Procedure : 2007/0196(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0257/2008

Ingediende teksten :

A6-0257/2008

Debatten :

PV 08/07/2008 - 12
CRE 08/07/2008 - 12

Stemmingen :

PV 09/07/2008 - 5.10
CRE 09/07/2008 - 5.10
Stemverklaringen
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0347

VERSLAG     ***I
PDF 577kWORD 1512k
13.6.2008
PE 400.700v02-00 A6-0257/2008

over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas

(COM(2007)0529 – C6‑0317/2007 – 2007/0196(COD))

Commissie industrie, onderzoek en energie

Rapporteur: Romano Maria La Russa

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie economische en monetaire zaken
 ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas

(COM(2007)0529 – C6‑0317/2007 – 2007/0196(COD))

(Medebeslissingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2007)0529),

–   gelet op artikel 251, lid 2, artikel 47, lid 2, en de artikelen 55 en 95 van het EG­Verdrag, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C6‑0317/2007),

–   gelet op artikel 51 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie industrie, onderzoek en energie en de adviezen van de Commissie economische en monetaire zaken en de Commissie interne markt en consumentenbescherming (A6‑0257/2008),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in dit voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

Amendement  1

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) Momenteel kan het recht om aardgas te verkopen in een andere lidstaat onder gelijke voorwaarden en zonder discriminatie of achterstelling echter niet worden gewaarborgd voor elke onderneming in de Gemeenschap. Met name bestaat een niet-discriminerende netwerktoegang en een gelijk effectief niveau van regelgevend toezicht nog niet in elke lidstaat aangezien het huidige wetgevingskader niet volstaat.

(3) Momenteel kan het recht om aardgas te verkopen in een andere lidstaat onder gelijke voorwaarden en zonder discriminatie of achterstelling echter niet worden gewaarborgd voor alle ondernemingen in alle lidstaten. Met name bestaat een niet-discriminerende netwerktoegang en een gelijk effectief niveau van regelgevend toezicht nog niet in elke lidstaat aangezien het huidige wetgevingskader niet volstaat.

Motivering

De formulering die de Commissie voorstelt, wekt de indruk dat de mededingingsproblemen die de Commissie wil aanpakken, in alle lidstaten van de EU bestaan.

Amendement  2

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) Zonder een effectieve scheiding van netwerken van productie- en leveringsactiviteiten blijft het inherente risico van discriminatie bestaan, niet alleen bij de exploitatie van de netwerken, maar ook wat de stimulansen voor verticaal geïntegreerde bedrijven betreft om op toereikende wijze in hun netwerken te investeren.

(5) Zonder een effectieve scheiding van netwerken van productie- en leveringsactiviteiten blijft er een risico van discriminatie bestaan, niet alleen bij de exploitatie van de netwerken, maar ook wat de stimulansen voor verticaal geïntegreerde bedrijven betreft om op toereikende wijze in hun netwerken te investeren.

Amendement 3

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)

Amendement

 

(5 bis) De lidstaten dienen samenwerking op regionaal niveau te bevorderen en het netwerk op dat niveau op doeltreffendheid te controleren. Verschillende lidstaten hebben reeds een voorstel voor de verwezenlijking van dit doel ingediend.

Motivering

De bevordering van samenwerking op regionaal niveau en de verplichting om toe te zien op de doeltreffendheid van het netwerk zijn van groot belang voor de totstandbrenging van een echter interne markt en grensoverschrijdende samenwerking.

Amendement  4

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) De momenteel geldende juridische en functionele ontvlechtingsregels hebben niet geleid tot een effectieve ontvlechting van de transmissiesysteembeheerders. Op zijn vergadering van 8 en 9 maart 2007 in Brussel heeft de Europese Raad de Commissie verzocht om wetgevingsvoorstellen uit te werken voor een daadwerkelijke scheiding tussen leverings- en productiediensten, enerzijds, en de netwerkexploitatie, anderzijds.

(6) De momenteel geldende juridische en functionele ontvlechtingsregels hebben nog niet geleid tot een effectieve ontvlechting van de transmissiesysteembeheerders in elke lidstaat, hetgeen ten dele te wijten is aan gebrekkige uitvoering van de bestaande Gemeenschapswetgeving. Op zijn vergadering van 8 en 9 maart 2007 in Brussel heeft de Europese Raad de Commissie verzocht om wetgevingsvoorstellen uit te werken voor een daadwerkelijke scheiding tussen leverings- en productiediensten, enerzijds, en de netwerkexploitatie, anderzijds.

Motivering

Vermeld dient te worden dat één van de redenen voor de tekortschietende werking van de Europese energiemarkten is gelegen in de ontoereikende uitvoering van de huidige regelgeving, zoals ook is onderstreept in de paragrafen 151 tot 153 en 478 van het verslag van 10 januari 2007 over het sectoronderzoek.

Amendement  5

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 bis) Eventuele toekomstige systemen voor ontkoppeling moeten doeltreffend zijn bij het wegnemen van eventuele belangenconflicten tussen producenten en transmissiesysteembeheerders, ten einde prikkels te creëren voor de nodige investeringen en de toegang van nieuwkomers op de markt in het kader van een transparant, efficiënt regelgevingsregime te waarborgen, en zij mogen voor nationale regelgevingsinstanties geen lastig en bezwaarlijk stelsel van regelgeving opleveren dat moeilijk en kostbaar zou zijn in de tenuitvoerlegging.

Motivering

In te voeren systemen moeten doeltreffend en eenvoudig zijn. De nodige investeringen zullen worden gedaan als er geen belangenconflicten zijn tussen de stroomproducenten en de transmissiesysteembeheerders.

Amendement  6

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 7 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7 ter) Gas wordt voornamelijk en in toenemende mate uit derde landen in de Europese Unie ingevoerd. In Gemeenschapswetgeving moet rekening worden gehouden met de specifieke integratie van de gassector in de wereldmarkt, met inbegrip van de verschillen in de stroomopwaartse en stroomafwaartse markten.

Motivering

Zowel het Europees Parlement als de Europese Raad hebben gevraagd voldoende rekening te houden met de verschillen tussen elektriciteit en gas.

Amendement  7

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Aangezien ontvlechting van de eigendom in sommige gevallen een herstructurering van de bedrijven vergt, moeten de lidstaten extra tijd krijgen om de relevante bepalingen toe te passen. Gezien de verticale kruisverbanden tussen de elektriciteits- en de gassector gelden de ontvlechtingsbepalingen bovendien voor beide sectoren samen.

(8) Aangezien ontvlechting van de eigendom in sommige gevallen een herstructurering van de bedrijven vergt, moeten de lidstaten die besluiten tot ontvlechting van de eigendom over te gaan, extra tijd krijgen om de relevante bepalingen toe te passen. Gezien de verticale kruisverbanden tussen de elektriciteits- en de gassector gelden de ontvlechtingsbepalingen bovendien voor beide sectoren samen.

Motivering

De nieuwe formulering geeft aan dat ontvlechting van de eigendom slecht één mogelijkheid is.

Amendement  8

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 8 bis (nieuw)

 

Amendement

(8 bis) De lidstaten kunnen desgewenst de bepalingen van deze richtlijn inzake de effectieve en efficiënte scheiding van transmissiesystemen en transmissiesysteembeheerders toepassen. Deze scheiding is effectief voorzover zij de onafhankelijkheid van de transmissiesysteembeheerders helpt waarborgen en zij is efficiënt voor zover zij voor een beter aangepast regelgevingskader zorgt dat waarborgen biedt voor eerlijke concurrentie, voldoende investeringen, toegang voor nieuwkomers op de markt en de integratie van de aardgasmarkten. Zij berust op een pijler met organisatorische maatregelen en maatregelen inzake het bestuur van transmissiesysteembeheerders en op een pijler met maatregelen op het gebied van investeringen, de aansluiting van nieuwe productiecapaciteiten op het net en marktintegratie door middel van regionale samenwerking. Zij sluit aan bij de voorwaarden die de Europese Raad op 8 en 9 maart 2007 in Brussel gesteld heeft.

Motivering

Dankzij de effectieve en efficiënte scheiding van transmissiesystemen en transmissiesysteembeheerders (tsb's) kan de onafhankelijkheid van de tsb's worden gewaarborgd met maatregelen die verenigbaar zijn met de nationale grondwetten, het evenredigheidsbeginsel en het vrije verkeer van kapitaal. In combinatie met maatregelen om de investeringen en de marktintegratie te stimuleren, wordt hiermee een globaal antwoord gegeven en in de richtlijn moet dit daarom aan de lidstaten worden voorgesteld.

Amendement  9

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 8 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter) De lidstaten dienen regionale samenwerking te bevorderen en de mogelijkheid te krijgen een regionale coördinator aan te wijzen die is belast met de bevordering van de dialoog tussen bevoegde nationale autoriteiten. Bovendien dienen te gepasten tijde op doeltreffende wijze nieuwe energiecentrales op het netwerk te worden aangesloten.

Motivering

Het derde "energiepakket" is van groot belang voor de afronding van het Europese liberaliseringsproces in de energie- en de gassector en voor de waarborging van een werkelijk transparante en open interne markt.

Amendement  10

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 8 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quater) Teneinde een correcte tenuitvoerlegging van deze richtlijn te waarborgen dient de Commissie de lidstaten te ondersteunen die hierbij met problemen te kampen hebben.

Motivering

In sommige lidstaten valt nog te bezien welk effect het tweede energiepakket zal sorteren; het tweede pakket wordt daar op grond van bijzondere nationale omstandigheden nog niet correct uitgevoerd of gehandhaafd.

Amendement  11

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) De aanwijzing van systeembeheerders die onafhankelijk zijn van productie- en leveringsbelangen, maakt het voor verticaal geïntegreerde bedrijven mogelijk om hun eigendom van netwerkactiva te handhaven en tegelijkertijd een effectieve scheiding van de belangen te bewerkstelligen op voorwaarde dat de onafhankelijke systeembeheerder alle functies van een netwerkbeheerder vervult en er is voorzien in gedetailleerde regelgevings- en toezichtsmechanismen.

(10) De aanwijzing van systeembeheerders die onafhankelijk zijn van productie- en leveringsbelangen, maakt het voor verticaal geïntegreerde bedrijven mogelijk om hun eigendom van netwerkactiva te handhaven en tegelijkertijd een effectieve scheiding van de belangen te bewerkstelligen op voorwaarde dat de onafhankelijke systeembeheerder alle functies van een netwerkbeheerder vervult of een efficiënte en effectieve ontvlechting tot stand wordt gebracht en er is voorzien in gedetailleerde regelgevings- en toezichtsmechanismen.

Motivering

Er moet een alternatieve methode worden geïntroduceerd om de onafhankelijkheid van transmissiesysteembeheerders binnen geïntegreerde bedrijven te waarborgen.

Amendement  12

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Wanneer een onderneming die eigenaar is van een transmissiesysteem deel uitmaakt van een verticaal geïntegreerd bedrijf, moeten de lidstaten daarom de keuze krijgen tussen, hetzij ontvlechting van de eigendom, hetzij, als afwijking, het aanwijzen van systeembeheerders die onafhankelijk zijn van productie- en leveringsbelangen. De volledige doeltreffendheid van de oplossing van een onafhankelijke systeembeheerder moet worden gewaarborgd met behulp van specifieke aanvullende regels. Teneinde de belangen van de aandeelhouders van verticaal geïntegreerde bedrijven te vrijwaren, moeten de lidstaten de keuze hebben ontvlechting van de eigendom in te voeren, hetzij via directe desinvestering, hetzij via splitsing van de aandelen van het geïntegreerde bedrijf in aandelen in het netwerkbedrijf en aandelen in de resterende productie- en leveringsactiviteiten, mits wordt voldaan aan de eisen ten gevolge van ontvlechting van de eigendom

(11) Wanneer een onderneming die eigenaar is van een transmissiesysteem deel uitmaakt van een verticaal geïntegreerd bedrijf, moeten de lidstaten daarom de keuze krijgen uit drie mogelijkheden: ontvlechting van de eigendom, aanwijzing van een onafhankelijke systeembeheerder of doeltreffende en efficiënte ontvlechting.

Motivering

De lidstaten dienen de keuze te hebben uit drie mogelijkheden voor de ontvlechting van het transmissienetwerk: ontvlechting van de eigendom, het model van de onafhankelijke systeembeheerder, doeltreffende en efficiënte ontvlechting. Alle drie de opties zijn even geschikt om een niet-discriminerende toegang tot het systeem te garanderen, belangenconflicten binnen de geïntegreerde onderneming op te lossen en investeringen in het netwerk te stimuleren.

Amendement  13

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11 bis) Om de concurrentie op de interne markt voor gas te versterken, moeten niet-huishoudelijke klanten hun leveranciers kunnen kiezen en gasleveringscontracten met diverse leveranciers kunnen afsluiten. Deze consumenten dienen te worden beschermd tegen exclusiviteitsclausules die tot gevolg hebben dat concurrerende en/of aanvullende aanbiedingen uitgesloten worden.

Motivering

De richtlijn moet de consument in staat stellen te profiteren van lagere energieprijzen en moet dus voorkomen dat de huidige marktbeheersende leveranciers exclusiviteitsbepalingen opnemen in de contracten met hun klanten. Als gevolg van exclusiviteitsbepalingen kunnen niet-huishoudelijke klanten niet met meerdere leveranciers in zee gaan, waardoor zij aanzienlijk op hun energierekening zouden besparen.

Amendement  14

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Bij de tenuitvoerlegging van daadwerkelijke ontvlechting moet het beginsel van niet-discriminatie tussen de openbare en de particuliere sector in acht worden genomen. Daartoe mag eenzelfde persoon niet over de mogelijkheid beschikken om enige invloed uit te oefenen, alleen dan wel gezamenlijk, op de samenstelling, stemming of besluitvorming in de organen van zowel de transmissiesysteembeheerders als de gasleveranciers. Mits de lidstaten in kwestie kunnen aantonen dat aan deze eis is voldaan, kunnen twee afzonderlijke overheidsinstanties zeggenschap hebben over enerzijds productie- en leveringsactiviteiten en anderzijds transportactiviteiten.

(12) Bij de tenuitvoerlegging van daadwerkelijke ontvlechting moet het beginsel van niet-discriminatie tussen de openbare en de particuliere sector in acht worden genomen. Daartoe mag eenzelfde persoon niet over de mogelijkheid beschikken om enige invloed uit te oefenen, alleen dan wel gezamenlijk, op de samenstelling, stemming of besluitvorming in de organen van zowel de transmissiesysteembeheerders als de gasleveranciers.

Motivering

Alle overheidsbedrijven ressorteren via een strikte, hiërarchische besluitvormingsketen onder de nationale, regionale c.q. lokale overheid. Gewoonlijk zijn strategische beslissingen van openbare energiebedrijven van belang voor de gehele economie van het land en worden daarom op politiek niveau genomen. Het onderbrengen van eigendom en operationeel beheer bij verschillende instanties van dezelfde overheid is onzin.

Amendement  15

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13) Een volledige scheiding van netwerk- en leveringsactiviteiten moet gelden in het geheel van de Gemeenschap, zodat wordt voorkomen dat ongeacht welke netwerkbeheerder in de Gemeenschap of daarmee gelieerde ondernemingen productie- of leveringsactiviteiten heeft in een lidstaat. Dit moet gelden voor zowel EU- als niet-EU-ondernemingen. Om te waarborgen dat netwerk- en leveringsactiviteiten in het geheel van de Europese Unie gescheiden worden gehouden, moeten de regelgevende instanties de bevoegdheid krijgen de certificatie te weigeren van transmissiesysteembeheerders die niet in overeenstemming zijn met de ontvlechtingsregels. Om een samenhangende toepassing in het geheel van de Gemeenschap en de naleving van de internationale verplichtingen van de Gemeenschap te waarborgen, moet de Commissie het recht krijgen de door de regelgevende instanties genomen certificeringsbesluiten te herzien.

Een scheiding van netwerk- en leveringsactiviteiten moet gelden in het geheel van de Gemeenschap. Dit moet gelden voor zowel EU- als niet-EU-ondernemingen. Om te waarborgen dat netwerk- en leveringsactiviteiten in het geheel van de Europese Unie gescheiden worden gehouden, moeten de regelgevende instanties de bevoegdheid krijgen de certificatie te weigeren van transmissiesysteembeheerders die niet in overeenstemming zijn met de ontvlechtingsregels. Om een samenhangende toepassing in het geheel van de Gemeenschap en de naleving van de internationale verplichtingen van de Gemeenschap te waarborgen, moet het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregelgevers (het Agentschap) het recht krijgen de door de regelgevende instanties genomen certificeringsbesluiten te herzien.

Amendement  16

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) Het veilig stellen van de energievoorziening is een essentieel element voor de openbare veiligheid en is daarom inherent verbonden met de efficiënte functionering van de gasmarkt in de EU. Gas kan de EU-burgers slechts bereiken via netwerken. Functionerende gasmarkten en met name de netwerken en andere activa die met de levering van gas verbonden zijn, zijn essentieel voor de openbare veiligheid, het concurrentievermogen van de economie en het welzijn van de burgers van de Gemeenschap. Onverlet haar internationale verplichtingen is de Gemeenschap van oordeel dat de sector van het gastransmissiesysteem van groot belang is voor de Gemeenschap en dat dus extra vrijwaringsmaatregelen vereist zijn met betrekking tot de invloed van derde landen teneinde alle bedreigingen voor de openbare orde in de Gemeenschap en het welzijn van haar burgers te voorkomen. Dergelijke maatregelen zijn ook noodzakelijk, met name om de naleving van de regels met het oog op effectieve ontvlechting te waarborgen.

(14) Het veilig stellen van de energievoorziening is een essentieel element voor de openbare veiligheid en is daarom inherent verbonden met de efficiënte functionering van de gasmarkt in de EU en met de integratie van de geïsoleerde markten van de lidstaten. Gas kan de EU-burgers slechts bereiken via netwerken. Functionerende open gasmarkten met daadwerkelijke handelsmogelijkheden en met name de netwerken en andere activa die met de levering van gas verbonden zijn, zijn essentieel voor de openbare veiligheid, het concurrentievermogen van de economie en het welzijn van de burgers van de Gemeenschap. Onverlet haar internationale verplichtingen is de Gemeenschap van oordeel dat de sector van het gastransmissiesysteem van groot belang is voor de Gemeenschap en dat dus extra vrijwaringsmaatregelen vereist zijn met betrekking tot de invloed van derde landen teneinde alle bedreigingen voor de openbare orde in de Gemeenschap en het welzijn van haar burgers te voorkomen. Dergelijke maatregelen zijn ook noodzakelijk, met name om de naleving van de regels met het oog op effectieve ontvlechting te waarborgen.

Amendement  17

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 16 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16 bis) De lidstaten dienen concrete maatregelen te nemen ter ondersteuning van een breder gebruik van biogas en uit biomassa verkregen gas, aan de producenten waarvan niet-discriminerend toegang tot het gasnet moet worden verleend, mits die toegang permanent in overeenstemming is met de relevante technische voorschriften en veiligheidsnormen.

Motivering

Wil de EU haar energiedoelstelling voor 2020 kunnen halen, moeten biogas en uit biomassa verkregen gas actief worden gesteund. Deze steun gaat verder dan maatregelen om de naleving van voorschriften en veiligheidsnormen te waarborgen met het oog op non-discriminatie.

Amendement  18

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18) Om de interne markt goed te laten functioneren, moeten de regelgevende instanties op energiegebied besluiten kunnen nemen over alle relevante regelgevingskwesties en moeten zij volledig onafhankelijk zijn van alle andere publieke of particuliere belangen.

(18) Om de interne markt goed te laten functioneren, moeten de regelgevende instanties op energiegebied besluiten kunnen nemen over alle relevante regelgevingskwesties en moeten zij volledig onafhankelijk zijn van alle andere belangen van publieke of particuliere bedrijven.

Motivering

De regelgevende instanties op energiegebied moeten zich laten leiden door het openbaar belang.

Amendement  19

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 19

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19) De regelgevende instanties op energiegebied moeten de bevoegdheid krijgen om bindende besluiten vast te stellen voor gasbedrijven en effectieve, passende en afschrikwekkende sancties op te leggen aan gasbedrijven die hun verplichtingen niet nakomen. Zij moeten ook de bevoegdheid krijgen om besluiten te nemen, ongeacht de toepassing van de mededingingsregels, over passende maatregelen ter bevordering van een daadwerkelijke mededinging die noodzakelijk is voor een goede werking van de interne markt, alsmede over maatregelen om een hoog niveau van universele en openbare dienstverlening te waarborgen, met inachtneming van marktopenstelling en bescherming van de kwetsbare consument, alsook om te waarborgen dat de maatregelen ter bescherming van de consument volledig ten uitvoer worden gelegd. Deze bepalingen laten de bevoegdheden van de Commissie op het gebied van de toepassing van de mededingingsregels, inclusief het onderzoek naar fusies met een communautaire dimensie, en de regels betreffende de interne markt, zoals het vrije verkeer van kapitaal, onverlet.

(19) De regelgevende instanties op energiegebied moeten de bevoegdheid krijgen om bindende besluiten vast te stellen voor netbeheerders en effectieve, passende en afschrikwekkende sancties op te leggen aan netbeheerders die hun verplichtingen niet nakomen. Zij moeten ook de bevoegdheid krijgen om besluiten te nemen, ongeacht de toepassing van de mededingingsregels, over passende maatregelen inzake de toegang tot netten met het oog op een daadwerkelijke mededinging die noodzakelijk is voor een goede werking van de interne markt, alsmede over maatregelen om een hoog niveau van universele en openbare dienstverlening te waarborgen, met inachtneming van marktopenstelling en bescherming van de kwetsbare consument, alsook om te waarborgen dat de maatregelen ter bescherming van de consument volledig ten uitvoer worden gelegd. Deze bepalingen laten de bevoegdheden van de Commissie op het gebied van de toepassing van de mededingingsregels, inclusief het onderzoek naar fusies met een communautaire dimensie, en de regels betreffende de interne markt, zoals het vrije verkeer van kapitaal, onverlet.

Amendement  20

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 19 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19 bis) De regelgevende instanties op energiegebied en voor de financiële markten moeten samenwerken om elkaar in staat te stellen de respectieve markten te overzien. Zij moeten gemachtigd zijn relevante informatie van de aardgasbedrijven te verkrijgen op basis van passend en toereikend onderzoek, geschillen te beslechten, en doeltreffende sancties op te leggen.

Motivering

Gebrekkige uitvoering van bestaande richtlijnen blijft een punt van zorg. Om een daadwerkelijke openstelling van de interne markt voor gas te bereiken, moeten de nationale regelgevende instanties kunnen samenwerken met andere relevante regelgevende autoriteiten voor een effectief toezicht op de gasmarkt; waar nodig, moeten zij doeltreffende, passende, afschrikkende sancties kunnen opleggen als gasbedrijven niet voldoen aan verplichtingen die in deze richtlijn zijn omschreven.

Amendement  21

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 21 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21 bis) De structurele rigiditeit van de gasmarkt die voortvloeit uit de concentratie van leveranciers, de langetermijncontracten aan de basis van de leveranties en het gebrek aan liquiditeit stroomafwaarts leiden tot een niet-doorzichtige tariefstructuur. Om de kostenstructuur duidelijker te maken, is meer transparantie nodig in de prijsvorming en derhalve dient een handelsverplichting bindend te worden.

Motivering

Teneinde de markttoegang voor nieuwe en kleinere gasbedrijven te vergemakkelijken en voor meer transparantie op de gasmarkt en bij de gasprijzen te zorgen.

Amendement  22

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 22

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(22) Voordat de Commissie richtsnoeren aanneemt waarin voorts de eisen met betrekking tot het bijhouden van gegevens worden omschreven, moeten het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregelgevers en het Comité van Europese effectenregelgevers (CESR) gezamenlijk de kwestie bestuderen en de Commissie van advies dienen over de inhoud van die richtsnoeren. Het Agentschap en het Comité moeten ook samenwerken om verder onderzoek te verrichten en advies te verlenen over de vraag of transacties in gasleveringscontracten en aardgasderivaten vóór en/of na de transactie moeten worden onderworpen aan transparantie-eisen en, wanneer dat het geval is, wat dan de inhoud van die eisen moet zijn.

Schrappen

Motivering

Zie motivering bij amendement op artikel 24 septies.

Amendement  23

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 23 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23 bis) De openbaredienstverplichtingen en de gemeenschappelijke minimumnormen die daaruit voortvloeien, moeten verder worden versterkt om te waarborgen dat gasdiensten toegankelijk zijn voor het publiek en voor kleine en middelgrote ondernemingen.

Motivering

Het is van het grootste belang dat de prijs voor de toegang tot de gasinfrastructuur niet onbetaalbaar is voor huishoudens en KMO's die voor hun energie aangewezen zijn op die dienstverlening.

Amendement  24

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 23 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23 ter) De lidstaten moeten zorgen voor de installatie van individuele slimme meters, zoals bedoeld in Richtlijn 2006/32/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2006 betreffende energie-efficiëntie bij het eindgebruik en energiediensten1, teneinde de consumenten nauwkeurige informatie te geven over hun energieverbruik en te zorgen voor eindgebruikersefficiëntie.

_____________

 

PB L 114 van 27.4.2006, blz. 64.

Motivering

Slimme meters geven de consumenten een beter inzicht in hun effectieve gasverbruik en dragen derhalve bij tot een voorzichtiger gasverbruik.

Amendement  25

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 23 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 quater) De consumenten moeten in deze richtlijn centraal staan. Bestaande rechten van consumenten moeten worden versterkt en gewaarborgd, en dienen meer transparantie en behartiging van belangen te omvatten. Consumentenbescherming houdt in dat alle afnemers moeten profiteren van een concurrerende markt. De rechten van consumenten dienen door nationale regelgevende instanties te worden gehandhaafd door het creëren van prikkels voor en het opleggen van sancties aan ondernemingen die niet voldoen aan de regelgeving op het gebied van consumentenbescherming en mededinging.

Motivering

De rechten van de consumenten moeten worden versterkt en zij moeten in het energiebeleid van de EU centraal staan.

Amendement  26

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 24

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(24) Teneinde bij te dragen tot de continuïteit van de energievoorziening en een geest van solidariteit tussen de lidstaten te handhaven, met name in gevallen van onderbreking van de energievoorziening, is het belangrijk te voorzien in een kader voor regionale solidariteit en samenwerking.

(24) Teneinde bij te dragen tot de continuïteit van de energievoorziening en een geest van solidariteit te handhaven, moeten de lidstaten, met name in gevallen van onderbreking van de energievoorziening, nauw samenwerken. Richtlijn 2004/67/EG van de Raad van 26 april 2004 betreffende maatregelen tot veiligstelling van de aardgasvoorziening1 moet hiervoor als basis dienen.

_________

 

1 PB L 127 van 29.4.2004, blz. 92.

Motivering

In Richtlijn 2004/67/EG worden bepaalde aspecten van de contnuïteit van de voorziening uitgebreid behandeld.

Amendement  27

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 25

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25) Met het oog op de totstandbrenging van een interne markt voor aardgas moeten de lidstaten de integratie van hun nationale markten en de samenwerking van de netwerkbeheerders op Europees en regionaal niveau bevorderen.

(25) Met het oog op de totstandbrenging van een interne markt voor aardgas moeten de lidstaten de integratie van hun nationale markten en de samenwerking van de netwerkbeheerders op Europees en regionaal niveau bevorderen. Initiatieven gericht op regionale integratie zijn een essentiële tussenstap bij de totstandbrenging van integratie van de energiemarkten van de Gemeenschap, hetgeen het einddoel blijft. Het regionale niveau draagt bij aan een versnelling van het integratieproces door de betrokken actoren, met name de lidstaten, de nationale regelgevende instanties en de transmisssiesysteembeheerders, in de gelegenheid te stellen bij specifieke kwesties samen te werken.

Motivering

Regionale initiatieven zijn een constructieve tussenstap die het mogelijk maakt de werking van de interne gasmarkt te verbeteren. Door de tsb's en de nri in staat te stellen de toegang en de regels in de betrokken regio te harmoniseren of zelfs een regionale transmissiestructuur tot stand te brengen, dragen deze initiatieven bij tot een efficiëntere werking van het net en vergemakkelijken zij de grensoverschrijdende handel en investeringen.

Amendement  28

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 25 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25 bis) De ontwikkeling van een echt voor de hele gemeenschap bestemd leidingnet dient de doelstelling van deze richtlijn te zijn en met het oog daarop moeten regelgevingsvraagstukken met betrekking tot grensoverschrijdende koppelingen en regionale markten onder de verantwoordelijkheid van het Agentschap vallen.

Motivering

Om ervoor te zorgen dat grensoverschrijdende koppelingen en regionale markten op een duidelijke, transparante en niet-discriminerende manier worden ontwikkeld en beheerd, dienen zij door het Agentschap te worden gereguleerd.

Amendement  29

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 27 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(27 bis) De lidstaten dienen met de betrokken sociale partners de gevolgen van wijziging van Richtlijn 2003/55/EG, met name de verschillende modellen om de onafhankelijkheid van de transmissiesysteembeheerders te waarborgen, voor de werkgelegenheid, de arbeidsvoorwaarden en de informatie-, consultatie- en medezeggenschapsrechten van de werknemers te bestuderen, teneinde de negatieve consequenties te beperken.

Motivering

De ervaring leert dat nieuwe regelgeving gevolgen heeft voor de betrokken werknemers in de sector, zoals bijvoorbeeld is aangetoond in het in 2007 voor de Commissie opgestelde rapport over de werkgelegenheidseffecten van de openstelling van de stroom- en gasmarkt.

Amendement  30

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 32

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(32) Wat Richtlijn 2003/55/EG betreft, moet met name aan de Commissie de bevoegdheid worden verleend om de richtsnoeren vast te stellen die vereist zijn voor het bewerkstelligen van de minimale harmonisatie om de doelstelling van deze richtlijn te kunnen bereiken. Aangezien dergelijke maatregelen van algemene aard zijn en ontworpen zijn om niet-essentiële elementen van Richtlijn 2003/55/EG aan te vullen met nieuwe niet-essentiële elementen, moeten zij worden vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG.

schrappen

Amendement  31

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 1 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(-1) Artikel 1, lid 2 komt als volgt te luiden:

 

"2. De bij deze richtlijn vastgestelde voorschriften voor aardgas, waartoe ook vloeibaar aardgas (LNG) behoort, zijn tevens op niet-discriminerende wijze van toepassing op biogas en uit biomassa verkregen gas, voorzover het technisch mogelijk en veilig is dergelijke gassen te injecteren in en te transporteren via het aardgassysteem."

(Toevoeging van verduidelijking in artikel 1, lid 2 van Richtlijn 2003/55/EG)

Motivering

Ervan uitgaande dat aan de technische en chemische veiligheidsdrempels voor de diverse gassen is voldaan, moet het nondiscriminatiebeginsel met betrekking tot de toegang tussen de gassen van verschillende bronnen worden benadrukt.

Amendement  32

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter -a (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(-a) punt 3 wordt vervangen door:

 

“3. "transmissie": het transport van aardgas door een net dat vooral bestaat uit hogedrukpijpleidingen, met uitzondering van een upstreampijpleidingnet en van het gedeelte van hogedrukpijpleidingen dat in de eerste plaats voor lokale aardgasdistributie wordt gebruikt, met het oog op de belevering van afnemers, de levering zelf niet inbegrepen;"

Motivering

De huidige definitie van "transmissie" in Richtlijn 2003/55/EG verschilt van de definitie van "transmissie" in Verordening 1775/2005. In dit amendement wordt de definitie in de richtlijn aangepast aan die in de verordening.

Amendement  33

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter -a bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(-a bis) punt 9 wordt vervangen door:

 

"9. "opslaginstallatie": installatie die wordt gebruikt voor de opslag van aardgas en eigendom is van en/of geëxploiteerd wordt door een aardgasbedrijf, met inbegrip van het gedeelte van LNG-installaties dat voor opslag gebruikt wordt, maar met uitzondering van het gedeelte dat uitsluitend in gebruik is voor productiedoeleinden en met uitzondering van installaties die uitsluitend ten dienste staan van transmissiesysteembeheerders bij de uitoefening van hun functies;"

Motivering

De formulering moet worden aangescherpt om te voorkomen dat opslagsysteembeheerders stellen dat, aangezien het grootste deel van hun installatie voor productiedoeleinden wordt gebruikt, deze daarom niet mag vallen onder het systeem van gereguleerde of onderhandelde toegang voor derden.

Amendement  34

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter -a ter (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 14

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(-a ter) punt 14 wordt vervangen door:

 

"14. "ondersteunende diensten": diensten die nodig zijn voor de toegang tot en de exploitatie van transmissie- en/of distributienetten en/of LNG-installaties en/of opslaginstallaties, met inbegrip van het opvangen van fluctuaties in systeembelasting, menging en de injectie van inerte gassen, maar uitgezonderd installaties die uitsluitend ten dienste staan van transmissiesysteembeheerders bij de uitoefening van hun functies;"

(Wijziging van artikel 2, punt 14 van Richtlijn 2003/55/EG)

Motivering

De formulering moet zodanig worden aangescherpt dat "menging" niet alle betrekking heeft op het vermengen van aardgasstromen, maar ook stikstofinjectie omvat, de belangrijkste methode voor de omzetting van gas met een hoge calorische waarde (H-gas) in gas met een lage calorische waarde (L-gas). Gegeven het feitelijke monopolie op de markt voor L-gas, is de toegang tot kwaliteitsconversie essentieel om voor concurrentie te zorgen.

Amendement  35

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter -a quater (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 17

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(-a quater) punt 17 wordt vervangen door:

 

"17. "interconnector": gaspijpleiding over lange afstand die een grens tussen lidstaten overschrijdt of overspant met hoofdzakelijk als bedoeling de nationale transmissiesystemen van die lidstaten onderling te koppelen;"

Motivering

De huidige definitie is misschien geschikt voor connectoren in elektriciteitsnetten, maar er bestaan met uitzondering van leidingen door de zee geen gaspijpleidingen die uitsluitend bedoeld zijn om twee lidstaten onderling te koppelen.

Amendement  36

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b

Artikel 2 – punt 36 – alinea 2 (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Ter wille van de duidelijkheid houdt het feit dat een bedrijf met belangen in leverings- of productieactiviteiten een langetermijntransportcontract heeft, op zich geen zeggenschap over een transmissiesysteem in.

Motivering

Om langetermijncontracten op het gebied van levering of productie uit te sluiten van het concept "zeggenschap", omdat het nodig is deze meerjarencontracten die typisch zijn voor de gassector en niet voor de elektriciteitssector, te beschermen.

Amendement  37

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b bis) het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"36 bis. "geïsoleerde markt": een lidstaat die niet over een interconnectie met de nationale transmissiesystemen van andere lidstaten beschikt en/of waarvan de gasvoorziening wordt gecontroleerd door een persoon of personen uit een derde land;"

Amendement  38

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b ter (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b ter) het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"36 ter. "project van Europees belang": een gasinfrastructuurproject dat ertoe leidt dat de Gemeenschap kan beschikken over gas uit nieuwe bronnen, en dat in meer dan één lidstaat resulteert in een sterkere diversifiëring van de huidige gasleveringen;"

Motivering

In Europa neemt de vraag naar transmissiecapaciteit toe en investeringen in nieuwe infrastructuur zijn daarom van essentieel belang. Een goed ontwikkelde infrastructuur is cruciaal voor echte Europese concurrentie op de gasmarkt. Daarom moeten "projecten van Europees belang" worden aangewezen en de daarvoor vereiste strategische en politieke besluiten worden genomen.

Amendement 39

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b quater (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 quater (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b quater) het volgende punt wordt toegevoegd:

 

36 quater. "eerlijke en niet scheefgetrokken concurrentie op een open markt": gemeenschappelijke kansen en gelijke toegang voor alle aanbieders in de Europese Unie waarvoor de Nationale Regelgevende Instanties van de lidstaten en het Agentschap verantwoordelijk zullen zijn;"

Amendement  40

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b quinquies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 quinquies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(b quinquies) het volgende punt wordt toegevoegd:

"36 quinquies. "energiearmoede": het feit dat een huishouden het zich niet kan permitteren zijn woning tot een aanvaardbare temperatuur te verwarmen, uitgaande van de door de Wereldgezondheidsorganisatie aanbevolen niveaus;"

Motivering

Als gevolg van het ontbreken van een definitie worden in veel lidstaten officieel geen gegevens verzameld betreffende het aantal burgers dat te maken heeft met energiearmoede. Wanneer er een gemeenschappelijke definitie wordt ingevoerd zullen de lidstaten zich bewust zijn van de omvang van het probleem en worden zij aangemoedigd om maatregelen te nemen. Deze definitie, die is gebaseerd op onderzoek van een groep Europese wetenschappers, maakt een berekening mogelijk die in de hele EU kan worden toegepast. De doelgroep bestaat uit huishoudens met een laag inkomen, die naar verhouding meer voor hun energie betalen.

Amendement  41

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b sexies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 sexies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b sexies) het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"36 sexies. "betaalbare prijs": een prijs die door de lidstaten op nationaal niveau in overleg met de nationale regelgevende instanties, de sociale partners en relevante belanghebbenden wordt vastgesteld, met inachtneming van de definitie van energiearmoede in punt 36 quinquies;"

Motivering

Wat een betaalbare prijs is, moet op het niveau van de lidstaten worden vastgesteld, omdat het hierbij duidelijk om subsidiariteit gaat.

Amendement  42

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b septies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 septies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b septies) het volgende punt wordt toegevoegd:

 

"36 septies. "industrielocatie": een geografisch gebied in particulier eigendom met een aardgasleidingnet dat in de eerste plaats is bestemd voor gasleveringen aan de industriële afnemers op die locatie;"

Motivering

Tegenwoordig hoeven exploitanten van energiekoppelnetten op industrielocaties niet te voldoen aan een reeks verplichtingen inzake de exploitatie van het koppelnet in alle lidstaten van de EU. Voor deze gang van zaken bestaat er geen duidelijke rechtsgrondslag van de EU. Door de EU-wetgeving moeten de lidstaten officieel in staat worden gesteld uitzonderingsregelingen voor industrielocaties mogelijk te maken, daar de juridische zekerheid hierdoor zou worden gewaarborgd. De gedifferentieerde behandeling van industrielocaties is van belang daar hierdoor evenredige initiatieven worden gewaarborgd zonder dat de doelen van de liberalisering in gevaar worden gebracht. Door dit amendement komen de rechten van eindgebruikers op industrielocaties niet in gevaar. Als regel wordt aan slechts een gering aantal eindgebruikers (minder dan 50) vanaf industrielocaties geleverd.

Amendement  43

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) Artikel 3, lid 2 komt als volgt te luiden:

 

"2. Met volledige inachtneming van de toepasselijke bepalingen van het Verdrag, met name artikel 86, mogen de lidstaten in het algemeen economisch belang aan bedrijven die in de gassector actief zijn verplichtingen inzake openbare dienstverlening opleggen, die betrekking kunnen hebben op de zekerheid, met inbegrip van voorzienings- en leveringszekerheid, regelmaat en kwaliteit [...], en milieubescherming, waaronder energie-efficiëntie en klimaatbescherming. [...]"

(Toevoeging van nieuwe elementen aan artikel 3, lid 2 van Richtlijn 2003/55/EG)

Motivering

Door de verwijzing naar de prijs van leveringen te verplaatsen van de overwegingen inzake openbaredienstverplichtingen naar de overwegingen inzake kwestbare afnemers, wil het amendement bereiken dat maatregelen die betrekking hebben op de prijs van leveringen, zich richten op de meest kwestbare consumenten. Door een gerichtere formulering moet het uiteindelijke resultaat ten goede komen aan hen die als consument het meest behoefte hebben aan bescherming.

Amendement  44

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 ter (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 ter) Artikel 3, lid 3, wordt vervangen door:

 

"3. De lidstaten nemen passende maatregelen om eindafnemers te beschermen en om een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen en waarborgen in het bijzonder een passende bescherming van kwetsbare afnemers, met inbegrip van passende maatregelen, waaronder gespreide betaling, om hen te helpen voorkomen dat zij worden afgesloten. [...]"

(Toevoeging van nieuwe elementen aan artikel 3, lid 3, van Richtlijn 2003/55/EG)

Motivering

Door de verwijzing naar de prijs van leveringen te verplaatsen van de overwegingen inzake openbaredienstverplichtingen naar de overwegingen inzake kwestbare afnemers, wil het amendement bereiken dat maatregelen die betrekking hebben op de prijs van leveringen, zich richten op de meest kwestbare consumenten. Door een gerichtere formulering moet het uiteindelijke resultaat ten goede komen aan hen die als consument het meest behoefte hebben aan bescherming.

Amendement  45

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 quater (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quater) In artikel 3 wordt onderstaand lid ingelast:

 

"3 bis. De lidstaten nemen passende maatregelen om energiearmoede in het kader van nationale actieplannen aan te pakken om te waarborgen dat het aantal mensen dat te maken heeft met energiearmoede in reële cijfers daalt, en delen dergelijke maatregelen mee aan de Commissie. Iedere lidstaat is overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel verantwoordelijk voor de definitie van energiearmoede op nationaal niveau, in overleg met regelgevende instanties en belanghebbenden overeenkomstig artikel 2 (36 quinquies). Deze maatregelen kunnen voordelen in de stelsels van sociale zekerheid omvatten, steun aan verbeteringen van het doelmatige energiegebruik en energieproductie tegen de laagst mogelijke prijzen, en zij belemmeren de openstelling van de markt als uiteengezet in artikel 23 niet. De Commissie verschaft richtsnoeren voor controle van de gevolgen van dergelijke maatregelen voor de energiearmoede en het functioneren van de markt.

Amendement  46

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 quinquies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quinquies) In artikel 3 wordt het volgende lid ingelast:

 

"3 ter. De lidstaten zorgen ervoor dat alle afnemers het recht hebben door een leverancier - mits deze toestemt - te worden beleverd, ongeacht de lidstaat waar deze als leverancier is geregistreerd. In dit verband nemen de lidstaten alle noodzakelijke maatregelen om tre waarborgen dat ondernemingen die in een ander land als leveranciers zijn geregistreerd, aan hun burgers kunnen leveren, zonder aan verdere voorwaarden te moeten voldoen."

Motivering

Leveranciers worden in de diverse lidstaten met uiteenlopende voorwaarden voor de belevering van klanten geconfronteerd; deze verschillende marktregels vormen aanzienlijke belemmeringen voor de toegang tot de markt. Om een onbeperkte toegang tot de markt mogelijk te maken, moet het oorsprongslandbeginsel worden toegepast.

Amendement  47

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 sexies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 sexies) In artikel 3 wordt lid 4 vervangen door de onderstaande tekst:

"4. De lidstaten nemen passende maatregelen ter verwezenlijking van de doelstellingen inzake sociale en economische samenhang, waardoor de kosten van aan huishoudens met een laag inkomen geleverd gas dalen en voor de afnemers in afgelegen gebieden dezelfde voorwaarden worden gewaarborgd, alsook de doelen van milieubescherming. Deze maatregelen omvatten maatregelen inzake doelmatig energiegebruik/beheersmaatregelen aan vraagzijde en middelen ter bestrijding van klimaatverandering en de voorzieningszekerheid, en eventueel in het bijzonder toereikende economische stimulansen omvatten, zo nodig met gebruikmaking van alle bestaande nationale en communautaire instrumenten, voor onderhoud en aanleg van de noodzakelijke netinfrastructuur, inclusief koppelingscapaciteit."

Amendement  48

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 septies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 septies) In artikel 3 wordt het volgende lid ingevoegd:

 

"4 bis. Om efficiënt energiegebruik te bevorderen machtigen de nationale regelgevende instanties de aardgasbedrijven tot het invoeren van prijsformules die stijgen naarmate het verbruik toeneemt, en die ervoor zorgen dat afnemers en exploitanten van distributiestelsels in systeemoperaties actief deelnemen door de invoering te steunen van maatregelen die gericht zijn op optimalisering van het gebruik met name in de piekuren. Door deze prijsformules worden, in combinatie met de invoering van slimme meters en koppelnetten, het doelmatig energiegebruik en de laagst mogelijke kosten voor huishoudelijke afnemers bevorderd, met name huishoudelijke afnemers die gebukt gaan onder energiearmoede. "

Amendement  49

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 octies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 5 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 octies) In artikel 3 wordt het volgende lid ingevoegd:

 

"5 bis. De uitvoering van deze richtlijn mag geen negatieve gevolgen hebben voor de werkgelegenheid, de arbeidsvoorwaarden en de informatie-, consultatie- en medezeggenschapsrechten van de betrokken werknemers. De lidstaten raadplegen de betrokken sociale partners over de uitvoering van eventuele wijzigingen in deze richtlijn, om de negatieve gevolgen voor de betrokken werknemers te beperken. De Commissie brengt aan de comités voor de sociale dialoog in de gas- en de elektriciteitssector verslag uit over het overleg en de genomen maatregelen."

(Toevoeging van een nieuw lid na lid 5 van artikel 3 van Richtlijn 2003/55/EG)

Motivering

Er zijn waarborgen nodig om de betrokken werknemers in de sector te beschermen tegen ongunstige effecten als gevolg van de openstelling van de stroom- en gasmarkt. Om mogelijke negatieve gevolgen te beperken, is het van belang dat hierover met de sociale partners wordt gesproken.

Amendement  50

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 2

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) In artikel 3 wordt het volgende lid 7 toegevoegd:

Schrappen

"7. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen voor de tenuitvoerlegging van dit artikel. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3."

 

Amendement  51

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 2 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 4 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) Artikel 4, lid 2, wordt vervangen door:

 

“2. Lidstaten met een toestemmingsregeling leggen objectieve en niet-discriminerende criteria vast waaraan moet worden voldaan door een bedrijf dat een aanvraag voor de bouw en/of exploitatie van aardgasinstallaties of een aanvraag voor het leveren van aardgas indient. De lidstaten hebben geenszins het recht de toestemming te binden aan criteria die de bevoegde autoriteiten discretionaire bevoegdheden verlenen. De niet-discriminerende criteria en procedures voor het verlenen van toestemming worden gepubliceerd. De lidstaten dragen er zorg voor dat in de vergunningsprocedures voor installaties, pijpleidingen en aanverwante uitrusting rekening wordt gehouden met het belang van het project voor de interne energiemarkt."

(Wijziging van de formulering van artikel 4, lid 2, van Richtlijn 2003/55/EG)

Motivering

Een groot obstakel voor de voltooiing van de interne markt voor energie is het ontbreken van voldoende infrastructuur. In veel lidstaten kunnen projecten voor de aanleg van nieuwe of de verbetering van bestaande infrastructuur als gevolg van problemen met de vergunningsprocedures niet binnen een redelijke termijn worden uitgevoerd.

Amendement  52

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 5 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Teneinde een veilige voorziening van de interne markt voor aardgas te waarborgen, werken de lidstaten samen om de regionale en bilaterale solidariteit te bevorderen.

1. Teneinde een veilige voorziening van de interne markt voor aardgas te waarborgen, werken de lidstaten samen om de regionale en bilaterale solidariteit te bevorderen, zonder de marktdeelnemers onevenredig te belasten.

Motivering

Er moet voor worden gezorgd dat de solidariteitsakkoorden de markt niet verstoren en dat de prijssignalen effectief blijven, met name in perioden van grote vraag.

Amendement  53

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 5 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Europese Commissie wordt geïnformeerd over deze samenwerking.

3. De Europese Commissie, de andere lidstaten en de marktdeelnemers worden geïnformeerd over deze samenwerking.

Motivering

Om te zorgen voor de eerbiediging van de principes van goede regelgevingspraktijk en transparantie met betrekking tot de regels/richtsnoeren voor deze samenwerking en wederzijdse hulp.

Amendement  54

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 bis – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren voor regionale solidariteit en samenwerking aannemen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Deze maatregelen gaan de grenzen van de comitologie te buiten. Het gaat niet om een eenvoudige uitvoeringsmaatregel en evenmin is er sprake van "niet-essentiële elementen". Het is de rol van de Commissie volgens de geschikte besluitvormingsprocedure het adequate regelgevingskader voor regionale solidariteit en samenwerking te ontwikkelen.

Amendement  55

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 ter

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten werken onderling samen met het doel hun nationale markten, ten minste op regionaal niveau, te integreren. Met name moedigen de lidstaten de samenwerking van netwerkbeheerders op regionaal niveau aan en bevorderen zij de samenhang van hun wettelijk en regelgevingskader. Het geografische gebied waarop de regionale samenwerking betrekking heeft, moet overeenstemmen met de Commissiedefinitie van geografische gebieden overeenkomstig artikel 2 nonies, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1775/2005."

De regelgevende instanties van de lidstaten werken onderling samen met het doel de marktstructuur te harmoniseren en hun nationale markten, ten minste op één of meer regionale niveaus, te integreren als eerste en tussentijdse stap op weg naar een volledig geliberaliseerde interne markt. Met name moedigen zij de samenwerking van netwerkbeheerders op regionaal niveau aan, en vergemakkelijken zij hun integratie op regionaal niveau meet het doel een mededingingskrachtige interne markt tot stand te brengen door de harmonisatie te vergemakkelijken van hun wettelijk, regelgevings- en technisch kader en vooral door de gaseilanden te integreren die in de Europese Unie nog steeds bestaan. De lidstaten bevorderen eveneens de samenwerking tussen nationale regelgevende instanties op grensoverschrijdend en regionaal niveau."

 

2. Het Agentschap werkt samen met de nationale regelgevende instanties en transportnetbeheerders, overeenkomstig de hoofdstukken III en IV, ter waarborging van de convergentie van regelgevingskaders tussen de regio's met het oog op de totstandbrenging van een concurrerende interne markt. Wanneer het bindende voorschriften voor een dergelijke samenwerking nodig acht, doet het aanbevelingen ter zake. Op regionale markten wordt het Agentschap de bevoegde regelgevende instantie in de sectoren die worden opgesomd in artikel 24 quinquies."

Amendement  56

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 7 – lid 1 – letter b – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) dezelfde persoon niet het recht heeft om

(b) dezelfde persoon niet het recht heeft om individueel of gezamenlijk

Amendement  57

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 1 – letter b – punt i

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(i) direct of indirect zeggenschap uit te oefenen over een bedrijf dat een van de taken in de vorm van productie of levering uitvoert, en direct of indirect zeggenschap uit te oefenen of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een transmissiesysteembeheerder of over een transmissiesysteem,

(i) direct of indirect zeggenschap uit te oefenen over een bedrijf dat een van de taken in de vorm van productie of levering uitvoert, en direct of indirect zeggenschap uit te oefenen of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een transmissiesysteembeheerder,

Amendement  58

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 1 – letter b – punt (ii)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(ii) direct of indirect zeggenschap uit te oefenen over een transmissiesysteembeheerder of over een transmissiesysteem, en direct of indirect zeggenschap uit te oefenen of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een bedrijf dat een van de taken in de vorm van productie of levering uitvoert;

(ii) direct of indirect zeggenschap uit te oefenen over een transmissiesysteembeheerder en direct of indirect zeggenschap uit te oefenen of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een bedrijf dat een van de taken in de vorm van productie of levering uitvoert;

Amendement  59

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 1 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c) dezelfde persoon niet het recht heeft om leden aan te wijzen van de raad van toezicht, van de raad van bestuur of van organen die het bedrijf juridisch vertegenwoordigen, van een transmissiesysteembeheerder of een transmissiesysteem, en op directe of indirecte wijze zeggenschap uit te oefenen over of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een bedrijf dat een van de taken in de vorm van productie of levering uitvoert;

(c) dezelfde persoon niet het recht heeft om leden aan te wijzen van de raad van toezicht, van de raad van bestuur of van organen die het bedrijf juridisch vertegenwoordigen, van een transmissiesysteembeheerder en op directe of indirecte wijze zeggenschap uit te oefenen over of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een bedrijf dat een van de taken in de vorm van productie of levering uitvoert;

Amendement  60

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 1 – letter d bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(d bis) dezelfde persoon niet het recht heeft om het transportnet door middel van een beheerscontract te beheren of op om het even welke andere manier als niet-eigenaar te beïnvloeden, noch op directe of indirecte wijze zeggenschap uit te oefenen over of een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een bedrijf dat een taak van productie of levering uitvoert.

Amendement 61

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. De lidstaten houden toezicht op het proces van de ontvlechting van verticaal geïntegreerde bedrijven en doen de Commissie een voortgangsverslag toekomen.

Amendement  62

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. De in lid 1, onder a), vervatte verplichting wordt geacht te zijn vervuld in een situatie waarin verschillende bedrijven die transmissiesystemen bezitten, een joint venture hebben opgericht die in verscheidene lidstaten optreedt als beheerder van de betrokken transmissiesystemen. Geen andere onderneming mag deel uitmaken van de joint venture, tenzij zij overeenkomstig artikel 9 bis is erkend als onafhankelijke systeembeheerder.

5. De in lid 1, onder a), vervatte verplichting wordt geacht te zijn vervuld in een situatie waarin verschillende bedrijven die transmissiesystemen bezitten, een joint venture hebben opgericht die in verscheidene lidstaten optreedt als beheerder van de betrokken transmissiesystemen.

Amendement 63

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 5 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis. Voor de tenuitvoerlegging van dit artikel wordt de in letters b t.m. d bedoelde persoon, indien dit de lidstaat of een ander overheidsorgaan is, dan wel twee afzonderlijke overheidsorganen, waarvan één zeggenschap heeft over een exploitant van een transmissiesysteem en de andere over een onderneming die productie- of leverantietaken vervult, geacht niet dezelfde persoon of personen te zijn.

Amendement  64

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 4

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 – lid 6 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

6 bis. Indien het transmissiesysteem op de datum van inwerkingtreding van richtlijn ../../EG[tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas] eigendom is van een verticaal geïntegreerde onderneming, kunnen de lidstaten besluiten lid 1 niet toe te passen.

In dat geval

(a) benoemt de lidstaat overeenkomstig artikel 9 een onafhankelijke systeemexploitant, of

(b) leeft de lidstaat het bepaalde in Hoofdstuk IV bis na.

Het kan verticaal geïntegreerde ondernemingen die eigenaar zijn van een transmissiesysteem in geen geval onmogelijk worden gemaakt maatregelen te nemen om te voldoen aan hetgeen in lid 1 bepaald is.

Amendement  65

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 5

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Van lid 1 kan worden afgeweken wanneer met één of verscheidene derde landen een overeenkomst is gesloten waarbij de Gemeenschap partij is.

2. Van lid 1 kan worden afgeweken wanneer met één of verscheidene derde landen een overeenkomst is gesloten die bedoeld is om een gemeenschappelijk kader voor investeringen in de energiesector in te stellen en de energiemarkt van een derde land ook voor binnen de Europese Unie gevestigde bedrijven open te stellen en waarbij de Gemeenschap partij is.

Motivering

Het concept van een overeenkomst tussen de Gemeenschap en derde landen moet worden verduidelijkt, om ervoor te zorgen dat er eenduidig mee wordt verwezen naar een specifieke overeenkomst op het gebied van energie die handhaving van de rechtsstaat zowel op de Europese als op externe markten, wederkerigheid en volledige regels voor de bescherming van investeringen omvat.

Amendement  66

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 5

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 ter – lid 13

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13. De Commissie stelt richtsnoeren vast met een nadere omschrijving van de procedure die moet worden gevolgd voor de toepassing van de leden 6 tot en met 9. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Hierover moet niet door de Commissie in het kader van de comitologieprocedure worden besloten, maar in het kader van de medebeslissing.

Amendement  67

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 5

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 7 ter – lid 13 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13 bis. De procedures in dit artikel, in het bijzonder de beperkingen in lid 2, zijn niet van toepassing op upstreampijpleidingen die alleen bedoeld zijn om de netwerken van landen van herkomst van gasleveringen rechtstreeks te verbinden met een aankomstpunt op het grondgebied van de Gemeenschap, noch op de moderniseringen hiervan.

Motivering

Upstreampijpleidingen die rechtstreeks op het grondgebied van de Gemeenschap aankomen, worden niet aan de certificatieprocedure onderworpen. De ontwikkeling van grote gasproductie- en transportprojecten is gewoonlijk een zaak van internationale consortia waartoe buitenlandse productiebedrijven behoren.

Amendement  68

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 6

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 8 – lid 1 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) beheert, onderhoudt en ontwikkelt onder economische voorwaarden veilige, betrouwbare en efficiënte transmissie-, opslag- en/of LNG-installaties en besteedt daarbij de nodige aandacht aan het milieu en bevordert energie-efficiëntie en onderzoek en ontwikkeling, met name met het oog op de marktpenetratie van hernieuwbare energiebronnen en de verspreiding van technologieën met lage koolstofinhoud.

(a) beheert, onderhoudt en ontwikkelt onder economische voorwaarden veilige, betrouwbare en efficiënte transmissie-, opslag- en/of LNG-installaties om te zorgen voor een open markt voor nieuwkomers en besteedt daarbij de nodige aandacht aan het milieu.

Motivering

De taak van transmissiesysteem-, opslag- en/of LNG-beheerders is een veilige, betrouwbare en efficiënte infrastructuur te garanderen. Doelstellingen die verder gaan dan dat, kunnen niet door beheerders worden gehaald. Zij zijn de verantwoordelijkheid van de lidstaten in kwestie of van andere marktdeelnemers.

Amendement  69

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 6 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 8 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) Artikel 8, lid 3 komt als volgt te luiden:

 

"3. De lidstaten kunnen via hun nationale regelgevende instanties verlangen dat transportnetbeheerders voldoen aan minimumeisen voor het onderhoud en de ontwikkeling van het transmissiesysteem, inclusief interconnectiecapaciteit. De nationale regelgevende instanties moeten ruimere bevoegdheden krijgen om voor consumentenbescherming binnen de Europese Unie te zorgen."

Motivering

Wanneer besluiten over het onderhoud worden genomen moet consumentenbescherming voorop staan, om te verzekeren dat er geen nadelige gevolgen zijn voor eindafnemers. Momenteel behoort het niet tot de bevoegdheden van een groot aantal nationale regelgevende instanties om rekening te houden met de Europese consument, zodat alle besluiten worden genomen met alleen de nationale consument in gedachten, en daarom moet hierin verandering komen om een echte Europese energiemarkt te doen slagen.

Amendement  70

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 8

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 9

Schrappen

Onafhankelijke systeembeheerders

 

1. Wanneer het transmissiesysteem op het tijdstip van inwerkingtreding van deze richtlijn behoort tot een verticaal geïntegreerd bedrijf, kunnen de lidstaten een afwijking van artikel 7, lid 1, toestaan, mits een onafhankelijke systeembeheerder wordt aangewezen door de regelgevende instantie op voorstel van de eigenaar van het transmissiesysteem en na goedkeuring door de Commissie. Een verticaal geïntegreerd bedrijf dat een transmissiesysteem bezit mag in geen geval worden belet maatregelen te treffen om te voldoen aan het bepaalde in artikel 7, lid 1.

 

2. De regelgevende instantie mag uitsluitend een onafhankelijke systeembeheerder aanwijzen en goedkeuren wanneer:

 

(a) de kandidaat-systeembeheerder heeft aangetoond te voldoen aan de eisen van artikel 7, lid 1, onder b) tot en met d);

 

(b) de kandidaat-systeembeheerder heeft aangetoond over de vereiste financiële, technische en personele middelen te beschikken om de in artikel 8 omschreven taken uit te voeren;

 

(c) de kandidaat-systeembeheerder zich ertoe heeft verbonden een door de regelgevende instantie voorgesteld, over tien jaar lopend netwerkontwikkelingsplan uit te voeren;

 

(d) de eigenaar van het transmissiesysteem zich in staat heeft getoond zijn verbintenissen overeenkomstig lid 6 na te komen. In dat verband stelt de eigenaar alle ontwerpen van contractuele regelingen ter beschikking van de kandidaat-systeembeheerder en van alle andere relevante entiteiten;

 

(e) de kandidaat-systeembeheerder zich in staat heeft getoond zijn verbintenissen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1775/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 betreffende de voorwaarden voor toegang tot aardgastransmissienetten* na te komen, inclusief de samenwerking van transmissiesysteembeheerders op Europees en regionaal niveau.

 

3. Ondernemingen die door de regelgevende instantie zijn gecertificeerd omdat zij voldoen aan de eisen van artikel 7 bis en artikel 9, lid 2, worden door de lidstaten goedgekeurd en aangewezen als onafhankelijke systeembeheerders. De certificatieprocedure van artikel 7 ter is van toepassing.

 

4. Wanneer de Commissie een besluit heeft genomen overeenkomstig de procedure van artikel 7 ter en tot de conclusie komt dat de regelgevende instantie haar besluit niet binnen twee maanden naleeft, wijst zij binnen een periode van zes maanden, op voorstel van het Agentschap en na de opinie van de eigenaar van het transmissiesysteem en de transmissiesysteembeheerder te hebben ingewonnen, een onafhankelijke systeembeheerder aan voor een periode van 5 jaar. Op ieder tijdstip kan de eigenaar van het transmissiesysteem de regelgevende instantie verzoeken een nieuwe onafhankelijke systeembeheerder aan te wijzen overeenkomstig de procedure van artikel 9, lid 1.

 

5. Iedere onafhankelijke systeembeheerder is verantwoordelijk voor het verlenen en beheren van toegang van derden tot het net, inclusief het innen van een toegangsheffing en congestielasten voor de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van het transmissiesysteem, en moet ervoor zorgen dat door een afdoende investeringsplanning wordt gewaarborgd dat het systeem op langere termijn in staat is aan een redelijke vraag te voldoen. Wat de ontwikkeling van het netwerk betreft, is de onafhankelijke systeembeheerder verantwoordelijk voor de planning (met inbegrip van de vergunningsprocedure), de bouw en de bestelling van nieuwe infrastructuur. In die zin treedt de onafhankelijke systeembeheerder op als transmissiesysteembeheerder overeenkomstig dit hoofdstuk. De eigenaars van transmissiesystemen mogen niet bevoegd zijn voor het verlenen en beheren van toegang voor derden, noch voor de investeringsplanning.

 

6. De transmissiesysteemeigenaar, ingeval een onafhankelijke systeembeheerder is aangewezen,

 

(a) zorgt voor alle relevante samenwerking met en ondersteuning van de onafhankelijke systeembeheerder voor de uitvoering van zijn taken, inclusief meer bepaald alle relevante informatie;

 

(b) financiert de door de onafhankelijke systeembeheerder geplande en door de regelgevende instantie goedgekeurde investeringen of stemt ermee in dat die investeringen door een betrokken partij, inclusief de onafhankelijke systeembeheerder, worden gefinancierd. De relevante financiële regelingen moeten worden goedgekeurd door de regelgevende instantie. Alvorens deze goedkeuring te geven, raadpleegt de regelgevende instantie de eigenaar van de activa samen met andere betrokken partijen;

 

(c) zorgt voor het dekken van de aansprakelijkheid met betrekking tot de netwerkactiva in zijn bezit die door de onafhankelijke systeembeheerder worden beheerd, met uitzondering van de aansprakelijkheid die verband houdt met de taken van de onafhankelijke systeembeheerder;

 

(d) levert waarborgen teneinde de financiering van netwerkuitbreidingen te vergemakkelijken, met uitzondering van die investeringen waarvoor hij er overeenkomstig punt b) mee heeft ingestemd dat zij door een betrokken partij, inclusief de onafhankelijke systeembeheerder, worden gefinancierd.

 

7. In nauwe samenwerking met de regelgevende instantie, wordt aan de relevante nationale mededingingsautoriteit alle relevante bevoegdheden verleend om naleving door de transmissiesysteemeigenaar van zijn verplichtingen overeenkomstig lid 6 te monitoren.

 

Motivering

Het model van de onafhankelijke systeembeheerder leidt tot bureaucratie en kostbare regelgevingscontrole en is daarom geen bruikbaar alternatief voor volledige ontvlechting van de eigendom.

Amendement  71

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 8

Richtlijn 2003/55/EC

Artikel 9 bis

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 9 bis

Schrappen

Ontvlechting van transmissiesysteemeigenaar en opslagsysteembeheerder

 

1. Wanneer een onafhankelijke systeembeheerder is aangewezen, zijn transmissiesysteemeigenaars en opslagsysteembeheerders die deel uitmaken van een verticaal geïntegreerd bedrijf onafhankelijk, althans wat hun rechtsvorm, organisatie en besluitvorming betreft, van andere, niet met transport en opslag samenhangende activiteiten. Dit artikel geldt uitsluitend voor opslaginstallaties die in technische en/of economische zin noodzakelijk zijn voor een efficiënte toegang voor de levering aan afnemers overeenkomstig artikel 19.

 

2. Teneinde de in lid 1 bedoelde onafhankelijkheid van de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder te waarborgen, gelden de volgende minimumcriteria:

 

(a) de personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder mogen niet deelnemen in bedrijfsstructuren van het geïntegreerde gasbedrijf die direct of indirect verantwoordelijk zijn voor het dagelijkse beheer van de productie, distributie en levering van aardgas;

 

(b) er moeten passende maatregelen worden genomen teneinde ervoor te zorgen dat op zodanige wijze rekening wordt gehouden met de professionele belangen van de personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder dat gewaarborgd is dat zij onafhankelijk kunnen functioneren;

 

(c) de opslagsysteembeheerder heeft effectieve beslissingsbevoegdheid, onafhankelijk van het geïntegreerde gasbedrijf, wat de activa betreft die noodzakelijk zijn voor de exploitatie, het onderhoud, en de ontwikkeling van de opslaginstallaties. Dit sluit het bestaan niet uit van een geschikt coördinatiemechanisme om te waarborgen dat de economische en managementstoezichtsrechten van het moederbedrijf ten opzichte van een dochteronderneming, wat het rendement betreft van de desbetreffende activa, indirect gereguleerd overeenkomstig Artikel 24 quater, lid 4, beschermd worden. Met name moet dit het voor moederbedrijf mogelijk maken het jaarlijkse financieringsplan van de opslagsysteembeheerder, of een gelijkwaardig instrument, goed te keuren en algemene maximumgrenzen op te leggen voor de schuldgraad van de dochteronderneming. Het moederbedrijf kan echter geen instructies geven voor het dagelijks beheer van de opslagfaciliteit, noch inzake specifieke besluiten betreffende de bouw of modernisering van opslaginstallaties die niet verder gaan dan het goedgekeurde financieringsplan, of een gelijkwaardig instrument;

 

(d) de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder moeten een conformiteitsprogramma vaststellen met maatregelen om te waarborgen dat discriminerend gedrag is uitgesloten en moet waarborgen dat de naleving daarvan op adequate wijze wordt gemonitord. In dit programma moeten de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van die doelstelling worden omschreven. De persoon of de instantie die belast is met de monitoring van het conformiteitsprogramma moet bij de regelgevende instantie jaarlijks een verslag indienen waarin de genomen maatregelen worden uiteengezet. Dit verslag moet worden gepubliceerd.

 

3. De Commissie kan richtsnoeren uitwerken om een volledige en effectieve naleving door de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder van lid 2 van dit artikel te waarborgen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

 

Motivering

Het model van de onafhankelijke systeembeheerder leidt tot bureaucratie en kostbare regelgevingscontrole en is daarom geen bruikbaar alternatief voor volledige ontvlechting van de eigendom.

Amendement  72

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 10 – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

"2 bis. Bij de vaststelling van commercieel gevoelige informatie worden objectieve en transparante criteria gehanteerd."

Motivering

Transparantie binnen de interne gasmarkt is voordelig wanneer dit de werking van de markt ondersteunt. Alle bijkomende vereisten op het vlak van het delen van gegevens moeten de vertrouwelijkheid van commercieel gevoelige informatie eerbiedigen en niet in strijd zijn met het mededingingsrecht.

Amendement  73

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 12 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(9 bis) Artikel 12, lid 1 komt als volgt te luiden:

 

"1. Elke distributiesysteembeheerder draagt de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat het systeem op lange termijn blijft voldoen aan een redelijke vraag voor de distributie van aardgas, en beheert, onderhoudt en ontwikkelt op economische voorwaarden in zijn gebied een veilig, betrouwbaar en efficiënt distributiesysteem en besteedt daarbij de nodige aandacht aan het milieu en aan de bevordering van de energie-efficiëntie."

Motivering

De dsb's moeten dezelfde verantwoordelijkheden hebben als de tsb's om te voldoen aan de geschetste criteria.

Amendement  74

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9 ter (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 12 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(9 bis) Artikel 12, lid 4 komt als volgt te luiden:

 

"4. Elke distributiesysteembeheerder verstrekt aan gebruikers van het systeem de gegevens die zij nodig hebben voor doelmatige toegang tot en gebruik van het systeem.

Amendement  75

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9 quater (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 12 – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(9 quater) Aan artikel 12 wordt onderstaand lid toegevoegd:

 

"4 bis. De distributiesysteembeheerder dient bij de desbetreffende regelgevende instantie binnen een jaar na inwerkingtreding van richtlijn //EG [tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas ] een voorstel in waarin de vereiste informatie- en communicatiesystemen worden beschreven die ten uitvoer moeten worden gelegd voor het verstrekken van de in lid 4 bedoelde gegevens.

Dit voorstel vergemakkelijkt o.m. het gebruik van bidirectionele elektronische meters , die binnen tien jaar na inwerkingtreding van die richtlijn aan alle gebruikers ter beschikking moeten worden gesteld, de actieve deelname van eindgebruikers en verspreide producenten aan de exploitatie van systemen en de uitwisseling van real-time informatie tussen exploitanten van distributie- en transmissiesystemen met het oog op optimaal gebruik van alle beschikbare productie-, netwerk en vraagfaciliteiten.

Amendement  76

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9 quinquies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 12 – lid 4 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(9 quinquies) In artikel 12 wordt onderstaand lid ingevoegd:

 

"4 ter. Binnen twee jaar na inwerkingtreding van richtlijn //EG [tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas ] keuren de nationale regelgevende instanties de in lid 4 bis genoemde voorstellen goed of verwerpen deze. De nationale regelgevende instanties zien toe op volledige interoperabiliteit van de ten uitvoer te leggen informatie- en communicatiesystemen. Te dien einde kunnen zij richtsnoeren doen uitgaan en verzoeken om wijziging van de in lid 4 bis bedoelde voorstellen."

Amendement  77

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9 sexies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 12 – lid 4 quater (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(9 sexies) In artikel 12 wordt onderstaand lid ingevoegd:

 

"4 quater. Voordat de exploitant van het distributiesysteem in kennis wordt gesteld van haar besluit inzake het in lid 4 bis bedoelde voorstel, stelt de nationale regelgevende instantie het Agentschap, of, indien dit nog niet fungeert, de Commissie daarvan op de hoogte. Het Agentschap of de Commissie zien erop toe dat de ten uitvoer te leggen informatie- en communicatiesystemen de ontwikkeling van de interne markt voor aardgas vergemakkelijken en geen nieuwe technische belemmeringen opwerpen.

Amendement  78

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 9 septies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Hoofdstukken IV bis en IV ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

9 bis. Hoofdstuk IV bis, artikelen 12 bis t/m 12 decies en hoofdstuk IV ter, artikel 12 undecies worden ingelast:

 

"HOOFDSTUK IV BIS

Onafhankelijke transmissiebeheerders

 

Artikel 12 bis

 

Toepassingsgebied

 

Dit hoofdstuk is van toepassing wanneer een lidstaat besluit artikel 7, lid 1, niet toe te passen overeenkomstig artikel 7, lid 6 bis, en, mits de Commissie instemt, geen onafhankelijke systeembeheerder aanwijst overeenkomstig artikel 9.

 

Artikel 12 ter

 

Activa, uitrusting, personeel en identiteit

 

1. Transmissiesysteembeheerders beschikken over alle menselijke, fysieke en financiële middelen die nodig zijn om hun uit deze richtlijn voortvloeiende verplichtingen na te komen en de reguliere werkzaamheden van transmissie van elektriciteit uit te voeren, mits:

 

a) de activa die nodig zijn voor de reguliere werkzaamheden van transmissie van elektriciteit, waaronder het transmissienetwerk, eigendom zijn van de transmissiesysteembeheerder;

 

b) het personeel dat nodig is voor de reguliere werkzaamheden van transmissie van elektriciteit, met inbegrip van de uitvoering van alle bedrijfstaken, in dienst is van de transmissiesysteembeheerder;

 

c) het verboden is personeel in te huren c.q. te verhuren en diensten te verrichten aan en vanuit andere onderdelen van een verticaal geïntegreerd bedrijf dat productie- of leveringsactiviteiten verricht;

 

d) passende financiële hulpmiddelen voor toekomstige investeringsprojecten en/of de vervanging van bestaande activa tijdig beschikbaar worden gesteld;

 

e) transmissiesysteembeheerders niet dezelfde externe aannemers of adviseurs hebben als de verticaal geïntegreerde ondernemingen en zij geen informatietechnologiesystemen of uitrusting, gebouwen en toegangsbeveiligingssystemen mogen delen.

 

2. De reguliere werkzaamheden van de transmissie van elektriciteit omvatten, naast de in artikel 8 genoemde, ten minste de volgende activiteiten:

 

a) vertegenwoordiging van de transmissiesysteembeheerder in contacten met derden en de regelgevende instanties;

 

b) vertegenwoordiging van de transmissiesysteembeheerder in het Europees Netwerk van transmissiesysteembeheerders;

c) toekennen en beheren van de toegang door derden;

 

d) inning van alle heffingen in verband met het transmissiesysteem met inbegrip van toegangstarieven, balanceringsheffingen voor ondersteunende diensten zoals gasbehandeling, aankoop van diensten (balanceringskosten, voor energieverliezen);

 

e) beheer, onderhoud en ontwikkeling van het transmissiesysteem;

 

f) het uitvoeren van investeringsplanning, zodat het systeem op lange termijn kan voorzien in een redelijke vraag en de leveringszekerheid kan waarborgen;

 

g)opzetten van joint ventures, onder meer met een of meer transmissiesysteembeheerders, gasbeurzen enz., om de totstandkoming van regionale markten te bevorderen of het liberaliseringsproces te versoepelen;

 

h) het verrichten van alle relevante bedrijfsdiensten, waaronder juridische diensten, boekhouding en IT-diensten.

 

3. Transmissiesysteembeheerders hebben als rechtsvorm de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid in de zin van artikel 1 van Richtlijn 68/151/EEG.

 

4. De transmissiesysteembeheerder sticht, wat betreft de identiteit van het bedrijf, communicatie, merken en gebouwen, geen verwarring aangaande de afzonderlijke identiteit van het verticaal geïntegreerde bedrijf.

 

5. De boekhouding van transmissiesysteembeheerders wordt gecontroleerd door ten minste één auditor die niet dezelfde is als de auditor die het verticaal geïntegreerde bedrijf of een deel ervan controleert.

 

Artikel 12 quater

 

Onafhankelijkheid van de transmissiesysteembeheerder

 

1. Onverminderd de bevoegdheden van de leden van het in artikel 12 sexies bedoelde controleorgaan die door het verticaal geïntegreerde bedrijf worden benoemd, heeft de transmissiesysteembeheerder, onafhankelijk van het verticaal geïntegreerde bedrijf, daadwerkelijk rechten in verband met de besluitvorming aangaande de activa die nodig zijn voor de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van het netwerk. In het kader van het in artikel 12 sexies genoemde jaarlijkse financiële plan als goedgekeurd door het controleorgaan.

 

2. Dochterondernemingen van het verticaal geïntegreerde bedrijf die functies van productie of levering verrichten, hebben geen directe of indirecte belangen in de transmissiesysteembeheerder. De transmissiesysteembeheerder heeft geen directe of indirecte belangen in een dochteronderneming van het verticaal geïntegreerd bedrijf die functies van productie of levering verricht, en ontvangt van die dochteronderneming geen dividenden of ander financieel voordeel, met uitzondering van de inkomsten uit het gebruik van het netwerk.

 

3. De algehele beheersstructuur en de bedrijfsstatuten van de transmissiesysteembeheerder zorgen ervoor dat de transmissiesysteembeheerder daadwerkelijk onafhankelijk is, zoals bedoeld in dit hoofdstuk. Het verticaal geïntegreerd bedrijf bepaalt direct noch indirect het marktgedrag van de transmissiesysteembeheerder met betrekking tot de dagelijkse activiteiten van de transmissiesysteembeheerder en het beheer van het netwerk, of met betrekking tot activiteiten die nodig zijn voor de voorbereiding van het in artikel 12 octies bedoelde 10-jarige investeringsplan.

 

4. De commerciële en financiële betrekkingen tussen het verticaal geïntegreerd bedrijf en de transmissiesysteembeheerder, met inbegrip van leningen van de transmissiesysteembeheerder aan het verticaal geïntegreerd bedrijf, worden bepaald door de marktvoorwaarden. De transmissiesysteembeheerder houdt gedetailleerde gegevens bij van die commerciële en financiële betrekkingen en stelt die desgevraagd ter beschikking aan de nationale regelgevende instantie.

 

5. De transmissiesysteembeheerder doet de nationale regelgevende instantie op haar verzoek alle commerciële en financiële overeenkomsten met het verticaal geïntegreerd bedrijf toekomen.

 

6. De transmissiesysteembeheerder informeert de nationale regelgevende instantie op verzoek over de in artikel 12 ter, lid 1, punt d) bedoelde financiële middelen die beschikbaar zijn .

 

7. Een onderneming die door de nationale regelgevende instantie gecertificeerd is als een bedrijf dat aan de voorschriften van dit hoofdstuk voldoet, wordt door de betrokken lidstaat goedgekeurd en aangewezen als transmissiesysteembeheerder. De certificeringsprocedure van artikel 7 ter is van toepassing.

8. Doorzichtigheid is verplicht ter waarborging van niet-discriminatie, met name in verband met verwijzingen voor tarieven, diensten in verband met toegang van derden, toewijzing van capaciteit en evenwicht. Verticaal geïntegreerde ondernemingen moeten verplicht afzien van activiteiten die de transmissiesysteembeheerders hinderen bij het nakomen van deze verplichtingen.

 

Artikel 12 quinquies

 

Onafhankelijkheid van personeel en beheer van de transmissiesysteembeheerder

 

1. Besluiten over benoeming en herbenoeming, arbeidsvoorwaarden zoals salariëring en beëindiging van de ambtstermijn van de bestuurders en/of de leden van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder worden genomen door het controleorgaan van de transmissiesysteembeheerder dat is benoemd overeenkomstig artikel 12 septies.

 

2. De identiteit en de voorwaarden voor de duur en de beëindiging van de ambtstermijn van de personen die door het controleorgaan zijn aangewezen voor benoeming of herbenoeming als bestuurder en/of als lid van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder, en de redenen voor het voorgestelde besluit tot beëindiging van een ambtstermijn, worden aan de regelgevende instantie medegedeeld. Deze voorwaarden en de in lid 1 bedoelde besluiten zijn pas bindend als de regelgevende instantie binnen drie weken na de kennisgeving geen bezwaar heeft aangetekend. De nationale regelgevende instantie mag bezwaar aantekenen, als er ernstige twijfel bestaat ten aanzien van de professionele onafhankelijkheid van een kandidaat-bestuurder en/of lid van een bestuursorgaan, of in geval van een voortijdige beëindiging van zijn ambtstermijn, indien er gerede twijfel is aan de rechtvaardiging ervan.

 

3. De bestuurders en/of leden van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder hebben in de vijf jaar voor hun benoeming, direct noch indirect een professionele positie of verantwoordelijkheid, belang of zakelijke betrekkingen gehad met een vestiging van het verticaal geïntegreerd bedrijf dat functies van productie of levering verricht of een onderdeel daarvan of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.

 

4. De bestuurders en/of de leden van de bestuursorganen en de werknemers van de transmissiesysteembeheerder hebben direct noch indirect een andere professionele positie of verantwoordelijkheid, belang of zakelijke betrekkingen met een onderdeel van het verticaal geïntegreerd bedrijf of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.

 

5. De bestuurders en/of de leden van de bestuursorganen en de werknemers van de transmissiesysteembeheerder hebben direct noch indirect een belang bij of een ander financieel voordeel van een onderdeel van het verticaal geïntegreerd bedrijf, anders dan van de transmissiesysteembeheerder. Hun salariëring hangt niet af van andere activiteiten of resultaten van het verticaal geïntegreerd bedrijf dan die van de transmissiesysteembeheerder.

 

6. Bij de nationale regelgevende instantie kunnen personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer en/of leden van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder daadwerkelijk in beroep gaan tegen een voortijdige beëindiging van hun ambtstermijn.

 

7. Na de beëindiging van hun ambtstermijn binnen de transmissiesysteembeheerder hebben de bestuurders ervan en/of de leden van de bestuursorganen ervan gedurende ten minste vijf jaar geen professionele positie of verantwoordelijkheid, belang of zakelijke betrekkingen in enige vestiging van het verticaal geïntegreerd bedrijf dat functies van productie en levering verricht of bij de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.

 

Artikel 12 sexies

Gevolmachtigde

 

1. Door de regelgevende instantie wordt op voorstel en op kosten van de verticaal geïntegreerde onderneming een onafhankelijk gevolmachtigde benoemd. De gevolmachtigde handelt uitsluitend in het wettige belang van de verticaal geïntegreerde onderneming met het oog op behoud van de waarde van de activa van de transmissiesysteemexploitant, en beschermt tegelijkertijd de onafhankelijkheid van de exploitant van het transmissiesysteem van de verticaal geïntegreerde onderneming. In het kader van de uitoefening van zijn taken houdt de gevolmachtigde geen rekening met de belangen van de zakelijke productie- en leverantieactiviteiten van de verticaal geïntegreerde onderneming.

2. De gevolmachtigde heeft gedurende een periode van vijf jaar voorafgaande aan zijn benoeming, geen al dan niet rechtstreekse beroepspositie of -verantwoordelijkheid, belang of zakelijke relatie in of met de verticaal geïntegreerde onderneming of enig deel daarvan, of de aandeelhouders met zeggenschap, of met ondernemingen die productie- of leverantietaken uitvoeren.

De voorwaarden van de taakomschrijving van de gevolmachtigde, o.m. de duur, voorwaarden voor beëindiging en de financiële voorwaarden, worden een de regelgevende instantie ter goedkeuring voorgelegd.

Tijdens zijn mandaat mag de gevolmachtigde al dan niet rechtstreeks geen professionele positie of verantwoordelijkheid, belang of zakelijke betrekkingen hebben in of met enig deel van het verticaal geïntegreerd bedrijf of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.

Na beëindiging van zijn mandaat mag de gevolmachtigde gedurende een periode van ten minste vijf jaar al dan niet rechtstreeks geen professionele positie of verantwoordelijkheid, belang of zakelijke betrekkingen hebben in of met enig deel van het verticaal geïntegreerd bedrijf of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.

3. De gevolmachtigde is verantwoordelijk voor:

(a) benoeming, hernieuwde aanstelling en ontslag van de niet in artikel 12 septies, lid 2, letter a) bedoelde leden van het controleorgaan van de transmissiesysteemexploitant, en

(b)de waarneming van zijn stemrecht in het controleorgaan.

 

Artikel 12 septies

Controleorgaan

 

1. De transmissiesysteembeheerder heeft een controleorgaan dat de besluiten neemt die van aanzienlijke invloed kunnen zijn op de waarde van de activa van de aandeelhouders binnen de transmissiesysteembeheerder, met name besluiten aangaande de goedkeuring van het jaarlijks financieringsplan, de schuldenlast van de transmissiesysteembeheerder en de aan de aandeelhouders uitgekeerde dividenden.

 

2. Het controleorgaan bestaat uit:

 

a) leden die het verticaal geïntegreerd bedrijf vertegenwoordigen;

 

b) leden die derde aandeelhouders vertegenwoordigen;

 

c)leden die de transmissiesysteembeheerder vertegenwoordigen;

d) de gevolmachtigde, en

e) indien de desbetreffende wetgeving van de lidstaat zulks vereist, leden die andere belanghebbenden zoals werknemers van de transmissiesysteembeheerder vertegenwoordigen.

 

3. De gevolmachtigde heeft het recht over besluiten die de waarde van de activa van de transmissiesysteembeheerder naar zijn mening aanzienlijk verminderen zijn veto uit te spreken. Bij de beoordeling van een besluit dat de waarde van de activa van de transmissiesysteembeheerder aanzienlijk kan verminderen zijn het financieel jaarprogramma en de schulden van de transmissiesysteembeheerder van bijzondere betekenis. Een dergelijk veto kan door twee derden van de leden van het controleorgaan ongedaan worden gemaakt, en in dat geval is artikel 12 nonies, lid 7 van toepassing.

4. Artikel 12 quinquies, leden 2 t/m 7 zijn van toepassing op de leden van het controleorgaan.

 

Artikel 12 septies

 

Nalevingsprogramma en nalevingsfunctionaris

 

1. De lidstaten zorgen ervoor dat de transmissiesysteembeheerders een nalevingsprogramma opstellen en uitvoeren met maatregelen die waarborgen dat discriminerend gedrag uitgesloten is, en ervoor zorgen dat er adequaat toezicht wordt gehouden op de naleving van het programma. Dit programma bevat de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van die doelstelling. Het moet door de nationale regelgevende instantie worden goedgekeurd. Onverminderd de bevoegdheden van de nationale regelgevende autoriteit wordt het programma gecontroleerd door een onafhankelijke nalevingsfunctionaris.

 

2. Het controleorgaan benoemt een nalevingsfunctionaris. De nalevingsfunctionaris kan een natuurlijke of een rechtspersoon zijn. De leden 2 tot en met 7 van artikel 12 quinquies zijn van toepassing op de nalevingsfunctionaris. De nationale regelgevende instantie kan bezwaar aantekenen tegen de benoeming van een nalevingsfunctionaris vanwege een gebrek aan onafhankelijkheid of een beroepsactiviteit.

 

3. De nalevingsfunctionaris wordt belast met de volgende taken:

 

a) controle op de uitvoering van het nalevingsprogramma;

 

b) opstelling van een jaarverslag betreffende de genomen maatregelen tot uitvoering van het nalevingsprogramma en indiening van dit verslag bij de nationale regelgevende instantie;

 

c) verslaglegging aan het controleorgaan en aanbevelingen doen over het nalevingsprogramma en de uitvoering ervan; en tevens

 

d) verslag uitbrengen aan de nationale regelgevende instantie over de commerciële en financiële betrekkingen tussen het verticaal geïntegreerd bedrijf en de transmissiesysteembeheerder.

 

4. De nalevingsfunctionaris legt de voorgestelde besluiten over het investeringsplan of de individuele investeringen in het netwerk voor aan de nationale regelgevende instantie, en wel uiterlijk op het moment dat het bestuur en/of het bevoegde bestuursorgaan van de transmissiesysteembeheerder deze voorlegt aan het controleorgaan.

 

5. Wanneer het verticaal geïntegreerd bedrijf in een algemene vergadering of met een stemming door de leden van het controleorgaan die het heeft benoemd, de aanneming van een besluit heeft voorkomen met als gevolg dat investeringen in een netwerk voorkomen of uitgesteld worden, meldt de nalevingsfunctionaris dit aan de nationale regelgevende instantie.

 

6. De voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden van de nalevingsfunctionaris worden goedgekeurd door de nationale regulerende instantie en waarborgen de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris.

 

7. De nalevingsfunctionaris brengt regelmatig mondeling of schriftelijk verslag uit aan de nationale regelgevende instantie en heeft het recht om op gezette tijden mondeling of schriftelijk verslag uit te brengen aan het controleorgaan van de transmissiesysteembeheerder.

 

8. De nalevingsfunctionaris mag alle vergaderingen van het bestuur of de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder, van het controleorgaan en de algemene vergadering bijwonen. De nalevingsfunctionaris woont alle vergaderingen bij waarin de volgende punten op de agenda staan:

 

a) voorwaarden voor toegang tot het netwerk als omschreven in Verordening (EG) nr. 1775/2005, met name wat betreft tarieven, toegangsdiensten aan derden, capaciteitstoewijzing, congestiebeheer, transparantie, balancering en secundaire markten;

 

b) projecten om het hoofdnet te exploiteren, te onderhouden en te ontwikkelen, inclusief investeringen in nieuwe transportverbindingen, in het vergroten van de capaciteit en in de optimalisering van de bestaande capaciteit; en tevens

 

c) aankoop en verkoop van energie die nodig is voor de exploitatie van het transmissiesysteem.

 

9. De nalevingsfunctionaris ziet erop toe dat de transmissiesysteembeheerder artikel 10 naleeft.

 

10. De nalevingsfunctionaris heeft toegang tot alle relevante gegevens en de kantoren van de transmissiesysteembeheerder, en tot alle informatie die voor de uitvoering van zijn taken nodig is.

 

11. Het controleorgaan kan de nalevingsfunctionaris ontslaan na voorafgaande kennisgeving aan de nationale regelgevende instantie.

12. De verplichtingen van de transmissiesysteembeheerder en de verticaal geïntegreerde onderneming moeten, met name voor wat betreft commerciële en financiële overeenkomsten tussen transmissiesysteembeheerder en verticaal geïntegreerde onderneming uitsluitend worden gemeld aan de regelgevende autoriteit en zij hoeven niet ter goedkeuring te worden voorgelegd. Benoeming, arbeidsomstandigheden van bestuur en nalevingsfunctionaris moeten aan de regelgevende instantie worden gemeld, maar zij hoeven door de regelgevende instantie niet te worden goedgekeurd.

 

Artikel 12 nonies

 

Netwerkontwikkeling en bevoegdheden om investeringsbeslissingen te nemen

 

1. De transmissiesysteembeheerder legt, na alle belanghebbenden geraadpleegd te hebben, de nationale regelgevende instantie ieder jaar een 10- jarig netwerkontwikkelingsplan voor dat gebaseerd is op het bestaande en te verwachten niveau van vraag en aanbod. Het plan bevat efficiënte maatregelen om de doelmatigheid van het systeem en de continuïteit van de energievoorziening te garanderen.

 

2. Het 10-jarig ontwikkelingsplan voor het netwerk moet met name:

 

a) de marktdeelnemers meedelen wat de belangrijkste transmissie-infrastructuur is die de eerstvolgende tien jaar aangelegd of vernieuwd moet worden;

 

b) alle investeringen bevatten waartoe reeds besloten is en aangeven welke nieuwe investeringen de eerstkomende drie jaar gedaan moeten worden; en tevens

 

c) een tijdschema voor alle investeringsprojecten bevatten.

 

3. Bij de opstelling van het 10-jarig lopende netwerkontwikkelingsplan maakt de transmissiesysteembeheerder redelijke inschattingen aangaande de ontwikkeling van zijn productie, levering, verbruik en uitwisseling met andere landen, rekening houdend met de investeringsplannen voor regionale en EU-netwerken, en met investeringsplannen voor opslag en faciliteiten voor de hernieuwde vergassing van vloeibaar aardgas.

 

4. De regelgevende instantie raadpleegt op een open en transparante wijze alle daadwerkelijke en potentiële netwerkgebruikers over het 10-jarige netwerkontwikkelingsplan. Personen of bedrijven die beweren potentiële gebruikers te zijn, kan worden verzocht die bewering te onderbouwen. Zij maakt het resultaat van de raadpleging bekend, met name de mogelijke behoeften aan investeringen.

 

5. De regelgevende instantie gaat na of het 10-jarige netwerkontwikkelingsplan alle investeringsbehoeften bestrijkt die tijdens de raadpleging zijn opgetekend en of het overeenkomt met het in artikel 2 quater, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1775/2005 bedoelde 10-jarige netwerkontwikkelingsplan van de Gemeenschap. Als betwijfeld wordt of het overeenkomt met het 10-jarige netwerkontwikkelingsplan van de Gemeenschap, raadpleegt de nationale regelgevende instantie het Agentschap. De nationale regelgevende instantie kan eisen dat de transmissiesysteembeheerder zijn plan wijzigt.

 

6. De nationale regelgevende instantie houdt toezicht op en evalueert de uitvoering van het 10-jarige netwerkontwikkelingsplan.

 

7. Ingeval de transmissiesysteembeheerder om andere dan dwingende redenen buiten zijn macht een investering die volgens het 10-jarige netwerkontwikkelingsplan in de eerstvolgende drie jaar uitgevoerd had moeten worden, niet uitvoert, zorgen de lidstaten ervoor dat de nationale regelgevende instantie ten minste een van de volgende maatregelen neemt om te zorgen dat de investering in kwestie wordt gedaan:

 

a) eisen dat de transmissiesysteembeheerder de investering in kwestie uitvoert overeenkomstig het in artikel 12 septies genoemde jaarlijkse financiële plan; of

 

b) voor de investering in kwestie een aanbestedingsprocedure organiseert die openstaat voor alle investeerders.

 

Indien de nationale regelgevende instantie gebruik heeft gemaakt van haar in punt b) genoemde bevoegdheden, kan zij de transmissiesysteembeheerder verplichten in te stemmen met:

 

- financiering door een derde partij;

 

- bouw door een derde partij;

 

- aanleg van de respectieve nieuwe activa;

 

- exploitatie van de respectieve nieuwe activa.

 

De transmissiesysteembeheerder verstrekt de investeerders alle nodige gegevens om de investeringen te verrichten, sluit nieuwe activa aan op het transmissienetwerk en stelt algemeen gesproken alles in het werk om de uitvoering van het investeringsproject te vergemakkelijken.

 

De toepasselijke financieringsregelingen worden voorgelegd aan de nationale regelgevende instantie.

 

8. Indien de nationale regelgevende instantie gebruik heeft gemaakt van haar bevoegdheden uit hoofde van lid 7, dekken de van toepassing zijnde tariefregelingen de kosten van de betrokken investeringen.

 

Artikel 12 decies

 

Beslissingsbevoegdheid voor aansluiting van opslagvoorzieningen, LNG-verdampingsinstallaties en industriële verbruikers op het transmissienet

 

1. De beheerders van transmissiesystemen zijn verplicht om duidelijke en doeltreffende procedures en tarieven voor niet discriminerende aansluiting van opslagvoorzieningen, LNG-verdampingsinstallaties en industriële verbruikers op het netwerk op te stellen en te publiceren. De procedures hebben de goedkeuring van de regelgevende instanties nodig.

2. De beheerders van transmissiesystemen zijn niet gerechtigd om aansluiting van een nieuwe opslagvoorziening, LNG-verdampingsinstallatie of industriële verbruiker te weigeren om reden van mogelijke beperkingen in de beschikbare capaciteit op het netwerk of de extra kosten die met noodzakelijke capaciteitsuitbreiding gemoeid zijn. De beheerder van een transmissiesysteem moet ervoor zorgen dat er voor de nieuwe aansluiting voldoende aan- en afkoppelingscapaciteit voorhanden is.

3. De beheerders van transmissiesystemen zorgen voor toegang tot het net voor derde partijen en begeleiden de toegang, vooral van nieuwe deelnemers op de markt en producenten van biogas onder omstandigheden die de veiligheid van het netwerk niet in gevaar brengen.

Hoofdstuk IV ter

 

Artikel 12 undecies

Verslag

 

1. Het Agentschap verstrekt het Europees Parlement en de Raad uiterlijk [vijf jaar na de inwerkingtreding van richtlijn .../.../EG] een gedetailleerd verslag waarin wordt toegelicht in hoeverre de in dit hoofdstuk vastgestelde ontvlechtingsvoorschriften erin zijn geslaagd de transmissiesysteembeheerders volledig en daadwerkelijk onafhankelijk te maken.

 

2. Bij de in lid 1 bedoelde beoordeling houdt het Agentschap met name rekening met de volgende criteria: eerlijke en niet-discriminerende toegang tot het net, veilige en betrouwbare transmissiesystemen, doeltreffende regulering, de ontwikkeling van investeringen, niet-marktverstorende investeringsstimulansen, de ontwikkeling van interconnectie-infrastructuur en de situatie op het gebied van de leverings- en voorzieningszekerheid in de Gemeenschap.

 

3. In voorkomend geval, en met name ingeval uit het in lid 1 bedoelde gedetailleerd verslag blijkt dat de voorwaarden van lid 2 in de praktijk niet vervuld zijn, doet de Commissie het Europees Parlement en de Raad uiterlijk [zeven jaar na de inwerkingtreding van richtlijn .../.../EG] voorstellen om te zorgen voor volledige en daadwerkelijke onafhankelijkheid van de transmissiesysteembeheerders.

Amendement  79

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 10 – letter c

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 13 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen om volledige en effectieve naleving door de distributiesysteembeheerder van lid 2 van dit artikel te waarborgen, meer bepaald op het gebied van volledige onafhankelijkheid van de distributiesysteembeheerder, de afwezigheid van discriminerend gedrag en het voorkomen dat bij de leveringsactiviteit van het verticaal geïntegreerde bedrijf op oneerlijke wijze voordeel wordt gehaald uit die verticale integratie. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Het is onmogelijk dat de ontvlechtingsbepalingen, die de kern vormen van de bepalingen voor de liberalisering van de energiemarkten, kunnen worden gewijzigd door middel van richtsnoeren. Dit wordt eveneens benadrukt door het feit dat indien de Commissie de bevoegdheid zou hebben om dergelijke richtsnoeren aan te nemen, ze het recht zou hebben om het vennootschapsrecht te beïnvloeden.

Amendement  80

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 12 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 19

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) In artikel 19, lid 1, wordt de volgende alinea toegevoegd:

(12) Artikel 19 wordt vervangen door de volgende tekst:

 

"1. Om de toegang tot opslagvoorzieningen te organiseren als het om technische en/of economische redenen noodzakelijk is om doeltreffende toegang tot het systeem te krijgen om de afnemers te kunnen beleveren, nemen de lidstaten een besluit om voor de gereguleerde toegangsprocedure van par. 4 te kiezen, ofwel voor de toegangsprocedure via onderhandelingen van par. 3. De procedures werken volgens objectieve, doorzichtige en niet discriminerende criteria. De nationale regelgevende instanties houden toezicht op de inachtneming van de criteria.

"De lidstaten stellen criteria vast en maken die bekend op basis waarvan kan worden bepaald of toegang tot opslaginstallaties en leidingbuffer technisch en/of economisch noodzakelijk is voor een efficiënte toegang tot het systeem voor de levering aan afnemers. De lidstaten maken publiek bekend, of verplichten de beheerders van opslag- en transmissiesystemen om dit te doen, welke opslaginstallaties, of welke onderdelen daarvan, en welke leidingbuffer wordt aangeboden overeenkomstig de verschillende procedures van lid 3 en 4."

De nationale regelgevende instanties stellen criteria vast en maken die bekend op basis waarvan de toegangsregeling tot opslaginstallaties kan worden bepaald, waarbij ze er vooral op letten dat er op de betreffende markt wel degelijk concurrentie tussen de opslaginstallaties is en of de organisatie door een onafhankelijke beheerder van de infrastructuur gebeurt die vrije toegang verleent. De nationale regelgevende instanties houden toezicht op de inachtneming van de criteria en maken publiek bekend, of verplichten de beheerders van opslagsystemen om dit te doen, welke opslaginstallaties, of welke onderdelen daarvan, worden aangeboden overeenkomstig de verschillende procedures van lid 3 en 4.

 

2. Lid 1 is niet van toepassing op ondersteunende diensten en tijdelijke opslag van een LNG-installatie en die nodig zijn voor de hervergassing en de daaropvolgende toelevering aan het transmissiesysteem.

 

3. In geval van toegang via onderhandelingen nemen de nationale regelgevende instanties de nodige maatregelen zodat de aardgasbedrijven en belanghebbende afnemers binnen en buiten het grondgebied dat door de onderling gekoppelde systemen bestreken wordt, toegang tot opslagvoorzieningen hebben als het om technische en/of economische redenen noodzakelijk is om doeltreffende toegang tot het systeem te krijgen. De partijen zijn verplicht om te goeder trouw over de toegang tot opslagvoorzieningen te onderhandelen.

 

De contracten die toegang tot opslagvoorzieningen verlenen, worden in onderhandelingen met de beheerders van de opslagsystemen opgesteld. De nationale regelgevende instanties verplichten de beheerders van opslagvoorzieningen om hun voornaamste commerciële voorwaarden voor het gebruik van hun voorzieningen binnen de eerste zes maanden na het van kracht worden van deze richtlijn te publiceren, en vervolgens om het jaar. Bij de uitvoering van de voorwaarden worden de zienswijzen van de gebruikers van het systeem in aanmerking genomen, die het recht hebben om er bij de nationale regelgevende autoriteit bezwaar tegen aan te tekenen.

 

4. In geval van gereguleerde toegang nemen de nationale regelgevende instanties de nodige maatregelen zodat de aardgasbedrijven en belanghebbende afnemers binnen en buiten het grondgebied dat door de onderling gekoppelde systemen bestreken wordt, toegangsrecht tot opslagvoorzieningen hebben volgens gepubliceerde tarieven en/of andere voorwaarden en verplichtingen bij gebruik van de voorzieningen, als het om technische en/of economische redenen noodzakelijk is om doeltreffende toegang tot het systeem te krijgen. Bij de opstelling van de tarieven en andere voorwaarden en verplichtingen worden de zienswijzen van de gebruikers van het systeem in aanmerking genomen, die het recht hebben om er bij de nationale regelgevende autoriteit bezwaar tegen aan te tekenen. Het toegangsrecht van afnemers die er in aanmerking voor komen, kan hun verleend worden in de vorm van de mogelijkheid om leveringscontracten met concurrerende aardgasbedrijven aan te gaan die niet de eigenaar en/of beheerder van het systeem of een aanverwante onderneming zijn.

Amendement  81

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 1 – inleidende zin

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Grote nieuwe gasinfrastructuurprojecten, dat wil zeggen interconnectoren tussen lidstaten, LNG- en opslaginstallaties, kunnen op verzoek voor een beperkte periode worden ontheven van het bepaalde in artikel 7, 18, 19, 20 en 24 quater, lid 4, 5 en 6, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

1. Grote nieuwe gasinfrastructuurprojecten, dat wil zeggen interconnectoren tussen lidstaten, LNG- en opslaginstallaties, kunnen op verzoek voor een bepaalde periode worden ontheven van het bepaalde in artikel 7, 18, 19, 20 en 24 quater, lid 4, 5 en 6, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

Amendement  82

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 1 – letter e bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e bis) Het project is van Europees belang en er wordt ten minste één nationale grens binnen de Europese Unie overschreden.

Motivering

Bij projecten van Europees belang moet ten minste de grens tussen twee lidstaten worden overschreden.

Amendement  83

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het bepaalde in lid 1 is ook van toepassing op een aanzienlijke capaciteitsverhoging van bestaande infrastructuur en op wijzigingen van die infrastructuur die het mogelijk maken nieuwe bronnen voor de levering van gas te ontwikkelen.

2. Het bepaalde in lid 1 is ook van toepassing op elke aanzienlijke capaciteitsverhoging van bestaande infrastructuur en op wijzigingen van die infrastructuur die het mogelijk maken te zorgen voor verhoogde en bijkomende hoeveelheden.

Motivering

Het moet worden verduidelijkt dat niet enkel nieuwe bronnen voor de levering van gas, maar eveneens leveringscontracten (zelfs voor gas van dezelfde bron of hetzelfde land), in overeenstemming moeten zijn met de Europese regelgeving inzake gas. Ze zijn absoluut noodzakelijk voor de continuïteit van de gasvoorziening.

Amendement  84

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 3 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De in hoofdstuk VI bis bedoelde regelgevende instantie kan per geval een besluit nemen over de in de leden 1 en 2 bedoelde ontheffingen. Wanneer de infrastructuur in kwestie gelegen is op het grondgebied van meer dan één lidstaat voert het Agentschap de taken uit waarmee de regelgevende instantie bij dit artikel is belast.

3. De in hoofdstuk VI bis bedoelde regelgevende instantie kan per geval een besluit nemen over de in de leden 1 en 2 bedoelde ontheffingen. Wanneer de infrastructuur in kwestie gelegen is op het grondgebied van meer dan één lidstaat voert het Agentschap de taken uit waarmee de regelgevende instantie bij dit artikel is belast. Het besluit van het Agentschap wordt genomen na voorafgaande raadpleging van de relevante regelgevende instanties en van de aanvrager.

Amendement  85

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 3 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een ontheffing kan gelden voor het geheel of voor gedeelten van de capaciteit van de nieuwe infrastructuur, of van de bestaande infrastructuur met aanzienlijk verhoogde capaciteit.

Een ontheffing kan gelden voor het geheel of enkel voor bepaalde specifieke delen van de capaciteit van de nieuwe infrastructuur, of van de bestaande infrastructuur met aanzienlijk verhoogde capaciteit.

Motivering

De regelgevende instanties en gasbedrijven moeten beide worden geraadpleegd door het Agentschap vooraleer een besluit wordt genomen. Het resultaat van een "open season"-procedure moet de basis vormen voor de toewijzing van capaciteit aan derden die hebben verklaard dat ze zeer geïnteresseerd zijn in de krachtens de procedure aangeboden capaciteit. Tot dusver wordt dergelijke ernstige interesse nog niet verwacht, wat het voor de investeerders lastig maakt om betrouwbare plannen te maken.

Amendement  86

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 3 – alinea 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voordat een ontheffing wordt verleend, kan de regelgevende instantie een besluit nemen over de voorschriften en de mechanismen voor het beheer en de toewijzing van capaciteit. De voorschriften omvatten de eis dat alle potentiële gebruikers van de infrastructuur worden verzocht hun belangstelling voor het inkopen van capaciteit aan te geven alvorens de toewijzing van capaciteit in de nieuwe infrastructuur, inclusief voor eigen gebruik, plaatsvindt. De regelgevende instantie eist dat de voorschriften voor het congestiebeheer de verplichting omvatten om ongebruikte capaciteit op de markt aan te bieden, en eist dat gebruikers van de installatie het recht krijgen de door hen ingekochte capaciteit te verhandelen op de secundaire markt. Bij haar beoordeling van de in lid 1, onder a), b) en c), van dit artikel bedoelde criteria houdt de regelgevende instantie rekening met de resultaten van de capaciteitstoewijzingsprocedure.

Voordat een ontheffing wordt verleend, kan de regelgevende instantie een besluit nemen over de voorschriften en de mechanismen voor het beheer en de toewijzing van capaciteit, die indien nodig mogen worden gewijzigd tijdens de periode waarbinnen de infrastructuur ontheven is van de voornoemde bepalingen, met als doel wijzigingen aan te brengen aan de economische behoeften en de behoeften die relevant zijn voor de markt. De voorschriften omvatten de eis dat alle potentiële gebruikers van de infrastructuur worden verzocht hun belangstelling voor het inkopen van capaciteit aan te geven alvorens de toewijzing van capaciteit in de nieuwe infrastructuur, inclusief voor eigen gebruik, plaatsvindt. De regelgevende instantie eist dat de voorschriften voor het congestiebeheer de verplichting omvatten om ongebruikte capaciteit op de markt aan te bieden, en eist dat gebruikers van de installatie het recht krijgen de door hen ingekochte capaciteit te verhandelen op de secundaire markt. Bij haar beoordeling van de in lid 1, onder a), b) en c), van dit artikel bedoelde criteria houdt de regelgevende instantie rekening met de resultaten van de capaciteitstoewijzingsprocedure, indien derden uitdrukking een vaste toezegging gegeven hebben.

Motivering

De regelgevende instanties en gasbedrijven moeten beide worden geraadpleegd door het Agentschap vooraleer een besluit wordt genomen. Het resultaat van een "open season"-procedure moet de basis vormen voor de toewijzing van capaciteit aan derden die hebben verklaard dat ze zeer geïnteresseerd zijn in de krachtens de procedure aangeboden capaciteit. Tot dusver wordt dergelijke ernstige interesse nog niet verwacht, wat het voor de investeerders lastig maakt om betrouwbare plannen te maken.

Amendement  87

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 4 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) de gedetailleerde redenen op grond waarvan de regelgevende instantie of de lidstaat de ontheffing heeft verleend, met inbegrip van de financiële informatie ter staving van de noodzaak van een ontheffing;

(a) de gedetailleerde redenen op grond waarvan de regelgevende instantie of de lidstaat de ontheffing heeft verleend of geweigerd, samen met de verwijzing naar het specifieke artikel waarop dit besluit is gebaseerd, met inbegrip van de financiële informatie ter staving van de noodzaak van een ontheffing;

Motivering

Een nationale regelgevende instantie moet verplicht worden de redenen voor de weigering van een ontheffing te verklaren, niet enkel voor het verlenen ervan. Het toevoegen van verklaringen in verband met specifieke artikelen en niet enkel met ontheffingen in het algemeen maakt de uitleg van de nri duidelijker.

Amendement  88

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 5 – alinea 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De goedkeuring van een ontheffingsbesluit door de Commissie verliest haar effect twee jaar na de vaststelling daarvan wanneer de bouw van de infrastructuur nog niet van start is gegaan, en na vijf jaar wanneer de infrastructuur nog niet operationeel is geworden.

Een ontheffingsbesluit van de Commissie verliest zijn effect wanneer de infrastructuur nog niet operationeel is geworden binnen vijf jaar na het uitvaardigen van alle nationale en regionale besluiten en vergunningen. tenzij (al naar gelang van het geval) het niet starten van de bouw of het niet-operationeel zijn van de infrastructuur het gevolg is van omstandigheden waarop de persoon aan wie de ontheffing werd verleend geen vat heeft.

Amendement  89

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 5 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

5 bis. De afwijkingen in lid 1 zijn automatisch van toepassing op ontheffingen verleend overeenkomstig dit artikel op de dag van de inwerkingtreding van Richtlijn .../.../EG [tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas]. De voorwaarden voor de goedkeuring van een ontheffing verleend overeenkomstig dit artikel kunnen achteraf niet worden gewijzigd zonder de instemming van alle betrokken partijen.

Motivering

Om ongelijke behandeling van nieuwe investeringen te voorkomen. De voorwaarden voor de goedkeuring van ontheffingen mogen achteraf niet worden gewijzigd, tenzij alle partijen die betrokken zijn bij het verlenen van de ontheffing (de rechthebbende, de nri en de Commissie) hiermee instemmen.

Amendement  90

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. De Commissie kan richtsnoeren aannemen voor de toepassing van de in lid 1 bedoelde voorwaarden en ter omschrijving van de procedure die moet worden gevolgd voor de toepassing van lid 4 en 5. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Met de voorgestelde comitéprocedure wordt de invloed van het Europees Parlement beperkt, waardoor wezenlijke besluiten over de vorm van de interne markt voor energie worden verwijderd uit de regelgevingsprocedure. De regels betreffende het verlenen van TPA-ontheffingen en de regelgeving inzake de ontvlechting met betrekking tot nieuwe infrastructuur zijn te belangrijk om als "technisch" of "niet doorslaggevend" te worden beschouwd. Bijgevolg moeten alle wijzigingen aan dit artikel door middel van de gewone besluitvormingsprocedure worden behandeld, en niet volgens de comitéprocedure.

Amendement  91

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 bis

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Iedere lidstaat wijst één enkele nationale regelgevende instantie aan.

1. Iedere lidstaat wijst één enkele nationale regelgevende instantie aan.

2. De lidstaten waarborgen de onafhankelijkheid van de regelgevende instantie en zorgen ervoor dat zij haar bevoegdheid op onpartijdige en transparante wijze uitoefent. Te dien einde waken de lidstaten erover dat de regelgevende instantie, bij de uitvoering van de regelgevingstaken die haar bij deze richtlijn zijn opgelegd, juridisch gescheiden is en onafhankelijk functioneert van alle andere publieke of particuliere entiteiten en dat haar personeel en de personen die belast zijn met het beheer onafhankelijk zijn van marktbelangen en geen instructies verlangen of ontvangen van regeringen of andere openbare of particuliere entiteiten.

2. De lidstaten waarborgen de onafhankelijkheid van de regelgevende instantie en zorgen ervoor dat zij haar bevoegdheid op onpartijdige en transparante wijze uitoefent. Te dien einde waken de lidstaten erover dat de regelgevende instantie, bij de uitvoering van de regelgevingstaken die haar bij deze richtlijn en aanverwante wetgeving zijn opgelegd:

juridisch gescheiden is en onafhankelijk functioneert van alle andere publieke of particuliere entiteiten en dat haar personeel en de personen die belast zijn met het beheer onafhankelijk zijn van marktbelangen en bij de uitvoering van hun regelgevende taken geen directe instructies verlangen of ontvangen van regeringen of andere openbare of particuliere entiteiten.

3. Om de onafhankelijkheid van de regelgevende instantie te beschermen, waken de lidstaten er met name over dat:

3. Om de onafhankelijkheid van de regelgevende instantie te beschermen, waken de lidstaten er met name over dat:

(a) de regelgevende instantie over rechtspersoonlijkheid en budgettaire autonomie beschikt en de adequate personele en financiële middelen heeft om haar taken uit te voeren;

(a) de regelgevende instantie over rechtspersoonlijkheid en financiële autonomie beschikt en de adequate personele en financiële middelen heeft om haar taken uit te voeren;

(b) het management van de regelgevende instantie is aangewezen voor een niet-hernieuwbare vaste termijn van minimaal vijf jaar, en in die termijn uitsluitend van zijn ambt mag worden ontheven als het niet langer voldoet aan de in dit artikel omschreven voorwaarden of schuldig is geweest aan ernstig wangedrag.

(b) de bestuursleden van de regelgevende instantie aangewezen zijn voor een niet-hernieuwbare vaste termijn van minimaal vijf en maximaal zeven jaar. Voor het eerste mandaat bedraagt de termijn voor de helft van de bestuursleden 2,5 jaar. Ze mogen in die termijn uitsluitend van hun ambt worden ontheven als ze niet langer voldoen aan de in dit artikel omschreven voorwaarden of zich volgens de nationale wet schuldig gemaakt hebben aan ernstig wangedrag.

 

(b bis) de budgettaire behoeften van de regelgevende instanties door de rechtstreekse inkomsten uit werkzaamheden op de energiemarkt gedekt zijn.

Amendement  92

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 ter

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Bij de uitvoering van haar in deze richtlijn omschreven regelgevingstaken neemt de regelgevende instantie alle redelijke maatregelen om de volgende doelstellingen te verwezenlijken:

Bij de uitvoering van haar in deze richtlijn omschreven regelgevingstaken neemt de regelgevende instantie alle redelijke maatregelen om de volgende doelstellingen te verwezenlijken:

(a) de bevordering, in nauwe samenwerking met het Agentschap, de regelgevende instanties van andere lidstaten en de Commissie, van een concurrerende, veiliggestelde en milieuvriendelijke interne gasmarkt binnen de Gemeenschap en van een daadwerkelijke openstelling van de markt voor alle consumenten en leveranciers in de Gemeenschap;

(a) de bevordering, in nauwe samenwerking met het Agentschap, de regelgevende instanties van andere lidstaten en de Commissie, van een concurrerende, veiliggestelde en milieuvriendelijke interne gasmarkt binnen de Gemeenschap en van een daadwerkelijke openstelling van de markt voor alle consumenten en leveranciers in de Gemeenschap, en het waarborgen van een efficiënt en betrouwbaar beheer op lange termijn van de netwerken voor energievoorziening;

(b) de ontwikkeling van concurrerende en goed functionerende regionale markten binnen de Gemeenschap met het oog op het bereiken van de onder a) genoemde doelstelling;

(b) de ontwikkeling van concurrerende en goed functionerende markten binnen de Gemeenschap met het oog op het bereiken van de onder a) genoemde doelstelling;

(c) het opheffen van alle beperkingen voor handel in aardgas tussen de lidstaten, inclusief de ontwikkeling van afdoende grensoverschrijdende transmissiecapaciteit om aan de vraag te voldoen, de integratie van nationale markten te versterken en een ongeremde stroom van aardgas in de Gemeenschap mogelijk te maken;

(c) het opheffen van alle beperkingen voor handel in aardgas tussen de lidstaten, inclusief de ontwikkeling van afdoende grensoverschrijdende transmissiecapaciteit om aan de vraag te voldoen en de integratie van nationale markten te versterken om een ongeremde stroom van aardgas in de Gemeenschap gemakkelijker te maken;

(d) het waarborgen van de ontwikkeling van veilige, betrouwbare en efficiënte systemen, de bevordering van energie-efficiëntie, de aangepastheid van het systeem en onderzoek en ontwikkeling zodat het beter voldoet aan de vraag en de ontwikkeling van innoverende duurzame technologieën met lage koolstofinhoud;

(d) het waarborgen, op de meest kostenefficiënte manier, van de ontwikkeling van klantgerichte, veilige, betrouwbare en efficiënte netsystemen, de bevordering van de aangepastheid van het systeem met inachtneming van energie-efficiëntie en integratie van hernieuwbare energiebronnen op grote en kleine schaal (b.v. biogas), en productiespreiding in zowel het transmissie- als het distributienet;

(d bis) betere toegang tot het net, vooral door de hindernissen weg te nemen die nieuwe ondernemingen op de markt en hernieuwbare energiebronnen de toegang kunnen ontzeggen;

(e) het waarborgen dat de netwerkbeheerders adequate stimulansen krijgen, zowel op korte als op lange termijn, om de efficiëntie van netwerkprestaties te verbeteren en de marktintegratie te versterken;

(e) het waarborgen dat de netwerkbeheerders adequate stimulansen krijgen, zowel op korte als op lange termijn, om de efficiëntie van netwerkprestaties te verbeteren en de marktintegratie te versterken;

(f) het waarborgen van een efficiënte functionering van hun nationale markt en het bevorderen van daadwerkelijke mededinging in samenwerking met de mededingingsautoriteiten.

(f) het waarborgen van voordelen voor de afnemers door een efficiënte functionering van hun nationale markt en het bevorderen van daadwerkelijke mededinging in samenwerking met de mededingingsautoriteiten, en bescherming van de verbruiker.

 

(f bis) hoge kwaliteitsnormen in de openbare dienstverlening voor aardgas, bescherming van kwetsbare verbruikers, en toezicht op de doeltreffendheid van de maatregelen voor de bescherming van de verbruiker in bijlage A

 

(f ter) harmonisering van de nodige werkzaamheden voor de uitwisseling van gegevens.

Amendement  93

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De regelgevende instantie heeft de volgende taken:

1. De regelgevende instantie heeft de volgende taken, die zij, waar nodig, uitvoert in nauwe samenwerking met andere relevante nationale en Europese autoriteiten, transmissienetbeheerders en andere marktdeelnemers, onverlet hun specifieke bevoegdheden:

(a) waarborgen van de naleving door de transport‑ en distributiesysteembeheerders en waar relevant de desbetreffende eigenaars, alsmede door alle aardgasbedrijven, van hun verplichtingen overeenkomstig deze richtlijn en de andere relevante communautaire wetgeving, inclusief bij grensoverschrijdende kwesties;

(a) waarborgen van de naleving door de transport‑ en distributiesysteembeheerders en waar relevant de desbetreffende eigenaars, alsmede door alle aardgasbedrijven, van hun verplichtingen overeenkomstig deze richtlijn en de andere relevante communautaire wetgeving, inclusief bij grensoverschrijdende kwesties;

(b) samenwerken in verband met grensoverschrijdende kwesties met de regelgevende instantie of instanties van de desbetreffende lidstaten;

(b) samenwerken in verband met grensoverschrijdende kwesties met de regelgevende instantie of instanties van de desbetreffende lidstaten en het Agentschap, onder meer om ervoor te zorgen dat er voldoende verbindingscapaciteit tussen de transmissie-infrastructuren is, zodat kan worden voldaan aan de eisen van een efficiënte markt en de criteria met betrekking tot de leveringszekerheid, zonder onderscheid tussen levering in de verschillende lidstaten;

(c) naleven van de besluiten van het Agentschap en de Commissie en toezien op de uitvoering ervan;

(c) naleven van de besluiten van het Agentschap en de Commissie en toezien op de uitvoering ervan;

(d) op jaarlijkse basis verslag uitbrengen over haar activiteit en de uitvoering van haar taken aan de relevante autoriteiten van de lidstaten, het Agentschap en de Commissie. Het verslag heeft betrekking op de genomen maatregelen en behaalde resultaten wat elk van de in dit artikel genoemde taken betreft;

(d) op jaarlijkse basis verslag uitbrengen over haar activiteit en de uitvoering van haar taken aan de relevante autoriteiten van de lidstaten, het Agentschap en de Commissie. Het verslag heeft betrekking op de genomen maatregelen en behaalde resultaten wat elk van de in dit artikel genoemde taken betreft;

(e) erover waken dat er geen kruissubsidies zijn tussen activiteiten met betrekking tot transmissie-, distributie-, opslag-, LNG- en leveringsactiviteiten;

(e) toezicht houden op de naleving van de verplichtingen op het vlak van ontvlechting overeenkomstig deze richtlijn en andere relevante communautaire regelgeving en erover waken dat er geen kruissubsidies zijn tussen activiteiten met betrekking tot transmissie-, distributie-, opslag-, LNG- en leveringsactiviteiten, en zorgen dat de distributie- en transmissietarieven goed van tevoren vastgesteld worden in vergelijking met de periode dat ze van toepassing zijn ;

(f) evalueren van de investeringsplannen van de transmissiesysteembeheerders en in haar jaarverslag een beoordeling geven van het investeringsplan van de transmissiesysteembeheerders wat de samenhang daarvan betreft met het over 10 jaar lopende netwerkontwikkelingsplan op Europese schaal als bedoeld in artikel 2 quater van Verordening (EG) nr. 1775/2005;

(f) evalueren van de investeringsplannen van de transmissiesysteembeheerders en in haar jaarverslag een beoordeling geven van het investeringsplan van de transmissiesysteembeheerders wat de samenhang daarvan betreft met het over 10 jaar lopende netwerkontwikkelingsplan op Europese schaal als bedoeld in artikel 2 quater van Verordening (EG) nr. 1775/2005; het investeringsplan van de transmissiesysteembeheerders moet waarborgen dat de kwaliteit en de omvang van het personeelsbestand voldoende zijn om ervoor te zorgen dat de verplichtingen op het vlak van dienstverlening vervuld zijn; niet-uitvoering van het investeringsplan leidt tot de oplegging aan de transmissiesysteembeheerder, overeenkomstig de door het Agentschap vastgestelde richtsnoeren, van evenredige sancties;

 

(f bis) goedkeuring van de jaarlijkse investeringsplannen van de beheerders van transmissiesystemen

(g) monitoring van de netwerkveiligheid en -betrouwbaarheid en evaluatie van de netwerkveiligheids- en -betrouwbaarheidsregels;

 

(g) monitoring van de inachtneming van netwerkveiligheid en -betrouwbaarheid, vaststelling of goedkeuring van normen en vereisten op het gebied van de kwaliteit van dienstverlening en levering en evaluatie van de prestaties voor de kwaliteit van dienstverlening en levering en de netwerkveiligheids- en -betrouwbaarheidsregels;

(h) monitoring van het niveau van transparantie, waken over de naleving van de transparantieverplichtingen van de aardgasbedrijven;

(h) monitoring van het niveau van transparantie, waken over de naleving van de transparantieverplichtingen van de netwerkbeheerders;

(i) monitoring van het niveau van marktopening en mededinging op groot- en kleinhandelsniveau, inclusief op aardgasbeurzen, tarieven voor huishoudens, overstappercentages, afsluitingspercentages en klachten van particulieren in een overeengekomen formaat, alsook toezicht op vervalsing of beperking van de mededinging in samenwerking met de mededingingsautoriteiten, inclusief de het verstrekken van alle relevante informatie, waarbij relevante gevallen worden voorgelegd aan de relevante mededingingsautoriteiten;

(i) toezicht houden op het vóórkomen van restrictieve contractuele praktijken, met inbegrip van exclusiviteitsbepalingen, die niet-huishoudelijke afnemers kunnen weerhouden van of hen beperkingen kunnen opleggen met betrekking tot een keuze voor het gelijktijdig sluiten van overeenkomsten met meer dan een leverancier; in voorkomende gevallen stellen de nationale regelgevende instanties de nationale mededingingsautoriteiten van dergelijke praktijken in kennis;

(j) monitoring van de tijd die transmissie- en distributiebedrijven nodig hebben om aansluitingen te maken en herstellingen uit te voeren;

(j) monitoring van de tijd die transport- en distributiebedrijven nodig hebben om aansluitingen te maken en herstellingen uit te voeren en de oplegging van sancties overeenkomstig de richtsnoeren van het Agentschap, wanneer deze termijnen zonder aanwijsbare oorzaak worden overschreden;

(k) monitoring en herziening van de voorwaarden voor toegang tot opslag, leidingbuffer en andere ondersteunende diensten als bedoeld in artikel 19;

(k) monitoring van de voorwaarden voor toegang tot opslag, leidingbuffer en andere ondersteunende diensten als bedoeld in artikel 19;

(l) waarborgen, onverlet de bevoegdheden van andere nationale regelgevende instanties, van een hoog niveau van universele en openbare dienstverlening voor aardgas, van de bescherming van kwetsbare klanten en van de effectiviteit van de in bijlage A genoemde maatregelen ter bescherming van de consument;

(l) waarborgen, onverlet de bevoegdheden van andere nationale regelgevende instanties, van een hoog niveau van universele en openbare dienstverlening voor aardgas, van de bescherming van kwetsbare klanten en van de effectiviteit en handhaving van de in bijlage A genoemde maatregelen ter bescherming van de consument;

(m) publiceren van aanbevelingen, ten minste op jaarbasis, betreffende de overeenstemming van de leveringstarieven met artikel 3;

(m) publiceren van aanbevelingen, ten minste op jaarbasis, betreffende de overeenstemming van de leveringstarieven met artikel 3; in deze aanbevelingen wordt de nodige aandacht besteed aan de gevolgen van gereguleerde prijzen (groothandels- en consumentenprijzen) voor de marktwerking;

(n) waarborgen van de toegang van de consument tot verbruiksgegevens, het gebruik van een geharmoniseerd formaat voor verbruiksgegevens en de toegang tot de gegevens overeenkomstig punt h), van bijlage A;

(n) daadwerkelijke en gelijke toegang van de consument tot verbruiksgegevens, met inbegrip van prijzen en alle bijkomende kosten, het gebruik van een gemakkelijk verstaanbaar geharmoniseerd formaat voor de verbruiksgegevens, adequate vooruitbetaling die het reële verbruik weerspiegelt, en onmiddellijke toegang voor alle klanten tot dergelijke gegevens overeenkomstig letter h van bijlage A;

(o) monitoring van de tenuitvoerlegging van regels met betrekking tot de rol en verantwoordelijkheden van de transmissiesysteembeheerders, distributiesysteembeheerders, leveranciers en afnemers en andere marktpartijen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1775/2005;

(o) monitoring van de tenuitvoerlegging van regels met betrekking tot de rol en verantwoordelijkheden van de transmissiesysteembeheerders, distributiesysteembeheerders, leveranciers en afnemers en andere marktpartijen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1775/2005;

 

(o bis) vaststelling of goedkeuring van tarieven voor netwerktoegang en publiceren van de voor de vaststelling van de tarieven toegepaste methodologie;

 

(o ter) verzekeren dat de schommelingen van de prijzen op het niveau van de groothandel transparant zijn;

(p) monitoring van de correcte toepassing van de criteria die bepalen of een opslagfaciliteit onder artikel 19, lid 3 of lid 4, valt.

(p) monitoring van de correcte toepassing van de criteria die bepalen of een opslagfaciliteit onder artikel 19, lid 3 of lid 4, valt.

Amendement  94

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De lidstaten waken erover dat de regelgevende instanties de bevoegdheden krijgen waardoor zij in staat zijn de hen overeenkomstig lid 1 en 2 toevertrouwde taken op een efficiënte en snelle wijze uit te voeren. Daartoe beschikt de regelgevende instantie ten minste over de volgende bevoegdheden:

3. De lidstaten waken erover dat de regelgevende instanties de bevoegdheden krijgen waardoor zij in staat zijn de hen overeenkomstig lid 1 en 2 toevertrouwde taken op een efficiënte en snelle wijze uit te voeren. Daartoe beschikt de regelgevende instantie ten minste over de volgende bevoegdheden:

(a) vaststellen van bindende besluiten voor gasbedrijven;

(a) vaststellen van bindende besluiten voor gasbedrijven;

(b) in samenwerking met de nationale mededingingsautoriteit onderzoeken opzetten over de functionering van de gasmarkten en, wanneer er geen inbreuken op de mededingingsregels zijn, beslissen over passende, noodzakelijke en evenredige maatregelen om een daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede functionering van de markt te waarborgen, inclusief programma's om gas ter beschikking te stellen;

(b) in samenwerking met de nationale mededingingsautoriteit onderzoeken opzetten over de functionering van de gasmarkten en, wanneer er geen inbreuken op de mededingingsregels zijn, beslissen over passende, noodzakelijke en evenredige maatregelen om een daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede functionering van de markt te waarborgen ;

(c) opvragen bij gasbedrijven van informatie die relevant is voor de uitvoering van haar taken;

(c) opvragen bij gasbedrijven van informatie die relevant is voor de uitvoering van haar taken;

(d) opleggen van effectieve, passende en afschrikwekkende sancties aan aardgasbedrijven die zich hun verplichtingen overeenkomstig deze richtlijn of de besluiten van de regelgevende instantie of het Agentschap niet naleven;

(d) opleggen van effectieve, passende en afschrikwekkende sancties aan aardgasbedrijven die hun verplichtingen overeenkomstig deze richtlijn of de besluiten van de regelgevende instantie of het Agentschap niet naleven, of een bevoegde instantie dergelijke sancties voorstellen; de beheerder van een transmissiesysteem of een vertikaal geïntegreerde onderneming, naargelang van het geval, bij niet- inachtneming van hun verplichtingen volgens deze richtlijn boeten tot 10% van hun jaarlijkse omzet opleggen of hun oplegging voorstellen ;

(e) beschikken over het recht om onderzoeken op te zetten en over relevante onderzoeksbevoegdheden voor het beslechten van geschillen overeenkomstig de leden 7 en 8;

(e) beschikken over het recht om onderzoeken op te zetten en over relevante onderzoeksbevoegdheden voor het beslechten van geschillen overeenkomstig de leden 7 en 8;

(f) vaststellen van vrijwaringsmaatregelen als bedoeld in artikel 26.

(f) vaststellen van vrijwaringsmaatregelen als bedoeld in artikel 26.

 

3 bis. Naast de opdrachten en bevoegdheden van de leden 1 en 3 heeft een regelgevende instantie, als een beheerder van een transmissiesysteem volgens hoofdstuk IV bis aangewezen is, minstens nog de volgende opdrachten en bevoegdheden:

 

(a) sancties opleggen, o.a. ook boeten, volgens lid 3 quinquies wegens discriminerend optreden ten voordele van de vertikaal geïntegreerde onderneming;

 

(b) toezicht op het boodschappenverkeer tussen de beheerder van een transmissiesysteem en de vertikaal geïntegreerde onderneming om zich ervan te vergewissen dat de beheerder van het transmissiesysteem zich aan zijn verplichtingen houdt;

 

(c) als arbitragegezag tussen de vertikaal geïntegreerde onderneming en de beheerder van een transmissiesysteem optreden voor elke klacht die volgens lid 7 ingediend wordt;

 

(d) toezicht op commerciële en financiële relaties, o.a. ook leningen, tussen de vertikaal geïntegreerde onderneming en de beheerder van een transmissiesysteem;

 

(e) toezicht op alle commerciële en financiële overeenkomsten voor zover ze aan de voorwaarden van de markt voldoen;

 

(f) de vertikaal geïntegreerde onderneming ter verantwoording roepen na een kennisgeving van de verantwoordelijke voor inachtneming van de voorschriften volgens artikel 12 nonies, lid 4. De verantwoording moet vooral het bewijs omvatten dat er geen discriminerend optreden in het voordeel van de vertikaal geïntegreerde onderneming plaatsgevonden heeft;

 

(g) inspecties op de bedrijfsterreinen en in de bedrijfsruimten van de vertikaal geïntegreerde onderneming en de beheerder van het transmissiesysteem;

 

(h) in geval van aanhoudende overtreding van een verplichting volgens deze richtlijn door de beheerder van een transmissiesysteem, al zijn taken of wel omschreven taken aan een onafhankelijke beheerder toewijzen, die volgens artikel 9 aangewezen wordt, vooral bij herhaald discriminerend optreden in het voordeel van de vertikaal geïntegreerde onderneming;

 

(i) alle informatie van de beheerder van een transmissiesysteem opvragen en rechtstreeks contact met al zijn personeel opnemen; als er twijfel blijft bestaan, geldt hetzelfde recht tegenover de vertikaal geïntegreerde onderneming en haar dochtermaatschappijen;

 

(j) alle nodige inspecties bij de beheerder van een transmissiesysteem, en als er twijfel blijft bestaan, bij de vertikaal geïntegreerde onderneming; artikel 20 van Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad tot uitvoering van de concurrentieregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag is van toepassing;

 

(k) een beheerder van een transmissiesysteem en/of een vertikaal geïntegreerde onderneming die zich niet aan de verplichtingen van dit artikel of een besluit van de nationale regelgevende instantie houdt, daadwerkelijke, juiste en ontradende sancties opleggen; de bevoegdheid omvat het recht:

 

(i) om daadwerkelijke, juiste en ontradende boeten op te leggen die in verhouding tot de omzet van de beheerder van een transmissiesysteem of de vertikaal geïntegreerde onderneming staan;

 

(ii) om instructies te geven die discriminerend optreden herstellen;

 

(iii) om in geval van herhaalde overtreding van de opsplitsings-/ ontvlechtingsbepalingen van dit artikel de vergunning van de beheerder van een transmissiesysteem minstens gedeeltelijk in te trekken.

Amendement  95

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De regelgevende instanties zijn verantwoordelijk voor de vaststelling of goedkeuring, alvorens zij in werking treden, van de voorwaarden voor:

4. De regelgevende instanties zijn verantwoordelijk voor de vaststelling of goedkeuring, alvorens zij in werking treden, van de voorwaarden voor:

(a) de verbinding met en toegang tot nationale netwerken, inclusief de transmissie- en distributietarieven en voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties. Deze tarieven maken de vereiste investeringen in de netwerken en LNG-installaties mogelijk waardoor de levensvatbaarheid van die netwerken en LNG-installaties kan worden gewaarborgd;

(a) de verbinding met en toegang tot nationale netwerken, inclusief de transmissie- en distributietarieven en hun berekeningswijzen, of anders de berekeningswijzen en het toezicht dat ze erop uitoefenen om de transmissie- en distributietarieven vast te stellen en goed te keuren, en de modaliteiten, voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties, ook hun berekeningswijzen, of anders de berekeningswijzen en het toezicht dat ze erop uitoefenen om de tarieven voor de toegang tot LNG-installaties vast te stellen en goed te keuren. Deze tarieven moeten de werkelijk gemaakte kosten weerspiegelen, voorzover ze overeenkomen met de kosten van een efficiënte beheerder, en zij moeten transparant zijn. Zij maken de vereiste investeringen in de netwerken en LNG-installaties mogelijk waardoor de levensvatbaarheid van die netwerken en LNG-installaties kan worden gewaarborgd. De tarieven mogen geen discriminatie tegen nieuwkomers op de markt inhouden;

(b) de levering van balanceringsdiensten.

(b) de levering van balanceringsdiensten, die de kosten weergeven en zoveel mogelijk inkomensneutraal zijn, terwijl ze de gebruikers van het netwerk de nodige stimulansen bieden om hun inbreng en afnamen in evenwicht te houden; ze moeten eerlijk en niet discriminerend zijn en van objectieve criteria uitgaan.

 

(b bis) de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuur, ook de werkwijzen voor toewijzing van capaciteit en beheersing van overbelasting. Ze zijn gemachtigd om van de beheerders van transmissiesystemen wijziging van de voorwaarden en modaliteiten te verlangen.

Amendement  96

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Bij de vaststelling of goedkeuring van de tarieven waken de regelgevende instanties erover dat de netwerkbeheerders afdoende stimulansen krijgen, zowel op korte als op lange termijn, om de efficiëntie te verbeteren, de marktintegratie te versterken en verwante onderzoeksactiviteiten te ondersteunen.

5. Bij de vaststelling of goedkeuring van de voorwaarden en modaliteiten of berekeningswijzen van de tarieven en de balanceringsdiensten waken de regelgevende instanties erover dat de netwerkbeheerders afdoende stimulansen krijgen, zowel op korte als op lange termijn, om de efficiëntie te verbeteren, de marktintegratie te versterken, voor bevoorradingszekerheid te zorgen en verwante onderzoeksactiviteiten te ondersteunen.

 

5 bis. De regelgevende instanties controleren het congestiebeheer binnen de nationale netwerken voor het vervoer van gas.

De transmissiesysteembeheerders leggen hun congestiebeheersprocedures, inclusief de toewijzing van capaciteit, aan de nationale regelgevende instanties ter goedkeuring voor. De nationale regelgevende instanties mogen verbetering van de procedures vragen voorafgaand aan hun goedkeuring.

Amendement  97

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. De regelgevende instanties zijn bevoegd om zo nodig van de beheerders van transmissie-, opslag-, LNG- en distributiesystemen te verlangen dat zij hun in dit artikel bedoelde voorwaarden, inclusief tarieven, wijzigen om te waarborgen dat zij evenredig zijn en op niet-discriminerende wijze worden toegepast.

6. De regelgevende instanties zijn bevoegd om zo nodig van de beheerders van transmissie-, LNG- en distributiesystemen te verlangen dat zij hun in dit artikel bedoelde voorwaarden, inclusief tarieven, wijzigen om te waarborgen dat zij evenredig zijn en op niet-discriminerende wijze worden toegepast.

Motivering

Schrapping van de "opslag" omdat regulering van de tarieven van opslag investeringen zou ontmoedigen. Gasopslag is geen monopolie: Op dit gebied heeft zich een functionerende open markt ontwikkeld. Regulering zou de concurrentie doorkruisen en geplande investeringen in de aanleg van de extra gasopslaginstallaties die hoogst noodzakelijk zijn om de continuïteit van de voorziening in de EU te verbeteren, afremmen.

Amendement  98

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7. Een partij die een klacht heeft tegen een transmissie-, LNG- of distributiesysteembeheerder kan deze klacht voorleggen aan de nationale regelgevende instantie die fungeert als geschillenbeslechtingsinstantie en een besluit neemt binnen twee maanden na ontvangst van de klacht. Deze periode kan met twee maanden worden verlengd wanneer de regelgevende instantie aanvullende informatie opvraagt. Deze periode kan met instemming van de klager worden verlengd. Een dergelijke beslissing heeft bindende kracht tenzij of totdat zij in beroep wordt herroepen.

7. Een partij die een klacht heeft tegen een transmissie-, LNG-, opslag- of distributiesysteembeheerder kan deze klacht voorleggen aan de nationale regelgevende instantie die fungeert als geschillenbeslechtingsinstantie en een besluit neemt binnen twee maanden na ontvangst van de klacht. Deze periode kan met twee maanden worden verlengd wanneer de regelgevende instantie aanvullende informatie opvraagt. Deze periode kan met instemming van de klager worden verlengd. Een dergelijke beslissing heeft bindende kracht tenzij of totdat zij in beroep wordt herroepen.

Motivering

Er moet een weg zijn om een klacht tegen een opslagbeheerder in te dienen.

Amendement  99

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 8

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8. Een partij die getroffen wordt door en het recht heeft klacht in te dienen tegen een besluit betreffende methodologieën overeenkomstig dit artikel of, wanneer de regelgevende instantie verplicht is tot raadpleging over de voorgestelde methodologieën, kan binnen een periode van maximaal twee maanden - of korter als dit zo door de lidstaten is beslist - na publicatie van dit besluit of voorstel voor een besluit, een klacht indienen en om herziening verzoeken.Een dergelijk bezwaar heeft geen schorsende werking.

8. Een partij die getroffen wordt door en het recht heeft klacht in te dienen tegen een besluit betreffende methodologieën overeenkomstig dit artikel of, wanneer de regelgevende instantie verplicht is tot raadpleging over de voorgestelde tarieven en methodologieën, kan binnen een periode van maximaal twee maanden - of korter als dit zo door de lidstaten is beslist - na publicatie van dit besluit of voorstel voor een besluit, een klacht indienen en om herziening verzoeken. Een dergelijk bezwaar heeft geen schorsende werking.

Motivering

Net als in de bestaande regeling moeten de lidstaten de keuze hebben tussen de vaststelling van regels en toezicht voor ofwel de tarieven zelf of voor de methoden van de tariefstelling.

Amendement  100

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9. De lidstaten voeren passende en efficiënte mechanismen voor regulering, toezicht en transparantie in om misbruik van een machtspositie op de markt, met name ten nadele van de consument, en eventueel marktondermijnend gedrag te voorkomen. Deze mechanismen moeten de bepalingen van het Verdrag, met name artikel 82 daarvan, in acht nemen.

9. De lidstaten voeren passende en efficiënte mechanismen voor toezicht en transparantie in om misbruik van een machtspositie op de markt, met name ten nadele van de consument, en eventueel marktondermijnend gedrag te voorkomen. Deze mechanismen moeten de bepalingen van het Verdrag, met name artikel 82 daarvan, in acht nemen.

Motivering

In veel lidstaten is de bestrijding van gedrag dat de mededinging beperkt een zaak van de mededingingsautoriteiten. Sommige lidstaten hebben de bevoegdheid op dit en andere gebieden echter toegewezen aan de regelgevende instanties. Gezien de verschillen tussen de rechtsstelsels is de formulering van artikel 24 quater, lid 9 niet correct.

Amendement  101

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 12

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

12. De door de regelgevende instantie genomen besluiten worden met redenen omkleed.

12. De door de regelgevende instantie genomen besluiten worden volledig beargumenteerd en zijn voor inzage door het publiek beschikbaar om de mogelijkheid van juridische kritiek open te houden.

Amendement  102

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 13

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13. De lidstaten waken erover dat er geschikte mechanismen op nationaal niveau bestaan krachtens welke een partij die getroffen wordt door een besluit van de nationale regelgevende instantie beroep kan aantekenen bij een instantie die onafhankelijk is van de betrokken partijen.

13. De lidstaten waken erover dat er geschikte mechanismen op nationaal niveau bestaan krachtens welke een partij die getroffen wordt door een besluit van de nationale regelgevende instantie beroep kan aantekenen bij een nationale rechtsinstantie of een andere nationale autoriteit die onafhankelijk is van de betrokken partijen of enige regering.

Amendement  103

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 14

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

14. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen betreffende de toepassing door de regelgevende instanties van de dit in artikel omschreven bevoegdheden. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Definitie van de prerogatieven van de nationale regelgevende instanties gaat veel verder dan de maatregelen die volgens de comitologieprocedure kunnen worden goedgekeurd.

Amendement  104

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2. Om te zorgen dat waar er regionale gasmarkten bestaan, de integratie uit goede regelgevende structuren blijkt, zorgen de nationale regelgevende instanties er in nauwe samenwerking met het agentschap en onder zijn leiding voor dat voor hun regionale markten minstens de volgende regelgevende taken uitgevoerd worden:

2. De regelgevende instanties werken ten minste samen op regionaal niveau om de invoering van operationele regelingen te bevorderen teneinde een optimaal beheer van het netwerk te waarborgen, gemeenschappelijke aardgas­beurzen uit te bouwen en grensoverschrijdende capaciteit toe te wijzen en een minimumniveau van interconnectiecapaciteit binnen de regio te waarborgen om de ontwikkeling van een effectieve mededinging mogelijk te maken.

a) samenwerking ten minste op regionaal niveau om de invoering van operationele regelingen te bevorderen teneinde een optimaal beheer van het netwerk te waarborgen, gemeenschappelijke aardgas­beurzen uit te bouwen en grensoverschrijdende capaciteit toe te wijzen en een degelijk niveau van interconnectiecapaciteit binnen de regio te waarborgen, ook met behulp van nieuwe onderlinge connecties, om de ontwikkeling van effectieve mededinging en grotere bevoorradingszekerheid mogelijk te maken;

 

b) op zijn minst de geboden regionale harmonisering van alle technische en marktcodes voor de beheerders van het transmissiesysteem in kwestie en andere deelnemers op de markt;

 

c) harmonisering van de regels om overbelasting te beheersen;

 

d) invoering van regels die ervoor zorgen dat de eigenaars en/of beheerders van gasbeurzen die op de regionale poolmarkten werken, volledig onafhankelijk van de eigenaars en/of beheerders van de productiemiddelen zijn.

De regelgevende instanties zijn gerechtigd om onderlinge akkoorden te sluiten om de samenwerking in de regelgeving te verbeteren, en de maatregelen onder letter a) worden naar gelang van het geval in nauw overleg met andere belanghebbende nationale overheden genomen, onverminderd hun specifieke bevoegdheden.

Amendement  105

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quinquies – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen over de omvang van de opdracht van de regelgevende instanties tot onderlinge samenwerking en tot samenwerking met het Agentschap en over de situaties waarin het Agentschap bevoegd wordt om te beslissen over het regelgevingsstelsel voor infrastructuur die ten minste twee lidstaten verbindt. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Het regelgevingsregime voor grensoverschrijdende kwesties, waarvoor de omvang van de opdracht van de regelgevende instanties tot onderlinge samenwerking en tot samenwerking met het Agentschap moet worden gedefinieerd, is een te fundamentele kwestie om gewoon te worden geregeld via comitologie, een procedure die alleen betrekking heeft op "niet-essentiële elementen". Voor de bevoegdheden die aan het Agentschap worden verleend, is een rechtsgrondslag nodig die wordt bepaald in het kader van het klassieke besluitvormingsproces.

Amendement  106

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 sexies – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het Agentschap geeft binnen een termijn van vier maanden zijn advies aan de regelgevende instantie die hierom heeft verzocht of aan de Commissie, alsook aan de regelgevende instantie die het besluit in kwestie heeft genomen.

2. Het Agentschap geeft binnen een termijn van twee maanden zijn advies aan de regelgevende instantie die hierom heeft verzocht of aan de Commissie, alsook aan de regelgevende instantie die het besluit in kwestie heeft genomen.

Motivering

Verkorting van de termijn.

Amendement  107

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De lidstaten eisen van hun aardgasleveranciers dat zij gedurende ten minste vijf jaar de relevante gegevens met betrekking tot al hun transacties in gasleveringscontracten en aardgasderivaten met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders ter beschikking houden van hun nationale regelgevende instantie, de nationale mededingingsautoriteit en de Commissie.

1. De lidstaten eisen van hun aardgasleveranciers dat zij gedurende ten minste vijf jaar de relevante gegevens met betrekking tot al hun transacties in gasleveringscontracten en aardgasderivaten met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders ter beschikking houden van de bevoegde autoriteiten, opdat die hun taken kunnen uitvoeren.

Motivering

De regels voor de verzameling van gegevens in verband met contracten met grootafnemers moeten duidelijk worden gedefinieerd en er moet een verband zijn met specifieke taken van de bevoegde autoriteiten. De bevoegde autoriteiten mogen ook andere instanties zijn dan die welke in het voorstel voor een richtlijn worden genoemd.

Amendement  108

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Deze gegevens omvatten bijzonderheden betreffende de kenmerken van de relevante transacties, zoals looptijd, leverings- en betalingsregels, de hoeveelheden, de uitvoeringsdatums en -tijdstippen, de transactieprijzen en middelen om de grootafnemer te identificeren, alsmede gespecificeerde nadere gegevens over alle openstaande posities in gasleveringscontracten en aardgasderivaten.

Deze gegevens kunnen bijzonderheden betreffende de kenmerken van de relevante transacties, zoals looptijd, leverings- en betalingsregels, de hoeveelheden, de uitvoeringsdatums en -tijdstippen, de transactieprijzen en middelen om de grootafnemer te identificeren, alsmede gespecificeerde nadere gegevens over alle openstaande posities in gasleveringscontracten en aardgasderivaten omvatten.

Motivering

Artikel 24 septies dient alleen de raamvoorwaarden voor de plicht tot het bewaren van gegevens te beschrijven, en niet de precieze inhoud van de betreffende gegevens. Dit moet gebeuren in het kader van de relevante richtsnoeren.

Amendement  109

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Teneinde een eenvormige toepassing van dit artikel te waarborgen, kan de Commissie richtsnoeren vaststellen waarin de methoden en regelingen voor de rapportering van transacties en de vorm en inhoud van bedoelde verslagen worden omschreven. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Dit voorstel van de Commissie inzake de bevoegdheid om richtsnoeren vast te stellen via de regelgevingsprocedure met toetsing, houdt een aanzienlijke beperking van de rechten van het Europees Parlement in en moet worden afgewezen.

Amendement  110

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Wat transacties in aardgasderivaten van leveringsbedrijven met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders, alsmede opslag- en LNG-systeembeheerders betreft, wordt dit artikel pas van kracht nadat de Commissie de in lid 4 bedoelde richtsnoeren heeft vastgesteld.

Schrappen

Motivering

Daar de gegevens die bewaard moeten worden al duidelijk genoeg in artikel 24 septies, lid 2, worden beschreven, hoeven de richtsnoeren verder niet te worden genoemd.

Amendement  111

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 16 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16 bis) Bijlage A wordt door onderstaande tekst vervangen :

 

 

"Onverminderd de communautaire voorschriften inzake consumentenbescherming, met name Richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 93/13/EG van de Raad, houden de in artikel 3 bedoelde maatregelen in dat ervoor wordt gezorgd dat de afnemers:

 

a) recht hebben op een contract met hun gasleverancier waarin zijn opgenomen:

 

- de identiteit en het adres van de leverancier;

 

- de geleverde diensten, de aangeboden kwaliteitsniveaus van de diensten en de benodigde tijd voor de eerste aansluiting;

 

- […]de aangeboden soorten onderhoudsdiensten;

 

- de wijze waarop de meest recente informatie over alle geldende tarieven en onderhoudskosten kan worden verkregen;

 

- de duur van het contract, de voorwaarden voor verlenging en beëindiging van de diensten en van het contract, het bestaan van een recht op gratis opzegging;

 

- alle vergoedingen en terugbetalingsregelingen die gelden indien de contractuele kwaliteitsniveaus van de diensten niet worden gehaald, met inbegrip van onnauwkeurige en te late facturering; []

 

- de methode voor het beginnen van procedures voor de beslechting van geschillen overeenkomstig punt f;

 

- informatie over consumentenrechten, met inbegrip van alle voorafgaande, welke duidelijk wordt meegedeeld door middel van de facturen en via de websites van het bedrijf; en

 

- gegevens over de bevoegde verhaalinstantie en de procedure die de verbruiker in geval van geschil moet volgen.

 

De contractuele voorwaarden zijn eerlijk en vooraf bekend. In ieder geval wordt deze informatie voorafgaand aan de ondertekening of bevestiging van het contract verstrekt. Indien contracten door middel van tussenpersonen worden gesloten, wordt bovengenoemde informatie eveneens voorafgaand aan de ondertekening van het contract verstrekt;

 

b) op toereikende wijze in kennis worden gesteld van ieder voornemen om de contractvoorwaarden te wijzigen en op de hoogte worden gesteld van hun recht op opzegging wanneer zij van een dergelijk voornemen in kennis worden gesteld. Dienstverleners stellen hun abonnees rechtstreeks in kennis van tariefstijgingen en doen dit binnen een redelijke termijn die een normale factureringsperiode na het invoeren van de stijging niet overschrijdt, op een overzichtelijke en bevattelijke manier. De lidstaten zorgen ervoor dat afnemers de mogelijkheid krijgen contracten op te zeggen indien zij de hun door de gasleverancier aangemelde nieuwe voorwaarden niet aanvaarden;

 

c) transparante informatie ontvangen over geldende prijzen en tarieven en over standaardvoorwaarden met betrekking tot de toegang tot en het gebruik van gasdiensten;

 

d) een ruime keuze van betalingswijzen wordt geboden, die geen enkele categorie klanten discrimineert. Ieder verschil in voorwaarden komt overeen met de kosten die de verschillende betalingswijzen voor de leverancier meebrengen. De algemene voorwaarden van de contracten dienen eerlijk en transparant te zijn. Zij zijn gesteld in duidelijke en begrijpelijke taal. Afnemers worden beschermd tegen oneerlijke of misleidende verkoopmethoden, ook niet-contractuele hindernissen die door de handel opgeworpen worden, bijvoorbeeld overdreven uitgebreide administratieve formaliteiten;

 

e) geen kosten in rekening worden gebracht indien zij van leverancier veranderen;

 

f) transparante, eenvoudige en goedkope procedures ter beschikking krijgen voor het afhandelen van hun klachten. Meer in het bijzonder hebben alle verbruikers recht op dienstverlening en klachtenbehandeling door hun gasleverancier. Door middel van dergelijke procedures moeten geschillen billijk en snel, en binnen drie maanden, kunnen worden beslecht, zo nodig via een systeem van terugbetaling en/of vergoeding. Hierbij dienen zoveel mogelijk de beginselen van Aanbeveling 98/257/EG van de Commissie te worden gevolgd;

 

g) die op het gassysteem zijn aangesloten, in kennis worden gesteld van hun recht om, in overeenstemming met de geldende nationale wetgeving, te worden voorzien van aardgas van een bepaalde kwaliteit tegen een redelijke prijs.

 

h) gemakkelijk in staat zijn om naar een nieuwe leverancier over te stappen en over hun verbruiksgegevens beschikken, en met hun uitdrukkelijke instemming en zonder kosten elke gemachtigde leverancier toegang tot de metergegevens kunnen verlenen. De instantie die de gegevens onder haar hoede heeft, is verplicht om ze de leverancier mee te delen. De lidstaten leggen een opmaak voor de gegevens en een inzageprocedure voor leveranciers en verbruikers vast. Voor de betreffende dienstverlening kunnen er de verbruiker geen bijkomende kosten aangerekend worden;

 

i) naar behoren over hun daadwerkelijk gasverbruik en kosten op de hoogte gebracht worden, minstens om de drie maanden. Voor die dienstverlening kunnen er de verbruiker geen bijkomende kosten aangerekend worden. De lidstaten zorgen ervoor dat de invoering van slimme meters met zo weinig mogelijk hinder voor de verbruiker verloopt en binnen de 10 jaar na het van kracht worden van richtlijn .../.../EG voltooid is, en onder de verantwoordelijkheid van de gasdistributie- of -leveringsbedrijven valt. De nationale regelgevende instanties houden toezicht op de ontwikkelingen en hun toepassingen en leggen er gemeenschappelijke normen voor vast. De lidstaten zorgen ervoor dat de minimumnormen voor technische uitvoering en functionele vereisten van de meters de interoperabiliteit in het oog houden om de verbruikers zo ruim mogelijke voordelen tegen zo gering mogelijke kosten te bieden;

 

(j) geschrapt

 

(j bis) bij verandering van gasleverancier niet meer dan een maand na kennisgeving aan hun vorige leverancier een laatste afsluitende rekening ontvangen.

Amendement  112

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 2 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. De lidstaten trekken alle wetten, regelingen en bestuursrechtelijke bepalingen in die aardgasbedrijven en regelgevende of andere instanties verhinderen om hun taken te vervullen of hun bevoegdheden of verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn uit te oefenen.

Motivering

Het kan zijn dat regelgevende instanties hun legitieme bevoegdheden of taken uit hoofde van deze richtlijn niet kunnen vervullen vanwege nationale wetgeving. Als de tarieven, vaak op grond van nationale wetgeving, kunstmatig laag worden gehouden, dan kan dat de nationale regelgevende instantie verhinderen kruissubsidies onmogelijk te maken en kan in bepaalde lidstaten de nationale wet beletten dat bijzonder maatregelen worden genomen (bijv. veiling van gascapaciteit). Dergelijke hindernissen voor een effectieve concurrentie moeten verdwijnen.

Amendement  113

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 2 – lid 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter. De Commissie brengt het Europees Parlement en de Raad jaarlijks verslag uit over de formele en praktische omzetting van deze richtlijn in elke lidstaat.

Motivering

Dit moet zorgen voor daadwerkelijke omzetting van de bepalingen van deze richtlijn.

Amendement  114

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 2 – lid 2 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 quater. Indien een overheidsbedrijf direct of indirect betrokken is bij de aankoop van delen van een verticaal geïntegreerde onderneming, dan wordt de prijs ter vereffening van een dergelijke transactie medegedeeld aan de Commissie. Hierbij wordt ook een verklaring van een internationale accountantsfirma betreffende de onderliggende vermogenswaarde verstrekt. De Commissie mag deze informatie alleen gebruiken om controle op staatssteun uit te oefenen.

Motivering

Het is van essentieel belang dat de concurrentievoorwaarden voor overheidsbedrijven en particuliere ondernemingen dezelfde zijn.

(1)

PB C...., blz.


TOELICHTING

INLEIDING

De gas- en de elektriciteitsmarkt zijn van vitaal belang voor de Europese Unie, die bij diverse gelegenheden heeft gesteld wat energiekwesties betreft met één stem te willen spreken.

Als de Unie haar doelstelling een interne energiemarkt tot stand te brengen wil kunnen halen, is het van essentieel belang dat zij op het gebied van mededinging gelijke voorwaarden instelt voor alle bedrijven die in de gas- en de elektriciteitssector actief zijn.

Hiertoe heeft de Commissie haar derde energiepakket opgestart, waarmee de liberalisering van de markt die er met de vorige pakketten niet is gekomen, een feit moet worden(1).

SPECIFICITEIT VAN DE GASSECTOR

Het Commissievoorstel voorziet in één aanpak zowel voor de gas- als voor de elektriciteitssector.

Het voorstel is alleszins waardevol, doordat er een symmetrische, geharmoniseerde energiemarkt mee wordt gecreëerd, hetgeen helpt om de hoge concentratie die in een aantal landen nog bestaat, weg te werken; het zal er voor nieuwe bedrijven makkelijker mee worden om zich op de markt te begeven en er zal voor mededingingsvoorwaarden mee worden gezorgd die op lange termijn zullen leiden tot prijsverlagingen, in het voordeel van de eindafnemer.

Toch is de rapporteur van mening dat, gelet op de structurele diversiteit van de twee markten, de niet onaanzienlijke afhankelijkheid ten aanzien van derde landen in de gassector, de verschillende manieren waarop de lidstaten de bestaande wetgeving uitvoeren en het bestaan van meerjarenleveringscontracten in de gassector, een onderscheid tussen de gas- en de elektriciteitssector nodig is.

Op dit punt is de rapporteur van mening dat de langetermijnleveringscontracten moeten worden beschermd, op voorwaarde dat de exploitant die voor de levering zorgt, er niet de facto het netwerk mee controleert. De lidstaten mogen daarom vrij worden gelaten om, met inachtneming van hun verplichtingen overeenkomstig het Verdrag, akkoorden te bevorderen die helpen om de productie en distributie van energie te verbeteren en die er tegelijk voor zorgen dat de eindgebruikers voordeel hebben en de investeringen renderen.

VERPLICHTE ONTVLECHTING VAN EIGENDOM ("UNBUNDLING")

Centraal element van het pakket is ongetwijfeld de scheiding van de eigendom, waarmee uitdrukkelijk wordt voorkomen dat verticaal geïntegreerde bedrijven een belang hebben zowel in de levering als in de transmissie van gas.

De bestaande wetgeving, die voorziet in de functionele en wettelijke scheiding van transmissiesysteembeheerders en leveringsbedrijven, heeft niet geholpen om het belangenconflict op te lossen in verticaal geïntegreerde bedrijven die het netwerk gebruiken om hun dominante marktpositie te behouden, omdat zij geen stimulans krijgen om in nieuwe netwerken te investeren en om nieuwe exploitanten toegang te verlenen.

De rapporteur is daarom van mening dat scheiding van eigendom ontegensprekelijk de beste manier is om ervoor te zorgen dat transmissiesysteembeheerders en leveringsbedrijven volledig onafhankelijk zijn van elkaar; het is zeker ook de meest haalbare en efficiënte optie in vergelijking met dat van de onafhankelijke systeembeheerder (independent system operator, ISO), waarvoor onpraktische en ingewikkelde bestuursstructuren en sterke regelgevingscontrole nodig zouden zijn. Tevens zij eraan herinnerd dat het ISO-experiment in diverse lidstaten zeker geen succes is geworden.

Even dringend moeten opslag- en transmissiesysteembeheerders effectief worden gescheiden van leveringsactiviteiten van verticaal geïntegreerde bedrijven, om te zorgen voor transparant beheer van de gascapaciteiten en een betere continuïteit van de voorziening. De rapporteur is van mening dat, om discriminerend optreden jegens nieuwe systeembeheerders te beperken, de toegang tot opslag moet worden gereguleerd in plaats van geregeld via onderhandelingen.

Het is evenwel van vitaal belang dat de liberalisering van de gasmarkt symmetrisch wordt uitgevoerd, met harmonisatie van de mate waarin de nationale markten zijn opengesteld. Wederkerigheid moet in zekere mate ook worden toegepast op derde landen; op dit punt is de rapporteur het wel eens met de vrijwaringsclausule van de Commissie, maar acht hij het belangrijk dat de akkoorden tussen de EU en niet-EU-landen, als mogelijke investeerders, beter worden gereguleerd, zowel wat de vorm als wat de inhoud betreft.

ONAFHANKELIJKHEID VAN DE NATIONALE REGELGEVENDE INSTANTIES

Met haar derde pakket is de Commissie van plan de nationale regelgevende instanties een sleutelrol te laten spelen; zij moeten rechtspersoonlijkheid en budgettaire autonomie krijgen en zullen moeten bewijzen dat zij qua beheer volledig onafhankelijk zijn.

De rapporteur is verheugd over de voorstellen van de Commissie om de rol van de nationale regelgevende instanties te harmoniseren en te versterken.

De nationale regelgevende instanties moeten ook adequate ontradings- en sanctioneringsbevoegdheden krijgen, die voor alle regelgevende instanties dezelfde moeten zijn.

De rapporteur is van mening dat de regelgevende instanties bij de uitvoering van informatieonderzoeken over de functionering van de markten de bevoegdheden van de mededingingsautoriteiten moeten eerbiedigen.

De rapporteur is het er ook mee eens dat de samenwerkingsverplichtingen tussen de regelgevende instanties moeten worden geformaliseerd, waarbij wordt overgelaten aan de Commissie, via het Agentschap, om ervoor te zorgen dat deze samenwerking daadwerkelijk plaatsvindt.

INFRASTRUCTUUR

Infrastructuur speelt zeker een primaire rol in de totstandbrenging van een Europese interne energiemarkt.

De omstandigheden van de nieuwe lidstaten, die onaangepaste of soms helemaal geen infrastructuur hebben en voor hun gasvoorziening volledig afhankelijk zijn van exploitanten uit derde landen, mogen niet uit het oog worden verloren.

De bestaande wetgeving voorziet in een aantal suggesties om investeringen in infrastructuur door nieuwe exploitanten aan te moedigen, door deze te ontheffen van de toepassing van de regels inzake gereguleerde toegang voor derden (third party access, TPA).

De rapporteur is van mening dat het uiteindelijke doel van de verleende ontheffingen de bevordering moet zijn van investeringen in infrastructuur die van vitaal belang voor de totstandbrenging van een geïntegreerde Europese markt is, niet alleen grensoverschrijdende investeringen, maar ook investeringen in verdampingsinstallaties en gasopslaginstallaties.

Wat het nieuwe voorstel betreft, dat licht is gewijzigd om het aan te passen aan de bepalingen inzake scheiding van de eigendom, is de rapporteur van mening dat, om ambigue interpretaties te voorkomen, de verlening van ontheffingen moet zijn gebaseerd op volledige eerbiediging van de markt, vanuit een pro-mededingingsstandpunt, en op duidelijke regels die op voorhand zijn vastgelegd overeenkomstig een specifiek tijdschema.

De rapporteur acht het ook nodig investeringen waarvan de uitvoering aan de gang is, te beschermen, door de TPA-ontheffingsregeling hiertoe uit te breiden.

Hoewel de rapporteur verheugd is over het voorstel van de Commissie betreffende systematische samenwerking tussen netwerkbeheerders, althans op regionale basis, acht hij het nodig deze samenwerking effectief te maken door te voorzien in de oprichting van één structuur voor het beheer van het netwerk op regionale basis.

De Commissie moet, in overleg met de lidstaten, van deze samenwerking op de hoogte worden gehouden.

BEVOEGDHEID VAN DE COMMISSIE

De richtlijn betreffende gemeenschappelijke regels voor de markt voor aardgas voorziet in een uitbreiding van de Commissiebevoegdheden voor de goedkeuring van bindende richtsnoeren via de zogenaamde comitologieprocedure in een brede waaier van gevallen, gaande van de aanwijzing en certificering van transmissiebeheerders tot toezicht op de naleving van verplichtingen, uitoefening van regelgevingsbevoegdheden, verlening van ontheffingen voor nieuwe infrastructuur enzovoort.

Hoewel de rapporteur tevreden is met het feit dat de Commissie uiteindelijk verantwoordelijk is, als zij ernstige twijfels heeft, voor de beslechting van geschillen en bevoegdheidsconflicten en voor het opleggen van bindende technische besluiten, is hij toch van mening dat zij in sommige delen van de richtlijn haar bevoegdheden overschrijdt; met name wanneer zij de richtsnoeren moet goedkeuren via de regelgevingsprocedure met toetsing, een procedure die eigenlijk is bedoeld voor de goedkeuring van algemene maatregelen om niet-essentiële elementen van de richtlijn te wijzigen.

TRANSPARANTIE EN CONSUMENTENBESCHERMING

De interne markten voor elektriciteit en gas lijden onder een gebrek aan transparantie, dat de efficiënte toewijzing van middelen hindert en voorkomt dat nieuwe exploitanten zich op de markt begeven.

Rekeningen zijn vaak onleesbaar en in de meeste gevallen hebben de consumenten geen toegang tot de gegevens over hun eigen verbruik of de tarieven die de exploitanten hanteren.

De rapporteur benadrukt daarom dat het vertrouwen in de markt moet worden vergroot, door de consumenten (ook via specifieke websites) zo veel mogelijk informatie over leveringscontracten of derivaten te verstrekken en door een verhaalrecht in te stellen.

Meer transparantie zou niet alleen de consumenten ten goede komen, die toegang tot informatie zouden krijgen, maar ook de exploitanten zelf, aangezien zij informatie zullen kunnen verkrijgen over de marktbelangen van exploitanten uit derde landen, voor wie dezelfde transparantieverplichtingen als voor Europese exploitanten zullen gelden.

De rapporteur acht het nodig de exploitanten meer verantwoordelijk te stellen met betrekking tot de openbare dienst die aan consumenten wordt verstrekt, opdat zij, met het oog op een betere kwaliteit van de dienstverlening, "sociale" tarieven hanteren om kwetsbare consumenten te beschermen.

(1)

Het liberaliseringsproces voor de gasmarkt is van start gegaan in 1999, hoewel een mijlpaal in de totstandbrenging van een Europese energiemarkt de invoering was van de richtlijn van juni 2003.


ADVIES van de Commissie economische en monetaire zaken (23.4.2008)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

inzake het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas

(COM(2007)0529 – C6‑0317/2007 – 2007/0196(COD))

Rapporteur voor advies: Bernhard Rapkay

BEKNOPTE MOTIVERING

1. Context

De mate van concurrentie en marktintegratie die tot dusver op het gebied van aardgas in het kader van het eerste en tweede pakket voor de interne markt voor energie tot stand is gebracht, stemt nog niet tot tevredenheid. Een verdere aanpassing in de vorm van het nu voorgelegde derde pakket is dan ook een goede zaak. Terwijl er ten aanzien van de in het Commissievoorstel uitgestippelde doelstellingen grote overeenstemming heerst, valt bij de gekozen instrumenten nog een vraagteken te plaatsen.

2. Bepalingen over ontvlechting

In het Commissievoorstel en in het politieke debat neemt het vraagstuk van de ontvlechting van de eigendom (ownership unbundling - OU) een centrale plaats in. Hieraan wordt een zeer positief effect toegekend, dat veel verder zou reiken dan de verschillende aspecten van niet-discriminerende markttoegang. De Europese transmissienetwerken vormen evenwel een natuurlijk monopolie, waaraan ook een andere, niet op het vlak van productie en verkoop actieve eigenaar niets zou veranderen. Een juiste mate van regelgeving zou op dit punt een zeer veel effectiever instrument zijn. Bovendien zou OU van beheerders van transmissienetwerken in de praktijk neerkomen op onteigening, die in elk geval in sommige landen aanzienlijke grondwettelijke problemen zou meebrengen, en meer in het algemeen de vraag doet rijzen of hier wel sprake is van evenredigheid van doel en middelen. Het gevolg zouden jarenlange rechtsgeschillen zijn, die enorme uitwerkingen zouden hebben op het investeringsgedrag van de betrokken ondernemingen en op de continuïteit van de voorziening. Ook is het de vraag of OU als maatregel werkelijk de door de Commissie verwachte marktintegrerende en concurrentiebevorderende werking zou hebben.

Als secundair alternatief stelt de Commissie voor een "onafhankelijke systeembeheerder" in te voeren, hetgeen echter geen goed toepasbare oplossing vormt. Gezien deze overwegingen is het een goede zaak dat een aantal lidstaten een model heeft opgesteld dat gericht is op doeltreffende en efficiënte ontvlechting van de netwerkbeheerder door middel van strengere vennootschapsrechtelijke ontvlechting. Dit model dient aan een neutrale toetsing te worden onderworpen, maar moet in elk geval verder gaan dan het huidige model voor vennootschapsrechtelijke ontvlechting.

3. Regelgevingsstelsel

In het algemeen heeft intelligente vormgeving van het regelgevingsstelsel bij de totstandbrenging van een functionerende, geïntegreerde interne markt voor energie een essentiële functie, die veel verder gaat dan OU alleen. Het Commissievoorstel bevat dan ook uitvoerige bepalingen voor het regelgevingsvraagstuk, maar geeft geen antwoorden waar het gaat om de afbakening van de bevoegdheden tussen de verschillende regelgevende instanties.

-  Met name het uitsluitend van adviesbevoegdheden voorziene agentschap zal zijn taak om de bestaande, vooral interconnectoren betreffende "regulatory gap" te overbruggen op deze manier wellicht niet kunnen vervullen. Het agentschap zou op een zeer duidelijk af te bakenen terrein over bindende beslissingsbevoegdheden moeten beschikken. Net als de nationale regelgevende instanties zou het onafhankelijk moeten zijn ten opzichte van economische en politieke belangen, en ten opzichte van de Europese Commissie. Verderreikende bevoegdheden betekenen evenwel ook een omvangrijkere verantwoordingsplicht tegenover het Parlement en de Raad van ministers.

-  De onafhankelijkheid en bevoegdheden van de nationale regelgevende instanties worden in het Commissievoorstel op positieve wijze versterkt. Verdere harmonisatie op dit gebied is dringend geboden.

-  De rol van het Europese netwerk van netwerkbeheerders dient ten opzichte van het agentschap niet te worden overgewaardeerd; in elk geval dienen de bevoegdheden ervan op het gebied van regelgeving beperkt te blijven tot het opstellen van technische codes en dienen verwijzingen naar een soort van zelfregulering - in welke vorm dan ook - achterwege te worden gelaten.

-  Tot slot dient de vraag te worden gesteld welke rol de Commissie in het toekomstige regelgevingsstelsel zou moeten vervullen. Volgens het richtlijnvoorstel krijgt zij door de vaststelling van richtsnoeren in het kader van comitologiemachtigingen verregaande bevoegdheden. Ondanks de geplande toepassing van de regelgevingsprocedure met toetsing is het volgens het Parlement de vraag of het werkelijk uitsluitend aan de Commissie moet worden overgelaten om richtsnoeren over bijvoorbeeld de omvang van de samenwerking tussen de regelgevende instanties uit te werken (artikel 24 quinquies, lid 4). Ook andere richtsnoeren kunnen ingrijpende gevolgen hebben voor belangrijke regelgevingsaspecten van de richtlijn en dienen dan ook voor zover mogelijk reeds in de tekst van de richtlijn zelf - en aldus via de medebeslissingsprocedure - inhoudelijk te worden gedefinieerd.

4. Opmerkingen over de procedure

Gezien het krappe tijdschema kunnen de amendementen die de kern van dit vraagstuk betreffen, met name de kwestie van de ontvlechtingsbepalingen, op dit moment niet in een ontwerpadvies worden opgenomen. De rapporteur zal de voorstellen voor een alternatief model dan ook op een later tijdstip indienen.

AMENDEMENTEN

De Commissie economische en monetaire zaken verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) Uitsluitend het wegwerken van inherente stimulansen voor verticaal geïntegreerde bedrijven om hun concurrenten qua netwerktoegang en -investeringen te discrimineren, kan een effectieve ontvlechting waarborgen. Ontvlechting van de eigendom, wat inhoudt dat de netwerkeigenaar is aangewezen als de netwerkbeheerder en onafhankelijk is van belangen in de productie- en leveringssector, is duidelijk de meest effectieve en stabiele manier om het inherente belangenconflict op te lossen en de continuïteit van de voorziening te waarborgen. Om deze reden heeft het Europees Parlement in zijn resolutie van 10 juli 2007 inzake de vooruitzichten voor de interne gas- en elektriciteitsmarkt gesteld dat het ontvlechting van de eigendom op het niveau van transmissie ziet als het efficiëntste middel om investeringen in infrastructuur op niet-discriminerende wijze te bevorderen en te zorgen voor eerlijke toegang tot het netwerk voor nieuwkomers en transparantie op de markt. Van de lidstaten moet derhalve worden geëist dat wordt gewaarborgd dat eenzelfde persoon geen zeggenschap kan uitoefenen, inclusief via blokkeringsrechten van minderheidsaandeelhouders over beslissingen van strategisch belang, over een productie- of leveringsbedrijf en tezelfdertijd belangen heeft in of rechten uitoefent over een transmissiesysteembeheerder of een transmissiesysteem. Omgekeerd moet zeggenschap over een transmissiesysteembeheerder de mogelijkheid uitsluiten een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een leveringsbedrijf.

(7) Uitsluitend het wegwerken van inherente stimulansen voor verticaal geïntegreerde bedrijven om hun concurrenten qua netwerktoegang en -investeringen te discrimineren, kan een effectieve ontvlechting waarborgen. Ontvlechting van de eigendom, wat inhoudt dat de netwerkeigenaar is aangewezen als de netwerkbeheerder en onafhankelijk is van belangen in de productie- en leveringssector, is een effectieve en stabiele manier om het inherente belangenconflict op te lossen en de continuïteit van de voorziening te waarborgen. Om deze reden heeft het Europees Parlement in zijn resolutie van 10 juli 2007 inzake de vooruitzichten voor de interne gas- en elektriciteitsmarkt gesteld dat het ontvlechting van de eigendom op het niveau van transmissie ziet als het efficiëntste middel om investeringen in infrastructuur op niet-discriminerende wijze te bevorderen en te zorgen voor eerlijke toegang tot het netwerk voor nieuwkomers en transparantie op de markt. Van de lidstaten moet derhalve worden geëist dat wordt gewaarborgd dat eenzelfde persoon geen zeggenschap kan uitoefenen, inclusief via blokkeringsrechten van minderheidsaandeelhouders over beslissingen van strategisch belang, over een productie- of leveringsbedrijf en tezelfdertijd belangen heeft in of rechten uitoefent over een transmissiesysteembeheerder of een transmissiesysteem. Omgekeerd moet zeggenschap over een transmissiesysteembeheerder de mogelijkheid uitsluiten een belang te hebben in of rechten uit te oefenen over een leveringsbedrijf.

Motivering

Het is niet juist dat ontvlechting van de eigendom de eenvoudigste en snelste manier is om continuïteit van de voorziening te bewerkstelligen. Continuïteit van de voorziening is afhankelijk van zeer veel meer voorwaarden, zoals bijvoorbeeld een juiste mate van regulering. Ook na ontvlechting van de eigendom blijft een netwerk een natuurlijk monopolie, dat gereguleerd moet worden.

Amendement  2

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 10 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis) Mits zij de bepalingen inzake effectieve en efficiënte vennootschappelijke ontvlechting in acht nemen, kunnen verticaal geïntegreerde bedrijven hun eigendom van netwerkactiva behouden en kan tegelijkertijd een doeltreffende scheiding van de belangen worden gewaarborgd, op voorwaarde dat de systeembeheerder alle functies van een netbeheerder vervult en er is voorzien in gedetailleerde regelgeving en uitvoerige mechanismen voor regelgevingstoezicht.

Motivering

Mits praktisch haalbaar, moet aan de lidstaten een derde optie worden aangeboden die geen ingrijpende gevolgen voor de eigendomsstructuren van de lidstaten inhoudt en verticaal geïntegreerde bedrijven in staat stelt het netwerk, met inachtneming van strenge voorwaarden en verplichtingen, in het vervolg gezamenlijk te beheren.

Amendement  3

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 10 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 ter) Om te komen tot een efficiënte marktintegratie dient het ontvlechtingsproces de mogelijkheid te bieden dat diverse transmissiesystemen gezamenlijk worden beheerd, bijvoorbeeld door een onafhankelijke regionale systeembeheerder.

Motivering

Een effectieve scheiding tussen transmissiebeheerders en productie- of leveringsbedrijven is van essentieel belang om een niet-discriminerende toegang tot de markt te bewerkstelligen, maar het ontvlechtingsproces moet leiden tot marktintegratie, niet tot marktfragmentatie. Om dit duidelijk te maken dient een nieuwe overweging te worden toegevoegd.

Amendement  4

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Wanneer een onderneming die eigenaar is van een transmissiesysteem deel uitmaakt van een verticaal geïntegreerd bedrijf, moeten de lidstaten daarom de keuze krijgen tussen, hetzij ontvlechting van de eigendom, hetzij, als afwijking, het aanwijzen van systeembeheerders die onafhankelijk zijn van productie- en leveringsbelangen. De volledige doeltreffendheid van de oplossing van een onafhankelijke systeembeheerder moet worden gewaarborgd met behulp van specifieke aanvullende regels. Teneinde de belangen van de aandeelhouders van verticaal geïntegreerde bedrijven te vrijwaren, moeten de lidstaten de keuze hebben ontvlechting van de eigendom in te voeren, hetzij via directe desinvestering, hetzij via splitsing van de aandelen van het geïntegreerde bedrijf in aandelen in het netwerkbedrijf en aandelen in de resterende productie- en leveringsactiviteiten, mits wordt voldaan aan de eisen ten gevolge van ontvlechting van de eigendom.

(11) Wanneer een onderneming die eigenaar is van een transmissiesysteem deel uitmaakt van een verticaal geïntegreerd bedrijf, moeten de lidstaten daarom de keuze krijgen tussen een ontvlechting van de eigendom, het aanwijzen van systeembeheerders die onafhankelijk zijn van productie- of leveringsbelangen, en effectieve en efficiënte vennootschappelijke ontvlechting van de transmissiesysteembeheerder. De volledige doeltreffendheid van de oplossing van een onafhankelijke systeembeheerder moet worden gewaarborgd met behulp van specifieke aanvullende regels. Teneinde de belangen van de aandeelhouders van verticaal geïntegreerde bedrijven te vrijwaren, moeten de lidstaten de keuze hebben ontvlechting van de eigendom in te voeren, hetzij via directe desinvestering, hetzij via splitsing van de aandelen van het geïntegreerde bedrijf in aandelen in het netwerkbedrijf en aandelen in de resterende productie- en leveringsactiviteiten, mits wordt voldaan aan de eisen ten gevolge van ontvlechting van de eigendom.

Motivering

Mits praktisch haalbaar, moet aan de lidstaten een derde optie worden aangeboden die geen ingrijpende gevolgen voor de eigendomsstructuren van de lidstaten inhoudt en verticaal geïntegreerde bedrijven in staat stelt het netwerk, met inachtneming van strenge voorwaarden en verplichtingen, in het vervolg gezamenlijk te beheren.

Voorts moeten de drie opties gelijkwaardig zijn.

Amendement  5

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Bij de tenuitvoerlegging van daadwerkelijke ontvlechting moet het beginsel van niet-discriminatie tussen de openbare en de particuliere sector in acht worden genomen. Daartoe mag eenzelfde persoon niet over de mogelijkheid beschikken om enige invloed uit te oefenen, alleen dan wel gezamenlijk, op de samenstelling, stemming of besluitvorming in de organen van zowel de transmissiesysteembeheerders als de gasleveranciers. Mits de lidstaten in kwestie kunnen aantonen dat aan deze eis is voldaan, kunnen twee afzonderlijke overheidsinstanties zeggenschap hebben over enerzijds productie- en leveringsactiviteiten en anderzijds transportactiviteiten.

(12) Bij de tenuitvoerlegging van daadwerkelijke ontvlechting moet het beginsel van niet-discriminatie tussen de openbare en de particuliere sector in acht worden genomen. Daartoe mag eenzelfde persoon niet over de mogelijkheid beschikken om enige invloed uit te oefenen, alleen dan wel gezamenlijk, op de samenstelling, stemming of besluitvorming in de organen van zowel de transmissiesysteembeheerders als de gasleveranciers.

Motivering

Gelijke behandeling ongeacht de eigendomsverhoudingen.

Amendement  6

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Overweging 32

(32) Wat Richtlijn 2003/55/EG betreft, moet met name aan de Commissie de bevoegdheid worden verleend om de richtsnoeren vast te stellen die vereist zijn voor het bewerkstelligen van de minimale harmonisatie om de doelstelling van deze richtlijn te kunnen bereiken. Aangezien dergelijke maatregelen van algemene aard zijn en ontworpen zijn om niet-essentiële elementen van Richtlijn 2003/55/EG aan te vullen met nieuwe niet-essentiële elementen, moeten zij worden vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG.

(32) Wat Richtlijn 2003/55/EG betreft, moet met name aan de Commissie de bevoegdheid worden verleend om in beperkte mate de richtsnoeren vast te stellen die vereist zijn voor het bewerkstelligen van de minimale harmonisatie om de doelstelling van deze richtlijn te kunnen bereiken. Aangezien dergelijke maatregelen van algemene aard zijn en ontworpen zijn om niet-essentiële elementen van Richtlijn 2003/55/EG aan te vullen met nieuwe niet-essentiële elementen, moeten zij worden vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG.

Motivering

Het volstaat als de Commissie in deze context duidelijk beperkte richtsnoeren kan vaststellen.

Amendement  7

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 1 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(-1) Artikel 1, lid 2 wordt vervangen door de volgende tekst:

 

"2. De bij deze richtlijn vastgestelde voorschriften voor aardgas, waartoe ook vloeibaar aardgas (LNG) behoort, zijn tevens op niet-discriminerende wijze van toepassing op biogas en uit biomassa verkregen gas, voor zover het technisch mogelijk en veilig is dergelijke gassen te injecteren in en te transporteren via het aardgassysteem."

Motivering

Ervan uitgaande dat aan de technische en chemische veiligheidsdrempels voor de diverse gassen is voldaan, moet het non-discriminatiebeginsel met betrekking tot de toegang tussen de gassen van verschillende bronnen worden benadrukt

Amendement  8

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) Artikel 3, lid 2 wordt vervangen door:

 

"2. Met volledige inachtneming van de toepasselijke bepalingen van het Verdrag, met name artikel 86, mogen de lidstaten in het algemeen economisch belang aan bedrijven die in de gassector actief zijn verplichtingen inzake openbare dienstverlening opleggen, die betrekking kunnen hebben op de zekerheid, met inbegrip van voorzienings- en leveringszekerheid, regelmaat, kwaliteit en prijs van de leveringen, en milieubescherming, waaronder energie-efficiëntie en EU-streefcijfers voor het gebruik van hernieuwbare energie en klimaatbescherming. Deze verplichtingen moeten duidelijk gedefinieerd, transparant, niet-discriminerend en controleerbaar zijn en de gelijke toegang van EU-aardgasbedrijven tot nationale consumenten waarborgen. Zij kunnen onder meer de vorm krijgen van een regeling van de prijzen bij levering, inclusief vaststelling van een maximumprijs voor de levering van gas aan de eindgebruikers. Met betrekking tot de voorzieningszekerheid, energie-efficiëntie/beheer aan de vraagzijde en de verwezenlijking van de milieudoelstellingen, zoals bedoeld in dit lid, mogen de lidstaten langetermijnplanning toepassen, daarbij rekening houdend met de mogelijkheid dat derden toegang tot het systeem wensen."

Motivering

Het is belangrijk dat uitdrukkelijk wordt gewaarborgd dat de lidstaten de mogelijkheid behouden om de prijzen voor een zo essentiële dienst als de levering van gas vast te stellen. Naar analogie van de Europese wetgeving inzake mobiele telefonie moeten de lidstaten met name een maximumprijs kunnen vaststellen voor de levering van gas aan de eindgebruikers.

Amendement  9

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 2

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 7

 

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendementen

(2) In artikel 3 wordt het volgende lid 7 toegevoegd:

Schrappen

"7. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen voor de tenuitvoerlegging van dit artikel. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3."

 

Motivering

De verplichtingen met het oog op het algemeen belang zijn in de nu geldende richtlijn reeds geregeld. Richtsnoeren van de Commissie zijn in deze context niet zinvol.

Amendement  10

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 bis – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren voor regionale solidariteit en samenwerking aannemen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

4. De Commissie kan richtsnoeren voor regionale solidariteit en samenwerking wijzigen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  11

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 6 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) Het volgende artikel 6 bis wordt ingevoegd:

 

"Artikel 6 bis

 

Bepalingen over de ontvlechting van transmissiesysteembeheerders

 

Teneinde de onafhankelijkheid van transmissiesysteembeheerders te waarborgen, dienen de lidstaten te waarborgen dat verticaal geïntegreerde bedrijven met ingang van ... * voldoen aan artikel 7, lid 1(a) t/m (d) inzake de ontvlechting van de eigendom, artikel 9 inzake onafhankelijke systeembeheerders of artikel 9 ter inzake effectieve en efficiënte ontvlechting."

___________

* Eén jaar na de omzettingsdatum.

Motivering

Mits praktisch haalbaar, moet aan de lidstaten een derde optie worden aangeboden die geen ingrijpende gevolgen voor de eigendomsstructuren van de lidstaten inhoudt en verticaal geïntegreerde bedrijven in staat stelt het netwerk, met inachtneming van strenge voorwaarden en verplichtingen, in het vervolg gezamenlijk te beheren.

Amendement  12

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 5

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 7 ter – lid 13

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13. De Commissie stelt richtsnoeren vast met een nadere omschrijving van de procedure die moet worden gevolgd voor de toepassing van de leden 6 tot en met 9. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

13. De Commissie kan richtsnoeren met een nadere omschrijving van de procedure die moet worden gevolgd voor de toepassing van de leden 6 tot en met 9 wijzigen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  13

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 6 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 8 – lid 1 - letter b bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) Aan artikel 8, lid 1 wordt de volgende paragraaf toegevoegd:

 

"(b bis) dient voldoende verbindingscapaciteit tussen de verschillende transmissie-infrastructuren op te bouwen om te kunnen voldoen aan elke redelijke capaciteitsvraag, en dient de algehele efficiency van de markt te bevorderen en aan de normen met betrekking tot continuïteit van de gasvoorziening te voldoen."

Motivering

De taken van transmissiesysteembeheerders moeten worden uitgebreid teneinde te bewerkstelligen dat het gebruik van de bestaande capaciteit op een niet-discriminerende basis wordt gemaximaliseerd en nieuwe infrastructuur wordt gebouwd waar de markt daarom vraagt. Deze wijzigingen zijn van essentieel belang voor de integratie van de Europese energiemarkt.

Amendement  14

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 6 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 8 – leden 4 bis t/m 4 nonies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) Aan artikel 8 worden de volgende leden toegevoegd:

 

"4 bis. Transmissiesysteembeheerders dienen minimaal iedere twee jaar een tienjarig netwerkontwikkelingsplan op te stellen. Zij dienen efficiënte maatregelen te treffen teneinde de aangepastheid van het systeem en de leveringszekerheid te waarborgen. Dit ontwikkelingsplan dient in het bijzonder:

 

(a) de marktpartijen een indicatie te geven van de hoofdtransmissie-infrastucturen die gedurende de komende tien jaar moeten worden gebouwd;

 

(b) alle reeds goedgekeurde investeringen te bevatten en nieuwe investeringen aan te wijzen waarover gedurende de komende drie jaar een tenuitvoerleggingsbesluit moet worden genomen.

 

4 ter. Met het oog op de uitwerking van het tienjarig ontwikkelingsplan dient iedere transmissiesysteembeheerder redelijke schattingen op te stellen van de ontwikkelingen op het gebied van de opwekking, het verbruik en de uitwisseling met andere landen, waarbij rekening wordt gehouden met netwerkinvesteringsplannen op regionale en Europese schaal. Een transmissiesysteembeheerder moet deze schattingen binnen een redelijke termijn indienen bij de nationale regelgevende instantie.

 

4 quater. De nationale regelgevende instantie dient alle relevante netwerkgebruikers op een open en transparante wijze te raadplegen op basis van een ontwerp van een tienjarig netwerkontwikkelingsplan en mag de uitkomst van de raadpleging publiceren, in het bijzonder met betrekking tot de mogelijke investeringsbehoeften.

 

4 quinquies. De nationale regelgevende instantie dient na te gaan of alle tijdens de raadpleging aangewezen investeringsbehoeften in het tienjarig netwerkontwikkelingsplan zijn opgenomen en kan van de transmissiesysteembeheerder eisen dat deze het plan aanpast.

 

4 sexies. Indien een transmissiesysteembeheerder weigert een specifieke investering die in het tienjarige netwerkinvesteringsplan is vermeld voor uitvoering gedurende de komende drie jaar, ten uitvoer te leggen, dienen de lidstaten ervoor te zorgen dat de regelgevende instantie bevoegd is:

 

(a) de transmissiesysteembeheerder te verzoeken diens investeringsverplichtingen met eigen financiële middelen na te komen; of

 

(b) onafhankelijke investeerders uit te nodigen voor een aanbesteding voor de noodzakelijke investeringen in een transmissiesysteem, waarbij de transmissiesysteembeheerder mogelijk wordt verplicht in te stemmen met:

 

-  financiering door derden;

 

-  het bouwen van activa door derden;

 

-  het beheren van nieuwe activa door derden; en/of

 

-  een verhoging van het kapitaal teneinde de noodzakelijke investeringen te financieren en onafhankelijke investeerders in de gelegenheid te stellen in het kapitaal te participeren.

 

De desbetreffende financiële regelingen moeten door de regelgevende instantie worden goedgekeurd.

 

Ongeacht of een bepaalde investering wordt gedaan door de transmissiesysteembeheerder of door een externe partij, dienen de tarieven zodanig te worden gereguleerd dat de kosten van de investering door de opbrengsten worden gedekt.

 

4 septies. De nationale regelgevende instantie dient de tenuitvoerlegging van het investeringsplan te monitoren en te evalueren.

 

4 octies. Transmissiesysteembeheerders zijn verplicht transparante en efficiënte procedures op te stellen en te publiceren die ervoor zorgen dat derden op niet-disciminerende wijze op het netwerk worden aangesloten. Deze procedures moeten worden goedgekeurd door nationale regelgevende instanties.

 

4 nonies. Transmissiesysteembeheerders zijn niet bevoegd de toegang van derden te weigeren op grond van eventuele toekomstige beperkingen in de beschikbaarheid van netwerkcapaciteit, bijvoorbeeld door knelpunten op verafgelegen delen van het transmissienetwerk. Transmissiesysteembeheerders zijn verplicht de noodzakelijke informatie te overleggen.

 

Transmissiesysteembeheerders zijn niet bevoegd een nieuw aansluitpunt te weigeren uitsluitend vanwege de extra kosten die zijn verbonden aan de noodzakelijke capaciteitstoename van netwerkonderdelen in de directe omgeving van het aansluitpunt."

Motivering

Hoewel de optie van effectieve en efficiënte juridische ontvlechting al diverse strenge voorwaarden voor deze transmissiesysteembeheerders bevat, moeten deze bepalingen ook van toepassing zijn voor transmissiesysteembeheerders waarvan de eigendom is ontvlecht en voor transmissiesysteembeheerders die optreden als onafhankelijke systeembeheerder. Niet-discriminerende toegang van derden en de noodzakelijke investeringen in het netwerk moeten te allen tijde zijn gegarandeerd, ongeacht wie het netwerk in eigendom heeft.

Amendement  15

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 8

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 9 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie kan richtsnoeren uitwerken om een volledige en effectieve naleving door de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder van lid 2 van dit artikel te waarborgen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

3. De Commissie kan richtsnoeren wijzigen om een volledige en effectieve naleving door de transmissiesysteemeigenaar en de opslagsysteembeheerder van lid 2 van dit artikel te waarborgen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  16

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 8 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 9 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis) Het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

"Artikel 9 ter

 

Effectieve en efficiënte ontvlechting van transmissiesystemen

 

Activa, uitrusting, personeel en identiteit

 

1. Transmissiesysteembeheerders dienen te beschikken over alle menselijke, fysieke en financiële middelen van het verticaal geïntegreerde bedrijf die noodzakelijk zijn voor de dagelijkse bedrijfsvoering van de gastransmissie. De transmissiesysteembeheerder dient in het bijzonder:

 

(a) te beschikken over alle benodigde activa voor de reguliere bedrijfsvoering van de gastransmissie;

 

(b) alle benodigde personeel in dienst te hebben voor de reguliere bedrijfsvoering van de gastransmissie;

 

(c) binnen een redelijke termijn te beschikken over voldoende financiële middelen voor toekomstige projecten.

 

De activiteiten die noodzakelijk worden geacht voor de reguliere bedrijfsvoering van de gastransmissie als bedoeld in letter a), b) en c), dienen minimaal het volgende te omvatten:

 

(i) vertegenwoordiging van de transmissiesysteembeheerder en contactpersonen van derden en de regelgevende instanties;

 

(ii) toekennen en beheren van de toegang door derden;

 

(iii) innen van toegangsgelden, knelpuntkosten en betalingen krachtens het compensatiemechanisme tussen transmissiesysteembeheerders conform artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1775/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten;*

 

(iv) beheer, onderhoud en ontwikkeling van het transmissiesysteem;

 

(v) investeringsplanning, zodat het systeem op lange termijn blijft voldoen aan een redelijke vraag en teneinde de leveringszekerheid te waarborgen;

 

(vi) juridische diensten; en

 

(vii) boekhoudkundige en IT-diensten.

 

2. De transmissiesysteembeheerder mag naast de transmissie zelf geen andere activiteiten ondernemen die in conflict kunnen komen met zijn eigen taken, waaronder het bezit van aandelen of participaties in een onderneming of een onderdeel van het verticaal geïntegreerde bedrijf of een ander gas- of elektriciteitsbedrijf. Uitzonderingen hierop zijn uitsluitend mogelijk met voorafgaande toestemming van de nationale regelgevende instantie en hebben uitsluitend betrekking op het bezit van aandelen en participaties van andere netbedrijven.

 

3. De transmissiesysteembeheerder dient een eigen bedrijfsidentiteit te hebben die zich duidelijk onderscheidt van het verticaal geïntegreerde bedrijf, met een andere merkvoering, communicatie en locatie.

 

4. De transmissiesysteembeheerder mag het verticaal geïntegreerde bedrijf in geen geval voorzien van gevoelige informatie of informatie die een concurrentievoordeel opleveren, voor zover de beheerder deze informatie niet met alle marktpartijen in gelijke mate en op niet-discriminerende wijze deelt. Welke typen informatie onder deze bepaling vallen, wordt door de transmissiesysteembeheerder in overleg met de regelgevende instantie vastgelegd.

 

5. De boeken van de transmissiesysteembeheerder worden gecontroleerd door een accountant van het verticaal geïntegreerde bedrijf en de daaraan gelieerde ondernemingen.

 

Onafhankelijkheid van de leiding en de president-directeur/directie van de transmissiesysteembeheerder

 

6. Besluiten over de benoeming en over de voortijdige beëindiging van het dienstverband van de president-directeur of directieleden van de transmissiesysteembeheerder en over hun respectieve contractuele dienstverbanden en de beëindiging daarvan dienen te worden gemeld bij de regelgevende instantie of een andere bevoegde nationale overheidsinstantie. Dergelijke besluiten kunnen alleen een bindend karakter krijgen indien de regelgevende instantie of een andere bevoegde nationale overheidsinstantie binnen drie weken na de kennisgeving van het besluit geen gebruik heeft gemaakt van haar vetorecht. Een veto kan worden uitgesproken bij ernstige twijfels aan de professionele onafhankelijkheid van een kandidaat enerzijds of aan de motivering voor de voortijdige beëindiging van het dienstverband anderzijds.

 

7. Ingeval van klachten van de leiding van de transmissiesysteembeheerder met betrekking tot de voortijdige beëindiging van hun dienstverband dient het effectieve recht van beroep voor de regelgevende instantie of een andere bevoegde nationale overheidsinstantie of een gerechtshof te worden gewaarborgd.

 

8. De regelgevende instantie dient binnen zes maanden een besluit over een bezwaar te nemen. Overschrijding van deze termijn is alleen toegestaan indien dit zakelijk gerechtvaardigd is.

 

9. Na beëindiging van het dienstverband bij de transmissiesysteembeheerder mogen president-directeuren of directieleden gedurende niet minder dan drie jaar niet betrokken zijn bij enige productie- of leveringsactiviteit van het verticaal geïntegreerde bedrijf.

 

10. De president-directeur en de directieleden mogen geen belang hebben in of vergoedingen ontvangen voor enige bedrijvigheid van het verticaal geïntegreerde bedrijf, anders dan de transmissiesysteembeheerder. Zijn, haar of hun beloning mag op geen enkele wijze samenhangen met andere activiteiten van het verticaal geïntegreerde bedrijf dan die van de transmissiesysteembeheerder.

 

11. De president-directeur en de directieleden van de transmissiesysteembeheerder mogen geen verantwoordelijkheid dragen, direct noch indirect, voor het dagelijks beheer van enige tak van het verticaal geïntegreerde bedrijf.

 

12. Behoudens het bepaalde in dit artikel beschikt de transmissiesysteembeheerder over werkzame besluitvormingsbevoegdheden, onafhankelijk van het geïntegreerde gasbedrijf, met betrekking tot de benodigde activa voor het beheer, onderhoud en de ontwikkeling van het netwerk. Dit staat geenszins het bestaan in de weg van passende coördinatiemechanismen om ervoor te zorgen dat de financiële en beheertoezichtsrechten van de moedermaatschappij in verband met het rendement van activa, indirect gereguleerd in overeenstemming met artikel 24 quater, in een dochtermaatschappij zijn gewaarborgd. In het bijzonder dient dit de moedermaatschappij in staat te stellen het financieel jaarplan of een vergelijkbaar instrument van de transmissiesysteembeheerder goed te keuren en algemene grenswaarden vast te stellen voor de schuldenlasten van de dochtermaatschappij. Dit betekent niet dat de moedermaatschappij bevoegd is instructies te geven met betrekking tot het dagelijks beheer of afzonderlijke besluiten over de aanleg of verbetering van gastransmissieleidingen die de voorwaarden van het goedgekeurde financieel jaarplan of een gelijkwaardig instrument niet overstijgen.

 

Raad van toezicht en raad van bestuur

 

13. De voorzitter van de raad van toezicht of de raad van bestuur van de transmissiesysteembeheerder mag niet deelnemen aan enige productie- of leveringsactiviteit van het verticaal geïntegreerde bedrijf.

 

14. De raad van toezicht of de raad van bestuur van de transmissiesysteembeheerder dient onafhankelijke leden te omvatten die voor een termijn van minimaal tien jaar moeten worden aangesteld. Hun aanstelling dient te worden aangemeld bij de regelgevende instantie of een andere bevoegde nationale overheidsinstantie en wordt bindend krachtens de bepalingen van lid 7.

 

15. In het kader van lid 14 wordt een lid van de raad van toezicht of de raad van bestuur van de transmissiesysteembeheerder als onafhankelijk beschouwd wanneer hij of zij geen zakelijke of andere relatie onderhoudt met het verticaal geïntegreerde bedrijf, de aandeelhouders met beheersende belangen daarvan of de leiding van een van deze entiteiten, waardoor een belangenconflict ontstaat, zoals aantasting van zijn of haar oordeelsvaardigheid en, in het bijzonder, indien hij of zij:

 

(a) gedurende de vijf jaar voorafgaand aan zijn of haar aanstelling bij de raad van toezicht of de raad van bestuur niet in dienst is geweest bij een van de productie- of leveringsonderdelen van het verticaal geïntegreerde bedrijf;

 

(b) geen belang heeft in en geen vergoeding ontvangt van het verticaal geïntegreerde bedrijf of een daaraan gelieerde onderneming, met uitzondering van de transmissiesysteembeheerder zelf;

 

(c) gedurende zijn of haar aanstelling bij de raad van toezicht of de raad van bestuur geen relevante zakelijke relatie onderhoudt meet een leveringsonderdeel van het verticaal geïntegreerde bedrijf; en

 

(d) geen zitting heeft in de directie van een bedrijf waarvan de leden van de raad van toezicht of de raad van bestuur door het verticaal geïntegreerde bedrijf worden aangesteld.

 

Nalevingsfunctionaris

 

16. De lidstaten dienen ervoor te zorgen dat transmissiesysteembeheerders een nalevingsprogramma opstellen en ten uitvoer leggen waarin de maatregelen zijn vastgelegd teneinde discriminerend gedrag uit te sluiten. Het programma dient de specifieke verplichtingen van werknemers in dit kader te omschrijven en dient te worden goedgekeurd door de regelgevende instantie of een andere bevoegde nationale overheidsinstantie. Naleving van het programma dient te worden bewaakt door een onafhankelijke nalevingsfunctionaris. De regelgevende instantie is bevoegd tot het opleggen van sancties indien het nalevingsprogramma niet op de juiste wijze ten uitvoer wordt gelegd.

 

17. De president-directeur of de directie van de transmissiesysteembeheerder dient een persoon of een commissie als nalevingsfunctionaris aan te stellen teneinde:

 

(a) de tenuitvoerlegging van het nalevingsprogramma te bewaken;

 

(b) een jaarrapport op te stellen waarin de maatregelen zijn omschreven die in het kader van de tenuitvoerlegging van het nalevingsprogramma zijn getroffen en dit rapport in te dienen bij de regelgevende instantie; en

 

(c) aanbevelingen over het nalevingsprogramma en de tenuitvoerlegging daarvan te doen.

 

18. De onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris dient met name te worden gewaarborgd door de voorwaarden van zijn of haar arbeidsovereenkomst.

 

19. De nalevingsfunctionaris dient in de gelegenheid te worden gesteld zich geregeld tot de raad van toezicht of de raad van bestuur van de transmissiesysteembeheerder, het verticaal geïntegreerde bedrijf en de regelgevende instanties te wenden.

 

20. De nalevingsfunctionaris dient alle bijeenkomsten van de raad van toezicht of de raad van bestuur van de transmissiesysteembeheerder bij te wonen waarin de volgende onderwerpen aan bod komen:

 

(a) voorwaarden voor de toegang tot en de aansluiting op het net, waarbij inbegrepen het innen van toegangsgelden, knelpuntkosten en betalingen krachtens het compensatiemechanisme tussen transmissiesysteembeheerders conform artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1775/2005;

 

(b) projecten in het kader van het beheer, het onderhoud en de ontwikkeling van het transmissienetwerk, inclusief verbindings- en aansluitingsinvesteringen;

 

(c) salderingsregels, waarbij inbegrepen de flexibiliteitsbehoeften van de transmissiesysteembeheer; en

 

(d) energieaankopen om de behoeften van de transmissiesysteembeheerder te dekken.

 

21. Tijdens de bijeenkomsten als bedoeld in lid 19 dient de nalevingsfunctionaris te voorkomen dat gegevens over activiteiten van verbruikers of leveranciers die mogelijk commercieel voordeel kunnen opleveren, op discriminerende wijze aan de raad van toezicht of de raad van bestuur worden bekendgemaakt.

 

22. De nalevingsfunctionaris dient toegang te krijgen tot alle relevante boeken, archieven en kantoren van de transmissiesysteembeheerder en alle benodigde informatie voor de uitoefening van zijn of haar taken.

 

23. De nalevingsfunctionaris dient door de president-directeur of de directie uitsluitend na goedkeuring door de regelgevende instantie te worden benoemd en ontslagen.

 

24. Na zijn of haar ontslag mag de nalevingsfunctionaris gedurende minimaal vijf jaar geen zakelijke relaties met het verticaal geïntegreerde bedrijf onderhouden.

 

Netwerkontwikkeling en bevoegdheden ten aanzien van investeringsbesluiten

 

25. Transmissiesysteembeheerders dienen minimaal iedere twee jaar een tienjarig netwerkontwikkelingsplan op te stellen. Zij dienen efficiënte maatregelen te treffen teneinde de aangepastheid van het systeem en de leveringszekerheid te waarborgen.

 

26. Het tienjarenplan dient in het bijzonder:

 

(a) de marktpartijen een indicatie te geven van de hoofdtransmissie-infrastucturen die gedurende de komende tien jaar moeten worden gebouwd;

 

(b) alle reeds goedgekeurde investeringen te bevatten en nieuwe investeringen aan te wijzen waarover gedurende de komende drie jaar een tenuitvoerleggingsbesluit moet worden genomen.

 

27. Met het oog op de uitwerking van het tienjarige ontwikkelingsplan dient iedere transmissiesysteembeheerder een redelijke schatting te doen van de ontwikkelingen op het gebied van de opwekking, het verbruik en de uitwisseling met andere landen, waarbij rekening wordt gehouden met netwerkinvesteringsplannen op regionale en Europese schaal. Een transmissiesysteembeheerder moet deze schattingen binnen een redelijke termijn indienen bij de nationale regelgevende instantie.

 

28. De nationale regelgevende instantie dient alle relevante netwerkgebruikers op een open en transparante wijze te raadplegen op basis van een ontwerp van een tienjarig netwerkontwikkelingsplan en kan de uitkomst van de raadpleging publiceren, in het bijzonder met betrekking tot de mogelijke investeringsbehoeften.

 

29. De nationale regelgevende instantie dient na te gaan of alle tijdens de raadpleging aangewezen investeringsbehoeften in het tienjarig netwerkontwikkelingsplan zijn opgenomen en kan van de transmissiesysteembeheerder eisen dat deze het plan aanpast.

 

30. Indien een transmissiesysteembeheerder weigert een specifieke investering die in het tienjarige netwerkinvesteringsplan is vermeld voor uitvoering gedurende de komende drie jaar, ten uitvoer te leggen, dienen de lidstaten ervoor te zorgen dat de regelgevende instantie bevoegd is:

 

(a) de transmissiesysteembeheerder te verzoeken diens investeringsverplichtingen met eigen financiële middelen na te komen; of

 

(b) onafhankelijke investeerders uit te nodigen voor een aanbesteding voor de noodzakelijke investeringen in een transmissiesysteem en de transmissiesysteembeheerder te verplichten:

 

- in te stemmen met financiering door derden;

 

- in te stemmen met het bouwen van activa door derden, of nieuwe activa te creëren, en/of

 

- de nieuwe activa te exploiteren.

 

De desbetreffende financiële regelingen moeten door de regelgevende instantie worden goedgekeurd.

 

Ongeacht of een bepaalde investering wordt gedaan door de transmissiesysteembeheerder of door een externe partij, dienen de tarieven zodanig te worden gereguleerd dat de kosten van de investering door de opbrengsten worden gedekt.

 

31. De bevoegde nationale overheidsinstantie dient de tenuitvoerlegging van het investeringsplan te bewaken en te evalueren.

 

Beslissingsbevoegdheden inzake de toegang van derden tot het transmissienetwerk

 

32. Transmissiesysteembeheerders zijn verplicht transparante en efficiënte procedures op te stellen en te publiceren die ervoor zorgen dat derden zonder onderscheid op het netwerk worden aangesloten. Deze procedures moeten worden goedgekeurd door nationale regelgevende instanties.

 

33. Transmissiesysteembeheerders zijn niet bevoegd de toegang van derden te weigeren op grond van eventuele toekomstige beperkingen in de beschikbaarheid van netwerkcapaciteit, bijvoorbeeld door knelpunten op verafgelegen delen van het transmissienetwerk. Transmissiesysteembeheerders zijn verplicht de noodzakelijke informatie te overleggen.

 

34. Transmissiesysteembeheerders zijn niet bevoegd een nieuw aansluitpunt te weigeren uitsluitend vanwege de extra kosten die zijn verbonden aan de noodzakelijke capaciteitstoename van netwerkonderdelen in de directe omgeving van het aansluitpunt.

 

Regionale samenwerking

 

35. Als lidstaten kiezen voor regionale samenwerking, dienen zij aan de transmissiesysteembeheerders gedetailleerde verplichtingen op te leggen waaraan binnen helder gedefinieerde tijdschema's moet worden voldaan. Bovendien moeten de verplichtingen stapsgewijs tot de oprichting van een gemeenschappelijke regionale distributiecentrale (common regional dispatching centre) leiden, die uiterlijk … verantwoordelijk is voor veiligheidsvraagstukken.

 

36. In het kader van de samenwerking tussen meerdere lidstaten op regionaal niveau wijzen deze in overleg met de Commissie een regionale coördinator aan.

 

37. De regionale coördinator stimuleert op regionaal niveau de samenwerking van regelgevende instanties en alle andere bevoegde instanties, netbeheerders, energiebeurzen (Power Exchanges), netgebruikers en marktpartijen. De coördinator dient met name:

 

(a) nieuwe, efficiënte investeringen in de verbindingsinfrastructuur te stimuleren. Daartoe moet hij of zij de transmissiesysteembeheerders helpen bij de opstelling van hun regionale verbindingsinfrastructuurplan en bij de afstemming van hun investeringsbesluiten en eventueel hun Open Season-procedures;

 

(b) het efficiënte en veilige gebruik van het net te stimuleren. In dit kader draagt de coördinator door de opstelling van gemeenschappelijke toewijzing en gemeenschappelijke beveiligingsmechanismen bij aan de afstemming tussen transmissiesysteembeheerders, nationale regelgevende instanties en andere bevoegde nationale instanties;

 

(c) de Commissie en de betreffende lidstaten ieder jaar in kennis te stellen van de in de regio geboekte vooruitgang en van alle problemen of hindernissen die de voortgang in de weg kunnen staan.

 

Sancties

 

38. Om aan de plichten die de nationale regelgevende instantie in dit artikel worden opgelegd, te kunnen voldoen, krijgt zij de volgende rechten:

 

(a) het recht de transmissiesysteembeheerders te sommeren alle benodigde informatie te verstrekken en alle medewerkers van de transmissiesysteembeheerder rechtstreeks te benaderen; bij twijfel is dit recht ook van toepassing op het verticaal geïntegreerde bedrijf en de filialen daarvan;

 

(b) het recht alle benodigde onderzoeken met betrekking tot de transmissiesysteembeheerders en, bij twijfel, het verticaal geïntegreerde bedrijf en de filialen daarvan uit te voeren; hierop zijn de voorschriften van artikel 20 van Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag.***

 

39. Om aan de plichten in de zin van dit artikel te kunnen voldoen, heeft de nationale regelgevende instantie het recht effectieve en passende sancties met een afschrikwekkende werking aan de transmissiesysteembeheerder en/of het verticaal geïntegreerde bedrijf op te leggen indien deze hun plichten krachtens dit artikel of de besluiten van de nationale regelgevende instantie niet nakomen. Dit recht omvat:

 

(a) het recht effectieve en passende geldboetes met een afschrikwekkende werking op te leggen, waarvan de hoogte samenhangt met de omzet van de transmissiesysteembeheerder;

 

(b) het recht maatregelen met betrekking tot discriminerende handelwijzen te treffen.

 

__________* PB L 289 van 3.11.2005, blz. 1.

** Zes jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn

*** PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1, Verordening laatstelijk gewijzigd door Verordening (EG) nr. 1419/2006 (PB L 269 van 28.9.2006, blz. 1)."

Motivering

Mits praktisch haalbaar, moet aan de lidstaten een derde optie worden aangeboden die geen ingrijpende gevolgen voor de eigendomsstructuren van de lidstaten inhoudt en verticaal geïntegreerde bedrijven in staat stelt het netwerk, met inachtneming van strenge voorwaarden en verplichtingen, in het vervolg gezamenlijk te beheren.

Amendement  17

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 10

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 13 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen om volledige en effectieve naleving door de distributiesysteembeheerder van lid 2 van dit artikel te waarborgen, meer bepaald op het gebied van volledige onafhankelijkheid van de distributiesysteembeheerder, de afwezigheid van discriminerend gedrag en het voorkomen dat bij de leveringsactiviteit van het verticaal geïntegreerde bedrijf op oneerlijke wijze voordeel wordt gehaald uit die verticale integratie. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Schrappen

Motivering

Het is niet zinvol om hier richtsnoeren van deze omvang vast te stellen.

Amendement  18

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 5 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Binnen twee maanden na ontvangst van de kennisgeving kan de Commissie de betrokken regelgevende instantie verzoeken het besluit tot verlening van de ontheffing te wijzigen of in te trekken. Deze termijn vangt aan op de dag volgende op die van de ontvangst van de kennisgeving. De termijn van twee maanden kan met twee maanden worden verlengd indien de Commissie aanvullende informatie behoeft. Deze termijn vangt aan op de dag volgende op die van de ontvangst van de aanvullende informatie. De termijn van twee maanden kan ook worden verlengd wanneer zowel de Commissie als de betrokken regelgevende instantie daarmee instemt. Wanneer de opgevraagde informatie niet binnen de in het verzoek om informatie vastgestelde termijn wordt verstrekt, wordt de kennisgeving geacht te zijn ingetrokken tenzij, alvorens die termijn afloopt, de termijn is verlengd met de instemming van zowel de Commissie als de regelgevende instantie of tenzij de regelgevende instantie in een met redenen omklede verklaring de Commissie ervan op de hoogte heeft gebracht dat zij de kennisgeving als volledig beschouwt.

5. Binnen twee maanden na ontvangst van de kennisgeving inzake mededingingsregels kan de Commissie de betrokken regelgevende instantie verzoeken het besluit tot verlening van de ontheffing te wijzigen of in te trekken. Deze termijn vangt aan op de dag volgende op die van de ontvangst van de kennisgeving. De termijn van twee maanden kan met twee maanden worden verlengd indien de Commissie aanvullende informatie behoeft. Deze termijn vangt aan op de dag volgende op die van de ontvangst van de aanvullende informatie. De termijn van twee maanden kan ook worden verlengd wanneer zowel de Commissie als de betrokken regelgevende instantie daarmee instemt. Wanneer de opgevraagde informatie niet binnen de in het verzoek om informatie vastgestelde termijn wordt verstrekt, wordt de kennisgeving geacht te zijn ingetrokken tenzij, alvorens die termijn afloopt, de termijn is verlengd met de instemming van zowel de Commissie als de regelgevende instantie of tenzij de regelgevende instantie in een met redenen omklede verklaring de Commissie ervan op de hoogte heeft gebracht dat zij de kennisgeving als volledig beschouwt.

Motivering

Het is in dit verband niet de taak van de Commissie maar van ACER om uitzonderingen toe te staan. Alleen bij beslissingen die van belang zijn voor de mededinging zou de Commissie in actie moeten komen.

Amendement  19

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. De Commissie kan richtsnoeren aannemen voor de toepassing van de in lid 1 bedoelde voorwaarden en ter omschrijving van de procedure die moet worden gevolgd voor de toepassing van lid 4 en 5. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

6. De Commissie kan richtsnoeren wijzigen voor de toepassing van de in lid 1 bedoelde voorwaarden en ter omschrijving van de procedure die moet worden gevolgd voor de toepassing van lid 4 en 5. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  20

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) samenwerken in verband met grensoverschrijdende kwesties met de regelgevende instantie of instanties van de desbetreffende lidstaten;

(b) samenwerken in verband met grensoverschrijdende kwesties met de regelgevende instantie of instanties van de desbetreffende lidstaten, onder meer om ervoor te zorgen dat transmissiesysteembeheerders gezamenlijk en ieder afzonderlijk voldoende verbindingscapaciteit tussen hun transmissie-infrastructuren bouwen, zodat kan worden voldaan aan de eisen van een efficiënte markt en de criteria met betrekking tot de leveringszekerheid van gas, zonder onderscheid te maken tussen leveranciers in de verschillende lidstaten;

Motivering

Om te komen tot een uiterst zorgvuldige regelgeving, of die nu van transmissiesysteembeheerders in particuliere of in overheidshanden is, moet worden gewaarborgd dat in besluiten met betrekking tot investeringen en infrastructuurgebruik evenzeer rekening wordt gehouden met verbruikers die alleen binnen de nationale grenzen actief zijn als met verbruikers die van onderling verbonden systemen gebruikmaken. In dit opzicht schiet lid 1, onder b) tekort. Het belangrijkste doel of de belangrijkste doelstelling van de samenwerking tussen nationale regelgevende instanties moet worden verduidelijkt.

Amendement  21

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter k

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(k) monitoring en herziening van de voorwaarden voor toegang tot opslag, leidingbuffer en andere ondersteunende diensten als bedoeld in artikel 19;

(k) monitoring van de voorwaarden voor toegang tot opslag, leidingbuffer en andere ondersteunende diensten als bedoeld in artikel 19;

Motivering

Het verschil tussen "monitoring" en "herziening" is niet duidelijk. De toevoeging "en herziening" lijkt een juridische basis te scheppen voor specifieke nieuwe ex-antebevoegdheden met betrekking tot opslag, leidingbuffer en andere ondersteunende diensten, hoewel het toegangsregime voor opslag, leidingbuffer en ondersteunende diensten, mits de staten daarmee instemmen, kan worden gebaseerd op onderhandelingen. Het is van essentieel belang dat de lidstaten kunnen kiezen voor ongereguleerde (markt)mechanismen, die veel meer prikkelen tot investeringen in opslag.

Amendement  22

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter n

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(n) waarborgen van de toegang van de consument tot verbruiksgegevens, het gebruik van een geharmoniseerd formaat voor verbruiksgegevens en de toegang tot de gegevens overeenkomstig punt h), van bijlage A.

(n) waarborgen alle marktpartijen een efficiënte en niet-discriminerende toegang van de consument tot verbruiksgegevens, het gebruik van een geharmoniseerd formaat voor verbruiksgegevens en de toegang tot de gegevens overeenkomstig punt h), van bijlage A.

Motivering

Er is een nauwkeuriger formulering nodig om te waarborgen dat de aardgasmarkt voor alle marktpartijen wordt opengesteld.

Amendement  23

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter p

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(p) monitoring van de correcte toepassing van de criteria die bepalen of een opslagfaciliteit onder artikel 19, lid 3 of lid 4, valt.

(p) monitoring van de correcte toepassing van de criteria die bepalen of toegang tot opslagfaciliteiten en leidingbuffer technisch en/of economisch noodzakelijk is om te zorgen voor een efficiënte toegang tot het systeem voor de levering aan consumenten.

Motivering

Dit is voor de samenhang met nieuwe bepalingen in artikel 19, lid 1, waarin de lidstaten worden verplicht criteria op te stellen volgens welke kan worden bepaald of de toegang tot opslagfaciliteiten en leidingbuffer technisch en/of economisch noodzakelijk is om te zorgen voor een efficiënte toegang tot het systeem voor de levering aan consumenten.

Amendement  24

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 3 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) in samenwerking met de nationale mededingingsautoriteit onderzoeken opzetten over de functionering van de gasmarkten en, wanneer er geen inbreuken op de mededingingsregels zijn, beslissen over passende, noodzakelijke en evenredige maatregelen om een daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede functionering van de markt te waarborgen, inclusief programma's om gas ter beschikking te stellen;

(b) in samenwerking met de nationale mededingingsautoriteit, en rekening houdend met de respectievelijke bevoegdheden van elke autoriteit, onderzoeken opzetten over de functionering van de gasmarkten en aan de bevoegde instanties passende, noodzakelijke en evenredige maatregelen voor te stellen om een daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede functionering van de markt te waarborgen;

Motivering

Zonder een duidelijk concurrentiekader zou dit voorstel ertoe leiden dat instanties onbeperkte en onvoorspelbare bevoegdheden tot ingrijpen in de markt krijgen, met overlappingen met binnenlandse bevoegdheden.

Gasvrijgaveprogramma's kunnen binnen een bepaald gebied op de korte termijn kunstmatige gasleveringsbronnen opleveren, maar de invloed daarvan op de eindprijs lijken in een vrije markt onvoorspelbaar. Deze zijn afgestemd op langdurige gasimportcontracten, die door een neerwaartse trend in gevaar zouden komen.

Er moet rekening worden gehouden met de verschillen in bevoegdheid tussen de energie-autoriteit en de mededingingsautoriteit.

Amendement  25

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 4 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) de verbinding met en toegang tot nationale netwerken, inclusief de transmissie- en distributietarieven en voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties. Deze tarieven maken de vereiste investeringen in de netwerken en LNG-installaties mogelijk waardoor de levensvatbaarheid van die netwerken en LNG-installaties kan worden gewaarborgd.

(a) de verbinding met en toegang tot nationale netwerken, inclusief de transmissie- en distributietarieven, de berekeningsmethoden daarvan en voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties. Deze tarieven maken de vereiste investeringen in de netwerken en LNG-installaties mogelijk waardoor de levensvatbaarheid van die netwerken en LNG-installaties kan worden gewaarborgd.

Motivering

De berekeningsmethoden voor de transmissie- en distributietarieven moeten de regelgevende instantie ter inzage worden aangeboden.

Amendement  26

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6. De regelgevende instanties zijn bevoegd om zo nodig van de beheerders van transmissie-, opslag-, LNG- en distributiesystemen te verlangen dat zij hun in dit artikel bedoelde voorwaarden, inclusief tarieven, wijzigen om te waarborgen dat zij evenredig zijn en op niet-discriminerende wijze worden toegepast.

6. De regelgevende instanties zijn bevoegd om zo nodig van de beheerders van infrastructuur die onderhevig is aan de gereguleerde toegang van derden krachtens de bepalingen van artikel 18, artikel 19, lid 4, en artikel 20, te verlangen dat zij hun in dit artikel bedoelde voorwaarden, inclusief tarieven, wijzigen om te waarborgen dat zij evenredig zijn en op niet-discriminerende wijze worden toegepast.

Motivering

Dit om rekening te houden met het feit dat de richtlijn de mogelijkheid biedt de toegang tot de infrastructuren onder bepaalde omstandigheden niet te reguleren, dat wil zeggen: als krachtens artikel 22 een ontheffing wordt verleend of als een lidstaat heeft gekozen voor een toegangsregime met betrekking tot de opslag op basis van onderhandelingen (artikel 19, lid 3).

Amendement  27

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 13

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13. De lidstaten waken erover dat er geschikte mechanismen op nationaal niveau bestaan krachtens welke een partij die getroffen wordt door een besluit van de nationale regelgevende instantie beroep kan aantekenen bij een instantie die onafhankelijk is van de betrokken partijen.

13. De lidstaten waken erover dat er geschikte mechanismen op nationaal niveau bestaan krachtens welke een partij die getroffen wordt door een besluit van de nationale regelgevende instantie beroep kan aantekenen bij een nationaal gerechtshof of andere nationale instanties die onafhankelijk zijn van de betrokken partijen en de regering van de betreffende lidstaat.

Motivering

Bij beroepsprocedures tegen besluiten van de regelgevende instantie moet een orgaan worden ingeschakeld dat in zijn besluitvorming onafhankelijk is van particuliere of politieke invloeden.

Amendement  28

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 14

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

14. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen betreffende de toepassing door de regelgevende instanties van de dit in artikel omschreven bevoegdheden. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

14. De Commissie kan richtsnoeren wijzigen betreffende de toepassing door de regelgevende instanties van de dit in artikel omschreven bevoegdheden. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  29

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quinquies – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen over de omvang van de opdracht van de regelgevende instanties tot onderlinge samenwerking en tot samenwerking met het Agentschap en over de situaties waarin het Agentschap bevoegd wordt om te beslissen over het regelgevingsstelsel voor infrastructuur die ten minste twee lidstaten verbindt. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

4. De Commissie kan richtsnoeren wijzigen over de omvang van de opdracht van de regelgevende instanties tot onderlinge samenwerking en tot samenwerking met het Agentschap en over de situaties waarin het Agentschap bevoegd wordt om te beslissen over het regelgevingsstelsel voor infrastructuur die ten minste twee lidstaten verbindt. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  30

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 sexies – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het Agentschap geeft binnen een termijn van vier maanden zijn advies aan de regelgevende instantie die hierom heeft verzocht of aan de Commissie, alsook aan de regelgevende instantie die het besluit in kwestie heeft genomen.

2. Het Agentschap geeft binnen een termijn van twee maanden zijn advies aan de regelgevende instantie die hierom heeft verzocht of aan de Commissie, alsook aan de regelgevende instantie die het besluit in kwestie heeft genomen.

Motivering

Kortere termijnen.

Amendement  31

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 sexies – lid 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9. De Commissie stelt richtsnoeren vast waarin de voor de toepassing van dit artikel te volgen procedure nader wordt omschreven. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

9. De Commissie wijzigt richtsnoeren waarin de voor de toepassing van dit artikel te volgen procedure nader wordt omschreven. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  32

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De lidstaten eisen van hun aardgasleveranciers dat zij gedurende ten minste vijf jaar de relevante gegevens met betrekking tot al hun transacties in gasleveringscontracten en aardgasderivaten met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders ter beschikking houden van hun nationale regelgevende instantie, de nationale mededingingsautoriteit en de Commissie.

1. De lidstaten eisen van hun aardgasleveranciers dat zij gedurende ten minste vijf jaar de relevante gegevens met betrekking tot al hun transacties in gasleveringscontracten en aardgasderivaten met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders, ten behoeve van de uitoefening van hun taken, ter beschikking houden van de bevoegde instanties.

Motivering

De voorwaarden voor het verzamelen van gegevens over contracten met grootafnemers moeten duidelijk omschreven zijn en betrekking hebben op de specifieke taken van de bevoegde instanties. De bevoegde instanties kunnen andere organen zijn dan de instanties die in de ontwerprichtlijn zijn genoemd.

Amendement  33

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Deze gegevens omvatten bijzonderheden betreffende de kenmerken van de relevante transacties, zoals looptijd, leverings- en betalingsregels, de hoeveelheden, de uitvoeringsdatums en -tijdstippen, de transactieprijzen en middelen om de grootafnemer te identificeren, alsmede gespecificeerde nadere gegevens over alle openstaande posities in gasleveringscontracten en aardgasderivaten.

2. Deze gegevens kunnen bijzonderheden betreffende de kenmerken van de relevante transacties, zoals looptijd, leverings- en betalingsregels, de hoeveelheden, de uitvoeringsdatums en -tijdstippen, de transactieprijzen en middelen om de grootafnemer te identificeren, alsmede gespecificeerde nadere gegevens over alle openstaande posities in gasleveringscontracten en aardgasderivaten omvatten.

Motivering

Artikel 24 septies dient alleen de raamvoorwaarden voor de plicht tot het bewaren van gegevens te beschrijven, en niet de precieze inhoud van de betreffende gegevens. Dit moet worden gedaan binnen het kader van de desbetreffende richtlijnen die door nadere wijzigingsaanvragen ook door het Europees Parlement zijn vastgesteld.

Amendement  34

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Teneinde een eenvormige toepassing van dit artikel te waarborgen, kan de Commissie richtsnoeren vaststellen waarin de methoden en regelingen voor de rapportering van transacties en de vorm en inhoud van bedoelde verslagen worden omschreven. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

4. Teneinde een eenvormige toepassing van dit artikel te waarborgen, kan de Commissie richtsnoeren wijzigen waarin de methoden en regelingen voor de rapportering van transacties en de vorm en inhoud van bedoelde verslagen worden omschreven. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt gewijzigd overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  35

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Wat transacties in aardgasderivaten van leveringsbedrijven met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders, alsmede opslag- en LNG-systeembeheerders betreft, wordt dit artikel pas van kracht nadat de Commissie de in lid 4 bedoelde richtsnoeren heeft vastgesteld.

5. Wat transacties in aardgasderivaten van leveringsbedrijven met grootafnemers en transmissiesysteembeheerders, alsmede opslag- en LNG-systeembeheerders betreft, wordt dit artikel pas van kracht nadat de in lid 4 bedoelde richtsnoeren zijn vastgesteld.

Motivering

Het voorstel beoogt te bewerkstelligen dat de richtsnoeren volgens de reguliere procedures door het Parlement en de Raad worden aangenomen. De overdracht van bevoegdheden naar de Commissie dient te worden beperkt tot eventueel noodzakelijke aanpassingen.

Amendement  36

Voorstel voor een richtlijn – wijzigingsbesluit

Artikel 2 - punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) De Commissie rapporteert jaarlijks bij het Europees Parlement en de Raad over de voortgang van de omzetting van deze richtlijn in de afzonderlijke lidstaten.

PROCEDURE

Titel

Binnenmarkt voor aardgas

Document- en procedurenummers

COM(2007)0529 – C6-0317/2007 – 2007/0196(COD)

Commissie ten principale

ITRE

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

ECON

11.10.2007

 

 

 

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Bernhard Rapkay

23.10.2007

 

 

Behandeling in de commissie

29.1.2008

26.2.2008

1.4.2008

 

Datum goedkeuring

21.4.2008

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

18

5

7

Bij de eindstemming aanwezige leden

Mariela Velichkova Baeva, Zsolt László Becsey, Pervenche Berès, Sharon Bowles, Udo Bullmann, Manuel António dos Santos, Christian Ehler, Jonathan Evans, Elisa Ferreira, Jean-Paul Gauzès, Robert Goebbels, Donata Gottardi, Gunnar Hökmark, Karsten Friedrich Hoppenstedt, Sophia in ‘t Veld, Othmar Karas, Piia-Noora Kauppi, Christoph Konrad, Guntars Krasts, John Purvis, Bernhard Rapkay, Antolín Sánchez Presedo, Olle Schmidt, Margarita Starkevičiūtė, Ivo Strejček, Ieke van den Burg, Cornelis Visser, Sahra Wagenknecht

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Harald Ettl, Ján Hudacký, Alain Lipietz, Bilyana Ilieva Raeva, Gilles Savary


ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming (9.4.2008)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

inzake het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas

(COM(2007)0529 – C6-0317/2007 – 2007/0196(COD))

Rapporteur voor advies: Toine Manders

BEKNOPTE MOTIVERING

Dit voorstel voor een richtlijn vormt een wijziging van Richtlijn 2003/55/EG en betreft "gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas". Het maakt deel uit van het "energiepakket" ("De elektriciteits- en gasmarkten van de EU: derde wetgevingspakket") dat de Commissie in september 2007 heeft ingediend. Uw rapporteur voor advies is verheugd over de vijf voorstellen in het pakket en ondersteunt dit in zijn algemeenheid, aangezien het zeer belangrijk is om tot een daadwerkelijke Europese interne markt voor energie te komen. De voorstellen hebben tot doel de continuïteit van de voorziening te waarborgen en de prijzen transparant te houden en af te stemmen op de concurrerende markten ten behoeve van alle Europese consumenten. Met andere woorden, doel is het huidige liberaliseringsproces in Europa te ondersteunen en verder te ontwikkelen hetgeen uw rapporteur voor advies nadrukkelijk ondersteunt.

Hoewel uw rapporteur voor advies zich in het voorstel kan vinden, is hij van mening dat er ruimte is voor verbeteringen, voornamelijk ten aanzien van de consumentenbescherming, en derhalve stelt hij in de volgende zin amendementen voor:

· de betaalbare en gemakkelijke toegang tot energie voor alle Europese consumenten heeft voor uw rapporteur voor advies en de Commissie interne markt en consumentenbescherming een hoge prioriteit. Derhalve zijn maatregelen inzake consumentenbescherming in de gassector zeer belangrijk, met name om ervoor te zorgen dat de consumenten gemakkelijk en zonder extra kosten van leverancier kunnen veranderen, en gemakkelijk toegang tot hun verbruiksgegevens enz. hebben. Bovendien is uw rapporteur voor advies voorstander van de eisen van 2006 (opgenomen in Richtlijn 2006/32/EG betreffende energie-efficiëntie bij het eindgebruik en energiediensten) en dringt hij er bij de lidstaten op aan een systeem van "slimme meters" in te voeren en ervoor te zorgen dat de vooruitbetaling door de consumenten toereikend is en een afspiegeling vormt van hun effectieve gasverbruik.

· Om ervoor te zorgen dat de maatregelen inzake consumentenbescherming van Bijlage A ook daadwerkelijk worden toegepast moeten de nationale regelgevende autoriteiten toezien op de daadwerkelijke tenuitvoerlegging en naleving ervan. Bovendien moeten de nationale regelgevende instanties hierop controle uitoefenen en adequate sancties opleggen bij niet-naleving van de regels. De kwaliteit van de dienstverlening moet voor de gasbedrijven een essentieel doel zijn.

· Krachtens het Commissievoorstel worden de regelgevende instanties volkomen onafhankelijk. Uit hoofde van de meeste rechtssystemen in de Europese Unie is een rechtbank slechts in staat na te gaan of de regelgever de juiste procedure bij de besluitvorming heeft gevolgd (bijkomstige controle), maar kan zij geen uitspraak doen over de inhoud van het besluit. Uw rapporteur voor advies vreest dat de regelgevende instantie aldus "carte blanche" krijgt. Dit is in strijd met de algemene beginselen van wederzijdse controle.

· Uw rapporteur voor advies is van oordeel dat de continuïteit van de voorziening ten behoeve van de Europese consumenten het best kan worden verwezenlijkt door marktconcentratie te voorkomen en een doeltreffende markt voor de handel in energie in het leven te roepen. Tussen de gas- en elektriciteitssector zijn er structurele verschillen. In de gassector is er sprake van een concentratie van leveranciers en langetermijncontracten die de leveranties schragen, alsmede van een gebrek aan liquiditeit stroomafwaarts. Derhalve is moet een nieuw handelsstelsel worden ingevoerd en moeten de handelsverplichtingen een bindend karakter krijgen.

· Uw rapporteur voor advies ondersteunt ten stelligste de verklaring in de resolutie over vooruitzichten voor de interne gas- en elektriciteitsmarkt van het Parlement van 10 juli 2007 dat ontvlechting bij transmissie het belangrijkste middel is om investeringen in infrastructuur op niet-discriminerende wijze te bevorderen.

· De lidstaten hebben de plicht te zorgen voor de juiste tenuitvoerlegging en handhaving van deze richtlijn en de tenuitvoerlegging van het tweede energiepakket. Uw rapporteur voor advies dringt er bij de Commissie op aan sancties op te leggen aan lidstaten die het tweede energiepakket nog niet ten uitvoer hebben gelegd.

· Bovendien ondersteunt hij de regionale samenwerking om te zorgen dat de gaspijpleidingen in Europa beter op elkaar aansluiten. Het moet gemakkelijker zijn deze om te leggen, zodat er een goed functionerende en doeltreffende interne markt ontstaat. De lidstaten zullen zorgen voor en toezien op de regionale samenwerking en op een minimumniveau van interconnecties tussen aan elkaar grenzende lidstaten.

· In dit verband zijn meer transparantie en striktere regels inzake transmissie, opslag en/of LNG-faciliteiten nodig, zodat het voor nieuwkomers gemakkelijker is om op de gasmarkt vaste voet te krijgen.

· Tenslotte kan uw rapporteur voor advies zich vinden in het voorstel van de Commissie ten aanzien van de ontheffingsclausule voor nieuwe infrastructuur (artikel 22), maar artikel 22 zou ook moeten gelden voor interconnectoren tussen lidstaten en derde landen.

AMENDEMENTEN

De Commissie internationale handel verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement 1

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)

Amendement

 

(5 bis) De lidstaten dienen samenwerking op regionaal niveau te bevorderen en het netwerk op dat niveau op doeltreffendheid te controleren. Verschillende lidstaten hebben reeds een voorstel voor de verwezenlijking van dit doel ingediend.

Motivering

De bevordering van samenwerking op regionaal niveau en de verplichting om toe te zien op de doeltreffendheid van het netwerk zijn van groot belang voor de totstandbrenging van een echter interne markt en grensoverschrijdende samenwerking.

Amendement  2

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis) Teneinde te zorgen voor de gedegen handhaving van de vereisten inzake de ontvlechting van eigendom moet de Commissie toezicht houden op het ontvlechtingsproces in de lidstaten en hierover verslag uitbrengen aan het Europees Parlement. De Commissie dient tevens lidstaten te vervolgen die de wetgeving op het gebied van energie niet ten uitvoer hebben gelegd, welke van kracht is op het tijdstip waarop deze richtlijn in werking treedt.

Motivering

Uit de tenuitvoerlegging van het tweede energiepakket blijkt dat de Commissie het omzettingsproces en de omzettingsdatum van deze richtlijn door de lidstaten beter in het oog moet houden.

Amendement  3

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 8 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter) De lidstaten dienen regionale samenwerking te bevorderen en de mogelijkheid te krijgen een regionale coördinator aan te wijzen die is belast met de bevordering van de dialoog tussen bevoegde nationale autoriteiten. Bovendien dienen te gepasten tijde en op doeltreffende wijze nieuwe energiecentrales op het netwerk te worden aangesloten.

Motivering

Het derde "energiepakket" is van groot belang voor de afronding van het Europese liberaliseringsproces in de energie- en de gassector en voor de waarborging van een werkelijk transparante en open interne markt.

Amendement  4

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 8 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quater) Teneinde een correcte tenuitvoerlegging van het pakket te waarborgen dient de Commissie de lidstaten te ondersteunen die hierbij met problemen te kampen hebben.

Motivering

In sommige lidstaten valt nog te bezien welk effect het tweede energiepakket zal sorteren; het tweede pakket wordt daar op grond van bijzondere nationale omstandigheden nog niet correct uitgevoerd of gehandhaafd.

Amendement  5

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) Het veilig stellen van de energievoorziening is een essentieel element voor de openbare veiligheid en is daarom inherent verbonden met de efficiënte functionering van de gasmarkt in de EU. Gas kan de EU-burgers slechts bereiken via netwerken. Functionerende gasmarkten en met name de netwerken en andere activa die met de levering van gas verbonden zijn, zijn essentieel voor de openbare veiligheid, het concurrentievermogen van de economie en het welzijn van de burgers van de Gemeenschap. Onverlet haar internationale verplichtingen is de Gemeenschap van oordeel dat de sector van het gastransmissiesysteem van groot belang is voor de Gemeenschap en dat dus extra vrijwaringsmaatregelen vereist zijn met betrekking tot de invloed van derde landen teneinde alle bedreigingen voor de openbare orde in de Gemeenschap en het welzijn van haar burgers te voorkomen. Dergelijke maatregelen zijn ook noodzakelijk, met name om de naleving van de regels met het oog op effectieve ontvlechting te waarborgen.

(14) Het veilig stellen van de energievoorziening is een essentieel element voor de openbare veiligheid en is daarom inherent verbonden met de efficiënte functionering van de gasmarkt in de EU. Gas kan de EU-burgers slechts bereiken via netwerken. Functionerende open gasmarkten met daadwerkelijke handelsmogelijkheden en met name de netwerken en andere activa die met de levering van gas verbonden zijn, zijn essentieel voor de openbare veiligheid, het concurrentievermogen van de economie en het welzijn van de burgers van de Gemeenschap. Onverlet haar internationale verplichtingen is de Gemeenschap van oordeel dat de sector van het gastransmissiesysteem van groot belang is voor de Gemeenschap en dat dus extra vrijwaringsmaatregelen vereist zijn met betrekking tot de invloed van derde landen teneinde alle bedreigingen voor de openbare orde in de Gemeenschap en het welzijn van haar burgers te voorkomen. Dergelijke maatregelen zijn ook noodzakelijk, met name om de naleving van de regels met het oog op effectieve ontvlechting te waarborgen.

Amendement  6

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15) De onafhankelijkheid van de opslagsysteembeheerders moet worden gewaarborgd teneinde derden een betere toegang te geven tot opslaginstallaties die in technische en/of economische zin noodzakelijk zijn voor een efficiënte toegang tot het systeem voor levering aan de klanten. Het is daarom passend dat opslaginstallaties worden beheerd door juridisch gescheiden entiteiten die over effectieve beslissingsbevoegdheid beschikken met betrekking tot de activa die noodzakelijk zijn voor het onderhoud, de exploitatie en de ontwikkeling van opslaginstallaties. Ook moet de transparantie worden verhoogd inzake de opslagcapaciteit die aan derden ter beschikking wordt gesteld, meer bepaald door de lidstaten te verplichten een duidelijk, niet-discriminerend kader vast te stellen en bekend te maken waarin het regelgevingsstelsel dat geldt voor opslaginstallaties staat omschreven.

(15).De onafhankelijkheid van de opslagsysteembeheerders moet worden gewaarborgd teneinde derden een betere toegang te geven tot opslaginstallaties die in technische en/of economische zin noodzakelijk zijn voor een efficiënte toegang tot het systeem voor levering aan de klanten. Het is daarom passend dat opslaginstallaties worden beheerd door juridisch gescheiden entiteiten die over effectieve beslissingsbevoegdheid beschikken met betrekking tot de activa die noodzakelijk zijn voor het onderhoud, de exploitatie en de ontwikkeling van opslaginstallaties. Ook moet de transparantie doeltreffend worden verhoogd inzake de opslagcapaciteit die aan derden ter beschikking wordt gesteld, meer bepaald door de lidstaten te verplichten een duidelijk, niet-discriminerend kader vast te stellen en bekend te maken waarin het regelgevingsstelsel dat geldt voor opslaginstallaties staat omschreven.

Amendement  7

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) Niet-discriminerende toegang tot de distributienetten is bepalend voor de toegang tot gebruikers op kleinhandelsniveau. De ruimte voor discriminatie wat toegang voor derden en investeringen betreft, is echter kleiner op distributieniveau dan op transmissieniveau omdat de congestieproblemen en de invloed van de productiebelangen op het distributieniveau doorgaans minder groot zijn dan op het transmissieniveau. Bovendien is de functionele ontvlechting van de distributiesysteembeheerders overeenkomstig Richtlijn 2003/55/EG pas verplicht vanaf 1 juli 2007 en moeten de effecten daarvan op de interne markt nog worden geëvalueerd. De momenteel geldende juridische en functionele ontvlechtingsregels kunnen resulteren in effectieve ontvlechting op voorwaarde dat zij duidelijker worden geformuleerd, goed ten uitvoer worden gelegd en nauwlettend worden gemonitord. Om een gelijk speelveld op kleinhandelsniveau te creëren, moeten de activiteiten van de distributiesysteembeheerders daarom worden gemonitord om te voorkomen dat zij profiteren van hun verticale integratie ten gunste van hun concurrentiepositie op de markt, met name in verband met kleine huishoudelijke en andere klanten.

(16) Niet-discriminerende toegang tot de distributienetten is bepalend voor de toegang tot gebruikers op kleinhandelsniveau. De ruimte voor discriminatie wat toegang voor derden en investeringen betreft, is echter kleiner op distributieniveau dan op transmissieniveau omdat de congestieproblemen en de invloed van de productiebelangen op het distributieniveau doorgaans minder groot zijn dan op het transmissieniveau. Bovendien is de functionele ontvlechting van de distributiesysteembeheerders overeenkomstig Richtlijn 2003/55/EG pas verplicht vanaf 1 juli 2007 en moeten de effecten daarvan op de interne markt nog worden geëvalueerd. De momenteel geldende juridische en functionele ontvlechtingsregels kunnen resulteren in effectieve ontvlechting op voorwaarde dat zij duidelijker worden geformuleerd, goed ten uitvoer worden gelegd en nauwlettend worden gemonitord. Om een gelijk speelveld op kleinhandelsniveau en een daadwerkelijke markt te creëren, moeten de activiteiten van de distributiesysteembeheerders daarom worden gemonitord om te voorkomen dat zij profiteren van hun verticale integratie ten gunste van hun concurrentiepositie op de markt, met name in verband met kleine huishoudelijke en andere klanten.

Amendement  8

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 21 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(21 bis) De structurele rigiditeit van de gasmarkt die voortvloeit uit de concentratie van leveranciers, de langetermijncontracten aan de basis van de leveranties en het gebrek aan liquiditeit stroomafwaarts leiden tot een ondoorzichtige tariefstructuur. Om de kostenstructuur duidelijker te maken is meer transparantie nodig in de vaststelling van de prijzen en derhalve dient een handelsverplichting bindend te worden.

Motivering

Teneinde de markttoegang voor nieuwe en kleinere gasbedrijven te vergemakkelijken en voor meer transparantie ten aanzien van de gasmarkt en de gasprijzen te zorgen.

Amendement  9

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 21 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(21 ter) De consumenten moeten in deze richtlijn centraal staan. Bestaande rechten van consumenten moeten worden versterkt en gewaarborgd, en dienen meer transparantie en behartiging van belangen te omvatten. Consumentenbescherming houdt in dat alle afnemers moeten profiteren van een concurrerende markt. De rechten van consumenten dienen door nationale regelgevende instanties te worden gehandhaafd door het creëren van prikkels voor en het opleggen van sancties aan ondernemingen die niet voldoen aan de regelgeving op het gebied van consumentenbescherming en mededinging.

Motivering

De rechten van de consumenten moeten worden versterkt en zij moeten in het energiebeleid van de EU centraal staan.

Amendement  10

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 21 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(21 quater) Consumentenbescherming is afhankelijk van het bestaan van doeltreffende verhaalsmogelijkheden voor iedereen. De lidstaten dienen snelle en doeltreffende arbitrageprocedures in te voeren, met inbegrip van speciale juridische procedures en een collectief verhaalsmechanisme waaraan uitvoering wordt gegeven door een ombudsman voor energieconsumenten of een daartoe specifieke bevoegde autoriteit in elke lidstaat.

Motivering

Doeltreffende verhaalsmogelijkheden zijn van essentieel belang om een goede consumentenbescherming te waarborgen. Deze maatregelen dienen een wettelijk bindend karakter te krijgen en moeten ook deel uit maken van het toekomstige Handvest betreffende de rechten van de energieconsument, dat momenteel wordt opgesteld en dat idealiter uiterlijk zes maanden na goedkeuring van deze richtlijn door de Commissie zou moeten worden voorgelegd.

Amendement  11

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 22 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(22 bis) Alle consumenten hebben er recht op dat hun gasleverancier diensten verleent en klachten behandelt in overeenstemming met de internationale normen ISO 10001, ISO 10002 en ISO 10003. De nationale regelgevende instantie dient toe te zien op de naleving van de bestaande richtsnoeren. Nieuwe ISO-normen die op dit gebied worden ontwikkeld, dienen eveneens te worden nageleefd. In deze richtlijn dienen de normen en regelingen uit het voorstel voor een richtlijn betreffende bepaalde aspecten van bemiddeling in burgerlijke en handelszaken (2004/0251 (COD)) te worden overgenomen.

Motivering

ISO 10001 voorziet in richtsnoeren voor het opstellen van gedragscodes ten behoeve van klanttevredenheid. ISO 10002 voorziet in richtsnoeren voor de klachtenbehandeling. ISO 10003 voorziet in richtsnoeren voor de beslechting van externe geschillen. Thans wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een nieuwe ISO-norm, die ISO 10004 zal gaan heten, voor het monitoren en meten van klanttevredenheid. Deze norm dient door middel van de regelgevingsprocedure met toetsing te worden toegevoegd aan de in acht te nemen normen.

Amendement  12

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23) De openbaredienstverplichtingen en de gemeenschappelijke minimumnormen die daaruit voortvloeien, moeten verder worden versterkt om te waarborgen dat alle consumenten hun voordeel doen bij de vrije mededinging. Toegang tot verbruiksgegevens is bij de levering aan klanten een belangrijk aspect en de consumenten moeten over hun gegevens kunnen beschikken zodat zij concurrenten kunnen uitnodigen een op deze gegevens gebaseerd aanbod te doen. De consument moet ook het recht hebben om naar behoren te worden geïnformeerd over zijn energieverbruik. Op gezette tijden verstrekte informatie over de energiekosten zullen een stimulans zijn voor energiebesparing aangezien de consument hierdoor feedback krijgt over het effect van investeringen in energie-efficiëntie en het effect van gedragswijziging.

(23) De openbaredienstverplichtingen en de gemeenschappelijke minimumnormen die daaruit voortvloeien, moeten verder worden versterkt om te waarborgen dat alle consumenten hun voordeel doen bij de vrije mededinging en billijker prijzen. Toegang tot objectieve en transparante verbruiksgegevens is bij de levering aan klanten een belangrijk aspect en de consumenten moeten over hun verbruiksgegevens, de daaraan verbonden kosten en de servicekosten kunnen beschikken zodat zij concurrenten kunnen uitnodigen een op deze gegevens gebaseerd aanbod te doen. De consument moet ook het recht hebben om naar behoren te worden geïnformeerd over zijn energieverbruik en de vooruitbetaling moet toereikend zijn en het reële gasverbruik weerspiegelen. Op zijn minst om de drie maanden aan de consument verstrekte informatie over de energiekosten zullen een stimulans zijn voor energiebesparing aangezien de consument hierdoor feedback krijgt over het effect van investeringen in energie-efficiëntie.

Motivering

Ter verwezenlijking van de doelstelling van vrije en transparante mededinging dient de consument toegang te krijgen tot een brede reeks gegevens, opdat hij een geïnformeerde keuze kan maken voor een bepaalde energieleverancier. Bovendien dienen consumenten alleen te betalen voor de hoeveelheid energie die zij daadwerkelijk per maand verbruiken.

Amendement  13

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 23 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 bis) De lidstaten moeten zorgen voor een adequate voorziening van individuele meters (slimme meters), zoals bedoeld in Richtlijn 2006/32/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2006 betreffende energie-efficiëntie bij het eindgebruik en energiediensten1, teneinde consumenten juiste informatie te geven over hun energieverbruik en te zorgen voor eindgebruikersefficiëntie.

 

__________1

PB L 114 van 27.4.2006, blz. 64.

Motivering

Slimme meters geven de consumenten een beter inzicht in hun effectieve gasverbruik en dragen derhalve bij tot een voorzichtiger gasverbruik.

Amendement  14

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 23 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 ter) De Commissie dient, in overleg met het Europees Parlement en de Raad, een Europees Handvest betreffende de rechten van de energieconsument op te stellen. Dit handvest dient als referentiekader te fungeren voor door de lidstaten, de nationale regelgevende instanties, het Agentschap en de Europese Commissie vast te stellen maatregelen. Met name dienen de in het Handvest verankerde rechten, voor zover van toepassing, door de Commissie overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing te worden vastgesteld als aanvullende vereisten in bijlage A van Richtlijn 2003/55/EG. Het zou mogelijk moeten zijn een kopie van het Handvest te sturen naar alle consumenten die nieuwe contracten afsluiten.

Motivering

Het toekomstige Handvest betreffende de rechten van de energieconsument dient te worden beschouwd als exhaustieve lijst van consumentenrechten met betrekking tot energieleveringen en dient door alle nationale en Europese autoriteiten te worden gebruikt bij de regulering van de energiesector. Met name dienen alle in het handvest verankerde rechten, voor zover deze een aanvulling vormen op de in bijlage A van deze richtlijn beschreven rechten, in de richtlijn te worden opgenomen en volledige kracht van wet te krijgen.

Amendement  15

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 23 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 quater) Een geregelde dialoog tussen energieconsumentenorganisaties en alle andere betrokken partijen (sociale partners, energiesector, regelgevende instanties, overheidsvertegenwoordigers, enz.) over alle kwesties van energieconsumentenrechten moet ervoor zorgen dat al het mogelijke wordt gedaan om een hoog niveau van rechtsbescherming voor consumenten te waarborgen. Consumentenorganisaties en autoriteiten die belast zijn met de bescherming van de consument moeten samenwerken om de correctheid van de door de gasleveranciers verstrekte informatie te controleren.

Motivering

Een sterker maatschappelijk middenveld zorgt voor een betere bescherming van de consumentenrechten. Daarom is het absoluut noodzakelijk de versterking van het maatschappelijk middenveld in heel Europa te stimuleren.

Amendement  16

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 24

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(24) Teneinde bij te dragen tot de continuïteit van de energievoorziening en een geest van solidariteit tussen de lidstaten te handhaven, met name in gevallen van onderbreking van de energievoorziening, is het belangrijk te voorzien in een kader voor regionale solidariteit en samenwerking.

(24) Teneinde bij te dragen tot de continuïteit van de energievoorziening en een geest van solidariteit tussen de lidstaten te handhaven, met name in gevallen van onderbreking van de energievoorziening, is het belangrijk te voorzien in een transparant en doeltreffend kader voor regionale solidariteit en samenwerking.

Motivering

Het publiek moet worden voorgelicht over het kader voor regionale samenwerking en solidariteit – door transparantie is een grotere mate van publieke controle mogelijk. Het vinden van doeltreffende oplossingen voor eventuele crises in de energievoorziening is van essentieel belang voor het welzijn van de EU-burgers.

Amendement  17

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Overweging 25

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25) Met het oog op de totstandbrenging van een interne markt voor aardgas moeten de lidstaten de integratie van hun nationale markten en de samenwerking van de netwerkbeheerders op Europees en regionaal niveau bevorderen.

(25) Met het oog op de totstandbrenging van een interne markt voor aardgas moeten de lidstaten de integratie van hun nationale markten en de samenwerking van de netwerkbeheerders op Europees en regionaal niveau waarborgen en controleren.

Amendement  18

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 1 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(-1) Artikel 1, lid 1 wordt als volgt gewijzigd:

 

"1. Bij deze richtlijn worden gemeenschappelijke regels vastgesteld voor de transmissie, distributie, levering en opslag van aardgas, alsmede voorschriften inzake de consumentenbescherming. Hiertoe worden in de richtlijn de regels vastgesteld met betrekking tot de organisatie en de werking van de aardgassector, de toegang tot de markt, de criteria en procedures voor de verlening van vergunningen voor transmissie, distributie, levering en opslag van aardgas en het beheer van systemen."

Amendement  19

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis) Het volgende punt wordt toegevoegd:

"36 bis. "energiearmoede": situatie waarin een huishouden het zich niet kan permitteren om het huis volgens aanvaardbare normen te verwarmen. De lidstaten stellen deze norm vast overeenkomstig de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie. Ook gaat het hierbij om de mogelijkheid om andere energiediensten in het huis voor een redelijke prijs aan te schaffen."

Motivering

In de lidstaten van de Europese Unie neemt de energiearmoede toe. Daarom is er een duidelijke officiële definitie van energiearmoede op EU-niveau nodig om in alle lidstaten geharmoniseerde normen voor de energievoorziening en de consumentenbescherming te kunnen waarborgen.

Amendement  20

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 – letter b ter

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 2 – punt 36 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b ter) Het volgende punt wordt toegevoegd:

 

 

36 ter. "betaalbare prijs": een prijs die door de lidstaten in overleg met nationale regelgevers, sociale partners en relevante belanghebbenden wordt vastgesteld met inachtneming van de definitie van energiearmoede;"

Motivering

In alle lidstaten moet worden gedefinieerd wat een "betaalbare prijs" is, teneinde kwetsbare consumenten te beschermen.

Amendement  21

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) Artikel 3, lid 2 wordt als volgt gewijzigd:

 

"2. Met volledige inachtneming van de toepasselijke bepalingen van het Verdrag, met name artikel 86 daarvan, mogen de lidstaten in het algemeen economisch belang aan bedrijven die in de gassector actief zijn verplichtingen inzake openbare dienstverlening opleggen, die betrekking kunnen hebben op de zekerheid, met inbegrip van voorzienings- en leveringszekerheid, regelmaat, kwaliteit en prijs van de leveringen, en milieubescherming, waaronder energie-efficiëntie, communautaire streefdoelen voor het gebruik van hernieuwbare energie en klimaatbescherming. Deze verplichtingen moeten duidelijk gedefinieerd, transparant, niet-discriminerend en controleerbaar zijn en de gelijke toegang van EU-aardgasbedrijven tot nationale consumenten waarborgen. Met betrekking tot de voorzieningszekerheid, energie-efficiëntie/beheer aan de vraagzijde en de verwezenlijking van de milieudoelstellingen, zoals bedoeld in dit lid, mogen de lidstaten langetermijnplanning toepassen, daarbij rekening houdend met de mogelijkheid dat derden toegang tot het systeem wensen."

Amendement  22

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 ter (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 ter) Artikel 3, lid 3 wordt als volgt gewijzigd:

 

"3. De lidstaten nemen passende maatregelen om ervoor te zorgen dat alle huishoudelijke afnemers en kleine ondernemingen aanspraak kunnen maken op universele dienstverlening, met name het recht op levering van gas van een bepaalde kwaliteit tegen redelijke, eenvoudig en duidelijk vergelijkbare, doorzichtige en niet-discriminerende tarieven en prijzen, met inbegrip van tarieven en prijzen die worden aangepast volgens de respectieve indexeringsmechanismen. Deze maatregelen zijn gebaseerd op het daadwerkelijke energiegebruik en vrije keuze, eerlijke behandeling, belangenbehartiging en recht van beroep. De lidstaten zien erop toe dat de gasbedrijven zorgen voor de kwaliteit van de dienstverlening.

 

 

De lidstaten nemen alle passende maatregelen om de eindafnemers te beschermen en om een hoog niveau van consumentenbescherming te waarborgen en met name te zorgen voor een passende bescherming van kwetsbare afnemers, met inbegrip van passende maatregelen om hen te helpen voorkomen dat zij worden afgesloten. In dit verband kunnen zij passende maatregelen nemen ter bescherming van op het gassysteem aangesloten afnemers in afgelegen gebieden. De lidstaten kunnen een noodleverancier aanwijzen voor op het gasnet aangesloten afnemers. De lidstaten verbieden discriminerende kosten voor bepaalde manieren van betalen, met name voor consumenten die worden aangeslagen door middel van een vooruitbetalingsmeter. Zij zorgen voor een hoog niveau van consumentenbescherming, met name met betrekking tot de transparantie van algemene contractvoorwaarden, algemene informatie en mechanismen ter beslechting van geschillen. De lidstaten zorgen ervoor dat een in aanmerking komende afnemer daadwerkelijk de mogelijkheid heeft op een nieuwe leverancier over te stappen. Wat ten minste de huishoudelijke afnemers betreft, omvatten de maatregelen waarin dit artikel voorziet ten minste de vaststelling van de in bijlage A vermelde rechten. De lidstaten versterken de marktpositie van de binnenlandse verbruikers door schepping en bevordering van de mogelijkheid van vrijwillige gezamenlijke vertegenwoordiging voor deze groep verbruikers."

Motivering

Kwetsbare afnemers en consumenten met een laag inkomen zijn vaker dan andere gedwongen voorschottarieven te betalen. Discriminerende hogere tarieven voor zulke betalingsvormen betekenen dat arme consumenten vaak meer betalen dan consumenten die er financieel beter voor staan, zowel in absolute termen als in verhouding tot het inkomen. Collectieve verhaalsprocedures zoals het "super complaint"-systeem voor consumenten in het VK kunnen consumenten een effectief middel aan de hand doen om hun rechten te handhaven.

Amendement  23

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 quater (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quater) In artikel 3 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"3 bis. De lidstaten zorgen voor een hoog niveau van consumentenbescherming, met name met betrekking tot de transparantie van algemene contractvoorwaarden, algemene informatie en mechanismen ter beslechting van geschillen. De lidstaten zorgen ervoor dat een in aanmerking komende afnemer daadwerkelijk de mogelijkheid heeft gemakkelijk op een nieuwe leverancier over te stappen binnen een periode van ten hoogste een maand en zonder bijkomende kosten. Voor de huishoudelijke afnemers omvatten maatregelen hiertoe de in bijlage A beschreven maatregelen inzake consumentenbescherming."

(Dit amendement is vrijwel geheel gebaseerd op het tweede deel van het bestaande artikel 3, lid 3, van Richtlijn 2003/55 EG)

Motivering

Het is absoluut noodzakelijk dat de consumenten de mogelijkheid hebben om zonder bijkomende kosten op een andere leverancier over te stappen. Hierdoor kan ook voor meer mededinging op de markt worden gezorgd.

Amendement  24

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 quinquies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 quinquies) In artikel 3 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"3 ter. De lidstaten zorgen voor de transparantie en voorspelbaarheid van de gepubliceerde prijzen, tarieven (en parameters voor de berekening daarvan), en indexeringsmechanismen en aanvullende voorwaarden door begrijpelijke en gemakkelijk toegankelijke berekeningsmethoden of elke andere vorm van communicatie, die wordt meegedeeld aan en wordt gecontroleerd of goedgekeurd door de onafhankelijke nationale regelgevende instantie. De onafhankelijke nationale regelgevende instantie stelt het Europees Agentschap voor de samenwerking tussen energieregelgevers in kennis van de deze maatregelen."

Motivering

Transparantie op het gebied van gastarieven is noodzakelijk om de consumentenbescherming te waarborgen en te voorkomen dat toeslagen worden berekend. De lidstaten hebben de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat de consumenten over alle tarieven en tariefwijzigingen worden geïnformeerd.

Amendement  25

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 sexies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 quater (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 sexies) In artikel 3 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"3 quater. De lidstaten zorgen ervoor dat energieconsumenten transparante en gemakkelijk begrijpelijke energierekeningen krijgen die gebaseerd zijn op hun daadwerkelijke energieverbruik. De energiefacturatie gebeurt tijdig en voldoende frequent om nauwkeurige en begrijpelijke informatie te geven. De lidstaten ontwikkelen standaardfacturen met gestandaardiseerde informatie die worden gebruikt door alle leveranciers, teneinde de transparantie en vergelijkbaarheid te verhogen. De consumenten worden geregeld – ten minste één keer per maand – geïnformeerd over hun energieverbruik. Informatie over de rechten van consumenten worden op de websites van de gasbedrijven of de onafhankelijke nationale regelgevende instanties gezet."

Motivering

Ten behoeve van een betere consumentenbescherming dient het berekende energieverbruik op het daadwerkelijke energieverbruik te zijn gebaseerd en de consument op maandelijkse basis te worden meegedeeld. Hierdoor krijgen de consumenten meer inzicht in hun daadwerkelijke aardgasverbruik, wat bijdraagt tot een bewuster gebruik van aardgas.

Amendement  26

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 septies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 quinquies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 septies) In artikel 3 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"3 quinquies. De lidstaten zorgen ervoor dat de leveranciers of netwerkexploitanten gemakkelijk toegankelijke telefonische hulplijnen opzetten om te kunnen reageren op aansluitingsproblemen en andere kwesties met betrekking tot de kwaliteit van de dienstverlening, alsmede centraal toegangspunten voor alle informatieverzoeken van consumenten. De lidstaten zorgen ervoor dat de leveranciers en netwerkexploitanten voorzien in een gemeenschappelijk toegangspunt voor consumentenklachten."

Motivering

Leveranciers of netwerkexploitanten dienen verantwoordelijk te zijn voor het opzetten van telefonische hulplijnen en helpdesks om consumenten zoveel mogelijk informatie en andere hulp te kunnen verstrekken. Een centraal toegangspunt is van groot belang voor de consumentenbescherming.

Amendement  27

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 1 octies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 3 – lid 3 sexies (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 octies) In artikel 3 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"3 sexies. De Commissie bevordert de financiering en voorziening van individuele consumenten met "slimme meters", die het werkelijke energieverbruik en het verbruikstijdstip nauwkeurig weergeven. De lidstaten zorgen ervoor dat de consumenten naar behoren van dergelijke meters worden voorzien teneinde hun nauwkeurige informatie te verstrekken over hun energieverbruik en teneinde energie-efficiëntie bij het eindgebruik te waarborgen overeenkomstig punt i) van bijlage A."

Motivering

Slimme meters geven de consument een exactere indruk van zijn gasverbruik en dragen op die manier bij tot grotere energie-efficiëntie bij het eindgebruik.

Amendement  28

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 2 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) In artikel 5 wordt het volgende lid toegevoegd:

 

"1 bis. Om redenen die verband houden met de zekerheid van de energievoorziening wordt door gepaste maatregelen gezorgd voor reciprociteit tussen de toegang tot upstream-marktactiviteiten in derde landen en downstreamactiviteiten in de EU."

Amendement  29

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Europese Commissie wordt geïnformeerd over deze samenwerking.

3. De Europese Commissie wordt geïnformeerd over deze samenwerking, controleert deze en brengt hierover verslag uit aan het Europees Parlement.

Amendement  30

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 bis – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie kan richtsnoeren voor regionale solidariteit en samenwerking aannemen. Deze maatregel, die bedoeld is om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

4. De Commissie neemt vóór ...* maatregelen inzake regionale solidariteit en samenwerking aan. Deze maatregelen, die bedoeld zijn om niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, wordt vastgesteld overeenkomstig de regelgevingsprocedure met toetsing waarnaar wordt verwezen in artikel 30, lid 3.

__________

* Eén jaar na de inwerkingtreding van de wijzigingsrichtlijn.

Amendement  31

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 3

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 5 ter

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten werken onderling samen met het doel hun nationale markten, ten minste op regionaal niveau, te integreren. Met name moedigen de lidstaten de samenwerking van netwerkbeheerders op regionaal niveau aan en bevorderen zij de samenhang van hun wettelijk en regelgevingskader. Het geografische gebied waarop de regionale samenwerking betrekking heeft, moet overeenstemmen met de Commissiedefinitie van geografische gebieden overeenkomstig artikel 2 nonies, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1775/2005.

1. De autoriteiten en regelgevende instanties van de lidstaten werken onderling samen met het doel hun nationale markten, ten minste op regionaal niveau, te integreren. Met name zorgen zij voor de samenwerking van netwerkbeheerders op regionaal niveau en bevorderen zij de convergentie en samenhang van hun wetgevings- en regelgevingskaders.

 

2. Wanneer de samenwerking tussen verschillende lidstaten op regionaal niveau te kampen krijgt met ernstige problemen, kan de Commissie, na een gezamenlijk verzoek hiertoe en met instemming van de betrokken lidstaten, een regionaal coördinator aanwijzen.

 

3. De regionaal coördinator bevordert op regionaal niveau de samenwerking tussen de regelgevende instanties en enige andere bevoegde overheidsinstantie, netwerkbeheerders, energiebeurzen, netwerkgebruikers en marktpartijen. Deze heeft met name tot doel:

 

a) het bevorderen van doelmatige investeringen in interconnecties. Hiertoe worden tsb's geassisteerd bij de uitwerking van hun regionale interconnectieplan en wordt bijgedragen aan de coördinatie van hun investeringsbesluiten en eventueel hun "open season"-procedure;

 

b) het bevorderen van een doeltreffend en veilig gebruik van netwerken. Hiertoe wordt bijgedragen aan coördinatie tussen TSB's, nationale regelgevende instanties en andere bevoegde nationale overheidsinstanties met betrekking tot de uitwerking van gezamenlijke toewijzing en gezamenlijke zekerheidsmechanismen;

 

c) het jaarlijks indienen van een verslag bij de Commissie en de betreffende lidstaten over de in de regio geboekte vooruitgang, alsmede over enig probleem of obstakel hiervoor."

Motivering

Regionale coördinatoren zouden een belangrijke rol kunnen spelen bij de bevordering van de dialoog tussen de lidstaten, met name wat betreft grensoverschrijdende investeringen.

Amendement  32

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 6

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 8 – lid 1 - letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) beheert, onderhoudt en ontwikkelt onder economische voorwaarden veilige, betrouwbare en efficiënte transmissie-, opslag- en/of LNG-installaties en besteedt daarbij de nodige aandacht aan het milieu en bevordert energie-efficiëntie en onderzoek en ontwikkeling, met name met het oog op de marktpenetratie van hernieuwbare energiebronnen en de verspreiding van technologieën met lage koolstofinhoud.

(a) beheert, onderhoudt en ontwikkelt onder economische voorwaarden veilige, betrouwbare en efficiënte transmissie-, opslag- en/of LNG-installaties om te zorgen voor een open markt voor nieuwkomers en besteedt daarbij de nodige aandacht aan het milieu en bevordert energie-efficiëntie en onderzoek en ontwikkeling, met name met het oog op de marktpenetratie van hernieuwbare energiebronnen en de verspreiding van technologieën met lage koolstofinhoud.

Motivering

De markttoegang voor kleinere en nieuwe bedrijven moet worden gewaarborgd.

Amendement  33

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 8

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 9

Schrappen

Onafhankelijke systeembeheerders

 

1. Wanneer het transmissiesysteem op het tijdstip van inwerkingtreding van deze richtlijn behoort tot een verticaal geïntegreerd bedrijf, kunnen de lidstaten een afwijking van artikel 7, lid 1, toestaan, mits een onafhankelijke systeembeheerder wordt aangewezen door de regelgevende instantie op voorstel van de eigenaar van het transmissiesysteem en na goedkeuring door de Commissie. Een verticaal geïntegreerd bedrijf dat een transmissiesysteem bezit mag in geen geval worden belet maatregelen te treffen om te voldoen aan het bepaalde in artikel 7, lid 1.

 

2. De regelgevende instantie mag uitsluitend een onafhankelijke systeembeheerder aanwijzen en goedkeuren wanneer:

 

a) de kandidaat-systeembeheerder heeft aangetoond te voldoen aan de eisen van artikel 7, lid , onder b) tot en met d);

 

b) de kandidaat-systeembeheerder heeft aangetoond over de vereiste financiële, technische en personele middelen te beschikken om de in artikel 8 omschreven taken uit te voeren;

 

c) de kandidaat-systeembeheerder zich ertoe heeft verbonden een door de regelgevende instantie voorgesteld, over tien jaar lopend netwerkontwikkelingsplan uit te voeren;

 

d) de eigenaar van het transmissiesysteem zich in staat heeft getoond zijn verbintenissen overeenkomstig lid 6 na te komen. In dat verband stelt de eigenaar alle ontwerpen van contractuele regelingen ter beschikking van de kandidaat-systeembeheerder en van alle andere relevante entiteiten;

 

e) de kandidaat-systeembeheerder zich in staat heeft getoond zijn verbintenissen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1775/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 betreffende de voorwaarden voor toegang tot aardgastransmissienetten* na te komen, inclusief de samenwerking van transmissiesysteembeheerders op Europees en regionaal niveau.

 

3. Ondernemingen die door de regelgevende instantie zijn gecertificeerd omdat zij voldoen aan de eisen van artikel 7 bis en artikel 9, lid 2, worden door de lidstaten goedgekeurd en aangewezen als onafhankelijke systeembeheerders. De certificatieprocedure van artikel 7 ter is van toepassing.

 

4. Wanneer de Commissie een besluit heeft genomen overeenkomstig de procedure van artikel 7 ter en tot de conclusie komt dat de regelgevende instantie haar besluit niet binnen twee maanden naleeft, wijst zij binnen een periode van zes maanden, op voorstel van het Agentschap en na de opinie van de eigenaar van het transmissiesysteem en de transmissiesysteembeheerder te hebben ingewonnen, een onafhankelijke systeembeheerder aan voor een periode van 5 jaar. Op ieder tijdstip kan de eigenaar van het transmissiesysteem de regelgevende instantie verzoeken een nieuwe onafhankelijke systeembeheerder aan te wijzen overeenkomstig de procedure van artikel 9, lid 1.

 

5. Iedere onafhankelijke systeembeheerder is verantwoordelijk voor het verlenen en beheren van toegang van derden tot het net, inclusief het innen van een toegangsheffing en congestielasten voor de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van het transmissiesysteem, en moet ervoor zorgen dat door een afdoende investeringsplanning wordt gewaarborgd dat het systeem op langere termijn in staat is aan een redelijke vraag te voldoen. Wat de ontwikkeling van het netwerk betreft, is de onafhankelijke systeembeheerder verantwoordelijk voor de planning (met inbegrip van de vergunningsprocedure), de bouw en de bestelling van nieuwe infrastructuur. In die zin treedt de onafhankelijke systeembeheerder op als transmissiesysteembeheerder overeenkomstig dit hoofdstuk. De eigenaars van transmissiesystemen mogen niet bevoegd zijn voor het verlenen en beheren van toegang voor derden, noch voor de investeringsplanning.

 

6. De transmissiesysteemeigenaar, ingeval een onafhankelijke systeembeheerder is aangewezen,

 

a) zorgt voor alle relevante samenwerking met en ondersteuning van de onafhankelijke systeembeheerder voor de uitvoering van zijn taken, inclusief meer bepaald alle relevante informatie;

 

b) financiert de door de onafhankelijke systeembeheerder geplande en door de regelgevende instantie goedgekeurde investeringen of stemt ermee in dat die investeringen door een betrokken partij, inclusief de onafhankelijke systeembeheerder, worden gefinancierd. De relevante financiële regelingen moeten worden goedgekeurd door de regelgevende instantie. Alvorens deze goedkeuring te geven, raadpleegt de regelgevende instantie de eigenaar van de activa samen met andere betrokken partijen;

 

c) zorgt voor het dekken van de aansprakelijkheid met betrekking tot de netwerkactiva in zijn bezit die door de onafhankelijke systeembeheerder worden beheerd, met uitzondering van de aansprakelijkheid die verband houdt met de taken van de onafhankelijke systeembeheerder;

 

d) levert waarborgen teneinde de financiering van netwerkuitbreidingen te vergemakkelijken, met uitzondering van die investeringen waarvoor hij er overeenkomstig punt b) mee heeft ingestemd dat zij door een betrokken partij, inclusief de onafhankelijke systeembeheerder, worden gefinancierd.

 

7. In nauwe samenwerking met de regelgevende instantie, wordt aan de relevante nationale mededingingsautoriteit alle relevante bevoegdheden verleend om naleving door de transmissiesysteemeigenaar van zijn verplichtingen overeenkomstig lid 6 te monitoren.

 

Amendement  34

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 13

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 22 - lid 3 - alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De in hoofdstuk VI bis bedoelde regelgevende instantie kan per geval een besluit nemen over de in de leden 1 en 2 bedoelde ontheffingen. Wanneer de infrastructuur in kwestie gelegen is op het grondgebied van meer dan één lidstaat voert het Agentschap de taken uit waarmee de regelgevende instantie bij dit artikel is belast.

3. De in hoofdstuk VI bis bedoelde regelgevende instantie neemt per geval een besluit nemen over de in de leden 1 en 2 bedoelde ontheffingen. Wanneer de infrastructuur in kwestie gelegen is op het grondgebied van meer dan één lidstaat voert het Agentschap de taken uit waarmee de regelgevende instantie bij dit artikel is belast.

Amendement  35

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 ter, letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) de bevordering, in nauwe samenwerking met het Agentschap, de regelgevende instanties van andere lidstaten en de Commissie, van een concurrerende, veiliggestelde en milieuvriendelijke interne gasmarkt binnen de Gemeenschap en van een daadwerkelijke openstelling van de markt voor alle consumenten en leveranciers in de Gemeenschap;

(a) de bevordering, in nauwe samenwerking met het Agentschap, de regelgevende instanties van andere lidstaten en de Commissie, van een concurrerende, transparante, veiliggestelde en milieuvriendelijke interne gasmarkt binnen de Gemeenschap en van een daadwerkelijke openstelling van de markt voor alle consumenten en leveranciers in de Gemeenschap;

Amendement  36

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 ter – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) de ontwikkeling van concurrerende en goed functionerende regionale markten binnen de Gemeenschap met het oog op het bereiken van de onder a) genoemde doelstelling;

(b) de ontwikkeling van concurrerende, transparante en goed en doeltreffend functionerende regionale markten binnen de Gemeenschap met het oog op het bereiken van de onder a) genoemde doelstelling;

Motivering

Op de regionale markten dienen gasmarkten te ontstaan die transparant zijn voor het publiek en die een doeltreffende energielevering tegen redelijke prijzen voor alle consumenten in de Unie waarborgen.

Amendement  37

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 ter – letter d

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(d) het waarborgen van de ontwikkeling van veilige, betrouwbare en efficiënte systemen, de bevordering van energie-efficiëntie, de aangepastheid van het systeem en onderzoek en ontwikkeling zodat het beter voldoet aan de vraag en de ontwikkeling van innoverende duurzame technologieën met lage koolstofinhoud;

(d) het waarborgen van de ontwikkeling van veilige, transparante, betrouwbare en efficiënte systemen, de bevordering van energie-efficiëntie, de aangepastheid van het systeem en onderzoek en ontwikkeling zodat het beter voldoet aan de vraag en de ontwikkeling van innoverende duurzame technologieën met lage koolstofinhoud;

Amendement  38

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) samenwerken in verband met grensoverschrijdende kwesties met de regelgevende instantie of instanties van de desbetreffende lidstaten;

(b) samenwerken in verband met grensoverschrijdende kwesties met de regelgevende instantie of instanties van de desbetreffende lidstaten, onder meer om ervoor te zorgen dat tsb's gezamenlijk genoeg capaciteiten voor interconnectie tussen hun respectieve transmissie-infrastructuren opbouwen om te kunnen zorgen voor een over het geheel gezien doeltreffende werking van de markt en de zekerheid van de gasvoorziening, zonder daarbij een onderscheid te maken tussen leveranciers in verschillende lidstaten;

Motivering

Het toezicht door de regelgevers op publieke of particuliere tsb's moet waarborgen dat in beslissingen over investeringen en het gebruik van de infrastructuur evenzeer met consumenten in het nationale netwerk rekening wordt gehouden als met consumenten die gebruik maken van daaraan gekoppelde systemen. In dit opzicht is lid 1, letter b) te zwak geformuleerd. Het nut of het voornaamste doel van de samenwerking tussen de nationale regelgevende instanties moet duidelijk worden gemaakt.

Amendement  39

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter g

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(g) monitoring van de netwerkveiligheid en ‑betrouwbaarheid en evaluatie van de netwerkveiligheids- en ‑betrouwbaarheidsregels;

(g) monitoring van de netwerkveiligheid en -betrouwbaarheid, vaststelling en goedkeuring van normen en vereisten voor de kwaliteit van de dienstverlening en de voorziening en evaluatie van de werking op het stuk van de kwaliteit van de dienstverlening en de voorziening, alsmede netwerkveiligheids- en -betrouwbaarheidsregels;

Motivering

Sommige nationale regelgevers zijn reeds met de taak belast om het functioneren van de elektriciteitsmarkt ook te controleren wat betreft de kwaliteit van de voorziening en de dienstverlening aan de consumenten, die daardoor profiteren van een coherentere en transparantere regulering.

Amendement  40

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter i

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(i) monitoring van het niveau van marktopening en mededinging op groot- en kleinhandelsniveau, inclusief op aardgasbeurzen, tarieven voor huishoudens, overstappercentages, afsluitingspercentages en klachten van particulieren in een overeengekomen formaat, alsook toezicht op vervalsing of beperking van de mededinging in samenwerking met de mededingingsautoriteiten, inclusief de het verstrekken van alle relevante informatie, waarbij relevante gevallen worden voorgelegd aan de relevante mededingingsautoriteiten;

(i) monitoring van het niveau van doeltreffende marktopening en mededinging op groot- en kleinhandelsniveau, inclusief op aardgasbeurzen, tarieven voor huishoudens, overstapkosten, adequate voorschottarieven die het daadwerkelijke verbruik weerspiegelen, aan- en afsluitingskosten, onderhoudskosten en klachten van particulieren in een overeengekomen formaat, alsook toezicht op vervalsing of beperking van de mededinging in samenwerking met de mededingingsautoriteiten, inclusief de het verstrekken van alle relevante informatie, waarbij relevante gevallen worden voorgelegd aan de relevante mededingingsautoriteiten;

Motivering

Het is in het belang van grotere keuzemogelijkheden voor de consument wanneer de regelgevende instantie toezicht houdt op een breder scala aan tarieven en berekende kosten.

Amendement  41

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter l

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(l) waarborgen, onverlet de bevoegdheden van andere nationale regelgevende instanties, van een hoog niveau van universele en openbare dienstverlening voor aardgas, van de bescherming van kwetsbare klanten en van de effectiviteit van de in bijlage A genoemde maatregelen ter bescherming van de consument;

(l) waarborgen in de gehele EU, onverlet de bevoegdheden van andere nationale regelgevende instanties, van gelijke en transparante universele en openbare dienstverlening voor aardgas van een hoog niveau, van de bescherming van kwetsbare klanten en van de effectiviteit van de in bijlage A genoemde maatregelen en van de juiste handhaving ervan ten behoeve van de consument, en opleggen van sancties aan leveranciers bij niet-naleving van de regels overeenkomstig de vigerende voorschriften;

Motivering

De regelgevende instanties moeten niet alleen toezien op de doeltreffendheid van consumentenbeschermingsregels, maar ook op de naleving daarvan.

Amendement  42

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 1 – letter n

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(n) waarborgen van de toegang van de consument tot verbruiksgegevens, het gebruik van een geharmoniseerd formaat voor verbruiksgegevens en de toegang tot de gegevens overeenkomstig punt h), van bijlage A;

(n) waarborgen van de toegang van de consument tot verbruiksgegevens, met inbegrip van prijzen en bijkomende kosten, het gebruik van een gemakkelijk verstaanbaar geharmoniseerd formaat voor dergelijke gegevens, adequate vooruitbetaling die het reële verbruik weerspiegelt, en snelle toegang voor alle klanten tot dergelijke gegevens overeenkomstig punt h), van bijlage A;

Motivering

Gasleveringen worden door de consumenten vooruitbetaald, bijvoorbeeld op maandelijkse basis. Over het algemeen vormt deze vooruitbetaling geen afspiegeling van hun reële verbruik, zodat er in feite sprake is van een renteloze lening van de consument aan de energieondernemingen. Met behulp van nieuwe technologie, zoals de toepassing van slimme meters, kunnen de ondernemingen de vooruitbetalingen realistischer berekenen.

Amendement  43

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 3 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De lidstaten waken erover dat de regelgevende instanties de bevoegdheden krijgen waardoor zij in staat zijn de hen overeenkomstig lid 1 en 2 toevertrouwde taken op een efficiënte en snelle wijze uit te voeren. Daartoe beschikt de regelgevende instantie ten minste over de volgende bevoegdheden:

3. De lidstaten waken erover dat de regelgevende instanties de bevoegdheden krijgen waardoor zij in staat zijn de hen overeenkomstig lid 1 en 2 binnen het vastgelegde kader en op grond van hun nationale wettelijke mandaat toevertrouwde taken op een efficiënte en snelle wijze uit te voeren. De regelgevende instantie beschikt ten minste over de volgende bevoegdheden:

Amendement  44

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 3 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b) in samenwerking met de nationale mededingingsautoriteit onderzoeken opzetten over de functionering van de gasmarkten en, wanneer er geen inbreuken op de mededingingsregels zijn, beslissen over passende, noodzakelijke en evenredige maatregelen om een daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede functionering van de markt te waarborgen, inclusief programma's om gas ter beschikking te stellen;

(b) in samenwerking met de nationale mededingingsautoriteit onderzoeken opzetten naar het functioneren van de gasmarkten en, op basis van dergelijke onderzoeken, beslissen over passende, noodzakelijke en evenredige maatregelen om een daadwerkelijke mededinging te bevorderen en de goede functionering van de markt te waarborgen, inclusief programma's om gas ter beschikking te stellen; Wanneer er geen inbreuken op de mededingingsregels zijn, worden deze maatregelen getroffen indien minder dan 20% van de hoeveelheid naar een lidstaat of de betreffende markt binnenstromend gas via een transparante en niet-discriminerende procedure, bijv. een beurs, op de groothandelsmarkt wordt aangeboden.

Motivering

Uit hoofde van de meeste rechtssystemen in de Europese Unie is een rechtbank slechts in staat na te gaan of de regelgever de juiste procedure bij de besluitvorming heeft gevolgd (marginale toetsing). Bovendien heeft dit amendement ten doel de toegang tot de markt voor nieuwe en kleinere gasbedrijven te vergemakkelijken en voor meer transparantie op de aardgasmarkt te zorgen.

Amendement  45

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 4 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) de verbinding met en toegang tot nationale netwerken, inclusief de transmissie- en distributietarieven en voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties. Deze tarieven maken de vereiste investeringen in de netwerken en LNG-installaties mogelijk waardoor de levensvatbaarheid van die netwerken en LNG-installaties kan worden gewaarborgd;

(a) de verbinding met en toegang tot nationale netwerken, inclusief de transmissie- en distributietarieven en ofwel de desbetreffende methodologieën of de methodologieën, inclusief de controle daarop, voor de vaststelling of goedkeuring van de transmissie- en distributietarieven, alsmede voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties met inbegrip van ofwel de desbetreffende methodologieën of de methodologieën, inclusief de controle daarop, voor de vaststelling of goedkeuring van tarieven voor toegang tot LNG-installaties. Deze tarieven maken de vereiste investeringen in de netwerken en LNG-installaties mogelijk waardoor de levensvatbaarheid van die netwerken en LNG-installaties kan worden gewaarborgd. Hiertoe kan een speciale regelgevende behandeling van nieuwe investeringen behoren;

Motivering

Er dient voor te worden gezorgd dat de nationale regelgevende instanties verantwoordelijk zijn voor de goedkeuring van transmissie- en distributietarieven en de desbetreffende methodologieën, of van de methodologieën voor de vaststelling of goedkeuring van de transmissie- en distributietarieven, met inbegrip van de controle op de toepassing van de methodologieën voor de vaststelling van tarieven. Hetzelfde geldt voor de toegang tot LNG‑installaties.

Amendement  46

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9. De lidstaten voeren passende en efficiënte mechanismen voor regulering, toezicht en transparantie in om misbruik van een machtspositie op de markt, met name ten nadele van de consument, en eventueel marktondermijnend gedrag te voorkomen. Deze mechanismen moeten de bepalingen van het Verdrag, met name artikel 82 daarvan, in acht nemen.

9. De lidstaten voeren passende en efficiënte mechanismen voor regulering, toezicht en transparantie in om te zorgen voor een daadwerkelijk open gasmarkt en om misbruik van een machtspositie op de markt, met name ten nadele van de consument, en eventueel marktondermijnend gedrag te voorkomen. Deze mechanismen moeten de bepalingen van het Verdrag, met name artikel 82 daarvan, in acht nemen.

Amendement  47

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 quater – lid 12

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

12. De door de regelgevende instantie genomen besluiten worden met redenen omkleed.

12. De door de regelgevende instantie genomen besluiten zijn gerechtvaardigd, evenredig en noodzakelijk en houden terdege rekening met de standpunten van marktdeelnemers en met bestaande contractuele verplichtingen, evenals met de verwachte kosten en baten.

Motivering

De bevoegdheden van de regelgevende instanties worden opgesomd in artikel 24 quater, lid 3, zonder dat er sprake is van voldoende controle op de wijze waarop deze verstrekkende bevoegdheden worden uitgeoefend, afgezien van punt 12, waarin wordt bepaald dat "de door de regelgevende instantie genomen besluiten met redenen [worden] omkleed".

Amendement  48

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 14

Richtlijn 2003/55/EG

Artikel 24 septies – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De regelgevende instantie kan besluiten om elementen van deze informatie ter beschikking te stellen van marktdeelnemers op voorwaarde dat commercieel gevoelige informatie inzake afzonderlijke marktspelers of afzonderlijke transacties niet wordt vrijgegeven. Dit lid is niet van toepassing op informatie over financiële instrumenten die onder het toepassingsgebied van Richtlijn 2004/39/EG vallen.

3. De regelgevende instantie doet verslag van de uitkomst van haar onderzoek of haar verzoek aan marktdeelnemers om elementen van deze informatie en waarborgt hierbij dat commercieel gevoelige informatie inzake afzonderlijke marktspelers of afzonderlijke transacties niet wordt vrijgegeven.

Motivering

Om ervoor te zorgen dat de besluitvorming altijd transparant is en tegelijkertijd te waarborgen dat commercieel gevoelige informatie wordt beschermd, dient lid 3 te worden gewijzigd.

Amendement  49

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 16 bis (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – letter a – streepje 7 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 bis) In bijlage A, letter a) wordt het volgende streepje toegevoegd:

 

"– de datum waarop het contract afloopt, wordt op de rekening vermeld wanneer de contractuele voorwaarden in een minimumcontractduur voorzien."

Motivering

Het is absoluut noodzakelijk dat op de rekening de contractduur wordt aangegeven om de consument de mogelijkheid te geven naar behoren te plannen.

Amendement  50

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 16 ter (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – letter a – streepjes 7 ter en quater (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 ter) In bijlage A, letter a) worden de volgende streepjes toegevoegd:

 

"– beschikbare betalingsmodaliteiten en ‑faciliteiten;

 

– specificatie van de wijze waarop wordt voorzien in een geschikte meteropneming en informatieve facturering die het individuele verbruik van de consument correct weergeeft;"

Motivering

Dit amendement heeft ten doel de consumenten van duidelijkere en transparantere informatie over hun gasleveringscontracten te voorzien.

Amendement  51

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 16 quater

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 ter) In bijlage A, letter a) wordt de volgende alinea toegevoegd:

 

Alle informatie die tijdens de precontractuele fase moet worden verstrekt, wordt tijdig vóór de sluiting van het contract aan de consument op papier of een andere duurzame drager verstrekt en is zonder beperking van toepassing op alle elementen van het contract. De consumenten worden uitdrukkelijk en tijdig vóór de sluiting van het contract schriftelijk of op een andere duurzame drager in kennis gesteld van de verschillen tussen de precontractuele en de contractuele informatie.

Motivering

Ten behoeve van de transparantie en van de bescherming van de consument tegen bedrog is het van belang dat de precontractuele informatie overeenstemt met het contract.

Amendement  52

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 16 quinquies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 quinquies) In bijlage A wordt de volgende letter toegevoegd:

 

"(c bis) gebruik kunnen maken van een internetinstrument met behulp waarvan zij prijzen kunnen vergelijken en geïnformeerde keuzes kunnen maken;"

Motivering

Een internetinstrument met behulp waarvan de consumenten prijzen kunnen vergelijken geeft hun de mogelijkheid de verschillende ondernemingen die actief zijn op de markt te leren kennen en kan hen voorlichten over bestaande prijsverschillen. Een dergelijk instrument is bevorderlijk voor de markt aangezien het de concurrentie tussen de gasbedrijven stimuleert.

Amendement  53

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 16 sexies (nieuw)

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – letter f

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

In bijlage A wordt letter f) als volgt gelezen:

 

"(f) transparante, eenvoudige en goedkope procedures ter beschikking krijgen voor het afhandelen van hun klachten. Alle consumenten hebben met name recht op dienstverlening en klachtenafhandeling door hun gasleverancier overeenkomstig met de internationale normen ISO 10001, ISO 10002 en ISO 10003. Door middel van dergelijke procedures moeten geschillen billijk en snel kunnen worden beslecht, zo nodig via een systeem van terugbetaling en/of vergoeding. Hierbij dienen zoveel mogelijk de beginselen van Aanbeveling 98/257/EG van de Commissie (3) te worden gevolgd;"

Motivering

ISO 10001 voorziet in richtsnoeren voor het opstellen van gedragscodes ten behoeve van klanttevredenheid. ISO 10002 voorziet in richtsnoeren voor de klachtenbehandeling. ISO 10003 voorziet in richtsnoeren voor de beslechting van externe geschillen.

Amendement  54

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 17

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – letter h

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(h) de beschikking krijgen over hun verbruiksgegevens en in staat zijn om, met uitdrukkelijke toestemming en kosteloos, bedrijven met een leveringsvergunning toegang te geven tot hun geregistreerde verbruiksgegevens. De partij die verantwoordelijk is voor het gegevensbeheer is verplicht deze gegevens aan het bedrijf te verstrekken. De lidstaten leggen een gegevensformaat vast, alsook een procedure voor leveranciers en consumenten om toegang te krijgen tot die gegevens. Deze dienstverlening brengt geen extra kosten mee voor de consument;

(h) de beschikking krijgen over hun verbruiksgegevens en in staat zijn om, met uitdrukkelijke toestemming en kosteloos, bedrijven met een leveringsvergunning toegang te geven tot hun geregistreerde verbruiksgegevens, en eventueel ook over de beschikbare energieleveranties in een specifiek gebied en over alle nationale en communautaire maatregelen ter bevordering van energie-efficiëntie. De partij die verantwoordelijk is voor het gegevensbeheer is verplicht deze gegevens aan het bedrijf te verstrekken. De lidstaten leggen een goed begrijpelijk gegevensformaat vast, alsook een procedure voor leveranciers en consumenten om gemakkelijk toegang te krijgen tot die gegevens. Deze dienstverlening brengt geen extra kosten mee voor de consument;

Motivering

Door dit soort informatie zal milieuvriendelijk gedrag worden gestimuleerd en zal de positieve invloed van consumenten op de marktontwikkelingen in deze sector worden vergroot. Deze informatie zal uit hoofde van het toekomstige Handvest betreffende de rechten van de energieconsument worden verstrekt bij het afsluiten van een nieuw contract. Ter voorkoming van verwarring ten gevolge van allerlei verschillende tarieven is het van essentieel belang dat de lidstaten een formaat voor verbruiksgegevens vaststellen dat werkelijk begrijpelijk is voor de consument.

Amendement  55

Voorstel voor een richtlijn - wijzigingsbesluit

Artikel 1 – punt 17

Richtlijn 2003/55/EG

Bijlage A – letter h bis (nieuw)