Procedure : 2008/2286(ACI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A6-0430/2008

Ingediende teksten :

A6-0430/2008

Debatten :

Stemmingen :

PV 18/11/2008 - 7.9
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0536

VERSLAG     
PDF 185kWORD 121k
7.11.2008
PE 414.967v02-00 A6-0430/2008

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering als toepassing van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

(COM(2008)0609 – C6-0345/2008 – 2008/2286(ACI))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Reimer Böge

PR_ACI_Funds

ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 ADVIES VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering als toepassing van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

(COM(2008)0609 – C6-0345/2008 – 2008/2286(ACI))

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2008)0609 – C6-0345/2008),

     gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1) (IIA), met name punt 28 hiervan,

–   gezien Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering(2),

–   gezien het verslag van de Begrotingscommissie en het advies van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (A6-0430/2008),

A. overwegende dat de Europese Unie de nodige wetgeving- en begrotingsinstrumenten heeft ingesteld om bijkomende steun te verlenen aan werknemers die te lijden hebben onder de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen en om deze werknemers bij hun herintrede op de arbeidsmarkt te begeleiden,

B.  overwegende dat de financiële hulp van de Unie voor ontslagen werknemers dynamisch moet zijn en zo snel en zo efficiënt mogelijk ter beschikking moet worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd op het overleg van 17 juli 2008,

C. overwegende dat Italië hulp heeft gevraagd met betrekking tot vier gevallen van ontslagen in de textielsector in Sardinië, Piemonte, Lombardije en Toscane(3),

1.  verzoekt de betrokken instellingen de nodige inspanningen te leveren om de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds te bespoedigen, overeenkomstig bovengenoemde gezamenlijke verklaring waarin het Europees Parlement, de Raad en de Commissie bevestigen dat het belangrijk is om, met de nodige inachtneming van het IIA van 17 mei 2006, voor een snelle procedure voor de goedkeuring van besluiten over de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering te zorgen;

2.  hecht zijn goedkeuring aan het aan deze resolutie gehechte besluit;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

4.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie met bijlage te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.

(2)

PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1.

(3)

EGF/2007/005 IT/Sardegna, EGF/2007/006 IT/Piemonte, EGF/2007/007 IT/Lombardia en EGF/2008/001 IT/Toscana.


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van ...... november 2008

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering als toepassing van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1), en met name op punt 28,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering(2), met name op artikel 12, lid 3,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)      Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (hierna "het fonds" genoemd) is opgericht om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden, teneinde hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt.

(2)      Het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 staat uitgaven uit het fonds toe tot het jaarlijkse maximum van 500 miljoen euro.

(3)      Italië heeft vier aanvragen ingediend om middelen uit het fonds ter beschikking te stellen, in verband met gedwongen ontslagen in de textielsector, op 9 augustus 2007 voor Sardinië, op 10 augustus 2007 voor Piemonte, op 17 augustus 2007 voor Lombardije en op 12 februari 2008 voor Toscane. Deze aanvragen zijn in overeenstemming met de voorschriften voor de bepaling van de financiële steun van artikel 10 van Verordening (EG) nr. 1927/2006.

(4)      Er moeten derhalve middelen uit het fonds beschikbaar worden gesteld om te voorzien in een financiële bijdrage voor de aanvragen,

BESLUITEN:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2008 wordt een bedrag van 35 158 075 euro aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering.

Artikel 2

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, ... november 2008.

Voor het Europees Parlement                      Voor de Raad

De Voorzitter                                                De Voorzitter

(1)

PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.

(2)

PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1.


TOELICHTING

I. Achtergrond

Het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering is opgericht om bijkomende steun te verlenen aan werknemers die te lijden hebben onder de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen.

Overeenkomstig de bepalingen van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer(1) en van artikel 12 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006(2) mag het fonds niet groter zijn dan een maximumbedrag van EUR 500 miljoen, dat afkomstig kan zijn uit marges onder het totale uitgavenmaximum van het voorgaande jaar en/of uit geannuleerde vastleggingskredieten van de voorgaande twee jaren, met uitzondering van de kredieten voor rubriek 1B van het financiële kader. De bedragen in kwestie worden als voorziening in de begroting opgenomen, zodra de toereikende begrotingsruimte en/of geannuleerde vastleggingen zijn vastgesteld.

Wat de procedure betreft, dient de Commissie voor de inschakeling van het fonds, in geval van positieve beoordeling van een aanvraag, bij de begrotingsautoriteit een voorstel voor beschikbaarstelling van middelen uit het fonds en tegelijk een overeenkomstig verzoek om overschrijving in. Tegelijk wordt een trialoog georganiseerd, met het oog op een akkoord over de inzet van het fonds en de vereiste bedragen. De trialoog kan een vereenvoudigde vorm aannemen.

II. Stand van zaken: het Commissievoorstel

In 2008, het tweede jaar waarin het fonds operationeel was, werd er een beroep op gedaan voor in totaal EUR 13,9 miljoen, na een positieve beoordeling van vier aanvragen van Malta (VF Ltd. en Bortex Clothing Ind Ltd), Portugal (Opel en Johnson Controls), Spanje (Delphi) en Litouwen (Alytaus Tekstile).

Het onderhavige voorstel is het derde dat in het kader van de begroting 2008 wordt behandeld, heeft betrekking op de aanvragen van vier regio's in Italië: Sardinië, Piemonte, Lombardije en Toscane en is het gevolg van ontslagen in de textielsector.

De aanvragen(3) zijn door de Italiaanse autoriteiten bij de Commissie ingediend op de volgende data: Sardinië op 9 augustus 2007, met aanvullende informatie op 12 september 2007, 10 oktober 2007 en 9 juni 2008; Piemonte op 10 augustus 2007, met aanvullende informatie op 19 november 2007 en 9 juni 2008; Lombardije op 17 augustus 2007, met aanvullende informatie op 19 november 2007, 1 februari 2008 en 9 juni 2008; en Toscane op 12 februari 2008, met aanvullende informatie op 9 juni 2008.

Alle vier aanvragen zijn gebaseerd op de specifieke criteria voor steunverlening van artikel 2, onder b), van de rechtsgrondslag(4) en ingediend binnen de tijdslimiet van 10 weken waarin in artikel 5 van de verordening is voorzien.

De Italiaanse autoriteiten vragen een bijdrage van EUR 35 158 075, om een deel van de totale kosten van de steunmaatregelen te dekken, respectievelijk: EUR 10,97 miljoen voor de ontslagen werknemers in de regio Sardinië, EUR 7,8 miljoen in de regio Piemonte, EUR 12,5 miljoen in de regio Lombardije en EUR 3,8 miljoen in de regio Toscane.

In haar beoordeling is de Commissie van mening dat de aanvragen aan de criteria voor steunverlening en de andere vereisten van Verordening Nr. 1927/2000 voldoen.

Het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds en het bijbehorende verzoek om overschrijving van een totaal bedrag van EUR 35 158 075 zijn bij het Parlement op 3 oktober 2008 ingediend.

Aansluitend op de beoordeling van de vier aanvragen heeft de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken een standpunt over de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds goedgekeurd, dat in het advies bij dit verslag is opgenomen.

Het totale jaarlijkse budget dat voor het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering beschikbaar is, bedraagt EUR 500 miljoen. Dit bedrag kan alleen worden gebruikt en overgeschreven naar begrotingslijn 04 05 01 nadat de nodige juridische en budgettaire instrumenten zijn goedgekeurd.

Voor twee aanvragen is al een bedrag van EUR 3 106 882 gebruikt en nog twee gevallen met een totaal bedrag van EUR 10 770 772 zijn door de Commissie voorgesteld en door het Parlement op 13 oktober 2008 goedgekeurd, terwijl overeenkomstig het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 jaarlijks EUR 500 miljoen EUR aan dit instrument is toegewezen.

Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

Overzicht van de aanvragen – 2008

 

 

 

 

 

1. Goedgekeurde aanvragen:

 

 

 

Referentie

Lidstaat

Geval

Bijdrage uit het fonds (€)

Ontslagen

EGF/2007/008

Malta

Malta

681 207

675

EGF/2007/010

Portugal

Lisboa-Alentejo

2 425 675

1 549

Totaal (1)

3 106 882

 

 

 

2. Aanvragen in behandeling:

 

EGF/2008/002

Spanje

Delphi

10 471 778

1 589

EGF/2008/003

Litouwen

Alytaus Tekstile

298 994

1 089

EGF/2007/005

Italië/Sardinië

Textielsector: 5 bedrijven

10 971 000

1 044

EGF/2007/006

Italië/Piemonte

Textielsector: 202 bedrijven

7 798 750

1 537

EGF/2007/007

Italië/Lombardije

Textielsector: 190 bedrijven

12 534 125

1 816

EGF/2008/001

Italië/Toscane

Textielsector: 461 bedrijven

3 854 200

1 558

 

 

Totaal (2)

45 928 847

 

 

 

TOTAAL (1+2)

49 035 729

 

 

 

 

 

 

N.B. De betalingen uit het fonds mogen niet meer bedragen dan EUR 500 miljoen per jaar.

III. Procedure

De Commissie heeft een verzoek om overschrijving ingediend(5) om overeenkomstig de voorschriften van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 specifieke vastleggings- en betalingskredieten in de begroting 2008 op te nemen.

De trialoog over het voorstel van de Commissie voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering kan overeenkomstig artikel 12, lid 5, van de rechtsgrondslag eventueel een vereenvoudigde vorm krijgen (briefwisseling), tenzij er geen akkoord tussen het Parlement en de Raad is.

Overeenkomstig het interne akkoord met de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken moet deze commissie bij het proces worden betrokken, opdat zij een constructieve ondersteuning en bijdrage tot de uitvoering van het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering kan leveren.

In de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd op het overleg van 17 juli 2008 is bevestigd dat het belangrijk is om, met de nodige inachtneming van het Interinstitutioneel Akkoord, voor een snelle procedure voor de goedkeuring van besluiten over de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering te zorgen.

(1)

PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.

(2)

PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1.

(3)

EGF/2007/005 IT/Sardegna, EGF/2007/006 IT/Piemonte, EGF/2007/007 IT/Lombardia en EGF/2008/001 IT/Toscana.

(4)

Verordening (EG) Nr. 1927/2006, PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1. Rectificatie in PB L 48 van 22.2.2008, blz. 82.

(5)

DEC 29/2008, BUDG/A7/2008/D/57259.


ADVIES VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

ES/sg

De heer Reimer Böge

Voorzitter van de Begrotingscommissie

ASP 05F365

D(2008)62900

Betreft:  Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering in de dossiers EGF/2007/005 IT/Sardegna, EGF/2007/006 IT/Piemonte, EGF/2007/007 IT/Lombardia en EGF/2008/001 IT/Toscana

Geachte heer Böge,

Op haar vergadering van 20 oktober 2008 onderzocht de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering in de dossiers EGF/2007/005 IT/Sardegna, EGF/2007/006 IT/Piemonte, EGF/2007/007 IT/Lombardia en EGF/2008/001 IT/Toscana. Zij besloot op voorstel van haar rapporteur, Gabriele Stauner, het volgende advies in briefvorm uit te brengen, om de Begrotingscommissie in staat te stellen haar verslag tijdig goed te keuren.

Op grond van haar grondige onderzoek van de vier aanvragen erkent de commissie dat voor alle verzoeken aan de criteria van Verordening (EG) Nr. 1927/2006 is voldaan, zodat zij haar goedkeuring aan de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering in de door Italië ingediende dossiers EGF/2007/005 IT/Sardegna, EGF/2007/006 IT/Piemonte, EGF/2007/007 IT/Lombardia en EGF/2008/001 IT/Toscana hecht.

De belangrijkste elementen van de beoordeling kunnen als volgt worden samengevat:

a)        Algemene opmerkingen

Voorschriften wat de aanvragen betreft (artikel 5 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De vier aanvragen zijn ingediend binnen de in artikel 5 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006 bepaalde tijdslimiet van tien weken.

Criteria voor steunverlening (artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

Het aantal verloren gegane banen in elk van de vier aanvraagdossiers is voldoende om aan de vereiste in artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006 te voldoen. Aangezien de gedwongen ontslagen zijn gevallen in vier specifieke NUTS II-regio's en in één NACE Rev. 2-afdeling (afdeling 13: "Vervaardiging van textiel"), is aan de toepassingsvoorwaarden in artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006 voldaan.

Voorts blijkt uit de analyse van de aanvragen dat de gedwongen ontslagen verband houden met grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen, in dit geval een radicale verandering in de distributie van textielproducten. Derde landen (met name China en India) domineren de wereldhandel in textiel en kleding steeds meer en het aandeel van landen als Turkije en Bangladesh in de mondiale productie blijft toenemen. Een grootschalige herstructurering in de Europese textiel- en kledingindustrie sinds de jaren 1990 heeft al geleid tot een productiviteitsstijging en een heroriëntatie van de productie in de richting van producten van hoge kwaliteit, terwijl het werknemersbestand tussen 1990 en 2004(1) met ongeveer een derde werd ingekrompen.

Tegelijk met de veranderingen op de wereldmarkt kregen de textielproducenten in de EU te maken met specifieke en sterkere concurrentie als gevolg van het einde van het Multivezelakkoord, alsmede van de Overeenkomst inzake textiel- en kledingproducten. Tussen 2004 en 2006 vertoonde het volume van de in de EU ingevoerde kleding een jaarlijkse stijging met ongeveer 10%.

Wat de categorieën van getroffen werknemers betreft, treffen de gedwongen ontslagen de hele waaier van categorieën die bij de werking van een zo groot aantal textielbedrijven (meer dan 850) betrokken zijn. In Piemonte en Lombardije is de meerderheid vrouw (respectievelijk 68% en 67%). In Sardinië is de meerderheid van de ontslagen werknemers man (59%). In Toscane is er een groter evenwicht, met iets meer mannen (52%).

Onvoorzien karakter van de gedwongen ontslagen (artikel 5, lid 2, onder a), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

Hoewel het einde van het Multivezelakkoord en van de Overeenkomst inzake textiel- en kledingproducten onvoorzien was, voorspelden de Italiaanse autoriteiten dat dit in het algemeen een beperkte impact op de productie en de werkgelegenheid zou hebben. Specifiek in de vier regio's in kwestie waren de gevolgen evenwel ernstiger dan verwacht. Ondanks de beperking van de kosten, de diversificatie van de productie en investeringen in een reeks technologische moderniseringen in het productieproces leden vele bedrijven waar gedwongen ontslagen zijn gevallen, onder een scherpe daling van het aantal opdrachten en sterkere concurrentie van textielproducten uit derde landen.

Criteria inzake complementariteit, naleving en coördinatie (artikel 6 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

Volgens de Italiaanse autoriteiten zijn de voorgestelde acties verenigbaar met andere die in het kader van financiering uit het ESF en het EFRO worden uitgewerkt en uitgevoerd. Bovendien worden maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat de in aanmerking komende acties niet in het kader van andere communautaire financiële instrumenten worden ondersteund.

Voorts leveren de Italiaanse autoriteiten het bewijs dat de middelen niet zullen worden gebruikt voor de herstructurering van bedrijven, maar voor acties voor de getroffen werknemers.

Tot slot hebben de Italiaanse autoriteiten bevestigd dat de financiële bijdrage uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering geen vervanging is voor de maatregelen die bedrijven op grond van de nationale wetgeving of collectieve arbeidsovereenkomsten moeten nemen.

Administratieve uitgaven/Technische steun in verband met de tenuitvoerlegging van de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (artikel 3, lid 3, van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De administratieve uitgaven die in alle vier de Italiaanse aanvragen staan beschreven, hebben betrekking op voorbereidende activiteiten (inclusief regionale en provinciale planning, waarbij ook de sociale partners en andere belanghebbenden worden betrokken), screening en analyse van de doelstellingen, met vaststelling van een gedetailleerd actieplan en de oprichting van een netwerk van publieke en particuliere dienstverleners. Specifieke beheersactiviteiten omvatten coördinatie, monitoring en ondersteuning, alsmede de opstelling van een informatie- en communicatieplan – onderdeel van een ruimere communicatiestrategie met als doel de gefinancierde acties bekend te maken via internet, gedrukte pers en evenementen. Met monitoring- en evaluatieactiviteiten worden zowel de permanente effectiviteit van de acties als de eindresultaten ervan beoordeeld.

Systeem van uitkeringen voor kort en langdurig werklozen van Italië

Het systeem voorziet in een gedurende een beperkte periode uitgekeerde werkloosheidsuitkering, de gewone uitkeringskas (CIGO), de buitengewone uitkeringskas (CIGS), de mobiliteitsvergoeding en een buitengewone uitkeringskas voor uitzonderlijke gevallen (CIGS in deroga).

b)        De verschillende gevallen

EGF/2007/005 IT/Sardegna

Verwachte impact van de ontslagen

De provincie Nuoro, waar de ontslagen zijn gevallen, is het belangrijkste centrum van de textielproductie in Sardinië. De werkloosheidsgraad is er hoog (10,8 % in 2006, bij een nationaal gemiddelde in hetzelfde jaar van 6,8 %), vooral in de hoogste en de laagste leeftijdscategorie. In 2005 bedroeg de activiteitsgraad in Nuoro 51,6 %, bij een nationaal cijfer van 57,5 %. De Italiaanse autoriteiten stellen dat de impact van de gedwongen ontslagen bij de reeds fragiele en geïsoleerde werknemers groot is.

Criteria voor steunverlening (artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvraag van Sardinië heeft betrekking op 1.044 definitieve ontslagen in 5 bedrijven. Deze cijfers volstaan om te voldoen aan de criteria in artikel 2, onder b) (ten minste 1000 gedwongen ontslagen binnen een periode van negen maanden, in dit geval van 27 oktober 2006 tot 26 juli 2007, met name in kleine of middelgrote ondernemingen, in een NACE 2-bedrijfstak in een regio of in twee aan elkaar grenzende regio's volgens de NUTS II-indeling).

In aanmerking komende acties (artikel 3 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvrager stelt een combinatie van diverse individuele dienstverlening voor, met onder andere een subsidie voor het aanwervende bedrijf voor de terugbetaling van omscholing en voorbereiding op nieuwe taken van de 200 economisch slechtst gesitueerde en laag opgeleide werknemers. Voorst wordt alle weggestuurde werknemers hulp geboden bij het zoeken van een baan, alsmede een toelage voor werkzoekenden uitgekeerd voor de perioden waarin de werknemers opleiding of begeleiding krijgen.

Een opleidingsvoucher wordt verstrekt die voor het opleidingspad moet worden gebruikt.

EGF/2007/006 IT/Piemonte

Verwachte impact van de ontslagen

Het economische concurrentievermogen van Piemonte is gebaseerd op de bouw- en de dienstensector, niet op de textielsector. De helft van de werknemers in de provincie Biellese (de traditionele textielregio van Piemonte en het geografische gebied waar ongeveer 35% van de gedwongen ontslagen van de aanvraag zijn gevallen) werkt in de productiesector, en een derde hiervan werkt in de textielproductie. De impact van de gedwongen ontslagen in Piemonte blijkt ook uit de stijging van het aantal verzoeken om steun in het kader van de CIGS (zie boven).

Criteria voor steunverlening (artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvraag van Piemonte heeft betrekking op 1.537 definitieve gedwongen ontslagen in 202 bedrijven. Deze cijfers volstaan om te voldoen aan de criteria in artikel 2, onder b) (ten minste 1000 gedwongen ontslagen binnen een periode van negen maanden, in dit geval van 27 oktober 2006 tot 26 juli 2007, met name in kleine of middelgrote ondernemingen, in een NACE 2-bedrijfstak in een regio of in twee aan elkaar grenzende regio's volgens de NUTS II-indeling).

In aanmerking komende acties (artikel 3 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvrager stelt een combinatie van diverse individuele dienstverlening voor, met onder andere hulp bij het zoeken van een baan voor werknemers die meer behoefte aan assistentie hebben en die in de fase van het zoeken van een baan meer hulp nodig hebben (ongeveer 50% van de ontslagen werknemers).

Voorts zal de loopbaanbegeleiding leiden tot een individueel actieplan voor elke ontslagen werknemer, met gestructureerde opleiding en een professionele behoefteanalyse.

Tevens wordt begeleiding geboden, alsmede steun bij het opzetten van een eigen bedrijf.

Er worden tewerkstellingstoelagen betaald om de aanwerving in een ander bedrijf te vergemakkelijken. De toelage in kwestie bedraagt EUR 6.000 per werknemer voor een vast contract en EUR 1.500 per werknemer voor een tijdelijk contract van ten minste 12 maanden en wordt aan het aanwervende bedrijf betaald om de investering te dekken die dit moet doen om de werknemers in kwestie om te scholen en op hun nieuwe taken voor te bereiden.

Een toelage voor werkzoekenden steunt de werknemers actief bij het zoeken naar een nieuwe baan en is gekoppeld aan de perioden waarin zij opleiding of begeleiding krijgen.

Aan alle ontslagen werknemers wordt een opleidingsvoucher verstrekt. Deze is bedoeld om voor het opleidingspad te worden gebruikt.

EGF/2007/007 IT/Lombardia

Verwachte impact van de ontslagen

De Italiaanse autoriteiten hebben een contrasterend beeld geschetst van de sectoren in de regio: de niet-textielsectoren doen het in het algemeen goed, terwijl het concurrentievermogen van de textielproducerende sector een neerwaartse trend vertoont. De grootste concentratie van textielbedrijven is in Milaan, Brescia, Varese, Bergamo en Como en met deze bedrijven gaat het al een aantal jaren steeds slechter. De Italiaanse autoriteiten gebruiken INAIL(2)-gegevens om het erger worden van de situatie in de textielsector in deze gebieden te illustreren: het aantal personen dat in Lombardije in de sector is tewerkgesteld, daalde van 22.426 in 2000 naar 17.267 in 2004, een daling van zo'n 23 % in vier jaar.

Criteria voor steunverlening (artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

Lombardijes aanvraag heeft betrekking op 1.816 definitieve gedwongen ontslagen in 190 bedrijven. Deze cijfers volstaan om te voldoen aan de criteria in artikel 2, onder b) (ten minste 1000 gedwongen ontslagen binnen een periode van negen maanden, in dit geval van 27 oktober 2006 tot 26 juli 2007, met name in kleine of middelgrote ondernemingen, in een NACE 2-bedrijfstak in een regio of in twee aan elkaar grenzende regio's volgens de NUTS II-indeling).

In aanmerking komende acties (artikel 3 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvrager stelt een combinatie van diverse individuele dienstverlening voor, met een individueel actieplan voor alle ontslagen werknemers waarin de voorwaarden van het plan voor een nieuwe baan worden gedefinieerd en waarin wordt aangegeven hoe op de uitvoering ervan zal worden toegezien en hoe het zal worden geëvalueerd.

Er zal gezorgd worden voor diensten op het gebied van opleiding en herintreding, om alle werknemers te helpen nieuwe vaardigheden te verwerven of bestaande vaardigheden te verbeteren.

Het merendeel van de werknemers waarop de maatregelen betrekking hebben, zullen een dienstenvoucher ontvangen, voor de terugbetaling van uitgaven die zij bij het zoeken naar een baan hebben gedaan.

De 256 definitief ontslagen werknemers die niet in aanmerking komen voor welke werkloosheidsvergoeding ook, kunnen een tewerkstellingstoelage krijgen, op voorwaarde dat zij deelnemen aan een individueel plan voor een nieuwe baan.

Een toelage voor werkzoekenden steunt de werknemers actief bij het zoeken naar een nieuwe baan en is gekoppeld aan de perioden waarin zij opleiding of begeleiding krijgen.

EGF/2008/001 IT/Toscana

Verwachte impact van de ontslagen

Het aantal textielbedrijven in de provincie Prato is tussen 2002 en 2006 met bijna 20 % gedaald (van 5.508 naar 4.429). Het aantal werknemers in textielbedrijven in Prato daalde in dezelfde periode eveneens, met 25 % (van 28.600 in 2002 naar 21.436 in 2006). De recentste regionale statistieken tonen dat de regionale werkgelegenheidssituatie in het algemeen stabiel is, maar dat het aantal werknemers in de textielsector daalt (-5,7 % in het derde kwartaal van 2007 ten opzichte van dezelfde periode het voorgaande jaar).

Criteria voor steunverlening (artikel 2, onder b), van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvraag van Toscane heeft betrekking op 1.558 definitieve gedwongen ontslagen in 461 bedrijven. Deze cijfers volstaan om te voldoen aan de criteria in artikel 2, onder b) (ten minste 1000 gedwongen ontslagen binnen een periode van negen maanden, in dit geval van 27 oktober 2006 tot 26 juli 2007, met name in kleine of middelgrote ondernemingen, in een NACE 2-bedrijfstak in een regio of in twee aan elkaar grenzende regio's volgens de NUTS II-indeling).

In aanmerking komende acties (artikel 3 van Verordening (EG) Nr. 1927/2006)

De aanvrager stelt een combinatie van diverse individuele dienstverlening voor, met onder andere hulp bij het zoeken van een baan voor werknemers die meer behoefte aan assistentie hebben en die in de fase van het zoeken van een baan meer hulp nodig hebben (ongeveer 50% van de ontslagen werknemers) en loopbaanbegeleiding voor alle werknemers waarop de maatregelen betrekking hebben.

Om de maatregelen te versterken krijgen de 300 werknemers met een gemiddelde tot lage inzetbaarheid intensievere begeleiding.

Steun bij het opzetten van een eigen bedrijf is beschikbaar voor wie ondernemerspotentieel heeft.

Een toelage voor werkzoekenden steunt de werknemers actief bij het zoeken naar een nieuwe baan en is gekoppeld aan de perioden waarin zij opleiding of begeleiding krijgen.

Aan alle ontslagen werknemers wordt een opleidingsvoucher verstrekt. Deze is bedoeld om voor het opleidingspad te worden gebruikt.

c)        Opmerkingen van de rapporteur voor advies

De rapporteur, Gabriele Stauner, is van mening dat de vier Italiaanse regio's aan de criteria in Verordening (EG) Nr. 1927/2006 voldoen. Zij is evenwel ontevreden met het inwikkelde karakter van de voorgestelde maatregelen, omdat het daardoor moeilijk wordt het nut ervan te beoordelen, ervoor te zorgen dat zij een complementair karakter hebben en dubbele betaling uit andere bronnen uit te sluiten. Voorts betreurt zij dat, hoewel de opleidingsmaatregelen blijkbaar al zijn uitgevoerd, er geen verslag over de inhoud of de resultaten ervan voorhanden is. Tot slot waren voor het onderzoek van de aanvraag details over de technische assistentie wenselijk geweest.

d)        Beoordeling van de procedure

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken is bezorgd doordat zij de informatie over de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering in de onderhavige dossiers pas twee dagen voor de aankondiging in de plenaire vergadering en de start van de periode van zes weken voor het bereiken van een akkoord met de Raad heeft ontvangen. Haar besluit hierover moest worden genomen op een buitengewone commissievergadering, om de beoordeling van de dossiers tijdig te kunnen afleveren.

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken herhaalt daarom dat een vroege toezending van het volledige dossier van de aanvragen die de Commissie heeft ontvangen, onontbeerlijk voor een efficiënte en tijdige beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds is. Het systeem voor vroegtijdige waarschuwing tussen het Europees Parlement en de Commissie dat naar aanleiding van de Delphi- en de Alytaus Tekstile-zaak is ingesteld, was erg nuttig en moet in de toekomst behouden blijven.

Bovendien willen de leden van de werkgroep zo snel mogelijk de verslagen over de eerste dossiers waarin middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering beschikbaar worden gesteld, ontvangen. Deze verslagen zullen erg nuttig zijn voor toekomstige aanvragen, aangezien ze input voor een eventuele herziening van de verordening betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering zullen opleveren.

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken verzoekt de ten principale bevoegde Begrotingscommissie ervoor te zorgen dat in haar besluit rekening met bovenstaande opmerkingen wordt gehouden.

Hoogachtend,

Jan Andersson

Cc:      Gabriele Stauner

(1)

            European Monitoring Centre on Change (EMCC). Sectors Futures – Textile and Leather in Europe: the end of an era or a new beginning? (2004) http://www.eurofound.europa.eu/emcc/content/source/tn04004a.htm.

(2)

            INAIL: Istituto nazionale per l'assicurazione contro gli infortuni sul lavoro (Nationaal instituut voor arbeidsongevallenverzekering).


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

5.11.2008

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

18

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Reimer Böge, Paulo Casaca, Valdis Dombrovskis, Hynek Fajmon, Vicente Miguel Garcés Ramón, Salvador Garriga Polledo, Ingeborg Gräßle, Catherine Guy-Quint, Wiesław Stefan Kuc, Eleonora Lo Curto, Vladimír Maňka, Jan Mulder, Gianni Pittella, Esko Seppänen, Nina Škottová, Gary Titley, Kyösti Virrankoski, Ralf Walter

Juridische mededeling - Privacybeleid