aanbieden" en "de communautaire markt binnenkomen" moeten worden verduidelijkt; er moeten nieuwe definities voor "conformiteitsbeoordeling" en "conformiteitsbeoordelingsinstantie" worden ingevoerd; de coherentie tussen de definities in de verordening en het besluit moet worden gewaarborgd. Artikel 2 van de verordening wordt bijgevolg in die zin gewijzigd.

§ Wat de institutionele aspecten betreft: de regels voor grensoverschrijdende accreditatie moeten worden vereenvoudigd, waarbij tevens moet worden gewaarborgd dat meer grensoverschrijdende concurrentie niet leidt tot lagere accreditatienormen; de nationale consumentenbeschermingsorganisaties moeten worden betrokken bij de samenwerking tussen de bevoegde nationale instanties; de douaneautoriteiten, die de eerste verdedigingslinie bij invoer vormen, moeten worden versterkt en met passende middelen worden uitgerust. De artikelen 6 en 24 van de verordening worden bijgevolg in die zin gewijzigd.

§ De bepalingen van de bestaande richtlijnen betreffende identificatienummers en lijsten van aangemelde instanties zijn aangepast om te zorgen voor onmiddellijke rechtszekerheid op het gebied van de huidige praktische toepassing van de aanmeldingsprocedure.

§ Wat de procedures betreft: bepaalde rechten van de bevoegde instanties (bijv. het recht om monsters van producten te nemen, ook al zijn er nog geen klachten ontvangen) moeten worden versterkt; om onnodige administratieve rompslomp te vermijden, moet bij de toepassing van conformiteitsprocedures ook rekening worden gehouden met andere factoren zoals de omvang van het bedrijf, de relatieve complexiteit van de gebruikte technologie, en het feit of een product al dan niet per stuk of in serie wordt vervaardigd. De artikelen 2, 7 en 17 van de verordening worden in die zin gewijzigd. Ook moet rekening worden gehouden met de economische impact vooraleer instanties beslissen een product terug te roepen - elke ondernomen actie moet in verhouding staan tot de omvang van het risico. Marktdeelnemers moeten tevens het recht hebben op een dergelijke beslissing te reageren en indien nodig beroep aan te tekenen. Bijgevolg worden de artikelen 2 en 19 gewijzigd. Artikel 16 wordt gewijzigd om de lidstaten te verzoeken ervoor te zorgen dat er procedures zijn om te controleren dat er daadwerkelijk corrigerende acties worden ondernomen.

§ Overweging 30 bis en artikel 34 van de verordening, evenals artikel 14 van het besluit worden gewijzigd om te zorgen voor meer betrokkenheid van belanghebbenden en beroepsorganisaties.

§ Om "dubbele normen" (d.w.z. een stel eisen ingevoerd door Richtlijn 2001/95/EG inzake algemene productveiligheid, en daarnaast een ander stel ingevoerd door onderhavig voorstel) te vermijden en de grotere bescherming te waarborgen die door onderhavig voorstel wordt ingevoerd, moet de vrijstelling waarvan sprake in artikel 13, lid 2 van de verordening worden geschrapt. Verder moeten in artikel 1 van het besluit genoemde uitzonderingen worden geschrapt omdat dit een besluit sui generis is dat zich rechtstreeks tot de wetgever richt en bijgevolg niet rechtstreeks van toepassing is.

§ De CE-markering moet beter worden beschermd. Het is immers niet altijd duidelijk dat deze overeenstemming met de EU-regelgevingsnormen inhoudt. Hierdoor is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat in feite niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Fabrikanten, handelaars en consumenten hebben er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige nationale regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit in de verordening worden opgenomen.

§ De artikelen 4 en 16 worden gewijzigd om het belang van transparante besluitvorming en onafhankelijke markttoezichtautoriteiten te benadrukken.

AMENDEMENTEN

De Commissie industrie, onderzoek en energie verzoekt de ten principale bevoegde Commissie interne markt en consumentenbescherming onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)  Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 23

(23) Richtlijn 2001/95/EG van het Europees Parlement en de Raad inzake algemene productveiligheid legt een kader voor markttoezicht en administratieve samenwerking bij consumentenproducten vast. De in deze verordening opgenomen bepalingen over het markttoezicht moeten niet van toepassing zijn op producten zoals gedefinieerd in artikel 2, onder a), van Richtlijn 2001/95/EG wat de gezondheid en veiligheid van consumenten betreft.

schrappen

Motivering

Om "dubbele normen" (d.w.z. een stel eisen ingevoerd door Richtlijn 2001/95/EG inzake algemene productveiligheid, en daarnaast een ander stel ingevoerd door onderhavig voorstel) te vermijden en de grotere bescherming te waarborgen die door onderhavig voorstel wordt ingevoerd, moet deze vrijstelling worden geschrapt. De scheidingslijn tussen consumentenproducten en producten voor professioneel gebruik is vaag, en een dergelijk onderscheid kan leiden tot onduidelijke procedures en bevoegdheden. Bijgevolg moeten artikel 13, lid 2 en de bijbehorende overweging worden geschrapt.

Amendement 2

Overweging 24

(24) Het is voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid en voor een soepele werking van de interne markt van essentieel belang dat de bevoegde instanties zowel op nationaal als grensoverschrijdend vlak samenwerken bij de uitwisseling van informatie, bij het onderzoek van inbreuken en bij maatregelen om inbreuken te doen staken.

(24) Het is voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid en voor een soepele werking van de interne markt van essentieel belang dat de bevoegde instanties zowel op nationaal als grensoverschrijdend vlak samenwerken bij de uitwisseling van informatie, bij het onderzoek van inbreuken en bij maatregelen om inbreuken te doen staken. Nationale consumentenbeschermingsorganisaties moeten op nationaal niveau samenwerken met nationale markttoezichtautoriteiten en met hen informatie uitwisselen over producten waarvan zij vermoeden dat ze een risico inhouden.

Motivering

Aangezien de individuele consumenten zich bij kwaliteits- of veiligheidsproblemen doorgaans tot de nationale consumentenbeschermingsorganisaties richten, moet de relevante informatie met het oog op mogelijke follow-up worden overgemaakt aan de markttoezichtautoriteiten.

Amendement 3

Overweging 30 bis (nieuw)

 

(30 bis) De lidstaten kunnen het nuttig achten samenwerkingsakkoorden met belanghebbenden te sluiten, met name met sectorale beroepsorganisaties, om voordeel te halen uit beschikbare marktinformatie wanneer zij programma's voor markttoezicht opstellen, uitvoeren en bijwerken.

Motivering

In sommige lidstaten wordt reeds met belanghebbenden samengewerkt; dit amendement heeft tot doel deze goede praktijk aan te moedigen en ervoor te zorgen dat hij in een lidstaat niet wordt belemmerd door onduidelijke regelgeving.

Amendement 4

Overweging 30 ter (nieuw)

 

(30 ter) De lidstaten moeten zorgen voor passende procedures om in beroep te gaan tegen maatregelen van de bevoegde instanties die het in de handel brengen van producten beperken of eisen dat deze uit de handel worden genomen of teruggeroepen.

Motivering

Als een lidstaat een fabrikant vraagt een product terug te roepen dat later toch conform blijkt te zijn, moet de marktdeelnemer beroep kunnen aantekenen bij de lidstaat/lidstaten die het desbetreffende verzoek heeft/hebben ingediend. Deze tekst is gebaseerd op overweging 37 van de Richtlijn algemene productveiligheid en is bijgevolg geen nieuw of onbeproefd concept.

Amendement 5

Overweging 36 bis (nieuw)

 

(36 bis) De CE-markering, waaruit de conformiteit van een product blijkt, is de zichtbare uitkomst van een volledig beoordelingproces dat tot doel heeft de conformiteit in de ruime zin van het woord na te gaan. Daarom moeten in deze verordening algemene beginselen voor het gebruik van de CE-markering en voorschriften voor het aanbrengen ervan worden vastgesteld, die ten uitvoer moeten worden gelegd in de communautaire harmonisatiewetgeving betreffende het gebruik van die markering.

Motivering

De CE-markering moet beter worden beschermd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit (COM(2007)053), evenals de bijbehorende overwegingen in de verordening worden opgenomen.

Amendement 6

Overweging 36 ter (nieuw)

 

(36 ter) Het is van essentieel belang dat aan fabrikanten en gebruikers duidelijk wordt gemaakt dat de fabrikant door het aanbrengen van de CE-markering verklaart dat het product aan alle toepasselijke eisen beantwoordt en dat hij de volledige verantwoordelijkheid daarvoor op zich neemt.

Motivering

De CE-markering moet beter worden beschermd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit (COM(2007)053), evenals de bijbehorende overwegingen in de verordening worden opgenomen.

Amendement 7

Overweging 36 quater (nieuw)

 

(36 quater) De rechtsbescherming die door de CE-markering wordt geboden en die ontstaat door haar registratie als collectieve markering van de Gemeenschap, stelt overheidsinstanties in staat voor een goede handhaving te zorgen en inbreuken te vervolgen.

Motivering

De CE-markering moet beter worden beschermd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit (COM(2007)053), evenals de bijbehorende overwegingen in de verordening worden opgenomen.

Amendement 8

Artikel 2, punt 1

(1) "op de markt aanbieden": het in het kader van een handelsactiviteit, al dan niet tegen betaling, verstrekken van een product met het oog op distributie, consumptie of gebruik op de communautaire markt;

(1) "op de markt aanbieden": het in het kader van een handelsactiviteit, al dan niet tegen betaling, verstrekken van een product met het oog op distributie of consumptie op de communautaire markt, met uitzondering van producten die voor eigen gebruik worden geassembleerd in het kader van de bevordering van een beroepsactiviteit en de verwerking van onderdelen in een eindproduct dat op de markt zal worden aangeboden en er bovendien geen onmiddellijk gevaar is voor de gezondheid of de veiligheid;

Motivering

Deze verduidelijking moet de overdreven administratieve en financiële lasten voor ambachtslui en het MKB verminderen (wanneer ze producten voor eigen gebruik assembleren of producten vervaardigen die in een eindproduct zullen worden verwerkt). Deze toevoeging is tevens in overeenstemming met een bestaande bepaling in begeleidend document M (mei 2005) van de richtlijn inzake voor de bouw bestemde producten (89/106 EEG) die over conformiteit handelt.

Amendement 9

Artikel 2, punt 2 bis (nieuw)

 

(2 bis) "de communautaire markt binnenkomen": het aanbieden aan een Gemeenschapsgrens met het oog op douane-inklaring;

Motivering

Deze definitie moet de betekenis verduidelijken van de uitdrukking "producten die de communautaire markt binnenkomen", die wordt gebruikt in hoofdstuk III , afdeling 3 van de verordening. Er is een verschil tussen marktdeelnemers die een product voor de eerste maal op de markt brengen en bijgevolg verantwoordelijk zijn om ervoor te zorgen dat het in overeenstemming is met de EU-regelgeving, en distributeurs die producten verdelen die reeds op de communautaire markt worden verkocht. Deze term wordt gebruikt in artikel 24, bijgevolg is een definitie nuttig als referentie.

Amendement 10

Artikel 2, punt 3

(3) "fabrikant": een natuurlijke of rechtspersoon die een product ontwerpt of vervaardigt of onder zijn naam of handelsmerk laat ontwerpen of vervaardigen;

(3) "fabrikant": een natuurlijke of rechtspersoon die een product ontwerpt of vervaardigt of onder zijn naam of handelsmerk laat ontwerpen of vervaardigen en het in de handel brengt;

Motivering

De definitie moet overeenstemmen met de definities van andere marktdeelnemers en met de bepalingen van artikel 7, lid 1 en 7 (gekoppeld met de amendementen 2 en 3).

Amendement 11

Artikel 2, punt 11 bis (nieuw)

 

(11 bis) "conformiteitsbeoordeling": het vaststellen of voldaan is aan de eisen voor een product, proces, systeem, persoon of instantie.

Motivering

De term "conformiteitsbeoordelingsinstantie" moet worden toegevoegd aangezien deze term in de verordening heel vaak wordt gebruikt. De definitie is overgenomen uit ISO/IEC 17000:2004 'Conformiteitsbeoordeling - Verklarende woordenlijst en algemene principes'.

Amendement 12

Artikel 2, punt 11 ter (nieuw)

 

(11 ter) "conformiteitsbeoordelingsinstantie": een instantie die werkzaamheden op het gebied van conformiteitsbeoordeling verricht;

Motivering

De term "conformiteitsbeoordelingsinstantie" moet worden toegevoegd aangezien deze term in de verordening herhaaldelijk wordt gebruikt. De definitie is overgenomen uit ISO/IEC 17000:2004 'Conformiteitsbeoordeling - Verklarende woordenlijst en algemene principes'.

Amendement 13

Artikel 4, lid 6

6. De nationale accreditatie-instantie werkt zonder winstoogmerk. Zij mag geen activiteiten of diensten aanbieden of verrichten die worden uitgevoerd door conformiteitsbeoordelingsinstanties, en geen adviesdiensten verlenen.

6. De nationale accreditatie-instantie werkt zonder winstoogmerk. Zij mag geen activiteiten of diensten aanbieden of verrichten die worden uitgevoerd door conformiteitsbeoordelingsinstanties, en geen adviesdiensten verlenen, en evenmin mag zij aandelen hebben in een conformiteitsbeoordelingsinstantie.

Motivering

Er moeten maatregelen worden genomen om de onafhankelijkheid te waarborgen van zowel de nationale accreditatie-instantie als de conformiteitsbeoordelingsinstanties; bovendien moet de lijst van deze maatregelen worden aangevuld met een maatregel die de financiële scheiding waarborgt.

Amendement 14

Artikel 7, punt 9 bis (nieuw)

 

(9 bis) zij waarborgt dat conformiteitsbeoordelingsinstanties hun conformiteitsbeoordelingen op evenredige wijze uitvoeren, waarbij onnodige lasten voor de marktdeelnemers worden voorkomen en waarbij met name rekening wordt gehouden met de omvang van de marktdeelnemer die het verzoek indient, de complexiteit van de technologie die in het betrokken product wordt gebruikt, alsook met het feit of het product al dan niet per stuk of in serie wordt vervaardigd.

Motivering

Om onnodige lasten te voorkomen, moet bij de toepassing van conformiteitsprocedures rekening worden gehouden met andere factoren zoals de omvang van het bedrijf, de relatieve complexiteit van de gebruikte technologie, en het feit of een product al dan niet in serie wordt vervaardigd. De desbetreffende bepaling van het voorstel voor een besluit (COM(2007)0053 - artikel 22, lid 4, alinea 4 bis (nieuw)) betreffende een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten wordt dienovereenkomstig gewijzigd.

Amendement 15

Artikel 8, lid 2 bis (nieuw)

 

2 bis. De lidstaten moeten zorgen voor passende procedures om in beroep te gaan tegen beslissingen van nationale accreditatie-instanties en conformiteitsbeoordelingsinstanties.

Motivering

Het bestaande voorstel voorziet in een procedure waarbij de lidstaten regelmatig toezicht moeten houden op hun nationale accreditatie-instanties, waardoor de algemene belangen beschermd zijn. De activiteiten van de nationale accreditatie-instanties, en van de instanties die zij accrediteren, hebben evenwel een directe impact op de marktdeelnemers en bijgevolg moeten ook zij een over een expliciet instrument beschikken om beroep aan te tekenen.

Amendement 16

Artikel 13, lid 2

2. De artikelen 14 tot en met 23 zijn niet van toepassing op producten zoals gedefinieerd in artikel 2, onder a), van Richtlijn 2001/95/EG wat de gezondheid en veiligheid van consumenten betreft.

schrappen

Motivering

Om "dubbele normen" (d.w.z. een stel eisen ingevoerd door Richtlijn 2001/95/EG en daarnaast een ander stel ingevoerd door onderhavig voorstel) te vermijden en de grotere bescherming te waarborgen die door onderhavig voorstel wordt ingevoerd, moeten de artikelen 14 t/m 23 van het voorstel eveneens van toepassing zijn op producten zoals gedefinieerd in artikel 2, onder a), van Richtlijn 2001/95/EG. Bijgevolg moeten artikel 13, lid 2 en de bijbehorende overweging van het voorstel worden geschrapt.

Amendement 17

Artikel 16, lid 1

1. De lidstaten zorgen voor communicatie en coördinatie tussen alle markttoezichtautoriteiten.

1. De lidstaten zorgen voor communicatie en coördinatie tussen alle markttoezichtautoriteiten die onder hun rechtsbevoegdheid vallen.

Motivering

Er moet worden benadrukt dat de verschillende bevoegde instanties in een lidstaat moeten samenwerken (bijv. verschillende regionale instanties, verschillende ministeries). Verduidelijking dat artikel 16 betrekking heeft op samenwerking tussen verschillende instanties binnen een lidstaat. Artikel 22 heeft betrekking op grensoverschrijdende samenwerking.

Amendement 18

Artikel 16, lid 2

2. De lidstaten stellen passende procedures vast voor de behandeling van klachten of meldingen in verband met risico's van producten die onder de communautaire harmonisatiewetgeving vallen, voor de monitoring van ongevallen en gezondheidsschade waarvan vermoed wordt dat zij door die producten zijn veroorzaakt, en voor de follow-up en bijwerking van wetenschappelijke en technische kennis inzake veiligheidsvraagstukken.

2. De lidstaten stellen passende procedures vast voor de behandeling van klachten of meldingen in verband met risico's van producten die onder de communautaire harmonisatiewetgeving vallen, voor de monitoring van ongevallen en gezondheidsschade waarvan vermoed wordt dat zij door die producten zijn veroorzaakt, en voor de follow-up en bijwerking van wetenschappelijke en technische kennis inzake veiligheidsvraagstukken. De lidstaten stellen passende procedures vast om te controleren of er daadwerkelijk corrigerende acties worden ondernomen.

Motivering

Markttoezicht moet eveneens de follow-up van corrigerende acties waarborgen om marktdeelnemers te vatten die de communautaire regelgeving opzettelijk niet naleven, en om ervoor te zorgen dat wanneer een product niet-conform blijkt te zijn, het daadwerkelijk uit de handel wordt genomen.

Amendement 19

Artikel 16, lid 5

5. De lidstaten voeren periodiek een evaluatie en beoordeling uit van hun markttoezichtactiviteiten.

5. De lidstaten voeren periodiek een evaluatie en beoordeling uit van hun markttoezichtactiviteiten en stellen hierover verslagen op die openbaar worden gemaakt.

Motivering

Omwille van de transparantie moeten de resultaten van de evaluatie en beoordeling van de markttoezichtactiviteiten voor het publiek beschikbaar worden gesteld.

Amendement 20

Artikel 17, lid 1, alinea 3

Zij hebben tevens het recht om de bedrijfsruimten van de betrokken marktdeelnemers te betreden wanneer dat zij dat noodzakelijk achten om aan de eisen van artikel 14 te voldoen.

Zij hebben tevens het recht om de bedrijfsruimten van de betrokken marktdeelnemers te betreden en monsters van producten te nemen wanneer zij dat noodzakelijk achten om aan de eisen van artikel 14 te voldoen.

Motivering

Sommige goedkope componenten of consumentenproducten kunnen bij een promotie-actie van een distributeur vaak snel uitverkocht zijn, nog vóór de instanties klachten ontvangen op grond waarvan zij kunnen reageren. Om de instanties in staat te stellen hun taak efficiënt te verrichten, moet er een maatregel zijn waardoor ze bij om het even welke marktdeelnemer een monster van een product kunnen nemen om te beoordelen of het aan de eisen voldoet en zonder dat ze moeten wachten op de indiening van een officiële klacht.

Amendement 21

Artikel 17, lid 2 bis (nieuw)

 

2 bis. Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat een product dat in een andere lidstaat is vervaardigd, uit de handel willen nemen, nemen zij eerst contact op met de marktdeelnemer op het adres dat op het desbetreffende product is vermeld of in de documentatie die bij het product is gevoegd.

Motivering

Het is belangrijk dat de marktdeelnemer op de hoogte wordt gesteld als een andere lidstaat besluit een van zijn producten uit de handel te nemen. Het kan echter niet worden verwacht dat de autoriteiten de contact opnemen met de marktdeelnemer alvorens de autoriteiten in een andere lidstaat op de hoogte te stellen omdat dit de procedure sterk zou vertragen.

Amendement 22

Artikel 19, lid 1

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel nauwkeurig is gemotiveerd.

1. Wanneer een lidstaat op grond van de relevante communautaire harmonisatiewetgeving besluit het op de markt aanbieden van een product te verbieden of te beperken of het product uit de handel te nemen of terug te roepen, zorgt hij ervoor dat deze maatregel nauwkeurig is gemotiveerd en in verhouding staat tot de omvang van het risico voor het publiek.

Motivering

Marktinterventiemaatregelen hebben een verschillende impact op de marktdeelnemers; bijgevolg moeten deze maatregelen zorgvuldig worden gekozen en moeten ze in verhouding staan tot de omvang van het risico voor het publiek. Gelijkaardige bepalingen zijn reeds opgenomen in de richtlijn inzake algemene productveiligheid.

Amendement 23

Artikel 22, lid 2 bis (nieuw)

 

2 bis. Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat informatie verstrekken aan de markttoezichtautoriteiten van een andere lidstaat, nemen zij eerst contact op met de marktdeelnemer op het adres dat op het desbetreffende product is vermeld of in de documentatie die bij het product is gevoegd. De marktdeelnemer beschikt over een redelijke termijn om te antwoorden, met name achtentwintig dagen wanneer er geen onmiddellijk gevaar is voor de gezondheid en de veiligheid van het publiek.

Motivering

Marktdeelnemers moeten de kans hebben om te reageren op het standpunt van de betrokken autoriteiten, met name wanneer hierbij ook andere lidstaten betrokken zijn, waardoor de procedure een aanzienlijke impact kan hebben op hun commerciële activiteiten. De voorgestelde termijn van 28 dagen voorziet in een redelijk evenwicht tussen de behoeften van de handhavingsinstanties en de marktdeelnemers. Dezelfde termijn wordt in het VK reeds toegepast voor bijv. de uitvoering van de richtlijn betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur, en uit de ervaring blijkt dat deze geschikt is.

Amendement 24

Artikel 24, lid 1 bis (nieuw)

 

1 bis. De lidstaten zorgen ervoor dat hun douaneautoriteiten over de nodige bevoegdheden en middelen beschikken om hun taken naar behoren uit te voeren, met inbegrip van de vernietiging van een product dat niet conform de communautaire regelgeving is.

Motivering

De douaneautoriteiten vervullen een essentiële rol om te verhinderen dat niet-conforme producten in de Europese Unie op de markt komen. Om optimaal te kunnen opereren moeten de nationale douaneautoriteiten meer bevoegdheden krijgen, zoals voor het vernietigen van producten die niet conform de communautaire voorschriften zijn en ook van producten met een merkteken dat de consument kan misleiden, met name wat betreft de betekenis en de vorm van de CE-markering.

Amendement 25

Artikel 25, lid 1

1. Een product waarvan de douaneautoriteiten krachtens artikel 24 de vrijgave hebben opgeschort, wordt in het vrije verkeer gebracht wanneer de douaneautoriteiten niet binnen drie werkdagen na de opschorting van de vrijgave in kennis zijn gesteld van maatregelen van de markttoezichtautoriteiten, mits alle andere, aan het in het vrije verkeer brengen verbonden voorwaarden en formaliteiten zijn vervuld.

1. Een product waarvan de douaneautoriteiten krachtens artikel 24 de vrijgave hebben opgeschort, wordt in het vrije verkeer gebracht wanneer de douaneautoriteiten niet binnen vijf werkdagen na de opschorting van de vrijgave in kennis zijn gesteld van maatregelen van de markttoezichtautoriteiten, mits alle andere, aan het in het vrije verkeer brengen verbonden voorwaarden en formaliteiten zijn vervuld.

Motivering

De termijn van drie dagen volstaat nauwelijks voor de correspondentie tussen de betrokken overheidsadministraties; aangezien de openbare veiligheid niet mag lijden onder administratieve vertragingen, moet de termijn bijgevolg worden verlengd.

Amendement 26

Artikel 26, lid 2

2. Wanneer de markttoezichtautoriteiten constateren dat het product in kwestie niet aan de communautaire harmonisatiewetgeving voldoet, nemen zij passende maatregelen, die zo nodig in een verbod op het in de handel brengen van het product kunnen bestaan.

2. Wanneer de markttoezichtautoriteiten constateren dat het product in kwestie niet aan de communautaire harmonisatiewetgeving voldoet, nemen zij passende maatregelen, die in een verbod op het in de handel brengen van het product kunnen bestaan.

Wanneer het in de handel brengen van het product wordt verboden, verzoeken zij de douaneautoriteiten op de handelsfactuur waarvan het product vergezeld gaat en op alle andere relevante begeleidende documenten de volgende vermelding aan te brengen:

Wanneer het in de handel brengen van het product wordt verboden, gelasten zij de douaneautoriteiten dit product niet voor vrij verkeer vrij te geven en op de handelsfactuur waarvan het product vergezeld gaat en op alle andere relevante begeleidende documenten de volgende vermelding aan te brengen:

"Niet-conform product — mag niet in het vrije verkeer worden gebracht — Verordening (EG) nr. …./.."

"Niet-conform product — mag niet in het vrije verkeer worden gebracht — Verordening (EG) nr. …./.."

Motivering

Er zijn expliciete instructies van de markttoezichtautoriteiten en expliciete acties van de douaneautoriteiten nodig om te voorkomen dat niet-conforme producten in het vrije verkeer terechtkomen. Het is onwaarschijnlijk, maar niet onmogelijk, dat een niet-toegestaan product voor vrij verkeer wordt vrijgegeven als een dergelijke expliciete actie ontbreekt.

Amendement 27

Hoofdstuk III, afdeling 3 bis (nieuw), titel (na artikel 26)

 

AFDELING 3 BIS

CONFORMITEIT VAN PRODUCTEN - CE-MARKERING

Motivering

De CE-markering moet beter worden beschermd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige nationale regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit naar de verordening worden overgeheveld.

Amendement 28

Artikel 26 bis (nieuw)

 

Artikel 26 bis

 

Algemene beginselen van de CE-markering

 

1. De CE-markering wordt uitsluitend aangebracht door de fabrikant of zijn gemachtigde.

 

Door de CE-markering aan te brengen of te laten aanbrengen, neemt de fabrikant de verantwoordelijkheid op zich voor de conformiteit van het product met de eisen vastgesteld in Besluit nr. .../… van het Europees Parlement en de Raad van ... [betreffende een gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten]1.

 

2. De CE-markering is het enige merkteken dat aangeeft dat het product conform is met de toepasselijke eisen. Met betrekking tot de conformiteit met de bepalingen in de communautaire regelgeving betreffende de CE-markering verwijzen de lidstaten in hun nationale wetgeving niet naar andere conformiteitsmerktekens dan de CE-markering of schrappen zij dergelijke verwijzingen.

 

3. Op producten mogen geen merktekens, tekens of opschriften worden aangebracht die misleidend kunnen zijn omtrent de betekenis en/of de grafische vorm van de CE-markering. Andere merktekens die de zichtbaarheid, de leesbaarheid en de betekenis van de CE-markering niet schaden, mogen wel worden aangebracht.

_______________

1 PB L...

Motivering

De CE-markering moet beter worden beschermd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige nationale regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit naar de verordening worden overgeheveld.

Amendement 29

Artikel 26 ter (nieuw)

 

Artikel 26 ter

 

Voorschriften en voorwaarden voor het aanbrengen van de CE-markering

 

1. De CE-markering bestaat uit de letters CE in de volgende grafische vorm:

 

 

2. Bij vergroting of verkleining van de CE-markering worden de verhoudingen van de gegradueerde afbeelding in lid 1 in acht genomen.

 

3. Wanneer in de specifieke wetgeving geen bepaalde afmeting is opgegeven, bedraagt de hoogte van de CE-markering ten minste 5 mm.

 

4. De CE-markering wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar op het product of op het gegevensplaatje aangebracht. Wanneer dit gezien de aard van het product niet mogelijk of niet gerechtvaardigd is, wordt de CE-markering aangebracht op de verpakking en in de begeleidende documenten wanneer de desbetreffende wetgeving deze documenten voorschrijft.

 

5. De CE-markering wordt aangebracht voordat het product in de handel wordt gebracht. Zij kan worden gevolgd door een pictogram of een andere aanduiding betreffende een bijzonder risico of gebruik.

 

6. De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de conformiteitsbeoordelingsinstantie en/of van elke andere instantie die bij de productiecontrolefase betrokken is.

 

Het identificatienummer van deze instantie wordt aangebracht door die instantie zelf dan wel overeenkomstig haar instructies door de fabrikant of diens in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde.

 

7. De lidstaten zorgen voor een juiste toepassing van de voorschriften voor de CE-markering en treden in rechte op tegen oneigenlijk gebruik. De lidstaten voorzien ook in sancties, waaronder strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken, die evenredig zijn met de ernst van de overtreding en voldoende afschrikkend zijn om oneigenlijk gebruik tegen te gaan.

Motivering

De CE-markering moet beter worden beschermd. Aangezien de betekenis van de CE-markering niet goed wordt begrepen, is er een toenemend aantal producten met CE-markering dat niet in overeenstemming is met de desbetreffende regelgeving. Bijgevolg hebben fabrikanten, handelaars en consumenten er allen belang bij dat er duidelijke regels betreffende de CE-markering bestaan. Om ervoor te zorgen dat deze regels meteen worden toegepast en niet afhankelijk zijn van toekomstige nationale regelgeving, moeten de artikelen 16 en 17 van het besluit naar de verordening worden overgeheveld.

Amendement 30

Slotbepalingen, titel

SLOTBEPALINGEN

WIJZIGINGS- EN SLOTBEPALINGEN

Motivering

Het opnemen in de verordening van bepalingen betreffende de aangemelde instanties en hun identificatienummers zal voor onmiddellijke rechtszekerheid zorgen voor de huidige praktische toepassing van de aanmeldingsprocedure. Dit vergt evenwel specifieke wijzigingen in de tekst van de bestaande richtlijnen, waardoor de titel moet worden gewijzigd.

Amendement 31

Artikel 33 bis (nieuw) (na "SLOTBEPALINGEN")

 

Artikel 33 bis

 

Artikel 9, lid 1, tweede zin, van Richtlijn 87/404/EEG; artikel 9, lid 2, tweede zin, van Richtlijn 88/378/EEG; artikel 9, lid 1 van Richtlijn 89/686/EEG; artikel 9, lid 1, tweede zin van Richtlijn 90/384/EEG; artikel 11, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 90/385/EEG; artikel 9, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 90/396/EEG; artikel 8, lid 1, alinea's 2 en 3 van Richtlijn 92/42/EEG; artikel 6, lid 2, alinea 2 van Richtlijn 93/15/EEG; artikel 16, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 93/42/EEG; artikel 9, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 94/9/EG; artikel 9, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 94/25/EG; artikel 9, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 95/16/EG; artikel 20, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 96/48/EG; artikel 12, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 97/23/EG; artikel 9, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 98/37/EG; artikel 15, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 98/79/EG; artikel 8, lid 1, alinea 2 van Richtlijn 99/36/EG; artikel 15, lid 4 van Richtlijn 2000/14/EG; artikel 11, lid 4 van Richtlijn 2004/22/EG; en artikel 12, lid 3 van Richtlijn 2004/108/EG komen als volgt te luiden:

 

"De Commissie kent aan aangemelde instanties een identificatienummer toe. Zij kent per instantie slechts één nummer toe, ook als de instantie uit hoofde van diverse Gemeenschapsbesluiten is aangemeld. De Commissie maakt de lijst van aangemelde instanties openbaar, onder vermelding van de toegekende identificatienummers en de activiteiten waarvoor zij zijn aangemeld. De Commissie zorgt voor de bijwerking van deze lijst.".

Motivering

Het opnemen in de verordening van bepalingen betreffende de aangemelde instanties en hun identificatienummers zal voor onmiddellijke rechtszekerheid zorgen voor de huidige praktische toepassing van de aanmeldingsprocedure. Dit vergt evenwel specifieke wijzigingen in de tekst van de bestaande richtlijnen.

Amendement 32

Artikel 33 ter (nieuw)

 

Artikel 3 3ter

 

1. Artikel 10, lid 3 van Richtlijn 89/106/EEG komt als volgt te luiden:

 

"De lijst van goedkeuringsinstanties die bevoegd zijn om de Europese technische goedkeuring te verlenen, en ook de wijzigingen van deze lijst worden openbaar gemaakt."

 

2. Artikel 18, lid 1, tweede alinea van Richtlijn 89/106/EEG komt als volgt te luiden:

 

"De Commissie kent aan aangemelde instanties een identificatienummer toe. Zij kent per instantie slechts één nummer toe, ook als de instantie uit hoofde van diverse Gemeenschapsbesluiten is aangemeld. De Commissie maakt de lijst van aangemelde instanties openbaar, onder vermelding van de toegekende identificatienummers en de activiteiten en producten waarvoor zij zijn aangemeld. De Commissie zorgt voor de bijwerking van deze lijst."

 

3. Artikel 13, lid 1, tweede alinea van Richtlijn 97/23/EG komt als volgt te luiden:

 

"De Commissie maakt de lijst van erkende organisaties openbaar, onder vermelding van de taken waarvoor zij erkend zijn. De Commissie zorgt voor de bijwerking van deze lijst."

 

4. Artikel 11, lid 3 van Richtlijn 99/5/EG komt als volgt te luiden:

 

"De Commissie kent aan aangemelde instanties een identificatienummer toe. Zij kent per instantie slechts één nummer toe, ook als de instantie uit hoofde van diverse Gemeenschapsbesluiten is aangemeld. De Commissie maakt de lijst van aangemelde instanties openbaar, onder vermelding van de toegekende identificatienummers en de activiteiten waarvoor zij zijn aangemeld. De Commissie maakt eveneens een lijst van toezichtautoriteiten openbaar. De lidstaten verstrekken de Commissie alle benodigde informatie om deze lijsten bij te houden."

 

5. Artikel 9, lid 1, derde alinea van Richtlijn 99/36/EG komt als volgt te luiden:

 

"De Commissie maakt de lijst van erkende instanties openbaar, onder vermelding van de toegekende identificatienummers en de activiteiten waarvoor zij zijn aangemeld. De Commissie zorgt voor de bijwerking van deze lijst."

 

6. In artikel 16, lid 1 van Richtlijn 2000/9/EG, in artikel 20, lid 1 van Richtlijn 2001/16/EG en in artikel 8, lid 1 van Verordening (EG) nr. 552/2004 worden de woorden "De Commissie maakt ... bekend in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen" vervangen door de woorden "De Commissie maakt ... openbaar."

Motivering

Het opnemen in de verordening van bepalingen betreffende de aangemelde instanties en hun identificatienummers zal voor onmiddellijke rechtszekerheid zorgen voor de huidige praktische toepassing van de aanmeldingsprocedure. Dit vergt evenwel specifieke wijzigingen in de tekst van de bestaande richtlijnen.

Amendement 33

Artikel 34

De Commissie stelt richtsnoeren op om de tenuitvoerlegging van deze verordening te vergemakkelijken.

De Commissie stelt na overleg met de relevante betrokkenen richtsnoeren op om de tenuitvoerlegging van deze verordening te vergemakkelijken.

Motivering

De Commissie moet bij de opstelling van uitvoeringsrichtsnoeren de betrokkenen raadplegen.

PROCEDURE

Titel

Accreditering en marktbewaking in verband met het in de handel brengen van producten

Document- en procedurenummers

COM(2007)0037 - C6-0068/2007 - 2007/0029(COD)

Commissie ten principale

IMCO

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

ITRE

13.3.2007

 

 

 

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

John Purvis

12.4.2007

 

 

Behandeling in de commissie

26.6.2007

 

 

 

Datum goedkeuring

2.10.2007

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

44

0

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jan Březina, Philippe Busquin, Jerzy Buzek, Jorgo Chatzimarkakis, Silvia Ciornei, Pilar del Castillo Vera, Lena Ek, Nicole Fontaine, Adam Gierek, Umberto Guidoni, András Gyürk, Fiona Hall, David Hammerstein, Rebecca Harms, Mary Honeyball, Ján Hudacký, Romana Jordan Cizelj, Anne Laperrouze, Pia Elda Locatelli, Eluned Morgan, Angelika Niebler, Reino Paasilinna, Miloslav Ransdorf, Vladimír Remek, Mechtild Rothe, Paul Rübig, Andres Tarand, Radu Ţîrle, Patrizia Toia, Claude Turmes, Nikolaos Vakalis, Alejo Vidal-Quadras, Dominique Vlasto

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Alexander Alvaro, Pilar Ayuso, Ivo Belet, Manuel António dos Santos, Avril Doyle, Robert Goebbels, Françoise Grossetête, Erika Mann, John Purvis, Bernhard Rapkay, Silvia-Adriana Ţicău, Vladimir Urutchev, Lambert van Nistelrooij

(1)

Nog niet in het PB gepubliceerd.


PROCEDURE

Titel

Accreditatie en markttoezicht betreffende het in de handel brengen van producten

Document- en procedurenummers

COM(2007)0037 - C6-0068/2007 - 2007/0029(COD)

Datum indiening bij EP

14.2.2007

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

IMCO

13.3.2007

Medeadviserende commissie(s)

       Datum bekendmaking

INTA

13.3.2007

ENVI

13.3.2007

ITRE

13.3.2007

JURI

13.3.2007

Geen advies

       Datum besluit

JURI

18.6.2007

 

 

 

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

André Brie

20.3.2007

 

 

Behandeling in de commissie

7.5.2007

27.6.2007

16.7.2007

12.9.2007

 

2.10.2007

5.11.2007

21.11.2007

 

Datum goedkeuring

27.11.2007

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

39

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Charlotte Cederschiöld, Gabriela Creţu, Mia De Vits, Janelly Fourtou, Vicente Miguel Garcés Ramón, Evelyne Gebhardt, Malcolm Harbour, Anna Hedh, Iliana Malinova Iotova, Pierre Jonckheer, Kurt Lechner, Lasse Lehtinen, Toine Manders, Arlene McCarthy, Nickolay Mladenov, Catherine Neris, Bill Newton Dunn, Zita Pleštinská, Zuzana Roithová, Heide Rühle, Leopold Józef Rutowicz, Christel Schaldemose, Andreas Schwab, Alexander Stubb, Eva-Britt Svensson, Marianne Thyssen, Horia-Victor Toma, Jacques Toubon

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Emmanouil Angelakas, André Brie, Wolfgang Bulfon, Colm Burke, Giovanna Corda, András Gyürk, Filip Kaczmarek, Manuel Medina Ortega, Ieke van den Burg, Anja Weisgerber

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 178, lid 2)

Ingo Friedrich, Toomas Savi, Samuli Pohjamo

Datum indiening

4.12.2007

Juridische mededeling - Privacybeleid